{
  "number": 39,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "In het negende jaar van Zedekia, koning van Juda, in de tiende maand, kwam Nebukadrezar, de koning van Babel, en al zijn heir, tegen Jeruzalem, en zij belegerden haar.",
      "text1637": "IN den [a] negenden jare van Zedekia, Coninck van Iuda, inde tiende maent, quam Nebucadrezar, de Coninck van Babel, ende al sijn heyr, [1] tegen Ierusalem, ende sy belegerdense.",
      "text2026": "In het negende jaar van Zedekia, koning van Juda, in de tiende maand, kwam Nebukadrezar, de koning van Babel, en al zijn leger, tegen Jeruzalem, en zij belegerden haar.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 tegen Jeruzalem: Of, bij, tot; dat is, [gelijk men nu zegt] voor Jeruzalem.",
          "text1637": "Ofte by, tot. D. (alsmen nu seyt) voor Ierusalem.",
          "text2026": "1 tegen Jeruzalem: Of, bij, tot; dat is, [gelijk men nu zegt] voor Jeruzalem."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Kon. 25:1; Jer. 52:4. 2 Koningen 25:1: En het geschiedde in het negende jaar zijner regering, in de tiende maand, op den tienden der maand, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, kwam tegen Jeruzalem, hij en zijn ganse heir, en legerde zich tegen haar; en zij bouwden tegen haar sterkten rondom. Jeremia 52:4: En het geschiedde in het negende jaar zijner regering, in de tiende maand, op den tienden der maand, dat Nebukadrezar, de koning van Babel, kwam tegen Jeruzalem, hij en zijn ganse heir, en zij legerden zich tegen haar, en zij bouwden tegen haar sterkten rondom.",
          "text1637": "2.Reg. 25.1. Ierem. 52.4.",
          "text2026": "2 Kon. 25:1; Jer. 52:4. 2 Koningen 25:1: En het geschiedde in het negende jaar zijn regering, in de tiende maand, op de tienden van de maand, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, kwam tegen Jeruzalem, hij en zijn gehele legermacht, en legerde zich tegen haar; en zij bouwden tegen haar sterkten rondom. Jeremia 52:4: En het geschiedde in het negende jaar zijn regering, in de tiende maand, op de tienden van de maand, dat Nebukadrezar, de koning van Babel, kwam tegen Jeruzalem, hij en zijn gehele legermacht, en zij legerden zich tegen haar, en zij bouwden tegen haar sterkten rondom."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ/שָּׁנָ֣ה",
          "strongs": "H8141",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ֠/תְּשִׁעִית",
          "strongs": "H8671",
          "morph": "HTd/Aofsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/צִדְקִיָּ֨הוּ",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מֶלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֜ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֹ֣דֶשׁ",
          "strongs": "H2320",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הָ/עֲשִׂרִ֗י",
          "strongs": "H6224",
          "morph": "HTd/Aomsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ֠א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבוּכַדְרֶאצַּ֨ר",
          "strongs": "H5019",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֤ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "חֵיל/וֹ֙",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְר֣וּשָׁלִַ֔ם",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יָּצֻ֖רוּ",
          "strongs": "H6696",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "עָלֶֽי/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "In het negende jaar van Zedekia, koning van Juda, in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> tiende maand, kwam Nebukadrezar, de koning van Babel, en al zijn leger,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> tegen Jeruzalem, en zij belegerden haar.",
      "textSV1888_html": "In het negende jaar van Zedekia, koning van Juda, in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> tiende maand, kwam Nebukadrezar, de koning van Babel, en al zijn heir,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> tegen Jeruzalem, en zij belegerden haar.",
      "text1637_html": "IN den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> negenden jare van Zedekia, Coninck van Iuda, inde tiende maent, quam Nebucadrezar, de Coninck van Babel, ende al sijn heyr, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> tegen Ierusalem, ende sy belegerdense.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "heir,",
          "new": "leger,",
          "principe": "O2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "In het elfde jaar van Zedekia, in de vierde maand, op den negenden der maand, werd de stad doorgebroken.",
      "text1637": "In den elfsten jare van Zedekia, in de vierde maent, op den negenden der maent, wert de stadt [2] doorgebroken.",
      "text2026": "In het elfde jaar van Zedekia, in de vierde maand, op de negende van de maand, werd de stad doorgebroken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vergelijk 2 Kon. 25:4, en onder Jer. 52:7. Versta den uitersten muur van de stad. 2 Koningen 25:4: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden des nachts door den weg der poort, tussen de twee muren, die aan des konings hof waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en de koning trok door den weg des vlakken velds. Jeremia 52:7: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden, en trokken uit des nachts, uit de stad, door den weg der poort tussen de twee muren, die aan des konings hof waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en zij togen door den weg des vlakken velds.",
          "text1637": "Vergel. 2.Reg. 25.4. ende ond. 52.7. verstaet den uytersten muer van de stadt.",
          "text2026": "Vergelijk 2 Kon. 25:4, en onder Jer. 52:7. Versta de uitersten muur van de stad. 2 Koningen 25:4: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden van de nacht door de weg van de poort, tussen de twee muren, die aan de hof van de koning waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en de koning trok door de weg van de vlakken velds. Jeremia 52:7: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden, en trokken uit van de nacht, uit de stad, door de weg van de poort tussen de twee muren, die aan de hof van de koning waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en zij togen door de weg van de vlakken velds."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/עַשְׁתֵּֽי",
          "strongs": "H6249",
          "morph": "HR/Acbsc"
        },
        {
          "woord": "עֶשְׂרֵ֤ה",
          "strongs": "H6240",
          "morph": "HAcfsa"
        },
        {
          "woord": "שָׁנָה֙",
          "strongs": "H8141",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/צִדְקִיָּ֔הוּ",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֹ֥דֶשׁ",
          "strongs": "H2320",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הָ/רְבִיעִ֖י",
          "strongs": "H7243",
          "morph": "HTd/Aomsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/תִשְׁעָ֣ה",
          "strongs": "H8672",
          "morph": "HR/Acmsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/חֹ֑דֶשׁ",
          "strongs": "H2320",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הָבְקְעָ֖ה",
          "strongs": "H1234",
          "morph": "HVHp3fs"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִֽיר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "In het elfde jaar van Zedekia, in de vierde maand, op de negende van de maand, werd de stad<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> doorgebroken.",
      "textSV1888_html": "In het elfde jaar van Zedekia, in de vierde maand, op den negenden der maand, werd de stad<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> doorgebroken.",
      "text1637_html": "In den elfsten jare van Zedekia, in de vierde maent, op den negenden der maent, wert de stadt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> doorgebroken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den negenden der",
          "new": "de negende van de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "En alle vorsten des konings van Babel togen henen in, en hielden bij de middelste poort; namelijk Nergal-sarezer Samgar-nebu, Sarsechim Rab-saris, Nergal-sarezer Rab-mag, en al de overige vorsten des konings van Babel.",
      "text1637": "Ende alle Vorsten des Conincks van Babel togen henen in, ende [3] hielden by de [4] middelste poorte: [naemlick] Nergal-Sarezer [5] Samgar-Nebu, Sarsechim [6] Rab-Saris; Nergal-Sarezer [7] Rab-Mag, ende alle de [8] overige Vorsten des Concincx van Babel.",
      "text2026": "En alle vorsten van de koning van Babel trokken heen in, en hielden bij de middelste poort; namelijk Nergal-sarezer Samgar-nebu, Sarsechim Rab-saris, Nergal-sarezer Rab-mag, en al de overige vorsten van de koning van Babel.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, zaten, zetten zich, of bleven; dat is, zij hielden stil, bleven daar staan, te weten bij of voor de poort van den middelmuur, die de bovenste stad van de onderste onderscheidde.",
          "text1637": "Hebr. saten, setteden sich, ofte, bleven. D. sy hielden stil, bleven daer staen, T.w. by, ofte, voor de poorte van den middel-muer, die de bovenste stadt van de onderste onderscheydde.",
