{
  "number": 21,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David, voor den opperzangmeester.",
      "text1637": "EEn Psalm Davids, voor den [1] Opper-sang-meester.",
      "text2026": "Een psalm van David, voor de opperzangmeester.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
          "text1637": "Siet Psal. 4 op vers 1.",
          "text2026": "Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֗חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "מִזְמ֥וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִֽד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een psalm van David, voor de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> opperzangmeester.",
      "textSV1888_html": "Een psalm van David, voor den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> opperzangmeester.",
      "text1637_html": "EEn Psalm Davids, voor den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Opper-sang-meester.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O HEERE! de koning is verblijd over Uw sterkte; en hoezeer is hij verheugd over Uw heil!",
      "text1637": "ô HEERE, de Coninck is verblijdt over uwe sterckte; ende hoe seer is hy verheugt over u heyl?",
      "text2026": "O JAHWEH! de koning is verblijd over Uw sterkte; en hoezeer is hij verheugd over Uw heil!",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְֽהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עָזְּ/ךָ֥",
          "strongs": "H5797",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂמַח",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "מֶ֑לֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/בִ/ישׁ֥וּעָתְ/ךָ֗",
          "strongs": "H3444",
          "morph": "HC/R/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מַה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "יגיל",
          "strongs": "H1523",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "מְאֹֽד",
          "strongs": "H3966",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "O JAHWEH! de koning is verblijd over Uw sterkte; en hoezeer is hij verheugd over Uw heil!",
      "text1637_html": "ô HEERE, de Coninck is verblijdt over uwe sterckte; ende hoe seer is hy verheugt over u heyl?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Gij hebt hem zijns harten wens gegeven, en de uitspraak zijner lippen hebt Gij niet geweerd. Sela.",
      "text1637": "Ghy hebt hem sijns herten wensch gegeven; ende [2] d’ uytsprake sijner lippen en hebt ghy niet geweert, [3] Sela!",
      "text2026": "U hebt hem van zijn hart wens gegeven, en de uitspraak van zijn lippen hebt U niet geweerd. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uitspraak zijner lippen: Dat is, hetgeen hij tot U in zijn gebed uitgesproken en van U begeerd heeft.",
          "text1637": "D. ’t gene hy tot u in sijn gebedt uytgesproken ende van u begeert heeft.",
          "text2026": "uitspraak zijn lippen: Dat is, wat hij tot U in zijn gebed uitgesproken en van U begeerd heeft."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תַּאֲוַ֣ת",
          "strongs": "H8378",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "לִ֭בּ/וֹ",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "נָתַ֣תָּה",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "לּ֑/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲרֶ֥שֶׁת",
          "strongs": "H782",
          "morph": "HC/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "שְׂ֝פָתָ֗י/ו",
          "strongs": "H8193",
          "morph": "HNcfdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּל",
          "strongs": "H1077",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "מָנַ֥עְתָּ",
          "strongs": "H4513",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "סֶּֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "U hebt hem van zijn hart wens gegeven, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> de uitspraak van zijn lippen hebt U niet geweerd.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Sela.",
      "textSV1888_html": "Gij hebt hem zijns harten wens gegeven, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> de uitspraak zijner lippen hebt Gij niet geweerd.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Sela.",
      "text1637_html": "Ghy hebt hem sijns herten wensch gegeven; ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> d’ uytsprake sijner lippen en hebt ghy niet geweert, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijns harten",
          "new": "van zijn hart",
          "principe": "V201"
        },
        {
          "old": "zijner",
