{
  "number": 3,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Desgelijks gij vrouwen, zijt uw eigenen mannen onderdanig; opdat ook, zo enigen den Woorde ongehoorzaam zijn, zij door den wandel der vrouwen zonder Woord mogen gewonnen worden;",
      "text1637": "[a] DEsgelijcks ghy vrouwen, zijt uwe eygene mannen onderdanich: op dat oock so eenige [1] den woorde ongehoorsaem zijn, sy door den wandel der vrouwen sonder woort [2] mogen gewonnen worden:",
      "text2026": "Evenzo u vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig; opdat ook, zo enige het Woord ongehoorzaam zijn, zij door de wandel van de vrouwen zonder Woord mogen gewonnen worden;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 den Woorde: Namelijk van het Evangelie.",
          "text1637": "N. des Euangeliums.",
          "text2026": "1 de Woorde: Namelijk van het Evangelie."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "2 mogen gewonnen worden: Dat is, tot Christus bekeerd worden, gelijk dit woord winnen gebruikt wordt Matth. 18:15; 1 Kor. 9:19, en elders. Niet dat het goed leven zonder woord genoeg is om den mens te bekeren of tot het geloof te brengen. Want dat doet de Heilige Geest door het Woord van God alleen, Ps. 19:8; Rom. 1:16, en Rom. 10:17; maar omdat zulke mannen, ziende den goeden wandel der gelovige vrouwen, een goed gevoelen krijgen van dat Woord en van den godsdienst dien zij belijden, en een begeerte om het ook te horen en zichzelf door Gods genade daarnaar te schikken. Mattheüs 18:15: Maar indien uw broeder tegen u gezondigd heeft, ga heen en bestraf hem tussen u en hem alleen; indien hij u hoort, zo hebt gij uw broeder gewonnen. 1 Korinthiërs 9:19: Want daar ik van allen vrij was, heb ik mijzelven allen dienstbaar gemaakt, opdat ik er meer zou winnen. Psalmen 19:8: De wet des HEEREN is volmaakt, bekerende de ziel; de getuigenis des HEEREN is gewis, den slechten wijsheid gevende. Romeinen 1:16: Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood, en ook den Griek. Romeinen 10:17: Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods,",
          "text1637": "D. tot Christum bekeert worden, ghelijck dit woordt winnen gebruyckt wordt Mat. 18.15. 1.Cor. 9.19. ende elders. Niet dat het goet leven sonder woordt ghenoech zy om den mensche te bekeeren, ofte tot het gheloove te brengen. Want dat doet de H. Geest door’t woort Godts alleen. Psal. 19.8. Rom. 1.16. ende 10.17. maer om dat sulcke mannen siende den goeden wandel der gheloovige vrouwen, een goet gevoelen krijgen van dat woordt, ende van de Religie die sy belijden, ende een begeerte om ’tselve oock te hooren, ende haer selven door Godts ghenade daer nae te schicken.",
          "text2026": "2 mogen gewonnen worden: Dat is, tot Christus bekeerd worden, gelijk dit woord winnen gebruikt wordt Matt. 18:15; 1 Kor. 9:19, en elders. Niet dat het goed leven zonder woord genoeg is om de mens te bekeren of tot het geloof te brengen. Want dat doet de Heilige Geest door het Woord van God alleen, Ps. 19:8; Rom. 1:16, en Rom. 10:17; maar omdat zulke mannen, ziende de goede wandel van de gelovige vrouwen, een goed gevoelen krijgen van dat Woord en van de godsdienst die zij belijden, en een begeerte om het ook te horen en zichzelf door Gods genade daarnaar te schikken. Mattheüs 18:15: Maar als uw broeder tegen u gezondigd heeft, ga heen en bestraf hem tussen u en hem alleen; als hij u hoort, zo hebt u uw broeder gewonnen. 1 Korinthiërs 9:19: Want daar ik van allen vrij was, heb ik mijzelf allen dienstbaar gemaakt, opdat ik er meer zou winnen. Psalmen 19:8: De wet van JAHWEH is volmaakt, bekerende de ziel; de getuigenis van JAHWEH is gewis, de slechten wijsheid gevende. Romeinen 1:16: Want ik schaam mij van het Evangelie van Christus niet; want het is een kracht van God tot zaligheid een iedereen, die gelooft, eerst de Jood, en ook de Griek. Romeinen 10:17: Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord van God,"
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 3:16; 1 Kor. 14:34; Efez. 5:22; Kolos. 3:8; Titus 2:5. Genesis 3:16: Tot de vrouw zeide Hij: Ik zal zeer vermenigvuldigen uw smart, namelijk uwer dracht; met smart zult gij kinderen baren; en tot uw man zal uw begeerte zijn, en hij zal over u heerschappij hebben. 1 Korinthiërs 14:34: Dat uw vrouwen in de Gemeenten zwijgen; want het is haar niet toegelaten te spreken, maar bevolen onderworpen te zijn, gelijk ook de wet zegt. Efeziërs 5:22: Gij vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, gelijk aan den Heere; Kolossensen 3:8: Maar nu legt ook gij dit alles af, namelijk gramschap, toornigheid, kwaadheid, lastering, vuil spreken uit uwen mond. Titus 2:5: Matig te zijn, kuis te zijn, het huis te bewaren, goed te zijn, haar eigen mannen onderdanig te zijn, opdat het Woord Gods niet gelasterd worde.",
          "text1637": "Genes. 3.16. 1.Corinth. 14.34. Ephes. 5.22. Colos. 3.18. Tit. 2.5.",
          "text2026": "Gen. 3:16; 1 Kor. 14:34; Efez. 5:22; Kolos. 3:8; Titus 2:5. Genesis 3:16: Tot de vrouw zei Hij: Ik zal zeer vermenigvuldigen uw smart, namelijk uw dracht; met smart zult u kinderen baren; en tot uw man zal uw begeerte zijn, en hij zal over u heerschappij hebben. 1 Korinthiërs 14:34: Dat uw vrouwen in de Gemeenten zwijgen; want het is haar niet toegelaten te spreken, maar bevolen onderworpen te zijn, gelijk ook de wet zegt. Efeziërs 5:22: U vrouwen, weest aan uw eigen mannen onderdanig, gelijk aan de Heer; Kolossensen 3:8: Maar nu legt ook u dit alles af, namelijk toorn, toornigheid, kwaadheid, lastering, vuil spreken uit uw mond. Titus 2:5: Matig te zijn, kuis te zijn, het huis te bewaren, goed te zijn, haar eigen mannen onderdanig te zijn, opdat het Woord van God niet gelasterd worde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ομοιως",
          "strongs": "G3668",
          "lemma_strongs": "G3668",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "αι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPF"
        },
        {
          "woord": "γυναικες",
          "strongs": "G1135",
          "lemma_strongs": "G1135",
          "morfologie": "N-NPF"
        },
        {
          "woord": "υποτασσομεναι",
          "strongs": "G5293",
          "lemma_strongs": "G5293",
          "morfologie": "V-PPP-NPF"
        },
        {
          "woord": "τοις",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DPM"
        },
        {
          "woord": "ιδιοις",
          "strongs": "G2398",
          "lemma_strongs": "G2398",
          "morfologie": "A-DPM"
        },
        {
          "woord": "ανδρασιν",
          "strongs": "G435",
          "lemma_strongs": "G435",
          "morfologie": "N-DPM"
        },
        {
          "woord": "ινα",
          "strongs": "G2443",
          "lemma_strongs": "G2443",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ει",
          "strongs": "G1487",
          "lemma_strongs": "G1487",
          "morfologie": "COND"
        },
        {
          "woord": "τινες",
          "strongs": "G5100",
          "lemma_strongs": "G5100",
          "morfologie": "X-NPM"
        },
        {
          "woord": "απειθουσιν",
          "strongs": "G544",
          "lemma_strongs": "G544",
          "morfologie": "V-PAI-3P"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSM"
        },
        {
          "woord": "λογω",
          "strongs": "G3056",
          "lemma_strongs": "G3056",
          "morfologie": "N-DSM"
        },
        {
          "woord": "δια",
          "strongs": "G1223",
          "lemma_strongs": "G1223",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "της",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSF"
        },
        {
          "woord": "των",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GPF"
        },
        {
          "woord": "γυναικων",
          "strongs": "G1135",
          "lemma_strongs": "G1135",
          "morfologie": "N-GPF"
        },
        {
          "woord": "αναστροφης",
          "strongs": "G391",
          "lemma_strongs": "G391",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "ανευ",
          "strongs": "G427",
          "lemma_strongs": "G427",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "λογου",
          "strongs": "G3056",
          "lemma_strongs": "G3056",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "κερδηθησωνται",
          "strongs": "G2770",
          "lemma_strongs": "G2770",
          "morfologie": "V-APS-3P"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Evenzo u vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig; opdat ook, zo enige<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> het Woord ongehoorzaam zijn, zij door de wandel van de vrouwen zonder Woord<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> mogen gewonnen worden;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Desgelijks gij vrouwen, zijt uw eigenen mannen onderdanig; opdat ook, zo enigen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> den Woorde ongehoorzaam zijn, zij door den wandel der vrouwen zonder Woord<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> mogen gewonnen worden;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> DEsgelijcks ghy vrouwen, zijt uwe eygene mannen onderdanich: op dat oock so eenige <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> den woorde ongehoorsaem zijn, sy door den wandel der vrouwen sonder woort <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> mogen gewonnen worden:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Desgelijks gij",
          "new": "Evenzo u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "wees",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "eigenen",
          "new": "eigen",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "enigen den Woorde",
          "new": "enige het Woord",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Evenzo u vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig; opdat ook, zo enige het Woord ongehoorzaam zijn, zij door de wandel van de vrouwen zonder Woord mogen gewonnen worden;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3668",
            "G3588",
            "G1135",
            "G5293",
            "G3588",
            "G2398",
            "G435",
            "G2443",
            "G2532",
            "G1487",
            "G5100",
            "G544",
            "G3588",
            "G3056",
            "G1223",
            "G3588",
            "G3588",
            "G1135",
            "G391",
            "G427",
            "G3056",
            "G2770"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3668",
            "G3588",
            "G1135",
            "G5293",
            "G3588",
            "G2398",
            "G435",
            "G2443",
            "G2532",
            "G1487",
            "G5100",
            "G544",
            "G3588",
            "G3056",
            "G1223",
            "G3588",
            "G3588",
            "G1135",
            "G391",
            "G427",
            "G3056",
            "G2770"
          ],
          "morfologie": [
            "ADV",
            "T-NPF",
            "N-NPF",
            "V-PPP-NPF",
            "T-DPM",
            "A-DPM",
            "N-DPM",
            "CONJ",
            "CONJ",
            "COND",
            "X-NPM",
            "V-PAI-3P",
            "T-DSM",
            "N-DSM",
            "PREP",
            "T-GSF",
            "T-GPF",
            "N-GPF",
            "N-GSF",
            "PREP",
            "N-GSM",
            "V-APS-3P"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ομοιως",
            "αι",
            "γυναικες",
            "υποτασσομεναι",
            "τοις",
            "ιδιοις",
            "ανδρασιν",
            "ινα",
            "και",
            "ει",
            "τινες",
            "απειθουσιν",
            "τω",
            "λογω",
            "δια",
            "της",
            "των",
            "γυναικων",
            "αναστροφης",
            "ανευ",
            "λογου",
            "κερδηθησωνται"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:1",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            "G5746",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5686"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Als zij zullen ingezien hebben uw kuisen wandel in vreze.",
      "text1637": "Als sy sullen ingesien hebben uwen cuyschen wandel [3] in vreese.",
      "text2026": "Als zij zullen ingezien hebben uw reine wandel in vrees.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "3 in vreze: Dat is, eerbied en zorgvuldigheid; namelijk in den dienst van God en van hare mannen.",
          "text1637": "Dat is, eerbiedinge ende sorghvuldigheydt, Namelick, in den dienst Godts ende harer mannen.",
          "text2026": "3 in vreze: Dat is, eerbied en zorgvuldigheid; namelijk in de dienst van God en van haar mannen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "εποπτευσαντες",
          "strongs": "G2029",
          "lemma_strongs": "G2029",
          "morfologie": "V-AAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "την",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASF"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "φοβω",
          "strongs": "G5401",
          "lemma_strongs": "G5401",
          "morfologie": "N-DSM"
        },
        {
          "woord": "αγνην",
          "strongs": "G53",
          "lemma_strongs": "G53",
          "morfologie": "A-ASF"
        },
        {
          "woord": "αναστροφην",
          "strongs": "G391",
          "lemma_strongs": "G391",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "υμων",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2GP"
        }
      ],
      "text2026_html": "Als zij zullen ingezien hebben uw reine wandel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> in vrees.",
      "textSV1888_html": "Als zij zullen ingezien hebben uw kuisen wandel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> in vreze.",
      "text1637_html": "Als sy sullen ingesien hebben uwen cuyschen wandel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> in vreese.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "kuisen",
          "new": "reine",
          "principe": "V887"
        },
        {
          "old": "vreze.",
          "new": "vrees.",
          "principe": "V991"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Als zij zullen ingezien hebben uw reine wandel in vrees.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G2029",
            "G3588",
            "G1722",
            "G5401",
            "G53",
            "G391",
            "G4771"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G2029",
            "G3588",
            "G1722",
            "G5401",
            "G53",
            "G391",
            "G4771"
          ],
          "morfologie": [
            "V-AAP-NPM",
            "T-ASF",
            "PREP",
            "N-DSM",
            "A-ASF",
            "N-ASF",
            "P-2GP"
          ],
          "bronwoorden": [
            "εποπτευσαντες",
            "την",
            "εν",
            "φοβω",
            "αγνην",
            "αναστροφην",
            "υμων"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:2",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6
            ]
          },
          "tvm": [
            "G5660",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Welker versiersel zij, niet hetgeen uiterlijk is, bestaande in het vlechten des haars, en omhangen van goud, of van klederen aan te trekken;",
      "text1637": "[b] Welcker [4] verciersel zy, niet ’t gene uyterlick is, [bestaende] in het vlechten des hayrs, ende omhangen van goudt, ofte van cleederen aen te trecken:",
      "text2026": "Van wie het versiersel zij, niet wat uiterlijk is, bestaande in het vlechten van het haar, en omhangen van goud, of van kleren aan te trekken;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "4 versiersel zij: Dat is, haar voornaamste versiersel zij, want Paulus, 1 Tim. 2:9, laat ook een eerbaar of sierlijk gewaad de vrouwen toe; maar Petrus bestraft hier alle onmatige en al te overdreven versieringen, waartoe het vrouwelijk geslacht dikwijls genegen is, en alle hovaardij en trotsheid in de gewone en anderszins geoorloofde versiering. 1 Timotheüs 2:9: Desgelijks ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen des haars, of goud, of paarlen, of kostelijke kleding;",
          "text1637": "D. haer voornaemste verciersel zy, want Paulus 1.Tim. 2.9. laet oock een eerbaer, ofte cierlick gewaet den vrouwen toe: maer Petrus bestraft hier alle onmatighe ende al te curieuse vercieringe, daer het vrouwelick geslachte dickmael toe geneghen is, ende alle hooverdye ende trotsheydt in de ordinarise ende andersins gheoorlofde vercieringe.",
          "text2026": "4 versiersel zij: Dat is, haar voornaamste versiersel zij, want Paulus, 1 Tim. 2:9, laat ook een eerbaar of sierlijk gewaad de vrouwen toe; maar Petrus bestraft hier alle onmatige en al te overdreven versieringen, waartoe het vrouwelijk geslacht dikwijls genegen is, en alle hovaardij en trotsheid in de gewone en anders geoorloofde versiering. 1 Timotheüs 2:9: Evenzo ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen van de haars, of goud, of parels, of kostelijke kleding;"
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Tim. 2:9; Titus 2:3. 1 Timotheüs 2:9: Desgelijks ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen des haars, of goud, of paarlen, of kostelijke kleding; Titus 2:3: De oude vrouwen insgelijks, dat zij in haar dracht zijn, gelijk den heiligen betaamt, dat zij geen lasteressen zijn, zich niet tot veel wijns begevende, maar leraressen zijn van het goede;",
          "text1637": "1.Timoth. 2.9. Tit. 2.3.",
          "text2026": "1 Tim. 2:9; Titus 2:3. 1 Timotheüs 2:9: Evenzo ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen van de haars, of goud, of parels, of kostelijke kleding; Titus 2:3: De oude vrouwen ook, dat zij in haar dracht zijn, gelijk de heiligen betaamt, dat zij geen lasteressen zijn, zich niet tot veel wijn begevende, maar leraressen zijn van het goede;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ων",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-GPF"
        },
        {
          "woord": "εστω",
          "strongs": "G1510",
          "lemma_strongs": "G1510",
          "morfologie": "V-PAM-3S"
        },
        {
          "woord": "ουχ",
          "strongs": "G3756",
          "lemma_strongs": "G3756",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "ο",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSM"
        },
        {
          "woord": "εξωθεν",
          "strongs": "G1855",
          "lemma_strongs": "G1855",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "εμπλοκης",
          "strongs": "G1708",
          "lemma_strongs": "G1708",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "τριχων",
          "strongs": "G2359",
          "lemma_strongs": "G2359",
          "morfologie": "N-GPF"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "περιθεσεως",
          "strongs": "G4025",
          "lemma_strongs": "G4025",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "χρυσιων",
          "strongs": "G5553",
          "lemma_strongs": "G5553",
          "morfologie": "N-GPN"
        },
        {
          "woord": "η",
          "strongs": "G2228",
          "lemma_strongs": "G2228",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "ενδυσεως",
          "strongs": "G1745",
          "lemma_strongs": "G1745",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "ιματιων",
          "strongs": "G2440",
          "lemma_strongs": "G2440",
          "morfologie": "N-GPN"
        },
        {
          "woord": "κοσμος",
          "strongs": "G2889",
          "lemma_strongs": "G2889",
          "morfologie": "N-NSM"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Van wie het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> versiersel zij, niet wat uiterlijk is, bestaande in het vlechten van het haar, en omhangen van goud, of van kleren aan te trekken;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Welker<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> versiersel zij, niet hetgeen uiterlijk is, bestaande in het vlechten des haars, en omhangen van goud, of van klederen aan te trekken;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Welcker <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> verciersel zy, niet ’t gene uyterlick is, [<i>bestaende</i>] in het vlechten des hayrs, ende omhangen van goudt, ofte van cleederen aen te trecken:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Welker",
          "new": "Van wie het",
          "principe": "V212"
        },
        {
          "old": "hetgeen",
          "new": "wat",
          "principe": "V4"
        },
        {
          "old": "des haars,",
          "new": "van het haar,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "klederen",
          "new": "kleren",
          "principe": "V68"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Wier versiersel zij, niet wat uiterlijk is, bestaande in het vlechten van het haar, en omhangen van goud, of van kleren aan te trekken;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3739",
            "G1510",
            "G3756",
            "G3588",
            "G1855",
            "G1708",
            "G2359",
            "G2532",
            "G4025",
            "G5553",
            "G2228",
            "G1745",
            "G2440",
            "G2889"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3739",
            "G1510",
            "G3756",
            "G3588",
            "G1855",
            "G1708",
            "G2359",
            "G2532",
            "G4025",
            "G5553",
            "G2228",
            "G1745",
            "G2440",
            "G2889"
          ],
          "morfologie": [
            "R-GPF",
            "V-PAM-3S",
            "PRT-N",
            "T-NSM",
            "ADV",
            "N-GSF",
            "N-GPF",
            "CONJ",
            "N-GSF",
            "N-GPN",
            "PRT",
            "N-GSF",
            "N-GPN",
            "N-NSM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ων",
            "εστω",
            "ουχ",
            "ο",
            "εξωθεν",
            "εμπλοκης",
            "τριχων",
            "και",
            "περιθεσεως",
            "χρυσιων",
            "η",
            "ενδυσεως",
            "ιματιων",
            "κοσμος"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:3",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            "G5720",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Maar de verborgen mens des harten, in het onverderfelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God.",
      "text1637": "Maer [5] de verborgen mensche des herten, in het onverderflick [verciersel] eens sachtmoedigen ende stillen geests, die [6] costelick is voor Godt.",
      "text2026": "Maar de verborgen mens van het hart, in het onvergankelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "5 de verborgen mens: Dat is, de inwendige mens, die dagelijks vernieuwd wordt naar Gods evenbeeld, 2 Kor. 4:16. 2 Korinthiërs 4:16: Daarom vertragen wij niet; maar hoewel onze uitwendige mens verdorven wordt, zo wordt nochtans de inwendige vernieuwd van dag tot dag.",
          "text1637": "Dat is, de inwendige mensche, die dagelicx vernieuwt wort, nae Godts evenbeeldt. 2.Corint. 4. vers 16.",
          "text2026": "5 de verborgen mens: Dat is, de inwendige mens, die dagelijks vernieuwd wordt naar Gods evenbeeld, 2 Kor. 4:16. 2 Korinthiërs 4:16: Daarom vertragen wij niet; maar hoewel onze uitwendige mens verdorven wordt, zo wordt nochtans de inwendige vernieuwd van dag tot dag."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "6 kostelijk is voor God: Dat is, dierbaar en aangenaam.",
          "text1637": "D. dierbaer, ende aengenaem.",
          "text2026": "6 kostelijk is voor God: Dat is, dierbaar en aangenaam."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "αλλ",
          "strongs": "G235",
          "lemma_strongs": "G235",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ο",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSM"
        },
        {
          "woord": "κρυπτος",
          "strongs": "G2927",
          "lemma_strongs": "G2927",
          "morfologie": "A-NSM"
        },
        {
          "woord": "της",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSF"
        },
        {
          "woord": "καρδιας",
          "strongs": "G2588",
          "lemma_strongs": "G2588",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "ανθρωπος",
          "strongs": "G444",
          "lemma_strongs": "G444",
          "morfologie": "N-NSM"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSN"
        },
        {
          "woord": "αφθαρτω",
          "strongs": "G862",
          "lemma_strongs": "G862",
          "morfologie": "A-DSN"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSN"
        },
        {
          "woord": "πραεος",
          "strongs": "G4239",
          "lemma_strongs": "G4239",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ησυχιου",
