{
  "number": 136,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid;",
      "text1637": "[1] LOvet den HEERE, want hy is goet: want sijne goedertierenheyt [2] is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Loof JAHWEH, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "den HEERE: Dit woord staat hier in de volgende verzen in het getal van velen, landate, looft gijlieden. Enigen menen dat deze psalm alle dagen door de Levieten in de gemeente Gods is gezongen geweest. Zie 1 Kron. 16:41 . 1 Kronieken 16:41 : En met hen Heman en Jeduthun, en de overige uitgelezenen, die met namen uitgedrukt zijn om den HEERE te loven; want Zijn goedertierenheid is tot in der eeuwigheid.",
          "text1637": "Dit woort staet hier, ende inde volgende versen in’t getal van vele, laudate, looft ghylieden. eenige meenen dat desen Psalm alle dage van de Leviten in de Gemeente Godes zy gesongen geweest. Siet 1.Chron. 16.41.",
          "text2026": "JAHWEH: Dit woord staat hier in de volgende verzen in het getal van velen, landate, looft u. Enige menen dat deze psalm alle dagen door de Levieten in de gemeente van God is gezongen geweest. Zie 1 Kron. 16:41 . 1 Kronieken 16:41 : En met hen Heman en Jeduthun, en de overige uitgelezenen, die met namen uitgedrukt zijn om JAHWEH te loven; want Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "is in der eeuwigheid: Dat is, duurt, en alzo in de volgende verzen van dezen psalm.",
          "text1637": "D. duert, ende alsoo in de volgende versen deses Psalms.",
          "text2026": "is in eeuwigheid: Dat is, duurt, en zo in de volgende verzen van deze psalm."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הוֹד֣וּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/יהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "ט֑וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Loof JAHWEH, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> is in de eeuwigheid;",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> is in der eeuwigheid;",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> LOvet den HEERE, want hy is goet: want sijne goedertierenheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Looft den HEERE,",
          "new": "Loof JAHWEH,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Looft den God der goden; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Lovet [3] den Godt der Goden: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Loof de God van de goden; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "God der goden: Dat is, den opperste God, die te gebieden heeft over de engelen, koningen en alle overheden. Zie de aantekening bij Deut. 10:17 . Deuteronomium 10:17 : Want de HEERE, uw God, is een God der goden, en een Heere der heren; die grote, die machtige, en die vreselijke God, Die geen aangezicht aanneemt, noch geschenk ontvangt;",
          "text1637": "D. den oppersten Godt, die te gebieden heeft over de Engelen, Coningen, ende alle Overicheden. Siet d’aenteeck. Deut. 10. op vers 17.",
          "text2026": "God van de goden: Dat is, de opperste God, die te gebieden heeft over de engelen, koningen en alle overheden. Zie de aantekening bij Deut. 10:17 . Deuteronomium 10:17 : Want JAHWEH, uw God, is een God van de goden, en een Heer van de heren; die grote, die machtige, en die vreselijke God, Die geen aangezicht aanneemt, noch geschenk ontvangt;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ה֭וֹדוּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "לֵֽ/אלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֱלֹהִ֑ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Loof<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> de God van de goden; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Looft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> den God der goden; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Lovet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> den Godt der Goden: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Looft den",
          "new": "Loof de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Looft den Heere der heren; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Lovet [4] den Heere der heeren: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Loof de Heere van de heren; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "den Heere der heren: Hebr. de Heere, des heren, gelijk Gen. 24:9 , en Gen. 39:16 , 39:20 , en Gen. 42:30 ; Exod. 21:4 , en elders meer. Genesis 24:9 : Toen legde de knecht zijn hand onder de heup van Abraham, zijn heer, en hij zwoer hem over deze zaak. Genesis 39:16 : En zij leide zijn kleed bij zich, totdat zijn heer in zijn huis kwam. Genesis 39:20 : En Jozefs heer nam hem, en leverde hem in het gevangenhuis, ter plaatse, waar des konings gevangenen gevangen waren; alzo was hij daar in het gevangenhuis. Genesis 42:30 : Die man, de heer van dat land, heeft hard met ons gesproken; en hij heeft ons gehouden voor verspieders des lands. Exodus 21:4 : Indien hem zijn heer een vrouw gegeven, en zij hem zonen of dochteren gebaard zal hebben, zo zal de vrouw en haar kinderen haars heren zijn, en hij zal met zijn lijf uitgaan.",
          "text1637": "Hebr. de Heeren der Heeren: Als Gen. 24.9. ende 39.16, ende 20. ende 42.30. Exod. 21.4. ende elders meer.",
          "text2026": "de Heer van de heren: Hebr. de Heer, van de heren, gelijk Gen. 24:9 , en Gen. 39:16 , 39:20 , en Gen. 42:30 ; Ex. 21:4 , en elders meer. Genesis 24:9 : Toen legde de knecht zijn hand onder de heup van Abraham, zijn heer, en hij zwoer hem over deze zaak. Genesis 39:16 : En zij legde zijn kleed bij zich, totdat zijn heer in zijn huis kwam. Genesis 39:20 : En Jozefs heer nam hem, en leverde hem in het gevangenhuis, ter plaatse, waar van de koning gevangenen gevangen waren; zo was hij daar in het gevangenhuis. Genesis 42:30 : Die man, de heer van dat land, heeft hard met ons gesproken; en hij heeft ons gehouden voor verspieders van het land. Exodus 21:4 : Als hem zijn heer een vrouw gegeven, en zij hem zonen of dochters gebaard zal hebben, zo zal de vrouw en haar kinderen haars heren zijn, en hij zal met zijn lijf uitgaan."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ה֭וֹדוּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/אֲדֹנֵ֣י",
          "strongs": "H113",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֲדֹנִ֑ים",
          "strongs": "H113",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Loof<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> de Heere van de heren; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Looft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> den Heere der heren; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Lovet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> de<i>n</i> Heere der heeren: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Looft den",
