{
  "number": 50,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Het woord, dat de HEERE gesproken heeft tegen Babel, tegen het land der Chaldeeën, door den dienst van den profeet Jeremia.",
      "text1637": "HEt woort, dat de HEERE gesproken heeft tegen Babel, tegen ’t lant der Chaldeen; door den [1] dienst des Propheten Ieremie.",
      "text2026": "Het woord, dat JAHWEH gesproken heeft tegen Babel, tegen het land van de Chaldeeën, door de dienst van de profeet Jeremia.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 dienst van den profeet Jeremia: Hebreeuws, hand.",
          "text1637": "Hebr. hant.",
          "text2026": "1 dienst van de profeet Jeremia: Hebreeuws, hand (יַד)."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַ/דָּבָ֗ר",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֨ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "דִּבֶּ֧ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֛ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֖ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּ֑ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יַ֖ד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "יִרְמְיָ֥הוּ",
          "strongs": "H3414",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/נָּבִֽיא",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het woord, dat JAHWEH gesproken heeft tegen Babel, tegen het land van de Chaldeeën, door de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> dienst van de profeet Jeremia.",
      "textSV1888_html": "Het woord, dat de HEERE gesproken heeft tegen Babel, tegen het land der Chaldeeën, door den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> dienst van den profeet Jeremia.",
      "text1637_html": "HEt woort, dat de HEERE gesproken heeft tegen Babel, tegen ’t lant der Chaldeen; door den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> dienst des Propheten Ieremie.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Verkondigt onder de heidenen, en doet horen, en werpt een banier op, laat horen, verbergt het niet; zegt: Babel is ingenomen, Bel is beschaamd, Merodach is verpletterd, haar afgoden zijn beschaamd, haar drekgoden zijn verpletterd!",
      "text1637": "Verkondiget onder de heydenen, ende doet hooren, ende [2] werpet eene baniere op, latet hooren, en verbergtet niet: segget, Babel [3] is ingenomen, [a] [4] Bel is beschaemt, [5] Merodach is verplettert, [6] hare [7] afgoden zijn beschaemt, hare [8] dreck-goden zijn verplettert.",
      "text2026": "Verkondig onder de heidenen, en doet horen, en werpt een banier op, laat horen, verbergt het niet; zeg: Babel is ingenomen, Bel is beschaamd, Merodach is verpletterd, haar afgoden zijn beschaamd, haar afgoden zijn verpletterd!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "2 werpt een banier op: Om elkeen tot opmerking te verwekken, en inzonderheid Gods volk, als door een teken of sein bijeen te roepen, en hun deze vreemde en anderszins ongelofelijke profetie van Babels gewissen val en ondergang, mitsgaders de verlossing van Gods volk, tot zijne eer en aller gelovigen troost, bekend te maken. De manier van spreken is genomen van krijgszaken.",
          "text1637": "Om elck eenen tot opmerckinge te verwecken, ende insonderheyt Godts volc, als door een teecken ofte signael by een te roepen, ende haer dese vreemde ende andersins ongelooflicke Prophetye van Babels gewissen val ende onderganck, mitsgaders de verlossinge, van Godts volck, tot sijner eere ende aller geloovigen troost, bekent te maken. De maniere van spreken is genomen van krijchs-saken.",
          "text2026": "2 werpt een banier op: Om elk tot opmerking te verwekken, en in het bijzonder Gods volk, als door een teken of sein bijeen te roepen, en hun deze vreemde en anders ongelofelijke profetie van Babels gewissen val en ondergang, en ook de verlossing van Gods volk, tot zijn eer en aller gelovigen troost, bekend te maken. De manier van spreken is genomen van krijgszaken."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "3 is ingenomen: Dat is, zal zo zekerlijk worden ingenomen, alsof het alrede geschied ware. Alzo in het volgende.",
          "text1637": "D. sal soo sekerlick worden ingenomen, als of ’t alreets geschiet ware. alsoo in ’t volgende.",
          "text2026": "3 is ingenomen: Dat is, zal zo zekerlijk worden ingenomen, alsof het al geschied ware. Zo in het volgende."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De voornaamste afgod der Babyloniërs; zie Jes. 46:1, en onder Jer. 51:44. Jesaja 46:1: Bel is gekromd, Nebo wordt nedergebogen, hun afgoden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide beesten. Jeremia 51:44: En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen.",
          "text1637": "De voorneemste Afgodt der Babyloniers. Siet Iesa. 46.1. ende ond. 51.44.",
          "text2026": "De voornaamste afgod van de Babyloniërs; zie Jes. 46:1, en onder Jer. 51:44. Jesaja 46:1: Bel is gekromd, Nebo wordt nedergebogen, hun afgoden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide beesten. Jeremia 51:44: En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dit schijnt ook een naam van een afgod geweest te zijn, hoewel er ook koningen van Babel vermeld worden, die dien naam gevoerd hebben [zie Jes. 39:1], vermoedelijk ter ere van dezen afgod, gelijk de kinderen Israëls den naam Gods, Ia en El, veel in hunne namen gebruikt hebben, alzo deden de Babyloniërs ook met den naam dezer afgoden, Bel en Nebo of Nebu, enz. Jesaja 39:1: Te dien tijd zond Merodach Baladan, de zoon van Baladan, de koning van Babel, brieven en een geschenk aan Hizkia; want hij had gehoord dat hij krank geweest en weder sterk geworden was.",
          "text1637": "Dit schijnt oock een naem van eenen Afgodt geweest te zijn, hoewelder oock Coningen van Babel vermelt worden, die dien naem gevoert hebben, (siet Iesa. 39.1.) vermoedelick ter eere deses Afgodts, gelijck de kinderen Israëls den name Godts, Ia ende El, veel in hare namen gebruyckt hebben, alsoo deden de Babyloniers oock met den name der Afgoden, Bel ende Nebo ofte Nebu, etc.",
          "text2026": "Dit schijnt ook een naam van een afgod geweest te zijn, hoewel er ook koningen van Babel vermeld worden, die die naam gevoerd hebben [zie Jes. 39:1], vermoedelijk ter ere van deze afgod, gelijk de kinderen van Israël de naam van God, Ia en El, veel in hun namen gebruikt hebben, zo deden de Babyloniërs ook met de naam van deze afgoden, Bel en Nebo of Nebu, enz. Jesaja 39:1: Te die tijd zond Merodach Baladan, de zoon van Baladan, de koning van Babel, brieven en een geschenk aan Hizkia; want hij had gehoord dat hij ziek geweest en weer sterk geworden was."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Van de stad Babel.",
          "text1637": "Der stadt Babel.",
          "text2026": "Van de stad Babel."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "7 afgoden zijn beschaamd: Zie van het Hebreeuwse woord 1 Sam. 31:9, en 2 Sam. 5:21. 1 Samuël 31:9: En zij hieuwen zijn hoofd af, en zij togen zijn wapenen uit, en zij zonden ze in der Filistijnen land rondom, om te boodschappen in het huis hunner afgoden, en onder het volk. 2 Samuël 5:21: En zij lieten hun afgoden aldaar; en David en zijn mannen namen ze op.",
          "text1637": "Siet van ’t Hebr. woort 1.Sam. 31. op vers 9. ende 2.Sam. 5. op vers 21.",
          "text2026": "7 afgoden zijn beschaamd: Zie van het Hebreeuwse woord 1 Sam. 31:9, en 2 Sam. 5:21. 1 Samuël 31:9: En zij hieuwen zijn hoofd af, en zij togen zijn wapenen uit, en zij zonden ze in het land van de Filistijnen rondom, om te boodschappen in het huis hun afgoden, en onder het volk. 2 Samuël 5:21: En zij lieten hun afgoden daar; en David en zijn mannen namen ze op."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 drekgoden zijn verpletterd: Zie Lev. 26:30. Leviticus 26:30: En Ik zal uw hoogten verderven, en uw zonnebeelden uitroeien, en zal uw dode lichamen op de dode lichamen uwer drekgoden werpen; en Mijn ziel zal aan u walgen.",
          "text1637": "Siet Levit. 26. op vers 30.",
          "text2026": "8 drekgoden zijn verpletterd: Zie Lev. 26:30. Leviticus 26:30: En Ik zal uw hoogten verderven, en uw zonnebeelden uitroeien, en zal uw dode lichamen op de dode lichamen uw drekgoden werpen; en Mijn ziel zal aan u walgen."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jes. 46:1; Jer. 51:44. Jesaja 46:1: Bel is gekromd, Nebo wordt nedergebogen, hun afgoden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide beesten. Jeremia 51:44: En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen.",
          "text1637": "Ies. 46.1. Ierem. 51.44.",
          "text2026": "Jes. 46:1; Jer. 51:44. Jesaja 46:1: Bel is gekromd, Nebo wordt nedergebogen, hun afgoden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide beesten. Jeremia 51:44: En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַגִּ֨ידוּ",
          "strongs": "H5046",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "בַ/גּוֹיִ֤ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַשְׁמִ֨יעוּ֙",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vhv2mp"
        },
        {
          "woord": "וּֽ/שְׂאוּ",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HC/Vqv2mp"
        },
        {
          "woord": "נֵ֔ס",
          "strongs": "H5251",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "הַשְׁמִ֖יעוּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תְּכַחֵ֑דוּ",
          "strongs": "H3582",
          "morph": "HVpj2mp"
        },
        {
          "woord": "אִמְרוּ֩",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "נִלְכְּדָ֨ה",
          "strongs": "H3920",
          "morph": "HVNp3fs"
        },
        {
          "woord": "בָבֶ֜ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הֹבִ֥ישׁ",
          "strongs": "H3001",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "בֵּל֙",
          "strongs": "H1078",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "חַ֣ת",
          "strongs": "H2865",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מְרֹדָ֔ךְ",
          "strongs": "H4781",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הֹבִ֣ישׁוּ",
          "strongs": "H3001",
          "morph": "HVhp3cp"
        },
        {
          "woord": "עֲצַבֶּ֔י/הָ",
          "strongs": "H6091",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "חַ֖תּוּ",
          "strongs": "H2865",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "גִּלּוּלֶֽי/הָ",
          "strongs": "H1544",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verkondig onder de heidenen, en doet horen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> werpt een banier op, laat horen, verbergt het niet; zeg: Babel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> is ingenomen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Bel is beschaamd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Merodach is verpletterd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> afgoden zijn beschaamd, haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> afgoden zijn verpletterd!",
      "textSV1888_html": "Verkondigt onder de heidenen, en doet horen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> werpt een banier op, laat horen, verbergt het niet; zegt: Babel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> is ingenomen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Bel is beschaamd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Merodach is verpletterd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> afgoden zijn beschaamd, haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> drekgoden zijn verpletterd!",
      "text1637_html": "Verkondiget onder de heydenen, ende doet hooren, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> werpet eene baniere op, latet hooren, en verbergtet niet: segget, Babel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> is ingenomen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Bel is beschaemt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Merodach is verplettert, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> afgoden zijn beschaemt, hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> dreck-goden zijn verplettert.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verkondigt",
          "new": "Verkondig",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "zegt:",
          "new": "zeg:",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "drekgoden",
          "new": "afgoden",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Want een volk komt tegen haar op van het noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de mensen aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!",
      "text1637": "Want een volck komt tegen haer op van ’t [9] Noorden; dat sal haer lant setten in verwoestinge, datter geen inwoonder in en sal zijn; van den [10] menschen aen tot de beesten toe zijnse [11] wechgesworven, doorgegaen.",
      "text2026": "Want een volk komt tegen haar op van het noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de mensen aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 mensen aan tot de beesten toe: Hebreeuws, van den mens tot het beest toe. Manier van spreken, die de uiterste verwoesting betekent; zie boven Jer. 4:25, en Jer. 9:10. Jeremia 4:25: Ik zag, en ziet, er was geen mens; en alle vogelen des hemels waren weggevlogen. Jeremia 9:10: Ik zal een geween en een weeklage opheffen over de bergen, en een klaaglied over de herdershutten der woestijn; want zij zijn afgebrand, dat er niemand doorgaat, en men hoort er geen stem van vee; van de vogelen des hemels aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!",
          "text1637": "Hebr. van den mensche tot het beest toe. maniere van spreken, die d’ uyterste verwoestinge beteeckent. Siet bov. 4.25. ende 9.10.",
          "text2026": "10 mensen aan tot de beesten toe: Hebreeuws, van de mens tot het beest toe. Manier van spreken, die de uiterste verwoesting betekent; zie boven Jer. 4:25, en Jer. 9:10. Jeremia 4:25: Ik zag, en ziet, er was geen mens; en alle vogels van de hemel waren weggevlogen. Jeremia 9:10: Ik zal een geween en een weeklage opheffen over de bergen, en een klaaglied over de herdershutten van de woestijn; want zij zijn afgebrand, dat er niemand doorgaat, en men hoort er geen stem van vee; van de vogels van de hemel aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!"
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk boven Jer. 9:10. Jeremia 9:10: Ik zal een geween en een weeklage opheffen over de bergen, en een klaaglied over de herdershutten der woestijn; want zij zijn afgebrand, dat er niemand doorgaat, en men hoort er geen stem van vee; van de vogelen des hemels aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!",
          "text1637": "Als bov. 9.19.",
          "text2026": "Gelijk boven Jer. 9:10. Jeremia 9:10: Ik zal een geween en een weeklage opheffen over de bergen, en een klaaglied over de herdershutten van de woestijn; want zij zijn afgebrand, dat er niemand doorgaat, en men hoort er geen stem van vee; van de vogels van de hemel aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!"
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta de Perzen en Meden, welke noordwaarts van Chaldea gelegen waren, door welken dit oordeel Gods over Babylonië begonnen, en voorts van tijd tot tijd vervolgd zou worden tot de eindelijke en gehele verwoesting toe.",
          "text1637": "Verst. de Persen ende Meden, welcke Noordtwaert van Chaldeen gelegen waren, door de welcke dit oordeel Godts over Babylonien begonnen, ende voorts van tijt tot tijt vervolgt soude worden, tot de eyndelicke ende geheele verwoestinge toe.",
          "text2026": "Versta de Perzen en Meden, welke noordwaarts van Chaldea gelegen waren, door welke dit oordeel van God over Babylonië begonnen, en verder van tijd tot tijd vervolgd zou worden tot de eindelijke en gehele verwoesting toe."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "עָלָה֩",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֨י/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "גּ֜וֹי",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/צָּפ֗וֹן",
          "strongs": "H6828",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "הֽוּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "יָשִׁ֤ית",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אַרְצָ/הּ֙",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ/שַׁמָּ֔ה",
          "strongs": "H8047",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יִהְיֶ֥ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יוֹשֵׁ֖ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ֑/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אָדָ֥ם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "בְּהֵמָ֖ה",
          "strongs": "H929",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "נָ֥דוּ",
          "strongs": "H5110",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "הָלָֽכוּ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HVqp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want een volk komt tegen haar op van het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mensen aan tot de beesten toe zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zij weggezworven, doorgegaan!",
      "textSV1888_html": "Want een volk komt tegen haar op van het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mensen aan tot de beesten toe zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zij weggezworven, doorgegaan!",
      "text1637_html": "Want een volck komt tegen haer op van ’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Noorden; dat sal haer lant setten in verwoestinge, datter geen inwoonder in en sal zijn; van den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> menschen aen tot de beesten toe zijnse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> wechgesworven, doorgegaen."
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "In dezelve dagen en ter zelver tijd, spreekt de HEERE, zullen de kinderen Israëls komen, zij en de kinderen van Juda te zamen; wandelende en wenende zullen zij henengaan, en den HEERE, hun God, zoeken.",
      "text1637": "In de selve dagen, ende ter selver tijt, spreeckt de HEERE, sullen de kinderen [12] Israëls komen, sy ende de kinderen Iuda te samen: wandelende ende [13] weenende sullen sy henen gaen, ende den HEERE haren Godt soecken.",
      "text2026": "In dezelfde dagen en ter zelver tijd, spreekt JAHWEH, zullen de kinderen van Israël komen, zij en de kinderen van Juda samen; wandelende en huilend zullen zij heengaan, en JAHWEH, hun God, zoeken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 Israëls komen: Voorzoveel als deze belofte de uiterlijke verlossing uit de gevangenschap van Babel mag aangaan, kan men dit verstaan van degenen, die van de tien stammen in het land overgebleven zijnde, daarna met die van Juda en Benjamin gevankelijk zijn weggevoerd naar Babel, en met hen uit de gevangenschap zouden wederkeren. Zie 1 Kron. 9:3, en Neh. 11:3. Aangaande het geestelijke, dat in dezen het voornaamste is, zie boven Jer. 3:18, met de aantekening. 1 Kronieken 9:3: Maar te Jeruzalem woonden van de kinderen van Juda, en van de kinderen van Benjamin, en van de kinderen van Efraïm en Manasse; Nehemia 11:3: En dit zijn de hoofden van het landschap, die te Jeruzalem woonden; (maar in de steden van Juda woonden, een iegelijk op zijn bezitting, in hun steden, Israël, de priesters, en de Levieten, en de Nethinim, en de kinderen der knechten van Salomo). Jeremia 3:18: In die dagen zal het huis van Juda gaan tot het huis van Israël; en zij zullen te zamen komen uit het land van het noorden, in het land, dat Ik uw vaderen ten erve gegeven heb.",
          "text1637": "Voor soo veel als dese belofte d’ uyterlicke verlossinge uyt de gevanckenisse van Babel mach aengaen, kanmen dit verstaen van de gene, die van de tien stammen in den lande overgebleven zijnde, daer na met die van Iuda ende Benjamin gevancklick zijn wechgevoert nae Babel, ende met deselve uyt de gevanckenisse souden wederkeeren. Siet 1.Chron. 9.3. ende Nehem. 11. op vers 3. aengaende het geestelicke, dat in desen het principaelste is, siet bov. 3.18. met d’ aenteeck.",
          "text2026": "12 Israëls komen: Voorzoveel als deze belofte de uiterlijke verlossing uit de gevangenschap van Babel mag aangaan, kan men dit verstaan van degenen, die van de tien stammen in het land overgebleven zijnde, daarna met die van Juda en Benjamin gevankelijk zijn weggevoerd naar Babel, en met hen uit de gevangenschap zouden terugkeren. Zie 1 Kron. 9:3, en Neh. 11:3. Aangaande het geestelijke, dat in deze het voornaamste is, zie boven Jer. 3:18, met de aantekening. 1 Kronieken 9:3: Maar te Jeruzalem woonden van de kinderen van Juda, en van de kinderen van Benjamin, en van de kinderen van Efraïm en Manasse; Nehemia 11:3: En dit zijn de hoofden van het landschap, die te Jeruzalem woonden; (maar in de steden van Juda woonden, een iedereen op zijn bezitting, in hun steden, Israël, de priesters, en de Levieten, en de tempelknechten, en de kinderen van de knechten van Salomo). Jeremia 3:18: In die dagen zal het huis van Juda gaan tot het huis van Israël; en zij zullen te zamen komen uit het land van het noorden, in het land, dat Ik uw vaderen ten erve gegeven heb."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "13 wenende zullen zij henengaan: Vanwege hunne onwaardigheid en Gods onverdiende grote genade.",
          "text1637": "Van wegen hare onweerdicheyt, ende Godts onverdiende groote genade.",
          "text2026": "13 wenende zullen zij heengaan: Vanwege hun onwaardigheid en Gods onverdiende grote genade."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ/יָּמִ֨ים",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/הֵ֜מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HTd/Pp3mp"
        },
        {
          "woord": "וּ/בָ/עֵ֤ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HC/Rd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/הִיא֙",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3fs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יָבֹ֧אוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "בְנֵֽי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֛ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הֵ֥מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HPp3mp"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְנֵֽי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HC/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֖ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יַחְדָּ֑ו",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "הָל֤וֹךְ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "וּ/בָכוֹ֙",
          "strongs": "H1058",
          "morph": "HC/Vqa"
        },
        {
          "woord": "יֵלֵ֔כוּ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵי/הֶ֖ם",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יְבַקֵּֽשׁוּ",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HVpi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "In dezelfde dagen en ter zelver tijd, spreekt JAHWEH, zullen de kinderen van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Israël komen, zij en de kinderen van Juda samen; wandelende en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> huilend zullen zij heengaan, en JAHWEH, hun God, zoeken.",
      "textSV1888_html": "In dezelve dagen en ter zelver tijd, spreekt de HEERE, zullen de kinderen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Israëls komen, zij en de kinderen van Juda te zamen; wandelende en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> wenende zullen zij henengaan, en den HEERE, hun God, zoeken.",
      "text1637_html": "In de selve dagen, ende ter selver tijt, spreeckt de HEERE, sullen de kinderen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Israëls komen, sy ende de kinderen Iuda te samen: wandelende ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> weenende sullen sy henen gaen, ende den HEERE haren Godt soecken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dezelve",
          "new": "dezelfde",
          "principe": "O3"
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Israëls",
          "new": "van Israël",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "te zamen;",
          "new": "samen;",
          "principe": "V374"
        },
        {
          "old": "wenende",
          "new": "huilend",
          "principe": "V99"
        },
        {
          "old": "henengaan,",
          "new": "heengaan,",
          "principe": "V679"
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Zij zullen naar Sion vragen; op den weg herwaarts zullen hun aangezichten zijn; zij zullen komen en den HEERE toegevoegd worden, met een eeuwig verbond, dat niet zal worden vergeten.",
      "text1637": "Sy sullen nae Zion vragen; op den wech herwaert sullen hare [14] aengesichten zijn: [15] sy sullen komen ende den HEERE toegevoegt worden, [16] [met] een eeuwich verbont, [dat] niet en sal worden vergeten.",
      "text2026": "Zij zullen naar Sion vragen; op de weg herwaarts zullen hun aangezichten zijn; zij zullen komen en JAHWEH toegevoegd worden, met een eeuwig verbond, dat niet zal worden vergeten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "14 aangezichten zijn: Dat is, zij zullen zonder omzien, of recht toe recht aan, [gelijk men zegt] naar Zion trekken; waar hun hart is, derwaarts zullen zij haasten.",
          "text1637": "D. sy sullen sonder omsien, ofte, recht toe recht aen, (alsmen seyt) nae Zion trecken: daer haer herte is, derwaerts sullen sy haesten.",
          "text2026": "14 aangezichten zijn: Dat is, zij zullen zonder omzien, of recht toe recht aan, [gelijk men zegt] naar Zion trekken; waar hun hart is, daarheen zullen zij haasten."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 zij zullen komen: Anders, [zeggende]: Komt, laat ons ons voegen tot den Heere, of vervoegt u tot den Heere.",
          "text1637": "And. [seggende:] komt ende laet ons voegen tot den Heere, ofte, vervoegt u tot den Heere.",
          "text2026": "15 zij zullen komen: Anders, [zeggende]: Komt, laat ons ons voegen tot de Heer, of vervoegt u tot de Heer."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 met een eeuwig verbond: Of, het eeuwig verbond zal niet vergeten worden. Hebreeuws, verbond der eeuwigheid; zie boven Jer. 31:31, 31:32, 31:33. Jeremia 31:31: Ziet, de dagen komen, spreekt de HEERE, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal maken; Jeremia 31:32: Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, ten dage als Ik hun hand aangreep, om hen uit Egypteland uit te voeren, welk Mijn verbond zij vernietigd hebben, hoewel Ik hen getrouwd had, spreekt de HEERE; Jeremia 31:33: Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn.",
          "text1637": "Ofte, het eeuwich verbont en sal niet vergeten worden. Hebr. verbont der eeuwicheyt. siet bov. 31.31, 32, 33.",
          "text2026": "16 met een eeuwig verbond: Of, het eeuwig verbond zal niet vergeten worden. Hebreeuws, verbond van de eeuwigheid (בְּרִית); zie boven Jer. 31:31, 31:32, 31:33. Jeremia 31:31: Ziet, de dagen komen, spreekt JAHWEH, dat Ik met het huis van Israël en met het huis van Juda een nieuw verbond zal maken; Jeremia 31:32: Niet naar het verbond, dat Ik met hun vaderen gemaakt heb, op de dag als Ik hun hand aangreep, om hen uit Egypteland uit te voeren, welk Mijn verbond zij vernietigd hebben, hoewel Ik hen getrouwd had, spreekt JAHWEH; Jeremia 31:33: Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt JAHWEH: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צִיּ֣וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁאָ֔לוּ",
          "strongs": "H7592",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "דֶּ֖רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "הֵ֣נָּה",
          "strongs": "H2008",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "פְנֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "בֹּ֚אוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/נִלְו֣וּ",
          "strongs": "H3867",
          "morph": "HC/VNq3cp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּרִ֥ית",
          "strongs": "H1285",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָ֖ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִשָּׁכֵֽחַ",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVNi3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zij zullen naar Sion vragen; op de weg herwaarts zullen hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> aangezichten zijn;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> zij zullen komen en JAHWEH toegevoegd worden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> met een eeuwig verbond, dat niet zal worden vergeten.",
      "textSV1888_html": "Zij zullen naar Sion vragen; op den weg herwaarts zullen hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> aangezichten zijn;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> zij zullen komen en den HEERE toegevoegd worden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> met een eeuwig verbond, dat niet zal worden vergeten.",
      "text1637_html": "Sy sullen nae Zion vragen; op den wech herwaert sullen hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> aengesichten zijn: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sy sullen komen ende den HEERE toegevoegt worden, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> [met] een eeuwich verbont, [dat] niet en sal worden vergeten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Mijn volk waren verloren schapen, hun herders hadden hen verleid, zij hadden hen gevoerd naar de bergen, zij gingen van berg tot heuvel, zij vergaten hun legering.",
      "text1637": "Mijn volck waren verlorene schapen, hare [17] herders haddense verleydt, sy haddense gevoert [nae] de bergen: sy gingen van berch tot heuvel, sy vergaten hare [18] legeringe.",
      "text2026": "Mijn volk waren verloren schapen, hun herders hadden hen verleid, zij hadden hen gevoerd naar de bergen, zij gingen van berg tot heuvel, zij vergaten hun legering.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Kerkelijke en politieke regeerders.",
          "text1637": "Kerckelicke ende politijcke Reegeerders.",
          "text2026": "Kerkelijke en politieke regeerders."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk de kudden hare rustplaatsen plegen te hebben, waar zij nederliggen. De zin is dat Gods volk van geestelijke en lichamelijke welvaart en rust beroofd was, gelijk in het volgende verklaard wordt.",
          "text1637": "Gelijck de kudden hare rustplaetsen plegen te hebben, daerse nederliggen. de sin is, dat Godts volck van geestelicken ende lichamelicken welvaert ende ruste berooft was: als in’t volgende verklaert wort.",
          "text2026": "Gelijk de kudden haar rustplaatsen plegen te hebben, waar zij nederliggen. De zin is dat Gods volk van geestelijke en lichamelijke welvaart en rust beroofd was, gelijk in het volgende verklaard wordt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צֹ֤אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "אֹֽבְדוֹת֙",
          "strongs": "H6",
          "morph": "HVqrfpa"
        },
        {
          "woord": "היה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֔/י",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "רֹעֵי/הֶ֣ם",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הִתְע֔וּ/ם",
          "strongs": "H8582",
          "morph": "HVhp3cp/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הָרִ֖ים",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שובבים",
          "strongs": "H7726",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/הַ֤ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גִּבְעָה֙",
          "strongs": "H1389",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "הָלָ֔כוּ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "שָׁכְח֖וּ",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "רִבְצָֽ/ם",
          "strongs": "H7258",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Mijn volk waren verloren schapen, hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> herders hadden hen verleid, zij hadden hen gevoerd naar de bergen, zij gingen van berg tot heuvel, zij vergaten hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> legering.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Mijn volk waren verloren schapen, hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> herders hadden hen verleid, zij hadden hen gevoerd naar de bergen, zij gingen van berg tot heuvel, zij vergaten hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> legering.",
      "text1637_html": "Mijn volck waren verlorene schapen, hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> herders haddense verleydt, sy haddense gevoert [nae] de bergen: sy gingen van berch tot heuvel, sy vergaten hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> legeringe."