          "strongs": "G2272",
          "lemma_strongs": "G2272",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "πνευματος",
          "strongs": "G4151",
          "lemma_strongs": "G4151",
          "morfologie": "N-GSN"
        },
        {
          "woord": "ο",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-NSN"
        },
        {
          "woord": "εστιν",
          "strongs": "G1510",
          "lemma_strongs": "G1510",
          "morfologie": "V-PAI-3S"
        },
        {
          "woord": "ενωπιον",
          "strongs": "G1799",
          "lemma_strongs": "G1799",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSM"
        },
        {
          "woord": "θεου",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "πολυτελες",
          "strongs": "G4185",
          "lemma_strongs": "G4185",
          "morfologie": "A-NSN"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> de verborgen mens van het hart, in het onvergankelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> kostelijk is voor God.",
      "textSV1888_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> de verborgen mens des harten, in het onverderfelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> kostelijk is voor God.",
      "text1637_html": "Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> de verborgen mensche des herten, in het onverderflick [<i>verciersel</i>] eens sachtmoedigen ende stillen geests, die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> costelick is voor Godt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des harten,",
          "new": "van het hart,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "onverderfelijk",
          "new": "onvergankelijk",
          "principe": "V278"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Maar de verborgen mens van het hart, in het onvergankelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G235",
            "G3588",
            "G2927",
            "G3588",
            "G2588",
            "G444",
            "G1722",
            "G3588",
            "G862",
            "G3588",
            "G4239",
            "G2532",
            "G2272",
            "G4151",
            "G3739",
            "G1510",
            "G1799",
            "G3588",
            "G2316",
            "G4185"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G235",
            "G3588",
            "G2927",
            "G3588",
            "G2588",
            "G444",
            "G1722",
            "G3588",
            "G862",
            "G3588",
            "G4239",
            "G2532",
            "G2272",
            "G4151",
            "G3739",
            "G1510",
            "G1799",
            "G3588",
            "G2316",
            "G4185"
          ],
          "morfologie": [
            "CONJ",
            "T-NSM",
            "A-NSM",
            "T-GSF",
            "N-GSF",
            "N-NSM",
            "PREP",
            "T-DSN",
            "A-DSN",
            "T-GSN",
            "A-GSN",
            "CONJ",
            "A-GSN",
            "N-GSN",
            "R-NSN",
            "V-PAI-3S",
            "PREP",
            "T-GSM",
            "N-GSM",
            "A-NSN"
          ],
          "bronwoorden": [
            "αλλ",
            "ο",
            "κρυπτος",
            "της",
            "καρδιας",
            "ανθρωπος",
            "εν",
            "τω",
            "αφθαρτω",
            "του",
            "πραεος",
            "και",
            "ησυχιου",
            "πνευματος",
            "ο",
            "εστιν",
            "ενωπιον",
            "του",
            "θεου",
            "πολυτελες"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:4",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Want alzo versierden zichzelven eertijds ook de heilige vrouwen, die op God hoopten, en waren haar eigen mannen onderdanig;",
      "text1637": "Want alsoo vercierden haer selven eertijds oock [7] de heylige vrouwen, die op Godt hoopten, ende waren hare eygene mannen onderdanigh:",
      "text2026": "Want zo versierden zichzelf vroeger ook de heilige vrouwen, die op God hoopten, en waren haar eigen mannen onderdanig;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "7 de heilige vrouwen: Namelijk die over hare godvruchtigheid, voorzichtigheid en nederigheid geprezen worden in het Oude Testament, als Rebekka, Anna, de moeder van Samuël, Abigaïl, Esther en dergelijken.",
          "text1637": "Namel. die over hare Godtvruchtigheyt, voorsichtigheydt, ende nedrigheyt gepresen worden in het oude Testament, als Rebecca, Anna de moeder Samuels, Abigail, Hester, ende diergelijcke.",
          "text2026": "7 de heilige vrouwen: Namelijk die over haar godvruchtigheid, voorzichtigheid en nederigheid geprezen worden in het Oude Testament, als Rebekka, Anna, de moeder van Samuël, Abigaïl, Esther en dergelijken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ουτως",
          "strongs": "G3779",
          "lemma_strongs": "G3779",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "γαρ",
          "strongs": "G1063",
          "lemma_strongs": "G1063",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ποτε",
          "strongs": "G4218",
          "lemma_strongs": "G4218",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "αι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPF"
        },
        {
          "woord": "αγιαι",
          "strongs": "G40",
          "lemma_strongs": "G40",
          "morfologie": "A-NPF"
        },
        {
          "woord": "γυναικες",
          "strongs": "G1135",
          "lemma_strongs": "G1135",
          "morfologie": "N-NPF"
        },
        {
          "woord": "αι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPF"
        },
        {
          "woord": "ελπιζουσαι",
          "strongs": "G1679",
          "lemma_strongs": "G1679",
          "morfologie": "V-PAP-NPF"
        },
        {
          "woord": "επι",
          "strongs": "G1909",
          "lemma_strongs": "G1909",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "τον",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASM"
        },
        {
          "woord": "θεον",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "εκοσμουν",
          "strongs": "G2885",
          "lemma_strongs": "G2885",
          "morfologie": "V-IAI-3P"
        },
        {
          "woord": "εαυτας",
          "strongs": "G1438",
          "lemma_strongs": "G1438",
          "morfologie": "F-3APF"
        },
        {
          "woord": "υποτασσομεναι",
          "strongs": "G5293",
          "lemma_strongs": "G5293",
          "morfologie": "V-PPP-NPF"
        },
        {
          "woord": "τοις",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DPM"
        },
        {
          "woord": "ιδιοις",
          "strongs": "G2398",
          "lemma_strongs": "G2398",
          "morfologie": "A-DPM"
        },
        {
          "woord": "ανδρασιν",
          "strongs": "G435",
          "lemma_strongs": "G435",
          "morfologie": "N-DPM"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want zo versierden zichzelf vroeger ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de heilige vrouwen, die op God hoopten, en waren haar eigen mannen onderdanig;",
      "textSV1888_html": "Want alzo versierden zichzelven eertijds ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de heilige vrouwen, die op God hoopten, en waren haar eigen mannen onderdanig;",
      "text1637_html": "Want alsoo vercierden haer selven eertijds oock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de heylige vrouwen, die op Godt hoopten, ende waren hare eygene mannen onderdanigh:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "zichzelven eertijds",
          "new": "zichzelf vroeger",
          "principe": "V252"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want zo versierden zichzelf vroeger ook de heilige vrouwen, die op God hoopten, en waren haar eigen mannen onderdanig;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3779",
            "G1063",
            "G4218",
            "G2532",
            "G3588",
            "G40",
            "G1135",
            "G3588",
            "G1679",
            "G1909",
            "G3588",
            "G2316",
            "G2885",
            "G1438",
            "G5293",
            "G3588",
            "G2398",
            "G435"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3779",
            "G1063",
            "G4218",
            "G2532",
            "G3588",
            "G40",
            "G1135",
            "G3588",
            "G1679",
            "G1909",
            "G3588",
            "G2316",
            "G2885",
            "G1438",
            "G5293",
            "G3588",
            "G2398",
            "G435"
          ],
          "morfologie": [
            "ADV",
            "CONJ",
            "PRT",
            "CONJ",
            "T-NPF",
            "A-NPF",
            "N-NPF",
            "T-NPF",
            "V-PAP-NPF",
            "PREP",
            "T-ASM",
            "N-ASM",
            "V-IAI-3P",
            "F-3APF",
            "V-PPP-NPF",
            "T-DPM",
            "A-DPM",
            "N-DPM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ουτως",
            "γαρ",
            "ποτε",
            "και",
            "αι",
            "αγιαι",
            "γυναικες",
            "αι",
            "ελπιζουσαι",
            "επι",
            "τον",
            "θεον",
            "εκοσμουν",
            "εαυτας",
            "υποτασσομεναι",
            "τοις",
            "ιδιοις",
            "ανδρασιν"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:5",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            "G5707",
            null,
            "G5746",
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Gelijk Sara aan Abraham gehoorzaam is geweest, hem noemende heer, welker dochters gij geworden zijt, als gij weldoet, en niet vreest voor enige verschrikking.",
      "text1637": "[c] Gelijck Sara Abraham gehoorsaem is geweest, hem noemende heere, welcker [8] dochters [9] ghy geworden zijt, als ghy wel doet, ende niet en vreest [10] voor eenige verschrickinge.",
      "text2026": "Zoals Sara aan Abraham gehoorzaam is geweest, hem noemende heer, van wie de dochters u geworden bent, als u weldoet, en niet vreest voor enige verschrikking.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 voor enige verschrikking: Of met. Het Griekse woord betekent een haastige of schielijke verbaasdheid, gelijk een vogel of enig ander dier verbaasd is, wanneer het iets ziet of hoort dat hem gevaarlijk is. Deze verbaasdheid, die het vrouwelijk geslacht licht overkomt, wegens de zwakheid van hare natuur, verklaart de apostel dat zij in den dienst harer mannen licht kunnen ontgaan, als zij maar weldoen en een goed geweten voor God houden.",
          "text1637": "Ofte, met. Het Griecx woordt beteeckent een haestige ofte schielicke verbaestheydt, gelijck een vogel ofte eenich ander dier verbaest is, wanneer het yet siet ofte hoort dat hem ghevaerlick is. Dese verbaestheydt, die het vrouwlick geslachte lichtlick over komt overmits de swackheydt harer natuere, verklaert den Apostel dat sy in den dienst harer mannen lichtelick konnen ontgaen, als sy maer wel doen, ende eene goede conscientie voor Godt houden.",
          "text2026": "10 voor enige verschrikking: Of met. Het Griekse woord betekent een haastige of schielijke verbaasdheid, gelijk een vogel of enig ander dier verbaasd is, wanneer het iets ziet of hoort dat hem gevaarlijk is. Deze verbaasdheid, die het vrouwelijk geslacht licht overkomt, wegens de zwakheid van haar natuur, verklaart de apostel dat zij in de dienst haar mannen licht kunnen ontgaan, als zij maar weldoen en een goed geweten voor God houden."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Grieks kinderen; namelijk naar den geest, gelijk Abraham de vader is aller gelovigen; Rom. 4:16. Romeinen 4:16: Daarom is zij uit het geloof, opdat zij naar genade zij; ten einde de belofte vast zij al den zade, niet alleen dat uit de wet is, maar ook dat uit het geloof Abrahams is, welke een vader is van ons allen;",
          "text1637": "Gr. kinderen. Namel. nae den geest, gelijck Abraham de Vader is aller geloovigen. Rom. 4.16.",
          "text2026": "Grieks kinderen; namelijk naar de geest, gelijk Abraham de vader is aller gelovigen; Rom. 4:16. Romeinen 4:16: Daarom is zij uit het geloof, opdat zij naar genade zij; ten einde de belofte vast zij al de zade, niet alleen dat uit de wet is, maar ook dat uit het geloof Abrahams is, welke een vader is van ons allen;"
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "9 gij geworden zijt: Dat is, gij metterdaad bewijst geworden te zijn, gelijk Joh. 15:8. Johannes 15:8: Hierin is Mijn Vader verheerlijkt, dat gij veel vrucht draagt; en gij zult Mijn discipelen zijn.",
          "text1637": "D. ghy metter daedt bewijst geworden te zijn, gelijck Ioan. 15.8.",
          "text2026": "9 u geworden bent: Dat is, u metterdaad bewijst geworden te zijn, gelijk Joh. 15:8. Johannes 15:8: Hierin is Mijn Vader verheerlijkt, dat u veel vrucht draagt; en u zult Mijn discipelen zijn."
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 18:12. Genesis 18:12: Zo lachte Sara bij zichzelve, zeggende: Zal ik wellust hebben, nadat ik oud geworden ben, en mijn heer oud is?",
          "text1637": "Genes. 18.12.",
          "text2026": "Gen. 18:12. Genesis 18:12: Zo lachte Sara bij zichzelf, zeggende: Zal ik wellust hebben, nadat ik oud geworden ben, en mijn heer oud is?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ως",
          "strongs": "G5613",
          "lemma_strongs": "G5613",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "σαρρα",
          "strongs": "G4564",
          "lemma_strongs": "G4564",
          "morfologie": "N-NSF"
        },
        {
          "woord": "υπηκουσεν",
          "strongs": "G5219",
          "lemma_strongs": "G5219",
          "morfologie": "V-AAI-3S"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSM"
        },
        {
          "woord": "αβρααμ",
          "strongs": "G11",
          "lemma_strongs": "G11",
          "morfologie": "N-PRI"
        },
        {
          "woord": "κυριον",
          "strongs": "G2962",
          "lemma_strongs": "G2962",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "αυτον",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-ASM"
        },
        {
          "woord": "καλουσα",
          "strongs": "G2564",
          "lemma_strongs": "G2564",
          "morfologie": "V-PAP-NSF"
        },
        {
          "woord": "ης",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-GSF"
        },
        {
          "woord": "εγενηθητε",
          "strongs": "G1096",
          "lemma_strongs": "G1096",
          "morfologie": "V-AOI-2P"
        },
        {
          "woord": "τεκνα",
          "strongs": "G5043",
          "lemma_strongs": "G5043",
          "morfologie": "N-NPN"
        },
        {
          "woord": "αγαθοποιουσαι",
          "strongs": "G15",
          "lemma_strongs": "G15",
          "morfologie": "V-PAP-NPF"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "μη",
          "strongs": "G3361",
          "lemma_strongs": "G3361",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "φοβουμεναι",
          "strongs": "G5399",
          "lemma_strongs": "G5399",
          "morfologie": "V-PNP-NPF"
        },
        {
          "woord": "μηδεμιαν",
          "strongs": "G3367",
          "lemma_strongs": "G3367",
          "morfologie": "A-ASF-N"
        },
        {
          "woord": "πτοησιν",
          "strongs": "G4423",
          "lemma_strongs": "G4423",
          "morfologie": "N-ASF"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Zoals Sara aan Abraham gehoorzaam is geweest, hem noemende heer, van wie de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> dochters<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> u geworden bent, als u weldoet, en niet vreest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> voor enige verschrikking.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Gelijk Sara aan Abraham gehoorzaam is geweest, hem noemende heer, welker<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> dochters<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> gij geworden zijt, als gij weldoet, en niet vreest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> voor enige verschrikking.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Gelijck Sara Abraham gehoorsaem is geweest, hem noemende heere, welcker <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> dochters <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> ghy geworden zijt, als ghy wel doet, ende niet en vreest <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> voor eenige verschrickinge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gelijk",
          "new": "Zoals",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "welker",
          "new": "van wie de",
          "principe": "V212"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt,",
          "new": "bent,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Zoals Sara aan Abraham gehoorzaam is geweest, hem noemende heer, wier dochters u geworden bent, als u weldoet, en niet vreest voor enige verschrikking.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G5613",
            "G4564",
            "G5219",
            "G3588",
            "G11",
            "G2962",
            "G846",
            "G2564",
            "G3739",
            "G1096",
            "G5043",
            "G15",
            "G2532",
            "G3361",
            "G5399",
            "G3367",
            "G4423"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G5613",
            "G4564",
            "G5219",
            "G3588",
            "G11",
            "G2962",
            "G846",
            "G2564",
            "G3739",
            "G1096",
            "G5043",
            "G15",
            "G2532",
            "G3361",
            "G5399",
            "G3367",
            "G4423"
          ],
          "morfologie": [
            "ADV",
            "N-NSF",
            "V-AAI-3S",
            "T-DSM",
            "N-PRI",
            "N-ASM",
            "P-ASM",
            "V-PAP-NSF",
            "R-GSF",
            "V-AOI-2P",
            "N-NPN",
            "V-PAP-NPF",
            "CONJ",
            "PRT-N",
            "V-PNP-NPF",
            "A-ASF-N",
            "N-ASF"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ως",
            "σαρρα",
            "υπηκουσεν",
            "τω",
            "αβρααμ",
            "κυριον",
            "αυτον",
            "καλουσα",
            "ης",
            "εγενηθητε",
            "τεκνα",
            "αγαθοποιουσαι",
            "και",
            "μη",
            "φοβουμεναι",
            "μηδεμιαν",
            "πτοησιν"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:6",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            "G5656",
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            "G5675",
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            "G5740",
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Gij mannen, insgelijks, woont bij haar met verstand, aan het vrouwelijke vat, als het zwakste, eer gevende, als die ook mede-erfgenamen der genade des levens met haar zijt; opdat uw gebeden niet verhinderd worden.",
      "text1637": "Ghy mannen insgelijcks, [d] woonet by [haer] [11] met verstandt, den vrouwelijcken [12] vate, als het swackste, [13] eere gevende, als die oock [14] mede-erfghenamen der genade des levens [met haer] zijt: op dat uwe gebeden [15] niet verhindert en worden.",
      "text2026": "U mannen, ook, woont bij haar met verstand, aan het vrouwelijke vat, als het zwakste, eer gevende, als die ook mee-erfgenamen van de genade van het leven met haar bent; opdat uw gebeden niet verhinderd worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "11 met verstand: Grieks naar verstand; dat is, uw heerschappij gebruikende met voorzichtigheid en matigheid.",
          "text1637": "Gr. nae verstant. Dat is, uwe heerschappye gebruyckende met voorsichtigheydt ende matigheydt.",
          "text2026": "11 met verstand: Grieks naar verstand; dat is, uw heerschappij gebruikende met voorzichtigheid en matigheid."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 vat, als het zwakste: Een Hebreeuwse wijze van spreken, waardoor enig werktuig, hetzij een persoon of enige andere zaak zijnde, aangeduid wordt, en de vrouw wordt hier zo genaamd, omdat zij geschapen is tot een hulp van den man, Gen. 2:18. Genesis 2:18: Ook had de HEERE God gesproken: Het is niet goed, dat de mens alleen zij; Ik zal hem een hulpe maken, die als tegen hem over zij.",
          "text1637": "Een Hebreeusche wijse van spreken, waer door eenigh instrument, het zy een persoon, ofte eenige andere sake zijnde, beteeckent wort, ende wort de vrouwe hier alsoo genaemt, om datse geschapen is tot een hulpe des mans. Genes. 2.18.",
          "text2026": "12 vat, als het zwakste: Een Hebreeuwse wijze van spreken, waardoor enig werktuig, hetzij een persoon of enige andere zaak zijnde, aangeduid wordt, en de vrouw wordt hier zo genaamd, omdat zij geschapen is tot een hulp van de man, Gen. 2:18. Genesis 2:18: Ook had JAHWEH God gesproken: Het is niet goed, dat de mens alleen zij; Ik zal hem een hulpe maken, die als tegen hem over zij."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "13 eer gevende: Namelijk niet boven maar nevens den man, of naast den man boven het gehele huisgezin, gevoegd met ene zonderlinge zorg en mededogendheid, gelijk het woord eer ook medebrengt, Matth. 15:4; 1 Tim. 5:17; hetwelk ook de liefde van den man en hare zorg over het huis vereist. Zie Ps. 45:10, enz.; Spreuk. 31:27, 31:28; Ef. 5:25, enz. Mattheüs 15:4: Want God heeft geboden, zeggende: Eert uw vader en moeder, en: Wie vader of moeder vloekt, die zal den dood sterven. 1 Timotheüs 5:17: Dat de ouderlingen, die wel regeren, dubbele eer waardig geacht worden, voornamelijk die arbeiden in het Woord en de leer. Psalmen 45:10: Dochters van koningen zijn onder Uw kostelijke staatsdochteren; de Koningin staat aan Uw rechterhand, in het fijnste goud van Ofir. Spreuken 31:27: Tsade. Zij beschouwt de gangen van haar huis; en het brood der luiheid eet zij niet. Spreuken 31:28: Koph. Haar kinderen staan op, en roemen haar welgelukzalig; ook haar man, en hij prijst haar, zeggende: Efeziërs 5:25: Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en Zichzelven voor haar heeft overgegeven;",
          "text1637": "Namel. niet boven den man, maer neven den man, ofte naest den man boven het geheele overige huysgesin, gevoeght met eene sonderlinge sorge ende mededoogenheydt, gelijck het woordt eere oock mede-brenght. Matth. 15.4. 1.Timoth. 5.17. het welck oock de liefde des mans, ende hare sorge over het huys vereyscht. Siet Psal. 45.10, etc. Prov. 31. versen 27, 28. Ephes. 5.25, etc.",
          "text2026": "13 eer gevende: Namelijk niet boven maar naast de man, of naast de man boven het gehele huisgezin, gevoegd met ene zonderlinge zorg en mededogendheid, gelijk het woord eer ook medebrengt, Matt. 15:4; 1 Tim. 5:17; dat ook de liefde van de man en haar zorg over het huis vereist. Zie Ps. 45:10, enz.; Spreuk. 31:27, 31:28; Ef. 5:25, enz. Mattheüs 15:4: Want God heeft geboden, zeggende: Eert uw vader en moeder, en: Wie vader of moeder vloekt, die zal de dood sterven. 1 Timotheüs 5:17: Dat de ouderlingen, die wel regeren, dubbele eer waard geacht worden, voornamelijk die arbeiden in het Woord en de leer. Psalmen 45:10: Dochters van koningen zijn onder Uw kostelijke staatsdochteren; de Koningin staat aan Uw rechterhand, in het fijnste goud van Ofir. Spreuken 31:27: Tsade. Zij beschouwt de gangen van haar huis; en het brood van de luiheid eet zij niet. Spreuken 31:28: Koph. Haar kinderen staan op, en roemen haar welgelukzalig; ook haar man, en hij prijst haar, zeggende: Efeziërs 5:25: U mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en Zichzelven voor haar heeft overgegeven;"
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Namelijk van het eeuwige leven. Sommigen boeken hebben als die medeërfgenamen met u zijn. Hetwelk met den zin wel overeenkomt.",
          "text1637": "Namel. des eeuwigen levens. Sommige boecken hebben als die mede-erfgenamen met u zijn. het welck met den sin wel over een komt.",
          "text2026": "Namelijk van het eeuwige leven. Sommigen boeken hebben als die medeërfgenamen met u zijn. Dat met de zin wel overeenkomt."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 niet verhinderd worden: Namelijk door twist of tweespalt. En hier worden onder de gebeden ook allerlei oefeningen van den godsdienst verstaan.",
          "text1637": "Namel. door twist ofte tweespalt. Ende worden hier onder de gebeden oock allerley oefeningen der Godts-dienstigheydt verstaen.",
          "text2026": "15 niet verhinderd worden: Namelijk door twist of tweespalt. En hier worden onder de gebeden ook allerlei oefeningen van de godsdienst verstaan."
