{
  "number": 127,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een lied Hammaaloth, van Salomo. Zo de HEERE het huis niet bouwt, te vergeefs arbeiden deszelfs bouwlieden daaraan; zo de HEERE de stad niet bewaart, te vergeefs waakt de wachter.",
      "text1637": "[1] EEn Liedt Hammaaloth, [2] van Salomo. So de HEERE [3] het Huys niet en bouwt, te vergeefs arbeyden des selven bouwlieden daer aen: so de HEERE [3] de Stadt niet en bewaert, te vergeefs waeckt de wachter.",
      "text2026": "Een lied Hammaäloth, van Salomo. Zo JAHWEH het huis niet bouwt, te vergeefs arbeiden daarvan bouwers daaraan; zo JAHWEH de stad niet bewaart, te vergeefs waakt de wachter.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "lied Hammaäloth: Zie Ps. 120:1 . Psalmen 120:1 : Een lied op Hammaaloth. Ik heb tot den HEERE geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord.",
          "text1637": "Siet Psal. 120.1.",
          "text2026": "lied Hammaäloth: Zie Ps. 120:1 . Psalmen 120:1 : Een lied op Hammaäloth. Ik heb tot JAHWEH geroepen in mijn benauwdheid, en Hij heeft mij verhoord."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "van Salomo: Dat is, gedicht van Salomo. Anders: voor Salomo; dat is, gedicht van David tot onderwijzing van zijn zoon Salomo. Alzo ook Ps. 72 ;1.",
          "text1637": "D. gedicht van Salomo. Anders voor Salomo, D. gedicht van David, tot onderwijsinge sijnes soons Salomo. alsoo oock Psal. 72.1.",
          "text2026": "van Salomo: Dat is, gedicht van Salomo. Anders: voor Salomo; dat is, gedicht van David tot onderwijzing van zijn zoon Salomo. Zo ook Ps. 72 ;1."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "het huis niet bouwt, … de stad niet bewaart: Versta hier door het bouwen en bewaren des huizes en der stad, niet alleen het materiële getimmer, maar ook den staat en het gouvernement, zowel in 't particulier, als in 't gemeen over koninkrijken, landen en steden, kerken en gemeenten.",
          "text1637": "Verst. hier door het bouwen ende bewaren des huyses ende der Stadt, niet alleen het materiale getimmer: Maer oock den staet ende ’t gouvernement, soo in het particulier, als in’t gemeen over Conincrijcken, landen en steden: kercken ende Gemeynten.",
          "text2026": "het huis niet bouwt, … de stad niet bewaart: Versta hier door het bouwen en bewaren van het huis en van de stad, niet alleen het materiële getimmer, maar ook de staat en het gouvernement, zowel in 't particulier, als in 't gemeen over koninkrijken, landen en steden, kerken en gemeenten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׁ֥יר",
          "strongs": "H7892",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הַֽ/מַּֽעֲל֗וֹת",
          "strongs": "H4609",
          "morph": "HTd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "לִ/שְׁלֹ֫מֹ֥ה",
          "strongs": "H8010",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִבְנֶ֬ה",
          "strongs": "H1129",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בַ֗יִת",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֤וְא",
          "strongs": "H7723",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עָמְל֣וּ",
          "strongs": "H5998",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "בוֹנָ֣י/ו",
          "strongs": "H1129",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בּ֑/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁמָר",
          "strongs": "H8104",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "עִ֝֗יר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֤וְא",
          "strongs": "H7723",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "שָׁקַ֬ד",
          "strongs": "H8245",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "שׁוֹמֵֽר",
          "strongs": "H8104",