          "new": "Loof de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Dien, Die alleen grote wonderen doet; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Dien die alleen groote wonderen doet: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, Die alleen grote wonderen doet; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/עֹ֘שֵׂ֤ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HR/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "נִפְלָא֣וֹת",
          "strongs": "H6381",
          "morph": "HVNrfpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדֹל֣וֹת",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAafpa"
        },
        {
          "woord": "לְ/בַדּ֑/וֹ",
          "strongs": "H905",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die, Die alleen grote wonderen doet; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Dien die alleen groote wonderen doet: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Dien, die de hemelen met verstand gemaakt heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Dien [a] die de hemelen [5] met verstant gemaeckt heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, die de hemelen met verstand gemaakt heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 1:1 . Genesis 1:1 : In den beginne schiep God den hemel en de aarde.",
          "text1637": "Genes. 1.1.",
          "text2026": "Gen. 1:1 . Genesis 1:1 : In de beginne schiep God de hemel en de aarde."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "met verstand: Dat is, met uitnemende grote wijsheid.",
          "text1637": "D. met uytnemende groote wijsheyt.",
          "text2026": "met verstand: Dat is, met uitnemende grote wijsheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/עֹשֵׂ֣ה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HR/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ֭/שָּׁמַיִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/תְבוּנָ֑ה",
          "strongs": "H8394",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> die de hemelen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> met verstand gemaakt heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Dien,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> die de hemelen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> met verstand gemaakt heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Dien <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> die de hemelen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> met verstant gemaeckt heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Dien, Die de aarde op het water uitgespannen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[b] Dien die d’aerde [6] op het water uytgespannen heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, Die de aarde op het water uitgespannen heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 24:2 . Psalmen 24:2 : Want Hij heeft ze gegrond op de zeeën, en heeft ze gevestigd op de rivieren.",
          "text1637": "Psal. 24.2.",
          "text2026": "Ps. 24:2 . Psalmen 24:2 : Want Hij heeft ze gegrond op de zeeën, en heeft ze gevestigd op de rivieren."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "op het water: Of, boven aan, of nevens de wateren. Zie Job 26:7 , en Ps. 24:2 . Job 26:7 : Hij breidt het noorden uit over het woeste; Hij hangt de aarde aan een niet. Psalmen 24:2 : Want Hij heeft ze gegrond op de zeeën, en heeft ze gevestigd op de rivieren.",
          "text1637": "Of, boven aen, ofte, neffens de wateren, siet Iob 26. op vers 7. ende Psal. 24. op vers 2.",
          "text2026": "op het water: Of, boven aan, of naast de wateren. Zie Job 26:7 , en Ps. 24:2 . Job 26:7 : Hij breidt het noorden uit over het woeste; Hij hangt de aarde aan een niet. Psalmen 24:2 : Want Hij heeft ze gegrond op de zeeën, en heeft ze gevestigd op de rivieren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/רֹקַ֣ע",
          "strongs": "H7554",
          "morph": "HR/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ֭/אָרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/מָּ֑יִם",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Die, Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> de aarde op het water uitgespannen heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Dien, Die de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> aarde op het water uitgespannen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Dien die d’aerde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> op het water uytgespannen heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Dien, Die de grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Dien [c] die de groote lichten heeft gemaeckt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, Die de grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 1:14 . Genesis 1:14 : En God zeide: Dat er lichten zijn in het uitspansel des hemels, om scheiding te maken tussen den dag en tussen den nacht; en dat zij zijn tot tekenen en tot gezette tijden, en tot dagen en jaren!",
          "text1637": "Genes. 1.14.",
          "text2026": "Gen. 1:14 . Genesis 1:14 : En God zei: Dat er lichten zijn in het uitspansel van de hemel, om scheiding te maken tussen de dag en tussen de nacht; en dat zij zijn tot tekenen en tot vastgestelde tijden, en tot dagen en jaren!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ֭/עֹשֵׂה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HR/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "אוֹרִ֣ים",
          "strongs": "H216",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדֹלִ֑ים",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Die de grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Dien,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Die de grote lichten heeft gemaakt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Dien <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> die de groote lichten heeft gemaeckt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "De zon tot heerschappij op den dag; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[d] De Sonne tot heerschappye [7] inden dach: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "De zon tot heerschappij op de dag; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Gen. 1:16 . Genesis 1:16 : God dan maakte die twee grote lichten; dat grote licht tot heerschappij des daags, en dat kleine licht tot heerschappij des nachts; ook de sterren.",
          "text1637": "Genes. 1.16.",