        },
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Efez. 5:25; Kolos. 3:19. Efeziërs 5:25: Gij mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en Zichzelven voor haar heeft overgegeven; Kolossensen 3:19: Gij mannen, hebt uw vrouwen lief, en wordt niet verbitterd tegen haar.",
          "text1637": "Ephes. 5.25, etc. Col. 3.19.",
          "text2026": "Efez. 5:25; Kolos. 3:19. Efeziërs 5:25: U mannen, hebt uw eigen vrouwen lief, gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft, en Zichzelven voor haar heeft overgegeven; Kolossensen 3:19: U mannen, hebt uw vrouwen lief, en wordt niet verbitterd tegen haar."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "οι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPM"
        },
        {
          "woord": "ανδρες",
          "strongs": "G435",
          "lemma_strongs": "G435",
          "morfologie": "N-NPM"
        },
        {
          "woord": "ομοιως",
          "strongs": "G3668",
          "lemma_strongs": "G3668",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "συνοικουντες",
          "strongs": "G4924",
          "lemma_strongs": "G4924",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "κατα",
          "strongs": "G2596",
          "lemma_strongs": "G2596",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "γνωσιν",
          "strongs": "G1108",
          "lemma_strongs": "G1108",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "ως",
          "strongs": "G5613",
          "lemma_strongs": "G5613",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "ασθενεστερω",
          "strongs": "G772",
          "lemma_strongs": "G772",
          "morfologie": "A-DSN-C"
        },
        {
          "woord": "σκευει",
          "strongs": "G4632",
          "lemma_strongs": "G4632",
          "morfologie": "N-DSN"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSN"
        },
        {
          "woord": "γυναικειω",
          "strongs": "G1134",
          "lemma_strongs": "G1134",
          "morfologie": "A-DSN"
        },
        {
          "woord": "απονεμοντες",
          "strongs": "G632",
          "lemma_strongs": "G632",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "τιμην",
          "strongs": "G5092",
          "lemma_strongs": "G5092",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "ως",
          "strongs": "G5613",
          "lemma_strongs": "G5613",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "συγκληρονομοι",
          "strongs": "G4789",
          "lemma_strongs": "G4789",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "χαριτος",
          "strongs": "G5485",
          "lemma_strongs": "G5485",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "ζωης",
          "strongs": "G2222",
          "lemma_strongs": "G2222",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "το",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASN"
        },
        {
          "woord": "μη",
          "strongs": "G3361",
          "lemma_strongs": "G3361",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "εκκοπτεσθαι",
          "strongs": "G1581",
          "lemma_strongs": "G1581",
          "morfologie": "V-PPN"
        },
        {
          "woord": "τας",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-APF"
        },
        {
          "woord": "προσευχας",
          "strongs": "G4335",
          "lemma_strongs": "G4335",
          "morfologie": "N-APF"
        },
        {
          "woord": "υμων",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2GP"
        }
      ],
      "text2026_html": "U mannen, ook,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> woont bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> haar met verstand, aan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vrouwelijke vat, als het zwakste,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> eer gevende, als die ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mee-erfgenamen van de genade van het leven met haar bent; opdat uw gebeden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> niet verhinderd worden.",
      "textSV1888_html": "Gij mannen, insgelijks,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> woont bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> haar met verstand, aan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vrouwelijke vat, als het zwakste,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> eer gevende, als die ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mede-erfgenamen der genade des levens met haar zijt; opdat uw gebeden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> niet verhinderd worden.",
      "text1637_html": "Ghy mannen insgelijcks, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> woonet by [<i>haer</i>] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> met verstandt, den vrouwelijcken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vate, als het swackste, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> eere gevende, als die oock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mede-erfghenamen der genade des levens [<i>met haer</i>] zijt: op dat uwe gebeden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> niet verhindert en worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "insgelijks,",
          "new": "ook,",
          "principe": "V653"
        },
        {
          "old": "mede-erfgenamen der",
          "new": "mee-erfgenamen van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des levens",
          "new": "van het leven",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "zijt;",
          "new": "bent;",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "U mannen, ook, woont bij haar met verstand, aan het vrouwelijke vat, als het zwakste, eer gevende, als die ook mee-erfgenamen van de genade van het leven met haar bent; opdat uw gebeden niet verhinderd worden.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3588",
            "G435",
            "G3668",
            "G4924",
            "G2596",
            "G1108",
            "G5613",
            "G772",
            "G4632",
            "G3588",
            "G1134",
            "G632",
            "G5092",
            "G5613",
            "G2532",
            "G4789",
            "G5485",
            "G2222",
            "G1519",
            "G3588",
            "G3361",
            "G1581",
            "G3588",
            "G4335",
            "G4771"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3588",
            "G435",
            "G3668",
            "G4924",
            "G2596",
            "G1108",
            "G5613",
            "G772",
            "G4632",
            "G3588",
            "G1134",
            "G632",
            "G5092",
            "G5613",
            "G2532",
            "G4789",
            "G5485",
            "G2222",
            "G1519",
            "G3588",
            "G3361",
            "G1581",
            "G3588",
            "G4335",
            "G4771"
          ],
          "morfologie": [
            "T-NPM",
            "N-NPM",
            "ADV",
            "V-PAP-NPM",
            "PREP",
            "N-ASF",
            "ADV",
            "A-DSN-C",
            "N-DSN",
            "T-DSN",
            "A-DSN",
            "V-PAP-NPM",
            "N-ASF",
            "ADV",
            "CONJ",
            "A-NPM",
            "N-GSF",
            "N-GSF",
            "PREP",
            "T-ASN",
            "PRT-N",
            "V-PPN",
            "T-APF",
            "N-APF",
            "P-2GP"
          ],
          "bronwoorden": [
            "οι",
            "ανδρες",
            "ομοιως",
            "συνοικουντες",
            "κατα",
            "γνωσιν",
            "ως",
            "ασθενεστερω",
            "σκευει",
            "τω",
            "γυναικειω",
            "απονεμοντες",
            "τιμην",
            "ως",
            "και",
            "συγκληρονομοι",
            "χαριτος",
            "ζωης",
            "εις",
            "το",
            "μη",
            "εκκοπτεσθαι",
            "τας",
            "προσευχας",
            "υμων"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:7",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21,
              22,
              23,
              24
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5745",
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "En eindelijk, zijt allen eensgezind, medelijdend, de broeders liefhebbende, met innerlijke barmhartigheid bewogen, vriendelijk;",
      "text1637": "[16] Ende eyndelijck, [e] zijt alle eens gesint, [17] mede-lijdich, de broeders lief hebbende, [18] met innerlijcke barmherticheyt beweeght, [19] vriendelijck:",
      "text2026": "En eindelijk, wees allen eensgezind, medelijdend, de broeders liefhebbende, met innerlijke barmhartigheid bewogen, vriendelijk;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 En eindelijk: De apostel keert nu weder tot de vermaningen die een iegelijk aangaan.",
          "text1637": "Den Apostel keert nu wederom tot de vermaninghen, die een yegelick aengaen.",
          "text2026": "16 En eindelijk: De apostel keert nu weer tot de vermaningen die een iedereen aangaan."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "17 medelijdend, de broeders: Namelijk met elkander. Het Griekse woord betekent eigenlijk een medegevoel hebben met het lijden van een ander.",
          "text1637": "Namel. met malkandren. Het Griecx woordt beteeckent eygentlick een medegevoelen hebben van het lijden eens anders.",
          "text2026": "17 medelijdend, de broeders: Namelijk met elkaar. Het Griekse woord betekent eigenlijk een medegevoel hebben met het lijden van een ander."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "18 met innerlijke barmhartigheid: Het Griekse woord betekent een deugd waardoor het ingewand of het hart over den nood van een ander licht wordt bewogen.",
          "text1637": "Het Griecx woordt beteeckent een deught waer door het ingewant ofte het herte over eens anderen noodt lichtelick wort beweeght.",
          "text2026": "18 met innerlijke barmhartigheid: Het Griekse woord betekent een deugd waardoor het ingewand of het hart over de nood van een ander licht wordt bewogen."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dit woord betekent eigenlijk, die bedenkt of bevroedt hetgeen een ander aangenaam is.",
          "text1637": "Dit woordt beteeckent eygentlick, die bedenckt, ofte bevroet, ’t gene een ander aengenaem is.",
          "text2026": "Dit woord betekent eigenlijk, die bedenkt of bevroedt wat een ander aangenaam is."
        },
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Rom. 12:16; Rom. 15:5; 1 Kor. 1:10; Filip. 2:2; Filip. 3:16. Romeinen 12:16: Weest eensgezind onder elkander. Tracht niet naar de hoge dingen, maar voegt u tot de nederige. Zijt niet wijs bij uzelven. Romeinen 15:5: Doch de God der lijdzaamheid en der vertroosting geve u, dat gij eensgezind zijt onder elkander naar Christus Jezus; 1 Korinthiërs 1:10: Maar ik bid u, broeders, door den Naam van onzen Heere Jezus Christus, dat gij allen hetzelfde spreekt, en dat onder u geen scheuringen zijn, maar dat gij samengevoegd zijt in eenzelfden zin, en in een zelfde gevoelen. Filippensen 2:2: Zo vervult mijn blijdschap, dat gij moogt eensgezind zijn, dezelfde liefde hebbende, van een gemoed en van een gevoelen zijnde. Filippensen 3:16: Doch, daar wij toe gekomen zijn, laat ons daarin naar denzelfden regel wandelen, laat ons hetzelfde gevoelen.",
          "text1637": "Rom. 12.16. ende 15.5. 1.Corinth. 1.10. Philip. 2.2. ende 3.16.",
          "text2026": "Rom. 12:16; Rom. 15:5; 1 Kor. 1:10; Filip. 2:2; Filip. 3:16. Romeinen 12:16: Weest eensgezind onder elkaar. Tracht niet naar de hoge dingen, maar voegt u tot de nederige. Zijt niet wijs bij uzelven. Romeinen 15:5: Maar de God van de volharding en van de vertroosting geve u, dat u eensgezind bent onder elkaar naar Christus Jezus; 1 Korinthiërs 1:10: Maar ik bid u, broeders, door de Naam van onze Heer Jezus Christus, dat u allen hetzelfde spreekt, en dat onder u geen scheuringen zijn, maar dat u samengevoegd bent in eenzelfden zin, en in een zelfde gevoelen. Filippensen 2:2: Zo vervult mijn blijdschap, dat u mag eensgezind zijn, dezelfde liefde hebbende, van een gemoed en van een gevoelen zijnde. Filippensen 3:16: Maar, daar wij toe gekomen zijn, laat ons daarin naar dezelfde regel wandelen, laat ons hetzelfde gevoelen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "το",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASN"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "τελος",
          "strongs": "G5056",
          "lemma_strongs": "G5056",
          "morfologie": "N-ASN"
        },
        {
          "woord": "παντες",
          "strongs": "G3956",
          "lemma_strongs": "G3956",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "ομοφρονες",
          "strongs": "G3675",
          "lemma_strongs": "G3675",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "συμπαθεις",
          "strongs": "G4835",
          "lemma_strongs": "G4835",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "φιλαδελφοι",
          "strongs": "G5361",
          "lemma_strongs": "G5361",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "ευσπλαγχνοι",
          "strongs": "G2155",
          "lemma_strongs": "G2155",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "φιλοφρονες",
          "strongs": "G5391",
          "lemma_strongs": "G5391",
          "morfologie": "A-NPM"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> En eindelijk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> wees allen eensgezind,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> medelijdend, de broeders liefhebbende,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> met innerlijke barmhartigheid bewogen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> vriendelijk;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> En eindelijk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> zijt allen eensgezind,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> medelijdend, de broeders liefhebbende,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> met innerlijke barmhartigheid bewogen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> vriendelijk;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ende eyndelijck, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> zijt alle eens gesint, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> mede-lijdich, de broeders lief hebbende, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> met innerlijcke barmherticheyt beweeght, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> vriendelijck:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zijt",
          "new": "wees",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "En eindelijk, wees allen eensgezind, medelijdend, de broeders liefhebbende, met innerlijke barmhartigheid bewogen, vriendelijk;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3588",
            "G1161",
            "G5056",
            "G3956",
            "G3675",
            "G4835",
            "G5361",
            "G2155",
            "G5391"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3588",
            "G1161",
            "G5056",
            "G3956",
            "G3675",
            "G4835",
            "G5361",
            "G2155",
            "G5391"
          ],
          "morfologie": [
            "T-ASN",
            "CONJ",
            "N-ASN",
            "A-NPM",
            "A-NPM",
            "A-NPM",
            "A-NPM",
            "A-NPM",
            "A-NPM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "το",
            "δε",
            "τελος",
            "παντες",
            "ομοφρονες",
            "συμπαθεις",
            "φιλαδελφοι",
            "ευσπλαγχνοι",
            "φιλοφρονες"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:8",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Vergeldt niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden, maar zegent daarentegen; wetende, dat gij daartoe geroepen zijt, opdat gij zegening zoudt beërven.",
      "text1637": "[f] En vergelt niet quaet voor quaet, of schelden voor schelden: [20] maer segent daer en tegen: wetende [21] dat ghy daer toe geroepen zijt, [g] op dat ghy [22] segeninge soudt be-erven.",
      "text2026": "Vergeld niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden, maar zegent daarentegen; wetende, dat u daartoe geroepen bent, opdat u zegening zou beërven.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 maar zegent daarentegen: Dat is, bidt voor die en doet wel dengenen, die u scheiden of kwaad doen, gelijk Christus ook gebiedt Matth. 5:44. Doch hier valt op te merken, dat Petrus, gelijk ook Christus, niet spreken van het ambt ener overheid tegen openbare boosdoeners, maar van het ambt van een gewoon Christen tegen een ieder in het bijzonder. Mattheüs 5:44: Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen;",
          "text1637": "D. bidt voor die, ende doet wel den genen die u schelden, ofte quaet doen, gelijck Christus oock gebiedt Matth. 5.44. Doch staet hier te bemercken, dat Petrus, ghelijck oock Christus, niet en spreken van het ampt eener Overheydt tegen openbare boosdoenders, maer van het ampt van een gemeyn Christen tegen een yeder in het bysonder.",
          "text2026": "20 maar zegent daarentegen: Dat is, bidt voor die en doet wel degene, die u scheiden of kwaad doen, gelijk Christus ook gebiedt Matt. 5:44. Maar hier valt op te merken, dat Petrus, gelijk ook Christus, niet spreken van het ambt ener overheid tegen openbare boosdoeners, maar van het ambt van een gewoon Christen tegen een ieder in het bijzonder. Mattheüs 5:44: Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel degene, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen;"
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "21 dat gij daartoe: Namelijk van God, dien gij dagelijks ook vertoornt door uw zonden, en wiens zegening gij derhalve ook onwaardig waart. Het kan ook gevoegd worden bij het voorgaande, namelijk dat gij daartoe geroepen zijt, om geen kwaad met kwaad te vergelden.",
          "text1637": "Namelick, van Godt, dien ghy daghelicks oock vertoorndet door uwe sonden, ende wiens segeninge ghy derhalven oock onweerdich waert. Het kan oock gevoeght worden met het voorgaende. Namelick, dat ghy daer toe geroepen zijt, om geen quaet met quaet te vergelden.",
          "text2026": "21 dat u daartoe: Namelijk van God, die u dagelijks ook vertoornt door uw zonden, en wiens zegening u daarom ook onwaardig was. Het kan ook gevoegd worden bij het voorgaande, namelijk dat u daartoe geroepen bent, om geen kwaad met kwaad te vergelden."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "22 gij zegening: Namelijk tijdelijke en eeuwige, gelijk de plaats hier tot bewijs bijgebracht medebrengt.",
          "text1637": "Namelick, tijtlicke ende eeuwighe, ghelijck de plaetse hier tot bewijs voort ghebracht mede-brengt.",
          "text2026": "22 u zegening: Namelijk tijdelijke en eeuwige, gelijk de plaats hier tot bewijs bijgebracht medebrengt."
        },
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Levit. 19:18; Spreuk. 20:22; Spreuk. 24:29; Matth. 5:39; Rom. 12:17; 1 Kor. 6:7; 1 Thes. 5:15. Leviticus 19:18: Gij zult niet wreken, noch toorn behouden tegen de kinderen uws volks; maar gij zult uw naaste liefhebben als uzelven; Ik ben de HEERE! Spreuken 20:22: Zeg niet: Ik zal het kwaad vergelden; wacht op den HEERE, en Hij zal u verlossen. Spreuken 24:29: Zeg niet: Gelijk als hij mij gedaan heeft, zo zal ik hem doen; ik zal een ieder vergelden naar zijn werk. Mattheüs 5:39: Maar Ik zeg u, dat gij den boze niet wederstaat; maar, zo wie u op de rechterwang slaat, keert hem ook de andere toe; Romeinen 12:17: Vergeldt niemand kwaad voor kwaad. Bezorgt hetgeen eerlijk is voor alle mensen. 1 Korinthiërs 6:7: Zo is er dan nu ganselijk gebrek onder u, dat gij met elkander rechtzaken hebt. Waarom lijdt gij niet liever ongelijk? Waarom lijdt gij niet liever schade? 1 Thessalonicensen 5:15: Ziet, dat niemand kwaad voor kwaad iemand vergelde; maar jaagt allen tijd het goede na, zo jegens elkander als jegens allen.",
          "text1637": "Levit. 19.18. Prov. 20.22. ende 24.19. Mat. 5.39. Rom. 12.17. 1.Corinth. 6.7. 1.Thess. 5.15.",
          "text2026": "Lev. 19:18; Spreuk. 20:22; Spreuk. 24:29; Matt. 5:39; Rom. 12:17; 1 Kor. 6:7; 1 Thes. 5:15. Leviticus 19:18: U zult niet wreken, noch toorn behouden tegen de kinderen uws volks; maar u zult uw naaste liefhebben als uzelven; Ik ben JAHWEH! Spreuken 20:22: Zeg niet: Ik zal het kwaad vergelden; wacht op JAHWEH, en Hij zal u verlossen. Spreuken 24:29: Zeg niet: Gelijk als hij mij gedaan heeft, zo zal ik hem doen; ik zal een ieder vergelden naar zijn werk. Mattheüs 5:39: Maar Ik zeg u, dat u de boze niet wederstaat; maar, zo wie u op de rechterwang slaat, keert hem ook de andere toe; Romeinen 12:17: Vergeldt niemand kwaad voor kwaad. Bezorgt wat eerlijk is voor alle mensen. 1 Korinthiërs 6:7: Zo is er dan nu ganselijk gebrek onder u, dat u met elkaar rechtzaken hebt. Waarom lijdt u niet liever ongelijk? Waarom lijdt u niet liever schade? 1 Thessalonicensen 5:15: Ziet, dat niemand kwaad voor kwaad iemand vergelde; maar jaagt alle tijd het goede na, zo tegenover elkaar als tegenover allen."
        },
        {
          "marker": "g",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Matth. 25:34; 1 Tim. 4:8. Mattheüs 25:34: Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechterhand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beërft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld. 1 Timotheüs 4:8: Want de lichamelijke oefening is tot weinig nut; maar de godzaligheid is tot alle dingen nut, hebbende de belofte des tegenwoordigen en des toekomenden levens.",
          "text1637": "Matth. 25.34. 1.Timoth. 4.8.",
          "text2026": "Matt. 25:34; 1 Tim. 4:8. Mattheüs 25:34: Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechterhand zijn: Komt, u gezegenden van Mijn Vader! beërft dat Koninkrijk, dat u bereid is van de grondlegging van de wereld. 1 Timotheüs 4:8: Want de lichamelijke oefening is tot weinig nut; maar de godzaligheid is tot alle dingen nut, hebbende de belofte van de tegenwoordigen en van de toekomenden levens."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "μη",
          "strongs": "G3361",
          "lemma_strongs": "G3361",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "αποδιδοντες",
          "strongs": "G591",
          "lemma_strongs": "G591",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "κακον",
          "strongs": "G2556",
          "lemma_strongs": "G2556",
          "morfologie": "A-ASN"
        },
        {
          "woord": "αντι",
          "strongs": "G473",
          "lemma_strongs": "G473",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "κακου",
          "strongs": "G2556",
          "lemma_strongs": "G2556",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "η",
          "strongs": "G2228",
          "lemma_strongs": "G2228",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "λοιδοριαν",
          "strongs": "G3059",
          "lemma_strongs": "G3059",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "αντι",
          "strongs": "G473",
          "lemma_strongs": "G473",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "λοιδοριας",
          "strongs": "G3059",
          "lemma_strongs": "G3059",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "τουναντιον",
          "strongs": "G5121",
          "lemma_strongs": "G5121",
          "morfologie": "ADV-K"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ευλογουντες",
          "strongs": "G2127",
          "lemma_strongs": "G2127",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "ειδοτες",
          "strongs": "G1492",
          "lemma_strongs": "G1492",
          "morfologie": "V-RAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "οτι",
          "strongs": "G3754",
          "lemma_strongs": "G3754",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "τουτο",
          "strongs": "G3778",
          "lemma_strongs": "G3778",
          "morfologie": "D-ASN"
        },
        {
          "woord": "εκληθητε",
          "strongs": "G2564",
          "lemma_strongs": "G2564",
          "morfologie": "V-API-2P"
        },
        {
          "woord": "ινα",
          "strongs": "G2443",
          "lemma_strongs": "G2443",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ευλογιαν",
          "strongs": "G2129",
          "lemma_strongs": "G2129",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "κληρονομησητε",
          "strongs": "G2816",
          "lemma_strongs": "G2816",
          "morfologie": "V-AAS-2P"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Vergeld niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> maar zegent daarentegen; wetende,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dat u daartoe geroepen bent,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> opdat u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> zegening zou beërven.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Vergeldt niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> maar zegent daarentegen; wetende,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dat gij daartoe geroepen zijt,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> opdat gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> zegening zoudt beërven.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> En vergelt niet quaet voor quaet, of schelden voor schelden: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> maer segent daer en tegen: wetende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dat ghy daer toe geroepen zijt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> op dat ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> segeninge soudt be-erven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Vergeldt",
          "new": "Vergeld",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt,",
          "new": "bent,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zoudt",
          "new": "zou",
          "principe": "V202"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Vergeld niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden, maar zegent daarentegen; wetende, dat u daartoe geroepen bent, opdat u zegening zou beërven.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3361",
            "G591",
            "G2556",
            "G473",
            "G2556",
            "G2228",
            "G3059",
            "G473",
            "G3059",
            "G5121",
            "G1161",
            "G2127",
            "G1492",
            "G3754",
            "G1519",
            "G3778",
            "G2564",
            "G2443",
            "G2129",
            "G2816"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3361",
            "G591",
            "G2556",
            "G473",
            "G2556",
            "G2228",
            "G3059",
            "G473",
            "G3059",
            "G5121",
            "G1161",
            "G2127",
            "G1492",
            "G3754",
            "G1519",
            "G3778",
            "G2564",
            "G2443",
            "G2129",
            "G2816"
          ],
          "morfologie": [
            "PRT-N",
            "V-PAP-NPM",
            "A-ASN",
            "PREP",
            "A-GSN",
            "PRT",
            "N-ASF",
            "PREP",
            "N-GSF",
            "ADV-K",
            "CONJ",
            "V-PAP-NPM",
            "V-RAP-NPM",
            "CONJ",
            "PREP",
            "D-ASN",
            "V-API-2P",
            "CONJ",
            "N-ASF",
            "V-AAS-2P"
          ],
          "bronwoorden": [
            "μη",
            "αποδιδοντες",
            "κακον",
            "αντι",
            "κακου",
            "η",
            "λοιδοριαν",
            "αντι",
            "λοιδοριας",
            "τουναντιον",
            "δε",
            "ευλογουντες",
            "ειδοτες",
            "οτι",
            "εις",
            "τουτο",
            "εκληθητε",
            "ινα",
            "ευλογιαν",
            "κληρονομησητε"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:9",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            "G5761",
            null,
            null,
            null,
            "G5681",
            null,
            null,
            "G5661"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;",
      "text1637": "[h] [23] Want wie [24] het leven wil lief hebben, ende [25] goede dagen sien, die stille sijn tonge van het quaedt, ende sijne lippen datse geen bedrogh en spreken:",
      "text2026": "Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "23 Want wie: Deze plaats is genomen uit Ps. 34:13, enz., en daarin volgt de apostel meest de Griekse overzetting, die den zin van den Hebreeuwsen tekst wel uitdrukt. Doch hetgeen de profeet vragenderwijze voorstelt, zegt de apostel verhalender wijze. Psalmen 34:13: Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?",
          "text1637": "Dese plaetse is ghenomen uyt den Psal. 34.13, etc. ende volght daer in den Apostel meest de Gr. oversettinge, die den sin des Hebr. wel uyt-druckt. Doch het ghene de Propheet vraeghsche wijse voorstelt, set den Apostel verhaelsche wijse.",
          "text2026": "23 Want wie: Deze plaats is genomen uit Ps. 34:13, enz., en daarin volgt de apostel meest de Griekse overzetting, die de zin van de Hebreeuwsen tekst wel uitdrukt. Maar wat de profeet vragenderwijze voorstelt, zegt de apostel verhalender wijze. Psalmen 34:13: Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?"
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "24 het leven wil: Hebreeuws wie is de man die het leven wil en liefheeft of begeert het goede te zien?",
          "text1637": "Hebr. wie is de man die het leven wil, ende lief heeft, ofte begeert, het goede te sien?",
          "text2026": "24 het leven wil: Hebreeuws wie is de man die het leven wil en liefheeft of begeert het goede te zien?"
