Bijbel

1 Kronieken

Oude Testament · 29 hoofdstukken · vrij van rechten (CC0)

Inleiding

Dit eerste boek en het volgende vormen bij de Hebreeën maar één boek, maar het is van oudsher in twee boeken verdeeld. Bij de Hebreeën wordt het genoemd "De woorden van de dagen", bij de Grieken "Paralipomena", en bij ons "De boeken van de Kronieken". "De woorden van de dagen", dat is van de tijden, betekent: dat wat er van tijd tot tijd in de Kerk van God, in de landen en steden van Israël, gedenkwaardigs gebeurd is. De Grieken noemen deze boeken "Paralipomena", dat is: voorbijgegane of nagelaten dingen, omdat erin verschillende dingen verteld worden die in de voorgaande boeken van de Heilige Schrift om bepaalde redenen voorbijgegaan of weggelaten waren, maar toch waard zijn beschreven en aan de gemeente van God meegedeeld te worden. Wij noemen ze "De boeken van de Kronieken", zoals ze ook bij de Latijnen en andere volken genoemd worden, dat is: beschrijvingen van de tijden, omdat erin in het kort verschillende gedenkwaardige zaken verteld worden die in de oude tijden gebeurd zijn. Wie het materiaal dat in deze boeken staat verzameld of bijeengebracht heeft, weet men niet met zekerheid, maar men houdt het ervoor dat Ezra het zelf geschreven en aan de gemeente van God nagelaten heeft. Daarbij gebruikte hij niet alleen de vijf boeken van Mozes, maar ook de boeken en nagelaten geschriften van verschillende profeten die voor hem geleefd hadden en de gedenkwaardigste geschiedenissen van hun tijd uitvoerig op schrift gesteld hadden, maar die niet tot onze noch tot onze voorvaderen handen gekomen zijn. Dat deze Bijbelse kronieken uit de geschriften van andere profeten verzameld zijn, blijkt eruit dat er in deze boeken telkens staat: "Het overige van de woorden of daden staat beschreven in het boek van Gad, van Iddo, Jesaja" enz. Wat dit eerste boek van de Kronieken betreft: in de eerste negen hoofdstukken worden de afstammingen en geslachtsregisters van vele voorvaderen beschreven, van Adam af tot Abraham, en daarna de afstammelingen van Abraham uit Jakob, verdeeld over verschillende stammen, wat in geen van de voorgaande boeken zo uitvoerig of volledig gebeurd is. Daarna wordt in dit eerste boek de regering van koning David beschreven, en hoe hij voor zijn dood, door het ingeven van de Heilige Geest, alles zeer doelmatig geordend heeft, zowel in de kerk als in het bestuur. Ook wordt de grote voorraad beschreven die hij heeft nagelaten voor de bouw van de tempel, die zijn zoon Salomo in Jeruzalem zou bouwen, ter ere en tot de zuivere dienst van de enige ware God van Israël. Zodat dit eerste boek van de Kronieken, volgens de berekening van sommigen, een tijdvak van tweeduizend negenhonderdvijfentachtig jaar beslaat.