{
  "number": 102,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een gebed des verdrukten, als hij overstelpt is, en zijn klacht uitstort voor het aangezicht des HEEREN.",
      "text1637": "EEn gebedt [1] des verdruckten, als hy [2] overstelpt is, ende sijne klachte [3] uyt-stort voor het aengesichte des HEEREN.",
      "text2026": "Een gebed van de verdrukten, als hij overstelpt is, en zijn klacht uitstort voor het aangezicht van JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des verdrukten: Of, voor den bedrukte. Versta hier de bedrukte en ellendige gevangenen in Babylonië.",
          "text1637": "Of, voor den bedruckten, Verstaet hier de bedruckte ende elendige gevangene in Babylonien.",
          "text2026": "van de verdrukten: Of, voor de bedrukte. Versta hier de bedrukte en ellendige gevangenen in Babylonië."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, met angst en schrik. In deze betekenis wordt het woord overstelpen ook gebruikt Ps. 61:3 , en Ps. 77:4 , en Ps. 107:5 , en Ps. 142:4 , en Ps. 143:4 . Psalmen 61:3 : Van het einde des lands roep ik tot U als mijn hart overstelpt is; leid mij op een rotssteen, die mij te hoog zou zijn. Psalmen 77:4 : Dacht ik aan God, zo maakte ik misbaar; peinsde ik, zo werd mijn ziel overstelpt. Sela. Psalmen 107:5 : Zij waren hongerig, ook dorstig; hun ziel was in hen overstelpt. Psalmen 142:4 : Als mijn geest in mij overstelpt was, zo hebt Gij mijn pad gekend. Zij hebben mij een strik verborgen op den weg, dien ik gaan zou. Psalmen 143:4 : Daarom wordt mijn geest overstelpt in mij, mijn hart is verbaasd in het midden van mij.",
          "text1637": "T.w. met angst ende schrick. In dese beteeckenisse wort het woort overstelpen oock gebruyckt, Psal. 61.3. ende 77.4. ende 107.5. ende 142.4. ende 143.4.",
          "text2026": "Te weten, met angst en schrik. In deze betekenis wordt het woord overstelpen ook gebruikt Ps. 61:3 , en Ps. 77:4 , en Ps. 107:5 , en Ps. 142:4 , en Ps. 143:4 . Psalmen 61:3 : Van het einde van het land roep ik tot U als mijn hart overstelpt is; leid mij op een rotssteen, die mij te hoog zou zijn. Psalmen 77:4 : Dacht ik aan God, zo maakte ik luid weeklagen; peinsde ik, zo werd mijn ziel overstelpt. Sela. Psalmen 107:5 : Zij waren hongerig, ook dorstig; hun ziel was in hen overstelpt. Psalmen 142:4 : Als mijn geest in mij overstelpt was, zo hebt U mijn pad gekend. Zij hebben mij een strik verborgen op de weg, die ik gaan zou. Psalmen 143:4 : Daarom wordt mijn geest overstelpt in mij, mijn hart is verbaasd in het midden van mij."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, vrijmoedig en overvloedig uit de grond des harten te kennen geeft.",
          "text1637": "D. vrymoedelick ende overvloedelick uyt den gront des herten te kennen geeft.",
          "text2026": "Dat is, vrijmoedig en overvloedig uit de grond van de harten te kennen geeft."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּ֭פִלָּה",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/עָנִ֣י",
          "strongs": "H6041",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "כִֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יַעֲטֹ֑ף",
          "strongs": "H5848",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/לִ/פְנֵ֥י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HC/R/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁפֹּ֥ךְ",
          "strongs": "H8210",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "שִׂיחֽ/וֹ",
          "strongs": "H7879",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> van de verdrukten, als hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> overstelpt is, en zijn klacht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> uitstort voor het aangezicht van JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Een gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> des verdrukten, als hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> overstelpt is, en zijn klacht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> uitstort voor het aangezicht des HEEREN.",
      "text1637_html": "EEn gebedt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> des verdruckten, als hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> overstelpt is, ende sijne klachte <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> uyt-stort voor het aengesichte des HEEREN.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des",
          "new": "van de",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des HEEREN.",
          "new": "van JAHWEH.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O HEERE! hoor mijn gebed, en laat mijn geroep tot U komen.",
      "text1637": "O HEERE, hoort mijn gebedt: ende laet mijn geroep tot u komen.",
      "text2026": "O JAHWEH! hoor mijn gebed, en laat mijn geroep tot U komen.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שִׁמְעָ֣/ה",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "תְפִלָּתִ֑/י",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/שַׁוְעָתִ֗/י",
          "strongs": "H7775",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תָבֽוֹא",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "O JAHWEH! hoor mijn gebed, en laat mijn geroep tot U komen.",
      "text1637_html": "O HEERE, hoort mijn gebedt: ende laet mijn geroep tot u komen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Verberg Uw aangezicht niet voor mij, neig Uw oor tot mij ten dage mijner benauwdheid; ten dage als ik roep, verhoor mij haastelijk.",
      "text1637": "[4] Verbergt u aengesichte niet voor my, neycht uwe oore tot my ten dage mijner benauwtheyt: ten dage als ick roepe, [5] verhoort my haestelick.",
      "text2026": "Verberg Uw aangezicht niet voor mij, neig Uw oor tot mij op de dag van mijn benauwdheid; op de dag als ik roep, verhoor mij haastig.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verberg Uw aangezicht niet voor mij: Dat is, onttrek mij Uw hulp niet. Zie de aantekening op Job 13:24 . Job 13:24 : Waarom verbergt Gij Uw aangezicht, en houdt mij voor Uw vijand?",
          "text1637": "D. en ontreckt my uwe hulpe niet. Siet de aenteeck. Iob 13. op vers 24.",
          "text2026": "Verberg Uw aangezicht niet voor mij: Dat is, onttrek mij Uw hulp niet. Zie de aantekening op Job 13:24 . Job 13:24 : Waarom verbergt U Uw aangezicht, en houdt mij voor Uw vijand?"
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "verhoor mij haastelijk: Hebr. haast, verhoor mij.",
          "text1637": "Hebr. haest, verhoort my.",
          "text2026": "verhoor mij haastig: Hebr. haast, verhoor mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַּסְתֵּ֬ר",
          "strongs": "H5641",
          "morph": "HVhj2ms"
        },
        {
          "woord": "פָּנֶ֨י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מִמֶּ/נִּי֮",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/י֪וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "צַ֫ר",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "לִ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הַטֵּֽה",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HVhv2ms"
        },
        {
          "woord": "אֵלַ֥/י",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אָזְנֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/י֥וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֶ֝קְרָ֗א",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "מַהֵ֥ר",
          "strongs": "H4118",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "עֲנֵֽ/נִי",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HVqv2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Verberg Uw aangezicht niet voor mij, neig Uw oor tot mij op de dag van mijn benauwdheid; op de dag als ik roep,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verhoor mij haastig.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Verberg Uw aangezicht niet voor mij, neig Uw oor tot mij ten dage mijner benauwdheid; ten dage als ik roep,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verhoor mij haastelijk.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Verbergt u aengesichte niet voor my, neycht uwe oore tot my ten dage mijner benauwtheyt: ten dage als ick roepe, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verhoort my haestelick.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ten dage mijner",
          "new": "op de dag van mijn",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "ten dage",
          "new": "op de dag",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "haastelijk.",
          "new": "haastig.",
          "principe": "V56"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Want mijn dagen zijn vergaan als rook, en mijn gebeenten zijn uitgebrand als een haard.",
      "text1637": "Want [6] mijne dagen zijn vergaen, [a] [7] als roock: ende mijne gebeenten zijn uytgebrant [8] als een heert.",
      "text2026": "Want mijn dagen zijn vergaan als rook, en mijn gebeenten zijn uitgebrand als een haard.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn dagen: Te weten, de dagen mijns levens.",
          "text1637": "T.w. de dagen mijnes levens.",
          "text2026": "mijn dagen: Te weten, de dagen mijns levens."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 37:20 . Psalmen 37:20 : Caph. Maar de goddelozen zullen vergaan, en de vijanden des HEEREN zullen verdwijnen, als het kostelijkste der lammeren; met den rook zullen zij verdwijnen.",
          "text1637": "Psal. 30.20.",
          "text2026": "Ps. 37:20 . Psalmen 37:20 : Caph. Maar de goddelozen zullen vergaan, en de vijanden van JAHWEH zullen verdwijnen, als het kostelijkste van de lammeren; met de rook zullen zij verdwijnen."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als rook: Anders, in of tot rook.",
          "text1637": "And. In, of tot roock.",
          "text2026": "als rook: Anders, in of tot rook."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als een haard: Anders: als een brandend vuur aan den haard. Zie Job 21:24 . Job 21:24 : Zijn melkvaten waren vol melk, en het merg zijner benen was bevochtigd.",
          "text1637": "And. Als eenen brant vyers aen den heert. Siet Iob 21. op vers 24.",
          "text2026": "als een haard: Anders: als een brandend vuur aan de haard. Zie Job 21:24 . Job 21:24 : Zijn melkvaten waren vol melk, en het merg zijn benen was bevochtigd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "כָל֣וּ",
          "strongs": "H3615",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "בְ/עָשָׁ֣ן",
          "strongs": "H6227",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יָמָ֑/י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/עַצְמוֹתַ֗/י",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HC/Ncfpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/מוֹ",
          "strongs": "H3644",
          "morph": "HR/Pf"
        },
        {
          "woord": "קֵ֥ד",
          "strongs": "H4168",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נִחָֽרוּ",
          "strongs": "H2787",
          "morph": "HVNp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> mijn dagen zijn vergaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> als rook, en mijn gebeenten zijn uitgebrand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> als een haard.",
      "textSV1888_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> mijn dagen zijn vergaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> als rook, en mijn gebeenten zijn uitgebrand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> als een haard.",
      "text1637_html": "Want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> mijne dagen zijn vergaen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> als roock: ende mijne gebeenten zijn uytgebrant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> als een heert."