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 goede dagen zien: Dat is, een gelukzalig leven leiden. Want al is het, dat de godzaligen menigmaal verdrukt worden, zo houden zij nochtans altijd een goede consciëntie, en hebben ene zalige uitkomst te verwachten. Waarom zij ook zichzelf verheugen in de verdrukkingen; Rom. 5:3; Jak. 1:2, enz. Romeinen 5:3: En niet alleenlijk dit, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende, dat de verdrukking lijdzaamheid werkt; Jakobus 1:2: Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt;",
          "text1637": "D. een ghelucksalich leven leyden. want al ist dat de Godtsalige menichmael verdruckt worden, soo houden sy nochtans altijdt een goede conscientie, ende hebben een salighe uytkomste te verwachten. Daerom sy oock haer selfs verheugen in de verdruckinghen. Rom. 5.3. Iacob. 1.2, etc.",
          "text2026": "25 goede dagen zien: Dat is, een gelukzalig leven leiden. Want al is het, dat de godzaligen dikwijls verdrukt worden, zo houden zij nochtans altijd een goede consciëntie, en hebben ene zalige uitkomst te verwachten. Waarom zij ook zichzelf verheugen in de verdrukkingen; Rom. 5:3; Jak. 1:2, enz. Romeinen 5:3: En niet alleen dit, maar wij roemen ook in de verdrukkingen, wetende, dat de verdrukking volharding werkt; Jakobus 1:2: Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer u in velerlei verzoekingen valt;"
        },
        {
          "marker": "h",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 34:13; Jak. 1:26. Psalmen 34:13: Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien? Jakobus 1:26: Indien iemand onder u dunkt, dat hij godsdienstig is, en hij zijn tong niet in toom houdt, maar zijn hart verleidt, dezes godsdienst is ijdel.",
          "text1637": "Psal. 34.13, etc. Iacob. 1.26.",
          "text2026": "Ps. 34:13; Jak. 1:26. Psalmen 34:13: Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien? Jakobus 1:26: Als iemand onder u denkt, dat hij godsdienstig is, en hij zijn tong niet in toom houdt, maar zijn hart verleidt, van deze godsdienst is ijdel."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ο",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSM"
        },
        {
          "woord": "γαρ",
          "strongs": "G1063",
          "lemma_strongs": "G1063",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "θελων",
          "strongs": "G2309",
          "lemma_strongs": "G2309",
          "morfologie": "V-PAP-NSM"
        },
        {
          "woord": "ζωην",
          "strongs": "G2222",
          "lemma_strongs": "G2222",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "αγαπαν",
          "strongs": "G25",
          "lemma_strongs": "G25",
          "morfologie": "V-PAN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ιδειν",
          "strongs": "G3708",
          "lemma_strongs": "G3708",
          "morfologie": "V-2AAN"
        },
        {
          "woord": "ημερας",
          "strongs": "G2250",
          "lemma_strongs": "G2250",
          "morfologie": "N-APF"
        },
        {
          "woord": "αγαθας",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-APF"
        },
        {
          "woord": "παυσατω",
          "strongs": "G3973",
          "lemma_strongs": "G3973",
          "morfologie": "V-AAM-3S"
        },
        {
          "woord": "την",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASF"
        },
        {
          "woord": "γλωσσαν",
          "strongs": "G1100",
          "lemma_strongs": "G1100",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "αυτου",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-GSM"
        },
        {
          "woord": "απο",
          "strongs": "G575",
          "lemma_strongs": "G575",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "κακου",
          "strongs": "G2556",
          "lemma_strongs": "G2556",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "χειλη",
          "strongs": "G5491",
          "lemma_strongs": "G5491",
          "morfologie": "N-APN"
        },
        {
          "woord": "αυτου",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-GSM"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSN"
        },
        {
          "woord": "μη",
          "strongs": "G3361",
          "lemma_strongs": "G3361",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "λαλησαι",
          "strongs": "G2980",
          "lemma_strongs": "G2980",
          "morfologie": "V-AAN"
        },
        {
          "woord": "δολον",
          "strongs": "G1388",
          "lemma_strongs": "G1388",
          "morfologie": "N-ASM"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Want wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> het leven wil liefhebben, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> Want wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> het leven wil liefhebben, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Want wie <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> het leven wil lief hebben, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goede dagen sien, die stille sijn tonge van het quaedt, ende sijne lippen datse geen bedrogh en spreken:",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3588",
            "G1063",
            "G2309",
            "G2222",
            "G25",
            "G2532",
            "G3708",
            "G2250",
            "G18",
            "G3973",
            "G3588",
            "G1100",
            "G846",
            "G575",
            "G2556",
            "G2532",
            "G5491",
            "G846",
            "G3588",
            "G3361",
            "G2980",
            "G1388"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3588",
            "G1063",
            "G2309",
            "G2222",
            "G25",
            "G2532",
            "G3708",
            "G2250",
            "G18",
            "G3973",
            "G3588",
            "G1100",
            "G846",
            "G575",
            "G2556",
            "G2532",
            "G5491",
            "G846",
            "G3588",
            "G3361",
            "G2980",
            "G1388"
          ],
          "morfologie": [
            "T-NSM",
            "CONJ",
            "V-PAP-NSM",
            "N-ASF",
            "V-PAN",
            "CONJ",
            "V-2AAN",
            "N-APF",
            "A-APF",
            "V-AAM-3S",
            "T-ASF",
            "N-ASF",
            "P-GSM",
            "PREP",
            "A-GSN",
            "CONJ",
            "N-APN",
            "P-GSM",
            "T-GSN",
            "PRT-N",
            "V-AAN",
            "N-ASM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ο",
            "γαρ",
            "θελων",
            "ζωην",
            "αγαπαν",
            "και",
            "ιδειν",
            "ημερας",
            "αγαθας",
            "παυσατω",
            "την",
            "γλωσσαν",
            "αυτου",
            "απο",
            "κακου",
            "και",
            "χειλη",
            "αυτου",
            "του",
            "μη",
            "λαλησαι",
            "δολον"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:10",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            "G5721",
            null,
            "G5629",
            null,
            null,
            "G5657",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5658",
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage denzelven na.",
      "text1637": "[i] Die wijcke af van het quaede, ende doe het goede: die soecke vrede ende jage den selven na.",
      "text2026": "Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage die na.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "i",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 37:27; Jes. 1:16; 3 Joh. v. 11. Psalmen 37:27: Samech. Wijk af van het kwade, en doe het goede, en woon in eeuwigheid. Jesaja 1:16: Wast u, reinigt u, doet de boosheid uwer handelingen van voor Mijn ogen weg, laat af van kwaad te doen. 3 Johannes 1:11: Geliefde, volgt het kwade niet na, maar het goede. Die goed doet, is uit God; maar die kwaad doet, heeft God niet gezien.",
          "text1637": "Psal. 37.27. Iesai. 1.16. 3.Ioan. vers 11.",
          "text2026": "Ps. 37:27; Jes. 1:16; 3 Joh. v. 11. Psalmen 37:27: Samech. Wijk af van het kwade, en doe het goede, en woon in eeuwigheid. Jesaja 1:16: Wast u, reinigt u, doet de boosheid uw handelingen van voor Mijn ogen weg, laat af van kwaad te doen. 3 Johannes 1:11: Geliefde, volgt het kwade niet na, maar het goede. Die goed doet, is uit God; maar die kwaad doet, heeft God niet gezien."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "εκκλινατω",
          "strongs": "G1578",
          "lemma_strongs": "G1578",
          "morfologie": "V-AAM-3S"
        },
        {
          "woord": "απο",
          "strongs": "G575",
          "lemma_strongs": "G575",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "κακου",
          "strongs": "G2556",
          "lemma_strongs": "G2556",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ποιησατω",
          "strongs": "G4160",
          "lemma_strongs": "G4160",
          "morfologie": "V-AAM-3S"
        },
        {
          "woord": "αγαθον",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-ASN"
        },
        {
          "woord": "ζητησατω",
          "strongs": "G2212",
          "lemma_strongs": "G2212",
          "morfologie": "V-AAM-3S"
        },
        {
          "woord": "ειρηνην",
          "strongs": "G1515",
          "lemma_strongs": "G1515",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "διωξατω",
          "strongs": "G1377",
          "lemma_strongs": "G1377",
          "morfologie": "V-AAM-3S"
        },
        {
          "woord": "αυτην",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-ASF"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage die na.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage denzelven na.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> Die wijcke af van het quaede, ende doe het goede: die soecke vrede ende jage den selven na.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "denzelven",
          "new": "die",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage die na.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G1578",
            "G575",
            "G2556",
            "G2532",
            "G4160",
            "G18",
            "G2212",
            "G1515",
            "G2532",
            "G1377",
            "G846"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G1578",
            "G575",
            "G2556",
            "G2532",
            "G4160",
            "G18",
            "G2212",
            "G1515",
            "G2532",
            "G1377",
            "G846"
          ],
          "morfologie": [
            "V-AAM-3S",
            "PREP",
            "A-GSN",
            "CONJ",
            "V-AAM-3S",
            "A-ASN",
            "V-AAM-3S",
            "N-ASF",
            "CONJ",
            "V-AAM-3S",
            "P-ASF"
          ],
          "bronwoorden": [
            "εκκλινατω",
            "απο",
            "κακου",
            "και",
            "ποιησατω",
            "αγαθον",
            "ζητησατω",
            "ειρηνην",
            "και",
            "διωξατω",
            "αυτην"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:11",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10
            ]
          },
          "tvm": [
            "G5657",
            null,
            null,
            null,
            "G5657",
            null,
            "G5657",
            null,
            null,
            "G5657",
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Want de ogen des Heeren zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar het aangezicht des Heeren is tegen degenen, die kwaad doen.",
      "text1637": "Want [26] de oogen des Heeren zijn over de rechtveerdighe, ende sijne ooren tot haer ghebedt: maer [27] het aenghesicht des Heeren is tegen de gene die quaet doen.",
      "text2026": "Want de ogen van de Heere zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar het aangezicht van de Heere is tegen degenen, die kwaad doen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "26 de ogen des Heeren: Dat is, de gunstige en zorgvuldige ogen des Heeren.",
          "text1637": "Dat is, de gunstige ende sorghvuldige oogen des Heeren.",
          "text2026": "26 de ogen van de Heer: Dat is, de gunstige en zorgvuldige ogen van de Heer."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "27 maar het aangezicht: Dat is, het toornig of afkerig aanschijn des Heeren.",
          "text1637": "Dat is, het toornich ofte afkeerich aenschijn des Heeren.",
          "text2026": "27 maar het aangezicht: Dat is, het toornig of afkerig aangezicht van de Heer."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "οτι",
          "strongs": "G3754",
          "lemma_strongs": "G3754",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "οι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPM"
        },
        {
          "woord": "οφθαλμοι",
          "strongs": "G3788",
          "lemma_strongs": "G3788",
          "morfologie": "N-NPM"
        },
        {
          "woord": "κυριου",
          "strongs": "G2962",
          "lemma_strongs": "G2962",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "επι",
          "strongs": "G1909",
          "lemma_strongs": "G1909",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "δικαιους",
          "strongs": "G1342",
          "lemma_strongs": "G1342",
          "morfologie": "A-APM"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ωτα",
          "strongs": "G3775",
          "lemma_strongs": "G3775",
          "morfologie": "N-NPN"
        },
        {
          "woord": "αυτου",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-GSM"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "δεησιν",
          "strongs": "G1162",
          "lemma_strongs": "G1162",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "αυτων",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-GPM"
        },
        {
          "woord": "προσωπον",
          "strongs": "G4383",
          "lemma_strongs": "G4383",
          "morfologie": "N-NSN"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "κυριου",
          "strongs": "G2962",
          "lemma_strongs": "G2962",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "επι",
          "strongs": "G1909",
          "lemma_strongs": "G1909",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ποιουντας",
          "strongs": "G4160",
          "lemma_strongs": "G4160",
          "morfologie": "V-PAP-APM"
        },
        {
          "woord": "κακα",
          "strongs": "G2556",
          "lemma_strongs": "G2556",
          "morfologie": "A-APN"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> de ogen van de Heere zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> het aangezicht van de Heere is tegen degenen, die kwaad doen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> de ogen des Heeren zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> het aangezicht des Heeren is tegen degenen, die kwaad doen.",
      "text1637_html": "Want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> de oogen des Heeren zijn over de rechtveerdighe, ende sijne ooren tot haer ghebedt: maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> het aenghesicht des Heeren is tegen de gene die quaet doen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des Heeren",
          "new": "van de Heere",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des Heeren",
          "new": "van de Heere",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want de ogen van de Heere zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar het aangezicht van de Heere is tegen degenen, die kwaad doen.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3754",
            "G3588",
            "G3788",
            "G2962",
            "G1909",
            "G1342",
            "G2532",
            "G3775",
            "G846",
            "G1519",
            "G1162",
            "G846",
            "G4383",
            "G1161",
            "G2962",
            "G1909",
            "G4160",
            "G2556"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3754",
            "G3588",
            "G3788",
            "G2962",
            "G1909",
            "G1342",
            "G2532",
            "G3775",
            "G846",
            "G1519",
            "G1162",
            "G846",
            "G4383",
            "G1161",
            "G2962",
            "G1909",
            "G4160",
            "G2556"
          ],
          "morfologie": [
            "CONJ",
            "T-NPM",
            "N-NPM",
            "N-GSM",
            "PREP",
            "A-APM",
            "CONJ",
            "N-NPN",
            "P-GSM",
            "PREP",
            "N-ASF",
            "P-GPM",
            "N-NSN",
            "CONJ",
            "N-GSM",
            "PREP",
            "V-PAP-APM",
            "A-APN"
          ],
          "bronwoorden": [
            "οτι",
            "οι",
            "οφθαλμοι",
            "κυριου",
            "επι",
            "δικαιους",
            "και",
            "ωτα",
            "αυτου",
            "εις",
            "δεησιν",
            "αυτων",
            "προσωπον",
            "δε",
            "κυριου",
            "επι",
            "ποιουντας",
            "κακα"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:12",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "En wie is het, die u kwaad doen zal, indien gij navolgers zijt van het goede?",
      "text1637": "Ende [28] wie is ’t die u quaet doen sal, indien ghy nae-volghers zijt van het goet?",
      "text2026": "En wie is het, die u kwaad doen zal, als u navolgers bent van het goede?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "28 wie is het: Dat is, of niemand zal u kwaad willen doen, als gij navolgers zijt van het goede; of zo iemand toch zulks doet, die kan u in uw gelukzaligheid niet schaden, dewijl gij om de gerechtigheid lijdt.",
          "text1637": "Dat is, ofte niemant en sal u quaet willen doen, als ghy naevolgers zijt van het goede, ofte soo yemandt evenwel sulcks doet, die en kan u in uwe gelucksaligheydt niet schadigen, dewijle ghy om de gerechtigheydt lijdet.",
          "text2026": "28 wie is het: Dat is, of niemand zal u kwaad willen doen, als u navolgers bent van het goede; of zo iemand toch zulks doet, die kan u in uw gelukzaligheid niet schaden, omdat u om de gerechtigheid lijdt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "τις",
          "strongs": "G5101",
          "lemma_strongs": "G5101",
          "morfologie": "I-NSM"
        },
        {
          "woord": "ο",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSM"
        },
        {
          "woord": "κακωσων",
          "strongs": "G2559",
          "lemma_strongs": "G2559",
          "morfologie": "V-FAP-NSM"
        },
        {
          "woord": "υμας",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2AP"
        },
        {
          "woord": "εαν",
          "strongs": "G1437",
          "lemma_strongs": "G1437",
          "morfologie": "COND"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSN"
        },
        {
          "woord": "αγαθου",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-GSN"
        },
        {
          "woord": "μιμηται",
          "strongs": "G3402",
          "lemma_strongs": "G3402",
          "morfologie": "N-NPM"
        },
        {
          "woord": "γενησθε",
          "strongs": "G1096",
          "lemma_strongs": "G1096",
          "morfologie": "V-2ADS-2P"
        }
      ],
      "text2026_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> wie is het, die u kwaad doen zal, als u navolgers bent van het goede?",
      "textSV1888_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> wie is het, die u kwaad doen zal, indien gij navolgers zijt van het goede?",
      "text1637_html": "Ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> wie is ’t die u quaet doen sal, indien ghy nae-volghers zijt van het goet?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "indien gij",
          "new": "als u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "bent",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "En wie is het, die u kwaad doen zal, als u navolgers bent van het goede?",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G2532",
            "G5101",
            "G3588",
            "G2559",
            "G4771",
            "G1437",
            "G3588",
            "G18",
            "G3402",
            "G1096"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G2532",
            "G5101",
            "G3588",
            "G2559",
            "G4771",
            "G1437",
            "G3588",
            "G18",
            "G3402",
            "G1096"
          ],
          "morfologie": [
            "CONJ",
            "I-NSM",
            "T-NSM",
            "V-FAP-NSM",
            "P-2AP",
            "COND",
            "T-GSN",
            "A-GSN",
            "N-NPM",
            "V-2ADS-2P"
          ],
          "bronwoorden": [
            "και",
            "τις",
            "ο",
            "κακωσων",
            "υμας",
            "εαν",
            "του",
            "αγαθου",
            "μιμηται",
            "γενησθε"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:13",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            "G5694",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5638"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Maar indien gij ook lijdt om der gerechtigheid wil, zo zijt gij zalig; en vreest niet uit vreze van hen, en wordt niet ontroerd;",
      "text1637": "[k] Maer indien ghy oock lijdet om der gerechticheyt wille so zijt ghy saligh: [l] ende [29] en vreest niet uyt vreese van haer, noch en wert niet ontroert:",
      "text2026": "Maar als u ook lijdt omwille van de gerechtigheid, zo bent u zalig; en vreest niet uit vrees voor hen, en wordt niet ontroerd;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "29 vreest niet uit: Grieks vreest niet hun vrees; dat is, gelijk zij vrezen en ontroerd zijn, omdat zij een kwade consciëntie hebben, gelijk Jes. 8:12, waaruit Petrus deze woorden tot zijn voornemen past. Jesaja 8:12: Gijlieden zult niet zeggen: Een verbintenis, van alles, waar dit volk van zegt: Het is een verbintenis; en vreest gijlieden hun vreze niet, en verschrikt niet.",
          "text1637": "Gr. en vreest niet haere vreese. Dat is, gelijck sy vreesen ende ontroert zijn, om dat sy een quade conscientie hebben, gelijck Iesai. capit. 8. vers 12. waer uyt Petrus dese woorden tot sijn voornemen past.",
          "text2026": "29 vreest niet uit: Grieks vreest niet hun vrees; dat is, gelijk zij vrezen en ontroerd zijn, omdat zij een kwade consciëntie hebben, gelijk Jes. 8:12, waaruit Petrus deze woorden tot zijn voornemen past. Jesaja 8:12: Gijlieden zult niet zeggen: Een verbintenis, van alles, waar dit volk van zegt: Het is een verbintenis; en vreest u hun vreze niet, en verschrikt niet."
        },
        {
          "marker": "k",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Matth. 5:10; 1 Petr. 2:20; 1 Petr. 4:14. Mattheüs 5:10: Zalig zijn die vervolgd worden om der gerechtigheid wil; want hunner is het Koninkrijk der hemelen. 1 Petrus 2:20: Want wat lof is het, indien gij verdraagt, als gij zondigt, en daarover geslagen wordt? Maar indien gij verdraagt, als gij weldoet, en daarover lijdt, dat is genade bij God. 1 Petrus 4:14: Indien gij gesmaad wordt om den Naam van Christus, zo zijt gij zalig; want de Geest der heerlijkheid, en de Geest van God rust op u. Wat hen aangaat, Hij wordt wel gelasterd, maar wat u aangaat, Hij wordt verheerlijkt.",
          "text1637": "Matth. 5.10. 1.Petr. 2.20. ende 4.14.",
          "text2026": "Matt. 5:10; 1 Petr. 2:20; 1 Petr. 4:14. Mattheüs 5:10: Zalig zijn die vervolgd worden vanwege de gerechtigheid; want hun is het Koninkrijk van de hemelen. 1 Petrus 2:20: Want wat lof is het, als u verdraagt, als u zondigt, en daarover geslagen wordt? Maar als u verdraagt, als u weldoet, en daarover lijdt, dat is genade bij God. 1 Petrus 4:14: Als u gesmaad wordt om de Naam van Christus, zo bent u zalig; want de Geest van de heerlijkheid, en de Geest van God rust op u. Wat hen betreft, Hij wordt wel gelasterd, maar wat u betreft, Hij wordt verheerlijkt."
