{
  "number": 23,
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David stelt in sijn eygen persoon, als in eenen spiegel, voor oogen, de gelucksalicheyt van een oprecht kindt Godes, soo in het lichamelicke, als in ’t geestelicke, onder het lieflick beleyt ende de herderlicke voorsorge sijns genadigen Godts, in den oppersten Herder der zielen, onsen Heere Iesu Christo.",
    "text2026": "David stelt in zijn eigen persoon, als in een spiegel, voor ogen de gelukzaligheid van een oprecht kind van God, zowel in het lichamelijke als in het geestelijke, onder het lieflijk beleid en de herderlijke voorzorg van zijn genadige God, in de opperste Herder der zielen, onze Heere Jezus Christus."
  },
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "ref": "bibpsal023:01",
      "text1637": "EEn Psalm Davids. [a] De HEERE is mijn herder, my en sal niets ontbreken.",
      "text1637_html": "EEn Psalm Davids. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> De HEERE is mijn herder, my en sal niets ontbreken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "text1637": "Iesa. 40.11. Ierem. 23.4. Ezech. 34.23. Iohan. 10.11. 1.Pet. 2.25. Apoc. 7.17.",
          "text2026": "Jes. 40:11. Jer. 23:4. Ez. 34:23. Joh. 10:11. 1 Petr. 2:25. Openb. 7:17.",
          "textSV1888": "Jes. 40:11; Jer. 23:4; Ezech. 34:23; Joh. 10:11; 1 Petr. 2:25; Openb. 7:17. Jesaja 40:11: Hij zal Zijn kudde weiden gelijk een herder; Hij zal de lammeren in Zijn armen vergaderen, en in Zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtjes leiden. Jeremia 23:4: En Ik zal herderen over hen verwekken, die ze weiden zullen; en zij zullen niet meer vrezen, noch verschrikt worden, noch gemist worden, spreekt de HEERE. Ezechiël 34:23: En Ik zal een enigen Herder over hen verwekken, en Hij zal hen weiden, namelijk Mijn knecht David; die zal ze weiden, en Die zal hun tot een Herder zijn. Johannes 10:11: Ik ben de goede Herder; de goede herder stelt zijn leven voor de schapen. 1 Petrus 2:25: Want gij waart als dwalende schapen; maar gij zijt nu bekeerd tot den Herder en Opziener uwer zielen. Openbaring 7:17: Want het Lam, Dat in het midden des troons is, zal hen weiden, en zal hun een Leidsman zijn tot levende fonteinen der wateren; en God zal alle tranen van hun ogen afwissen."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Een psalm van David. JAHWEH is mijn Herder, mij zal niets ontbreken.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִזְמ֥וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֑ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "רֹ֝עִ֗/י",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HVqrmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אֶחְסָֽר",
          "strongs": "H2637",
          "morph": "HVqi1cs"
        }
      ],
      "hsv": "Een psalm van David.ⓖDe HEERE is mijn Herder,mij ontbreekt niets.",
      "nbg51": "Een psalm van David.",
      "text2026_html": "Een psalm van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> David. JAHWEH is mijn Herder, mij zal niets ontbreken.",
      "textSV1888": "Een psalm van David. De HEERE is mijn Herder, mij zal niets ontbreken.",
      "textSV1888_html": "Een psalm van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> David. De HEERE is mijn Herder, mij zal niets ontbreken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "ref": "bibpsal023:02",
      "text1637": "Hy doet my [1] nederliggen in [2] grasige weyden; hy voert my [3] sachtkens aen seer [4] stille wateren.",
      "text1637_html": "Hy doet my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> nederliggen in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> grasige weyden; hy voert my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> sachtkens aen seer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> stille wateren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Vergel. Ezech. 34.15.",
          "text2026": "Vergelijk Ez. 34:15.",
          "textSV1888": "Verg. Ezech. 34:15. Ezechiël 34:15: Ik zal Mijn schapen weiden, en Ik zal ze legeren, spreekt de Heere HEERE."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Hebr. weyden van gras, ofte, gras scheutkens, and. in grasige koyen, ofte hutten. D. die rontomme omgeven zijn met groene grasige auwen, ofte weyden.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, in weilanden vol gras, een beeld van geestelijke overvloed en rust.",
          "textSV1888": "2 grazige weiden: Hebr., דֶּשֶׁא, weiden van gras, of grasscheutkens. Anders, in grazige kooien, of hutten, dat is, die rondom omgeven zijn met groene grazige weiden."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Als Exo. 15.13 ende Psal. 31.4.",