          "text2026": "Gen. 1:16 . Genesis 1:16 : God dan maakte die twee grote lichten; dat grote licht tot heerschappij van de dag, en dat kleine licht tot heerschappij van de nacht; ook de sterren."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "op den dag: Of, over den dag.",
          "text1637": "Of, over den dach.",
          "text2026": "op de dag: Of, over de dag."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ֭/שֶּׁמֶשׁ",
          "strongs": "H8121",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/מֶמְשֶׁ֣לֶת",
          "strongs": "H4475",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יּ֑וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> De zon tot heerschappij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> op de dag; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> De zon tot heerschappij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> op den dag; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> De Sonne tot heerschappye <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> inden dach: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "De maan en sterren tot heerschappij in den nacht; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "De Mane ende Sterren tot heerschappye in de nacht: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "De maan en sterren tot heerschappij in de nacht; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/יָּרֵ֣חַ",
          "strongs": "H3394",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ֭/כוֹכָבִים",
          "strongs": "H3556",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "לְ/מֶמְשְׁל֣וֹת",
          "strongs": "H4475",
          "morph": "HR/Ncbpa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/לָּ֑יְלָה",
          "strongs": "H3915",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "De maan en sterren tot heerschappij in de nacht; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "text1637_html": "De Mane ende Sterren tot heerschappye in de nacht: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Dien, Die de Egyptenaren geslagen heeft in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[e] Dien die [8] de Egyptenaers geslagen heeft in hare eerstgeborene: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, Die de Egyptenaren geslagen heeft in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 12:29 ; Ps. 78:43 ; idem v. 51 . Exodus 12:29 : En het geschiedde ter middernacht, dat de HEERE al de eerstgeborenen in Egypteland sloeg, van den eerstgeborene van Farao af, die op zijn troon zitten zou, tot op den eerstgeborene van den gevangene, die in het gevangenhuis was, en alle eerstgeborenen der beesten. Psalmen 78:43 : Hoe Hij Zijn tekenen stelde in Egypte, en Zijn wonderheden in het veld van Zoan; Psalmen 78:51 : En Hij sloeg al het eerstgeborene in Egypte, het beginsel der krachten in de tenten van Cham.",
          "text1637": "Exod. 12.29. Psal. 78.43, 51.",
          "text2026": "Ex. 12:29 ; Ps. 78:43 ; idem v. 51 . Exodus 12:29 : En het geschiedde ter middernacht, dat JAHWEH al de eerstgeborenen in Egypteland sloeg, van de eerstgeborene van Farao af, die op zijn troon zitten zou, tot op de eerstgeborene van de gevangene, die in het gevangenhuis was, en alle eerstgeborenen van de beesten. Psalmen 78:43 : Hoe Hij Zijn tekenen stelde in Egypte, en Zijn wonderen in het veld van Zoan; Psalmen 78:51 : En Hij sloeg al het eerstgeborene in Egypte, het begin van de krachten in de tenten van Cham."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de Egyptenaren: Anders: Egypte.",
          "text1637": "And. Egypten.",
          "text2026": "de Egyptenaren: Anders: Egypte."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/מַכֵּ֣ה",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HR/Vhrmsc"
        },
        {
          "woord": "מִ֭צְרַיִם",
          "strongs": "H4714",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בִּ/בְכוֹרֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H1060",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Die, Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de Egyptenaren geslagen heeft in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Dien, Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de Egyptenaren geslagen heeft in hun eerstgeborenen; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> Dien die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de Egyptenaers geslagen heeft in hare eerstgeborene: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "En heeft Israël uit het midden van hen uitgebracht; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ende heeft [9] Israël [f] uyt het midden van hen uytgebracht: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt:",
      "text2026": "En heeft Israël uit het midden van hen uitgebracht; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, het volk Israël.",
          "text1637": "D. het volck van Israel.",
          "text2026": "Dat is, het volk Israël."
        },
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 12:31 ; idem 12:51 ; Exod. 13:3 ; idem 13:17 . Exodus 12:31 : Toen riep hij Mozes en Aäron in den nacht, en zeide: Maakt u op, trekt uit het midden van mijn volk, zo gijlieden als de kinderen van Israël; en gaat heen, dient den HEERE, gelijk gijlieden gesproken hebt. Exodus 12:51 : En het geschiedde even tenzelfden dage, dat de HEERE de kinderen Israëls uit Egypteland leidde, naar hun heiren. Exodus 13:3 : Verder zeide Mozes tot het volk: Gedenkt aan dezen zelfden dag, op welken gijlieden uit Egypte, uit het diensthuis, gegaan zijt; want de HEERE heeft u door een sterke hand van hier uitgevoerd; daarom zal het gedesemde niet gegeten worden. Exodus 13:17 : En het is geschied, toen Farao het volk had laten trekken, zo leidde hen God niet op den weg van het land der Filistijnen, hoewel die nader was; want God zeide: Dat het den volke niet rouwe, als zij den strijd zien zouden, en wederkeren naar Egypte.",
          "text1637": "Exod. 12.31, 51. ende 13.3, 17.",
          "text2026": "Ex. 12:31 ; idem 12:51 ; Ex. 13:3 ; idem 13:17 . Exodus 12:31 : Toen riep hij Mozes en Aäron in de nacht, en zei: Maakt u op, trekt uit het midden van mijn volk, zo u als de kinderen van Israël; en gaat heen, dient JAHWEH, gelijk u gesproken hebt. Exodus 12:51 : En het geschiedde even tenzelfden dage, dat JAHWEH de kinderen van Israël uit Egypteland leidde, naar hun heiren. Exodus 13:3 : Verder zei Mozes tot het volk: Gedenkt aan deze zelfden dag, op welke u uit Egypte, uit het diensthuis, gegaan zijt; want JAHWEH heeft u door een sterke hand van hier uitgevoerd; daarom zal het gedesemde niet gegeten worden. Exodus 13:17 : En het is geschied, toen Farao het volk had laten trekken, zo leidde hen God niet op de weg van het land van de Filistijnen, hoewel die nader was; want God zei: Dat het de volk niet rouwe, als zij de strijd zien zouden, en terugkeren naar Egypte."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יּוֹצֵ֣א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HC/Vhw3ms"