        },
        {
          "marker": "l",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jes. 8:12; Jer. 1:8. Jesaja 8:12: Gijlieden zult niet zeggen: Een verbintenis, van alles, waar dit volk van zegt: Het is een verbintenis; en vreest gijlieden hun vreze niet, en verschrikt niet. Jeremia 1:8: Vrees niet voor hun aangezicht, want Ik ben met u, om u te redden, spreekt de HEERE.",
          "text1637": "Iesai. 8.12. Ierem. 1.8.",
          "text2026": "Jes. 8:12; Jer. 1:8. Jesaja 8:12: Gijlieden zult niet zeggen: Een verbintenis, van alles, waar dit volk van zegt: Het is een verbintenis; en vreest u hun vreze niet, en verschrikt niet. Jeremia 1:8: Vrees niet voor hun aangezicht, want Ik ben met u, om u te redden, spreekt JAHWEH."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "αλλ",
          "strongs": "G235",
          "lemma_strongs": "G235",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ει",
          "strongs": "G1487",
          "lemma_strongs": "G1487",
          "morfologie": "COND"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "πασχοιτε",
          "strongs": "G3958",
          "lemma_strongs": "G3958",
          "morfologie": "V-PAO-2P"
        },
        {
          "woord": "δια",
          "strongs": "G1223",
          "lemma_strongs": "G1223",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "δικαιοσυνην",
          "strongs": "G1343",
          "lemma_strongs": "G1343",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "μακαριοι",
          "strongs": "G3107",
          "lemma_strongs": "G3107",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "τον",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASM"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "φοβον",
          "strongs": "G5401",
          "lemma_strongs": "G5401",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "αυτων",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-GPM"
        },
        {
          "woord": "μη",
          "strongs": "G3361",
          "lemma_strongs": "G3361",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "φοβηθητε",
          "strongs": "G5399",
          "lemma_strongs": "G5399",
          "morfologie": "V-AOM-2P"
        },
        {
          "woord": "μηδε",
          "strongs": "G3366",
          "lemma_strongs": "G3366",
          "morfologie": "CONJ-N"
        },
        {
          "woord": "ταραχθητε",
          "strongs": "G5015",
          "lemma_strongs": "G5015",
          "morfologie": "V-APS-2P"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup><span class=\"direct-speech\"><i> Maar als u ook lijdt omwille van de gerechtigheid, zo bent u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> zalig;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> en vreest niet uit vrees voor hen, en wordt niet ontroerd;</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Maar indien gij ook lijdt om der gerechtigheid wil, zo zijt gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> zalig;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> en vreest niet uit vreze van hen, en wordt niet ontroerd;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Maer indien ghy oock lijdet om der gerechticheyt wille so zijt ghy saligh: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> en vreest niet uyt vreese van haer, noch en wert niet ontroert:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "indien gij",
          "new": "als u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "om der gerechtigheid wil,",
          "new": "omwille van de gerechtigheid,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "zijt gij",
          "new": "bent u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "vreze van",
          "new": "vrees voor",
          "principe": "V225"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Maar als u ook lijdt omwille van de gerechtigheid, zo bent u zalig; en vreest niet uit vrees voor hen, en wordt niet ontroerd;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G235",
            "G1487",
            "G2532",
            "G3958",
            "G1223",
            "G1343",
            "G3107",
            "G3588",
            "G1161",
            "G5401",
            "G846",
            "G3361",
            "G5399",
            "G3366",
            "G5015"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G235",
            "G1487",
            "G2532",
            "G3958",
            "G1223",
            "G1343",
            "G3107",
            "G3588",
            "G1161",
            "G5401",
            "G846",
            "G3361",
            "G5399",
            "G3366",
            "G5015"
          ],
          "morfologie": [
            "CONJ",
            "COND",
            "CONJ",
            "V-PAO-2P",
            "PREP",
            "N-ASF",
            "A-NPM",
            "T-ASM",
            "CONJ",
            "N-ASM",
            "P-GPM",
            "PRT-N",
            "V-AOM-2P",
            "CONJ-N",
            "V-APS-2P"
          ],
          "bronwoorden": [
            "αλλ",
            "ει",
            "και",
            "πασχοιτε",
            "δια",
            "δικαιοσυνην",
            "μακαριοι",
            "τον",
            "δε",
            "φοβον",
            "αυτων",
            "μη",
            "φοβηθητε",
            "μηδε",
            "ταραχθητε"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:14",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            "G5722",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5676",
            null,
            "G5686"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Maar heiligt God, den Heere, in uw harten; en zijt altijd bereid tot verantwoording aan een iegelijk, die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en vreze.",
      "text1637": "[m] Maer [30] heylicht Godt den Heere in uwe herten: [n] ende zijt altijt bereyt [31] tot verantwoordinge aen een yegelick [32] die u rekenschap afeyscht [33] van de hope die in u is, met sachtmoedicheyt ende [34] vreese.",
      "text2026": "Maar heiligt God, de Heere, in uw harten; en wees altijd bereid tot verantwoording aan een ieder die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en vrees.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "30 heiligt God: Dat is, schrijft Hem alle lof en eer toe, hangt Hem alleen aan en vertrouwt op Hem, gelijk Job 33:4; Rom. 4:20; want dan geven wij God zijn hoogste eer, als wij Zijn genade, trouw, wijsheid en mogendheid alles toeschrijven. Job 33:4: De Geest Gods heeft mij gemaakt, en de adem des Almachtigen heeft mij levend gemaakt. Romeinen 4:20: En hij heeft aan de beloftenis Gods niet getwijfeld door ongeloof; maar is gesterkt geweest in het geloof, gevende God de eer;",
          "text1637": "Dat is, schrijft hem alle lof ende eere toe, hanght alleen aen hem, ende betrouwt op hem, ghelijck Iob 33.4. Rom. 4.20. want dan geven wy Godt sijne hooghste eere, als wy sijne genade, trouwe, wijsheydt, ende mogentheydt alles toeschrijven.",
          "text2026": "30 heiligt God: Dat is, schrijft Hem alle lof en eer toe, hangt Hem alleen aan en vertrouwt op Hem, gelijk Job 33:4; Rom. 4:20; want dan geven wij God zijn hoogste eer, als wij Zijn genade, trouw, wijsheid en mogendheid alles toeschrijven. Job 33:4: De Geest van God heeft mij gemaakt, en de adem van de Almachtigen heeft mij levend gemaakt. Romeinen 4:20: En hij heeft aan de beloftenis Gods niet getwijfeld door ongeloof; maar is gesterkt geweest in het geloof, gevende God de eer;"
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 tot verantwoording: Dat is, openlijke belijdenis en bescherming uit Gods Woord van uw hoop, naar de mate der gaven die gij ontvangen hebt.",
          "text1637": "Dat is, opentlicke belijdinge ende bescherminge uyt Godts woordt van uwe hope nae de mate der gaven, die ghy ontfangen hebt.",
          "text2026": "31 tot verantwoording: Dat is, openlijke belijdenis en bescherming uit Gods Woord van uw hoop, naar de mate van de gaven die u ontvangen hebt."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "32 die u rekenschap: Namelijk ambtshalve, of om onderricht te worden; of, wanneer de verdediging der waarheid zulks vereist. Want anders zegt ook Christus, dat wij het heilige niet voor de honden zullen werpen, noch de paarlen voor de zwijnen, opdat zij zich niet omkeren en ons verscheuren; Matth. 7:6. Mattheüs 7:6: Geeft het heilige den honden niet, noch werpt uw paarlen voor de zwijnen; opdat zij niet te eniger tijd dezelve met hun voeten vertreden, en zich omkerende, u verscheuren.",
          "text1637": "Namelick, ampts halven, ofte om onderricht te worden. Ofte, wanneer de verdedinge der waerheydt sulcks vereyscht. Want anders seght oock Christus, dat wy het heylige voor de honden niet en sullen werpen, noch de peerlen voor de swijnen, op dat sy haer niet omkeeren ende ons verscheuren. Matth. 7.6.",
          "text2026": "32 die u rekenschap: Namelijk ambtshalve, of om onderricht te worden; of, wanneer de verdediging van de waarheid zulks vereist. Want anders zegt ook Christus, dat wij het heilige niet voor de honden zullen werpen, noch de parels voor de zwijnen, opdat zij zich niet omkeren en ons verscheuren; Matt. 7:6. Mattheüs 7:6: Geeft het heilige de honden niet, noch werpt uw parels voor de zwijnen; opdat zij niet te eniger tijd dezelfde met hun voeten vertreden, en zich omkerende, u verscheuren."
        },
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "33 van de hoop: Dat is, van den grond van uw geloof en vervolgens ook van uw hoop, waarop gij steunt.",
          "text1637": "Dat is, van den grondt uwes geloofs, ende volgens oock van uwe hope daer ghy op steunt.",
          "text2026": "33 van de hoop: Dat is, van de grond van uw geloof en vervolgens ook van uw hoop, waarop u steunt."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, met zorgvuldige voorzichtigheid, opdat u niets ontvalle, dat Gods gemeente of het Evangelie nadelig zou zijn. Zie een voorbeeld in Christus, Joh. 18:19, 18:20, als hij voor de rechters stond. Johannes 18:19: De hogepriester dan vraagde Jezus van Zijn discipelen, en van Zijn leer. Johannes 18:20: Jezus antwoordde hem: Ik heb vrijuit gesproken tot de wereld; Ik heb allen tijd geleerd in de synagoge en in den tempel, waar de Joden van alle plaatsen samenkomen; en in het verborgen heb Ik niets gesproken.",
          "text1637": "Dat is, met sorghvuldige voorsichtigheyt, op dat u niets en ontvalle dat Godts Gemeynte, ofte den Euangelio soude nadeeligh zijn. Siet een exempel in Christo Ioan. 18. versen 19, 20. als hy voor de Rechters stont.",
          "text2026": "Dat is, met zorgvuldige voorzichtigheid, opdat u niets ontvalle, dat Gods gemeente of het Evangelie nadelig zou zijn. Zie een voorbeeld in Christus, Joh. 18:19, 18:20, als hij voor de rechters stond. Johannes 18:19: De hogepriester dan vraagde Jezus van Zijn discipelen, en van Zijn leer. Johannes 18:20: Jezus antwoordde hem: Ik heb vrijuit gesproken tot de wereld; Ik heb alle tijd geleerd in de synagoge en in de tempel, waar de Joden van alle plaatsen samenkomen; en in het verborgen heb Ik niets gesproken."
        },
        {
          "marker": "m",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Job 1:21. Job 1:21: En hij zeide: Naakt ben ik uit mijner moeders buik gekomen, en naakt zal ik daarhenen wederkeren. De HEERE heeft gegeven, en de HEERE heeft genomen; de Naam des HEEREN zij geloofd!",
          "text1637": "Iob 1.21.",
          "text2026": "Job 1:21. Job 1:21: En hij zei: Naakt ben ik uit mijner moeders buik gekomen, en naakt zal ik daarheen terugkeren. De JAHWEH heeft gegeven, en JAHWEH heeft genomen; de Naam van JAHWEH zij geloofd!"
        },
        {
          "marker": "n",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 119:46; Hand. 4:8. Psalmen 119:46: Ook zal ik voor koningen spreken van Uw getuigenissen, en mij niet schamen. Handelingen 4:8: Toen zeide Petrus, vervuld zijnde met den Heiligen Geest, tot hen: Gij oversten des volks, en gij ouderlingen van Israël!",
          "text1637": "Psal. 119.46. Actor. 4.8.",
          "text2026": "Ps. 119:46; Hand. 4:8. Psalmen 119:46: Ook zal ik voor koningen spreken van Uw getuigenissen, en mij niet schamen. Handelingen 4:8: Toen zei Petrus, vervuld zijnde met de Heilige Geest, tot hen: U oversten van het volk, en u ouderlingen van Israël!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "κυριον",
          "strongs": "G2962",
          "lemma_strongs": "G2962",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "τον",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASM"
        },
        {
          "woord": "θεον",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "αγιασατε",
          "strongs": "G37",
          "lemma_strongs": "G37",
          "morfologie": "V-AAM-2P"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ταις",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DPF"
        },
        {
          "woord": "καρδιαις",
          "strongs": "G2588",
          "lemma_strongs": "G2588",
          "morfologie": "N-DPF"
        },
        {
          "woord": "υμων",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2GP"
        },
        {
          "woord": "ετοιμοι",
          "strongs": "G2092",
          "lemma_strongs": "G2092",
          "morfologie": "A-NPM"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "αει",
          "strongs": "G104",
          "lemma_strongs": "G104",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "προς",
          "strongs": "G4314",
          "lemma_strongs": "G4314",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "απολογιαν",
          "strongs": "G627",
          "lemma_strongs": "G627",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "παντι",
          "strongs": "G3956",
          "lemma_strongs": "G3956",
          "morfologie": "A-DSM"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSM"
        },
        {
          "woord": "αιτουντι",
          "strongs": "G154",
          "lemma_strongs": "G154",
          "morfologie": "V-PAP-DSM"
        },
        {
          "woord": "υμας",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2AP"
        },
        {
          "woord": "λογον",
          "strongs": "G3056",
          "lemma_strongs": "G3056",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "περι",
          "strongs": "G4012",
          "lemma_strongs": "G4012",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "της",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSF"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "υμιν",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2DP"
        },
        {
          "woord": "ελπιδος",
          "strongs": "G1680",
          "lemma_strongs": "G1680",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "μετα",
          "strongs": "G3326",
          "lemma_strongs": "G3326",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "πραυτητος",
          "strongs": "G4240",
          "lemma_strongs": "G4240",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "φοβου",
          "strongs": "G5401",
          "lemma_strongs": "G5401",
          "morfologie": "N-GSM"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup><span class=\"direct-speech\"><i> Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> heiligt God, de Heere, in uw harten;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> en wees altijd bereid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot verantwoording aan een ieder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> die u rekenschap afeist<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> vrees.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> heiligt God, den Heere, in uw harten;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> en zijt altijd bereid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot verantwoording aan een iegelijk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> die u rekenschap afeist<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> vreze.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> heylicht Godt den Heere in uwe herten: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> ende zijt altijt bereyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot verantwoordinge aen een yegelick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> die u rekenschap afeyscht <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> van de hope die in u is, met sachtmoedicheyt ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> vreese.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "wees",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "iegelijk,",
          "new": "ieder",
          "principe": "V5"
        },
        {
          "old": "vreze.",
          "new": "vrees.",
          "principe": "V991"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Maar heiligt God, de Heere, in uw harten; en wees altijd bereid tot verantwoording aan een ieder die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en vrees.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G2962",
            "G1161",
            "G3588",
            "G2316",
            "G37",
            "G1722",
            "G3588",
            "G2588",
            "G4771",
            "G2092",
            "G1161",
            "G104",
            "G4314",
            "G627",
            "G3956",
            "G3588",
            "G154",
            "G4771",
            "G3056",
            "G4012",
            "G3588",
            "G1722",
            "G4771",
            "G1680",
            "G3326",
            "G4240",
            "G2532",
            "G5401"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G2962",
            "G1161",
            "G3588",
            "G2316",
            "G37",
            "G1722",
            "G3588",
            "G2588",
            "G4771",
            "G2092",
            "G1161",
            "G104",
            "G4314",
            "G627",
            "G3956",
            "G3588",
            "G154",
            "G4771",
            "G3056",
            "G4012",
            "G3588",
            "G1722",
            "G4771",
            "G1680",
            "G3326",
            "G4240",
            "G2532",
            "G5401"
          ],
          "morfologie": [
            "N-ASM",
            "CONJ",
            "T-ASM",
            "N-ASM",
            "V-AAM-2P",
            "PREP",
            "T-DPF",
            "N-DPF",
            "P-2GP",
            "A-NPM",
            "CONJ",
            "ADV",
            "PREP",
            "N-ASF",
            "A-DSM",
            "T-DSM",
            "V-PAP-DSM",
            "P-2AP",
            "N-ASM",
            "PREP",
            "T-GSF",
            "PREP",
            "P-2DP",
            "N-GSF",
            "PREP",
            "N-GSF",
            "CONJ",
            "N-GSM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "κυριον",
            "δε",
            "τον",
            "θεον",
            "αγιασατε",
            "εν",
            "ταις",
            "καρδιαις",
            "υμων",
            "ετοιμοι",
            "δε",
            "αει",
            "προς",
            "απολογιαν",
            "παντι",
            "τω",
            "αιτουντι",
            "υμας",
            "λογον",
            "περι",
            "της",
            "εν",
            "υμιν",
            "ελπιδος",
            "μετα",
            "πραυτητος",
            "και",
            "φοβου"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:15",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21,
              22,
              23,
              24,
              25,
              26,
              27
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5657",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "En hebt een goed geweten, opdat in hetgeen zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij beschaamd mogen worden, die uw goeden wandel in Christus lasteren.",
      "text1637": "Ende [35] hebt een goede conscientie, [o] op dat in’t gene sy qualick van u spreken, als van quaetdoenders, sy beschaemt mogen worden die uwen goeden wandel [36] in Christo lasteren.",
      "text2026": "En hebt een goed geweten, opdat in wat zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij beschaamd mogen worden, die uw goede wandel in Christus lasteren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "35 hebt een goed geweten: Of houdt; namelijk in al uw doen, en in al deze vrees of voorzichtigheid, opdat gij onder den dekmantel daarvan niet nalaat openlijk te belijden hetgeen God u in zijn Woord gebiedt, of dat tot Zijn eer dient.",
          "text1637": "Ofte, houdt. Namelick, in al uw doen, ende in alle dese vreese ofte voorsichtigheydt, op dat ghy onder den deck-mantel van dien niet nae en laet opentlick te belijden het gene Godt u in sijn woordt gebiedt, ofte dat tot sijne eere dient.",
          "text2026": "35 hebt een goed geweten: Of houdt; namelijk in al uw doen, en in al deze vrees of voorzichtigheid, opdat u onder de dekmantel daarvan niet nalaat openlijk te belijden wat God u in zijn Woord gebiedt, of dat tot Zijn eer dient."
        },
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "36 in Christus lasteren: Dat is, naar Christus' leer en bevel.",
          "text1637": "Dat is, nae Christi leere ende bevel.",
          "text2026": "36 in Christus lasteren: Dat is, naar Christus' leer en bevel."
        },
        {
          "marker": "o",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Titus 2:8; 1 Petr. 2:12; idem v. 15. Titus 2:8: Het woord gezond en onverwerpelijk, opdat degene, die daartegen is, beschaamd worde, en niets kwaads hebbe van ulieden te zeggen. 1 Petrus 2:12: En houdt uw wandel eerlijk onder de heidenen; opdat in hetgeen zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij uit de goede werken, die zij in u zien, God verheerlijken mogen in den dag der bezoeking. 1 Petrus 2:15: Want alzo is het de wil van God, dat gij, weldoende, den mond stopt aan de onwetendheid der dwaze mensen;",
          "text1637": "Tit. 2.8. 1.Petr. 2.12, 15.",
          "text2026": "Titus 2:8; 1 Petr. 2:12; idem v. 15. Titus 2:8: Het woord gezond en onverwerpelijk, opdat degene, die daartegen is, beschaamd worde, en niets kwaads hebbe van u te zeggen. 1 Petrus 2:12: En houdt uw wandel eerlijk onder de heidenen; opdat in wat zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij uit de goede werken, die zij in u zien, God verheerlijken mogen in de dag van de bezoeking. 1 Petrus 2:15: Want zo is het de wil van God, dat u, weldoende, de mond stopt aan de onwetendheid van de dwaze mensen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "συνειδησιν",
          "strongs": "G4893",
          "lemma_strongs": "G4893",
          "morfologie": "N-ASF"
        },
        {
          "woord": "εχοντες",
          "strongs": "G2192",
          "lemma_strongs": "G2192",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "αγαθην",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-ASF"
        },
        {
          "woord": "ινα",
          "strongs": "G2443",
          "lemma_strongs": "G2443",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ω",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-DSN"
        },
        {
          "woord": "καταλαλωσιν",
          "strongs": "G2635",
          "lemma_strongs": "G2635",
          "morfologie": "V-PAS-3P"
        },
        {
          "woord": "υμων",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2GP"
        },
        {
          "woord": "ως",
          "strongs": "G5613",
          "lemma_strongs": "G5613",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "κακοποιων",
          "strongs": "G2555",
          "lemma_strongs": "G2555",
          "morfologie": "A-GPM"
        },
        {
          "woord": "καταισχυνθωσιν",
          "strongs": "G2617",
          "lemma_strongs": "G2617",
          "morfologie": "V-APS-3P"
        },
        {
          "woord": "οι",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NPM"
        },
        {
          "woord": "επηρεαζοντες",
          "strongs": "G1908",
          "lemma_strongs": "G1908",
          "morfologie": "V-PAP-NPM"
        },
        {
          "woord": "υμων",
          "strongs": "G4771",
          "lemma_strongs": "G4771",
          "morfologie": "P-2GP"
        },
        {
          "woord": "την",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-ASF"
        },
        {
          "woord": "αγαθην",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-ASF"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "χριστω",
          "strongs": "G5547",
          "lemma_strongs": "G5547",
          "morfologie": "N-DSM"
        },
        {
          "woord": "αναστροφην",
          "strongs": "G391",
          "lemma_strongs": "G391",
          "morfologie": "N-ASF"
        }
      ],
      "text2026_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> hebt een goed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"o\">o</sup> geweten, opdat in wat zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij beschaamd mogen worden, die uw goede wandel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> in Christus lasteren.",
      "textSV1888_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> hebt een goed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"o\">o</sup> geweten, opdat in hetgeen zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij beschaamd mogen worden, die uw goeden wandel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> in Christus lasteren.",
      "text1637_html": "Ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> hebt een goede conscientie, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"o\">o</sup> op dat in’t gene sy qualick van u spreken, als van quaetdoenders, sy beschaemt mogen worden die uwen goeden wandel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> in Christo lasteren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "hetgeen",
          "new": "wat",
          "principe": "V4"
        },
        {
          "old": "goeden",
          "new": "goede",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "En hebt een goed geweten, opdat in wat zij kwalijk van u spreken, als van kwaaddoeners, zij beschaamd mogen worden, die uw goede wandel in Christus lasteren.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G4893",
            "G2192",
            "G18",
            "G2443",
            "G1722",
            "G3739",
            "G2635",
            "G4771",
            "G5613",
            "G2555",
            "G2617",
            "G3588",
            "G1908",
            "G4771",
            "G3588",
            "G18",
            "G1722",
            "G5547",
            "G391"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G4893",
            "G2192",
            "G18",
            "G2443",
            "G1722",
            "G3739",
            "G2635",
            "G4771",
            "G5613",
            "G2555",
            "G2617",
            "G3588",
            "G1908",
            "G4771",
            "G3588",
            "G18",
            "G1722",
            "G5547",
            "G391"
          ],
          "morfologie": [
            "N-ASF",
            "V-PAP-NPM",
            "A-ASF",
            "CONJ",
            "PREP",
            "R-DSN",
            "V-PAS-3P",
            "P-2GP",
            "ADV",
            "A-GPM",
            "V-APS-3P",
            "T-NPM",
            "V-PAP-NPM",
            "P-2GP",
            "T-ASF",
            "A-ASF",
            "PREP",
            "N-DSM",
            "N-ASF"
          ],
          "bronwoorden": [
            "συνειδησιν",
            "εχοντες",
            "αγαθην",
            "ινα",
            "εν",
            "ω",
            "καταλαλωσιν",
            "υμων",
            "ως",
            "κακοποιων",
            "καταισχυνθωσιν",
            "οι",
            "επηρεαζοντες",
            "υμων",
            "την",
            "αγαθην",
            "εν",
            "χριστω",
            "αναστροφην"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:16",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5725",
            null,
            null,
            null,
            "G5686",
            null,
            "G5723",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Want het is beter, dat gij, weldoende, (indien het de wil van God wil) lijdt, dan kwaad doende.",
      "text1637": "Want het is beter dat ghy wel doende (indien ’t de wille Godts wil) [37] lijdet, dan quaet doende.",
      "text2026": "Want het is beter, dat u, weldoende, (als het de wil van God wil) lijdt, dan kwaad doende.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "37 lijdt, dan kwaad doende: Namelijk tot beproeving van uw geloof; Jak. 1:2, 1:3, 1:4. Jakobus 1:2: Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt; Jakobus 1:3: Wetende, dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid werkt. Jakobus 1:4: Doch de lijdzaamheid hebbe een volmaakt werk, opdat gij moogt volmaakt zijn en geheel oprecht, in geen ding gebrekkelijk.",
          "text1637": "Namel. tot beproevinge uwes geloofs. Iacob 1. versen 2, 3, 4.",
          "text2026": "37 lijdt, dan kwaad doende: Namelijk tot beproeving van uw geloof; Jak. 1:2, 1:3, 1:4. Jakobus 1:2: Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer u in velerlei verzoekingen valt; Jakobus 1:3: Wetende, dat de beproeving uws geloofs volharding werkt. Jakobus 1:4: Maar de volharding hebbe een volmaakt werk, opdat u mag volmaakt zijn en geheel oprecht, in geen ding gebrekkelijk."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "κρειττον",
          "strongs": "G2909",
          "lemma_strongs": "G2909",
          "morfologie": "A-NSN-C"
        },
        {
          "woord": "γαρ",
          "strongs": "G1063",
          "lemma_strongs": "G1063",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "αγαθοποιουντας",
          "strongs": "G15",
          "lemma_strongs": "G15",
          "morfologie": "V-PAP-APM"
        },
        {
          "woord": "ει",
          "strongs": "G1487",
          "lemma_strongs": "G1487",
          "morfologie": "COND"
        },
        {
          "woord": "θελει",
          "strongs": "G2309",
          "lemma_strongs": "G2309",
          "morfologie": "V-PAI-3S"
        },
        {
          "woord": "το",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSN"
        },
        {
          "woord": "θελημα",
          "strongs": "G2307",
          "lemma_strongs": "G2307",
          "morfologie": "N-NSN"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSM"
        },
        {
          "woord": "θεου",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "πασχειν",
          "strongs": "G3958",
          "lemma_strongs": "G3958",
          "morfologie": "V-PAN"
        },
        {
          "woord": "η",
          "strongs": "G2228",
          "lemma_strongs": "G2228",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "κακοποιουντας",
          "strongs": "G2554",
          "lemma_strongs": "G2554",
          "morfologie": "V-PAP-APM"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want het is beter, dat u, weldoende, (als het de wil van God wil) lijdt, dan kwaad doende.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup>",
      "textSV1888_html": "Want het is beter, dat gij, weldoende, (indien het de wil van God wil) lijdt, dan kwaad doende.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup>",
      "text1637_html": "Want het is beter dat ghy wel doende (indien ’t de wille Godts wil) <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> lijdet, dan quaet doende.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij,",
          "new": "u,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "(indien",
          "new": "(als",
          "principe": "V41"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want het is beter, dat u, weldoende, (als het de wil van God wil) lijdt, dan kwaad doende.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G2909",
            "G1063",
            "G15",
            "G1487",
            "G2309",
            "G3588",
            "G2307",
            "G3588",
            "G2316",
            "G3958",
            "G2228",
            "G2554"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G2909",
            "G1063",
            "G15",
            "G1487",
            "G2309",
            "G3588",
            "G2307",
            "G3588",
            "G2316",
            "G3958",
            "G2228",
            "G2554"
          ],
          "morfologie": [
            "A-NSN-C",
            "CONJ",
            "V-PAP-APM",
            "COND",
            "V-PAI-3S",
            "T-NSN",
            "N-NSN",
            "T-GSM",
            "N-GSM",
            "V-PAN",
            "PRT",
            "V-PAP-APM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "κρειττον",
            "γαρ",
            "αγαθοποιουντας",
            "ει",
            "θελει",
            "το",
            "θελημα",
            "του",
            "θεου",
            "πασχειν",
            "η",
            "κακοποιουντας"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:17",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            "G5723",
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5721",
            null,
            "G5723"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood in het vlees, maar levend gemaakt door den Geest;",
      "text1637": "[p] Want Christus heeft oock eens voor de sonden geleden, hy rechtveerdigh voor de onrechtveerdige: op dat hy ons tot Godt soude brengen, die wel is gedoodet [38] in het vleesch, maer levendigh gemaeckt [39] door den Geest:",
      "text2026": "Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood in het vlees, maar levend gemaakt door de Geest;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "38 in het vlees: Of naar het vlees; dat is, naar zijn menselijke natuur, gelijk dit woord vlees van Christus doorgaans wordt verstaan. Zie Joh. 1:14; Rom. 1:3; 1 Tim. 3:16; want hoewel degenen, die het lichaam doden de ziel niet kunnen doden, Matth. 10:28; nochtans wordt de gehele mens gezegd gedood te zijn, wanneer ziel en lichaam door een geweldigen dood van elkander worden gescheiden; hoewel geen geweld de ziel noch het lichaam van Christus van zijn Godheid heeft kunnen scheiden. Johannes 1:14: En het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als des Eniggeborenen van den Vader), vol van genade en waarheid. Romeinen 1:3: Van Zijn Zoon, (Die geworden is uit het zaad van David, naar het vlees; 1 Timotheüs 3:16: En buiten allen twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in den Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid. Mattheüs 10:28: En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.",
          "text1637": "Ofte, nae het vleesch. Dat is, nae sijne menschelicke natuere, gelijck dit woordt vleesch van Christo doorgaens wordt verstaen. Siet Ioan. 1.14. Rom. 1.3. 1.Timoth. 3.16. want hoe wel de gene die het lichaem dooden de ziele niet en konnen dooden, Matth. 10.28. nochtans wordt de geheele mensche geseght gedoodt te zijn, wanneer ziele ende lichaem door een geweldige doodt van den anderen worden gescheyden: hoe wel geen gewelt de ziele noch het lichaem Christi van sijne Godtheydt en heeft konnen scheyden.",
          "text2026": "38 in het vlees: Of naar het vlees; dat is, naar zijn menselijke natuur, gelijk dit woord vlees van Christus doorgaans wordt verstaan. Zie Joh. 1:14; Rom. 1:3; 1 Tim. 3:16; want hoewel degenen, die het lichaam doden de ziel niet kunnen doden, Matt. 10:28; nochtans wordt de gehele mens gezegd gedood te zijn, wanneer ziel en lichaam door een geweldigen dood van elkaar worden gescheiden; hoewel geen geweld de ziel noch het lichaam van Christus van zijn Godheid heeft kunnen scheiden. Johannes 1:14: En het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de Eniggeborenen van de Vader), vol van genade en waarheid. Romeinen 1:3: Van Zijn Zoon, (Die geworden is uit het zaad van David, naar het vlees; 1 Timotheüs 3:16: En buiten allen twijfel, de verborgenheid van de godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in de Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid. Mattheüs 10:28: En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die zowel ziel als lichaam kan verderven in de hel."
