{
  "number": 43,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "En het geschiedde, als Jeremia geëindigd had tot het ganse volk te spreken al de woorden des HEEREN, huns Gods, met dewelke hem de HEERE, hun God, tot hen gezonden had, te weten al die woorden,",
      "text1637": "ENde het geschiedde als Ieremia ge-eyndigt hadde tot den gantschen volcke te spreken alle de woorden des HEEREN hares Godts, [met] dewelcke hem de HEERE haer Godt tot hen gesonden hadde; [te weten] alle [1] die woorden:",
      "text2026": "En het gebeurde, als Jeremia geëindigd had tot het hele volk te spreken al de woorden van JAHWEH, hun God, waarmee JAHWEH, hun God, hem tot hen gezonden had, te weten al die woorden,",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 die woorden: In Jer. 42 verhaald.",
          "text1637": "In’t voorgaende cap. verhaelt.",
          "text2026": "1 die woorden: In Jer. 42 verhaald."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְהִי֩",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כַלּ֨וֹת",
          "strongs": "H3615",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֜הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/דַבֵּ֣ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֗ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "דִּבְרֵי֙",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵי/הֶ֔ם",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֧ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "שְׁלָח֛/וֹ",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵי/הֶ֖ם",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֥ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/דְּבָרִ֖ים",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵֽלֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En het gebeurde, als Jeremia geëindigd had tot het hele volk te spreken al de woorden van JAHWEH, hun God, waarmee JAHWEH, hun God, hem tot hen gezonden had, te weten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> al die woorden,",
      "textSV1888_html": "En het geschiedde, als Jeremia geëindigd had tot het ganse volk te spreken al de woorden des HEEREN, huns Gods, met dewelke hem de HEERE, hun God, tot hen gezonden had, te weten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> al die woorden,",
      "text1637_html": "ENde het geschiedde als Ieremia ge-eyndigt hadde tot den gantschen volcke te spreken alle de woorden des HEEREN hares Godts, [met] dewelcke hem de HEERE haer Godt tot hen gesonden hadde; [te weten] alle <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> die woorden:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschiedde,",
          "new": "gebeurde,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "des HEEREN, huns Gods, met dewelke hem de HEERE,",
          "new": "van JAHWEH,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "",
          "new": "waarmee JAHWEH, hun God, hem",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Zo sprak Azaria, de zoon van Hosaja, en Johanan, de zoon van Kareah, en al de trotse mannen, zeggende tot Jeremia: Gij spreekt leugen; de HEERE, onze God, heeft u niet gezonden, om te zeggen: Gijlieden zult niet gaan in Egypte, om aldaar als vreemdelingen te verkeren.",
      "text1637": "So sprack Azaria de sone van Hosaja ende Iohanan de sone van Kareah, ende alle de trotze mannen, [2] seggende tot Ieremia: Ghy spreeckt leugen; de HEERE, onse Godt, en heeft u niet gesonden, om te seggen; Ghylieden en sult niet gaen in Egypten, om aldaer als vreemdelingen te verkeeren.",
      "text2026": "Zo sprak Azaria, de zoon van Hosaja, en Johanan, de zoon van Kareah, en al de trotse mannen, zeggende tot Jeremia: U spreekt leugen; JAHWEH, onze God, heeft u niet gezonden, om te zeggen: U zult niet gaan in Egypte, om daar als vreemdelingen te verkeren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "2 zeggende tot Jeremia: In het getal van velen.",
          "text1637": "In’t getal van velen.",
          "text2026": "2 zeggende tot Jeremia: In het getal van velen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יֹּ֨אמֶר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲזַרְיָ֤ה",
          "strongs": "H5838",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הוֹשַֽׁעְיָה֙",
          "strongs": "H1955",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יוֹחָנָ֣ן",
          "strongs": "H3110",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "קָרֵ֔חַ",
          "strongs": "H7143",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֲנָשִׁ֖ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הַ/זֵּדִ֑ים",
          "strongs": "H2086",
          "morph": "HTd/Aampa"
        },
        {
          "woord": "אֹמְרִ֣ים",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶֽל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֗הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֚קֶר",
          "strongs": "H8267",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֣ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "מְדַבֵּ֔ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVprmsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "שְׁלָחֲ/ךָ֞",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp3ms/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֨י/נוּ֙",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹ֔ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תָבֹ֥אוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi2mp"
        },
        {
          "woord": "מִצְרַ֖יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לָ/ג֥וּר",
          "strongs": "H1481",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "שָֽׁם",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo sprak Azaria, de zoon van Hosaja, en Johanan, de zoon van Kareah, en al de trotse mannen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> zeggende tot Jeremia: <span class=\"direct-speech\"><i>U spreekt leugen; JAHWEH, onze God, heeft u niet gezonden, om te zeggen: U zult niet gaan in Egypte, om daar als vreemdelingen te verkeren.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zo sprak Azaria, de zoon van Hosaja, en Johanan, de zoon van Kareah, en al de trotse mannen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> zeggende tot Jeremia: Gij spreekt leugen; de HEERE, onze God, heeft u niet gezonden, om te zeggen: Gijlieden zult niet gaan in Egypte, om aldaar als vreemdelingen te verkeren.",
