{
  "number": 26,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "In het begin des koninkrijks van Jojakim, den zoon van Josia, koning van Juda, geschiedde dit woord van den HEERE, zeggende:",
      "text1637": "IN ’t begin des Coninckrijcks Iojakims, des soons Iosia, Conincx van Iuda, geschiedde dit woort van den HEERE, seggende:",
      "text2026": "In het begin van het koninkrijk van Jojakim, de zoon van Josia, koning van Juda, kwam dit woord van JAHWEH, zeggende:",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/רֵאשִׁ֗ית",
          "strongs": "H7225",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "מַמְלְכ֛וּת",
          "strongs": "H4468",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוֹיָקִ֥ים",
          "strongs": "H3079",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יֹאשִׁיָּ֖הוּ",
          "strongs": "H2977",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶ֣לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֑ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הָיָה֙",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/דָּבָ֣ר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּ֔ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֵ֥ת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR/R"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "In het begin van het koninkrijk van Jojakim, de zoon van Josia, koning van Juda, kwam dit woord van JAHWEH, zeggende:",
      "text1637_html": "IN ’t begin des Coninckrijcks Iojakims, des soons Iosia, Conincx van Iuda, geschiedde dit woort van den HEERE, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschiedde dit woord des HEEREN",
          "new": "kwam dit woord van JAHWEH",
          "principe": "V1230"
        },
        {
          "old": "des koninkrijks",
          "new": "van het koninkrijk",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "geschiedde",
          "new": "gebeurde",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Zo zegt de HEERE: Sta in het voorhof van het huis des HEEREN, en spreek tot alle steden van Juda, die komen om aan te bidden in het huis des HEEREN, al de woorden, die Ik u geboden heb tot hen te spreken, doe er niet een woord af.",
      "text1637": "Soo seyt de HEERE; Staet in den voorhof van het huys des HEEREN, ende spreeckt tot alle steden van Iuda, die komen om [1] aen te bidden, [in] den huyse des HEEREN; alle de woorden, die ick u geboden hebbe tot hen te sprecken: en doetter niet een woort af.",
      "text2026": "Zo zegt JAHWEH: Sta in het voorhof van het huis van JAHWEH, en spreek tot alle steden van Juda, die komen om aan te bidden in het huis van JAHWEH, al de woorden, die Ik u geboden heb tot hen te spreken, doe er niet één woord af.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 aan te bidden: Hebreeuws eigenlijk, zich te buigen, of neder te bukken. Zie Gen. 24:26. Genesis 24:26: Toen neigde die man zijn hoofd, en aanbad den HEERE;",
          "text1637": "Hebr. eyg. sich te buygen, ofte, neder te bucken. siet Gen. 24. op vers 26.",
          "text2026": "1 aan te bidden: Hebreeuws eigenlijk, zich te buigen, of neder te bukken. Zie Gen. 24:26. Genesis 24:26: Toen neigde die man zijn hoofd, en aanbad JAHWEH;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כֹּ֣ה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֣ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עֲמֹד֮",
          "strongs": "H5975",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֲצַ֣ר",
          "strongs": "H2691",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "בֵּית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֒",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/דִבַּרְתָּ֞",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HC/Vpq2ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עָרֵ֣י",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֗ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/בָּאִים֙",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HTd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "לְ/הִשְׁתַּחֲוֺ֣ת",
          "strongs": "H7812",
          "morph": "HR/Vtc"
        },
        {
          "woord": "בֵּית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֚ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֔ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "צִוִּיתִ֖י/ךָ",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HVpp1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/דַבֵּ֣ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִּגְרַ֖ע",
          "strongs": "H1639",
          "morph": "HVqj2ms"
        },
        {
          "woord": "דָּבָֽר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo zegt JAHWEH: <span class=\"god-speaks\"><i>Sta in het voorhof van het huis van JAHWEH, en spreek tot alle steden van Juda, die komen om<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> aan te bidden in het huis van JAHWEH, al de woorden, die Ik u geboden heb tot hen te spreken, doe er niet één woord af.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zo zegt de HEERE: Sta in het voorhof van het huis des HEEREN, en spreek tot alle steden van Juda, die komen om<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> aan te bidden in het huis des HEEREN, al de woorden, die Ik u geboden heb tot hen te spreken, doe er niet een woord af.",
      "text1637_html": "Soo seyt de HEERE; Staet in den voorhof van het huys des HEEREN, ende spreeckt tot alle steden van Iuda, die komen om <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> aen te bidden, [in] den huyse des HEEREN; alle de woorden, die ick u geboden hebbe tot hen te sprecken: en doetter niet een woort af.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE:",
          "new": "JAHWEH:",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN,",
          "new": "van JAHWEH,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des HEEREN,",
          "new": "van JAHWEH,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "een",
          "new": "één",
          "principe": "V735"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Misschien zullen zij horen, en zich bekeren, een iegelijk van zijn bozen weg; zo zou Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hun denk te doen vanwege de boosheid hunner handelingen.",
      "text1637": "Misschien sullense hooren, ende sich bekeeren, een yegelijck van sijnen boosen wech: so soud’ ick [a] [2] berouw hebben over het [3] quaet dat ick hen dencke te doen, van wegen de boosheyt harer handelingen.",
      "text2026": "Misschien zullen zij horen, en zich bekeren, ieder van zijn boze weg; zo zou Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hun denk te doen vanwege de boosheid van hun handelingen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "2 berouw hebben: Zie Gen. 6:6, alzo vers 13, 26:19. Genesis 6:6: Toen berouwde het den HEERE, dat Hij den mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem aan Zijn hart. Jeremia 26:13: Nu dan, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem des HEEREN, uws Gods; zo zal het den HEERE berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft. Jeremia 26:19: Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en gans Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet den HEERE, en smeekte des HEEREN aangezicht, zodat het den HEERE berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen.",
          "text1637": "Siet Gen. 6. op vers 6. alsoo vers 13. ende 19.",
          "text2026": "2 berouw hebben: Zie Gen. 6:6, zo vers 13, 26:19. Genesis 6:6: Toen berouwde JAHWEH, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem aan Zijn hart. Jeremia 26:13: Nu dan, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem van JAHWEH, uws Gods; zo zal JAHWEH berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft. Jeremia 26:19: Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en geheel Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet JAHWEH, en smeekte het aangezicht van JAHWEH, zodat JAHWEH berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Der straf. Zie Gen. 19:19. Genesis 19:19: Zie toch, Uw knecht heeft genade gevonden in Uw ogen, en Gij hebt Uw weldadigheid groot gemaakt, die Gij aan mij gedaan hebt, om mijn ziel te behouden bij het leven; maar ik zal niet kunnen behouden worden naar het gebergte heen, opdat mij niet misschien dat kwaad aankleve, en ik sterve!",
          "text1637": "Der straffe. Siet Gen. 19. op vers 19.",
          "text2026": "Van de straf. Zie Gen. 19:19. Genesis 19:19: Zie toch, Uw knecht heeft genade gevonden in Uw ogen, en U hebt Uw weldadigheid groot gemaakt, die U aan mij gedaan hebt, om mijn ziel te behouden bij het leven; maar ik zal niet kunnen behouden worden naar het gebergte heen, opdat mij niet misschien dat kwaad aankleve, en ik sterve!"
