{
  "number": 110,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David. De HEERE heeft tot mijn Heere gesproken: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank Uwer voeten.",
      "text1637": "EEn Psalm Davids. [1] De HEERE heeft [2] tot mijnen Heere [3] gesproken: [4] Sitt tot mijner rechter-hant, [5] tot dat ick uwe vyanden gesett sal hebben tot een voet-banck uwer voeten.",
      "text2026": "Een psalm van David. JAHWEH heeft tot mijn Heere gesproken: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank van Uw voeten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De HEERE heeft: Te weten, God de Vader.",
          "text1637": "T.w. Godt de Vader.",
          "text2026": "JAHWEH heeft: Te weten, God de Vader."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "tot mijn Heere: Dat is, Christus, dien David hier zijnen Heere noemt. Want Christus is de zoon van David naar het vlees, maar Davids Heere ten aanzien dat Hij waarachtig God is met God den Vader en den Heilige Geest, en een Heere aller mense, doch inzonderheid van zijne uitverkorenen. Zie Matth. 22:43 , 22:45 ; Mark. 12:36 ; Luk. 20:42 ; Hand. 2:34 ; Hebr. 1:13 . Mattheüs 22:43 : Hij zeide tot hen: Hoe noemt Hem dan David, in den Geest, zijn Heere? zeggende: Mattheüs 22:45 : Indien Hem dan David noemt zijn Heere, hoe is Hij zijn Zoon? Marcus 12:36 : Want David zelf heeft door den Heiligen Geest gezegd: De Heere heeft gezegd tot mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten. Lukas 20:42 : En David zelf zegt in het boek der psalmen: De Heere heeft gezegd tot mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand, Handelingen 2:34 : Want David is niet opgevaren in de hemelen; maar hij zegt: De Heere heeft gesproken tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand. Hebreeën 1:13 : En tot welken der engelen heeft Hij ooit gezegd: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten?",
          "text1637": "D. Tot Christum, den welcken David hier sijnen Heere noemt. want Christus is de sone Davids nae den vleesche, maer Davids Heere, ten aensien dat hy een warachtich Godt is met Godt den Vader ende Heyligen Geest, ende een Heere aller menschen, doch insonderheyt sijner uytvercorenen. siet Mat. 22.43, 45. Matt. 12.36. Luc. 20.42. Actor. 2.34. Hebr. 1.13.",
          "text2026": "tot mijn Heer: Dat is, Christus, die David hier zijn Heer noemt. Want Christus is de zoon van David naar het vlees, maar Davids Heer ten aanzien dat Hij waarachtig God is met God de Vader en de Heilige Geest, en een Heer van alle mense, maar in het bijzonder van zijn uitverkorenen. Zie Matt. 22:43 , 22:45 ; Mark. 12:36 ; Luk. 20:42 ; Hand. 2:34 ; Hebr. 1:13 . Mattheüs 22:43 : Hij zei tot hen: Hoe noemt Hem dan David, in de Geest, zijn Heer? zeggende: Mattheüs 22:45 : Als Hem dan David noemt zijn Heer, hoe is Hij zijn Zoon? Marcus 12:36 : Want David zelf heeft door de Heilige Geest gezegd: De Heer heeft gezegd tot mijn Heer: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uw voeten. Lukas 20:42 : En David zelf zegt in het boek van de psalmen: De Heer heeft gezegd tot mijn Heer: Zit aan Mijn rechterhand, Handelingen 2:34 : Want David is niet opgevaren in de hemel; maar hij zegt: De Heer heeft gesproken tot Mijn Heer: Zit aan Mijn rechterhand. Hebreeën 1:13 : En tot welke van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uw voeten?"
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, in zijn eeuwigen raad, hetwelk Hij ons te zijner tijd heeft laten openbaren en verkondigen.",
          "text1637": "T.w. in sijnen eeuwigen raet, den welcken hy ons tot sijner tijdt heeft geopenbaert ende verkondigen laten.",
          "text2026": "Te weten, in zijn eeuwigen raad, dat Hij ons op zijn tijd heeft laten openbaren en verkondigen."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zit aan Mijn rechterhand: Dat is, heers in heerlijkheid en majesteit, in den hemel en op de aarde, 1 Kor. 15:25 ; Hebr. 1:3 , 1:13 , en Hebr. 8:1 , en Hebr. 10:12 , 10:13 ; Ef. 1:20 , enz. Deze manier van spreken is genomen van de koningen, die aan hunne rechterhand zetten wien zij eer willen aandoen. Zie 1 Kon. 2:19 , en Ps. 45:10 . 1 Korinthiërs 15:25 : Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben. Hebreeën 1:3 : Dewelke, alzo Hij is het Afschijnsel Zijner heerlijkheid, en het uitgedrukte Beeld Zijner zelfstandigheid, en alle dingen draagt door het woord Zijner kracht, nadat Hij de reinigmaking onzer zonden door Zichzelven te weeg gebracht heeft, is gezeten aan de rechterhand der Majesteit in de hoogste hemelen; Hebreeën 1:13 : En tot welken der engelen heeft Hij ooit gezegd: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten? Hebreeën 8:1 : De hoofdsom nu der dingen, waarvan wij spreken, is, dat wij hebben zodanigen Hogepriester, Die gezeten is aan de rechterhand van den troon der Majesteit in de hemelen: Hebreeën 10:12 : Maar Deze, een slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechterhand Gods; Hebreeën 10:13 : Voorts verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank Zijner voeten. Efeziërs 1:20 : Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in den hemel; 1 Koningen 2:19 : Zo kwam Bathseba tot den koning Salomo, om hem voor Adonia aan te spreken. En de koning stond op, haar tegemoet, en boog zich voor haar; daarna zat hij op zijn troon, en deed een stoel voor de moeder des konings zetten; en zij zat aan zijn rechterhand. Psalmen 45:10 : Dochters van koningen zijn onder Uw kostelijke staatsdochteren; de Koningin staat aan Uw rechterhand, in het fijnste goud van Ofir.",
          "text1637": "D. heerscht in heerlickheyt ende majesteyt, in den hemel, ende op de aerde, 1.Corint. 15.25. Hebr. 1.3, 13. ende 8.1. ende 10.12, 13. Ephes. 1.20, etc. Dese maniere van spreken is genomen van de Coningen, die aen hare rechter hant setten diese willen eere aen doen. siet 1.Reg. 2.19. ende Psal. 45.10.",
          "text2026": "Zit aan Mijn rechterhand: Dat is, heers in heerlijkheid en majesteit, in de hemel en op de aarde, 1 Kor. 15:25 ; Hebr. 1:3 , 1:13 , en Hebr. 8:1 , en Hebr. 10:12 , 10:13 ; Ef. 1:20 , enz. Deze manier van spreken is genomen van de koningen, die aan hun rechterhand zetten wie zij eer willen aandoen. Zie 1 Kon. 2:19 , en Ps. 45:10 . 1 Korinthiërs 15:25 : Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben. Hebreeën 1:3 : Die, zo Hij is het Afschijnsel Zijn heerlijkheid, en het uitgedrukte Beeld Zijn zelfstandigheid, en alle dingen draagt door het woord Zijn kracht, nadat Hij de reinigmaking onzer zonden door Zichzelven te weeg gebracht heeft, is gezeten aan de rechterhand van de Majesteit in de hoogste hemelen; Hebreeën 1:13 : En tot welke van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uw voeten? Hebreeën 8:1 : De hoofdsom nu van de dingen, waarvan wij spreken, is, dat wij hebben zodanigen Hogepriester, Die gezeten is aan de rechterhand van de troon van de Majesteit in de hemel: Hebreeën 10:12 : Maar Deze, een slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechterhand van God; Hebreeën 10:13 : Verder verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank Zijn voeten. Efeziërs 1:20 : Die Hij gewrocht heeft in Christus, als Hij Hem uit de doden heeft opgewekt; en heeft Hem gezet tot Zijn rechterhand in de hemel; 1 Koningen 2:19 : Zo kwam Bathseba tot de koning Salomo, om hem voor Adonia aan te spreken. En de koning stond op, haar tegemoet, en boog zich voor haar; daarna zat hij op zijn troon, en deed een stoel voor de moeder van de koning zetten; en zij zat aan zijn rechterhand. Psalmen 45:10 : Dochters van koningen zijn onder Uw kostelijke staatsdochteren; de Koningin staat aan Uw rechterhand, in het fijnste goud van Ofir."