        },
        {
          "woord": "יִ֭שְׂרָאֵל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מִ/תּוֹכָ֑/ם",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Israël<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> uit het midden van hen uitgebracht; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Israël<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> uit het midden van hen uitgebracht; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ende heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Israël <sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> uyt het midden van hen uytgebracht: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Met een sterke hand, en met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[10] Met eene stercke hant, ende [g] met eenen uytgestreckten arm: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Met een sterke hand, en met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Met een sterke: Dat is, met macht. Zie de aantekening bij 1 Kon. 8:42 . 1 Koningen 8:42 : (Want zij zullen horen van Uw groten Naam, en van Uw sterke hand, en van Uw uitgestrekten arm) als hij komen en bidden zal in dit huis;",
          "text1637": "D. met macht. siet 1.Reg. 8. d’aent. op vers 42.",
          "text2026": "Met een sterke: Dat is, met macht. Zie de aantekening bij 1 Kon. 8:42 . 1 Koningen 8:42 : (Want zij zullen horen van Uw grote Naam, en van Uw sterke hand, en van Uw uitgestrekten arm) als hij komen en bidden zal in dit huis;"
        },
        {
          "marker": "g",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 6:5 . Exodus 6:5 : Derhalve zeg tot de kinderen Israëls: Ik ben de HEERE! en Ik zal ulieden uitleiden van onder de lasten der Egyptenaren, en Ik zal u redden uit hun dienstbaarheid, en zal u verlossen door een uitgestrekten arm, en door grote gerichten;",
          "text1637": "Exod. 6.6.",
          "text2026": "Ex. 6:5 . Exodus 6:5 : Daarom zeg tot de kinderen van Israël: Ik ben JAHWEH! en Ik zal u uitleiden van onder de lasten van de Egyptenaren, en Ik zal u redden uit hun dienstbaarheid, en zal u verlossen door een uitgestrekten arm, en door grote gerichten;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/יָ֣ד",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "חֲ֭זָקָה",
          "strongs": "H2389",
          "morph": "HAafsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/בִ/זְר֣וֹעַ",
          "strongs": "H2220",
          "morph": "HC/R/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "נְטוּיָ֑ה",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HVqsfsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Met een sterke hand, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Met een sterke hand, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> met een uitgestrekte arm; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Met eene stercke hant, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> met eenen uytgestreckten arm: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Dien, Die de Schelfzee in delen deelde; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Dien, [h] die [11] de schelf-zee [12] in deelen deelde: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die, Die de Schelfzee in delen deelde; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "h",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 14:21 ; idem v. 22 ; Ps. 78:13 . Exodus 14:21 : Toen Mozes zijn hand uitstrekte over de zee, zo deed de HEERE de zee weggaan, door een sterken oostenwind, dien gansen nacht, en maakte de zee droog, en de wateren werden gekliefd. Exodus 14:22 : En de kinderen Israëls zijn ingegaan in het midden van de zee, op het droge; en de wateren waren hun een muur, aan hun rechterhand en aan hun linkerhand. Psalmen 78:13 : Hij kliefde de zee, en deed er hen doorgaan; en de wateren deed Hij staan als een hoop.",
          "text1637": "Exod. 14.21, 22. Psal. 78.13.",
          "text2026": "Ex. 14:21 ; idem v. 22 ; Ps. 78:13 . Exodus 14:21 : Toen Mozes zijn hand uitstrekte over de zee, zo deed JAHWEH de zee weggaan, door een sterken oostenwind, die gansen nacht, en maakte de zee droog, en de wateren werden gekliefd. Exodus 14:22 : En de kinderen van Israël zijn ingegaan in het midden van de zee, op het droge; en de wateren waren hun een muur, aan hun rechterhand en aan hun linkerhand. Psalmen 78:13 : Hij kloof de zee, en deed er hen doorgaan; en de wateren deed Hij staan als één hoop."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de Schelfzee: Anders, de rode zee, of de Biezenzee.",
          "text1637": "And. de roode zee, of de biese zee.",
          "text2026": "de Schelfzee: Anders, de rode zee, of de Biezenzee."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in delen deelde: Of, in stukken sneed.",
          "text1637": "Ofte, in stucken sneedt.",
          "text2026": "in delen deelde: Of, in stukken sneed."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/גֹזֵ֣ר",
          "strongs": "H1504",
          "morph": "HR/Vqrmsc"
        },
        {
          "woord": "יַם",
          "strongs": "H3220",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "ס֭וּף",
          "strongs": "H5488",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/גְזָרִ֑ים",
          "strongs": "H1506",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> de Schelfzee<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> in delen deelde; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Dien,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> de Schelfzee<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> in delen deelde; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Dien,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> de schelf-zee <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> in deelen deelde: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dien,",
          "new": "Die,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "En voerde Israël door het midden van dezelve; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ende voerde Israël door ’t midden van de selve: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "En voerde Israël door het midden daarvan; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הֶעֱבִ֣יר",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HC/Vhp3ms"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂרָאֵ֣ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/תוֹכ֑/וֹ",