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Mijn hart is geslagen en verdord als gras, zodat ik vergeten heb mijn brood te eten.",
      "text1637": "Mijn herte is geslagen ende verdorret, [9] als gras, [so] [10] dat ick vergeten hebbe mijn broot te eten.",
      "text2026": "Mijn hart is geslagen en verdord als gras, zodat ik vergeten heb mijn brood te eten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als gras: Hetwelk afgemaaid zijnde verdroogt en hop wordt.",
          "text1637": "’T welck af-gemaeyt zijnde verdroocht, ende ’t wort hoy.",
          "text2026": "als gras: Dat afgemaaid zijnde verdroogt en hop wordt."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zodat ik vergeten heb: Hij wil zeggen, Ik heb geen lust gehad mijn nooddruft te nemen, of enig voedsel te gebruiken.",
          "text1637": "Hy wil seggen, Ick en hebbe geenen lust gehadt mijnen nootdurft te nemen, ofte eenich voetsel te gebruycken.",
          "text2026": "zodat ik vergeten heb: Hij wil zeggen, Ik heb geen lust gehad mijn nooddruft te nemen, of enig voedsel te gebruiken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הוּכָּֽה",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HVHp3ms"
        },
        {
          "woord": "כָ֭/עֵשֶׂב",
          "strongs": "H6212",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּבַ֣שׁ",
          "strongs": "H3001",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "לִבִּ֑/י",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֝כַ֗חְתִּי",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֲכֹ֥ל",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "לַחְמִֽ/י",
          "strongs": "H3899",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn hart is geslagen en verdord<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> als gras,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> zodat ik vergeten heb mijn brood te eten.",
      "textSV1888_html": "Mijn hart is geslagen en verdord<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> als gras,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> zodat ik vergeten heb mijn brood te eten.",
      "text1637_html": "Mijn herte is geslagen ende verdorret, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> als gras, [so] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> dat ick vergeten hebbe mijn broot te eten."
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Mijn gebeente kleeft aan mijn vlees, vanwege de stem mijns zuchtens.",
      "text1637": "Mijn gebeente kleeft [11] aen mijn vleesch, [12] van wegen de stemme mijnes suchtens.",
      "text2026": "Mijn gebeente kleeft aan mijn vlees, vanwege de stem van mijn gezucht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "aan mijn vlees: Dat is, aan mijn vel. Hij wil zeggen: Ik ben zo uitgeteerd dat ik maar vel over been ben. Zie Job 19:20 ; Klaagl. 4:8 . Job 19:20 : Mijn gebeente kleeft aan mijn huid en aan mijn vlees; en ik ben ontkomen met de huid mijner tanden. Klaagliederen 4:8 : Cheth. Maar nu is hun gedaante verduisterd van zwartigheid, men kent hen niet op de straten; hun huid kleeft aan hun beenderen, zij is verdord, zij is geworden als een hout.",
          "text1637": "D. Aen mijn vel. hy wil seggen, Ick ben so uytgeteert, dat ick maer vel en been hebbe. Siet Iob 19. op vers 20. Thren. 4. vers 8.",
          "text2026": "aan mijn vlees: Dat is, aan mijn vel. Hij wil zeggen: Ik ben zo uitgeteerd dat ik maar vel over been ben. Zie Job 19:20 ; Klaagl. 4:8 . Job 19:20 : Mijn gebeente kleeft aan mijn huid en aan mijn vlees; en ik ben ontkomen met de huid mijn tanden. Klaagliederen 4:8 : Cheth. Maar nu is hun gedaante verduisterd van zwartigheid, men kent hen niet op de straten; hun huid kleeft aan hun beenderen, zij is verdord, zij is geworden als een hout."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vanwege de stem mijns zuchtens: Dat is, vanwege mijn zuchten, dat met geluid en geschrei dagelijks geschiedt.",
          "text1637": "D. van wegen mijn suchten dat met geluyt ende geschrey dagelicks geschiet.",
          "text2026": "vanwege de stem mijns zuchtens: Dat is, vanwege mijn zuchten, dat met geluid en geschrei dagelijks geschiedt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/קּ֥וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אַנְחָתִ֑/י",
          "strongs": "H585",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "דָּבְקָ֥ה",
          "strongs": "H1692",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "עַ֝צְמִ֗/י",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לִ/בְשָׂרִֽ/י",
          "strongs": "H1320",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn gebeente kleeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> aan mijn vlees,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vanwege de stem van mijn gezucht.",
      "textSV1888_html": "Mijn gebeente kleeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> aan mijn vlees,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> vanwege de stem mijns zuchtens.",
      "text1637_html": "Mijn gebeente kleeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> aen mijn vleesch, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> van wegen de stemme mijnes suchtens.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "mijns zuchtens.",
          "new": "van mijn gezucht.",
          "principe": "V213"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Ik ben een roerdomp der woestijn gelijk geworden, ik ben geworden als een steenuil der wildernissen.",
      "text1637": "Ick [13] ben een roerdomp der woestijne gelijck geworden, ick ben geworden als een steen-uyl der wildernissen.",
      "text2026": "Ik ben een roerdomp van de woestijn gelijk geworden, ik ben geworden als een steenuil van de wildernissen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, ik ben gedrongen alleen en eenzaam te blijven, van alle mensen verlaten zijnde en ik sla schrikkelijk geluid, gelijk de roerdomp en de uilen doen; Job 30:29 . Job 30:29 : Ik ben den draken een broeder geworden, en een metgezel der jonge struisen.",
          "text1637": "D. ick ben gedrongen alleen ende eensaem te blijven, van alle menschen verlaten zijnde, ende ick slae schrickelick geluyt, gelijck de Roerdomp ende de Uylen doen. Iob 30.29.",
          "text2026": "Dat is, ik ben gedrongen alleen en eenzaam te blijven, van alle mensen verlaten zijnde en ik sla schrikkelijk geluid, gelijk de roerdomp en de uilen doen; Job 30:29 . Job 30:29 : Ik ben de draken een broer geworden, en een metgezel van de jonge struisen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דָּ֭מִיתִי",
          "strongs": "H1819",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "לִ/קְאַ֣ת",
          "strongs": "H6893",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "מִדְבָּ֑ר",
          "strongs": "H4057",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "הָ֝יִ֗יתִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/כ֣וֹס",
          "strongs": "H3563",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "חֳרָבֽוֹת",
          "strongs": "H2723",
          "morph": "HNcfpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> ben een roerdomp van de woestijn gelijk geworden, ik ben geworden als een steenuil van de wildernissen.",
      "textSV1888_html": "Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> ben een roerdomp der woestijn gelijk geworden, ik ben geworden als een steenuil der wildernissen.",
      "text1637_html": "Ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> ben een roerdomp der woestijne gelijck geworden, ick ben geworden als een steen-uyl der wildernissen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Ik waak, en ben geworden als een eenzame mus op het dak.",
      "text1637": "[14] Ick wake, ende ben geworden [15] als een eensame mussche op het dack.",
      "text2026": "Ik waak, en ben geworden als een eenzame mus op het dak.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik waak: Ik kan niet slapen.",
          "text1637": "Ick en kan niet slapen.",
          "text2026": "Ik waak: Ik kan niet slapen."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een eenzame mus: Dat is, gelijk een mus, die haar wederpaar verloren heeft.",
          "text1637": "D. als een mussche die haer wederpaer verloren heeft.",
          "text2026": "een eenzame mus: Dat is, gelijk een mus, die haar wederpaar verloren heeft."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שָׁקַ֥דְתִּי",
          "strongs": "H8245",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "וָ/אֶֽהְיֶ֑ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqw1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ֝/צִפּ֗וֹר",
          "strongs": "H6833",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "בּוֹדֵ֥ד",
          "strongs": "H909",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גָּֽג",
          "strongs": "H1406",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ik waak, en ben geworden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> als een eenzame mus op het dak.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ik waak, en ben geworden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> als een eenzame mus op het dak.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ick wake, ende ben geworden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> als een eensame mussche op het dack."