          "new": "van zijn",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Want Gij komt hem voor met zegeningen van het goede; op zijn hoofd zet Gij een kroon van fijn goud.",
      "text1637": "Want ghy komt hem voor met segeningen van’t goede; op sijn hooft settet ghy eene Kroone van fijnen goude.",
      "text2026": "Want U komt hem voor met zegeningen van het goede; op zijn hoofd zet U een kroon van fijn goud.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תְ֭קַדְּמֶ/נּוּ",
          "strongs": "H6923",
          "morph": "HVpi2ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בִּרְכ֣וֹת",
          "strongs": "H1293",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "ט֑וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "תָּשִׁ֥ית",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ֝/רֹאשׁ֗/וֹ",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "עֲטֶ֣רֶת",
          "strongs": "H5850",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "פָּֽז",
          "strongs": "H6337",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want U komt hem voor met zegeningen van het goede; op zijn hoofd zet U een kroon van fijn goud.",
      "text1637_html": "Want ghy komt hem voor met segeningen van’t goede; op sijn hooft settet ghy eene Kroone van fijnen goude.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Het leven heeft hij van U begeerd. Gij hebt het hem gegeven; lengte van dagen, eeuwiglijk en altoos.",
      "text1637": "Het [4] leven heeft hy van u begeert, [5] ghy hebt het hem gegeven; [6] lengte van dagen, eeuwichlick ende altoos.",
      "text2026": "Het leven heeft hij van U begeerd. U hebt het hem gegeven; lengte van dagen, eeuwig en altijd.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Als hij vanwege zijn vijanden in doodsgevaar was. Versta, net Gods genadigen zegen; daarbij verg. Ps. 30:6 ; Ps. 133:3 . Psalmen 30:6 : Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; des avonds vernacht het geween, maar des morgens is er gejuich. Psalmen 133:3 : Het is gelijk de dauw van Hermon, en die nederdaalt op de bergen van Sion, want de HEERE gebiedt aldaar den zegen en het leven tot in der eeuwigheid.",
          "text1637": "Als hy van wegen sijne vyanden in doots perijckel was. verstaet met Godts genadigen segen, daer by. Vergel. Psal. 30.6. ende 133.3.",
          "text2026": "Als hij vanwege zijn vijanden in doodsgevaar was. Versta, net Gods genadigen zegen; daarbij verg. Ps. 30:6 ; Ps. 133:3 . Psalmen 30:6 : Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; van de avond overnacht het geween, maar van de morgen is er gejuich. Psalmen 133:3 : Het is gelijk de dauw van Hermon, en die neerdaalt op de bergen van Sion, want JAHWEH gebiedt daar de zegen en het leven tot in eeuwigheid."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij hebt het hem gegeven: Anders, Gij hebt hem gegeven lengte van dagen, enz.",
          "text1637": "And. ghy hebt hem gegeven lengte van dagen, etc.",
          "text2026": "U hebt het hem gegeven: Anders, U hebt hem gegeven lengte van dagen, enz."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "lengte van dagen: Dat is, een lang leven, verg. Deut. 30:20 . Dit ziet wel eensdeels naar het lichaam op David, die in goeden ouderdom is gestorven, maar strekt zich ook voorts op den Messias, Davids zaad naar het vlees [zie Jes. 53:1 ], en wijders op David en alle leden van Christus, ten aanzien dat zij door het geloof in Hem het eeuwige leven hebben. Deuteronomium 30:20 : Liefhebbende den HEERE, uw God, Zijner stem gehoorzaam zijnde, en Hem aanhangende; want Hij is uw leven en de lengte uwer dagen; opdat gij blijft in het land, dat de HEERE uw vaderen, Abraham, Izak en Jakob, gezworen heeft hun te zullen geven. Jesaja 53:1 : Wie heeft onze prediking geloofd, en aan wien is de arm des HEEREN geopenbaard?",
          "text1637": "D. een lanck leven. Vergel. Deut. 30.20. dit siet wel eensdeels nae het lichaem op David, die in goeden ouderdom is gestorven, maer streckt sich oock voorts op den Messiam, Davids zaet nae den vleesche, (Siet Iesa. 53.10.) ende wijders op David ende alle leden Christi, ten aensien dat sy door ’t geloove in hem het eewich leven hebben.",
          "text2026": "lengte van dagen: Dat is, een lang leven, verg. Deut. 30:20 . Dit ziet wel eensdeels naar het lichaam op David, die in goede ouderdom is gestorven, maar strekt zich ook verder op de Messias, Davids zaad naar het vlees [zie Jes. 53:1 ], en verder op David en alle leden van Christus, ten aanzien dat zij door het geloof in Hem het eeuwige leven hebben. Deuteronomium 30:20 : Liefhebbende JAHWEH, uw God, Zijn stem gehoorzaam zijnde, en Hem aanhangende; want Hij is uw leven en de lengte uw dagen; opdat u blijft in het land, dat JAHWEH uw vaders, Abraham, Izak en Jakob, gezworen heeft hun te zullen geven. Jesaja 53:1 : Wie heeft onze prediking geloofd, en aan wie is de arm van JAHWEH geopenbaard?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חַיִּ֤ים",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שָׁאַ֣ל",
