{
  "number": 35,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:",
      "text1637": "WYders geschiedde des HEEREN woort tot my, seggende:",
      "text2026": "Verder kwam het woord van JAHWEH tot mij, zeggende:",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְהִ֥י",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "דְבַר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֵלַ֥/י",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verder kwam het woord van JAHWEH tot mij, zeggende:",
      "text1637_html": "WYders geschiedde des HEEREN woort tot my, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Wijders geschiedde des HEEREN",
          "new": "Verder kwam het",
          "principe": "V1230"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Mensenkind! zet uw aangezicht tegen het gebergte Seïr, en profeteer tegen hetzelve,",
      "text1637": "Menschen kint, [1] sett u aengesichte tegen [2] ’tgeberchte Seïr: ende propheteert tegen het selve.",
      "text2026": "Mensenkind! zet uw aangezicht tegen het gebergte Seïr, en profeteer daartegen,",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 zet uw aangezicht: Zie boven Ezech. 6:2. Ezechiël 6:2: Mensenkind, zet uw aangezicht tegen de bergen Israëls, en profeteer tegen dezelve;",
          "text1637": "Siet boven 6. op vers 2.",
          "text2026": "1 zet uw aangezicht: Zie boven Ez. 6:2. Ezechiël 6:2: Mensenkind, zet uw aangezicht tegen de bergen Israëls, en profeteer tegen dezelfde;"
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Het bergachtige land der Edomieten, Ezau's nakomelingen. Zie boven Ezech. 25:8, 25:12, enz. Ezechiël 25:8: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat Moab en Seïr zeggen: Ziet, het huis van Juda is gelijk al de heidenen; Ezechiël 25:12: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat Edom met enkel wraakgierigheid gehandeld heeft tegen het huis van Juda; en zij zich zeer schuldig gemaakt hebben, dat zij zich aan hen gewroken hebben:",
          "text1637": "Het berchachtich lant der Edomiten, Esaus nakomelingen. Siet boven 25.8, 12, etc.",
          "text2026": "Het bergachtige land van de Edomieten, Ezau's nakomelingen. Zie boven Ez. 25:8, 25:12, enz. Ezechiël 25:8: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat Moab en Seïr zeggen: Ziet, het huis van Juda is gelijk al de heidenen; Ezechiël 25:12: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat Edom met enkel wraakgierigheid gehandeld heeft tegen het huis van Juda; en zij zich zeer schuldig gemaakt hebben, dat zij zich aan hen gewroken hebben:"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אָדָ֕ם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "שִׂ֥ים",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "פָּנֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ֣ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שֵׂעִ֑יר",
          "strongs": "H8165",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/הִנָּבֵ֖א",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HC/VNv2ms"
        },
        {
          "woord": "עָלָֽי/ו",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mensenkind!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> zet uw aangezicht tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> het gebergte Seïr, en profeteer daartegen,",
      "textSV1888_html": "Mensenkind!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> zet uw aangezicht tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> het gebergte Seïr, en profeteer tegen hetzelve,",
      "text1637_html": "Menschen kint, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> sett u aengesichte tegen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> ’tgeberchte Seïr: ende propheteert tegen het selve.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "tegen hetzelve,",
          "new": "daartegen,",
          "principe": "O4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "En zeg tot hetzelve: Alzo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een verwoesting en een strik.",
      "text1637": "Ende segt tot het selve; Alsoo seyt de Heere HEERE; Siet ick [3] [wil] aen u, ô geberchte Seïr: ende ick sal mijne [4] hant tegen u uytstrecken, ende sal u stellen [tot] eene verwoestinge [5] ende eenen schrick.",
      "text2026": "En zeg daartoe: Zo zegt Adonai JAHWEH: Zie, Ik wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een verwoesting en een strik.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "3 wil aan u: Gelijk boven Ezech. 13:8. Ezechiël 13:8: Daarom zo zegt de Heere HEERE: omdat gijlieden ijdelheid spreekt, en leugen ziet; daarom, ziet, Ik wil aan u, spreekt de Heere HEERE.",
          "text1637": "Als boven 13.8.",
          "text2026": "3 wil aan u: Gelijk boven Ez. 13:8. Ezechiël 13:8: Daarom zo zegt de Heer JAHWEH: omdat u ijdelheid spreekt, en leugen ziet; daarom, ziet, Ik wil aan u, spreekt de Heer JAHWEH."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "4 hand tegen u uitstrekken: Zie boven Ezech. 14:9. Ezechiël 14:9: Als nu een profeet overreed zal zijn, en iets gesproken zal hebben, Ik, de HEERE, heb dienzelven profeet overreed, en Ik zal Mijn hand tegen hem uitstrekken, en zal hem verdelgen uit het midden van Mijn volk Israël.",
          "text1637": "Siet boven 14. op vers 9.",
          "text2026": "4 hand tegen u uitstrekken: Zie boven Ez. 14:9. Ezechiël 14:9: Als nu een profeet overreed zal zijn, en iets gesproken zal hebben, Ik, JAHWEH, heb dienzelven profeet overreed, en Ik zal Mijn hand tegen hem uitstrekken, en zal hem verdelgen uit het midden van Mijn volk Israël."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "5 en een schrik: Of, tot de uiterste verwoesting, of ontzetting, of verwoesting en verwoesting, gelijk boven Ezech. 33:28, en hier onder vers 7. Ezechiël 33:28: Want Ik zal het land tot een verwoesting en een schrik stellen, en de hovaardij zijner sterkte zal ophouden; en de bergen Israëls zullen woest zijn, dat er niemand overga. Ezechiël 35:7: En Ik zal het gebergte Seïr tot de uiterste verwoesting stellen; en Ik zal uit hetzelve uitroeien dien, die er doorgaat, en dien, die wederkeert.",
          "text1637": "Ofte, tot de uyterste verwoestinge, ofte, ontsettinge: ofte, verwoestinge ende verwoestinge, als boven 33.28. ende hier onder vers 7.",
          "text2026": "5 en een schrik: Of, tot de uiterste verwoesting, of ontzetting, of verwoesting en verwoesting, gelijk boven Ez. 33:28, en hier onder vers 7. Ezechiël 33:28: Want Ik zal het land tot een verwoesting en een schrik stellen, en de hovaardij zijn sterkte zal ophouden; en de bergen Israëls zullen woest zijn, dat er niemand overga. Ezechiël 35:7: En Ik zal het gebergte Seïr tot de uiterste verwoesting stellen; en Ik zal uit hetzelfde uitroeien die, die er doorgaat, en die, die terugkeert."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אָמַ֣רְתָּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "לּ֗/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כֹּ֤ה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַר֙",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֣/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִ֔ה",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הִנְ/נִ֥י",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "הַר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שֵׂעִ֑יר",
          "strongs": "H8165",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/נָטִ֤יתִי",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "יָדִ/י֙",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֔י/ךָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/נְתַתִּ֖י/ךָ",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqq1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "שְׁמָמָ֥ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְשַׁמָּֽה",