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Allen, die hen vonden, aten hen op, en hun wederpartijders zeiden: Wij zullen geen schuld hebben; daarom dat zij gezondigd hebben tegen den HEERE, in de woning der gerechtigheid, ja, tegen den HEERE, de Verwachting hunner vaderen.",
      "text1637": "Alle die haer vonden [19] aten haer op, ende hare wederpartijders seyden, Wy en sullen geene schult hebben: daerom dat sy gesondigt hebben tegen den HEERE, [in] de [b] [20] wooninge der gerechticheyt, [21] ja [tegen] den HEERE, de verwachtinge harer vaderen.",
      "text2026": "Allen, die hen vonden, aten hen op, en hun tegenstanders zeiden: Wij zullen geen schuld hebben; daarom dat zij gezondigd hebben tegen JAHWEH, in de woning van de gerechtigheid, ja, tegen JAHWEH, de Verwachting van hun vaders.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "19 aten hen op: Vergelijk Deut. 7:16, en Ps. 14:4, alzo onder Jer. 51:34. Deuteronomium 7:16: Gij zult dan al die volken verteren, die de HEERE, uw God, u geven zal; uw oog zal hen niet verschonen, en gij zult hun goden niet dienen; want dat zoude u een strik zijn. Psalmen 14:4: Hebben dan alle werkers der ongerechtigheid geen kennis, die mijn volk opeten, alsof zij brood aten? Zij roepen den HEERE niet aan. Jeremia 51:34: Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft mij opgegeten, hij heeft mij verpletterd, hij heeft mij gesteld als een ledig vat, hij heeft mij verslonden als een draak, hij heeft zijn balg gevuld van mijn lekkernijen; hij heeft mij verdreven.",
          "text1637": "Vergel. Deut. 7. op vers 16. ende Psal. 14. op vers 4. alsoo ond. 51.34.",
          "text2026": "19 aten hen op: Vergelijk Deut. 7:16, en Ps. 14:4, zo onder Jer. 51:34. Deuteronomium 7:16: U zult dan al die volken verteren, die JAHWEH, uw God, u geven zal; uw oog zal hen niet sparen, en u zult hun goden niet dienen; want dat zou u een strik zijn. Psalmen 14:4: Hebben dan alle werkers van de ongerechtigheid geen kennis, die mijn volk opeten, alsof zij brood aten? Zij roepen JAHWEH niet aan. Jeremia 51:34: Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft mij opgegeten, hij heeft mij verpletterd, hij heeft mij gesteld als een leeg vat, hij heeft mij verslonden als een draak, hij heeft zijn balg gevuld van mijn lekkernijen; hij heeft mij verdreven."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 woning der gerechtigheid: Namelijk in Judea en bijzonderlijk Jeruzalem, waar God en zijn volk wonen, en waar God de ware gerechtigheid geopenbaard had. Zie boven Jer. 31:23. Jeremia 31:23: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Dit woord zullen zij nog zeggen in het land van Juda, en in zijn steden, als Ik hun gevangenis wenden zal: De HEERE zegene u, gij woning der gerechtigheid, gij berg der heiligheid!",
          "text1637": "N. in Iudea, ende bysonderlick Ierusalem, daer Godt ende sijn volck woonden, ende daer Godt de ware gerechticheyt geopenbaert hadde. siet bov. 31.23.",
          "text2026": "20 woning van de gerechtigheid: Namelijk in Judea en bijzonderlijk Jeruzalem, waar God en zijn volk wonen, en waar God de ware gerechtigheid geopenbaard had. Zie boven Jer. 31:23. Jeremia 31:23: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Dit woord zullen zij nog zeggen in het land van Juda, en in zijn steden, als Ik hun gevangenis wenden zal: JAHWEH zegene u, u woning van de gerechtigheid, u berg van de heiligheid!"
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, daar, hoewel, de HEERE de verwachting hunner vaderen geweest is; dat is, diegene, op welke hunne voorvaders gehoopt hebben [zie boven Jer. 14:8], welker voetstappen zij nu niet gevolgd hebben, daarom met recht van hen gestraft en van ons ook geplaagd zijn, willen zij zeggen, spottenderwijze. Jeremia 14:8: O Israëls Verwachting, Zijn Verlosser in tijd van benauwdheid! waarom zoudt Gij zijn als een vreemdeling in het land, en als een reiziger, die slechts inkeert om te vernachten?",
          "text1637": "Ofte, daer, hoewel, de HEERE de verwachtinge harer vaderen geweest is. D. die gene, op welcken hare voorvaders gehoopt hebben, (siet bov. 14.8.) welcker voetstappen sy nu niet gevolgt en hebben, daerom met recht van hem gestraft, ende van ons oock geplaegt zijn, willen sy seggen, spottender wijse.",
          "text2026": "Of, daar, hoewel, JAHWEH de verwachting hun vaderen geweest is; dat is, diegene, op welke hun voorvaders gehoopt hebben [zie boven Jer. 14:8], van welke voetstappen zij nu niet gevolgd hebben, daarom met recht van hen gestraft en van ons ook geplaagd zijn, willen zij zeggen, spottenderwijze. Jeremia 14:8: O Israëls Verwachting, Zijn Verlosser in tijd van benauwdheid! waarom zoudt U zijn als een vreemdeling in het land, en als een reiziger, die slechts inkeert om te overnachten?"
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 31:23. Jeremia 31:23: Zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Dit woord zullen zij nog zeggen in het land van Juda, en in zijn steden, als Ik hun gevangenis wenden zal: De HEERE zegene u, gij woning der gerechtigheid, gij berg der heiligheid!",
          "text1637": "Ier. 31.23.",
          "text2026": "Jer. 31:23. Jeremia 31:23: Zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Dit woord zullen zij nog zeggen in het land van Juda, en in zijn steden, als Ik hun gevangenis wenden zal: JAHWEH zegene u, u woning van de gerechtigheid, u berg van de heiligheid!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מוֹצְאֵי/הֶ֣ם",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֲכָל֔וּ/ם",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HVqp3cp/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/צָרֵי/הֶ֥ם",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HC/Ncmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אָמְר֖וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "נֶאְשָׁ֑ם",
          "strongs": "H816",
          "morph": "HVqi1cp"
        },
        {
          "woord": "תַּ֗חַת",
          "strongs": "H8478",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֨ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "חָטְא֤וּ",
          "strongs": "H2398",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "לַֽ/יהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "נְוֵה",
          "strongs": "H5116",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "צֶ֔דֶק",
          "strongs": "H6664",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִקְוֵ֥ה",
          "strongs": "H4723",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲבֽוֹתֵי/הֶ֖ם",
          "strongs": "H1",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Allen, die hen vonden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> aten hen op, en hun tegenstanders zeiden: <span class=\"direct-speech\"><i>Wij zullen geen schuld hebben;</i></span> daarom dat zij gezondigd hebben tegen JAHWEH, in de woning van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> gerechtigheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> ja, tegen JAHWEH, de Verwachting van hun vaders.",
      "textSV1888_html": "Allen, die hen vonden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> aten hen op, en hun wederpartijders zeiden: Wij zullen geen schuld hebben; daarom dat zij gezondigd hebben tegen den HEERE, in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> woning der gerechtigheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> ja, tegen den HEERE, de Verwachting hunner vaderen.",
      "text1637_html": "Alle die haer vonden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> aten haer op, ende hare wederpartijders seyden, Wy en sullen geene schult hebben: daerom dat sy gesondigt hebben tegen den HEERE, [in] de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> wooninge der gerechticheyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> ja [tegen] den HEERE, de verwachtinge harer vaderen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wederpartijders",
          "new": "tegenstanders",
          "principe": "V93"
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "hunner vaderen.",
          "new": "van hun vaders.",
          "principe": "MR-1KR-007"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Vliedt weg uit het midden van Babel, en gaat uit der Chaldeeën land; en weest als de bokken voor de kudde henen.",
      "text1637": "[c] Vliedet wech uyt het midden van Babel, ende gaet uyt, uyt der Chaldeen lant: ende weset als de [22] bocken [23] voor de kudde henen.",
      "text2026": "Vlucht weg uit het midden van Babel, en gaat uit het land van de Chaldeeën; en wees als de bokken voor de kudde heen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Kloekmoedig en onversaagd daarheen trekkende, gelijk de bokken voor de schapen vooraan treden.",
          "text1637": "Cloeckmoedichlick ende onvertsaecht daer henen treckende, gelijck de bocken voor de schapen voor aen treden.",
          "text2026": "Kloekmoedig en onversaagd daarheen trekkende, gelijk de bokken voor de schapen vooraan treden."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "23 voor de kudde henen: Hebreeuws, voor het aangezicht der kudde.",
          "text1637": "Hebr. voor ’t aengesichte der kudde.",
          "text2026": "23 voor de kudde heen: Hebreeuws, voor het aangezicht van de kudde (פְנֵי)."
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jes. 48:20; Jer. 51:6; Openb. 18:4. Jesaja 48:20: Gaat uit van Babel, vliedt van de Chaldeeën, verkondigt met de stemme des gejuichs, doet zulks horen, brengt het uit tot aan het einde der aarde, zegt: De HEERE heeft Zijn knecht Jakob verlost! Jeremia 51:6: Vliedt uit het midden van Babel, en redt, een iegelijk zijn ziel; wordt niet uitgeroeid in haar ongerechtigheid; want dit is de tijd der wraak des HEEREN, Die haar de verdienste betaalt. Openbaring 18:4: En ik hoorde een andere stem uit den hemel, zeggende: Gaat uit van haar, Mijn volk, opdat gij aan haar zonden geen gemeenschap hebt, en opdat gij van haar plagen niet ontvangt.",
          "text1637": "Iesa. 48.20. Ierem. 51.6. Apoc. 18.4.",
          "text2026": "Jes. 48:20; Jer. 51:6; Openb. 18:4. Jesaja 48:20: Gaat uit van Babel, vliedt van de Chaldeeën, verkondigt met de stemme van de gejuichs, doet zulks horen, brengt het uit tot aan het einde van de aarde, zegt: JAHWEH heeft Zijn knecht Jakob verlost! Jeremia 51:6: Vliedt uit het midden van Babel, en redt, een iedereen zijn ziel; wordt niet uitgeroeid in haar ongerechtigheid; want dit is de tijd van de wraak van JAHWEH, Die haar de verdienste betaalt. Openbaring 18:4: En ik hoorde een andere stem uit de hemel, zeggende: Gaat uit van haar, Mijn volk, opdat u aan haar zonden geen gemeenschap hebt, en opdat u van haar plagen niet ontvangt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נֻ֚דוּ",
          "strongs": "H5110",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/תּ֣וֹךְ",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/מֵ/אֶ֥רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HC/R/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּ֖ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יצאו",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "וִ/הְי֕וּ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqv2mp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/עַתּוּדִ֖ים",
          "strongs": "H6260",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "לִ/פְנֵי",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "צֹֽאן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Vlucht weg uit het midden van Babel, en gaat uit het land van de Chaldeeën; en wees als de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> bokken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> voor de kudde heen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Vliedt weg uit het midden van Babel, en gaat uit der Chaldeeën land; en weest als de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> bokken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> voor de kudde henen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Vliedet wech uyt het midden van Babel, ende gaet uyt, uyt der Chaldeen lant: ende weset als de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> bocken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> voor de kudde henen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Vliedt",
          "new": "Vlucht",
          "principe": "V340"
        },
        {
          "old": "der Chaldeeën land;",
          "new": "het land van de Chaldeeën;",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "weest",
          "new": "wees",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "henen.",
          "new": "heen.",
          "principe": "V67"
        },
        {
          "old": "Vliedt",
          "new": "Vlied",
          "principe": "V1158"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Want ziet, Ik zal een verzameling van grote volken uit het land van het noorden verwekken, en tegen Babel opbrengen; die zullen zich tegen haar rusten; van daar zal zij ingenomen worden; hun pijlen zullen zijn als eens kloeken helds, geen zal ledig wederkeren.",
      "text1637": "Want siet, ick sal eene versamelinge van groote volcken uyt den lande van ’t Noorden verwecken, ende tegen Babel opbrengen; die sullen sich tegen haer [24] rusten, van daer sal sy ingenomen worden: [25] hare pijlen sullen zijn als eenes [26] kloecken helts, geene en sal [27] ledich wederkeeren.",
      "text2026": "Want ziet, Ik zal een verzameling van grote volken uit het land van het noorden verwekken, en tegen Babel opbrengen; die zullen zich tegen haar rusten; van daar zal zij ingenomen worden; hun pijlen zullen zijn als die van een kloeke held, geen zal leeg terugkeren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, in orde stellen. Alzo vers 14. Jeremia 50:14: Rust u tegen Babel rondom, gij allen, die den boog spant! schiet in haar, en spaart de pijlen niet; want zij heeft tegen den HEERE gezondigd.",
          "text1637": "Ofte, in order stellen. alsoo vers 14.",
          "text2026": "Of, in orde stellen. Zo vers 14. Jeremia 50:14: Rust u tegen Babel rondom, u allen, die de boog spant! schiet in haar, en spaart de pijlen niet; want zij heeft tegen JAHWEH gezondigd."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 hun pijlen: Der voorzegde verzameling.",
          "text1637": "Der voorseyde versamelinge.",
          "text2026": "25 hun pijlen: Van de voorzegde verzameling."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "26 kloeken helds: Of, ervaren. Anders: van een held, die van kinderen berooft; dat is, die zelfs de jongelingen of jonge manschap nedervelt.",
          "text1637": "Ofte, ervarenen. And. eens helts die van kinderen berooft. D. die selfs de jongelingen, ofte jonge manschap nedervelt.",
          "text2026": "26 kloeken helds: Of, ervaren. Anders: van een held, die van kinderen berooft; dat is, die zelfs de jongelingen of jonge manschap velt neer."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "27 ledig wederkeren: Geen van hunne pijlen zal vergeefs geschoten worden; vergelijk 2 Sam. 1:22, of, [die], [te weten, held] niet ledig wederkeert, zonder nederlaag des vijands. 2 Samuël 1:22: Van het bloed der verslagenen, van het vette der helden, werd Jonathans boog niet achterwaarts gedreven; en Sauls zwaard keerde niet ledig weder.",
          "text1637": "Geen van hare pijlen sal vergeefs geschoten worden. Vergel. 2.Sam. 1.22. ofte, [die] (T.w. helt) niet ledich wederkeert, sonder nederlage sijns vyants.",
          "text2026": "27 leeg terugkeren: Geen van hun pijlen zal vergeefs geschoten worden; vergelijk 2 Sam. 1:22, of, [die], [te weten, held] niet leeg terugkeert, zonder nederlaag van de vijand. 2 Samuël 1:22: Van het bloed van de verslagenen, van het vette van de helden, werd Jonathans boog niet achterwaarts gedreven; en Sauls zwaard keerde niet leeg weer."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הִנֵּ֣ה",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אָנֹכִ֡י",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֵעִיר֩",
          "strongs": "H5782",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מַעֲלֶ֨ה",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HC/Vhrmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֜ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "קְהַל",
          "strongs": "H6951",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "גּוֹיִ֤ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדֹלִים֙",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "צָפ֔וֹן",
          "strongs": "H6828",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָ֣רְכוּ",
          "strongs": "H6186",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "לָ֔/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "מִ/שָּׁ֖ם",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "תִּלָּכֵ֑ד",
          "strongs": "H3920",
          "morph": "HVNi3fs"
        },
        {
          "woord": "חִצָּי/ו֙",
          "strongs": "H2671",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/גִבּ֣וֹר",
          "strongs": "H1368",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "מַשְׁכִּ֔יל",
          "strongs": "H7919",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יָשׁ֖וּב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "רֵיקָֽם",
          "strongs": "H7387",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Want ziet, Ik zal een verzameling van grote volken uit het land van het noorden verwekken, en tegen Babel opbrengen; die zullen zich tegen haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> rusten; van daar zal zij ingenomen worden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hun pijlen zullen zijn als die van een kloeke held<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup>, geen zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> leeg terugkeren.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Want ziet, Ik zal een verzameling van grote volken uit het land van het noorden verwekken, en tegen Babel opbrengen; die zullen zich tegen haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> rusten; van daar zal zij ingenomen worden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hun pijlen zullen zijn als eens<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> kloeken helds, geen zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> ledig wederkeren.",
      "text1637_html": "Want siet, ick sal eene versamelinge van groote volcken uyt den lande van ’t Noorden verwecken, ende tegen Babel opbrengen; die sullen sich tegen haer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> rusten, van daer sal sy ingenomen worden: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> hare pijlen sullen zijn als eenes <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> kloecke<i>n</i> helts, geene en sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> ledich wederkeeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "eens kloeken helds,",
          "new": "die van een kloeke held,",
          "principe": "V735"
        },
        {
          "old": "ledig wederkeren.",
          "new": "leeg terugkeren.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "En Chaldea zal ten roof zijn; allen, die het beroven, zullen verzadigd worden, spreekt de HEERE.",
      "text1637": "Ende Chaldeen sal ten roove zijn: alle die ’t berooven sullen [28] versadigt worden, spreeckt de HEERE.",
      "text2026": "En Chaldea zal ten roof zijn; allen, die het beroven, zullen verzadigd worden, spreekt JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "28 verzadigd worden: Van roof en buit volop hebben.",
          "text1637": "Van roof ende buyt vol op hebben.",
          "text2026": "28 verzadigd worden: Van roof en buit volop hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הָיְתָ֥ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3fs"
        },
        {
          "woord": "כַשְׂדִּ֖ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/שָׁלָ֑ל",
          "strongs": "H7998",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שֹׁלְלֶ֥י/הָ",
          "strongs": "H7997",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂבָּ֖עוּ",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "En Chaldea zal ten roof zijn; allen, die het beroven, zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> verzadigd worden, spreekt JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "En Chaldea zal ten roof zijn; allen, die het beroven, zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> verzadigd worden, spreekt de HEERE.",
      "text1637_html": "Ende Chaldeen sal ten roove zijn: alle die ’t berooven sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> versadigt worden, spreeckt de HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Omdat gij u verblijd hebt, omdat gij van vreugde hebt opgesprongen, gij plunderaars Mijner erfenis! omdat gij geil geworden zijt als een grazige vaars, en hebt gebriest als de sterke paarden;",
      "text1637": "Om dat ghy u verblijdt hebt, om dat ghy van vreuchde hebt opgesprongen, [29] ghy plunderaers mijner [30] erffenisse: om dat ghy [31] geyl geworden zijt als een grasige veerse, [ende] hebt gebriescht als de stercke [32] [peerden]:",
      "text2026": "Omdat u zich verblijd hebt, omdat u van vreugde hebt opgesprongen, u plunderaars van Mijn erfenis! omdat u geil geworden bent als een grazige vaars, en hebt gebriest als de sterke paarden;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "29 gij plunderaars: Of, plunderende, of als gij plundert.",
          "text1637": "Ofte, plunderende, ofte, als ghy plunderdet.",
          "text2026": "29 u plunderaars: Of, plunderende, of als u plundert."