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Mijn vijanden smaden mij al den dag; die tegen mij razen, zweren bij mij.",
      "text1637": "[16] Mijne vyanden smaden my al den dach: die [tegen] my [17] rasen, [18] sweeren by my.",
      "text2026": "Mijn vijanden smaden mij al de dag; die tegen mij razen, zweren bij mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Mijn vijanden: Te weten, de Babyloniërs, of Chaldeeën.",
          "text1637": "T.w. de Babyloniers, ofte Chaldeen.",
          "text2026": "Mijn vijanden: Te weten, de Babyloniërs, of Chaldeeën."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie de aantekening bij Ps. 5:6 . Psalmen 5:6 : De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; Gij haat alle werkers der ongerechtigheid.",
          "text1637": "Siet d’aenteeck. Psal. 5. op vers 6.",
          "text2026": "Zie de aantekening bij Ps. 5:6 . Psalmen 5:6 : De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; U haat alle werkers van de ongerechtigheid."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zweren bij mij: Dat is, als zij zweren dat zij iemand kwalijk behandelen zullen, zo dreigen zij dat zij hem zo zullen africhten, dat hij mij zal gelijk worden. Of, zij gebruiken mijnen naam tot een formulier van vervloekingen. Verg. Num. 5:21 ; Jes. 65:15 ; Jer. 29:22 , met de aantekening. Anders: zweren tegen mij. Numeri 5:21 : (Dan zal de priester die vrouw met den eed der vervloeking beëdigen, en de priester zal tot die vrouw zeggen:) De HEERE zette u tot een vloek, en tot een eed, in het midden uws volks, mits dat de HEERE uw heup vervallende, en uw buik zwellende make; Jesaja 65:15 : En gijlieden zult uw naam Mijn uitverkorenen tot een vervloeking laten; en de Heere HEERE zal ulieden doden, maar Zijn knechten zal Hij met een anderen naam noemen; Jeremia 29:22 : En van hen zal een vloek genomen worden bij al de gevankelijk weggevoerden van Juda, die in Babel zijn, dat men zegge: De HEERE stelle u als Zedekia, en als Achab, die de koning van Babel aan het vuur braadde;",
          "text1637": "D. als sy sweeren, dat sy yemant qualick tracteren sullen, so dreygen sy, dat sy hem soo sullen africhten, dat hy my sal gelijck worden. Ofte, sy gebruycken mijnen name tot een formulier van vervloeckinge. Vergelijckt Num. 5.21. Iesa. 65.15. Ierem. 29.22. met d’aenteeckeninge. and. sweeren tegen my.",
          "text2026": "zweren bij mij: Dat is, als zij zweren dat zij iemand kwalijk behandelen zullen, zo dreigen zij dat zij hem zo zullen africhten, dat hij mij zal gelijk worden. Of, zij gebruiken mijn naam tot een formulier van vervloekingen. Verg. Num. 5:21 ; Jes. 65:15 ; Jer. 29:22 , met de aantekening. Anders: zweren tegen mij. Numeri 5:21 : (Dan zal de priester die vrouw met de eed van de vervloeking beëdigen, en de priester zal tot die vrouw zeggen:) JAHWEH zette u tot een vloek, en tot een eed, in het midden uws volks, mits dat JAHWEH uw heup vervallende, en uw buik zwellende make; Jesaja 65:15 : En u zult uw naam Mijn uitverkorenen tot een vervloeking laten; en de Heer JAHWEH zal u doden, maar Zijn knechten zal Hij met een anderen naam noemen; Jeremia 29:22 : En van hen zal een vloek genomen worden bij al de gevankelijk weggevoerden van Juda, die in Babel zijn, dat men zegge: JAHWEH stelle u als Zedekia, en als Achab, die de koning van Babel aan het vuur braadde;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ֭/יּוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חֵרְפ֣וּ/נִי",
          "strongs": "H2778",
          "morph": "HVpp3cp/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אוֹיְבָ֑/י",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מְ֝הוֹלָלַ֗/י",
          "strongs": "H1984",
          "morph": "HVMsmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בִּ֣/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נִשְׁבָּֽעוּ",
          "strongs": "H7650",
          "morph": "HVNp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Mijn vijanden smaden mij al de dag; die tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> razen, zweren bij mij.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Mijn vijanden smaden mij al den dag; die tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> razen, zweren bij mij.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Mijne vyanden smaden my al den dach: die [tegen] my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> rasen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> sweeren by my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Want ik eet as als brood, en vermeng mijn drank met tranen.",
      "text1637": "Want [19] ick ete assche als broot: ende vermenge [20] mijnen dranck met tranen,",
      "text2026": "Want ik eet as als brood, en vermeng mijn drank met tranen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ik eet as als brood: Hij wil zeggen: Dewijl ik rouw dragende in de as lig, zo gebeurt het dikwijls dat ik as eet met mijne spijs. Anders, ik ben zo bedroefd dat ik niet meer lust of smaak in het brood of andere spijs vind, dan of ik as at.",
          "text1637": "Hy wil seggen, dewijle ick rouwe dragende in d’assche ligge, so gebeurt het dickwils, dat ick assche ete met mijne spijse. And. Ick ben soo bedroeft, dat ick niet meer lust noch smaeck in het broot, of andere spijse en vinde, dan of ick assche ate.",
          "text2026": "ik eet as als brood: Hij wil zeggen: Omdat ik rouw dragende in de as lig, zo gebeurt het dikwijls dat ik as eet met mijn voedsel. Anders, ik ben zo bedroefd dat ik niet meer lust of smaak in het brood of andere voedsel vind, dan of ik as at."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn drank: Hebreeuws, mijne dranken, dat is, al wat ik drink.",
          "text1637": "Hebr. mijne drancken. D. al wat ick drincke.",
          "text2026": "mijn drank: Hebreeuws, mijn dranken, dat is, al wat ik drink."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֵ֭פֶר",
          "strongs": "H665",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כַּ/לֶּ֣חֶם",
          "strongs": "H3899",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אָכָ֑לְתִּי",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/שִׁקֻּוַ֗/י",
          "strongs": "H8249",
          "morph": "HC/Ncmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בִּ/בְכִ֥י",
          "strongs": "H1065",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "מָסָֽכְתִּי",
          "strongs": "H4537",
          "morph": "HVqp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> ik eet as als brood, en vermeng<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijn drank met tranen.",
      "textSV1888_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> ik eet as als brood, en vermeng<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijn drank met tranen.",
      "text1637_html": "Want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> ick ete assche als broot: ende vermenge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijnen dranck met tranen,"
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Vanwege Uw verstoordheid en Uw groten toorn; want Gij hebt mij verheven, en mij weder nedergeworpen.",
      "text1637": "Van [21] wegen uwe verstoortheyt ende uwen grooten toorn: want ghy hebt my verheven, ende my [weder] neder geworpen.",
      "text2026": "Vanwege Uw verstoordheid en Uw grote toorn; want U hebt mij verheven, en mij weer neergeworpen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vanwege uw verstoordheid: Hebreeuws, פְּנֵֽי, van het aangezicht Uwer verstoordheid .",
          "text1637": "Hebr. van het aengesichte uwer verstoortheyt.",
          "text2026": "Vanwege uw verstoordheid: Hebreeuws, פְּנֵֽי, van het aangezicht Uw verstoordheid ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵֽי",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "זַֽעַמְ/ךָ֥",
          "strongs": "H2195",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/קִצְפֶּ֑/ךָ",
          "strongs": "H7110",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "נְ֝שָׂאתַ֗/נִי",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqp2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/תַּשְׁלִיכֵֽ/נִי",
          "strongs": "H7993",
          "morph": "HC/Vhw2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Vanwege<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Uw verstoordheid en Uw grote toorn; want U hebt mij verheven, en mij weer neergeworpen.",
      "textSV1888_html": "Vanwege<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Uw verstoordheid en Uw groten toorn; want Gij hebt mij verheven, en mij weder nedergeworpen.",
      "text1637_html": "Van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> wegen uwe verstoortheyt ende uwen grooten toorn: want ghy hebt my verheven, ende my [weder] neder geworpen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "groten",
          "new": "grote",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "weder nedergeworpen.",
          "new": "weer neergeworpen.",
          "principe": "V66"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Mijn dagen zijn als een afgaande schaduw, en ik verdor als gras.",
      "text1637": "[22] Mijne dagen zijn [23] als een afgaende schaduwe: ende ick verdorre [24] als gras.",
      "text2026": "Mijn dagen zijn als een afgaande schaduw, en ik verdor als gras.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Mijn dagen: De dagen mijns levens.",
          "text1637": "De dagen mijnes levens.",
          "text2026": "Mijn dagen: De dagen mijns levens."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als een afgaande schaduw: Te weten, als de zon ondergaat is de schaduw wel lang uitgestrekt, maar zij blijft niet lang, alzo de nacht straks daarop volgt; Ps. 109:23 , en Ps. 144:4 . Psalmen 109:23 : Ik ga heen gelijk een schaduw, wanneer zij zich neigt; ik worde omgedreven als een sprinkhaan. Psalmen 144:4 : De mens is der ijdelheid gelijk; zijn dagen zijn als een voorbijgaande schaduw.",
          "text1637": "Te weten, Als de sonne onder gaet: alsdan is de schaduwe wel lanck uytgestreckt, maer sy en blijft niet lange, also de nacht stracks daer op volcht. Psal. 109.23. ende 144.4.",
          "text2026": "als een afgaande schaduw: Te weten, als de zon ondergaat is de schaduw wel lang uitgestrekt, maar zij blijft niet lang, zo de nacht straks daarop volgt; Ps. 109:23 , en Ps. 144:4 . Psalmen 109:23 : Ik ga heen gelijk een schaduw, wanneer zij zich neigt; ik worde omgedreven als een sprinkhaan. Psalmen 144:4 : De mens is van de ijdelheid gelijk; zijn dagen zijn als een voorbijgaande schaduw."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als gras: Zie vers 5 . Psalmen 102:5 : Mijn hart is geslagen en verdord als gras, zodat ik vergeten heb mijn brood te eten.",
          "text1637": "Siet vers 5.",
          "text2026": "als gras: Zie vers 5 . Psalmen 102:5 : Mijn hart is geslagen en verdord als gras, zodat ik vergeten heb mijn brood te eten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָ֭מַ/י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/צֵ֣ל",
          "strongs": "H6738",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נָט֑וּי",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HVqsmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ֝/אֲנִ֗י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָּ/עֵ֥שֶׂב",
          "strongs": "H6212",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אִיבָֽשׁ",
          "strongs": "H3001",
          "morph": "HVqi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Mijn dagen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> als een afgaande schaduw, en ik verdor<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> als gras.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Mijn dagen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> als een afgaande schaduw, en ik verdor<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> als gras.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Mijne dage<i>n</i> zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> als een afgaende schaduwe: ende ick verdorre <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> als gras."