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "totdat Ik Uw: De zin is: totdat Ik uwe vijanden, [te weten, de vervolgers der kerk, ja de dood zelf, 1 Kor. 15:25 , 15:26 ], U zal onderworpen hebben. Hieruit kan men geenzins besluiten dat Christus geen eeuwig koninkrijk zou hebben, ofschoon de manier van de bediening van het rijk van Christus, zodanig als die nu is, ten jongsten dage met het laatste oordeel zal ophouden; want alsdan zullen er gene vijanden meer zijn, die de kerk van Christus zullen kunnen schaden; 1 Kor. 15:24 , 15:28 . Zie de aantekening bij Gen. 28:15 . 1 Korinthiërs 15:25 : Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben. 1 Korinthiërs 15:26 : De laatste vijand, die te niet gedaan wordt, is de dood. 1 Korinthiërs 15:24 : Daarna zal het einde zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en den Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht. 1 Korinthiërs 15:28 : En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen. Genesis 28:15 : En zie, Ik ben met u, en Ik zal u behoeden overal, waarheen gij trekken zult, en Ik zal u wederbrengen in dit land; want Ik zal u niet verlaten, totdat Ik zal gedaan hebben, hetgeen Ik tot u gesproken heb.",
          "text1637": "De sin is, tot dat ick uwe vyanden (T.w. de vervolgers der kercke, Ia de doot selve, 1.Corint. 15.24, 26.) u sal onderworpen hebben. Hier uyt en kanmen geensins besluyten, dat Christus geen eeuwich Coninckrijcke hebben en soude, of schoon de maniere van de bedieninge des Rijcx Christi, sodanich als die nu is, ten jongsten dage met het laetste oordeel sal ophouden: want alsdan en sullender geen vyanden meer zijn, die de kercke Christi sullen kunnen schaden, 1.Corint. 15.24, 28. Siet d’aent. Genes. 28. op vers 15.",
          "text2026": "totdat Ik Uw: De zin is: totdat Ik uw vijanden, [te weten, de vervolgers van de kerk, ja de dood zelf, 1 Kor. 15:25 , 15:26 ], U zal onderworpen hebben. Hieruit kan men geenzins besluiten dat Christus geen eeuwig koninkrijk zou hebben, ofschoon de manier van de bediening van het rijk van Christus, zodanig als die nu is, ten jongsten dage met het laatste oordeel zal ophouden; want alsdan zullen er gene vijanden meer zijn, die de kerk van Christus zullen kunnen schaden; 1 Kor. 15:24 , 15:28 . Zie de aantekening bij Gen. 28:15 . 1 Korinthiërs 15:25 : Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben. 1 Korinthiërs 15:26 : De laatste vijand, die te niet gedaan wordt, is de dood. 1 Korinthiërs 15:24 : Daarna zal het einde zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en de Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht. 1 Korinthiërs 15:28 : En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Die, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen. Genesis 28:15 : En zie, Ik ben met u, en Ik zal u behoeden overal, waarheen u trekken zult, en Ik zal u wederbrengen in dit land; want Ik zal u niet verlaten, totdat Ik zal gedaan hebben, wat Ik tot u gesproken heb."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֗ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מִ֫זְמ֥וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נְאֻ֤ם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֨ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לַֽ/אדֹנִ֗/י",
          "strongs": "H113",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שֵׁ֥ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "לִֽ/ימִינִ֑/י",
          "strongs": "H3225",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אָשִׁ֥ית",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "אֹ֝יְבֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "הֲדֹ֣ם",
          "strongs": "H1916",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/רַגְלֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H7272",
          "morph": "HR/Ncfdc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een psalm van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> David. JAHWEH heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> tot mijn Heere<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> gesproken:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> <span class=\"god-speaks\"><i>Zit aan Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank van Uw voeten.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Een psalm van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> David. De HEERE heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> tot mijn Heere<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> gesproken:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Zit aan Mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> rechterhand, totdat Ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank Uwer voeten.",
      "text1637_html": "EEn Psalm Davids. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> De HEERE heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> tot mijnen Heere <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> gesproken: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Sitt tot mijner rechter-hant, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> tot dat ick uwe vyanden gesett sal hebben tot een voet-banck uwer voeten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "De HEERE zal den scepter Uwer sterkte zenden uit Sion, zeggende: Heers in het midden Uwer vijanden.",
      "text1637": "[6] De HEERE sal [7] den scepter [8] uwer sterckte [9] senden [10] uyt Zion, [seggende] [11] Heerscht in ’t midden [12] uwer vyanden.",
      "text2026": "JAHWEH zal de scepter van Uw sterkte zenden uit Sion, zeggende: Heers in het midden van Uw vijanden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De HEERE zal: In het eerste vers heeft David het volk Gods aangesproken; hier spreekt hij nu Christus aan.",
          "text1637": "In het eerste vers heeft David het volck Godes aengesproken: hier spreeckt hy nu Christum aen.",
          "text2026": "JAHWEH zal: In het eerste vers heeft David het volk van God aangesproken; hier spreekt hij nu Christus aan."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de scepter: Of, uw sterkte scepter, of de roede, of staf uwer sterkte; te weten, de verkondiging ven het heilige Evangelie, waardoor de Heilige Geest krachtiglijk in de harten der uitverkorenen werkt. Zie Rom. 1:16 . Romeinen 1:16 : Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood, en ook den Griek.",
          "text1637": "Of, uwen stercken scepter: of, de roede, ofte staf uwer sterckte: T.w. de verkondinge des heyligen Euangelij. daer door de H. Geest krachtelick inde herten der uytverkorenen werckt. Siet Rom. 1.16.",