          "strongs": "H7592",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ֭מְּ/ךָ",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נָתַ֣תָּה",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "לּ֑/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֹ֥רֶךְ",
          "strongs": "H753",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יָ֝מִ֗ים",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָ֥ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/עֶֽד",
          "strongs": "H5703",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> leven heeft hij van U begeerd.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> U hebt het hem gegeven;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> lengte van dagen, eeuwig en altijd.",
      "textSV1888_html": "Het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> leven heeft hij van U begeerd.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Gij hebt het hem gegeven;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> lengte van dagen, eeuwiglijk en altoos.",
      "text1637_html": "Het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> leven heeft hy van u begeert, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> ghy hebt het hem gegeven; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> lengte van dagen, eeuwichlick ende altoos.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "eeuwiglijk",
          "new": "eeuwig",
          "principe": "V54"
        },
        {
          "old": "altoos.",
          "new": "altijd.",
          "principe": "V222"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Groot is zijn eer door Uw heil; majesteit en heerlijkheid hebt Gij hem toegevoegd.",
      "text1637": "Groot is sijne eere door u heyl; Majesteyt ende heerlickheyt hebt ghy hem toegevoegt.",
      "text2026": "Groot is zijn eer door Uw heil; majesteit en heerlijkheid hebt U hem toegevoegd.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גָּד֣וֹל",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כְּ֭בוֹד/וֹ",
          "strongs": "H3519",
          "morph": "HNcbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ/ישׁוּעָתֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H3444",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "ה֥וֹד",
          "strongs": "H1935",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/הָדָר",
          "strongs": "H1926",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תְּשַׁוֶּ֥ה",
          "strongs": "H7737",
          "morph": "HVpi2ms"
        },
        {
          "woord": "עָלָֽי/ו",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Groot is zijn eer door Uw heil; majesteit en heerlijkheid hebt U hem toegevoegd.",
      "text1637_html": "Groot is sijne eere door u heyl; Majesteyt ende heerlickheyt hebt ghy hem toegevoegt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Want Gij zet hem tot zegeningen in eeuwigheid; Gij vervrolijkt hem door vreugde met Uw aangezicht.",
      "text1637": "Want ghy settet hem [tot] [7] segeningen in eeuwicheyt; ghy vervrolickt hem door vreuchde met u [8] aengesicht.",
      "text2026": "Want U zet hem tot zegeningen in eeuwigheid; U vervrolijkt hem door vreugde met Uw aangezicht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verg. Gen. 12:2 . Jes. 19:24 . Ezech. 34:26 . Genesis 12:2 : En Ik zal u tot een groot volk maken, en u zegenen, en uw naam groot maken; en wees een zegen! Jesaja 19:24 : Te dien dage zal Israël de derde wezen met de Egyptenaren en met de Assyriërs, een zegen in het midden van het land. Ezechiël 34:26 : Want Ik zal dezelve, en de plaatsen rondom Mijn heuvel, stellen tot een zegen; en Ik zal den plasregen doen nederdalen op zijn tijd, plasregens van zegen zullen er zijn.",
          "text1637": "Vergel. Gen. 12. op vers 2. Iesa. 19.20. Ezech. 34.26.",