          "text2026": "Hebreeuws, zaten, zetten zich, of bleven; dat is, zij hielden stil, bleven daar staan, te weten bij of voor de poort van de middelmuur, die de bovenste stad van de onderste onderscheidde."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "4 middelste poort: Hebreeuws, poort des middens.",
          "text1637": "Hebr. poorte des middens.",
          "text2026": "4 middelste poort: Hebreeuws, poort van de middens (שַׁעַר)."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dit vertalen sommigen thesaurier, of schatmeester; hetwelk anderen duiden op Sarezer.",
          "text1637": "Dit vertalen sommige, Thresorier, ofte, schatmeester: het welcke andere duyden op Sarezer.",
          "text2026": "Dit vertalen sommigen thesaurier, of schatmeester; dat anderen duiden op Sarezer."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, opperste kamerling, of hoveling; dat is hofmeester, gelijk enigen menen.",
          "text1637": "D. opperste Camerlinck. ofte, hovelinck, D. hoofmeester, als eenige meynen.",
          "text2026": "Dat is, opperste kamerling, of hoveling; dat is hofmeester, gelijk enige menen."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, veldmaarschalk, of veldoverste, gelijk anderen; vergelijk onder vers 12. Jeremia 39:12: Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u spreken zal, doe alzo met hem.",
          "text1637": "Dat is, veltmaerschalck, ofte, veltoverste, als andere. Vergel. ond. vers 13.",
          "text2026": "Dat is, veldmaarschalk, of veldoverste, gelijk anderen; vergelijk onder vers 12. Jeremia 39:12: Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u spreken zal, doe zo met hem."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 overige vorsten des konings van Babel: Hebreeuws, al het overblijfsel; dat is hier al de anderen, de ganse rest.",
          "text1637": "Hebr. al het overblijfsel. D. hier, alle de andere, de gantsche reste.",
          "text2026": "8 overige vorsten van de koning van Babel: Hebreeuws, al het overblijfsel; dat is hier al de anderen, de gehele rest."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יָּבֹ֗אוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "כֹּ֚ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֵ֣י",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּשְׁב֖וּ",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שַׁ֣עַר",
          "strongs": "H8179",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/תָּ֑וֶךְ",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נֵרְגַ֣ל",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שַׂר",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶ֠צֶר",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "סַֽמְגַּר",
          "strongs": "H5562",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נְב֞וּ",
          "strongs": "H5562",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שַׂר",
          "strongs": "H8310",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "סְכִ֣ים",
          "strongs": "H8310",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7249",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "סָרִ֗יס",
          "strongs": "H7249",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נֵרְגַ֤ל",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שַׂר",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶ֨צֶר֙",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7248",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מָ֔ג",
          "strongs": "H7248",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שְׁאֵרִ֔ית",
          "strongs": "H7611",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֵ֖י",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מֶ֥לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En alle vorsten van de koning van Babel trokken heen in, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> hielden bij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> middelste poort; namelijk Nergal-sarezer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Samgar-nebu, Sarsechim<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Rab-saris, Nergal-sarezer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Rab-mag, en al de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> overige vorsten van de koning van Babel.",
      "textSV1888_html": "En alle vorsten des konings van Babel togen henen in, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> hielden bij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> middelste poort; namelijk Nergal-sarezer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Samgar-nebu, Sarsechim<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Rab-saris, Nergal-sarezer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Rab-mag, en al de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> overige vorsten des konings van Babel.",
      "text1637_html": "Ende alle Vorsten des Conincks van Babel togen henen in, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> hielden by de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> middelste poorte: [naemlick] Nergal-Sarezer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Samgar-Nebu, Sarsechim <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Rab-Saris; Nergal-Sarezer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Rab-Mag, ende alle de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> overige Vorsten des Concincx van Babel.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des konings",
          "new": "van de koning",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "togen henen",
          "new": "trokken heen",
          "principe": "V67"
        },
        {
          "old": "des konings",
          "new": "van de koning",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "En het geschiedde, als Zedekia, de koning van Juda, en al de krijgslieden hen zagen, zo vloden zij, en togen bij nacht uit de stad, door den weg van des konings hof, door de poort tussen de twee muren; en hij toog uit door den weg des vlakken velds.",
      "text1637": "Ende het geschiedde, als Zedekia, de Coninck van Iuda, ende alle de krijchslieden hen sagen, so vloden sy, ende togen by nacht uyt de stadt, [door] den wech [9] van ’s Conincks hof, door de [10] poorte tusschen de twee mueren: ende [11] hy tooch uyt [door] den wech des [12] vlacken velts.",
      "text2026": "En het gebeurde, als Zedekia, de koning van Juda, en al de soldaten hen zagen, zo vluchtten zij, en trokken bij nacht uit de stad, door de weg van de hof van de koning, door de poort tussen de twee muren; en hij trok uit door de weg van het vlakke veld.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 poort tussen de twee muren: Zie 2 Kon. 25:4. 2 Koningen 25:4: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden des nachts door den weg der poort, tussen de twee muren, die aan des konings hof waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en de koning trok door den weg des vlakken velds.",
          "text1637": "Siet 2.Reg. 25. op vers 6.",
          "text2026": "10 poort tussen de twee muren: Zie 2 Kon. 25:4. 2 Koningen 25:4: Toen werd de stad doorgebroken, en al de krijgslieden vloden van de nacht door de weg van de poort, tussen de twee muren, die aan de hof van de koning waren (de Chaldeeën nu waren tegen de stad rondom), en de koning trok door de weg van de vlakken velds."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "11 hij toog uit door den weg: Namelijk de koning.",
          "text1637": "N. de Coninck.",
          "text2026": "11 hij toog uit door de weg: Namelijk de koning."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 vlakken velds: Of, der woestijn; deze woestijn, of deze vlakke velden, was gelegen tussen Jeruzalem en Jericho, of de Jordaan. Zie 2 Sam. 15:23, en hier vers 5. 2 Samuël 15:23: En het ganse land weende met luider stem, als al het volk overging; ook ging de koning over de beek Kidron, en al het volk ging over, recht naar den weg der woestijn. Jeremia 39:5: Doch het heir der Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en vingen hem, en brachten hem opwaarts tot Nebukadrezar, den koning van Babel, naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem uit.",
          "text1637": "Ofte, der woestijne: dese woestijne, ofte, dese vlacke velden, waren gelegen tusschen Ierusalem ende Iericho, ofte de Iordane. Siet 2.Sam. 15. op vers 23. ende hier het volgende vers.",
          "text2026": "12 vlakke veld: Of, van de woestijn; deze woestijn, of deze vlakke velden, was gelegen tussen Jeruzalem en Jericho, of de Jordaan. Zie 2 Sam. 15:23, en hier vers 5. 2 Samuël 15:23: En het gehele land weende met luide stem, als al het volk overging; ook ging de koning over de beek Kidron, en al het volk ging over, recht naar de weg van de woestijn. Jeremia 39:5: Maar het legermacht van de Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en vingen hem, en brachten hem opwaarts tot Nebukadrezar, de koning van Babel, naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem uit."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "9 van des konings hof: Die aan of bij het hof van den koning was; vergelijk 2 Kon. 9:27. 2 Koningen 9:27: Als Ahazia, de koning van Juda, dat zag, zo vlood hij door den weg van het huis des hofs; doch Jehu vervolgde hem achterna, en zeide: Slaat hem ook op den wagen, aan den opgang naar Gur, die bij Jibleam is; en hij vlood naar Megiddo, en stierf aldaar.",