          "text2026": "de scepter: Of, uw sterkte scepter, of de roede, of staf uw sterkte; te weten, de verkondiging ven het heilige Evangelie, waardoor de Heilige Geest krachtiglijk in de harten van de uitverkorenen werkt. Zie Rom. 1:16 . Romeinen 1:16 : Want ik schaam mij van het Evangelie van Christus niet; want het is een kracht van God tot zaligheid een iedereen, die gelooft, eerst de Jood, en ook de Griek."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uwer sterkte: Christus.",
          "text1637": "O Christe.",
          "text2026": "Uw sterkte: Christus."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, in de ganse wereld.",
          "text1637": "T.w. in de gantsche werelt.",
          "text2026": "Te weten, in de gehele wereld."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uit Sion: Versta dit alzo, dat het Evangelie eerst te Jeruzalem en in het Joodse land moest gepredikt worden, en vandaar voort uitgespreid worden door de ganse wereld; Jes. 2:3 ; Micha 4:2 ; Hand. 1:8 . Jesaja 2:3 : En vele volken zullen heengaan en zeggen: Komt, laat ons opgaan tot den berg des HEEREN, tot het huis van den God Jakobs, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en dat wij wandelen in Zijn paden; want uit Sion zal de wet uitgaan, en des HEEREN woord uit Jeruzalem. Micha 4:2 : En vele heidenen zullen henengaan, en zeggen: Komt en laat ons opgaan tot den berg des HEEREN, en ten huize van den God Jakobs, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en wij in Zijn paden wandelen; want uit Sion zal de wet uitgaan, en des HEEREN woord uit Jeruzalem. Handelingen 1:8 : Maar gij zult ontvangen de kracht des Heiligen Geestes, Die over u komen zal; en gij zult Mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem, als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste der aarde.",
          "text1637": "Verstaet dit alsoo, dat het Euangelium eerst te Ierusalem ende in het Iootsche lant moeste gepredickt werden, ende van daer voort uytgespreyt werden door de gantsche werelt. Iesa. 2.3. Mich. 4.2. Act. 1.8.",
          "text2026": "uit Sion: Versta dit zo, dat het Evangelie eerst te Jeruzalem en in het Joodse land moest gepredikt worden, en vandaar voort uitgespreid worden door de gehele wereld; Jes. 2:3 ; Micha 4:2 ; Hand. 1:8 . Jesaja 2:3 : En vele volken zullen heengaan en zeggen: Komt, laat ons opgaan tot de berg van JAHWEH, tot het huis van de God van Jakob, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en dat wij wandelen in Zijn paden; want uit Sion zal de wet uitgaan, en van JAHWEH woord uit Jeruzalem. Micha 4:2 : En vele heidenen zullen heengaan, en zeggen: Komt en laat ons opgaan tot de berg van JAHWEH, en in het huis van de God van Jakob, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en wij in Zijn paden wandelen; want uit Sion zal de wet uitgaan, en van JAHWEH woord uit Jeruzalem. Handelingen 1:8 : Maar u zult ontvangen de kracht van de Heiligen Geestes, Die over u komen zal; en u zult Mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem, als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste van de aarde."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Heers in het midden: Te weten, door uw woord en Geest, in de harten der uitverkorenen, en door uwe almogendheid in het beschutten uwer kerk en in het straffen van hare vervolgers. Anders: Gij zult heersen.",
          "text1637": "Te weten, door u woort ende Geest, in de herten der uytverkorenen, ende door uwe Almogentheyt in ’t beschutten uwer kercke, ende in ’t straffen van de vervolgers der selver. And. Ghy sult heerschen.",
          "text2026": "Heers in het midden: Te weten, door uw woord en Geest, in de harten van de uitverkorenen, en door uw almogendheid in het beschutten uw kerk en in het straffen van haar vervolgers. Anders: U zult heersen."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uwer vijanden: Te weten, der vijanden uwer kerk. Want die de kerk vervolgt, die vervolgt Christus zelf; Hand. 9:4 . Handelingen 9:4 : En ter aarde gevallen zijnde, hoorde hij een stem, die tot hem zeide: Saul, Saul! wat vervolgt gij Mij?",
          "text1637": "T.w. der vyanden uwer kercke. Want die de kercke vervolgt, die vervolgt Christum selve. Actor. 9.4.",
          "text2026": "Uw vijanden: Te weten, van de vijanden uw kerk. Want die de kerk vervolgt, die vervolgt Christus zelf; Hand. 9:4 . Handelingen 9:4 : En ter aarde gevallen zijnde, hoorde hij een stem, die tot hem zei: Saul, Saul! wat vervolgt u Mij?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מַטֵּֽה",
          "strongs": "H4294",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עֻזְּ/ךָ֗",
          "strongs": "H5797",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁלַ֣ח",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/צִּיּ֑וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "רְ֝דֵ֗ה",
          "strongs": "H7287",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קֶ֣רֶב",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֹיְבֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> JAHWEH zal de scepter van Uw sterkte<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> zenden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> uit Sion,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zeggende: <span class=\"god-speaks\"><i>Heers in het midden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> van Uw vijanden</i></span>.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> De HEERE zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> den scepter<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Uwer sterkte<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> zenden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> uit Sion,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zeggende: Heers in het midden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Uwer vijanden.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> De HEERE sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> den scepter <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> uwer sterckte <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> senden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> uyt Zion, [seggende] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Heerscht in ’t midden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> uwer vyanden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Uw volk zal zeer gewillig zijn op den dag Uwer heirkracht, in heilig sieraad; uit de baarmoeder des dageraads zal U de dauw Uwer jeugd zijn.",
      "text1637": "[13] U volck sal seer gewillich zijn [14] op den dach uwer heyrkracht, [15] in heylige cieragien: [16] uyt de baer-moeder des dageraets sal u de dauw uwer jeucht zijn.",
      "text2026": "Uw volk zal zeer gewillig zijn op de dag van Uw legermacht, in heilig sieraad; uit de baarmoeder van de dageraad zal U de dauw van Uw jeugd zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw volk zal: Hebr., עַמְּ, uw volk der gewilligheden; dat is, het zal zijn een volk van grote gewilligheid, of vol gewilligheid, te weten, om het Evangelie aan te nemen, en om U, o Heere Jezus Christus, te dienen; ja het zal, bij manier van spreken, de gewilligheid zelve zijn. Zie Exod. 25:2 ; Ps. 119:108 ; Hand. 2:41 , en Rom. 12:11 , en versta hier door uw volk de uitverkorenen, of gelovigen. Exodus 25:2 : Spreek tot de kinderen Israëls, dat zij voor Mij een hefoffer nemen. Van alle man, wiens hart zich vrijwillig bewegen zal, zult gij Mijn hefoffer nemen. Psalmen 119:108 : Laat U toch, o HEERE! welgevallen de vrijwillige offeranden mijns monds, en leer mij Uw rechten. Handelingen 2:41 : Die dan zijn woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen. Romeinen 12:11 : Zijt niet traag in het benaarstigen. Zijt vurig van geest. Dient den Heere.",