          "text2026": "Verg. Gen. 12:2 . Jes. 19:24 . Ez. 34:26 . Genesis 12:2 : En Ik zal u tot een groot volk maken, en u zegenen, en uw naam groot maken; en wees een zegen! Jesaja 19:24 : Te die dage zal Israël de derde wezen met de Egyptenaren en met de Assyriërs, een zegen in het midden van het land. Ezechiël 34:26 : Want Ik zal dezelfde, en de plaatsen rondom Mijn heuvel, stellen tot een zegen; en Ik zal de plasregen doen nederdalen op zijn tijd, plasregens van zegen zullen er zijn."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Num. 6:25 , 6:26 . Ps. 16:11 . Numeri 6:25 : De HEERE doe Zijn aangezicht over u lichten, en zij u genadig! Numeri 6:26 : De HEERE verheffe Zijn aangezicht over u, en geve u vrede! Psalmen 16:11 : Gij zult mij het pad des levens bekend maken; verzadiging der vreugde is bij Uw aangezicht; liefelijkheden zijn in Uw rechterhand, eeuwiglijk.",
          "text1637": "Siet Num. 6. op versen 25, 26. ende Psal. 16.11.",
          "text2026": "Zie Num. 6:25 , 6:26 . Ps. 16:11 . Numeri 6:25 : JAHWEH doe Zijn aangezicht over u lichten, en zij u genadig! Numeri 6:26 : JAHWEH verheffe Zijn aangezicht over u, en geve u vrede! Psalmen 16:11 : U zult mij het pad van het leven bekend maken; verzadiging van de vreugde is bij Uw aangezicht; liefelijkheden zijn in Uw rechterhand, eeuwig."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תְשִׁיתֵ֣/הוּ",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi2ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְרָכ֣וֹת",
          "strongs": "H1293",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "לָ/עַ֑ד",
          "strongs": "H5703",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תְּחַדֵּ֥/הוּ",
          "strongs": "H2302",
          "morph": "HVpi2ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְ֝/שִׂמְחָ֗ה",
          "strongs": "H8057",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "פָּנֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want U zet hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> tot zegeningen in eeuwigheid; U vervrolijkt hem door vreugde met Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> aangezicht.",
      "textSV1888_html": "Want Gij zet hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> tot zegeningen in eeuwigheid; Gij vervrolijkt hem door vreugde met Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> aangezicht.",
      "text1637_html": "Want ghy settet hem [tot] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> segeningen in eeuwicheyt; ghy vervrolickt hem door vreuchde met u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> aengesicht.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Want de koning vertrouwt op den HEERE, en door de goedertierenheid des Allerhoogsten zal hij niet wankelen.",
      "text1637": "Want de Coninck vertrouwt op den HEERE, ende door de goedertierenheyt des Alderhoochsten en sal hy niet [9] wanckelen.",
      "text2026": "Want de koning vertrouwt op JAHWEH, en door de goedertierenheid van de Allerhoogste zal hij niet wankelen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk boven, Ps. 15:5 . Psalmen 15:5 : Die zijn geld niet geeft op woeker, en geen geschenk neemt tegen den onschuldige. Die deze dingen doet, zal niet wankelen in eeuwigheid.",
          "text1637": "Als boven Psal. 15.5.",
          "text2026": "Gelijk boven, Ps. 15:5 . Psalmen 15:5 : Die zijn geld niet geeft op woeker, en geen geschenk neemt tegen de onschuldige. Die deze dingen doet, zal niet wankelen in eeuwigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הַ֭/מֶּלֶךְ",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "בֹּטֵ֣חַ",
          "strongs": "H982",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְ/חֶ֥סֶד",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HC/R/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עֶ֝לְי֗וֹן",
          "strongs": "H5945",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "בַּל",
          "strongs": "H1077",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִמּֽוֹט",
          "strongs": "H4131",
          "morph": "HVNi3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want de koning vertrouwt op JAHWEH, en door de goedertierenheid van de Allerhoogste zal hij niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> wankelen.",
      "textSV1888_html": "Want de koning vertrouwt op den HEERE, en door de goedertierenheid des Allerhoogsten zal hij niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> wankelen.",
      "text1637_html": "Want de Coninck vertrouwt op den HEERE, ende door de goedertierenheyt des Alderhoochsten en sal hy niet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> wanckelen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des Allerhoogsten",
          "new": "van de Allerhoogste",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Uw hand zal al Uw vijanden vinden; Uw rechterhand zal Uw haters vinden.",
      "text1637": "Uwe hant sal [10] alle uwe vyanden [11] vinden; uwe rechter-hant sal uwe haters vinden.",