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 18:8. Jeremia 18:8: Maar indien datzelve volk, over hetwelk Ik zulks gesproken heb, zich van zijn boosheid bekeert, zo zal Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hetzelve gedacht te doen.",
          "text1637": "Ierem. 18.8.",
          "text2026": "Jer. 18:8. Jeremia 18:8: Maar als datzelve volk, over dat Ik zulks gesproken heb, zich van zijn boosheid bekeert, zo zal Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hetzelfde gedacht te doen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אוּלַ֣י",
          "strongs": "H194",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁמְע֔וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָשֻׁ֕בוּ",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        },
        {
          "woord": "אִ֖ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/דַּרְכּ֣/וֹ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "הָ/רָעָ֑ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HTd/Aafsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נִחַמְתִּ֣י",
          "strongs": "H5162",
          "morph": "HC/VNq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/רָעָ֗ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֨ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אָנֹכִ֤י",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "חֹשֵׁב֙",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/עֲשׂ֣וֹת",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶ֔ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵ֖י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "רֹ֥עַ",
          "strongs": "H7455",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מַעַלְלֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H4611",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Misschien zullen zij horen, en zich bekeren, ieder van zijn boze weg; zo zou Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> berouw hebben over het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> kwaad, dat Ik hun denk te doen vanwege de boosheid van hun handelingen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Misschien zullen zij horen, en zich bekeren, een iegelijk van zijn bozen weg; zo zou Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> berouw hebben over het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> kwaad, dat Ik hun denk te doen vanwege de boosheid hunner handelingen.",
      "text1637_html": "Misschien sullense hooren, ende sich bekeeren, een yegelijck van sijnen boosen wech: so soud’ ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> berouw hebben over het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> quaet dat ick hen dencke te doen, van wegen de boosheyt harer handelingen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "een iegelijk",
          "new": "ieder",
          "principe": "V5"
        },
        {
          "old": "bozen",
          "new": "boze",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "hunner",
          "new": "van hun",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Zeg dan tot hen: Zo zegt de HEERE: Zo gijlieden naar Mij niet zult horen, dat gij wandelt in Mijn wet, die Ik voor uw aangezicht gegeven heb;",
      "text1637": "Segt dan tot hen; Soo seyt de HEERE: So ghylieden nae my niet en sult hooren, dat ghy wandelet in mijne wet, die ick voor u aengesichte gegeven hebbe:",
      "text2026": "Zeg dan tot hen: Zo zegt JAHWEH: Zo u naar Mij niet zult horen, dat u wandelt in Mijn wet, die Ik voor uw aangezicht gegeven heb;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אָמַרְתָּ֣",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/הֶ֔ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כֹּ֖ה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֣ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֤א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִשְׁמְעוּ֙",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqi2mp"
        },
        {
          "woord": "אֵלַ֔/י",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לָ/לֶ֨כֶת֙",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ת֣וֹרָתִ֔/י",
          "strongs": "H8451",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "נָתַ֖תִּי",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "לִ/פְנֵי/כֶֽם",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zeg dan tot hen: Zo zegt JAHWEH: Zo u naar Mij niet zult horen, dat u wandelt in Mijn wet, die Ik voor uw aangezicht gegeven heb;</i></span>",
      "text1637_html": "Segt dan tot hen; Soo seyt de HEERE: So ghylieden nae my niet en sult hooren, dat ghy wandelet in mijne wet, die ick voor u aengesichte gegeven hebbe:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE:",
          "new": "JAHWEH:",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "gijlieden",
          "new": "u",
          "principe": "A2"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Horende naar de woorden Mijner knechten, de profeten, die Ik tot u zende, zelfs vroeg op zijnde en zendende; doch gij niet gehoord hebt;",
      "text1637": "Hoorende nae de woorden mijner knechten, der Propheten, die ick tot u sende, selfs [b] [4] vroech op zijnde ende sendende; doch ghy niet gehoort en hebt:",
      "text2026": "Horende naar de woorden van Mijn knechten, de profeten, die Ik tot u zend, zelfs vroeg op zijnde en zendende; maar u niet gehoord hebt;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "4 vroeg op zijnde: Zie boven Jer. 7:13. Jeremia 7:13: En nu, omdat gijlieden al deze werken doet, spreekt de HEERE, en Ik tot u gesproken heb, vroeg op zijnde en sprekende, maar gij niet gehoord hebt, en Ik u geroepen, maar gij niet geantwoord hebt;",
          "text1637": "Siet bov. 7. op vers 13.",
          "text2026": "4 vroeg op zijnde: Zie boven Jer. 7:13. Jeremia 7:13: En nu, omdat u al deze werken doet, spreekt JAHWEH, en Ik tot u gesproken heb, vroeg op zijnde en sprekende, maar u niet gehoord hebt, en Ik u geroepen, maar u niet geantwoord hebt;"
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 7:13; idem 7:25; Jer. 11:7; Jer. 25:3. Jeremia 7:13: En nu, omdat gijlieden al deze werken doet, spreekt de HEERE, en Ik tot u gesproken heb, vroeg op zijnde en sprekende, maar gij niet gehoord hebt, en Ik u geroepen, maar gij niet geantwoord hebt; Jeremia 7:25: Van dien dag af, dat uw vaders uit Egypteland zijn uitgegaan, tot op dezen dag, zo heb Ik tot u gezonden al Mijn knechten, de profeten, dagelijks vroeg op zijnde en zendende. Jeremia 11:7: Want Ik heb uw vaderen ernstiglijk betuigd, ten dage als Ik hen uit Egypteland opvoerde, tot op dezen dag, vroeg op zijnde en betuigende, zeggende: Hoort naar Mijn stem! Jeremia 25:3: Van het dertiende jaar van Josia, den zoon van Amon, den koning van Juda, tot op dezen dag toe (dit is het drie en twintigste jaar) is het woord des HEEREN tot mij geschied; en ik heb tot ulieden gesproken, vroeg op zijnde en sprekende, maar gij hebt niet gehoord.",
          "text1637": "Ierem. 7.13, 25. ende 11.7. ende 25.3.",
          "text2026": "Jer. 7:13; idem 7:25; Jer. 11:7; Jer. 25:3. Jeremia 7:13: En nu, omdat u al deze werken doet, spreekt JAHWEH, en Ik tot u gesproken heb, vroeg op zijnde en sprekende, maar u niet gehoord hebt, en Ik u geroepen, maar u niet geantwoord hebt; Jeremia 7:25: Van die dag af, dat uw vaders uit Egypteland zijn uitgegaan, tot op deze dag, zo heb Ik tot u gezonden al Mijn knechten, de profeten, dagelijks vroeg op zijnde en zendende. Jeremia 11:7: Want Ik heb uw vaderen ernstiglijk betuigd, op de dag als Ik hen uit Egypteland opvoerde, tot op deze dag, vroeg op zijnde en betuigende, zeggende: Hoort naar Mijn stem! Jeremia 25:3: Van het dertiende jaar van Josia, de zoon van Amon, de koning van Juda, tot op deze dag toe (dit is het drie en twintigste jaar) is het woord van JAHWEH tot mij geschied; en ik heb tot u gesproken, vroeg op zijnde en sprekende, maar u hebt niet gehoord."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לִ/שְׁמֹ֗עַ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "דִּבְרֵ֨י",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "עֲבָדַ֣/י",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הַ/נְּבִאִ֔ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אָנֹכִ֖י",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "שֹׁלֵ֣חַ",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/כֶ֑ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַשְׁכֵּ֥ם",
          "strongs": "H7925",
          "morph": "HC/Vha"
        },
        {
          "woord": "וְ/שָׁלֹ֖חַ",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HC/Vqa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "שְׁמַעְתֶּֽם",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Horende naar de woorden van Mijn knechten, de profeten, die Ik tot u zend, zelfs<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> vroeg op zijnde en zendende; maar u niet gehoord hebt;</i></span>",
      "textSV1888_html": "Horende naar de woorden Mijner knechten, de profeten, die Ik tot u zende, zelfs<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> vroeg op zijnde en zendende; doch gij niet gehoord hebt;",
      "text1637_html": "Hoorende nae de woorden mijner knechten, der Propheten, die ick tot u sende, selfs <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> vroech op zijnde ende sendende; doch ghy niet gehoort en hebt:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Mijner",
          "new": "van Mijn",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "zende,",
          "new": "zend,",
          "principe": "W14"
        },
        {
          "old": "doch gij",
          "new": "maar u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Zo zal Ik dit huis stellen als Silo, en deze stad zal Ik stellen tot een vloek allen volken der aarde.",
      "text1637": "So sal ick dit huys stellen als [c] [5] Silo: ende dese stadt sal ick stellen tot eenen vloeck, allen volcken der aerde.",
      "text2026": "Zo zal Ik dit huis stellen als Silo, en deze stad zal Ik stellen tot een vloek voor alle volken van de aarde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 7:12, 7:14. Jeremia 7:12: Want gaat nu henen naar Mijn plaats, die te Silo was, alwaar Ik Mijn Naam in het eerst had doen wonen; en ziet, wat Ik daaraan gedaan heb vanwege de boosheid van Mijn volk Israël. Jeremia 7:14: Zo zal Ik aan dit huis, dat naar Mijn Naam genoemd is, waarop gij vertrouwt, en aan deze plaats, die Ik u en uw vaderen gegeven heb, doen, gelijk als Ik aan Silo gedaan heb.",
          "text1637": "Siet bov. 7.12, 14.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 7:12, 7:14. Jeremia 7:12: Want gaat nu heen naar Mijn plaats, die te Silo was, alwaar Ik Mijn Naam in het eerst had doen wonen; en ziet, wat Ik daaraan gedaan heb vanwege de boosheid van Mijn volk Israël. Jeremia 7:14: Zo zal Ik aan dit huis, dat naar Mijn Naam genoemd is, waarop u vertrouwt, en aan deze plaats, die Ik u en uw vaderen gegeven heb, doen, gelijk als Ik aan Silo gedaan heb."
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Sam. 4:12; Ps. 78:60; Jer. 7:12; idem v. 14. 1 Samuël 4:12: Toen liep er een Benjaminiet uit de slagorden, en kwam te Silo denzelfden dag; en zijn klederen waren gescheurd, en er was aarde op zijn hoofd. Psalmen 78:60: Dies verliet Hij den tabernakel te Silo, de tent, die Hij tot een woning gesteld had onder de mensen. Jeremia 7:12: Want gaat nu henen naar Mijn plaats, die te Silo was, alwaar Ik Mijn Naam in het eerst had doen wonen; en ziet, wat Ik daaraan gedaan heb vanwege de boosheid van Mijn volk Israël. Jeremia 7:14: Zo zal Ik aan dit huis, dat naar Mijn Naam genoemd is, waarop gij vertrouwt, en aan deze plaats, die Ik u en uw vaderen gegeven heb, doen, gelijk als Ik aan Silo gedaan heb.",
          "text1637": "1.Sam. 4.12. Psal. 78.60. Ierem. 7.12, 14.",
          "text2026": "1 Sam. 4:12; Ps. 78:60; Jer. 7:12; idem v. 14. 1 Samuël 4:12: Toen liep er een Benjaminiet uit de slagorden, en kwam te Silo denzelfden dag; en zijn kleren waren gescheurd, en er was aarde op zijn hoofd. Psalmen 78:60: Daarom verliet Hij de tabernakel te Silo, de tent, die Hij tot een woning gesteld had onder de mensen. Jeremia 7:12: Want gaat nu heen naar Mijn plaats, die te Silo was, alwaar Ik Mijn Naam in het eerst had doen wonen; en ziet, wat Ik daaraan gedaan heb vanwege de boosheid van Mijn volk Israël. Jeremia 7:14: Zo zal Ik aan dit huis, dat naar Mijn Naam genoemd is, waarop u vertrouwt, en aan deze plaats, die Ik u en uw vaderen gegeven heb, doen, gelijk als Ik aan Silo gedaan heb."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/נָתַתִּ֛י",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/בַּ֥יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּ֖ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/שִׁלֹ֑ה",