          "text2026": "Hebreeuws, מֵי: wateren van rust. Dat wil zeggen, kalme, veilige wateren — een beeld van vrede en verzorging.",
          "textSV1888": "Als Exod. 15:13 en Psalm 31:4. Exodus 15:13: Gij leiddet door Uw weldadigheid dit volk, dat Gij verlost hebt; Gij voert hen zachtkens door Uw sterkte tot de liefelijke woning Uwer heiligheid. Psalmen 31:4: Want Gij zijt mijn Steenrots en mijn Burg; leid mij dan, en voer mij, om Uws Naams wil."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Hebr. wateren der stilten, D. die seer sacht ende stil zijn loopende, tot wateringe der beesten seer bequaem.",
          "text2026": "Hebreeuws, מֵי: wateren van de stilten, dat wil zeggen: die zeer sacht en stil zijn loopende, tot watering van de beesten zeer bekwaam.",
          "textSV1888": "4 stille wateren: Hebr., מֵי, wateren der stilte, dat is, die zeer zacht en stil zijn lopende, tot watering der beesten zeer bekwaam."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Hij doet mij neerliggen in grazige weiden; Hij voert mij zachtjes aan zeer stille wateren.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בִּ/נְא֣וֹת",
          "strongs": "H4999",
          "morph": "HR/Ncfpc"
        },
        {
          "woord": "דֶּ֭שֶׁא",
          "strongs": "H1877",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יַרְבִּיצֵ֑/נִי",
          "strongs": "H7257",
          "morph": "HVhi3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מֵ֖י",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "מְנֻח֣וֹת",
          "strongs": "H4496",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "יְנַהֲלֵֽ/נִי",
          "strongs": "H5095",
          "morph": "HVpi3ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "hsv": "Hij doet mij neerliggen in grazige weiden,Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren.",
      "nbg51": "Hij doet mij nederliggen in grazige weiden;",
      "text2026_html": "Hij doet mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> neerliggen in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> grazige weiden; Hij voert mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> zachtjes aan zeer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> stille wateren.",
      "textSV1888": "Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij zachtjes aan zeer stille wateren.",
      "textSV1888_html": "Hij doet mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> nederliggen in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> grazige weiden; Hij voert mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> zachtjes aan zeer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> stille wateren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "nederliggen",
          "new": "neerliggen",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "ref": "bibpsal023:03",
      "text1637": "Hy [5] verquickt mijne ziele; hy leydt my in’t [6] spoor der gerechticheyt, om sijns Naems wille.",
      "text1637_html": "Hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verquickt mijne ziele; hy leydt my in’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> spoor der gerechticheyt, om sijns Naems wille.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Hebr. hy doet wederkeeren, ofte, hy brengt weder, dat is, hy richt op, hy verquickt: gelijck een herder de schapen, door hitte ende dorst verflaeuwt zijnde, met lieflicke wateren weder te rechte brengt ende verquickt. Siet Ruth. 4. op vers 15. Psal. 19. op vers 8. Prov. 25. op vers 13. Ofte, hy doet mijne ziele wederkeeren, te weten, op het rechte pat.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, op de rechte weg, de weg die hij wil.",
          "textSV1888": "Hebr. Hij doet wederkeren, of Hij brengt weder, dat is, Hij richt op, Hij verkwikt, gelijk een herder de schapen, door hitte en dorst verflauwd zijnde, met lieflijke wateren weder terechtbrengt en verkwikt. Zie Ruth 4:15; Ps. 19:8; Spreuk. 25:13. Of, Hij doet mijne ziel wederkeren; te weten, op het rechte pad. Ruth 4:15: Die zal u zijn tot een verkwikker der ziel, en om uw ouderdom te onderhouden; want uw schoondochter, die u liefheeft, heeft hem gebaard, dewelke u beter is dan zeven zonen. Psalmen 19:8: De wet des HEEREN is volmaakt, bekerende de ziel; de getuigenis des HEEREN is gewis, den slechten wijsheid gevende. Spreuken 25:13: Een trouw gezant is dengenen, die hem zenden, als de koude der sneeuw ten dage des oogstes; want hij verkwikt zijns heren ziel."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Hebr. de sporen.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, ter ere van zijn naam en vanwege wie hij is.",