      "text1637_html": "So sprack Azaria de sone van Hosaja ende Iohanan de sone van Kareah, ende alle de trotze mannen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> seggende tot Ieremia: Ghy spreeckt leugen; de HEERE, onse Godt, en heeft u niet gesonden, om te seggen; Ghylieden en sult niet gaen in Egypten, om aldaer als vreemdelingen te verkeeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Gijlieden",
          "new": "U",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "aldaar",
          "new": "daar",
          "principe": "V36"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Maar Baruch, de zoon van Nerija, hitst u tegen ons op, opdat hij ons overgeve in de hand der Chaldeeën, dat zij ons doden en ons gevankelijk naar Babel wegvoeren.",
      "text1637": "Maer Baruch, de sone van Nerija, hitst u tegen ons op, op dat hy ons overgeve in de hant der Chaldeen, datse ons dooden, ende ons gevanckelick [nae] Babel wechvoeren;",
      "text2026": "Maar Baruch, de zoon van Nerija, hitst u tegen ons op, opdat hij ons overgeve in de hand van de Chaldeeën, dat zij ons doden en ons als gevangene naar Babel wegvoeren.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֗י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָּרוּךְ֙",
          "strongs": "H1263",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "נֵ֣רִיָּ֔ה",
          "strongs": "H5374",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מַסִּ֥ית",
          "strongs": "H5496",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֹתְ/ךָ֖",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בָּ֑/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "לְמַעַן֩",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "תֵּ֨ת",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אֹתָ֤/נוּ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "בְ/יַֽד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/כַּשְׂדִּים֙",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HTd/Np"
        },
        {
          "woord": "לְ/הָמִ֣ית",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HR/Vhc"
        },
        {
          "woord": "אֹתָ֔/נוּ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וּ/לְ/הַגְל֥וֹת",
          "strongs": "H1540",
          "morph": "HC/R/Vhc"
        },
        {
          "woord": "אֹתָ֖/נוּ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Maar Baruch, de zoon van Nerija, hitst u tegen ons op, opdat hij ons overgeve in de hand van de Chaldeeën, dat zij ons doden en ons als gevangene naar Babel wegvoeren.</i></span>",
      "text1637_html": "Maer Baruch, de sone van Nerija, hitst u tegen ons op, op dat hy ons overgeve in de hant der Chaldeen, datse ons dooden, ende ons gevanckelick [nae] Babel wechvoeren;",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gevankelijk",
          "new": "als gevangene",
          "principe": "V78"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Alzo gehoorzaamde Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten der heiren, en al het volk, der stem des HEEREN niet, om in het land van Juda te blijven.",
      "text1637": "Also en gehoorsaemde Iohanan, de sone van Kareah, noch alle de Overste der heyren, noch al ’t volck, der stemme des HEEREN niet: om in den lande Iuda te blijven.",
      "text2026": "Zo gehoorzaamde Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten van de legers, en al het volk, de stem van JAHWEH niet, om in het land van Juda te blijven.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "שָׁמַע֩",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יוֹחָנָ֨ן",
          "strongs": "H3110",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "קָרֵ֜חַ",
          "strongs": "H7143",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֵ֧י",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הַ/חֲיָלִ֛ים",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עָ֖ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ק֣וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לָ/שֶׁ֖בֶת",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֥רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָֽה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo gehoorzaamde Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten van de legers, en al het volk, de stem van JAHWEH niet, om in het land van Juda te blijven.",
      "text1637_html": "Also en gehoorsaemde Iohanan, de sone van Kareah, noch alle de Overste der heyren, noch al ’t volck, der stemme des HEEREN niet: om in den lande Iuda te blijven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Alzo",
          "new": "Zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "der heiren,",
          "new": "van de legers,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Maar Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten der heiren namen het ganse overblijfsel van Juda, die van al de heidenen, waar zij waren henengedreven, wedergekeerd waren, om in het land van Juda te wonen;",
      "text1637": "Maer Iohanan de sone van Kareah, ende alle de Overste der heyren, namen het gantsche overblijfsel van Iuda, die van alle de heydenen, daer sy waren henen gedreven, wedergekeert waren, om in den lande Iuda te woonen;",
      "text2026": "Maar Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten van de legers namen het hele overblijfsel van Juda, die van al de heidenen, waar zij waren heengedreven, teruggekeerd waren, om in het land van Juda te wonen;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּקַּ֞ח",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "יוֹחָנָ֤ן",
          "strongs": "H3110",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "קָרֵ֨חַ֙",
          "strongs": "H7143",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֵ֣י",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הַ/חֲיָלִ֔ים",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֵ֖ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שְׁאֵרִ֣ית",
          "strongs": "H7611",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֑ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֗בוּ",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "מִ/כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/גּוֹיִם֙",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "נִדְּחוּ",
          "strongs": "H5080",
          "morph": "HVNp3cp"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֔ם",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "לָ/ג֖וּר",
          "strongs": "H1481",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֥רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָֽה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar Johanan, de zoon van Kareah, en al de oversten van de legers namen het hele overblijfsel van Juda, die van al de heidenen, waar zij waren heengedreven, teruggekeerd waren, om in het land van Juda te wonen;",