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Van het land Kanaän en van mijn volk.",
          "text1637": "Des lants Canaan, ende mijns volcks.",
          "text2026": "Van het land Kanaän en van mijn volk."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 geil geworden zijt: Of, gegroeid zijn, aan het lichaam toegenomen zijt, als een jonge vaars, die in jong teder gras gaat weiden.",
          "text1637": "Ofte, gegroeyt zijt, aen den lichaem toegenomen hebt, als eene jonge veerse, die in jonck teder gras gaet weyden.",
          "text2026": "31 geil geworden zijt: Of, gegroeid zijn, aan het lichaam toegenomen zijt, als een jonge vaars, die in jong teder gras gaat weiden."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk boven Jer. 47:3. Jeremia 47:3: Vanwege het geluid van het geklater der hoeven zijner sterke paarden, vanwege het geraas zijner wagenen, en het bulderen zijner raderen; de vaders zien niet om naar de kinderen, vanwege de slappigheid der handen;",
          "text1637": "Als bov. 47.3.",
          "text2026": "Gelijk boven Jer. 47:3. Jeremia 47:3: Vanwege het geluid van het geklater van de hoeven zijn sterke paarden, vanwege het geraas zijn wagens, en het bulderen zijn raderen; de vaders zien niet om naar de kinderen, vanwege de slappigheid van de handen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תשמחי",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HVqi2fs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תעלזי",
          "strongs": "H5937",
          "morph": "HVqi2fs"
        },
        {
          "woord": "שֹׁסֵ֖י",
          "strongs": "H8154",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "נַחֲלָתִ֑/י",
          "strongs": "H5159",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תפושי",
          "strongs": "H6335",
          "morph": "HVqi2fs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/עֶגְלָ֣ה",
          "strongs": "H5697",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "דָשָׁ֔ה",
          "strongs": "H1877",
          "morph": "HVqrfsa"
        },
        {
          "woord": "ו/תצהלי",
          "strongs": "H6670",
          "morph": "HC/Vqi2fs"
        },
        {
          "woord": "כָּ/אֲבִּרִֽים",
          "strongs": "H47",
          "morph": "HRd/Aampa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Omdat u zich verblijd hebt, omdat u van vreugde hebt opgesprongen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> u plunderaars<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> van Mijn erfenis! omdat u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geil geworden bent als een grazige vaars, en hebt gebriest als de sterke<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> paarden;</i></span>",
      "textSV1888_html": "Omdat gij u verblijd hebt, omdat gij van vreugde hebt opgesprongen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> gij plunderaars Mijner<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> erfenis! omdat gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geil geworden zijt als een grazige vaars, en hebt gebriest als de sterke<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> paarden;",
      "text1637_html": "Om dat ghy u verblijdt hebt, om dat ghy van vreuchde hebt opgesprongen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> ghy plunderaers mijner <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> erffenisse: om dat ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geyl geworden zijt als een grasige veerse, [ende] hebt gebriescht als de stercke <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> [peerden]:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "",
          "new": "zich",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Mijner",
          "new": "van Mijn",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "bent",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Zo is uw moeder zeer beschaamd; die u gebaard heeft, is schaamrood geworden; ziet, zij is geworden de achterste der heidenen, een woestijn, dorheid en wildernis.",
      "text1637": "So is uwe [33] moeder seer beschaemt; die u gebaert heeft, is schaemroot geworden: Siet, sy is geworden de [34] achterste der heydenen, eene woestijne, dorheyt ende wildernisse.",
      "text2026": "Zo is uw moeder zeer beschaamd; die u gebaard heeft, is schaamrood geworden; zie, zij is geworden de achterste van de heidenen, een woestijn, dorheid en wildernis.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "33 moeder zeer beschaamd: Babylon, de hoofdstad van Chaldea.",
          "text1637": "Babylon, de hooftstadt van Chaldea.",
          "text2026": "33 moeder zeer beschaamd: Babylon, de hoofdstad van Chaldea."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "34 achterste der heidenen: Dat is, de snoodste, veilste, slechtste onder alle natiën. Hebreeuws, het achterste.",
          "text1637": "D. de snootste, vijlste, slechtste onder alle natien. Hebr. het achterste.",
          "text2026": "34 achterste van de heidenen: Dat is, de snoodste, veilste, slechtste onder alle natiën. Hebreeuws, het achterste."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בּ֤וֹשָׁה",
          "strongs": "H954",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "אִמְּ/כֶם֙",
          "strongs": "H517",
          "morph": "HNcfsc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "מְאֹ֔ד",
          "strongs": "H3966",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "חָפְרָ֖ה",
          "strongs": "H2659",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "יֽוֹלַדְתְּ/כֶ֑ם",
          "strongs": "H3205",
          "morph": "HVqrfsc/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "הִנֵּה֙",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אַחֲרִ֣ית",
          "strongs": "H319",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "גּוֹיִ֔ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מִדְבָּ֖ר",
          "strongs": "H4057",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "צִיָּ֥ה",
          "strongs": "H6723",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲרָבָֽה",
          "strongs": "H6160",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo is uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> moeder zeer beschaamd; die u gebaard heeft, is schaamrood geworden; zie, zij is geworden de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> achterste van de heidenen, een woestijn, dorheid en wildernis.",
      "textSV1888_html": "Zo is uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> moeder zeer beschaamd; die u gebaard heeft, is schaamrood geworden; ziet, zij is geworden de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> achterste der heidenen, een woestijn, dorheid en wildernis.",
      "text1637_html": "So is uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> moeder seer beschae<i>m</i>t; die u gebaert heeft, is schaemroot geworden: Siet, sy is geworde<i>n</i> de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> achterste der heydenen, eene woestijne, dorheyt ende wildernisse.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ziet,",
          "new": "zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Vanwege de verbolgenheid des HEEREN zal zij niet bewoond worden, maar zij zal geheel een verwoesting worden; al wie aan Babel voorbijgaat, zal zich ontzetten, en fluiten over al haar plagen.",
      "text1637": "Van wegen de verbolgentheyt des HEEREN en sal sy niet bewoont worden, maer sy sal geheelick eene verwoestinge worden: [d] al wie aen Babel voor by gaet, sal sich ontsetten, ende [35] fluyten over alle hare plagen.",
      "text2026": "Vanwege de toorn van JAHWEH zal zij niet bewoond worden, maar zij zal geheel een verwoesting worden; al wie aan Babel voorbijgaat, zal zich ontzetten, en fluiten over al haar plagen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "35 fluiten over al haar plagen: Of, schuifelen. Zie boven Jer. 18:16. Jeremia 18:16: Om hun land te stellen tot een ontzetting, tot eeuwige aanfluitingen; al wie daar voorbijgaat, zal zich ontzetten, en met zijn hoofd schudden.",
          "text1637": "Ofte, schuyffelen. siet bov. 18.16.",
          "text2026": "35 fluiten over al haar plagen: Of, schuifelen. Zie boven Jer. 18:16. Jeremia 18:16: Om hun land te stellen tot een ontzetting, tot eeuwige aanfluitingen; al wie daar voorbijgaat, zal zich ontzetten, en met zijn hoofd schudden."
        },
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:17. Jeremia 49:17: Alzo zal Edom worden tot een ontzetting; al wie voorbij haar gaat, zal zich ontzetten, en fluiten over al haar plagen.",
          "text1637": "Ier. 49.17.",
          "text2026": "Jer. 49:17. Jeremia 49:17: Zo zal Edom worden tot een ontzetting; al wie voorbij haar gaat, zal zich ontzetten, en fluiten over al haar plagen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/קֶּ֤צֶף",
          "strongs": "H7110",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תֵשֵׁ֔ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָיְתָ֥ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3fs"
        },
        {
          "woord": "שְׁמָמָ֖ה",
          "strongs": "H8077",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "כֻּלָּ֑/הּ",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כֹּ֚ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עֹבֵ֣ר",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יִשֹּׁ֥ם",
          "strongs": "H8074",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִשְׁרֹ֖ק",
          "strongs": "H8319",
          "morph": "HC/Vqi3ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מַכּוֹתֶֽי/הָ",
          "strongs": "H4347",
          "morph": "HNcfpc/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Vanwege de toorn van JAHWEH zal zij niet bewoond worden, maar zij zal geheel een verwoesting worden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> al wie aan Babel voorbijgaat, zal zich ontzetten, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> fluiten over al haar plagen.",
      "textSV1888_html": "Vanwege de verbolgenheid des HEEREN zal zij niet bewoond worden, maar zij zal geheel een verwoesting worden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> al wie aan Babel voorbijgaat, zal zich ontzetten, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> fluiten over al haar plagen.",
      "text1637_html": "Van wegen de verbolgentheyt des HEEREN en sal sy niet bewoont worden, maer sy sal geheelick eene verwoestinge worde<i>n</i>: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> al wie aen Babel voor by gaet, sal sich ontsetten, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> fluyten over alle hare plagen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "verbolgenheid des HEEREN",
          "new": "toorn van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Rust u tegen Babel rondom, gij allen, die den boog spant! schiet in haar, en spaart de pijlen niet; want zij heeft tegen den HEERE gezondigd.",
      "text1637": "Rustet u tegen Babel rontomme, alle ghy die den boge [36] spannet, schietet [37] in haer, en sparet de [38] pijlen niet: want sy heeft tegen den HEERE gesondigt.",
      "text2026": "Rust u tegen Babel rondom, u allen, die de boog spant! schiet in haar, en spaart de pijlen niet; want zij heeft tegen JAHWEH gezondigd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, treedt.",
          "text1637": "Hebr. tredet.",
          "text2026": "Hebreeuws, treedt."
        },
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "37 in haar: Of, op, tegen.",
          "text1637": "Ofte, op, tegen.",
          "text2026": "37 in haar: Of, op, tegen."
        },
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "38 pijlen niet: Hebreeuws, pijl.",
          "text1637": "Hebr. pijle.",
          "text2026": "38 pijlen niet: Hebreeuws, pijl."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עִרְכ֨וּ",
          "strongs": "H6186",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֤ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "סָבִיב֙",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "דֹּ֣רְכֵי",
          "strongs": "H1869",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "קֶ֔שֶׁת",
          "strongs": "H7198",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "יְד֣וּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֔י/הָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "אַֽל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַּחְמְל֖וּ",
          "strongs": "H2550",
          "morph": "HVqj2mp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "חֵ֑ץ",
          "strongs": "H2671",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לַֽ/יהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "חָטָֽאָה",
          "strongs": "H2398",
          "morph": "HVqp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Rust u tegen Babel rondom, u allen, die de boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> spant! schiet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> in haar, en spaart de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> pijlen niet; want zij heeft tegen JAHWEH gezondigd.",
      "textSV1888_html": "Rust u tegen Babel rondom, gij allen, die den boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> spant! schiet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> in haar, en spaart de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> pijlen niet; want zij heeft tegen den HEERE gezondigd.",
      "text1637_html": "Rustet u tegen Babel rontomme, alle ghy die den boge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> spannet, schietet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> in haer, en sparet de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> pijlen niet: want sy heeft tegen den HEERE gesondigt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Juicht over haar rondom, zij heeft haar hand gegeven; haar fondamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is des HEEREN wraak, wreekt u aan haar, doet haar, gelijk als zij gedaan heeft!",
      "text1637": "Iuychet over haer rontomme, sy heeft hare [39] hant gegeven; hare fondamenten zijn gevallen, hare mueren zijn afgebroken: want dat is des HEEREN wrake, wreket u aen haer, [40] doet haer, gelijck als sy gedaen heeft.",
      "text2026": "Juich over haar rondom, zij heeft haar hand gegeven; haar fundamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is de wraak van JAHWEH, wreekt u aan haar, doet haar, zoals zij gedaan heeft!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "39 hand gegeven: Dat is, zich den Perzen en Meden onderworpen. Zie 2 Kron. 30:8, met de aantekening. 2 Kronieken 30:8: Verhardt nu ulieder nek niet, gelijk uw vaderen; geeft den HEERE de hand, en komt tot Zijn heiligdom, hetwelk Hij geheiligd heeft tot in eeuwigheid, en dient den HEERE, uw God; zo zal de hitte Zijns toorns van u afkeren.",
          "text1637": "D. haer den Persen ende Meden onderworpen. Siet 2.Chron. 30.8. met d’ aenteeck.",
          "text2026": "39 hand gegeven: Dat is, zich de Perzen en Meden onderworpen. Zie 2 Kron. 30:8, met de aantekening. 2 Kronieken 30:8: Verhardt nu ulieder nek niet, gelijk uw vaderen; geeft JAHWEH de hand, en komt tot Zijn heiligdom, dat Hij geheiligd heeft tot in eeuwigheid, en dient JAHWEH, uw God; zo zal de hitte van Zijn toorn van u afkeren."
        },
        {
          "marker": "40",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "40 doet haar: Gelijk onder vers 29. Jeremia 50:29: Laat u horen tegen Babel, gij schutters! gij allen, die den boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen den HEERE, tegen den Heilige Israëls.",
          "text1637": "Als onder vers 29.",
          "text2026": "40 doet haar: Gelijk onder vers 29. Jeremia 50:29: Laat u horen tegen Babel, u schutters! u allen, die de boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen JAHWEH, tegen de Heilige van Israël."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הָרִ֨יעוּ",
          "strongs": "H7321",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֤י/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "סָבִיב֙",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "נָתְנָ֣ה",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "יָדָ֔/הּ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "נָֽפְלוּ֙",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "אשויתי/ה",
          "strongs": "H803",
          "morph": "HNcfpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "נֶהֶרְס֖וּ",
          "strongs": "H2040",
          "morph": "HVNp3cp"
        },
        {
          "woord": "חֽוֹמוֹתֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H2346",
          "morph": "HNcfpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כִּי֩",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "נִקְמַ֨ת",
          "strongs": "H5360",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הִיא֙",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3fs"
        },
        {
          "woord": "הִנָּ֣קְמוּ",
          "strongs": "H5358",
          "morph": "HVNv2mp"
        },
        {
          "woord": "בָ֔/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "עָשְׂתָ֖ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "עֲשׂוּ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לָֽ/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Juich over haar rondom, zij heeft haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> hand gegeven; haar fundamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is de wraak van JAHWEH, wreekt u aan haar,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> doet haar, zoals zij gedaan heeft!",
      "textSV1888_html": "Juicht over haar rondom, zij heeft haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> hand gegeven; haar fondamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is des HEEREN wraak, wreekt u aan haar,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> doet haar, gelijk als zij gedaan heeft!",
      "text1637_html": "Iuychet over haer rontomme, sy heeft hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> hant gegeven; hare fondamenten zijn gevallen, hare mueren zijn afgebroken: want dat is des HEEREN wrake, wreket u aen haer, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> doet haer, gelijck als sy gedaen heeft.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Juicht",
          "new": "Juich",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "fondamenten",
          "new": "fundamenten",
          "principe": "V214"
        },
        {
          "old": "des HEEREN wraak,",
          "new": "de wraak van JAHWEH,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "gelijk als",
          "new": "zoals",
          "principe": "V804"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Roeit uit van Babel den zaaier, en dien, die de sikkel handelt in den oogsttijd; laat hen vanwege het verdrukkende zwaard, zich keren, een iegelijk tot zijn volk, en vlieden, een iegelijk naar zijn land.",
      "text1637": "Roeyt uyt van Babel den [41] zaeyer, ende dien die [42] den sickel handelt in den oogst-tijt: [43] laetse van wegen het [44] verdruckende sweert, sich keeren, een yegelijck tot sijn volck, ende vlieden, een yegelijck nae sijn lant.",
      "text2026": "Roeit uit van Babel de zaaier, en die, die de sikkel handelt in de oogsttijd; laat hen vanwege het verdrukkende zwaard, zich keren, ieder tot zijn volk, en vluchten, ieder naar zijn land.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "41",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zelfs de landlieden, die meest weerloos zijn en nochtans zeer nodig in het land.",
          "text1637": "Selfs de lantlieden, die meest weerloos zijn, ende nochtans seer noodich in den lande.",
          "text2026": "Zelfs de landbouwers, die meest weerloos zijn en nochtans zeer nodig in het land."
        },
        {
          "marker": "42",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "42 de sikkel handelt: Dat is, den maaier.",
          "text1637": "D. den maeyer.",
          "text2026": "42 de sikkel handelt: Dat is, de maaier."
        },
        {
          "marker": "43",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "43 laat hen vanwege: Of, zij zullen zich keren, vlieden, enz.; te weten, die uit andere landen gekomen waren, om aldaar [als in een zeer rijk land] te verkeren, of die zij in dienstbaarheid getrokken hadden, of hun te hulp mochten gekomen zijn.",
          "text1637": "Ofte, sy sullen sich keeren-vlieden, etc. T.w. die uyt andere landen gekomen waren, om aldaer (als in een seer rijck lant) te verkeeren, ofte die sy in dienstbaerheyt getrocken hadden, ofte haer te hulpe mochten gekomen zijn.",
          "text2026": "43 laat hen vanwege: Of, zij zullen zich keren, vluchten, enz.; te weten, die uit andere landen gekomen waren, om daar [als in een zeer rijk land] te verkeren, of die zij in dienstbaarheid getrokken hadden, of hun te hulp mochten gekomen zijn."
        },
        {
          "marker": "44",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "44 verdrukkende zwaard: Vergelijk boven Jer. 25:38, en Jer. 46:16, met de aantekening. Jeremia 25:38: Hij heeft, als een jonge leeuw, Zijn hutte verlaten; want hunlieder land is geworden tot een verwoesting, vanwege de hittigheid des verdrukkers, ja, vanwege de hittigheid Zijns toorns. Jeremia 46:16: Hij maakte der struikelenden veel; ja, de een viel op den ander; zodat zij zeiden: Staat op en laat ons wederkeren tot ons volk, en tot het land onzer geboorte, vanwege het verdrukkende zwaard.",
          "text1637": "Vergel. bov. 25.38. ende 46.16. met d’ aenteeck.",
          "text2026": "44 verdrukkende zwaard: Vergelijk boven Jer. 25:38, en Jer. 46:16, met de aantekening. Jeremia 25:38: Hij heeft, als een jonge leeuw, Zijn hutte verlaten; want hunlieder land is geworden tot een verwoesting, vanwege de hitte van de verdrukkers, ja, vanwege de hitte van Zijn toorn. Jeremia 46:16: Hij maakte van de struikelenden veel; ja, de één viel op de ander; zodat zij zeiden: Staat op en laat ons terugkeren tot ons volk, en tot het land onzer geboorte, vanwege het verdrukkende zwaard."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּרְת֤וּ",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "זוֹרֵ֨עַ֙",
          "strongs": "H2232",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וְ/תֹפֵ֥שׂ",
          "strongs": "H8610",
          "morph": "HC/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "מַגָּ֖ל",
          "strongs": "H4038",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֵ֣ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "קָצִ֑יר",
          "strongs": "H7105",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵי֙",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "חֶ֣רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּוֹנָ֔ה",
          "strongs": "H3238",
          "morph": "HTd/Vqrfsa"
        },
        {
          "woord": "אִ֤ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "עַמּ/וֹ֙",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יִפְנ֔וּ",
          "strongs": "H6437",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אִ֥ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/אַרְצ֖/וֹ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יָנֻֽסוּ",
          "strongs": "H5127",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Roeit uit van Babel de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> zaaier, en die, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> de sikkel handelt in de oogsttijd;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> laat hen vanwege het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> verdrukkende zwaard, zich keren, ieder tot zijn volk, en vluchten, ieder naar zijn land.",
      "textSV1888_html": "Roeit uit van Babel den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> zaaier, en dien, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> de sikkel handelt in den oogsttijd;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> laat hen vanwege het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> verdrukkende zwaard, zich keren, een iegelijk tot zijn volk, en vlieden, een iegelijk naar zijn land.",
      "text1637_html": "Roeyt uyt van Babel den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> zaeyer, ende dien die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> den sickel handelt in den oogst-tijt: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> laetse van wegen het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> verdruckende sweert, sich keeren, een yegelijck tot sijn volck, ende vlieden, een yegelijck nae sijn lant.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "dien,",
          "new": "die,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "een iegelijk",
          "new": "ieder",
          "principe": "V5"
        },
        {
          "old": "vlieden, een iegelijk",
          "new": "vluchten, ieder",
          "principe": "V5"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Israël is een verbijsterd lam, dat de leeuwen verjaagd hebben; de eerste, die hem heeft opgegeten, was de koning van Assur, en deze de laatste, Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft hem de beenderen verbrijzeld.",
      "text1637": "Israël is een verbystert lam, [dat] de Leeuwen verjaegt hebben: De eerste, [die] hem heeft [45] opgegeten, was de Coninck van [46] Assur, ende dese de laetste, Nebucadrezar de Coninck van Babel, heeft hem de [47] beenderen verbrijselt.",
      "text2026": "Israël is een verbijsterd lam, dat de leeuwen verjaagd hebben; de eerste, die hem heeft opgegeten, was de koning van Assur, en deze de laatste, Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft hem de beenderen verbrijzeld.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "45",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk boven vers 7. Jeremia 50:7: Allen, die hen vonden, aten hen op, en hun wederpartijders zeiden: Wij zullen geen schuld hebben; daarom dat zij gezondigd hebben tegen den HEERE, in de woning der gerechtigheid, ja, tegen den HEERE, de Verwachting hunner vaderen.",
          "text1637": "Als bov. vers 7.",
          "text2026": "Gelijk boven vers 7. Jeremia 50:7: Allen, die hen vonden, aten hen op, en hun wederpartijders zeiden: Wij zullen geen schuld hebben; daarom dat zij gezondigd hebben tegen JAHWEH, in de woning van de gerechtigheid, ja, tegen JAHWEH, de Verwachting hun vaderen."
        },
        {
          "marker": "46",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, Assyrië, te weten Pul, Tiglath-Pileser en Salmanassar. Zie 2 Kon. 15:19, 15:20, 15:29, en 2 Kon. 16:7, en 2 Kon. 17:3, enz. 2 Koningen 15:19: Toen kwam Pul, de koning van Assyrië, tegen het land; en Menahem gaf aan Pul duizend talenten zilvers, opdat zijn hand met hem zoude zijn, om het koninkrijk in zijn hand te sterken. 2 Koningen 15:20: Menahem nu bracht dit geld op van Israël, van alle geweldigen van vermogen, om den koning van Assyrië te geven, voor elk man vijftig zilveren sikkels; alzo keerde de koning van Assyrië weder, en bleef daar niet in het land. 2 Koningen 15:29: In de dagen Pekah, den koning van Israël, kwam Tiglath-Pilezer, de koning van Assyrië, en nam Ijon in, en Abel-Beth-Maächa, en Janoah, en Kedes, en Hazor, en Gilead, en Galilea, het ganse land van Nafthali; en hij voerde hen weg naar Assyrië. 2 Koningen 16:7: Achaz nu zond boden tot Tiglath-pilezer, den koning van Assyrië, zeggende: Ik ben uw knecht en uw zoon; kom op, en verlos mij uit de hand van den koning van Syrië, en uit de hand van den koning van Israël, die zich tegen mij opmaken. 2 Koningen 17:3: Tegen hem toog op Salmaneser, koning van Assyrië; en Hosea werd zijn knecht, dat hij hem een geschenk gaf.",
          "text1637": "D. Assyrien. T.w. Pul, Tiglath Pileser, ende Salmanassar. Siet 2.Reg. 15.19, 20, 29. ende 16.7. ende 17.3. etc.",
          "text2026": "Dat is, Assyrië, te weten Pul, Tiglath-Pileser en Salmanassar. Zie 2 Kon. 15:19, 15:20, 15:29, en 2 Kon. 16:7, en 2 Kon. 17:3, enz. 2 Koningen 15:19: Toen kwam Pul, de koning van Assyrië, tegen het land; en Menahem gaf aan Pul duizend talenten zilvers, opdat zijn hand met hem zou zijn, om het koninkrijk in zijn hand te sterken. 2 Koningen 15:20: Menahem nu bracht dit geld op van Israël, van alle geweldigen van vermogen, om de koning van Assyrië te geven, voor elk man vijftig zilveren sikkels; zo keerde de koning van Assyrië weer, en bleef daar niet in het land. 2 Koningen 15:29: In de dagen Pekah, de koning van Israël, kwam Tiglath-Pilezer, de koning van Assyrië, en nam Ijon in, en Abel-Beth-Maächa, en Janoah, en Kedes, en Hazor, en Gilead, en Galilea, het gehele land van Nafthali; en hij voerde hen weg naar Assyrië. 2 Koningen 16:7: Achaz nu zond boden tot Tiglath-pilezer, de koning van Assyrië, zeggende: Ik ben uw knecht en uw zoon; kom op, en verlos mij uit de hand van de koning van Syrië, en uit de hand van de koning van Israël, die zich tegen mij opmaken. 2 Koningen 17:3: Tegen hem toog op Salmaneser, koning van Assyrië; en Hosea werd zijn knecht, dat hij hem een geschenk gaf."
        },
        {
          "marker": "47",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "47 beenderen verbrijzeld: Hebreeuws alsof men zeide: Heeft hem gebeenderd; dat is ten uiterste verdorven en machteloos gemaakt.",
          "text1637": "Hebr. als ofmen seyde: heeft hem gebeendert, ofte, ontbeent. dat is ten uyttersten verdorven, ende machteloos gemaeckt.",
          "text2026": "47 beenderen verbrijzeld: Hebreeuws alsof men zei: Heeft hem gebeenderd; dat is ten uiterste verdorven en machteloos gemaakt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שֶׂ֧ה",
          "strongs": "H7716",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "פְזוּרָ֛ה",
          "strongs": "H6340",
          "morph": "HVqsfsa"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֖ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲרָי֣וֹת",
          "strongs": "H738",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הִדִּ֑יחוּ",
          "strongs": "H5080",
          "morph": "HVhp3cp"
        },
        {
          "woord": "הָ/רִאשׁ֤וֹן",
          "strongs": "H7223",
          "morph": "HTd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "אֲכָל/וֹ֙",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HVqp3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מֶ֣לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אַשּׁ֔וּר",
          "strongs": "H804",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/זֶ֤ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HC/Pdxms"
        },
        {
          "woord": "הָ/אַחֲרוֹן֙",
          "strongs": "H314",
          "morph": "HTd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "עִצְּמ֔/וֹ",
          "strongs": "H6105",
          "morph": "HVpp3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְבוּכַדְרֶאצַּ֖ר",
          "strongs": "H5019",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מֶ֥לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Israël is een verbijsterd lam, dat de leeuwen verjaagd hebben; de eerste, die hem heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> opgegeten, was de koning van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Assur, en deze de laatste, Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft hem de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> beenderen verbrijzeld.",
      "textSV1888_html": "Israël is een verbijsterd lam, dat de leeuwen verjaagd hebben; de eerste, die hem heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> opgegeten, was de koning van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Assur, en deze de laatste, Nebukadrezar, de koning van Babel, heeft hem de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> beenderen verbrijzeld.",
      "text1637_html": "Israël is een verbystert lam, [dat] de Leeuwen verjaegt hebben: De eerste, [die] hem heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> opgegeten, was de Coninck van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Assur, ende dese de laetste, Nebucadrezar de Coninck van Babel, heeft hem de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> beenderen verbrijselt."
