BijbelJudith

Judith 3

Lees Judith 3 in de leesweergave, met grondtekst, Strong-nummers, kanttekeningen en de verschillen met de Statenvertaling.

1 De landen die aan de zee gelegen zijn vragen om vrede, 7 die Holofernes hun verleent. 10 Maar hij vernietigt al hun goden, opdat zij Nebukadnezar alleen als god zouden dienen. 13 Hij nadert met zijn leger het Joodse land.

1EN zij zonden gezanten tot hem met woorden van vrede, zeggende:

2Zie, wij zijn knechten van de grote koning Nabuchodonosors, en liggen hier open voor u.

3Doe met ons, zoals het u behaagt.

4Zie, al onze landhuizen, en al onze plaatsen, en al onze korenvelden, en al ons klein en groot vee, en al de stallen van onze woningen liggen open voor u, doe daarmee zoals het u behaagt.

5Zie, ook onze steden, en die daarin wonen, zijn uw knechten; kom en handel met hen, zoals het goed is in uw ogen.

6En die mannen zijn tot Holofernes gekomen, en hebben dat geboodschapt naar deze woorden.

7En hij met zijn heerkracht trok af naar de zeekant,

8En bezette de versterkte steden, en nam daaruit soldaten aan tot zijn strijd, uitgelezen mannen.

9En zij zelf, en het land dat rondom hen lag, ontvingen hem met kransen, reien en trommels.

10En hij verstoorde al hun gebied en hieuw hun bossen af.

11En het was bij hem besloten, dat hij al de goden van het land zou vernielen,

12Opdat alle volken, hem, Nabuchodonosor, alleen zouden dienen, en alle tongen, en al hun geslachten hem tot een god aanroepen.

13En hij kwam in het gezicht van die van Esdrelon bij Dothea, die ligt tegenover de grote engte van Judea.

14En hij sloeg zijn leger tussen Gaba en Scythopolis, en hij was daar een hele maand stil, opdat hij al de bagage van zijn leger bijeenvergaderde.