          "strongs": "H7887",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֤יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "ה/זאתה",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "אֶתֵּ֣ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לִ/קְלָלָ֔ה",
          "strongs": "H7045",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/כֹ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "גּוֹיֵ֥י",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָֽרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zo zal Ik dit huis stellen als<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Silo, en deze stad zal Ik stellen tot een vloek voor alle volken van de aarde.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zo zal Ik dit huis stellen als<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Silo, en deze stad zal Ik stellen tot een vloek allen volken der aarde.",
      "text1637_html": "So sal ick dit huys stellen als <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Silo: ende dese stadt sal ick stellen tot eenen vloeck, allen volcken der aerde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "allen",
          "new": "voor alle",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "En de priesters, en de profeten, en al het volk, hoorden Jeremia deze woorden spreken in het huis des HEEREN.",
      "text1637": "Ende de Priesters, ende de [6] Propheten, ende al ’tvolck, hoorden Ieremia dese woorden [7] spreken in den huyse des HEEREN.",
      "text2026": "En de priesters, en de profeten, en al het volk, hoorden Jeremia deze woorden spreken in het huis van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta, de valse profeten, of valse leraars; en alzo in het volgende. Zie boven Jer. 2:8. Jeremia 2:8: De priesters zeiden niet: Waar is de HEERE? en die de wet handelden, kenden Mij niet; en de herders overtraden tegen Mij; en de profeten profeteerden door Baäl, en wandelden naar dingen, die geen nut doen.",
          "text1637": "Verst. de valsche Propheten, ofte, valsche leeraers: ende alsoo in’t volgende. siet bov. 2.13.",
          "text2026": "Versta, de valse profeten, of valse leraars; en zo in het volgende. Zie boven Jer. 2:8. Jeremia 2:8: De priesters zeiden niet: Waar is JAHWEH? en die de wet handelden, kenden Mij niet; en de herders overtraden tegen Mij; en de profeten profeteerden door Baäl, en wandelden naar dingen, die geen nut doen."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, sprekende.",
          "text1637": "Hebr. sprekende.",
          "text2026": "Hebreeuws, sprekende."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַֽ/יִּשְׁמְע֛וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "הַ/כֹּהֲנִ֥ים",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/נְּבִאִ֖ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HC/Td/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֑ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶֽת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֔הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מְדַבֵּ֛ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVprmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֥ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵ֖לֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בֵ֥ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En de priesters, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> profeten, en al het volk, hoorden Jeremia deze woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> spreken in het huis van JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "En de priesters, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> profeten, en al het volk, hoorden Jeremia deze woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> spreken in het huis des HEEREN.",
      "text1637_html": "Ende de Priesters, ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Propheten, ende al ’tvolck, hoorden Ieremia dese woorden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> spreken in den huyse des HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Zo geschiedde het, als Jeremia geëindigd had te spreken alles, wat de HEERE geboden had tot al het volk te spreken, dat de priesters en de profeten en al het volk hem grepen, zeggende: Gij zult den dood sterven!",
      "text1637": "So geschiedde’t, als Ieremia geeyndigt hadde te spreken alles wat de HEERE geboden hadde tot al het volck te spreken; dat de Priesters ende de Propheten ende al het volck hem grepen, seggende, Ghy sult [8] den doot sterven.",
      "text2026": "Zo gebeurde het, als Jeremia geëindigd had te spreken alles, wat JAHWEH geboden had tot al het volk te spreken, dat de priesters en de profeten en al het volk hem grepen, zeggende: U zult de dood sterven!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 den dood sterven: Hebreeuws, stervende sterven.",
          "text1637": "Hebr. stervende sterven.",
          "text2026": "8 de dood sterven: Hebreeuws, stervende sterven (מוֹת)."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְהִ֣י",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כַלּ֣וֹת",
          "strongs": "H3615",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֗הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/דַבֵּר֙",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "אֵ֣ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "צִוָּ֣ה",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/דַבֵּ֖ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֑ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּתְפְּשׂ֨וּ",
          "strongs": "H8610",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֹת֜/וֹ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/כֹּהֲנִ֧ים",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/נְּבִאִ֛ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HC/Td/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֥ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֖ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "מ֥וֹת",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "תָּמֽוּת",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVqi2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo gebeurde het, als Jeremia geëindigd had te spreken alles, wat JAHWEH geboden had tot al het volk te spreken, dat de priesters en de profeten en al het volk hem grepen, zeggende: <span class=\"direct-speech\"><i>U zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de dood sterven!</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zo geschiedde het, als Jeremia geëindigd had te spreken alles, wat de HEERE geboden had tot al het volk te spreken, dat de priesters en de profeten en al het volk hem grepen, zeggende: Gij zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> den dood sterven!",
      "text1637_html": "So geschiedde’t, als Ieremia geeyndigt hadde te spreken alles wat de HEERE geboden hadde tot al het volck te spreken; dat de Priesters ende de Propheten ende al het volck hem grepen, seggende, Ghy sult <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> den doot sterven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschiedde",
          "new": "gebeurde",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Waarom hebt gij in den Naam des HEEREN geprofeteerd, zeggende: Dit huis zal worden als Silo, en deze stad zal woest worden, dat er niemand wone? En het ganse volk werd vergaderd tegen Jeremia, in het huis des HEEREN.",
      "text1637": "Waerom hebt ghy inden name des HEEREN gepropheteert, seggende; Dit huys sal worden als Silo, ende dese Stadt sal woeste worden, datter niemant en woone? ende het gantsche volck wert vergadert tegen Ieremia, in de huyse des HEEREN.",
      "text2026": "Waarom hebt u in de Naam van JAHWEH geprofeteerd, zeggende: Dit huis zal worden als Silo, en deze stad zal woest worden, dat er niemand woont? En het hele volk werd verzameld tegen Jeremia, in het huis van JAHWEH.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מַדּוּעַ֩",
          "strongs": "H4069",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "נִבֵּ֨יתָ",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HVNp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/שֵׁם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֜ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֗ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "כְּ/שִׁלוֹ֙",
          "strongs": "H7887",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "יִֽהְיֶה֙",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/בַּ֣יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּ֔ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָ/עִ֥יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HC/Td/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֛את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "תֶּחֱרַ֖ב",
          "strongs": "H2717",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֵ֣ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HR/Tn"
        },
        {
          "woord": "יוֹשֵׁ֑ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּקָּהֵ֧ל",
          "strongs": "H6950",
          "morph": "HC/VNw3ms"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֛ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶֽל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֖הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בֵ֥ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Waarom hebt u in de Naam van JAHWEH geprofeteerd, zeggende: Dit huis zal worden als Silo, en deze stad zal woest worden, dat er niemand woont?</i></span> En het hele volk werd verzameld tegen Jeremia, in het huis van JAHWEH.",
      "text1637_html": "Waerom hebt ghy inden name des HEEREN gepropheteert, seggende; Dit huys sal worden als Silo, ende dese Stadt sal woeste worden, datter niemant en woone? ende het gantsche volck wert vergadert tegen Ieremia, in de huyse des HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "wone?",
          "new": "woont?",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "vergaderd",
          "new": "verzameld",
          "principe": "V318"
        },
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Als nu de vorsten van Juda deze woorden hoorden, gingen zij op uit het huis des konings naar het huis des HEEREN; en zij zetten zich bij de deur der nieuwe poort des HEEREN.",
      "text1637": "Als nu de Vorsten van Iuda dese [9] woorden hoorden, gingen sy op uyt den huyse des Conincks [nae’t] huys des HEEREN: ende sy setteden sich by de deure der [10] nieuwe poorte des [11] HEEREN.",
      "text2026": "Als nu de vorsten van Juda deze woorden hoorden, gingen zij op uit het huis van de koning naar het huis van JAHWEH; en zij zetten zich bij de deur van de nieuwe poort van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 nieuwe poort: Zijnde [naar sommiger gevoelen] de grootste van alle, vernieuwd en vermaakt door den koning Jotham, anders genaamd de hoge poort; idem de poort Sur, en fondamentpoort, in het oosten des tempels; zie 2 Kron. 27:3, en 2 Kon. 11:6, en 2 Kon. 15:35, en vergelijk boven Jer. 20:2. 2 Kronieken 27:3: Dezelve bouwde de hoge poorten aan het huis des HEEREN; hij bouwde ook veel aan den muur van Ofel. 2 Koningen 11:6: En een derde deel zal zijn aan de poort Sur; en een derde deel aan de poort achter de trawanten; zo zult gij waarnemen de wacht van dit huis, tegen inbreking. 2 Koningen 15:35: Alleenlijk werden de hoogten niet weggenomen; het volk offerde en rookte nog op de hoogten; dezelve bouwde de hoge poort aan het huis des HEEREN. Jeremia 20:2: Zo sloeg Pashur den profeet Jeremia, en hij stelde hem in de gevangenis, dewelke is in de bovenste poort van Benjamin, die aan het huis des HEEREN is.",
          "text1637": "Wesende (nae sommiger gevoelen) de grootste van allen, vernieuwt ende vermaeckt van den Coninck Iotham, anders genaemt de hooge poorte. Item de poorte Sur, ende fondament-poorte, in ’t oosten des Tempels. Siet 2.Chron. 27. op vers 3. ende 2.Reg. 11. op vers 6. ende 15. op vers 35. ende vergel. Bov. 20. op vers 2.",