      "text2026": "Uw hand zal al Uw vijanden vinden; Uw rechterhand zal Uw vijanden vinden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zal al: Anders, zal wraak vinden voor alle , etc. Of, zal genoegzaam zijn voor al Uwe vijanden , te weten, om die te dempen.",
          "text1637": "And. sal [wrake] vinden voor alle, etc. ofte, sal genoechsaem zijn voor alle uwe vyanden, te weten, om die te dempen.",
          "text2026": "zal al: Anders, zal wraak vinden voor alle , etc. Of, zal genoegzaam zijn voor al Uw vijanden , te weten, om die te dempen."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, aantreffen, grijpen en straffen.",
          "text1637": "D. Aentreffen, grijpen ende straffen.",
          "text2026": "Dat is, aantreffen, grijpen en straffen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּמְצָ֣א",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "יָ֭דְ/ךָ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֹיְבֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֝מִֽינְ/ךָ",
          "strongs": "H3225",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תִּמְצָ֥א",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "שֹׂנְאֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HVqrmpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Uw hand zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> al Uw vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> vinden; Uw rechterhand zal Uw vijanden vinden.",
      "textSV1888_html": "Uw hand zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> al Uw vijanden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> vinden; Uw rechterhand zal Uw haters vinden.",
      "text1637_html": "Uwe hant sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> alle uwe vyanden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> vinden; uwe rechter-hant sal uwe haters vinden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "haters",
          "new": "vijanden",
          "principe": "V945"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Gij zult hen zetten als een vurige oven ter tijd Uws toornigen aangezichts; de HEERE zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.",
      "text1637": "Ghy sultse setten als eenen vyerigen oven ter tijt uwes [toornigen] [12] aengesichts; De HEERE salse in sijnen toorn verslinden, ende het vyer salse verteeren.",
      "text2026": "U zult hen zetten als een vurige oven ter tijd van Uw toornigen aangezichts; JAHWEH zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, van uwen toorn, dat is, wanneer Gij hen in toorn zult aanzien, oordelen en straffen. Verg. Ps. 34:17 . Gen. 32:20 . Lev. 17:10 ; Lev. 20:6 . Jer. 3:12 ; Jer. 4:26 . Klaagl. 4:16 . Merk dat het aangezicht Gods hier genomen wordt voor zijnen toorn en boven, Ps. 10:7 , voor zijne gunst. Verg. Ps. 25:18 , 25:19 . Psalmen 34:17 : Pe. Het aangezicht des HEEREN is tegen degenen, die kwaad doen, om hun gedachtenis van de aarde uit te roeien. Genesis 32:20 : En gij zult ook zeggen: Zie, uw knecht Jakob is achter ons! Want hij zeide: Ik zal zijn aangezicht verzoenen met dit geschenk, dat voor mijn aangezicht gaat, en daarna zal ik zijn aangezicht zien; misschien zal hij mijn aangezicht aannemen. Leviticus 17:10 : En een ieder uit het huis Israëls, en uit de vreemdelingen, die in het midden van hen als vreemdelingen verkeren, die enig bloed zal gegeten hebben, tegen diens ziel, die dat bloed zal gegeten hebben, zal Ik Mijn aangezicht zetten, en zal die uit het midden haars volks uitroeien. Leviticus 20:6 : Wanneer er een ziel is, die zich tot de waarzeggers en tot de duivelskunstenaars zal gekeerd hebben, om die na te hoereren, zo zal Ik Mijn aangezicht tegen die ziel zetten, en zal ze uit het midden haars volks uitroeien. Jeremia 3:12 : Ga henen, en roep deze woorden uit tegen het noorden, en zeg: Bekeer u, gij afgekeerde Israël! spreekt de HEERE, zo zal Ik Mijn toorn op ulieden niet doen vallen; want Ik ben goedertieren, spreekt de HEERE. Ik zal den toorn niet in eeuwigheid behouden. Jeremia 4:26 : Ik zag, en ziet, het vruchtbare land was een woestijn, en al zijn steden waren afgebroken, vanwege den HEERE, vanwege de hittigheid Zijns toorns. Klaagliederen 4:16 : Pe. Des HEEREN aangezicht heeft ze verdeeld. Hij zal ze voortaan niet meer aanzien; zij hebben het aangezicht der priesteren niet geëerd, zij hebben den ouden geen genade bewezen. Psalmen 10:7 : Zijn mond is vol van vloek, en bedriegerijen, en list; onder zijn tong is moeite en ongerechtigheid. Psalmen 25:18 : Resch. Aanzie mijn ellende, en mijn moeite, en neem weg al mijn zonden. Psalmen 25:19 : Resch. Aanzie mijn vijanden, want zij vermenigvuldigen, en zij haten mij met een wreveligen haat.",