          "strongs": "H8432",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En voerde Israël door het midden daarvan; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ende voerde Israël door ’t midden van de selve: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "van dezelve;",
          "new": "daarvan;",
          "principe": "O3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Hij heeft Farao met zijn heir gestort in de Schelfzee; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[i] Hy heeft Pharao met sijn heyr [13] gestort in de schelf-zee: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Hij heeft Farao met zijn leger gestort in de Schelfzee; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "i",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 14:24 . Exodus 14:24 : En het geschiedde in dezelfde morgenwake, dat de HEERE, in de kolom des vuurs en der wolk, zag op het leger der Egyptenaren; en Hij verschrikte het leger der Egyptenaren.",
          "text1637": "Exod. 14.24.",
          "text2026": "Ex. 14:24 . Exodus 14:24 : En het geschiedde in dezelfde morgenwake, dat JAHWEH, in de kolom van het vuur en van de wolk, zag op het leger van de Egyptenaren; en Hij verschrikte het leger van de Egyptenaren."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "gestort in: Hebr. geschud.",
          "text1637": "Hebr. geschuddet.",
          "text2026": "gestort in: Hebr. geschud."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/נִ֘עֵ֤ר",
          "strongs": "H5287",
          "morph": "HC/Vpp3ms"
        },
        {
          "woord": "פַּרְעֹ֣ה",
          "strongs": "H6547",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/חֵיל֣/וֹ",
          "strongs": "H2428",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/יַם",
          "strongs": "H3220",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "ס֑וּף",
          "strongs": "H5488",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> Hij heeft Farao met zijn leger<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> gestort in de Schelfzee; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> Hij heeft Farao met zijn heir<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> gestort in de Schelfzee; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"i\">i</sup> Hy heeft Pharao met sijn heyr <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> gestort in de schelf-zee: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "heir",
          "new": "leger",
          "principe": "O2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Die Zijn volk door de woestijn geleid heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[k] Die [14] sijn volck [15] door de woestijne geleydt heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die Zijn volk door de woestijn geleid heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "k",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 15 ; Exod. 16 ; Exod. 17 ; Exod. 19 ; Ps. 78:53 . Psalmen 78:53 : Ja, Hij leidde hen zeker, zodat zij niet vreesden; want de zee had hun vijanden overdekt.",
          "text1637": "Exod. Capp. 15. 16. 17. 22. Psal. 78.53.",
          "text2026": "Ex. 15 ; Ex. 16 ; Ex. 17 ; Ex. 19 ; Ps. 78:53 . Psalmen 78:53 : Ja, Hij leidde hen zeker, zodat zij niet vreesden; want de zee had hun vijanden overdekt."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zijn volk: Het volk Israël.",
          "text1637": "Het volck van Israel.",
          "text2026": "Zijn volk: Het volk Israël."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "door de woestijn: Of, in.",
          "text1637": "Of, in.",
          "text2026": "door de woestijn: Of, in."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/מוֹלִ֣יךְ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HR/Vhrmsc"
        },
        {
          "woord": "עַ֭מּ/וֹ",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/מִּדְבָּ֑ר",
          "strongs": "H4057",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Zijn volk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> door de woestijn geleid heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Zijn volk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> door de woestijn geleid heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"k\">k</sup> Die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> sijn volck <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> door de woestijne geleydt heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Die grote koningen geslagen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[l] Die [16] groote Coningen geslagen heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die grote koningen geslagen heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "l",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Num. 21:24 ; idem v. 25 ; idem v. 34 ; idem v. 35 ; Joz. 12:1 ; Ps. 135:10 ; idem v. 11 . Numeri 21:24 : Maar Israël sloeg hem met de scherpte des zwaards, en nam zijn land in erfelijke bezitting, van de Arnon af tot de Jabbok toe, tot aan de kinderen Ammons; want de landpale der kinderen Ammons was vast. Numeri 21:25 : Alzo nam Israël al deze steden in; en Israël woonde in al de steden der Amorieten, te Hesbon, en in al haar onderhorige plaatsen. Numeri 21:34 : De HEERE nu zeide tot Mozes: Vrees hem niet; want Ik heb hem in uw hand gegeven, en al zijn volk, ook zijn land; en gij zult hem doen, gelijk als gij Sihon, den koning der Amorieten, die te Hesbon woonde, gedaan hebt. Numeri 21:35 : En zij sloegen hem, en zijn zonen, en al zijn volk, alzo dat hem niemand overbleef; en zij namen zijn land in erfelijke bezitting. Jozua 12:1 : Dit nu zijn de koningen des lands, die de kinderen Israëls geslagen hebben, en hun land erfelijk bezaten, aan gene zijde van de Jordaan, tegen den opgang der zon; van de beek Arnon af tot den berg Hermon, en het ganse vlakke veld tegen het oosten: Psalmen 135:10 : Die veel volken sloeg, en machtige koningen doodde; Psalmen 135:11 : Sihon, den koning der Amorieten, en Og, den koning van Basan, en al de koninkrijken van Kanaän,",
          "text1637": "Num. 21.24, 25, 34, 35. Ios. 12.1. Psal. 135.10, 11.",
          "text2026": "Num. 21:24 ; idem v. 25 ; idem v. 34 ; idem v. 35 ; Joz. 12:1 ; Ps. 135:10 ; idem v. 11 . Numeri 21:24 : Maar Israël sloeg hem met de scherpte van het zwaard, en nam zijn land in erfelijke bezitting, van de Arnon af tot de Jabbok toe, tot aan de kinderen Ammons; want de landpale van de kinderen Ammons was vast. Numeri 21:25 : Zo nam Israël al deze steden in; en Israël woonde in al de steden van de Amorieten, te Hesbon, en in al haar onderhorige plaatsen. Numeri 21:34 : JAHWEH nu zei tot Mozes: Vrees hem niet; want Ik heb hem in uw hand gegeven, en al zijn volk, ook zijn land; en u zult hem doen, gelijk als u Sihon, de koning van de Amorieten, die te Hesbon woonde, gedaan hebt. Numeri 21:35 : En zij sloegen hem, en zijn zonen, en al zijn volk, zo dat hem niemand overbleef; en zij namen zijn land in erfelijke bezitting. Jozua 12:1 : Dit nu zijn de koningen van het land, die de kinderen van Israël geslagen hebben, en hun land erfelijk bezaten, aan de overzijde van de Jordaan, tegen de opgang van de zon; van de beek Arnon af tot de berg Hermon, en het gehele vlakke veld tegen het oosten: Psalmen 135:10 : Die veel volken sloeg, en machtige koningen doodde; Psalmen 135:11 : Sihon, de koning van de Amorieten, en Og, de koning van Basan, en al de koninkrijken van Kanaän,"