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Maar Gij, HEERE! blijft in eeuwigheid, en Uw gedachtenis van geslacht tot geslacht.",
      "text1637": "Maer ghy HEERE, blijft in eeuwicheyt, ende [25] uwe gedachtenisse van geslachte tot geslachten.",
      "text2026": "Maar U, JAHWEH! blijf in eeuwigheid, en Uw herinnering van geslacht tot geslacht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw gedachtenis: Te weten, de gedachtenis Uwer heerlijker werken en weldaden, die Gij voormaals Uw volk gedaan en bewezen hebt. Zie Exod. 3:15 en Psalm 135:13 . Exodus 3:15 : Toen zeide God verder tot Mozes: Aldus zult gij tot de kinderen Israëls zeggen: De HEERE, de God uwer vaderen, de God van Abraham, de God van Izak, en de God van Jakob, heeft mij tot ulieden gezonden; dat is Mijn Naam eeuwiglijk, en dat is Mijn gedachtenis van geslacht tot geslacht. Psalmen 135:13 : O HEERE! Uw Naam is in eeuwigheid; HEERE! Uw gedachtenis is van geslacht tot geslacht.",
          "text1637": "T.w. de gedachtenisse uwer heerlicker wercken ende weldaden, die ghy voormaels uwen volcke gedaen ende bewesen hebt. Siet Exod. 3.15. ende Psal. 135.13.",
          "text2026": "Uw gedachtenis: Te weten, de gedachtenis Uw heerlijker werken en weldaden, die U voormaals Uw volk gedaan en bewezen hebt. Zie Ex. 3:15 en Psalm 135:13 . Exodus 3:15 : Toen zei God verder tot Mozes: Aldus zult u tot de kinderen van Israël zeggen: JAHWEH, de God uw vaders, de God van Abraham, de God van Izak, en de God van Jakob, heeft mij tot u gezonden; dat is Mijn Naam eeuwig, en dat is Mijn gedachtenis van geslacht tot geslacht. Psalmen 135:13 : O JAHWEH! Uw Naam is in eeuwigheid; JAHWEH! Uw gedachtenis is van geslacht tot geslacht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֣ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תֵּשֵׁ֑ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/זִכְרְ/ךָ֗",
          "strongs": "H2143",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/דֹ֣ר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/דֹֽר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar U, JAHWEH! blijf in eeuwigheid, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Uw herinnering van geslacht tot geslacht.",
      "textSV1888_html": "Maar Gij, HEERE! blijft in eeuwigheid, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Uw gedachtenis van geslacht tot geslacht.",
      "text1637_html": "Maer ghy HEERE, blijft in eeuwicheyt, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> uwe gedachtenisse van geslachte tot geslachten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij, HEERE! blijft",
          "new": "U, JAHWEH! blijf",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "gedachtenis",
          "new": "herinnering",
          "principe": "V366"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Gij zult opstaan, Gij zult U ontfermen over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de bestemde tijd is gekomen.",
      "text1637": "Ghy sult opstaen, ghy sult u ontfermen [26] over Zion, want de tijt om haer genadich te zijn, want de [27] bestemde tijt is gekomen.",
      "text2026": "U zult opstaan, U zult U ontfermen over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de bestemde tijd is gekomen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "over Sion: Dat is, over Uw volk, en de stad Jeruzalem.",
          "text1637": "D. over u volck, ende de Stadt Ierusalem.",
          "text2026": "over Sion: Dat is, over Uw volk, en de stad Jeruzalem."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "bestemde tijd: Te weten, de tijd van de zeventig jaren onzer gevangenschap, door uwe profeten voorzegd. Zie 2 Kron. 36:21 ; Jer. 25:12 , en Jer. 29:10 ; Dan. 9:2 , 9:24 , 9:25 . Immers, uit de laatste woorden van dit vers blijkt genoegzaam dat deze psalm geschreven is op het einde van de Babylonische gevangenschap. 2 Kronieken 36:21 : Opdat het woord des HEEREN vervuld wierd, door den mond van Jeremia, totdat het land aan zijn sabbatten een welgevallen had; het rustte al de dagen der verwoesting, totdat de zeventig jaren vervuld waren. Jeremia 25:12 : Maar het zal geschieden, als de zeventig jaren vervuld zijn, dan zal Ik over den koning van Babel, en over dat volk, spreekt de HEERE, hun ongerechtigheid bezoeken, mitsgaders over het land der Chaldeeën, en zal dat stellen tot eeuwige verwoestingen. Jeremia 29:10 : Want zo zegt de HEERE: Zekerlijk, als zeventig jaren te Babel zullen vervuld zijn, zal Ik ulieden bezoeken, en Ik zal Mijn goed woord over u verwekken, u wederbrengende tot deze plaats. Daniël 9:2 : In het eerste jaar zijner regering, merkte ik, Daniël, in de boeken, dat het getal der jaren, van dewelke het woord des HEEREN tot den profeet Jeremia geschied was, in het vervullen der verwoestingen van Jeruzalem, zeventig jaren was. Daniël 9:24 : Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en den profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden te zalven. Daniël 9:25 : Weet dan, en versta: van den uitgang des woords, om te doen wederkeren, en om Jeruzalem te bouwen, tot op Messias, den Vorst, zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten, en de grachten zullen wederom gebouwd worden, doch in benauwdheid der tijden.",
          "text1637": "T.w. de tijt van de lxx jaren onser gevanckenisse, door uwe Propheten voorseyt. Siet 2.Chron. 36.21. Ierem. 25.12. ende 29.10. Dan. 9. versen 2, 24, 25. Immers uyt de laetste woorden deses vers blijckt genoechsaem, dat desen Psalm beschreven is op het eynde van de Babylonische gevanckenisse.",
          "text2026": "bestemde tijd: Te weten, de tijd van de zeventig jaren onzer gevangenschap, door uw profeten voorzegd. Zie 2 Kron. 36:21 ; Jer. 25:12 , en Jer. 29:10 ; Dan. 9:2 , 9:24 , 9:25 . Immers, uit de laatste woorden van dit vers blijkt genoegzaam dat deze psalm geschreven is op het einde van de Babylonische gevangenschap. 2 Kronieken 36:21 : Opdat het woord van JAHWEH vervuld wierd, door de mond van Jeremia, totdat het land aan zijn sabbatten een welgevallen had; het rustte al de dagen van de verwoesting, totdat de zeventig jaren vervuld waren. Jeremia 25:12 : Maar het zal gebeuren, als de zeventig jaren vervuld zijn, dan zal Ik over de koning van Babel, en over dat volk, spreekt JAHWEH, hun ongerechtigheid bezoeken, en ook over het land van de Chaldeeën, en zal dat stellen tot eeuwige verwoestingen. Jeremia 29:10 : Want zo zegt JAHWEH: Zekerlijk, als zeventig jaren te Babel zullen vervuld zijn, zal Ik u bezoeken, en Ik zal Mijn goed woord over u verwekken, u wederbrengende tot deze plaats. Daniël 9:2 : In het eerste jaar zijn regering, merkte ik, Daniël, in de boeken, dat het getal van de jaren, van die het woord van JAHWEH tot de profeet Jeremia geschied was, in het vervullen van de verwoestingen van Jeruzalem, zeventig jaren was. Daniël 9:24 : Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en de profeet te verzegelen, en om de heiligheid van de heiligheden te zalven. Daniël 9:25 : Weet dan, en versta: van de uitgang van het woord, om te doen terugkeren, en om Jeruzalem te bouwen, tot op Messias, de Vorst, zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten, en de grachten zullen opnieuw gebouwd worden, maar in benauwdheid van de tijden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַתָּ֣ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "תָ֭קוּם",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "תְּרַחֵ֣ם",
          "strongs": "H7355",
          "morph": "HVpi2ms"
        },
        {
          "woord": "צִיּ֑וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "עֵ֥ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "לְ֝/חֶֽנְנָ֗/הּ",
          "strongs": "H2603",
          "morph": "HR/Vqc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָ֥א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מוֹעֵֽד",
          "strongs": "H4150",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U zult opstaan, U zult U ontfermen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> bestemde tijd is gekomen.",
      "textSV1888_html": "Gij zult opstaan, Gij zult U ontfermen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> bestemde tijd is gekomen.",
      "text1637_html": "Ghy sult opstaen, ghy sult u ontfermen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> over Zion, want de tijt om haer genadich te zijn, want de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> bestemde tijt is gekomen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Want Uw knechten hebben een welgevallen aan haar stenen, en hebben medelijden met haar gruis.",
      "text1637": "Want [28] uwe knechten [29] hebben een welgevallen aen hare steenen, ende [30] hebben mede lijden met haer [31] gruys.",
      "text2026": "Want Uw knechten hebben een welgevallen aan haar stenen, en hebben medelijden met haar gruis.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw knechten: Dat is, wij Joden, Neh. 1:3 , Neh. 2:3 en Neh. 4:2 . Nehemia 1:3 : En zij zeiden tot mij: De overgeblevenen, die van de gevangenis aldaar in het landschap zijn overgebleven, zijn in grote ellende en in versmaadheid; en Jeruzalems muur is verscheurd, en haar poorten zijn met vuur verbrand. Nehemia 2:3 : En ik zeide tot de koning: De koning leve in eeuwigheid! Hoe zou mijn aangezicht niet treurig zijn, daar de stad, de plaats der begrafenissen mijner vaderen, woest is, en haar poorten met vuur verteerd zijn? Nehemia 4:2 : En sprak in de tegenwoordigheid zijner broederen en van het heir van Samaria, en zeide: Wat doen deze amechtige Joden? Zal men hen laten geworden? Zullen zij offeren? Zullen zij het in een dag voleinden? Zullen zij de steentjes uit de stofhopen levend maken, daar zij verbrand zijn?",
          "text1637": "D. wy Ioden. Nehem. 1.3. ende 2.3. ende 4.2.",
          "text2026": "Uw knechten: Dat is, wij Joden, Neh. 1:3 , Neh. 2:3 en Neh. 4:2 . Nehemia 1:3 : En zij zeiden tot mij: De overgeblevenen, die van de gevangenis daar in het landschap zijn overgebleven, zijn in grote ellende en in versmaadheid; en Jeruzalems muur is verscheurd, en haar poorten zijn met vuur verbrand. Nehemia 2:3 : En ik zei tot de koning: De koning leve in eeuwigheid! Hoe zou mijn aangezicht niet treurig zijn, daar de stad, de plaats van de begrafenissen mijn vaders, woest is, en haar poorten met vuur verteerd zijn? Nehemia 4:2 : En sprak in de aanwezigheid zijn broers en van het legermacht van Samaria, en zei: Wat doen deze amechtige Joden? Zal men hen laten geworden? Zullen zij offeren? Zullen zij het in een dag voltooien? Zullen zij de steentjes uit de stofhopen levend maken, daar zij verbrand zijn?"
