{
  "number": 3,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Aleph. Ik ben de man, die ellende gezien heeft door de roede Zijner verbolgenheid.",
      "text1637": "[1] ALeph. [2] Ick ben de man, [die] elende gesien heeft door de roede [3] sijner verbolgentheyt.",
      "text2026": "א Aleph. Ik ben de man, die ellende gezien heeft door de roede van Zijn toorn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "In dit hoofdstuk zijn doorgaans drie verzen na elkander met dezelfde letter beginnende; zie boven Klaagl. 1:1. Klaagliederen 1:1: Aleph. Hoe zit die stad zo eenzaam, die vol volks was, zij is als een weduwe geworden, zij, die groot was onder de heidenen, een vorstin onder de landschappen, is schatplichtig geworden.",
          "text1637": "In dit cap. zijn doorgaens drie versen na malkanderen met de selve letter beginnende. siet bov. cap. 1. op vers 1.",
          "text2026": "In dit hoofdstuk zijn doorgaans drie verzen na elkaar met dezelfde letter beginnende; zie boven Klaagl. 1:1. Klaagliederen 1:1: Aleph. Hoe zit die stad zo eenzaam, die vol volks was, zij is als een weduwe geworden, zij, die groot was onder de heidenen, een vorstin onder de landschappen, is schatplichtig geworden."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "2 Ik ben de man: De profeet spreekt hier van zichzelven alleen niet onder den naam van een man, maar van de gehele kerk, die maar één lichaam uitmaakt.",
          "text1637": "De Prophete en spreeckt hier van hemselven alleen niet, onder den name van een man, maer van de geheele kercke, die maer een lichaem en maeckt.",
          "text2026": "2 Ik ben de man: De profeet spreekt hier van zichzelven alleen niet onder de naam van een man, maar van de gehele kerk, die maar één lichaam uitmaakt."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "3 Zijner verbolgenheid: Te weten des Heeren; vergelijk Jes. 10:5. Jesaja 10:5: Wee den Assyriër, die de roede Mijns toorns is, en Mijn grimmigheid is een stok in hun hand!",
          "text1637": "T.w. des Heeren. Vergel. Ies 10.5.",
          "text2026": "3 Zijn toorn: Te weten van de Heern; vergelijk Jes. 10:5. Jesaja 10:5: Wee de Assyriër, die de roede van Mijn toorn is, en Mijn grimmigheid is een stok in hun hand!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲנִ֤י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "הַ/גֶּ֨בֶר֙",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "רָאָ֣ה",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "עֳנִ֔י",
          "strongs": "H6040",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שֵׁ֖בֶט",
          "strongs": "H7626",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עֶבְרָתֽ/וֹ",
          "strongs": "H5678",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> <span class=\"acrostichon\">א Aleph.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Ik ben de man, die ellende gezien heeft door de roede<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> van Zijn toorn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Aleph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Ik ben de man, die ellende gezien heeft door de roede<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Zijner verbolgenheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> ALeph. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Ick ben de man, [die] elende gesien heeft door de roede <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> sijner verbolgentheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Zijner verbolgenheid.",
          "new": "van Zijn toorn.",
          "principe": "N7"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Ik",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H589"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲנִ֤י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "man",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1397"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַ/גֶּ֨בֶר֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gezien",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7200"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רָאָ֣ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ellende",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6040"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֳנִ֔י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "roede",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7626"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/שֵׁ֖בֶט"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "toorn",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5678"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֶבְרָתֽ/וֹ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:1",
            "bronindices": [
              5
            ]
          },
          "toelichting": "עֶבְרָה ('verbolgenheid') is in deze uitgave als 'toorn' weergegeven."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Aleph. Hij heeft mij geleid en gevoerd in de duisternis, en niet in het licht.",
      "text1637": "Aleph. Hy heeft my geleydet ende gevoert [4] [in] de duysternisse, ende niet [in] ’t licht.",
      "text2026": "א Aleph. Hij heeft mij geleid en gevoerd in de duisternis, en niet in het licht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "4 in de duisternis: Dat is, in grote ellenden en zwarigheden; zie Gen. 15:12. Alzo betekent licht hier groten welstand; zie Ps. 27:1. Genesis 15:12: En het geschiedde, als de zon was aan het ondergaan, zo viel een diepe slaap op Abram; en ziet, een schrik, en grote duisternis viel op hem. Psalmen 27:1: Een psalm van David. De HEERE is mijn Licht en mijn Heil, voor wien zou ik vrezen? De HEERE is mijns levens kracht, voor wien zou ik vervaard zijn?",
          "text1637": "D. in groote elenden ende swaricheden. Siet Gen. 15. op vers 12. Alsoo beteeckent licht hier, grooten welstant. Siet Psal. 27. op vers 1.",
          "text2026": "4 in de duisternis: Dat is, in grote ellenden en zwarigheden; zie Gen. 15:12. Zo betekent licht hier grote welstand; zie Ps. 27:1. Genesis 15:12: En het geschiedde, als de zon was aan het ondergaan, zo viel een diepe slaap op Abram; en ziet, een schrik, en grote duisternis viel op hem. Psalmen 27:1: Een psalm van David. JAHWEH is mijn Licht en mijn Heil, voor wie zou ik vrezen? JAHWEH is mijn levens kracht, voor wie zou ik vervaard zijn?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אוֹתִ֥/י",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נָהַ֛ג",
          "strongs": "H5090",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֹּלַ֖ךְ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "חֹ֥שֶׁךְ",
          "strongs": "H2822",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "אֽוֹר",
          "strongs": "H216",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">א Aleph.</span> Hij heeft mij geleid en gevoerd<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> in de duisternis, en niet in het licht.",
      "textSV1888_html": "Aleph. Hij heeft mij geleid en gevoerd<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> in de duisternis, en niet in het licht.",
      "text1637_html": "Aleph. Hy heeft my geleydet ende gevoert <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> [in] de duysternisse, ende niet [in] ’t licht.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H853"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אוֹתִ֥/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "anker": "mij",
          "plaats": "voor",
          "status": "niet_afzonderlijk_weergegeven",
          "toelichting": "אוֹתִי is het lijdend-voorwerpteken אֵת met suffix 1cs; het teken zelf is niet afzonderlijk vertaald."
        },
        {
          "tekst": "geleid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5090"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נָהַ֛ג"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gevoerd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3212"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יֹּלַ֖ךְ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "gids_strongs": [
            "H1980"
          ],
          "toelichting": "MorphHB leest hier H3212 (יָלַךְ); de uitlijngids geeft H1980. MorphHB is leidend."
        },
        {
          "tekst": "duisternis",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2822"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חֹ֥שֶׁךְ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/לֹא"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "licht",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H216"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֽוֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:2",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Aleph. Hij heeft Zich immers tegen mij gewend, Hij heeft Zijn hand den gansen dag veranderd.",
      "text1637": "Aleph. Hy heeft sich immers tegens my gewendt, hy heeft sijne [5] hant den gantschen dach [6] verandert.",
      "text2026": "א Aleph. Hij heeft Zich immers tegen mij gewend, Hij heeft Zijn hand de hele dag veranderd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "5 Zijn hand: Dat is, plaag, straf. Zie Ps. 32:4. Psalmen 32:4: Want Uw hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn sap werd veranderd in zomerdroogten. Sela.",
          "text1637": "D. plage, straffe. Siet Psal. 32.4.",
          "text2026": "5 Zijn hand: Dat is, plaag, straf. Zie Ps. 32:4. Psalmen 32:4: Want Uw hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn sap werd veranderd in zomerdroogten. Sela."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, omgekeerd; de zin is: Nu slaat Hij mij met die hand, met welke Hij mij tevoren heeft beschut en beschermd. In één woord: Hij stelt zich geheel anders tegen mij dan Hij placht te doen; zie de aantekening Ps. 77:11. Psalmen 77:11: Daarna zeide ik: Dit krenkt mij; maar de rechterhand des Allerhoogsten verandert.",
          "text1637": "Of, omgekeert. De sin is, nu slaet hy my met die hant, met de welcke hy my te vooren heeft beschut ende beschermt. In somma, hy stelt sich heel anders tegens my, dan hy pleecht te doen. Siet Psal. 77. de aenteeck. op vers11.",
          "text2026": "Of, omgekeerd; de zin is: Nu slaat Hij mij met die hand, met welke Hij mij tevoren heeft beschut en beschermd. In één woord: Hij stelt zich geheel anders tegen mij dan Hij placht te doen; zie de aantekening Ps. 77:11. Psalmen 77:11: Daarna zei ik: Dit krenkt mij; maar de rechterhand van de Allerhoogste verandert."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַ֣ךְ",
          "strongs": "H389",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "בִּ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יָשֻׁ֛ב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יַהֲפֹ֥ךְ",
          "strongs": "H2015",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יָד֖/וֹ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּֽוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">א Aleph.</span> Hij heeft Zich immers tegen mij gewend, Hij heeft Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> hand de hele dag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> veranderd.",
      "textSV1888_html": "Aleph. Hij heeft Zich immers tegen mij gewend, Hij heeft Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> hand den gansen dag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> veranderd.",
      "text1637_html": "Aleph. Hy heeft sich immers tegens my gewendt, hy heeft sijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> hant den gantschen dach <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> verandert.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "immers",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H389"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אַ֣ךְ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gewend",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7725"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יָשֻׁ֛ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "veranderd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2015"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יַהֲפֹ֥ךְ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hand",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3027"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יָד֖/וֹ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hele",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dag",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3117"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַ/יּֽוֹם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:3",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Beth. Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt, Hij heeft mijn beenderen gebroken.",
      "text1637": "Beth. [7] Hy heeft mijn vleesch, ende mijne huyt out gemaeckt, hy heeft mijne [8] beenderen gebroken.",
      "text2026": "ב Beth. Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt, Hij heeft mijn beenderen gebroken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "7 Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt: Dat is, de tekenen van zijn zware hand tegen mij, vanwege mijne zonden, blijken daaraan, dat mijn vlees vergaat en mijne huid verrimpelt.",
          "text1637": "D. de teeckenen van sijne sware hant tegen my, van wegen mijne sonden, blijcken daer aen, dat mijn vleesch vergaet, ende mijne huyt verschrimpelt.",
          "text2026": "7 Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt: Dat is, de tekenen van zijn zware hand tegen mij, vanwege mijn zonden, blijken daaraan, dat mijn vlees vergaat en mijn huid verrimpelt."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "8 beenderen gebroken: Dat is, Hij heeft mij al mijne kracht benomen. Zie ook boven Klaagl. 1:13, en Ps. 6:3, 6:4, en Ps. 32:3, en Ps. 51:10, en Ps. 141:7; Jes. 38:13. Klaagliederen 1:13: Mem. Van de hoogte heeft Hij een vuur in mijn beenderen gezonden, waarover Hij geheerst heeft; Hij heeft voor mijn voeten een net uitgebreid, Hij heeft mij achterwaarts doen keren, Hij heeft mij woest en ziek gemaakt den gansen dag. Psalmen 6:3: Wees mij genadig, HEERE, want ik ben verzwakt; genees mij, HEERE, want mijn beenderen zijn verschrikt. Psalmen 6:4: Ja, mijn ziel is zeer verschrikt; en Gij, HEERE, hoe lange? Psalmen 32:3: Toen ik zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen den gansen dag. Psalmen 51:10: Doe mij vreugde en blijdschap horen; dat de beenderen zich verheugen, die Gij verbrijzeld hebt. Psalmen 141:7: Onze beenderen zijn verstrooid aan den mond des grafs, gelijk of iemand op de aarde iets gekloofd en verdeeld had. Jesaja 38:13: Ik stelde mij voor tot den morgenstond toe; gelijk een leeuw, alzo zal Hij al mijn beenderen breken; van den dag tot den nacht zult Gij mij ten einde gebracht hebben.",
          "text1637": "D. hy heeft my al mijne kracht benomen. Siet oock bov. cap. 1.13. ende Psal. 6.3, 4. ende 32.3. ende 51.19. ende 141.7. Ies. 38.13.",
          "text2026": "8 beenderen gebroken: Dat is, Hij heeft mij al mijn kracht benomen. Zie ook boven Klaagl. 1:13, en Ps. 6:3, 6:4, en Ps. 32:3, en Ps. 51:10, en Ps. 141:7; Jes. 38:13. Klaagliederen 1:13: Mem. Van de hoogte heeft Hij een vuur in mijn beenderen gezonden, waarover Hij geheerst heeft; Hij heeft voor mijn voeten een net uitgebreid, Hij heeft mij achterwaarts doen keren, Hij heeft mij woest en ziek gemaakt de gansen dag. Psalmen 6:3: Wees mij genadig, JAHWEH, want ik ben verzwakt; genees mij, JAHWEH, want mijn beenderen zijn verschrikt. Psalmen 6:4: Ja, mijn ziel is zeer verschrikt; en U, JAHWEH, hoe lange? Psalmen 32:3: Toen ik zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen de gansen dag. Psalmen 51:10: Doe mij vreugde en blijdschap horen; dat de beenderen zich verheugen, die U verbrijzeld hebt. Psalmen 141:7: Onze beenderen zijn verstrooid aan de mond van het graf, gelijk of iemand op de aarde iets gekloofd en verdeeld had. Jesaja 38:13: Ik stelde mij voor tot de morgenstond toe; gelijk een leeuw, zo zal Hij al mijn beenderen breken; van de dag tot de nacht zult U mij ten einde gebracht hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בִּלָּ֤ה",
          "strongs": "H1086",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְשָׂרִ/י֙",
          "strongs": "H1320",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/עוֹרִ֔/י",
          "strongs": "H5785",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שִׁבַּ֖ר",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "עַצְמוֹתָֽ/י",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HNcfpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ב Beth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt, Hij heeft mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> beenderen gebroken.",
      "textSV1888_html": "Beth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Hij heeft mijn vlees en mijn huid oud gemaakt, Hij heeft mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> beenderen gebroken.",
      "text1637_html": "Beth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Hy heeft mijn vleesch, ende mijne huyt out gemaeckt, hy heeft mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> beenderen gebroken.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "oud",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1086"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בִּלָּ֤ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:4",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "בִּלָּה ('Hij liet verslijten') is met 'oud gemaakt' weergegeven; 'oud' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "vlees",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1320"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְשָׂרִ/י֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:4",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "huid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5785"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/עוֹרִ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:4",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gebroken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7665"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שִׁבַּ֖ר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:4",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "beenderen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6106"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַצְמוֹתָֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:4",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd.",
      "text1637": "Beth. Hy [9] heeft tegen my gebouwt, ende hy heeft [my met] [10] galle ende moeyte omringt.",
      "text2026": "ב Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "10 galle en moeite omringd: De gal betekent, vanwege hare bitterheid, grote ellenden en kwaad, dat den mensen overkomt, alzo vers 19; Jer. 8:14, en Jer. 9:15, en Jer. 23:15; zie Ps. 69:22. Klaagliederen 3:19: Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan den alsem en galle. Jeremia 8:14: Waarom blijven wij zitten? Verzamelt u, en laat ons ingaan in de vaste steden, en aldaar stilzwijgen; immers heeft ons de HEERE, onze God, doen stilzwijgen, en ons met gallewater gedrenkt, omdat wij tegen den HEERE gezondigd hebben. Jeremia 9:15: Daarom zegt de HEERE der heirscharen, de God Israëls, alzo: Ziet, Ik zal dit volk spijzen met alsem, en Ik zal hen drenken met gallewater; Jeremia 23:15: Daarom zegt de HEERE der heirscharen van deze profeten alzo: Ziet, Ik zal hen met alsem spijzigen, en met gallewater drenken; want van Jeruzalems profeten is de huichelarij uitgegaan in het ganse land. Psalmen 69:22: Ja, zij hebben mij gal tot mijn spijs gegeven; en in mijn dorst hebben zij mij edik te drinken gegeven.",
          "text1637": "De galle beteeckent, van wegen hare bitterheyt, groote elenden ende quaet, dat den menschen over komt. alsoo vers 19. ende Ier.8.14. ende 9.15. ende 23.15. siet Psal. 69. op vers 22.",
          "text2026": "10 galle en moeite omringd: De gal betekent, vanwege haar bitterheid, grote ellenden en kwaad, dat de mensen overkomt, zo vers 19; Jer. 8:14, en Jer. 9:15, en Jer. 23:15; zie Ps. 69:22. Klaagliederen 3:19: Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan de alsem en galle. Jeremia 8:14: Waarom blijven wij zitten? Verzamelt u, en laat ons ingaan in de vaste steden, en daar stilzwijgen; immers heeft ons JAHWEH, onze God, doen stilzwijgen, en ons met gallewater gedrenkt, omdat wij tegen JAHWEH gezondigd hebben. Jeremia 9:15: Daarom zegt JAHWEH van de legermachten, de God van Israël, zo: Ziet, Ik zal dit volk spijzen met alsem, en Ik zal hen drenken met gallewater; Jeremia 23:15: Daarom zegt JAHWEH van de legermachten van deze profeten zo: Ziet, Ik zal hen met alsem spijzigen, en met gallewater drenken; want van Jeruzalems profeten is de huichelarij uitgegaan in het gehele land. Psalmen 69:22: Ja, zij hebben mij gal tot mijn voedsel gegeven; en in mijn dorst hebben zij mij edik te drinken gegeven."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "9 heeft tegen mij gebouwd: Dat is, Hij heeft mij rondom bezet en besloten als met bolwerken der ellenden, zodat ik zijn hand niet kan ontkomen of tegenstaan; zie Job 10:17. Job 10:17: Gij vernieuwt Uw getuigen tegenover mij, en vermenigvuldigt Uw toorn tegen mij; verwisselingen, ja, een heirleger, zijn tegen mij.",
          "text1637": "D. hy heeft my rontom besett ende besloten, als met bollewercken der elenden, so dat ick sijne hant niet en kan ontkomen, noch tegen staen. siet Iob 10. op vers 17.",
          "text2026": "9 heeft tegen mij gebouwd: Dat is, Hij heeft mij rondom bezet en besloten als met bolwerken van de ellenden, zodat ik zijn hand niet kan ontkomen of tegenstaan; zie Job 10:17. Job 10:17: U vernieuwt Uw getuigen tegenover mij, en vermenigvuldigt Uw toorn tegen mij; verwisselingen, ja, een heirleger, zijn tegen mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בָּנָ֥ה",
          "strongs": "H1129",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֛/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּקַּ֖ף",
          "strongs": "H5362",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "רֹ֥אשׁ",
          "strongs": "H7219",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/תְלָאָֽה",
          "strongs": "H8513",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ב Beth.</span> Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mij met galle en moeite omringd.",
      "textSV1888_html": "Beth. Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mij met galle en moeite omringd.",
      "text1637_html": "Beth. Hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> heeft tegen my gebouwt, ende hy heeft [my met] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> galle ende moeyte omringt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "gebouwd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1129"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בָּנָ֥ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:5",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלַ֛/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:5",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "omringd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5362"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יַּקַּ֖ף"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:5",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "galle",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7219"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רֹ֥אשׁ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:5",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "moeite",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8513"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וּ/תְלָאָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:5",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Beth. Hij heeft mij gezet in duistere plaatsen, als degenen, die over lang dood zijn.",
      "text1637": "Beth. [11] Hy heeft my gesett in duystere plaetsen, [12] als de gene die over lange doodt zijn.",
      "text2026": "ב Beth. Hij heeft mij gezet in duistere plaatsen, als degenen, die over lang dood zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "11 Hij heeft mij gezet: Dat is, Hij heeft mij in grote zwarigheden gebracht; zie vers 2; Ezech. 37:13. Anderen verstaan dit van de gevangenis, waarin Jeremia heeft gesloten gelegen. Anderen verstaan het van de graven. Klaagliederen 3:2: Aleph. Hij heeft mij geleid en gevoerd in de duisternis, en niet in het licht. Ezechiël 37:13: En gij zult weten, dat Ik de HEERE ben, als Ik uw graven zal hebben geopend, en als Ik u uit uw graven zal hebben doen opkomen, o Mijn volk!",
          "text1637": "D. hy heeft my in groote swaricheden gebracht. siet vers 2. ende Ezech. 37.13. Andre verstaen dit van de gevanckenisse daer in Ieremia heeft besloten gelegen. Andre verstaen’t van de graven.",
          "text2026": "11 Hij heeft mij gezet: Dat is, Hij heeft mij in grote zwarigheden gebracht; zie vers 2; Ez. 37:13. Anderen verstaan dit van de gevangenis, waarin Jeremia heeft gesloten gelegen. Anderen verstaan het van de graven. Klaagliederen 3:2: Aleph. Hij heeft mij geleid en gevoerd in de duisternis, en niet in het licht. Ezechiël 37:13: En u zult weten, dat Ik JAHWEH ben, als Ik uw graven zal hebben geopend, en als Ik u uit uw graven zal hebben doen opkomen, o Mijn volk!"
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "12 als degenen: Hebreeuws, als de doden der eeuwigheid; dat is gelijk degenen, die over langen tijd gestorven en nu al vergeten zijn; vergelijk Ps. 88:5, 88:6, 88:7, en Ps. 143:3, en de aantekening aldaar. Psalmen 88:5: Ik ben gerekend met degenen, die in de kuil nederdalen; ik ben geworden als een man, die krachteloos is; Psalmen 88:6: Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die Gij niet meer gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand. Psalmen 88:7: Gij hebt mij in den ondersten kuil gelegd, in duisternissen, in diepten. Psalmen 143:3: Want de vijand vervolgt mijn ziel, hij vertreedt mijn leven ter aarde; hij legt mij in duisternissen, als degenen, die over lang dood zijn.",
          "text1637": "Hebr. als de doode der eeuwicheyt. D. gelijck de gene die over langen tijt gestorven zijn, ende nu al vergeten zijn. Vergel. Psal. 88.5, 6, 7. ende Psal. 143.3. ende de aenteeck. aldaer.",
          "text2026": "12 als degenen: Hebreeuws, als de doden van de eeuwigheid (מֵתֵי); dat is gelijk degenen, die over langen tijd gestorven en nu al vergeten zijn; vergelijk Ps. 88:5, 88:6, 88:7, en Ps. 143:3, en de aantekening daar. Psalmen 88:5: Ik ben gerekend met degenen, die in de kuil nederdalen; ik ben geworden als een man, die krachteloos is; Psalmen 88:6: Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die U niet meer gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand. Psalmen 88:7: U hebt mij in de onderste kuil gelegd, in duisternissen, in diepten. Psalmen 143:3: Want de vijand vervolgt mijn ziel, hij vertreedt mijn leven ter aarde; hij legt mij in duisternissen, als degenen, die over lang dood zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/מַחֲשַׁכִּ֥ים",
          "strongs": "H4285",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הוֹשִׁיבַ֖/נִי",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/מֵתֵ֥י",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HR/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָֽם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ב Beth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Hij heeft mij gezet in duistere plaatsen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> als degenen, die over lang dood zijn.",
      "textSV1888_html": "Beth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Hij heeft mij gezet in duistere plaatsen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> als degenen, die over lang dood zijn.",
      "text1637_html": "Beth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Hy heeft my gesett in duystere plaetsen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> als de gene die over lange doodt zijn.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "duistere",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4285"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/מַחֲשַׁכִּ֥ים"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:6",
            "bronindices": [
              1
            ]
          },
          "toelichting": "בְּמַחֲשַׁכִּים ('in duisternissen') is met 'in duistere plaatsen' weergegeven; 'duistere' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "gezet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3427"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הוֹשִׁיבַ֖/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:6",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dood",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4191"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כְּ/מֵתֵ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:6",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "lang",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5769"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עוֹלָֽם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:6",
            "bronindices": [
              3
            ]
          },
          "toelichting": "עוֹלָם ('eeuwigheid') is met 'die over lang dood zijn' weergegeven; 'lang' draagt het lemma."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Gimel. Hij heeft mij toegemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft mijn koperen boeien verzwaard.",
      "text1637": "Gimel. Hy heeft [13] my toegemuert, dat icker niet uytgaen en can: hy heeft [14] mijne kopere boeyen verswaert.",
      "text2026": "ג Gimel. Hij heeft mij ingemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft mijn koperen boeien verzwaard.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "13 mij toegemuurd: Zie Job 19:8; zie ook boven vers 5, en onder vers 9. Job 19:8: Hij heeft mijn weg toegemuurd, dat ik niet doorgaan kan, en over mijn paden heeft Hij duisternis gesteld. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:9: Gimel. Hij heeft mijn wegen toegemuurd met uitgehouwen stenen, Hij heeft mijn paden verkeerd.",
          "text1637": "Siet Iob 19. op vers 8. siet oock bov. vers 5. ende ond. vers 7.",
          "text2026": "13 mij toegemuurd: Zie Job 19:8; zie ook boven vers 5, en onder vers 9. Job 19:8: Hij heeft mijn weg toegemuurd, dat ik niet doorgaan kan, en over mijn paden heeft Hij duisternis gesteld. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:9: Gimel. Hij heeft mijn wegen toegemuurd met uitgehouwen stenen, Hij heeft mijn paden verkeerd."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "14 mijn koperen boeien verzwaard: Of, mijn stalen boeien. Anders, mijn ijzers; dat is, Hij heeft mijne ellenden, die mij omsingelen, van tijd tot tijd meer en meer vergroot.",
          "text1637": "Of, mijne stalene boeyen, And. mijne ysere. D. hy heeft mijne elenden die my omringelen, van tijt tot tijt meer ende meer vergroott.",
          "text2026": "14 mijn koperen boeien verzwaard: Of, mijn stalen boeien. Anders, mijn ijzers; dat is, Hij heeft mijn ellenden, die mij omsingelen, van tijd tot tijd meer en meer vergroot."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גָּדַ֧ר",
          "strongs": "H1443",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּעֲדִ֛/י",
          "strongs": "H1157",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "אֵצֵ֖א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "הִכְבִּ֥יד",
          "strongs": "H3513",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְחָשְׁתִּֽ/י",
          "strongs": "H5178",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ג Gimel.</span> Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> mij ingemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mijn koperen boeien verzwaard.",
      "textSV1888_html": "Gimel. Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> mij toegemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mijn koperen boeien verzwaard.",
      "text1637_html": "Gimel. Hy heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> my toegemuert, dat icker niet uytgaen en can: hy heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> mijne kopere boeyen verswaert.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "toegemuurd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1443"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גָּדַ֧ר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1157"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בַּעֲדִ֛/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              1
            ]
          },
          "anker": "toegemuurd",
          "plaats": "na",
          "status": "niet_afzonderlijk_weergegeven",
          "toelichting": "בַּעֲדִי ('om mij heen') is niet afzonderlijk in het Nederlands weergegeven."
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gaan",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3318"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֵצֵ֖א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verzwaard",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3513"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הִכְבִּ֥יד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "koperen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5178"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נְחָשְׁתִּֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:7",
            "bronindices": [
              5
            ]
          },
          "toelichting": "נְחֻשְׁתִּי ('mijn koper', d.i. bronzen boeien) is met 'mijn koperen boeien' weergegeven; 'koperen' draagt het lemma."