          "text2026": "10 nieuwe poort: Zijnde [naar sommiger gevoelen] de grootste van alle, vernieuwd en vermaakt door de koning Jotham, anders genaamd de hoge poort; idem de poort Sur, en fondamentpoort, in het oosten van de tempel; zie 2 Kron. 27:3, en 2 Kon. 11:6, en 2 Kon. 15:35, en vergelijk boven Jer. 20:2. 2 Kronieken 27:3: Dezelfde bouwde de hoge poorten aan het huis van JAHWEH; hij bouwde ook veel aan de muur van Ofel. 2 Koningen 11:6: En een derde deel zal zijn aan de poort Sur; en een derde deel aan de poort achter de trawanten; zo zult u waarnemen de wacht van dit huis, tegen inbreking. 2 Koningen 15:35: Alleen werden de hoogten niet weggenomen; het volk offerde en rookte nog op de hoogten; dezelfde bouwde de hoge poort aan het huis van JAHWEH. Jeremia 20:2: Zo sloeg Pashur de profeet Jeremia, en hij stelde hem in de gevangenis, die is in de bovenste poort van Benjamin, die aan het huis van JAHWEH is."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, die voor aan des Heeren huis was.",
          "text1637": "D. die voor aen desHeeren huys was.",
          "text2026": "Dat is, die voor aan van de Heern huis was."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, dingen, zaken.",
          "text1637": "Ofte, dingen, saken.",
          "text2026": "Of, dingen, zaken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַֽ/יִּשְׁמְע֣וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֵ֣י",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֗ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֚ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֣ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵ֔לֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּעֲל֥וּ",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/בֵּית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֖לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֣ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּֽשְׁב֛וּ",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/פֶ֥תַח",
          "strongs": "H6607",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שַֽׁעַר",
          "strongs": "H8179",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הֶ/חָדָֽשׁ",
          "strongs": "H2319",
          "morph": "HTd/Aamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Als nu de vorsten van Juda deze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> woorden hoorden, gingen zij op uit het huis van de koning naar het huis van JAHWEH; en zij zetten zich bij de deur van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> de nieuwe poort van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Als nu de vorsten van Juda deze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> woorden hoorden, gingen zij op uit het huis des konings naar het huis des HEEREN; en zij zetten zich bij de deur der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> nieuwe poort des<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> HEEREN.",
      "text1637_html": "Als nu de Vorsten van Iuda dese <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> woorden hoorden, gingen sy op uyt den huyse des Conincks [nae’t] huys des HEEREN: ende sy setteden sich by de deure der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> nieuwe poorte des <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des konings",
          "new": "van de koning",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des HEEREN;",
          "new": "van JAHWEH;",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk, zeggende: Aan dezen man is een oordeel des doods, want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, gelijk als gij met uw oren gehoord hebt.",
      "text1637": "Doe spraken de Priesters ende de Phropheten tot de Vorsten, ende tot al ’t volck, seggende: Aen desen man is een [12] oordeel des doots; want hy heeft gepropheteert tegen dese stadt, gelijck als ghy met uwe ooren gehoort hebt.",
      "text2026": "Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk, zeggende: Aan deze man is een oordeel van de dood, want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, zoals u met uw oren gehoord hebt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 oordeel des doods: Of, recht; dat is, hij is schuldig ter dood verwezen, of met den dood gestraft te worden; alzo onder vers 16; zie Deut. 19:6, en Deut. 21:22; Luk. 24:20. Jeremia 26:16: Toen zeiden de vorsten en al het volk tot de priesteren en tot de profeten: Aan dezen man is geen oordeel des doods, want hij heeft tot ons gesproken in den Naam des HEEREN, onzes Gods. Deuteronomium 19:6: Opdat de bloedwreker den doodslager niet najage, als zijn hart verhit is, en hem achterhale, omdat de weg te verre zou zijn, en hem sla aan het leven; zo toch geen oordeel des doods aan hem is; want hij haatte hem niet van gisteren en eergisteren. Deuteronomium 21:22: Voorts, wanneer in iemand een zonde zal zijn, die het oordeel des doods waardig is, dat hij gedood zal worden, en gij hem aan het hout zult opgehangen hebben; Lukas 24:20: En hoe onze overpriesters en oversten Denzelven overgeleverd hebben tot het oordeel des doods, en Hem gekruisigd hebben.",
          "text1637": "Ofte, recht. D. hy is schuldich ter doot verwesen, ofte, metter doot gestraft te worden. alsoo ond. vers 16. siet Deut. 19. op vers 6. ende 21.22. Luc. 24.20.",
          "text2026": "12 oordeel van de dood: Of, recht; dat is, hij is schuldig ter dood verwezen, of met de dood gestraft te worden; zo onder vers 16; zie Deut. 19:6, en Deut. 21:22; Luk. 24:20. Jeremia 26:16: Toen zeiden de vorsten en al het volk tot de priesters en tot de profeten: Aan deze man is geen oordeel van de dood, want hij heeft tot ons gesproken in de Naam van JAHWEH, onze Gods. Deuteronomium 19:6: Opdat de bloedwreker de moordenaar niet najage, als zijn hart verhit is, en hem achterhale, omdat de weg te verre zou zijn, en hem sla aan het leven; zo toch geen oordeel van de dood aan hem is; want hij haatte hem niet van gisteren en eergisteren. Deuteronomium 21:22: Verder, wanneer in iemand een zonde zal zijn, die het oordeel van de dood waard is, dat hij gedood zal worden, en u hem aan het hout zult opgehangen hebben; Lukas 24:20: En hoe onze overpriesters en oversten Dezelfde overgeleverd hebben tot het oordeel van de dood, en Hem gekruisigd hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יֹּ֨אמְר֜וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "הַ/כֹּהֲנִ֤ים",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/נְּבִאִים֙",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HC/Td/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׂרִ֔ים",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֑ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפַּט",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מָ֨וֶת֙",
          "strongs": "H4194",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לָ/אִ֣ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּ֔ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "נִבָּא֙",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֣יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֔את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "שְׁמַעְתֶּ֖ם",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp2mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אָזְנֵי/כֶֽם",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HR/Ncfdc/Sp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk, zeggende: <span class=\"direct-speech\"><i>Aan deze man is een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> oordeel van de dood, want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, zoals u met uw oren gehoord hebt.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Toen spraken de priesters en de profeten tot de vorsten en tot al het volk, zeggende: Aan dezen man is een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> oordeel des doods, want hij heeft geprofeteerd tegen deze stad, gelijk als gij met uw oren gehoord hebt.",
      "text1637_html": "Doe spraken de Priesters ende de Phropheten tot de Vorsten, ende tot al ’t volck, seggende: Aen desen man is een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> oordeel des doots; want hy heeft gepropheteert tegen dese stadt, gelijck als ghy met uwe ooren gehoort hebt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dezen",
          "new": "deze",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "des doods,",
          "new": "van de dood,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "gelijk als gij",
          "new": "zoals u",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Maar Jeremia sprak tot al de vorsten en tot al het volk, zeggende: De HEERE heeft mij gezonden, om tegen dit huis en tegen deze stad te profeteren al de woorden, die gij gehoord hebt;",
      "text1637": "Maer Ieremia sprack tot alle de Vorsten, ende tot al ’t volck, seggende: De HEERE heeft my gesonden, om tegen dit Huys, ende tegen dese stadt te propheteren alle de woorden, die ghy gehoort hebt.",
      "text2026": "Maar Jeremia sprak tot al de vorsten en tot al het volk, zeggende: JAHWEH heeft mij gezonden, om tegen dit huis en tegen deze stad te profeteren al de woorden, die u gehoord hebt;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יֹּ֤אמֶר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֨הוּ֙",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׂרִ֔ים",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֑ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שְׁלָחַ֗/נִי",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לְ/הִנָּבֵ֞א",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HR/VNc"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/בַּ֤יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּה֙",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֣יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֔את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "אֵ֥ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֖ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "שְׁמַעְתֶּֽם",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar Jeremia sprak tot al de vorsten en tot al het volk, zeggende: <span class=\"direct-speech\"><i>JAHWEH heeft mij gezonden, om tegen dit huis en tegen deze stad te profeteren al de woorden, die u gehoord hebt;</i></span>",
      "text1637_html": "Maer Ieremia sprack tot alle de Vorsten, ende tot al ’t volck, seggende: De HEERE heeft my gesonden, om tegen dit Huys, ende tegen dese stadt te propheteren alle de woorden, die ghy gehoort hebt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Nu dan, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem des HEEREN, uws Gods; zo zal het den HEERE berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft.",
      "text1637": "Nu dan, [d] maeckt uwe wegen ende uwe handelingen goet, ende gehoorsaemt der stemme des HEEREN uwes Godts: so sal’t den HEERE berouwen over het quaet, dat hy tegen u gesproken heeft.",
      "text2026": "Nu dan, maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem van JAHWEH, van uw God; zo zal het JAHWEH berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 7:3. Jeremia 7:3: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Maakt uw wegen en uw handelingen goed, zo zal Ik ulieden doen wonen in deze plaats.",
          "text1637": "Ierem. 7.3.",
          "text2026": "Jer. 7:3. Jeremia 7:3: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Maakt uw wegen en uw handelingen goed, zo zal Ik u doen wonen in deze plaats."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/עַתָּ֗ה",
          "strongs": "H6258",
          "morph": "HC/D"
        },
        {
          "woord": "הֵיטִ֤יבוּ",
          "strongs": "H3190",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "דַרְכֵי/כֶם֙",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbpc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וּ/מַ֣עַלְלֵי/כֶ֔ם",
          "strongs": "H4611",
          "morph": "HC/Ncmpc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/שִׁמְע֕וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqv2mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ק֖וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵי/כֶ֑ם",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִנָּחֵ֣ם",
          "strongs": "H5162",
          "morph": "HC/VNi3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ֣/רָעָ֔ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "דִּבֶּ֖ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/כֶֽם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Nu dan,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem van JAHWEH, van uw God; zo zal het JAHWEH berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Nu dan,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> maakt uw wegen en uw handelingen goed, en gehoorzaamt de stem des HEEREN, uws Gods; zo zal het den HEERE berouwen over het kwaad, dat Hij tegen u gesproken heeft.",