          "textSV1888": "Hebr. de sporen."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Hij verfrist mijn ziel; Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֥/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְשׁוֹבֵ֑ב",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVoi3ms"
        },
        {
          "woord": "יַֽנְחֵ֥/נִי",
          "strongs": "H5148",
          "morph": "HVhi3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְ/מַעְגְּלֵי",
          "strongs": "H4570",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "צֶ֝֗דֶק",
          "strongs": "H6664",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְמַ֣עַן",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "שְׁמֽ/וֹ",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "hsv": "Hij verkwikt mijn ziel,Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid,omwille van Zijn Naam.",
      "nbg51": "Hij verkwikt mijn ziel.",
      "text2026_html": "Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verfrist mijn ziel; Hij leidt mij in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> het spoor van de gerechtigheid, omwille van Zijn Naam.",
      "textSV1888": "Hij verkwikt mijn ziel; Hij leidt mij in het spoor der gerechtigheid, om Zijns Naams wil.",
      "textSV1888_html": "Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verkwikt mijn ziel; Hij leidt mij in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> het spoor der gerechtigheid, om Zijns Naams wil.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "verkwikt",
          "new": "verfrist",
          "principe": "V98"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "om Zijns Naams wil.",
          "new": "omwille van Zijn Naam.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "ref": "bibpsal023:04",
      "text1637": "[b] Al ginck ick oock in een dal der [7] schaduwe des doots, ick en soude geen quaet vreesen, want ghy zijt [8] met my; uwen stock, ende uwen [9] staf, die vertroosten my.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Al ginck ick oock in een dal der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> schaduwe des doots, ick en soude geen quaet vreesen, want ghy zijt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> met my; uwen stock, ende uwen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> staf, die vertroosten my.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "text1637": "Psal. 3.6. ende 118.6.",
          "text2026": "Ps. 3:6. en 118:6.",
          "textSV1888": "Ps. 3:6; Ps. 118:6. Psalmen 3:6: Ik lag neder en sliep; ik ontwaakte, want de HEERE ondersteunde mij. Psalmen 118:6: De HEERE is bij mij, ik zal niet vrezen; wat zal mij een mens doen?"
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. op schricklick duystere ende gevaerlicke wegen, sulcks David in sijn ballingschap ontwijfelick dickwijls sal gebeurt zijn. wat dese maniere van spreken voorts beteeckent, is te sien Iob 3. op vers 5. ende 10. op versen 21, 22. ende 24.17. Psal. 44.20. ende 107.10, 14. Ierem. 2.6, etc.",
          "text2026": "Hebreeuws, צַלְמָוֶת: schaduw van de dood. Dit kan slaan op doodgevaar, maar ook op de duisterste omstandigheden van het leven.",
          "textSV1888": "7 schaduw des doods: Dat is, op schrikkelijk duistere en gevaarlijke wegen, hetwelk David in zijn ballingschap ongetwijfeld dikwijls zal gebeurd zijn. Wat deze manier van spreken verder betekent, is te zien Job 3:5, en Job 10:21, 10:22, en Job 24:17; Ps. 44:20, en Ps. 107:10, 107:14: Jer. 2:6 enz. Job 3:5: Dat de duisternis en des doods schaduw hem verontreinigen; dat wolken over hem wonen; dat hem verschrikken de zwarte dampen des dags! Job 10:21: Eer ik henenga (en niet wederkom) in een land der duisternis en der schaduwe des doods; Job 10:22: Een stikdonker land, als de duisternis zelve, de schaduwe des doods, en zonder ordeningen, en het geeft schijnsel als de duisternis. Job 24:17: Want de morgenstond is hun te zamen de schaduw des doods; als men hen kent, zijn zij in de strikken van des doods schaduw. Psalmen 44:20: Hoewel Gij ons verpletterd hebt in een plaats der draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt. Psalmen 107:10: Die in duisternis en de schaduw des doods zaten, gebonden met verdrukking en ijzer; Psalmen 107:14: Hij voerde hen uit de duisternis en de schaduw des doods, en Hij brak hun banden. Jeremia 2:6: En zeiden niet: Waar is de HEERE, Die ons opvoerde uit Egypteland, Die ons leidde in de woestijn, in een land van wildernissen en kuilen, in een land van dorheid en schaduw des doods, in een land, waar niemand doorging, en waar geen mens woonde?"