          "text1637": "Die aen, ofte, by des Conincx hof was. Vergel. 2.Reg. 9. op vers 27.",
          "text2026": "9 van de hof van de koning: Die aan of bij het hof van de koning was; vergelijk 2 Kon. 9:27. 2 Koningen 9:27: Als Ahazia, de koning van Juda, dat zag, zo vluchtte hij door de weg van het huis van de hofs; maar Jehu vervolgde hem achterna, en zei: Slaat hem ook op de wagen, aan de opgang naar Gur, die bij Jibleam is; en hij vluchtte naar Megiddo, en stierf daar."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְהִ֡י",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "רָ֠אָ/ם",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp3ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "צִדְקִיָּ֨הוּ",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֜ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כֹ֣ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אַנְשֵׁ֣י",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מִּלְחָמָ֗ה",
          "strongs": "H4421",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וַֽ֠/יִּבְרְחוּ",
          "strongs": "H1272",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּצְא֨וּ",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "לַ֤יְלָה",
          "strongs": "H3915",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִן",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִיר֙",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "דֶּ֚רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "גַּ֣ן",
          "strongs": "H1588",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֔לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שַׁ֖עַר",
          "strongs": "H8179",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֣ין",
          "strongs": "H996",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/חֹמֹתָ֑יִם",
          "strongs": "H2346",
          "morph": "HTd/Ncfda"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּצֵ֖א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "דֶּ֥רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עֲרָבָֽה",
          "strongs": "H6160",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "En het gebeurde, als Zedekia, de koning van Juda, en al de soldaten hen zagen, zo vluchtten zij, en trokken bij nacht uit de stad, door de weg<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> van de hof van de koning, door de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> poort tussen de twee muren; en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> hij trok uit door de weg van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> het vlakke veld.",
      "textSV1888_html": "En het geschiedde, als Zedekia, de koning van Juda, en al de krijgslieden hen zagen, zo vloden zij, en togen bij nacht uit de stad, door den weg<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> van des konings hof, door de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> poort tussen de twee muren; en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> hij toog uit door den weg des<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vlakken velds.",
      "text1637_html": "Ende het geschiedde, als Zedekia, de Coninck van Iuda, ende alle de krijchslieden hen sagen, so vloden sy, ende togen by nacht uyt de stadt, [door] den wech <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> van ’s Conincks hof, door de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> poorte tusschen de twee mueren: ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> hy tooch uyt [door] den wech des <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vlacken velts.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschiedde,",
          "new": "gebeurde,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "krijgslieden",
          "new": "soldaten",
          "principe": "V83"
        },
        {
          "old": "vloden",
          "new": "vluchtten",
          "principe": "V340"
        },
        {
          "old": "togen",
          "new": "trokken",
          "principe": "V353"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des konings hof,",
          "new": "de hof van de koning,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "toog",
          "new": "trok",
          "principe": "V353"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des vlakken velds.",
          "new": "van het vlakke veld.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Doch het heir der Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en vingen hem, en brachten hem opwaarts tot Nebukadrezar, den koning van Babel, naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem uit.",
      "text1637": "Doch het heyr der Chaldeen jaechdese achterna; ende sy achterhaelden Zedekia in de vlacke velden van Iericho, ende [13] vingen hem, ende brachten hem opwaerts tot Nebucadnezar den Coninck van Babel nae [14] Ribla, in den lande van Hamath: die sprack [15] oordeelen tegen hem uyt.",
      "text2026": "Maar het leger van de Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en vingen hem, en brachten hem omhoog tot Nebukadrezar, de koning van Babel, naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem uit.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "13 vingen hem: Zie van het Hebreeuws woord boven Jer. 36:26, hoewel het hier ook slechtelijk kan worden overgezet: en zij namen hem, enz., doch zulks is in deze zaak zoveel als bij ons: zij vingen hem. Jeremia 36:26: Daartoe gebood de koning aan Jerahmeel, den zoon van Hammelech, en Zeraja, den zoon van Azriël, en Selemja, den zoon van Abdeël, om den schrijver Baruch en den profeet Jeremia te vangen. Maar de HEERE had hen verborgen.",
          "text1637": "Siet van ’t Hebr. woort bov. 36. op vers 26. hoewel het hier oock slechtlick kan worden overgeset, ende sy namen hem, etc. doch sulcx is in dese materie soo veel als by ons, sy vingen hem.",
          "text2026": "13 vingen hem: Zie van het Hebreeuws woord boven Jer. 36:26, hoewel het hier ook slechtelijk kan worden overgezet: en zij namen hem, enz., maar zulks is in deze zaak zoveel als bij ons: zij vingen hem. Jeremia 36:26: Daartoe gebood de koning aan Jerahmeel, de zoon van Hammelech, en Zeraja, de zoon van Azriël, en Selemja, de zoon van Abdeël, om de schrijver Baruch en de profeet Jeremia te vangen. Maar JAHWEH had hen verborgen."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "14 naar Ribla: Zie 2 Kon. 23:33. 2 Koningen 23:33: Doch Farao Necho liet hem binden te Ribla in het land van Hamath, opdat hij te Jeruzalem niet regeren zou; en hij leide het land een boete op van honderd talenten zilvers en een talent gouds.",
          "text1637": "Siet 2.Reg. 23. op vers 33.",
          "text2026": "14 naar Ribla: Zie 2 Kon. 23:33. 2 Koningen 23:33: Maar Farao Necho liet hem binden te Ribla in het land van Hamath, opdat hij te Jeruzalem niet regeren zou; en hij legde het land een boete op van honderd talenten zilvers en een talent gouds."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 oordelen tegen hem uit: Of, vonnissen, in het getal van velen, waarvoor 2 Kon. 25:6, oordeel, in het getal van enen staat; zie de aantekening aldaar, en vergelijk boven Jer. 1:16, en Jer. 4:12; alzo onder Jer. 52:9. 2 Koningen 25:6: Zij dan grepen den koning, en voerden hem opwaarts tot den koning van Babel, naar Ribla; en zij spraken een oordeel tegen hem. Jeremia 1:16: En Ik zal Mijn oordelen tegen hen uitspreken over al hun boosheid; dat zij Mij verlaten hebben, en anderen goden gerookt, en zich gebogen hebben voor de werken hunner handen. Jeremia 4:12: Er zal Mij een wind komen, die hun te sterk zal zijn. Nu zal Ik ook oordelen tegen hen uitspreken. Jeremia 52:9: Zij dan grepen den koning, en voerden hem opwaarts tot den koning van Babel naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem.",
          "text1637": "Ofte, vonnissen, in’t getal van velen, waer voor 2.Reg. 25.6. oordeel, in’t getal van eenen staet. Siet d’aenteeck. aldaer, ende vergel. bov. 1.16. ende 4.12. alsoo ond. 52.9.",
          "text2026": "15 oordelen tegen hem uit: Of, vonnissen, in het getal van velen, waarvoor 2 Kon. 25:6, oordeel, in het getal van enen staat; zie de aantekening daar, en vergelijk boven Jer. 1:16, en Jer. 4:12; zo onder Jer. 52:9. 2 Koningen 25:6: Zij dan grepen de koning, en voerden hem opwaarts tot de koning van Babel, naar Ribla; en zij spraken een oordeel tegen hem. Jeremia 1:16: En Ik zal Mijn oordelen tegen hen uitspreken over al hun boosheid; dat zij Mij verlaten hebben, en anderen goden gerookt, en zich gebogen hebben voor de werken hun handen. Jeremia 4:12: Er zal Mij een wind komen, die hun te sterk zal zijn. Nu zal Ik ook oordelen tegen hen uitspreken. Jeremia 52:9: Zij dan grepen de koning, en voerden hem opwaarts tot de koning van Babel naar Ribla, in het land van Hamath; die sprak oordelen tegen hem."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּרְדְּפ֨וּ",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "חֵיל",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּ֜ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אַחֲרֵי/הֶ֗ם",