      "text1637_html": "Maer Iohanan de sone van Kareah, ende alle de Overste der heyren, namen het gantsche overblijfsel van Iuda, die van alle de heydenen, daer sy waren henen gedreven, wedergekeert waren, om in den lande Iuda te woonen;",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der heiren",
          "new": "van de legers",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "henengedreven, wedergekeerd",
          "new": "heengedreven, teruggekeerd",
          "principe": "W2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "De mannen, en de vrouwen, en de kinderkens, en des konings dochteren, en alle ziel, die Nebuzaradan, de overste der trawanten, bij Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, gelaten had, ook den profeet Jeremia, en Baruch, den zoon van Nerija;",
      "text1637": "De mannen, ende de wijven, ende de kinderkens, ende des Conincks [3] dochteren, ende alle [4] ziele die Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, by Gedalia den sone Ahikams, des Soons Saphans gelaten hadde; oock den Propheet Ieremia, ende Baruch den sone van Nerija:",
      "text2026": "De mannen, en de vrouwen, en de kinderen, en de dochters van de koning, en alle ziel, die Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, bij Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, gelaten had, ook de profeet Jeremia, en Baruch, de zoon van Nerija;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 41:10. Jeremia 41:10: En Ismaël voerde het ganse overblijfsel des volks, dat te Mizpa was, gevankelijk, te weten des konings dochteren, en al het volk, die te Mizpa waren overgelaten, die Nebuzaradan, de overste der trawanten, aan Gedalia, den zoon van Ahikam, bevolen had; Ismaël dan, den zoon van Nethanja, voerde ze gevankelijk weg, en toog henen, om over te gaan tot de kinderen Ammons.",
          "text1637": "Siet bov. 41.10.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 41:10. Jeremia 41:10: En Ismaël voerde het gehele overblijfsel van het volk, dat te Mizpa was, gevankelijk, te weten de dochters van de koning, en al het volk, die te Mizpa waren overgelaten, die Nebuzaradan, de overste van de trawanten, aan Gedalia, de zoon van Ahikam, bevolen had; Ismaël dan, de zoon van Nethanja, voerde ze gevankelijk weg, en toog heen, om over te gaan tot de kinderen Ammons."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, mensen, personen. Zie Gen. 12:5. Genesis 12:5: En Abram nam Sarai, zijn huisvrouw, en Lot, zijns broeders zoon, en al hun have, die zij verworven hadden, en de zielen, die zij verkregen hadden in Haran; en zij togen uit, om te gaan naar het land Kanaän, en zij kwamen in het land Kanaän.",
          "text1637": "D. menschen, persoonen. siet Gen. 12. op vers 5.",
          "text2026": "Dat is, mensen, personen. Zie Gen. 12:5. Genesis 12:5: En Abram nam Sarai, zijn huisvrouw, en Lot, zijn broers zoon, en al hun bezittingen, die zij verworven hadden, en de zielen, die zij verkregen hadden in Haran; en zij togen uit, om te gaan naar het land Kanaän, en zij kwamen in het land Kanaän."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֶֽת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ֠/גְּבָרִים",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "הַ/נָּשִׁ֣ים",
          "strongs": "H802",
          "morph": "HTd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "הַ/טַּף֮",
          "strongs": "H2945",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "בְּנ֣וֹת",
          "strongs": "H1323",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "הַ/מֶּלֶךְ֒",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵ֣ת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/נֶּ֗פֶשׁ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "הִנִּ֨יחַ֙",
          "strongs": "H3240",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבוּזַרְאֲדָ֣ן",
          "strongs": "H5018",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַב",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טַבָּחִ֔ים",
          "strongs": "H2876",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גְּדַלְיָ֖הוּ",
          "strongs": "H1436",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲחִיקָ֣ם",
          "strongs": "H296",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׁפָ֑ן",
          "strongs": "H8227",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵת֙",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֣הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/נָּבִ֔יא",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "בָּר֖וּךְ",
          "strongs": "H1263",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "נֵרִיָּֽהוּ",
          "strongs": "H5374",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "De mannen, en de vrouwen, en de kinderen, en de dochters van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> koning, en alle<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> ziel, die Nebuzaradan, de overste van de lijfwachten, bij Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, gelaten had, ook de profeet Jeremia, en Baruch, de zoon van Nerija;",
      "textSV1888_html": "De mannen, en de vrouwen, en de kinderkens, en des konings<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> dochteren, en alle<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> ziel, die Nebuzaradan, de overste der trawanten, bij Gedalia, den zoon van Ahikam, den zoon van Safan, gelaten had, ook den profeet Jeremia, en Baruch, den zoon van Nerija;",
      "text1637_html": "De mannen, ende de wijven, ende de kinderkens, ende des Conincks <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> dochteren, ende alle <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> ziele die Nebuzaradan, de Overste der Trauwanten, by Gedalia den sone Ahikams, des Soons Saphans gelaten hadde; oock den Propheet Ieremia, ende Baruch den sone van Nerija:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "kinderkens,",
          "new": "kinderen,",
          "principe": "V62"
        },
        {
          "old": "des konings dochteren,",
          "new": "de dochters van de koning,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der trawanten,",
          "new": "van de lijfwachten,",
          "principe": "MR-2K-GLOBAL-003"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "En zij togen in Egypteland, want zij waren der stem des HEEREN niet gehoorzaam; en zij kwamen tot Tachpanhes.",