      "text1637_html": "Nu dan, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> maeckt uwe wegen ende uwe handelingen goet, ende gehoorsaemt der stemme des HEEREN uwes Godts: so sal’t den HEERE berouwen over het quaet, dat hy tegen u gesproken heeft.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN, uws Gods;",
          "new": "van JAHWEH, van uw God;",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Doch ik, ziet, ik ben in uw handen; doet mij, als het goed, en als het recht is in uw ogen;",
      "text1637": "Doch ick, siet, ick ben in uwe [13] handen: doet my als het [14] goet, ende als het recht is in uwe oogen.",
      "text2026": "Maar ik, ziet, ik ben in uw handen; doe mij, als het goed, en als het recht is in uw ogen;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, macht of geweld.",
          "text1637": "D. macht, ofte gewelt.",
          "text2026": "Dat is, macht of geweld."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, zoals gij oordeelt goed en recht te zijn.",
          "text1637": "D. soo als ghy oordeelt goet ende recht te zijn.",
          "text2026": "Dat is, zoals u oordeelt goed en recht te zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/אֲנִ֖י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "הִנְ/נִ֣י",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְ/יֶדְ/כֶ֑ם",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "עֲשׂוּ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לִ֛/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כַּ/טּ֥וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HRd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כַ/יָּשָׁ֖ר",
          "strongs": "H3477",
          "morph": "HC/Rd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֵינֵי/כֶֽם",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HR/Ncbdc/Sp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Maar ik, ziet, ik ben in uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> handen; doe mij, als het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> goed, en als het recht is in uw ogen;</i></span>",
      "textSV1888_html": "Doch ik, ziet, ik ben in uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> handen; doet mij, als het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> goed, en als het recht is in uw ogen;",
      "text1637_html": "Doch ick, siet, ick ben in uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> handen: doet my als het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> goet, ende als het recht is in uwe oogen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Doch",
          "new": "Maar",
          "principe": "V1"
        },
        {
          "old": "doet",
          "new": "doe",
          "principe": "V1158"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Maar weet voorzeker, dat gij, zo gij mij doodt, gewisselijk onschuldig bloed zult brengen op u, en op deze stad, en op haar inwoners; want in der waarheid, de HEERE heeft mij tot u gezonden, om al deze woorden voor uw oren te spreken.",
      "text1637": "Maer [15] wetet voorseker, dat ghy, so ghy my doodet, gewisselick onschuldich bloet sult [16] brengen op u, ende op dese stadt, ende op hare inwoonders, want inder waerheyt, de HEERE heeft my tot u gesonden, om alle dese woorden voor uwe ooren te spreken.",
      "text2026": "Maar weet voorzeker, dat u, zo u mij doodt, zeker onschuldig bloed zult brengen op u, en op deze stad, en op haar inwoners; want in waarheid, JAHWEH heeft mij tot u gezonden, om al deze woorden voor uw oren te spreken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 weet voorzeker: Hebreeuws, wetende weet.",
          "text1637": "Hebr. wetende wetet.",
          "text2026": "15 weet voorzeker: Hebreeuws, wetende weet."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 brengen op u: Hebreeuws eigenlijk, geven, stellen. Zie Richt. 9:24; Ezech. 7:3, 7:4, 7:8. Richteren 9:24: Opdat het geweld, gedaan aan de zeventig zonen van Jerubbaäl, kwame, en opdat hun bloed gelegd wierd op Abimelech, hun broeder, die hen gedood had, en op de burgers van Sichem, die zijn handen gesterkt hadden om zijn broeders te doden. Ezechiël 7:3: Nu is het einde over u; want Ik zal Mijn toorn tegen u zenden, en Ik zal u richten naar uw wegen, en Ik zal op u brengen al uw gruwelen. Ezechiël 7:4: En Mijn oog zal u niet verschonen, en Ik zal niet sparen; maar Ik zal uw wegen op u brengen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn, en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben. Ezechiël 7:8: Nu zal Ik in kort Mijn grimmigheid over u uitgieten, en Mijn toorn tegen u volbrengen, en u richten naar uw wegen, en zal op u brengen al uw gruwelen.",
          "text1637": "Hebr. eygentl. geven, stellen, siet Iud. 9. op vers 24. Ezech. 7. op vers 3, 4, 8.",
          "text2026": "16 brengen op u: Hebreeuws eigenlijk, geven, stellen. Zie Richt. 9:24; Ez. 7:3, 7:4, 7:8. Richteren 9:24: Opdat het geweld, gedaan de zeventig zonen van Jerubbaäl, kwame, en opdat hun bloed gelegd wierd op Abimelech, hun broer, die hen gedood had, en op de burgers van Sichem, die zijn handen gesterkt hadden om zijn broers te doden. Ezechiël 7:3: Nu is het einde over u; want Ik zal Mijn toorn tegen u zenden, en Ik zal u richten naar uw wegen, en Ik zal op u brengen al uw gruwelen. Ezechiël 7:4: En Mijn oog zal u niet sparen, en Ik zal niet sparen; maar Ik zal uw wegen op u brengen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn, en u zult weten, dat Ik JAHWEH ben. Ezechiël 7:8: Nu zal Ik in kort Mijn grimmigheid over u uitgieten, en Mijn toorn tegen u volbrengen, en u richten naar uw wegen, en zal op u brengen al uw gruwelen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַ֣ךְ",
          "strongs": "H389",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "יָדֹ֣עַ",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "תֵּדְע֗וּ",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqi2mp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "מְמִתִ֣ים",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVhrmpa"
        },
        {
          "woord": "אַתֶּם֮",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2mp"
        },
        {
          "woord": "אֹתִ/י֒",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "דָ֣ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נָקִ֗י",
          "strongs": "H5355",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אַתֶּם֙",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2mp"
        },
        {
          "woord": "נֹתְנִ֣ים",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/כֶ֔ם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֥יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֖את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "יֹשְׁבֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בֶ/אֱמֶ֗ת",
          "strongs": "H571",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "שְׁלָחַ֤/נִי",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/כֶ֔ם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "לְ/דַבֵּר֙",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אָזְנֵי/כֶ֔ם",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HR/Ncfdc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֥ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֖ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵֽלֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> weet voorzeker, dat u, zo u mij doodt, zeker onschuldig bloed zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> brengen op u, en op deze stad, en op haar inwoners; want in waarheid, JAHWEH heeft mij tot u gezonden, om al deze woorden voor uw oren te spreken.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> weet voorzeker, dat gij, zo gij mij doodt, gewisselijk onschuldig bloed zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> brengen op u, en op deze stad, en op haar inwoners; want in der waarheid, de HEERE heeft mij tot u gezonden, om al deze woorden voor uw oren te spreken.",
      "text1637_html": "Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> wetet voorseker, dat ghy, so ghy my doodet, gewisselick onschuldich bloet sult <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> brengen op u, ende op dese stadt, ende op hare inwoonders, want inder waerheyt, de HEERE heeft my tot u gesonden, om alle dese woorden voor uwe ooren te spreken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij,",
          "new": "u,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gewisselijk",
          "new": "zeker",
          "principe": "V153"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Toen zeiden de vorsten en al het volk tot de priesteren en tot de profeten: Aan dezen man is geen oordeel des doods, want hij heeft tot ons gesproken in den Naam des HEEREN, onzes Gods.",
      "text1637": "Doe seyden de Vorsten, ende al ’tvolck tot de Priesteren ende tot de Propheten: Aen desen man en is geen oordeel des doots; want hy heeft tot ons gesproken in den name des HEEREN onses Godts.",
      "text2026": "Toen zeiden de vorsten en al het volk tot de priesters en tot de profeten: Aan deze man is geen oordeel van de dood, want hij heeft tot ons gesproken in de Naam van JAHWEH, van onze God.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יֹּאמְר֤וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׂרִים֙",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֔ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/כֹּהֲנִ֖ים",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הַ/נְּבִיאִ֑ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֵין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "לָ/אִ֤ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֶּה֙",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HTd/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפַּט",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מָ֔וֶת",
          "strongs": "H4194",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֗י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שֵׁ֛ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֖י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "דִּבֶּ֥ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֵלֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Toen zeiden de vorsten en al het volk tot de priesters en tot de profeten: <span class=\"direct-speech\"><i>Aan deze man is geen oordeel van de dood, want hij heeft tot ons gesproken in de Naam van JAHWEH, van onze God.</i></span>",
      "text1637_html": "Doe seyden de Vorsten, ende al ’tvolck tot de Priesteren ende tot de Propheten: Aen desen man en is geen oordeel des doots; want hy heeft tot ons gesproken in den name des HEEREN onses Godts.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "priesteren",
          "new": "priesters",
          "principe": "V561"
        },
        {
          "old": "dezen",
          "new": "deze",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "des doods,",
          "new": "van de dood,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN, onzes Gods.",
          "new": "van JAHWEH, van onze God.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Ook stonden er mannen op, van de oudsten des lands, en spraken tot de ganse gemeente des volks, zeggende:",
      "text1637": "Oock stondender mannen op, van de [17] Outsten des lants; ende spraken tot de gantsche gemeynte des volcks, seggende:",
      "text2026": "Ook stonden er mannen op, van de oudsten van het land, en spraken tot de hele gemeente van het volk, zeggende:",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "17 oudsten des lands: Dat is, voortreffelijkste, ambtdragende, personen van staat. Zie Num. 11:16, en vergelijk Gen. 50:7. Numeri 11:16: En de HEERE zeide tot Mozes: Verzamel Mij zeventig mannen uit de oudsten van Israël, dewelke gij weet, dat zij de oudsten des volks en deszelfs ambtlieden zijn; en gij zult hen brengen voor de tent der samenkomst, en zij zullen zich daar bij u stellen. Genesis 50:7: En Jozef toog op, om zijn vader te begraven; en met hem togen op alle Farao's knechten, de oudsten van zijn huis, en al de oudsten des lands van Egypte;",
          "text1637": "D. voortreflickste, amptdragende, persoonen van state. siet Num. 11. op vers 16. ende verg. Gen. 50.7.",
          "text2026": "17 oudsten van het land: Dat is, voortreffelijkste, ambtdragende, personen van staat. Zie Num. 11:16, en vergelijk Gen. 50:7. Numeri 11:16: En JAHWEH zei tot Mozes: Verzamel Mij zeventig mannen uit de oudsten van Israël, die u weet, dat zij de oudsten van het volk en daarvan ambtlieden zijn; en u zult hen brengen voor de tent van de samenkomst, en zij zullen zich daar bij u stellen. Genesis 50:7: En Jozef toog op, om zijn vader te begraven; en met hem togen op alle Farao's knechten, de oudsten van zijn huis, en al de oudsten van het land van Egypte;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יָּקֻ֣מוּ",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֲנָשִׁ֔ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מִ/זִּקְנֵ֖י",