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "grote koningen: Dat is, machtige.",
          "text1637": "D. machtige.",
          "text2026": "grote koningen: Dat is, machtige."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ֭/מַכֵּה",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HR/Vhrmsc"
        },
        {
          "woord": "מְלָכִ֣ים",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדֹלִ֑ים",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> grote koningen geslagen heeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> grote koningen geslagen heeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"l\">l</sup> Die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> groote Coningen geslagen heeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "En heeft heerlijke koningen gedood; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ende heeft [17] heerlicke Coningen gedoodt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "En heeft heerlijke koningen gedood; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "heerlijke koningen: Of, treffelijke, machtige, geweldige, doorluchtige.",
          "text1637": "Of, treffelicke, machtige, geweldige, doorluchtige.",
          "text2026": "heerlijke koningen: Of, treffelijke, machtige, geweldige, glorierijke."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַֽ֭/יַּהֲרֹג",
          "strongs": "H2026",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "מְלָכִ֣ים",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אַדִּירִ֑ים",
          "strongs": "H117",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> heerlijke koningen gedood; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> heerlijke koningen gedood; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ende heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> heerlicke Coningen gedoodt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Sihon, den Amorietischen koning; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Sihon den Amoritischen Coninck: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Sihon, de Amorietischen koning; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ֭/סִיחוֹן",
          "strongs": "H5511",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מֶ֣לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֱמֹרִ֑י",
          "strongs": "H567",
          "morph": "HTd/Ngmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Sihon, de Amorietischen koning; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Sihon den Amoritischen Coninck: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "En Og, den koning van Basan; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "[m] Ende Og den Coninck [18] van Basan: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "En Og, de koning van Basan; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "m",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Deut. 3:1 . Deuteronomium 3:1 : Daarna keerden wij ons en togen op, den weg van Bazan; en Og, de koning van Bazan, trok uit ons tegemoet, hij en al zijn volk, ten strijde bij Edreï.",
          "text1637": "Deut. 3.1, etc.",
          "text2026": "Deut. 3:1 . Deuteronomium 3:1 : Daarna keerden wij ons en togen op, de weg van Bazan; en Og, de koning van Bazan, trok uit ons tegemoet, hij en al zijn volk, ten strijde bij Edreï."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "van Basan: Dat is, van het land Basan. Zie de aantekening bij Deut. 32:14 . Zie ook van Basan Ps. 22:13 ; Jer. 50:19 ; Micha 7:14 . Deuteronomium 32:14 : Boter van koeien, en melk van klein vee, met het vet der lammeren en der rammen, die in Bazan weiden, en der bokken, met het vette der nieren van tarwe; en het druivenbloed, reinen wijn, hebt gij gedronken. Psalmen 22:13 : Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. Jeremia 50:19 : En Ik zal Israël weder tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op den Karmel en op den Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden. Micha 7:14 : Gij dan, weid Uw volk met Uw staf, de kudde Uwer erfenis, die alleen woont, in het woud, in het midden van een vruchtbaar land; laat ze weiden in Basan en Gilead, als in de dagen van ouds.",
          "text1637": "D. des lants Basan. Siet d’aent. op Deut. 32.14. siet oock van Basan. Ier. 50.19. Mich. 7.14. Psal. 22.13.",
          "text2026": "van Basan: Dat is, van het land Basan. Zie de aantekening bij Deut. 32:14 . Zie ook van Basan Ps. 22:13 ; Jer. 50:19 ; Micha 7:14 . Deuteronomium 32:14 : Boter van koeien, en melk van klein vee, met het vet van de lammeren en van de rammen, die in Bazan weiden, en van de bokken, met het vette van de nieren van tarwe; en het druivenbloed, reinen wijn, hebt u gedronken. Psalmen 22:13 : Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd. Jeremia 50:19 : En Ik zal Israël weer tot zijn woning brengen, en hij zal weiden op de Karmel en op de Basan; en zijn ziel zal op het gebergte van Efraïm en Gilead verzadigd worden. Micha 7:14 : U dan, weid Uw volk met Uw staf, de kudde Uw erfenis, die alleen woont, in het woud, in het midden van een vruchtbaar land; laat ze weiden in Basan en Gilead, als in de dagen van ouds."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וּ֭/לְ/עוֹג",
          "strongs": "H5747",
          "morph": "HC/R/Np"
        },
        {
          "woord": "מֶ֣לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/בָּשָׁ֑ן",
          "strongs": "H1316",
          "morph": "HTd/Np"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> En Og, de koning<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> van Basan; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> En Og, den koning<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> van Basan; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"m\">m</sup> Ende Og den Coninck <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> van Basan: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "En heeft hun land ten erve gegeven; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ende heeft [19] haer lant [n] ten erve gegeven: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "En heeft hun land als erfenis gegeven; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "n",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Joz. 12:6 . Jozua 12:6 : Mozes, de knecht des HEEREN, en de kinderen Israëls sloegen hen, en Mozes, de knecht des HEEREN, gaf aan de Rubenieten en aan de Gadieten, en aan den halven stam van Manasse, dat land tot een erfelijke bezitting.",