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Daarom, zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Ziet, Ik zal bezoeking doen over den koning van Babel en over zijn land, gelijk als Ik bezoeking gedaan heb over den koning van Assur.",
      "text1637": "Daerom, soo seyt de HEERE der heyrscharen, de Godt Israëls; Siet ick sal [48] besoeckinge doen over den Coninck van Babel, ende over sijn lant: gelijck als ick besoeckinge gedaen hebbe over den [e] Coninck van Assur.",
      "text2026": "Daarom, zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: Zie, Ik zal bezoeking doen over de koning van Babel en over zijn land, zoals Ik bezoeking gedaan heb over de koning van Assur.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "48",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "48 bezoeking doen: Met straffen; zie Gen. 21:1. Genesis 21:1: En de HEERE bezocht Sara, gelijk als Hij gezegd had; en de HEERE deed aan Sara, gelijk als Hij gesproken had.",
          "text1637": "Met straffen. siet Gen. 21. op vers 1.",
          "text2026": "48 bezoeking doen: Met straffen; zie Gen. 21:1. Genesis 21:1: En JAHWEH bezocht Sara, gelijk als Hij gezegd had; en JAHWEH deed aan Sara, gelijk als Hij gesproken had."
        },
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Kon. 19:35; idem v. 37; Jes. 37:36; idem v. 38. 2 Koningen 19:35: Het geschiedde dan in dienzelven nacht, dat de Engel des HEEREN uitvoer, en sloeg in het leger van Assyrië honderd vijf en tachtig duizend. En toen zij zich des morgens vroeg opmaakten, ziet, die allen waren dode lichamen. 2 Koningen 19:37: Het geschiedde nu, als hij in het huis van Nisroch, zijn god, zich nederboog, dat Adramelech en Sarezer, zijn zonen, hem met het zwaard versloegen; doch zij ontkwamen in het land van Ararat; en Esar-haddon, zijn zoon, werd koning in zijn plaats. Jesaja 37:36: Toen voer de engel des HEEREN uit, en sloeg in het leger van Assyrië honderd vijf en tachtig duizend. En toen zij zich des morgens vroeg opmaakten, ziet, die allen waren dode lichamen. Jesaja 37:38: Het geschiedde nu, als hij in het huis van Nisroch, zijn god, zich nederboog, dat Adramelech en Sarezer, zijn zonen, hem met het zwaard versloegen; doch zij ontkwamen in het land van Ararat; en Esar-haddon, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.",
          "text1637": "2.Reg. 19.35, 37. Ies. 37.36, 38.",
          "text2026": "2 Kon. 19:35; idem v. 37; Jes. 37:36; idem v. 38. 2 Koningen 19:35: Het geschiedde dan in dienzelven nacht, dat de Engel van JAHWEH uitvoer, en sloeg in het leger van Assyrië honderd vijf en tachtig duizend. En toen zij zich van de morgen vroeg opmaakten, ziet, die allen waren dode lichamen. 2 Koningen 19:37: Het geschiedde nu, als hij in het huis van Nisroch, zijn god, zich nederboog, dat Adramelech en Sarezer, zijn zonen, hem met het zwaard versloegen; maar zij ontkwamen in het land van Ararat; en Esar-haddon, zijn zoon, werd koning in zijn plaats. Jesaja 37:36: Toen voer de engel van JAHWEH uit, en sloeg in het leger van Assyrië honderd vijf en tachtig duizend. En toen zij zich van de morgen vroeg opmaakten, ziet, die allen waren dode lichamen. Jesaja 37:38: Het geschiedde nu, als hij in het huis van Nisroch, zijn god, zich nederboog, dat Adramelech en Sarezer, zijn zonen, hem met het zwaard versloegen; maar zij ontkwamen in het land van Ararat; en Esar-haddon, zijn zoon, werd koning in zijn plaats."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֗ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "כֹּֽה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֞ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָאוֹת֙",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֔ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הִנְ/נִ֥י",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "פֹקֵ֛ד",
          "strongs": "H6485",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מֶ֥לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֖ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "אַרְצ֑/וֹ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כַּ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "פָּקַ֖דְתִּי",
          "strongs": "H6485",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מֶ֥לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אַשּֽׁוּר",
          "strongs": "H804",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Daarom, zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: <span class=\"god-speaks\"><i>Zie, Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> bezoeking doen over de koning van Babel en over zijn land, zoals Ik bezoeking gedaan heb over de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> koning van Assur.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Daarom, zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: Ziet, Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> bezoeking doen over den koning van Babel en over zijn land, gelijk als Ik bezoeking gedaan heb over den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> koning van Assur.",
      "text1637_html": "Daerom, soo seyt de HEERE der heyrscharen, de Godt Israëls; Siet ick sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> besoeckinge doen over den Coninck van Babel, ende over sijn lant: gelijck als ick besoeckinge gedaen hebbe over den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Coninck van Assur.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen,",
          "new": "legermachten,",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "Israëls: Ziet,",
          "new": "van Israël: Zie,",
          "principe": "V198"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "gelijk als",
          "new": "zoals",
          "principe": "V804"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "En Ik zal Israël weder tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op den Karmel en op den Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden.",
      "text1637": "Ende ick sal Israël [49] weder tot sijne wooninge brengen, ende hy sal weyden [op] den [50] Carmel ende [op] den [50] Basan: ende sijne ziele sal op het geberchte Ephraims ende Gileads versadigt worden.",
      "text2026": "En Ik zal Israël weer tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op de Karmel en op de Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "49",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "49 weder tot zijn woning brengen: Dit kan men enigszins duiden op het lichamelijke, maar ziet voornamelijk op de geestelijke verzameling tot Gods kerk door den Messias, gelijk boven dikwijls.",
          "text1637": "Dit kanmen eenichsins duyden op het lichamelicke, maer siet principalick op de geestelicke versamelinge tot Godts kercke door den Messiam, als bov. dickwijls.",
          "text2026": "49 weer tot zijn woning brengen: Dit kan men enigszins duiden op het lichamelijke, maar ziet voornamelijk op de geestelijke verzameling tot Gods kerk door de Messias, gelijk boven dikwijls."
        },
        {
          "marker": "50",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "50 op den Karmel en op den Basan: Beide in zeer vette en vruchtbare landouwen gelegen, en daarvan vermaard. Van Basan, zie Deut. 32:14, en Ps. 22:13. Van Karmel, zie 1 Kon. 18:19, en een ander Karmel, 1 Sam. 25:2, enz., alwaar Nabal zijne schapen had, zelfs wordt het woord Karmel ook in het algemeen gebruikt tot betekenis van een vruchtbare landouw. Zie boven Jer. 2:7. Deuteronomium 32:14: Boter van koeien, en melk van klein vee, met het vet der lammeren en der rammen, die in Bazan weiden, en der bokken, met het vette der nieren van tarwe; en het druivenbloed, reinen wijn, hebt gij gedronken. Psalmen 22:13: Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. 1 Koningen 18:19: Nu dan, zend heen, verzamel tot mij het ganse Israël op den berg Karmel, en de vierhonderd en vijftig profeten van Baäl, en de vierhonderd profeten van het bos, die van de tafel van Izebel eten. 1 Samuël 25:2: En er was een man te Maon, en zijn bedrijf was te Karmel; en die man was zeer groot, en hij had drie duizend schapen, en duizend geiten; en hij was in het scheren zijner schapen te Karmel. Jeremia 2:7: En Ik bracht u in een vruchtbaar land, om de vrucht van hetzelve en het goede er van te eten; maar toen gij daarin kwaamt, verontreinigdet gij Mijn land, en steldet Mijn erfenis tot een gruwel.",
          "text1637": "Beyde in seer vette ende vruchtbare landouwen gelegen, ende daer van vermaert. van Basan siet Deut. 32. op vers 14. ende Psal. 22. op vers 13. van Carmel siet 1.Reg. 18. op vers 19. ende een ander Carmel. 2.Sam. 25.7, etc. alwaer Nabal sijne schapen hadde: selfs wort het woort Carmel oock in’t gemeyn gebruyckt tot beteeckeninge van eene vruchtbare landouwe. Siet bov. 2. op vers 7.",
          "text2026": "50 op de Karmel en op de Basan: Beide in zeer vette en vruchtbare akkers gelegen, en daarvan vermaard. Van Basan, zie Deut. 32:14, en Ps. 22:13. Van Karmel, zie 1 Kon. 18:19, en een ander Karmel, 1 Sam. 25:2, enz., alwaar Nabal zijn schapen had, zelfs wordt het woord Karmel ook in het algemeen gebruikt tot betekenis van een vruchtbare landouw. Zie boven Jer. 2:7. Deuteronomium 32:14: Boter van koeien, en melk van klein vee, met het vet van de lammeren en van de rammen, die in Bazan weiden, en van de bokken, met het vette van de nieren van tarwe; en het druivenbloed, reinen wijn, hebt u gedronken. Psalmen 22:13: Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. 1 Koningen 18:19: Nu dan, zend heen, verzamel tot mij het gehele Israël op de berg Karmel, en de vierhonderd en vijftig profeten van Baäl, en de vierhonderd profeten van het bos, die van de tafel van Izebel eten. 1 Samuël 25:2: En er was een man te Maon, en zijn bedrijf was te Karmel; en die man was zeer groot, en hij had drie duizend schapen, en duizend geiten; en hij was in het scheren zijn schapen te Karmel. Jeremia 2:7: En Ik bracht u in een vruchtbaar land, om de vrucht van hetzelfde en het goede er van te eten; maar toen u daarin kwaamt, verontreinigde u Mijn land, en stelde Mijn erfenis tot een gruwel."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/שֹׁבַבְתִּ֤י",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HC/Voq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵל֙",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "נָוֵ֔/הוּ",
          "strongs": "H5116",
          "morph": "HNcbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/רָעָ֥ה",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "הַ/כַּרְמֶ֖ל",
          "strongs": "H3760",
          "morph": "HTd/Np"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/בָּשָׁ֑ן",
          "strongs": "H1316",
          "morph": "HC/Td/Np"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְ/הַ֥ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HC/R/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֶפְרַ֛יִם",
          "strongs": "H669",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/גִּלְעָ֖ד",
          "strongs": "H1568",
          "morph": "HC/Td/Np"
        },
        {
          "woord": "תִּשְׂבַּ֥ע",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "נַפְשֽׁ/וֹ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En Ik zal Israël<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> weer tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Karmel en op de Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En Ik zal Israël<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> weder tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Karmel en op den Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden.",
      "text1637_html": "Ende ick sal Israël <sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> weder tot sijne wooninge brengen, ende hy sal weyden [op] den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Carmel ende [op] den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Basan: ende sijne ziele sal op het geberchte Ephraims ende Gileads versadigt worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "weder",
          "new": "weer",
          "principe": "V66"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "In die dagen en te dier tijd, spreekt de HEERE, zal Israëls ongerechtigheid gezocht worden, maar zij zal er niet zijn, en de zonden van Juda, maar zullen niet gevonden worden; want Ik zal ze dengenen vergeven, die Ik zal doen overblijven.",
      "text1637": "In die dagen ende te dier tijt, spreeckt de HEERE, sal Israëls ongerechticheyt [51] gesocht worden, maer sy en salder niet zijn; ende de sonden van Iuda, maer en sullen niet gevonden worden: want ick salse den genen vergeven, dien ick sal doen [52] overblijven.",
      "text2026": "In die dagen en in die tijd, spreekt JAHWEH, zal Israëls ongerechtigheid gezocht worden, maar zij zal er niet zijn, en de zonden van Juda, maar zullen niet gevonden worden; want Ik zal ze van hen vergeven, die Ik zal doen overblijven.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "51",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "51 gezocht worden: De Heere wil zeggen dat Hij volkomenlijk met zijn volk zal verzoend zijn door den Messias Jezus Christus. Vergelijk boven jer. 31:34, en Jer. 33:8, enz. Jeremia 33:8: En Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, met dewelke zij tegen Mij gezondigd hebben; en Ik zal vergeven al hun ongerechtigheden, met dewelke zij tegen Mij gezondigd en met dewelke zij tegen Mij overtreden hebben.",
          "text1637": "De Heere wil seggen, dat hy volkomelick met sijn volck sal versoent zijn door den Messiam Iesum Christum. Vergel. bov. 31.34. ende 33.8, etc.",
          "text2026": "51 gezocht worden: De Heer wil zeggen dat Hij volkomenlijk met zijn volk zal verzoend zijn door de Messias Jezus Christus. Vergelijk boven jer. 31:34, en Jer. 33:8, enz. Jeremia 33:8: En Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, met die zij tegen Mij gezondigd hebben; en Ik zal vergeven al hun ongerechtigheden, met die zij tegen Mij gezondigd en met die zij tegen Mij overtreden hebben."
        },
        {
          "marker": "52",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vergelijk Jes. 10:22; Rom. 9:27, 9:28, 9:29. Jesaja 10:22: Want ofschoon uw volk, o Israël! is gelijk het zand der zee, zo zal toch maar het overblijfsel daarvan wederkeren; de verdelging is vastelijk besloten, overvloeiende met gerechtigheid. Romeinen 9:27: En Jesaja roept over Israël: Al ware het getal der kinderen Israëls gelijk het zand der zee, zo zal het overblijfsel behouden worden. Romeinen 9:28: Want Hij voleindt een zaak en snijdt ze af in rechtvaardigheid; want de Heere zal een afgesneden zaak doen op de aarde. Romeinen 9:29: En gelijk Jesaja te voren gezegd heeft: Indien de Heere Sebaoth ons geen zaad had overgelaten, zo waren wij als Sodom geworden, en Gomorra gelijk gemaakt geweest.",
          "text1637": "Vergel. Ies. 10.22. Rom. 9.27, 28, 29.",
          "text2026": "Vergelijk Jes. 10:22; Rom. 9:27, 9:28, 9:29. Jesaja 10:22: Want ofschoon uw volk, o Israël! is gelijk het zand van de zee, zo zal toch maar het overblijfsel daarvan terugkeren; de verdelging is vastelijk besloten, overvloeiende met gerechtigheid. Romeinen 9:27: En Jesaja roept over Israël: Al ware het getal van de kinderen van Israël gelijk het zand van de zee, zo zal het overblijfsel behouden worden. Romeinen 9:28: Want Hij voltooit een zaak en snijdt ze af in rechtvaardigheid; want de Heer zal een afgesneden zaak doen op de aarde. Romeinen 9:29: En gelijk Jesaja te voren gezegd heeft: Als de Heer Sebaoth ons geen zaad had overgelaten, zo waren wij als Sodom geworden, en Gomorra gelijk gemaakt geweest."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ/יָּמִ֣ים",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/הֵם֩",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HTd/Pp3mp"
        },
        {
          "woord": "וּ/בָ/עֵ֨ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HC/Rd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/הִ֜יא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3fs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יְבֻקַּ֞שׁ",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HVPi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "עֲוֺ֤ן",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵל֙",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵינֶ֔/נּוּ",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HC/Tn/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "חַטֹּ֥את",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֖ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תִמָּצֶ֑אינָה",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVNi3fp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶסְלַ֖ח",
          "strongs": "H5545",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לַ/אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "אַשְׁאִֽיר",
          "strongs": "H7604",
          "morph": "HVhi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>In die dagen en in die tijd, spreekt JAHWEH, zal Israëls ongerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> gezocht worden, maar zij zal er niet zijn, en de zonden van Juda, maar zullen niet gevonden worden; want Ik zal ze van hen vergeven, die Ik zal doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> overblijven.</i></span>",
      "textSV1888_html": "In die dagen en te dier tijd, spreekt de HEERE, zal Israëls ongerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> gezocht worden, maar zij zal er niet zijn, en de zonden van Juda, maar zullen niet gevonden worden; want Ik zal ze dengenen vergeven, die Ik zal doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> overblijven.",
      "text1637_html": "In die dagen en<i>de</i> te dier tijt, spreeckt de HEERE, sal Israëls ongerechticheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> gesocht worden, maer sy en salder niet zijn; ende de sonden van Iuda, maer en sullen niet gevonden worden: want ick salse den genen vergeven, dien ick sal doen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> overblijven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "te dier",
          "new": "in die",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "dengenen",
          "new": "van hen",
          "principe": "V397"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Tegen het land Merathaim, trek tegen hetzelve op, en tegen de inwoners van Pekod; verwoest en verban achter hen, spreekt de HEERE, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb.",
      "text1637": "[53] Tegen het lant [54] Merathaim, treckt tegen ’t selve op; ende tegen de inwoonders van [55] Pekod: Verwoest ende [56] verbannet achter hen, spreeckt de HEERE; Ende doet nae alles dat ick u geboden hebbe.",
      "text2026": "Tegen het land Merathaim, trek daartegen op, en tegen de inwoners van Pekod; verwoest en verban achter hen, spreekt JAHWEH, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "53",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gods bevel aan den koning Cyrus, van zijn optocht tegen Babel. Vergelijk Jes. 45:1, enz. Jesaja 45:1: Alzo zegt de HEERE tot Zijn gezalfde, tot Cores, wiens rechterhand Ik vat, om de volken voor zijn aangezicht neder te werpen; en Ik zal de lendenen der koningen ontbinden, om voor zijn aangezicht de deuren te openen, en de poorten zullen niet gesloten worden:",
          "text1637": "Godts bevel aen den Coninck Cyrum, van sijn optocht tegen Babel. Vergel. Iesa. 45.1, etc.",
          "text2026": "Gods bevel aan de koning Cyrus, van zijn optocht tegen Babel. Vergelijk Jes. 45:1, enz. Jesaja 45:1: Zo zegt JAHWEH tot Zijn gezalfde, tot Cores, wiens rechterhand Ik vat, om de volken voor zijn aangezicht neder te werpen; en Ik zal de lendenen van de koningen ontbinden, om voor zijn aangezicht de deuren te openen, en de poorten zullen niet gesloten worden:"
        },
        {
          "marker": "54",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dit vertalen velen: land der rebellieën, of rebellen, te weten der Babyloniërs, die wederspannig en bitter tegen God en zijn volk geweest waren. Zie vers 24, 50:29, of de twee rebellen, te weten Assyriërs en Babyloniërs. Anderen houden het voor een eigennaam van zeker land in Assyrië, waar een zeker volk, Mardi genoemd, gewoond heeft, en verstaande dat God hier den koning Cyrus last en bevel geeft, dat hij door Merathaïm en Pekod zal optrekken, en al wat achter deze landen gelegen was verwoesten. Jeremia 50:24: Ik heb u een strik gesteld, dies zijt gij ook gevangen, o Babel! dat gij het niet wist; gij zijt gevonden, en ook gegrepen, omdat gij u tegen den HEERE in strijd gemengd hebt. Jeremia 50:29: Laat u horen tegen Babel, gij schutters! gij allen, die den boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen den HEERE, tegen den Heilige Israëls.",
          "text1637": "Dit vertalen vele, lant der rebellyen, ofte, rebellen, T.w. der Babyloniers, die wederspannich ende bitter tegen Godt ende sijn volck geweest waren, siet vers 24, 29. ofte, der twee rebellen, T.w. Assyriers ende Babyloniers. Andere houden ’t voor een eygen naem van seker lant in Assyrien, alwaer een seker volck Mardi genoemt, gewoont hebben, ende verstaende, dat Godt hier den Coninck Cyro last ende instructie geeft, dat hy door Merathaim ende Pekod sal optrecken, ende al wat achter dese landen gelegen was verwoesten.",
          "text2026": "Dit vertalen velen: land van de rebellieën, of rebellen, te weten van de Babyloniërs, die opstandig en bitter tegen God en zijn volk geweest waren. Zie vers 24, 50:29, of de twee rebellen, te weten Assyriërs en Babyloniërs. Anderen houden het voor een eigennaam van zeker land in Assyrië, waar een zeker volk, Mardi genoemd, gewoond heeft, en verstaande dat God hier de koning Cyrus last en bevel geeft, dat hij door Merathaïm en Pekod zal optrekken, en al wat achter deze landen gelegen was verwoesten. Jeremia 50:24: Ik heb u een strik gesteld, daarom bent u ook gevangen, o Babel! dat u het niet wist; u bent gevonden, en ook gegrepen, omdat u u tegen JAHWEH in strijd gemengd hebt. Jeremia 50:29: Laat u horen tegen Babel, u schutters! u allen, die de boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen JAHWEH, tegen de Heilige van Israël."
        },
        {
          "marker": "55",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ezech. 23:23, waar aan dit landschap ook gedacht wordt. Ezechiël 23:23: De kinderen van Babel en alle Chaldeeën, Pekod, en Soa, en Koa, en alle kinderen van Assur met hen; gewenste jongelingen, die allen vorsten en overheden zijn, hoofdmannen en vermaarde lieden, die allen te paard rijden.",
          "text1637": "Siet Ezech. 23.23. alwaer deses lantschaps oock gedacht wort.",
          "text2026": "Zie Ez. 23:23, waar aan dit landschap ook gedacht wordt. Ezechiël 23:23: De kinderen van Babel en alle Chaldeeën, Pekod, en Soa, en Koa, en alle kinderen van Assur met hen; gewenste jongelingen, die alle vorsten en overheden zijn, hoofdmannen en vermaarde mensen, die allen te paard rijden."
        },
        {
          "marker": "56",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "56 verban achter hen: Zie Deut. 2:34, alzo onder vers 26. Deuteronomium 2:34: En wij namen te dier tijd al zijn steden in, en wij verbanden alle steden, mannen, en vrouwen, en kinderkens; wij lieten niemand overblijven. Jeremia 50:26: Komt aan tegen haar van het uiterste, opent haar schuren, vertreedt haar als korenhopen, en verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben.",
          "text1637": "Siet Deut. 2. op vers 34. alsoo ond. vers 26.",
          "text2026": "56 verban achter hen: Zie Deut. 2:34, zo onder vers 26. Deuteronomium 2:34: En wij namen in die tijd al zijn steden in, en wij verbanden alle steden, mannen, en vrouwen, en kinderen; wij lieten niemand overblijven. Jeremia 50:26: Komt aan tegen haar van het uiterste, opent haar schuren, vertreedt haar als korenhopen, en verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֤רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "מְרָתַ֨יִם֙",
          "strongs": "H4850",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵ֣ה",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֔י/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "יוֹשְׁבֵ֖י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "פְּק֑וֹד",
          "strongs": "H6489",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "חֲרֹ֨ב",
          "strongs": "H2717",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַחֲרֵ֤ם",
          "strongs": "H2763",
          "morph": "HC/Vhv2ms"
        },
        {
          "woord": "אַֽחֲרֵי/הֶם֙",
          "strongs": "H310",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲשֵׂ֕ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HC/Vqv2ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כֹ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "צִוִּיתִֽי/ךָ",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HVpp1cs/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Tegen het land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> Merathaim, trek daartegen op, en tegen de inwoners van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> Pekod; verwoest en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> verban achter hen, spreekt JAHWEH, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> Tegen het land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> Merathaim, trek tegen hetzelve op, en tegen de inwoners van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> Pekod; verwoest en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> verban achter hen, spreekt de HEERE, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> Tegen het lant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> Merathaim, treckt tegen ’t selve op; ende tegen de inwoonders van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> Pekod: Verwoest ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> verbannet achter hen, spreeckt de HEERE; Ende doet nae alles dat ick u geboden hebbe.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "tegen hetzelve",
          "new": "daartegen",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Er is een krijgsgeschrei in het land, en een grote breuk.",
      "text1637": "Daer is een krijchs-geschrey in den lande: ende een groote [57] breucke.",
      "text2026": "Er is een oorlogsgeschreeuw in het land, en een grote breuk.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "57",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 4:6. Jeremia 4:6: Werpt de banier op naar Sion, vlucht met hopen, blijft niet staan! want Ik breng een kwaad aan van het noorden, en een grote breuk.",
          "text1637": "Siet bov. 4. op vers 6.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 4:6. Jeremia 4:6: Werpt de banier op naar Sion, vlucht met hopen, blijft niet staan! want Ik breng een kwaad aan van het noorden, en een grote breuk."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ק֥וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מִלְחָמָ֖ה",
          "strongs": "H4421",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אָ֑רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/שֶׁ֖בֶר",
          "strongs": "H7667",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "גָּדֽוֹל",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Er is een oorlogsgeschreeuw in het land, en een grote<sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> breuk.",
      "textSV1888_html": "Er is een krijgsgeschrei in het land, en een grote<sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> breuk.",
      "text1637_html": "Daer is een krijchs-geschrey in den lande: ende een groote <sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> breucke.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "krijgsgeschrei",
          "new": "oorlogsgeschreeuw",
          "principe": "V1052"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Hoe is de hamer der ganse aarde zo afgehouwen en verbroken! Hoe is Babel geworden tot een ontzetting onder de heidenen.",
      "text1637": "[58] Hoe is den [59] hamer der gantscher aerde [soo] afgehouwen ende verbroken? hoe is Babel geworden tot eene [60] ontsettinge, onder de heydenen?",
      "text2026": "Hoe is de hamer van de hele aarde zo afgehouwen en verbroken! Hoe is Babel geworden tot een ontzetting onder de heidenen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "58",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "58 Hoe is: Ene vraag, die uit verwondering voortkomt, gelijk onder Jer. 51:41. Jeremia 51:41: Hoe is Sesach zo veroverd, en de roem der ganse aarde ingenomen! Hoe is Babel geworden tot een ontzetting onder de heidenen!",
          "text1637": "Eene vrage, die uyt verwonderinge voortkomt: als ond. 51.41.",
          "text2026": "58 Hoe is: Ene vraag, die uit verwondering voortkomt, gelijk onder Jer. 51:41. Jeremia 51:41: Hoe is Sesach zo veroverd, en de roem van de gehele aarde ingenomen! Hoe is Babel geworden tot een ontzetting onder de heidenen!"