          "text1637": "Hebr. u volck der gewillicheden. Dat is, ’tsal zijn een volck van groote gewillicheyt, of, vol gewillicheyt, te weten, om het Euangelium aen te nemen, ende om u, ô Heere Iesu Christe, te dienen, Ia ’tsal, by maniere van spreken, de gewillicheyt selve zijn. siet Actor. 2.41. Rom. 12.1. ende Psal. 119.108. Exo. 25.2. Ende verstaet hier door u volck, de uytverkorene, of geloovige.",
          "text2026": "Uw volk zal: Hebr., עַמְּ, uw volk van de gewilligheden; dat is, het zal zijn een volk van grote gewilligheid, of vol gewilligheid, te weten, om het Evangelie aan te nemen, en om U, o Heer Jezus Christus, te dienen; ja het zal, bij manier van spreken, de gewilligheid zelve zijn. Zie Ex. 25:2 ; Ps. 119:108 ; Hand. 2:41 , en Rom. 12:11 , en versta hier door uw volk de uitverkorenen, of gelovigen. Exodus 25:2 : Spreek tot de kinderen van Israël, dat zij voor Mij een hefoffer nemen. Van alle man, wiens hart zich vrijwillig bewegen zal, zult u Mijn hefoffer nemen. Psalmen 119:108 : Laat U toch, o JAHWEH! welgevallen de vrijwillige offeranden mijns monds, en leer mij Uw rechte. Handelingen 2:41 : Die dan zijn woord graag aannamen, werden gedoopt; en er werden op die dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen. Romeinen 12:11 : Zijt niet traag in het benaarstigen. Zijt vurig van geest. Dient de Heer."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "op den dag Uwer: Dat is, als Gij de krachtige predikatie van het heilige Evangelie, door de apostelen, mitsgaders vele andere verkondigers van hetzelve, zult uitzenden, om de wereld en den duivel te overwinnen en veel schapen in den waren schaapstal te brengen. Zie Rom. 1:16 ; 2 Kor. 10:4 , 10:5 ; Openb. 6:2 . Romeinen 1:16 : Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood, en ook den Griek. 2 Korinthiërs 10:4 : Want de wapenen van onzen krijg zijn niet vleselijk, maar krachtig door God, tot nederwerping der sterkten; 2 Korinthiërs 10:5 : Dewijl wij de overleggingen ter nederwerpen, en alle hoogte, die zich verheft tegen de kennis van God, en alle gedachte gevangen leiden tot de gehoorzaamheid van Christus; Openbaring 6:2 : En ik zag, en ziet, een wit paard, en Die daarop zat, had een boog; en Hem is een kroon gegeven, en Hij ging uit overwinnende, en opdat Hij overwonne!",
          "text1637": "Dat is, als ghy de krachtige predicatie des H. Euangelij, door d’Apostelen, mitsgaders vele andere verkondigers des selven, sult uytsenden, om de werelt ende den Duyvel te overwinnen, ende veel schapen in den waren schaepstal te brengen. Siet Rom. 1.16. 2.Corin. 10.4, 5. Apocal. 6.2.",
          "text2026": "op de dag Uw: Dat is, als U de krachtige predikatie van het heilige Evangelie, door de apostelen, en ook vele andere verkondigers van hetzelfde, zult uitzenden, om de wereld en de duivel te overwinnen en veel schapen in de waren schaapstal te brengen. Zie Rom. 1:16 ; 2 Kor. 10:4 , 10:5 ; Openb. 6:2 . Romeinen 1:16 : Want ik schaam mij van het Evangelie van Christus niet; want het is een kracht van God tot zaligheid een iedereen, die gelooft, eerst de Jood, en ook de Griek. 2 Korinthiërs 10:4 : Want de wapenen van onze krijg zijn niet vleselijk, maar krachtig door God, tot nederwerping van de sterkten; 2 Korinthiërs 10:5 : Omdat wij de overleggingen ter nederwerpen, en alle hoogte, die zich verheft tegen de kennis van God, en alle gedachte gevangen leiden tot de gehoorzaamheid van Christus; Openbaring 6:2 : En ik zag, en ziet, een wit paard, en Die daarop zat, had een boog; en Hem is een kroon gegeven, en Hij ging uit overwinnende, en opdat Hij overwonne!"
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in heilig sieraad: Hebr. in de schoonheden of versierselen der heiligheid, of in heilig sieraad; dat is, in heiligheid des levens en allrlei Christelijke deugden, die uit het geloof voortkomen. Het is een gelijkenis, genomen van de priesters van het Oude Testament, die sierlijke en heilige klederen aantrokken als zij den Levietischen goddienst verrichten zouden. Anders: in de heerlijkheden des heiligdoms, of in het sierlijke heiligdom; dat is, in den schonen tempel; met welke woorden de kerk Gods dikwijls beduid wordt.",
          "text1637": "Hebr. in de schoonheden, of vercierselen der heylicheyt, of, in heyligen cieraet, D. in heylicheyt des levens, ende allerley Christelicke deuchden, die uyt het geloove her-voor komen. Tis een gelijckenisse genomen van de Priesters des Ouden Testaments, die cierlicke ende heylige kleederen aentrocken, als sy den Levitischen Godtsdienst verrichten souden. And. In de heerlickheden des heylichdoms, of, in het cierlicke heylichdom. Dat is, in den schoonen Tempel: met welcke woorden de kercke Godes dickwils beduyt wort.",
          "text2026": "in heilig sieraad: Hebr. in de schoonheden of versierselen van de heiligheid, of in heilig sieraad; dat is, in heiligheid van het leven en allrlei Christelijke deugden, die uit het geloof voortkomen. Het is een gelijkenis, genomen van de priester van het Oude Testament, die sierlijke en heilige kleren aantrokken als zij de Levietischen goddienst verrichten zouden. Anders: in de heerlijkheden van het heiligdom, of in het sierlijke heiligdom; dat is, in de schonen tempel; met welke woorden de kerk van God dikwijls beduid wordt."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uit de baarmoeder: Dat is, uwe kinderen zullen U geboren worden, gelijk de dauw uit de baarmoeder van den dageraad. Gelijk de dauw in den dageraad als uit ene baarmoeder voortkomt en geboren wordt, en het gras met ontelbare droppels begiet en lieflijk bevochtigt, alzo zal het eerste licht der predikatie van het heilige Evangelie als een dauw ontallijk vele harten der uitverkorenen begieten en bevochtigen en die geestelijkerwijze baren. Zie Joh. 3:5 ; alwaar de Heere Christus den Heiligen Geest vergelijkt bij water, door hetwelk de aarde bevochtigd en vruchtbaar gemaakt wordt. Anders: het zal u van de baarmoeder des dageraads af een dauw van uwe jeugd wezen. Sommigen zo ouden als nieuwe leraars, verstaan deze woorden van de eeuwige geboorte des Zoons van den Vader, gesproken bij gelijkenis, genomen van menselijke geboorte, en zetten het over: Uit de baarmoeder voor den dageraad is U de dauw uwer geboorte. Anderen verstaan het van de menswording onzes Heeren Christus en zijne geboorte uit de maagd Maria. Johannes 3:5 : Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan.",