          "morph": "HVqrmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een lied Hammaäloth,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> van Salomo. Zo JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> het huis niet bouwt, te vergeefs arbeiden daarvan bouwers daaraan; zo JAHWEH de stad niet bewaart, te vergeefs waakt de wachter.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een lied Hammaaloth,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> van Salomo. Zo de HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> het huis niet bouwt, te vergeefs arbeiden deszelfs bouwlieden daaraan; zo de HEERE de stad niet bewaart, te vergeefs waakt de wachter.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> EEn Liedt Hammaaloth, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> van Salomo. So de HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> het Huys niet en bouwt, te vergeefs arbeyden des selven bouwlieden daer aen: so de HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> de Stadt niet en bewaert, te vergeefs waeckt de wachter.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Hammaaloth,",
          "new": "Hammaäloth,",
          "principe": "V512"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "deszelfs bouwlieden",
          "new": "daarvan bouwers",
          "principe": "V110"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Het is te vergeefs, dat gijlieden vroeg opstaat, laat opblijft, eet brood der smarten; het is alzo, dat Hij het Zijn beminden als in den slaap geeft.",
      "text1637": "[4] ’T is te vergeefs dat ghylieden [5] vroech opstaet, late [6] op blijft, [7] etet broot der smerten: ’t is alsoo, dat [8] hy ’t [9] sijnen beminden [10] [als in] den slaep geeft.",
      "text2026": "Het is te vergeefs, dat u vroeg opstaat, laat opblijft, eet brood van de smarten; het is zo, dat Hij het Zijn geliefden als in de slaap geeft.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Het is tevergeefs: Te weten, hetzij dat gij den zegen des Heeren hebt.",
          "text1637": "T.w. ten zy dat ghy den segen des Heeren hebt.",
          "text2026": "Het is tevergeefs: Te weten, hetzij dat u de zegen van de Heer hebt."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vroeg opstaat: Te weten, om te arbeiden.",
          "text1637": "T.w. om te arbeyden.",
          "text2026": "vroeg opstaat: Te weten, om te arbeiden."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. zit; te weten om met arbeiden den kost te winnen.",
          "text1637": "Hebr. sitt. T.w. om met arbeyden den kost te winnen.",
          "text2026": "Hebr. zit; te weten om met arbeiden het voedsel te winnen."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "eet brood der smarten: Dat is, zuur brood, brood met veel zorg en moeite verkregen. Zie de aantekening 1 Kon. 22:27 . Anders, brood der bekommeringen. 1 Koningen 22:27 : En gij zult zeggen: Zo zegt de koning: Zet dezen in het gevangenhuis, en spijst hem met brood der bedruktheid, en met water der bedruktheid, totdat ik met vrede wederkom.",
          "text1637": "D. suer broot, Broot met veel sorge ende moeyte verkregen. siet de aenteeck. 1.Reg. 22. op vers 27. Anders broot der bekommeringen.",
          "text2026": "eet brood van de smarten: Dat is, zuur brood, brood met veel zorg en moeite verkregen. Zie de aantekening 1 Kon. 22:27 . Anders, brood van de bekommeringen. 1 Koningen 22:27 : En u zult zeggen: Zo zegt de koning: Zet deze in het gevangenhuis, en spijst hem met brood van de bedruktheid, en met water van de bedruktheid, totdat ik met vrede wederkom."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, God.",
          "text1637": "T.w. Godt.",
          "text2026": "Te weten, God."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zijn beminden: Het schijnt dat David hier inzonderheid op Salomo ziet, die 2 Sam. 12:25 genoemd wordt Jedid Jah; dat is, beminde des Heeren. 2 Samuël 12:25 : En zond heen door de hand van den profeet Nathan, en noemde zijn naam Jedid-jah, om des HEEREN wil.",
          "text1637": "’Tschijnt dat David hier insonderheyt op Salomon siet, die 2.Sam. 12.25. genoemt wort Iedid-Iah. D. beminde des Heeren.",
          "text2026": "Zijn beminden: Het schijnt dat David hier in het bijzonder op Salomo ziet, die 2 Sam. 12:25 genoemd wordt Jedid Jah; dat is, beminde van de Heer. 2 Samuël 12:25 : En zond heen door de hand van de profeet Nathan, en noemde zijn naam Jedid-jah, om de wil van JAHWEH."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "als in den slaap: Anders: geeft Hij zijnen beminden den slaap. Alsof hij zeide: Al het woelen en zorgen zal den mens niet helpen zo hem de HEERE niet zegent; maar dien Hij bemint en zegent, die zal genoeg hebben en met gerustheid gaan slapen, zichzelven en de zijnen, na gedanen arbeid, God den Heere bevelende.",