          "strongs": "H4923",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En zeg daartoe: Zo zegt Adonai JAHWEH: <span class=\"god-speaks\"><i>Zie, Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verwoesting en een strik.</i></span></i></span>",
      "textSV1888_html": "En zeg tot hetzelve: Alzo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verwoesting en een strik.",
      "text1637_html": "Ende segt tot het selve; Alsoo seyt de Heere HEERE; Siet ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> [wil] aen u, ô geberchte Seïr: ende ick sal mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> hant tegen u uytstrecken, ende sal u stellen [tot] eene verwoestinge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> ende eenen schrick.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "tot hetzelve: Alzo",
          "new": "daartoe: Zo",
          "principe": "O4"
        },
        {
          "old": "de Heere HEERE:",
          "new": "Adonai JAHWEH:",
          "principe": "G4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Ik zal uw steden stellen tot eenzaamheid, en gij zult een verwoesting worden, en zult weten, dat Ik de HEERE ben.",
      "text1637": "Ick sal uwe steden stellen [tot] eensaemheyt, ende ghy sult eene verwoestinge worden: ende sult weten, dat ick de HEERE ben.",
      "text2026": "Ik zal uw steden stellen tot eenzaamheid, en u zult een verwoesting worden, en zult weten, dat Ik JAHWEH ben.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עָרֶ֨י/ךָ֙",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "חָרְבָּ֣ה",
          "strongs": "H2723",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אָשִׂ֔ים",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֖ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "שְׁמָמָ֣ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "תִֽהְיֶ֑ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָדַעְתָּ֖",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֥י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Ik zal uw steden stellen tot eenzaamheid, en u zult een verwoesting worden, en zult weten, dat Ik JAHWEH ben.</i></span>",
      "text1637_html": "Ick sal uwe steden stellen [tot] eensaemheyt, ende ghy sult eene verwoestinge worden: ende sult weten, dat ick de HEERE ben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Omdat gij een eeuwige vijandschap hebt, en hebt de kinderen Israëls doen wegvloeien door het geweld des zwaards, ten tijde huns verderfs, ten tijde der uiterste ongerechtigheid;",
      "text1637": "Om dat ghy een [6] eeuwige [a] vyantschap hebt; ende hebt de kinderen Israëls doen [7] wechvloeyen door [8] ’t gewelt des sweerts: ter tijt hares [9] verderfs, ter tijt der [10] uyterste ongerechticheyt.",
      "text2026": "Omdat u een eeuwige vijandschap hebt, en hebt de Israëlieten doen wegvloeien door het geweld van het zwaard, ten tijde van hun verderf, ten tijde van de uiterste ongerechtigheid;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 uiterste ongerechtigheid: Hebreeuws, ongerechtigheid van het einde, of des uitersten; zie boven Ezech. 21:25. Ezechiël 21:25: En gij, o onheilig, goddeloos vorst van Israël, wiens dag komen zal, ten tijde der uiterste ongerechtigheid;",
          "text1637": "Hebr. ongerechticheyt des eyndes, ofte, des uytersten. siet bov. 21. op vers 25.",
          "text2026": "10 uiterste ongerechtigheid: Hebreeuws, ongerechtigheid van het einde, of van de uitersten (עֲוֺן); zie boven Ez. 21:25. Ezechiël 21:25: En u, o onheilig, goddeloos vorst van Israël, wiens dag komen zal, ten tijde van de uiterste ongerechtigheid;"
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "6 eeuwige vijandschap: Hebreeuws, vijandschap der eeuwigheid; te weten tegen mijn volk; vergelijk boven Ezech. 25:12, enz.; Amos 1:11. Ezechiël 25:12: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat Edom met enkel wraakgierigheid gehandeld heeft tegen het huis van Juda; en zij zich zeer schuldig gemaakt hebben, dat zij zich aan hen gewroken hebben: Amos 1:11: Alzo zegt de HEERE: Om drie overtredingen van Edom, en om vier zal Ik dat niet afwenden; omdat hij zijn broederen met het zwaard heeft vervolgd, en zijn barmhartigheden verdorven; en dat zijn toorn eeuwiglijk verscheurt, en hij zijn verbolgenheid altoos behoudt.",
          "text1637": "Hebr. vyantschap der eeuwicheyt. T.w. tegen mijn volck. Vergel. bov. 25.12. etc. Amos 1.11.",
          "text2026": "6 eeuwige vijandschap: Hebreeuws, vijandschap van de eeuwigheid (עוֹלָם); te weten tegen mijn volk; vergelijk boven Ez. 25:12, enz.; Amos 1:11. Ezechiël 25:12: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat Edom met enkel wraakgierigheid gehandeld heeft tegen het huis van Juda; en zij zich zeer schuldig gemaakt hebben, dat zij zich aan hen gewroken hebben: Amos 1:11: Zo zegt JAHWEH: Om drie overtredingen van Edom, en om vier zal Ik dat niet afwenden; omdat hij zijn broers met het zwaard heeft vervolgd, en zijn barmhartigheden verdorven; en dat zijn toorn eeuwig verscheurt, en hij zijn toorn altijd behoudt."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gestort; dat is, hun bloed, als water door moorderijen vergoten, doen wegvloeien; vergelijk Ps. 63:11, en Jer. 18:21, met de aantekening. Psalmen 63:11: Men zal hen storten door het geweld des zwaards; zij zullen de vossen ten deel worden. Jeremia 18:21: Daarom, geef hun zonen den honger over, en doe ze wegvloeien door het geweld des zwaards, en laat hun vrouwen van kinderen beroofd en weduwen worden, en laat hun mannen door den dood omgebracht, en hun jongelingen met het zwaard geslagen worden in den strijd.",
          "text1637": "Ofte, gestort. D. haer bloet, als water door moorderyen vergoten, ende doen wechvloeyen. Vergel. Psal. 63.11. ende Ierem. 18.21. met d’aenteeck.",
          "text2026": "Of, gestort; dat is, hun bloed, als water door moorderijen vergoten, doen wegvloeien; vergelijk Ps. 63:11, en Jer. 18:21, met de aantekening. Psalmen 63:11: Men zal hen storten door het geweld van het zwaard; zij zullen de vossen ten deel worden. Jeremia 18:21: Daarom, geef hun zonen de honger over, en doe ze wegvloeien door het geweld van het zwaard, en laat hun vrouwen van kinderen beroofd en weduwen worden, en laat hun mannen door de dood omgebracht, en hun jongelingen met het zwaard geslagen worden in de strijd."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 geweld des zwaards: Hebreeuws, de handen des zwaards. Zie Job 5:20. Job 5:20: In den honger zal Hij u verlossen van den dood, en in den oorlog van het geweld des zwaards.",
          "text1637": "Hebr. de handen des sweerts. Siet Iob 5. op vers 20.",
          "text2026": "8 geweld van het zwaard: Hebreeuws, de handen van het zwaard (יְדֵי). Zie Job 5:20. Job 5:20: In de honger zal Hij u verlossen van de dood, en in de oorlog van het geweld van het zwaard."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, ondergangs, door de Chaldeën, die de Edomieten geholpen of aangehitst hebben om Jeruzalem in den grond uit te roeien. Zie Ps. 137:7. Psalmen 137:7: HEERE! gedenk aan de kinderen van Edom, aan den dag van Jeruzalem; die daar zeiden: Ontbloot ze, ontbloot ze, tot haar fondament toe!",
          "text1637": "Ofte, ondergancks, door de Chaldeen, die de Edomiten geholpen ofte aengehitst hebben om Ierusalem in den gront uyt te roeyen. Siet Psal. 137.7.",
          "text2026": "Of, ondergangs, door de Chaldeën, die de Edomieten geholpen of aangehitst hebben om Jeruzalem in de grond uit te roeien. Zie Ps. 137:7. Psalmen 137:7: JAHWEH! gedenk aan de kinderen van Edom, aan de dag van Jeruzalem; die daar zeiden: Ontbloot ze, ontbloot ze, tot haar fondament toe!"