          "strongs": "H310",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּשִּׂ֣גוּ",
          "strongs": "H5381",
          "morph": "HC/Vhw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "צִדְקִיָּהוּ֮",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עַֽרְב֣וֹת",
          "strongs": "H6160",
          "morph": "HR/Ncfpc"
        },
        {
          "woord": "יְרֵחוֹ֒",
          "strongs": "H3405",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּקְח֣וּ",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֹת֗/וֹ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַֽ֠/יַּעֲלֻ/הוּ",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HC/Vhw3mp/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "נְבוּכַדְרֶאצַּ֧ר",
          "strongs": "H5019",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֛ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רִבְלָ֖תָ/ה",
          "strongs": "H7247",
          "morph": "HNp/Sd"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "חֲמָ֑ת",
          "strongs": "H2574",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יְדַבֵּ֥ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HC/Vpw3ms"
        },
        {
          "woord": "אִתּ֖/וֹ",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפָּטִֽים",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar het leger van de Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vingen hem, en brachten hem omhoog tot Nebukadrezar, de koning van Babel, naar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ribla, in het land van Hamath; die sprak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> oordelen tegen hem uit.",
      "textSV1888_html": "Doch het heir der Chaldeeën jaagde hen achterna; en zij achterhaalden Zedekia in de vlakke velden van Jericho, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vingen hem, en brachten hem opwaarts tot Nebukadrezar, den koning van Babel, naar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ribla, in het land van Hamath; die sprak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> oordelen tegen hem uit.",
      "text1637_html": "Doch het heyr der Chaldeen jaechdese achterna; ende sy achterhaelden Zedekia in de vlacke velden van Iericho, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vingen hem, en<i>de</i> brachten hem opwaerts tot Nebucadnezar den Coninck van Babel nae <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ribla, in den lande van Hamath: die sprack <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> oordeelen tegen hem uyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Doch",
          "new": "Maar",
          "principe": "V1"
        },
        {
          "old": "heir der",
          "new": "leger van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "opwaarts",
          "new": "omhoog",
          "principe": "V1034"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "En de koning van Babel slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen; ook slachtte de koning van Babel alle edelen van Juda.",
      "text1637": "Ende de Coninck van Babel [16] slachtede de sonen van Zedekia te Ribla voor sijne oogen: oock slachtede de Coninck van Babel alle [17] Edelen van Iuda.",
      "text2026": "En de koning van Babel slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen; ook slachtte de koning van Babel alle edelen van Juda.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen: Dat is, liet slachten.",
          "text1637": "D. het slachten.",
          "text2026": "16 slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen: Dat is, liet slachten."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "17 edelen van Juda: Hebreeuws, witten; zie Neh. 2:16. Nehemia 2:16: En de overheden wisten niet, waar ik heengegaan was, en wat ik deed; want ik had tot nog toe den Joden, en den priesteren, en den edelen, en overheden, en den anderen, die het werk deden, niets te kennen gegeven.",
          "text1637": "Hebr. witte. siet Nehe. 2. op vers 16.",
          "text2026": "17 edelen van Juda: Hebreeuws, witten; zie Neh. 2:16. Nehemia 2:16: En de overheden wisten niet, waar ik heengegaan was, en wat ik deed; want ik had tot nog toe de Joden, en de priesters, en de edelen, en overheden, en de anderen, die het werk deden, niets te kennen gegeven."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁחַט֩",
          "strongs": "H7819",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "מֶ֨לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֜ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵ֧י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "צִדְקִיָּ֛הוּ",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/רִבְלָ֖ה",
          "strongs": "H7247",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֵינָ֑י/ו",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HR/Ncbdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵת֙",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "חֹרֵ֣י",
          "strongs": "H2715",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֔ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שָׁחַ֖ט",
          "strongs": "H7819",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מֶ֥לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En de koning van Babel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen; ook slachtte de koning van Babel alle<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> edelen van Juda.",
      "textSV1888_html": "En de koning van Babel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> slachtte de zonen van Zedekia te Ribla voor zijn ogen; ook slachtte de koning van Babel alle<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> edelen van Juda.",
      "text1637_html": "Ende de Coninck van Babel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> slachtede de sonen van Zedekia te Ribla voor sijne oogen: oock slachtede de Coninck van Babel alle <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> Edelen van Iuda."
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "En hij verblindde de ogen van Zedekia, en bond hem met twee koperen ketenen, om hem naar Babel te voeren.",
      "text1637": "Ende hy [18] verblindde de oogen van Zedekia, ende bondt hem met twee kopere ketenen, om hem nae Babel te voeren.",
      "text2026": "En hij verblindde de ogen van Zedekia, en bond hem met twee koperen ketenen, om hem naar Babel te voeren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "18 verblindde de ogen van Zedekia: Of, hij maakte blind; doende de ogen hem uitsteken, of immers alzo bederven dat hij blind was; gelijk men houdt dat nog heden ten dage enige natiën in het oosten den gevangenen in den oorlog de ogen wel bederven en het gezicht gans benemen, zonder de ogen uit te steken.",
          "text1637": "Ofte, hy maeckte blint: doende d’oogen hem uytsteken, ofte immers alsoo bederven, dat hy blint was: gelijck men houdt, dat noch hedens daechs eenige natien in’t oosten den gevangenen in d’oorloge d’oogen wel bederven, ende ’t gesichte gantsch benemen, sonder de oogen uyt te steken.",
          "text2026": "18 verblindde de ogen van Zedekia: Of, hij maakte blind; doende de ogen hem uitsteken, of immers zo bederven dat hij blind was; gelijk men houdt dat nog heden ten dage enige natiën in het oosten de gevangenen in de oorlog de ogen wel bederven en het gezicht geheel benemen, zonder de ogen uit te steken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "עֵינֵ֥י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbdc"
        },
        {
          "woord": "צִדְקִיָּ֖הוּ",
          "strongs": "H6667",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עִוֵּ֑ר",
          "strongs": "H5786",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּאַסְרֵ֨/הוּ֙",
          "strongs": "H631",
          "morph": "HC/Vqw3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּֽ/נְחֻשְׁתַּ֔יִם",
          "strongs": "H5178",
          "morph": "HRd/Ncfda"
        },
        {
          "woord": "לָ/בִ֥יא",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HR/Vhc"
        },
        {
          "woord": "אֹת֖/וֹ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽלָ/ה",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp/Sd"
        }
      ],
      "text2026_html": "En hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> verblindde de ogen van Zedekia, en bond hem met twee koperen ketenen, om hem naar Babel te voeren.",
      "textSV1888_html": "En hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> verblindde de ogen van Zedekia, en bond hem met twee koperen ketenen, om hem naar Babel te voeren.",
      "text1637_html": "Ende hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> verblindde de oogen van Zedekia, ende bondt hem met twee kopere ketenen, om hem nae Babel te voeren."