        }
      ],
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "toegemuurd,",
          "new": "ingemuurd,",
          "principe": "V1556"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Gimel. Ook wanneer ik roep en schreeuw, sluit Hij de oren voor mijn gebed.",
      "text1637": "Gimel. Oock wanneer ick roepe ende schreeuwe, [15] sluyt hy [de ooren voor] mijn gebedt.",
      "text2026": "ג Gimel. Ook wanneer ik roep en schreeuw, sluit Hij de oren voor mijn gebed.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "15 sluit Hij: Of, Hij sluit mijn gebed uit; dat is, Hij neemt mijn gebed niet aan, immers gevoel ik geen verlichting; vergelijk Ps. 22:2, en Ps. 77:8, enz. Psalmen 22:2: Mijn God, mijn God! waarom hebt Gij mij verlaten, verre zijnde van mijn verlossing, van de woorden mijns brullens? Psalmen 77:8: Zal dan de Heere in eeuwigheden verstoten, en voortaan niet meer goedgunstig zijn?",
          "text1637": "Of, hy sluyt mijn gebedt uyt. D. hy en neemt mijn gebedt niet aen, immers en gevoele ick geene verlichtinge. Vergel. Psal. 22.1. ende 77.8, etc.",
          "text2026": "15 sluit Hij: Of, Hij sluit mijn gebed uit; dat is, Hij neemt mijn gebed niet aan, immers gevoel ik geen verlichting; vergelijk Ps. 22:2, en Ps. 77:8, enz. Psalmen 22:2: Mijn God, mijn God! waarom hebt U mij verlaten, verre zijnde van mijn verlossing, van de woorden mijn brullens? Psalmen 77:8: Zal dan de Heer in eeuwigheden verstoten, en voortaan niet meer goedgunstig zijn?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גַּ֣ם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶזְעַק֙",
          "strongs": "H2199",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲשַׁוֵּ֔עַ",
          "strongs": "H7768",
          "morph": "HC/Vpi1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׂתַ֖ם",
          "strongs": "H5640",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּתִֽ/י",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ג Gimel.</span> Ook wanneer ik roep en schreeuw,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sluit Hij de oren voor mijn gebed.",
      "textSV1888_html": "Gimel. Ook wanneer ik roep en schreeuw,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sluit Hij de oren voor mijn gebed.",
      "text1637_html": "Gimel. Oock wanneer ick roepe ende schreeuwe, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sluyt hy [de ooren voor] mijn gebedt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Ook",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1571"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גַּ֣ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wanneer",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֤י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "roep",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2199"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶזְעַק֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "schreeuw",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7768"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/אֲשַׁוֵּ֔עַ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "sluit",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5640"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שָׂתַ֖ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gebed",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תְּפִלָּתִֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:8",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Gimel. Hij heeft mijn wegen toegemuurd met uitgehouwen stenen, Hij heeft mijn paden verkeerd.",
      "text1637": "Gimel. [16] Hy heeft mijne wegen toegemuert met [17] uytgehouwene-steenen, hy [18] heeft mijne paden verkeert.",
      "text2026": "ג Gimel. Hij heeft mijn wegen toegemuurd met uitgehouwen stenen, Hij heeft mijn paden verkeerd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "16 Hij heeft mij wegen toegemuurd: Dat is, Hij heeft mij alle wegen van uitkomst afgestopt met onoverwinnelijke verhindernissen; zie Num. 22:24; Job 19:8, en Hos. 2:5. Numeri 22:24: Maar de Engel des HEEREN stond in een pad der wijngaarden, zijnde een muur aan deze, en een muur aan gene zijde. Job 19:8: Hij heeft mijn weg toegemuurd, dat ik niet doorgaan kan, en over mijn paden heeft Hij duisternis gesteld. Hosea 2:5: Daarom, ziet, Ik zal uw weg met doornen betuinen, en Ik zal een heiningmuur maken, dat zij haar paden niet zal vinden.",
          "text1637": "D. hy heeft my alle wegen van uytkomste afgestopt met onoverwinnelicke verhindernissen.",
          "text2026": "16 Hij heeft mij wegen toegemuurd: Dat is, Hij heeft mij alle wegen van uitkomst afgestopt met onoverwinnelijke verhindernissen; zie Num. 22:24; Job 19:8, en Hos. 2:5. Numeri 22:24: Maar de Engel van JAHWEH stond in een pad van de wijngaarden, zijnde een muur aan deze, en een muur aan de overzijde. Job 19:8: Hij heeft mijn weg toegemuurd, dat ik niet doorgaan kan, en over mijn paden heeft Hij duisternis gesteld. Hosea 2:5: Daarom, ziet, Ik zal uw weg met doornen betuinen, en Ik zal een heiningmuur maken, dat zij haar paden niet zal vinden."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "17 uitgehouwen stenen: Of, gesnedene; zie 1 Kron. 22:2; zie ook Jes. 9:9. 1 Kronieken 22:2: En David zeide, dat men vergaderen zou de vreemdelingen, die in het land Israëls waren; en hij bestelde steenhouwers, om uit te houwen stenen, welke men behouwen zou, om het huis Gods te bouwen. Jesaja 9:9: De tichelstenen zijn gevallen, maar met uitgehouwen stenen zullen wij wederom bouwen; de wilde vijgebomen zijn afgehouwen, maar wij zullen ze in cederen veranderen;",
          "text1637": "Of, gesnedene. siet. 1.Chro. 22. op vers 2. siet oock Ies. 9. op vers 9. ende Iob 19.8. Hos. 2.6. ende Num. 22.24.",
          "text2026": "17 uitgehouwen stenen: Of, gesnedene; zie 1 Kron. 22:2; zie ook Jes. 9:9. 1 Kronieken 22:2: En David zei, dat men vergaderen zou de vreemdelingen, die in het land van Israël waren; en hij bestelde steenhouwers, om uit te houwen stenen, welke men behouwen zou, om het huis van God te bouwen. Jesaja 9:9: De tichelstenen zijn gevallen, maar met uitgehouwen stenen zullen wij opnieuw bouwen; de wilde vijgebomen zijn afgehouwen, maar wij zullen ze in cederen veranderen;"
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "18 heeft mijn paden verkeerd: Dat is, Hij heeft al mijne aanslagen teniet gemaakt, die ik voorgenomen had tot mijne verlossing. Het is enerlei zin met vers 5, 3:7. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:7: Gimel. Hij heeft mij toegemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft mijn koperen boeien verzwaard.",
          "text1637": "D. hy heeft alle mijne aenslagen te niete gemaeckt, die ick voor-genomen hadde tot mijner verlossinge. ’T is eenerley sin met versen 5. ende 7.",
          "text2026": "18 heeft mijn paden verkeerd: Dat is, Hij heeft al mijn aanslagen teniet gemaakt, die ik voorgenomen had tot mijn verlossing. Het is enerlei zin met vers 5, 3:7. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:7: Gimel. Hij heeft mij toegemuurd, dat ik er niet uit gaan kan; Hij heeft mijn koperen boeien verzwaard."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גָּדַ֤ר",
          "strongs": "H1443",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "דְּרָכַ/י֙",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/גָזִ֔ית",
          "strongs": "H1496",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "נְתִיבֹתַ֖/י",
          "strongs": "H5410",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עִוָּֽה",
          "strongs": "H5753",
          "morph": "HVpp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ג Gimel.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Hij heeft mijn wegen toegemuurd met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> uitgehouwen stenen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Hij heeft mijn paden verkeerd.",
      "textSV1888_html": "Gimel.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Hij heeft mijn wegen toegemuurd met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> uitgehouwen stenen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Hij heeft mijn paden verkeerd.",
      "text1637_html": "Gimel. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Hy heeft mijne wegen toegemuert met <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> uytgehouwene-steenen, hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> heeft mijne paden verkeert.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "toegemuurd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1443"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גָּדַ֤ר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:9",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1870"
          ],
          "bronwoorden": [
            "דְּרָכַ/י֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:9",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "uitgehouwen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1496"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/גָזִ֔ית"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:9",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "toelichting": "גָּזִית ('gehouwen steen') is met 'uitgehouwen stenen' weergegeven; 'uitgehouwen' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "paden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5410"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נְתִיבֹתַ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:9",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verkeerd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5753"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עִוָּֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:9",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Daleth. Hij is mij een loerende beer, een leeuw in verborgen plaatsen.",
      "text1637": "Daleth. [19] Hy is my een loerende Beer, [20] een Leeuw in verborgene plaetsen.",
      "text2026": "ד Daleth. Hij is mij een loerende beer, een leeuw in verborgen plaatsen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "19 Hij is mij een loerende beer: Of, Hij heeft op mij geloerd als een beer, enz.; vergelijk Job 10:16; Jes. 38:13; Hos. 5:14, en Hos. 13:8; Amos 5:19. Job 10:16: Want zij verheft zich; gelijk een felle leeuw jaagt Gij mij; Gij keert weder en stelt U wonderlijk tegen mij. Jesaja 38:13: Ik stelde mij voor tot den morgenstond toe; gelijk een leeuw, alzo zal Hij al mijn beenderen breken; van den dag tot den nacht zult Gij mij ten einde gebracht hebben. Hosea 5:14: Want Ik zal Efraïm zijn als een felle leeuw, en den huize van Juda als een jonge leeuw; Ik, Ik zal verscheuren en henengaan; Ik zal wegvoeren, en er zal geen redder zijn. Hosea 13:8: Ik ontmoette hen als een beer, die van jongen beroofd is, en scheurde het slot huns harten; en Ik verslond ze aldaar als een oude leeuw; het wild gedierte des velds verscheurde hen. Amos 5:19: Als wanneer iemand vlood voor het aangezicht eens leeuws, en hem ontmoette een beer; of dat hij kwam in een huis, en leunde met zijn hand aan den wand, en hem beet een slang.",
          "text1637": "Of, hy heeft op my geloert als een Beer, etc. Vergel. Iob cap. 10.16. Iesa. 38.13. Hos. 5.14. ende 13.8. Amos 5.19.",
          "text2026": "19 Hij is mij een loerende beer: Of, Hij heeft op mij geloerd als een beer, enz.; vergelijk Job 10:16; Jes. 38:13; Hos. 5:14, en Hos. 13:8; Amos 5:19. Job 10:16: Want zij verheft zich; gelijk een felle leeuw jaagt U mij; U keert weer en stelt U wonderlijk tegen mij. Jesaja 38:13: Ik stelde mij voor tot de morgenstond toe; gelijk een leeuw, zo zal Hij al mijn beenderen breken; van de dag tot de nacht zult U mij ten einde gebracht hebben. Hosea 5:14: Want Ik zal Efraïm zijn als een felle leeuw, en de huize van Juda als een jonge leeuw; Ik, Ik zal verscheuren en heengaan; Ik zal wegvoeren, en er zal geen redder zijn. Hosea 13:8: Ik ontmoette hen als een beer, die van jongen beroofd is, en scheurde het slot huns harten; en Ik verslond ze daar als een oude leeuw; het wild gedierte van het veld verscheurde hen. Amos 5:19: Als wanneer iemand vluchtte voor het aangezicht van een leeuw, en hem ontmoette een beer; of dat hij kwam in een huis, en leunde met zijn hand aan de wand, en hem beet een slang."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "20 een leeuw in verborgen plaatsen: Een leeuw, schuilende in zijn hol en loerende op de mensen of beesten, die voorbijgaan, om die te betrappen en te verslinden. Zie deze gelijkenis ook Hos. 5:14, en Hos. 13:7. Hosea 5:14: Want Ik zal Efraïm zijn als een felle leeuw, en den huize van Juda als een jonge leeuw; Ik, Ik zal verscheuren en henengaan; Ik zal wegvoeren, en er zal geen redder zijn. Hosea 13:7: Dies werd Ik hun als een felle leeuw; als een luipaard loerde Ik op den weg.",
          "text1637": "Een leeuw schuylende in sijn hol, ende loerende op de menschen, ofte beesten die voor-by gaen, om die te betrapen ende te verslinden. Siet dese gelijckenisse oock Hos. 5.14. ende 13.7.",
          "text2026": "20 een leeuw in verborgen plaatsen: Een leeuw, schuilende in zijn hol en loerende op de mensen of beesten, die voorbijgaan, om die te betrappen en te verslinden. Zie deze gelijkenis ook Hos. 5:14, en Hos. 13:7. Hosea 5:14: Want Ik zal Efraïm zijn als een felle leeuw, en de huize van Juda als een jonge leeuw; Ik, Ik zal verscheuren en heengaan; Ik zal wegvoeren, en er zal geen redder zijn. Hosea 13:7: Daarom werd Ik hun als een felle leeuw; als een luipaard loerde Ik op de weg."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דֹּ֣ב",
          "strongs": "H1677",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֹרֵ֥ב",
          "strongs": "H693",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "הוּא֙",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "לִ֔/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אריה",
          "strongs": "H738",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/מִסְתָּרִֽים",
          "strongs": "H4565",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ד Daleth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Hij is mij een loerende beer,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een leeuw in verborgen plaatsen.",
      "textSV1888_html": "Daleth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Hij is mij een loerende beer,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een leeuw in verborgen plaatsen.",
      "text1637_html": "Daleth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Hy is my een loerende Beer, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een Leeuw in verborgene plaetse<i>n</i>.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "beer",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1677"
          ],
          "bronwoorden": [
            "דֹּ֣ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:10",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "loerende",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H693"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֹרֵ֥ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:10",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Hij",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1931"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הוּא֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:10",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "leeuw",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H738"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אריה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:10",
            "bronindices": [
              3
            ]
          },
          "toelichting": "Ketiv אריה (אֲרִי); het qere in <note type=\"variant\"> luidt אַרְיֵה. MorphHB geeft voor het ketiv H738."
        },
        {
          "tekst": "verborgen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4565"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/מִסְתָּרִֽים"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:10",
            "bronindices": [
              4
            ]
          },
          "toelichting": "בְּמִסְתָּרִים ('in schuilplaatsen') is met 'in verborgen plaatsen' weergegeven; 'verborgen' draagt het lemma."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Daleth. Hij heeft mijn wegen afgewend; en Hij heeft mij in stukken gebroken; Hij heeft mij woest gemaakt.",
      "text1637": "Daleth. [21] Hy heeft mijne wegen afgewendt: [22] ende hy heeft my [23] in stucken gebroken; [24] hy heeft my woeste gemaeckt.",
      "text2026": "ד Daleth. Hij heeft mijn wegen afgewend; en Hij heeft mij in stukken gebroken; Hij heeft mij woest gemaakt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "21 Hij heeft mijn wegen afgewend: Dat is, Hij heeft mijne daden geheel tot een ander einde gewend dan ik gemeend had. Anders: Als mijne wegen wederspannig [of afwijkende] zijn, zo verbreekt of verscheurt Hij mij.",
          "text1637": "D. hy heeft mijne daden geheel tot eenen anderen eynde gewendt als ick gemeynt hadde. And. Als mijne wegen wederspannich (of afwijckende) zijn, so verbreeckt, of verscheurt hy my.",
          "text2026": "21 Hij heeft mijn wegen afgewend: Dat is, Hij heeft mijn daden geheel tot een ander einde gewend dan ik gemeend had. Anders: Als mijn wegen opstandig [of afwijkende] zijn, zo verbreekt of verscheurt Hij mij."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "22 en Hij heeft mij: Dat is, Hij heeft zo den kerkestand als de politie verscheurd en te schande gemaakt.",
          "text1637": "D. hy heeft soo den kercken-stant, als de politye, verscheurt, ende te schande gemaeckt.",
          "text2026": "22 en Hij heeft mij: Dat is, Hij heeft zo de kerkestand als de politie verscheurd en te schande gemaakt."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "23 in stukken gebroken: Gelijk een schaap, dat in de klauwen der leeuwen of der beren vervalt.",
          "text1637": "Gelijck een schaep, dat in de klaeuwen der leeuwen, ofte der beeren vervalt.",
          "text2026": "23 in stukken gebroken: Gelijk een schaap, dat in de klauwen van de leeuwen of van de beren vervalt."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "24 Hij heeft mij woest gemaakt: Dat is, Hij heeft mij beroofd van mijne vrienden, goederen en alle behulpzame middelen, zodat ik niets behouden heb.",
          "text1637": "D. hy heeft my berooft van mijne vrienden, goederen, ende alle behulpsame middelen, so dat ick niets behouden en hebbe.",
          "text2026": "24 Hij heeft mij woest gemaakt: Dat is, Hij heeft mij beroofd van mijn vrienden, goederen en alle behulpzame middelen, zodat ik niets behouden heb."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דְּרָכַ֥/י",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "סוֹרֵ֛ר",
          "strongs": "H5493",
          "morph": "HVop3ms"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/יְפַשְּׁחֵ֖/נִי",
          "strongs": "H6582",
          "morph": "HC/Vpw3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׂמַ֥/נִי",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שֹׁמֵֽם",
          "strongs": "H8076",
          "morph": "HVqrmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ד Daleth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Hij heeft mijn wegen afgewend;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> en Hij heeft mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in stukken gebroken;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Hij heeft mij woest gemaakt.",
      "textSV1888_html": "Daleth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Hij heeft mijn wegen afgewend;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> en Hij heeft mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in stukken gebroken;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Hij heeft mij woest gemaakt.",
      "text1637_html": "Daleth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Hy heeft mijne wegen afgewendt: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ende hy heeft my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in stucken gebroken; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> hy heeft my woeste gemaeckt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "wegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1870"
          ],
          "bronwoorden": [
            "דְּרָכַ֥/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:11",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "afgewend",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5493"
          ],
          "bronwoorden": [
            "סוֹרֵ֛ר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:11",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gebroken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6582"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַֽ/יְפַשְּׁחֵ֖/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:11",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "toelichting": "וַיְפַשְּׁחֵנִי ('Hij scheurde mij uiteen') is met 'in stukken gebroken' weergegeven; 'gebroken' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "gemaakt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7760"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שָׂמַ֥/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:11",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "woest",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8076"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שֹׁמֵֽם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:11",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Daleth. Hij heeft Zijn boog gespannen, en Hij heeft mij den pijl als ten doel gesteld.",
      "text1637": "Daleth. [25] Hy heeft sijnen boge [26] gespannen, ende [27] hy heeft my den pijle als ten doele gestelt.",
      "text2026": "ד Daleth. Hij heeft Zijn boog gespannen, en Hij heeft mij de pijl als ten doel gesteld.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "25 Hij heeft Zijn boog: Dat is, Hij heeft zijne wapenen tegen mij bereid om gestrengelijk met mij te handelen. Gode worden hier en elders figuurlijkerwijze, stoffelijke wapenen toegeschreven. Zie Richt. 7:20; Job 16:12; Ps. 21:13; Hab. 3:9, 3:11; Jes. 27:1, en Jes. 34:5, 34:6. Richteren 7:20: Alzo bliezen de drie hopen met de bazuinen, en braken de kruiken; en zij hielden met de linkerhand de fakkelen, en met hun rechterhand de bazuinen om te blazen; en zij riepen: Het zwaard van den HEERE, en van Gideon! Job 16:12: Ik had rust, maar Hij heeft mij verbroken, en bij mijn nek gegrepen, en mij verpletterd; en Hij heeft mij Zich tot een doelwit opgericht. Psalmen 21:13: Want Gij zult hen zetten tot een wit; met Uw pezen zult Gij het op hun aangezicht toeleggen. Habakuk 3:9: De naakte grond werd ontbloot door Uw boog, om de eden, aan de stammen gedaan door het woord. Sela. Gij hebt de rivieren der aarde gekloofd. Habakuk 3:11: De zon en de maan stonden stil in haar woning; met het licht gingen Uw pijlen daarhenen, met glans Uw bliksemende spies. Jesaja 27:1: Te dien dage zal de HEERE met Zijn hard, en groot, en sterk zwaard bezoeken den Leviathan, de langwemelende slang, ja, den Leviathan, de kromme slomme slang; en Hij zal den draak, die in de zee is, doden. Jesaja 34:5: Want Mijn zwaard is dronken geworden in den hemel; ziet, het zal ten oordeel nederdalen op Edom, en op het volk, hetwelk Ik verbannen heb. Jesaja 34:6: Het zwaard des HEEREN is vol van bloed, het is vet geworden van smeer, van het bloed der lammeren en der bokken, van het smeer der nieren van de rammen; want de HEERE heeft een slachtoffer te Bozra, en een grote slachting in het land der Edomieten.",
          "text1637": "D. hy heeft sijne wapenen tegens my bereydt, om gestrengelick met my te handelen. Gode worden hier ende elders figuerlicker wijse, materiale wapenen toegeschreven. siet Iud. 7.20. Iob 16.12. Psal. 21.13. Hab. 3.9, 11. Ies. 27.1. ende 34.5, 6.",
          "text2026": "25 Hij heeft Zijn boog: Dat is, Hij heeft zijn wapenen tegen mij bereid om streng met mij te handelen. voor God worden hier en elders figuurlijkerwijze, stoffelijke wapenen toegeschreven. Zie Richt. 7:20; Job 16:12; Ps. 21:13; Hab. 3:9, 3:11; Jes. 27:1, en Jes. 34:5, 34:6. Richteren 7:20: Zo bliezen de drie hopen met de bazuinen, en braken de kruiken; en zij hielden met de linkerhand de fakkelen, en met hun rechterhand de bazuinen om te blazen; en zij riepen: Het zwaard van JAHWEH, en van Gideon! Job 16:12: Ik had rust, maar Hij heeft mij verbroken, en bij mijn nek gegrepen, en mij verpletterd; en Hij heeft mij Zich tot een doelwit opgericht. Psalmen 21:13: Want U zult hen zetten tot een wit; met Uw pezen zult U het op hun aangezicht toeleggen. Habakuk 3:9: De naakte grond werd ontbloot door Uw boog, om de eden, aan de stammen gedaan door het woord. Sela. U hebt de rivieren van de aarde gekloofd. Habakuk 3:11: De zon en de maan stonden stil in haar woning; met het licht gingen Uw pijlen daarheen, met glans Uw bliksemende spies. Jesaja 27:1: Te die dage zal JAHWEH met Zijn hard, en groot, en sterk zwaard bezoeken de Leviathan, de langwemelende slang, ja, de Leviathan, de kromme slomme slang; en Hij zal de draak, die in de zee is, doden. Jesaja 34:5: Want Mijn zwaard is dronken geworden in de hemel; ziet, het zal tot het oordeel nederdalen op Edom, en op het volk, dat Ik verbannen heb. Jesaja 34:6: Het zwaard van JAHWEH is vol van bloed, het is vet geworden van smeer, van het bloed van de lammeren en van de bokken, van het smeer van de nieren van de rammen; want JAHWEH heeft een slachtoffer te Bozra, en een grote slachting in het land van de Edomieten."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, getreden; zie Ps. 7:13, en Klaagl. 2:4. Psalmen 7:13: Indien hij zich niet bekeert, zo zal Hij Zijn zwaard wetten; Hij heeft Zijn boog gespannen, en dien bereid. Klaagliederen 2:4: Daleth. Hij heeft Zijn boog gespannen als een vijand; Hij heeft zich met Zijn rechterhand gesteld als een tegenpartijder, dat Hij doodde al de begeerlijke dingen der ogen; Hij heeft Zijn grimmigheid in de tent der dochter Sions uitgestort als een vuur.",
          "text1637": "Hebr. getreden. Siet Psal. 7.13. ende Thren. 2.4.",
          "text2026": "Hebreeuws, getreden; zie Ps. 7:13, en Klaagl. 2:4. Psalmen 7:13: Als hij zich niet bekeert, zo zal Hij Zijn zwaard wetten; Hij heeft Zijn boog gespannen, en die bereid. Klaagliederen 2:4: Daleth. Hij heeft Zijn boog gespannen als een vijand; Hij heeft zich met Zijn rechterhand gesteld als een tegenstander, dat Hij doodde al de begeerlijke dingen van de ogen; Hij heeft Zijn grimmigheid in de tent van de dochter van Sion uitgestort als een vuur."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "27 Hij heeft mij den pijl: Zie Job 16:12, en vergelijk Job 7:20; zie ook Ps. 64:4. Job 16:12: Ik had rust, maar Hij heeft mij verbroken, en bij mijn nek gegrepen, en mij verpletterd; en Hij heeft mij Zich tot een doelwit opgericht. Job 7:20: Heb ik gezondigd, wat zal ik U doen, o Mensenhoeder? Waarom hebt Gij mij U tot een tegenloop gesteld, dat ik mijzelven tot een last zij? Psalmen 64:4: Die hun tong scherpen als een zwaard, een bitter woord aanleggen als hun pijl;",
          "text1637": "Siet Iob 16.12. ende vergel. Iob 7.20. siet oock Psal. 64.4.",
          "text2026": "27 Hij heeft mij de pijl: Zie Job 16:12, en vergelijk Job 7:20; zie ook Ps. 64:4. Job 16:12: Ik had rust, maar Hij heeft mij verbroken, en bij mijn nek gegrepen, en mij verpletterd; en Hij heeft mij Zich tot een doelwit opgericht. Job 7:20: Heb ik gezondigd, wat zal ik U doen, o Mensenhoeder? Waarom hebt U mij U tot een tegenloop gesteld, dat ik mijzelf tot een last zij? Psalmen 64:4: Die hun tong scherpen als een zwaard, een bitter woord aanleggen als hun pijl;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דָּרַ֤ךְ",
          "strongs": "H1869",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "קַשְׁת/וֹ֙",
          "strongs": "H7198",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּצִּיבֵ֔/נִי",
          "strongs": "H5324",
          "morph": "HC/Vhw3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כַּ/מַּטָּרָ֖א",
          "strongs": "H4307",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/חֵֽץ",
          "strongs": "H2671",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ד Daleth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Hij heeft Zijn boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gespannen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Hij heeft mij de pijl als ten doel gesteld.",
      "textSV1888_html": "Daleth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Hij heeft Zijn boog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gespannen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Hij heeft mij den pijl als ten doel gesteld.",
      "text1637_html": "Daleth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Hy heeft sijnen boge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gespannen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> hy heeft my den pijle als ten doele gestelt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "gespannen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1869"
          ],
          "bronwoorden": [
            "דָּרַ֤ךְ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:12",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "boog",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7198"
          ],
          "bronwoorden": [
            "קַשְׁת/וֹ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:12",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gesteld",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5324"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יַּצִּיבֵ֔/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:12",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "doel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4307"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כַּ/מַּטָּרָ֖א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:12",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "pijl",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2671"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לַ/חֵֽץ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:12",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "He. Hij heeft Zijn pijlen in mijn nieren doen ingaan.",
      "text1637": "He. Hy heeft [28] sijne pijlen [29] in mijne nieren doen ingaen.",
      "text2026": "ה He. Hij heeft Zijn pijlen in mijn nieren doen ingaan.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "28 Zijn pijlen: Hebreeuws, de zonen, of kinderen van zijn pijlkoker; zie Job 6:4. Daarom worden de pijlen aldus genoemd omdat zij in den pijlkoker besloten zijn; Ps. 127:4, 127:5, worden ook de zonen bij pijlen vergeleken. Job 6:4: Want de pijlen des Almachtigen zijn in mij, welker vurig venijn mijn geest uitdrinkt; de verschrikkingen Gods rusten zich tegen mij. Psalmen 127:4: Gelijk de pijlen zijn in de hand eens helds, zodanig zijn de zonen der jeugd. Psalmen 127:5: Welgelukzalig is de man, die zijn pijlkoker met dezelve gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden spreken zullen in de poort.",
          "text1637": "Hebr. de sonen, of kinderen sijnes pijl-kokers. Siet Iob 6. op vers 4. daerom worden de pijlen aldus genoemt, om datse in den pijl-koker besloten zijn. Psal. 127.5. worden oock de sonen by pijlen vergeleken.",
          "text2026": "28 Zijn pijlen: Hebreeuws, de zonen, of kinderen van zijn pijlkoker (בְּנֵי); zie Job 6:4. Daarom worden de pijlen aldus genoemd omdat zij in de pijlkoker besloten zijn; Ps. 127:4, 127:5, worden ook de zonen bij pijlen vergeleken. Job 6:4: Want de pijlen van de Almachtigen zijn in mij, van welke vurig venijn mijn geest uitdrinkt; de verschrikkingen Gods rusten zich tegen mij. Psalmen 127:4: Gelijk de pijlen zijn in de hand van een held, zodanig zijn de zonen van de jeugd. Psalmen 127:5: Welgelukzalig is de man, die zijn pijlkoker met dezelfde gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden spreken zullen in de poort."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "29 in mijn nieren doen ingaan: Dat is, Hij heeft de pijlen zijner plagen doen gaan tot in de binnenste delen mijns lichaams en mijner ziel. Zie Job 16:13, en Job 19:27; Ps. 139:13. Job 16:13: Zijn schutters hebben mij omringd; Hij heeft mijn nieren doorspleten, en niet gespaard; Hij heeft mijn gal op de aarde uitgegoten. Job 19:27: Denwelken ik voor mij aanschouwen zal, en mijn ogen zien zullen, en niet een vreemde; mijn nieren verlangen zeer in mijn schoot. Psalmen 139:13: Want Gij bezit mijn nieren; Gij hebt mij in mijner moeders buik bedekt.",
          "text1637": "D. hy heeft de pijlen sijner plagen doen gaen tot in de binnenste deelen mijnes lichaems ende mijner ziele. Siet Iob 16. op vers 13. ende 19. op vers 27. Psal. 139. op vers 13.",
          "text2026": "29 in mijn nieren doen ingaan: Dat is, Hij heeft de pijlen zijn plagen doen gaan tot in de binnenste delen mijn lichaams en mijn ziel. Zie Job 16:13, en Job 19:27; Ps. 139:13. Job 16:13: Zijn schutters hebben mij omringd; Hij heeft mijn nieren doorspleten, en niet gespaard; Hij heeft mijn gal op de aarde uitgegoten. Job 19:27: Denwelken ik voor mij aanschouwen zal, en mijn ogen zien zullen, en niet een vreemde; mijn nieren verlangen zeer in mijn schoot. Psalmen 139:13: Want U bezit mijn nieren; U hebt mij in mijn moeders buik bedekt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֵבִיא֙",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/כִלְיוֹתָ֔/י",
          "strongs": "H3629",
          "morph": "HR/Ncfpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵ֖י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אַשְׁפָּתֽ/וֹ",
          "strongs": "H827",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ה He.</span> Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Zijn pijlen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in mijn nieren doen ingaan.",
      "textSV1888_html": "He. Hij heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Zijn pijlen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in mijn nieren doen ingaan.",
      "text1637_html": "He. Hy heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> sijne pijlen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in mijne nieren doen ingaen.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "ingaan",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H935"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הֵבִיא֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:13",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "הֵבִיא ('Hij deed komen') is met 'doen ingaan' weergegeven; 'ingaan' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "nieren",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3629"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/כִלְיוֹתָ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:13",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "pijlen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1121",
            "H827"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּנֵ֖י",
            "אַשְׁפָּתֽ/וֹ"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:13",
            "bronindices": [
              2,
              3
            ]
          },
          "toelichting": "בְּנֵי אַשְׁפָּתוֹ ('zonen van zijn pijlkoker', H1121 en H827) is samengetrokken tot 'Zijn pijlen'; 'pijlen' draagt beide nummers."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "He. Ik ben al mijn volk tot belaching geworden, hun snarenspel den gansen dag.",
      "text1637": "He. Ick ben [30] allen mijnen volcke [31] tot belacchinge geworden, haer [32] snaren-spel den gantschen dach.",
      "text2026": "ה He. Ik ben al mijn volk tot belaching geworden, hun snarenspel de hele dag.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "30 al mijn volk: Te weten al dengenen, die mijne vrienden en bekenden geweest zijn; inzonderheid dengenen, die afgevallen zijn vanwege deze zware ellenden, die Gij, Heere, ons toeschikt.",
          "text1637": "T.w. allen den genen die mijne vrienden ende bekende geweest zijn: Insonderheyt den genen die afgevallen zijn van wegen dese sware elenden, die ghy, Heere, ons toeschickt.",
          "text2026": "30 al mijn volk: Te weten al dengenen, die mijn vrienden en bekenden geweest zijn; in het bijzonder dengenen, die afgevallen zijn vanwege deze zware ellenden, die U, Heer, ons toeschikt."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "31 tot belaching geworden: Dat is, een stof van belaching en bespotting.",
          "text1637": "D. een materie van belacchinge ende bespottinge.",
          "text2026": "31 tot belaching geworden: Dat is, een stof van belaching en bespotting."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebreeuws, snarenslaging. De zin is: Zij dichten liedjes van mij en hebben hun genoegen daarin, dat zij mij dagelijks in hunne liedjes mijne ellende verwijten en voorwerpen; zie Job 17:6, en Job 30:9, en Ps. 69:13, en onder vers 63; vergelijk Deut. 28:37. Job 17:6: Doch Hij heeft mij tot een spreekwoord der volken gesteld; zodat ik een trommelslag ben voor ieders aangezicht. Job 30:9: Maar nu ben ik hun een snarenspel geworden, en ik ben hun tot een klapwoord. Psalmen 69:13: Die in de poort zitten, klappen van mij; en ik ben een snarenspel dergenen, die sterken drank drinken. Klaagliederen 3:63: Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel. Deuteronomium 28:37: En gij zult zijn tot een schrik, tot een spreekwoord en tot een spotrede, onder al de volken, waarheen u de HEERE leiden zal.",
          "text1637": "Hebr. snaren-slaginge. De sin is, Sy dichten liedekens van my, ende sy hebben hare genoechte daer in datse my dagelicks in hare liedekens mijne elende verwijten ende voorwerpen. Siet Iob 17.6. ende 30. op vers 9. ende Psal. 69.13. ende ond. vers 63. Vergel. Deut. 28.37.",
          "text2026": "Hebreeuws, snarenslaging. De zin is: Zij dichten liedjes van mij en hebben hun genoegen daarin, dat zij mij dagelijks in hun liedjes mijn ellende verwijten en voorwerpen; zie Job 17:6, en Job 30:9, en Ps. 69:13, en onder vers 63; vergelijk Deut. 28:37. Job 17:6: Maar Hij heeft mij tot een spreekwoord van de volken gesteld; zodat ik een trommelslag ben voor ieders aangezicht. Job 30:9: Maar nu ben ik hun een snarenspel geworden, en ik ben hun tot een klapwoord. Psalmen 69:13: Die in de poort zitten, klappen van mij; en ik ben een snarenspel dergenen, die sterken drank drinken. Klaagliederen 3:63: Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel. Deuteronomium 28:37: En u zult zijn tot een schrik, tot een spreekwoord en tot een spotrede, onder al de volken, waarheen u JAHWEH leiden zal."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הָיִ֤יתִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "שְּׂחֹק֙",
          "strongs": "H7814",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֔/י",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נְגִינָתָ֖/ם",
          "strongs": "H5058",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּֽוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ה He.</span> Ik ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> al mijn volk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot belaching geworden, hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> snarenspel de hele dag.",
      "textSV1888_html": "He. Ik ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> al mijn volk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot belaching geworden, hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> snarenspel den gansen dag.",
      "text1637_html": "He. Ick ben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> allen mijnen volcke <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> tot belacchinge geworden, haer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> snaren-spel den gantschen dach.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "geworden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1961"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הָיִ֤יתִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "belaching",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7814"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שְּׂחֹק֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/כָל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "volk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5971"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַמִּ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "snarenspel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5058"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נְגִינָתָ֖/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hele",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dag",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3117"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַ/יּֽוֹם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:14",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "He. Hij heeft mij met bitterheden verzadigd, Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt.",
      "text1637": "He. Hy heeft my [33] met bitterheden versadigt, [34] hy heeft my met alssen droncken gemaeckt.",
      "text2026": "ה He. Hij heeft mij met bitterheden verzadigd, Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "33 met bitterheden verzadigd: Of met grote bitterheid, of met gans bittere spijs; dat is met groten angst, kruis en droefheid; zie boven vers 5, en onder vers 19. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:19: Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan den alsem en galle.",
          "text1637": "Of, met groote bitterheyt, of, met gantsch bittere spijse. D. met grooten angst, kruys, ende droefheyt. Siet bov. vers 5. ende ond. vers 19.",
          "text2026": "33 met bitterheden verzadigd: Of met grote bitterheid, of met geheel bittere voedsel; dat is met grote angst, kruis en verdriet; zie boven vers 5, en onder vers 19. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:19: Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan de alsem en galle."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "34 Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt: Te weten, de Heere heeft mij, door de veelheid van droefenissen en smarten, schier van mijne zinnen en verstand beroofd.",
          "text1637": "T.w. de Heere heeft my, door de veelheyt van droeffenissen en smerten, schier van mijne sinnen ende verstant berooft.",
          "text2026": "34 Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt: Te weten, de Heer heeft mij, door de veelheid van droefenissen en smarten, schier van mijn zinnen en verstand beroofd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִשְׂבִּיעַ֥/נִי",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בַ/מְּרוֹרִ֖ים",
          "strongs": "H4844",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הִרְוַ֥/נִי",
          "strongs": "H7301",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לַעֲנָֽה",
          "strongs": "H3939",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ה He.</span> Hij heeft mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> met bitterheden verzadigd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt.",
      "textSV1888_html": "He. Hij heeft mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> met bitterheden verzadigd,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt.",
      "text1637_html": "He. Hy heeft my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> met bitterheden versadigt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> hy heeft my met alssen droncken gemaeckt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "verzadigd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7646"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הִשְׂבִּיעַ֥/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:15",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "bitterheden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4844"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בַ/מְּרוֹרִ֖ים"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:15",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dronken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7301"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הִרְוַ֥/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:15",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "toelichting": "הִרְוַנִי ('Hij drenkte mij') is met 'dronken gemaakt' weergegeven; 'dronken' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "alsem",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3939"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לַעֲנָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:15",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Vau. Hij heeft mijn tanden met zandsteentjes verbrijzeld, Hij heeft mij in de as nedergedrukt.",
      "text1637": "Vau. [35] Hy heeft mijne tanden met zant-steenkens verbrijselt, [36] hy heeft my in de assche neder-gedruckt.",
      "text2026": "ו Vau. Hij heeft mijn tanden met zandsteentjes verbrijzeld, Hij heeft mij in de as neergedrukt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "35 Hij heeft mijn tanden: Dat is, Hij heeft mij zulk brood te eten gegeven, dat vol zandstenen was, hetwelk mij de tanden gebroken heeft; zie Spreuk. 20:17. Spreuken 20:17: Het brood der leugen is den mens zoet; maar daarna zal zijn mond vol van zandsteentjes worden.",
          "text1637": "D. Hy heeft my sulck broot te eten gegeven, dat vol zant-steenen was, ’t welck my de tanden gebroken heeft. Siet Prov. 20.17.",
          "text2026": "35 Hij heeft mijn tanden: Dat is, Hij heeft mij zulk brood te eten gegeven, dat vol zandstenen was, dat mij de tanden gebroken heeft; zie Spreuk. 20:17. Spreuken 20:17: Het brood van de leugen is de mens zoet; maar daarna zal zijn mond vol van zandsteentjes worden."
