{
  "number": 120,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een lied op Hammaaloth. Ik heb tot den HEERE geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord.",
      "text1637": "EEn Liedt [1] Hammaaloth. Ick hebbe tot den HEERE geroepen in mijne benautheyt, ende [2] hy heeft my verhoort.",
      "text2026": "Een lied op Hammaäloth. Ik heb tot JAHWEH geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, der opstijging, of der trappen. Waarvan deze psalm en veertien navolgende dezen naam hebben, daar van is verscheiden gevoelen. Sommigen menen dat zij alzo genoemd werden omdat zij gezongen werden door de Levieten, staande op zekere trappen. Anderen anders.",
          "text1637": "D. der opstijginge, ofte, der trappen. waer van desen psalm, ende veertien navolgende desen naem hebben, daer van is verscheyden gevoelen. sommige meynen datse alsoo genoemt wierden om datse gesongen wierden van de Leviten staende op sekere trappen. andere anders.",
          "text2026": "Dat is, van de opstijging, of van de trappen. Waarvan deze psalm en veertien navolgende deze naam hebben, daar van is verscheiden gevoelen. Sommigen menen dat zij zo genoemd werden omdat zij gezongen werden door de Levieten, staande op zekere trappen. Anderen anders."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij heeft mij verhoord: Dat is, Hij heeft mij verlost.",
          "text1637": "D. hy heeft my verlost.",
          "text2026": "Hij heeft mij verhoord: Dat is, Hij heeft mij verlost."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׁ֗יר",
          "strongs": "H7892",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הַֽ/מַּ֫עֲל֥וֹת",
          "strongs": "H4609",
          "morph": "HTd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בַּ/צָּרָ֣תָ/ה",
          "strongs": "H6869",
          "morph": "HRd/Ncfsa/Sh"
        },
        {
          "woord": "לִּ֑/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "קָ֝רָ֗אתִי",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/יַּעֲנֵֽ/נִי",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HC/Vqw3ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een lied<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> op Hammaäloth. Ik heb tot JAHWEH geroepen in mijn benauwdheid, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Hij heeft mij verhoord.",
      "textSV1888_html": "Een lied<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> op Hammaaloth. Ik heb tot den HEERE geroepen in mijn benauwdheid, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Hij heeft mij verhoord.",
      "text1637_html": "EEn Liedt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Hammaaloth. Ick hebbe tot den HEERE geroepen in mijne benautheyt, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> hy heeft my verhoort.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Hammaaloth.",
          "new": "Hammaäloth.",
          "principe": "V512"
        },
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O HEERE! red mijn ziel van de valse lippen, van de bedriegelijke tong.",
      "text1637": "[a] O HEERE, reddet [3] mijne ziele van de valsche lippe: van de bedriechlicke tonge.",
      "text2026": "O JAHWEH! red mijn ziel van de valse lippen, van de bedriegelijke tong.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Sam. 24:10 ; 1 Sam. 26:19 . 1 Samuël 24:10 : En David zeide tot Saul: Waarom hoort gij de woorden der mensen, zeggende: Zie, David zoekt uw kwaad? 1 Samuël 26:19 : En nu, mijn heer de koning hore toch naar de woorden zijns knechts. Indien de HEERE u tegen mij aanport, laat Hem het spijsoffer rieken; maar indien het mensenkinderen zijn, zo zijn zij vervloekt voor het aangezicht des HEEREN, dewijl zij mij heden verstoten, dat ik niet mag vastgehecht blijven in het erfdeel des HEEREN, zeggende: Ga heen, dien andere goden.",
          "text1637": "1.Sam. 24.10. ende 26.19.",
          "text2026": "1 Sam. 24:10 ; 1 Sam. 26:19 . 1 Samuël 24:10 : En David zei tot Saul: Waarom hoort u de woorden van de mensen, zeggende: Zie, David zoekt uw kwaad? 1 Samuël 26:19 : En nu, mijn heer de koning hore toch naar de woorden zijns knechts. Als JAHWEH u tegen mij aanport, laat Hem het spijsoffer rieken; maar als het mensenkinderen zijn, zo zijn zij vervloekt voor het aangezicht van JAHWEH, omdat zij mij heden verstoten, dat ik niet mag vastgehecht blijven in het erfdeel van JAHWEH, zeggende: Ga heen, die andere goden."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "red mijn ziel: Dat is, mij, of verlos mijn ziel; dat is, mijn leven, te weten, dat het mij niet benomen worde.",