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een welgevallen aan haar stenen: Dat is, zij zagen zeer gaarne dat de stad Jeruzalem weder opgebouwd werd, en hebben grote droefheid daarover, dat zij tot een steenhoop gemaakt is.",
          "text1637": "D. Sy sagen seer geerne, dat de Stadt van Ierusalem weder op getimmert werde, ende hebben groote droefheyt daer over, datse tot eenen steen-hoop gemaeckt is.",
          "text2026": "een welgevallen aan haar stenen: Dat is, zij zagen zeer graag dat de stad Jeruzalem weer opgebouwd werd, en hebben grote verdriet daarover, dat zij tot een steenhoop gemaakt is."
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "hebben medelijden: Dat is, het doet hun wee dat de stad en tempel aldus verwoest blijven liggen.",
          "text1637": "D. het doet haer wee, dat de Stadt ende de Tempel aldus verwoest blijven liggen.",
          "text2026": "hebben medelijden: Dat is, het doet hun wee dat de stad en tempel aldus verwoest blijven liggen."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, steenmul, of puin.",
          "text1637": "Of steen-mul, of puyne.",
          "text2026": "Of, steenmul, of puin."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רָצ֣וּ",
          "strongs": "H7521",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עֲ֭בָדֶי/ךָ",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אֲבָנֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H68",
          "morph": "HNcfpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "עֲפָרָ֥/הּ",
          "strongs": "H6083",
          "morph": "HNcmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "יְחֹנֵֽנוּ",
          "strongs": "H2603",
          "morph": "HVmi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Uw knechten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> hebben een welgevallen aan haar stenen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> hebben medelijden met haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> gruis.",
      "textSV1888_html": "Want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Uw knechten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> hebben een welgevallen aan haar stenen, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> hebben medelijden met haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> gruis.",
      "text1637_html": "Want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> uwe knechten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> hebben een welgevallen aen hare steenen, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> hebben mede lijden met haer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> gruys."
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Dan zullen de heidenen den Naam des HEEREN vrezen, en alle koningen der aarde Uw heerlijkheid.",
      "text1637": "Dan sullen [32] de heydenen den Name des HEEREN vreesen: ende alle Coningen der aerde uwe heerlickheyt.",
      "text2026": "Dan zullen de heidenen de Naam van JAHWEH vrezen, en alle koningen van de aarde Uw heerlijkheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten zij, die de wonderbaarlijke verlossing uws volks en de volvoering uwer beloften zullen zien.",
          "text1637": "T.w. die, die de wonderbaerlicke verlossinge uwes volcks, ende de volvoeringe uwer beloften sien sullen.",
          "text2026": "Te weten zij, die de wonderbaarlijke verlossing uws volks en de volvoering uw beloften zullen zien."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/יִֽירְא֣וּ",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        },
        {
          "woord": "ג֭וֹיִם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "שֵׁ֣ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מַלְכֵ֥י",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הָ֝/אָ֗רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "כְּבוֹדֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H3519",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Dan zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> de heidenen de Naam van JAHWEH vrezen, en alle koningen van de aarde Uw heerlijkheid.",
      "textSV1888_html": "Dan zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> de heidenen den Naam des HEEREN vrezen, en alle koningen der aarde Uw heerlijkheid.",
      "text1637_html": "Dan sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> de heydenen den Name des HEEREN vreesen: ende alle Coningen der aerde uwe heerlickheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Als de HEERE Sion zal opgebouwd hebben, in Zijn heerlijkheid zal verschenen zijn,",
      "text1637": "Als de HEERE Zion zal opgebouwt hebben, in sijne heerlickheyt sal verschenen zijn,",
      "text2026": "Als JAHWEH Sion zal opgebouwd hebben, in Zijn heerlijkheid zal verschenen zijn,",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בָנָ֣ה",
          "strongs": "H1129",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צִיּ֑וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נִ֝רְאָ֗ה",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ/כְבוֹדֽ/וֹ",
          "strongs": "H3519",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Als JAHWEH Sion zal opgebouwd hebben, in Zijn heerlijkheid zal verschenen zijn,",
      "text1637_html": "Als de HEERE Zion zal opgebouwt hebben, in sijne heerlickheyt sal verschenen zijn,",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Zich gewend zal hebben tot het gebed desgenen, die gans ontbloot is, en niet versmaad hebben hunlieder gebed;",
      "text1637": "Hem gewendet sal hebben tot het gebedt [33] des genen die gantsch ontblootet is: ende niet versmaedt hebben haerlieder gebedt.",
      "text2026": "Zich gewend zal hebben tot het gebed van degene, die geheel berooid is, en niet versmaad hebben hun gebed;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta hier, de arme Joden, die in de Babylonische gevangenschap waren.",
          "text1637": "Verst. hier de arme Ioden, die in de Babylonische gevanckenisse waren.",
          "text2026": "Versta hier, de arme Joden, die in de Babylonische gevangenschap waren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פָּ֭נָה",
          "strongs": "H6437",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלַּ֣ת",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עַרְעָ֑ר",
          "strongs": "H6199",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "בָ֝זָ֗ה",
          "strongs": "H959",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּתָֽ/ם",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zich gewend zal hebben tot het gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> van degene, die geheel berooid is, en niet versmaad hebben hun gebed;",
      "textSV1888_html": "Zich gewend zal hebben tot het gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> desgenen, die gans ontbloot is, en niet versmaad hebben hunlieder gebed;",
      "text1637_html": "Hem gewendet sal hebben tot het gebedt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> des genen die gantsch ontblootet is: ende niet versmaedt hebben haerlieder gebedt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "desgenen,",
          "new": "van degene,",
          "principe": "O14"
        },
        {
          "old": "gans ontbloot",
          "new": "geheel berooid",
          "principe": "V414"
        },
        {
          "old": "hunlieder",
          "new": "hun",
          "principe": "V329"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Dat zal geschreven worden voor het navolgende geslacht; en het volk, dat geschapen zal worden, zal den HEERE loven;",
      "text1637": "[34] Dat sal beschreven worden voor het navolgende geslachte, ende ’t volck [35] dat geschapen sal worden, sal den HEERE loven.",
      "text2026": "Dat zal geschreven worden voor het navolgende geslacht; en het volk, dat geschapen zal worden, zal JAHWEH loven;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, onze verlossing uit de Babylonische gevangenschap.",
          "text1637": "T.w. onse verlossinge uyt de Babylonische gevanckenisse.",
          "text2026": "Te weten, onze verlossing uit de Babylonische gevangenschap."