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "En de Chaldeeën verbrandden het huis des konings en de huizen des volks met vuur; en zij braken de muren van Jeruzalem af.",
      "text1637": "Ende de Chaldeen verbrandden het huys des Conincks ende de [19] huysen des volcks met vyer: ende sy braken de mueren van Ierusalem af.",
      "text2026": "En de Chaldeeën verbrandden het huis van de koning en de huizen van het volk met vuur; en zij braken de muren van Jeruzalem af.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "19 huizen des volks: Hebreeuws, het huis; dat is, de huizen der ingezetenen, doch voornamelijk der groten. Zie 2 Kon. 25:9. 2 Koningen 25:9: En hij verbrandde het huis des HEEREN, en het huis des konings, mitsgaders alle huizen van Jeruzalem; en alle huizen der groten verbrandde hij met vuur.",
          "text1637": "Hebr. het huys: D. de huysen der ingesetenen, doch principalick der Grooten. Siet 2.Reg. 25. op vers 9.",
          "text2026": "19 huizen van het volk: Hebreeuws, het huis (בֵּית); dat is, de huizen van de ingezetenen, maar voornamelijk van de groten. Zie 2 Kon. 25:9. 2 Koningen 25:9: En hij verbrandde het huis van JAHWEH, en het huis van de koning, en ook alle huizen van Jeruzalem; en alle huizen van de grote verbrandde hij met vuur."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֤ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּ֨לֶךְ֙",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֣ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֔ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "שָׂרְפ֥וּ",
          "strongs": "H8313",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "הַ/כַּשְׂדִּ֖ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HTd/Np"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אֵ֑שׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "חֹמ֥וֹת",
          "strongs": "H2346",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יְרוּשָׁלִַ֖ם",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נָתָֽצוּ",
          "strongs": "H5422",
          "morph": "HVqp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En de Chaldeeën verbrandden het huis van de koning en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> huizen van het volk met vuur; en zij braken de muren van Jeruzalem af.",
      "textSV1888_html": "En de Chaldeeën verbrandden het huis des konings en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> huizen des volks met vuur; en zij braken de muren van Jeruzalem af.",
      "text1637_html": "Ende de Chaldeen verbrandden het huys des Conincks ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> huysen des volcks met vyer: ende sy braken de mueren van Ierusalem af.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des konings",
          "new": "van de koning",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des volks",
          "new": "van het volk",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Het overige nu des volks, die in de stad waren overgebleven, en de afvalligen, die tot hem gevallen waren, met het overige des volks, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de overste der trawanten, gevankelijk naar Babel.",
      "text1637": "Het overige nu des volcks, die in de stadt waren overgebleven, ende de afvallige die tot [20] hem gevallen waren, met het overige des volcks, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de Overste der [21] Trauwanten, gevanckelick [nae] Babel.",
      "text2026": "Het overige nu van het volk, die in de stad waren overgebleven, en de afvalligen, die tot hem gevallen waren, met het overige van het volk, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, als gevangene naar Babel.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 hem gevallen waren: Die tot den koning van Babel of dezen Nebuzaradan waren overgegaan, of overgevallen. Zie 2 Kon. 25:11. 2 Koningen 25:11: Het overige nu des volks, die in de stad overgelaten waren, en de afvalligen, die tot den koning van Babel gevallen waren, en het overige der menigte, voerde Nebuzaradan, de overste der trawanten, gevankelijk weg.",
          "text1637": "Die tot den Coninck van Babel, ofte, desen Nebuzaradan waren overgegaen, ofte, overgevallen. Siet 2.Reg. 25.11.",
          "text2026": "20 hem gevallen waren: Die tot de koning van Babel of deze Nebuzaradan waren overgegaan, of overgevallen. Zie 2 Kon. 25:11. 2 Koningen 25:11: Het overige nu van het volk, die in de stad overgelaten waren, en de afvalligen, die tot de koning van Babel gevallen waren, en het overige van de menigte, voerde Nebuzaradan, de overste van de trawanten, gevankelijk weg."
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Gen. 37:36. Genesis 37:36: En de Midianieten verkochten hem in Egypte, aan Potifar, een hoveling van Farao, overste der trawanten.",
          "text1637": "Siet Gen. 37. op vers 36.",
          "text2026": "Zie Gen. 37:36. Genesis 37:36: En de Midianieten verkochten hem in Egypte, aan Potifar, een hoveling van Farao, overste van de trawanten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אֵת֩",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "יֶ֨תֶר",
          "strongs": "H3499",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֜ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/נִּשְׁאָרִ֣ים",
          "strongs": "H7604",
          "morph": "HTd/VNrmpa"
        },
        {
          "woord": "בָּ/עִ֗יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "הַ/נֹּֽפְלִים֙",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HTd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "נָפְל֣וּ",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עָלָ֔י/ו",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵ֛ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "יֶ֥תֶר",
          "strongs": "H3499",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/נִּשְׁאָרִ֑ים",
          "strongs": "H7604",
          "morph": "HTd/VNrmpa"
        },
        {
          "woord": "הֶגְלָ֛ה",
          "strongs": "H1540",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבֽוּזַר",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲדָ֥ן",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טַבָּחִ֖ים",
          "strongs": "H2876",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het overige nu van het volk, die in de stad waren overgebleven, en de afvalligen, die tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> hem gevallen waren, met het overige van het volk, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de overste van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> de lijfwachten, als gevangene naar Babel.",
      "textSV1888_html": "Het overige nu des volks, die in de stad waren overgebleven, en de afvalligen, die tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> hem gevallen waren, met het overige des volks, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de overste der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> trawanten, gevankelijk naar Babel.",
      "text1637_html": "Het overige nu des volcks, die in de stadt waren overgebleven, ende de afvallige die tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> hem gevallen waren, met het overige des volcks, die overgebleven waren, voerde Nebuzaradan, de Overste der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Trauwanten, gevanckelick [nae] Babel.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des volks,",
          "new": "van het volk,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des volks,",
          "new": "van het volk,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der trawanten, gevankelijk",
          "new": "van de lijfwachten, als gevangene",
          "principe": "MR-2K-GLOBAL-003"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gevankelijk",
          "new": "als gevangene",
          "principe": "V78"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Maar van het volk, die arm waren, die niet met al hadden, liet Nebuzaradan, de overste der trawanten, enigen overig in het land van Juda; en hij gaf hun te dien dage wijngaarden en akkers.",
      "text1637": "Maer van den volcke, die arm waren, die niet met allen en hadden, liet Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, [eenige] overich in den lande Iuda: ende hy [22] gaf hen te dien dage wijngaerden ende ackers in.",
      "text2026": "Maar van het volk, die arm waren, die niet met al hadden, liet Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, enige overig in het land van Juda; en hij gaf hun op die dag wijngaarden en akkers.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "22 gaf hun te dien dage wijngaarden en akkers: Om te bouwen.",
          "text1637": "Om te bouwen.",
          "text2026": "22 gaf hun op die dag wijngaarden en akkers: Om te bouwen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וּ/מִן",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֣ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/דַּלִּ֗ים",
          "strongs": "H1800",
          "morph": "HTd/Aampa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אֵין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶם֙",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מְא֔וּמָה",
          "strongs": "H3972",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "הִשְׁאִ֛יר",
          "strongs": "H7604",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבוּזַרְאֲדָ֥ן",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טַבָּחִ֖ים",
          "strongs": "H2876",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֑ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּתֵּ֥ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶ֛ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כְּרָמִ֥ים",
          "strongs": "H3754",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "וִֽ/יגֵבִ֖ים",
          "strongs": "H3010",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יּ֥וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/הֽוּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar van het volk, die arm waren, die niet met al hadden, liet Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, enige overig in het land van Juda; en hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> gaf hun op die dag wijngaarden en akkers.",
      "textSV1888_html": "Maar van het volk, die arm waren, die niet met al hadden, liet Nebuzaradan, de overste der trawanten, enigen overig in het land van Juda; en hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> gaf hun te dien dage wijngaarden en akkers.",
      "text1637_html": "Maer van den volcke, die arm waren, die niet met allen en hadden, liet Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, [eenige] overich in den lande Iuda: ende hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> gaf hen te dien dage wijngaerden ende ackers in.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der trawanten, enigen",
          "new": "van de lijfwachten, enige",
          "principe": "MR-2K-GLOBAL-003"
        },
        {
          "old": "te dien dage",
          "new": "op die dag",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "enigen",
          "new": "enige",
          "principe": "V44"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Maar van Jeremia had Nebukadrezar, de koning van Babel, bevel gegeven in de hand van Nebuzaradan, den overste der trawanten, zeggende:",
      "text1637": "Maer van [23] Ieremia hadde Nebucadrezar, de Coninck van Babel, bevel gegeven [24] in de hant van Nebuzaradan, den Oversten der Trauwanten, seggende:",