          "text1637": "And. geeft hy sijnen beminden den slaep. Als of hy seyde, al het woelen ende sorgen en sal den mensche niet helpen, so hem de HEERE niet en segent: Maer die hy bemint ende segent, die sal genoech hebben, ende met gerusticheyt gaen slapen, sich selven ende de sijne, nae gedanen arbeyt, Godt den Heere bevelende.",
          "text2026": "als in de slaap: Anders: geeft Hij zijn beminden de slaap. Alsof hij zei: Al het woelen en zorgen zal de mens niet helpen zo hem JAHWEH niet zegent; maar die Hij bemint en zegent, die zal genoeg hebben en met gerustheid gaan slapen, zichzelven en de zijn, na gedanen arbeid, God de Heer bevelende."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שָׁ֤וְא",
          "strongs": "H7723",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לָ/כֶ֨ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2mp"
        },
        {
          "woord": "מַשְׁכִּ֪ימֵי",
          "strongs": "H7925",
          "morph": "HVhrmpc"
        },
        {
          "woord": "ק֡וּם",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "מְאַֽחֲרֵי",
          "strongs": "H309",
          "morph": "HVprmpc"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֗בֶת",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אֹ֭כְלֵי",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "לֶ֣חֶם",
          "strongs": "H3899",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/עֲצָבִ֑ים",
          "strongs": "H6089",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֤ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "יִתֵּ֖ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לִֽ/ידִיד֣/וֹ",
          "strongs": "H3039",
          "morph": "HR/Aamsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "שֵׁנָֽא",
          "strongs": "H8142",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Het is te vergeefs, dat u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> vroeg opstaat, laat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> opblijft, eet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> brood van de smarten; het is zo, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Hij het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Zijn geliefden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> als in de slaap geeft.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Het is te vergeefs, dat gijlieden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> vroeg opstaat,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> laat opblijft,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> eet brood der smarten; het is alzo, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Hij het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Zijn beminden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> als in den slaap geeft.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> ’T is te vergeefs dat ghylieden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> vroech opstaet, late <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> op blijft, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> etet broot der smerten: ’t is alsoo, dat <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> hy ’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> sijnen beminden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> [als in] den slaep geeft.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gijlieden",
          "new": "u",
          "principe": "A2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "alzo,",
          "new": "zo,",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "beminden",
          "new": "geliefden",
          "principe": "V785"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Ziet, de kinderen zijn een erfdeel des HEEREN; des buiks vrucht is een beloning.",
      "text1637": "Siet, de kinderen zijn [11] een erfdeel des HEEREN: [12] des buycks vrucht is [13] een belooninge.",
      "text2026": "Zie, de kinderen zijn een erfdeel van JAHWEH; de vrucht van de buik is een beloning.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een erfdeel des HEEREN: Dat is, een zegen van den Heere gegeven, gelijk Job 20:29 ; Ps. 61:6 ; Jes. 54:17 . Job 20:29 : Dit is het deel des goddelozen mensen van God, en de erve zijner redenen van God. Psalmen 61:6 : Want Gij, o God! hebt gehoord naar mijn geloften; Gij hebt mij gegeven de erfenis dergenen, die Uw Naam vrezen. Jesaja 54:17 : Alle instrument, dat tegen u bereid wordt, zal niet gelukken, en alle tong, die in het gericht tegen u opstaat, zult gij verdoemen; dit is de erve der knechten des HEEREN, en hun gerechtigheid is uit Mij, spreekt de HEERE.",