          "text1637": "D. uwe kinderen sullen u geboren worden, als de dauw uyt de baer-moeder des dageraets. Gelijck de dauw in den dageraedt, als uyt eene baer-moeder her-voor-komt ende geboren wort, ende ’t gras met ontelbare dropkens begiett, ende lieflick bevochticht: Alsoo sal het eerste licht der predicatie des H. Euangelij, als een dauw, ontallicke vele herten der uytverkorenen begieten ende bevochtigen, ende de selve geestelicker wijse baren. siet Ioh. 3.5. alwaer de Heere Christus den H. Geest vergelijckt by water, door ’t welcke de aerde bevochticht ende vruchtbaer gemaeckt wort. Anders, ’t sal u van de baer-moeder des dageraets af, een dauw van uwe jeucht wesen. sommige, so oude als nieuwe leeraers, verstaen dese woorden van de eeuwige geboorte des Soons van den Vader, gesproken by gelijckenisse, genomen van menschelicke geboorte, ende settent over: uyt de baer-moeder voor den dageraet is u de dauw uwer geboorte. Andere verstaen’t van de mensch-werdinge onses Heeren Christi, ende sijne geboorte uyt de maget Maria.",
          "text2026": "uit de baarmoeder: Dat is, uw kinderen zullen U geboren worden, gelijk de dauw uit de baarmoeder van de dageraad. Gelijk de dauw in de dageraad als uit een baarmoeder voortkomt en geboren wordt, en het gras met ontelbare droppels begiet en lieflijk bevochtigt, zo zal het eerste licht van de predikatie van het heilige Evangelie als een dauw ontallijk vele harten van de uitverkorenen begieten en bevochtigen en die geestelijkerwijze baren. Zie Joh. 3:5 ; alwaar de Heer Christus de Heilige Geest vergelijkt bij water, door dat de aarde bevochtigd en vruchtbaar gemaakt wordt. Anders: het zal u van de baarmoeder van de dageraads af een dauw van uw jeugd wezen. Sommigen zo ouden als nieuwe leraars, verstaan deze woorden van de eeuwige geboorte van de Zoon van de Vader, gesproken bij gelijkenis, genomen van menselijke geboorte, en zetten het over: Uit de baarmoeder voor de dageraad is U de dauw uw geboorte. Anderen verstaan het van de menswording onzes Heern Christus en zijn geboorte uit de maagd Maria. Johannes 3:5 : Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk van God niet ingaan."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עַמְּ/ךָ֣",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נְדָבֹת֮",
          "strongs": "H5071",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/י֪וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "חֵ֫ילֶ֥/ךָ",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּֽ/הַדְרֵי",
          "strongs": "H1926",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "קֹ֭דֶשׁ",
          "strongs": "H6944",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/רֶ֣חֶם",
          "strongs": "H7358",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁחָ֑ר",
          "strongs": "H4891",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ֝/ךָ֗",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "טַ֣ל",
          "strongs": "H2919",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יַלְדֻתֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H3208",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Uw volk zal zeer gewillig zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> op de dag van Uw legermacht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> in heilig sieraad;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uit de baarmoeder van de dageraad zal U de dauw van Uw jeugd zijn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Uw volk zal zeer gewillig zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> op den dag Uwer heirkracht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> in heilig sieraad;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uit de baarmoeder des dageraads zal U de dauw Uwer jeugd zijn.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> U volck sal seer gewillich zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> op den dach uwer heyrkracht, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> in heylige cieragien: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> uyt de baer-moeder des dageraets sal u de dauw uwer jeucht zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "Uwer heirkracht,",
          "new": "van Uw legermacht,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des dageraads",
          "new": "van de dageraad",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "De HEERE heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen: Gij zijt Priester in eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek.",
      "text1637": "De [17] HEERE heeft gesworen, ende ’t en sal hem niet berouwen, [18] Ghy zijt [19] Priester in [a] eeuwicheyt, [20] nae de ordeninge Melchizedeks.",
      "text2026": "JAHWEH heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen: U bent Priester in eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "HEERE heeft gezworen: Zie over deze psalm, inzonderheid over dit vierde vers het zevende hoofdstuk van den brief aan de Hebr. 7:4 . Hebreeën 7:4 : Aanmerkt nu, hoe groot deze geweest zij, aan denwelken ook Abraham, de patriarch, tienden gegeven heeft uit den buit.",
          "text1637": "Siet over desen Psalm, insonderheyt over dit vierde vers, het sevende capittel des briefs tot de Hebreen.",
          "text2026": "JAHWEH heeft gezworen: Zie over deze psalm, in het bijzonder over dit vierde vers het zevende hoofdstuk van de brief aan de Hebr. 7:4 . Hebreeën 7:4 : Aanmerkt nu, hoe groot deze geweest zij, aan denwelken ook Abraham, de patriarch, tienden gegeven heeft uit de buit."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij zijt: Of, wees priester, of gij zult priester wezen.",
          "text1637": "Of, weest Priester, of, ghy sult Priester wesen.",
          "text2026": "U bent: Of, wees priester, of u zult priester wezen."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Priester in eeuwigheid: Te weten, die zichzelven zal offeren op het altaar des kruises, tot verzoening van al degenen, die in hem geloven; Hebr. 5:9 , en Hebr. 5:9 , en 9, 10. Hebreeën 5:9 : En geheiligd zijnde, is Hij allen, die Hem gehoorzaam zijn, een oorzaak der eeuwige zaligheid geworden; Hebreeën 5:9 : En geheiligd zijnde, is Hij allen, die Hem gehoorzaam zijn, een oorzaak der eeuwige zaligheid geworden;",
          "text1637": "Te weten, die hem selven sal offeren, op den altaer des kruyces, tot versoeninge aller der gener, die in hem gelooven. Hebr. 5.9. ende c. 9. ende c. 10.",
          "text2026": "Priester in eeuwigheid: Te weten, die zichzelven zal offeren op het altaar van het kruis, tot verzoening van al degenen, die in hem geloven; Hebr. 5:9 , en Hebr. 5:9 , en 9, 10. Hebreeën 5:9 : En geheiligd zijnde, is Hij allen, die Hem gehoorzaam zijn, een oorzaak van de eeuwige zaligheid geworden; Hebreeën 5:9 : En geheiligd zijnde, is Hij allen, die Hem gehoorzaam zijn, een oorzaak van de eeuwige zaligheid geworden;"
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Hebr. 5:6 ; Hebr. 6:20 ; Hebr. 7:17 . Hebreeën 5:6 : Gelijk Hij ook in een andere plaats zegt: Gij zijt Priester in der eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek. Hebreeën 6:20 : Daar de Voorloper voor ons is ingegaan, namelijk Jezus, naar de ordening van Melchizedek, een Hogepriester geworden zijnde in der eeuwigheid. Hebreeën 7:17 : Want Hij getuigt: Gij zijt Priester in der eeuwigheid naar de ordening van Melchizedek.",
          "text1637": "Hebr. 5.6. ende 6.20. ende 7.17.",