          "text1637": "Ios. 12.6.",
          "text2026": "Joz. 12:6 . Jozua 12:6 : Mozes, de knecht van JAHWEH, en de kinderen van Israël sloegen hen, en Mozes, de knecht van JAHWEH, gaf aan de Rubenieten en aan de Gadieten, en aan de halven stam van Manasse, dat land tot een erfelijke bezitting."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "hun land ten: Te weten, de beide voorgenoemde koningen.",
          "text1637": "T.w. der beyder voorgenoemder Coningen.",
          "text2026": "hun land ten: Te weten, de beide voorgenoemde koningen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/נָתַ֣ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אַרְצָ֣/ם",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לְ/נַחֲלָ֑ה",
          "strongs": "H5159",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hun land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> als erfenis gegeven; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "En heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hun land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> ten erve gegeven; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ende heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> haer lant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"n\">n</sup> ten erve gegeven: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ten erve",
          "new": "als erfenis",
          "principe": "V319"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Ten erve aan Zijn knecht Israël; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ten erve [20] sijnen knecht Israël: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Als erfenis aan Zijn knecht Israël; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "aan Zijn knecht: Dat is, de Israëlieten, die Hij in zijne bescherming heeft aangenomen, opdat zij Hem dienen zouden. De ganse natie wordt geacht alsof het maar één man ware. Alzo wordt het volk Israël genoemd de eerstgeborenen Gods, Exod. 4:22 . Exodus 4:22 : Dan zult gij tot Farao zeggen: Alzo zegt de HEERE: Mijn zoon, Mijn eerstgeborene, is Israël.",
          "text1637": "D. den Israeliten, die hy in sijne bescherminge heeft aengenomen, op dat sy hem dienen souden. De gantsche natie wort geachtt als of het maer een man en ware. alsoo wort het volck van Israel genoemt De eerst-geborene Godes, Exod. 4.22.",
          "text2026": "aan Zijn knecht: Dat is, de Israëlieten, die Hij in zijn bescherming heeft aangenomen, opdat zij Hem dienen zouden. De gehele natie wordt geacht alsof het maar één man ware. Zo wordt het volk Israël genoemd de eerstgeborenen Gods, Ex. 4:22 . Exodus 4:22 : Dan zult u tot Farao zeggen: Zo zegt JAHWEH: Mijn zoon, Mijn eerstgeborene, is Israël."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נַ֭חֲלָה",
          "strongs": "H5159",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/יִשְׂרָאֵ֣ל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "עַבְדּ֑/וֹ",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Als erfenis<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> aan Zijn knecht Israël; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Ten erve<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> aan Zijn knecht Israël; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ten erve <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> sijnen knecht Israël: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ten erve",
          "new": "Als erfenis",
          "principe": "V319"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Die aan ons gedacht heeft in onze nederigheid; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Die aen ons [21] gedacht heeft [22] in onse nedericheyt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die aan ons gedacht heeft in onze nederigheid; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "gedacht heeft: Te weten, ten beste, gelijk Gen. 8:1 . Genesis 8:1 : En God gedacht aan Noach, en aan al het gedierte, en aan al het vee, dat met hem in de ark was; en God deed een wind over de aarde doorgaan, en de wateren werden stil.",
          "text1637": "T.w. ten besten, als Genes. 8.1.",
          "text2026": "gedacht heeft: Te weten, ten beste, gelijk Gen. 8:1 . Genesis 8:1 : En God gedacht aan Noach, en aan al het gedierte, en aan al het vee, dat met hem in de ark was; en God deed een wind over de aarde doorgaan, en de wateren werden stil."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in onze nederigheid: Dat is, in onzen nederen staat, toen wij van onze vijanden onderdrukt werden; te weten, ten tijde der Richters, waarvan dat gehele boek doorgaans spreekt.",
          "text1637": "D. in onsen nederigen staet, doe wy van onse vyanden onderdruckt wierden: T.w. ten tijde der Richteren, daer van dat geheele boeck doorgaens spreeckt.",
          "text2026": "in onze nederigheid: Dat is, in onze nederen staat, toen wij van onze vijanden onderdrukt werden; te weten, ten tijde van de Richters, waarvan dat gehele boek doorgaans spreekt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שֶׁ֭/בְּ/שִׁפְלֵ/נוּ",
          "strongs": "H8216",
          "morph": "HTr/R/Ncmsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "זָ֣כַר",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die aan ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> gedacht heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> in onze nederigheid; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Die aan ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> gedacht heeft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> in onze nederigheid; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Die aen ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> gedacht heeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> in onse nedericheyt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "En Hij heeft ons onzen tegenpartijders ontrukt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Ende hy heeft ons onsen tegenpartijders [23] ontruckt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "En Hij heeft ons onze tegenstanders ontrukt; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, gelijk als uit hunne handen gescheurd en gebroken, gelijk Ps. 7:3 . Psalmen 7:3 : Opdat hij mijn ziel niet rove als een leeuw, verscheurende, terwijl er geen verlosser is.",
          "text1637": "D. gelijck als uyt hare handen gescheurt ende gebroken, als Psal. 7.3.",