          "text1637": "D. een segen van den Heere gegeven, als Iob 20.29. Iesa. 54.17. Psal. 61.6.",
          "text2026": "een erfdeel van JAHWEH: Dat is, een zegen van de Heer gegeven, gelijk Job 20:29 ; Ps. 61:6 ; Jes. 54:17 . Job 20:29 : Dit is het deel van de goddelozen mensen van God, en de erve zijn redenen van God. Psalmen 61:6 : Want U, o God! hebt gehoord naar mijn geloften; U hebt mij gegeven de erfenis dergenen, die Uw Naam vrezen. Jesaja 54:17 : Alle instrument, dat tegen u bereid wordt, zal niet gelukken, en alle tong, die in het gericht tegen u opstaat, zult u verdoemen; dit is de erve van de knechten van JAHWEH, en hun gerechtigheid is uit Mij, spreekt JAHWEH."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des buiks vrucht: Dat is, de kinderen.",
          "text1637": "D. de kinderen.",
          "text2026": "de vrucht van de buik: Dat is, de kinderen."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ene beloning: Te weten, van den Heere gegeven. Men geeft somtijds beloning, die men schuldig is voor gedanen dienst, gelijk Gen. 30:28 ; Num. 18:31 . Somtijds uit gratie of uit gunst, Rom. 4:4 ; gelijk God zijnen dienaren geeft; Gen. 15:1 ; Jes. 62:11 . Genesis 30:28 : Hij zeide dan: Noem mij uitdrukkelijk uw loon, dat ik geven zal. Numeri 18:31 : En gij zult dat eten in alle plaatsen, gij en uw huis; want het is ulieden een loon voor uw dienst in de tent der samenkomst. Romeinen 4:4 : Nu dengene, die werkt, wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar schuld. Genesis 15:1 : Na deze dingen geschiedde het woord des HEEREN tot Abram in een gezicht, zeggende: Vrees niet, Abram! Ik ben u een Schild, uw Loon zeer groot. Jesaja 62:11 : Ziet, de HEERE heeft doen horen, tot aan het einde der aarde: zegt der dochter van Sion: Zie, uw Heil komt; zie, Zijn loon is met Hem, en Zijn arbeidsloon is voor Zijn aangezicht.",
          "text1637": "T.w. van den Heere gegeven. Men geeft somtijts belooninge, diemen schuldich is voor gedanen dienst, als Gen. 30.28. Num. 18.31. somtijts uyt gratie of uyt gunste, Rom. 4.4. Gelijck Godt sijnen dienaren geeft, Gen. 15.1. Ies. 62.1.",
          "text2026": "een beloning: Te weten, van de Heer gegeven. Men geeft somtijds beloning, die men schuldig is voor gedanen dienst, gelijk Gen. 30:28 ; Num. 18:31 . Somtijds uit gratie of uit gunst, Rom. 4:4 ; gelijk God zijn dienaren geeft; Gen. 15:1 ; Jes. 62:11 . Genesis 30:28 : Hij zei dan: Noem mij uitdrukkelijk uw loon, dat ik geven zal. Numeri 18:31 : En u zult dat eten in alle plaatsen, u en uw huis; want het is u een loon voor uw dienst in de tent van de samenkomst. Romeinen 4:4 : Nu dengene, die werkt, wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar schuld. Genesis 15:1 : Na deze dingen geschiedde het woord van JAHWEH tot Abram in een gezicht, zeggende: Vrees niet, Abram! Ik ben u een Schild, uw Loon zeer groot. Jesaja 62:11 : Ziet, JAHWEH heeft doen horen, tot aan het einde van de aarde: zegt van de dochter van Sion: Zie, uw Heil komt; zie, Zijn loon is met Hem, en Zijn arbeidsloon is voor Zijn aangezicht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִנֵּ֤ה",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "נַחֲלַ֣ת",
          "strongs": "H5159",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בָּנִ֑ים",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שָׂ֝כָ֗ר",
          "strongs": "H7939",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "פְּרִ֣י",
          "strongs": "H6529",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/בָּֽטֶן",
          "strongs": "H990",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zie, de kinderen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> een erfdeel van JAHWEH;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> de vrucht van de buik is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> een beloning.",