          "text1637": "D. my, Of, verlost mijne ziele, D. mijn leven, T.w. dat het my niet benomen en worde.",
          "text2026": "red mijn ziel: Dat is, mij, of verlos mijn ziel; dat is, mijn leven, te weten, dat het mij niet benomen worde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְֽהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַצִּ֣ילָ/ה",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "נַ֭פְשִׁ/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/שְּׂפַת",
          "strongs": "H8193",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֑קֶר",
          "strongs": "H8267",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/לָּשׁ֥וֹן",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "רְמִיָּֽה",
          "strongs": "H7423",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> O JAHWEH! red<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> mijn ziel van de valse lippen, van de bedriegelijke tong.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> O HEERE! red<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> mijn ziel van de valse lippen, van de bedriegelijke tong.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> O HEERE, reddet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> mijne ziele van de valsche lippe: van de bedriechlicke tonge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Wat zal U de bedriegelijke tong geven, of wat zal zij U toevoegen?",
      "text1637": "[4] Wat sal u de bedriechlicke tonge geven? of wat salse u toevoegen?",
      "text2026": "Wat zal U de bedriegelijke tong geven, of wat zal zij U toevoegen?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Wat zal U: Hij keert zich tot de leugensprekers, en hij spreekt elk hunner hoofd voor hoofd aan, hun verwijtende hunne boosheid. Anders: wat zal Hij u geven, o bedriegelijke tong? Hij te weten, God.",
          "text1637": "Hy keert hem tot de leugen-sprekers, ende hy spreeckt elck een der selver hooft voor hooft aen, haer verwijtende hare boosheyt. And. Wat sal hy u geven, ô bedriechlicke tonge? Hy, T.w. Godt.",
          "text2026": "Wat zal U: Hij keert zich tot de leugensprekers, en hij spreekt elk hun hoofd voor hoofd aan, hun verwijtende hun boosheid. Anders: wat zal Hij u geven, o bedriegelijke tong? Hij te weten, God."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מַה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "יִּתֵּ֣ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ֭/ךָ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/מַה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HC/Ti"
        },
        {
          "woord": "יֹּסִ֥יף",
          "strongs": "H3254",
          "morph": "HVhi3ms"
        },
        {
          "woord": "לָ֗/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "לָשׁ֥וֹן",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "רְמִיָּֽה",
          "strongs": "H7423",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Wat zal U de bedriegelijke tong geven, of wat zal zij U toevoegen?",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Wat zal U de bedriegelijke tong geven, of wat zal zij U toevoegen?",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Wat sal u de bedriechlicke tonge geven? of wat salse u toevoegen?"
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Scherpe pijlen eens machtigen, mitsgaders gloeiende jeneverkolen.",
      "text1637": "[b] [5] Scherpe pijlen eenes machtigen: mitsgaders [6] gloeyende [7] jenever-kolen.",
      "text2026": "Scherpe pijlen van een machtige, en ook gloeiende jeneverkolen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 11:2 ; Ps. 59:8 . Psalmen 11:2 : Want ziet, de goddelozen spannen den boog, zij schikken hun pijlen op de pees, om in het donkere te schieten naar de oprechten van harte. Psalmen 59:8 : Zie, zij storten overvloediglijk uit met hun mond; zwaarden zijn op hun lippen; want wie hoort het?",
          "text1637": "Psal. 11.2. ende 59.8.",
          "text2026": "Ps. 11:2 ; Ps. 59:8 . Psalmen 11:2 : Want ziet, de goddelozen spannen de boog, zij schikken hun pijlen op de pees, om in het donkere te schieten naar de oprechten van hart. Psalmen 59:8 : Zie, zij storten overvloediglijk uit met hun mond; zwaarden zijn op hun lippen; want wie hoort het?"