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ezech. 25:15. Ezechiël 25:15: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat de Filistijnen door wraak gehandeld hebben, en van harte wraak geoefend hebben door plundering, om te vernielen door een eeuwige vijandschap;",
          "text1637": "Ezech. 25.15.",
          "text2026": "Ez. 25:15. Ezechiël 25:15: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat de Filistijnen door wraak gehandeld hebben, en van hart wraak geoefend hebben door plundering, om te vernielen door een eeuwige vijandschap;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יַ֗עַן",
          "strongs": "H3282",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הֱי֤וֹת",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "לְ/ךָ֙",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֵיבַ֣ת",
          "strongs": "H342",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָ֔ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/תַּגֵּ֥ר",
          "strongs": "H5064",
          "morph": "HC/Vhw2ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵֽי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֖ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְדֵי",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc"
        },
        {
          "woord": "חָ֑רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֵ֣ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "אֵידָ֔/ם",
          "strongs": "H343",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֵ֖ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "עֲוֺ֥ן",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "קֵֽץ",
          "strongs": "H7093",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Omdat u een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> eeuwige<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> vijandschap hebt, en hebt de Israëlieten doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> wegvloeien door<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> het geweld van het zwaard, ten tijde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> van hun verderf, ten tijde van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> de uiterste ongerechtigheid;",
      "textSV1888_html": "Omdat gij een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> eeuwige<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> vijandschap hebt, en hebt de kinderen Israëls doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> wegvloeien door<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> het geweld des zwaards, ten tijde huns<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> verderfs, ten tijde der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> uiterste ongerechtigheid;",
      "text1637_html": "Om dat ghy een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> eeuwige <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> vyantschap hebt; ende hebt de kinderen Israëls doen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> wechvloeyen door <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> ’t gewelt des sweerts: ter tijt hares <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> verderfs, ter tijt der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> uyterste ongerechticheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "kinderen Israëls",
          "new": "Israëlieten",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des zwaards,",
          "new": "van het zwaard,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "huns verderfs,",
          "new": "van hun verderf,",
          "principe": "V205"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE; Ik zal u voorzeker ten bloede bereiden, en het bloed zal u vervolgen; alzo gij het bloed niet hebt gehaat, zal u het bloed ook vervolgen.",
      "text1637": "Daerom, [soo waerachtich als] ick leve, spreeckt de Heere HEERE; ick sal u voorseker ten [11] bloede bereyden, ende het [12] bloet sal u vervolgen: also ghy het [13] bloet niet en hebt gehaet, sal u ’t bloet oock vervolgen.",
      "text2026": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt Adonai JAHWEH; Ik zal u voorzeker ten bloede bereiden, en het bloed zal u vervolgen; zo u het bloed niet hebt gehaat, zal u het bloed ook vervolgen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "11 ten bloede bereiden: Dat is, om gedood of vermoord te worden; zie Gen. 4:10, en boven Ezech. 16:36, en Ezech. 21:32. Of, Ik zal u tot bloed maken; dat is, u alzo toerichten, dat het land vol van uw eigen bloed, en om zo te spreken niet dan louter bloed zal zijn. Genesis 4:10: En Hij zeide: Wat hebt gij gedaan? daar is een stem des bloeds van uw broeder, dat tot Mij roept van den aardbodem. Ezechiël 16:36: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat uw vergif uitgestort is, en uw schaamte door uw hoererijen met uw boelen ontdekt is, en met al de drekgoden uwer gruwelen, en na het bloed uwer kinderen, dat gij hun gegeven hebt; Ezechiël 21:32: Het vuur zult gij tot spijze zijn, uw bloed zal zijn in het midden des lands; uwer zal niet gedacht worden; want Ik, de HEERE, heb het gesproken.",
          "text1637": "D. om gedoodt ofte vermoordt te worden. Siet Gen. 4. op vers 10. ende bov. 16.36. ende 21.32. ofte, ick sal u tot bloet maken. D. u alsoo toerichten, dat het lant vol van u eygen bloet, ende (om soo te spreken) niet als louter bloet sal zijn.",
          "text2026": "11 ten bloede bereiden: Dat is, om gedood of vermoord te worden; zie Gen. 4:10, en boven Ez. 16:36, en Ez. 21:32. Of, Ik zal u tot bloed maken; dat is, u zo toerichten, dat het land vol van uw eigen bloed, en om zo te spreken niet dan louter bloed zal zijn. Genesis 4:10: En Hij zei: Wat hebt u gedaan? daar is een stem van het bloed van uw broer, dat tot Mij roept van de aardbodem. Ezechiël 16:36: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat uw vergif uitgestort is, en uw schaamte door uw hoererijen met uw boelen ontdekt is, en met al de drekgoden uw gruwelen, en na het bloed uw kinderen, dat u hun gegeven hebt; Ezechiël 21:32: Het vuur zult u tot voedsel zijn, uw bloed zal zijn in het midden van het land; uw zal niet gedacht worden; want Ik, JAHWEH, heb het gesproken."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 het bloed zal u vervolgen: Dat is, doodslag en moord, en voorts de doodslagers. Of, het bloed zal u navolgen, als overal gestort zijnde en vloeiende.",
          "text1637": "D. dootslach ende moort, ende voorts, de dootslagers. ofte, het bloet sal u navolgen, als over al gestort zijnde ende vloeyende.",
          "text2026": "12 het bloed zal u vervolgen: Dat is, doodslag en moord, en verder de moordenaars. Of, het bloed zal u navolgen, als overal gestort zijnde en vloeiende."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "13 het bloed [niet] hebt gehaat: Dat is, moord en doodslag van mijn volk met lust hebt aangezien en bevorderd.",
          "text1637": "D. moort ende dootslach mijns volcks met lust hebt aengesien, ende gevordert.",