        },
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "36 Hij heeft mij in de as nedergedrukt: Dat is, Hij heeft mij tot den allernederigsten en verachtelijksten staat gebracht.",
          "text1637": "D. hy heeft my tot den alder-nederichsten ende verachtsaemsten staet gebracht.",
          "text2026": "36 Hij heeft mij in de as nedergedrukt: Dat is, Hij heeft mij tot de allernederigsten en verachtelijksten staat gebracht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יַּגְרֵ֤ס",
          "strongs": "H1638",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "בֶּֽ/חָצָץ֙",
          "strongs": "H2687",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "שִׁנָּ֔/י",
          "strongs": "H8127",
          "morph": "HNcbdc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הִכְפִּישַׁ֖/נִי",
          "strongs": "H3728",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אֵֽפֶר",
          "strongs": "H665",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ו Vau.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Hij heeft mijn tanden met zandsteentjes verbrijzeld,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> Hij heeft mij in de as neergedrukt.",
      "textSV1888_html": "Vau.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Hij heeft mijn tanden met zandsteentjes verbrijzeld,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> Hij heeft mij in de as nedergedrukt.",
      "text1637_html": "Vau. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Hy heeft mijne tanden met zant-steenkens verbrijselt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> hy heeft my in de assche neder-gedruckt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "nedergedrukt.",
          "new": "neergedrukt.",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "verbrijzeld",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1638"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יַּגְרֵ֤ס"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:16",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zandsteentjes",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2687"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בֶּֽ/חָצָץ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:16",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tanden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8127"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שִׁנָּ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:16",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "neergedrukt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3728"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הִכְפִּישַׁ֖/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:16",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "as",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H665"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בָּ/אֵֽפֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:16",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Vau. En Gij hebt mijn ziel verre van den vrede verstoten, ik heb het goede vergeten.",
      "text1637": "Vau. Ende ghy hebt [37] mijne ziele verre van den vrede verstooten, [38] ick hebbe ’t goede vergeten.",
      "text2026": "ו Vau. En U hebt mijn ziel verre van de vrede verstoten, ik heb het goede vergeten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "37 mijn ziel: Dat is, allen welstand en vreugde hebt Gij, o Heere, ver van mijn hart weggedaan.",
          "text1637": "D. allen welstant. ende vreucht hebt ghy, o Heere, verre van mijn herte wechgedaen.",
          "text2026": "37 mijn ziel: Dat is, allen welstand en vreugde hebt U, o Heer, ver van mijn hart weggedaan."
        },
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "38 ik heb het goede vergeten: Hij wil zeggen: Ik heb nu zolang in ellende geleefd, dat ik vergeten heb wat welstand en geneugte is; mij heugen geen goede dagen meer.",
          "text1637": "Hy wil seggen, Ick hebbe nu soo lange in elende geleeft, dat ick vergeten hebbe wat dat wel-stant ende genoechte is: my en heugen geene goede dagen meer.",
          "text2026": "38 ik heb het goede vergeten: Hij wil zeggen: Ik heb nu zolang in ellende geleefd, dat ik vergeten heb wat welstand en geneugte is; mij heugen geen goede dagen meer."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/תִּזְנַ֧ח",
          "strongs": "H2186",
          "morph": "HC/Vqw3fs"
        },
        {
          "woord": "מִ/שָּׁל֛וֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֖/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נָשִׁ֥יתִי",
          "strongs": "H5382",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "טוֹבָֽה",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAafsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ו Vau.</span> En U hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> mijn ziel verre van de vrede verstoten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> ik heb het goede vergeten.",
      "textSV1888_html": "Vau. En Gij hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> mijn ziel verre van den vrede verstoten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> ik heb het goede vergeten.",
      "text1637_html": "Vau. Ende ghy hebt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> mijne ziele verre van den vrede verstooten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> ick hebbe ’t goede vergeten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "verstoten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2186"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/תִּזְנַ֧ח"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:17",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vrede",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7965"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/שָּׁל֛וֹם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:17",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַפְשִׁ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:17",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vergeten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5382"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נָשִׁ֥יתִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:17",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "goede",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2896"
          ],
          "bronwoorden": [
            "טוֹבָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:17",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Vau. Toen zeide ik: Mijn sterkte is vergaan, en mijn hoop van den HEERE.",
      "text1637": "Vau. Doe seyde ick, [39] Mijne sterckte is vergaen, ende [40] mijne hope van den HEERE.",
      "text2026": "ו Vau. Toen zei ik: Mijn sterkte is vergaan, en mijn hoop van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "39 Mijn sterkte: Te weten, om deze ellende langer te kunnen dragen.",
          "text1637": "T.w. om dese elende langer te kunnen verdragen.",
          "text2026": "39 Mijn sterkte: Te weten, om deze ellende langer te kunnen dragen."
        },
        {
          "marker": "40",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "40 mijn hoop van den HEERE: Te weten, dat ik van dezelve eenmaal zou kunnen verlost worden, gelijk ik van den Heere gehoopt had.",
          "text1637": "T.w. dat ick van de selve een-mael soude konnen verlost worden, gelijck ick van den Heere gehoopt hadde.",
          "text2026": "40 mijn hoop van JAHWEH: Te weten, dat ik van dezelfde eenmaal zou kunnen verlost worden, gelijk ik van de Heer gehoopt had."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וָ/אֹמַר֙",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw1cs"
        },
        {
          "woord": "אָבַ֣ד",
          "strongs": "H6",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "נִצְחִ֔/י",
          "strongs": "H5331",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/תוֹחַלְתִּ֖/י",
          "strongs": "H8431",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ו Vau.</span> Toen zei ik:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> <span class=\"direct-speech\"><i>Mijn sterkte is vergaan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> mijn hoop van JAHWEH.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Vau. Toen zeide ik:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> Mijn sterkte is vergaan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> mijn hoop van den HEERE.",
      "text1637_html": "Vau. Doe seyde ick, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> Mijne sterckte is vergaen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> mijne hope van den HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zeide",
          "new": "zei",
          "principe": "W1"
        },
        {
          "old": "den HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "zei",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H559"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וָ/אֹמַר֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:18",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vergaan",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָבַ֣ד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:18",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "sterkte",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5331"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נִצְחִ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:18",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hoop",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8431"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/תוֹחַלְתִּ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:18",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מֵ/יְהוָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:18",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan den alsem en galle.",
      "text1637": "Zain. [41] Gedenckt aen mijne elende, ende aen mijn [42] ballinckschap, [43] aen den alssen ende galle.",
      "text2026": "ז Zain. Gedenk aan mijn ellende en aan mijn ballingschap, aan de alsem en galle.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "41",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "41 Gedenk aan mijn ellende: Anders: gedenkende, of als ik gedacht.",
          "text1637": "And. gedenckende, of, als ick gedacht.",
          "text2026": "41 Gedenk aan mijn ellende: Anders: gedenkende, of als ik gedacht."
        },
        {
          "marker": "42",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vergelijk boven Klaagl. 1:7. Klaagliederen 1:7: Zain. Jeruzalem is, in de dagen harer ellende en harer veelvuldige ballingschap, indachtig aan al haar gewenste dingen, die zij van oude dagen af gehad heeft; dewijl haar volk door de hand des tegenpartijders valt, en zij geen helper heeft; de tegenpartijders zien haar aan, zij spotten met haar rustdagen.",
          "text1637": "Vergel. bov. 1.7.",
          "text2026": "Vergelijk boven Klaagl. 1:7. Klaagliederen 1:7: Zain. Jeruzalem is, in de dagen haar ellende en haar veelvuldige ballingschap, indachtig aan al haar gewenste dingen, die zij van oude dagen af gehad heeft; omdat haar volk door de hand van de tegenstanders valt, en zij geen helper heeft; de tegenstanders zien haar aan, zij spotten met haar rustdagen."
        },
        {
          "marker": "43",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "43 aan den alsem en galle: Dat is, aan de bitterheid, die daarin was. Zie vers 5, 3:15. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:15: He. Hij heeft mij met bitterheden verzadigd, Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt.",
          "text1637": "D. aen de bitterheyt, die daer inne was. siet vers 5. ende 15.",
          "text2026": "43 aan de alsem en galle: Dat is, aan de bitterheid, die daarin was. Zie vers 5, 3:15. Klaagliederen 3:5: Beth. Hij heeft tegen mij gebouwd, en Hij heeft mij met galle en moeite omringd. Klaagliederen 3:15: He. Hij heeft mij met bitterheden verzadigd, Hij heeft mij met alsem dronken gemaakt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זְכָר",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "עָנְיִ֥/י",
          "strongs": "H6040",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְרוּדִ֖/י",
          "strongs": "H4788",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לַעֲנָ֥ה",
          "strongs": "H3939",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/רֹֽאשׁ",
          "strongs": "H7219",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ז Zain.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Gedenk aan mijn ellende en aan mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> ballingschap,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> aan de alsem en galle.",
      "textSV1888_html": "Zain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Gedenk aan mijn ellende en aan mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> ballingschap,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> aan den alsem en galle.",
      "text1637_html": "Zain. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Gedenckt aen mijne elende, ende aen mijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> ballinckschap, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> aen den alssen ende galle.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Gedenk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2142"
          ],
          "bronwoorden": [
            "זְכָר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:19",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ellende",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6040"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָנְיִ֥/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:19",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ballingschap",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4788"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וּ/מְרוּדִ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:19",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "alsem",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3939"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לַעֲנָ֥ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:19",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "galle",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7219"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וָ/רֹֽאשׁ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:19",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Zain. Mijn ziel gedenkt er wel terdege aan, en zij bukt zich neder in mij.",
      "text1637": "Zain. Mijne ziele [44] gedenckter wel te dege aen, ende [45] sy buckt haer neder in my.",
      "text2026": "ז Zain. Mijn ziel gedenkt er wel terdege aan, en zij bukt zich neer in mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "44",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "44 gedenkt er wel terdege aan: Hebreeuws, gedenkende gedenkt er mijne ziel aan; dat is, zij overdenkt en overlegt wel ernstiglijk de ellenden, die mij zijn overkomen vanwege mijne zonden.",
          "text1637": "Hebr. gedenckende gedenckter mijne ziele aen. D. sy over-denckt ende overlegt wel eernstelick de elenden die my zijn over-komen van wegen mijne sonden.",
          "text2026": "44 gedenkt er wel terdege aan: Hebreeuws, gedenkende gedenkt er mijn ziel aan (נַפְשִֽׁ); dat is, zij overdenkt en overlegt wel ernstiglijk de ellenden, die mij zijn overkomen vanwege mijn zonden."
        },
        {
          "marker": "45",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "45 zij bukt zich neder in mij: Zij wordt er door vernederd en gedwee gemaakt.",
          "text1637": "Sy wortter door vernedert, ende gedweege gemaeckt.",
          "text2026": "45 zij bukt zich neder in mij: Zij wordt er door vernederd en gedwee gemaakt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זָכ֣וֹר",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "תִּזְכּ֔וֹר",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "ו/תשיח",
          "strongs": "H7743",
          "morph": "HC/Vhi3fs"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֖/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִֽׁ/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ז Zain.</span> Mijn ziel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gedenkt er wel terdege aan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> zij bukt zich neer in mij.",
      "textSV1888_html": "Zain. Mijn ziel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gedenkt er wel terdege aan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> zij bukt zich neder in mij.",
      "text1637_html": "Zain. Mijne ziele <sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> gedenckter wel te dege aen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> sy buckt haer neder in my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "neder",
          "new": "neer",
          "principe": "V354"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "terdege",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2142"
          ],
          "bronwoorden": [
            "זָכ֣וֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:20",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "זָכוֹר is de infinitivus absolutus die het volgende תִּזְכּוֹר versterkt; de Statenvertaling geeft die versterking met 'wel terdege' weer."
        },
        {
          "tekst": "gedenkt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2142"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּזְכּ֔וֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:20",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "bukt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7743"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ו/תשיח"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:20",
            "bronindices": [
              3
            ]
          },
          "toelichting": "Ketiv ו/תשיח (וַתָּשִׁיחַ); het qere in <note type=\"variant\"> luidt וְתָשׁוֹחַ. MorphHB geeft voor het ketiv H7743."
        },
        {
          "tekst": "in",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלַ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:20",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַפְשִֽׁ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:20",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Zain. Dit zal ik mij ter harte nemen, daarom zal ik hopen;",
      "text1637": "Zain. [46] Dit sal ick my ter herten nemen, daerom sal ick hopen.",
      "text2026": "ז Zain. Dit zal ik mij ter harte nemen, daarom zal ik hopen;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "46",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "46 Dit zal ik mij ter harte nemen: Alsof hij zeide: Als ik deze dingen, [te weten die straks zullen verhaald worden] wel overweg, zo zal ik daaruit besluiten dat God mij nog eindelijk zal genadig zijn.",
          "text1637": "Als of hy seyde, Als ick dese dingen, (T.w. die stracx sullen verhaelt worden) wel over-wege, so sal ick daer uyt besluyten, dat Godt my noch eyndelick sal genadich zijn.",
          "text2026": "46 Dit zal ik mij ter hart nemen: Alsof hij zei: Als ik deze dingen, [te weten die straks zullen verhaald worden] wel overweg, zo zal ik daaruit besluiten dat God mij nog eindelijk zal genadig zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זֹ֛את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "אָשִׁ֥יב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "לִבִּ֖/י",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֥ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אוֹחִֽיל",
          "strongs": "H3176",
          "morph": "HVhi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ז Zain.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Dit zal ik mij ter harte nemen, daarom zal ik hopen;",
      "textSV1888_html": "Zain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Dit zal ik mij ter harte nemen, daarom zal ik hopen;",
      "text1637_html": "Zain. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Dit sal ick my ter herten nemen, daerom sal ick hopen.",
      "phraseDiff": [],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Dit",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2063"
          ],
          "bronwoorden": [
            "זֹ֛את"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "nemen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7725"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָשִׁ֥יב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "אָשִׁיב אֶל לִבִּי ('ik zal terugbrengen tot mijn hart') is met 'ter harte nemen' weergegeven; 'nemen' draagt H7725."
        },
        {
          "tekst": "ter",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H413"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "harte",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3820"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לִבִּ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "daarom",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921",
            "H3651"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַל",
            "כֵּ֥ן"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              4,
              5
            ]
          },
          "toelichting": "עַל־כֵּן ('daarom', H5921 en H3651) is één Nederlands woord 'daarom'; dat woord draagt beide nummers."
        },
        {
          "tekst": "hopen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3176"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אוֹחִֽיל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:21",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Cheth. Het zijn de goedertierenheden des HEEREN, dat wij niet vernield zijn, dat Zijn barmhartigheden geen einde hebben;",
      "text1637": "Cheth. [47] Het zijn [a] de goedertierentheden des HEEREN, dat wy niet vernielt en zijn, [48] dat sijne barmherticheden geen eynde en hebben.",
      "text2026": "ח Cheth. Het zijn de goedertierenheden van JAHWEH, dat wij niet vernield zijn, dat Zijn barmhartigheden geen einde hebben;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "47",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "47 Het zijn de goedertierenheden des HEEREN: Dat is, het is aan de overvloeiende genade Gods toe te schrijven.",
          "text1637": "D. het is de over-vloeyende genade Godes toe te schrijven.",
          "text2026": "47 Het zijn de goedertierenheden van JAHWEH: Dat is, het is aan de overvloeiende genade van God toe te schrijven."
        },
        {
          "marker": "48",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "48 dat Zijn barmhartigheden: Dat is, dat Hij ons nu nog zijne genade bewijst.",
          "text1637": "D. dat hy ons nu noch sijne genade bewijst.",
          "text2026": "48 dat Zijn barmhartigheden: Dat is, dat Hij ons nu nog zijn genade bewijst."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jes. 1:9; Habak. 3:13. Jesaja 1:9: Zo niet de HEERE der heirscharen ons nog een weinig overblijfsel had gelaten, als Sodom zouden wij geworden zijn; wij zouden Gomorra gelijk zijn geworden. Habakuk 3:13: Gij toogt uit tot verlossing Uws volks, tot verlossing met Uw Gezalfde; Gij doorwonddet het hoofd van het huis des goddelozen, ontblotende den grond tot den hals toe. Sela.",
          "text1637": "Iesa. 1.9. Hab. 3.13",
          "text2026": "Jes. 1:9; Habak. 3:13. Jesaja 1:9: Zo niet JAHWEH van de legermachten ons nog een weinig overblijfsel had gelaten, als Sodom zouden wij geworden zijn; wij zouden Gomorra gelijk zijn geworden. Habakuk 3:13: U toogt uit tot verlossing Uws volks, tot verlossing met Uw Gezalfde; U doorwondde het hoofd van het huis van de goddelozen, ontblotende de grond tot de hals toe. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חַֽסְדֵ֤י",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תָ֔מְנוּ",
          "strongs": "H8552",
          "morph": "HVqp1cp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "כָל֖וּ",
          "strongs": "H3615",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "רַחֲמָֽי/ו",
          "strongs": "H7356",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ח Cheth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> Het zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> de goedertierenheden van JAHWEH, dat wij niet vernield zijn,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> dat Zijn barmhartigheden geen einde hebben;",
      "textSV1888_html": "Cheth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> Het zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> de goedertierenheden des HEEREN, dat wij niet vernield zijn,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> dat Zijn barmhartigheden geen einde hebben;",
      "text1637_html": "Cheth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> Het zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> de goedertierentheden des HEEREN, dat wy niet vernielt en zijn, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> dat sijne barmherticheden geen eynde en hebben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN,",
          "new": "van JAHWEH,",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "goedertierenheden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2617"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חַֽסְדֵ֤י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֣י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹא"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vernield",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8552"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תָ֔מְנוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dat",
          "voorkomen": 2,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "geen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹא"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              7
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "einde",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3615"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָל֖וּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              8
            ]
          },
          "toelichting": "כָלוּ ('zij zijn ten einde') is met 'geen einde hebben' weergegeven; 'einde' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "barmhartigheden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7356"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רַחֲמָֽי/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:22",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Cheth. Zij zijn allen morgen nieuw, Uw trouw is groot.",
      "text1637": "Cheth. [49] Sy [b] zijn alle morgen nieuwe, [50] uwe trouwe is groot.",
      "text2026": "ח Cheth. Zij zijn elke morgen nieuw, Uw trouw is groot.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "49",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "49 Zij zijn allen morgen nieuw: Zie Ps. 73:14. De zin is: Wij gevoelen alle dagen nieuwe bewijzen uwer goedertierenheid te onswaarts. Psalmen 73:14: Dewijl ik den gansen dag geplaagd ben, en mijn straffing is er alle morgens.",
          "text1637": "Siet Psal. 73. op vers 14. De sin is, Wy gevoelen alle dage nieuw bewijs uwer goedertierenheyt t’onswaert.",
          "text2026": "49 Zij zijn elke morgen nieuw: Zie Ps. 73:14. De zin is: Wij gevoelen alle dagen nieuwe bewijzen uw goedertierenheid te onswaarts. Psalmen 73:14: Omdat ik de gansen dag geplaagd ben, en mijn straffing is er elke morgen."
        },
        {
          "marker": "50",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "50 Uw trouw is groot: O Heere, uwe trouw is groot in het volbrengen uwer beloften; 1 Kor. 10:13; 2 Tim. 2:13. 1 Korinthiërs 10:13: Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; doch God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat gij ze kunt verdragen. 2 Timotheüs 2:13: Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelven niet verloochenen.",
          "text1637": "O Heere, uwe trouwe is groot in’t volbrengen uwer beloften. 1.Cor. 10.13. 2.Tim. 2.13.",
          "text2026": "50 Uw trouw is groot: O Heer, uwe trouw is groot in het volbrengen uw beloften; 1 Kor. 10:13; 2 Tim. 2:13. 1 Korinthiërs 10:13: Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; maar God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven wat u vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat u ze kunt verdragen. 2 Timotheüs 2:13: Als wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelven niet verloochenen."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 30:6. Psalmen 30:6: Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; des avonds vernacht het geween, maar des morgens is er gejuich.",
          "text1637": "Psal. 30.6.",
          "text2026": "Ps. 30:6. Psalmen 30:6: Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; van de avond overnacht het geween, maar van de morgen is er gejuich."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֲדָשִׁים֙",
          "strongs": "H2319",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "לַ/בְּקָרִ֔ים",
          "strongs": "H1242",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "רַבָּ֖ה",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAafsa"
        },
        {
          "woord": "אֱמוּנָתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H530",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ח Cheth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> Zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> zijn elke morgen nieuw,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Uw trouw is groot.",
      "textSV1888_html": "Cheth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> Zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> zijn allen morgen nieuw,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Uw trouw is groot.",
      "text1637_html": "Cheth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> Sy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> zijn alle morgen nieuwe, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> uwe trouwe is groot.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "allen",
          "new": "elke",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "nieuw",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2319"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חֲדָשִׁים֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:23",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "morgen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1242"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לַ/בְּקָרִ֔ים"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:23",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "groot",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7227"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רַבָּ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:23",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "trouw",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H530"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֱמוּנָתֶֽ/ךָ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:23",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Cheth. De HEERE is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.",
      "text1637": "Cheth. [51] De HEERE is mijn deel, [52] seyt mijne ziele, [c] daerom sal ick op hem hopen.",
      "text2026": "ח Cheth. JAHWEH is mijn Deel, zegt mijn ziel, daarom zal ik op Hem hopen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "51",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "51 De HEERE is mijn Deel: De Heere is het, die mij aan ziel en aan lichaam onderhoudt, zijnde in alle manier voor mij genoegzaam, Gen. 17:1; Ps. 16:5, en Ps. 73:26; Jer. 10:16. Genesis 17:1: Als nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen de HEERE aan Abram, en zeide tot hem: Ik ben God, de Almachtige! Wandel voor Mijn aangezicht, en zijt oprecht! Psalmen 16:5: De HEERE is het deel mijner erve, en mijns bekers; Gij onderhoudt mijn lot. Psalmen 73:26: Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid. Jeremia 10:16: Jakobs deel is niet gelijk die, want Hij is de Formeerder van alles, en Israël is de roede Zijner erfenis; HEERE der heirscharen is Zijn Naam.",
          "text1637": "De Heere ist die my aen ziele ende aen lichaem onderhoudt, zijnde in aller maniere voor my genoechsaem, Gen. 17,1. Psal. 16.5. ende 73.26. Ier. 10.16.",
          "text2026": "51 JAHWEH is mijn Deel: De Heer is het, die mij aan ziel en aan lichaam onderhoudt, zijnde in alle manier voor mij genoegzaam, Gen. 17:1; Ps. 16:5, en Ps. 73:26; Jer. 10:16. Genesis 17:1: Als nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen JAHWEH aan Abram, en zei tot hem: Ik ben God, de Almachtige! Wandel voor Mijn aangezicht, en zijt oprecht! Psalmen 16:5: JAHWEH is het deel mijn erve, en mijn bekers; U onderhoudt mijn lot. Psalmen 73:26: Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijn harten, en mijn Deel in eeuwigheid. Jeremia 10:16: Jakobs deel is niet gelijk die, want Hij is de Formeerder van alles, en Israël is de roede Zijn erfenis; JAHWEH van de legermachten is Zijn Naam."
        },
        {
          "marker": "52",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "52 zegt mijn ziel: Dat is, ik ben in mijn hart daarvan genoegzaam verzekerd; zie de aantekening Ps. 16:5, en Ps. 18:3, en Ps. 73:25, 73:26; Rom. 8:38. Psalmen 16:5: De HEERE is het deel mijner erve, en mijns bekers; Gij onderhoudt mijn lot. Psalmen 18:3: De HEERE is mijn Steenrots, en mijn Burg, en mijn Uithelper; mijn God, mijn Rots, op Welken ik betrouw; mijn Schild, en de Hoorn mijns heils, mijn Hoog Vertrek. Psalmen 73:25: Wien heb ik nevens U in den hemel? Nevens U lust mij ook niets op de aarde! Psalmen 73:26: Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid. Romeinen 8:38: Want ik ben verzekerd, dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch machten, noch tegenwoordige, noch toekomende dingen,",
          "text1637": "D. Ick ben in mijn herte daer van genoechsaem versekert. siet Rom. 8.32. ende Psal. 16. de aenteeck. op vers 5. ende Psal. 18.3. ende 73.25, 26.",
          "text2026": "52 zegt mijn ziel: Dat is, ik ben in mijn hart daarvan genoegzaam verzekerd; zie de aantekening Ps. 16:5, en Ps. 18:3, en Ps. 73:25, 73:26; Rom. 8:38. Psalmen 16:5: JAHWEH is het deel mijn erve, en mijn bekers; U onderhoudt mijn lot. Psalmen 18:3: JAHWEH is mijn Steenrots, en mijn Burg, en mijn Uithelper; mijn God, mijn Rots, op Welke ik betrouw; mijn Schild, en de Hoorn mijn heils, mijn Vesting. Psalmen 73:25: Wie heb ik naast U in de hemel? Naast U lust mij ook niets op de aarde! Psalmen 73:26: Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijn harten, en mijn Deel in eeuwigheid. Romeinen 8:38: Want ik ben verzekerd, dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch machten, noch tegenwoordige, noch toekomende dingen,"
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Habak. 2:3. Habakuk 2:3: Want het gezicht zal nog tot een bestemden tijd zijn, dan zal Hij het op het einde voortbrengen, en niet liegen; zo Hij vertoeft, verbeid Hem, want Hij zal gewisselijk komen, Hij zal niet achterblijven.",
          "text1637": "Hab. 2.3.",
          "text2026": "Habak. 2:3. Habakuk 2:3: Want het gezicht zal nog tot een bestemden tijd zijn, dan zal Hij het op het einde voortbrengen, en niet liegen; zo Hij vertoeft, verbeid Hem, want Hij zal gewisselijk komen, Hij zal niet achterblijven."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֶלְקִ֤/י",
          "strongs": "H2506",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אָמְרָ֣ה",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֔/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֖ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אוֹחִ֥יל",
          "strongs": "H3176",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "לֽ/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ח Cheth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> JAHWEH is mijn Deel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> zegt mijn ziel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> daarom zal ik op Hem hopen.",
      "textSV1888_html": "Cheth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> De HEERE is mijn Deel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> zegt mijn ziel,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> daarom zal ik op Hem hopen.",
      "text1637_html": "Cheth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> De HEERE is mijn deel, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> seyt mijne ziele, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> daerom sal ick op hem hopen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Deel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2506"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חֶלְקִ֤/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zegt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H559"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָמְרָ֣ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַפְשִׁ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "daarom",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921",
            "H3651"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַל",
            "כֵּ֖ן"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              4,
              5
            ]
          },
          "toelichting": "עַל־כֵּן ('daarom', H5921 en H3651) is één Nederlands woord 'daarom'; dat woord draagt beide nummers."
        },
        {
          "tekst": "hopen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3176"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אוֹחִ֥יל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:24",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 25,
      "textSV1888": "Teth. De HEERE is goed dengenen, die Hem verwachten, der ziele, die Hem zoekt.",
      "text1637": "Teth. De HEERE is goet den genen [53] die hem verwachten, [54] der ziele die hem soeckt.",
      "text2026": "ט Teth. JAHWEH is goed voor hen, die Hem verwachten, voor de ziel, die Hem zoekt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "53",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "53 die Hem verwachten: Dat is, die vastelijk zich op Hem verlaten en met waar geloof op Hem vertrouwen.",
          "text1637": "D. die vastelick haer op hem verlaten, ende met waren geloove op hem vertrouwen.",
          "text2026": "53 die Hem verwachten: Dat is, die vastelijk zich op Hem verlaten en met waar geloof op Hem vertrouwen."