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Scherpe pijlen: Dat is, pijlen die van een sterk man geschoten worden. Der kwade tongen kwade en lasterlijke woorden worden ook pijlen genoemd, Ps. 64:4 , en Spreuk. 25:18 . Psalmen 64:4 : Die hun tong scherpen als een zwaard, een bitter woord aanleggen als hun pijl; Spreuken 25:18 : Een man, tegen zijn naaste een valse getuigenis sprekende, is een hamer, en zwaard, en scherpe pijl.",
          "text1637": "D. Pylen die van een sterck man geschoten worden. Der quader tongen quade ende lasterlicke woorden, worden oock pijlen genoemt Psal. 64.4. ende Prov. 25.18.",
          "text2026": "Scherpe pijlen: Dat is, pijlen die van een sterk man geschoten worden. Van de kwade tongen kwade en lasterlijke woorden worden ook pijlen genoemd, Ps. 64:4 , en Spr. 25:18 . Psalmen 64:4 : Die hun tong scherpen als een zwaard, een bitter woord aanleggen als hun pijl; Spreuken 25:18 : Een man, tegen zijn naaste een valse getuigenis sprekende, is een hamer, en zwaard, en scherpe pijl."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die namelijk haast aan brand komen, zeer hittigen brand geven en de hitte lang behouden.",
          "text1637": "Die namelick haest aen brandt komen, seer hittigen brandt geven, ende de hitte lange behouden.",
          "text2026": "Die namelijk haast aan brand komen, zeer hittigen brand geven en de hitte lang behouden."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 1 Kon. 19:4 . 1 Koningen 19:4 : Maar hij zelf ging henen in de woestijn een dagreis, en kwam, en zat onder een jeneverboom; en bad, dat zijn ziel stierve, en zeide: Het is genoeg; neem nu, HEERE, mijn ziel, want ik ben niet beter dan mijn vaderen.",
          "text1637": "Siet 1.Reg. 19.5.",
          "text2026": "Zie 1 Kon. 19:4 . 1 Koningen 19:4 : Maar hij zelf ging heen in de woestijn een dagreis, en kwam, en zat onder een jeneverboom; en bad, dat zijn ziel stierve, en zei: Het is genoeg; neem nu, JAHWEH, mijn ziel, want ik ben niet beter dan mijn vaders."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חִצֵּ֣י",
          "strongs": "H2671",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "גִבּ֣וֹר",
          "strongs": "H1368",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "שְׁנוּנִ֑ים",
          "strongs": "H8150",
          "morph": "HVqsmpa"
        },
        {
          "woord": "עִ֝֗ם",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "גַּחֲלֵ֥י",
          "strongs": "H1513",
          "morph": "HNcbpc"
        },
        {
          "woord": "רְתָמִֽים",
          "strongs": "H7574",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Scherpe pijlen van een machtige, en ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> gloeiende<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> jeneverkolen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Scherpe pijlen eens machtigen, mitsgaders<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> gloeiende<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> jeneverkolen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Scherpe pijlen eenes machtigen: mitsgaders <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> gloeyende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> jenever-kolen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "eens machtigen, mitsgaders",
          "new": "van een machtige, en ook",
          "principe": "V7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "O, wee mij, dat ik een vreemdeling ben in Mesech, dat ik in de tenten Kedars wone.",
      "text1637": "O wee my, dat ick een vreemdelinck ben [8] [in] Mesech: dat ick in de tenten [9] Kedars woone.",
      "text2026": "O, wee mij, dat ik een vreemdeling ben in Mesech, dat ik in de tenten Kedars woon.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in Mesech: Dat is, onder een onheilig en goddeloos volk, gelijk de nakomelingen van Mesech en Kedar waren. Zie Gen. 10:2 , en Gen. 25:13 . Genesis 10:2 : De zonen van Jafeth zijn: Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Thiras. Genesis 25:13 : En dit zijn de namen der zonen van Ismaël, met hun namen naar hun geboorten. De eerstgeborene van Ismaël, Nabajoth; daarna Kedar, en Adbeel, en Mibsam,",
          "text1637": "Dat is, onder een onheylich ende godtloos volck, gelijck de nakomelingen van Mesech ende Kedar waren. Siet Genes. 10.2. ende 25.13.",