          "text2026": "Hebr. 5:6 ; Hebr. 6:20 ; Hebr. 7:17 . Hebreeën 5:6 : Gelijk Hij ook in een andere plaats zegt: U bent Priester in eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek. Hebreeën 6:20 : Daar de Voorloper voor ons is ingegaan, namelijk Jezus, naar de ordening van Melchizedek, een Hogepriester geworden zijnde in eeuwigheid. Hebreeën 7:17 : Want Hij getuigt: U bent Priester in eeuwigheid naar de ordening van Melchizedek."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "naar de ordening: Of, naar de wijze van, of gelijk Melchizedek; die begin der dagen noch einde des levens had; idem, gelijk Melchizedek een koning en ook een priester geweest is, Gen. 14:18 , alzo ook Jezus Christus, wiens voorbeeld Melchizedek geweest is. Genesis 14:18 : En Melchizedek, koning van Salem, bracht voort brood en wijn; en hij was een priester des allerhoogsten Gods.",
          "text1637": "Of, nae de wijse, of, gelijckheyt Melchizedeks, die noch begin der dagen, noch eynde des levens en hadde: Item, Gelijck Melchizedek een Coninck, ende oock een Priester geweest is, Genes. 14.18. alsoo oock Iesus Christus, wiens voorbeelt Melchizedek geweest is.",
          "text2026": "naar de ordening: Of, naar de wijze van, of gelijk Melchizedek; die begin van de dagen noch einde van het leven had; idem, gelijk Melchizedek een koning en ook een priester geweest is, Gen. 14:18 , zo ook Jezus Christus, wiens voorbeeld Melchizedek geweest is. Genesis 14:18 : En Melchizedek, koning van Salem, bracht voort brood en wijn; en hij was een priester van de allerhoogste Gods."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נִשְׁבַּ֤ע",
          "strongs": "H7650",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֨ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יִנָּחֵ֗ם",
          "strongs": "H5162",
          "morph": "HVNi3ms"
        },
        {
          "woord": "אַתָּֽה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "כֹהֵ֥ן",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֑ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "דִּ֝בְרָתִ֗י",
          "strongs": "H1700",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "מַלְכִּי",
          "strongs": "H4442",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צֶֽדֶק",
          "strongs": "H4442",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> <span class=\"god-speaks\"><i>U bent<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Priester in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> eeuwigheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> naar de ordening van Melchizedek.</i></span>",
      "textSV1888_html": "De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> HEERE heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Gij zijt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Priester in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> eeuwigheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> naar de ordening van Melchizedek.",
      "text1637_html": "De <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> HEERE heeft gesworen, ende ’t en sal hem niet berouwen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> Ghy zijt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Priester in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> eeuwicheyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> nae de ordeninge Melchizedeks.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "De HEERE is aan Uw rechterhand; Hij zal koningen verslaan ten dage Zijns toorns.",
      "text1637": "[21] De Heere is aen uwe rechterhant: [22] hy sal [23] Coningen [24] verslaen [25] ten dage sijnes toorns.",
      "text2026": "JAHWEH is aan Uw rechterhand; Hij zal koningen verslaan op de dag van Zijn toorn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "aan Uw rechterhand: Te weten, de Heere Jezus Christus, die aan uw rechterhand gezeten is, en alzo spreekt hier nu David God den Vader aan; of hij spreekt het volk Gods aan, hetzelve belovende dat Christus de Heere hen zal bijstaan en verdedigen, gelijk Ps. 16:8 , en Ps. 109:31 . Psalmen 16:8 : Ik stel den HEERE geduriglijk voor mij, omdat Hij aan mijn rechterhand is, zal ik niet wankelen. Psalmen 109:31 : Want Hij zal den nooddruftige ter rechterhand staan, om hem te verlossen van degenen, die zijn ziel veroordelen.",
          "text1637": "T.w. de Heere Iesus Christus, die tot uwer rechterhant geseten is: ende alsoo spreeckt hier nu David Godt den Vader aen: ofte, hy spreeckt het volck Godes aen, het selve belovende, dat Christus de Heere haer sal bystaen, ende verdedigen, als Psal. 16.8. ende 109.31.",
          "text2026": "aan Uw rechterhand: Te weten, de Heer Jezus Christus, die aan uw rechterhand gezeten is, en zo spreekt hier nu David God de Vader aan; of hij spreekt het volk van God aan, hetzelfde belovende dat Christus de Heer hen zal bijstaan en verdedigen, gelijk Ps. 16:8 , en Ps. 109:31 . Psalmen 16:8 : Ik stel JAHWEH geduriglijk voor mij, omdat Hij aan mijn rechterhand is, zal ik niet wankelen. Psalmen 109:31 : Want Hij zal de nooddruftige ter rechterhand staan, om hem te verlossen van degenen, die zijn ziel veroordelen."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. Hij heeft koningen verslagen , voor, Hij zal koningen verslaan , een profetische wijze van spreken.",
          "text1637": "Hebr. Hy heeft Koningen verslagen, voor, hy sal Koningen verslaen. Eene Prophetische wijse van spreken.",
          "text2026": "Hebr. Hij heeft koningen verslagen , voor, Hij zal koningen verslaan , een profetische wijze van spreken."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta hier, zulke koningen en prinsen, die zich tegen Christus verzetten en zijne kerk vervolgen, gelijk Ps. 2:9 , 2:12 . Psalmen 2:9 : Gij zult hen verpletteren met een ijzeren scepter; Gij zult hen in stukken slaan als een pottenbakkersvat. Psalmen 2:12 : Kust den Zoon, opdat Hij niet toorne, en gij op den weg vergaat, wanneer Zijn toorn maar een weinig zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen.",
          "text1637": "Verst. hier sulcke Coningen ende Princen, die haer tegen Christum setten, ende sijne kercke vervolgen, als Psal. 2.9, 12.",
          "text2026": "Versta hier, zulke koningen en prinsen, die zich tegen Christus verzetten en zijn kerk vervolgen, gelijk Ps. 2:9 , 2:12 . Psalmen 2:9 : U zult hen verpletteren met een ijzeren scepter; U zult hen in stukken slaan als een pottenbakkersvat. Psalmen 2:12 : Kust de Zoon, opdat Hij niet toorne, en u op de weg vergaat, wanneer Zijn toorn maar een weinig zou ontbranden. Welgelukzalig zijn allen, die op Hem betrouwen."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. doorsteken.",
          "text1637": "Hebr. doorsteken.",
          "text2026": "Hebr. doorsteken."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ten dage Zijns toorns: Dat is, ten tijde wanneer God bestemd heeft dat zijn toorn zal uitbarsten.",
          "text1637": "D. Ten tijde wanneer Godt bestemt heeft, dat sijn toorn sal uyt-bersten.",
          "text2026": "ten dage van Zijn toorn: Dat is, ten tijde wanneer God bestemd heeft dat zijn toorn zal uitbarsten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֥/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְמִֽינְ/ךָ֑",
          "strongs": "H3225",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מָחַ֖ץ",