        },
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "39 door den Geest: Dat is, door Zijn goddelijke natuur, door welke hij Zijne mensheid uit de doden heeft opgewekt, gelijk dit woord geest voor de goddelijke natuur van Christus ook elders gebruikt wordt. Zie Rom. 1:4; Hebr. 9:14, enz. Anderen zetten het over: naar den geest, en verstaan het van de ziel van Christus, die levend is gebleven al was zijn lichaam gedood. Doch zo zou Petrus hier van Christus niets anders zeggen dan wat allen gelovigen toekomt, Matth. 10:28; en dit strijdt ook tegen de eigenschap van het Griekse woord Zoopoietheis (ζωοποιηθεὶς), hetwelk niet betekent een die levend blijft maar levend gemaakt is; welke levendmaking een eigen werk van God is; zie Joh. 5:21; Rom. 4:17; 1 Tim. 6:13. Hetgeen ook van dezen geest van Christus hierna gezegd wordt, dat hij door dezen den geesten in de gevangenis zijnde, ten tijde van Noach gepredikt heeft, kan van de ziel van Christus, die vóór zijn ontvangenis uit Maria nog niet was, ook niet gezegd worden. Romeinen 1:4: Die krachtelijk bewezen is te zijn de Zoon van God, naar den Geest der heiligmaking, uit de opstanding der doden) namelijk Jezus Christus, onzen Heere: Hebreeën 9:14: Hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door den eeuwigen Geest Zichzelven Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken, om den levenden God te dienen? Mattheüs 10:28: En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel. Johannes 5:21: Want gelijk de Vader de doden opwekt en levend maakt, alzo maakt ook de Zoon levend, Die Hij wil. Romeinen 4:17: (Gelijk geschreven staat: Ik heb u tot een vader van vele volken gesteld) voor Hem, aan Welken hij geloofd heeft, namelijk God, Die de doden levend maakt, en roept de dingen, die niet zijn, alsof zij waren; 1 Timotheüs 6:13: Ik beveel u voor God, Die alle ding levend maakt, en voor Christus Jezus, Die onder Pontius Pilatus de goede belijdenis betuigd heeft,",
          "text1637": "Dat is, door sijne Godtlicke natuere, door welcke hy sijne menscheyt uyt den dooden heeft op-geweckt, gelijck dit woordt geest voor de Godtlicke natuere Christi oock elders genomen wordt. Siet Rom. 1.4. Hebr. 9.14, etc. Andere setten het over nae den geest, ende verstaen het van de ziele Christi, die levendich is gebleven, al was sijn lichaem gedoodt. Doch alsoo en soude Petrus hier van Christo niet anders seggen dan dat alle geloovighe toekomt. Matth. 10. vers 28. ende dit strijdt oock tegen de eygenschap van het Griecx woordt Zoopoietheis, het welck dan niet en beteeckent eenen die levendich blijft, maer levendich gemaeckt is. welcke levendich-makinge een eygen werck Godts is. Siet Ioan. 5.21. Rom 4.17. 1.Timoth. 6.13. Het gene oock van desen geest Christi hier nae geseght wordt, dat hy door den selven den geesten in de gevangenisse zijnde ten tijden van Noë gepredickt heeft, en kan van de ziele Christi, die voor sijne ontfangenisse uyt Maria noch niet en was, oock niet geseght worden.",
          "text2026": "39 door de Geest: Dat is, door Zijn goddelijke natuur, door welke hij Zijne mensheid uit de doden heeft opgewekt, gelijk dit woord geest voor de goddelijke natuur van Christus ook elders gebruikt wordt. Zie Rom. 1:4; Hebr. 9:14, enz. Anderen zetten het over: naar de geest, en verstaan het van de ziel van Christus, die levend is gebleven al was zijn lichaam gedood. Maar zo zou Petrus hier van Christus niets anders zeggen dan wat allen gelovigen toekomt, Matt. 10:28; en dit strijdt ook tegen de eigenschap van het Griekse woord Zoopoietheis (ζωοποιηθεὶς), dat niet betekent een die levend blijft maar levend gemaakt is; welke levendmaking een eigen werk van God is; zie Joh. 5:21; Rom. 4:17; 1 Tim. 6:13. Wat ook van deze geest van Christus hierna gezegd wordt, dat hij door deze de geesten in de gevangenis zijnde, ten tijde van Noach gepredikt heeft, kan van de ziel van Christus, die vóór zijn ontvangenis uit Maria nog niet was, ook niet gezegd worden. Romeinen 1:4: Die krachtelijk bewezen is te zijn de Zoon van God, naar de Geest van de heiligmaking, uit de opstanding van de doden) namelijk Jezus Christus, onze Heer: Hebreeën 9:14: Hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwigen Geest Zichzelven voor God onstraffelijk opgeofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken, om de levenden God te dienen? Mattheüs 10:28: En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die zowel ziel als lichaam kan verderven in de hel. Johannes 5:21: Want gelijk de Vader de doden opwekt en levend maakt, zo maakt ook de Zoon levend, Die Hij wil. Romeinen 4:17: (Gelijk geschreven staat: Ik heb u tot een vader van vele volken gesteld) voor Hem, aan Welke hij geloofd heeft, namelijk God, Die de doden levend maakt, en roept de dingen, die niet zijn, alsof zij waren; 1 Timotheüs 6:13: Ik beveel u voor God, Die alle ding levend maakt, en voor Christus Jezus, Die onder Pontius Pilatus de goede belijdenis betuigd heeft,"
        },
        {
          "marker": "p",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Rom. 5:6; Hebr. 9:15; idem v. 28. Romeinen 5:6: Want Christus, als wij nog krachteloos waren, is te Zijner tijd voor de goddelozen gestorven. Hebreeën 9:15: En daarom is Hij de Middelaar des nieuwen testaments, opdat, de dood daartussen gekomen zijnde, tot verzoening der overtredingen, die onder het eerste testament waren, degenen, die geroepen zijn, de beloftenis der eeuwige erve ontvangen zouden. Hebreeën 9:28: Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid.",
          "text1637": "Rom. 5.6. Hebr. 9.15, 28.",
          "text2026": "Rom. 5:6; Hebr. 9:15; idem v. 28. Romeinen 5:6: Want Christus, als wij nog krachteloos waren, is op Zijn tijd voor de goddelozen gestorven. Hebreeën 9:15: En daarom is Hij de Middelaar van het nieuwe testament, opdat, de dood daartussen gekomen zijnde, tot verzoening van de overtredingen, die onder het eerste testament waren, degenen, die geroepen zijn, de beloftenis van de eeuwige erve ontvangen zouden. Hebreeën 9:28: Zo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten andere male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "οτι",
          "strongs": "G3754",
          "lemma_strongs": "G3754",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "χριστος",
          "strongs": "G5547",
          "lemma_strongs": "G5547",
          "morfologie": "N-NSM"
        },
        {
          "woord": "απαξ",
          "strongs": "G530",
          "lemma_strongs": "G530",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "περι",
          "strongs": "G4012",
          "lemma_strongs": "G4012",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "αμαρτιων",
          "strongs": "G266",
          "lemma_strongs": "G266",
          "morfologie": "N-GPF"
        },
        {
          "woord": "επαθεν",
          "strongs": "G3958",
          "lemma_strongs": "G3958",
          "morfologie": "V-2AAI-3S"
        },
        {
          "woord": "δικαιος",
          "strongs": "G1342",
          "lemma_strongs": "G1342",
          "morfologie": "A-NSM"
        },
        {
          "woord": "υπερ",
          "strongs": "G5228",
          "lemma_strongs": "G5228",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "αδικων",
          "strongs": "G94",
          "lemma_strongs": "G94",
          "morfologie": "A-GPM"
        },
        {
          "woord": "ινα",
          "strongs": "G2443",
          "lemma_strongs": "G2443",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ημας",
          "strongs": "G1473",
          "lemma_strongs": "G1473",
          "morfologie": "P-1AP"
        },
        {
          "woord": "προσαγαγη",
          "strongs": "G4317",
          "lemma_strongs": "G4317",
          "morfologie": "V-2AAS-3S"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSM"
        },
        {
          "woord": "θεω",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-DSM"
        },
        {
          "woord": "θανατωθεις",
          "strongs": "G2289",
          "lemma_strongs": "G2289",
          "morfologie": "V-APP-NSM"
        },
        {
          "woord": "μεν",
          "strongs": "G3303",
          "lemma_strongs": "G3303",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "σαρκι",
          "strongs": "G4561",
          "lemma_strongs": "G4561",
          "morfologie": "N-DSF"
        },
        {
          "woord": "ζωοποιηθεις",
          "strongs": "G2227",
          "lemma_strongs": "G2227",
          "morfologie": "V-APP-NSM"
        },
        {
          "woord": "δε",
          "strongs": "G1161",
          "lemma_strongs": "G1161",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "τω",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DSN"
        },
        {
          "woord": "πνευματι",
          "strongs": "G4151",
          "lemma_strongs": "G4151",
          "morfologie": "N-DSN"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"p\">p</sup> Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> in het vlees, maar levend gemaakt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> door de Geest;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"p\">p</sup> Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> in het vlees, maar levend gemaakt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> door den Geest;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"p\">p</sup> Want Christus heeft oock eens voor de sonden geleden, hy rechtveerdigh voor de onrechtveerdige: op dat hy ons tot Godt soude brengen, die wel is gedoodet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> in het vleesch, maer levendigh gemaeckt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> door den Geest:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood in het vlees, maar levend gemaakt door de Geest;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3754",
            "G2532",
            "G5547",
            "G530",
            "G4012",
            "G266",
            "G3958",
            "G1342",
            "G5228",
            "G94",
            "G2443",
            "G1473",
            "G4317",
            "G3588",
            "G2316",
            "G2289",
            "G3303",
            "G4561",
            "G2227",
            "G1161",
            "G3588",
            "G4151"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3754",
            "G2532",
            "G5547",
            "G530",
            "G4012",
            "G266",
            "G3958",
            "G1342",
            "G5228",
            "G94",
            "G2443",
            "G1473",
            "G4317",
            "G3588",
            "G2316",
            "G2289",
            "G3303",
            "G4561",
            "G2227",
            "G1161",
            "G3588",
            "G4151"
          ],
          "morfologie": [
            "CONJ",
            "CONJ",
            "N-NSM",
            "ADV",
            "PREP",
            "N-GPF",
            "V-2AAI-3S",
            "A-NSM",
            "PREP",
            "A-GPM",
            "CONJ",
            "P-1AP",
            "V-2AAS-3S",
            "T-DSM",
            "N-DSM",
            "V-APP-NSM",
            "PRT",
            "N-DSF",
            "V-APP-NSM",
            "CONJ",
            "T-DSN",
            "N-DSN"
          ],
          "bronwoorden": [
            "οτι",
            "και",
            "χριστος",
            "απαξ",
            "περι",
            "αμαρτιων",
            "επαθεν",
            "δικαιος",
            "υπερ",
            "αδικων",
            "ινα",
            "ημας",
            "προσαγαγη",
            "τω",
            "θεω",
            "θανατωθεις",
            "μεν",
            "σαρκι",
            "ζωοποιηθεις",
            "δε",
            "τω",
            "πνευματι"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:18",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5627",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5632",
            null,
            null,
            "G5685",
            null,
            null,
            "G5685",
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "In Denwelken Hij ook, henengegaan zijnde, den geesten, die in de gevangenis zijn, gepredikt heeft,",
      "text1637": "[40] In den welcken [41] hy oock [42] he-nen gegaen zijnde [43] den geesten [q] die inde gevangenisse [zijn] [44] gepredickt heeft,",
      "text2026": "In Die Hij ook, heengegaan zijnde, de geesten, die in de gevangenis zijn, gepredikt heeft,",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "40",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "40 In Denwelken: Of door denwelken; namelijk geest of zijne Godheid.",
          "text1637": "Ofte, door den welcken. Namelick, geest, ofte sijne Godtheydt.",
          "text2026": "40 In Denwelken: Of door denwelken; namelijk geest of zijne Godheid."
        },
        {
          "marker": "41",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Namelijk Christus, van wien Petrus hier spreekt.",
          "text1637": "Namelick, Christus van welcken Petrus hier spreeckt.",
          "text2026": "Namelijk Christus, van wie Petrus hier spreekt."
        },
        {
          "marker": "42",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "42 henengegaan zijnde: Of gekomen zijnde; dat is, van den hemel afgekomen zijnde; namelijk door zijn openbaring en werking, gelijk Hijzelf tot Abraham sprak, als Hij nederkwam om Lot te verlossen en Sodom en Gomorra door het vuur te straffen, Gen. 18:21, en om zijn volk Israël uit Egypte te verlossen en de Egyptenaars te straffen; Exod. 3:8. Genesis 18:21: Zal Ik nu afgaan en bezien, of zij naar hun geroep, dat tot Mij gekomen is, het uiterste gedaan hebben, en zo niet, Ik zal het weten. Exodus 3:8: Daarom ben Ik nedergekomen, dat Ik het verlosse uit de hand der Egyptenaren, en het opvoere uit dit land, naar een goed en ruim land, naar een land, vloeiende van melk en honig, tot de plaats der Kanaänieten, en der Hethieten, en der Amorieten, en der Ferezieten, en der Hevieten, en der Jebusieten.",
          "text1637": "Ofte, gekomen zijnde. Dat is, van den hemel af gekomen zijnde. Namel. door sijne openbaringe ende werckinge, ghelijck hy selve tot Abraham sprack, als hy neder quam om Loth te verlossen, ende Sodoma ende Gomorra door het vyer te straffen. Genes. cap. 18. vers 21. ende om sijn volck Israel uyt Egypten te verlossen, ende de Egyptenaers te straffen. Exod. 3.8.",
          "text2026": "42 heengegaan zijnde: Of gekomen zijnde; dat is, van de hemel afgekomen zijnde; namelijk door zijn openbaring en werking, gelijk Hijzelf tot Abraham sprak, als Hij nederkwam om Lot te verlossen en Sodom en Gomorra door het vuur te straffen, Gen. 18:21, en om zijn volk Israël uit Egypte te verlossen en de Egyptenaars te straffen; Ex. 3:8. Genesis 18:21: Zal Ik nu afgaan en bezien, of zij naar hun geroep, dat tot Mij gekomen is, het uiterste gedaan hebben, en zo niet, Ik zal het weten. Exodus 3:8: Daarom ben Ik nedergekomen, dat Ik het verlosse uit de hand van de Egyptenaren, en het opvoere uit dit land, naar een goed en ruim land, naar een land, vloeiende van melk en honig, tot de plaats van de Kanaänieten, en van de Hethieten, en van de Amorieten, en van de Ferezieten, en van de Hevieten, en van de Jebusieten."