      "text2026": "Maar van Jeremia had Nebukadrezar, de koning van Babel, bevel gegeven in de hand van Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, zeggende:",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "23 Jeremia had Nebukadrezar: Van wiens profetieën de koning zonder twijfel, door de overlopers of anderszins, vernomen had, vergelijk onder Jer. 40:2, 40:3, enz. Jeremia 40:2: Want de overste der trawanten liet Jeremia halen, en zeide tot hem: De HEERE, uw God, heeft dit kwaad over deze plaats gesproken. Jeremia 40:3: En de HEERE heeft het doen komen, en gedaan, gelijk als Hij gesproken had; want gijlieden hebt gezondigd tegen den HEERE, en Zijner stem niet gehoorzaamd; daarom is ulieden deze zaak geschied.",
          "text1637": "Van wiens Prophetien de Coninck sonder twijfel, door de overloopers ofte andersins, vernomen hadde. Vergel. onder. 40.2, 3, etc.",
          "text2026": "23 Jeremia had Nebukadrezar: Van wiens profetieën de koning zonder twijfel, door de overlopers of anders, vernomen had, vergelijk onder Jer. 40:2, 40:3, enz. Jeremia 40:2: Want de overste van de trawanten liet Jeremia halen, en zei tot hem: JAHWEH, uw God, heeft dit kwaad over deze plaats gesproken. Jeremia 40:3: En JAHWEH heeft het doen komen, en gedaan, gelijk als Hij gesproken had; want u hebt gezondigd tegen JAHWEH, en Zijn stem niet gehoorzaamd; daarom is u deze zaak geschied."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "24 in de hand van Nebuzaradan: Dit kan men verstaan van schriftelijken last of commissie, of slechtelijk nemen door, of aan hem.",
          "text1637": "Dit kanmen verstaen van schriftelicken last ofte commissie, ofte slechtelick nemen voor, door, ofte, aen hem.",
          "text2026": "24 in de hand van Nebuzaradan: Dit kan men verstaan van schriftelijken last of commissie, of slechtelijk nemen door, of aan hem."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְצַ֛ו",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HC/Vpw3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבוּכַדְרֶאצַּ֥ר",
          "strongs": "H5019",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֖ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עַֽל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֑הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יַ֛ד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "נְבוּזַרְאֲדָ֥ן",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טַבָּחִ֖ים",
          "strongs": "H2876",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Jeremia had Nebukadrezar, de koning van Babel, bevel gegeven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> in de hand van Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, zeggende:",
      "textSV1888_html": "Maar van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Jeremia had Nebukadrezar, de koning van Babel, bevel gegeven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> in de hand van Nebuzaradan, den overste der trawanten, zeggende:",
      "text1637_html": "Maer van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Ieremia hadde Nebucadrezar, de Coninck van Babel, bevel gegeven <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> in de hant van Nebuzaradan, den Oversten der Trauwanten, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der trawanten,",
          "new": "van de lijfwachten,",
          "principe": "MR-2K-GLOBAL-003"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u spreken zal, doe alzo met hem.",
      "text1637": "Neemt hem, ende [25] stelt uwe oogen op hem, ende en doet hem niet quaets: maer gelijck als hy tot u [26] spreken sal, also doet met hem.",
      "text2026": "Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar zoals hij tot u spreken zal, doe zo met hem.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 stel uw ogen op hem: Dat is, draag zorg voor hem, pas wel op hem. Zie boven Jer. 24:6. Jeremia 24:6: En Ik zal Mijn oog op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken.",
          "text1637": "D. draegt sorge voor hem, past wel op hem, siet bov. 24. op vers 6.",
          "text2026": "25 stel uw ogen op hem: Dat is, draag zorg voor hem, pas wel op hem. Zie boven Jer. 24:6. Jeremia 24:6: En Ik zal Mijn oog op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "26 spreken zal: Dat is, van u begeren zal.",
          "text1637": "D. van u begeeren sal.",
          "text2026": "26 spreken zal: Dat is, van u begeren zal."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קָחֶ֗/נּוּ",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HVqv2ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/עֵינֶ֨י/ךָ֙",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HC/Ncbdc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "שִׂ֣ים",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "עָלָ֔י/ו",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תַּ֥עַשׂ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqj2ms"
        },
        {
          "woord": "ל֖/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מְא֣וּמָה",
          "strongs": "H3972",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "רָּ֑ע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֗י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "כַּֽ/אֲשֶׁר֙",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "יְדַבֵּ֣ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֔י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֖ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "עֲשֵׂ֥ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "עִמּֽ/וֹ",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Neem hem, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar zoals hij tot u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> spreken zal, doe zo met hem.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Neem hem, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> spreken zal, doe alzo met hem.",
      "text1637_html": "Neemt hem, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> stelt uwe oogen op hem, ende en doet hem niet quaets: maer gelijck als hy tot u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> spreken sal, also doet met hem.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gelijk als",
          "new": "zoals",
          "principe": "V804"
        },
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Zo zond Nebuzaradan, de overste der trawanten, mitsgaders Nebuschazban Rab-saris en Nergal-sarezer Rab-mag, en al de oversten des konings van Babel;",
      "text1637": "So sondt Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, mitsgaders Nebuschasban [27] Rab-saris, ende Nergal Sarezer Rab-Mag, ende alle de Overste des Conincks van Babel:",
      "text2026": "Zo zond Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, en ook Nebuschazban Rab-saris en Nergal-sarezer Rab-mag, en al de oversten van de koning van Babel;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie van deze namen boven vers 3. Jeremia 39:3: En alle vorsten des konings van Babel togen henen in, en hielden bij de middelste poort; namelijk Nergal-sarezer Samgar-nebu, Sarsechim Rab-saris, Nergal-sarezer Rab-mag, en al de overige vorsten des konings van Babel.",
          "text1637": "Siet van dese namen bov. op vers 3.",
          "text2026": "Zie van deze namen boven vers 3. Jeremia 39:3: En alle vorsten van de koning van Babel togen heen in, en hielden bij de middelste poort; namelijk Nergal-sarezer Samgar-nebu, Sarsechim Rab-saris, Nergal-sarezer Rab-mag, en al de overige vorsten van de koning van Babel."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁלַ֞ח",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבֽוּזַרְאֲדָ֣ן",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טַבָּחִ֗ים",
          "strongs": "H2876",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וּ/נְבֽוּשַׁזְבָּ",
          "strongs": "H5021",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7249",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "סָרִ֔יס",
          "strongs": "H7249",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נֵרְגַ֥ל",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "שַׂר",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶ֖צֶר",
          "strongs": "H5371",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7248",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מָ֑ג",
          "strongs": "H7248",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כֹ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "רַבֵּ֥י",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo zond Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, en ook Nebuschazban<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Rab-saris en Nergal-sarezer Rab-mag, en al de oversten van de koning van Babel;",
      "textSV1888_html": "Zo zond Nebuzaradan, de overste der trawanten, mitsgaders Nebuschazban<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Rab-saris en Nergal-sarezer Rab-mag, en al de oversten des konings van Babel;",
      "text1637_html": "So sondt Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, mitsgaders Nebuschasban <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Rab-saris, ende Nergal Sarezer Rab-Mag, ende alle de Overste des Conincks van Babel:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der trawanten, mitsgaders",
          "new": "van de lijfwachten, en ook",
          "principe": "MR-2K-GLOBAL-003"
        },
        {
          "old": "des konings",
          "new": "van de koning",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "mitsgaders",
          "new": "en ook",
          "principe": "V7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Zij zonden dan henen en namen Jeremia uit het voorhof der bewaring, en gaven hem over aan Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, dat hij hem henen uitbracht naar huis; alzo bleef hij in het midden des volks.",
      "text1637": "Sy sonden dan henen ende namen Ieremia uyt den [28] voorhove der bewaringe, ende gaven hem over aen [29] Gedalia, den sone Ahikams, des soons Saphans, dat hy hem henen uyt brachte nae huys: also [30] bleef hy in ’t midden des volcks.",
      "text2026": "Zij zonden dan heen en namen Jeremia uit het voorhof van de bewaring, en gaven hem over aan Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, dat hij hem heen uitbracht naar huis; zo bleef hij in het midden van het volk.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "28 voorhof der bewaring: Zie boven Jer. 38:28, maar naderhand werd hij gehaald uit het midden der gevangenen, die op den weg waren om naar Babel gevoerd te worden. Jeremia 38:28: En Jeremia bleef in het voorhof der bewaring tot op den dag, dat Jeruzalem werd ingenomen; en hij was er nog, als Jeruzalem was ingenomen.",
          "text1637": "Siet bov. 38.28. maer naderhant wert hy gehaelt uyt het midden der gevangenen, die op den wech waren om nae Babel gevoert te worden.",
          "text2026": "28 voorhof van de bewaring: Zie boven Jer. 38:28, maar naderhand werd hij gehaald uit het midden van de gevangenen, die op de weg waren om naar Babel gevoerd te worden. Jeremia 38:28: En Jeremia bleef in het voorhof van de bewaring tot op de dag, dat Jeruzalem werd ingenomen; en hij was er nog, als Jeruzalem was ingenomen."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 2 Kon. 25:22. 2 Koningen 25:22: Maar aangaande het volk, dat in het land van Juda overgebleven was, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, had laten overblijven, daarover stelde hij Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan.",
          "text1637": "Siet 2.Reg. 25. op vers 22.",
          "text2026": "Zie 2 Kon. 25:22. 2 Koningen 25:22: Maar aangaande het volk, dat in het land van Juda overgebleven was, dat Nebukadnezar, de koning van Babel, had laten overblijven, daarover stelde hij Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan."