          "strongs": "H4272",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אַפּ֣/וֹ",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מְלָכִֽים",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> JAHWEH is aan Uw rechterhand;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> koningen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> verslaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> op de dag van Zijn toorn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> De HEERE is aan Uw rechterhand;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> koningen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> verslaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> ten dage Zijns toorns.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> De Heere is aen uwe rechterhant: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> hy sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Coningen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> verslaen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> ten dage sijnes toorns.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "ten dage Zijns toorns.",
          "new": "op de dag van Zijn toorn.",
          "principe": "V201"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Hij zal recht doen onder de heidenen; Hij zal het vol dode lichamen maken; Hij zal verslaan dengene, die het hoofd is over een groot land.",
      "text1637": "[26] Hy sal recht doen onder de heydenen, [b] hy sal ’t [27] vol doode lichamen maken: hy sal verslaen [28] den genen die ’t hooft is over een groot lant.",
      "text2026": "Hij zal recht doen onder de heidenen; Hij zal het vol dode lichamen maken; Hij zal verslaan degene, die het hoofd is over een groot land.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij zal recht doen: Dat is, Hij zal de vervolgers van zijn volk straffen.",
          "text1637": "D. hy sal de vervolgers sijnes volcx straffen.",
          "text2026": "Hij zal recht doen: Dat is, Hij zal de vervolgers van zijn volk straffen."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Openb. 14:14 ; Openb. 16:14 ; Openb. 20:8 . Openbaring 14:14 : En ik zag, en ziet, een witte wolk, en op de wolk was Een gezeten, des mensen Zoon gelijk, hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon; en in Zijn hand een scherpe sikkel. Openbaring 16:14 : Want het zijn geesten der duivelen, en zij doen tekenen, welke uitgaan tot de koningen der aarde en der gehele wereld, om die te vergaderen tot den krijg van dien groten dag des almachtigen Gods. Openbaring 20:8 : En hij zal uitgaan om de volken te verleiden, die in de vier hoeken der aarde zijn, den Gog en den Magog, om hen te vergaderen tot den krijg; welker getal is als het zand aan de zee.",
          "text1637": "Apoc. 14.14, etc. ende 16.14, etc. ende 20.8, etc.",
          "text2026": "Openb. 14:14 ; Openb. 16:14 ; Openb. 20:8 . Openbaring 14:14 : En ik zag, en ziet, een witte wolk, en op de wolk was Een gezeten, van de mensen Zoon gelijk, hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon; en in Zijn hand een scherpe sikkel. Openbaring 16:14 : Want het zijn geesten van de duivelen, en zij doen tekenen, welke uitgaan tot de koningen van de aarde en van de gehele wereld, om die te vergaderen tot de krijg van die grote dag van de almachtigen Gods. Openbaring 20:8 : En hij zal uitgaan om de volken te verleiden, die in de vier hoeken van de aarde zijn, de Gog en de Magog, om hen te vergaderen tot de krijg; van wie getal is als het zand aan de zee."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vol dode lichamen: Te weten, zijner vijanden, die in den slag zullen omkomen. Verg. Ps. 45:5 . Psalmen 45:5 : En rijd voorspoediglijk in Uw heerlijkheid, op het woord der waarheid en rechtvaardige zachtmoedigheid; en Uw rechterhand zal U vreselijke dingen leren.",
          "text1637": "T.w. sijner vyanden, die in den slach sullen omme-komen. Vergel. Psal. 45. op vers 5.",
          "text2026": "vol dode lichamen: Te weten, zijn vijanden, die in de slag zullen omkomen. Verg. Ps. 45:5 . Psalmen 45:5 : En rijd voorspoediglijk in Uw heerlijkheid, op het woord van de waarheid en rechtvaardige zachtmoedigheid; en Uw rechterhand zal U vreselijke dingen leren."
        },
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "dengene, die het: Sommigen verstaan door deze woorden den antichrist, heersende over vele landen, ja den duivel zelf; anderen duiden het op de boze regeerders in het algemeen.",
          "text1637": "Sommige verstaen door dese woorden den Antichrist, heerschende over vele landen: Ia den Duyvel selfs: Andere duydent op de boose Regeerders in’t gemeen.",
          "text2026": "dengene, die het: Sommigen verstaan door deze woorden de antichrist, heersende over vele landen, ja de duivel zelf; anderen duiden het op de boze regeerders in het algemeen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָדִ֣ין",
          "strongs": "H1777",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ֭/גּוֹיִם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "מָלֵ֣א",
          "strongs": "H4390",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "גְוִיּ֑וֹת",
          "strongs": "H1472",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "מָ֥חַץ",
          "strongs": "H4272",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "רֹ֝֗אשׁ",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֶ֥רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "רַבָּֽה",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAafsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Hij zal recht doen onder de heidenen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Hij zal het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> vol dode lichamen maken; Hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> verslaan degene, die het hoofd is over een groot land.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Hij zal recht doen onder de heidenen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Hij zal het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> vol dode lichamen maken; Hij zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> verslaan dengene, die het hoofd is over een groot land.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Hy sal recht doen onder de heydenen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> hy sal ’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> vol doode lichamen maken: hy sal verslaen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> den genen die ’t hooft is over een groot lant.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dengene,",
          "new": "degene,",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Hij zal op den weg uit de beek drinken; daarom zal Hij het hoofd omhoog heffen.",
      "text1637": "[29] Hy sal op den wech uyt de beke drincken: daerom sal [30] hy het hooft om hooge heffen.",