        },
        {
          "marker": "54",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "54 der ziele: Dat is, den mens, die zich van ganser harte benaarstigt om God te genaken door de middelen, die Hij verordineerd heeft om tot zijne kennis te komen.",
          "text1637": "D. den mensche die sich van gantscher herte beneersticht om Godt te genaken door de middelen die hy verordineert heeft om tot sijne kennisse te komen.",
          "text2026": "54 van de ziele: Dat is, de mens, die zich van ganser hart benaarstigt om God te genaken door de middelen, die Hij verordineerd heeft om tot zijn kennis te komen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ט֤וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/קוָֹ֔/ו",
          "strongs": "H6960",
          "morph": "HR/Vqrmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/נֶ֖פֶשׁ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "תִּדְרְשֶֽׁ/נּוּ",
          "strongs": "H1875",
          "morph": "HVqi3fs/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ט Teth.</span> JAHWEH is goed voor hen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> die Hem verwachten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> voor de ziel, die Hem zoekt.",
      "textSV1888_html": "Teth. De HEERE is goed dengenen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> die Hem verwachten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> der ziele, die Hem zoekt.",
      "text1637_html": "Teth. De HEERE is goet den genen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> die hem verwachten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> der ziele die hem soeckt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "dengenen,",
          "new": "voor hen,",
          "principe": "V397"
        },
        {
          "old": "der ziele,",
          "new": "voor de ziel,",
          "principe": "N25"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "goed",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2896"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ט֤וֹב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:25",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:25",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verwachten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6960"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/קוָֹ֔/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:25",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/נֶ֖פֶשׁ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:25",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zoekt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1875"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּדְרְשֶֽׁ/נּוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:25",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 26,
      "textSV1888": "Teth. Het is goed, dat men hope, en stille zij op het heil des HEEREN.",
      "text1637": "Teth. [55] ’T is goet datmen hope, ende stille zy [56] op het heyl des HEEREN.",
      "text2026": "ט Teth. Het is goed, dat men hope, en stille zij op het heil van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "55",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "55 Het is goed: Hij is gelukkig, die zijne hoop vast op den Heere gesteld heeft en in stilheid verlossing van den Heere is verwachtende; zie Ps. 37:7; zie ook Jes. 30:7. Anders: het is goed als men smart lijdt, dat men stil zij, enz. Psalmen 37:7: Daleth. Zwijg den HEERE, en verbeid Hem; ontsteek u niet over dengene, wiens weg voorspoedig is; over een man, die listige aanslagen uitvoert. Jesaja 30:7: Want Egypte zal ijdellijk en te vergeefs helpen; daarom heb Ik hierover geroepen; Stilzitten zal hun sterkte zijn.",
          "text1637": "Hy is geluckich, die sijne hope vast op den Heere gestelt heeft, ende in stillicheyt verlossinge van den Heere is verwachtende. Siet Psal. 37. op vers 7. siet oock Ies. 30.7. And. het is goet, alsmen smerte lijdt, datmen stille zy, etc.",
          "text2026": "55 Het is goed: Hij is gelukkig, die zijn hoop vast op de Heer gesteld heeft en in stilheid verlossing van de Heer is verwachtende; zie Ps. 37:7; zie ook Jes. 30:7. Anders: het is goed als men smart lijdt, dat men stil zij, enz. Psalmen 37:7: Daleth. Zwijg JAHWEH, en verbeid Hem; ontsteek u niet over dengene, wiens weg voorspoedig is; over een man, die listige aanslagen uitvoert. Jesaja 30:7: Want Egypte zal zinloos en te vergeefs helpen; daarom heb Ik hierover geroepen; Stilzitten zal hun sterkte zijn."
        },
        {
          "marker": "56",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "56 op het heil des HEEREN: Dat is, op de verlossing, die de Heere bewijst dengenen, die op Hem vertrouwen.",
          "text1637": "D. Op de verlossinge die de Heere bewijst den genen die op hem vertrouwen.",
          "text2026": "56 op het heil van JAHWEH: Dat is, op de verlossing, die de Heer bewijst dengenen, die op Hem vertrouwen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ט֤וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָחִיל֙",
          "strongs": "H3175",
          "morph": "HC/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/דוּמָ֔ם",
          "strongs": "H1748",
          "morph": "HC/D"
        },
        {
          "woord": "לִ/תְשׁוּעַ֖ת",
          "strongs": "H8668",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ט Teth.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> Het is goed, dat men hope, en stille zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> op het heil van JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Teth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> Het is goed, dat men hope, en stille zij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> op het heil des HEEREN.",
      "text1637_html": "Teth. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"55\">55</sup> ’T is goet datmen hope, en<i>de</i> stille zy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"56\">56</sup> op het heyl des HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "goed",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2896"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ט֤וֹב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:26",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hope",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3175"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/יָחִיל֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:26",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "stille",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1748"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/דוּמָ֔ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:26",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "heil",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8668"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לִ/תְשׁוּעַ֖ת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:26",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:26",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 27,
      "textSV1888": "Teth. Het is goed voor een man, dat hij het juk in zijn jeugd draagt.",
      "text1637": "Teth. ’T is goet [57] voor eenen man, [58] dat hy het jock [59] in sijner jeugt draegt.",
      "text2026": "ט Teth. Het is goed voor een man, dat hij het juk in zijn jeugd draagt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "57",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "57 voor een man: Dat is, voor een iegelijk. Anderen verstaan door man een voortreffelijken man.",
          "text1637": "D. Voor een yegelick. Andre verstaen door Man, eenen treffelicken man.",
          "text2026": "57 voor een man: Dat is, voor een iedereen. Anderen verstaan door man een voortreffelijken man."
        },
        {
          "marker": "58",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "58 dat hij het juk: Dat is, dat hij kruis en tegenspoed lijdt, en zich der tucht onderwerpt, opdat zijn boze en verdorven natuur getoomd en getemd worde; vergelijk Ps. 119:71. Psalmen 119:71: Het is mij goed, dat ik verdrukt ben geweest, opdat ik Uw inzettingen leerde.",
          "text1637": "D. dat hy kruys ende tegenspoet lijdt, ende sich der discipline onderwerpe, op dat sijne boose ende verdorvene natuere getoomt ende getemt worde. Vergel. Psal. 119.71.",
          "text2026": "58 dat hij het juk: Dat is, dat hij kruis en tegenspoed lijdt, en zich van de tucht onderwerpt, opdat zijn boze en verdorven natuur getoomd en getemd worde; vergelijk Ps. 119:71. Psalmen 119:71: Het is mij goed, dat ik verdrukt ben geweest, opdat ik Uw inzettingen leerde."
        },
        {
          "marker": "59",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "59 in zijn jeugd draagt: Eer de zonde te diep in zijn hart wortele en ten enenmale over hem heerse.",
          "text1637": "Eer de sonde te diepe in sijn herte wortele, ende t ’eene-mael over hem heersche.",
          "text2026": "59 in zijn jeugd draagt: Voordat de zonde te diep in zijn hart wortele en ten enenmale over hem heerse."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ט֣וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "לַ/גֶּ֔בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יִשָּׂ֥א",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "עֹ֖ל",
          "strongs": "H5923",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/נְעוּרָֽי/ו",
          "strongs": "H5271",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ט Teth.</span> Het is goed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> voor een man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> dat hij het juk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> in zijn jeugd draagt.",
      "textSV1888_html": "Teth. Het is goed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> voor een man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> dat hij het juk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> in zijn jeugd draagt.",
      "text1637_html": "Teth. ’T is goet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"57\">57</sup> voor eenen man, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"58\">58</sup> dat hy het jock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"59\">59</sup> in sijner jeugt draegt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "goed",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2896"
          ],
          "bronwoorden": [
            "ט֣וֹב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "man",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1397"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לַ/גֶּ֔בֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּֽי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "draagt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5375"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִשָּׂ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "juk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5923"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֹ֖ל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "jeugd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5271"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בִּ/נְעוּרָֽי/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:27",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 28,
      "textSV1888": "Jod. Hij zitte eenzaam, en zwijge stil, omdat Hij het hem opgelegd heeft.",
      "text1637": "Iod. [60] Hy [61] sitte eensaem, ende swijge stille, om dat [62] hy ’t hem opgeleyt heeft.",
      "text2026": "י Jod. Hij zitte eenzaam, en zwijge stil, omdat Hij het hem opgelegd heeft.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "60",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, die het juk in zijne jeugd heeft leren dragen. Anders: hij zal zitten, enz., of, [dat] hij zitte.",
          "text1637": "T.w. die het jock in sijne jeucht heeft leeren dragen. And. hy sal sitten, etc. ofte, [dat] hy sitte.",
          "text2026": "Te weten, die het juk in zijn jeugd heeft leren dragen. Anders: hij zal zitten, enz., of, [dat] hij zitte."
        },
        {
          "marker": "61",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "61 zitte eenzaam: Hij neme het kruis in zijne enigheid stil op, zonder groot gebaar te maken, gedachtig zijnde dat het de Heere hem tot zijn best heeft opgelegd; zie Ps. 39:10. Psalmen 39:10: Ik ben verstomd, ik zal mijn mond niet opendoen, want Gij hebt het gedaan.",
          "text1637": "Hy neme het kruyce in sijne eenicheyt stillekens op, sonder groot gebaer te maken, gedachtich zijnde, dat het de Heere hem tot sijnen besten heeft opgeleyt. Siet Psal. 39.10.",
          "text2026": "61 zitte eenzaam: Hij neme het kruis in zijn enigheid stil op, zonder groot gebaar te maken, gedachtig zijnde dat het de Heer hem tot zijn best heeft opgelegd; zie Ps. 39:10. Psalmen 39:10: Ik ben verstomd, ik zal mijn mond niet opendoen, want U hebt het gedaan."
        },
        {
          "marker": "62",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "62 Hij het hem opgelegd heeft: Te weten de Heere.",
          "text1637": "T.w. de Heere.",
          "text2026": "62 Hij het hem opgelegd heeft: Te weten de Heer."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יֵשֵׁ֤ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqj3ms"
        },
        {
          "woord": "בָּדָד֙",
          "strongs": "H910",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִדֹּ֔ם",
          "strongs": "H1826",
          "morph": "HC/Vqj3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "נָטַ֖ל",
          "strongs": "H5190",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "עָלָֽי/ו",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">י Jod.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup> zitte eenzaam, en zwijge stil, omdat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> Hij het hem opgelegd heeft.",
      "textSV1888_html": "Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup> zitte eenzaam, en zwijge stil, omdat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> Hij het hem opgelegd heeft.",
      "text1637_html": "Iod. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"60\">60</sup> Hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"61\">61</sup> sitte eensaem, ende swijge stille, om dat <sup class=\"note-marker\" data-note=\"62\">62</sup> hy ’t hem opgeleyt heeft.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "zitte",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3427"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יֵשֵׁ֤ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "eenzaam",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H910"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בָּדָד֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zwijge",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1826"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/יִדֹּ֔ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "omdat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "opgelegd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5190"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נָטַ֖ל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hem",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלָֽי/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:28",
            "bronindices": [
              5
            ]
          },
          "toelichting": "עָלָיו ('op hem') — het Nederlandse 'hem' staat op de plaats van dit voorzetsel met suffix; H5921 hoort bij עַל."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 29,
      "textSV1888": "Jod. Hij steke zijn mond in het stof, zeggende: Misschien is er verwachting.",
      "text1637": "Iod. [63] Hy steke sijnen mont inden stof, [seggende,] [64] [d] Misschien isser verwachtinge.",
      "text2026": "י Jod. Hij steke zijn mond in het stof, zeggende: Misschien is er verwachting.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "63",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "63 Hij steke zijn mond: Dat is, hij werpe zichzelven zeer deemoediglijk ter aarde voor het aanschijn Gods, bekennende dat Hij hem met gerechtigheid al die ellende oplegt; vergelijk 1 Kor. 14:25; Job 42:6; Ps. 22:16, 22:30; het tegendeel zie Ps. 73:8, 73:9. 1 Korinthiërs 14:25: En alzo worden de verborgene dingen zijns harten openbaar; en alzo, vallende op zijn aangezicht, zal hij God aanbidden, en verkondigen, dat God waarlijk onder u is. Job 42:6: Daarom verfoei ik mij, en ik heb berouw in stof en as. Psalmen 22:16: Mijn kracht is verdroogd als een potscherf, en mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; en Gij legt mij in het stof des doods. Psalmen 22:30: Alle vetten op aarde zullen eten, en aanbidden; allen, die in het stof nederdalen, zullen voor Zijn aangezicht nederbukken; en die zijn ziel bij het leven niet kan houden. Psalmen 73:8: Zij mergelen de lieden uit, en spreken boselijk van verdrukking; zij spreken uit de hoogte. Psalmen 73:9: Zij zetten hun mond tegen den hemel, en hun tong wandelt op de aarde.",
          "text1637": "D. hy werpe hem selven seer demoedelick ter aerde voor het aenschijn Godes, bekennende dat hy hem met gerechticheyt alle die elenden oplegt. Verg. 1.Cor. 14.25. ende Iob cap. 42.6. Psal. 22.16. ende 30. het contrarie siet Psal. 73. vers 8, 9.",
          "text2026": "63 Hij steke zijn mond: Dat is, hij werpe zichzelven zeer deemoediglijk ter aarde voor het aangezicht van God, bekennende dat Hij hem met gerechtigheid al die ellende oplegt; vergelijk 1 Kor. 14:25; Job 42:6; Ps. 22:16, 22:30; het tegendeel zie Ps. 73:8, 73:9. 1 Korinthiërs 14:25: En zo worden de verborgen dingen zijn harten openbaar; en zo, vallende op zijn aangezicht, zal hij God aanbidden, en verkondigen, dat God waarlijk onder u is. Job 42:6: Daarom verfoei ik mij, en ik heb berouw in stof en as. Psalmen 22:16: Mijn kracht is verdroogd als een potscherf, en mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; en U legt mij in het stof van de dood. Psalmen 22:30: Alle vetten op aarde zullen eten, en aanbidden; allen, die in het stof nederdalen, zullen voor Zijn aangezicht neerbuigen; en die zijn ziel bij het leven niet kan houden. Psalmen 73:8: Zij mergelen de mensen uit, en spreken boos van verdrukking; zij spreken uit de hoogte. Psalmen 73:9: Zij zetten hun mond tegen de hemel, en hun tong wandelt op de aarde."
        },
        {
          "marker": "64",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "64 Misschien is er verwachting: Alsof hij zeide: Ofschoon ik geen uitkomst zie, alle middelen mij omstaande en de hand des Heeren dus zwaar op mij zijnde, nochtans zal ik hopen, vertrouwende dat God mij toch eindelijk zijne genade zal laten smaken. Het woord misschien betekent niet altoos twijfeling of onzekerheid, maar ook dikwijls ene vertroosting of aanporring in zwaarwichtige zaken; gelijk Joz. 14:12. Zie de aantekening Joël 2:14. Jozua 14:12: En nu, geef mij dit gebergte, waarvan de HEERE te dien dage gesproken heeft; want gij hebt het te dienzelven dage gehoord, dat de Enakieten aldaar waren, en dat er grote vaste steden waren; of de HEERE met mij ware, dat ik hen verdreef, gelijk als de HEERE gesproken heeft. Joël 2:14: Wie weet, Hij mocht Zich wenden en berouw hebben; en Hij mocht een zegen achter Zich overlaten tot spijsoffer en drankoffer voor den HEERE, uw God.",
          "text1637": "Als of hy seyde, Of ick schoon geene uytkomste en sie, alle middelen my ontstaende, ende de hant des Heeren dus swaer op my zijnde, nochtans sal ick hopen, vertrouwende dat Godt my doch eyndelick sijne genade sal laten smaken. Het woort misschien en beteeckent niet altoos twijffelinge, of onsekerheyt, maer oock dickwijls een vertroostinge, ofte aenporringe in swaerwichtige saken. als Ios. 14.12. Siet de aenteeck. Ioël 2. op vers 14.",
          "text2026": "64 Misschien is er verwachting: Alsof hij zei: Ofschoon ik geen uitkomst zie, alle middelen mij omstaande en de hand van de Heern dus zwaar op mij zijnde, nochtans zal ik hopen, vertrouwende dat God mij toch eindelijk zijn genade zal laten smaken. Het woord misschien betekent niet altijd twijfeling of onzekerheid, maar ook dikwijls ene vertroosting of aanporring in zwaarwichtige zaken; gelijk Joz. 14:12. Zie de aantekening Joël 2:14. Jozua 14:12: En nu, geef mij dit gebergte, waarvan JAHWEH op die dag gesproken heeft; want u hebt het te dienzelven dage gehoord, dat de Enakieten daar waren, en dat er grote vaste steden waren; of JAHWEH met mij ware, dat ik hen verdreef, gelijk als JAHWEH gesproken heeft. Joël 2:14: Wie weet, Hij mocht Zich wenden en berouw hebben; en Hij mocht een zegen achter Zich overlaten tot spijsoffer en drankoffer voor JAHWEH, uw God."
        },
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Hand. 8:22. Handelingen 8:22: Bekeer u dan van deze uw boosheid, en bid God, of misschien u deze overlegging uws harten vergeven wierd.",
          "text1637": "Actor. 8.22.",
          "text2026": "Hand. 8:22. Handelingen 8:22: Bekeer u dan van deze uw boosheid, en bid God, of misschien u deze overlegging uws harten vergeven wierd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִתֵּ֤ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בֶּֽ/עָפָר֙",
          "strongs": "H6083",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "פִּ֔י/הוּ",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אוּלַ֖י",
          "strongs": "H194",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "יֵ֥שׁ",
          "strongs": "H3426",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "תִּקְוָֽה",
          "strongs": "H8615",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">י Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup></span> Hij steke zijn mond in het stof,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> zeggende: <span class=\"direct-speech\"><i>Misschien is er verwachting.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup> Hij steke zijn mond in het stof,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> zeggende: Misschien is er verwachting.",
      "text1637_html": "Iod. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"63\">63</sup> Hy steke sijnen mont inden stof, [seggende,] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"64\">64</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Misschien isser verwachtinge.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "steke",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5414"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִתֵּ֤ן"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "stof",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6083"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בֶּֽ/עָפָר֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "mond",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6310"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פִּ֔י/הוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Misschien",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H194"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אוּלַ֖י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "is",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3426"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יֵ֥שׁ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verwachting",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8615"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּקְוָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:29",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 30,
      "textSV1888": "Jod. Hij geve zijn wang dien, die hem slaat, hij worde zat van smaad.",
      "text1637": "Iod. [65] Hy geve sijne wange dien die hem slaet, [66] hy worde sat van smaet.",
      "text2026": "י Jod. Hij geve zijn wang aan degene, die hem slaat, hij worde verzadigd van smaad.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "65",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "65 Hij geve zijn wang dien: Dat is, dat hij met geduld aanneme de slagen en plagen, die hem de mensen onverdiend of zonder wettelijke oorzaak aandoen.",
          "text1637": "D. dat hy met patientie aenneme de slagen ende plagen, die hem de menschen onverdient, of sonder wettelicke oorsake aendoen.",
          "text2026": "65 Hij geve zijn wang die: Dat is, dat hij met geduld aanneme de slagen en plagen, die hem de mensen onverdiend of zonder wettelijke oorzaak aandoen."
        },
        {
          "marker": "66",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "66 hij worde zat van smaad: Zie Job 7:4. Het is hier te zeggen, met geduld allerlei kwaad verdragen. Job 7:4: Als ik te slapen lig, dan zeg ik: Wanneer zal ik opstaan, en Hij den avond afgemeten hebben? En ik word zat van woelingen tot aan den schemertijd.",
          "text1637": "Siet Iob cap. 7. op vers 4. ’T is hier te seggen, met gedult allerley quaet verdragen.",
          "text2026": "66 hij worde zat van smaad: Zie Job 7:4. Het is hier te zeggen, met geduld allerlei kwaad verdragen. Job 7:4: Als ik te slapen lig, dan zeg ik: Wanneer zal ik opstaan, en Hij de avond afgemeten hebben? En ik word zat van woelingen tot aan de schemertijd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִתֵּ֧ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/מַכֵּ֛/הוּ",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HR/Vhrmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לֶ֖חִי",
          "strongs": "H3895",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂבַּ֥ע",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVqj3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/חֶרְפָּֽה",
          "strongs": "H2781",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">י Jod.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> Hij geve zijn wang aan degene, die hem slaat,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> hij worde verzadigd van smaad.",
      "textSV1888_html": "Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> Hij geve zijn wang dien, die hem slaat,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> hij worde zat van smaad.",
      "text1637_html": "Iod. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"65\">65</sup> Hy geve sijne wange dien die hem slaet, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"66\">66</sup> hy worde sat van smaet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "י",
          "principe": "V1583"
        },
        {
          "old": "dien,",
          "new": "aan degene,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "zat",
          "new": "verzadigd",
          "principe": "V1583"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "geve",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5414"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִתֵּ֧ן"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:30",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "slaat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5221"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/מַכֵּ֛/הוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:30",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wang",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3895"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֶ֖חִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:30",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7646"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִשְׂבַּ֥ע"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:30",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "smaad",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2781"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/חֶרְפָּֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:30",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 31,
      "textSV1888": "Caph. Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid.",
      "text1637": "Caph. [67] Want de Heere en sal niet verstooten in eeuwicheyt:",
      "text2026": "כ Caph. Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "67",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "67 Want de HEERE: De zin is: Ofschoon God de Heere somtijds een tijdlang zijne goedertierenheid zijnen kinderen schijnt te onttrekken, nochtans zal zulks niet altijd duren. Zie 1 Kor. 10:13. Zie dergelijke spreuken Ps. 30:6, en Ps. 73:24, en Ps. 126:5, 126:6, en Ps. 130:7, en Ps. 135:14; Jes. 27:6, 27:7, 27:8, en Jes. 54:7, 54:8; Jer. 10:24, en Jer. 30:11, en Jer. 46:28; Hab. 3:2; 2 Kor. 4:17; 1 Petr. 1:6. 1 Korinthiërs 10:13: Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; doch God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat gij ze kunt verdragen. Psalmen 30:6: Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; des avonds vernacht het geween, maar des morgens is er gejuich. Psalmen 73:24: Gij zult mij leiden door Uw raad; en daarna zult Gij mij in heerlijkheid opnemen. Psalmen 126:5: Die met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien. Psalmen 126:6: Die het zaad draagt, dat men zaaien zal, gaat al gaande en wenende; maar voorzeker zal hij met gejuich wederkomen, dragende zijn schoven. Psalmen 130:7: Israël hope op den HEERE; want bij den HEERE is goedertierenheid, en bij Hem is veel verlossing. Psalmen 135:14: Want de HEERE zal Zijn volk richten, en het zal Hem berouwen over Zijn knechten. Jesaja 27:6: In het toekomende zal Jakob wortelen schieten, Israël zal bloeien en groeien; en zij zullen de wereld met inkomsten vervullen. Jesaja 27:7: Heeft Hij hem geslagen, gelijk Hij dien geslagen heeft, die hem sloeg? Is hij gedood, gelijk zijn gedoden gedood zijn geworden? Jesaja 27:8: Met mate hebt Gij met hem getwist, wanneer Gij hem wegstiet; als Hij hem wegnam door Zijn harden wind, in den dag des oostenwinds. Jesaja 54:7: Voor een klein ogenblik heb Ik u verlaten; maar met grote ontfermingen zal Ik u vergaderen. Jesaja 54:8: In een kleinen toorn heb Ik Mijn aangezicht van u een ogenblik verborgen; maar met eeuwige goedertierenheid zal Ik Mij uwer ontfermen, zegt de HEERE, uw Verlosser. Jeremia 10:24: Kastijd mij, HEERE! doch met mate; niet in Uw toorn, opdat Gij mij niet te niet maakt. Jeremia 30:11: Want Ik ben met u, spreekt de HEERE, om u te verlossen; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen, waarhenen Ik u verstrooid heb; maar met u zal Ik geen voleinding maken; maar Ik zal u kastijden met mate, en u niet gans onschuldig houden. Jeremia 46:28: Gij dan Mijn knecht Jakob! vrees niet, spreekt de HEERE; want Ik ben met u; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen, waarhenen Ik u gedreven zal hebben, doch met u zal Ik geen voleinding maken, maar u kastijden met mate, en u niet gans onschuldig houden. Habakuk 3:2: HEERE! als ik Uw rede gehoord heb, heb ik gevreesd; Uw werk, o HEERE! behoud dat in het leven in het midden der jaren, maak het bekend in het midden der jaren; in den toorn gedenk des ontfermens. 2 Korinthiërs 4:17: Want onze lichte verdrukking, die zeer haast voorbij gaat, werkt ons een gans zeer uitnemend eeuwig gewicht der heerlijkheid; 1 Petrus 1:6: In welke gij u verheugt, nu een weinig tijds (zo het nodig is) bedroefd zijnde door menigerlei verzoekingen;",
          "text1637": "De sin is, Of schoon Godt de Heere somtijts eenen tijt lanck schijnt sijne goedertierenheyt sijnen kinderen te onttrecken, nochtans en sal sulcx niet altijt dueren. siet 1.Cor. 10.13. siet dergelijcke spreucken, Psal. 30.6. ende 73.24. ende 126.5, 6. ende 130.7. ende 135.14. Ies. 27.6, 7, 8. ende 54.7, 8. Ier. 10.24. ende 30.11. ende 46.28. Hab. 3.2. 2.Cor. 4.17. 1.Petr. 1.6.",
          "text2026": "67 Want JAHWEH: De zin is: Ofschoon God de Heer somtijds een tijdlang zijn goedertierenheid zijn kinderen schijnt te onttrekken, nochtans zal zulks niet altijd duren. Zie 1 Kor. 10:13. Zie dergelijke spreuken Ps. 30:6, en Ps. 73:24, en Ps. 126:5, 126:6, en Ps. 130:7, en Ps. 135:14; Jes. 27:6, 27:7, 27:8, en Jes. 54:7, 54:8; Jer. 10:24, en Jer. 30:11, en Jer. 46:28; Hab. 3:2; 2 Kor. 4:17; 1 Petr. 1:6. 1 Korinthiërs 10:13: Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; maar God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven wat u vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat u ze kunt verdragen. Psalmen 30:6: Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; van de avond overnacht het geween, maar van de morgen is er gejuich. Psalmen 73:24: U zult mij leiden door Uw raad; en daarna zult U mij in heerlijkheid opnemen. Psalmen 126:5: Die met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien. Psalmen 126:6: Die het zaad draagt, dat men zaaien zal, gaat al gaande en wenende; maar voorzeker zal hij met gejuich wederkomen, dragende zijn schoven. Psalmen 130:7: Israël hope op JAHWEH; want bij JAHWEH is goedertierenheid, en bij Hem is veel verlossing. Psalmen 135:14: Want JAHWEH zal Zijn volk richten, en het zal Hem berouwen over Zijn knechten. Jesaja 27:6: In het toekomende zal Jakob wortelen schieten, Israël zal bloeien en groeien; en zij zullen de wereld met inkomsten vervullen. Jesaja 27:7: Heeft Hij hem geslagen, gelijk Hij die geslagen heeft, die hem sloeg? Is hij gedood, gelijk zijn gedoden gedood zijn geworden? Jesaja 27:8: Met mate hebt U met hem getwist, wanneer U hem wegstiet; als Hij hem wegnam door Zijn harden wind, in de dag van de oostenwinds. Jesaja 54:7: Voor een klein ogenblik heb Ik u verlaten; maar met grote ontfermingen zal Ik u vergaderen. Jesaja 54:8: In een kleinen toorn heb Ik Mijn aangezicht van u een ogenblik verborgen; maar met eeuwige goedertierenheid zal Ik Mij uw ontfermen, zegt JAHWEH, uw Verlosser. Jeremia 10:24: Kastijd mij, JAHWEH! maar met mate; niet in Uw toorn, opdat U mij niet te niet maakt. Jeremia 30:11: Want Ik ben met u, spreekt JAHWEH, om u te verlossen; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen, waarhenen Ik u verstrooid heb; maar met u zal Ik geen voleinding maken; maar Ik zal u kastijden met mate, en u niet geheel onschuldig houden. Jeremia 46:28: U dan Mijn knecht Jakob! vrees niet, spreekt JAHWEH; want Ik ben met u; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen, waarhenen Ik u gedreven zal hebben, maar met u zal Ik geen voleinding maken, maar u kastijden met mate, en u niet geheel onschuldig houden. Habakuk 3:2: JAHWEH! als ik Uw rede gehoord heb, heb ik gevreesd; Uw werk, o JAHWEH! behoud dat in het leven in het midden van de jaren, maak het bekend in het midden van de jaren; in de toorn gedenk van de ontfermens. 2 Korinthiërs 4:17: Want onze lichte verdrukking, die zeer haast voorbij gaat, werkt ons een geheel zeer uitnemend eeuwig gewicht van de heerlijkheid; 1 Petrus 1:6: In welke u u verheugt, nu een weinig tijds (zo het nodig is) bedroefd zijnde door menigerlei verzoekingen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִזְנַ֛ח",
          "strongs": "H2186",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֖ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָֽ/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">כ Caph.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Caph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> Want de Heere zal niet verstoten in eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Caph. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"67\">67</sup> Want de Heere en sal niet verstooten in eeuwicheyt:",
      "phraseDiff": [],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֣י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:31",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:31",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verstoten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2186"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִזְנַ֛ח"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:31",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "eeuwigheid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5769"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/עוֹלָ֖ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:31",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Heere",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H136"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲדֹנָֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:31",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 32,
      "textSV1888": "Caph. Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen, naar de grootheid Zijner goedertierenheden.",
      "text1637": "Caph. Maer als hy bedroeft heeft, so sal hy sich ontfermen [68] nae de grootheyt sijner goedertierentheden.",
      "text2026": "כ Caph. Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen, naar de grootheid van Zijn goedertierenheden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "68",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "68 naar de grootheid Zijner goedertierenheden: Of, naar de veelheid, z.g.; dat is, zijne goedertierenheid is zonder einde.",
          "text1637": "Of, nae de veelheyt. s. g. D. sijne goedertierenheyt is sonder eynde.",
          "text2026": "68 naar de grootheid Zijn goedertierenheden: Of, naar de veelheid, z.g.; dat is, zijn goedertierenheid is zonder einde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הוֹגָ֔ה",
          "strongs": "H3013",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/רִחַ֖ם",
          "strongs": "H7355",
          "morph": "HC/Vpq3ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/רֹ֥ב",
          "strongs": "H7230",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "חסד/ו",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">כ Caph.</span> Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> naar de grootheid van Zijn goedertierenheden.",
      "textSV1888_html": "Caph. Maar als Hij bedroefd heeft, zo zal Hij Zich ontfermen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> naar de grootheid Zijner goedertierenheden.",
      "text1637_html": "Caph. Maer als hy bedroeft heeft, so sal hy sich ontfermen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"68\">68</sup> nae de grootheyt sijner goedertierentheden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Zijner",
          "new": "van Zijn",
          "principe": "N7"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Maar",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֣י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "als",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H518"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אִם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "bedroefd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3013"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הוֹגָ֔ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ontfermen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7355"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/רִחַ֖ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "grootheid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7230"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כְּ/רֹ֥ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "goedertierenheden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2617"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חסד/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:32",
            "bronindices": [
              5
            ]
          },
          "toelichting": "Ketiv חסד/ו (חַסְדּוֹ); het qere in <note type=\"variant\"> luidt חֲסָדָיו. MorphHB geeft voor het ketiv H2617."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 33,
      "textSV1888": "Caph. Want Hij plaagt of bedroeft des mensen kinderen niet van harte.",
      "text1637": "Caph. Want hy en plaegt, nochte en bedroeft [69] des menschen kinderen [70] niet van herten.",
      "text2026": "כ Caph. Want Hij plaagt of bedroeft de mensenkinderen niet van harte.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "69",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "69 des mensenkinderen: Hebreeuws, des mans kinderen, mans voor mensen; zie Job 12:10. Job 12:10: In Wiens hand de ziel is van al wat leeft, en de geest van alle vlees des mensen.",
          "text1637": "Hebr. des mans kinderen, mans, voor menschen. siet Iob cap. 12. op vers 10.",
          "text2026": "69 van de mensenkinderen: Hebreeuws, van de man kinderen, mans voor mensen (בְנֵי); zie Job 12:10. Job 12:10: In Wiens hand de ziel is van al wat leeft, en de geest van alle vlees van de mensen."