          "text2026": "in Mesech: Dat is, onder een onheilig en goddeloos volk, gelijk de nakomelingen van Mesech en Kedar waren. Zie Gen. 10:2 , en Gen. 25:13 . Genesis 10:2 : De zonen van Jafeth zijn: Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Thiras. Genesis 25:13 : En dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen naar hun geboorten. De eerstgeborene van Ismaël, Nabajoth; daarna Kedar, en Adbeel, en Mibsam,"
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "tenten Kedars: Kedar is geweest de zoon van Ismaël, Gen. 25:13 , wiens kinderen in het steenachtig Arabië woonden en zich in tenten onthielden; Jes. 21:13 , 21:17 . Genesis 25:13 : En dit zijn de namen der zonen van Ismaël, met hun namen naar hun geboorten. De eerstgeborene van Ismaël, Nabajoth; daarna Kedar, en Adbeel, en Mibsam, Jesaja 21:13 : De last tegen Arabië. In het woud van Arabië zult gijlieden vernachten, o gij reizende gezelschappen van Dedanieten! Jesaja 21:17 : En het overgebleven getal der schutters, de helden der Kedarenen, zullen minder worden, want de HEERE, de God Israëls heeft het gesproken.",
          "text1637": "Kedar is geweest de sone Ismaels, Gen. 25.13. wiens kinderen in het steenachtige Arabien woonden, ende haer in tenten onthielden, Iesa. 21.13. ende 17.",
          "text2026": "tenten Kedars: Kedar is geweest de zoon van Ismaël, Gen. 25:13 , wiens kinderen in het steenachtig Arabië woonden en zich in tenten onthielden; Jes. 21:13 , 21:17 . Genesis 25:13 : En dit zijn de namen van de zonen van Ismaël, met hun namen naar hun geboorten. De eerstgeborene van Ismaël, Nabajoth; daarna Kedar, en Adbeel, en Mibsam, Jesaja 21:13 : De last tegen Arabië. In het woud van Arabië zult u overnachten, o u reizende gezelschappen van Dedanieten! Jesaja 21:17 : En het overgebleven getal van de schutters, de helden van de Kedarenen, zullen minder worden, want JAHWEH, de God van Israël heeft het gesproken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֽוֹיָה",
          "strongs": "H190",
          "morph": "HTj"
        },
        {
          "woord": "לִ֭/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "גַ֣רְתִּי",
          "strongs": "H1481",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֶ֑שֶׁךְ",
          "strongs": "H4902",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֝כַ֗נְתִּי",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "עִֽם",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אָהֳלֵ֥י",
          "strongs": "H168",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "קֵדָֽר",
          "strongs": "H6938",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "O, wee mij, dat ik een vreemdeling ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> in Mesech, dat ik in de tenten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Kedars woon.",
      "textSV1888_html": "O, wee mij, dat ik een vreemdeling ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> in Mesech, dat ik in de tenten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Kedars wone.",
      "text1637_html": "O wee my, dat ick een vreemdelinck ben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> [in] Mesech: dat ick in de tenten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Kedars woone.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wone.",
          "new": "woon.",
          "principe": "V511"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Mijn ziel heeft lang gewoond bij degenen, die den vrede haten.",
      "text1637": "[10] Mijne ziele heeft lange gewoont [11] by de gene die den vrede haten.",
      "text2026": "Mijn ziel heeft lang gewoond bij degenen, die de vrede haten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Mijn ziel heeft: Anders: mijn ziel, [dat is, ik] heeft voor hen lang gewoond; en, voor hen, of voor zich; dat is, naar hun dunken, gelijk Ps. 123:4 . Psalmen 123:4 : Onze ziel is veel te zat des spots der weelderigen, der verachting der hovaardigen.",
          "text1637": "And. Mijne ziele, (D. Ick) heeft voor haer lange gewoont: Ende voor haer, of, voor sich, D. nae haer duncken, als Psal. 123.4.",
          "text2026": "Mijn ziel heeft: Anders: mijn ziel, [dat is, ik] heeft voor hen lang gewoond; en, voor hen, of voor zich; dat is, naar hun dunken, gelijk Ps. 123:4 . Psalmen 123:4 : Onze ziel is veel te zat van de spots van de weelderigen, van de verachting van de hovaardigen."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "bij degenen: Met deze woorden geeft de psalmist te kennen wie hij door die van Mesech en Kedar verstaat.",