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "30 bleef hij in het midden des volks: Of, woonde, verkerende onder het volk, en wonende in zijn eigen huis, want hij is daarna eerst tot Gedalia te Mizpa gekomen; zie onder Jer. 40:4, 40:5, 40:6, alwaar verhaald wordt dat Jeremia, omdat hij zich tot Gedalia nog niet had begeven, met andere gevangenen al een stuk weegs was weggevoerd. Jeremia 40:4: Nu dan, zie, ik heb u heden losgemaakt van de ketenen, die aan uw hand waren; indien het goed is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo kom, en ik zal mijn oog op u stellen; maar indien het kwaad is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo laat het; zie, het ganse land is voor uw aangezicht, waarhenen het goed en recht in uw ogen is te gaan, ga daar. Jeremia 40:5: En dewijl hij nog niet zal wederkeren, zo keer gij tot Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, dien de koning van Babel over de steden van Juda gesteld heeft; en woon bij hem in het midden des volks; of overal, waar het in uw ogen recht is te gaan, ga er henen. En de overste der trawanten gaf hem reiskost en een geschenk, en liet hem gaan. Jeremia 40:6: Alzo kwam Jeremia tot Gedalia, den zoon van Ahikam, te Mizpa; en hij woonde bij hem in het midden des volks, die in het land waren overgelaten.",
          "text1637": "Ofte, woonde, verkeerende onder den volcke, ende woonende in sijn eygen huys, want hy daerna eerst tot Gedalia te Mizpa gekomen is. Siet ond. 40.4, 5, 6. alwaer verhaelt wort, dat Ieremia, om dat hy sich tot Gedalia noch niet en hadde begeven, met andere gevangene al een stuck weegs was wechgevoert.",
          "text2026": "30 bleef hij in het midden van het volk: Of, woonde, verkerende onder het volk, en wonende in zijn eigen huis, want hij is daarna eerst tot Gedalia te Mizpa gekomen; zie onder Jer. 40:4, 40:5, 40:6, alwaar verhaald wordt dat Jeremia, omdat hij zich tot Gedalia nog niet had begeven, met andere gevangenen al een stuk weegs was weggevoerd. Jeremia 40:4: Nu dan, zie, ik heb u heden losgemaakt van de ketenen, die aan uw hand waren; als het goed is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo kom, en ik zal mijn oog op u stellen; maar als het kwaad is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo laat het; zie, het gehele land is voor uw aangezicht, waarhenen het goed en recht in uw ogen is te gaan, ga daar. Jeremia 40:5: En omdat hij nog niet zal terugkeren, zo keer u tot Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, die de koning van Babel over de steden van Juda gesteld heeft; en woon bij hem in het midden van het volk; of overal, waar het in uw ogen recht is te gaan, ga er heen. En de overste van de trawanten gaf hem reiskost en een geschenk, en liet hem gaan. Jeremia 40:6: Zo kwam Jeremia tot Gedalia, de zoon van Ahikam, te Mizpa; en hij woonde bij hem in het midden van het volk, die in het land waren overgelaten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁלְחוּ֩",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּקְח֨וּ",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶֽת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֜הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֵ/חֲצַ֣ר",
          "strongs": "H2691",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מַּטָּרָ֗ה",
          "strongs": "H4307",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּתְּנ֤וּ",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֹת/וֹ֙",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גְּדַלְיָ֨הוּ֙",
          "strongs": "H1436",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲחִיקָ֣ם",
          "strongs": "H296",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׁפָ֔ן",
          "strongs": "H8227",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/הוֹצִאֵ֖/הוּ",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HR/Vhc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/בָּ֑יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּ֖שֶׁב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ת֥וֹךְ",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָֽם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zij zonden dan heen en namen Jeremia uit het voorhof van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> bewaring, en gaven hem over aan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, dat hij hem heen uitbracht naar huis; zo<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> bleef hij in het midden van het volk.",
      "textSV1888_html": "Zij zonden dan henen en namen Jeremia uit het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> voorhof der bewaring, en gaven hem over aan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, dat hij hem henen uitbracht naar huis; alzo<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> bleef hij in het midden des volks.",
      "text1637_html": "Sy sonden dan henen ende namen Ieremia uyt den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> voorhove der bewaringe, ende gaven hem over aen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Gedalia, den sone Ahikams, des soons Saphans, dat hy hem henen uyt brachte nae huys: also <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> bleef hy in ’t midden des volcks.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "henen",
          "new": "heen",
          "principe": "V67"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "henen",
          "new": "heen",
          "principe": "V67"
        },
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "des volks.",
          "new": "van het volk.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Het woord des HEEREN was ook tot Jeremia geschied, als hij in het voorhof der bewaring besloten was, zeggende:",
      "text1637": "Het woort des HEEREN was oock tot Ieremia geschiet, als hy in den voorhove der bewaringe besloten was, seggende:",
      "text2026": "Het woord van JAHWEH was ook tot Jeremia gebeurd, als hij in het voorhof van de bewaring besloten was, zeggende:",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אֶֽל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֖הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הָיָ֣ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "דְבַר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בִּֽ/הְיֹת֣/וֹ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HR/Vqc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "עָצ֔וּר",
          "strongs": "H6113",
          "morph": "HVqsmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֲצַ֥ר",
          "strongs": "H2691",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מַּטָּרָ֖ה",
          "strongs": "H4307",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het woord van JAHWEH was ook tot Jeremia gebeurd, als hij in het voorhof van de bewaring besloten was, zeggende:",
      "text1637_html": "Het woort des HEEREN was oock tot Ieremia geschiet, als hy in den voorhove der bewaringe besloten was, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "geschied,",
          "new": "gebeurd,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Ga henen, en spreek tot Ebed-melech, den Moorman, zeggende: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Zie, Ik zal Mijn woorden brengen over deze stad, ten kwade en niet ten goede; en zij zullen te dien dage voor uw aangezicht zijn.",
      "text1637": "Gaet henen, ende spreeckt tot Ebedmelech den Moorman, seggende; Soo seyt de HEERE der heyrscharen, de Godt Israëls; Siet ick sal mijne woorden [31] brengen over dese stadt, ten quade ende niet ten goede: ende sy sullen te dien dage [32] voor u aengesichte zijn.",
      "text2026": "Ga heen, en spreek tot Ebed-melech, de Moorman, zeggende: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Zie, Ik zal Mijn woorden brengen over deze stad, ten kwade en niet ten goede; en zij zullen op die dag voor uw aangezicht zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 brengen over deze stad: Dat Ik bedreigd en voorzegd heb, zal Ik volbrengen.",
          "text1637": "Dat ick gedreygt ende voorseyt hebbe, sal ick volbrengen.",
          "text2026": "31 brengen over deze stad: Dat Ik bedreigd en voorzegd heb, zal Ik volbrengen."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "32 voor uw aangezicht zijn: Dat is, mijne woorden zullen vervuld worden voor uwe ogen, dat gij het aanziet.",
          "text1637": "D. mijne woorden sullen vervult worden voor uwe oogen, dat ghy ’t aensiet.",
          "text2026": "32 voor uw aangezicht zijn: Dat is, mijn woorden zullen vervuld worden voor uwe ogen, dat u het aanziet."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הָל֣וֹךְ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָמַרְתָּ֡",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֶבֶד",
          "strongs": "H5663",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מֶ֨לֶךְ",
          "strongs": "H5663",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/כּוּשִׁ֜י",
          "strongs": "H3569",
          "morph": "HTd/Ngmsa"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֗ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "כֹּֽה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֞ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָאוֹת֙",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֔ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הִנְ/נִי֩",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מבי",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "דְּבָרַ֜/י",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/עִ֥יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֹּ֛את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HTd/Pdxfs"