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "dat geschapen zal worden: Dat is, het volk dat namaals, of lang na ons geboren zal worden; doch men mag dit ook verstaan van het volk Israël, hetwelk uit de gevangenschap van Babylonië verlost wordende, gelijk als uit het stof verwekt en opnieuw geschapen zou worden. Zie Ps. 22:32 ; Ezech. 37 . Psalmen 22:32 : Zij zullen aankomen, en Zijn gerechtigheid verkondigen den volke, dat geboren wordt, omdat Hij het gedaan heeft.",
          "text1637": "D. ’tvolck dat namaels, ofte lange na ons geboren sal worden: doch men mach dit oock verstaen van’t volck Israels, ’twelck uyt de gevanckenisse van Babylonien verlost wordende, gelijck als uyt den stof verweckt, ende van nieus geschapen soude worden. siet Psal. 22.32. Ezech. 37.",
          "text2026": "dat geschapen zal worden: Dat is, het volk dat namaals, of lang na ons geboren zal worden; maar men mag dit ook verstaan van het volk Israël, dat uit de gevangenschap van Babylonië verlost wordende, gelijk als uit het stof verwekt en opnieuw geschapen zou worden. Zie Ps. 22:32 ; Ez. 37 . Psalmen 22:32 : Zij zullen aankomen, en Zijn gerechtigheid verkondigen de volk, dat geboren wordt, omdat Hij het gedaan heeft."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּכָּ֣תֶב",
          "strongs": "H3789",
          "morph": "HVNi3fs"
        },
        {
          "woord": "זֹ֭את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "לְ/ד֣וֹר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אַחֲר֑וֹן",
          "strongs": "H314",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/עַ֥ם",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נִ֝בְרָ֗א",
          "strongs": "H1254",
          "morph": "HVNrmsa"
        },
        {
          "woord": "יְהַלֶּל",
          "strongs": "H1984",
          "morph": "HVpi3ms"
        },
        {
          "woord": "יָֽהּ",
          "strongs": "H3050",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> Dat zal geschreven worden voor het navolgende geslacht; en het volk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> dat geschapen zal worden, zal JAHWEH loven;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> Dat zal geschreven worden voor het navolgende geslacht; en het volk,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> dat geschapen zal worden, zal den HEERE loven;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> Dat sal beschreven worden voor het navolgende geslachte, ende ’t volck <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> dat geschapen sal worden, sal den HEERE loven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Omdat Hij uit de hoogte Zijns heiligdoms zal hebben nederwaarts gezien; dat de HEERE uit den hemel op de aarde geschouwd zal hebben;",
      "text1637": "Om dat hy [36] uyt de hoochte sijnes Heylichdoms sal hebben nederwaerts gesien: dat de HEERE uyt den hemel [37] op de aerde geschouwt sal hebben.",
      "text2026": "Omdat Hij uit de hoogte van Zijn heiligdom zal hebben naar beneden gezien; dat JAHWEH uit de hemel op de aarde geschouwd zal hebben;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uit de hoogte Zijns heiligdoms: Dit is genoemd van Deut. 26:15 . Deuteronomium 26:15 : Zie nederwaarts van Uw heilige woning, van den hemel, en zegen Uw volk Israël, en het land, dat Gij ons gegeven hebt, gelijk als Gij onzen vaderen gezworen hebt, een land van melk en honig vloeiende.",
          "text1637": "Dit is genomen van Deut. 26.15. Anders van sijne heylige hoochte. D. van uyt den hemel.",
          "text2026": "uit de hoogte van Zijn heiligdom: Dit is genoemd van Deut. 26:15 . Deuteronomium 26:15 : Zie nederwaarts van Uw heilige woning, van de hemel, en zegen Uw volk Israël, en het land, dat U ons gegeven hebt, gelijk als U onze vaders gezworen hebt, een land van melk en honig vloeiende."
        },
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, op ons, die op de aarde wonen.",
          "text1637": "D. op ons, die op de aerde woonen.",
          "text2026": "Dat is, op ons, die op de aarde wonen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הִ֭שְׁקִיף",
          "strongs": "H8259",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/מְּר֣וֹם",
          "strongs": "H4791",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "קָדְשׁ֑/וֹ",
          "strongs": "H6944",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/שָּׁמַ֤יִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֶ֬רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "הִבִּֽיט",
          "strongs": "H5027",
          "morph": "HVhp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Omdat Hij uit de hoogte van Zijn heiligdom zal hebben naar beneden gezien; dat JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> uit de hemel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> op de aarde geschouwd zal hebben;",
      "textSV1888_html": "Omdat Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> uit de hoogte Zijns heiligdoms zal hebben nederwaarts gezien; dat de HEERE uit den hemel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> op de aarde geschouwd zal hebben;",
      "text1637_html": "Om dat hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> uyt de hoochte sijnes Heylichdoms sal hebben nederwaerts gesien: dat de HEERE uyt den hemel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> op de aerde geschouwt sal hebben.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Zijns heiligdoms",
          "new": "van Zijn heiligdom",
          "principe": "V201"
        },
        {
          "old": "nederwaarts",
          "new": "naar beneden",
          "principe": "V162"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH uit",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE uit den",
          "new": "",
          "principe": "N1b"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Om het zuchten der gevangenen te horen, om los te maken de kinderen des doods;",
      "text1637": "Om’t suchten [38] der gevangenen te hooren, om los te maken [39] de kinderen des doots.",
      "text2026": "Om het zuchten van de gevangenen te horen, om los te maken de kinderen van de dood;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "der gevangenen: Te weten, die in Babel gevangen zijn. Hebr. des gevangenen, of des gebondenen.",
          "text1637": "T.w. Die in Babel gevangen zijn. Hebr. des gevangenen, ofte, des gebondenen.",
          "text2026": "van de gevangenen: Te weten, die in Babel gevangen zijn. Hebr. van de gevangenen, of van de gebondenen."
        },
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "kinderen des doods: Dat is, die ter dood geëigend waren; gelijk Ps. 79:11 , en Ps. 44:23 . Psalmen 79:11 : Laat het gekerm der gevangenen voor Uw aanschijn komen; behoud overig de kinderen des doods, naar de grootheid Uws arms. Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
          "text1637": "D. die ter doot ge-eygent waren, als Psal. 79.11. ende 44.23.",
          "text2026": "kinderen van de dood: Dat is, die ter dood geëigend waren; gelijk Ps. 79:11 , en Ps. 44:23 . Psalmen 79:11 : Laat het gekerm van de gevangenen voor Uw aangezicht komen; behoud overig de kinderen van de dood, naar de grootheid Uws arms. Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij de gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לִ֭/שְׁמֹעַ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "אֶנְקַ֣ת",
          "strongs": "H603",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "אָסִ֑יר",
          "strongs": "H615",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ֝/פַתֵּ֗חַ",
          "strongs": "H6605",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵ֣י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "תְמוּתָֽה",
          "strongs": "H8546",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Om het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> zuchten van de gevangenen te horen, om los te maken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> de kinderen van de dood;",
      "textSV1888_html": "Om het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> zuchten der gevangenen te horen, om los te maken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> de kinderen des doods;",
      "text1637_html": "Om’t suchten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> der gevangenen te hooren, om los te maken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> de kinderen des doots.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des doods;",
          "new": "van de dood;",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Opdat men den Naam des HEEREN vertelle te Sion, en Zijn lof te Jeruzalem;",
      "text1637": "Op datmen den Name des HEEREN vertelle te Zion, ende sijnen lof te Ierusalem.",
      "text2026": "Opdat men de Naam van JAHWEH vertelle te Sion, en Zijn lof te Jeruzalem;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/סַפֵּ֣ר",
          "strongs": "H5608",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "בְּ֭/צִיּוֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "שֵׁ֣ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/תְהִלָּת֗/וֹ",
          "strongs": "H8416",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ/ירוּשָׁלִָֽם",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HR/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "Opdat men de Naam van JAHWEH vertelle te Sion, en Zijn lof te Jeruzalem;",
      "text1637_html": "Op datmen den Name des HEEREN vertelle te Zion, ende sijnen lof te Ierusalem.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Wanneer de volken samen zullen vergaderd worden, ook de koninkrijken, om den HEERE te dienen.",
      "text1637": "[40] Wanneer de volcken t’samen sullen vergadert worden, oock de Coninckrijcken, om den HEERE te dienen.",
      "text2026": "Wanneer de volken samen zullen verzameld worden, ook de koninkrijken, om JAHWEH te dienen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "40",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Wanneer de: Dat is, als God uit de Joden en heidenen één volk maken zal, en zich ene kerk uit alle koninkrijken der aarde zal verzamelen. Zie Hand. 2:5 ; Ef. 2:13 , 2:14 . Handelingen 2:5 : En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volke dergenen, die onder den hemel zijn. Efeziërs 2:13 : Maar nu in Christus Jezus, zijt gij, die eertijds verre waart, nabij geworden door het bloed van Christus. Efeziërs 2:14 : Want Hij is onze vrede, Die deze beiden een gemaakt heeft, en den middelmuur des afscheidsels gebroken hebbende,",
          "text1637": "D. als Godt uyt de Ioden ende heydenen een volck maken sal, ende sich een kercke uyt alle Coninckrijcken der aerde sal versamelen. siet Act. 2.5. Ephes. 2.13, 14.",
          "text2026": "Wanneer de: Dat is, als God uit de Joden en heidenen één volk maken zal, en zich een kerk uit alle koninkrijken van de aarde zal verzamelen. Zie Hand. 2:5 ; Ef. 2:13 , 2:14 . Handelingen 2:5 : En er waren Joden, te Jeruzalem wonende, godvruchtige mannen van allen volk dergenen, die onder de hemel zijn. Efeziërs 2:13 : Maar nu in Christus Jezus, bent u, die eertijds verre was, nabij geworden door het bloed van Christus. Efeziërs 2:14 : Want Hij is onze vrede, Die deze beiden een gemaakt heeft, en de middelmuur van de afscheidsels gebroken hebbende,"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/הִקָּבֵ֣ץ",
          "strongs": "H6908",
          "morph": "HR/VNc"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֣ים",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יַחְדָּ֑ו",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/מַמְלָכ֗וֹת",
          "strongs": "H4467",
          "morph": "HC/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "לַ/עֲבֹ֥ד",
          "strongs": "H5647",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Wanneer de volken samen zullen verzameld worden, ook de koninkrijken, om JAHWEH te dienen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Wanneer de volken samen zullen vergaderd worden, ook de koninkrijken, om den HEERE te dienen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Wanneer de volcken t’samen sullen vergadert worden, oock de Coninckrijcken, om den HEERE te dienen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "vergaderd",
          "new": "verzameld",
          "principe": "V318"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Hij heeft mijn kracht op den weg ter neder gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort.",
      "text1637": "[41] Hy heeft mijne kracht [42] op den wech ter neder gedruckt: [43] mijne dagen heeft hy verkortet.",
      "text2026": "Hij heeft mijn kracht op de weg ter neer gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "41",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij heeft: Te weten, God.",
          "text1637": "T.w. Godt.",
          "text2026": "Hij heeft: Te weten, God."