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Siet Gen. 21. op vers 22. ende 31. op vers 3.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, de stok of knuppel waarmee de herder de wolven verdrijft.",
          "textSV1888": "8 met mij: Zie Gen. 21:22, en Gen. 31:3. Genesis 21:22: Voorts geschiedde het ter zelfder tijd, dat Abimelech, mitsgaders Pichol, zijn krijgsoverste, tot Abraham sprak, zeggende: God is met u in alles, wat gij doet. Genesis 31:3: En de HEERE zeide tot Jakob: Keer weder tot het land uwer vaderen, en tot uw maagschap, en Ik zal met u zijn."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Te weten, herders-staf, die te gelijck voor een steunsel dient: alsoo blijft de Propheet in de gelijckenisse van den Herder. siet Lev. 27.32. Ezech. 20.37. Mich. 7.14. Zach. 11.7, etc.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, de herdersstaf waarmee hij de schapen leidt en ondersteunt.",
          "textSV1888": "Te weten, herderstaf, die tegenlijk voor een steunsel dient; alzo blijft de profeet in de gelijkenis van den herder. Zie Lev. 27:32; Ezech. 20:37; Micha 7:14; Zach. 11:7, enz. Leviticus 27:32: Aangaande al de tienden van runderen en klein vee, alles wat onder de roede zal doorgaan, het tiende zal den HEERE heilig zijn. Ezechiël 20:37: En Ik zal ulieden onder de roede doen doorgaan, en Ik zal u brengen onder den band des verbonds. Micha 7:14: Gij dan, weid Uw volk met Uw staf, de kudde Uwer erfenis, die alleen woont, in het woud, in het midden van een vruchtbaar land; laat ze weiden in Basan en Gilead, als in de dagen van ouds. Zacharia 11:7: Dies heb ik deze slachtschapen geweid, dewijl zij ellendige schapen zijn; en ik heb mij genomen twee stokken, den een heb ik genoemd LIEFELIJKHEID, en den anderen heb ik genoemd SAMENBINDERS; en ik heb die schapen geweid."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Al ging ik ook in een dal van de schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij; Uw stok en Uw staf, die troosten mij.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גַּ֤ם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֵלֵ֨ךְ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/גֵ֪יא",
          "strongs": "H1516",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "צַלְמָ֡וֶת",
          "strongs": "H6757",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אִ֘ירָ֤א",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "רָ֗ע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֥ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "עִמָּדִ֑/י",
          "strongs": "H5978",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שִׁבְטְ/ךָ֥",
          "strongs": "H7626",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/מִשְׁעַנְתֶּ֗/ךָ",
          "strongs": "H4938",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "הֵ֣מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HPp3mp"
        },
        {
          "woord": "יְנַֽחֲמֻֽ/נִי",
          "strongs": "H5162",
          "morph": "HVpi3mp/Sp1cs"
        }
      ],
      "hsv": "ⓗAl ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood,ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij;Uw stok en Uw staf,die vertroosten mij.",
      "nbg51": "Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis,",
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Al ging ik ook in een dal van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de schaduw van de dood, ik zou geen kwaad vrezen, want U bent<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> met mij; Uw stok en Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> staf, die troosten mij.",
      "textSV1888": "Al ging ik ook in een dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen, want Gij zijt met mij; Uw stok en Uw staf, die vertroosten mij.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Al ging ik ook in een dal der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen, want Gij zijt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> met mij; Uw stok en Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> staf, die vertroosten mij.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des doods,",
          "new": "van de dood,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "vertroosten",
          "new": "troosten",
          "principe": "V104"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "ref": "bibpsal023:05",
      "text1637": "Ghy richt de [10] tafel toe voor mijn aengesichte, [11] tegen over mijne tegenpartijders; Ghy [12] maeckt mijn hooft vet met [13] olye, mijn [14] beker is overvloeyende.",
      "text1637_html": "Ghy richt de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> tafel toe voor mijn aengesichte, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> tegen over mijne tegenpartijders; Ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> maeckt mijn hooft vet met <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> olye, mijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> beker is overvloeyende.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Siet Prov. 9.2, etc.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, een feestmaal. God eert zijn gelovige zelfs ten overstaan van zijn vijanden.",