      "textSV1888_html": "Ziet, de kinderen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> een erfdeel des HEEREN;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> des buiks vrucht is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> een beloning.",
      "text1637_html": "Siet, de kinderen zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> een erfdeel des HEEREN: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> des buycks vrucht is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> een belooninge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ziet,",
          "new": "Zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "des HEEREN; des buiks",
          "new": "van JAHWEH; de",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "van de buik",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Gelijk de pijlen zijn in de hand eens helds, zodanig zijn de zonen der jeugd.",
      "text1637": "[14] Gelijck de pijlen zijn inde hant eenes Helts: sodanich zijn [15] de sonen der jeucht.",
      "text2026": "Gelijk de pijlen zijn in de hand van een held, zo zijn de zonen van de jeugd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk de pijlen: De zin is: Gelijk een sterk man zijne pijlen op den vijand schietende, dezen kwetst en ombrengt; alzo zijn de kinderen, die wel opgevoed zijn hunne ouders een hulp en bijstand tegen de vijanden.",
          "text1637": "De sin is, Gelijck een sterck man sijne pijlen op den vyant schietende, den selven quetst ende ommebrengt: Alsoo zijn de kinderen die wel opgetrocken zijn, haren ouderen een hulpe ende bystant tegen de vyanden der selver.",
          "text2026": "Gelijk de pijlen: De zin is: Gelijk een sterk man zijn pijlen op de vijand schietende, deze kwetst en ombrengt; zo zijn de kinderen, die wel opgevoed zijn hun ouders een hulp en bijstand tegen de vijanden."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de zonen der jeugd: Te weten, die geteeld zijn wanneer de ouders in het beste van hun leven zijn. Want zulke kinderen zijn gemeenlijk van kloeker natuur dan anderen en zij komen de ouders spoedig in de hand. Aldus worden zonen des ouderdoms genoemd de kinderen, die in den ouderdom hunner ouders geboren worden; Gen. 37:3 . Genesis 37:3 : En Israël had Jozef lief, boven al zijn zonen; want hij was hem een zoon des ouderdoms; en hij maakte hem een veelvervigen rok.",
          "text1637": "T.w. die geteelt zijn wanneer de ouders in den fleur hares levens zijn: Want sulcke kinderen zijn gemeenelick van kloecker nature, dan andre, ende sy komen d’ ouders haest in de hant. Aldus worden sonen des ouderdoms genoemt, de kinderen die in den ouderdom harer ouderen geboren worden, Genes. 37.7.",
          "text2026": "de zonen van de jeugd: Te weten, die geteeld zijn wanneer de ouders in het beste van hun leven zijn. Want zulke kinderen zijn gemeenlijk van kloeker natuur dan anderen en zij komen de ouders spoedig in de hand. Aldus worden zonen van de ouderdoms genoemd de kinderen, die in de ouderdom hun ouders geboren worden; Gen. 37:3 . Genesis 37:3 : En Israël had Jozef lief, boven al zijn zonen; want hij was hem een zoon van de ouderdoms; en hij maakte hem een veelvervigen rok."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כְּ/חִצִּ֥ים",
          "strongs": "H2671",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יַד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "גִּבּ֑וֹר",
          "strongs": "H1368",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כֵּ֝֗ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "בְּנֵ֣י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הַ/נְּעוּרִֽים",
          "strongs": "H5271",
          "morph": "HTd/Ncbpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Gelijk de pijlen zijn in de hand van een held, zo zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> de zonen van de jeugd.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Gelijk de pijlen zijn in de hand eens helds, zodanig zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> de zonen der jeugd.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Gelijck de pijle<i>n</i> zijn inde hant eenes Helts: sodanich zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> de sonen der jeucht.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "eens helds, zodanig",