          "text1637": "D. uwes toorns, dat is, wanneer ghyse in toorne sult aensien, oordelen ende straffen. Vergel. Psal. 34.17. ende Gen. 32.20. Levit. 17.10. ende 20.6. Ierem. 3.12. ende 4.26. Thren. 4.16. merckt, dat het aengesicht Godts hier genomen wort voor sijnen toorn, ende bov. vers 7. voor sijn gunst. Vergel. Psal. 25.18, 19.",
          "text2026": "Dat is, van uw toorn, dat is, wanneer U hen in toorn zult aanzien, oordelen en straffen. Verg. Ps. 34:17 . Gen. 32:20 . Lev. 17:10 ; Lev. 20:6 . Jer. 3:12 ; Jer. 4:26 . Klaagl. 4:16 . Merk dat het aangezicht van God hier genomen wordt voor zijn toorn en boven, Ps. 10:7 , voor zijn gunst. Verg. Ps. 25:18 , 25:19 . Psalmen 34:17 : Pe. Het aangezicht van JAHWEH is tegen degenen, die kwaad doen, om hun gedachtenis van de aarde uit te roeien. Genesis 32:20 : En u zult ook zeggen: Zie, uw knecht Jakob is achter ons! Want hij zei: Ik zal zijn aangezicht verzoenen met dit geschenk, dat voor mijn aangezicht gaat, en daarna zal ik zijn aangezicht zien; misschien zal hij mijn aangezicht aannemen. Leviticus 17:10 : En een ieder uit het huis van Israël, en uit de vreemdelingen, die in het midden van hen als vreemdelingen verkeren, die enig bloed zal gegeten hebben, tegen diens ziel, die dat bloed zal gegeten hebben, zal Ik Mijn aangezicht zetten, en zal die uit het midden haars volks uitroeien. Leviticus 20:6 : Wanneer er een ziel is, die zich tot de waarzeggers en tot de duivelskunstenaars zal gekeerd hebben, om die na te hoereren, zo zal Ik Mijn aangezicht tegen die ziel zetten, en zal ze uit het midden haars volks uitroeien. Jeremia 3:12 : Ga heen, en roep deze woorden uit tegen het noorden, en zeg: Bekeer u, u afgekeerde Israël! spreekt JAHWEH, zo zal Ik Mijn toorn op u niet doen vallen; want Ik ben goedertieren, spreekt JAHWEH. Ik zal de toorn niet in eeuwigheid behouden. Jeremia 4:26 : Ik zag, en ziet, het vruchtbare land was een woestijn, en al zijn steden waren afgebroken, vanwege JAHWEH, vanwege de hitte van Zijn toorn. Klaagliederen 4:16 : Pe. Van JAHWEH aangezicht heeft ze verdeeld. Hij zal ze voortaan niet meer aanzien; zij hebben het aangezicht van de priesters niet geëerd, zij hebben de ouden geen genade bewezen. Psalmen 10:7 : Zijn mond is vol van vloek, en bedriegerijen, en list; onder zijn tong is moeite en ongerechtigheid. Psalmen 25:18 : Resch. Aanzie mijn ellende, en mijn moeite, en neem weg al mijn zonden. Psalmen 25:19 : Resch. Aanzie mijn vijanden, want zij vermenigvuldigen, en zij haten mij met een wreveligen haat."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּשִׁיתֵ֤/מוֹ",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/תַנּ֥וּר",
          "strongs": "H8574",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֵשׁ֮",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֵ֪ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "פָּ֫נֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אַפּ֣/וֹ",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְבַלְּעֵ֑/ם",
          "strongs": "H1104",
          "morph": "HVpi3ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/תֹאכְלֵ֥/ם",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HC/Vqi3fs/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֵֽשׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U zult hen zetten als een vurige oven ter tijd van Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> toornigen aangezichts; JAHWEH zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.",
      "textSV1888_html": "Gij zult hen zetten als een vurige oven ter tijd Uws<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> toornigen aangezichts; de HEERE zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.",
      "text1637_html": "Ghy sultse setten als eenen vyerigen oven ter tijt uwes [toornigen] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> aengesichts; De HEERE salse in sijnen toorn verslinden, ende het vyer salse verteeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Uws",
          "new": "van Uw",
          "principe": "V200"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Gij zult hun vrucht van de aarde verdoen, en hun zaad van de kinderen der mensen.",
      "text1637": "Ghy sult hare [13] vrucht van der aerde verdoen; ende haer [14] zaet van de kinderen der menschen.",