      "text1637": "Ende sy togen in Egyptenlant: want sy en waren der stemme des HEEREN niet gehoorsaem: ende sy quamen tot [5] Thachpanhes.",
      "text2026": "En zij trokken in Egypteland, want zij waren aan de stem van JAHWEH niet gehoorzaam; en zij kwamen tot Tachpanhes.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 2:16. Deze plaats wordt gehouden voor dezelfde stad, die bij de heidense schrijvers genoemd is Daphne. Jeremia 2:16: Ook hebben u de kinderen van Nof en Tachpanhes den schedel afgeweid.",
          "text1637": "Siet bov. 2. op vers 16. dese plaetse wort gehouden voor deselve stadt, die by de heydensche schrijvers genomet is Daphne.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 2:16. Deze plaats wordt gehouden voor die stad, die bij de heidense schrijvers genoemd is Daphne. Jeremia 2:16: Ook hebben u de kinderen van Nof en Tachpanhes de schedel afgeweid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יָּבֹ֨אוּ֙",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרַ֔יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֛י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "שָׁמְע֖וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ק֣וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יָּבֹ֖אוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "תַּחְפַּנְחֵֽס",
          "strongs": "H8471",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En zij trokken in Egypteland, want zij waren aan de stem van JAHWEH niet gehoorzaam; en zij kwamen tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Tachpanhes.",
      "textSV1888_html": "En zij togen in Egypteland, want zij waren der stem des HEEREN niet gehoorzaam; en zij kwamen tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Tachpanhes.",
      "text1637_html": "Ende sy togen in Egyptenlant: want sy en waren der stemme des HEEREN niet gehoorsaem: ende sy quamen tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Thachpanhes.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "togen",
          "new": "trokken",
          "principe": "V353"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "aan de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia te Tachpanhes, zeggende:",
      "text1637": "Doe geschiedde des HEEREN woort tot Ieremia te Thachpanhes, seggende:",
      "text2026": "Toen kwam het woord van JAHWEH tot Jeremia te Tachpanhes, zeggende:",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יְהִ֤י",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "דְבַר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶֽל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֔הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/תַחְפַּנְחֵ֖ס",
          "strongs": "H8471",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אמֹֽר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HR/Vqc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Toen kwam het woord van JAHWEH tot Jeremia te Tachpanhes, zeggende:",
      "text1637_html": "Doe geschiedde des HEEREN woort tot Ieremia te Thachpanhes, seggende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschiedde des HEEREN",
          "new": "kwam het",
          "principe": "V1230"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Neem grote stenen in uw hand, en verberg ze in de klei in den ticheloven, die bij de deur van Farao's huis te Tachpanhes is, voor de ogen der Joodse mannen;",
      "text1637": "Neemt groote steenen in uwe hant, ende verberchtse in de kley in den [6] Tichel-oven, die by de [7] deure van [8] Pharaos huys te Thachpanhes is; voor de oogen der Ioodsche mannen.",
      "text2026": "Neem grote stenen in uw hand, en verberg ze in de klei in de ticheloven, die bij de deur van Farao's huis te Tachpanhes is, voor de ogen van de Joodse mannen;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, tichelrij, tichelhuis.",
          "text1637": "Ofte, tichelrye, tichel-huys.",
          "text2026": "Of, tichelrij, tichelhuis."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, den ingang.",
          "text1637": "Ofte, den inganck.",
          "text2026": "Of, de ingang."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 Farao's huis te Tachpanhes is: Zie Gen. 12:15; deze schijnt geweest te zijn Farao Hofra, gelijk onder Jer. 44:30. Genesis 12:15: Ook zagen haar de vorsten van Farao, en prezen haar bij Farao; en die vrouw werd weggenomen naar het huis van Farao. Jeremia 44:30: Alzo zegt de HEERE: Ziet, Ik zal Farao Hofra, den koning van Egypte, geven in de hand zijner vijanden, en in de hand dergenen, die zijn ziel zoeken, gelijk als Ik Zedekia, den koning van Juda, gegeven heb in de hand van Nebukadrezar, den koning van Babel, zijn vijand, en die zijn ziel zocht.",
          "text1637": "Siet Gen. 12. op vers 15. dese schijnt geweest te zijn Pharao Hophra, als ond. 44.30.",
          "text2026": "8 Farao's huis te Tachpanhes is: Zie Gen. 12:15; deze schijnt geweest te zijn Farao Hofra, gelijk onder Jer. 44:30. Genesis 12:15: Ook zagen haar de vorsten van Farao, en prezen haar bij Farao; en die vrouw werd weggenomen naar het huis van Farao. Jeremia 44:30: Zo zegt JAHWEH: Ziet, Ik zal Farao Hofra, de koning van Egypte, geven in de hand zijn vijanden, en in de hand dergenen, die zijn ziel zoeken, gelijk als Ik Zedekia, de koning van Juda, gegeven heb in de hand van Nebukadrezar, de koning van Babel, zijn vijand, en die zijn ziel zocht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קַ֣ח",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יָדְ/ךָ֞",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲבָנִ֣ים",
          "strongs": "H68",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדֹל֗וֹת",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAafpa"
        },
        {
          "woord": "וּ/טְמַנְתָּ֤/ם",
          "strongs": "H2934",
          "morph": "HC/Vqq2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "בַּ/מֶּ֨לֶט֙",
          "strongs": "H4423",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/מַּלְבֵּ֔ן",
          "strongs": "H4404",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֛ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "בְּ/פֶ֥תַח",
          "strongs": "H6607",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "בֵּית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "פַּרְעֹ֖ה",
          "strongs": "H6547",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/תַחְפַּנְחֵ֑ס",
          "strongs": "H8471",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֵינֵ֖י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HR/Ncbdc"