          "text2026": "13 het bloed [niet] hebt gehaat: Dat is, moord en doodslag van mijn volk met lust hebt aangezien en bevorderd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֣ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "חַי",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אָ֗נִי",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם֙",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֣/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִ֔ה",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָ֥ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶעֶשְׂ/ךָ֖",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/דָ֣ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יִרְדֲּפֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HVqi3ms/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "דָ֛ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "שָׂנֵ֖אתָ",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/דָ֥ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יִרְדֲּפֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HVqi3ms/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt Adonai JAHWEH; Ik zal u voorzeker ten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> bloede bereiden, en het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> bloed zal u vervolgen; zo u het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> bloed niet hebt gehaat, zal u het bloed ook vervolgen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE; Ik zal u voorzeker ten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> bloede bereiden, en het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> bloed zal u vervolgen; alzo gij het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> bloed niet hebt gehaat, zal u het bloed ook vervolgen.",
      "text1637_html": "Daerom, [soo waerachtich als] ick leve, spreeckt de Heere HEERE; ick sal u voorseker ten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> bloede bereyden, ende het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> bloet sal u vervolgen: also ghy het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> bloet niet en hebt gehaet, sal u ’t bloet oock vervolgen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de Heere HEERE;",
          "new": "Adonai JAHWEH;",
          "principe": "G4"
        },
        {
          "old": "alzo gij",
          "new": "zo u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "En Ik zal het gebergte Seïr tot de uiterste verwoesting stellen; en Ik zal uit hetzelve uitroeien dien, die er doorgaat, en dien, die wederkeert.",
      "text1637": "Ende ick sal ’t geberchte Seïr tot de [14] uyterste verwoestinge stellen: ende ick sal uyt het selve uytroeyen [15] dien dieder doorgaet, ende dien die wederkeert.",
      "text2026": "En Ik zal het gebergte Seïr tot de uiterste verwoesting stellen; en Ik zal daaruit uitroeien die, die er doorgaat, en die, die terugkeert.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "14 uiterste verwoesting: Of, enkel verwoesting, gelijk vers 3, hoewel de Hebreeuwse woorden zijnde van één oorsprong een weinig verschillen. Ezechiël 35:3: En zeg tot hetzelve: Alzo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een verwoesting en een strik.",
          "text1637": "Ofte, enckele verwoestinge. als vers 3. hoewel de Hebr. woorden (zijnde van eenen oorspronck) een weynich verschelen.",
          "text2026": "14 uiterste verwoesting: Of, enkel verwoesting, gelijk vers 3, hoewel de Hebreeuwse woorden zijnde van één oorsprong een weinig verschillen. Ezechiël 35:3: En zeg tot hetzelfde: Zo zegt de Heer JAHWEH: Zie, Ik wil aan u, o gebergte Seïr! en Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, en zal u stellen tot een verwoesting en een strik."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 dien, die er doorgaat: Ik zal het zo woest maken, dat er niemand wonen noch in- of uitgaan zal.",
          "text1637": "Ick sal’t soo woest maken, datter niemant woonen noch in ofte uytgaen sal.",
          "text2026": "15 die, die er doorgaat: Ik zal het zo woest maken, dat er niemand wonen noch in- of uitgaan zal."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/נָֽתַתִּי֙",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ֣ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שֵׂעִ֔יר",
          "strongs": "H8165",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/שִֽׁמְמָ֖ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/שְׁמָמָ֑ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הִכְרַתִּ֥י",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "מִמֶּ֖/נּוּ",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "עֹבֵ֥ר",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/שָֽׁב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En Ik zal het gebergte Seïr tot de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uiterste verwoesting stellen; en Ik zal daaruit uitroeien die,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> die er doorgaat, en die, die terugkeert.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En Ik zal het gebergte Seïr tot de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uiterste verwoesting stellen; en Ik zal uit hetzelve uitroeien<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> dien, die er doorgaat, en dien, die wederkeert.",
      "text1637_html": "Ende ick sal ’t geberchte Seïr tot de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uyterste verwoestinge stellen: ende ick sal uyt het selve uytroeyen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> dien dieder doorgaet, ende dien die wederkeert.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "uit hetzelve",
          "new": "daaruit",
          "principe": "O4"
        },
        {
          "old": "dien,",
          "new": "die,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "dien,",
          "new": "die,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "wederkeert.",
          "new": "terugkeert.",
          "principe": "W2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "En Ik zal zijn bergen met zijn verslagenen vervullen; uw heuvelen, en uw dalen, en al uw stromen, in dezelve zullen de verslagenen van het zwaard liggen.",
      "text1637": "Ende ick sal sijne bergen met sijne verslagene vervullen: [16] uwe heuvelen, ende uwe dalen, ende alle uwe stroomen, [17] in deselve sullen de verslagene van den sweerde [18] liggen.",
      "text2026": "En Ik zal zijn bergen met zijn verslagenen vervullen; uw heuvelen, en uw dalen, en al uw stromen, daarin zullen de verslagenen van het zwaard liggen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 uw heuvelen: O Edom.",
          "text1637": "ô Edom.",
          "text2026": "16 uw heuvelen: O Edom."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "17 in dezelve: Of, op bij.",
          "text1637": "Ofte, op, by.",
          "text2026": "17 in dezelfde: Of, op bij."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk boven Ezech. 6:6. Ezechiël 6:6: In al uw woningen zullen de steden verwoest en de hoogten tot wildernis worden, opdat uw altaren woest en eenzaam zijn, en uw drekgoden verbroken worden en ophouden, en uw zonnebeelden afgehouwen, en uw werken uitgedelgd worden.",
          "text1637": "Als boven 6.7.",
          "text2026": "Gelijk boven Ez. 6:6. Ezechiël 6:6: In al uw woningen zullen de steden verwoest en de hoogten tot wildernis worden, opdat uw altaren woest en eenzaam zijn, en uw drekgoden verbroken worden en ophouden, en uw zonnebeelden afgehouwen, en uw werken uitgedelgd worden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וּ/מִלֵּאתִ֥י",
          "strongs": "H4390",
          "morph": "HC/Vpq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הָרָ֖י/ו",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "חֲלָלָ֑י/ו",