        },
        {
          "marker": "59",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "59 hamer der ganse aarde: De Babyloniër, door wien God zijne oordelen over vele volken had uitgevoerd, die Hij door hem, als met een hamer, geslagen en verpletterd heeft. Vergelijk onder Jer. 51:20, en boven Jer. 25:9; Jes. 41:7. Jeremia 51:20: Gij zijt Mij een voorhamer, en krijgswapenen; en door u zal Ik volken in stukken slaan, en door u zal Ik koninkrijken verderven. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt de HEERE; en tot Nebukadnezar, den koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelve, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden. Jesaja 41:7: En de werkmeester versterkte den goudsmid; die met den hamer glad maakt, dien, die op het aambeeld slaat, zeggende van het soldeersel: Het is goed; daarna maakt hij het vast met nagelen, dat het niet wankele.",
          "text1637": "De Babylonier, door welcken Godt sijne oordeelen over vele volcken hadde uytgevoert, die hy door hem, als met eenen hamer, geslagen ende verplettert heeft. Vergel. onder 51.20. ende bov. 25. op vers 9. Ies. 41.7.",
          "text2026": "59 hamer van de gehele aarde: De Babyloniër, door wie God zijn oordelen over vele volken had uitgevoerd, die Hij door hem, als met een hamer, geslagen en verpletterd heeft. Vergelijk onder Jer. 51:20, en boven Jer. 25:9; Jes. 41:7. Jeremia 51:20: U bent Mij een voorhamer, en krijgswapenen; en door u zal Ik volken in stukken slaan, en door u zal Ik koninkrijken verderven. Jeremia 25:9: Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt JAHWEH; en tot Nebukadnezar, de koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners van hetzelfde, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden. Jesaja 41:7: En de werkmeester versterkte de goudsmid; die met de hamer glad maakt, die, die op het aambeeld slaat, zeggende van het soldeersel: Het is goed; daarna maakt hij het vast met nagelen, dat het niet wankele."
        },
        {
          "marker": "60",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "60 ontzetting onder de heidenen: Of, verwoesting.",
          "text1637": "Ofte, verwoestinge.",
          "text2026": "60 ontzetting onder de heidenen: Of, verwoesting."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֵ֤יךְ",
          "strongs": "H349",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "נִגְדַּע֙",
          "strongs": "H1438",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּשָּׁבֵ֔ר",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HC/VNw3ms"
        },
        {
          "woord": "פַּטִּ֖ישׁ",
          "strongs": "H6360",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֑רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אֵ֣יךְ",
          "strongs": "H349",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "הָיְתָ֧ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ/שַׁמָּ֛ה",
          "strongs": "H8047",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֖ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בַּ/גּוֹיִֽם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> Hoe is de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> hamer van de hele aarde zo afgehouwen en verbroken! Hoe is Babel geworden tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> ontzetting onder de heidenen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> Hoe is de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> hamer der ganse aarde zo afgehouwen en verbroken! Hoe is Babel geworden tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> ontzetting onder de heidenen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> Hoe is den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> hamer der gantscher aerde [soo] afgehouwen ende verbroken? hoe is Babel geworden tot eene <sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> ontsettinge, onder de heydenen?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der ganse",
          "new": "van de hele",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Ik heb u een strik gesteld, dies zijt gij ook gevangen, o Babel! dat gij het niet wist; gij zijt gevonden, en ook gegrepen, omdat gij u tegen den HEERE in strijd gemengd hebt.",
      "text1637": "[61] Ick heb u een strick gestelt, dies zijt ghy oock [62] gevangen, ô Babel, [63] dat ghy ’t niet en wistet: ghy zijt [64] gevonden, ende oock gegrepen, om dat ghy u tegen den HEERE [65] [in strijt] gemengt hebt.",
      "text2026": "Ik heb u een strik gesteld, daarom bent u ook gevangen, o Babel! dat u het niet wist; u bent gevonden, en ook gegrepen, omdat u zich tegen JAHWEH in strijd gemengd hebt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "61",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "61 Ik heb u een strik gesteld: Dit is Gods antwoord op de voorgaande vraag, die voortkwam uit verwondering over ene zaak, die den mensen onmogelijk scheen te zijn.",
          "text1637": "Dit is Godts antwoort op de voorgaende vrage, die voortquam uyt verwonderinge over eene sake, die den menschen scheen onmogelick te zijn.",
          "text2026": "61 Ik heb u een strik gesteld: Dit is Gods antwoord op de voorgaande vraag, die voortkwam uit verwondering over ene zaak, die de mensen onmogelijk scheen te zijn."
        },
        {
          "marker": "62",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "62 gevangen, o Babel: Als een groot wild.",
          "text1637": "Als een groot wilt.",
          "text2026": "62 gevangen, o Babel: Als een groot wild."
        },
        {
          "marker": "63",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "63 dat gij het niet wist: Dit is onvoorziens, zonder dat gij het dacht of verwachttet, want Cyrus, de rivier de Eufraat afgeleid hebbende over het droge, is onvoorziens in de stad gevallen, bij nacht. Vergelijk onder vers 38; Dan. 5:30. Jeremia 50:38: Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land van gesneden beelden, en zij razen naar de schrikkelijke afgoden. Daniël 5:30: In dienzelfden nacht, werd Belsazar, der Chaldeeën koning, gedood.",
          "text1637": "D. onvoorsiens, sonder dat ghy ’t dachtet ofte verwachtet: want Cyrus, de riviere Euphrates afgeleydt hebbende, over het drooge onvoorsiens in de stadt is gevallen, by nachte. Vergel. ond. vers 38. Dan. 5.30, 31.",
          "text2026": "63 dat u het niet wist: Dit is onvoorziens, zonder dat u het dacht of verwachttet, want Cyrus, de rivier de Eufraat afgeleid hebbende over het droge, is onvoorziens in de stad gevallen, bij nacht. Vergelijk onder vers 38; Dan. 5:30. Jeremia 50:38: Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land van gesneden beelden, en zij razen naar de schrikkelijke afgoden. Daniël 5:30: In dienzelfden nacht, werd Belsazar, van de Chaldeeën koning, gedood."
        },
        {
          "marker": "64",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, betrapt, achterhaald; vergelijk boven Jer. 2:26. Jeremia 2:26: Gelijk een dief beschaamd wordt, wanneer hij gevonden wordt, alzo zijn die van het huis Israëls beschaamd; zij, hun koningen, hun vorsten, en hun priesters, en hun profeten;",
          "text1637": "D. betrapt, achterhaelt. Vergel. bov. 2.26.",
          "text2026": "Dat is, betrapt, achterhaald; vergelijk boven Jer. 2:26. Jeremia 2:26: Gelijk een dief beschaamd wordt, wanneer hij gevonden wordt, zo zijn die van het huis van Israël beschaamd; zij, hun koningen, hun vorsten, en hun priesters, en hun profeten;"
        },
        {
          "marker": "65",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "65 in strijd gemengd hebt: Dat is, tegen God gestreden hebt, wiens volk gij geplaagd hebt. De manier van spreken wordt alzo vol gevonden Deut. 2:9, 2:24, enz. Deuteronomium 2:9: Toen sprak de HEERE tot mij: Beangstig Moab niet, en meng u niet met hen in den strijd; want Ik zal u geen erfenis van hun land geven, dewijl Ik aan Lots kinderen Ar ter erfenis gegeven heb. Deuteronomium 2:24: Maakt u op, reist heen, en gaat over de beek Arnon; ziet, Ik heb Sihon, den koning van Hesbon, den Amoriet, en zijn land, in uw hand gegeven; begint te erven, en mengt u met hen in den strijd.",
          "text1637": "D. tegen Godt gestreden hebt, wiens volck ghy geplaegt hebt. de maniere van spreken wort alsoo vol gevonden Deut. 2.9, 24, etc.",
          "text2026": "65 in strijd gemengd hebt: Dat is, tegen God gestreden hebt, wiens volk u geplaagd hebt. De manier van spreken wordt zo vol gevonden Deut. 2:9, 2:24, enz. Deuteronomium 2:9: Toen sprak JAHWEH tot mij: Verschrik Moab niet, en meng u niet met hen in de strijd; want Ik zal u geen erfenis van hun land geven, omdat Ik aan Lots kinderen Ar ter erfenis gegeven heb. Deuteronomium 2:24: Maakt u op, reist heen, en gaat over de beek Arnon; ziet, Ik heb Sihon, de koning van Hesbon, de Amoriet, en zijn land, in uw hand gegeven; begint te erven, en mengt u met hen in de strijd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָקֹ֨שְׁתִּי",
          "strongs": "H3369",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "לָ֤/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/גַם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HC/Ta"
        },
        {
          "woord": "נִלְכַּדְתְּ֙",
          "strongs": "H3920",
          "morph": "HVNp2fs"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַ֖תְּ",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2fs"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יָדָ֑עַתְּ",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqp2fs"
        },
        {
          "woord": "נִמְצֵאת֙",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVNp2fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/גַם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HC/Ta"
        },
        {
          "woord": "נִתְפַּ֔שְׂתְּ",
          "strongs": "H8610",
          "morph": "HVNp2fs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בַֽ/יהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "הִתְגָּרִֽית",
          "strongs": "H1624",
          "morph": "HVtp2fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Ik heb u een strik gesteld, daarom bent u ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> gevangen, o Babel!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup> dat u het niet wist; u bent<sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup> gevonden, en ook gegrepen, omdat u zich tegen JAHWEH in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> strijd gemengd hebt.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup> Ik heb u een strik gesteld, dies zijt gij ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> gevangen, o Babel!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup> dat gij het niet wist; gij zijt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup> gevonden, en ook gegrepen, omdat gij u tegen den HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> in strijd gemengd hebt.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup> Ick heb u een strick gestelt, dies zijt ghy oock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> gevangen, ô Babel, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup> dat ghy ’t niet en wistet: ghy zijt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup> gevonden, ende oock gegrepen, om dat ghy u tegen de<i>n</i> HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> [in strijt] gemengt hebt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dies zijt gij",
          "new": "daarom bent u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij zijt",
          "new": "u bent",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "",
          "new": "zich",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 25,
      "textSV1888": "De HEERE heeft Zijn schatkamer opengedaan, en de instrumenten Zijner gramschap voortgebracht; want dat is een werk van den Heere, den HEERE der heirscharen, in het land der Chaldeeën.",
      "text1637": "De HEERE heeft sijn [66] schatkamer opgedaen, ende de [67] instrumenten sijner gramschap voortgebracht: want dat is een [68] werck des Heeren, des HEEREN der heyrscharen, in den lande der Chaldeen.",
      "text2026": "JAHWEH heeft Zijn schatkamer opengedaan, en de instrumenten van Zijn toorn voortgebracht; want dat is een werk van de Heere, JAHWEH van de legermachten, in het land van de Chaldeeën.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "66",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, wapenhuis.",
          "text1637": "D. wapenhuys.",
          "text2026": "Dat is, wapenhuis."
        },
        {
          "marker": "67",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, wapenen, die Hij gebruiken zal tot uitvoering van zijn rechtvaardig en verschrikkelijk oordeel over Babel; alzo Jes. 13:5; vergelijk Ps. 7:13, 7:14, enz. Jesaja 13:5: Zij komen uit verren lande, van het einde des hemels; de HEERE en de instrumenten Zijner gramschap, om dat ganse land te verderven. Psalmen 7:13: Indien hij zich niet bekeert, zo zal Hij Zijn zwaard wetten; Hij heeft Zijn boog gespannen, en dien bereid. Psalmen 7:14: En heeft dodelijke wapenen voor hem gereed gemaakt; Hij zal Zijn pijlen tegen de hittige vervolgers te werk stellen.",
          "text1637": "D. wapenen, die hy gebruycken sal tot uytvoeringe sijns rechtveerdigen ende schricklicken oordeels over Babel: alsoo Ies. 13.5. Vergel. Psal. 7.13, 14, etc.",
          "text2026": "Dat is, wapenen, die Hij gebruiken zal tot uitvoering van zijn rechtvaardig en verschrikkelijk oordeel over Babel; zo Jes. 13:5; vergelijk Ps. 7:13, 7:14, enz. Jesaja 13:5: Zij komen uit ver land, van het einde van de hemel; JAHWEH en de instrumenten Zijn toorn, om dat gehele land te verderven. Psalmen 7:13: Als hij zich niet bekeert, zo zal Hij Zijn zwaard wetten; Hij heeft Zijn boog gespannen, en die bereid. Psalmen 7:14: En heeft dodelijke wapenen voor hem gereed gemaakt; Hij zal Zijn pijlen tegen de hittige vervolgers te werk stellen."
        },
        {
          "marker": "68",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "68 werk van den HEERE: Gelijk boven Jer. 48:10. Jeremia 48:10: Vervloekt zij, die des HEEREN werk bedriegelijk doet; ja, vervloekt zij, die zijn zwaard van het bloed onthoudt!",
          "text1637": "Als bov. 48.10.",
          "text2026": "68 werk van JAHWEH: Gelijk boven Jer. 48:10. Jeremia 48:10: Vervloekt zij, die van JAHWEH werk bedriegelijk doet; ja, vervloekt zij, die zijn zwaard van het bloed onthoudt!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פָּתַ֤ח",
          "strongs": "H6605",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "א֣וֹצָר֔/וֹ",
          "strongs": "H214",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יּוֹצֵ֖א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כְּלֵ֣י",
          "strongs": "H3627",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "זַעְמ֑/וֹ",
          "strongs": "H2195",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "מְלָאכָ֣ה",
          "strongs": "H4399",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "הִ֗יא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3fs"
        },
        {
          "woord": "לַֽ/אדֹנָ֧/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִ֛ה",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֖וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֥רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּֽים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH heeft Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> schatkamer opengedaan, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> instrumenten van Zijn toorn voortgebracht; want dat is een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> werk van de Heere, JAHWEH van de legermachten, in het land van de Chaldeeën.",
      "textSV1888_html": "De HEERE heeft Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> schatkamer opengedaan, en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> instrumenten Zijner gramschap voortgebracht; want dat is een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> werk van den Heere, den HEERE der heirscharen, in het land der Chaldeeën.",
      "text1637_html": "De HEERE heeft sijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> schatkamer opgedaen, ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> instrumenten sijner gramschap voortgebracht: want dat is een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> werck des Heeren, des HEEREN der heyrscharen, in den lande der Chaldeen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Zijner gramschap",
          "new": "van Zijn toorn",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE der heirscharen,",
          "new": "JAHWEH van de legermachten,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 26,
      "textSV1888": "Komt aan tegen haar van het uiterste, opent haar schuren, vertreedt haar als korenhopen, en verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben.",
      "text1637": "Komet aen tegen [69] haer van ’t [70] uyterste, opent hare schueren, [71] vertredet haer als koorn-hoopen, ende [72] verbannetse: En laetse geen overblijfsel hebben.",
      "text2026": "Kom aan tegen haar van het uiterste, opent haar schuren, vertreedt haar als korenhopen, en verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "69",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Namelijk Babel, of tegen het, te weten land der Chaldeën, alzo in het volgende.",
          "text1637": "N. Babel, ofte, tegen het, te weten, lant der Chaldeen, alsoo in ’t volgende.",
          "text2026": "Namelijk Babel, of tegen het, te weten land van de Chaldeën, zo in het volgende."
        },
        {
          "marker": "70",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Der aarde, of des lands, alzo dat gij van het einde af begint. Anders: van dat, of tegen dat [hun] einde voorhanden is, of vanwege het einde. Men kan dit ook vergelijken met onder Jer. 51:31. Jeremia 51:31: De loper zal den loper tegemoet lopen, en de kondschapper den kondschapper tegemoet, om den koning van Babel bekend te maken, dat zijn stad van het einde is ingenomen;",
          "text1637": "Der aerde: ofte, des lants, alsoo dat ghy van het eynde af begint. and. van dat, ofte, tegen dat [haer] eynde voor handen is, ofte, van wegen het eynde, men kan dit oock vergelijcken met ond. 51.31.",
          "text2026": "Van de aarde, of van het land, zo dat u van het einde af begint. Anders: van dat, of tegen dat [hun] einde voorhanden is, of vanwege het einde. Men kan dit ook vergelijken met onder Jer. 51:31. Jeremia 51:31: De loper zal de loper tegemoet lopen, en de kondschapper de kondschapper tegemoet, om de koning van Babel bekend te maken, dat zijn stad van het einde is ingenomen;"
        },
        {
          "marker": "71",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "71 vertreedt haar als korenhopen: Gelijk de dorsende ossen het koren treden; vergelijk Jes. 21:10, en onder Jer. 51:33. Anders: werpt hen op als hopen; dat is, maakt grote hopen der verslagenen; of werpt alles overhoop, maakt ze tot enkel opgeworpen hopen. Jesaja 21:10: O mijn dorsing, en de tarwe mijns dorsvloers! wat ik gehoord heb van den HEERE der heirscharen, den God Israëls, dat heb ik ulieden aangezegd. Jeremia 51:33: Want zo zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls: De dochter van Babel is als een dorsvloer, het is tijd, dat men ze trede; nog een weinig, dan zal haar de tijd des oogstes overkomen.",
          "text1637": "Gelijck de dorschende ossen het koorn treden. Vergel. Ies. 21.10. ende ond. 51.33. and. werptse op als hoopen. dat is, maeckt groote hoopen der verslagenen, ofte, werpt alles overhoop, maecktse tot enckel opgeworpene hoopen.",
          "text2026": "71 vertreedt haar als korenhopen: Gelijk de dorsende ossen het koren treden; vergelijk Jes. 21:10, en onder Jer. 51:33. Anders: werpt hen op als hopen; dat is, maakt grote hopen van de verslagenen; of werpt alles overhoop, maakt ze tot enkel opgeworpen hopen. Jesaja 21:10: O mijn dorsing, en de tarwe mijn dorsvloers! wat ik gehoord heb van JAHWEH van de legermachten, de God van Israël, dat heb ik u aangezegd. Jeremia 51:33: Want zo zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël: De dochter van Babel is als een dorsvloer, het is tijd, dat men ze trede; nog een weinig, dan zal haar de tijd van de oogst overkomen."
        },
        {
          "marker": "72",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "72 verbant ze: Gelijk boven vers 21. Jeremia 50:21: Tegen het land Merathaim, trek tegen hetzelve op, en tegen de inwoners van Pekod; verwoest en verban achter hen, spreekt de HEERE, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb.",
          "text1637": "Als bov. vers 21.",
          "text2026": "72 verbant ze: Gelijk boven vers 21. Jeremia 50:21: Tegen het land Merathaim, trek tegen hetzelfde op, en tegen de inwoners van Pekod; verwoest en verban achter hen, spreekt JAHWEH, en doe naar alles, wat Ik u geboden heb."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בֹּֽאוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לָ֤/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "מִ/קֵּץ֙",
          "strongs": "H7093",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "פִּתְח֣וּ",
          "strongs": "H6605",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "מַאֲבֻסֶ֔י/הָ",
          "strongs": "H3965",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "סָלּ֥וּ/הָ",
          "strongs": "H5549",
          "morph": "HVqv2mp/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כְמוֹ",
          "strongs": "H3644",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "עֲרֵמִ֖ים",
          "strongs": "H6194",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַחֲרִימ֑וּ/הָ",
          "strongs": "H2763",
          "morph": "HC/Vhv2mp/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תְּהִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqj3fs"
        },
        {
          "woord": "לָ֖/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "שְׁאֵרִֽית",
          "strongs": "H7611",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Kom aan tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> haar van het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> uiterste, opent haar schuren,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> vertreedt haar als korenhopen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben.",
      "textSV1888_html": "Komt aan tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> haar van het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> uiterste, opent haar schuren,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> vertreedt haar als korenhopen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbant ze; laat ze geen overblijfsel hebben.",
      "text1637_html": "Komet aen tegen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> haer van ’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> uyterste, opent hare schueren, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> vertredet haer als koorn-hoopen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbannetse: En laetse geen overblijfsel hebben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Komt",
          "new": "Kom",
          "principe": "V1158"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 27,
      "textSV1888": "Doodt met het zwaard al haar varren, laat ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun dag is gekomen, de tijd hunner bezoeking!",
      "text1637": "[73] Doodet met den sweerde alle hare [74] varren, laetse [75] afgaen ter slachtinge: wee over hen, want haren [76] dach is gekomen, de tijt harer besoeckinge.",
      "text2026": "Dood met het zwaard al haar stieren, laat ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun dag is gekomen, de tijd van hun bezoeking!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "73",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "73 Doodt met het zwaard: In het Hebreeuws is een woord, alsof men zeide: zwaardt; dat is, slaat, doodt met het zwaard.",
          "text1637": "In ’t Hebr. is een woort, als ofmen seyde, sweerdet. D. slaet, doodet met den sweerde.",
          "text2026": "73 Doodt met het zwaard: In het Hebreeuws is een woord, alsof men zei: zwaardt; dat is, slaat, doodt met het zwaard."
        },
        {
          "marker": "74",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, rijke, geweldige, stoute pochers. Vergelijk Ps. 22:13, en Ps. 68:31, enz. Psalmen 22:13: Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. Psalmen 68:31: Scheld het wild gedierte des riets, de vergadering der stieren met de kalveren der volken; en dien, die zich onderwerpt met stukken zilvers; Hij heeft de volken verstrooid, die lust hebben in oorlogen.",
          "text1637": "D. rijcke, geweldige, stoute hansen. Vergel. Psal. 22.13. ende 68.31, etc.",
          "text2026": "Dat is, rijke, geweldige, stoute pochers. Vergelijk Ps. 22:13, en Ps. 68:31, enz. Psalmen 22:13: Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. Psalmen 68:31: Scheld het wild gedierte van de riets, de vergadering van de stieren met de kalveren van de volken; en die, die zich onderwerpt met stukken zilvers; Hij heeft de volken verstrooid, die lust hebben in oorlogen."
        },
        {
          "marker": "75",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "75 afgaan ter slachting: Gelijk boven Jer. 48:15. Jeremia 48:15: Moab is verstoord, en uit zijn steden opgegaan, en de keur zijner jongelingen is ter slachting afgegaan, spreekt de Koning, Wiens Naam is HEERE der heirscharen.",
          "text1637": "Als bov. 48.15.",
          "text2026": "75 afgaan ter slachting: Gelijk boven Jer. 48:15. Jeremia 48:15: Moab is verstoord, en uit zijn steden opgegaan, en de keur zijn jongelingen is ter slachting afgegaan, spreekt de Koning, Wiens Naam is JAHWEH van de legermachten."