        },
        {
          "marker": "42",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "op den weg: Te weten, toen ik gevankelijk naar Babel gevoerd werd, waar ik tot nog toe gevankelijk ben gebleven.",
          "text1637": "T.w. Doe ick gevanckelick na Babel gevoert wert, daer ick tot noch toe gevanckelick ben gebleven.",
          "text2026": "op de weg: Te weten, toen ik gevankelijk naar Babel gevoerd werd, waar ik tot nog toe gevankelijk ben gebleven."
        },
        {
          "marker": "43",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn dagen: Te weten, de dagen mijns levens. Alzo dat velen onzer in droefenis en ellende gestorven zijn. Zie dergelijke manier van spreken Job 21:21 . Zie ook Ps. 55:24 . Job 21:21 : Want wat lust zou hij na zich aan zijn huis hebben, als het getal zijner maanden afgesneden is? Psalmen 55:24 : Maar Gij, o God! zult die doen nederdalen in den put des verderfs; de mannen des bloeds en bedrogs zullen hun dagen niet ter helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen.",
          "text1637": "T.w. de dagen mijnes levens: Also dat onser vele in droeffenisse ende elende gestorven zijn. Siet dergelijcke maniere van spreken, Iob 21.21. siet oock Psal. 55. op vers 24.",
          "text2026": "mijn dagen: Te weten, de dagen mijns levens. Zo dat velen onzer in droefenis en ellende gestorven zijn. Zie dergelijke manier van spreken Job 21:21 . Zie ook Ps. 55:24 . Job 21:21 : Want wat lust zou hij na zich aan zijn huis hebben, als het getal zijn maanden afgesneden is? Psalmen 55:24 : Maar U, o God! zult die doen nederdalen in de put van het verderf; de mannen van het bloed en bedrogs zullen hun dagen niet ter helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עִנָּ֖ה",
          "strongs": "H6031",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "בַ/דֶּ֥רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "כח/ו",
          "strongs": "H3581",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "קִצַּ֥ר",
          "strongs": "H7114",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "יָמָֽ/י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Hij heeft mijn kracht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> op de weg ter neer gedrukt;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> mijn dagen heeft Hij verkort.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Hij heeft mijn kracht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> op den weg ter neder gedrukt;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> mijn dagen heeft Hij verkort.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> Hy heeft mijne kracht <sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> op den wech ter neder gedruckt: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> mijne dagen heeft hy verkortet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "neder",
          "new": "neer",
          "principe": "V354"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 25,
      "textSV1888": "Ik zeide: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijner dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht.",
      "text1637": "[44] Ick seyde, Mijn Godt, [45] en neemt my niet wech in het midden mijner dagen: [46] uwe jaren zijn [47] van geslachte tot geslachte.",
      "text2026": "Ik zei: Mijn God! neem mij niet weg in het midden van mijn dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "44",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik zeide: Te weten, als de Heere mij drukte op den weg naar Babylonië, vers 24 , stellende deze gedachten tegen de vorige plaag en vrees dat ik haast zou sterven. Psalmen 102:24 : Hij heeft mijn kracht op den weg ter neder gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort.",
          "text1637": "T.w. Als de Heere my druckte op den wech nae Babylonien, vers 24. stellende dese gedachten tegen de voorige tentatie ende vreese van dat ick haest soude sterven.",
          "text2026": "Ik zei: Te weten, als de Heer mij drukte op de weg naar Babylonië, vers 24 , stellende deze gedachten tegen de vorige plaag en vrees dat ik haast zou sterven. Psalmen 102:24 : Hij heeft mijn kracht op de weg ter neder gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort."
        },
        {
          "marker": "45",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "neem mij niet weg: Hebr. neemt mij niet op; te weten, uit dit leven. Zie de aantekening bij Job 36:20 . Job 36:20 : Haak niet naar dien nacht, als de volken van hun plaats opgenomen worden.",
          "text1637": "Hebr. En neemt my niet op. T.w. uyt dit leven. siet d’aenteeck. Iob 36. op vers 20.",
          "text2026": "neem mij niet weg: Hebr. neemt mij niet op; te weten, uit dit leven. Zie de aantekening bij Job 36:20 . Job 36:20 : Haak niet naar die nacht, als de volken van hun plaats opgenomen worden."
        },
        {
          "marker": "46",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw jaren: Hij wil zeggen: Heere, dewijl Gij eeuwig blijft daarom zal ook uwe kerk eeuwig blijven, en zij zal door de vijanden en vervolgers niet kunnen onderdrukt worden, gelijk hij vers 29 , besluit. Psalmen 102:29 : De kinderen Uwer knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.",
          "text1637": "Hy wil seggen: Heere, dewijle ghy eeuwicht blijft, daerom sal oock uwe kercke eeuwichlick blijven, ende sy en sal door de vyanden ende vervolgers, niet kunnen onderdruckt worden, gelijck hy vers 29. besluyt.",
          "text2026": "Uw jaren: Hij wil zeggen: Heer, omdat U eeuwig blijft daarom zal ook uw kerk eeuwig blijven, en zij zal door de vijanden en vervolgers niet kunnen onderdrukt worden, gelijk hij vers 29 , besluit. Psalmen 102:29 : De kinderen Uw knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden."
        },
        {
          "marker": "47",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "van geslacht tot geslacht: Hebr., דוֹר, van geslacht der geslachten.",
          "text1637": "Hebr. van geslachte der geslachten.",
          "text2026": "van geslacht tot geslacht: Hebr., דוֹר, van geslacht van de geslachten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֹמַ֗ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלִ֗/י",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אַֽל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַּ֭עֲלֵ/נִי",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HVhj2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֲצִ֣י",
          "strongs": "H2677",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יָמָ֑/י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ד֖וֹר",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "דּוֹרִ֣ים",
          "strongs": "H1755",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שְׁנוֹתֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H8141",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> Ik zei: Mijn God!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> neem mij niet weg in het midden van mijn dagen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Uw jaren zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> van geslacht tot geslacht.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> Ik zeide: Mijn God!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> neem mij niet weg in het midden mijner dagen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> Uw jaren zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> van geslacht tot geslacht.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> Ick seyde, Mijn Godt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> en neemt my niet wech in het midden mijner dagen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> uwe jaren zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> van geslachte tot geslachte.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zeide:",
          "new": "zei:",
          "principe": "W1"
        },
        {
          "old": "mijner",
          "new": "van mijn",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 26,
      "textSV1888": "Gij hebt voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk Uwer handen;",
      "text1637": "[48] Ghy hebt [49] voormaels d’ aerde gegrondet, ende de hemelen zijn ’t werck uwer handen.",
      "text2026": "U hebt voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk van Uw handen;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "48",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij hebt: De apostel gebruikt Hebr. 1:10 , 1:11 , 1:12 , deze woorden om de Godheid van Christus te bewijzen, omdat hier de Heere Christus verklaard wordt niet alleen te zijn de Schepper van alles en eeuwig, maar ook een Verlosser en Zaligmaker zijner gemeente. Zie vers 14 , 102:16 , 102:23 , 102:29 ; waarom de apostel in de aangehaalde plaats ook den naam HEERE, uit het vers 13 , herhaald zijnde, Hem toeschrijft. Hebreeën 1:10 : En: Gij, Heere! hebt in den beginne de aarde gegrond, en de hemelen zijn werken Uwer handen; Hebreeën 1:11 : Dezelve zullen vergaan, maar Gij blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden; Hebreeën 1:12 : En als een dekkleed zult Gij ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden. Psalmen 102:14 : Gij zult opstaan, Gij zult U ontfermen over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de bestemde tijd is gekomen. Psalmen 102:16 : Dan zullen de heidenen den Naam des HEEREN vrezen, en alle koningen der aarde Uw heerlijkheid. Psalmen 102:23 : Wanneer de volken samen zullen vergaderd worden, ook de koninkrijken, om den HEERE te dienen. Psalmen 102:29 : De kinderen Uwer knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden. Psalmen 102:13 : Maar Gij, HEERE! blijft in eeuwigheid, en Uw gedachtenis van geslacht tot geslacht.",
          "text1637": "D’Apostel gebruyckt Hebr. 1. versen 10.11, 12. dese woorden, om de Godtheyt Christi te bewijsen, om dat hier de Heere Christus verklaert wort niet alleene te zijn schepper van alles ende eeuwich, maer oock een Verlosser ende Salichmaker sijner gemeynte. Siet versen 14, 16, 23, 29. daerom de Apostel inde aengetogene plaetse oock den name, HEERE, uyt het 13. vers wederhaelt zijnde, hem toeschrijft.",
          "text2026": "U hebt: De apostel gebruikt Hebr. 1:10 , 1:11 , 1:12 , deze woorden om de Godheid van Christus te bewijzen, omdat hier de Heer Christus verklaard wordt niet alleen te zijn de Schepper van alles en eeuwig, maar ook een Verlosser en Zaligmaker zijn gemeente. Zie vers 14 , 102:16 , 102:23 , 102:29 ; waarom de apostel in de aangehaalde plaats ook de naam JAHWEH, uit het vers 13 , herhaald zijnde, Hem toeschrijft. Hebreeën 1:10 : En: U, Heer! hebt in de beginne de aarde gegrond, en de hemel zijn werken Uw handen; Hebreeën 1:11 : Dezelfde zullen vergaan, maar U blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden; Hebreeën 1:12 : En als een dekkleed zult U ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar U bent Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden. Psalmen 102:14 : U zult opstaan, U zult U ontfermen over Sion, want de tijd om haar genadig te zijn, want de bestemde tijd is gekomen. Psalmen 102:16 : Dan zullen de heidenen de Naam van JAHWEH vrezen, en alle koningen van de aarde Uw heerlijkheid. Psalmen 102:23 : Wanneer de volken samen zullen vergaderd worden, ook de koninkrijken, om JAHWEH te dienen. Psalmen 102:29 : De kinderen Uw knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden. Psalmen 102:13 : Maar U, JAHWEH! blijft in eeuwigheid, en Uw gedachtenis van geslacht tot geslacht."