          "strongs": "H2205",
          "morph": "HR/Aampc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֑רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֹּ֣אמְר֔וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "קְהַ֥ל",
          "strongs": "H6951",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ook stonden er mannen op, van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> oudsten van het land, en spraken tot de hele gemeente van het volk, zeggende:",
      "textSV1888_html": "Ook stonden er mannen op, van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> oudsten des lands, en spraken tot de ganse gemeente des volks, zeggende:",
      "text1637_html": "Oock stondender mannen op, van de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> Outsten des lants; ende spraken tot de gantsche gemeynte des volcks, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des lands,",
          "new": "van het land,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "des volks,",
          "new": "van het volk,",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Micha, de Morastiet, heeft in de dagen van Hizkia, koning van Juda, geprofeteerd, en tot al het volk van Juda gesproken, zeggende: Zo zegt de HEERE des heirscharen: Sion zal als een akker geploegd, en Jeruzalem tot steenhopen worden, en de berg dezes huizes tot hoogten des wouds.",
      "text1637": "[e] Micha, de [18] Moraschtiter, heeft in de dagen van Hizkia, Coninck van Iuda, gepropheteert; ende tot al ’t volck van Iuda gesproken, seggende; Soo seyt de HEERE der [19] heyrscharen; [f] Zion sal [als] een acker geploegt, ende Ierusalem [tot steen] hoopen worden, ende de [20] berch deses Huyses tot [21] hoochten eenes wouts.",
      "text2026": "Micha, de Morastiet, heeft in de dagen van Hizkia, koning van Juda, geprofeteerd, en tot al het volk van Juda gesproken, zeggende: Zo zegt JAHWEH van de legermachten: Sion zal als een akker geploegd, en Jeruzalem tot steenhopen worden, en de berg van dit huis tot hoogten van het woud.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, geboren te Morescheth; dat enigen houden voor Marescha, uit Mich. 1:14,15, omdat de oorspronkelijke betekenis der woorden enerlei schijnt te zijn; zie de aantekening aldaar, en wijders Joz. 15:44. Doch anderen houden Moreschet voor een dorp, niet ver van de stad Merescha, gelegen aan de westelijke grenzen van Juda; of voor een andere stad, gelegen bij Gath, den Filistijnen toebehorende, en misschien van de Benjaminieten ingenomen, 1 Kron. 18:13; zie wijders Micha 1:14, en van een anderen profeet Micha; 1 Kon. 22, en 2 Kron. 18. Jozua 15:44: En Kehila, en Achzib, en Mareza; negen steden en haar dorpen; 1 Kronieken 18:13: En hij leide bezetting in Edom, zodat al de Edomieten Davids knechten werden; en de HEERE behoedde David overal, waar hij heenging. Micha 1:14: Daarom geef geschenken aan Morescheth-gaths; de huizen van Achzib zullen den koningen van Israël tot een leugen zijn.",
          "text1637": "D. geboren te Morescheth, dat eenige houden voor Marescha, uyt Mich. 1.14, 15. om dat de oorspronckelicke beteeckeninge der woorden eenderley schijnt te zijn. Siet d’aenteeck. aldaer, ende wijders Ios. 15.44. Doch andere houden Morescheth voor een dorp, niet verre van de stadt Marescha, gelegen aende westergrenzen van Iuda: ofte voor eene andere stadt, gelegen by Gath, den Philistijnen toebehoorende, ende misschien vande Benjaminiten ingenomen, 1.Chro. 8.13. siet wijderes Mich. 1. op vers 14. ende van een ander Propheet Micha, 1.Reg. 22. ende 2.Chron. 18.",
          "text2026": "Dat is, geboren te Morescheth; dat enige houden voor Marescha, uit Mich. 1:14,15, omdat de oorspronkelijke betekenis van de woorden enerlei schijnt te zijn; zie de aantekening daar, en verder Joz. 15:44. Maar anderen houden Moreschet voor een dorp, niet ver van de stad Merescha, gelegen aan de westelijke grenzen van Juda; of voor een andere stad, gelegen bij Gath, de Filistijnen toebehorende, en misschien van de Benjaminieten ingenomen, 1 Kron. 18:13; zie verder Micha 1:14, en van een anderen profeet Micha; 1 Kon. 22, en 2 Kron. 18. Jozua 15:44: En Kehila, en Achzib, en Mareza; negen steden en haar dorpen; 1 Kronieken 18:13: En hij legde bezetting in Edom, zodat al de Edomieten Davids knechten werden; en JAHWEH behoedde David overal, waar hij heenging. Micha 1:14: Daarom geef geschenken aan Morescheth-gaths; de huizen van Achzib zullen de koningen van Israël tot een leugen zijn."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 1 Kon. 18:15. 1 Koningen 18:15: En Elia zeide: Zo waarachtig als de HEERE der heirscharen leeft, voor Wiens aangezicht ik sta, ik zal voorzeker mij heden aan hem vertonen!",
          "text1637": "Siet 1.Reg. 18. op vers 15.",
          "text2026": "Zie 1 Kon. 18:15. 1 Koningen 18:15: En Elia zei: Zo waarachtig als JAHWEH van de legermachten leeft, voor Wiens aangezicht ik sta, ik zal voorzeker mij heden aan hem vertonen!"
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 berg dezes huizes: Moria, waar de tempel stond.",
          "text1637": "Moria, daer de Tempel stont.",
          "text2026": "20 berg van deze huizes: Moria, waar de tempel stond."
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, tot een gans wilde, woeste, woudachtige hoogte.",
          "text1637": "D. tot eene gantsch wilde, woeste, woudachtige hoochte.",
          "text2026": "Dat is, tot een geheel wilde, woeste, woudachtige hoogte."
        },
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Micha 1:1. Micha 1:1: Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Micha, den Morastiet, in de dagen van Jotham, Achaz en Jehizkia, koningen van Juda; dat hij gezien heeft over Samaria en Jeruzalem.",
          "text1637": "Mich. 1.1.",
          "text2026": "Micha 1:1. Micha 1:1: Het woord van JAHWEH, dat geschied is tot Micha, de Morastiet, in de dagen van Jotham, Achaz en Jehizkia, koningen van Juda; dat hij gezien heeft over Samaria en Jeruzalem."
        },
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Micha 3:12. Micha 3:12: Daarom, om uwentwil, zal Sion als een akker geploegd worden, en Jeruzalem zal tot steenhopen worden, en de berg dezes huizes tot hoogten eens wouds.",
          "text1637": "Mich. 3.12.",
          "text2026": "Micha 3:12. Micha 3:12: Daarom, om uwentwil, zal Sion als een akker geploegd worden, en Jeruzalem zal tot steenhopen worden, en de berg van deze huizes tot hoogten van een woud."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מיכיה",
          "strongs": "H4320",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/מּ֣וֹרַשְׁתִּ֔י",
          "strongs": "H4183",
          "morph": "HTd/Ngmsa"
        },
        {
          "woord": "הָיָ֣ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "נִבָּ֔א",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HVNrmsa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/ימֵ֖י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "חִזְקִיָּ֣הוּ",
          "strongs": "H2396",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֑ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֹּ֣אמֶר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עַם֩",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֨ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֜ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "כֹּֽה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֣ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֗וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "צִיּ֞וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שָׂדֶ֤ה",
          "strongs": "H7704",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "תֵֽחָרֵשׁ֙",
          "strongs": "H2790",
          "morph": "HVNi3fs"
        },
        {
          "woord": "וִ/ירוּשָׁלַ֨יִם֙",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "עִיִּ֣ים",
          "strongs": "H5856",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תִּֽהְיֶ֔ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ֥ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/בַּ֖יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/בָמ֥וֹת",
          "strongs": "H1116",
          "morph": "HR/Ncfpc"
        },
        {
          "woord": "יָֽעַר",
          "strongs": "H3293",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup><span class=\"direct-speech\"><i>Micha, de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Morastiet, heeft in de dagen van Hizkia, koning van Juda, geprofeteerd, en tot al het volk van Juda gesproken, zeggende: Zo zegt JAHWEH van de legermachten: Sion zal als een akker geploegd, en Jeruzalem tot steenhopen worden, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> berg van dit huis tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hoogten van het woud.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Micha, de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Morastiet, heeft in de dagen van Hizkia, koning van Juda, geprofeteerd, en tot al het volk van Juda gesproken, zeggende: Zo zegt de HEERE des<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> heirscharen:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Sion zal als een akker geploegd, en Jeruzalem tot steenhopen worden, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> berg dezes huizes tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hoogten des wouds.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Micha, de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Moraschtiter, heeft in de dagen van Hizkia, Coninck van Iuda, gepropheteert; ende tot al ’t volck van Iuda gesproken, seggende; Soo seyt de HEERE der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> heyrscharen; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Zion sal [als] een acker geploegt, ende Ierusalem [tot steen] hoopen worden, ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> berch deses Huyses tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hoochten eenes wouts.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE des heirscharen:",
          "new": "legermachten:",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "dezes huizes",
          "new": "van dit huis",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des wouds.",
          "new": "van het woud.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en gans Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet den HEERE, en smeekte des HEEREN aangezicht, zodat het den HEERE berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen.",
      "text1637": "Hebben oock Hizkia, de Coninck van Iuda, ende gantsch Iuda hem [22] oyt gedoodet? en vreesde [23] hy niet den HEERE? ende smeeckte des HEEREN aengesichte, so dat het den HEERE [24] berouwde over het quaet, dat hy tegens hen gesproken hadde? wy dan, doen een [25] groot quaet tegen onse zielen.",
      "text2026": "Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en geheel Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet JAHWEH, en smeekte het aangezicht van JAHWEH, zodat het JAHWEH berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "22 ooit gedood: Of, enkel gedood. Hebreeuws, dodende gedood.",
          "text1637": "Ofte, enckelick gedoodet. Hebr. doodende gedoodet.",
          "text2026": "22 ooit gedood: Of, enkel gedood. Hebreeuws, dodende gedood."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Namelijk Hizkia.",
          "text1637": "N. Hizkia.",
          "text2026": "Namelijk Hizkia."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "24 berouwde over het kwaad: Gelijk boven Jer. 18:8, en elders dikwijls. Jeremia 18:8: Maar indien datzelve volk, over hetwelk Ik zulks gesproken heb, zich van zijn boosheid bekeert, zo zal Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hetzelve gedacht te doen.",
          "text1637": "Als bov. 18.8. ende elders dickwijls.",
          "text2026": "24 berouwde over het kwaad: Gelijk boven Jer. 18:8, en elders dikwijls. Jeremia 18:8: Maar als datzelve volk, over dat Ik zulks gesproken heb, zich van zijn boosheid bekeert, zo zal Ik berouw hebben over het kwaad, dat Ik hetzelfde gedacht te doen."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 groot kwaad tegen onze zielen: Dat is, doen een grote zonde, waarmede wij onszelven het verderf op den hals halen. Vergelijk Num. 16:38, enz. Numeri 16:38: Te weten de wierookvaten van dezen, die tegen hun zielen gezondigd hebben; dat men uitgerekte platen daarvan make, tot een overdeksel voor het altaar; want zij hebben ze gebracht voor het aangezicht des HEEREN, daarom zijn zij heilig; en zij zullen den kinderen Israëls tot een teken zijn.",