          "textSV1888": "Zie Spreuk. 9:2, enz. Spreuken 9:2: Zij heeft Haar slachtvee geslacht. Zij heeft Haar wijn gemengd; ook heeft Zij Haar tafel toegericht."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Dat sy’t tot haren spijt moeten aensien ende lijden. Siet Psal. 112.10.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, zijn vijanden die hem zien feesten terwijl zij machteloos zijn.",
          "textSV1888": "11 tegenover mijn tegenpartijders: Dat zij het tot hun spijt moeten aanzien en lijden. Zie Ps. 112:10. Psalmen 112:10: Resch. De goddeloze zal het zien, en hij zal zich vertoornen; Schin. hij zal met zijn tanden knersen en smelten. Thau. de wens der goddelozen zal vergaan."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Dat is, ghy salft mijn hooft overvloedichlick, so dat het als vet ende vloeyende is van olye.",
          "text2026": "Dit was een gebruik bij feesten: het hoofd van de gasten zalven als een bewijs van eer en gastvrijheid.",
          "textSV1888": "12 Gij maakt mijn hoofd vet: Dat is, Gij zalft mijn hoofd overvloediglijk, zodat het als vet en vloeiende is van olie."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Verstaet welrieckende olye ofte balsem: Siet Ruth 3. op vers 3. ende Prov. 21. op vers 17. de sin is, ghy vervrolickt my uyter maten seer, vergel. Psal. 45.8. ende 133.2. Eccl. 9.8. Iesa. 61.3.",
          "text2026": "Verstaat welrieckende olie of balsem: Zie Ruth 3. op vers 3. en Spr. 21. op vers 17. de betekenis is, u vervrolickt my uiter maten zeer, vergelijk Ps. 45:8. en 133:2. Eccl. 9:8. Jes. 61:3.",
          "textSV1888": "Versta, welriekende olie of balsem. Zie Ruth 3:3, en Spreuk. 21:17. De zin is: Gij vervrolijkt mij uitermate zeer. Verg. Ps. 45:8, en Ps. 133:2; Pred. 9:8; Jes. 61:3. Ruth 3:3: Zo baad u, en zalf u, en doe uw klederen aan, en ga af naar den dorsvloer; maar maak u den man niet bekend, totdat hij geëindigd zal hebben te eten en te drinken. Spreuken 21:17: Die blijdschap liefheeft, die zal gebrek lijden; die wijn en olie liefheeft, zal niet rijk worden. Psalmen 45:8: Gij hebt gerechtigheid lief, en haat goddeloosheid; daarom heeft U, o God! Uw God gezalfd met vreugdeolie, boven Uw medegenoten. Psalmen 133:2: Het is, gelijk de kostelijke olie op het hoofd, nederdalende op den baard, den baard van Aäron, die nederdaalt tot op den zoom zijner klederen. Prediker 9:8: Laat uw klederen te allen tijd wit zijn, en laat op uw hoofd geen olie ontbreken. Jesaja 61:3: Om den treurigen Sions te beschikken dat hun gegeven worde sieraad voor as, vreugdeolie voor treurigheid, het gewaad des lofs voor een benauwden geest; opdat zij genaamd worden eikebomen der gerechtigheid, een planting des HEEREN, opdat Hij verheerlijkt worde."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Siet Psal. 11. op vers 6.",
          "text2026": "Zie Ps. 11. op vers 6.",
          "textSV1888": "Zie Ps. 11:6. Psalmen 11:6: Hij zal op de goddelozen regenen strikken, vuur en zwavel; en een geweldige stormwind zal het deel huns bekers zijn."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "U richt de tafel toe voor mijn aangezicht, tegenover mijn tegenstanders; U maakt mijn hoofd vet met olie, mijn beker is overvloeiende.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תַּעֲרֹ֬ךְ",
          "strongs": "H6186",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/פָנַ֨/י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שֻׁלְחָ֗ן",
          "strongs": "H7979",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נֶ֥גֶד",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "צֹרְרָ֑/י",
          "strongs": "H6887",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "דִּשַּׁ֖נְתָּ",
          "strongs": "H1878",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "בַ/שֶּׁ֥מֶן",
          "strongs": "H8081",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "רֹ֝אשִׁ֗/י",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כּוֹסִ֥/י",
          "strongs": "H3563",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "רְוָיָֽה",
          "strongs": "H7310",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "hsv": "U maakt voor mij de tafel gereedvoor de ogen van mijn tegenstanders;U zalft mijn hoofd met olie,mijn beker vloeit over.",
      "nbg51": "Gij richt voor mij een dis aan",
      "text2026_html": "U richt de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> tafel toe voor mijn aangezicht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> tegenover mijn tegenstanders; U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> maakt mijn hoofd vet met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> olie, mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> beker is overvloeiende.",
      "textSV1888": "Gij richt de tafel toe voor mijn aangezicht, tegenover mijn tegenpartijders; Gij maakt mijn hoofd vet met olie, mijn beker is overvloeiende.",
      "textSV1888_html": "Gij richt de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> tafel toe voor mijn aangezicht,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> tegenover mijn tegenpartijders; Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> maakt mijn hoofd vet met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> olie, mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> beker is overvloeiende.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "tegenpartijders; Gij",
