2 Korinthiërs 13
Lees 2 Korinthiërs 13 in de leesweergave, met grondtekst, Strong-nummers, kanttekeningen en de verschillen met de Statenvertaling.
1 De apostel getuigt nu opnieuw dat hij, als de voorgaande zonden niet verbeterd worden, zal komen om zonder verder uitstel de daders ervan te straffen, 3 en hen metterdaad te laten ervaren hoe krachtig Christus in hem was. 5 Hij vermaant hen dat zij zichzelf onderzoeken of Christus in hen is. 7 Hij wenst opnieuw dat zij de straf voorkomen door goed te doen, 9 en verklaart dat hij zich dan over hen zal verblijden, 10 omdat zijn macht moet strekken tot opbouw en niet tot afbraak. 11 Daarna besluit hij de brief met een vermaning tot verschillende christelijke deugden, 12 met de gebruikelijke groet, 13 en met een gebed voor hen tot God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
1Dit is de derde maal, dat ik tot u kom; in de mond van twee of drie getuigen zal alle woord bestaan.
2Ik heb het te voren gezegd, en zeg het te voren als tegenwoordig zijnde de tweede maal, en ik schrijf het nu afwezende aan degenen, die te voren gezondigd hebben, en aan al de anderen, dat, zo ik opnieuw kom, ik hen niet zal sparen;
3Omdat u zoekt een proeve van Christus, Die in mij spreekt, Die in u niet zwak is, maar krachtig is onder u.
4Want hoewel Hij gekruist is door zwakheid, zo leeft Hij toch door de kracht van God. Want ook wij zijn zwak in Hem, maar zullen met Hem leven door de kracht van God in u.
5Onderzoek uzelf, of u in het geloof bent, beproef uzelf. Of kent u uzelf niet, dat Jezus Christus in u is? tenzij dat u enigszins verwerpelijk bent.
6Maar ik hoop, dat u zult verstaan, dat wij niet verwerpelijk zijn.
7En ik wens van God, dat u geen kwaad doet; niet opdat wij beproefd zouden bevonden worden, maar opdat u het goede zou doen, en wij als verwerpelijk zouden zijn.
8Want wij kunnen niets uitrichten tegen de waarheid, maar voor de waarheid.
9Want wij verblijden ons, wanneer wij zwak zijn, en u sterk bent. En wij wensen ook dit, namelijk uw volmaking.
10Daarom schrijf ik, afwezende, deze dingen, opdat ik niet, tegenwoordig zijnde, strengheid zou gebruiken, naar de macht, die mij de Heere gegeven heeft tot opbouwing, en niet tot nederwerping.
11Verder, broeders, wees blij, wordt volmaakt, wees getroost, wees eensgezind, leeft in vrede; en de God van de liefde en van de vrede zal met u zijn.
12Groet elkaar met een heilige kus. U groeten al de heiligen.
13De genade van de Heere Jezus Christus, en de liefde van God, en de gemeenschap van de Heilige Geest, zij met u allen. Amen.