        },
        {
          "marker": "70",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "70 niet van harte: Hebreeuws, niet uit zijn hart; dat is, Hij heeft er geen lust aan, maar de zonden der mensen zijn de oorzaken daarvan; vergelijk Jes. 28:21. En als Hij zijne kinderen kastijdt, dat doet Hij om hen van zondigen af te trekken. Jesaja 28:21: Want de HEERE zal Zich opmaken, gelijk op den berg Perazim, Hij zal beroerd zijn, gelijk in het dal van Gibeon, om Zijn werk te doen, Zijn werk zal vreemd zijn; en om Zijn daad te doen, Zijn daad zal vreemd zijn!",
          "text1637": "Hebr. niet uyt sijn herte. D. hy en heefter geenen lust aen, maer de sonden der menschen zijn oorsaken daer van. Vergel. Ies. 28. op vers 21. Ende als hy sijne kinderen castijdt, dat doet hy om haer van sondigen af te trecken.",
          "text2026": "70 niet van hart: Hebreeuws, niet uit zijn hart (לִּבּ); dat is, Hij heeft er geen lust aan, maar de zonden van de mensen zijn de oorzaken daarvan; vergelijk Jes. 28:21. En als Hij zijn kinderen kastijdt, dat doet Hij om hen van zondigen af te trekken. Jesaja 28:21: Want JAHWEH zal Zich opmaken, gelijk op de berg Perazim, Hij zal beroerd zijn, gelijk in het dal van Gibeon, om Zijn werk te doen, Zijn werk zal vreemd zijn; en om Zijn daad te doen, Zijn daad zal vreemd zijn!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֤א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "עִנָּה֙",
          "strongs": "H6031",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/לִּבּ֔/וֹ",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּגֶּ֖ה",
          "strongs": "H3013",
          "morph": "HC/Vpw3ms"
        },
        {
          "woord": "בְנֵי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אִֽישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">כ Caph.</span> Want Hij plaagt of bedroeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> de mensenkinderen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> niet van harte.",
      "textSV1888_html": "Caph. Want Hij plaagt of bedroeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> des mensen kinderen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> niet van harte.",
      "text1637_html": "Caph. Want hy en plaegt, nochte en bedroeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"69\">69</sup> des menschen kinderen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"70\">70</sup> niet van herten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des mensen kinderen",
          "new": "de mensenkinderen",
          "principe": null
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Want",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3588"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כִּ֣י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֤א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "plaagt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6031"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עִנָּה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "harte",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3820"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/לִּבּ֔/וֹ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "bedroeft",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3013"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יַּגֶּ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "mensenkinderen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1121",
            "H376"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְנֵי",
            "אִֽישׁ"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:33",
            "bronindices": [
              5,
              6
            ]
          },
          "toelichting": "בְּנֵי אִישׁ ('zonen van de mens', H1121 en H376) is samengetrokken tot één Nederlands woord 'mensenkinderen'; dat woord draagt beide nummers."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 34,
      "textSV1888": "Lamed. Dat men al de gevangenen der aarde onder Zijn voeten verbrijzelt;",
      "text1637": "Lamed. [71] Datmen alle de gevangene der aerde onder sijne voeten [72] verbrijselt:",
      "text2026": "ל Lamed. Dat men al de gevangenen van de aarde onder Zijn voeten verbrijzelt;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "71",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "71 Dat men al de gevangenen der aarde: De zin is: Ofschoon de Heere dikwijls de tirannen als roeden gebruikt, zo heeft Hij nochtans daar geen welgevallen aan, dat men al degenen, die door de macht en het geweld in de gevangenis geworpen zijn, zou zonder aanzien van personen en daden te schande maken. Zie Ps. 109:16; Zach. 1:15; Luk. 6:36. Psalmen 109:16: Omdat hij niet gedacht heeft weldadigheid te doen, maar heeft den ellendigen en den nooddruftigen man vervolgd, en den verslagene van hart, om hem te doden. Zacharia 1:15: En Ik ben met een zeer groten toorn vertoornd tegen die geruste heidenen; want Ik was een weinig toornig, maar zij hebben ten kwade geholpen. Lukas 6:36: Weest dan barmhartig, gelijk ook uw Vader barmhartig is.",
          "text1637": "De sin is, Of schoon de Heere dickwijls de tyrannen, als roeden gebruyckt, so en heeft hy nochtans daer geen welgevallen aen, datmen alle de gene die door de macht ende ’t gewelt in de gevanckenisse geworpen zijn, soude, sonder aensien van persoonen ende daden, te schande maken. siet Psal.109.16. Zach. 1.15. Luce 6.36.",
          "text2026": "71 Dat men al de gevangenen van de aarde: De zin is: Ofschoon de Heer dikwijls de tirannen als roeden gebruikt, zo heeft Hij nochtans daar geen welgevallen aan, dat men al degenen, die door de macht en het geweld in de gevangenis geworpen zijn, zou zonder aanzien van personen en daden te schande maken. Zie Ps. 109:16; Zach. 1:15; Luk. 6:36. Psalmen 109:16: Omdat hij niet gedacht heeft weldadigheid te doen, maar heeft de ellendigen en de nooddruftigen man vervolgd, en de verslagene van hart, om hem te doden. Zacharia 1:15: En Ik ben met een zeer grote toorn vertoornd tegen die geruste heidenen; want Ik was een weinig toornig, maar zij hebben ten kwade geholpen. Lukas 6:36: Weest dan barmhartig, gelijk ook uw Vader barmhartig is."
        },
        {
          "marker": "72",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, vertreedt. Zie voorbeelden hiervan, Joz. 10:24, en vergelijk Job 5:4; Ps. 143:3, en Ps. 44:20. Jozua 10:24: En het geschiedde, als zij die koningen uitgebracht hadden tot Jozua, zo riep Jozua al de mannen van Israël, en hij zeide tot de oversten des krijgsvolks, die met hem getogen waren: Treedt toe, zet uw voeten op de halzen dezer koningen. En zij traden toe, en zetten hun voeten op hun halzen. Job 5:4: Verre waren zijn zonen van heil; en zij werden verbrijzeld in de poort, en er was geen verlosser. Psalmen 143:3: Want de vijand vervolgt mijn ziel, hij vertreedt mijn leven ter aarde; hij legt mij in duisternissen, als degenen, die over lang dood zijn. Psalmen 44:20: Hoewel Gij ons verpletterd hebt in een plaats der draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt.",
          "text1637": "D. vertredet. siet exempelen hier van Ios. 10.24. ende vergel. Iob 5.4. Psal. 143.3. ende 44.20.",
          "text2026": "Dat is, vertreedt. Zie voorbeelden hiervan, Joz. 10:24, en vergelijk Job 5:4; Ps. 143:3, en Ps. 44:20. Jozua 10:24: En het geschiedde, als zij die koningen uitgebracht hadden tot Jozua, zo riep Jozua al de mannen van Israël, en hij zei tot de oversten van de krijgsvolks, die met hem getogen waren: Treedt toe, zet uw voeten op de halzen van deze koningen. En zij traden toe, en zetten hun voeten op hun halzen. Job 5:4: Verre waren zijn zonen van heil; en zij werden verbrijzeld in de poort, en er was geen verlosser. Psalmen 143:3: Want de vijand vervolgt mijn ziel, hij vertreedt mijn leven ter aarde; hij legt mij in duisternissen, als degenen, die over lang dood zijn. Psalmen 44:20: Hoewel U ons verpletterd hebt in een plaats van de draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/דַכֵּא֙",
          "strongs": "H1792",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "תַּ֣חַת",
          "strongs": "H8478",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "רַגְלָ֔י/ו",
          "strongs": "H7272",
          "morph": "HNcfdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כֹּ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֲסִ֥ירֵי",
          "strongs": "H615",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אָֽרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ל Lamed.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> Dat men al de gevangenen van de aarde onder Zijn voeten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbrijzelt;",
      "textSV1888_html": "Lamed.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> Dat men al de gevangenen der aarde onder Zijn voeten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbrijzelt;",
      "text1637_html": "Lamed. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"71\">71</sup> Datmen alle de gevangene der aerde onder sijne voeten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"72\">72</sup> verbrijselt:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "verbrijzelt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1792"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/דַכֵּא֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "onder",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8478"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תַּ֣חַת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "voeten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7272"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רַגְלָ֔י/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כֹּ֖ל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gevangenen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H615"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲסִ֥ירֵי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "aarde",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H776"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָֽרֶץ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:34",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 35,
      "textSV1888": "Lamed. Dat men het recht eens mans buigt voor het aangezicht des Allerhoogsten;",
      "text1637": "Lamed. Datmen het recht eenes mans [73] buygt voor het aengesichte des Alderhoochsten:",
      "text2026": "ל Lamed. Dat men het recht van een man buigt voor het aangezicht van de Allerhoogste;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "73",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, vertrekt, verwijlt, hetzij door valse getuigen of andere onbetamelijke middelen; zie een voorbeeld Luk. 18:4, en vergelijk Exod. 23:6, 23:7; Deut. 16:19; 2 Kron. 19:6, 19:7. Lukas 18:4: En hij wilde voor een langen tijd niet; maar daarna zeide hij bij zichzelven: Hoewel ik God niet vreze, en geen mens ontzie; Exodus 23:6: Gij zult het recht uws armen niet buigen in zijn twistige zaak. Exodus 23:7: Zijt verre van valse zaken; en den onschuldige en gerechtige zult gij niet doden; want Ik zal den goddeloze niet rechtvaardigen. Deuteronomium 16:19: Gij zult het gericht niet buigen; gij zult het aangezicht niet kennen; ook zult gij geen geschenk nemen; want het geschenk verblindt de ogen der wijzen, en verkeert de woorden der rechtvaardigen. 2 Kronieken 19:6: En hij zeide tot de richters: Ziet wat gij doet, want gij houdt het gericht niet den mens, maar den HEERE; en Hij is bij u in de zaak van het gericht. 2 Kronieken 19:7: Nu dan, de verschrikking des HEEREN zij op ulieden; neemt waar, en doet het; want bij den HEERE, onzen God, is geen onrecht, noch aanneming van personen, noch ontvanging van geschenken.",
          "text1637": "D. vertreckt, verwijlt, het zy door valsche getuygen, of andre onbetamelicke middelen. siet een exempel, Luce 18.4. ende vergel. Exod. 23.6, 7. Deut. 16.19. 2.Chro. 19.6, 7.",
          "text2026": "Dat is, vertrekt, verwijlt, hetzij door valse getuigen of andere onbetamelijke middelen; zie een voorbeeld Luk. 18:4, en vergelijk Ex. 23:6, 23:7; Deut. 16:19; 2 Kron. 19:6, 19:7. Lukas 18:4: En hij wilde voor een langen tijd niet; maar daarna zei hij bij zichzelven: Hoewel ik God niet vreze, en geen mens ontzie; Exodus 23:6: U zult het recht uws armen niet buigen in zijn twistige zaak. Exodus 23:7: Zijt verre van valse zaken; en de onschuldige en gerechtige zult u niet doden; want Ik zal de goddeloze niet rechtvaardigen. Deuteronomium 16:19: U zult het gericht niet buigen; u zult het aangezicht niet kennen; ook zult u geen geschenk nemen; want het geschenk verblindt de ogen van de wijzen, en verkeert de woorden van de rechtvaardigen. 2 Kronieken 19:6: En hij zei tot de richters: Ziet wat u doet, want u houdt het gericht niet de mens, maar JAHWEH; en Hij is bij u in de zaak van het gericht. 2 Kronieken 19:7: Nu dan, de verschrikking van JAHWEH zij op u; neemt waar, en doet het; want bij JAHWEH, onze God, is geen onrecht, noch aanneming van personen, noch ontvanging van geschenken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/הַטּוֹת֙",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HR/Vhc"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפַּט",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "גָּ֔בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נֶ֖גֶד",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "פְּנֵ֥י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc"
        },
        {
          "woord": "עֶלְיֽוֹן",
          "strongs": "H5945",
          "morph": "HAamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ל Lamed.</span> Dat men het recht van een man<sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> buigt voor het aangezicht van de Allerhoogste;",
      "textSV1888_html": "Lamed. Dat men het recht eens mans<sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> buigt voor het aangezicht des Allerhoogsten;",
      "text1637_html": "Lamed. Datmen het recht eenes mans <sup class=\"note-marker\" data-note=\"73\">73</sup> buygt voor het aengesichte des Alderhoochsten:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "eens mans",
          "new": "van een man",
          "principe": "V424"
        },
        {
          "old": "des Allerhoogsten;",
          "new": "van de Allerhoogste;",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "buigt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5186"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/הַטּוֹת֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "recht",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4941"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִשְׁפַּט"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "man",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1397"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גָּ֔בֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "voor",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5048"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נֶ֖גֶד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "aangezicht",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6440"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פְּנֵ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Allerhoogste",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5945"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֶלְיֽוֹן"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:35",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 36,
      "textSV1888": "Lamed. Dat men een mens verongelijkt in zijn twistzaak; zou het de Heere niet zien?",
      "text1637": "Lamed. Datmen eenen mensche [74] verongelijckt in sijne [75] twist-sake: [76] soud’et [77] de Heere niet sien?",
      "text2026": "ל Lamed. Dat men een mens verongelijkt in zijn rechtszaak; zou het de Heere niet zien?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "74",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hetzij door geweld, gezag of arglistigheid. Hebreeuws, verkeert.",
          "text1637": "Het zy door gewelt, authoriteyt, of arch-listicheyt. Hebr. verkeert.",
          "text2026": "Hetzij door geweld, gezag of arglistigheid. Hebreeuws, verkeert."
        },
        {
          "marker": "75",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of rechtvordering, proces.",
          "text1637": "Of, rechts-voorderinge, proces.",
          "text2026": "Of rechtvordering, proces."
        },
        {
          "marker": "76",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "76 zou het: Zou er de Heere geen acht op geven?",
          "text1637": "Souder de Heere geen achtinge op geven?",
          "text2026": "76 zou het: Zou er de Heer geen acht op geven?"
        },
        {
          "marker": "77",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "77 de HEERE niet zien: Die rechtvaardig is; zie Ps. 11:7, en vergelijk Ps. 94:5, 94:6, enz. Psalmen 11:7: Want de HEERE is rechtvaardig, Hij heeft gerechtigheden lief; Zijn aangezicht aanschouwt den oprechte. Psalmen 94:5: O HEERE! zij verbrijzelen Uw volk, en zij verdrukken Uw erfdeel. Psalmen 94:6: De weduwe en den vreemdeling doden zij, en zij vermoorden de wezen.",
          "text1637": "Die rechtveerdich is. siet Psal. 11.7. ende vergel. Psal. 94.5, 6, etc.",
          "text2026": "77 JAHWEH niet zien: Die rechtvaardig is; zie Ps. 11:7, en vergelijk Ps. 94:5, 94:6, enz. Psalmen 11:7: Want JAHWEH is rechtvaardig, Hij heeft gerechtigheden lief; Zijn aangezicht aanschouwt de oprechte. Psalmen 94:5: O JAHWEH! zij verbrijzelen Uw volk, en zij verdrukken Uw erfdeel. Psalmen 94:6: De weduwe en de vreemdeling doden zij, en zij vermoorden de wezen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/עַוֵּ֤ת",
          "strongs": "H5791",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "אָדָם֙",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/רִיב֔/וֹ",
          "strongs": "H7379",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֖/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "רָאָֽה",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ל Lamed.</span> Dat men een mens<sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> verongelijkt in zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> rechtszaak;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> zou<sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> het de Heere niet zien?",
      "textSV1888_html": "Lamed. Dat men een mens<sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> verongelijkt in zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> twistzaak;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> zou<sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> het de Heere niet zien?",
      "text1637_html": "Lamed. Datmen eene<i>n</i> mensche <sup class=\"note-marker\" data-note=\"74\">74</sup> verongelijckt in sijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"75\">75</sup> twist-sake: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"76\">76</sup> soud’et <sup class=\"note-marker\" data-note=\"77\">77</sup> de Heere niet sien?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "twistzaak;",
          "new": "rechtszaak;",
          "principe": "V393"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "verongelijkt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5791"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/עַוֵּ֤ת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "mens",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H120"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָדָם֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "rechtszaak",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7379"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/רִיב֔/וֹ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Heere",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H136"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲדֹנָ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zien",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7200"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רָאָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:36",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 37,
      "textSV1888": "Mem. Wie zegt wat, hetwelk geschiedt, zo het de Heere niet beveelt?",
      "text1637": "Mem. [e] [78] Wie seyt wat, ’t welck geschiet, [so ’t] de Heere niet en beveelt?",
      "text2026": "מ Mem. Wie zegt wat, dat gebeurt, zo het de Heere niet beveelt?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "78",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "78 Wie zegt wat: Welk creatuur in den hemel of op de aarde kan met zekerheid zeggen dat zulks zal geschieden, daar het toch niet kan geschieden, tenzij dat het den Heere belieft het te doen? De voorzienige regering Gods strekt zich over alle dingen, die er geschieden in den hemel of op de aarde.",
          "text1637": "Wat creatuere in den hemel, of op der aerde, kan met sekerheyt seggen, Sulcx sal geschieden, daer het doch niet en kan geschieden, ’t en zy dat het den Heere belieft het selve te doen? De voorsichtige regeringe Godes streckt haer over alle dingen dieder geschieden in den hemel, of op der aerde.",
          "text2026": "78 Wie zegt wat: Welk creatuur in de hemel of op de aarde kan met zekerheid zeggen dat zulks zal gebeuren, daar het toch niet kan gebeuren, tenzij dat het de Heer belieft het te doen? De voorzienige regering Gods strekt zich over alle dingen, die er gebeuren in de hemel of op de aarde."
        },
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 33:9. Psalmen 33:9: Want Hij spreekt, en het is er; Hij gebiedt, en het staat er.",
          "text1637": "Psal. 33.9.",
          "text2026": "Ps. 33:9. Psalmen 33:9: Want Hij spreekt, en het is er; Hij gebiedt, en het staat er."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ֣י",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "זֶ֤ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HPdxms"
        },
        {
          "woord": "אָמַר֙",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/תֶּ֔הִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw3fs"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֖/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "צִוָּֽה",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HVpp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">מ Mem.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Wie zegt wat, dat gebeurt, zo het de Heere niet beveelt?",
      "textSV1888_html": "Mem.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Wie zegt wat, hetwelk geschiedt, zo het de Heere niet beveelt?",
      "text1637_html": "Mem. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"78\">78</sup> Wie seyt wat, ’t welck geschiet, [so ’t] de Heere niet en beveelt?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "hetwelk geschiedt,",
          "new": "dat gebeurt,",
          "principe": "N6"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Wie",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4310"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ֣י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2088"
          ],
          "bronwoorden": [
            "זֶ֤ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              1
            ]
          },
          "anker": "Wie",
          "plaats": "na",
          "status": "niet_afzonderlijk_weergegeven",
          "toelichting": "מִי־זֶה ('wie is deze') — het aanwijzend זֶה is niet afzonderlijk in het Nederlands weergegeven."
        },
        {
          "tekst": "zegt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H559"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָמַר֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gebeurt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1961"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/תֶּ֔הִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Heere",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H136"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲדֹנָ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "beveelt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6680"
          ],
          "bronwoorden": [
            "צִוָּֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:37",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 38,
      "textSV1888": "Mem. Gaat niet uit den mond des Allerhoogsten het kwade en het goede?",
      "text1637": "Mem. [79] [f] Gaet niet uyt [80] den mont des Alderhoochsten [81] het quade, ende het goede?",
      "text2026": "מ Mem. Ga niet uit de mond van de Allerhoogste het kwade en het goede?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "79",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "79 Gaat niet uit: Is het niet God, die alle dingen in zijn raad besluit, ordineert en in het werk stelt?",
          "text1637": "Ist niet Godt die alle dingen in sijnen raet besluyt, ordineert, en in’t werck stelt?",
          "text2026": "79 Gaat niet uit: Is het niet God, die alle dingen in zijn raad besluit, ordineert en in het werk stelt?"
        },
        {
          "marker": "80",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "80 den mond des Allerhoogsten: Dat is, besluit of bevel; zie Gen. 41:40. Genesis 41:40: Gij zult over mijn huis zijn, en op uw bevel zal al mijn volk de hand kussen; alleen dezen troon zal ik groter zijn dan gij.",
          "text1637": "D. besluyt, of bevel. Siet Gen. 41. op vers 40.",
          "text2026": "80 de mond van de Allerhoogste: Dat is, besluit of bevel; zie Gen. 41:40. Genesis 41:40: U zult over mijn huis zijn, en op uw bevel zal al mijn volk de hand kussen; alleen deze troon zal ik groter zijn dan u."
        },
        {
          "marker": "81",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "81 het kwade en het goede: Hebreeuws, kwaden. De zin is: Alle tegenspoed en voorspoed, die den mens overkomt; zie Amos 3:6. Amos 3:6: Zal de bazuin in de stad geblazen worden, dat het volk niet siddere? zal er een kwaad in de stad zijn, dat de HEERE niet doet?",
          "text1637": "Hebr. quaden. De sin is, alle tegenspoet ende voorspoet, die den mensche overkomt. Siet Amos 3.6.",
          "text2026": "81 het kwade en het goede: Hebreeuws, kwaden. De zin is: Alle tegenspoed en voorspoed, die de mens overkomt; zie Amos 3:6. Amos 3:6: Zal de bazuin in de stad geblazen worden, dat het volk niet siddere? zal er een kwaad in de stad zijn, dat JAHWEH niet doet?"
        },
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Jes. 45:7; Amos 3:6. Jesaja 45:7: Ik formeer het licht, en schep de duisternis; Ik maak den vrede en schep het kwaad, Ik, de HEERE, doe al deze dingen. Amos 3:6: Zal de bazuin in de stad geblazen worden, dat het volk niet siddere? zal er een kwaad in de stad zijn, dat de HEERE niet doet?",
          "text1637": "Ies. 45.7. Amos 3.6.",
          "text2026": "Jes. 45:7; Amos 3:6. Jesaja 45:7: Ik formeer het licht, en schep de duisternis; Ik maak de vrede en schep het kwaad, Ik, JAHWEH, doe al deze dingen. Amos 3:6: Zal de bazuin in de stad geblazen worden, dat het volk niet siddere? zal er een kwaad in de stad zijn, dat JAHWEH niet doet?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/פִּ֤י",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עֶלְיוֹן֙",
          "strongs": "H5945",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תֵצֵ֔א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "הָ/רָע֖וֹת",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HTd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/טּֽוֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HC/Td/Aamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">מ Mem.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Ga niet uit<sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> de mond van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> Allerhoogste het kwade en het goede?",
      "textSV1888_html": "Mem.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Gaat niet uit<sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> den mond des Allerhoogsten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> het kwade en het goede?",
      "text1637_html": "Mem. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"79\">79</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> Gaet niet uyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"80\">80</sup> den mont des Alderhoochsten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"81\">81</sup> het quade, ende het goede?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gaat",
          "new": "Ga",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des Allerhoogsten",
          "new": "van de Allerhoogste",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "mond",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6310"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/פִּ֤י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Allerhoogste",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5945"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֶלְיוֹן֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֣א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Ga",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3318"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תֵצֵ֔א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "kwade",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7451"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הָ/רָע֖וֹת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "goede",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2896"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/הַ/טּֽוֹב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:38",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 39,
      "textSV1888": "Mem. Wat klaagt dan een levend mens? Een ieder klage vanwege zijn zonden.",
      "text1637": "Mem. [82] Wat klaegt [dan] een levendich mensche? een yeder [klage] van wegen sijne [83] sonden.",
      "text2026": "מ Mem. Wat klaagt dan een levend mens? Een ieder klage vanwege zijn zonden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "82",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "82 Wat klaagt dan een levend mens: De zin is: Dewijl de mens bij zichzelven genoegzaam overtuigd is waarom God zijne straffen over hem laat komen; te weten om zijner zonden wil; waarom kwelt hij zich en klaagt inplaats van raad te zoeken? Waarom ziet hij meer op zijne ellende dan op de oorzaken derzelve?",
          "text1637": "De sin is, Dewyle de mensche by sich selven genoechsaem overtuygt is waerom dat Godt sijne straffen over hem laet komen, T.w. om sijner sonden wille, waerom quelt hy sich, ende klaecht, in plaetse van raet te soecken? Waerom siet hy meer op sijne elende, dan op de oorsaken der selver?",
          "text2026": "82 Wat klaagt dan een levend mens: De zin is: Omdat de mens bij zichzelven genoegzaam overtuigd is waarom God zijn straffen over hem laat komen; te weten om zijn zonden wil; waarom kwelt hij zich en klaagt inplaats van raad te zoeken? Waarom ziet hij meer op zijn ellende dan op de oorzaken derzelve?"
        },
        {
          "marker": "83",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten met welke hij de slaande hand Gods op zijn hals gehaald heeft, en hij bidt die af, opdat hij daarvan verlost en bevrijd worde.",
          "text1637": "T.w. met de welcke hy de slaende hant Godes op sijnen hals gehaelt heeft, ende hy bidde de selve af, op dat hy daer van verlost ende gevryet worde.",
          "text2026": "Te weten met welke hij de slaande hand van God op zijn hals gehaald heeft, en hij bidt die af, opdat hij daarvan verlost en bevrijd worde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מַה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "יִּתְאוֹנֵן֙",
          "strongs": "H596",
          "morph": "HVri3ms"
        },
        {
          "woord": "אָדָ֣ם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "חָ֔י",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "גֶּ֖בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "חטא/ו",
          "strongs": "H2399",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">מ Mem.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> Wat klaagt dan een levend mens? Een ieder klage vanwege zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> zonden.",
      "textSV1888_html": "Mem.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> Wat klaagt dan een levend mens? Een ieder klage vanwege zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> zonden.",
      "text1637_html": "Mem. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"82\">82</sup> Wat klaegt [dan] een levendich mensche? een yeder [klage] van wegen sijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"83\">83</sup> sonden.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Wat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4100"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מַה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "klaagt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H596"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יִּתְאוֹנֵן֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "mens",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H120"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָדָ֣ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "levend",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2416"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חָ֔י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ieder",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1397"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גֶּ֖בֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              5
            ]
          },
          "toelichting": "גֶּבֶר ('man') is met 'Een ieder' weergegeven; 'ieder' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "vanwege",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zonden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2399"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חטא/ו"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:39",
            "bronindices": [
              6
            ]
          },
          "toelichting": "Ketiv חטא/ו (חֶטְאוֹ); het qere in <note type=\"variant\"> luidt חֲטָאָיו. MorphHB geeft voor het ketiv H2399."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 40,
      "textSV1888": "Nun. Laat ons onze wegen onderzoeken en doorzoeken, en laat ons wederkeren tot den HEERE.",
      "text1637": "Nun. Laet ons onse [84] wegen ondersoecken, ende door-soecken, ende [85] laett ons weder keeren tot den HEERE.",
      "text2026": "נ Nun. Laat ons onze wegen onderzoeken en doorzoeken, en laat ons terugkeren tot JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "84",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "84 wegen onderzoeken en doorzoeken: Dat is, onze gedachten, woorden en werken, gedenkende wat dezelve wel verdiend hebben naar de weegschaal van Gods rechtvaardig oordeel.",
          "text1637": "D. onse gedachten, woorden, ende wercken, gedenckende wat de selve wel verdient hebben, nae de weech-schale van Godes rechtveerdich oordeel.",
          "text2026": "84 wegen onderzoeken en doorzoeken: Dat is, onze gedachten, woorden en werken, gedenkende wat dezelfde wel verdiend hebben naar de weegschaal van Gods rechtvaardig oordeel."
        },
        {
          "marker": "85",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "85 laat ons wederkeren tot den HEERE: Hebreeuws eigenlijk: laat ons wederkeren tot den HEERE toe; dat is, laat ons hartelijk berouw hebben vanwege onze menigvuldige zonden en om vergiffenis van dezelve bidden, met een vast vertrouwen van het te zullen verkrijgen en met een voornemen van ons leven voortaan te beteren; vergelijk Hos. 14:2; Joël 2:12; 2 Kor. 7:9. Hosea 14:2: Bekeer u, o Israël! tot den HEERE, uw God, toe; want gij zijt gevallen om uw ongerechtigheid. Joël 2:12: Nu dan ook, spreekt de HEERE, bekeert u tot Mij met uw ganse hart, en dat met vasten en met geween, en met rouwklage. 2 Korinthiërs 7:9: Nu verblijde ik mij, niet omdat gij bedroefd zijt geweest, maar omdat gij bedroefd zijt geweest tot bekering; want gij zijt bedroefd geweest naar God, zodat gij in geen ding schade van ons geleden hebt.",
          "text1637": "Hebr. eyg. laett ons wederkeeren tot den HEERE toe. D. laete ons hertelick berouw hebben van wegen onse menichvuldige sonden, ende om vergiffenisse der selver bidden, met een vast vertrouwen van ’t selve te sullen verkrijgen: ende met een voornemen van ons leven voortaen te beteren. Vergel. Hos. 14.2. Ioël 2. op vers 12. ende 2.Cor. 7.9.",
          "text2026": "85 laat ons terugkeren tot JAHWEH: Hebreeuws eigenlijk: laat ons terugkeren tot JAHWEH toe; dat is, laat ons hartelijk berouw hebben vanwege onze menigvuldige zonden en om vergiffenis van dezelfde bidden, met een vast vertrouwen van het te zullen verkrijgen en met een voornemen van ons leven voortaan te beteren; vergelijk Hos. 14:2; Joël 2:12; 2 Kor. 7:9. Hosea 14:2: Bekeer u, o Israël! tot JAHWEH, uw God, toe; want u bent gevallen om uw ongerechtigheid. Joël 2:12: Nu dan ook, spreekt JAHWEH, bekeert u tot Mij met uw gehele hart, en dat met vasten en met geween, en met rouwklage. 2 Korinthiërs 7:9: Nu verblijde ik mij, niet omdat u bedroefd bent geweest, maar omdat u bedroefd bent geweest tot bekering; want u bent bedroefd geweest naar God, zodat u in geen ding schade van ons geleden hebt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נַחְפְּשָׂ֤ה",
          "strongs": "H2664",
          "morph": "HVqh1cp"
        },
        {
          "woord": "דְרָכֵ֨י/נוּ֙",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/נַחְקֹ֔רָה",
          "strongs": "H2713",
          "morph": "HC/Vqh1cp"
        },
        {
          "woord": "וְ/נָשׁ֖וּבָה",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HC/Vqh1cp"
        },
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">נ Nun.</span> Laat ons onze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> wegen onderzoeken en doorzoeken, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> laat ons terugkeren tot JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Nun. Laat ons onze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> wegen onderzoeken en doorzoeken, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> laat ons wederkeren tot den HEERE.",
      "text1637_html": "Nun. Laet ons onse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"84\">84</sup> wegen ondersoecken, ende door-soecken, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"85\">85</sup> laett ons weder keeren tot den HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wederkeren",
          "new": "terugkeren",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "onderzoeken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2664"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַחְפְּשָׂ֤ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1870"
          ],
          "bronwoorden": [
            "דְרָכֵ֨י/נוּ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "doorzoeken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2713"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְֽ/נַחְקֹ֔רָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "terugkeren",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7725"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/נָשׁ֖וּבָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tot",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5704"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:40",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 41,
      "textSV1888": "Nun. Laat ons onze harten opheffen, mitsgaders de handen, tot God in den hemel, zeggende:",
      "text1637": "Nun. Laet ons onse herte opheffen, [86] mitsgaders de handen, [87] tot Godt in den hemel, [seggende,]",
      "text2026": "נ Nun. Laat ons onze harten opheffen, en ook de handen, tot God in de hemel, zeggende:",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "86",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "86 mitsgaders de handen: Anders: tot de wolken; zie de aantekening Job 36:32. Job 36:32: Met handen bedekt Hij het licht, en doet aan hetzelve verbod door dengene, die tussen doorkomt.",
          "text1637": "And. tot de wolcken. Siet Iob 36. de aenteeck. op vers 32.",
          "text2026": "86 en ook de handen: Anders: tot de wolken; zie de aantekening Job 36:32. Job 36:32: Met handen bedekt Hij het licht, en doet aan hetzelfde verbod door dengene, die tussen doorkomt."