        },
        {
          "marker": "43",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "43 den geesten, die in de gevangenis zijn: Deze plaats is zwaar, en wordt daarom verschillend uitgelegd. Sommigen verstaan door deze geesten de heidenen, die in de schaduw des doods en gelijk als in de hel zaten, dien Christus door zijn apostelen het Evangelie gepredikt heeft. Doch de heidenen worden nergens geesten genoemd, en de omstandigheden des tijds wanneer deze prediking hun is geschied past op zulke uitlegging niet, dewijl de apostelen niet ten tijde van Noach, maar na de verrijzenis van Christus het Evangelie hebben verkondigd. Anderen verstaan door deze geesten de verdoemde zielen in de hel, waaraan Christus na Zijn dood zichzelf op een buitengewone wijze zou hebben geopenbaard, om hun Zijn overwinning te verkondigen tot een schrik, en hen van hunne ondankbaarheid en rechtvaardige straf te overtuigen. Doch van zulk een extra-ordinaire verschijning van Christus in de hel wordt nergens in de Schrift gewag gemaakt; zij was ook niet nodig; en het woord prediken dat hier gebruikt wordt, wordt nergens in zulk een zin genomen. Anderen verstaan daardoor de zielen der gelovigen van het Oude Testament, die ergens onder de aarde in een voorburg der hel, als in ene gevangenis, zouden bewaard zijn geweest, totdat Christus zou gestorven zijn, en met Zijn ziel bij hen verschenen, om hun te verkondigen hun verlossing uit deze gevangenis, en hen met Hem in den hemel daarna op te voeren. Welke uitlegging, behalve dat zij strijdt met hetgeen Christus zeide tot den bekeerden moordenaar aan het kruis: heden zult gij met Mij in het paradijs zijn, Luk. 23:43; ook strijdt met de zaligheid van de zielen der voorvaders, die al voor Christus' dood en opstanding in den hemel waren, gelijk aangetekend is op Hebr. 11:5, 11:16, 11:40, en Hebr. 12:23, en andere plaatsen. Nergens wordt ook een gevangenis genoemd een plaats waarin iemand bewaard wordt om hem gelukkiger te maken, maar wel een plaats waarin iemand bewaard wordt tot zijn oordeel of straf. Het woord prediken ziet ook altijd in Gods Woord op de nodiging tot geloof en bekering, die voor de zielen der afgestorven gelovigen van het Oude Testament niet meer nodig was, gelijk ook niet toegepast kan worden op die zielen, als gezegd wordt dat Christus door Zijn geest gepredikt heeft aan de zielen die ten tijde van Noach ongehoorzaam waren. Daarom is deze uitlegging de beste en zekerste, dat door de geesten hier verstaan worden de zielen van die mensen, aan welke de geest of Godheid van Christus, door Noach de bekering eertijds heeft laten prediken, namelijk toen zij nog leefden, welke Noach daarom ook een prediker der gerechtigheid wordt genoemd, 2 Petr. 2:5; welke mensen, niettegenstaande deze prediking door Noach en Gods lankmoedigheid over hen, even ongehoorzaam en goddeloos zijn gebleven, gelijk 2 Petr. 2:5 ook wordt betuigd. Die ook om hun ongehoorzaamheid en goddeloosheid in de gevangenis of hel zijn geweest toen Petrus zijnen brief schreef, gelijk de hel ook een gevangenis genoemd wordt, Openb. 20:7; en de onzalige geesten, die daarin zijn, worden gezegd daarin bewaard te worden tot den dag des oordeels; 2 Petr. 2:4; Jud.:6. Lukas 23:43: En Jezus zeide tot hem: Voorwaar, zeg Ik u: Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn. Hebreeën 11:5: Door het geloof is Enoch weggenomen geweest, opdat hij den dood niet zou zien; en hij werd niet gevonden, daarom dat hem God weggenomen had; want voor zijn wegneming heeft hij getuigenis gehad, dat hij Gode behaagde. Hebreeën 11:16: Maar nu zijn zij begerig naar een beter, dat is, naar het hemelse. Daarom schaamt Zich God hunner niet, om hun God genaamd te worden; want Hij had hun een stad bereid. Hebreeën 11:40: Alzo God wat beters over ons voorzien had, opdat zij zonder ons niet zouden volmaakt worden. Hebreeën 12:23: Tot de algemene vergadering en de Gemeente der eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn, en tot God, den Rechter over allen, en de geesten der volmaakte rechtvaardigen; 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, den prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij den zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht; 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, den prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij den zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht; Openbaring 20:7: En wanneer de duizend jaren zullen geëindigd zijn, zal de satanas uit zijn gevangenis ontbonden worden. 2 Petrus 2:4: Want indien God de engelen, die gezondigd hebben, niet gespaard heeft, maar, die in de hel geworpen hebbende, overgegeven heeft aan de ketenen der duisternis, om tot het oordeel bewaard te worden; Judas 1:6: En de engelen, die hun beginsel niet bewaard hebben, maar hun eigen woonstede verlaten hebben, heeft Hij tot het oordeel des groten dags met eeuwige banden onder de duisternis bewaard.",
          "text1637": "Dese plaetse is swaer, ende wordt daerom verscheydelick uytgelegt. Sommige verstaen door dese geesten de Heydenen, die in de schaduwe des doots ende gelijck als in de helle saten, dien Christus door sijne Apostelen het Euangelium gepredickt heeft. Doch de Heydenen en worden nergens geesten ghenaemt, ende de omstandigheydt des tijdts wanneer dese predicatie haer is geschiet, en past op sulcke uyt-legginghe niet, dewijle de Apostelen niet ten tijden van Noë, maer nae de verrijsenisse Christi, het Euangelium hebben verkondight. Andere verstaen door dese geesten de verdoemde zielen in de helle, aen de welcke Christus nae sijnen doodt hem selven op een extra-ordinarise wijse soude hebben gheopenbaert, om haer sijne overwinninge te verkondighen tot eenen schrick, ende haer van hare ondanckbaerheydt ende rechtveerdige straffe te overtuygen. Doch van sulcken extra-ordinarise verschijninge Christi in de helle en wordt nergens in de Schriftuere gewach gemaeckt. sy en was oock niet noodigh, ende het woordt prediken dat hier gebruyckt wordt, en wordt nergens in sulcken sin ghenomen. Andere verstaen daer door de zielen der geloovige des Ouden Testaments, die ergens onder de aerde in een voor-burcht der helle, als in een gevangenisse, souden bewaert zijn geweest, tot dat Christus soude gestorven zijn, ende met sijne ziele by haer verschenen, om haer te verkondigen hare verlossinge uyt dese gevangenisse, ende haer met hem in den hemel daer nae op te voeren. Welcke uytlegginge boven dien datse strijdt met het gene Christus seyde tot den bekeerden moordenaer aen het cruyce, heden sult ghy met my in het paradijs zijn, Luc. 23.43. soo strijdtse oock met de saligheyt van de zielen der voor-vaderen, die al voor Christi doodt ende opstandinge in den hemel waren, gelijck aengeteeckent is, op Hebr. 11. versen 5, 16, 40. ende 12.23. ende andere plaetsen meer. Nergens en wort oock een gevangenisse genoemt een plaetse daer in yemant bewaert wort om hem geluckiger te maken, maer wel een plaetse daer in yemant bewaert wordt tot sijn oordeel, ofte straffe. Het woordt prediken siet oock altijt in Godts woort op de noodinge tot geloove ende bekeeringe, die voor de zielen der afgestorvene geloovige des Ouden Testaments niet meer noodigh en was: gelijck oock niet gepast en kan worden op die zielen, als geseght wordt dat Christus door sijnen Geest gepredickt heeft de zielen die ten tijde van Noë ongehoorsaem waren. Daerom is dese uytlegginge de bequaemste ende sekerste, dat door de geesten hier verstaen worden de zielen van die menschen, aen welcke de geest, ofte Godtheydt Christi, door Noë de bekeeringe eertijdts heeft laten prediken, namelick doe sy noch leefden, welcke Noë daerom oock een prediker der gerechtigheydt wordt genaemt. 2.Petr. 2.5. welcke menschen, niet tegenstaende dese predikinge van Noë ende Godts lanckmoedigheyt over haer, even ongehoorsaem ende godtloos zijn gebleven, gelijck 2.Petr. 2.5. oock wort betuyght. Die oock om hare ongehoorsaemheyt ende godtloosheyt in de gevangenisse ofte helle zijn gheweest doe Petrus sijnen brief schreef, gelijck de helle oock een gevangenisse genaemt wort Apoc. 20.7. ende de onsalige geesten, die daer in zijn, worden geseght daer in bewaert te worden tot den dagh des oordeels. 2.Petr. 2.4. Iude vers 7.",
          "text2026": "43 de geesten, die in de gevangenis zijn: Deze plaats is zwaar, en wordt daarom verschillend uitgelegd. Sommigen verstaan door deze geesten de heidenen, die in de schaduw van het dood en gelijk als in de hel zaten, die Christus door zijn apostelen het Evangelie gepredikt heeft. Maar de heidenen worden nergens geesten genoemd, en de omstandigheden van de tijd wanneer deze prediking hun is geschied past op zulke uitlegging niet, omdat de apostelen niet ten tijde van Noach, maar na de verrijzenis van Christus het Evangelie hebben verkondigd. Anderen verstaan door deze geesten de verdoemde zielen in de hel, waaraan Christus na Zijn dood zichzelf op een buitengewone wijze zou hebben geopenbaard, om hun Zijn overwinning te verkondigen tot een schrik, en hen van hunne ondankbaarheid en rechtvaardige straf te overtuigen. Maar van zulk een extra-ordinaire verschijning van Christus in de hel wordt nergens in de Schrift gewag gemaakt; zij was ook niet nodig; en het woord prediken dat hier gebruikt wordt, wordt nergens in zulk een zin genomen. Anderen verstaan daardoor de zielen van de gelovigen van het Oude Testament, die ergens onder de aarde in een voorburg van de hel, als in ene gevangenis, zouden bewaard zijn geweest, totdat Christus zou gestorven zijn, en met Zijn ziel bij hen verschenen, om hun te verkondigen hun verlossing uit deze gevangenis, en hen met Hem in de hemel daarna op te voeren. Welke uitlegging, behalve dat zij strijdt met wat Christus zei tot de bekeerden moordenaar aan het kruis: heden zult u met Mij in het paradijs zijn, Luk. 23:43; ook strijdt met de zaligheid van de zielen van de voorvaders, die al voor Christus' dood en opstanding in de hemel waren, gelijk aangetekend is op Hebr. 11:5, 11:16, 11:40, en Hebr. 12:23, en andere plaatsen. Nergens wordt ook een gevangenis genoemd een plaats waarin iemand bewaard wordt om hem gelukkiger te maken, maar wel een plaats waarin iemand bewaard wordt tot zijn oordeel of straf. Het woord prediken ziet ook altijd in Gods Woord op de nodiging tot geloof en bekering, die voor de zielen van de afgestorven gelovigen van het Oude Testament niet meer nodig was, gelijk ook niet toegepast kan worden op die zielen, als gezegd wordt dat Christus door Zijn geest gepredikt heeft aan de zielen die ten tijde van Noach ongehoorzaam waren. Daarom is deze uitlegging de beste en zekerste, dat door de geesten hier verstaan worden de zielen van die mensen, aan welke de geest of Godheid van Christus, door Noach de bekering eertijds heeft laten prediken, namelijk toen zij nog leefden, welke Noach daarom ook een prediker van de gerechtigheid wordt genoemd, 2 Petr. 2:5; welke mensen, niettegenstaande deze prediking door Noach en Gods lankmoedigheid over hen, even ongehoorzaam en goddeloos zijn gebleven, gelijk 2 Petr. 2:5 ook wordt betuigd. Die ook om hun ongehoorzaamheid en goddeloosheid in de gevangenis of hel zijn geweest toen Petrus zijn brief schreef, gelijk de hel ook een gevangenis genoemd wordt, Openb. 20:7; en de onzalige geesten, die daarin zijn, worden gezegd daarin bewaard te worden tot de dag van het oordeel; 2 Petr. 2:4; Jud.:6. Lukas 23:43: En Jezus zei tot hem: Voorwaar, zeg Ik u: Heden zult u met Mij in het Paradijs zijn. Hebreeën 11:5: Door het geloof is Enoch weggenomen geweest, opdat hij de dood niet zou zien; en hij werd niet gevonden, daarom dat hem God weggenomen had; want voor zijn wegneming heeft hij getuigenis gehad, dat hij voor God behaagde. Hebreeën 11:16: Maar nu zijn zij begerig naar een beter, dat is, naar het hemelse. Daarom schaamt Zich God hun niet, om hun God genaamd te worden; want Hij had hun een stad bereid. Hebreeën 11:40: Zo God wat beters over ons voorzien had, opdat zij zonder ons niet zouden volmaakt worden. Hebreeën 12:23: Tot de algemene vergadering en de Gemeente van de eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn, en tot God, de Rechter over allen, en de geesten van de volmaakte rechtvaardigen; 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, de prediker van de gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij de zondvloed over de wereld van de goddelozen heeft gebracht; 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, de prediker van de gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij de zondvloed over de wereld van de goddelozen heeft gebracht; Openbaring 20:7: En wanneer de duizend jaren zullen geëindigd zijn, zal de satanas uit zijn gevangenis ontbonden worden. 2 Petrus 2:4: Want als God de engelen, die gezondigd hebben, niet gespaard heeft, maar, die in de hel geworpen hebbende, overgegeven heeft aan de ketenen van de duisternis, om tot het oordeel bewaard te worden; Judas 1:6: En de engelen, die hun begin niet bewaard hebben, maar hun eigen woonstede verlaten hebben, heeft Hij tot het oordeel van de grote dags met eeuwige banden onder de duisternis bewaard."
        },
        {
          "marker": "44",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "44 gepredikt heeft: Namelijk door Noach, den prediker der gerechtigheid; 2 Petr. 2:5. 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, den prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij den zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht;",
          "text1637": "N. door Noe den prediker der gerechtigheyt. 2.Pet. 2.5.",
          "text2026": "44 gepredikt heeft: Namelijk door Noach, de prediker van de gerechtigheid; 2 Petr. 2:5. 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, de prediker van de gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij de zondvloed over de wereld van de goddelozen heeft gebracht;"
        },
        {
          "marker": "q",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Petr. 4:6. 1 Petrus 4:6: Want daartoe is ook den doden het Evangelie verkondigd geworden, opdat zij wel zouden geoordeeld worden naar den mens in het vlees, maar leven zouden naar God in den geest.",
          "text1637": "1.Petr. 4.6.",
          "text2026": "1 Petr. 4:6. 1 Petrus 4:6: Want daartoe is ook de doden het Evangelie verkondigd geworden, opdat zij wel zouden geoordeeld worden naar de mens in het vlees, maar leven zouden naar God in de geest."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ω",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-DSN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "τοις",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-DPN"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "φυλακη",
          "strongs": "G5438",
          "lemma_strongs": "G5438",
          "morfologie": "N-DSF"
        },
        {
          "woord": "πνευμασιν",
          "strongs": "G4151",
          "lemma_strongs": "G4151",
          "morfologie": "N-DPN"
        },
        {
          "woord": "πορευθεις",
          "strongs": "G4198",
          "lemma_strongs": "G4198",
          "morfologie": "V-AOP-NSM"
        },
        {
          "woord": "εκηρυξεν",
          "strongs": "G2784",
          "lemma_strongs": "G2784",
          "morfologie": "V-AAI-3S"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> In Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Hij ook,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> heengegaan zijnde,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> de geesten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"q\">q</sup> die in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gevangenis zijn, gepredikt heeft,",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> In Denwelken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Hij ook,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> henengegaan zijnde,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> den geesten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"q\">q</sup> die in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gevangenis zijn, gepredikt heeft,",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> In den welcken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> hy oock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> he-nen gegaen zijnde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> den geesten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"q\">q</sup> die inde gevangenisse [<i>zijn</i>] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gepredickt heeft,",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Denwelken",
          "new": "Die",
          "principe": "N6"
        },
        {
          "old": "henengegaan",
          "new": "heengegaan",
          "principe": "V679"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "In Die Hij ook, heengegaan zijnde, de geesten, die in de gevangenis zijn, gepredikt heeft,",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G1722",
            "G3739",
            "G2532",
            "G3588",
            "G1722",
            "G5438",
            "G4151",
            "G4198",
            "G2784"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G1722",
            "G3739",
            "G2532",
            "G3588",
            "G1722",
            "G5438",
            "G4151",
            "G4198",
            "G2784"
          ],
          "morfologie": [
            "PREP",
            "R-DSN",
            "CONJ",
            "T-DPN",
            "PREP",
            "N-DSF",
            "N-DPN",
            "V-AOP-NSM",
            "V-AAI-3S"
          ],
          "bronwoorden": [
            "εν",
            "ω",
            "και",
            "τοις",
            "εν",
            "φυλακη",
            "πνευμασιν",
            "πορευθεις",
            "εκηρυξεν"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:19",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5679",
            "G5656"
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Die eertijds ongehoorzaam waren, wanneer de lankmoedigheid Gods eenmaal verwachtte, in de dagen van Noach, als de ark toebereid werd; waarin weinige (dat is acht) zielen behouden werden door het water.",
      "text1637": "[r] Die eertijts ongehoorsaem waren, [s] wanneer de lanckmoedicheyt Godts eenmael [45] verwachtede in de dagen van Noë, als de Arcke toebereydt wierdt: waer in weynige ( [t] dat is acht) [46] zielen behouden wierden [47] door het water.",
      "text2026": "Die vroeger ongehoorzaam waren, wanneer het geduld van God eenmaal verwachtte, in de dagen van Noach, als de ark toebereid werd; waarin weinig (dat is acht) zielen behouden werden door het water.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "45",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "45 verwachtte, in de: Namelijk honderd en twintig jaren lang, of de mensen zich zouden bekeren, eer Hij de bedreigde straf zou uitvoeren; Gen. 6:3. Zie ook van deze lankmoedigheid Gods tegen de ongehoorzamen, Rom. 2:4, en Rom. 9:22. Genesis 6:3: Toen zeide de HEERE: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met den mens, dewijl hij ook vlees is; doch zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaren. Romeinen 2:4: Of veracht gij den rijkdom Zijner goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt? Romeinen 9:22: En of God, willende Zijn toorn bewijzen, en Zijn macht bekend maken, met vele lankmoedigheid verdragen heeft de vaten des toorns, tot het verderf toebereid;",
          "text1637": "Namel. hondert ende twintich jaren lanck, of de menschen haer souden bekeeren, eer hy de gedreyghde straffe soude uytvoeren Gen. 6.3. Siet oock van dese lanckmoedigheyt Godts tegen de ongehoorsame Rom. 2.4. ende 9.22.",
          "text2026": "45 verwachtte, in de: Namelijk honderd en twintig jaren lang, of de mensen zich zouden bekeren, eer Hij de bedreigde straf zou uitvoeren; Gen. 6:3. Zie ook van deze lankmoedigheid Gods tegen de ongehoorzamen, Rom. 2:4, en Rom. 9:22. Genesis 6:3: Toen zei JAHWEH: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met de mens, omdat hij ook vlees is; maar zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaren. Romeinen 2:4: Of veracht u de rijkdom Zijn goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid van God u tot bekering leidt? Romeinen 9:22: En of God, willende Zijn toorn bewijzen, en Zijn macht bekend maken, met vele lankmoedigheid verdragen heeft de vaten van de toorn, tot het verderf toebereid;"
        },
        {
          "marker": "46",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "46 zielen behouden werden: Dat is, mensen, gelijk Hand. 2:41. Handelingen 2:41: Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.",
          "text1637": "D. menschen, gelijck Act. 2.41.",
          "text2026": "46 zielen behouden werden: Dat is, mensen, gelijk Hand. 2:41. Handelingen 2:41: Die dan zijn woord graag aannamen, werden gedoopt; en er werden op die dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen."
        },
        {
          "marker": "47",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "47 door het water: Of in het water; dat is, midden in en door het water, gelijk dit Griekse woord dia (δια-σώζω) ook gebruikt wordt, Rom. 4:11; 1 Tim. 2:15. Romeinen 4:11: En hij heeft het teken der besnijdenis ontvangen tot een zegel der rechtvaardigheid des geloofs, die hem in de voorhuid was toegerekend: opdat hij zou zijn een vader van allen, die geloven in de voorhuid zijnde, ten einde ook hun de rechtvaardigheid toegerekend worde; 1 Timotheüs 2:15: Doch zij zal zalig worden in kinderen te baren, zo zij blijft in het geloof, en liefde, en heiligmaking, met matigheid.",
          "text1637": "Ofte, in het water. D. midden in ende door het water gelijck dit Griecx woordt dia oock genomen wort Rom. 4.11. 1.Tim. 2.15.",
          "text2026": "47 door het water: Of in het water; dat is, midden in en door het water, gelijk dit Griekse woord dia (δια-σώζω) ook gebruikt wordt, Rom. 4:11; 1 Tim. 2:15. Romeinen 4:11: En hij heeft het teken van de besnijdenis ontvangen tot een zegel van de rechtvaardigheid van het geloof, die hem in de voorhuid was toegerekend: opdat hij zou zijn een vader van allen, die geloven in de voorhuid zijnde, ten einde ook hun de rechtvaardigheid toegerekend worde; 1 Timotheüs 2:15: Maar zij zal zalig worden in kinderen te baren, zo zij blijft in het geloof, en liefde, en heiligmaking, met matigheid."
        },
        {
          "marker": "r",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 6:5. Genesis 6:5: En de HEERE zag, dat de boosheid des mensen menigvuldig was op de aarde, en al het gedichtsel der gedachten zijns harten te allen dage alleenlijk boos was.",
          "text1637": "Gen. 6.5.",
          "text2026": "Gen. 6:5. Genesis 6:5: En JAHWEH zag, dat de boosheid van de mensen menigvuldig was op de aarde, en al het maaksel van de gedachten zijns harten te alle dage alleen boos was."
        },
        {
          "marker": "s",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 6:3; idem v. 14; Matth. 24:37; Lukas 17:26; Rom. 2:4. Genesis 6:3: Toen zeide de HEERE: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met den mens, dewijl hij ook vlees is; doch zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaren. Genesis 6:14: Maak u een ark van goferhout; met kameren zult gij deze ark maken; en gij zult die bepekken van binnen en van buiten met pek. Mattheüs 24:37: En gelijk de dagen van Noach waren, alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen. Lukas 17:26: En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen. Romeinen 2:4: Of veracht gij den rijkdom Zijner goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt?",
          "text1637": "Gen. 6.3, 14. Matth. 24.37. Luc. 17.26. Rom. 2.4.",
          "text2026": "Gen. 6:3; idem v. 14; Matt. 24:37; Lukas 17:26; Rom. 2:4. Genesis 6:3: Toen zei JAHWEH: Mijn Geest zal niet in eeuwigheid twisten met de mens, omdat hij ook vlees is; maar zijn dagen zullen zijn honderd en twintig jaren. Genesis 6:14: Maak u een ark van goferhout; met kamers zult u deze ark maken; en u zult die bepekken van binnen en van buiten met pek. Mattheüs 24:37: En gelijk de dagen van Noach waren, zo zal ook zijn de toekomst van de Zoon van de mensen. Lukas 17:26: En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen van de Zoon van de mensen. Romeinen 2:4: Of veracht u de rijkdom Zijn goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid van God u tot bekering leidt?"
        },
        {
          "marker": "t",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 8:18; 2 Petr. 2:5. Genesis 8:18: Toen ging Noach uit, en zijn zonen, en zijn huisvrouw, en de vrouwen zijner zonen met hem. 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, den prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij den zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht;",
          "text1637": "Gen. 8.18. 2.Petr. 2.5.",
          "text2026": "Gen. 8:18; 2 Petr. 2:5. Genesis 8:18: Toen ging Noach uit, en zijn zonen, en zijn huisvrouw, en de vrouwen zijn zonen met hem. 2 Petrus 2:5: En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, de prediker van de gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij de zondvloed over de wereld van de goddelozen heeft gebracht;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "απειθησασιν",
          "strongs": "G544",
          "lemma_strongs": "G544",
          "morfologie": "V-AAP-DPN"
        },
        {
          "woord": "ποτε",
          "strongs": "G4218",
          "lemma_strongs": "G4218",
          "morfologie": "PRT"
        },
        {
          "woord": "οτε",
          "strongs": "G3753",
          "lemma_strongs": "G3753",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "απαξ",
          "strongs": "G530",
          "lemma_strongs": "G530",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "εξεδεχετο",
          "strongs": "G1551",
          "lemma_strongs": "G1551",
          "morfologie": "V-INI-3S"
        },
        {
          "woord": "η",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-NSF"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSM"
        },
        {
          "woord": "θεου",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "μακροθυμια",
          "strongs": "G3115",
          "lemma_strongs": "G3115",
          "morfologie": "N-NSF"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ημεραις",
          "strongs": "G2250",
          "lemma_strongs": "G2250",
          "morfologie": "N-DPF"
        },
        {
          "woord": "νωε",
          "strongs": "G3575",
          "lemma_strongs": "G3575",
          "morfologie": "N-PRI"
        },
        {
          "woord": "κατασκευαζομενης",
          "strongs": "G2680",
          "lemma_strongs": "G2680",
          "morfologie": "V-PPP-GSF"
        },
        {
          "woord": "κιβωτου",
          "strongs": "G2787",
          "lemma_strongs": "G2787",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ην",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-ASF"
        },
        {
          "woord": "ολιγαι",
          "strongs": "G3641",
          "lemma_strongs": "G3641",
          "morfologie": "A-NPF"
        },
        {
          "woord": "τουτ",
          "strongs": "G3778",
          "lemma_strongs": "G3778",
          "morfologie": "D-NSN"
        },
        {
          "woord": "εστιν",
          "strongs": "G1510",
          "lemma_strongs": "G1510",
          "morfologie": "V-PAI-3S"
        },
        {
          "woord": "οκτω",
          "strongs": "G3638",
          "lemma_strongs": "G3638",
          "morfologie": "A-NUI"
        },
        {
          "woord": "ψυχαι",
          "strongs": "G5590",
          "lemma_strongs": "G5590",
          "morfologie": "N-NPF"
        },
        {
          "woord": "διεσωθησαν",
          "strongs": "G1295",
          "lemma_strongs": "G1295",
          "morfologie": "V-API-3P"
        },
        {
          "woord": "δι",
          "strongs": "G1223",
          "lemma_strongs": "G1223",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "υδατος",
          "strongs": "G5204",
          "lemma_strongs": "G5204",
          "morfologie": "N-GSN"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"r\">r</sup> Die vroeger ongehoorzaam waren,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"s\">s</sup> wanneer het geduld van God eenmaal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> verwachtte, in de dagen van Noach, als de ark toebereid werd; waarin weinig<sup class=\"note-marker\" data-note=\"t\">t</sup> (dat is acht)<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> zielen behouden werden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> door het water.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"r\">r</sup> Die eertijds ongehoorzaam waren,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"s\">s</sup> wanneer de lankmoedigheid Gods eenmaal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> verwachtte, in de dagen van Noach, als de ark toebereid werd; waarin weinige<sup class=\"note-marker\" data-note=\"t\">t</sup> (dat is acht)<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> zielen behouden werden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> door het water.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"r\">r</sup> Die eertijts ongehoorsaem waren, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"s\">s</sup> wanneer de lanckmoedicheyt Godts eenmael <sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> verwachtede in de dagen van Noë, als de Arcke toebereydt wierdt: waer in weynige ( <sup class=\"note-marker\" data-note=\"t\">t</sup> dat is acht) <sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> zielen behouden wierden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> door het water.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "eertijds",
          "new": "vroeger",
          "principe": "V252"
        },
        {
          "old": "de lankmoedigheid Gods",
          "new": "het geduld van God",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "weinige",
          "new": "weinig",
          "principe": "V1518"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Die vroeger ongehoorzaam waren, wanneer het geduld van God eenmaal verwachtte, in de dagen van Noach, als de ark toebereid werd; waarin weinige (dat is acht) zielen behouden werden door het water.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G544",
            "G4218",
            "G3753",
            "G530",
            "G1551",
            "G3588",
            "G3588",
            "G2316",
            "G3115",
            "G1722",
            "G2250",
            "G3575",
            "G2680",
            "G2787",
            "G1519",
            "G3739",
            "G3641",
            "G3778",
            "G1510",
            "G3638",
            "G5590",
            "G1295",
            "G1223",
            "G5204"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G544",
            "G4218",
            "G3753",
            "G530",
            "G1551",
            "G3588",
            "G3588",
            "G2316",
            "G3115",
            "G1722",
            "G2250",
            "G3575",
            "G2680",
            "G2787",
            "G1519",
            "G3739",
            "G3641",
            "G3778",
            "G1510",
            "G3638",
            "G5590",
            "G1295",
            "G1223",
            "G5204"
          ],
          "morfologie": [
            "V-AAP-DPN",
            "PRT",
            "ADV",
            "ADV",
            "V-INI-3S",
            "T-NSF",
            "T-GSM",
            "N-GSM",
            "N-NSF",
            "PREP",
            "N-DPF",
            "N-PRI",
            "V-PPP-GSF",
            "N-GSF",
            "PREP",
            "R-ASF",
            "A-NPF",
            "D-NSN",
            "V-PAI-3S",
            "A-NUI",
            "N-NPF",
            "V-API-3P",
            "PREP",
            "N-GSN"
          ],
          "bronwoorden": [
            "απειθησασιν",
            "ποτε",
            "οτε",
            "απαξ",
            "εξεδεχετο",
            "η",
            "του",
            "θεου",
            "μακροθυμια",
            "εν",
            "ημεραις",
            "νωε",
            "κατασκευαζομενης",
            "κιβωτου",
            "εις",
            "ην",
            "ολιγαι",
            "τουτ",
            "εστιν",
            "οκτω",
            "ψυχαι",
            "διεσωθησαν",
            "δι",
            "υδατος"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:20",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20,
              21,
              22,
              23
            ]
          },
          "tvm": [
            "G5660",
            null,
            null,
            null,
            "G5711",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5746",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            "G5681",
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Waarvan het tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt, niet die een aflegging is der vuiligheid des lichaams, maar die een vraag is van een goed geweten tot God, door de opstanding van Jezus Christus;",
      "text1637": "[v] [48] Waer van het [49] tegen-beeldt de Doop, ons nu oock behoudt, [50] niet die een aflegginge is der vuylicheyt [51] des lichaems, maer [52] die een vrage is [53] eener goeder conscientie tot Godt [54] door de opstandinge Iesu Christi,",
      "text2026": "Waarvan het tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt, niet die een aflegging is van het vuil van het lichaam, maar die een vraag is van een goed geweten tot God, door de opstanding van Jezus Christus;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "48",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "48 Waarvan het: Dit ziet op de ark en den ingang van Noach in de ark, door welke Noach is behouden gebleven in het water van den zondvloed, waarin de anderen vergingen.",
          "text1637": "Dit siet op de Arke ende inganck van Noë in de Arke, door welcke Noë is behouden gebleven in’t water der sunt-vloet, daer de andere in vergingen.",
          "text2026": "48 Waarvan het: Dit ziet op de ark en de ingang van Noach in de ark, door welke Noach is behouden gebleven in het water van de zondvloed, waarin de andere vergingen."