        },
        {
          "woord": "לְ/רָעָ֖ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "לְ/טוֹבָ֑ה",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HR/Aafsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָי֥וּ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "לְ/פָנֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יּ֥וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/הֽוּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ga heen, en spreek tot Ebed-melech, de Moorman, zeggende: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: <span class=\"god-speaks\"><i>Zie, Ik zal Mijn woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> brengen over deze stad, ten kwade en niet ten goede; en zij zullen op die dag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> voor uw aangezicht zijn.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Ga henen, en spreek tot Ebed-melech, den Moorman, zeggende: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Zie, Ik zal Mijn woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> brengen over deze stad, ten kwade en niet ten goede; en zij zullen te dien dage<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> voor uw aangezicht zijn.",
      "text1637_html": "Gaet henen, ende spreeckt tot Ebedmelech den Moorman, seggende; Soo seyt de HEERE der heyrscharen, de Godt Israëls; Siet ick sal mijne woorden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> brengen over dese stadt, ten quade ende niet ten goede: ende sy sullen te dien dage <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> voor u aengesichte zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "henen,",
          "new": "heen,",
          "principe": "V67"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen,",
          "new": "legermachten,",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "Israëls:",
          "new": "van Israël:",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "te dien dage",
          "new": "op die dag",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Maar Ik zal u te dien dage redden, spreekt de HEERE; en gij zult niet overgegeven worden in de hand der mannen, voor welker aangezicht gij vreest.",
      "text1637": "Maer ick sal u te dien dage redden, spreeckt de HEERE: ende ghy en sult niet overgegeven worden in de hant der mannen, voor welcker aengesichte ghy vreest.",
      "text2026": "Maar Ik zal u op die dag redden, spreekt JAHWEH; en u zult niet overgegeven worden in de hand van de mannen, voor wie u vreest.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הִצַּלְתִּ֥י/ךָ",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HC/Vhq1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בַ/יּוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/ה֖וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֤א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תִנָּתֵן֙",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVNi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יַ֣ד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "הָֽ/אֲנָשִׁ֔ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֥ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "יָג֖וֹר",
          "strongs": "H3016",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Maar Ik zal u op die dag redden, spreekt JAHWEH; en u zult niet overgegeven worden in de hand van de mannen, voor wie u vreest.</i></span>",
      "text1637_html": "Maer ick sal u te dien dage redden, spreeckt de HEERE: ende ghy en sult niet overgegeven worden in de hant der mannen, voor welcker aengesichte ghy vreest.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "te dien dage",
          "new": "op die dag",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "de HEERE;",
          "new": "JAHWEH;",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "welker aangezicht gij",
          "new": "wie u",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Want Ik zal u zekerlijk bevrijden, en gij zult door het zwaard niet vallen; maar gij zult uw ziel tot een buit hebben, omdat gij op Mij vertrouwd hebt, spreekt de HEERE.",
      "text1637": "Want ick sal u [33] sekerlick bevrijden, ende ghy en sult door ’t sweert niet vallen: maer ghy sult uwe [34] ziele tot eenen buyt hebben; om dat ghy op my [35] vertrouwt hebt, spreeckt de HEERE.",
      "text2026": "Want Ik zal u zeker bevrijden, en u zult door het zwaard niet vallen; maar u zult uw ziel tot een buit hebben, omdat u op Mij vertrouwd hebt, spreekt JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, bevrijdende bevrijden.",
          "text1637": "Hebr. bevrijdende bevrijden.",
          "text2026": "Hebreeuws, bevrijdende bevrijden."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, leven, gelijk boven Jer. 38:2. Jeremia 38:2: Zo zegt de HEERE: Wie in deze stad blijft, zal door het zwaard, door den honger of door de pestilentie sterven; maar wie tot de Chaldeeën uitgaat, die zal leven, want hij zal zijn ziel tot een buit hebben, en zal leven.",
          "text1637": "D. leven, als bov. 38.2.",
          "text2026": "Dat is, leven, gelijk boven Jer. 38:2. Jeremia 38:2: Zo zegt JAHWEH: Wie in deze stad blijft, zal door het zwaard, door de honger of door de pestilentie sterven; maar wie tot de Chaldeeën uitgaat, die zal leven, want hij zal zijn ziel tot een buit hebben, en zal leven."
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat Ik u zou beschermen tegen al de vijanden van mijnen knecht Jeremia, dien gij om mijnentwil hebt bijgestaan en verlost uit zijnen nood. Zie boven Jer. 38:7, 38:8, enz. Jeremia 38:7: Als nu Ebed-melech, de Moorman, een der kamerlingen, die toen in des konings huis was, hoorde, dat zij Jeremia in den kuil gedaan hadden (de koning nu zat in de poort van Benjamin); Jeremia 38:8: Zo ging Ebed-melech uit het huis des konings uit, en hij sprak tot den koning, zeggende:",
          "text1637": "Dat ick u soude beschermen tegen alle de vyanden van mijnen knecht Ieremia, dien ghy om mijnent wille hebt by gestaen ende verlost uyt sijnen noot. siet bov. 38.7, 8, etc.",
          "text2026": "Dat Ik u zou beschermen tegen al de vijanden van mijn knecht Jeremia, die u om mijnentwil hebt bijgestaan en verlost uit zijn nood. Zie boven Jer. 38:7, 38:8, enz. Jeremia 38:7: Als nu Ebed-melech, de Moorman, één van de kamerlingen, die toen in van de koning huis was, hoorde, dat zij Jeremia in de kuil gedaan hadden (de koning nu zat in de poort van Benjamin); Jeremia 38:8: Zo ging Ebed-melech uit het huis van de koning uit, en hij sprak tot de koning, zeggende:"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "מַלֵּט֙",
          "strongs": "H4422",
          "morph": "HVpa"
        },
        {
          "woord": "אֲמַלֶּטְ/ךָ֔",
          "strongs": "H4422",
          "morph": "HVpi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/בַ/חֶ֖רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HC/Rd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִפֹּ֑ל",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָיְתָ֨ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ/ךָ֤",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נַפְשְׁ/ךָ֙",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/שָׁלָ֔ל",
          "strongs": "H7998",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָטַ֥חְתָּ",
          "strongs": "H982",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ֖/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Want Ik zal u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> zeker bevrijden, en u zult door het zwaard niet vallen; maar u zult uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziel tot een buit hebben, omdat u op Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> vertrouwd hebt, spreekt JAHWEH.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Want Ik zal u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> zekerlijk bevrijden, en gij zult door het zwaard niet vallen; maar gij zult uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziel tot een buit hebben, omdat gij op Mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> vertrouwd hebt, spreekt de HEERE.",
      "text1637_html": "Want ick sal u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> sekerlick bevrijden, ende ghy en sult door ’t sweert niet vallen: maer ghy sult uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziele tot eenen buyt hebbe<i>n</i>; om dat ghy op my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> vertrouwt hebt, spreeckt de HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zekerlijk",
          "new": "zeker",
          "principe": "V74"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "de HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Ierusalem wort van de Chaldeen ingenomen, vers 1, etc. Zedekia gevangen, ende geblindt, syne sonen ende alle Edele van Iuda, gedoodt, de stadt verbrandt, het voornaemste volck wechgevoert, 5. Nebucadrezars last van Ieremia, 11. volgens dien wort hy uyt de gevanckenisse verlost, 13. Godts belofte aen Ebed-melech, 15, etc.",
    "text2026": "Jeruzalem wordt door de Chaldeeën ingenomen, vers 1, enz. Zedekia gevangen en blind gemaakt, zijn zonen en alle edelen van Juda gedood, de stad verbrand, het voornaamste volk weggevoerd, 5. Nebukadrezars opdracht over Jeremia, 11. overeenkomstig die wordt hij uit de gevangenis verlost, 13. Gods belofte aan Ebed-Melech, 15, enz."
  }
}