          "new": "tegenstanders; U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "ref": "bibpsal023:06",
      "text1637": "Immers sullen my ’t goede ende de [15] weldadicheyt volgen alle de dagen mijns levens; ende ick sal in het Huys des HEEREN [16] blijven in [17] lengte van dagen.",
      "text1637_html": "Immers sullen my ’t goede ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> weldadicheyt volgen alle de dagen mijns levens; ende ick sal in het Huys des HEEREN <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> blijven in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lengte van dagen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Des Heeren, die hy den sijnen belooft ende bewijst.",
          "text2026": "Dat wil zeggen, in zijn gemeenschap en nabijheid leven, in de kerk en uiteindelijk in de eeuwige heerlijkheid.",
          "textSV1888": "Des Heeren die Hij den zijnen belooft en bewijst."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "And. rusten. te weten, in des Heeren Tabernakel, om hem met sijn volck te dienen, ende te loven: het welcke sommige niet alleen op dit leven duyden, maer oock op het toekomende: alsoo oock de volgende woorden.",
          "text2026": "Anders: rusten. namelijk, in van de Heer Tabernakel, om hem met zijn volk te dienen, en te loven: het welke sommige niet alleen op dit leven duiden, maar ook op het toekomende: zo ook ook de volgende woorden.",
          "textSV1888": "Anders, rusten; te weten in des Heeren tabernakel, om Hem met zijn volk te dienen en te loven; hetwelk sommigen niet alleen op dit leven duiden, maar ook op het toekomende; alzo ook de volgende woorden."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. langen tijt: ofte, eeuwichlick. Vergel. Psal. 21. op vers 5. ende 93.5. Iesa. 53.10.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: lange tijt: of, eeuwig. Vergelijk Ps. 21. op vers 5. en 93:5. Jes. 53:10.",
          "textSV1888": "17 lengte van dagen: Dat is, langen tijd, of eeuwigheid. Verg. Ps. 21:5, en Ps. 93:5; Jes. 53:10. Psalmen 21:5: Het leven heeft hij van U begeerd. Gij hebt het hem gegeven; lengte van dagen, eeuwiglijk en altoos. Psalmen 93:5: Uw getuigenissen zijn zeer getrouw; de heiligheid is Uw huize sierlijk, HEERE! tot lange dagen. Jesaja 53:10: Doch het behaagde den HEERE Hem te verbrijzelen; Hij heeft Hem krank gemaakt; als Zijn ziel Zich tot een schuldoffer gesteld zal hebben, zo zal Hij zaad zien, Hij zal de dagen verlengen; en het welbehagen des HEEREN zal door Zijn hand gelukkiglijk voortgaan."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Immers zullen mij het goede en de goedertierenheid volgen al de dagen van mijn leven; en ik zal in het huis van JAHWEH blijven in lengte van dagen.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "draft",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַ֤ךְ",
          "strongs": "H389",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "ט֤וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/חֶ֣סֶד",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יִ֭רְדְּפוּ/נִי",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HVpi3mp/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְמֵ֣י",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "חַיָּ֑/י",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/שַׁבְתִּ֥י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqq1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בֵית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/אֹ֣רֶךְ",
          "strongs": "H753",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יָמִֽים",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "hsv": "Ja, goedheid en goedertierenheid zullen mij volgenal de dagen van mijn leven.Ik zal in het huis van de HEERE blijventot in lengte van dagen.",
      "nbg51": "Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen",
      "text2026_html": "Immers zullen mij het goede en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> goedertierenheid volgen al de dagen van mijn leven; en ik zal in het huis van JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> blijven in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lengte van dagen.",
      "textSV1888": "Immers zullen mij het goede en de weldadigheid volgen al de dagen mijns levens; en ik zal in het huis des HEEREN blijven in lengte van dagen.",
      "textSV1888_html": "Immers zullen mij het goede en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> weldadigheid volgen al de dagen mijns levens; en ik zal in het huis des HEEREN<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> blijven in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lengte van dagen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "weldadigheid",
          "new": "goedertierenheid",
          "principe": "V937"
        },
        {
          "old": "mijns levens;",
          "new": "van mijn leven;",
          "principe": "V213"
        },
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    }
  ]
}