        },
        {
          "woord": "אֲנָשִׁ֥ים",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדִֽים",
          "strongs": "H3064",
          "morph": "HNgmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Neem grote stenen in uw hand, en verberg ze in de klei in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ticheloven, die bij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> deur van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Farao's huis te Tachpanhes is, voor de ogen van de Joodse mannen;",
      "textSV1888_html": "Neem grote stenen in uw hand, en verberg ze in de klei in den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ticheloven, die bij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> deur van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Farao's huis te Tachpanhes is, voor de ogen der Joodse mannen;",
      "text1637_html": "Neemt groote steenen in uwe hant, ende verberchtse in de kley in den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Tichel-oven, die by de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> deure van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Pharaos huys te Thachpanhes is; voor de oogen der Ioodsche mannen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "En zeg tot hen: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Ziet, Ik zal henenzenden, en Nebukadrezar, den koning van Babel, Mijn knecht, halen, en Ik zal zijn troon zetten boven op deze stenen, die Ik verborgen heb; en hij zal zijn schone tent daarover spannen.",
      "text1637": "Ende segt tot hen, Soo seyt de HEERE der heyrscharen de Godt Israëls; Siet ick sal henen senden, ende Nebucadrezar, den Coninck van Babel, [a] mijnen [9] knecht, [10] halen, ende ick sal sijnen throon setten boven op dese steenen, die [11] ick verborgen hebbe: ende hy sal sijne [12] schoone tente daer over spannen.",
      "text2026": "En zeg tot hen: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Zie, Ik zal henenzenden, en Nebukadrezar, de koning van Babel, Mijn knecht, halen, en Ik zal zijn troon zetten boven op deze stenen, die Ik verborgen heb; en hij zal zijn schone tent daarover spannen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, nemen; zie boven Jer. 37:17. Jeremia 37:17: Zo zond de koning Zedekia henen, en liet hem halen; en de koning vraagde hem in zijn huis, in het verborgene, en zeide: Is er ook een woord van den HEERE? En Jeremia zeide: Er is; en hij zeide: Gij zult in de hand des konings van Babel gegeven worden.",
          "text1637": "Hebr. nemen. siet bov. 37. op vers 17.",
          "text2026": "Hebreeuws, nemen; zie boven Jer. 37:17. Jeremia 37:17: Zo zond de koning Zedekia heen, en liet hem halen; en de koning vraagde hem in zijn huis, in het verborgene, en zei: Is er ook een woord van JAHWEH? En Jeremia zei: Er is; en hij zei: U zult in de hand van de koning van Babel gegeven worden."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "11 Ik verborgen heb: Door den dienst van mijnen knecht Jeremia.",
          "text1637": "Door den dienst van mijnen knecht Ieremia.",
          "text2026": "11 Ik verborgen heb: Door de dienst van mijn knecht Jeremia."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 schone tent daarover spannen: Of, koninklijke tent, paviljoen. Het Hebreeuwse woord wordt alleen hier gevonden en schijnt den naam te hebben van zonderlinge schoonheid.",
          "text1637": "Ofte, Conincklicke tente, pavillioen. het Hebr. woort wort alleenlick hier gevonden, ende schijnt den naem te hebben van sonderlinge schoonheyt.",
          "text2026": "12 schone tent daarover spannen: Of, koninklijke tent, paviljoen. Het Hebreeuwse woord wordt alleen hier gevonden en schijnt de naam te hebben van zonderlinge schoonheid."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 25:9. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt de HEERE; en tot Nebukadnezar, den koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelve, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden.",
          "text1637": "Siet bov. 25. op vers 9.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 25:9. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt JAHWEH; en tot Nebukadnezar, de koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelfde, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 25:9; Jer. 27:6. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt de HEERE; en tot Nebukadnezar, den koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelve, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden. Jeremia 27:6: En nu, Ik heb al deze landen gegeven in de hand van Nebukadnezar, den koning van Babel, Mijn knecht; zelfs ook het gedierte des velds heb Ik hem gegeven, om hem te dienen.",
          "text1637": "Ierem. 25.9. ende 27.6.",
          "text2026": "Jer. 25:9; Jer. 27:6. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt JAHWEH; en tot Nebukadnezar, de koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelfde, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden. Jeremia 27:6: En nu, Ik heb al deze landen gegeven in de hand van Nebukadnezar, de koning van Babel, Mijn knecht; zelfs ook het gedierte van het veld heb Ik hem gegeven, om hem te dienen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אָמַרְתָּ֣",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/הֶ֡ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כֹּֽה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַר֩",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֨ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֜וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֗ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הִנְ/נִ֤י",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שֹׁלֵ֨חַ֙",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ֠/לָקַחְתִּי",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "נְבוּכַדְרֶאצַּ֤ר",
          "strongs": "H5019",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶל֙",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עַבְדִּ֔/י",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/שַׂמְתִּ֣י",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "כִסְא֔/וֹ",
          "strongs": "H3678",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/מַּ֛עַל",
          "strongs": "H4605",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "לָ/אֲבָנִ֥ים",
          "strongs": "H68",
          "morph": "HRd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵ֖לֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "טָמָ֑נְתִּי",
