BijbelJesaja

Jesaja 20

Lees Jesaja 20 in de leesweergave, met grondtekst, Strong-nummers, kanttekeningen en de verschillen met de Statenvertaling.

God dreigt de Egyptenaren en Moren door een uiterlijk teken dat zij als gevangenen door de Assyriers weggevoerd zouden worden, vers 1 enzovoort, wat de Heere de Joden laat voorhouden, zodat zij hun vertrouwen niet op hen zouden stellen, 5.

1In het jaar, toen Tartan naar Asdod kwam, als hem Sargon, de koning van Assyrië gezonden had, toen hij strijd voerde tegen Asdod, en het innam;

2Ter zelfder tijd sprak JAHWEH, door de dienst van Jesaja, de zoon van Amoz, zeggende: Ga heen, en ontbind de zak van uw lendenen, en doe uw schoenen van uw voeten. En hij deed zo, gaande naakt en barrevoets.

3Toen zei JAHWEH: Gelijk als Mijn knecht Jesaja naakt en barrevoets wandelt, drie jaar, tot een teken en wonder over Egypte en over Morenland;

4Zo zal de koning van Assyrië voortdrijven de gevangenen van de Egyptenaren, en de Moren, die weggevoerd zullen worden, jongen en oude, naakt en barrevoets, en met blote billen, de Egyptenaren tot schaamte.

5En zij zullen verschrikken en beschaamd zijn van de Moren, op wie zij zagen, en van de Egyptenaars, hun roem.

6En de inwoners van dit eiland zullen op die dag zeggen: Zie, zo is het gegaan met hen, op wie wij zagen, waarheen wij vluchtten om hulp, om gered te worden van het aangezicht van de koning van Assyrië; hoe zullen wij dan ontkomen?