        },
        {
          "marker": "76",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "76 dag is gekomen: Dat is, de tijd hunner straf, hun van God verordineerd; zie Ps. 37:13, alzo vers 31. Psalmen 37:13: De HEERE belacht hem, want Hij ziet, dat zijn dag komt. Jeremia 50:31: Ziet, Ik wil aan u, gij trotse! spreekt de Heere, de HEERE der heirscharen; want uw dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal.",
          "text1637": "D. de tijt harer straffe, hen van Godt verordineert. Siet Psal. 37. op vers 13. alsoo vers 31.",
          "text2026": "76 dag is gekomen: Dat is, de tijd hun straf, hun van God verordineerd; zie Ps. 37:13, zo vers 31. Psalmen 37:13: JAHWEH belacht hem, want Hij ziet, dat zijn dag komt. Jeremia 50:31: Ziet, Ik wil aan u, u trotse! spreekt de Heer, JAHWEH van de legermachten; want uw dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חִרְבוּ֙",
          "strongs": "H2717",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "פָּרֶ֔י/הָ",
          "strongs": "H6499",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "יֵרְד֖וּ",
          "strongs": "H3381",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/טָּ֑בַח",
          "strongs": "H2874",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "ה֣וֹי",
          "strongs": "H1945",
          "morph": "HTj"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/הֶ֔ם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָ֥א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יוֹמָ֖/ם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "עֵ֥ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "פְּקֻדָּתָֽ/ם",
          "strongs": "H6486",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> Dood met het zwaard al haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> stieren, laat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> dag is gekomen, de tijd van hun bezoeking!",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> Doodt met het zwaard al haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> varren, laat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> dag is gekomen, de tijd hunner bezoeking!",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> Doodet met den sweerde alle hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> varren, laetse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> afgaen ter slachtinge: wee over hen, want haren <sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> dach is gekomen, de tijt harer besoeckinge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Doodt",
          "new": "Dood",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "varren,",
          "new": "stieren,",
          "principe": "V410"
        },
        {
          "old": "hunner",
          "new": "van hun",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 28,
      "textSV1888": "Er is een stem der gevluchten en ontkomenen uit het land van Babel, om in Sion te verkondigen de wraak des HEEREN, onzes Gods, de wraak Zijns tempels.",
      "text1637": "Daer is eene stemme der [77] gevluchten ende ontkomenen uyt den lande van Babel: om in Zion te verkondigen de wrake des HEEREN onses Godts, de wrake sijns [78] Tempels.",
      "text2026": "Er is een stem van de gevluchten en ontkomenen uit het land van Babel, om in Sion te verkondigen de wraak van JAHWEH, onze God, de wraak van Zijn tempel.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "77",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "77 gevluchten en ontkomenen: Der Joden, die vandaar zouden ontkomen om Gods wonderwerk te boodschappen.",
          "text1637": "Der Ioden, die van daer souden ontkomen, om Godes wonderwerck te bootschappen.",
          "text2026": "77 gevluchten en ontkomenen: Van de Joden, die vandaar zouden ontkomen om Gods wonderwerk te boodschappen."
        },
        {
          "marker": "78",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die God aan de Chaldeën geoefend heeft, omdat zij den tempel verstoord en verbrand hadden; 2 Kon. 25:9, alzo onder Jer. 51:11. 2 Koningen 25:9: En hij verbrandde het huis des HEEREN, en het huis des konings, mitsgaders alle huizen van Jeruzalem; en alle huizen der groten verbrandde hij met vuur. Jeremia 51:11: Zuivert de pijlen, rust de schilden volkomenlijk toe; de HEERE heeft den geest der koningen van Medië opgewekt; want Zijn voornemen is tegen Babel, dat Hij haar verderve; want dit is de wraak des HEEREN, de wraak Zijns tempels.",
          "text1637": "Die Godt aen de Chaldeen geoeffent heeft, om datse den Tempel verstoort ende verbrandt hadden. 2.Reg. 25.9. alsoo onder 51.11.",
          "text2026": "Die God aan de Chaldeën geoefend heeft, omdat zij de tempel verstoord en verbrand hadden; 2 Kon. 25:9, zo onder Jer. 51:11. 2 Koningen 25:9: En hij verbrandde het huis van JAHWEH, en het huis van de koning, en ook alle huizen van Jeruzalem; en alle huizen van de grote verbrandde hij met vuur. Jeremia 51:11: Zuivert de pijlen, rust de schilden volkomenlijk toe; JAHWEH heeft de geest van de koningen van Medië opgewekt; want Zijn voornemen is tegen Babel, dat Hij haar verderve; want dit is de wraak van JAHWEH, de wraak Zijn tempels."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ק֥וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "נָסִ֛ים",
          "strongs": "H5127",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "וּ/פְלֵטִ֖ים",
          "strongs": "H6412",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֑ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/הַגִּ֣יד",
          "strongs": "H5046",
          "morph": "HR/Vhc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/צִיּ֗וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "נִקְמַת֙",
          "strongs": "H5360",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֔י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "נִקְמַ֖ת",
          "strongs": "H5360",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "הֵיכָלֽ/וֹ",
          "strongs": "H1964",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Er is een stem van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> de gevluchten en ontkomenen uit het land van Babel, om in Sion te verkondigen de wraak van JAHWEH, onze God, de wraak van Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup> tempel.",
      "textSV1888_html": "Er is een stem der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> gevluchten en ontkomenen uit het land van Babel, om in Sion te verkondigen de wraak des HEEREN, onzes Gods, de wraak Zijns<sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup> tempels.",
      "text1637_html": "Daer is eene stemme der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> gevluchten ende ontkomenen uyt den lande van Babel: om in Zion te verkondigen de wrake des HEEREN onses Godts, de wrake sijns <sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup> Tempels.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des HEEREN, onzes Gods,",
          "new": "van JAHWEH, onze God,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Zijns tempels.",
          "new": "van Zijn tempel.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 29,
      "textSV1888": "Laat u horen tegen Babel, gij schutters! gij allen, die den boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen den HEERE, tegen den Heilige Israëls.",
      "text1637": "Latet [u] hooren tegen Babel, ghy [79] schutters, alle ghy die den boge [80] spannet, legert u tegen haer rontomme, [81] laet niemant van haer ontkomen, vergeldet haer nae haer werck, [82] doet haer nae alles dat sy gedaen heeft: want sy heeft trotslick gehandelt tegen den HEERE, tegen den [83] Heyligen Israëls.",
      "text2026": "Laat u horen tegen Babel, u schutters! u allen, die de boog spant! legert u tegen haar rondom, laat niemand van hen ontkomen; vergeld haar naar haar werk, doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trots gehandeld tegen JAHWEH, tegen de Heilige van Israël.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "79",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Alzo wordt het Hebreeuwse woord ook genomen Gen. 49:23; Job 16:13; zie ook Ps. 18:15. Genesis 49:23: De schutters hebben hem wel bitterheid aangedaan, en beschoten, en hem gehaat; Job 16:13: Zijn schutters hebben mij omringd; Hij heeft mijn nieren doorspleten, en niet gespaard; Hij heeft mijn gal op de aarde uitgegoten. Psalmen 18:15: En Hij zond Zijn pijlen uit, en verstrooide ze; en Hij vermenigvuldigde de bliksemen, en verschrikte ze.",
          "text1637": "Alsoo wort het Hebr. woort oock genomen Gen. 49.23. Iob 16.13. Siet oock Psal. 18. op vers 15.",
          "text2026": "Zo wordt het Hebreeuwse woord ook genomen Gen. 49:23; Job 16:13; zie ook Ps. 18:15. Genesis 49:23: De schutters hebben hem wel bitterheid aangedaan, en beschoten, en hem gehaat; Job 16:13: Zijn schutters hebben mij omringd; Hij heeft mijn nieren doorspleten, en niet gespaard; Hij heeft mijn gal op de aarde uitgegoten. Psalmen 18:15: En Hij zond Zijn pijlen uit, en verstrooide ze; en Hij vermenigvuldigde de bliksemen, en verschrikte ze."
        },
        {
          "marker": "80",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, treedt.",
          "text1637": "Hebr. tredet.",
          "text2026": "Hebreeuws, treedt."
        },
        {
          "marker": "81",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "81 laat niemand van hen ontkomen: Hebreeuws, hun is, of zij hebben gene ontkoming.",
          "text1637": "Hebr. haer en zy, ofte, sy en hebbe geene ontkominge.",
          "text2026": "81 laat niemand van hen ontkomen: Hebreeuws, hun is, of zij hebben gene ontkoming."
        },
        {
          "marker": "82",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "82 doet haar naar alles: Gelijk boven vers 15. Jeremia 50:15: Juicht over haar rondom, zij heeft haar hand gegeven; haar fondamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is des HEEREN wraak, wreekt u aan haar, doet haar, gelijk als zij gedaan heeft!",
          "text1637": "Als bov. vers 15.",
          "text2026": "82 doet haar naar alles: Gelijk boven vers 15. Jeremia 50:15: Juicht over haar rondom, zij heeft haar hand gegeven; haar fondamenten zijn gevallen, haar muren zijn afgebroken; want dat is van JAHWEH wraak, wreekt u aan haar, doet haar, gelijk als zij gedaan heeft!"
        },
        {
          "marker": "83",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "83 Heilige Israëls: Zie Ps. 71:22. Psalmen 71:22: Ook zal ik U loven met het instrument der luit, Uw trouw, mijn God; ik zal U psalmzingen met de harp, o Heilige Israëls!",
          "text1637": "Siet Psal. 71. op vers 22.",
          "text2026": "83 Heilige van Israël: Zie Ps. 71:22. Psalmen 71:22: Ook zal ik U loven met het instrument van de luit, Uw trouw, mijn God; ik zal U psalmzingen met de harp, o Heilige van Israël!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַשְׁמִ֣יעוּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֣ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רַ֠בִּים",
          "strongs": "H7228",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "דֹּ֨רְכֵי",
          "strongs": "H1869",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "קֶ֜שֶׁת",
          "strongs": "H7198",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "חֲנ֧וּ",
          "strongs": "H2583",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֣י/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "סָבִ֗יב",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יְהִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqj3ms"
        },
        {
          "woord": "פְּלֵטָ֔ה",
          "strongs": "H6413",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "שַׁלְּמוּ",
          "strongs": "H7999",
          "morph": "HVpv2mp"
        },
        {
          "woord": "לָ֣/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/פָעֳלָ֔/הּ",
          "strongs": "H6467",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כֹ֛ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "עָשְׂתָ֖ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "עֲשׂוּ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֧י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֛ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "זָ֖דָה",
          "strongs": "H2102",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "קְד֥וֹשׁ",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAamsc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵֽל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Laat u horen tegen Babel, u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup> schutters! u allen, die de boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> spant! legert u tegen haar rondom,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> laat niemand van hen ontkomen; vergeld haar naar haar werk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trots gehandeld tegen JAHWEH, tegen de Heilige van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> Israël.",
      "textSV1888_html": "Laat u horen tegen Babel, gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup> schutters! gij allen, die den boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> spant! legert u tegen haar rondom,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> laat niemand van hen ontkomen; vergeldt haar naar haar werk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> doet haar naar alles, wat zij gedaan heeft; want zij heeft trotselijk gehandeld tegen den HEERE, tegen den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> Heilige Israëls.",
      "text1637_html": "Latet [u] hooren tegen Babel, ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup> schutters, alle ghy die den boge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> spannet, legert u tegen haer rontomme, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> laet niemant van haer ontkomen, vergeldet haer nae haer werck, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> doet haer nae alles dat sy gedaen heeft: want sy heeft trotslick gehandelt tegen den HEERE, tegen den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> Heyligen Israëls.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "vergeldt",
          "new": "vergeld",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "trotselijk",
          "new": "trots",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "Israëls.",
          "new": "van Israël.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 30,
      "textSV1888": "Daarom zullen haar jongelingen vallen op haar straten, en al haar krijgslieden te dien dage uitgeroeid worden, spreekt de HEERE.",
      "text1637": "Daerom sullen hare [f] jongelingen vallen op hare straten: ende alle hare krijchs-lieden te dien dage uytgeroeyt worden, spreeckt de HEERE.",
      "text2026": "Daarom zullen haar jongemannen vallen op haar straten, en al haar soldaten op die dag uitgeroeid worden, spreekt JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:26. Jeremia 49:26: Daarom zullen haar jongelingen vallen op haar straten; en al haar krijgslieden zullen te dien dage nedergehouwen worden, spreekt de HEERE der heirscharen.",
          "text1637": "Ierem. 49.26.",
          "text2026": "Jer. 49:26. Jeremia 49:26: Daarom zullen haar jongelingen vallen op haar straten; en al haar krijgslieden zullen op die dag nedergehouwen worden, spreekt JAHWEH van de legermachten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֛ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "יִפְּל֥וּ",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "בַחוּרֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H970",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "בִּ/רְחֹבֹתֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H7339",
          "morph": "HR/Ncfpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אַנְשֵׁ֨י",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מִלְחַמְתָּ֥/הּ",
          "strongs": "H4421",
          "morph": "HNcfsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "יִדַּ֛מּוּ",
          "strongs": "H1826",
          "morph": "HVNi3mp"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יּ֥וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/ה֖וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Daarom zullen haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> jongemannen vallen op haar straten, en al haar soldaten op die dag uitgeroeid worden, spreekt JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Daarom zullen haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> jongelingen vallen op haar straten, en al haar krijgslieden te dien dage uitgeroeid worden, spreekt de HEERE.",
      "text1637_html": "Daerom sullen hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> jongelingen vallen op hare straten: en<i>de</i> alle hare krijchs-lieden te dien dage uytgeroeyt worden, spreeckt de HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "jongelingen",
          "new": "jongemannen",
          "principe": "V79"
        },
        {
          "old": "krijgslieden te dien dage",
          "new": "soldaten op die dag",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "de HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 31,
      "textSV1888": "Ziet, Ik wil aan u, gij trotse! spreekt de Heere, de HEERE der heirscharen; want uw dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal.",
      "text1637": "Siet ick [wil] [84] aen u, ghy [85] trotse, spreeckt de Heere, de HEERE der heyrscharen: want uwen [86] dach is gekomen, de tijt dat ick u besoecken sal.",
      "text2026": "Zie, Ik wil aan u, u trotse! spreekt de Heere, JAHWEH van de legermachten; want uw dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "84",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "84 aan u: Zie boven Jer. 21:13. Jeremia 21:13: Ziet, Ik wil aan u, gij inwoneres des dals, gij rots van het plein! spreekt de HEERE; gijlieden, die zegt: Wie zou tegen ons afkomen, of wie zou komen in onze woningen?",
          "text1637": "Siet bov. 21. op vers 13.",
          "text2026": "84 aan u: Zie boven Jer. 21:13. Jeremia 21:13: Ziet, Ik wil aan u, u inwoneres van het dal, u rots van het plein! spreekt JAHWEH; u, die zegt: Wie zou tegen ons afkomen, of wie zou komen in onze woningen?"
        },
        {
          "marker": "85",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, trotsheid, hovaardij, hoogmoed. Zie van zulk een gebruik der Hebreeuwse spraak Job 35:13, de zin is: Die zo trots is, dat hij de trotsheid zelve is of genoemd mag worden; alzo in vers 32. Job 35:13: Gewisselijk zal God de ijdelheid niet verhoren, en de Almachtige zal die niet aanschouwen. Jeremia 50:32: Dan zal de trotse aanstoten en vallen, en er zal niemand zijn, die hem opricht; ja, Ik zal een vuur aansteken in zijn steden, dat zal alle plaatsen rondom hem verteren.",
          "text1637": "Hebr. trotsicheyt, hoovaerdye, hoochmoet, siet van sulcken gebruyck der Hebreeusche sprake, Iob 35. op vers 13. de sin is: die soo trotz is, dat hy de trotsicheyt selve is ofte genoemt mach worden: alsoo in ’t volgende vers.",
          "text2026": "Hebreeuws, trotsheid, hovaardij, hoogmoed. Zie van zulk een gebruik van de Hebreeuwse spraak Job 35:13, de zin is: Die zo trots is, dat hij de trotsheid zelve is of genoemd mag worden; zo in vers 32. Job 35:13: Gewisselijk zal God de ijdelheid niet verhoren, en de Almachtige zal die niet aanschouwen. Jeremia 50:32: Dan zal de trotse aanstoten en vallen, en er zal niemand zijn, die hem opricht; ja, Ik zal een vuur aansteken in zijn steden, dat zal alle plaatsen rondom hem verteren."
        },
        {
          "marker": "86",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "86 dag is gekomen: Gelijk boven vers 27. Jeremia 50:27: Doodt met het zwaard al haar varren, laat ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun dag is gekomen, de tijd hunner bezoeking!",
          "text1637": "Als bov. vers 27.",
          "text2026": "86 dag is gekomen: Gelijk boven vers 27. Jeremia 50:27: Doodt met het zwaard al haar varren, laat ze afgaan ter slachting; wee over hen, want hun dag is gekomen, de tijd hun bezoeking!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִנְ/נִ֤י",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֨י/ךָ֙",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "זָד֔וֹן",
          "strongs": "H2087",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֥/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוִ֖ה",
          "strongs": "H3069",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֑וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֛י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָּ֥א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יוֹמְ/ךָ֖",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עֵ֥ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "פְּקַדְתִּֽי/ךָ",
          "strongs": "H6485",
          "morph": "HVqp1cs/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zie, Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> wil aan u, u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> trotse! spreekt de Heere, JAHWEH van de legermachten; want uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Ziet, Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> wil aan u, gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> trotse! spreekt de Heere, de HEERE der heirscharen; want uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> dag is gekomen, de tijd, dat Ik u bezoeken zal.",
      "text1637_html": "Siet ick [wil] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> aen u, ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> trotse, spreeckt de Heere, de HEERE der heyrscharen: want uwen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> dach is gekomen, de tijt dat ick u besoecken sal.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ziet,",
          "new": "Zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "spreekt",
          "new": "spreek",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen;",
          "new": "legermachten;",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 32,
      "textSV1888": "Dan zal de trotse aanstoten en vallen, en er zal niemand zijn, die hem opricht; ja, Ik zal een vuur aansteken in zijn steden, dat zal alle plaatsen rondom hem verteren.",
      "text1637": "Dan sal de trotse aenstooten ende vallen, ende daer en sal niemant zijn die hem oprichte: Ia ick sal een vyer aensteken in sijne steden; dat sal alle plaetsen rontom hem verteeren.",
      "text2026": "Dan zal de trotse aanstoten en vallen, en er zal niemand zijn, die hem opricht; ja, Ik zal een vuur aansteken in zijn steden, dat zal alle plaatsen rondom hem verteren.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/כָשַׁ֤ל",
          "strongs": "H3782",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "זָדוֹן֙",
          "strongs": "H2087",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נָפַ֔ל",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵ֥ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "ל֖/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מֵקִ֑ים",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הִצַּ֤תִּי",
          "strongs": "H3341",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵשׁ֙",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עָרָ֔י/ו",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HR/Ncfpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָכְלָ֖ה",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HC/Vqq3fs"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "סְבִיבֹתָֽי/ו",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HNcbpc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Dan zal de trotse aanstoten en vallen, en er zal niemand zijn, die hem opricht; ja, Ik zal een vuur aansteken in zijn steden, dat zal alle plaatsen rondom hem verteren.</i></span>",
      "text1637_html": "Dan sal de trotse aenstooten ende vallen, ende daer en sal niemant zijn die hem oprichte: Ia ick sal een vyer aensteken in sijne steden; dat sal alle plaetsen rontom hem verteeren."
    },
    {
      "number": 33,
      "textSV1888": "Zo zegt de HEERE der heirscharen: De kinderen Israëls en de kinderen van Juda zijn te zamen verdrukt geweest; en allen, die hen gevangen hadden, hebben hen vast gehouden; zij hebben hen geweigerd los te laten.",
      "text1637": "Soo seyt de HEERE der heyrscharen; De kinderen Israëls ende de kinderen Iuda zijn t’samen verdruckt geweest: ende alle diese gevangen hadden hebbense vast gehouden, sy hebbense geweygert los te laten.",
      "text2026": "Zo zegt JAHWEH van de legermachten: De Israëlieten en de kinderen van Juda zijn samen verdrukt geweest; en allen, die hen gevangen hadden, hebben hen vast gehouden; zij hebben hen geweigerd los te laten.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כֹּ֤ה",
          "strongs": "H3541",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אָמַר֙",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֔וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "עֲשׁוּקִ֛ים",
          "strongs": "H6231",
          "morph": "HVqsmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֥ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְנֵי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HC/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוּדָ֖ה",
          "strongs": "H3063",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יַחְדָּ֑ו",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שֹֽׁבֵי/הֶם֙",
          "strongs": "H7617",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הֶחֱזִ֣יקוּ",
          "strongs": "H2388",
          "morph": "HVhp3cp"
        },
        {
          "woord": "בָ֔/ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מֵאֲנ֖וּ",
          "strongs": "H3985",
          "morph": "HVpp3cp"
        },
        {
          "woord": "שַׁלְּחָֽ/ם",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo zegt JAHWEH van de legermachten: De Israëlieten en de kinderen van Juda zijn samen verdrukt geweest; en allen, die hen gevangen hadden, hebben hen vast gehouden; zij hebben hen geweigerd los te laten.",
      "text1637_html": "Soo seyt de HEERE der heyrscharen; De kinderen Israëls ende de kindere<i>n</i> Iuda zijn t’samen verdruckt geweest: ende alle diese gevangen hadden hebbense vast gehouden, sy hebbense geweygert los te laten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen:",
          "new": "legermachten:",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "kinderen Israëls",
          "new": "Israëlieten",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "te zamen",
          "new": "samen",
          "principe": "V374"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 34,
      "textSV1888": "Maar hun Verlosser is sterk, HEERE der heirscharen is Zijn Naam; Hij zal hun twist zekerlijk twisten, opdat Hij het land in rust brenge, maar de inwoners van Babel beroere.",
      "text1637": "[Maer] haer verlosser is sterck, HEERE der heyrscharen is sijn naem: hy sal haren twist [87] sekerlick twisten, op dat hy het [88] lant in ruste brenge, maer de inwoonders van Babel beroere.",
      "text2026": "Maar hun Verlosser is sterk, JAHWEH van de legermachten is Zijn Naam; Hij zal hun twist zeker twisten, opdat Hij het land in rust brenge, maar de inwoners van Babel beroere.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "87",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "87 zekerlijk twisten: Hebreeuws, twistende twisten; zie Ps. 35:1, alzo onder Jer. 51:36. Psalmen 35:1: Een psalm van David. Twist, HEERE! met mijn twisters; strijd met mijn bestrijders. Jeremia 51:36: Daarom, zo zegt de HEERE: Ziet, Ik zal uw twist twisten, en uw wraak wreken; en Ik zal haar zee droog maken, en haar springader opdrogen.",
          "text1637": "Hebr. twistende twisten, Siet Psal. 35. op vers 1. alsoo onder 51.36.",
          "text2026": "87 zekerlijk twisten: Hebreeuws, twistende twisten; zie Ps. 35:1, zo onder Jer. 51:36. Psalmen 35:1: Een psalm van David. Twist, JAHWEH! met mijn twisters; strijd met mijn bestrijders. Jeremia 51:36: Daarom, zo zegt JAHWEH: Ziet, Ik zal uw twist twisten, en uw wraak wreken; en Ik zal haar zee droog maken, en haar springader opdrogen."