      "text2026": "U zult hun vrucht van de aarde verdoen, en hun zaad van de kinderen van de mensen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De vrucht huns lichaams gelijk de Schrift spreekt ; dat is, hunne kinderen; anders wordt ook door de vrucht van iemands hand verstaan hetgeen hij door zijn arbeid verkrijgt of overwint; Spreuk. 31:16 , 31:31 . Spreuken 31:16 : Zain. Zij denkt om een akker, en krijgt hem; van de vrucht harer handen plant zij een wijngaard. Spreuken 31:31 : Thau. Geef haar van de vrucht harer handen, en laat haar werken haar prijzen in de poorten.",
          "text1637": "De vrucht haers lichaems (als de Schrift spreeckt), dat is, hare kinderen: anders wort oock door de vrucht van yemants hant verstaen, ’t gene hy door sijnen arbeyt verkrijcht, ofte overwint. Prov. 31.16, 31.",
          "text2026": "De vrucht huns lichaams gelijk de Schrift spreekt ; dat is, hun kinderen; anders wordt ook door de vrucht van iemands hand verstaan wat hij door zijn arbeid verkrijgt of overwint; Spr. 31:16 , 31:31 . Spreuken 31:16 : Zain. Zij denkt om een akker, en krijgt hem; van de vrucht haar handen plant zij een wijngaard. Spreuken 31:31 : Thau. Geef haar van de vrucht haar handen, en laat haar werken haar prijzen in de poorten."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, kinderen of nakomelingen.",
          "text1637": "D. kinderen ofte nakomelingen.",
          "text2026": "Dat is, kinderen of nakomelingen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פִּ֭רְיָ/מוֹ",
          "strongs": "H6529",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "תְּאַבֵּ֑ד",
          "strongs": "H6",
          "morph": "HVpi2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/זַרְעָ֗/ם",
          "strongs": "H2233",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/בְּנֵ֥י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "אָדָֽם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U zult hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vrucht van de aarde verdoen, en hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> zaad van de kinderen van de mensen.",
      "textSV1888_html": "Gij zult hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vrucht van de aarde verdoen, en hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> zaad van de kinderen der mensen.",
      "text1637_html": "Ghy sult hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vrucht van der aerde verdoen; ende haer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> zaet van de kinderen der menschen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Want zij hebben kwaad tegen U aangelegd; zij hebben een schandelijke daad bedacht, doch zullen niets vermogen.",
      "text1637": "Want sy hebben quaet tegen [15] u aengeleyt; sy hebben een schendelicke daet bedacht, [doch] sullen niets vermogen.",
      "text2026": "Want zij hebben kwaad tegen U aangelegd; zij hebben een schandelijke daad bedacht, maar zullen niets uitrichten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Want God rekent Hemzelven aangedaan te worden wat men zijn volk aandoet. Zie Gen. 20:6 . Genesis 20:6 : En God zeide tot hem in den droom: Ik heb ook geweten, dat gij dit in oprechtheid uws harten gedaan hebt, en Ik heb u ook belet van tegen Mij te zondigen; daarom heb Ik u niet toegelaten, haar aan te roeren.",
          "text1637": "Want Godt rekent hem selven aengedaen te worden, datmen sijnen volcke aendoet. siet Gen. 20. op vers 6.",
          "text2026": "Want God rekent Hemzelven aangedaan te worden wat men zijn volk aandoet. Zie Gen. 20:6 . Genesis 20:6 : En God zei tot hem in de droom: Ik heb ook geweten, dat u dit in oprechtheid uws harten gedaan hebt, en Ik heb u ook belet van tegen Mij te zondigen; daarom heb Ik u niet toegelaten, haar aan te roeren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "נָט֣וּ",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "רָעָ֑ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "חָֽשְׁב֥וּ",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "מְ֝זִמָּ֗ה",
          "strongs": "H4209",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "בַּל",
          "strongs": "H1077",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יוּכָֽלוּ",
          "strongs": "H3201",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want zij hebben kwaad tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> U aangelegd; zij hebben een schandelijke daad bedacht, maar zullen niets uitrichten.",
      "textSV1888_html": "Want zij hebben kwaad tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> U aangelegd; zij hebben een schandelijke daad bedacht, doch zullen niets vermogen.",
      "text1637_html": "Want sy hebben quaet tegen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> u aengeleyt; sy hebben een schendelicke daet bedacht, [doch] sullen niets vermogen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "doch",