          "text2026": "Dat is, gelijk als uit hun handen gescheurd en gebroken, gelijk Ps. 7:3 . Psalmen 7:3 : Opdat hij mijn ziel niet rove als een leeuw, verscheurende, terwijl er geen verlosser is."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּפְרְקֵ֥/נוּ",
          "strongs": "H6561",
          "morph": "HC/Vqw3ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "מִ/צָּרֵ֑י/נוּ",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En Hij heeft ons onze tegenstanders<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> ontrukt; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "En Hij heeft ons onzen tegenpartijders<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> ontrukt; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Ende hy heeft ons onsen tegenpartijders <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> ontruckt: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "onzen tegenpartijders",
          "new": "onze tegenstanders",
          "principe": "N8"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 25,
      "textSV1888": "Die allen vlees spijs geeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Die [24] allen vleesche [25] spijse geeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Die aan alle vlees voedsel geeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "allen vlees: Dat is, alle dieren of levende schepselen.",
          "text1637": "D. allen dieren, ofte levendigen schepselen.",
          "text2026": "alle vlees: Dat is, alle dieren of levende schepselen."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "spijs geeft: Het Hebr., לֶחֶם, woord lechem, of brood, wordt genomen voor allerlei spijs. Mark. 6:36 staat: om kopen; maar Matth. 14:15 staat: om spijs te kopen. Brood wordt ook gebruikt voor spijs of voeder der beesten, Ps. 147:9 . In het geheel wil de profeet zeggen dat God alle geschapen dingen van nooddruft verzorgt. Marcus 6:36 : Laat ze van U, opdat zij heengaan in de omliggende dorpen en vlekken, en broden voor zichzelven mogen kopen; want zij hebben niet, wat zij eten zullen. Mattheüs 14:15 : En als het nu avond werd, kwamen Zijn discipelen tot Hem, zeggende: Deze plaats is woest, en de tijd is nu voorbijgegaan; laat de scharen van U, opdat zij heengaan in de vlekken en zichzelven spijze kopen. Psalmen 147:9 : Die het vee zijn voeder geeft; aan de jonge raven, als zij roepen.",
          "text1637": "Het Hebr. woort lechem, ofte broot, wort genomen voor allerley spijse. Marc. 6.36. staet, om broot te koopen, maer Matth. 14.15. staet, om spijse te koopen. Broot wort oock gebruyckt voor spijse ofte voeder der beesten, Psal. 147.9. In somma, de Propheet wil seggen, dat Godt alle geschapene dingen van nootdurft versorgt.",
          "text2026": "voedsel geeft: Het Hebr., לֶחֶם, woord lechem, of brood, wordt genomen voor allerlei voedsel. Mark. 6:36 staat: om kopen; maar Matt. 14:15 staat: om voedsel te kopen. Brood wordt ook gebruikt voor voedsel of voeder van de beesten, Ps. 147:9 . In het geheel wil de profeet zeggen dat God alle geschapen dingen van nooddruft verzorgt. Marcus 6:36 : Laat ze van U, opdat zij heengaan in de omliggende dorpen en vlekken, en broden voor zichzelven mogen kopen; want zij hebben niet, wat zij eten zullen. Mattheüs 14:15 : En als het nu avond werd, kwamen Zijn discipelen tot Hem, zeggende: Deze plaats is woest, en de tijd is nu voorbijgegaan; laat de scharen van U, opdat zij heengaan in de vlekken en zichzelven voedsel kopen. Psalmen 147:9 : Die het vee zijn voeder geeft; aan de jonge raven, als zij roepen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נֹתֵ֣ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqrmsc"
        },
        {
          "woord": "לֶ֭חֶם",
          "strongs": "H3899",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּשָׂ֑ר",
          "strongs": "H1320",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die aan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> alle vlees<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> voedsel geeft; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> allen vlees<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> spijs geeft; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> allen vleesche <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> spijse geeft: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "allen",
          "new": "aan alle",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "spijs",
          "new": "voedsel",
          "principe": "V526"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 26,
      "textSV1888": "Looft den God des hemels; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637": "Lovet den Godt [26] des hemels: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "text2026": "Loof de God van de hemel; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des hemels: Anders, der hemelen; dat is, die in den hemel woont.",
          "text1637": "And. der hemelen. D. die in den hemel woont.",
          "text2026": "van de hemel: Anders, van de hemel; dat is, die in de hemel woont."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ה֭וֹדוּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhv2mp"
        },
        {
          "woord": "לְ/אֵ֣ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׁמָ֑יִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כִּ֖י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֣ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדּֽ/וֹ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Loof de God<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> van de hemel; want Zijn goedertierenheid is in de eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "Looft den God<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> des hemels; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.",
      "text1637_html": "Lovet den Godt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> des hemels: want sijne goedertierenheyt is in der eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Looft den",
          "new": "Loof de",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des hemels;",
          "new": "van de hemel;",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De Psalmist vermaent alle geloovige tot lof en dancksegginge Godes van wegen sijne goedertierenheyt, macht, ende wijsheyt, blijckende aen de scheppinge der werelt, ende verlossinge Israëls uyt Egypten, ende veel andre weldaden.",
    "text2026": "De psalmist vermaant alle gelovigen tot lof en dankzegging aan God vanwege Zijn goedertierenheid, macht en wijsheid, blijkend aan de schepping van de wereld en aan de verlossing van Israël uit Egypte, en aan vele andere weldaden."
  }
}