          "strongs": "H2491",
          "morph": "HAampc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "גִּבְעוֹתֶ֤י/ךָ",
          "strongs": "H1389",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/גֵאוֹתֶ֨י/ךָ֙",
          "strongs": "H1516",
          "morph": "HC/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲפִיקֶ֔י/ךָ",
          "strongs": "H650",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "חַלְלֵי",
          "strongs": "H2491",
          "morph": "HAampc"
        },
        {
          "woord": "חֶ֖רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "יִפְּל֥וּ",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "בָ/הֶֽם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En Ik zal zijn bergen met zijn verslagenen vervullen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uw heuvelen, en uw dalen, en al uw stromen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> daarin zullen de verslagenen van het zwaard<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> liggen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En Ik zal zijn bergen met zijn verslagenen vervullen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uw heuvelen, en uw dalen, en al uw stromen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> in dezelve zullen de verslagenen van het zwaard<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> liggen.",
      "text1637_html": "Ende ick sal sijne bergen met sijne verslagene vervullen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uwe heuvelen, ende uwe dalen, ende alle uwe stroomen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> in deselve sullen de verslagene van den sweerde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> liggen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "in dezelve",
          "new": "daarin",
          "principe": "O3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Tot eeuwige verwoestingen zal Ik u stellen, en uw steden zullen niet bewoond worden; alzo zult gij weten, dat Ik de HEERE ben.",
      "text1637": "[Tot] [19] eeuwige verwoestingen sal ick u stellen, ende uwe steden en sullen niet [20] bewoont worden: also sult ghy weten dat ick de HEERE ben.",
      "text2026": "Tot eeuwige verwoestingen zal Ik u stellen, en uw steden zullen niet bewoond worden; zo zult u weten, dat Ik JAHWEH ben.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "19 eeuwige verwoestingen: Hebreeuws, verwoestingen der eeuwigheid.",
          "text1637": "Hebr. verwoestingen der eeuwicheyt.",
          "text2026": "19 eeuwige verwoestingen: Hebreeuws, verwoestingen van de eeuwigheid (עוֹלָם)."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 bewoond worden: Anders: wederkeren. De zin is, dat zij niet herbouwd zullen worden om te bewonen.",
          "text1637": "And. wederkeeren. De sin is, datse niet herbouwt sullen worden om te bewoonen.",
          "text2026": "20 bewoond worden: Anders: terugkeren. De zin is, dat zij niet herbouwd zullen worden om te bewonen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִֽׁמְמ֤וֹת",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָם֙",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶתֶּנְ/ךָ֔",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָרֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HC/Ncfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תישבנה",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi3fp"
        },
        {
          "woord": "וִֽ/ידַעְתֶּ֖ם",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/Vqq2mp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֥י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Tot eeuwige verwoestingen zal Ik u stellen, en uw steden zullen niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> bewoond worden; zo zult u weten, dat Ik JAHWEH ben.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Tot eeuwige verwoestingen zal Ik u stellen, en uw steden zullen niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> bewoond worden; alzo zult gij weten, dat Ik de HEERE ben.",
      "text1637_html": "[Tot] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> eeuwige verwoestingen sal ick u stellen, ende uwe steden en sullen niet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> bewoont worden: also sult ghy weten dat ick de HEERE ben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Omdat gij zegt: Die twee volken en die twee landen zullen mij geworden, en wij zullen ze erfelijk bezitten, ofschoon de HEERE daar ware;",
      "text1637": "Om dat ghy segt, Die [21] twee volcken, ende die twee landen sullen my geworden, [b] ende [22] wy sullense erflick besitten, [23] al ware schoon de HEERE daer.",
      "text2026": "Omdat u zegt: Die twee volken en die twee landen zullen mij geworden, en wij zullen ze erfelijk bezitten, hoewel JAHWEH daar was;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "21 twee volken: Juda en de tien stammen.",
          "text1637": "Iuda, ende de 10 stammen.",
          "text2026": "21 twee volken: Juda en de tien stammen."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "22 wij zullen ze erfelijk bezitten: Zie onder Ezech. 36:5. Ezechiël 36:5: Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Zo Ik niet in het vuur Mijns ijvers gesproken heb tegen het overblijfsel der heidenen, en tegen het ganse Edom; die Mijn land zichzelven ten erve gegeven hebben met blijdschap des gansen harten, met begerige plundering, opdat de landerij daarvan ten rove zou zijn!",
          "text1637": "Siet onder 36.5.",
          "text2026": "22 wij zullen ze erfelijk bezitten: Zie onder Ez. 36:5. Ezechiël 36:5: Daarom, zo zegt de Heer JAHWEH: Zo Ik niet in het vuur Mijns ijvers gesproken heb tegen het overblijfsel van de heidenen, en tegen het gehele Edom; die Mijn land zichzelf ten erve gegeven hebben met blijdschap van de gansen harten, met begerige plundering, opdat de landerij daarvan ten rove zou zijn!"
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "23 ofschoon de HEERE daar ware: Of, ofschoon de HEERE daar geweest is; dat is gewoond heeft. De zin is: Over God, overal, gelijk goddeloze vijanden spreken zij zullen voor ons zijn, wij zijn er nu de naasten toe, niemand zal het ons kunnen ontnemen. Anders: waar de Heere geweest is, verstaande dit van Juda, waar des Heeren tempel geweest was; vergelijk onder Ezech. 36:2, met de aantekening. Ezechiël 36:2: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat de vijand van u zegt: Heah! zelfs de eeuwige hoogten zijn ons ten erve geworden!",
          "text1637": "Ofte, of schoon de HEERE daer geweest is. D. gewoont heeft. De sin is, over Godt, over al, (als godtloose vyanden spreken) sy sullen voor ons zijn, wy zijnder nu de naeste toe, niemant salse ons konnen ontwenden. And. daer de Heere geweest is, verstaende dit van Iuda, daer des Heeren Tempel geweest was. Vergel. onder 36.2. met d’aenteeck.",
          "text2026": "23 ofschoon JAHWEH daar ware: Of, ofschoon JAHWEH daar geweest is; dat is gewoond heeft. De zin is: Over God, overal, gelijk goddeloze vijanden spreken zij zullen voor ons zijn, wij zijn er nu de naasten toe, niemand zal het ons kunnen ontnemen. Anders: waar de Heer geweest is, verstaande dit van Juda, waar van de Heern tempel geweest was; vergelijk onder Ez. 36:2, met de aantekening. Ezechiël 36:2: Zo zegt de Heer JAHWEH: Omdat de vijand van u zegt: Heah! zelfs de eeuwige hoogten zijn ons ten erve geworden!"