          "new": "maar",
          "principe": "V1"
        },
        {
          "old": "vermogen.",
          "new": "uitrichten.",
          "principe": "V1089"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Want Gij zult hen zetten tot een wit; met Uw pezen zult Gij het op hun aangezicht toeleggen.",
      "text1637": "Want ghy sultse setten tot een [16] wit, met uwe [17] pezen sult ghy op haer aengesicht toeleggen.",
      "text2026": "Want U zult hen zetten tot een wit; met Uw pezen zult U het op hun aangezicht toeleggen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. schouder , of, dijk . Dat is, een opgehoogde of uitstekende plaats, daarop gij, als op een doelwit, zult mikken, om ze recht in ’t gezicht te treffen.",
          "text1637": "Hebr. schouder, ofte, dijck. dat is, eene opgehoochde ofte uytstekende plaetse, daer op ghy, als op een doelwit, sult micken, om haer recht in’t gesicht te treffen.",
          "text2026": "Hebr. schouder , of, dijk . Dat is, een opgehoogde of uitstekende plaats, daarop u, als op een doelwit, zult mikken, om ze recht in ’t gezicht te treffen."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. koorden; dat is, de pees van den boog. Versta, de pijlen op uwen boog toerichten.",
          "text1637": "Hebr. koorden, dat is, de peze van den boge. verstaet, de pijlen op uwen boge toerichten.",
          "text2026": "Hebr. koorden; dat is, de pees van de boog. Versta, de pijlen op uw boog toerichten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֭י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "תְּשִׁיתֵ֣/מוֹ",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqi2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֑כֶם",
          "strongs": "H7926",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ֝/מֵֽיתָרֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H4340",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תְּכוֹנֵ֥ן",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVoi2ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "פְּנֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want U zult hen zetten tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> wit; met Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> pezen zult U het op hun aangezicht toeleggen.",
      "textSV1888_html": "Want Gij zult hen zetten tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> wit; met Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> pezen zult Gij het op hun aangezicht toeleggen.",
      "text1637_html": "Want ghy sultse setten tot een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> wit, met uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> pezen sult ghy op haer aengesicht toeleggen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Verhoog U, HEERE! in Uw sterkte; zo zullen wij zingen, en Uw macht met psalmen loven.",
      "text1637": "Verhoogt u, HEERE, in uwe sterckte; so sullen wy singen, ende uwe macht met Psalmen loven.",
      "text2026": "Verhoog U, JAHWEH! in Uw sterkte; zo zullen wij zingen, en Uw macht met psalmen loven.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ר֣וּמָ/ה",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֻזֶּ֑/ךָ",
          "strongs": "H5797",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נָשִׁ֥ירָה",
          "strongs": "H7891",
          "morph": "HVqh1cp"
        },
        {
          "woord": "וּֽ֝/נְזַמְּרָה",
          "strongs": "H2167",
          "morph": "HC/Vph1cp"
        },
        {
          "woord": "גְּבוּרָתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H1369",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verhoog U, JAHWEH! in Uw sterkte; zo zullen wij zingen, en Uw macht met psalmen loven.",
      "text1637_html": "Verhoogt u, HEERE, in uwe sterckte; so sullen wy singen, ende uwe macht met Psalmen loven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David danckt Godt, voor sich, ende in den name der kercke, voor d’ontfangene victorien ende den gesegenden staet sijns Coninckrijcks, zijnde een voor-beelt des eeuwigen Conincks ende Coninckrijcks Iesu Christi: ende propheteert de bestandicheyt van beyden, mitsgaders den onderganck aller vyanden van dien, tot Godes lof.",
    "text2026": "David dankt God, voor zichzelf en in naam van de Kerk, voor de ontvangen overwinningen en de gezegende staat van zijn koninkrijk, dat een voorbeeld is van de eeuwige Koning en het eeuwige Koninkrijk van Jezus Christus; en hij profeteert van de bestendigheid van beide, alsook van de ondergang van al hun vijanden, tot lof van God."
  }
}