        },
        {
          "marker": "87",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "87 tot God in den hemel: Die alleen kan en wil vergeven de zonden der boetvaardige zondaren.",
          "text1637": "Die alleen kan ende wil vergeven de sonden der boetveerdige sondaren.",
          "text2026": "87 tot God in de hemel: Die alleen kan en wil vergeven de zonden van de boetvaardige zondaren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נִשָּׂ֤א",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqh1cp"
        },
        {
          "woord": "לְבָבֵ֨/נוּ֙",
          "strongs": "H3824",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כַּפָּ֔יִם",
          "strongs": "H3709",
          "morph": "HNcfda"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֵ֖ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/שָּׁמָֽיִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">נ Nun.</span> Laat ons onze harten opheffen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> en ook de handen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> tot God in de hemel, zeggende:",
      "textSV1888_html": "Nun. Laat ons onze harten opheffen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> mitsgaders de handen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> tot God in den hemel, zeggende:",
      "text1637_html": "Nun. Laet ons onse herte opheffen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"86\">86</sup> mitsgaders de handen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"87\">87</sup> tot Godt in den hemel, [seggende,]",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "mitsgaders",
          "new": "en ook",
          "principe": "V7"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1b"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "opheffen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5375"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נִשָּׂ֤א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "harten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3824"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְבָבֵ֨/נוּ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H413"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "anker": "handen",
          "plaats": "voor",
          "status": "niet_afzonderlijk_weergegeven",
          "toelichting": "Het eerste אֶל ('tot') in אֶל־כַּפָּיִם is niet afzonderlijk in het Nederlands weergegeven."
        },
        {
          "tekst": "handen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3709"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כַּפָּ֔יִם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tot",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H413"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "God",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H410"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֵ֖ל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hemel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8064"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בַּ/שָּׁמָֽיִם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:41",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 42,
      "textSV1888": "Nun. Wij hebben overtreden, en wij zijn wederspannig geweest, daarom hebt Gij niet gespaard.",
      "text1637": "Nun. Wy hebben overtreden, ende wy zijn wederspannich geweest, [88] [daerom] en hebt ghy niet gespaert.",
      "text2026": "נ Nun. Wij hebben overtreden, en wij zijn opstandig geweest, daarom hebt U niet gespaard.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "88",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "88 daarom hebt Gij niet gespaard: Versta hierbij, maar Gij hebt ons wel dapper gekastijd, te weten zolang wij volhard hebben in onze zonden en overtredingen.",
          "text1637": "Verstaet hier by, maer ghy hebt ons wel dapper gecastijdt, T.w. soo lange als wy volherdt hebben in onse sonden, ende overtredingen.",
          "text2026": "88 daarom hebt U niet gespaard: Versta hierbij, maar U hebt ons wel dapper gekastijd, te weten zolang wij volhard hebben in onze zonden en overtredingen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נַ֤חְנוּ",
          "strongs": "H5168",
          "morph": "HPp1cp"
        },
        {
          "woord": "פָשַׁ֨עְנוּ֙",
          "strongs": "H6586",
          "morph": "HVqp1cp"
        },
        {
          "woord": "וּ/מָרִ֔ינוּ",
          "strongs": "H4784",
          "morph": "HC/Vqp1cp"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֖ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "סָלָֽחְתָּ",
          "strongs": "H5545",
          "morph": "HVqp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">נ Nun.</span> Wij hebben overtreden, en wij zijn opstandig geweest,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> daarom hebt U niet gespaard.",
      "textSV1888_html": "Nun. Wij hebben overtreden, en wij zijn wederspannig geweest,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> daarom hebt Gij niet gespaard.",
      "text1637_html": "Nun. Wy hebben overtreden, ende wy zijn wederspannich geweest, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"88\">88</sup> [daerom] en hebt ghy niet gespaert.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wederspannig",
          "new": "opstandig",
          "principe": "V455"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Wij",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5168"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַ֤חְנוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "overtreden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6586"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פָשַׁ֨עְנוּ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "opstandig",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4784"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וּ/מָרִ֔ינוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "U",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H859"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אַתָּ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gespaard",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5545"
          ],
          "bronwoorden": [
            "סָלָֽחְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:42",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 43,
      "textSV1888": "Samech. Gij hebt ons met toorn bedekt, en Gij hebt ons vervolgd; Gij hebt ons gedood. Gij hebt niet verschoond.",
      "text1637": "Samech. [89] Ghy hebt [ons met] toorn bedeckt, ende ghy hebt ons [90] vervolgt: Ghy hebt [ons] gedoodt, [91] ghy en hebt niet verschoont.",
      "text2026": "ס Samech. U hebt ons met toorn bedekt, en U hebt ons vervolgd; U hebt ons gedood. U hebt niet gespaard.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "89",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "89 Gij hebt ons met toorn bedekt: Eigenlijk naar de Hebreeuwse letter: Gij hebt ons met toorn, als met ene tent overdekt, of Gij hebt ons overtent, of overhut; zie Ps. 5:12. Psalmen 5:12: Maar laat verblijd zijn allen, die op U betrouwen, tot in eeuwigheid; laat hen juichen, omdat Gij hen overdekt; en laat in U van vreugde opspringen, die Uw Naam liefhebben.",
          "text1637": "Eygentlick nae de Hebr. letter, Ghy hebt ons met toorn, als met een tente, overdeckt, of, ghy hebt ons over-tentet, of, overhuttet. siet Psal. 5. vers 12.",
          "text2026": "89 U hebt ons met toorn bedekt: Eigenlijk naar de Hebreeuwse letter: U hebt ons met toorn, als met ene tent overdekt, of U hebt ons overtent, of overhut; zie Ps. 5:12. Psalmen 5:12: Maar laat verblijd zijn allen, die op U betrouwen, tot in eeuwigheid; laat hen juichen, omdat U hen overdekt; en laat in U van vreugde opspringen, die Uw Naam liefhebben."
        },
        {
          "marker": "90",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten met uw rechtvaardige oordelen, overal waar wij heengingen.",
          "text1637": "T.w. met uwe rechtveerdige oordeelen, over al waer wy henen gingen.",
          "text2026": "Te weten met uw rechtvaardige oordelen, overal waar wij heengingen."
        },
        {
          "marker": "91",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "91 Gij hebt niet verschoond: Gij hebt geen medelijden gehad over ons noch over onze kinderen, zie boven Klaagl. 2:2, 2:17. Klaagliederen 2:2: Beth. De Heere heeft al de woningen Jakobs verslonden, en heeft ze niet verschoond; Hij heeft de vastigheden der dochter van Juda afgebroken in Zijn verbolgenheid, Hij heeft gemaakt, dat zij de aarde raken; Hij heeft het koninkrijk en deszelfs vorsten ontheiligd. Klaagliederen 2:17: Ain. De HEERE heeft gedaan, wat Hij gedacht had, Hij heeft Zijn woord vervuld, dat Hij bevolen had van oude dagen; Hij heeft afgebroken en niet gespaard; en Hij heeft den vijand over u verblijd, Hij heeft den hoorn uwer tegenpartijders verhoogd.",
          "text1637": "Ghy en hebt geen medelijden gehat over ons, noch over onse kinderkens. Siet bov. cap. 2.2, 17.",
          "text2026": "91 U hebt niet verschoond: U hebt geen medelijden gehad over ons noch over onze kinderen, zie boven Klaagl. 2:2, 2:17. Klaagliederen 2:2: Beth. De Heer heeft al de woningen Jakobs verslonden, en heeft ze niet verschoond; Hij heeft de vastigheden van de dochter van Juda afgebroken in Zijn toorn, Hij heeft gemaakt, dat zij de aarde raken; Hij heeft het koninkrijk en daarvan vorsten ontheiligd. Klaagliederen 2:17: Ain. JAHWEH heeft gedaan, wat Hij gedacht had, Hij heeft Zijn woord vervuld, dat Hij bevolen had van oude dagen; Hij heeft afgebroken en niet gespaard; en Hij heeft de vijand over u verblijd, Hij heeft de hoorn uw tegenstanders verhoogd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "סַכֹּ֤תָה",
          "strongs": "H5526",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בָ/אַף֙",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/תִּרְדְּפֵ֔/נוּ",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HC/Vqw2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "הָרַ֖גְתָּ",
          "strongs": "H2026",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "חָמָֽלְתָּ",
          "strongs": "H2550",
          "morph": "HVqp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ס Samech.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> U hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> met toorn bedekt, en U hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> vervolgd; U hebt ons gedood. U hebt niet gespaard.",
      "textSV1888_html": "Samech.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> Gij hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> met toorn bedekt, en Gij hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> vervolgd; Gij hebt ons gedood. Gij hebt niet verschoond.",
      "text1637_html": "Samech. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"89\">89</sup> Ghy hebt [ons met] toorn bedeckt, ende ghy hebt ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"90\">90</sup> vervolgt: Ghy hebt [ons] gedoodt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"91\">91</sup> ghy en hebt niet verschoont.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "ס",
          "principe": "V442"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "verschoond.",
          "new": "gespaard.",
          "principe": "V442"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "bedekt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5526"
          ],
          "bronwoorden": [
            "סַכֹּ֤תָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "toorn",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H639"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בָ/אַף֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vervolgd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7291"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַֽ/תִּרְדְּפֵ֔/נוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gedood",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2026"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הָרַ֖גְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gespaard",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2550"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חָמָֽלְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:43",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 44,
      "textSV1888": "Samech. Gij hebt U met een wolk bedekt, zodat er geen gebed doorkwam.",
      "text1637": "Samech. Ghy hebt u [92] met een wolcke bedeckt, [93] so datter geen gebedt door en quam.",
      "text2026": "ס Samech. U hebt U met een wolk bedekt, zodat er geen gebed doorkwam.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "92",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "92 met een wolk bedekt: Als met een scheidsmuur; vergelijk Jes. 59:1, 59:2. Jesaja 59:1: Ziet, de hand des HEEREN is niet verkort, dat zij niet zou kunnen verlossen; en Zijn oor is niet zwaar geworden, dat het niet zou kunnen horen. Jesaja 59:2: Maar uw ongerechtigheden maken een scheiding tussen ulieden en tussen uw God, en uw zonden verbergen het aangezicht van ulieden, dat Hij niet hoort.",
          "text1637": "Als met eenen scheyt-muer. Vergel. Ies. 59.1, 2.",
          "text2026": "92 met een wolk bedekt: Als met een scheidsmuur; vergelijk Jes. 59:1, 59:2. Jesaja 59:1: Ziet, de hand van JAHWEH is niet verkort, dat zij niet zou kunnen verlossen; en Zijn oor is niet zwaar geworden, dat het niet zou kunnen horen. Jesaja 59:2: Maar uw ongerechtigheden maken een scheiding tussen u en tussen uw God, en uw zonden verbergen het aangezicht van u, dat Hij niet hoort."
        },
        {
          "marker": "93",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "93 zodat er geen gebed doorkwam: Zodat ons gebed voor uw aangezicht niet kon komen.",
          "text1637": "So dat ons gebedt voor u aengesichte niet en konde komen.",
          "text2026": "93 zodat er geen gebed doorkwam: Zodat ons gebed voor uw aangezicht niet kon komen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "סַכּ֤וֹתָה",
          "strongs": "H5526",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בֶֽ/עָנָן֙",
          "strongs": "H6051",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לָ֔/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/עֲב֖וֹר",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּֽה",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ס Samech.</span> U hebt U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> met een wolk bedekt,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> zodat er geen gebed doorkwam.",
      "textSV1888_html": "Samech. Gij hebt U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> met een wolk bedekt,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> zodat er geen gebed doorkwam.",
      "text1637_html": "Samech. Ghy hebt u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"92\">92</sup> met een wolcke bedeckt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"93\">93</sup> so datter geen gebedt door en quam.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "bedekt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5526"
          ],
          "bronwoorden": [
            "סַכּ֤וֹתָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:44",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wolk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6051"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בֶֽ/עָנָן֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:44",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "doorkwam",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5674"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מֵ/עֲב֖וֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:44",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gebed",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תְּפִלָּֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:44",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 45,
      "textSV1888": "Samech. Gij hebt ons tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld, in het midden der volken.",
      "text1637": "Samech. Ghy hebt ons [94] [tot] een uytvaegsel, ende wech-werpsel gestelt, in ’t midden der [95] volckeren.",
      "text2026": "ס Samech. U hebt ons tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld, in het midden van de volken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "94",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "94 tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld: Of, tot ene afschuring; dat is, tot zulk ene vuiligheid of onreinigheid, die men afschuurt; dat is, tot zulke mensen, waar men een afkeer of afschuw van heeft; vergelijk 1 Kor. 4:13. 1 Korinthiërs 4:13: Wij worden gelasterd, en wij bidden; wij zijn geworden als uitvaagsels der wereld en aller afschrapsel tot nu toe.",
          "text1637": "Of, tot eene afschueringe. D. tot sulck eene vuylicheyt ofte onreynicheyt diemen afschuert, D. tot sulcke menschen, daermen eenen afkeer ofte schouw van heeft. Vergel. 1.Cor. 4.13.",
          "text2026": "94 tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld: Of, tot ene afschuring; dat is, tot zulk ene vuiligheid of onreinigheid, die men afschuurt; dat is, tot zulke mensen, waar men een afkeer of afschuw van heeft; vergelijk 1 Kor. 4:13. 1 Korinthiërs 4:13: Wij worden gelasterd, en wij bidden; wij zijn geworden als uitvaagsels van de wereld en aller afschrapsel tot nu toe."
        },
        {
          "marker": "95",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Over wie wij eertijds geheerst hebben.",
          "text1637": "Over de welcke wy eertijts geheerscht hebben.",
          "text2026": "Over wie wij eertijds geheerst hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "סְחִ֧י",
          "strongs": "H5501",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מָא֛וֹס",
          "strongs": "H3973",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תְּשִׂימֵ֖/נוּ",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קֶ֥רֶב",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עַמִּֽים",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ס Samech.</span> U hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld, in het midden van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> de volken.",
      "textSV1888_html": "Samech. Gij hebt ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> tot een uitvaagsel en wegwerpsel gesteld, in het midden der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> volken.",
      "text1637_html": "Samech. Ghy hebt ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"94\">94</sup> [tot] een uytvaegsel, ende wech-werpsel gestelt, in ’t midden der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"95\">95</sup> volckeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "uitvaagsel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5501"
          ],
          "bronwoorden": [
            "סְחִ֧י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:45",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wegwerpsel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3973"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וּ/מָא֛וֹס"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:45",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gesteld",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7760"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תְּשִׂימֵ֖/נוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:45",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "midden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7130"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/קֶ֥רֶב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:45",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "volken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5971"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הָ/עַמִּֽים"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:45",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 46,
      "textSV1888": "Pe. Al onze vijanden hebben hun mond tegen ons opgesperd.",
      "text1637": "Pe. Alle onse vyanden [96] hebben haren mont tegen ons opgesperret.",
      "text2026": "פ Pe. Al onze vijanden hebben hun mond tegen ons opgesperd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "96",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "96 hebben hun mond tegen ons opgesperd: Zij hebben vrijmoediglijk uitgebazuind al wat zij bedenken konden, dat het enigszins was tot onze oneer strekkende. Zie boven Klaagl. 2:16, en vergelijk Ps. 22:14. Klaagliederen 2:16: Pe. Al uw vijanden sperren hun mond op over u, zij fluiten en knersen met de tanden, zij zeggen: Wij hebben haar verslonden; dit is immers de dag, dien wij verwacht hebben, wij hebben hem gevonden, wij hebben hem gezien. Psalmen 22:14: Zij hebben hun mond tegen mij opgesperd, als een verscheurende en brullende leeuw.",
          "text1637": "Sy hebben vrymoedelick uytgegeubelt al wat sy bedencken konden, dat het eenichsins tot onser oneere was streckende. siet bov. cap. 2.16. ende vergel. Psal. 22.14.",
          "text2026": "96 hebben hun mond tegen ons opgesperd: Zij hebben vrijmoedig uitgebazuind al wat zij bedenken konden, dat het enigszins was tot onze oneer strekkende. Zie boven Klaagl. 2:16, en vergelijk Ps. 22:14. Klaagliederen 2:16: Pe. Al uw vijanden sperren hun mond op over u, zij fluiten en knersen met de tanden, zij zeggen: Wij hebben haar verslonden; dit is immers de dag, die wij verwacht hebben, wij hebben hem gevonden, wij hebben hem gezien. Psalmen 22:14: Zij hebben hun mond tegen mij opgesperd, als een verscheurende en brullende leeuw."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פָּצ֥וּ",
          "strongs": "H6475",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עָלֵ֛י/נוּ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "פִּי/הֶ֖ם",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֹיְבֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">פ Pe.</span> Al onze vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> hebben hun mond tegen ons opgesperd.",
      "textSV1888_html": "Pe. Al onze vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> hebben hun mond tegen ons opgesperd.",
      "text1637_html": "Pe. Alle onse vyanden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"96\">96</sup> hebben haren mont tegen ons opgesperret.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "opgesperd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6475"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פָּצ֥וּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:46",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלֵ֛י/נוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:46",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "mond",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6310"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פִּי/הֶ֖ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:46",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:46",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vijanden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H341"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֹיְבֵֽי/נוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:46",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 47,
      "textSV1888": "Pe. De vreze en de kuil zijn over ons gekomen, de verwoesting en de verbreking.",
      "text1637": "Pe. [97] De vreese, ende de cuyl zijn over ons gecomen, de verwoestinge ende de verbrekinge. [98]",
      "text2026": "פ Pe. De vrees en de kuil zijn over ons gekomen, de verwoesting en de verbreking.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "97",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "97 De vreze en de kuil zijn over ons gekomen: Vergelijk Ps. 11:6; Jes. 24:17; Jer. 48:43. De zin is: Wij zijn in een ellendigen staat, in groten schrik en benauwdheid, en wij zien gene uitkomst. Psalmen 11:6: Hij zal op de goddelozen regenen strikken, vuur en zwavel; en een geweldige stormwind zal het deel huns bekers zijn. Jesaja 24:17: De vrees, en de kuil, en de strik over u, o inwoners des lands! Jeremia 48:43: De vreze, en de kuil, en de strik, over u, gij inwoner van Moab! spreekt de HEERE.",
          "text1637": "Vergel. Psal. 11.6. ende Iesa. 24.17. Ier. 48.43. De sin is, wy zijn in eenen elendigen staet, in grooten schrick ende benaeuwtheyt, ende wy en sien geen uytkomste.",
          "text2026": "97 De vreze en de kuil zijn over ons gekomen: Vergelijk Ps. 11:6; Jes. 24:17; Jer. 48:43. De zin is: Wij zijn in een ellendigen staat, in grote schrik en benauwdheid, en wij zien gene uitkomst. Psalmen 11:6: Hij zal op de goddelozen regenen strikken, vuur en zwavel; en een geweldige stormwind zal het deel huns bekers zijn. Jesaja 24:17: De vrees, en de kuil, en de strik over u, o inwoners van het land! Jeremia 48:43: De vreze, en de kuil, en de strik, over u, u inwoner van Moab! spreekt JAHWEH."
        },
        {
          "marker": "98",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "98 de verwoesting en de verbreking: Te weten zijn over ons gekomen.",
          "text1637": "T.w. zijn over ons gekomen.",
          "text2026": "98 de verwoesting en de verbreking: Te weten zijn over ons gekomen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פַּ֧חַד",
          "strongs": "H6343",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/פַ֛חַת",
          "strongs": "H6354",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הָ֥יָה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "לָ֖/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "הַ/שֵּׁ֥את",
          "strongs": "H7612",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/שָּֽׁבֶר",
          "strongs": "H7667",
          "morph": "HC/Td/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">פ Pe.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> De vrees en de kuil zijn over ons gekomen, de verwoesting en de verbreking.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup>",
      "textSV1888_html": "Pe.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> De vreze en de kuil zijn over ons gekomen, de verwoesting en de verbreking.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup>",
      "text1637_html": "Pe. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"97\">97</sup> De vreese, ende de cuyl zijn over ons gecomen, de verwoestinge ende de verbrekinge. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"98\">98</sup>",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "vrees",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6343"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פַּ֧חַד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:47",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "kuil",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6354"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וָ/פַ֛חַת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:47",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gekomen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1961"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הָ֥יָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:47",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verwoesting",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7612"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַ/שֵּׁ֥את"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:47",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verbreking",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7667"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/הַ/שָּֽׁבֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:47",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 48,
      "textSV1888": "Pe. Met waterbeken loopt mijn oog neder, vanwege de breuk der dochter mijns volks.",
      "text1637": "Pe. [99] [Met] [100] waterbeken loopt mijn ooge neder van wegen de breucke [101] der dochter mijnes volcks.",
      "text2026": "פ Pe. Met waterbeken loopt mijn oog neer, vanwege de breuk van de dochter van mijn volk.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "100",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 1:3. Psalmen 1:3: Want hij zal zijn als een boom, geplant aan waterbeken, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, en welks blad niet afvalt; en al wat hij doet, zal wel gelukken.",
          "text1637": "Siet Psal. 1. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 1:3. Psalmen 1:3: Want hij zal zijn als een boom, geplant aan waterbeken, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, en welks blad niet afvalt; en al wat hij doet, zal wel gelukken."
        },
        {
          "marker": "101",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "101 der dochter mijns volks: Dat is, van mijn volk, hetwelk ik bemin als mijne dochter, gelijk Klaagl. 1:6; zie ook Klaagl. 2:11, 2:13. Klaagliederen 1:6: Vau. En van de dochter Sions is al haar sieraad weggegaan; haar vorsten zijn als de herten, die geen weide vinden, en zij gaan krachteloos henen voor het aangezicht des vervolgers. Klaagliederen 2:11: Caph. Mijn ogen zijn verteerd door tranen, mijn ingewand wordt beroerd; mijn lever is ter aarde uitgeschud, vanwege de breuk der dochter mijns volks; omdat het kind en de zuigeling op de straten der stad in onmacht zinken; Klaagliederen 2:13: Mem. Wat getuigen zal ik u brengen, wat zal ik bij u vergelijken, gij dochter Jeruzalems? Wat zal ik bij u vergelijken, dat ik u trooste, gij jonkvrouw, dochter Sions, want uw breuk is zo groot als de zee, wie kan u helen?",
          "text1637": "D. mijnes volcx, ’twelck ick beminne als mijn dochter. als cap. 1.6. siet oock cap. 2.11, 13.",
          "text2026": "101 van de dochter mijn volks: Dat is, van mijn volk, dat ik bemin als mijn dochter, gelijk Klaagl. 1:6; zie ook Klaagl. 2:11, 2:13. Klaagliederen 1:6: Vau. En van de dochter van Sion is al haar sieraad weggegaan; haar vorsten zijn als de herten, die geen weide vinden, en zij gaan krachteloos heen voor het aangezicht van de vervolgers. Klaagliederen 2:11: Caph. Mijn ogen zijn verteerd door tranen, mijn ingewand wordt beroerd; mijn lever is ter aarde uitgeschud, vanwege de breuk van de dochter mijn volks; omdat het kind en de zuigeling op de straten van de stad in onmacht zinken; Klaagliederen 2:13: Mem. Wat getuigen zal ik u brengen, wat zal ik bij u vergelijken, u dochter van Jeruzalem? Wat zal ik bij u vergelijken, dat ik u trooste, u jonkvrouw, dochter van Sion, want uw breuk is zo groot als de zee, wie kan u helen?"
        },
        {
          "marker": "99",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "99 Met waterbeken loopt mijn oog neder: Dat is, daar komt zulk een overvloed van tranen uit mijne ogen, alsof zij geheel in water versmolten waren; vergelijk Klaagl. 1:16. Klaagliederen 1:16: Ain. Om dezer dingen wille ween ik; mijn oog, mijn oog vliet af van water, omdat de trooster, die mijn ziel zou verkwikken, verre van mij is; mijn kinderen zijn verwoest, omdat de vijand de overhand heeft.",
          "text1637": "D. daer komt sulcken overvloet van tranen uyt mijne oogen, als of sy geheelick in water versmolten waren. Vergel. cap. 1.16.",
          "text2026": "99 Met waterbeken loopt mijn oog neder: Dat is, daar komt zulk een overvloed van tranen uit mijn ogen, alsof zij geheel in water versmolten waren; vergelijk Klaagl. 1:16. Klaagliederen 1:16: Ain. Om van deze dingen wille ween ik; mijn oog, mijn oog vliet af van water, omdat de trooster, die mijn ziel zou verkwikken, verre van mij is; mijn kinderen zijn verwoest, omdat de vijand de overhand heeft."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פַּלְגֵי",
          "strongs": "H6388",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מַ֨יִם֙",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תֵּרַ֣ד",
          "strongs": "H3381",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "עֵינִ֔/י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֖בֶר",
          "strongs": "H7667",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בַּת",
          "strongs": "H1323",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "עַמִּֽ/י",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">פ Pe.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> Met waterbeken loopt mijn oog neer, vanwege de breuk van de dochter<sup class=\"note-marker\" data-note=\"101\">101</sup> van mijn volk.",
      "textSV1888_html": "Pe.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> Met waterbeken loopt mijn oog neder, vanwege de breuk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"101\">101</sup> der dochter mijns volks.",
      "text1637_html": "Pe. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"99\">99</sup> [Met] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"100\">100</sup> waterbeken loopt mijn ooge neder van wegen de breucke <sup class=\"note-marker\" data-note=\"101\">101</sup> der dochter mijnes volcks.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "neder,",
          "new": "neer,",
          "principe": "V354"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "mijns volks.",
          "new": "van mijn volk.",
          "principe": "V213"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "waterbeken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6388",
            "H4325"
          ],
          "bronwoorden": [
            "פַּלְגֵי",
            "מַ֨יִם֙"
          ],
          "transliteraties": [
            "",
            ""
          ],
          "glossen": [
            "",
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              0,
              1
            ]
          },
          "toelichting": "פַּלְגֵי מַיִם ('beken van water', H6388 en H4325) is samengetrokken tot één Nederlands woord 'waterbeken'; dat woord draagt beide nummers."
        },
        {
          "tekst": "loopt",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3381"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תֵּרַ֣ד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              2
            ]
          },
          "toelichting": "תֵּרַד ('zij daalt neer') is met 'loopt … neer' weergegeven; 'loopt' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "oog",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5869"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֵינִ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vanwege",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "breuk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7667"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שֶׁ֖בֶר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dochter",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1323"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בַּת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "volk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5971"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַמִּֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:48",
            "bronindices": [
              7
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 49,
      "textSV1888": "Ain. Mijn oog vliet, en kan niet ophouden, omdat er geen rust is;",
      "text1637": "Ain. Mijn ooge [102] vliet, ende en kan niet ophouden, om datter [103] geen ruste en is.",
      "text2026": "ע Ain. Mijn oog stroomt, en kan niet ophouden, omdat er geen rust is;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "102",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten van tranen. Anders: wordt vlietende.",
          "text1637": "T.w. van tranen. And. wort vlietende.",
          "text2026": "Te weten van tranen. Anders: wordt vlietende."
        },
        {
          "marker": "103",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "103 geen rust is: De grote ellende van de dochter mijns volks houdt niet op.",
          "text1637": "De groote elende der dochter mijnes volcks en houdt niet op.",
          "text2026": "103 geen rust is: De grote ellende van de dochter mijn volks houdt niet op."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עֵינִ֧/י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נִגְּרָ֛ה",
          "strongs": "H5064",
          "morph": "HVNp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תִדְמֶ֖ה",
          "strongs": "H1820",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֵ֥ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HR/Tn"
        },
        {
          "woord": "הֲפֻגֽוֹת",
          "strongs": "H2014",
          "morph": "HNcfpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ע Ain.</span> Mijn oog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> stroomt, en kan niet ophouden, omdat er<sup class=\"note-marker\" data-note=\"103\">103</sup> geen rust is;",
      "textSV1888_html": "Ain. Mijn oog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> vliet, en kan niet ophouden, omdat er<sup class=\"note-marker\" data-note=\"103\">103</sup> geen rust is;",
      "text1637_html": "Ain. Mijn ooge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"102\">102</sup> vliet, ende en kan niet ophouden, om datter <sup class=\"note-marker\" data-note=\"103\">103</sup> geen ruste en is.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "oog",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5869"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֵינִ֧/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vliet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5064"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נִגְּרָ֛ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3808"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/לֹ֥א"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ophouden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1820"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִדְמֶ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "geen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H369"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מֵ/אֵ֥ין"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "rust",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2014"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הֲפֻגֽוֹת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:49",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ],
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "",
          "new": "ע",
          "principe": "V506"
        },
        {
          "old": "vliet,",
          "new": "stroomt,",
          "principe": "V506"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 50,
      "textSV1888": "Ain. Totdat het de HEERE van den hemel aanschouwe, en het zie.",
      "text1637": "Ain. [104] To dat [het] [105] de HEERE van den hemel aenschouwe, ende [106] [het] sie.",
      "text2026": "ע Ain. Totdat JAHWEH van de hemel aanschouwe, en het zie.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "104",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "104 Totdat het: Dat is, totdat de HEERE metterdaad doet blijken dat Hij ons gunstig is. Zie boven vers 8; idem vers 43, 3:44, en Klaagl. 2:1. Klaagliederen 3:8: Gimel. Ook wanneer ik roep en schreeuw, sluit Hij de oren voor mijn gebed. Klaagliederen 3:43: Samech. Gij hebt ons met toorn bedekt, en Gij hebt ons vervolgd; Gij hebt ons gedood. Gij hebt niet verschoond. Klaagliederen 3:44: Samech. Gij hebt U met een wolk bedekt, zodat er geen gebed doorkwam. Klaagliederen 2:1: Aleph. Hoe heeft de Heere de dochter Sions in Zijn toorn bewolkt? Hij heeft de heerlijkheid van Israël van den hemel op de aarde nedergeworpen; en Hij heeft aan de voetbank Zijner voeten niet gedacht in den dag Zijns toorns.",
          "text1637": "D. Tot dat de HEERE met der daet doe blijcken, dat hy ons gunstich is. siet boven vers 8. item versen 43, 44. ende cap. 2.1.",
          "text2026": "104 Totdat het: Dat is, totdat JAHWEH metterdaad doet blijken dat Hij ons gunstig is. Zie boven vers 8; idem vers 43, 3:44, en Klaagl. 2:1. Klaagliederen 3:8: Gimel. Ook wanneer ik roep en schreeuw, sluit Hij de oren voor mijn gebed. Klaagliederen 3:43: Samech. U hebt ons met toorn bedekt, en U hebt ons vervolgd; U hebt ons gedood. U hebt niet verschoond. Klaagliederen 3:44: Samech. U hebt U met een wolk bedekt, zodat er geen gebed doorkwam. Klaagliederen 2:1: Aleph. Hoe heeft de Heer de dochter van Sion in Zijn toorn bewolkt? Hij heeft de heerlijkheid van Israël van de hemel op de aarde nedergeworpen; en Hij heeft aan de voetbank Zijn voeten niet gedacht in de dag van Zijn toorn."