          "new": "van een held, zo",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Welgelukzalig is de man, die zijn pijlkoker met dezelve gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden spreken zullen in de poort.",
      "text1637": "Welgeluckich is de man, [16] die sijnen pijl-koker met de selve gevult heeft: [17] sy en sullen niet beschaemt worden, als sy met de vyanden [18] spreken sullen in de poorte.",
      "text2026": "Welgelukzalig is de man, die zijn pijlkoker daarmee gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden spreken zullen in de poort.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "die zijnen pijlkoker: Die zijn huis vol van zulke kinderen heeft.",
          "text1637": "Die sijn huys vol van sulcke kinderen heeft.",
          "text2026": "die zijn pijlkoker: Die zijn huis vol van zulke kinderen heeft."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zij zullen niet beschaamd: Dat is, zij zullen uit vrees voor hunne wederpartijders hun rechtvaardige zaak niet behoeven onbeantwoord te laten, als zij voor den rechter verschijnen.",
          "text1637": "D. sy en sullen uyt vreese harer wederpartyen hare rechtveerdige sake niet behoeven onbeantwoort te laten, als sy voor den Richter verschijnen.",
          "text2026": "zij zullen niet beschaamd: Dat is, zij zullen uit vrees voor hun wederpartijders hun rechtvaardige zaak niet behoeven onbeantwoord te laten, als zij voor de rechter verschijnen."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "spreken zullen in de poort: Dat is, te pleiten hebben voor het gericht, hetwelk in de stadspoorten pleegt te geschieden. Zie de aantekening bij Gen. 34:20 . Genesis 34:20 : Zo kwam Hemor en Sichem, zijn zoon, tot hunner stadspoort; en zij spraken tot de mannen hunner stad, zeggende:",
          "text1637": "D. te pleyten hebben voor ’t gerichte, ’t welck in de Stadts-poorten pleecht te geschieden. Siet d’aenteeck. Genes. 34.20.",
          "text2026": "spreken zullen in de poort: Dat is, te pleiten hebben voor het gericht, dat in de stadspoorten pleegt te gebeuren. Zie de aantekening bij Gen. 34:20 . Genesis 34:20 : Zo kwam Hemor en Sichem, zijn zoon, tot hun stadspoort; en zij spraken tot de mannen hun stad, zeggende:"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַשְׁרֵ֤י",
          "strongs": "H835",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הַ/גֶּ֗בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "מִלֵּ֥א",
          "strongs": "H4390",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "אַשְׁפָּת֗/וֹ",
          "strongs": "H827",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מֵ֫/הֶ֥ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יֵבֹ֑שׁוּ",
          "strongs": "H954",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יְדַבְּר֖וּ",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpi3mp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אוֹיְבִ֣ים",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/שָּֽׁעַר",
          "strongs": "H8179",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Welgelukzalig is de man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> die zijn pijlkoker daarmee gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> spreken zullen in de poort.",
      "textSV1888_html": "Welgelukzalig is de man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> die zijn pijlkoker met dezelve gevuld heeft; zij zullen niet beschaamd worden, als zij met de vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> spreken zullen in de poort.",
      "text1637_html": "Welgeluckich is de man, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> die sijnen pijl-koker met de selve gevult heeft: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> sy en sullen niet beschaemt worden, als sy met de vyanden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> spreken sullen in de poorte.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "met dezelve",
          "new": "daarmee",
          "principe": "O3"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Desen Psalm leert, dat alle welstant van den segen des Heeren komt, beyde in Steden ende huysgesinnen, ende dat goede kinderen een geschenck Godes zijn.",
    "text2026": "Deze psalm leert dat alle welstand van de zegen van de HEERE komt, zowel in steden als in gezinnen, en dat goede kinderen een geschenk van God zijn."
  }
}