        },
        {
          "marker": "88",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "88 land in rust brenge: Het Joodse land, of zijne kerk, voornamelijk, en voorts andere landen, die van Babel zijn geplaagd.",
          "text1637": "Het Ioodsche lant, ofte sijne kercke, principalick: ende voorts andere landen, die van Babel zijn geplaegt.",
          "text2026": "88 land in rust brenge: Het Joodse land, of zijn kerk, voornamelijk, en verder andere landen, die van Babel zijn geplaagd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גֹּאֲלָ֣/ם",
          "strongs": "H1350",
          "morph": "HVqrmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "חָזָ֗ק",
          "strongs": "H2389",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָאוֹת֙",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "שְׁמ֔/וֹ",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "רִ֥יב",
          "strongs": "H7378",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "יָרִ֖יב",
          "strongs": "H7378",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "רִיבָ֑/ם",
          "strongs": "H7379",
          "morph": "HNcbsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לְמַ֨עַן֙",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הִרְגִּ֣יעַ",
          "strongs": "H7280",
          "morph": "HVhc"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֔רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הִרְגִּ֖יז",
          "strongs": "H7264",
          "morph": "HC/Vhc"
        },
        {
          "woord": "לְ/יֹשְׁבֵ֥י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HR/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "בָבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar hun Verlosser is sterk, JAHWEH van de legermachten is Zijn Naam; Hij zal hun twist<sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> zeker twisten, opdat Hij het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> land in rust brenge, maar de inwoners van Babel beroere.",
      "textSV1888_html": "Maar hun Verlosser is sterk, HEERE der heirscharen is Zijn Naam; Hij zal hun twist<sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> zekerlijk twisten, opdat Hij het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> land in rust brenge, maar de inwoners van Babel beroere.",
      "text1637_html": "[Maer] haer verlosser is sterck, HEERE der heyrscharen is sijn naem: hy sal haren twist <sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> sekerlick twisten, op dat hy het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> lant in ruste brenge, maer de inwoonders van Babel beroere.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE der heirscharen",
          "new": "JAHWEH van de legermachten",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "zekerlijk",
          "new": "zeker",
          "principe": "V74"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 35,
      "textSV1888": "Het zwaard zal zijn over de Chaldeeën, spreekt de HEERE; en over de inwoners van Babel, en over haar vorsten, en over haar wijzen.",
      "text1637": "Het sweert sal zijn over de Chaldeen, spreeckt de HEERE: ende over de inwoonders van Babel, ende over hare Vorsten, ende over hare Wijsen.",
      "text2026": "Het zwaard zal zijn over de Chaldeeën, spreekt JAHWEH; en over de inwoners van Babel, en over haar vorsten, en over haar wijzen.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֶ֥רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּ֖ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "יֹשְׁבֵ֣י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "בָבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "שָׂרֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H8269",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "חֲכָמֶֽי/הָ",
          "strongs": "H2450",
          "morph": "HAampc/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het zwaard zal zijn over de Chaldeeën, spreekt JAHWEH; en over de inwoners van Babel, en over haar vorsten, en over haar wijzen.",
      "text1637_html": "Het sweert sal zijn over de Chaldeen, spreeckt de HEERE: ende over de inwoonders van Babel, ende over hare Vorsten, ende over hare Wijsen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE;",
          "new": "JAHWEH;",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 36,
      "textSV1888": "Het zwaard zal zijn over de leugenaars, dat zij zot worden; het zwaard zal zijn over haar helden, dat zij versagen;",
      "text1637": "Het sweert sal zijn over de [89] leugenaers, datse sott worden: Het sweert sal zijn over hare helden, datse vertzagen.",
      "text2026": "Het zwaard zal zijn over de leugenaars, dat zij zot worden; het zwaard zal zijn over haar helden, dat zij versagen;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "89",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, leugendichters. Versta, waarzeggers, sterrenkijkers, waar Chaldea vol van was; alzo Jes. 44:25. Jesaja 44:25: Die de tekenen der leugendichters vernietigt, en de waarzeggers dol maakt; Die de wijzen achterwaarts doet keren, en Die hun wetenschap verdwaast;",
          "text1637": "Ofte, leugendichters, verstaet waerseggers, sterrekijckers, daer Chaldea vol van was. alsoo Iesa. 44.25.",
          "text2026": "Of, leugendichters. Versta, waarzeggers, sterrenkijkers, waar Chaldea vol van was; zo Jes. 44:25. Jesaja 44:25: Die de tekenen van de leugendichters vernietigt, en de waarzeggers dol maakt; Die de wijzen achterwaarts doet keren, en Die hun wetenschap verdwaast;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֶ֥רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/בַּדִּ֖ים",
          "strongs": "H907",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נֹאָ֑לוּ",
          "strongs": "H2973",
          "morph": "HC/VNq3cp"
        },
        {
          "woord": "חֶ֥רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גִּבּוֹרֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H1368",
          "morph": "HAampc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וָ/חָֽתּוּ",
          "strongs": "H2865",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het zwaard zal zijn over de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> leugenaars, dat zij zot worden; het zwaard zal zijn over haar helden, dat zij versagen;",
      "textSV1888_html": "Het zwaard zal zijn over de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> leugenaars, dat zij zot worden; het zwaard zal zijn over haar helden, dat zij versagen;",
      "text1637_html": "Het sweert sal zijn over de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> leugenaers, datse sott worden: Het sweert sal zijn over hare helden, datse vertzagen."
    },
    {
      "number": 37,
      "textSV1888": "Het zwaard zal zijn over zijn paarden en over zijn wagenen, en over den gansen gemengden hoop, die in het midden van hen is, dat zij tot wijven worden; het zwaard zal zijn over haar schatten, dat zij geplunderd worden.",
      "text1637": "Het sweert sal zijn over [90] sijne peerden, ende over sijne wagenen, ende over den gantschen [91] gemengden hoop die in’t midden van haer is, datse tot [92] wijven worden; het sweert sal zijn over hare schatten, datse geplundert worden.",
      "text2026": "Het zwaard zal zijn over zijn paarden en over zijn wagens, en over de hele gemengde hoop, die in het midden van hen is, dat zij tot vrouwen worden; het zwaard zal zijn over haar schatten, dat zij geplunderd worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "90",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "90 zijn paarden en over zijn wagenen: Het vrouwelijke geslacht [hier merendeels gebruikt] wordt hier twee malen veranderd in het mannelijke; men kan dit duiden op den koning of zijn volk.",
          "text1637": "Het vrouwelick geslachte (hier meerendeels gebruyckt) wort hier tweemael verandert in ’t manlicke: men kan dit duyden op den Coninck, ofte sijn volck.",
          "text2026": "90 zijn paarden en over zijn wagens: Het vrouwelijke geslacht [hier merendeels gebruikt] wordt hier twee malen veranderd in het mannelijke; men kan dit duiden op de koning of zijn volk."
        },
        {
          "marker": "91",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "91 gemengden hoop: Krijgslieden en ander gemeen volk uit allerlei natiën bestaande.",
          "text1637": "Krijchslieden, ende ander gemeyn volck uyt allerleye natien bestaende.",
          "text2026": "91 gemengden hoop: Krijgslieden en ander gemeen volk uit allerlei natiën bestaande."
        },
        {
          "marker": "92",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "92 wijven worden: Moedeloos en weerloos. Alzo onder Jer. 51:30. Vergelijk Jes. 19:16; Nah. 3:13, enz. Jeremia 51:30: Babels helden hebben opgehouden te strijden, zij zijn gebleven in de vestingen, hun macht is bezweken, zij zijn tot wijven geworden; zij hebben hun woningen aangestoken, hun grendels zijn verbroken. Jesaja 19:16: Te dien dage zullen de Egyptenaars zijn als de vrouwen; en zij zullen beven en vrezen vanwege de beweging van de hand des HEEREN der heirscharen, welke Hij tegen hen bewegen zal. Nahum 3:13: Ziet, uw volk zal in het midden van u tot vrouwen worden; de poorten uws lands zullen uw vijanden wijd geopend worden; het vuur zal uw grendelen verteren.",
          "text1637": "Moedeloos ende weerloos. alsoo ond. 51.30. Vergel. Ies. 19.16. Nahum 3.13. etc.",
          "text2026": "92 vrouwen worden: Moedeloos en weerloos. Zo onder Jer. 51:30. Vergelijk Jes. 19:16; Nah. 3:13, enz. Jeremia 51:30: Babels helden hebben opgehouden te strijden, zij zijn gebleven in de vestingen, hun macht is bezweken, zij zijn tot wijven geworden; zij hebben hun woningen aangestoken, hun grendels zijn verbroken. Jesaja 19:16: Te die dage zullen de Egyptenaars zijn als de vrouwen; en zij zullen beven en vrezen vanwege de beweging van de hand van JAHWEH van de legermachten, welke Hij tegen hen bewegen zal. Nahum 3:13: Ziet, uw volk zal in het midden van u tot vrouwen worden; de poorten uws lands zullen uw vijanden wijd geopend worden; het vuur zal uw grendelen verteren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֶ֜רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "סוּסָ֣י/ו",
          "strongs": "H5483",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "רִכְבּ֗/וֹ",
          "strongs": "H7393",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עֶ֛רֶב",
          "strongs": "H6154",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "בְּ/תוֹכָ֖/הּ",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָי֣וּ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "לְ/נָשִׁ֑ים",
          "strongs": "H802",
          "morph": "HR/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "חֶ֥רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אוֹצְרֹתֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H214",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וּ/בֻזָּֽזוּ",
          "strongs": "H962",
          "morph": "HC/VPq3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het zwaard zal zijn over<sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> zijn paarden en over zijn wagens, en over de hele<sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> gemengde hoop, die in het midden van hen is, dat zij tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> vrouwen worden; het zwaard zal zijn over haar schatten, dat zij geplunderd worden.",
      "textSV1888_html": "Het zwaard zal zijn over<sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> zijn paarden en over zijn wagenen, en over den gansen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> gemengden hoop, die in het midden van hen is, dat zij tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> wijven worden; het zwaard zal zijn over haar schatten, dat zij geplunderd worden.",
      "text1637_html": "Het sweert sal zijn over <sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> sijne peerden, ende over sijne wagenen, en<i>de</i> over den gantschen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> gemengden hoop die in’t midden van haer is, datse tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> wijven worden; het sweert sal zijn over hare schatten, datse geplundert worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wagenen,",
          "new": "wagens,",
          "principe": "V405"
        },
        {
          "old": "den gansen gemengden",
          "new": "de hele gemengde",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "wijven",
          "new": "vrouwen",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 38,
      "textSV1888": "Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land van gesneden beelden, en zij razen naar de schrikkelijke afgoden.",
      "text1637": "[93] Droogte sal zijn over hare wateren, datse uytdroogen: want het is een lant [94] van gesnedene beelden, ende sy [95] rasen nae de [96] schrickelicke [Afgoden].",
      "text2026": "Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land van gesneden beelden, en zij razen naar de schrikkelijke afgoden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "93",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "93 Droogte zal zijn over haar wateren: Vergelijk boven de aantekening vers 24. Jeremia 50:24: Ik heb u een strik gesteld, dies zijt gij ook gevangen, o Babel! dat gij het niet wist; gij zijt gevonden, en ook gegrepen, omdat gij u tegen den HEERE in strijd gemengd hebt.",
          "text1637": "Vergel. boven d’aenteeck. op vers 24.",
          "text2026": "93 Droogte zal zijn over haar wateren: Vergelijk boven de aantekening vers 24. Jeremia 50:24: Ik heb u een strik gesteld, daarom bent u ook gevangen, o Babel! dat u het niet wist; u bent gevonden, en ook gegrepen, omdat u u tegen JAHWEH in strijd gemengd hebt."
        },
        {
          "marker": "94",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "94 van gesneden beelden: Vol van afgoderij, die zij met de gesneden beelden bedrijven.",
          "text1637": "Vol van Afgoderije, diese met de gesnedene beelden bedrijven.",
          "text2026": "94 van gesneden beelden: Vol van afgoderij, die zij met de gesneden beelden bedrijven."
        },
        {
          "marker": "95",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "95 razen naar: Als dolle, onzinnige mensen. Zie van het Hebreeuwse woord Ps. 5:6. Psalmen 5:6: De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; Gij haat alle werkers der ongerechtigheid.",
          "text1637": "Als dulle, onsinnige menschen. Siet van ’t Hebr. woort Psal. 5. op vers 6.",
          "text2026": "95 razen naar: Als dolle, onzinnige mensen. Zie van het Hebreeuwse woord Ps. 5:6. Psalmen 5:6: De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; U haat alle werkers van de ongerechtigheid."
        },
        {
          "marker": "96",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "96 schrikkelijke afgoden: Hebreeuws, verschrikkingen. Alzo worden de afgoden met recht genoemd, omdat sommige schrikkelijk van gedaante zijn, en in het algemeen den afgodendienaren schrik aanbrengen. Gelijk zij elders om gelijke oorzaak smarten genoemd worden. Zie 2 Sam. 5:21. Met denzelfden naam, Emim, zijn eertijds vanwege hunne verschrikkelijkheid, enige reuzen genoemd. Zie Gen. 14:5, en Deut. 2:10, met de aantekening. En zodanigen plegen zich wel de macht en heerschappij over anderen aan te nemen, en voorts naar de wijze der heidenen tot afgoden gemaakt te worden. Zulk een is ook zonder twijfel geweest Nimrod de eerste stichter der Assyrische en Babylonische heerschappij; zie Gen. 6:4, en Gen. 10:8. 2 Samuël 5:21: En zij lieten hun afgoden aldaar; en David en zijn mannen namen ze op. Genesis 14:5: Zo kwam Kedor-laomer in het veertiende jaar, en de koningen, die met hem waren, en sloegen de Refaieten in Asteroth-karnaim, en de Zuzieten in Ham, en de Emieten in Schave-kiriathaim; Deuteronomium 2:10: De Emieten woonden te voren daarin, een groot, en menigvuldig, en lang volk, gelijk de Enakieten. Genesis 6:4: In die dagen waren er reuzen op de aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochteren der mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden; deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van name. Genesis 10:8: En Cusch gewon Nimrod; deze begon geweldig te zijn op de aarde.",
          "text1637": "Hebr. verschrickingen. alsoo de Afgoden met recht worden genoemt, om datse sommige schrickelick van gedaente zijn, ende in ’t gemeyn den Afgoden dienaren schrick aenbrengen. Gelijckse elders om gelijcke oorsake, smerten, genoemt worden. Siet 2.Sam. 5. op vers 21. met den selven naem, Emim, zijn eertijts van wegen haer schricklickheyt, eenige Reusen genoemt. Siet Gen. 14.5. ende Deut. 2.10. met d’ aenteeck. Ende sodanige plegen haer wel de macht ende heerschappye over andere aen te nemen, ende voorts nae der heydenen wijse tot Afgoden gemaeckt te worden. Sulck een is oock sonder twijfel geweest Nimrod, de eerste stichter der Assyrische ende Babylonische heerschappye. Siet Gen. 6.4. ende 10.8.",
          "text2026": "96 schrikkelijke afgoden: Hebreeuws, verschrikkingen. Zo worden de afgoden met recht genoemd, omdat sommige schrikkelijk van gedaante zijn, en in het algemeen de afgodendienaren schrik aanbrengen. Gelijk zij elders om gelijke oorzaak smarten genoemd worden. Zie 2 Sam. 5:21. Met denzelfden naam, Emim, zijn eertijds vanwege hun verschrikkelijkheid, enige reuzen genoemd. Zie Gen. 14:5, en Deut. 2:10, met de aantekening. En zodanigen plegen zich wel de macht en heerschappij over anderen aan te nemen, en verder naar de wijze van de heidenen tot afgoden gemaakt te worden. Zulk een is ook zonder twijfel geweest Nimrod de eerste stichter van de Assyrische en Babylonische heerschappij; zie Gen. 6:4, en Gen. 10:8. 2 Samuël 5:21: En zij lieten hun afgoden daar; en David en zijn mannen namen ze op. Genesis 14:5: Zo kwam Kedor-laomer in het veertiende jaar, en de koningen, die met hem waren, en sloegen de Refaieten in Asteroth-karnaim, en de Zuzieten in Ham, en de Emieten in Schave-kiriathaim; Deuteronomium 2:10: De Emieten woonden te voren daarin, een groot, en menigvuldig, en lang volk, gelijk de Enakieten. Genesis 6:4: In die dagen waren er reuzen op de aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochters van de mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden; deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van name. Genesis 10:8: En Cusch verwekte Nimrod; deze begon geweldig te zijn op de aarde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֹ֥רֶב",
          "strongs": "H2721",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מֵימֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָבֵ֑שׁוּ",
          "strongs": "H3001",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶ֤רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "פְּסִלִים֙",
          "strongs": "H6456",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הִ֔יא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3fs"
        },
        {
          "woord": "וּ/בָ/אֵימִ֖ים",
          "strongs": "H367",
          "morph": "HC/Rd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "יִתְהֹלָֽלוּ",
          "strongs": "H1984",
          "morph": "HVti3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> van gesneden beelden, en zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> razen naar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> schrikkelijke afgoden.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> Droogte zal zijn over haar wateren, dat zij uitdrogen; want het is een land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> van gesneden beelden, en zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> razen naar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> schrikkelijke afgoden.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> Droogte sal zijn over hare wateren, datse uytdroogen: want het is een lant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> van gesnedene beelden, ende sy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> rasen nae de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> schrickelicke [Afgoden]."
    },
    {
      "number": 39,
      "textSV1888": "Daarom zo zullen de wilde dieren der woestijnen met de wilde dieren der eilanden daarin wonen; ook zullen de jonge struisen daarin wonen; en men zal er geen verblijf meer hebben in eeuwigheid, en zij zal niet bewoond worden van geslacht tot geslacht.",
      "text1637": "Daerom so sullen de [97] wilde dieren der woestijnen met de wilde dieren der eylanden [daer in] woonen; oock sullen de [98] jonge struyssen daerin woonen; ende men salder geen [99] verblijf meer hebben in eeuwicheyt, noch sy en sal niet [99] bewoont worden [100] van geslachte tot geslachte.",
      "text2026": "Daarom zo zullen de wilde dieren van de woestijnen met de wilde dieren van de eilanden daarin wonen; ook zullen de jonge struisen daarin wonen; en men zal er geen verblijf meer hebben in eeuwigheid, en zij zal niet bewoond worden van geslacht tot geslacht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "100",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "100 bewoond worden: Zie van zulk een gebruik van het Hebreeuwse woord, boven Jer. 17:6. Jeremia 17:6: Want hij zal zijn als de heide in de wildernis, die het niet gevoelt, wanneer het goede komt; maar blijft in dorre plaatsen in de woestijn, in zout en onbewoond land.",
          "text1637": "Hebr. tot geslachte ende geslachte toe.",
          "text2026": "100 bewoond worden: Zie van zulk een gebruik van het Hebreeuwse woord, boven Jer. 17:6. Jeremia 17:6: Want hij zal zijn als de heide in de wildernis, die het niet gevoelt, wanneer het goede komt; maar blijft in dorre plaatsen in de woestijn, in zout en onbewoond land."
        },
        {
          "marker": "101",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "101 van geslacht tot geslacht: Hebreeuws, tot geslacht en geslacht toe.",
          "text1637": "",
          "text2026": "101 van geslacht tot geslacht: Hebreeuws, tot geslacht en geslacht toe."
        },
        {
          "marker": "97",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "97 wilde dieren der woestijnen: Hebreeuws, Tsijm en Jim; het eerste heeft den naam van dorre woeste plaatsen, het andere van eilanden; zie Jes. 13:21, 13:22, met de aantekening. Jesaja 13:21: Maar daar zullen nederliggen de wilde dieren der woestijnen, en hun huizen zullen vervuld worden met schrikkelijke gedierten, en daar zullen de jonge struisen wonen, en de duivelen zullen er huppelen. Jesaja 13:22: En wilde dieren der eilanden zullen in zijn verlaten plaatsen elkander toeroepen, mitsgaders de draken in de wellustige paleizen; haar tijd toch is nabij om te komen, en haar dagen zullen niet vertogen worden.",
          "text1637": "Hebr. Tsijm ende lim. het eerste heeft den naem van dorre woeste plaetsen, het ander van eylanden. siet Iesa 13, 21, 22. met d’ aenteeck.",
          "text2026": "97 wilde dieren van de woestijnen: Hebreeuws, Tsijm en Jim; het eerste heeft de naam van dorre woeste plaatsen, het andere van eilanden; zie Jes. 13:21, 13:22, met de aantekening. Jesaja 13:21: Maar daar zullen nederliggen de wilde dieren van de woestijnen, en hun huizen zullen vervuld worden met schrikkelijke gedierten, en daar zullen de jonge struisen wonen, en de duivelen zullen er huppelen. Jesaja 13:22: En wilde dieren van de eilanden zullen in zijn verlaten plaatsen elkaar toeroepen, en ook de draken in de wellustige paleizen; haar tijd toch is nabij om te komen, en haar dagen zullen niet vertogen worden."
        },
        {
          "marker": "98",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "98 jonge struisen daarin wonen: Hebreeuws, struisdochteren. Anders, jonge uilen.",
          "text1637": "Hebr. struys-dochteren. and. jonge uylen.",
          "text2026": "98 jonge struisen daarin wonen: Hebreeuws, struisdochteren. Anders, jonge uilen."
        },
        {
          "marker": "99",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "99 verblijf … hebben: Zie van zulk een gebruik van het Hebreeuwse woord, boven Jer. 17:6. Jeremia 17:6: Want hij zal zijn als de heide in de wildernis, die het niet gevoelt, wanneer het goede komt; maar blijft in dorre plaatsen in de woestijn, in zout en onbewoond land.",
          "text1637": "Siet van sulcken gebruyck des Hebr. woorts, bov. 17. op vers 6.",
          "text2026": "99 verblijf … hebben: Zie van zulk een gebruik van het Hebreeuwse woord, boven Jer. 17:6. Jeremia 17:6: Want hij zal zijn als de heide in de wildernis, die het niet gevoelt, wanneer het goede komt; maar blijft in dorre plaatsen in de woestijn, in zout en onbewoond land."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֗ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "יֵשְׁב֤וּ",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "צִיִּים֙",
          "strongs": "H6728",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אִיִּ֔ים",
          "strongs": "H338",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָ֥שְׁבוּ",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "בָ֖/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "בְּנ֣וֹת",
          "strongs": "H1323",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יַֽעֲנָ֑ה",
          "strongs": "H3284",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תֵשֵׁ֥ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "עוֹד֙",
          "strongs": "H5750",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "לָ/נֶ֔צַח",
          "strongs": "H5331",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תִשְׁכּ֖וֹן",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "דּ֥וֹר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/דֽוֹר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Daarom zo zullen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> wilde dieren van de woestijnen met de wilde dieren van de eilanden daarin wonen; ook zullen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup> jonge struisen daarin wonen; en men zal er geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> verblijf meer hebben in eeuwigheid, en zij zal niet bewoond worden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup> van geslacht tot geslacht.",
      "textSV1888_html": "Daarom zo zullen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> wilde dieren der woestijnen met de wilde dieren der eilanden daarin wonen; ook zullen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup> jonge struisen daarin wonen; en men zal er geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> verblijf meer hebben in eeuwigheid, en zij zal niet bewoond worden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup> van geslacht tot geslacht.",
      "text1637_html": "Daerom so sullen de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> wilde dieren der woestijnen met de wilde dieren der eylanden [daer in] woonen; oock sullen de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup> jonge struyssen daerin woonen; ende men salder geen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> verblijf meer hebben in eeuwicheyt, noch sy en sal niet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> bewoont worden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup> van geslachte tot geslachte.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 40,
      "textSV1888": "Gelijk God Sodom en Gomorra en haar naburen heeft omgekeerd, spreekt de HEERE, alzo zal niemand aldaar wonen, en geen mensenkind in haar verkeren.",
      "text1637": "[g] Gelijck Godt Sodom ende Gomorra, ende hare nabueren heeft [101] omgekeert, spreeckt de HEERE; [alsoo] en sal niemant [102] aldaer woonen, nochte geen menschen kint in haer verkeeren.",
      "text2026": "Gelijk God Sodom en Gomorra en haar buren heeft omgekeerd, spreekt JAHWEH, zo zal niemand daar wonen, en geen mensenkind in haar verkeren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "102",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, gelijk de omkering Gods van Sodom, enz.; vergelijk boven Jer. 49:18. Jeremia 49:18: Gelijk de omkering van Sodom en Gomorra en haar naburen, zal het zijn, zegt de HEERE; niemand zal daar wonen, en geen mensenkind daarin verkeren.",
          "text1637": "In Babel.",
          "text2026": "Hebreeuws, gelijk de omkering Gods van Sodom, enz.; vergelijk boven Jer. 49:18. Jeremia 49:18: Gelijk de omkering van Sodom en Gomorra en haar naburen, zal het zijn, zegt JAHWEH; niemand zal daar wonen, en geen mensenkind daarin verkeren."
        },
        {
          "marker": "103",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "103 aldaar wonen: In Babel.",
          "text1637": "",
          "text2026": "103 daar wonen: In Babel."