          "strongs": "H2934",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/נָטָ֥ה",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "שפרור/ו",
          "strongs": "H8237",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En zeg tot hen: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: <span class=\"god-speaks\"><i>Zie, Ik zal henenzenden, en Nebukadrezar, de koning van Babel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> knecht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> halen, en Ik zal zijn troon zetten boven op deze stenen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Ik verborgen heb; en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> zijn schone tent daarover spannen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En zeg tot hen: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Ziet, Ik zal henenzenden, en Nebukadrezar, den koning van Babel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> knecht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> halen, en Ik zal zijn troon zetten boven op deze stenen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Ik verborgen heb; en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> zijn schone tent daarover spannen.",
      "text1637_html": "Ende segt tot hen, Soo seyt de HEERE der heyrscharen de Godt Israëls; Siet ick sal henen senden, ende Nebucadrezar, den Coninck van Babel, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> mijnen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> knecht, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> halen, ende ick sal sijnen throon setten boven op dese steenen, die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> ick verborgen hebbe: ende hy sal sijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> schoone tente daer over spannen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen,",
          "new": "legermachten,",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "Israëls: Ziet,",
          "new": "van Israël: Zie,",
          "principe": "V198"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "En hij zal komen en Egypteland slaan: wie ten dood, ten dode; en wie ter gevangenis, ter gevangenis; en wie ten zwaard, ten zwaarde.",
      "text1637": "Ende hy sal komen ende Egyptenlant [13] slaen: [b] wie [14] ter doot, ter doot; ende wie ter gevanckenisse, ter gevanckenisse; ende wie ten sweerde, ten sweerde.",
      "text2026": "En hij zal komen en Egypteland slaan: wie ten dood, ten dode; en wie voor gevangenschap bestemd is, naar de gevangenis; en wie ten zwaard, ten zwaarde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk onder Jer. 46:13, enz. Jeremia 46:13: Het woord, dat de HEERE tot den profeet Jeremia sprak, van de aankomst van Nebukadrezar, den koning van Babel, om Egypteland te slaan.",
          "text1637": "Als ond. 46.13, etc.",
          "text2026": "Gelijk onder Jer. 46:13, enz. Jeremia 46:13: Het woord, dat JAHWEH tot de profeet Jeremia sprak, van de aankomst van Nebukadrezar, de koning van Babel, om Egypteland te slaan."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "14 ten dood, ten dode: Versta, gesteld en verordineerd is; zie boven Jer. 15:2, 15:3. Jeremia 15:2: En het zal geschieden, wanneer zij tot u zullen zeggen: Waarhenen zullen wij uitgaan? dat gij tot hen zult zeggen: Zo zegt de HEERE: Wie ten dood, ten dode; en wie tot het zwaard, ten zwaarde, en wie tot den honger, ten honger; en wie ter gevangenis, ter gevangenis! Jeremia 15:3: Want Ik zal bezoeking over hen doen met vier geslachten, spreekt de HEERE: met het zwaard, om te doden; en met de honden, om te slepen; en met het gevogelte des hemels, en met het gedierte der aarde, om op te eten en te verderven.",
          "text1637": "Verst. gestelt ende verordineert is. Siet bov. 15.2, 3.",
          "text2026": "14 ten dood, ten dode: Versta, gesteld en verordineerd is; zie boven Jer. 15:2, 15:3. Jeremia 15:2: En het zal gebeuren, wanneer zij tot u zullen zeggen: Waarhenen zullen wij uitgaan? dat u tot hen zult zeggen: Zo zegt JAHWEH: Wie ten dood, ten dode; en wie tot het zwaard, ten zwaarde, en wie tot de honger, ten honger; en wie ter gevangenis, ter gevangenis! Jeremia 15:3: Want Ik zal bezoeking over hen doen met vier geslachten, spreekt JAHWEH: met het zwaard, om te doden; en met de honden, om te slepen; en met het gevogelte van de hemel, en met het gedierte van de aarde, om op te eten en te verderven."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 15:2; Zach. 11:9. Jeremia 15:2: En het zal geschieden, wanneer zij tot u zullen zeggen: Waarhenen zullen wij uitgaan? dat gij tot hen zult zeggen: Zo zegt de HEERE: Wie ten dood, ten dode; en wie tot het zwaard, ten zwaarde, en wie tot den honger, ten honger; en wie ter gevangenis, ter gevangenis! Zacharia 11:9: En ik zeide: ik zal ulieden niet meer weiden; wat sterft, dat sterve, en wat afgesneden is, dat zij afgesneden, en dat de overgeblevenen de een des anderen vlees verslinden.",
          "text1637": "Ierem. 15.2. Zach. 11.9.",
          "text2026": "Jer. 15:2; Zach. 11:9. Jeremia 15:2: En het zal gebeuren, wanneer zij tot u zullen zeggen: Waarhenen zullen wij uitgaan? dat u tot hen zult zeggen: Zo zegt JAHWEH: Wie ten dood, ten dode; en wie tot het zwaard, ten zwaarde, en wie tot de honger, ten honger; en wie ter gevangenis, ter gevangenis! Zacharia 11:9: En ik zei: ik zal u niet meer weiden; wat sterft, dat sterve, en wat afgesneden is, dat zij afgesneden, en dat de overgeblevenen de één van de anderen vlees verslinden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ו/בא/ה",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vqrmsc/Sd"
        },
        {
          "woord": "וְ/הִכָּ֖ה",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HC/Vhq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרָ֑יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֧ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "לַ/מָּ֣וֶת",
          "strongs": "H4194",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/מָּ֗וֶת",
          "strongs": "H4194",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HC/Tr"
        },
        {
          "woord": "לַ/שְּׁבִי֙",
          "strongs": "H7628",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/שֶּׁ֔בִי",
          "strongs": "H7628",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HC/Tr"
        },
        {