        },
        {
          "marker": "49",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., פָנִים, voor het aangezicht; dat is hier te zeggen voormaals, voorheen.",
          "text1637": "Hebr. voor’t aengesichte. dat is hier te seggen, voormaels, voor henen.",
          "text2026": "Hebr., פָנִים, voor het aangezicht; dat is hier te zeggen voormaals, voorheen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ֭/פָנִים",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "יָסַ֑דְתָּ",
          "strongs": "H3245",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּֽ/מַעֲשֵׂ֖ה",
          "strongs": "H4639",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יָדֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "שָׁמָֽיִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> U hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk van Uw handen;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Gij hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk Uwer handen;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Ghy hebt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> voormaels d’ aerde gegrondet, ende de hemelen zijn ’t werck uwer handen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 27,
      "textSV1888": "Die zullen vergaan, maar Gij zult staande blijven; en zij alle zullen als een kleed verouden; Gij zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.",
      "text1637": "[50] Die sullen vergaen, maer ghy sult staende blyven, ende [51] sy alle sullen als een kleet verouden, [a[b]] ghy sultse veranderen als een gewaet, ende sy sullen verandert zijn.",
      "text2026": "Die zullen vergaan, maar U zult staande blijven; en zij alle zullen als een kleed verouden; U zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "50",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die zullen vergaan: Te weten, hemel en aarde; Hebr. 1:10 , 1:11 . Hebreeën 1:10 : En: Gij, Heere! hebt in den beginne de aarde gegrond, en de hemelen zijn werken Uwer handen; Hebreeën 1:11 : Dezelve zullen vergaan, maar Gij blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden;",
          "text1637": "Te weten, hemel ende aerde. Hebr. 1.10, 11.",
          "text2026": "Die zullen vergaan: Te weten, hemel en aarde; Hebr. 1:10 , 1:11 . Hebreeën 1:10 : En: U, Heer! hebt in de beginne de aarde gegrond, en de hemel zijn werken Uw handen; Hebreeën 1:11 : Dezelfde zullen vergaan, maar U blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden;"
        },
        {
          "marker": "51",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zij alle: Te weten, al de hemelen.",
          "text1637": "T.w. alle de hemelen.",
          "text2026": "zij alle: Te weten, al de hemel."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Hebr. 1:12 . Hebreeën 1:12 : En als een dekkleed zult Gij ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden.",
          "text1637": "",
          "text2026": "Hebr. 1:12 . Hebreeën 1:12 : En als een dekkleed zult U ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar U bent Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֵ֤מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HPp3mp"
        },
        {
          "woord": "יֹאבֵדוּ֮",
          "strongs": "H6",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֪ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "תַ֫עֲמֹ֥ד",
          "strongs": "H5975",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ֭/כֻלָּ/ם",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כַּ/בֶּ֣גֶד",
          "strongs": "H899",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יִבְל֑וּ",
          "strongs": "H1086",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "כַּ/לְּב֖וּשׁ",
          "strongs": "H3830",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תַּחֲלִיפֵ֣/ם",
          "strongs": "H2498",
          "morph": "HVhi2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/יַחֲלֹֽפוּ",
          "strongs": "H2498",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Die zullen vergaan, maar U zult staande blijven; en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> zij alle zullen als een kleed verouden; U zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Die zullen vergaan, maar Gij zult staande blijven; en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> zij alle zullen als een kleed verouden; Gij zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> Die sullen vergaen, maer ghy sult staende blyven, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> sy alle sullen als een kleet verouden, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a[b]\">a[b]</sup> ghy sultse veranderen als een gewaet, ende sy sullen verandert zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 28,
      "textSV1888": "Maar Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet geëindigd worden.",
      "text1637": "Maer [52] ghy zijt de selve, ende uwe jaren en sullen niet ge-eyndicht worden.",
      "text2026": "Maar U bent Dezelfde, en Uw jaren zullen niet geëindigd worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "52",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij zijt Dezelfde: Te weten, die Gij tevoren geweest zijt van eeuwigheid af; en Gij blijft dezelfde in eeuwigheid.",
          "text1637": "T.w. die ghy te vooren geweest zijt van eeuwicheyt af: Ende ghy blijft de selve in eeuwicheyt.",
          "text2026": "U bent Dezelfde: Te weten, die U tevoren geweest bent van eeuwigheid af; en U blijft dezelfde in eeuwigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אַתָּה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "ה֑וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/שְׁנוֹתֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H8141",
          "morph": "HC/Ncfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִתָּֽמּוּ",
          "strongs": "H8552",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> U bent Dezelfde, en Uw jaren zullen niet geëindigd worden.",
      "textSV1888_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet geëindigd worden.",
      "text1637_html": "Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> ghy zijt de selve, ende uwe jaren en sullen niet ge-eyndicht worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 29,
      "textSV1888": "De kinderen Uwer knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.",
      "text1637": "[53] De kinderen uwer knechten sullen [54] woonen, ende haer zaet sal voor u aengesichte bevesticht worden.",
      "text2026": "De kinderen van Uw knechten zullen wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "53",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De kinderen: Dat is, onze kinderen of nakomelingen.",
          "text1637": "Dat is, onse kinderen, ofte nakomelingen.",
          "text2026": "De kinderen: Dat is, onze kinderen of nakomelingen."
        },
        {
          "marker": "54",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, een vaste woning bij U hebben, zonder immermeer te veranderen. Of, zij zullen in Zion wonen, vers 22 , en Ps. 69:36 , 69:37 . Psalmen 102:22 : Opdat men den Naam des HEEREN vertelle te Sion, en Zijn lof te Jeruzalem; Psalmen 69:36 : Want God zal Sion verlossen, en de steden van Juda bouwen; en aldaar zullen zij wonen, en haar erfelijk bezitten; Psalmen 69:37 : En het zaad Zijner knechten zal haar beërven; en de liefhebbers Zijns Naams zullen daarin wonen.",
          "text1637": "D. Een vaste wooninge by u hebben, sonder immermeer te veranderen. Of, sy sullen in Zion woonen, vers 22. Ende Psal. 69. versen 36, 37.",
          "text2026": "Dat is, een vaste woning bij U hebben, zonder immermeer te veranderen. Of, zij zullen in Zion wonen, vers 22 , en Ps. 69:36 , 69:37 . Psalmen 102:22 : Opdat men de Naam van JAHWEH vertelle te Sion, en Zijn lof te Jeruzalem; Psalmen 69:36 : Want God zal Sion verlossen, en de steden van Juda bouwen; en daar zullen zij wonen, en haar erfelijk bezitten; Psalmen 69:37 : En het zaad Zijn knechten zal haar beërven; en de liefhebbers van Zijn Naam zullen daarin wonen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּנֵֽי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "עֲבָדֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁכּ֑וֹנוּ",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/זַרְעָ֗/ם",
          "strongs": "H2233",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לְ/פָנֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יִכּֽוֹן",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVNi3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> De kinderen van Uw knechten zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> De kinderen Uwer knechten zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> wonen, en hun zaad zal voor Uw aangezicht bevestigd worden.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> De kinderen uwer knechten sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> woonen, ende haer zaet sal voor u aengesichte bevesticht worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De Gemeynte klaecht seer van wegen hare sware elende, biddende om verlossinge uyt de selve, ende haer verquickende in Godes altijt duerende barmherticheyt, ende in de eeuwige oneyndelicke macht des Heeren, dien sy daer voor belooft te sullen prijsen ende dancken. ende wort onder de verlossinge vande gevanckenisse van Babel, ende herbouwinge van den Tempel ende stadt, mede verstaen de verlossinge door Christum, ende beroepinge der heydenen tot sijne gemeenschap.",
    "text2026": "De gemeente klaagt zeer vanwege haar zware ellende, biddend om verlossing daaruit, en verkwikt zich in Gods altijd durende barmhartigheid en in de eeuwige, oneindige macht van de HEERE, Die zij belooft daarvoor te zullen prijzen en danken. En onder de verlossing van de gevangenschap van Babel en de herbouw van de tempel en de stad wordt mede verstaan de verlossing door Christus en de roeping van de heidenen tot Zijn gemeenschap."
  }
}