        },
        {
          "marker": "49",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "49 tegenbeeld, de doop: De doop wordt alzo genoemd, omdat hij een sacrament is van onze behoudenis uit het algemeen verderf der wereldse mensen, gelijk de ark was een middel van de lichamelijke behoudenis van Noach en de zijnen uit het verderf der eerste wereld.",
          "text1637": "De Doop wort alsoo genaemt, om dat hy een Sacrament is van onse behoudenisse uyt het gemeyn verderf der wereltsche menschen, gelijck de Arke was een middel van de lichamelicke behoudenisse van Noë ende de sijne uyt het verderf der eerste werelt.",
          "text2026": "49 tegenbeeld, de doop: De doop wordt zo genoemd, omdat hij een sacrament is van onze behoudenis uit het algemeen verderf van de wereldse mensen, gelijk de ark was een middel van de lichamelijke behoudenis van Noach en de zijn uit het verderf van de eerste wereld."
        },
        {
          "marker": "50",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "50 niet die een aflegging: Dat is, die doop behoudt onze zielen eigenlijk niet, die uitwendig is, en waardoor de vuiligheid des lichaams wordt afgewassen, welke ook vele huichelaars en mond-christenen deelachtig zijn; maar, wil hij zeggen, die inwendig is, en door het bloed en den Geest van Christus aan onze zielen geschiedt.",
          "text1637": "D. dit Doop en behoudt onse zielen eygentlick niet, die uytwendigh is, ende waer door de vuylicheyt des lichaems wort afgewasschen, welcker oock vele huychelaers ende mondt-Christenen deelachtigh zijn, maer, wil hy seggen, die inwendigh is, ende door het bloedt ende den Geest Christi aen onse zielen geschiet.",
          "text2026": "50 niet die een aflegging: Dat is, die doop behoudt onze zielen eigenlijk niet, die uitwendig is, en waardoor de vuiligheid van het lichaam wordt afgewassen, welke ook vele huichelaars en mond-christenen deelachtig zijn; maar, wil hij zeggen, die inwendig is, en door het bloed en de Geest van Christus aan onze zielen geschiedt."
        },
        {
          "marker": "51",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "51 des lichaams: Grieks van het vlees.",
          "text1637": "Gr. des vleeschs.",
          "text2026": "51 van het lichaam: Grieks van het vlees."
        },
        {
          "marker": "52",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "52 deen vraag: Of afvraging. Het Griekse woord betekent hier zulk een afvraging, die met een ernstige begeerte is gemengd van hetgeen waarnaar men vraagt, gelijk als men iemand om raad en hulp vraagt of verzoekt.",
          "text1637": "Ofte, afvraginge. Het Griecx woordt beteeckent hier sulck een afvraginge die met een ernstighe begeerte is gevoeght van het gene daer men nae vraeght, gelijck als men yemandt om raedt ofte hulpe vraeght, ofte versoeckt.",
          "text2026": "52 deen vraag: Of afvraging. Het Griekse woord betekent hier zulk een afvraging, die met een ernstige begeerte is gemengd van wat waarnaar men vraagt, gelijk als men iemand om raad en hulp vraagt of verzoekt."
        },
        {
          "marker": "53",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "53 van een goed geweten: Dat is, die door het bloed en den Geest van Jezus Christus is gereinigd; Hebr. 9:14. En hierdoor wordt verstaan de vrijmoedige toegang en aanspraak der gelovigen in hun vertrouwen, en in hun gebeden tot God, als tot hunnen vader; zie Rom. 8:15; Gal. 4:6, welke een afscheidbare vrucht is van de vergeving onzer zonden en van onze vernieuwing of wedergeboorte. Anderen menen, dat hier gezien wordt op het gebruik van den doop der volwassenen in de eerste Kerk, welken afgevraagd werd of zij ook den duivel en de wereld voortaan wilden afzweren, en in een nieuw leven, met een goed geweten voor God wandelen; waarop zij antwoordden: ja; welke vraag en antwoord door dit Griekse woord eperotema (ἐπερώτημα) zou verstaan worden. Dit antwoord dan uit een goede of gereinigde consciëntie voor God spruitende, betuigt ook den inwendigen doop des harten. Hebreeën 9:14: Hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door den eeuwigen Geest Zichzelven Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken, om den levenden God te dienen? Romeinen 8:15: Want gij hebt niet ontvangen den Geest der dienstbaarheid wederom tot vreze; maar gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader! Galaten 4:6: En overmits gij kinderen zijt, zo heeft God den Geest Zijns Zoons uitgezonden in uw harten, Die roept: Abba, Vader!",
          "text1637": "D. die door het bloedt ende den Geest Iesu Christi is gereynight. Hebr. 9.14. Ende wort hier door verstaen de vrymoedige toeganck ende aensprake der geloovige in haer vertrouwen, ende in hare gebeden tot Godt, als tot haren vader. Siet Rom. 8.15. ende Galat. 4.6. welcke een onverscheydelicke vrucht is van de vergevinge onser sonden, ende van onse vernieuwinge ofte wedergeboorte. Andere meenen dat hier gesien wort op het gebruyck des Doops der volwassene in de eerste Kercke, welcken afgevraeght wiert, of sy oock den Duyvel ende de werelt voortaen wilden afsweeren, ende in een nieuw leven, met een goede conscientie, voor Godt wandelen, waer op sy antwoorden, dat ja: welcke vrage ende antwoorde door dit Griecx woort eperotema soude verstaen worden. Dese antwoorde dan uyt een goede ofte gereynighde conscientie voor Godt spruytende, betuyght oock den inwendigen Doop des herten.",
          "text2026": "53 van een goed geweten: Dat is, die door het bloed en de Geest van Jezus Christus is gereinigd; Hebr. 9:14. En hierdoor wordt verstaan de vrijmoedige toegang en aanspraak van de gelovigen in hun vertrouwen, en in hun gebeden tot God, als tot hun vader; zie Rom. 8:15; Gal. 4:6, welke een afscheidbare vrucht is van de vergeving onzer zonden en van onze vernieuwing of wedergeboorte. Anderen menen, dat hier gezien wordt op het gebruik van de doop van de volwassenen in de eerste Kerk, welke afgevraagd werd of zij ook de duivel en de wereld voortaan wilden afzweren, en in een nieuw leven, met een goed geweten voor God wandelen; waarop zij antwoordden: ja; welke vraag en antwoord door dit Griekse woord eperotema (ἐπερώτημα) zou verstaan worden. Dit antwoord dan uit een goede of gereinigde consciëntie voor God spruitende, betuigt ook de inwendigen doop van de harten. Hebreeën 9:14: Hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwigen Geest Zichzelven voor God onstraffelijk opgeofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken, om de levenden God te dienen? Romeinen 8:15: Want u hebt niet ontvangen de Geest van de dienstbaarheid opnieuw tot vreze; maar u hebt ontvangen de Geest van de aanneming tot kinderen, door Welke wij roepen: Abba, Vader! Galaten 4:6: En omdat u kinderen bent, zo heeft God de Geest Zijn Zoons uitgezonden in uw harten, Die roept: Abba, Vader!"
        },
        {
          "marker": "54",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "54 door de opstanding: Namelijk die een volkomen bewijs is van Christus' voldoening voor onze zonden, en een onderpand van de opwekking van den nieuwen mens en van onze zalige opstanding hiernamaals. Zie Rom. 6:3, enz. Romeinen 6:3: Of weet gij niet, dat zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?",
          "text1637": "N. die een volkomen bewijs is van Christi voldoeninge voor onse sonden, ende een onderpandt van de opweckinge des nieuwen menschen, ende van onse salige opstandinge hier naemaels. Siet Rom. 6.3, etc.",
          "text2026": "54 door de opstanding: Namelijk die een volkomen bewijs is van Christus' voldoening voor onze zonden, en een onderpand van de opwekking van de nieuwe mens en van onze zalige opstanding hiernamaals. Zie Rom. 6:3, enz. Romeinen 6:3: Of weet u niet, dat zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?"
        },
        {
          "marker": "v",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Efez. 5:26. Efeziërs 5:26: Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord;",
          "text1637": "Ephes. 5.26.",
          "text2026": "Efez. 5:26. Efeziërs 5:26: Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad van het water door het Woord;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ω",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-DSN"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "ημας",
          "strongs": "G1473",
          "lemma_strongs": "G1473",
          "morfologie": "P-1AP"
        },
        {
          "woord": "αντιτυπον",
          "strongs": "G499",
          "lemma_strongs": "G499",
          "morfologie": "A-NSN"
        },
        {
          "woord": "νυν",
          "strongs": "G3568",
          "lemma_strongs": "G3568",
          "morfologie": "ADV"
        },
        {
          "woord": "σωζει",
          "strongs": "G4982",
          "lemma_strongs": "G4982",
          "morfologie": "V-PAI-3S"
        },
        {
          "woord": "βαπτισμα",
          "strongs": "G908",
          "lemma_strongs": "G908",
          "morfologie": "N-NSN"
        },
        {
          "woord": "ου",
          "strongs": "G3756",
          "lemma_strongs": "G3756",
          "morfologie": "PRT-N"
        },
        {
          "woord": "σαρκος",
          "strongs": "G4561",
          "lemma_strongs": "G4561",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "αποθεσις",
          "strongs": "G595",
          "lemma_strongs": "G595",
          "morfologie": "N-NSF"
        },
        {
          "woord": "ρυπου",
          "strongs": "G4509",
          "lemma_strongs": "G4509",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "αλλα",
          "strongs": "G235",
          "lemma_strongs": "G235",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "συνειδησεως",
          "strongs": "G4893",
          "lemma_strongs": "G4893",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "αγαθης",
          "strongs": "G18",
          "lemma_strongs": "G18",
          "morfologie": "A-GSF"
        },
        {
          "woord": "επερωτημα",
          "strongs": "G1906",
          "lemma_strongs": "G1906",
          "morfologie": "N-NSN"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "θεον",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "δι",
          "strongs": "G1223",
          "lemma_strongs": "G1223",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "αναστασεως",
          "strongs": "G386",
          "lemma_strongs": "G386",
          "morfologie": "N-GSF"
        },
        {
          "woord": "ιησου",
          "strongs": "G2424",
          "lemma_strongs": "G2424",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "χριστου",
          "strongs": "G5547",
          "lemma_strongs": "G5547",
          "morfologie": "N-GSM"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"v\">v</sup> Waarvan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> niet die een aflegging is van het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> vuil van het lichaam,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> maar die een vraag is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> van een goed geweten tot God,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> door de opstanding van Jezus Christus;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"v\">v</sup> Waarvan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> niet die een aflegging is der vuiligheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> des lichaams, maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> die een vraag is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> van een goed geweten tot God,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> door de opstanding van Jezus Christus;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"v\">v</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Waer van het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> tegen-beeldt de Doop, ons nu oock behoudt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> niet die een aflegginge is der vuylicheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> des lichaems, maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> die een vrage is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> eener goeder conscientie tot Godt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> door de opstandinge Iesu Christi,",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der vuiligheid des lichaams,",
          "new": "van het vuil van het lichaam,",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Waarvan het tegenbeeld, de doop, ons nu ook behoudt, niet die een aflegging is van het vuil van het lichaam, maar die een vraag is van een goed geweten tot God, door de opstanding van Jezus Christus;",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3739",
            "G2532",
            "G1473",
            "G499",
            "G3568",
            "G4982",
            "G908",
            "G3756",
            "G4561",
            "G595",
            "G4509",
            "G235",
            "G4893",
            "G18",
            "G1906",
            "G1519",
            "G2316",
            "G1223",
            "G386",
            "G2424",
            "G5547"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3739",
            "G2532",
            "G1473",
            "G499",
            "G3568",
            "G4982",
            "G908",
            "G3756",
            "G4561",
            "G595",
            "G4509",
            "G235",
            "G4893",
            "G18",
            "G1906",
            "G1519",
            "G2316",
            "G1223",
            "G386",
            "G2424",
            "G5547"
          ],
          "morfologie": [
            "R-DSN",
            "CONJ",
            "P-1AP",
            "A-NSN",
            "ADV",
            "V-PAI-3S",
            "N-NSN",
            "PRT-N",
            "N-GSF",
            "N-NSF",
            "N-GSM",
            "CONJ",
            "N-GSF",
            "A-GSF",
            "N-NSN",
            "PREP",
            "N-ASM",
            "PREP",
            "N-GSF",
            "N-GSM",
            "N-GSM"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ω",
            "και",
            "ημας",
            "αντιτυπον",
            "νυν",
            "σωζει",
            "βαπτισμα",
            "ου",
            "σαρκος",
            "αποθεσις",
            "ρυπου",
            "αλλα",
            "συνειδησεως",
            "αγαθης",
            "επερωτημα",
            "εις",
            "θεον",
            "δι",
            "αναστασεως",
            "ιησου",
            "χριστου"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:21",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15,
              16,
              17,
              18,
              19,
              20
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Welke is aan de rechterhand Gods, opgevaren ten hemel, de engelen, en machten, en krachten Hem onderdanig gemaakt zijnde.",
      "text1637": "[x] Welcke is [55] aen de rechter-[handt] Godts, opgevaren ten hemel, de Engelen, ende machten, ende crachten hem onderdanigh gemaeckt zijnde.",
      "text2026": "Die is aan de rechterhand van God, opgevaren ten hemel, de engelen, en machten, en krachten Hem onderdanig gemaakt zijnde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "55",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "55 aan de rechterhand Gods,: Zie hiervan, en hetgeen volgt, Ef. 1:20, enz; Kol. 3:1. Efeziërs 1:20: Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in den hemel; Kolossensen 3:1: Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods.",
          "text1637": "Siet hier van ende het gene volght Ephes. 1.20, etc. Coloss. 3.1.",
          "text2026": "55 aan de rechterhand van God,: Zie hiervan, en wat volgt, Ef. 1:20, enz; Kol. 3:1. Efeziërs 1:20: Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in de hemel; Kolossensen 3:1: Als u dan met Christus opgewekt bent, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand van God."
        },
        {
          "marker": "x",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Efez. 1:20. Efeziërs 1:20: Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in den hemel;",
          "text1637": "Ephes. 1.20",
          "text2026": "Efez. 1:20. Efeziërs 1:20: Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in de hemel;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ος",
          "strongs": "G3739",
          "lemma_strongs": "G3739",
          "morfologie": "R-NSM"
        },
        {
          "woord": "εστιν",
          "strongs": "G1510",
          "lemma_strongs": "G1510",
          "morfologie": "V-PAI-3S"
        },
        {
          "woord": "εν",
          "strongs": "G1722",
          "lemma_strongs": "G1722",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "δεξια",
          "strongs": "G1188",
          "lemma_strongs": "G1188",
          "morfologie": "A-DSF"
        },
        {
          "woord": "του",
          "strongs": "G3588",
          "lemma_strongs": "G3588",
          "morfologie": "T-GSM"
        },
        {
          "woord": "θεου",
          "strongs": "G2316",
          "lemma_strongs": "G2316",
          "morfologie": "N-GSM"
        },
        {
          "woord": "πορευθεις",
          "strongs": "G4198",
          "lemma_strongs": "G4198",
          "morfologie": "V-AOP-NSM"
        },
        {
          "woord": "εις",
          "strongs": "G1519",
          "lemma_strongs": "G1519",
          "morfologie": "PREP"
        },
        {
          "woord": "ουρανον",
          "strongs": "G3772",
          "lemma_strongs": "G3772",
          "morfologie": "N-ASM"
        },
        {
          "woord": "υποταγεντων",
          "strongs": "G5293",
          "lemma_strongs": "G5293",
          "morfologie": "V-2APP-GPM"
        },
        {
          "woord": "αυτω",
          "strongs": "G846",
          "lemma_strongs": "G846",
          "morfologie": "P-DSM"
        },
        {
          "woord": "αγγελων",
          "strongs": "G32",
          "lemma_strongs": "G32",
          "morfologie": "N-GPM"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "εξουσιων",
          "strongs": "G1849",
          "lemma_strongs": "G1849",
          "morfologie": "N-GPF"
        },
        {
          "woord": "και",
          "strongs": "G2532",
          "lemma_strongs": "G2532",
          "morfologie": "CONJ"
        },
        {
          "woord": "δυναμεων",
          "strongs": "G1411",
          "lemma_strongs": "G1411",
          "morfologie": "N-GPF"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"x\">x</sup> Die is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> aan de rechterhand van God, opgevaren ten hemel, de engelen, en machten, en krachten Hem onderdanig gemaakt zijnde.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"x\">x</sup> Welke is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> aan de rechterhand Gods, opgevaren ten hemel, de engelen, en machten, en krachten Hem onderdanig gemaakt zijnde.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"x\">x</sup> Welcke is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> aen de rechter-[<i>handt</i>] Godts, opgevaren ten hemel, de Engelen, ende machten, ende crachten hem onderdanigh gemaeckt zijnde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Welke",
          "new": "Die",
          "principe": "V808"
        },
        {
          "old": "Gods,",
          "new": "van God,",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Die is aan de rechterhand van God, opgevaren ten hemel, de engelen, en machten, en krachten Hem onderdanig gemaakt zijnde.",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "G3739",
            "G1510",
            "G1722",
            "G1188",
            "G3588",
            "G2316",
            "G4198",
            "G1519",
            "G3772",
            "G5293",
            "G846",
            "G32",
            "G2532",
            "G1849",
            "G2532",
            "G1411"
          ],
          "lemma_strongs": [
            "G3739",
            "G1510",
            "G1722",
            "G1188",
            "G3588",
            "G2316",
            "G4198",
            "G1519",
            "G3772",
            "G5293",
            "G846",
            "G32",
            "G2532",
            "G1849",
            "G2532",
            "G1411"
          ],
          "morfologie": [
            "R-NSM",
            "V-PAI-3S",
            "PREP",
            "A-DSF",
            "T-GSM",
            "N-GSM",
            "V-AOP-NSM",
            "PREP",
            "N-ASM",
            "V-2APP-GPM",
            "P-DSM",
            "N-GPM",
            "CONJ",
            "N-GPF",
            "CONJ",
            "N-GPF"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ος",
            "εστιν",
            "εν",
            "δεξια",
            "του",
            "θεου",
            "πορευθεις",
            "εις",
            "ουρανον",
            "υποταγεντων",
            "αυτω",
            "αγγελων",
            "και",
            "εξουσιων",
            "και",
            "δυναμεων"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            "",
            ""
          ],
          "status": "vertaald",
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "robinson-scrivener-tr",
            "versie": "1PE.UTR",
            "sha256": "1D0E91F7F08C77DB05D4DDB7367105A4DF11B7936808E89BD27CE8A2F0AB1FC8",
            "referentie": "1PET 3:22",
            "bronindices": [
              0,
              1,
              2,
              3,
              4,
              5,
              6,
              7,
              8,
              9,
              10,
              11,
              12,
              13,
              14,
              15
            ]
          },
          "tvm": [
            null,
            "G5719",
            null,
            null,
            null,
            null,
            "G5679",
            null,
            null,
            "G5651",
            null,
            null,
            null,
            null,
            null,
            null
          ]
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "1 Petrus vermaent de vrouwen tot onderdanigheyt aen hare mannen. 3 ende tot vercieringe niet des uyterlicken, maer des verborgen mensches. 5 Stelt haer tot dien eynde voor het exempel der heylige vrouwen in ’t Oude Testament, ende voornamelick van Sara. 7 Vermaent oock de mannen, dat sy met verstant by hare vrouwen woonen. 8 Komt daer nae weder tot vermaningen van onderlinge liefde. 9 ende bysonderlick van verdraeghsaemheydt ende vreedsaemheydt, met belofte van Godts segen uyt den 34 Psalm. 13 Wijst aen hoe sy niet en hebben te vreesen wanneer sy onschuldigh lijden, ende hoe sy altijt moeten bereyt zijn om reden te geven van de hope die in haer is. 18 Stelt haer voor oogen het exempel des lijdens Christi, ende sijne uytkomste uyt het selve. 19 gelijck oock het contrary exempel der straffe van de ongehoorsaemheyt der eerste werelt ten tijde van Noë, ende der verlossinge van Noë door de Arcke uyt het water, als hy met lijdsaemheyt daer op verwacht hadde. 21 waer van nu oock de Doop een tegen-beelt is, die ons wijst op de opstandinge ende heerlickheyt Christi.",
    "text2026": "1 Petrus vermaant de vrouwen tot onderdanigheid aan hun mannen, 3 en tot versiering, niet van de uiterlijke, maar van de verborgen mens. 5 Daartoe houdt hij hun het voorbeeld voor van de heilige vrouwen in het Oude Testament, en vooral van Sara. 7 Hij vermaant ook de mannen dat zij met verstand bij hun vrouwen wonen. 8 Daarna komt hij weer terug op vermaningen tot onderlinge liefde, 9 en in het bijzonder tot verdraagzaamheid en vreedzaamheid, met de belofte van Gods zegen uit Psalm 34. 13 Hij wijst aan hoe zij niet bevreesd hoeven te zijn wanneer zij onschuldig lijden, en hoe zij altijd bereid moeten zijn rekenschap te geven van de hoop die in hen is. 18 Hij houdt hun het voorbeeld voor van het lijden van Christus en zijn uitkomst daaruit, 19 evenals het tegenovergestelde voorbeeld van de straf voor de ongehoorzaamheid van de eerste wereld in de tijd van Noach, en van de redding van Noach door de ark uit het water, toen hij daar met geduld op gewacht had. 21 Daarvan is nu ook de doop een tegenbeeld, die ons wijst op de opstanding en heerlijkheid van Christus."
  }
}