        },
        {
          "marker": "g",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 19:25; Jer. 49:18. Genesis 19:25: En Hij keerde deze steden om, en die ganse vlakte, en alle inwoners dezer steden, ook het gewas des lands. Jeremia 49:18: Gelijk de omkering van Sodom en Gomorra en haar naburen, zal het zijn, zegt de HEERE; niemand zal daar wonen, en geen mensenkind daarin verkeren.",
          "text1637": "Gen. 19.25. Ierem. 49.18",
          "text2026": "Gen. 19:25; Jer. 49:18. Genesis 19:25: En Hij keerde deze steden om, en die gehele vlakte, en alle inwoners van deze steden, ook het gewas van het land. Jeremia 49:18: Gelijk de omkering van Sodom en Gomorra en haar naburen, zal het zijn, zegt JAHWEH; niemand zal daar wonen, en geen mensenkind daarin verkeren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כְּ/מַהְפֵּכַ֨ת",
          "strongs": "H4114",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֜ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "סְדֹ֧ם",
          "strongs": "H5467",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "עֲמֹרָ֛ה",
          "strongs": "H6017",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "שְׁכֵנֶ֖י/הָ",
          "strongs": "H7934",
          "morph": "HAampc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יֵשֵׁ֥ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "שָׁם֙",
          "strongs": "H8033",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "אִ֔ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יָג֥וּר",
          "strongs": "H1481",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בָּ֖/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "בֶּן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אָדָֽם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> Gelijk God Sodom en Gomorra en haar buren heeft omgekeerd, spreekt JAHWEH, zo zal niemand daar wonen, en geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> mensenkind in haar verkeren.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> Gelijk God Sodom en Gomorra en haar naburen heeft omgekeerd, spreekt de HEERE, alzo zal niemand aldaar wonen, en geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> mensenkind in haar verkeren.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> Gelijck Godt Sodom ende Gomorra, ende hare nabueren heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"101\">101</sup> omgekeert, spreeckt de HEERE; [alsoo] en sal niemant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> aldaer woonen, nochte geen menschen kint in haer verkeeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "naburen",
          "new": "buren",
          "principe": "V283"
        },
        {
          "old": "de HEERE, alzo",
          "new": "JAHWEH, zo",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "aldaar",
          "new": "daar",
          "principe": "V36"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 41,
      "textSV1888": "Ziet, daar komt een volk uit het noorden; en een grote natie, en geweldige koningen zullen van de zijden der aarde opgewekt worden.",
      "text1637": "Siet, [h] daer komt een volck uyt het [103] Noorden: ende eene groote natie, ende [104] geweldige Coningen sullen van de zijden der [105] aerde opgeweckt worden.",
      "text2026": "Zie, daar komt een volk uit het noorden; en een grote natie, en geweldige koningen zullen van de zijden van de aarde opgewekt worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "104",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven vers 3. Jeremia 50:3: Want een volk komt tegen haar op van het noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de mensen aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!",
          "text1637": "Ofte, vele.",
          "text2026": "Zie boven vers 3. Jeremia 50:3: Want een volk komt tegen haar op van het noorden; dat zal haar land zetten in verwoesting, dat er geen inwoner in zal zijn; van de mensen aan tot de beesten toe zijn zij weggezworven, doorgegaan!"
        },
        {
          "marker": "105",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "105 geweldige koningen: Of, vele.",
          "text1637": "Ofte, des lants. Siet bov. 6.22, 23, 24. alwaer eene gelijcke Prophetye is van Babels aenkomste tegen Iuda, als hier van de Meden ende Persen, tegen Babel. Siet d’aenteeck. aldaer.",
          "text2026": "105 geweldige koningen: Of, vele."
        },
        {
          "marker": "106",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "106 aarde opgewekt worden: Of, des lands; zie boven Jer. 6:22, 6:23, 6:24, alwaar een gelijke profetie is van Babel aankomst tegen Juda, gelijk hier van de Meden en Perzen tegen Babel; zie de aantekening aldaar. Jeremia 6:22: Zo zegt de HEERE: Ziet, er komt een volk uit het land van het noorden, en een grote natie zal opgewekt worden uit de zijden der aarde. Jeremia 6:23: Boog en spies zullen zij voeren, het is een wreed volk, en zij zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust, als een man ten oorlog tegen u, o dochter van Sion! Jeremia 6:24: Wij hebben zijn gerucht gehoord, onze handen zijn slap geworden; benauwdheid heeft ons aangegrepen, weedom als van een barende vrouw.",
          "text1637": "",
          "text2026": "106 aarde opgewekt worden: Of, van het land; zie boven Jer. 6:22, 6:23, 6:24, alwaar een gelijke profetie is van Babel aankomst tegen Juda, gelijk hier van de Meden en Perzen tegen Babel; zie de aantekening daar. Jeremia 6:22: Zo zegt JAHWEH: Ziet, er komt een volk uit het land van het noorden, en een grote natie zal opgewekt worden uit de zijden van de aarde. Jeremia 6:23: Boog en spies zullen zij voeren, het is een wreed volk, en zij zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust, als een man ten oorlog tegen u, o dochter van Sion! Jeremia 6:24: Wij hebben zijn gerucht gehoord, onze handen zijn slap geworden; benauwdheid heeft ons aangegrepen, weedom als van een barende vrouw."
        },
        {
          "marker": "h",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 6:22. Jeremia 6:22: Zo zegt de HEERE: Ziet, er komt een volk uit het land van het noorden, en een grote natie zal opgewekt worden uit de zijden der aarde.",
          "text1637": "Ierem. 6.23, etc.",
          "text2026": "Jer. 6:22. Jeremia 6:22: Zo zegt JAHWEH: Ziet, er komt een volk uit het land van het noorden, en een grote natie zal opgewekt worden uit de zijden van de aarde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִנֵּ֛ה",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "עַ֥ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ֖א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/צָּפ֑וֹן",
          "strongs": "H6828",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/ג֤וֹי",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "גָּדוֹל֙",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְלָכִ֣ים",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "רַבִּ֔ים",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "יֵעֹ֖רוּ",
          "strongs": "H5782",
          "morph": "HVNi3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/יַּרְכְּתֵי",
          "strongs": "H3411",
          "morph": "HR/Ncfdc"
        },
        {
          "woord": "אָֽרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zie,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> daar komt een volk uit het noorden; en een grote natie, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> geweldige koningen zullen van de zijden van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> de aarde opgewekt worden.",
      "textSV1888_html": "Ziet,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> daar komt een volk uit het noorden; en een grote natie, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> geweldige koningen zullen van de zijden der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> aarde opgewekt worden.",
      "text1637_html": "Siet, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> daer komt een volck uyt het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"103\">103</sup> Noorden: ende eene groote natie, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> geweldige Coningen sullen van de zijden der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> aerde opgeweckt worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ziet,",
          "new": "Zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 42,
      "textSV1888": "Boog en spies zullen zij voeren; wreed zijn zij, en zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust als een man ten oorlog, tegen u, o dochter van Babel!",
      "text1637": "Boge ende spiesse sullen sy voeren, wreet zijnse, ende en sullen niet barmhertich zijn; hare stemme sal bruysen als de zee, ende op peerden sullense rijden: [106] het is toegerust als een man ter oorloge, tegen u, ô dochter van Babel.",
      "text2026": "Boog en speer zullen zij voeren; wreed zijn zij, en zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust als een man ten oorlog, tegen u, o dochter van Babel!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "107",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "107 het is toegerust als een man ten oorlog: Te weten volk, of een ieder van hen is toegerust, gelijk boven Jer. 6:23, van Babel, tegen de dochter van Zion. Jeremia 6:23: Boog en spies zullen zij voeren, het is een wreed volk, en zij zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust, als een man ten oorlog tegen u, o dochter van Sion!",
          "text1637": "",
          "text2026": "107 het is toegerust als een man ten oorlog: Te weten volk, of een ieder van hen is toegerust, gelijk boven Jer. 6:23, van Babel, tegen de dochter van Zion. Jeremia 6:23: Boog en spies zullen zij voeren, het is een wreed volk, en zij zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust, als een man ten oorlog tegen u, o dochter van Sion!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קֶ֣שֶׁת",
          "strongs": "H7198",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כִידֹ֞ן",
          "strongs": "H3591",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יַחֲזִ֗יקוּ",
          "strongs": "H2388",
          "morph": "HVhi3mp"
        },
        {
          "woord": "אַכְזָרִ֥י",
          "strongs": "H394",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "הֵ֨מָּה֙",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HPp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יְרַחֵ֔מוּ",
          "strongs": "H7355",
          "morph": "HVpi3mp"
        },
        {
          "woord": "קוֹלָ/ם֙",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כַּ/יָּ֣ם",
          "strongs": "H3220",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יֶהֱמֶ֔ה",
          "strongs": "H1993",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "סוּסִ֖ים",
          "strongs": "H5483",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יִרְכָּ֑בוּ",
          "strongs": "H7392",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "עָר֗וּךְ",
          "strongs": "H6186",
          "morph": "HVqsmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּ/אִישׁ֙",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/מִּלְחָמָ֔ה",
          "strongs": "H4421",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֖יִ/ךְ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "בַּת",
          "strongs": "H1323",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶֽל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Boog en speer zullen zij voeren; wreed zijn zij, en zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust als een man ten oorlog, tegen u, o dochter van Babel!",
      "textSV1888_html": "Boog en spies zullen zij voeren; wreed zijn zij, en zullen niet barmhartig zijn; hun stem zal bruisen als de zee, en op paarden zullen zij rijden; het is toegerust als een man ten oorlog, tegen u, o dochter van Babel!",
      "text1637_html": "Boge ende spiesse sullen sy voeren, wreet zijnse, ende en sullen niet barmhertich zijn; hare stemme sal bruysen als de zee, ende op peerden sullense rijden: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"106\">106</sup> het is toegerust als een man ter oorloge, tegen u, ô dochter van Babel.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "spies",
          "new": "speer",
          "principe": "V326"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 43,
      "textSV1888": "De koning van Babel heeft hunlieder gerucht gehoord, en zijn handen zijn slap geworden; benauwdheid heeft hem aangegrepen, weedom als van een barende vrouw.",
      "text1637": "De Coninck van Babel heeft haerlieder geruchte gehoort, ende sijne handen zijn slap geworden: [i] benaeutheyt heeft hem aengegrepen, weedom als eener barender [vrouwe].",
      "text2026": "De koning van Babel heeft hun gerucht gehoord, en zijn handen zijn slap geworden; benauwdheid heeft hem aangegrepen, smart als van een barende vrouw.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "i",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:24. Jeremia 49:24: Damaskus is slap geworden, zij heeft zich gewend, om te vluchten, en siddering heeft haar aangegrepen; benauwdheid en smarten als van een barende vrouw hebben haar bevangen;",
          "text1637": "Ier. 49.24.",
          "text2026": "Jer. 49:24. Jeremia 49:24: Damascus is slap geworden, zij heeft zich gewend, om te vluchten, en siddering heeft haar aangegrepen; benauwdheid en smarten als van een barende vrouw hebben haar bevangen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שָׁמַ֧ע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מֶֽלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֛ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "שִׁמְעָ֖/ם",
          "strongs": "H8088",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/רָפ֣וּ",
          "strongs": "H7503",
          "morph": "HC/Vqp3cp"
        },
        {
          "woord": "יָדָ֑י/ו",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "צָרָה֙",
          "strongs": "H6869",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "הֶחֱזִיקַ֔תְ/הוּ",
          "strongs": "H2388",
          "morph": "HVhp3fs/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "חִ֖יל",
          "strongs": "H2427",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כַּ/יּוֹלֵדָֽה",
          "strongs": "H3205",
          "morph": "HRd/Vqrfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "De koning van Babel heeft hun gerucht gehoord, en zijn handen zijn slap geworden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> benauwdheid heeft hem aangegrepen, smart als van een barende vrouw.",
      "textSV1888_html": "De koning van Babel heeft hunlieder gerucht gehoord, en zijn handen zijn slap geworden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> benauwdheid heeft hem aangegrepen, weedom als van een barende vrouw.",
      "text1637_html": "De Coninck van Babel heeft haerlieder geruchte gehoort, ende sijne handen zijn slap geworden: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> benaeutheyt heeft hem aengegrepen, weedom als eener barender [vrouwe].",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "hunlieder",
          "new": "hun",
          "principe": "V329"
        },
        {
          "old": "weedom",
          "new": "smart",
          "principe": "V1020"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 44,
      "textSV1888": "Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing der Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe verkoren is, dien zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden? En wie is de herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?",
      "text1637": "[k] [107] Siet, gelijck een Leeuw van de verheffinge der Iordane, sal hy opkomen tegen de stercke wooninge; want ick [108] salse in een oogenblick daer uyt doen loopen; ende wie [daer toe] verkoren is [dien] sal ick tegen haer bestellen: want [l] wie is my gelijck? ende wie soude my verdachvaerden? ende wie is de Herder, die voor mijn aengesichte bestaen soude?",
      "text2026": "Zie, gelijk een leeuw van de verheffing van de Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe gekozen is, die zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden? En wie is de herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "108",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven Jer. 49:19, en de volgende verzen, tot Jer. 49:22? toe, waar vast met dezelfde woorden geprofeteerd wordt van den optocht des konings van Babel tegen Edom, die hier staan van Cyrus' optocht tegen Babel, om te kennen te geven dat men Babel weder zou doen gelijk zij anderen volken gedaan had. Zie de aantekening aldaar en vergelijk Openb. 18:6. Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing der Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe verkoren is, dien zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou? Jeremia 49:22: Ziet, hij zal opkomen en snel vliegen, als een arend, en zijn vleugelen over Bozra uitbreiden; en het hart van Edoms helden zal te dien dage wezen, als het hart ener vrouw, die in nood is. Openbaring 18:6: Vergeldt haar, gelijk als zij ulieden vergolden heeft, en verdubbelt haar dubbel, naar haar werken; in den drinkbeker, waarin zij geschonken heeft, schenkt haar dubbel.",
          "text1637": "T.w. de Babyloniers uyt Babel.",
          "text2026": "Zie boven Jer. 49:19, en de volgende verzen, tot Jer. 49:22? toe, waar vast met dezelfde woorden geprofeteerd wordt van de optocht van de koning van Babel tegen Edom, die hier staan van Cyrus' optocht tegen Babel, om te kennen te geven dat men Babel weer zou doen gelijk zij anderen volken gedaan had. Zie de aantekening daar en vergelijk Openb. 18:6. Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing van de Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe gekozen is, die zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou? Jeremia 49:22: Ziet, hij zal opkomen en snel vliegen, als een adelaar, en zijn vleugelen over Bozra uitbreiden; en het hart van Edoms helden zal op die dag wezen, als het hart van een vrouw, die in nood is. Openbaring 18:6: Vergeldt haar, gelijk als zij u vergolden heeft, en verdubbelt haar dubbel, naar haar werken; in de drinkbeker, waarin zij geschonken heeft, schenkt haar dubbel."
        },
        {
          "marker": "109",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "109 zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen: Te weten de Babyloniërs uit Babel.",
          "text1637": "",
          "text2026": "109 zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen: Te weten de Babyloniërs uit Babel."
        },
        {
          "marker": "k",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:19. Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing der Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe verkoren is, dien zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?",
          "text1637": "Ier. 49.19, etc.",
          "text2026": "Jer. 49:19. Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing van de Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe gekozen is, die zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?"
        },
        {
          "marker": "l",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Job 41:1; Jer. 49:19. Job 41:1: Niemand is zo koen, dat hij hem opwekken zou; wie is dan hij, die zich voor Mijn aangezicht stellen zou? Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing der Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe verkoren is, dien zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?",
          "text1637": "Iob 41.1. Ierem. 49.19.",
          "text2026": "Job 41:1; Jer. 49:19. Job 41:1: Niemand is zo koen, dat hij hem opwekken zou; wie is dan hij, die zich voor Mijn aangezicht stellen zou? Jeremia 49:19: Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing van de Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik zal hem in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe gekozen is, die zal Ik tegen haar bestellen; want wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden, en wie is die herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִ֠נֵּה",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "כְּ/אַרְיֵ֞ה",
          "strongs": "H738",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יַעֲלֶ֨ה",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/גְּא֣וֹן",
          "strongs": "H1347",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יַּרְדֵּן֮",
          "strongs": "H3383",
          "morph": "HTd/Np"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "נְוֵ֣ה",
          "strongs": "H5116",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "אֵיתָן֒",
          "strongs": "H386",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אַרְגִּ֤עָה",
          "strongs": "H7280",
          "morph": "HVhh1cs"
        },
        {
          "woord": "ארוצ/ם",
          "strongs": "H7323",
          "morph": "HVqi1cs/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מֵֽ/עָלֶ֔י/הָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/R/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ֥י",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HC/Ti"
        },
        {
          "woord": "בָח֖וּר",
          "strongs": "H970",
          "morph": "HVqsmsa"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֣י/הָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "אֶפְקֹ֑ד",
          "strongs": "H6485",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "מִ֤י",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "כָמ֨וֹ/נִי֙",
          "strongs": "H3644",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ֣י",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HC/Ti"
        },
        {
          "woord": "יוֹעִדֶ֔/נִּי",
          "strongs": "H3259",
          "morph": "HVhi3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִֽי",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HC/Ti"
        },
        {
          "woord": "זֶ֣ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HPdxms"
        },
        {
          "woord": "רֹעֶ֔ה",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "יַעֲמֹ֖ד",
          "strongs": "H5975",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/פָנָֽ/י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Zie, gelijk een leeuw van de verheffing van de Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe gekozen is, die zal Ik tegen haar bestellen; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden? En wie is de herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Ziet, gelijk een leeuw van de verheffing der Jordaan, zal hij opkomen tegen de sterke woning; want Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> zal hen in een ogenblik daaruit doen lopen; en wie daartoe verkoren is, dien zal Ik tegen haar bestellen; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> wie is Mij gelijk, en wie zou Mij dagvaarden? En wie is de herder, die voor Mijn aangezicht bestaan zou?",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"107\">107</sup> Siet, gelijck een Leeuw van de verheffinge der Iordane, sal hy opkomen tegen de stercke wooninge; want ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> salse in een oogenblick daer uyt doen loopen; ende wie [daer toe] verkoren is [dien] sal ick tegen haer bestellen: want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> wie is my gelijck? ende wie soude my verdachvaerden? ende wie is de Herder, die voor mijn aengesichte bestaen soude?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ziet,",
          "new": "Zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "verkoren",
          "new": "gekozen",
          "principe": "V594"
        },
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 45,
      "textSV1888": "Daarom hoort den raadslag des HEEREN, dien Hij over Babel heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over het land der Chaldeeën: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen nedertrekken! Zo hij de woning boven hen niet zal verwoesten!",
      "text1637": "Daerom hooret den [m] raetslach des HEEREN, dien hy over Babel heeft beraetslaegt, ende sijne gedachten, die hy gedacht heeft over het lant der Chaldeen: so de geringste van de kudde hen niet en sullen nedertrecken! So hy de wooninge boven hen niet en sal verwoesten!",
      "text2026": "Daarom hoort de raadslag van JAHWEH, die Hij over Babel heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over het land van de Chaldeeën: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen neertrekken! Zo hij de woning boven hen niet zal verwoesten!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "m",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:20. Jeremia 49:20: Daarom hoort des HEEREN raadslag, dien Hij over Edom heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over de inwoners van Theman: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen nedertrekken! Indien hij hunlieder woning niet boven hen zal verwoesten!",
          "text1637": "Ier. 49.20.",
          "text2026": "Jer. 49:20. Jeremia 49:20: Daarom hoort van JAHWEH raadslag, die Hij over Edom heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over de inwoners van Theman: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen nedertrekken! Als hij hunlieder woning niet boven hen zal verwoesten!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/כֵ֞ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HR/D"
        },
        {
          "woord": "שִׁמְע֣וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "עֲצַת",
          "strongs": "H6098",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "יָעַץ֙",
          "strongs": "H3289",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בָּבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/מַ֨חְשְׁבוֹתָ֔י/ו",
          "strongs": "H4284",
          "morph": "HC/Ncfpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "חָשַׁ֖ב",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "כַּשְׂדִּ֑ים",
          "strongs": "H3778",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֤א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִסְחָבוּ/ם֙",
          "strongs": "H5498",
          "morph": "HVqi3mp/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "צְעִירֵ֣י",
          "strongs": "H6810",
          "morph": "HAampc"
        },
        {
          "woord": "הַ/צֹּ֔אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יַשִּׁ֛ים",
          "strongs": "H8074",
          "morph": "HVhi3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי/הֶ֖ם",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "נָוֶֽה",
          "strongs": "H5116",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Daarom hoort de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> raadslag van JAHWEH, die Hij over Babel heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over het land van de Chaldeeën: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen neertrekken! Zo hij de woning boven hen niet zal verwoesten!",
      "textSV1888_html": "Daarom hoort den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> raadslag des HEEREN, dien Hij over Babel heeft beraadslaagd, en Zijn gedachten, die Hij gedacht heeft over het land der Chaldeeën: Zo de geringsten van de kudde hen niet zullen nedertrekken! Zo hij de woning boven hen niet zal verwoesten!",
      "text1637_html": "Daerom hooret den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> raetslach des HEEREN, dien hy over Babel heeft beraetslaegt, ende sijne gedachten, die hy gedacht heeft over het lant der Chaldeen: so de geringste van de kudde hen niet en sullen nedertrecken! So hy de wooninge boven hen niet en sal verwoesten!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN, dien",
          "new": "van JAHWEH, die",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "nedertrekken!",
          "new": "neertrekken!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 46,
      "textSV1888": "De aarde is bevende geworden van het geluid der inneming van Babel, en het gekrijt is gehoord onder de volken.",
      "text1637": "De [n] aerde is bevende geworden van’t [109] geluyt der inneminge van Babel: ende het gekrijt is gehoort onder de volcken.",
      "text2026": "De aarde is bevende geworden van het geluid van de inneming van Babel, en het hulpgeroep is gehoord onder de volken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "110",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "110 geluid der inneming van Babel: Of, gerucht. Hebreeuws, stem.",
          "text1637": "",
          "text2026": "110 geluid van de inneming van Babel: Of, gerucht. Hebreeuws, stem (קּוֹל)."
        },
        {
          "marker": "n",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jer. 49:21. Jeremia 49:21: De aarde heeft gebeefd van het geluid huns vals, van het gekrijt, welks geluid gehoord is bij de Schelfzee.",
          "text1637": "Ier. 49.21.",
          "text2026": "Jer. 49:21. Jeremia 49:21: De aarde heeft gebeefd van het geluid huns vals, van het gekrijt, welks geluid gehoord is bij de Schelfzee."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/קּוֹל֙",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נִתְפְּשָׂ֣ה",
          "strongs": "H8610",
          "morph": "HVNp3fs"
        },
        {
          "woord": "בָבֶ֔ל",
          "strongs": "H894",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נִרְעֲשָׁ֖ה",
          "strongs": "H7493",
          "morph": "HVNp3fs"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֑רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/זְעָקָ֖ה",
          "strongs": "H2201",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/גּוֹיִ֥ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "נִשְׁמָֽע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVNp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> aarde is bevende geworden van het geluid van de inneming van Babel, en het hulpgeroep is gehoord onder de volken.",
      "textSV1888_html": "De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> aarde is bevende geworden van het geluid der inneming van Babel, en het gekrijt is gehoord onder de volken.",
      "text1637_html": "De <sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> aerde is bevende geworden van’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"109\">109</sup> geluyt der inneminge van Babel: ende het gekrijt is gehoort onder de volcke<i>n</i>.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gekrijt",
          "new": "hulpgeroep",
          "principe": "V997"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Wijtloopige prophetye vande verstooringe der stadt Babel ende des lants der Chaldeen, door de Persen ende Meden, van wegen hare afgoderye, tyrannye, ende hoochmoet: met tusschen ingevoegde schoone beloften van de verlossinge des Ioodschen volcks uyt de Babylonische gevanckenisse, ende der algemeyne kercke uyt de geestelicke gevanckenisse door den Messia.",
    "text2026": "Uitvoerige profetie over de verwoesting van de stad Babel en het land van de Chaldeeën, door de Perzen en Meden, vanwege hun afgoderij, tirannie en hoogmoed; met tussengevoegde schone beloften over de verlossing van het Joodse volk uit de Babylonische gevangenschap, en van de algemene kerk uit de geestelijke gevangenschap door de Messias."
  }
}