      "text2026": "Hij zal op de weg uit de beek drinken; daarom zal Hij het hoofd omhoog heffen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij zal op den: Dat is, Hij zal uit de drinkbeker van Gods toorn drinken en alzo in zijne heerlijkheid ingaan. Alzo dat hier de staat zijner vernedering en verhoging samengevoegd worden. Of hij wil zeggen: Christus zal de victorie over de vijanden zijner kerk zolang vervolgen, totdat Hij hen verslagen of teniet gebracht zal hebben. En dit zal Hij met zulken ernst en ijver doen, dat Hij den tijd niet nemen zal om lang te rusten en zich met spijs en drank verkwikken; maar Hij zal zijn dorst lessen met water uit de beken, die Hij bij den weg, in het vervolgen zijner vijanden, vinden zal. Dit is bij gelijkenis gesproken, zijnde dit de zin dezer woorden in het kort: Christus zal zich zijne vijanden volkomenlijk onderwerpen en zijn volk uit hunne handen verlossen. Verg. hiermede de historie van Gideon, Richt. 7:4 , 7:5 , 7:6 , 7:7 , enz. Richteren 7:4 : En de HEERE zeide tot Gideon: Nog is des volks te veel; doe hen afgaan naar het water, en Ik zal ze u aldaar beproeven; en het zal geschieden, van welken Ik tot u zeggen zal: Deze zal met u trekken, die zal met u trekken; maar al degene, van welken Ik zeggen zal: Deze zal niet met u trekken, die zal niet trekken. Richteren 7:5 : En hij deed het volk afgaan naar het water. Toen zeide de HEERE tot Gideon: Al wie met zijn tong uit het water zal lekken, gelijk als een hond zou lekken, dien zult gij alleen stellen; desgelijks al wie op zijn knieën zal bukken om te drinken. Richteren 7:6 : Toen was het getal dergenen, die met hun hand tot hun mond gelekt hadden, driehonderd man; maar alle overigen des volks hadden op hun knieën gebukt, om water te drinken. Richteren 7:7 : En de HEERE zeide tot Gideon: Door deze driehonderd mannen, die gelekt hebben, zal Ik ulieden verlossen, en de Midianieten in uw hand geven; daarom laat al dat volk weggaan, een ieder naar zijn plaats.",
          "text1637": "Dat is, hy sal uyt den drinckbeker van Godts toorn drincken, ende alsoo in sijne heerlickheyt ingaen. alsoo dat hier de staet sijner vernederinge, ende verhooginge t’samen gevoecht worden. Ofte, hy wil seggen, Christus sal de victorie over de vyanden sijner kercke soo lange vervolgen, tot dat hyse verslagen, ofte te niete sal gebracht hebben: Ende dit sal hy met sulcken eernst ende yver doen, dat hy den tijt niet nemen sal, om lange te rusten, ende sich met spijse ende dranck te verquicken: Maer hy sal sijnen dorst lesschen met het water uyt de beken, die hy by den wech in het vervolgen sijner vyanden, vinden sal. Dit is by gelijckenisse gesproken, zijnde dit de sin deser woorden in ’t korte, Christus sal sich sijne vyanden volkomelick onderwerpen, ende sijn volck uyt hare handen verlossen. Vergelijckt hier mede de historie van Gideon, Iud. 7. versen 4, 5, 6, 7, etc.",
          "text2026": "Hij zal op de: Dat is, Hij zal uit de drinkbeker van Gods toorn drinken en zo in zijn heerlijkheid ingaan. Zo dat hier de staat zijn vernedering en verhoging samengevoegd worden. Of hij wil zeggen: Christus zal de victorie over de vijanden zijn kerk zolang vervolgen, totdat Hij hen verslagen of teniet gebracht zal hebben. En dit zal Hij met zulken ernst en ijver doen, dat Hij de tijd niet nemen zal om lang te rusten en zich met voedsel en drank verkwikken; maar Hij zal zijn dorst lessen met water uit de beken, die Hij bij de weg, in het vervolgen zijn vijanden, vinden zal. Dit is bij gelijkenis gesproken, zijnde dit de zin van deze woorden in het kort: Christus zal zich zijn vijanden volkomenlijk onderwerpen en zijn volk uit hun handen verlossen. Verg. hiermee de historie van Gideon, Richt. 7:4 , 7:5 , 7:6 , 7:7 , enz. Richteren 7:4 : En JAHWEH zei tot Gideon: Nog is van het volk te veel; doe hen afgaan naar het water, en Ik zal ze u daar beproeven; en het zal gebeuren, van welke Ik tot u zeggen zal: Deze zal met u trekken, die zal met u trekken; maar al degene, van welke Ik zeggen zal: Deze zal niet met u trekken, die zal niet trekken. Richteren 7:5 : En hij deed het volk afgaan naar het water. Toen zei JAHWEH tot Gideon: Al wie met zijn tong uit het water zal likken, gelijk als een hond zou likken, die zult u alleen stellen; evenzo al wie op zijn knieën zal bukken om te drinken. Richteren 7:6 : Toen was het getal dergenen, die met hun hand tot hun mond gelikt hadden, driehonderd man; maar alle overigen van het volk hadden op hun knieën gebukt, om water te drinken. Richteren 7:7 : En JAHWEH zei tot Gideon: Door deze driehonderd mannen, die gelikt hebben, zal Ik u verlossen, en de Midianieten in uw hand geven; daarom laat al dat volk weggaan, een ieder naar zijn plaats."
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij het hoofd omhoog heffen: Dat is, Hij, te weten Christus, zal na zijnen dood verrijzen en tot de hoogste heerlijkheid verhoogd worden. Zie Filipp. 2:8 , 2:9 . Filippensen 2:8 : En in gedaante gevonden als een mens, heeft Hij Zichzelven vernederd, gehoorzaam geworden zijnde tot den dood, ja, den dood des kruises. Filippensen 2:9 : Daarom heeft Hem ook God uitermate verhoogd, en heeft Hem een Naam gegeven, welke boven allen naam is;",
          "text1637": "D. Hy) Te weten, Christus. sal na sijne doot verrijsen, ende tot de hoochste heerlickheyt verhoocht worden. Siet Philip. 2. versen 8, 9.",
          "text2026": "Hij het hoofd omhoog heffen: Dat is, Hij, te weten Christus, zal na zijn dood verrijzen en tot de hoogste heerlijkheid verhoogd worden. Zie Filipp. 2:8 , 2:9 . Filippensen 2:8 : En in gedaante gevonden als een mens, heeft Hij Zichzelven vernederd, gehoorzaam geworden zijnde tot de dood, ja, de dood van het kruis. Filippensen 2:9 : Daarom heeft Hem ook God bovenmate verhoogd, en heeft Hem een Naam gegeven, welke boven alle naam is;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ֭/נַּחַל",
          "strongs": "H5158",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/דֶּ֣רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁתֶּ֑ה",
          "strongs": "H8354",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֝֗ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "יָרִ֥ים",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HVhi3ms"
        },
        {
          "woord": "רֹֽאשׁ",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Hij zal op de weg uit de beek drinken; daarom zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Hij het hoofd omhoog heffen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Hij zal op den weg uit de beek drinken; daarom zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Hij het hoofd omhoog heffen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> Hy sal op den wech uyt de beke drincken: daerom sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> hy het hooft om hooge heffen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "In desen Psalm (zijnde een kort begrijp des gantschen Euangeliums) spreeckt David van de beroepinge Iesu Christi tot het geestelicke Coninckrijcke sijner Gemeynte, ende sijn eeuwich Priesterdom: Te gelijcke stelt hy voor oogen, de geweldige overwinninge over sijne vyanden, ende sijne triumphe over de selve.",
    "text2026": "In deze psalm (die een korte samenvatting van het gehele Evangelie is) spreekt David van de roeping van Jezus Christus tot het geestelijk Koninkrijk van Zijn gemeente en van Zijn eeuwig Priesterschap. Tevens stelt hij voor ogen de geweldige overwinning over Zijn vijanden en Zijn triomf over hen."
  }
}