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 83:13. Psalmen 83:13: Die zeiden: Laat ons de schone woningen Gods voor ons in erfelijke bezitting nemen.",
          "text1637": "Psal. 83.13.",
          "text2026": "Ps. 83:13. Psalmen 83:13: Die zeiden: Laat ons de schone woningen Gods voor ons in erfelijke bezitting nemen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יַ֣עַן",
          "strongs": "H3282",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֲ֠מָרְ/ךָ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "שְׁנֵ֨י",
          "strongs": "H8147",
          "morph": "HAcmdc"
        },
        {
          "woord": "הַ/גּוֹיִ֜ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "שְׁתֵּ֧י",
          "strongs": "H8147",
          "morph": "HAcfdc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֲרָצ֛וֹת",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbpa"
        },
        {
          "woord": "לִ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תִהְיֶ֖ינָה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi3fp"
        },
        {
          "woord": "וִֽ/ירַשְׁנ֑וּ/הָ",
          "strongs": "H3423",
          "morph": "HC/Vqq1cp/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/יהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֥ם",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "הָיָֽה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Omdat u zegt: <span class=\"direct-speech\"><i>Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> twee volken en die twee landen zullen mij geworden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> wij zullen ze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> erfelijk bezitten,</i></span> hoewel JAHWEH daar was;",
      "textSV1888_html": "Omdat gij zegt: Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> twee volken en die twee landen zullen mij geworden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> wij zullen ze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> erfelijk bezitten, ofschoon de HEERE daar ware;",
      "text1637_html": "Om dat ghy segt, Die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> twee volcken, ende die twee landen sullen my geworden, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> wy sullense erflick besitten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> al ware schoon de HEERE daer.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "ofschoon de HEERE",
          "new": "hoewel JAHWEH",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "ware;",
          "new": "was;",
          "principe": "V818"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE: Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw nijdigheid, die gij uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij hen bekend worden, wanneer Ik u zal gericht hebben.",
      "text1637": "Daerom, [soo waerachtich als] ick leve, spreeckt de Heere HEERE, Ick sal oock handelen, nae uwen toorn, ende nae uwe nydicheyt, [24] die ghy uyt uwen haet tegen hen hebt te wercke gestelt: ende ick sal by [25] hen bekent worden, wanneer ick u sal [26] gericht hebben.",
      "text2026": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt Adonai JAHWEH: Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw afgunst, die u uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij hen bekend worden, wanneer Ik u zal gericht hebben.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "24 die gij uit: Of, gelijk gij met, of tegen hen gehandeld hebt.",
          "text1637": "Ofte, gelijck ghy met, ofte, tegen haer gehandelt hebt.",
          "text2026": "24 die u uit: Of, gelijk u met, of tegen hen gehandeld hebt."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 bij hen: Bij mijn volk, die alsdan zullen bevinden dat Ik hun vriend ben, als Ik hunne doodvijanden zal hebben uitgeroeid.",
          "text1637": "By mijn volck, die alsdan sullen bevinden dat ick haer vrient ben, als ick hare doodt-vyanden sal hebben uytgeroeyt.",
          "text2026": "25 bij hen: Bij mijn volk, die alsdan zullen bevinden dat Ik hun vriend ben, als Ik hunne doodvijanden zal hebben uitgeroeid."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "26 gericht hebben: Dat is, gestraft.",
          "text1637": "D. gestraft.",
          "text2026": "26 gericht hebben: Dat is, gestraft."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֣ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "חַי",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אָ֗נִי",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם֮",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֣/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִה֒",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָשִׂ֗יתִי",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/אַפְּ/ךָ֙",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/כְ/קִנְאָ֣תְ/ךָ֔",
          "strongs": "H7068",
          "morph": "HC/R/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "עָשִׂ֔יתָה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/שִּׂנְאָתֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H8135",
          "morph": "HR/Ncfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בָּ֑/ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/נוֹדַ֥עְתִּי",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/VNq1cs"
        },
        {
          "woord": "בָ֖/ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "אֶשְׁפְּטֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H8199",
          "morph": "HVqi1cs/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt Adonai JAHWEH: <span class=\"god-speaks\"><i>Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw afgunst,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> die u uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hen bekend worden, wanneer Ik u zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gericht hebben.</i></span></i></span>",
      "textSV1888_html": "Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE: Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw nijdigheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> die gij uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hen bekend worden, wanneer Ik u zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gericht hebben.",
      "text1637_html": "Daerom, [soo waerachtich als] ick leve, spreeckt de Heere HEERE, Ick sal oock handelen, nae uwen toorn, ende nae uwe nydicheyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> die ghy uyt uwen haet tegen hen hebt te wercke gestelt: ende ick sal by <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hen bekent worden, wanneer ick u sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gericht hebben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de Heere HEERE:",
          "new": "Adonai JAHWEH:",
          "principe": "G4"
        },
        {
          "old": "nijdigheid,",
          "new": "afgunst,",
          "principe": "V750"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "En gij zult weten, dat Ik, de HEERE, al uw lasteringen gehoord heb, die gij tegen de bergen Israëls gesproken hebt, zeggende: Zij zijn verwoest, zij zijn ons ter spijze gegeven.",
      "text1637": "Ende ghy sult weten, [27] dat ick, de HEERE, alle uwe lasteringen gehoort hebbe, die ghy tegen de bergen Israëls gesproken hebt, seggende, Sy zijn verwoest: sy zijn ons ter [28] spijse gegeven.",
      "text2026": "En u zult weten, dat Ik, JAHWEH, al uw lasteringen gehoord heb, die u tegen de bergen van Israël gesproken hebt, zeggende: Zij zijn verwoest, zij zijn ons tot voedsel gegeven.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "27 dat Ik, de HEERE: Of, dat Ik de HEERE [ben, en dat] Ik, enz.",
          "text1637": "Ofte, dat ick de HEERE [ben, ende dat] ick etc.",
          "text2026": "27 dat Ik, JAHWEH: Of, dat Ik JAHWEH [ben, en dat] Ik, enz."
        },
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "28 ter spijze gegeven: Zie Deut. 31:17. Deuteronomium 31:17: Zo zal Mijn toorn te dien dage tegen hetzelve ontsteken, en Ik zal hen verlaten, en Mijn aangezicht van hen verbergen, dat zij ter spijze zijn, en vele kwaden en benauwdheden zullen het treffen; dat het te dien dage zal zeggen: Hebben mij deze kwaden niet getroffen, omdat mijn God in het midden van mij niet is?",
          "text1637": "Siet Deut. 31. op vers 17.",
          "text2026": "28 ter voedsel gegeven: Zie Deut. 31:17. Deuteronomium 31:17: Zo zal Mijn toorn op die dag tegen hetzelfde ontsteken, en Ik zal hen verlaten, en Mijn aangezicht van hen verbergen, dat zij ter voedsel zijn, en vele kwaden en benauwdheden zullen het treffen; dat het op die dag zal zeggen: Hebben mij deze kwaden niet getroffen, omdat mijn God in het midden van mij niet is?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְֽ/יָדַעְתָּ֮",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֣י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֒",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שָׁמַ֣עְתִּי",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "נָאָֽצוֹתֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H5007",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֛רְתָּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָרֵ֥י",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֖ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֣ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "שממה",
          "strongs": "H8074",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "לָ֥/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "נִתְּנ֖וּ",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVNp3cp"
        },
        {
          "woord": "לְ/אָכְלָֽה",
          "strongs": "H402",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En u zult weten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> dat Ik, JAHWEH, al uw lasteringen gehoord heb, die u tegen de bergen van Israël gesproken hebt, zeggende: <span class=\"direct-speech\"><i>Zij zijn verwoest, zij zijn ons tot voedsel gegeven.</i></span></i></span>",
      "textSV1888_html": "En gij zult weten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> dat Ik, de HEERE, al uw lasteringen gehoord heb, die gij tegen de bergen Israëls gesproken hebt, zeggende: Zij zijn verwoest, zij zijn ons ter<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> spijze gegeven.",
      "text1637_html": "Ende ghy sult weten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> dat ick, de HEERE, alle uwe lasteringen gehoort hebbe, die ghy tegen de bergen Israëls gesproken hebt, seggende, Sy zijn verwoest: sy zijn ons ter <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> spijse gegeven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Israëls",
          "new": "van Israël",
          "principe": "O26"
        },
        {
          "old": "ter spijze",
          "new": "tot voedsel",
          "principe": "V49"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Alzo hebt gij u met uw mond tegen Mij groot gemaakt, en uw woorden tegen Mij vermenigvuldigd; Ik heb het gehoord.",
      "text1637": "Alsoo hebbet ghy u met uwen mont tegen my [29] groot gemaeckt, ende uwe woorden tegen my [30] vermenichvuldicht: Ick heb ’t gehoort.",
      "text2026": "Zo hebt u zich met uw mond tegen Mij groot gemaakt, en uw woorden tegen Mij vermenigvuldigd; Ik heb het gehoord.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "29 groot gemaakt: Dat is, stout en trots tegen mij gesproken, mij met pochen en snorken als bespot. Zie van deze manier van spreken Ps. 35:26. Psalmen 35:26: Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken.",
          "text1637": "D. stout ende trotz tegen my gesproken, my met pocchen ende snorcken als gebraveert. Siet van dese manier van spreken Psal. 35. op vers 26.",
          "text2026": "29 groot gemaakt: Dat is, stout en trots tegen mij gesproken, mij met pochen en snorken als bespot. Zie van deze manier van spreken Ps. 35:26. Psalmen 35:26: Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken."