          "woord": "לַ/חֶ֖רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לֶ/חָֽרֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "En hij zal komen en Egypteland<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> slaan:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> ten dood, ten dode; en wie voor gevangenschap bestemd is, naar de gevangenis; en wie ten zwaard, ten zwaarde.",
      "textSV1888_html": "En hij zal komen en Egypteland<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> slaan:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> ten dood, ten dode; en wie ter gevangenis, ter gevangenis; en wie ten zwaard, ten zwaarde.",
      "text1637_html": "Ende hy sal komen ende Egyptenlant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> slaen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> wie <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> ter doot, ter doot; ende wie ter gevanckenisse, ter gevanckenisse; ende wie ten sweerde, ten sweerde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ter gevangenis, ter",
          "new": "voor gevangenschap bestemd is, naar de",
          "principe": "V1209"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "En Ik zal een vuur aansteken in de huizen der goden van Egypte, en hij zal ze verbranden, en gevankelijk wegvoeren; en hij zal Egypteland aantrekken, gelijk als een herder zijn kleed aantrekt, en hij zal van daar uittrekken in vrede.",
      "text1637": "Ende ick sal een [15] vyer aensteken in de [16] huysen der Goden van Egypten, ende hy salse [17] verbranden, ende gevanckelick wechvoeren: ende hy sal [18] Egyptenlant aentrecken, gelijck als een herder sijn kleet aentreckt, ende hy sal van daer uyttrecken in vrede.",
      "text2026": "En Ik zal een vuur aansteken in de huizen van de goden van Egypte, en hij zal ze verbranden, en als gevangene wegvoeren; en hij zal Egypteland aantrekken, gelijk als een herder zijn kleed aantrekt, en hij zal van daar uittrekken in vrede.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 vuur aansteken: Dat is, verwoesting, verstoring aanrichten; vergelijk boven Jer. 15:14. Jeremia 15:14: En Ik zal u overvoeren met uw vijanden, in een land, dat gij niet kent; want een vuur is aangestoken in Mijn toorn, het zal over u branden.",
          "text1637": "D. verwoestinge, verstooringe aenrechten. Vergel. bov. 15.14.",
          "text2026": "15 vuur aansteken: Dat is, verwoesting, verstoring aanrichten; vergelijk boven Jer. 15:14. Jeremia 15:14: En Ik zal u overvoeren met uw vijanden, in een land, dat u niet kent; want een vuur is aangestoken in Mijn toorn, het zal over u branden."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 huizen der goden van Egypte: Dat is, afgodische tempels.",
          "text1637": "D. afgodische tempelen.",
          "text2026": "16 huizen van de goden van Egypte: Dat is, afgodische tempels."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Nebukadnezar zal de afgoden der Egyptenaars en hunne huizen of tempels verbranden, en de Egyptenaars gevankelijk wegvoeren.",
          "text1637": "Nebucadrezar sal de Afgoden der Egyptenaren ende hare huysen of tempelen verbranden, ende de Egyptenaers gevanckelick wechvoeren.",
          "text2026": "Nebukadnezar zal de afgoden van de Egyptenaars en hun huizen of tempels verbranden, en de Egyptenaars gevankelijk wegvoeren."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "18 Egypteland aantrekken: Dat is, den rijkdom en roof van Egypte tot zijn gerief en voordeel tot en met zich nemen, zo licht, zoetjes en gemakkelijk als een herder zijn herdersrok aantrekt, om zich daarmede te bedekken en te bewinden tegen de koude; hij zal geladen bedekt en als rondom bewonden zijn met den roof.",
          "text1637": "D. den rijckdom ende roof van Egypten tot sijn gerijf ende voordeel tot ende met sich nemen, soo licht, soetjens, ende gemackelick, als een herder sijnen herders rock aentreckt, om sich daer mede te bedecken ende te bewinden tegen de koude: hy sal geladen, bedeckt ende als rontom bewonden zijn met den roof.",
          "text2026": "18 Egypteland aantrekken: Dat is, de rijkdom en roof van Egypte tot zijn gerief en voordeel tot en met zich nemen, zo licht, zoetjes en gemakkelijk als een herder zijn herdersrok aantrekt, om zich daarmede te bedekken en te bewinden tegen de koude; hij zal geladen bedekt en als rondom bewonden zijn met de roof."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הִצַּ֣תִּי",
          "strongs": "H3341",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵ֗שׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בָתֵּי֙",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרַ֔יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/שְׂרָפָ֖/ם",
          "strongs": "H8313",
          "morph": "HC/Vqq3ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/שָׁבָ֑/ם",
          "strongs": "H7617",
          "morph": "HC/Vqq3ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָטָה֩",
          "strongs": "H5844",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אֶ֨רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרַ֜יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "יַעְטֶ֤ה",
          "strongs": "H5844",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "הָֽ/רֹעֶה֙",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HTd/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "בִּגְד֔/וֹ",
          "strongs": "H899",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָצָ֥א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/שָּׁ֖ם",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שָׁלֽוֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En Ik zal een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> vuur aansteken in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> huizen van de goden van Egypte, en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> ze verbranden, en als gevangene wegvoeren; en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Egypteland aantrekken, gelijk als een herder zijn kleed aantrekt, en hij zal van daar uittrekken in vrede.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En Ik zal een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> vuur aansteken in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> huizen der goden van Egypte, en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> ze verbranden, en gevankelijk wegvoeren; en hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Egypteland aantrekken, gelijk als een herder zijn kleed aantrekt, en hij zal van daar uittrekken in vrede.",
