BijbelPrediker

Prediker 12

Lees Prediker 12 in de leesweergave, met grondtekst, Strong-nummers, kanttekeningen en de verschillen met de Statenvertaling.

De wijze man leert de jonge mensen dat zij zich tot godzaligheid moeten richten en wennen, voordat de ouderdom aankomt, vers 1. die hij met velerlei gelijkenissen beschrijft, 2, enz. hierop volgt het besluit van dit boek, dat alles ijdelheid is, 8. en hij zegt dat de samenvatting van alle leer deze is: God te vrezen en zijn geboden te houden, 13.

1En gedenk aan uw Schepper in de dagen van uw jeugd, voordat de kwade dagen komen, en de jaren naderen, waarvan u zeggen zult: Ik heb geen lust daarin.

2Voordat de zon, en het licht, en de maan, en de sterren verduisterd worden, en de wolken terugkomen na de regen.

3In de dag, wanneer de wachters van het huis zullen beven, en de sterke mannen zichzelf zullen krommen, en de maalsters zullen stilstaan, omdat zij minder geworden zijn, en die door de vensters zien, verduisterd zullen worden;

4En de twee deuren naar de straat zullen gesloten worden, als er is een nederig geluid van de maling, en hij opstaat op de stem van het vogeltje, en al de zangeressen neergebogen zullen worden.

5Ook wanneer zij voor de hoogte zullen vrezen, en dat er verschrikkingen zullen zijn op de weg, en de amandelboom zal bloeien, en dat de sprinkhaan zichzelf een last zal wezen, en dat de lust zal vergaan; want de mens gaat naar zijn eeuwig huis, en de rouwklagers zullen in de straat omgaan.

6Voordat het zilveren koord ontketend wordt, en de gulden schaal in stukken gestoten wordt, en de kruik aan de springader gebroken wordt, en het rad aan de waterput in stukken gestoten wordt;

7En dat het stof opnieuw tot aarde keert, als het geweest is; en de geest weer tot God keert, Die hem gegeven heeft.

8Zinloosheid van de zinloosheden, zegt de prediker; het is al zinloosheid!

9En verder, omdat de prediker wijs geweest is, zo leerde hij het volk nog wetenschap, en merkte op, en onderzocht; hij stelde vele spreuken in orde.

10De prediker zocht aangename woorden uit te vinden, en het geschrevene is recht, woorden van de waarheid.

11De woorden van de wijzen zijn als prikkels en als spijkers, diep ingeslagen door de meesters van de verzamelingen; zij zijn gegeven door de enige Herder.

12En wat daarboven is, mijn zoon! wees gewaarschuwd; aan het maken van veel boeken is geen einde, en veel lezen is vermoeiing van het vlees.

13Van alles, wat gehoord is, is het einde van de zaak: Vrees God, en houd Zijn geboden, want dit past allen mensen.

14Want God zal ieder werk in het gericht brengen, met al wat verborgen is, hetzij goed, of hetzij kwaad.