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, veel gesnaters tegen mij gevoerd. Het Hebreeuwse woord athar of gnathar heeft de betekenis van menigte, of overvloed van woorden, of zaken, meest in het goede, wanneer het genomen wordt van veel smeken, en ernstig of heftig hebben; (waarin menigte van woorden gebruikt wordt) of overvloed van allerlei zegen. Zie Gen. 25:21; Exod. 8:8, enz.; Jer. 33:6; maar hier van de trotse snaters en gesnaps, gelijk wanneer iemand (gelijk men zegt) de vlag voert. Alzo is het boven Ezech. 8:11 gebruikt van den overvloed van het afgodische reukwerk. Genesis 25:21: En Izak bad den HEERE zeer in de tegenwoordigheid van zijn huisvrouw; want zij was onvruchtbaar; en de HEERE liet zich van hem verbidden, zodat Rebekka, zijn huisvrouw, zwanger werd. Exodus 8:8: En Farao riep Mozes en Aäron, en zeide: Bidt vuriglijk tot den HEERE, dat Hij de vorsen van mij en van mijn volk wegneme; zo zal ik het volk trekken laten, dat zij den HEERE offeren. Jeremia 33:6: Zie, Ik zal haar de gezondheid en de genezing doen rijzen, en zal henlieden genezen, en zal hun openbaren overvloed van vrede en waarheid. Ezechiël 8:11: En zeventig mannen uit de oudsten van het huis Israëls, met Jaazanja, den zoon van Safan, staande in het midden van hen, stonden voor hun aangezichten; en een ieder had zijn rookvat in zijn hand, en een overvloedige wolk des reukwerks ging op.",
          "text1637": "D. veel gesnaters tegen my gevoert. het Hebr. woort Athar ofte gnathar heeft de beteeckeninge van menichte ofte overvloet van woorden, ofte saken, meest in’t goede, wanneer het genomen wort van veel smeecken ende eernstich, ofte heftich bidden, (daer in menichte van woorden gebruyckt wort) ofte overvloet van allerleyen segen, siet Genes. 25.21. Erod. 8.8. etc. Ier. 33.6. maer hier van de trotse Edomiters, in’t quade, van veel gesnaters ende gesnaps, gelijck wanneer yemant (alsmen seyt) de vlagge voert. alsoo is ’t boven 8.11. gebruyckt van den overvloet des Afgodischen reuckwercks.",
          "text2026": "Dat is, veel gesnaters tegen mij gevoerd. Het Hebreeuwse woord athar of gnathar heeft de betekenis van menigte, of overvloed van woorden, of zaken, meest in het goede, wanneer het genomen wordt van veel smeken, en ernstig of heftig hebben; (waarin menigte van woorden gebruikt wordt) of overvloed van allerlei zegen. Zie Gen. 25:21; Ex. 8:8, enz.; Jer. 33:6; maar hier van de trotse snaters en gesnaps, gelijk wanneer iemand (gelijk men zegt) de vlag voert. Zo is het boven Ez. 8:11 gebruikt van de overvloed van het afgodische reukwerk. Genesis 25:21: En Izak bad JAHWEH zeer in de aanwezigheid van zijn huisvrouw; want zij was onvruchtbaar; en JAHWEH liet zich van hem verbidden, zodat Rebekka, zijn huisvrouw, zwanger werd. Exodus 8:8: En Farao riep Mozes en Aäron, en zei: Bidt vuriglijk tot JAHWEH, dat Hij de vorsen van mij en van mijn volk wegneme; zo zal ik het volk trekken laten, dat zij JAHWEH offeren. Jeremia 33:6: Zie, Ik zal haar de gezondheid en de genezing doen rijzen, en zal henlieden genezen, en zal hun openbaren overvloed van vrede en waarheid. Ezechiël 8:11: En zeventig mannen uit de oudsten van het huis van Israël, met Jaazanja, de zoon van Safan, staande in het midden van hen, stonden voor hun aangezichten; en een ieder had zijn rookvat in zijn hand, en een overvloedige wolk van het reukwerk ging op."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/תַּגְדִּ֤ילוּ",
          "strongs": "H1431",
          "morph": "HC/Vhw2mp"
        },
        {
          "woord": "עָלַ/י֙",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/פִי/כֶ֔ם",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַעְתַּרְתֶּ֥ם",
          "strongs": "H6280",
          "morph": "HC/Vhq2mp"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֖/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "דִּבְרֵי/כֶ֑ם",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֖י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׁמָֽעְתִּי",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zo hebt u zich met uw mond tegen Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> groot gemaakt, en uw woorden tegen Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> vermenigvuldigd; Ik heb het gehoord.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Alzo hebt gij u met uw mond tegen Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> groot gemaakt, en uw woorden tegen Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> vermenigvuldigd; Ik heb het gehoord.",
      "text1637_html": "Alsoo hebbet ghy u met uwen mont tegen my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> groot gemaeckt, ende uwe woorden tegen my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> vermenichvuldicht: Ick heb ’t gehoort.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Alzo",
          "new": "Zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "",
          "new": "zich",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Alzo zegt de Heere HEERE: Gelijk het ganse land verblijd is, alzo zal Ik u de verwoesting aandoen.",
      "text1637": "Alsoo seyt de Heere HEERE, [31] Gelijck het gantsche lant verblijdt is, [32] [alsoo] sal ick u de verwoestinge aendoen.",
      "text2026": "Zo zegt Adonai JAHWEH: Gelijk het hele land verblijd is, zo zal Ik u de verwoesting aandoen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 Gelijk het ganse land verblijd is: Gelijk het ganse land der Edomieten zich verheugd heeft over Israëls verwoesting, alzo zal Ik hun ganse land daarom ook weder verwoesten. Zie vers 15. Anders: als de ganse aarde verblijd is [dan] zal Ik, enz.; dat is, als er overal blijdschap zal wezen over de weldaden, die Ik mijn volk zal bewijzen, voornamelijk door den Messias, dan zult gij geplaagd en verwoest zijn. Ezechiël 35:15: Gelijk gij u verblijd hebt over de erfenis van het huis Israëls, omdat zij verwoest is, alzo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en gans Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.",
          "text1637": "Gelijck het gantsche lant der Edomiten sich verheugt heeft over Israels verwoestinge, alsoo sal ick haer gantsche lant daerom oock weder verwoesten, siet het volgende vers And. als de gantsche aerde verblijdt is, [dan] sal ick, etc. Dat is, alsser over al blijtschap sal wesen over de weldaden, die ick mijnen volcke sal bewijsen, principalick door den Messiam, Dan sult ghy geplaecht ende verwoest zijn.",
          "text2026": "31 Gelijk het gehele land verblijd is: Gelijk het gehele land van de Edomieten zich verheugd heeft over Israëls verwoesting, zo zal Ik hun gehele land daarom ook weer verwoesten. Zie vers 15. Anders: als de gehele aarde verblijd is [dan] zal Ik, enz.; dat is, als er overal blijdschap zal wezen over de weldaden, die Ik mijn volk zal bewijzen, voornamelijk door de Messias, dan zult u geplaagd en verwoest zijn. Ezechiël 35:15: Gelijk u u verblijd hebt over de erfenis van het huis van Israël, omdat zij verwoest is, zo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en geheel Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik JAHWEH ben."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dit woord is hier tot aanvulling van den zin ingevoegd uit vers 15. Ezechiël 35:15: Gelijk gij u verblijd hebt over de erfenis van het huis Israëls, omdat zij verwoest is, alzo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en gans Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.",
          "text1637": "Dit woordeken is hier tot vervullinge van den sin ingevoecht uyt het volgende vers.",