          "text1637": "D. doen eene groote sonde, waermede wy ons selven het verderf op den hals halen. Vergel. Num. 16. op vers 38. etc.",
          "text2026": "25 groot kwaad tegen onze zielen: Dat is, doen een grote zonde, waarmee wij onszelven het verderf op de hals halen. Vergelijk Num. 16:38, enz. Numeri 16:38: Te weten de wierookvaten van deze, die tegen hun zielen gezondigd hebben; dat men uitgerekte platen daarvan make, tot een overdeksel voor het altaar; want zij hebben ze gebracht voor het aangezicht van JAHWEH, daarom zijn zij heilig; en zij zullen de kinderen van Israël tot een teken zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֶ/הָמֵ֣ת",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HTi/Vha"
        },
        {
          "woord": "הֱ֠מִתֻ/הוּ",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVhp3cp/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "חִזְקִיָּ֨הוּ",
          "strongs": "H2396",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֜ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֗ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הֲ/לֹא֮",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTi/Tn"
        },
        {
          "woord": "יָרֵ֣א",
          "strongs": "H3373",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֒",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יְחַל֙",
          "strongs": "H2470",
          "morph": "HC/Vpw3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "פְּנֵ֣י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּנָּ֣חֶם",
          "strongs": "H5162",
          "morph": "HC/VNw3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/רָעָ֖ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "דִּבֶּ֣ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲנַ֗חְנוּ",
          "strongs": "H587",
          "morph": "HC/Pp1cp"
        },
        {
          "woord": "עֹשִׂ֛ים",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "רָעָ֥ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "גְדוֹלָ֖ה",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAafsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "נַפְשׁוֹתֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en geheel Juda hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ooit gedood? Vreesde hij niet JAHWEH, en smeekte<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> het aangezicht van JAHWEH, zodat het JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> groot kwaad tegen onze zielen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en gans Juda hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ooit gedood? Vreesde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> hij niet den HEERE, en smeekte des HEEREN aangezicht, zodat het den HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> groot kwaad tegen onze zielen.",
      "text1637_html": "Hebben oock Hizkia, de Coninck van Iuda, ende gantsch Iuda hem <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> oyt gedoodet? en vreesde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> hy niet den HEERE? ende smeeckte des HEEREN aengesichte, so dat het den HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> berouwde over het quaet, dat hy tegens hen gesproken hadde? wy dan, doen een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> groot quaet tegen onse zielen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gans",
          "new": "geheel",
          "principe": "V414"
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN aangezicht,",
          "new": "het aangezicht van JAHWEH,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Er was ook een man, die in den Naam des HEEREN profeteerde, Uria, de zoon van Semaja, van Kirjath-jearim; die profeteerde tegen deze stad en tegen dit land, naar al de woorden van Jeremia.",
      "text1637": "Daer [26] was oock een man, die in de name des HEEREN propheteerde, [27] Uria de sone van Semaja, van [28] Kirjath-Iearim: die propheteerde tegen dese stadt, ende tegen dit lant, [29] nae alle de woorden van Ieremia.",
      "text2026": "Er was ook een man, die in de Naam van JAHWEH profeteerde, Uria, de zoon van Semaja, van Kirjath-jearim; die profeteerde tegen deze stad en tegen dit land, naar al de woorden van Jeremia.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "26 was ook een man: Of, daar was, of, is ook een man geweest; zodat dit een verhaal is van den profeet Jeremia, dienende tot aanmerking van Gods genadige regering, in het beschermen van Jeremia door Ahikam, zonder welke hij lichtelijk van Jojakim geloond zou zijn geweest gelijk deze Uria.",
          "text1637": "Ofte, daer was, ofte, is oock een man geweest: so dat dit een verhael zy des Propheten Ieremia, dienende tot aenmerckinge van Godts genadige regeringe, in’t beschermen van Ieremia door Ahikam, sonder welcx hy lichtelick van Iojakim geloont soude geweest zijn, als dese Uria.",
          "text2026": "26 was ook een man: Of, daar was, of, is ook een man geweest; zodat dit een verhaal is van de profeet Jeremia, dienende tot aanmerking van Gods genadige regering, in het beschermen van Jeremia door Ahikam, zonder welke hij lichtelijk van Jojakim geloond zou zijn geweest gelijk deze Uria."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, Urijahu-Schemajahu. Van dezen wordt nergens elders vermeld.",
          "text1637": "Hebr. Urijahu-Schemajahu. van desen wort nergens elders vermeldt.",
          "text2026": "Hebreeuws, Urijahu-Schemajahu. Van deze wordt nergens elders vermeld."
        },
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Richt. 18:12. Richteren 18:12: En zij togen op, en legerden zich bij Kirjath-jearim, in Juda; daarom noemden zij deze plaats, Machane-dan, tot op dezen dag; ziet, het is achter Kirjath-jearim.",
          "text1637": "Siet. Iudic. 18. op vers 12.",
          "text2026": "Zie Richt. 18:12. Richteren 18:12: En zij togen op, en legerden zich bij Kirjath-jearim, in Juda; daarom noemden zij deze plaats, Machane-dan, tot op deze dag; ziet, het is achter Kirjath-jearim."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "29 naar al de woorden van Jeremia: Dat is, op gelijke wijze, even alzo, gelijk Jeremia.",
          "text1637": "D. op gelijcke wijse, even alsoo, als Ieremia.",
          "text2026": "29 naar al de woorden van Jeremia: Dat is, op gelijke wijze, even zo, gelijk Jeremia."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/גַם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HC/Ta"
        },
        {
          "woord": "אִ֗ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "הָיָ֤ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִתְנַבֵּא֙",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HVtrmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שֵׁ֣ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֽוּרִיָּ֨הוּ֙",
          "strongs": "H223",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּֽן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שְׁמַעְיָ֔הוּ",
          "strongs": "H8098",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/קִּרְיַ֖ת",
          "strongs": "H7157",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "הַיְּעָרִ֑ים",
          "strongs": "H7157",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּנָּבֵ֞א",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HC/VNw3ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֤יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּאת֙",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "וְ/עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֔את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כֹ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "דִּבְרֵ֥י",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָֽהוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Er<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> was ook een man, die in de Naam van JAHWEH profeteerde,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Uria, de zoon van Semaja, van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Kirjath-jearim; die profeteerde tegen deze stad en tegen dit land,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> naar al de woorden van Jeremia.",
      "textSV1888_html": "Er<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> was ook een man, die in den Naam des HEEREN profeteerde,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Uria, de zoon van Semaja, van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Kirjath-jearim; die profeteerde tegen deze stad en tegen dit land,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> naar al de woorden van Jeremia.",
      "text1637_html": "Daer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> was oock een man, die in de name des HEEREN propheteerde, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Uria de sone van Semaja, van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Kirjath-Iearim: die propheteerde tegen dese stadt, ende tegen dit lant, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> nae alle de woorden van Ieremia.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "En als de koning Jojakim, mitsgaders al zijn geweldigen, en al de vorsten zijn woorden hoorden, zocht de koning hem te doden; als Uria dat hoorde, zo vreesde hij, en vluchtte, en kwam in Egypte;",
      "text1637": "Ende als de Coninck Iojakim, mitsgaders alle sijne Geweldige, ende alle de Vorsten, sijne woorden hoorden, sochte de Coninck hem te dooden: Als Uria [dat] hoorde, so vreesde hy, ende vluchtede, ende quam in Egypten.",
      "text2026": "En als de koning Jojakim, en ook al zijn geweldigen, en al de vorsten zijn woorden hoorden, zocht de koning hem te doden; als Uria dat hoorde, zo vreesde hij, en vluchtte, en kwam in Egypte;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁמַ֣ע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יְ֠הוֹיָקִים",
          "strongs": "H3079",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "גִּבּוֹרָ֤י/ו",
          "strongs": "H1368",
          "morph": "HAampc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׂרִים֙",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "דְּבָרָ֔י/ו",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יְבַקֵּ֥שׁ",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HC/Vpw3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֖לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הֲמִית֑/וֹ",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVhc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁמַ֤ע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "אוּרִיָּ֨הוּ֙",
          "strongs": "H223",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּרָ֔א",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּבְרַ֖ח",
          "strongs": "H1272",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יָּבֹ֥א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "מִצְרָֽיִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En als de koning Jojakim, en ook al zijn geweldigen, en al de vorsten zijn woorden hoorden, zocht de koning hem te doden; als Uria dat hoorde, zo vreesde hij, en vluchtte, en kwam in Egypte;",
      "text1637_html": "Ende als de Coninck Iojakim, mitsgaders alle sijne Geweldige, ende alle de Vorsten, sijne woorden hoorden, sochte de Coninck hem te dooden: Als Uria [dat] hoorde, so vreesde hy, ende vluchtede, ende quam in Egypten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "mitsgaders",
          "new": "en ook",
          "principe": "V7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Maar de koning Jojakim zond mannen naar Egypte, Elnathan, den zoon van Achbor, en andere mannen met hem, in Egypte;",
      "text1637": "Maer de Coninck Iojakim sondt mannen [nae] Egypten, Elnathan den sone [30] Achbors, ende [andere] mannen met hem, in Egypten.",
      "text2026": "Maar de koning Jojakim zond mannen naar Egypte, Elnathan, de zoon van Achbor, en andere mannen met hem, in Egypte;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vergelijk 2 Kon. 22:12, 22:14, en onder Jer. 36:12. 2 Koningen 22:12: En de koning gebood Hilkia, den priester, en Ahikam, den zoon van Safan, en Achbor, den zoon van Michaja, en Safan, den schrijver, en Asaja, den knecht des konings, zeggende: 2 Koningen 22:14: Toen ging de priester Hilkia, en Ahikam, en Achbor, en Safan, en Asaja henen tot de profetes Hulda, de huisvrouw van Sallum, den zoon van Tikva, den zoon van Harhas, den klederbewaarder (zij nu woonde te Jeruzalem, in het tweede deel), en zij spraken tot haar. Jeremia 36:12: Zo ging hij af ten huize des konings in de kamer des schrijvers; en ziet, aldaar zaten al de vorsten: Elisama, de schrijver, en Delaja, de zoon van Semaja, en Elnathan, de zoon van Achbor, en Gemarja, de zoon van Safan, en Zedekia, de zoon van Hananja, en al de vorsten.",