        },
        {
          "marker": "105",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "105 de HEERE van den hemel aanschouwe: Aldus noemt ook de apostel Paulus den Heere Christus; 1 Kor. 15:47. 1 Korinthiërs 15:47: De eerste mens is uit de aarde, aards; de tweede Mens is de Heere uit den Hemel.",
          "text1637": "Aldus noemt oock d’ Apostel Paulus den Heere Christum 1.Cor. 15.47.",
          "text2026": "105 JAHWEH van de hemel aanschouwe: Aldus noemt ook de apostel Paulus de Heer Christus; 1 Kor. 15:47. 1 Korinthiërs 15:47: De eerste mens is uit de aarde, aards; de tweede Mens is de Heer uit de Hemel."
        },
        {
          "marker": "106",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "106 het zie: Te weten mijne ellende.",
          "text1637": "T.w. mijne elende.",
          "text2026": "106 het zie: Te weten mijn ellende."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יַשְׁקִ֣יף",
          "strongs": "H8259",
          "morph": "HVhi3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/יֵ֔רֶא",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HC/Vqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/שָּׁמָֽיִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ע Ain.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> Totdat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> JAHWEH van de hemel aanschouwe, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"106\">106</sup> het zie.",
      "textSV1888_html": "Ain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> Totdat het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> de HEERE van den hemel aanschouwe, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"106\">106</sup> het zie.",
      "text1637_html": "Ain. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"104\">104</sup> To dat [het] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"105\">105</sup> de HEERE van den hemel aenschouwe, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"106\">106</sup> [het] sie.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "het",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE van den",
          "new": "",
          "principe": "N1b"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Totdat",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5704"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:50",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "aanschouwe",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8259"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יַשְׁקִ֣יף"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:50",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zie",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7200"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/יֵ֔רֶא"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:50",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:50",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hemel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8064"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/שָּׁמָֽיִם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:50",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 51,
      "textSV1888": "Ain. Mijn oog doet mijn ziele moeite aan, vanwege al de dochteren mijner stad.",
      "text1637": "Ain. [107] Mijn ooge [108] doet mijne ziele [moeyte] aen, [109] van wegen alle de dochteren mijner stadt.",
      "text2026": "ע Ain. Mijn oog doet mijn ziel moeite aan, vanwege al de dochters van mijn stad.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "107",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "107 Mijn oog: Dat is, de ellende, die ik met mijne ogen aanschouw.",
          "text1637": "D. de elende die ick met mijne oogen aenschouwe.",
          "text2026": "107 Mijn oog: Dat is, de ellende, die ik met mijn ogen aanschouw."
        },
        {
          "marker": "108",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "108 doet mijn ziele moeite aan: Of, werkt in mijne ziel; dat is, beweegt mijne ziel, of doet mijne ziel wee. Of verteert mijne ziel.",
          "text1637": "Ofte, werckt in mijn ziele. D. beweegt mijne ziele, of, doet mijne ziele wee. of, verteert mijne ziele.",
          "text2026": "108 doet mijn ziele moeite aan: Of, werkt in mijn ziel; dat is, beweegt mijn ziel, of doet mijn ziel wee. Of verteert mijn ziel."
        },
        {
          "marker": "109",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "109 vanwege al de dochteren mijner stad: Die namelijk van de vijanden zijn geschonden en gevankelijk weggevoerd. Zie onder Klaagl. 5:11. Anders: boven al de dochteren mijner stad; dat is, meer dan enige vrouwspersonen gewoon zijn te doen over hetgeen zij allermeest beminnen. Klaagliederen 5:11: Zij hebben de vrouwen te Sion verkracht, en de jonge dochters in de steden van Juda.",
          "text1637": "Die namelick van de vyanden zijn geschendet ende gevanckelick wech-gevoert. Siet ond. cap. 5.11. And. boven alle de dochteren mijner stadt. D. meer dan eenige vrouws-persoonen gewoone zijn te doen over ’t gene dat sy aldermeest beminnen.",
          "text2026": "109 vanwege al de dochters mijn stad: Die namelijk van de vijanden zijn geschonden en gevankelijk weggevoerd. Zie onder Klaagl. 5:11. Anders: boven al de dochters mijn stad; dat is, meer dan enige vrouwspersonen gewoon zijn te doen over wat zij allermeest beminnen. Klaagliederen 5:11: Zij hebben de vrouwen te Sion verkracht, en de jonge dochters in de steden van Juda."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עֵינִ/י֙",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עֽוֹלְלָ֣ה",
          "strongs": "H5953",
          "morph": "HVmp3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ/נַפְשִׁ֔/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/כֹּ֖ל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "בְּנ֥וֹת",
          "strongs": "H1323",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "עִירִֽ/י",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ע Ain.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"107\">107</sup> Mijn oog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> doet mijn ziel moeite<sup class=\"note-marker\" data-note=\"109\">109</sup> aan, vanwege al de dochters van mijn stad.",
      "textSV1888_html": "Ain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"107\">107</sup> Mijn oog<sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> doet mijn ziele moeite<sup class=\"note-marker\" data-note=\"109\">109</sup> aan, vanwege al de dochteren mijner stad.",
      "text1637_html": "Ain. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"107\">107</sup> Mijn ooge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"108\">108</sup> doet mijne ziele [moeyte] aen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"109\">109</sup> van wegen alle de dochteren mijner stadt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ziele",
          "new": "ziel",
          "principe": "N25"
        },
        {
          "old": "dochteren mijner",
          "new": "dochters van mijn",
          "principe": "N7"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "oog",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5869"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֵינִ/י֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "moeite",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5953"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עֽוֹלְלָ֣ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              1
            ]
          },
          "toelichting": "עוֹלְלָה ('zij doet aan') is met 'doet … moeite aan' weergegeven; 'moeite' draagt het lemma."
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/נַפְשִׁ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/כֹּ֖ל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dochters",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1323"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּנ֥וֹת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "stad",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5892"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עִירִֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:51",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 52,
      "textSV1888": "Tsade. Die mijn vijanden zijn zonder oorzaak, hebben mij als een vogeltje dapperlijk gejaagd.",
      "text1637": "Tsade. Die mijne vyanden zijn [110] sonder oorsake, hebben my [111] als een vogelken [112] dapperlick gejaegt.",
      "text2026": "צ Tsade. Die mijn vijanden zijn zonder oorzaak, hebben mij als een vogeltje dapperlijk gejaagd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "110",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "110 zonder oorzaak: Dat is, zonder dat ik hun ooit enig kwaad heb gedaan of gezocht te doen. Of zonder dat zij enig voordeel daarvan hebben te verwachten; zie Ps. 35:7, en Ps. 69:5, en Ps. 109:3, en Ps. 119:161. Psalmen 35:7: Want zij hebben zonder oorzaak de groeve van hun net voor mij verborgen; zij hebben zonder oorzaak gegraven voor mijn ziel. Psalmen 69:5: Die mij zonder oorzaak haten, zijn meer dan de haren mijns hoofds; die mij zoeken te vernielen, die mij om valse oorzaken vijand zijn, zijn machtig geworden; wat ik niet geroofd heb, moet ik alsdan wedergeven. Psalmen 109:3: En met hatelijke woorden hebben zij mij omsingeld; ja, zij hebben mij bestreden zonder oorzaak. Psalmen 119:161: Schin. De vorsten hebben mij vervolgd zonder oorzaak; maar mijn hart heeft gevreesd voor Uw woord.",
          "text1637": "D. sonder dat ick haer oyt eenich quaet hebbe gedaen, of gesocht te doen. Ofte, Sonder dat sy eenich voordeel daer van hebben te verwachten. siet Psal. 35. op vers 7. ende 69.5. ende 109.3. ende 119.161.",
          "text2026": "110 zonder oorzaak: Dat is, zonder dat ik hun ooit enig kwaad heb gedaan of gezocht te doen. Of zonder dat zij enig voordeel daarvan hebben te verwachten; zie Ps. 35:7, en Ps. 69:5, en Ps. 109:3, en Ps. 119:161. Psalmen 35:7: Want zij hebben zonder oorzaak de groeve van hun net voor mij verborgen; zij hebben zonder oorzaak gegraven voor mijn ziel. Psalmen 69:5: Die mij zonder oorzaak haten, zijn meer dan de haar mijn hoofds; die mij zoeken te vernielen, die mij om valse oorzaken vijand zijn, zijn machtig geworden; wat ik niet geroofd heb, moet ik alsdan wedergeven. Psalmen 109:3: En met hatelijke woorden hebben zij mij omsingeld; ja, zij hebben mij bestreden zonder oorzaak. Psalmen 119:161: Schin. De vorsten hebben mij vervolgd zonder oorzaak; maar mijn hart heeft gevreesd voor Uw woord."
        },
        {
          "marker": "111",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "111 als een vogeltje: Dat is, gelijk een vogelvanger de vogeltjes zoekt te vangen; vergeljk Ps. 11:1, en Ps. 102:8, en Ps. 124:7; Pred. 9:12. Psalmen 11:1: Een psalm van David, voor den opperzangmeester. Ik betrouw op den HEERE; hoe zegt gijlieden tot mijn ziel: Zwerft henen naar ulieder gebergte, als een vogel? Psalmen 102:8: Ik waak, en ben geworden als een eenzame mus op het dak. Psalmen 124:7: Onze ziel is ontkomen, als een vogel uit den strik der vogelvangers; de strik is gebroken, en wij zijn ontkomen. Prediker 9:12: Dat ook de mens zijn tijd niet weet, gelijk de vissen, die gevangen worden met het boze net; en gelijk de vogelen, die gevangen worden met den strik; gelijk die, alzo worden de kinderen der mensen verstrikt, ter bozer tijd, wanneer derzelve haastelijk over hen valt.",
          "text1637": "D. gelijck een vogel-vanger de vogelkens soeckt te vangen. Vergel. Psal. 11.1. ende 102.8. ende 124.7. Eccles. 9.12.",
          "text2026": "111 als een vogeltje: Dat is, gelijk een vogelvanger de vogeltjes zoekt te vangen; vergeljk Ps. 11:1, en Ps. 102:8, en Ps. 124:7; Pred. 9:12. Psalmen 11:1: Een psalm van David, voor de opperzangmeester. Ik betrouw op JAHWEH; hoe zegt u tot mijn ziel: Zwerft heen naar ulieder gebergte, als een vogel? Psalmen 102:8: Ik waak, en ben geworden als een eenzame mus op het dak. Psalmen 124:7: Onze ziel is ontkomen, als een vogel uit de strik van de vogelvanger; de strik is gebroken, en wij zijn ontkomen. Prediker 9:12: Dat ook de mens zijn tijd niet weet, gelijk de vissen, die gevangen worden met het boze net; en gelijk de vogels, die gevangen worden met de strik; gelijk die, zo worden de kinderen van de mensen verstrikt, ter bozer tijd, wanneer derzelve haastig over hen valt."
        },
        {
          "marker": "112",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "112 dapperlijk gejaagd: Te weten om mij ten enenmale ten verderve te brengen. Hebreeuws, jagende gejaagd.",
          "text1637": "T.w. om my ’t eene-mael ten verderve te brengen. Hebr. jagende gejaegt.",
          "text2026": "112 dapperlijk gejaagd: Te weten om mij ten enenmale ten verderve te brengen. Hebreeuws, jagende gejaagd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צ֥וֹד",
          "strongs": "H6679",
          "morph": "HVqa"
        },
        {
          "woord": "צָד֛וּ/נִי",
          "strongs": "H6679",
          "morph": "HVqp3cp/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כַּ/צִּפּ֖וֹר",
          "strongs": "H6833",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אֹיְבַ֥/י",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "חִנָּֽם",
          "strongs": "H2600",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">צ Tsade.</span> Die mijn vijanden zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"110\">110</sup> zonder oorzaak, hebben mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"111\">111</sup> als een vogeltje<sup class=\"note-marker\" data-note=\"112\">112</sup> dapperlijk gejaagd.",
      "textSV1888_html": "Tsade. Die mijn vijanden zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"110\">110</sup> zonder oorzaak, hebben mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"111\">111</sup> als een vogeltje<sup class=\"note-marker\" data-note=\"112\">112</sup> dapperlijk gejaagd.",
      "text1637_html": "Tsade. Die mijne vyanden zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"110\">110</sup> sonder oorsake, hebben my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"111\">111</sup> als een vogelken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"112\">112</sup> dapperlick gejaegt.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "dapperlijk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6679"
          ],
          "bronwoorden": [
            "צ֥וֹד"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:52",
            "bronindices": [
              3
            ]
          },
          "toelichting": "צוֹד is de infinitivus absolutus die het volgende צָדוּנִי versterkt; de Statenvertaling geeft die versterking met 'dapperlijk' weer."
        },
        {
          "tekst": "gejaagd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6679"
          ],
          "bronwoorden": [
            "צָד֛וּ/נִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:52",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vogeltje",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6833"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כַּ/צִּפּ֖וֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:52",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vijanden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H341"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֹיְבַ֥/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:52",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "oorzaak",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2600"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חִנָּֽם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:52",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "חִנָּם ('om niet') is met 'zonder oorzaak' weergegeven; 'oorzaak' draagt het lemma."
        }
      ]
    },
    {
      "number": 53,
      "textSV1888": "Tsade. Zij hebben mijn leven in een kuil uitgeroeid, en zij hebben een steen op mij geworpen.",
      "text1637": "Tsade. [113] Sy hebben [114] mijn leven in eenen kuyl uytgeroeyt, ende sy hebben [115] eenen steen [116] op my geworpen.",
      "text2026": "צ Tsade. Zij hebben mijn leven in een kuil uitgeroeid, en zij hebben een steen op mij geworpen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "113",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "113 Zij hebben: Te weten de vijanden, waarvan vers 52 gesproken is. Klaagliederen 3:52: Tsade. Die mijn vijanden zijn zonder oorzaak, hebben mij als een vogeltje dapperlijk gejaagd.",
          "text1637": "T.w. de vyanden daer van vers 52. gesproken is.",
          "text2026": "113 Zij hebben: Te weten de vijanden, waarvan vers 52 gesproken is. Klaagliederen 3:52: Tsade. Die mijn vijanden zijn zonder oorzaak, hebben mij als een vogeltje dapperlijk gejaagd."
        },
        {
          "marker": "114",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "114 mijn leven in een kuil uitgeroeid: Dat is, mij in eigen persoon. De zin is: Zij hebben mij niet alleen gevangen genomen, [hetwel waarlijk geschied is aan den persoon van Jeremia, Jer. 37:16, en Jer. 38:6], maar zij hebben ook grote wreedheid gebruikt, pogende mij het leven te benemen. Vergelijk Gen. 37:24. Jeremia 37:16: Als Jeremia in de plaats des kuils, en in de kotjes gekomen was, en Jeremia aldaar veel dagen gezeten had; Jeremia 38:6: Toen namen zij Jeremia en wierpen hem in den kuil van Malchia, den zoon van Hammelech, die in het voorhof der bewaring was, en zij lieten Jeremia af met zelen; in den kuil nu was geen water, maar slijk; en Jeremia zonk in het slijk. Genesis 37:24: En zij namen hem, en wierpen hem in den kuil; doch de kuil was ledig; er was geen water in.",
          "text1637": "D. my in eygener persoon. De sin is, Sy en hebben my niet alleen gevanckelick genomen, (’t welck waerlick geschiet is aen den persoon Ieremiae, Ier. 37.16. ende cap. 38.6.) Maer sy hebben oock groote wreetheyt gebruyckt, pogende my het leven te benemen. Vergel. Gen. 37.24.",
          "text2026": "114 mijn leven in een kuil uitgeroeid: Dat is, mij in eigen persoon. De zin is: Zij hebben mij niet alleen gevangen genomen, [hetwel waarlijk geschied is aan de persoon van Jeremia, Jer. 37:16, en Jer. 38:6], maar zij hebben ook grote wreedheid gebruikt, pogende mij het leven te benemen. Vergelijk Gen. 37:24. Jeremia 37:16: Als Jeremia in de plaats van de kuils, en in de kotjes gekomen was, en Jeremia daar veel dagen gezeten had; Jeremia 38:6: Toen namen zij Jeremia en wierpen hem in de kuil van Malchia, de zoon van Hammelech, die in het voorhof van de bewaring was, en zij lieten Jeremia af met zelen; in de kuil nu was geen water, maar slijk; en Jeremia zonk in het slijk. Genesis 37:24: En zij namen hem, en wierpen hem in de kuil; maar de kuil was leeg; er was geen water in."
        },
        {
          "marker": "115",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "115 een steen: Het zij om den mond des grafs toe te sluiten, opdat ik er niet kon uitkomen, of om mij te versmachten en te doden.",
          "text1637": "Het zy om den mont des grafs toe te sluyten, op dat icker niet en konne uytkomen, ofte, om my te versmachten ende te dooden.",
          "text2026": "115 een steen: Het zij om de mond van het graf toe te sluiten, opdat ik er niet kon uitkomen, of om mij te versmachten en te doden."
        },
        {
          "marker": "116",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "116 op mij geworpen: Dat is, op het graf, waarin ik lig, of voor de deur des puts, waarin zij mij gesloten hebben. Vergelijk Joz. 10:18; Dan. 6:18; Matth. 27:60. Jozua 10:18: Zo zeide Jozua: Wentelt grote stenen voor den mond der spelonk, en stelt mannen daarvoor om hen te bewaren. Daniël 6:18: En er werd een steen gebracht, en op den mond des kuils gelegd: en de koning verzegelde denzelven met zijn ring, en met den ring zijner geweldigen, opdat de wil aangaande Daniël niet zou veranderd worden. Mattheüs 27:60: En leide dat in zijn nieuw graf, hetwelk hij in een steenrots uitgehouwen had; en een groten steen tegen de deur des grafs gewenteld hebbende, ging hij weg.",
          "text1637": "D. op het graf daer ick in ligge, of, voor de deure des puts daer sy my in besloten hebben. Vergel. Ios. 10.18. Dan. 6.18. Mat. 27.60.",
          "text2026": "116 op mij geworpen: Dat is, op het graf, waarin ik lig, of voor de deur van de puts, waarin zij mij gesloten hebben. Vergelijk Joz. 10:18; Dan. 6:18; Matt. 27:60. Jozua 10:18: Zo zei Jozua: Wentelt grote stenen voor de mond van de spelonk, en stelt mannen daarvoor om hen te bewaren. Daniël 6:18: En er werd een steen gebracht, en op de mond van de kuils gelegd: en de koning verzegelde dezelfde met zijn ring, en met de ring zijn geweldigen, opdat de wil aangaande Daniël niet zou veranderd worden. Mattheüs 27:60: En legde dat in zijn nieuw graf, dat hij in een steenrots uitgehouwen had; en een grote steen tegen de deur van het graf gewenteld hebbende, ging hij weg."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צָֽמְת֤וּ",
          "strongs": "H6789",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "בַ/בּוֹר֙",
          "strongs": "H953",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַיָּ֔/י",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/יַּדּוּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HC/Vpw3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶ֖בֶן",
          "strongs": "H68",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "בִּֽ/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">צ Tsade.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"113\">113</sup> Zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"114\">114</sup> mijn leven in een kuil uitgeroeid, en zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"115\">115</sup> een steen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"116\">116</sup> op mij geworpen.",
      "textSV1888_html": "Tsade.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"113\">113</sup> Zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"114\">114</sup> mijn leven in een kuil uitgeroeid, en zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"115\">115</sup> een steen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"116\">116</sup> op mij geworpen.",
      "text1637_html": "Tsade. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"113\">113</sup> Sy hebben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"114\">114</sup> mijn leven in eenen kuyl uytgeroeyt, ende sy hebben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"115\">115</sup> eenen steen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"116\">116</sup> op my geworpen.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "uitgeroeid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6789"
          ],
          "bronwoorden": [
            "צָֽמְת֤וּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:53",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "kuil",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H953"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בַ/בּוֹר֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:53",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "leven",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2416"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חַיָּ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:53",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "geworpen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3034"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וַ/יַּדּוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:53",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "steen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H68"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶ֖בֶן"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:53",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 54,
      "textSV1888": "Tsade. De wateren zwommen over mijn hoofd; ik zeide: Ik ben afgesneden!",
      "text1637": "Tsade. [117] De wateren swommen over mijn hooft, [118] ick seyde, [119] Ick ben afgesneden.",
      "text2026": "צ Tsade. De wateren zwommen over mijn hoofd; ik zei: Ik ben afgesneden!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "117",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "117 De wateren zwommen over mijn hoofd: Versta hier door de wateren vele en grote ellenden; zie Ps. 69:2, 69:3, en Ps. 124:4, 124:5. De profeet spreekt in den persoon van Gods volk, doch alzo dat hij somtijds [als een lid van Gods volk] zijn lijden voorstelt, dat hem was overkomen, en de genade, die hem God bewezen had, zijnde een voorbeeld en vertroosting voor Gods volk. Psalmen 69:2: Verlos mij, o God! want de wateren zijn gekomen tot aan de ziel. Psalmen 69:3: Ik ben gezonken in grondeloze modder, waar men niet kan staan; ik ben gekomen in de diepten der wateren, en de vloed overstroomt mij. Psalmen 124:4: Toen zouden ons de wateren overlopen hebben; een stroom zou over onze ziel gegaan zijn. Psalmen 124:5: Toen zouden de stoute wateren over onze ziel gegaan zijn.",
          "text1637": "Verstaet hier door de wateren. vele ende groote elenden. siet Psal. 69. op vers 2, 3. ende Psal. 124, vers 4, 5. de Prophete spreeckt in de persone van Godts volck, doch alsoo, dat hy somtijts (als een lidt van Godts volck) sijn lijden voorstelt, dat hem was overgekomen, ende de genade die hem Godt bewesen hadde, zijnde een exempel ende vertroostinge voor Godts volck.",
          "text2026": "117 De wateren zwommen over mijn hoofd: Versta hier door de wateren vele en grote ellenden; zie Ps. 69:2, 69:3, en Ps. 124:4, 124:5. De profeet spreekt in de persoon van Gods volk, maar zo dat hij somtijds [als een lid van Gods volk] zijn lijden voorstelt, dat hem was overkomen, en de genade, die hem God bewezen had, zijnde een voorbeeld en vertroosting voor Gods volk. Psalmen 69:2: Verlos mij, o God! want de wateren zijn gekomen tot aan de ziel. Psalmen 69:3: Ik ben gezonken in grondeloze modder, waar men niet kan staan; ik ben gekomen in de diepten van de wateren, en de vloed overstroomt mij. Psalmen 124:4: Toen zouden ons de wateren overlopen hebben; een stroom zou over onze ziel gegaan zijn. Psalmen 124:5: Toen zouden de onstuimige wateren over onze ziel gegaan zijn."
        },
        {
          "marker": "118",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "118 ik zeide: Ik beeldde mijzelven in en sprak.",
          "text1637": "Ick beeldde my selven in, ende sprack.",
          "text2026": "118 ik zei: Ik beeldde mijzelf in en sprak."
        },
        {
          "marker": "119",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "119 Ik ben afgesneden: Het is ten enenmale met mij gedaan, ik zie geen middel van verlossing, maar veel meer het tegendeel; vergelijk Ps. 31:23, met de aantekening. Psalmen 31:23: Ik zeide wel in mijn haasten: Ik ben afgesneden van voor Uw ogen; dan nog hoordet Gij de stem mijner smekingen, als ik tot U riep.",
          "text1637": "’T is ’t eenemael met my gedaen, ick en sie geen middel van verlossinge, maer veel meer het contrarie. Vergel. Psal. 31.23. met d’ aent.",
          "text2026": "119 Ik ben afgesneden: Het is ten enenmale met mij gedaan, ik zie geen middel van verlossing, maar veel meer het tegendeel; vergelijk Ps. 31:23, met de aantekening. Psalmen 31:23: Ik zei wel in mijn haasten: Ik ben afgesneden van voor Uw ogen; dan nog hoorde U de stem mijn smekingen, als ik tot U riep."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צָֽפוּ",
          "strongs": "H6687",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "מַ֥יִם",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "רֹאשִׁ֖/י",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֥רְתִּי",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "נִגְזָֽרְתִּי",
          "strongs": "H1504",
          "morph": "HVNp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">צ Tsade.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"117\">117</sup></span> De wateren zwommen over mijn hoofd;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"118\">118</sup> ik zei:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"119\">119</sup> <span class=\"direct-speech\"><i>Ik ben afgesneden!</i></span>",
      "textSV1888_html": "Tsade.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"117\">117</sup> De wateren zwommen over mijn hoofd;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"118\">118</sup> ik zeide:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"119\">119</sup> Ik ben afgesneden!",
      "text1637_html": "Tsade. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"117\">117</sup> De wateren swommen over mijn hooft, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"118\">118</sup> ick seyde, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"119\">119</sup> Ick ben afgesneden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zeide:",
          "new": "zei:",
          "principe": "W1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "zwommen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6687"
          ],
          "bronwoorden": [
            "צָֽפוּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wateren",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4325"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מַ֥יִם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "over",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hoofd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7218"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רֹאשִׁ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zei",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H559"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָמַ֥רְתִּי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "afgesneden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1504"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נִגְזָֽרְתִּי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:54",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 55,
      "textSV1888": "Koph. HEERE! Ik heb Uw Naam aangeroepen uit den ondersten kuil.",
      "text1637": "Koph. HEERE, Ick hebbe uwen name aengeroepen [120] uyt den ondersten kuyl:",
      "text2026": "ק Koph. JAHWEH! Ik heb Uw Naam aangeroepen uit de onderste kuil.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "120",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "120 uit den ondersten kuil: Hebreeuws, uit den kuil der benedenheden; dat is, toen ik in de uiterste benauwdheid was; zie Ps. 88;7, en Ps. 120:1. Psalmen 120:1: Een lied op Hammaaloth. Ik heb tot den HEERE geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord.",
          "text1637": "Hebr. uyt den kuyl der benedenheden. D. doe ick in de uyterste benaeutheyt was. Siet Psal. 88. op vers 7. ende Psal. 120.1.",
          "text2026": "120 uit de onderste kuil: Hebreeuws, uit de kuil van de benedenheden; dat is, toen ik in de uiterste benauwdheid was; zie Ps. 88;7, en Ps. 120:1. Psalmen 120:1: Een lied op Hammaäloth. Ik heb tot JAHWEH geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קָרָ֤אתִי",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "שִׁמְ/ךָ֙",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/בּ֖וֹר",
          "strongs": "H953",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "תַּחְתִּיּֽוֹת",
          "strongs": "H8482",
          "morph": "HAafpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ק Koph.</span> JAHWEH! Ik heb Uw Naam aangeroepen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"120\">120</sup> uit de onderste kuil.",
      "textSV1888_html": "Koph. HEERE! Ik heb Uw Naam aangeroepen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"120\">120</sup> uit den ondersten kuil.",
      "text1637_html": "Koph. HEERE, Ick hebbe uwen name aengeroepen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"120\">120</sup> uyt den ondersten kuyl:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den ondersten",
          "new": "de onderste",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "aangeroepen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7121"
          ],
          "bronwoorden": [
            "קָרָ֤אתִי"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:55",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Naam",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8034"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שִׁמְ/ךָ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:55",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָ֔ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:55",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "kuil",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H953"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/בּ֖וֹר"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:55",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "onderste",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8482"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תַּחְתִּיּֽוֹת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:55",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 56,
      "textSV1888": "Koph. Gij hebt mijn stem gehoord, verberg Uw oor niet voor mijn zuchten, voor mijn roepen.",
      "text1637": "Koph. [121] Ghy hebt mijne stemme gehoort: [122] En verbergt uwe oore niet [123] voor mijn suchten, voor mijn roepen.",
      "text2026": "ק Koph. U hebt mijn stem gehoord, verberg Uw oor niet voor mijn zuchten, voor mijn roepen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "121",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "121 Gij hebt mijn stem gehoord: Dat is, Gij hebt mij gegeven hetgeen waar ik U om gebeden heb.",
          "text1637": "D. ghy hebt my gegeven daer ick u om gebeden hebbe.",
          "text2026": "121 U hebt mijn stem gehoord: Dat is, U hebt mij gegeven wat waar ik U om gebeden heb."
        },
        {
          "marker": "122",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "122 verberg Uw oor niet: Weiger toch voortaan niet, acht te geven op mijn ijverig en hartgrondelijk gebed.",
          "text1637": "En weygert doch voortaen niet, achtinge te geven op mijn yverich ende hertgrondelick gebedt.",
          "text2026": "122 verberg Uw oor niet: Weiger toch voortaan niet, acht te geven op mijn ijverig en hartgrondelijk gebed."