          "text2026": "Dit woord is hier tot aanvulling van de zin ingevoegd uit vers 15. Ezechiël 35:15: Gelijk u u verblijd hebt over de erfenis van het huis van Israël, omdat zij verwoest is, zo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en geheel Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik JAHWEH ben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כֹּ֥ה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֖ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֣/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִ֑ה",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כִּ/שְׂמֹ֨חַ֙",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֔רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "שְׁמָמָ֖ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶעֱשֶׂה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לָּֽ/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo zegt Adonai JAHWEH: <span class=\"god-speaks\"><i>Gelijk het hele land verblijd is,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> zo zal Ik u de verwoesting aandoen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Alzo zegt de Heere HEERE:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> Gelijk het ganse land verblijd is,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> alzo zal Ik u de verwoesting aandoen.",
      "text1637_html": "Alsoo seyt de Heere HEERE, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> Gelijck het gantsche lant verblijdt is, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> [alsoo] sal ick u de verwoestinge aendoen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Alzo",
          "new": "Zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "de Heere HEERE:",
          "new": "Adonai JAHWEH:",
          "principe": "G4"
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Gelijk gij u verblijd hebt over de erfenis van het huis Israëls, omdat zij verwoest is, alzo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en gans Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.",
      "text1637": "[33] Gelijck ghy u verblijdt hebt over de [34] erffenisse des huyses Israëls, om datse verwoest is, alsoo sal ick aen u doen: ’Tgeberchte Seïrs, ende [35] gantsch Edom, sal geheel eene verwoestinge worden: ende sy sullen weten, dat ick de HEERE ben.",
      "text2026": "Gelijk u zich verblijd hebt over de erfenis van het huis van Israël, omdat zij verwoest is, zo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en geheel Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik JAHWEH ben.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "33 Gelijk gij u verblijd hebt: Hebreeuws, naar uwe blijdschap. Vergelijk boven vers 11, en elders dikwijls. Ezechiël 35:11: Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE: Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw nijdigheid, die gij uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij hen bekend worden, wanneer Ik u zal gericht hebben.",
          "text1637": "Hebr. nae uwe blijtschap. Vergel. boven vers 11. ende elders dickwijls.",
          "text2026": "33 Gelijk u u verblijd hebt: Hebreeuws, naar uwe blijdschap (שִׂמְחָתְ). Vergelijk boven vers 11, en elders dikwijls. Ezechiël 35:11: Daarom, zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heer JAHWEH: Ik zal ook handelen naar uw toorn en naar uw nijdigheid, die u uit uw haat tegen hen hebt te werk gesteld; en Ik zal bij hen bekend worden, wanneer Ik u zal gericht hebben."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "34 over de erfenis van het huis Israëls: Over de verwoesting van het land Kanaän, dat ik Israël (en niet u) ten erve gegeven heb.",
          "text1637": "Over de verwoestinge van’t lant Canaan, dat ick Israel (ende niet u) ten erve gegeven hebbe.",
          "text2026": "34 over de erfenis van het huis van Israël: Over de verwoesting van het land Kanaän, dat ik Israël (en niet u) ten erve gegeven heb."
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "35 gans Edom: Gelijk het ganse land Edom over Israëls ellende gejuicht heeft, gelijk in vers 14 gezegd is. Ezechiël 35:14: Alzo zegt de Heere HEERE: Gelijk het ganse land verblijd is, alzo zal Ik u de verwoesting aandoen.",
          "text1637": "Gelijck het gantsche lant Edom over Israels elende gejuycht heeft, als in’t voorgaende vers geseyt is.",
          "text2026": "35 geheel Edom: Gelijk het gehele land Edom over Israëls ellende gejuicht heeft, gelijk in vers 14 gezegd is. Ezechiël 35:14: Zo zegt de Heer JAHWEH: Gelijk het gehele land verblijd is, zo zal Ik u de verwoesting aandoen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כְּ/שִׂמְחָ֨תְ/ךָ֜",
          "strongs": "H8057",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/נַחְלַ֧ת",
          "strongs": "H5159",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "בֵּֽית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֛ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עַ֥ל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "שָׁמֵ֖מָה",
          "strongs": "H8074",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֣ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אֶעֱשֶׂה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לָּ֑/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "שְׁמָמָ֨ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "תִֽהְיֶ֤ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "הַר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שֵׂעִיר֙",
          "strongs": "H8165",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱד֣וֹם",
          "strongs": "H123",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כֻּלָּ֔/הּ",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָדְע֖וּ",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֥י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Gelijk u zich verblijd hebt over de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> erfenis van het huis van Israël, omdat zij verwoest is, zo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> geheel Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik JAHWEH ben.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> Gelijk gij u verblijd hebt over de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> erfenis van het huis Israëls, omdat zij verwoest is, alzo zal Ik aan u doen; het gebergte van Seïr, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> gans Edom, zal geheel een verwoesting worden; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> Gelijck ghy u verblijdt hebt over de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> erffenisse des huyses Israëls, om datse verwoest is, alsoo sal ick aen u doen: ’Tgeberchte Seïrs, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> gantsch Edom, sal geheel eene verwoestinge worden: ende sy sullen weten, dat ick de HEERE ben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "",
          "new": "zich",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Israëls,",
          "new": "van Israël,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "gans",
          "new": "geheel",
          "principe": "V414"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Prophetye van de uyterste verwoestingen der Edomiten, om haren geduerigen bitteren haet ende lasteringen tegen Godts volck, ende hare vreuchde over desselven elenden.",
    "text2026": "Profetie over de uiterste verwoesting van de Edomieten, om hun voortdurende bittere haat en lasteringen tegen Gods volk, en hun vreugde over diens ellende."
  }
}