          "text1637": "Met dese woorden geeft de Psalmist te kennen, wie hy door die van Mesech ende Kedar verstaet.",
          "text2026": "bij degenen: Met deze woorden geeft de psalmist te kennen wie hij door die van Mesech en Kedar verstaat."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רַ֭בַּת",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAafsc"
        },
        {
          "woord": "שָֽׁכְנָה",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "לָּ֣/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֑/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עִ֝֗ם",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "שׂוֹנֵ֥א",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HVqrmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׁלֽוֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Mijn ziel heeft lang<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> gewoond bij degenen, die de vrede haten.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Mijn ziel heeft lang<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> gewoond bij degenen, die den vrede haten.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Mijne ziele heeft lange gewoont <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> by de gene die den vrede haten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Ik ben vreedzaam; maar als ik spreek, zijn zij aan den oorlog.",
      "text1637": "[12] Ick ben vreedsaem: maer [13] als ick spreke, sy zijn aen d’oorloge.",
      "text2026": "Ik ben vreedzaam; maar als ik spreek, zijn zij aan de oorlog.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik ben vreedzaam: Hebr., שָׁלוֹם, Ik ben vrede. Zie de gelijke manier van spreken Ps. 109:4 , en zie de aantekening aldaar, alsook op 2 Sam. 17:3 . Psalmen 109:4 : Voor mijn liefde, staan zij mij tegen; maar ik was steeds in het gebed. 2 Samuël 17:3 : En ik zal al het volk tot u doen wederkeren; de man, dien gij zoekt, is gelijk het wederkeren van allen; zo zal al het volk in vrede zijn.",
          "text1637": "Hebr. Ick ben vrede. siet een gelijcke maniere van spreken, Psal. 109.4. ende siet d’aent. aldaer, als oock op 2.Sam. 17.3.",
          "text2026": "Ik ben vreedzaam: Hebr., שָׁלוֹם, Ik ben vrede. Zie de gelijke manier van spreken Ps. 109:4 , en zie de aantekening daar, alsook op 2 Sam. 17:3 . Psalmen 109:4 : Voor mijn liefde, staan zij mij tegen; maar ik was steeds in het gebed. 2 Samuël 17:3 : En ik zal al het volk tot u doen terugkeren; de man, die u zoekt, is gelijk het terugkeren van allen; zo zal al het volk in vrede zijn."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als ik spreek: Dat is, als ik spreek of vermaan van vrede, zo vallen zij straks aan het oorlogen. Of, zij mogen mij niet horen spreken.",
          "text1637": "D. als ick spreke of vermane van vrede, so vallen sy stracks aen ’t oorlogen. ofte, sy en mogen my niet hooren spreken.",
          "text2026": "als ik spreek: Dat is, als ik spreek of vermaan van vrede, zo vallen zij straks aan het oorlogen. Of, zij mogen mij niet horen spreken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲֽנִי",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֭לוֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כִ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC/C"
        },
        {
          "woord": "אֲדַבֵּ֑ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpi1cs"
        },
        {
          "woord": "הֵ֝֗מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HPp3mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/מִּלְחָמָֽה",
          "strongs": "H4421",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Ik ben vreedzaam; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> als ik spreek, zijn zij aan de oorlog.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Ik ben vreedzaam; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> als ik spreek, zijn zij aan den oorlog.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Ick ben vreedsaem: maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> als ick spreke, sy zijn aen d’oorloge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Een gebedt tegen de quade tongen, ofte valsche lasteraers: mitsgaders een klachte des Psalmists, dat hy nootsakelick met de boose menschen moest ommegaen.",
    "text2026": "Een gebed tegen de kwade tongen, of valse lasteraars; alsook een klacht van de psalmist dat hij noodzakelijk met de boze mensen moest omgaan."
  }
}