        },
        {
          "marker": "123",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "123 voor mijn zuchten: Anders: opdat ik adem moge scheppen.",
          "text1637": "And. op dat ick adem moge scheppen.",
          "text2026": "123 voor mijn zuchten: Anders: opdat ik adem mag scheppen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קוֹלִ֖/י",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׁמָ֑עְתָּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַּעְלֵ֧ם",
          "strongs": "H5956",
          "morph": "HVhj2ms"
        },
        {
          "woord": "אָזְנְ/ךָ֛",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/רַוְחָתִ֖/י",
          "strongs": "H7309",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לְ/שַׁוְעָתִֽ/י",
          "strongs": "H7775",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ק Koph.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"121\">121</sup> U hebt mijn stem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"122\">122</sup> gehoord, verberg Uw oor niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"123\">123</sup> voor mijn zuchten, voor mijn roepen.",
      "textSV1888_html": "Koph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"121\">121</sup> Gij hebt mijn stem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"122\">122</sup> gehoord, verberg Uw oor niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"123\">123</sup> voor mijn zuchten, voor mijn roepen.",
      "text1637_html": "Koph. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"121\">121</sup> Ghy hebt mijne stemme gehoort: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"122\">122</sup> En verbergt uwe oore niet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"123\">123</sup> voor mijn suchten, voor mijn roepen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "stem",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6963"
          ],
          "bronwoorden": [
            "קוֹלִ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gehoord",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8085"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שָׁמָ֑עְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H408"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אַל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verberg",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5956"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תַּעְלֵ֧ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "oor",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H241"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָזְנְ/ךָ֛"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "zuchten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7309"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/רַוְחָתִ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              6
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "roepen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7775"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לְ/שַׁוְעָתִֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:56",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 57,
      "textSV1888": "Koph. Gij hebt U genaderd ten dage, als ik U aanriep; Gij hebt gezegd: Vrees niet!",
      "text1637": "Koph. Ghy hebt u [124] genaedert ten dage als ick u aenriep, ghy hebt geseyt, En vreest niet.",
      "text2026": "ק Koph. U hebt U genaderd op de dag als ik U aanriep; U hebt gezegd: Vrees niet!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "124",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, uw gunstige hulp laten smaken, hetwelk Gij mij zo duidelijk hebt te kennen gegeven, alsof Gij met uitgedrukte woorden tot mij gezegd hadt: vrees niet; Jes. 41:10. Jesaja 41:10: Vrees niet, want Ik ben met u; zijt niet verbaasd, want Ik ben uw God; Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met de rechterhand Mijner gerechtigheid.",
          "text1637": "D. uwe gunstige hulpe laten smaken, ’t welck ghy my soo duydelick hebt te kennen gegeven, als of ghy met uytgedruckte woorden tot my geseyt hadt, En vreest niet Ies. 41.10.",
          "text2026": "Dat is, uw gunstige hulp laten smaken, dat U mij zo duidelijk hebt te kennen gegeven, alsof U met uitgedrukte woorden tot mij gezegd hadt: vrees niet; Jes. 41:10. Jesaja 41:10: Vrees niet, want Ik ben met u; bent niet verbaasd, want Ik ben uw God; Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met de rechterhand Mijn gerechtigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קָרַ֨בְתָּ֙",
          "strongs": "H7126",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/י֣וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֶקְרָאֶ֔/ךָּ",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֖רְתָּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִּירָֽא",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HVqj2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ק Koph.</span> U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"124\">124</sup> hebt U genaderd op de dag als ik U aanriep; U hebt gezegd: <span class=\"god-speaks\"><i>Vrees niet!</i></span>",
      "textSV1888_html": "Koph. Gij hebt U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"124\">124</sup> genaderd ten dage, als ik U aanriep; Gij hebt gezegd: Vrees niet!",
      "text1637_html": "Koph. Ghy hebt u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"124\">124</sup> genaedert ten dage als ick u aenriep, ghy hebt geseyt, En vreest niet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "ten dage,",
          "new": "op de dag",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "genaderd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7126"
          ],
          "bronwoorden": [
            "קָרַ֨בְתָּ֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dag",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3117"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/י֣וֹם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "aanriep",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7121"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֶקְרָאֶ֔/ךָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gezegd",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H559"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אָמַ֖רְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "niet",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H408"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אַל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Vrees",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3372"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּירָֽא"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:57",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 58,
      "textSV1888": "Resch. HEERE! Gij hebt de twistzaken mijner ziel getwist, Gij hebt mijn leven verlost.",
      "text1637": "Resch. Heere, [125] Ghy hebt de twistsaken mijner ziele getwist, [126] ghy hebt mijn leven verlost.",
      "text2026": "ר Resch. JAHWEH! U hebt de twistzaken van mijn ziel getwist, U hebt mijn leven verlost.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "125",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "125 Gij hebt de twistzaken mijner ziel getwist: Dat is, Gij hebt mij beschermd en verlost, als men mij zocht te doden. Vergelijk Jer. 38; zie ook Ps. 35:1. Psalmen 35:1: Een psalm van David. Twist, HEERE! met mijn twisters; strijd met mijn bestrijders.",
          "text1637": "D. ghy hebt my beschermt ende verlost, alsmen my socht te dooden. Vergel. Ier. cap. 38. Siet oock Psal. 35. op vers 1.",
          "text2026": "125 U hebt de twistzaken mijn ziel getwist: Dat is, U hebt mij beschermd en verlost, als men mij zocht te doden. Vergelijk Jer. 38; zie ook Ps. 35:1. Psalmen 35:1: Een psalm van David. Twist, JAHWEH! met mijn twisters; strijd met mijn bestrijders."
        },
        {
          "marker": "126",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "126 Gij hebt mijn leven verlost: Dat is, Gij hebt mij verlost uit de handen dergenen, die mij wredelijk zochten te doden.",
          "text1637": "D. ghy hebt my verlost uyt de handen der gener die my wreedelick sochten te dooden.",
          "text2026": "126 U hebt mijn leven verlost: Dat is, U hebt mij verlost uit de handen dergenen, die mij wredelijk zochten te doden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רַ֧בְתָּ",
          "strongs": "H7378",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֛/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "רִיבֵ֥י",
          "strongs": "H7379",
          "morph": "HNcbpc"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֖/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "גָּאַ֥לְתָּ",
          "strongs": "H1350",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "חַיָּֽ/י",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ר Resch.</span> JAHWEH!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"125\">125</sup> U hebt de twistzaken van mijn ziel getwist,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"126\">126</sup> U hebt mijn leven verlost.",
      "textSV1888_html": "Resch. HEERE!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"125\">125</sup> Gij hebt de twistzaken mijner ziel getwist,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"126\">126</sup> Gij hebt mijn leven verlost.",
      "text1637_html": "Resch. Heere, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"125\">125</sup> Ghy hebt de twistsaken mijner ziele getwist, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"126\">126</sup> ghy hebt mijn leven verlost.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE! Gij",
          "new": "JAHWEH! U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "mijner",
          "new": "van mijn",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "getwist",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7378"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רַ֧בְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H136"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲדֹנָ֛/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              3
            ]
          },
          "toelichting": "De grondtekst leest אֲדֹנָי (H136, 'de Heere'); de Statenvertaling-1888 drukt hier 'HEERE' af, wat in deze uitgave als 'JAHWEH' verschijnt. Het Strongnummer volgt MorphHB: H136."
        },
        {
          "tekst": "twistzaken",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7379"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רִיבֵ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ziel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5315"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נַפְשִׁ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verlost",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1350"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גָּאַ֥לְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "leven",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2416"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חַיָּֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:58",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 59,
      "textSV1888": "Resch. HEERE! Gij hebt gezien de verkeerdheid, die men mij aangedaan heeft, oordeel mijn rechtzaak.",
      "text1637": "Resch. HEERE, Ghy hebt gesien [127] de verkeertheyt diemen my aengedaen heeft, [128] oordeelt mijne recht-sake.",
      "text2026": "ר Resch. JAHWEH! U hebt gezien de verkeerdheid, die men mij aangedaan heeft, oordeel mijn rechtzaak.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "127",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "127 de verkeerdheid: Hebreeuws, mijne verkeerdheid; dat is, die mij aangedaan is; Jer. 2:2. Jeremia 2:2: Ga en roep voor de oren van Jeruzalem, zeggende: Zo zegt de HEERE: Ik gedenk der weldadigheid uwer jeugd, der liefde uwer ondertrouw, toen gij Mij nawandeldet in de woestijn, in onbezaaid land.",
          "text1637": "Hebr. mijne verkeertheyt. D. die my aengedaen is. siet Ier. cap. 2. op vers 2.",
          "text2026": "127 de verkeerdheid: Hebreeuws, mijn verkeerdheid; dat is, die mij aangedaan is; Jer. 2:2. Jeremia 2:2: Ga en roep voor de oren van Jeruzalem, zeggende: Zo zegt JAHWEH: Ik gedenk van de weldadigheid uw jeugd, van de liefde uw ondertrouw, toen u Mij nawandelde in de woestijn, in onbezaaid land."
        },
        {
          "marker": "128",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "128 oordeel mijn rechtzaak: Dat is, neem mijne zaak aan en oordeel mij naar mijne oprechtheid, help mij tot mijn recht. Vergelijk Ps. 43:1. Psalmen 43:1: Doe mij recht, o God! en twist Gij mijn twistzaak; bevrijd mij van het ongoedertieren volk, van den man des bedrogs en des onrechts.",
          "text1637": "D. neemt mijne sake aen, ende oordeelt my nae mijne oprechticheyt, helpt my tot mijn recht. Vergel. Psal. 43. vers 1.",
          "text2026": "128 oordeel mijn rechtzaak: Dat is, neem mijn zaak aan en oordeel mij naar mijn oprechtheid, help mij tot mijn recht. Vergelijk Ps. 43:1. Psalmen 43:1: Doe mij recht, o God! en twist U mijn twistzaak; bevrijd mij van het ongoedertieren volk, van de man van het bedrog en van de onrechts."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רָאִ֤יתָה",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָה֙",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "עַוָּ֣תָתִ֔/י",
          "strongs": "H5792",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׁפְטָ֖/ה",
          "strongs": "H8199",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפָּטִֽ/י",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ר Resch.</span> JAHWEH! U hebt gezien<sup class=\"note-marker\" data-note=\"127\">127</sup> de verkeerdheid, die men mij aangedaan heeft,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"128\">128</sup> oordeel mijn rechtzaak.",
      "textSV1888_html": "Resch. HEERE! Gij hebt gezien<sup class=\"note-marker\" data-note=\"127\">127</sup> de verkeerdheid, die men mij aangedaan heeft,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"128\">128</sup> oordeel mijn rechtzaak.",
      "text1637_html": "Resch. HEERE, Ghy hebt gesien <sup class=\"note-marker\" data-note=\"127\">127</sup> de verkeertheyt diemen my aengedaen heeft, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"128\">128</sup> oordeelt mijne recht-sake.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE! Gij",
          "new": "JAHWEH! U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "gezien",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7200"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רָאִ֤יתָה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:59",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:59",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "verkeerdheid",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5792"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עַוָּ֣תָתִ֔/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:59",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "oordeel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8199"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שָׁפְטָ֖/ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:59",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "rechtzaak",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4941"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִשְׁפָּטִֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:59",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 60,
      "textSV1888": "Resch. Gij hebt al hun wraak gezien, al hun gedachten tegen mij.",
      "text1637": "Resch. Ghy hebt alle [129] hare [130] wrake gesien, alle hare gedachten tegen my.",
      "text2026": "ר Resch. U hebt al hun wraak gezien, al hun gedachten tegen mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "129",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten van mijne vijanden.",
          "text1637": "T.w. mijner vyanden.",
          "text2026": "Te weten van mijn vijanden."
        },
        {
          "marker": "130",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "130 wraak gezien: Dat is, hoe wraakgierig, ja ook hoe bloedgierig zij tegen mij zijn.",
          "text1637": "D. hoe wraeck-gierich, ja oock hoe bloet-gierich dat sy tegen my zijn.",
          "text2026": "130 wraak gezien: Dat is, hoe wraakgierig, ja ook hoe bloedgierig zij tegen mij zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רָאִ֨יתָה֙",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "נִקְמָתָ֔/ם",
          "strongs": "H5360",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מַחְשְׁבֹתָ֖/ם",
          "strongs": "H4284",
          "morph": "HNcfpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לִֽ/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ר Resch.</span> U hebt al<sup class=\"note-marker\" data-note=\"129\">129</sup> hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"130\">130</sup> wraak gezien, al hun gedachten tegen mij.",
      "textSV1888_html": "Resch. Gij hebt al<sup class=\"note-marker\" data-note=\"129\">129</sup> hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"130\">130</sup> wraak gezien, al hun gedachten tegen mij.",
      "text1637_html": "Resch. Ghy hebt alle <sup class=\"note-marker\" data-note=\"129\">129</sup> hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"130\">130</sup> wrake gesien, alle hare gedachten tegen my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "gezien",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7200"
          ],
          "bronwoorden": [
            "רָאִ֨יתָה֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:60",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:60",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "wraak",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5360"
          ],
          "bronwoorden": [
            "נִקְמָתָ֔/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:60",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 2,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:60",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gedachten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4284"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מַחְשְׁבֹתָ֖/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:60",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 61,
      "textSV1888": "Schin. HEERE! Gij hebt hun smaden gehoord, en al hun gedachten tegen mij;",
      "text1637": "Schin. HEERE, Ghy hebt [131] haer smaden gehoort, [ende] alle hare gedachten tegen my:",
      "text2026": "ש Schin. JAHWEH! U hebt hun smaden gehoord, en al hun gedachten tegen mij;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "131",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "131 hun smaden gehoord: Dat is, hun spijtige en smadelijke woorden, die zij over mij uitgestort hebben.",
          "text1637": "D. hare spijtige ende smadelicke woorden, die sy over my uytgestort hebben.",
          "text2026": "131 hun smaden gehoord: Dat is, hun spijtige en smadelijke woorden, die zij over mij uitgestort hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שָׁמַ֤עְתָּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "חֶרְפָּתָ/ם֙",
          "strongs": "H2781",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מַחְשְׁבֹתָ֖/ם",
          "strongs": "H4284",
          "morph": "HNcfpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "עָלָֽ/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ש Schin.</span> JAHWEH! U hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"131\">131</sup> hun smaden gehoord, en al hun gedachten tegen mij;",
      "textSV1888_html": "Schin. HEERE! Gij hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"131\">131</sup> hun smaden gehoord, en al hun gedachten tegen mij;",
      "text1637_html": "Schin. HEERE, Ghy hebt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"131\">131</sup> haer smaden gehoort, [ende] alle hare gedachten tegen my:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE! Gij",
          "new": "JAHWEH! U",
          "principe": "A1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "gehoord",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8085"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שָׁמַ֤עְתָּ"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "smaden",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H2781"
          ],
          "bronwoorden": [
            "חֶרְפָּתָ/ם֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָ֔ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "al",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "gedachten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4284"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מַחְשְׁבֹתָ֖/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tegen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלָֽ/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:61",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 62,
      "textSV1888": "Schin. De lippen dergenen, die tegen mij opstaan, en hun dichten tegen mij den gansen dag.",
      "text1637": "Schin. [132] De lippen der gener die tegens my opstaen, ende [133] haer dichten tegens my den gantschen dach. [134]",
      "text2026": "ש Schin. De lippen van degenen, die tegen mij opstaan, en hun dichten tegen mij de hele dag.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "132",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "132 De lippen dergenen: De woorden mijner vijanden, waarmede zij mij dreigen.",
          "text1637": "De woorden mijner vyanden daer mede sy my dreygen.",
          "text2026": "132 De lippen dergenen: De woorden mijn vijanden, waarmee zij mij dreigen."
        },
        {
          "marker": "133",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "133 hun dichten: Dat is, de gedachten van hun boos hart.",
          "text1637": "D. de gedachten hares boosen hertes.",
          "text2026": "133 hun dichten: Dat is, de gedachten van hun boos hart."
        },
        {
          "marker": "134",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "134 tegen mij den gansen dag: Versta hierbij, hebt Gij gehoord.",
          "text1637": "Verstaet hier by. Hebt ghy gehoort.",
          "text2026": "134 tegen mij de gansen dag: Versta hierbij, hebt U gehoord."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׂפְתֵ֤י",
          "strongs": "H8193",
          "morph": "HNcfdc"
        },
        {
          "woord": "קָמַ/י֙",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/הֶגְיוֹנָ֔/ם",
          "strongs": "H1902",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֖/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּֽוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ש Schin.</span><sup class=\"note-marker\" data-note=\"132\">132</sup> De lippen van degenen, die tegen mij opstaan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"133\">133</sup> hun dichten tegen mij de hele dag.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"134\">134</sup>",
      "textSV1888_html": "Schin.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"132\">132</sup> De lippen dergenen, die tegen mij opstaan, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"133\">133</sup> hun dichten tegen mij den gansen dag.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"134\">134</sup>",
      "text1637_html": "Schin. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"132\">132</sup> De lippen der gener die tegens my opstaen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"133\">133</sup> haer dichten tegens my den gantschen dach. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"134\">134</sup>",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dergenen,",
          "new": "van degenen,",
          "principe": "V302"
        },
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "lippen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8193"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שִׂפְתֵ֤י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "opstaan",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H6965"
          ],
          "bronwoorden": [
            "קָמַ/י֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dichten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1902"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/הֶגְיוֹנָ֔/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "tegen",
          "voorkomen": 2,
          "strongs": [
            "H5921"
          ],
          "bronwoorden": [
            "עָלַ֖/י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hele",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3605"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כָּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "dag",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3117"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַ/יּֽוֹם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:62",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 63,
      "textSV1888": "Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel.",
      "text1637": "Schin. Aenschouwt [135] haer sitten ende opstaen, ick ben [136] haer snaren-spel.",
      "text2026": "ש Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "135",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "135 hun zitten en opstaan: Zie Ps. 1:1, en Ps. 139:2, en vergelijk Jes. 37:28. Psalmen 1:1: Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in den raad der goddelozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters; Psalmen 139:2: Gij weet mijn zitten en mijn opstaan; Gij verstaat van verre mijn gedachten. Jesaja 37:28: Maar Ik weet uw zitten, en uw uitgaan, en uw inkomen, en uw woeden tegen Mij.",
          "text1637": "Siet Psal. 1. op vers 1. ende Psal. 139. op vers 2. ende Vergel. Iesa. 37.28.",
          "text2026": "135 hun zitten en opstaan: Zie Ps. 1:1, en Ps. 139:2, en vergelijk Jes. 37:28. Psalmen 1:1: Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in de raad van de goddelozen, noch staat op de weg van de zondaren, noch zit in het gestoelte van de spotters; Psalmen 139:2: U weet mijn zitten en mijn opstaan; U verstaat van verre mijn gedachten. Jesaja 37:28: Maar Ik weet uw zitten, en uw uitgaan, en uw inkomen, en uw woeden tegen Mij."
        },
        {
          "marker": "136",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "136 hun snarenspel: Zie boven de aantekening vers 14, en Job 30:9. Klaagliederen 3:14: He. Ik ben al mijn volk tot belaching geworden, hun snarenspel den gansen dag. Job 30:9: Maar nu ben ik hun een snarenspel geworden, en ik ben hun tot een klapwoord.",
          "text1637": "Siet bov. de aent. op vers 14. ende Iob 30. op vers 9.",
          "text2026": "136 hun snarenspel: Zie boven de aantekening vers 14, en Job 30:9. Klaagliederen 3:14: He. Ik ben al mijn volk tot belaching geworden, hun snarenspel de gansen dag. Job 30:9: Maar nu ben ik hun een snarenspel geworden, en ik ben hun tot een klapwoord."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׁבְתָּ֤/ם",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/קִֽימָתָ/ם֙",
          "strongs": "H7012",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הַבִּ֔יטָ/ה",
          "strongs": "H5027",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֖י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "מַנְגִּינָתָֽ/ם",
          "strongs": "H4485",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ש Schin.</span> Aanschouw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"135\">135</sup> hun zitten en opstaan; ik ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"136\">136</sup> hun snarenspel.",
      "textSV1888_html": "Schin. Aanschouw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"135\">135</sup> hun zitten en opstaan; ik ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"136\">136</sup> hun snarenspel.",
      "text1637_html": "Schin. Aenschouwt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"135\">135</sup> haer sitten ende opstaen, ick ben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"136\">136</sup> haer snaren-spel.",
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "zitten",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3427"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שִׁבְתָּ֤/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:63",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "gids_strongs": [
            "H7675"
          ],
          "toelichting": "MorphHB leest voor שִׁבְתָּם H3427 (יָשַׁב); de uitlijngids geeft H7675. MorphHB is leidend."
        },
        {
          "tekst": "opstaan",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7012"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/קִֽימָתָ/ם֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:63",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "Aanschouw",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5027"
          ],
          "bronwoorden": [
            "הַבִּ֔יטָ/ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:63",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "ik",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H589"
          ],
          "bronwoorden": [
            "אֲנִ֖י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:63",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "snarenspel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4485"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מַנְגִּינָתָֽ/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:63",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 64,
      "textSV1888": "Thau. HEERE! geef hun weder die vergelding, naar het werk hunner handen.",
      "text1637": "Thau. HEERE, geeft [137] haer weder die vergeldinge, [138] nae het werck harer handen.",
      "text2026": "ת Thau. JAHWEH! geef hun weer die vergelding, naar het werk van hun handen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "137",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "137 hun weder die vergelding: Te weten welker liedjes en snarenspel ik ben, gelijk vers 63. Klaagliederen 3:63: Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel.",
          "text1637": "T.w. welcker liedeken ende snaren-spel ick ben. als vers 63.",
          "text2026": "137 hun weer die vergelding: Te weten van welke liedjes en snarenspel ik ben, gelijk vers 63. Klaagliederen 3:63: Schin. Aanschouw hun zitten en opstaan; ik ben hun snarenspel."
        },
        {
          "marker": "138",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "138 naar het werk hunner handen: Zie Ps. 28:4, en Ps. 94:2. Psalmen 28:4: Geef hun naar hun doen, en naar de boosheid hunner handelingen; geef hun naar hunner handen werk; doe hun vergelding tot hen wederkeren. Psalmen 94:2: Gij, Rechter der aarde! verhef U; breng vergelding weder over de hovaardigen.",
          "text1637": "Siet Psal. 28.4. ende 94.2.",
          "text2026": "138 naar het werk hun handen: Zie Ps. 28:4, en Ps. 94:2. Psalmen 28:4: Geef hun naar hun doen, en naar de boosheid hun handelingen; geef hun naar hun handen werk; doe hun vergelding tot hen terugkeren. Psalmen 94:2: U, Rechter van de aarde! verhef U; breng vergelding weer over de hovaardigen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תָּשִׁ֨יב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVhi2ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶ֥ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "גְּמ֛וּל",
          "strongs": "H1576",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֖ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/מַעֲשֵׂ֥ה",
          "strongs": "H4639",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְדֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ת Thau.</span> JAHWEH! geef<sup class=\"note-marker\" data-note=\"137\">137</sup> hun weer die vergelding,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"138\">138</sup> naar het werk van hun handen.",
      "textSV1888_html": "Thau. HEERE! geef<sup class=\"note-marker\" data-note=\"137\">137</sup> hun weder die vergelding,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"138\">138</sup> naar het werk hunner handen.",
      "text1637_html": "Thau. HEERE, geeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"137\">137</sup> haer weder die vergeldinge, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"138\">138</sup> nae het werck harer handen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "weder",
          "new": "weer",
          "principe": "V66"
        },
        {
          "old": "hunner",
          "new": "van hun",
          "principe": "N7"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "geef",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7725"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תָּשִׁ֨יב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:64",
            "bronindices": [
              0
            ]
          },
          "toelichting": "תָּשִׁיב ('U zult vergelden') is met het scheidbare 'geef … weer' weergegeven; 'geef' draagt H7725."
        },
        {
          "tekst": "vergelding",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H1576"
          ],
          "bronwoorden": [
            "גְּמ֛וּל"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:64",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָ֖ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:64",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "werk",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4639"
          ],
          "bronwoorden": [
            "כְּ/מַעֲשֵׂ֥ה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:64",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "handen",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3027"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְדֵי/הֶֽם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:64",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 65,
      "textSV1888": "Thau. Geef hun een deksel des harten; Uw vloek zij over hen!",
      "text1637": "Thau. Geeft haer [139] een decksel des herten, uwen vloeck zy over haer:",
      "text2026": "ת Thau. Geef hun een deksel van het hart; Uw vloek zij over hen!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "139",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "139 een deksel des harten: Dat is, zulke bedwelming en mist des harten, die hen berooft van alle manhaftigheid en moed, alzo dat zij ons geen kwaad kunnen doen.",
          "text1637": "D. sulcke bedwelminge ende mist des herten, die haer beroove van alle manhafticheyt ende couragie, also dat sy ons geen quaet en kunnen doen.",
          "text2026": "139 een deksel van het hart: Dat is, zulke bedwelming en mist van het hart, die hen berooft van alle manhaftigheid en moed, zo dat zij ons geen kwaad kunnen doen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּתֵּ֤ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶם֙",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מְגִנַּת",
          "strongs": "H4044",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "לֵ֔ב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "תַּאֲלָֽתְ/ךָ֖",
          "strongs": "H8381",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶֽם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ת Thau.</span> Geef hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"139\">139</sup> een deksel van het hart; Uw vloek zij over hen!",
      "textSV1888_html": "Thau. Geef hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"139\">139</sup> een deksel des harten; Uw vloek zij over hen!",
      "text1637_html": "Thau. Geeft haer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"139\">139</sup> een decksel des herten, uwen vloeck zy over haer:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des harten;",
          "new": "van het hart;",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Geef",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H5414"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּתֵּ֤ן"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:65",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "deksel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H4044"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מְגִנַּת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:65",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hart",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3820"
          ],
          "bronwoorden": [
            "לֵ֔ב"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:65",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vloek",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8381"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תַּאֲלָֽתְ/ךָ֖"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:65",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        }
      ]
    },
    {
      "number": 66,
      "textSV1888": "Thau. Vervolg ze met toorn, en verdelg ze van onder den hemel des HEEREN.",
      "text1637": "Thau. Vervolgtse met toorn, ende verdelgtse [140] van onder den hemel des HEEREN.",
      "text2026": "ת Thau. Vervolg ze met toorn, en vernietig ze van onder de hemel van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "140",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "140 van onder den hemel des HEEREN: Dat is, overal, zo wijd als de hemel strekt, gelijk Exod. 17:14; Deut. 7:24, en Deut. 25:19, en Deut. 29:20; 2 Kon. 14:27. Exodus 17:14: Toen zeide de HEERE tot Mozes: Schrijf dit ter gedachtenis in een boek, en leg het in de oren van Jozua, dat Ik de gedachtenis van Amalek geheel uitdelgen zal van onder den hemel. Deuteronomium 7:24: Ook zal Hij hun koningen in uw hand geven, dat gij hun naam van onder den hemel te niet doet; geen man zal voor uw aangezicht bestaan, totdat gij hen zult hebben verdelgd. Deuteronomium 25:19: Het zal dan geschieden, als u de HEERE, uw God, rust zal gegeven hebben, van al uw vijanden rondom, in het land, dat u de HEERE, uw God, ten erve geven zal, om hetzelve erfelijk te bezitten, dat gij de gedachtenis van Amalek van onder den hemel zult uitdelgen; vergeet het niet! Deuteronomium 29:20: De HEERE zal hem niet willen vergeven; maar alsdan zal des HEEREN toorn en ijver roken over denzelven man, en al de vloek, die in dit boek geschreven is, zal op hem liggen; en de HEERE zal zijn naam van onder den hemel uitdelgen. 2 Koningen 14:27: En de HEERE had niet gesproken, dat Hij den naam van Israël van onder den hemel verdelgen zou; maar Hij verloste hen door de hand van Jerobeam, den zoon van Joas.",
          "text1637": "D. over al soo wijt als de hemel streckt, als Exod. 17.14. ende Deut. 17.24. ende 25.19. ende 29.20. 2.Reg. 14.27.",
          "text2026": "140 van onder de hemel van JAHWEH: Dat is, overal, zo wijd als de hemel strekt, gelijk Ex. 17:14; Deut. 7:24, en Deut. 25:19, en Deut. 29:20; 2 Kon. 14:27. Exodus 17:14: Toen zei JAHWEH tot Mozes: Schrijf dit ter gedachtenis in een boek, en leg het in de oren van Jozua, dat Ik de gedachtenis van Amalek geheel uitdelgen zal van onder de hemel. Deuteronomium 7:24: Ook zal Hij hun koningen in uw hand geven, dat u hun naam van onder de hemel te niet doet; geen man zal voor uw aangezicht bestaan, totdat u hen zult hebben verdelgd. Deuteronomium 25:19: Het zal dan gebeuren, als u JAHWEH, uw God, rust zal gegeven hebben, van al uw vijanden rondom, in het land, dat u JAHWEH, uw God, ten erve geven zal, om hetzelfde erfelijk te bezitten, dat u de gedachtenis van Amalek van onder de hemel zult uitdelgen; vergeet het niet! Deuteronomium 29:20: JAHWEH zal hem niet willen vergeven; maar alsdan zal van JAHWEH toorn en ijver roken over dezelfde man, en al de vloek, die in dit boek geschreven is, zal op hem liggen; en JAHWEH zal zijn naam van onder de hemel uitdelgen. 2 Koningen 14:27: En JAHWEH had niet gesproken, dat Hij de naam van Israël van onder de hemel verdelgen zou; maar Hij verloste hen door de hand van Jerobeam, de zoon van Joas."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּרְדֹּ֤ף",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אַף֙",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/תַשְׁמִידֵ֔/ם",
          "strongs": "H8045",
          "morph": "HC/Vhi2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/תַּ֖חַת",
          "strongs": "H8478",
          "morph": "HR/R"
        },
        {
          "woord": "שְׁמֵ֥י",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"acrostichon\">ת Thau.</span> Vervolg ze met toorn, en vernietig<sup class=\"note-marker\" data-note=\"140\">140</sup> ze van onder de hemel van JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Thau. Vervolg ze met toorn, en verdelg<sup class=\"note-marker\" data-note=\"140\">140</sup> ze van onder den hemel des HEEREN.",
      "text1637_html": "Thau. Vervolgtse met toorn, ende verdelgtse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"140\">140</sup> van onder den hemel des HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "verdelg",
          "new": "vernietig",
          "principe": "V375"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1b"
        },
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ],
      "woordnummers": [
        {
          "tekst": "Vervolg",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H7291"
          ],
          "bronwoorden": [
            "תִּרְדֹּ֤ף"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              0
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "toorn",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H639"
          ],
          "bronwoorden": [
            "בְּ/אַף֙"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              1
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "vernietig",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8045"
          ],
          "bronwoorden": [
            "וְ/תַשְׁמִידֵ֔/ם"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              2
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "onder",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8478"
          ],
          "bronwoorden": [
            "מִ/תַּ֖חַת"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              3
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "hemel",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H8064"
          ],
          "bronwoorden": [
            "שְׁמֵ֥י"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              4
            ]
          }
        },
        {
          "tekst": "JAHWEH",
          "voorkomen": 1,
          "strongs": [
            "H3068"
          ],
          "bronwoorden": [
            "יְהוָֽה"
          ],
          "transliteraties": [
            ""
          ],
          "glossen": [
            ""
          ],
          "confidence": 1.0,
          "reviewstatus": "handmatig_gecontroleerd",
          "herkomst": {
            "dataset": "bsb-full-strongs-usj",
            "versie": "5.6",
            "sha256": "2A91258D2BD1E5D2D87B51F7BCFAA70A46796AB7FD9618018FD26C6FD162A695",
            "referentie": "LAM 3:66",
            "bronindices": [
              5
            ]
          }
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De prophete vaert voort in het beklagen van den elendigen staet des Ioodschen volcks, vers 1, etc. ende den Spot der vyanden, 14. Daerna troost hy sich met overlegginge van Godes barmherticheyt, gerechticheyt, ende voorsienicheyt, 21, etc. Hy verweckt hem selven ende alle menschen tot boete, gedult, ende het gebet tot den Heere, 40. met wederhalinge harer elenden, 43, etc. ende troost der genadiger verhooringe Godes, 55, etc. vertrouwende dat Godt wrake over hare vyanden doen soude, 64, etc.",
    "text2026": "De profeet gaat voort in het beklagen van de ellendige toestand van het Joodse volk, vers 1 enz. en van de spot van de vijanden, 14. Daarna troost hij zich met overdenking van Gods barmhartigheid, gerechtigheid en voorzienigheid, 21, enz. Hij wekt zichzelf en alle mensen op tot boete, geduld en het gebed tot de Heere, 40. met herhaling van hun ellende, 43, enz. en troost van Gods genadige verhoring, 55, enz. vertrouwend dat God wraak over hun vijanden zou doen, 64, enz."
  }
}