          "text1637": "Vergel. 2.Reg. 22.12, 14. ende ond. 36.12.",
          "text2026": "Vergelijk 2 Kon. 22:12, 22:14, en onder Jer. 36:12. 2 Koningen 22:12: En de koning gebood Hilkia, de priester, en Ahikam, de zoon van Safan, en Achbor, de zoon van Michaja, en Safan, de schrijver, en Asaja, de knecht van de koning, zeggende: 2 Koningen 22:14: Toen ging de priester Hilkia, en Ahikam, en Achbor, en Safan, en Asaja heen tot de profetes Hulda, de huisvrouw van Sallum, de zoon van Tikva, de zoon van Harhas, de klederbewaarder (zij nu woonde te Jeruzalem, in het tweede deel), en zij spraken tot haar. Jeremia 36:12: Zo ging hij af in het huis van de koning in de kamer van de schrijvers; en ziet, daar zaten al de vorsten: Elisama, de schrijver, en Delaja, de zoon van Semaja, en Elnathan, de zoon van Achbor, en Gemarja, de zoon van Safan, en Zedekia, de zoon van Hananja, en al de vorsten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁלַ֞ח",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֧לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוֹיָקִ֛ים",
          "strongs": "H3079",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲנָשִׁ֖ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מִצְרָ֑יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֣ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אֶלְנָתָ֧ן",
          "strongs": "H494",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עַכְבּ֛וֹר",
          "strongs": "H5907",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲנָשִׁ֥ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אִתּ֖/וֹ",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מִצְרָֽיִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar de koning Jojakim zond mannen naar Egypte, Elnathan, de zoon<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> van Achbor, en andere mannen met hem, in Egypte;",
      "textSV1888_html": "Maar de koning Jojakim zond mannen naar Egypte, Elnathan, den zoon<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> van Achbor, en andere mannen met hem, in Egypte;",
      "text1637_html": "Maer de Coninck Iojakim sondt mannen [nae] Egypten, Elnathan den sone <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Achbors, ende [andere] mannen met hem, in Egypten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Die voerden Uria uit Egypte, en brachten hem tot den koning Jojakim, en hij sloeg hem met het zwaard, en hij wierp zijn dood lichaam in de graven van de kinderen des volks.",
      "text1637": "Die voerden Uria uyt Egypten, ende brachten hem tot den Coninck Iojakim, ende hy [31] sloech hem met den sweerde: ende hy wierp sijn doet lichaem in de [32] graven der kinderen des volcks.",
      "text2026": "Die voerden Uria uit Egypte, en brachten hem tot de koning Jojakim, en hij sloeg hem met het zwaard, en hij wierp zijn dood lichaam in de graven van de kinderen van het volk.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 sloeg hem met het zwaard: Dat is, deed hem slaan; dat is, ombrengen, en zijn lichaam werpen, enz.",
          "text1637": "D. dede hem slaen, D. ombrengen, ende sijn lichaem werpen, etc.",
          "text2026": "31 sloeg hem met het zwaard: Dat is, deed hem slaan; dat is, ombrengen, en zijn lichaam werpen, enz."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "32 graven van de kinderen des volks: Dat is, in een van de graven van het gemene volk; [zie Richt. 12:7]; zonder hem [gelijk een profeet des HEEREN wel waardig was] enige gewone uiterlijke eer te bewijzen. Richteren 12:7: Jeftha nu richtte Israël zes jaren; en Jeftha, de Gileadiet, stierf, en werd begraven in de steden van Gilead.",
          "text1637": "D. in een van de graven des gemeynen volcx: (siet Iud. 12. op vers 7.) sonder hem (als een Propheet des HEEREN wel weerdich was) eenige gewoonlicke uyterlicke eere te bewijsen.",
          "text2026": "32 graven van de kinderen van het volk: Dat is, in één van de graven van het gemene volk; [zie Richt. 12:7]; zonder hem [gelijk een profeet van JAHWEH wel waard was] enige gewone uiterlijke eer te bewijzen. Richteren 12:7: Jeftha nu richtte Israël zes jaren; en Jeftha, de Gileadiet, stierf, en werd begraven in de steden van Gilead."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יּוֹצִ֨יאוּ",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vhw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אוּרִיָּ֜הוּ",
          "strongs": "H223",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/מִּצְרַ֗יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וַ/יְבִאֻ֨/הוּ֙",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vhw3mp/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֣לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוֹיָקִ֔ים",
          "strongs": "H3079",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּכֵּ֖/הוּ",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HC/Vhw3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בֶּ/חָ֑רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּשְׁלֵךְ֙",
          "strongs": "H7993",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "נִבְלָת֔/וֹ",
          "strongs": "H5038",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "קִבְרֵ֖י",
          "strongs": "H6913",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵ֥י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָֽם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die voerden Uria uit Egypte, en brachten hem tot de koning Jojakim, en hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> sloeg hem met het zwaard, en hij wierp zijn dood lichaam in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> graven van de kinderen van het volk.",
      "textSV1888_html": "Die voerden Uria uit Egypte, en brachten hem tot den koning Jojakim, en hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> sloeg hem met het zwaard, en hij wierp zijn dood lichaam in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> graven van de kinderen des volks.",
      "text1637_html": "Die voerden Uria uyt Egypten, ende brachten hem tot den Coninck Iojakim, ende hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> sloech hem met den sweerde: ende hy wierp sijn doet lichaem in de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> graven der kinderen des volcks.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des volks.",
          "new": "van het volk.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Maar de hand van Ahikam, den zoon van Safan, was met Jeremia, dat men hem niet overgaf in de hand des volk, om hem te doden.",
      "text1637": "Maer de [33] hant Ahikams, des soons Saphans, was met Ieremia, datmen hem niet over en gaf in de hant des volcks, om hem te dooden.",
      "text2026": "Maar de hand van Ahikam, de zoon van Safan, was met Jeremia, dat men hem niet overgaf in de hand van het volk, om hem te doden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "33 hand van Ahikam: Dat is, hij beschermde Jeremia met zijn macht, aanzien, beleid en gezag, die hij had. Zie van dezen Ahikam 2 Kon. 22:12, 22:14, en 2 Kon. 25:22; idem onder Jer. 39:14. 2 Koningen 22:12: En de koning gebood Hilkia, den priester, en Ahikam, den zoon van Safan, en Achbor, den zoon van Michaja, en Safan, den schrijver, en Asaja, den knecht des konings, zeggende: 2 Koningen 22:14: Toen ging de priester Hilkia, en Ahikam, en Achbor, en Safan, en Asaja henen tot de profetes Hulda, de huisvrouw van Sallum, den zoon van Tikva, den zoon van Harhas, den klederbewaarder (zij nu woonde te Jeruzalem, in het tweede deel), en zij spraken tot haar. 2 Koningen 25:22: Maar aangaande het volk, dat in het land van Juda overgebleven was, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, had laten overblijven, daarover stelde hij Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan. Jeremia 39:14: Zij zonden dan henen en namen Jeremia uit het voorhof der bewaring, en gaven hem over aan Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, dat hij hem henen uitbracht naar huis; alzo bleef hij in het midden des volks.",
          "text1637": "D. hy beschermde Ieremia met sijne macht, aensien, beleyt ende authoriteyt, die hy hadde. Siet van desen Ahikam 2.Reg. 22.12, 14. ende 25.2. item ond. 39.14.",
          "text2026": "33 hand van Ahikam: Dat is, hij beschermde Jeremia met zijn macht, aanzien, beleid en gezag, die hij had. Zie van deze Ahikam 2 Kon. 22:12, 22:14, en 2 Kon. 25:22; idem onder Jer. 39:14. 2 Koningen 22:12: En de koning gebood Hilkia, de priester, en Ahikam, de zoon van Safan, en Achbor, de zoon van Michaja, en Safan, de schrijver, en Asaja, de knecht van de koning, zeggende: 2 Koningen 22:14: Toen ging de priester Hilkia, en Ahikam, en Achbor, en Safan, en Asaja heen tot de profetes Hulda, de huisvrouw van Sallum, de zoon van Tikva, de zoon van Harhas, de klederbewaarder (zij nu woonde te Jeruzalem, in het tweede deel), en zij spraken tot haar. 2 Koningen 25:22: Maar aangaande het volk, dat in het land van Juda overgebleven was, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, had laten overblijven, daarover stelde hij Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan. Jeremia 39:14: Zij zonden dan heen en namen Jeremia uit het voorhof van de bewaring, en gaven hem over aan Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, dat hij hem heen uitbracht naar huis; zo bleef hij in het midden van het volk."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַ֗ךְ",
          "strongs": "H389",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "יַ֚ד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "אֲחִיקָ֣ם",
          "strongs": "H296",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׁפָ֔ן",
          "strongs": "H8227",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הָיְתָ֖ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "אֶֽת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֑הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/בִלְתִּ֛י",
          "strongs": "H1115",
          "morph": "HR/C"
        },
        {
          "woord": "תֵּת",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אֹת֥/וֹ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/יַד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/הֲמִיתֽ/וֹ",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HR/Vhc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> hand van Ahikam, de zoon van Safan, was met Jeremia, dat men hem niet overgaf in de hand van het volk, om hem te doden.",
      "textSV1888_html": "Maar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> hand van Ahikam, den zoon van Safan, was met Jeremia, dat men hem niet overgaf in de hand des volk, om hem te doden.",
      "text1637_html": "Maer de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> hant Ahikams, des soons Saphans, was met Ieremia, datmen hem niet over en gaf in de hant des volcks, om hem te dooden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des",
          "new": "van het",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De Propheet brengt, door Godts last, den gantschen volcke in des Tempels voorhof, dat Godt, so sy ongehoorsaem blijven, den Tempel sal maken als Silo, ende het lant tot eenen vloeck aller volcken, vers 1, etc. wort daer over gegrepen, ende des doots schuldich verclaert, 8. maer de Vorsten, etc. daer komende, ende d’aenklachte, als oock Ieremie antwoort gehoort hebbende, spreken hem vry, met het exempel vanden Propheet Micha, 10. Ahikam wort in’t bysonder geroemt, van Ieremiam geredt te hebben, dat het hem niet en ginck, als eenen anderen Prophete, genaemt Uria, 20.",
    "text2026": "De profeet brengt, op Gods bevel, het hele volk in de voorhof van de tempel, dat God, als zij ongehoorzaam blijven, de tempel zal maken zoals Silo, en het land tot een vloek van alle volken, vers 1, enz. wordt daarover gegrepen en des doods schuldig verklaard, 8. maar als de vorsten enz. daar komen en de aanklacht alsook Jeremia's antwoord gehoord hebben, spreken zij hem vrij, met het voorbeeld van de profeet Micha, 10. Ahikam wordt in het bijzonder geroemd dat hij Jeremia gered heeft, zodat het hem niet verging zoals een andere profeet, genaamd Uria, 20."
  }
}
