Boek der Wijsheid 6
Lees Boek der Wijsheid 6 in de leesweergave, met grondtekst, Strong-nummers, kanttekeningen en de verschillen met de Statenvertaling.
1 De onrechtvaardige koningen en rechters zullen door God gestraft worden, 6 zonder aanzien des persoons. 9 Koningen en rechters moeten naar wijsheid streven, 14 die zich laat vinden door allen die haar met ernst zoeken. 24 Een wijze koning is de steun van het volk.
1HOOR dan, u koningen, en versta; leer, u rechters van de einden van de aarde,
2Laat dit tot uw oren ingaan, u die over menigten heerst, en u verhovaardigt over de menigten van de volken.
3Want de heerschappij is u door de Heere gegeven, en de macht door de Allerhoogste; die naar uw werken vlijtig vernemen, en uw raadslagen doorzoeken zal.
4Omdat u dienaren zijnde van zijn koninkrijk niet recht hebt geoordeeld, noch de wet bewaard, noch naar de raad van God hebt gewandeld.
5Schrikkelijk en haastig zal hij over u komen; want een streng oordeel zal gaan over degenen, die over anderen gesteld zijn.
6Want de minsten is het te vergeven door barmhartigheid, maar de machtigen zullen streng onderzocht worden.
7Want de Heere van allen zal de persoon niet ontzien, en de grootte niet vrezen, want Hij heeft kleinen en groten gemaakt, en tegelijk zorgt Hij voor allen.
8Maar over de heersende zal een sterke onderzoeking komen.
9Tot u dan, o koningen, is het dat ik spreek, opdat u wijsheid leren zou en niet vervallen.
10Want die heilig heilige dingen zullen bewaard hebben, zullen geheiligd worden, en die deze geleerd hebben, zullen verantwoording vinden.
11Zo wees dan begerig naar mijn woorden, verlang daarnaar, en u zult onderwezen worden.
12Blinkende en onverwelkelijk is de wijsheid, en wordt licht gezien door degenen die haar liefhebben, en gevonden door die haar zoeken.
13Zij voorkomt degenen die haar begeren, om tevoren gekend te worden.
14Die vroeg van de morgen tot haar zal gekomen zijn, zal geen moeite hebben, want hij zal haar bij zijn poorten vinden zitten.
15Want aan haar te gedenken is de volkomenheid van de kloekheid, en die om harentwil waakt, zal haast zonder zorg zijn.
16Want zij gaat rondom heen, zoekende degenen die haar waard zijn, en op de paden verschijnt zij hun vriendelijk, en ontmoet hen met alle opmerkingen.
17Want haar begin is de ware begeerte van de onderwijzing, en de bezorging van onderwezen te worden is liefde,
18En de liefde is de onderhouding van haar wetten, en de onderhouding van de wetten is verzekering van de onvergankelijkheid,
19En de onvergankelijkheid maakt dat men nabij God is.
20Want zelfs de begeerte van de wijsheid brengt tot het koninkrijk.
21Als u dan behagen hebt, u koningen van de volken, in tronen en scepters, zo eer de wijsheid, opdat u eeuwig als koningen mag regeren.
22Wat nu wijsheid is, en hoe zij geworden is, zal ik u verkondigen, en zal u de geheimen niet verbergen, maar zal haar vanaf het begin van haar geboorte ijverig naspeuren, en haar kennis te voorschijn brengen, en zal de waarheid in geen geval voorbijgaan.
23En ik zal mij op de weg niet begeven met de uitterende afgunst, want deze zal met de wijsheid geen gemeenschap hebben.
24Maar de menigte van de wijzen is de behoudenis van de wereld, en een wijs koning is van het volk welstand.
25Laat u dan onderwijzen door mijn woorden, en het zal u voordelig zijn.