      "text1637_html": "Ende ick sal een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> vyer aensteken in de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> huysen der Goden van Egypten, ende hy salse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> verbranden, ende gevanckelick wechvoeren: ende hy sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Egyptenlant aentrecken, gelijck als een herder sijn kleet aentreckt, ende hy sal van daer uyttrecken in vrede.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gevankelijk",
          "new": "als gevangene",
          "principe": "V78"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "En hij zal de opgerichte beelden van Beth-semes, hetwelk in Egypteland is, verbreken; en hij zal de huizen der goden van Egypte met vuur verbranden.",
      "text1637": "Ende hy sal de [19] opgerichte beelden van [20] Beth-Semes, [21] welck in Egypten-lant is, verbreken: ende hy sal de huysen der Goden van Egypten met vyer verbranden.",
      "text2026": "En hij zal de opgerichte beelden van Beth-semes, dat in Egypteland is, verbreken; en hij zal de huizen van de goden van Egypte met vuur verbranden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "19 opgerichte beelden: Gelijk 1 Kon. 14:23. 1 Koningen 14:23: Want ook zij bouwden zich hoogten, en opgerichte beelden, en bossen, op allen hogen heuvel, en onder allen groenen boom.",
          "text1637": "Als 1.Reg. 14.23.",
          "text2026": "19 opgerichte beelden: Gelijk 1 Kon. 14:23. 1 Koningen 14:23: Want ook zij bouwden zich hoogten, en opgerichte beelden, en bossen, op allen hogen heuvel, en onder alle groenen boom."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, van het zonnehuis, genoemd bij de heidense schrijvers Heliopolis; dat is Zonnestad, alwaar men gruwelijke afgoderij bedreef. Deze stad meent men dat bij de Hebreën ook On genoemd is; Gen. 41:45, 41:50. Genesis 41:45: En Farao noemde Jozefs naam Zafnath Paaneah, en gaf hem Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, tot een vrouw; en Jozef toog uit door het land van Egypte. Genesis 41:50: En Jozef werden twee zonen geboren, eer er een jaar des hongers aankwam, die Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, hem baarde.",
          "text1637": "D. der Sonnen-huys, genoemt by de heydensche schrijvers, Heliopolis, D. Sonnen-stadt, alwaermen grouwelicke Afgoderye bedreef. dese stadt meyntmen dat by den Hebr. oock On genoemt zy. Gen. 41.45, 50.",
          "text2026": "Dat is, van het zonnehuis, genoemd bij de heidense schrijvers Heliopolis; dat is Zonnestad, alwaar men gruwelijke afgoderij bedreef. Deze stad meent men dat bij de Hebreën ook On genoemd is; Gen. 41:45, 41:50. Genesis 41:45: En Farao noemde Jozefs naam Zafnath Paaneah, en gaf hem Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, tot een vrouw; en Jozef toog uit door het land van Egypte. Genesis 41:50: En Jozef werden twee zonen geboren, eer er een jaar van de honger aankwam, die Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, hem baarde."
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "21 hetwelk in Egypteland is: Een ander Bethsemes was er in Israël aan de grenzen der Filistijnen, 1 Sam. 6:12. 1 Samuël 6:12: De koeien nu gingen recht in dien weg, op den weg naar Beth-semes op een straat; zij gingen steeds voort, al loeiende, en weken noch ter rechterhand noch ter linkerhand; en de vorsten der Filistijnen gingen achter dezelve tot aan de landpale van Beth-semes.",
          "text1637": "Een ander Beth-semes wasser in Israël aen der Philistijnen grenzen. 1.Sam. 6.12.",
          "text2026": "21 dat in Egypteland is: Een ander Bethsemes was er in Israël aan de grenzen van de Filistijnen, 1 Sam. 6:12. 1 Samuël 6:12: De koeien nu gingen recht in die weg, op de weg naar Beth-semes op een straat; zij gingen steeds voort, al loeiende, en weken noch ter rechterhand noch ter linkerhand; en de vorsten van de Filistijnen gingen achter dezelfde tot aan de landpale van Beth-semes."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/שִׁבַּ֗ר",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HC/Vpq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶֽת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "מַצְּבוֹת֙",
          "strongs": "H4676",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֣ית",
          "strongs": "H1053",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֔מֶשׁ",
          "strongs": "H1053",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֖ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרָ֑יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "בָּתֵּ֥י",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵֽי",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מִצְרַ֖יִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרֹ֥ף",
          "strongs": "H8313",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אֵֽשׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "En hij zal de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> opgerichte beelden van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> Beth-semes,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dat in Egypteland is, verbreken; en hij zal de huizen van de goden van Egypte met vuur verbranden.",
      "textSV1888_html": "En hij zal de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> opgerichte beelden van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> Beth-semes,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hetwelk in Egypteland is, verbreken; en hij zal de huizen der goden van Egypte met vuur verbranden.",
      "text1637_html": "Ende hy sal de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> opgerichte beelde<i>n</i> van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> Beth-Semes, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> welck in Egypten-lant is, verbreken: ende hy sal de huysen der Goden van Egypten met vyer verbranden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "hetwelk",
          "new": "dat",
          "principe": "N6"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De Overste ende alle trotse onder den volcke, straffen Ieremia over sijne Prophetye, van leugen, trecken nae Egypten, ende voeren hem ende Baruch mede derwaerts, vers 1, 2. etc. Ieremia propheteert te Thahpanhes, met een godtlick teecken, de verwoestinge van Egypten door Nabucadrezar, 8.",
    "text2026": "De oversten en alle trotsen onder het volk beschuldigen Jeremia over zijn profetie van leugen, trekken naar Egypte en voeren hem en Baruch met zich daarheen, vers 1, 2, enz. Jeremia profeteert te Tachpanhes, met een goddelijk teken, de verwoesting van Egypte door Nebukadrezar, 8."
  }
}
