{
  "number": 32,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een onderwijzing van David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding vergeven, wiens zonde bedekt is.",
      "text1637": "EEn [1] onderwijsinge Davids. [a] [2] Welgelucksalich is hy, wiens overtredinge [3] vergeven, wiens sonde bedeckt is.",
      "text2026": "Een onderwijzing van David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding vergeven, wiens zonde bedekt is.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. Maskijl, dat is, onderwijzer, die verstand geeft, verstandig maakt; dat is, een onderwijs, of leerpsalm; alzo genoemd vanwege de nodige en gewichtige leer, die daarin begrepen is. Dezen titel hebben ook verscheidene andere psalmen, die tot een bijzonder onderwijs en stichting, zo voor den dichter zelf, als voor de ganse kerk gemaakt zijn.",
          "text1637": "Hebr. Maskijl. dat is, onderwijser, die verstant geeft, verstandich maeckt. dat is, een onderwijs, ofte, leer-Psalm: Alsoo genoemt van wegen de noodige ende gewichtige leere, die daer in begrepen is. Desen tijtel hebben oock verscheydene andere Psalmen, die tot een bysonder onderwijs ende stichtinge, soo voor den autheur selfs, als voor de gantsche kercke gemaeckt zijn.",
          "text2026": "Hebr. Maskijl, dat is, onderwijzer, die verstand geeft, verstandig maakt; dat is, een onderwijs, of leerpsalm; zo genoemd vanwege de nodige en gewichtige leer, die daarin begrepen is. Deze titel hebben ook verscheidene andere psalmen, die tot een bijzonder onderwijs en stichting, zo voor de dichter zelf, als voor de gehele kerk gemaakt zijn."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Rom. 4:6 ; idem v. 7 . Romeinen 4:6 : Gelijk ook David den mens zalig spreekt, welken God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken; Romeinen 4:7 : Zeggende: Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn;",
          "text1637": "Rom. 4.6, 7.",
          "text2026": "Rom. 4:6 ; idem v. 7 . Romeinen 4:6 : Gelijk ook David de mens zalig spreekt, welke God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken; Romeinen 4:7 : Zeggende: Zalig zijn zij, van wie ongerechtigheden vergeven zijn, en van wie zonden bedekt zijn;"
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie de verklaring dezer leer, Rom. 4:6 , 4:7 , enz.; 2 Kor. 5:19 , 5:21 . Romeinen 4:6 : Gelijk ook David den mens zalig spreekt, welken God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken; Romeinen 4:7 : Zeggende: Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn; 2 Korinthiërs 5:19 : Want God was in Christus de wereld met Zichzelven verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende; en heeft het woord der verzoening in ons gelegd. 2 Korinthiërs 5:21 : Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.",
          "text1637": "Siet de verklaringe deser leere, Rom. 4.6, 7, etc. ende 2.Cor. 5.19, 21.",
          "text2026": "Zie de verklaring van deze leer, Rom. 4:6 , 4:7 , enz.; 2 Kor. 5:19 , 5:21 . Romeinen 4:6 : Gelijk ook David de mens zalig spreekt, welke God de rechtvaardigheid toerekent zonder werken; Romeinen 4:7 : Zeggende: Zalig zijn zij, van wie ongerechtigheden vergeven zijn, en van wie zonden bedekt zijn; 2 Korinthiërs 5:19 : Want God was in Christus de wereld met Zichzelven verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende; en heeft het woord van de verzoening in ons gelegd. 2 Korinthiërs 5:21 : Want Die, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid van God in Hem."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, weggenomen. Welke manier van spreken ook in het Nieuwe Testament gebruikt wordt. Zie boven Ps. 25:18 , en verg. Hebr. 9:28 ; Hebr. alsof men zeide: Verlicht, of vergeven van overtreding, of een vergeven der overtreding, bedekt van zonde; welke Hebr. manier van spreken zulks betekent, gelijk in den tekst staat. Psalmen 25:18 : Resch. Aanzie mijn ellende, en mijn moeite, en neem weg al mijn zonden. Hebreeën 9:28 : Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid.",
          "text1637": "Ofte, wechgenomen. welcke maniere van spreken oock in’t N. Testament gebruyckt wort. siet bov. Psal. 25. op vers 18. ende vergel. Hebr. 9.28. Hebr. als ofmen seyde: verlicht, ofte, vergeven van overtredinge, ofte, een vergevene der overtredinge, bedeckt van sonde: welcke hebreeusche maniere van spreken sulcks beteeckent, als in den Text staet.",
          "text2026": "Of, weggenomen. Welke manier van spreken ook in het Nieuwe Testament gebruikt wordt. Zie boven Ps. 25:18 , en verg. Hebr. 9:28 ; Hebr. alsof men zei: Verlicht, of vergeven van overtreding, of een vergeven van de overtreding, bedekt van zonde; welke Hebr. manier van spreken zulks betekent, gelijk in de tekst staat. Psalmen 25:18 : Resch. Aanzie mijn ellende, en mijn moeite, en neem weg al mijn zonden. Hebreeën 9:28 : Zo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen, zal ten anderen male zonder zonde gezien worden van degenen, die Hem verwachten tot zaligheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֗ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מַ֫שְׂכִּ֥יל",
          "strongs": "H4905",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אַשְׁרֵ֥י",
          "strongs": "H835",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "נְֽשׂוּי",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqsmsc"
        },
        {
          "woord": "פֶּ֗שַׁע",
          "strongs": "H6588",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּס֣וּי",
          "strongs": "H3680",
          "morph": "HVqsmsc"
        },
        {
          "woord": "חֲטָאָֽה",
          "strongs": "H2401",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijzing van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> vergeven, wiens zonde bedekt is.",
      "textSV1888_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijzing van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> vergeven, wiens zonde bedekt is.",
      "text1637_html": "EEn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijsinge Davids. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Welgelucksalich is hy, wiens overtredinge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> vergeven, wiens sonde bedeckt is.",
      "phraseDiff": []
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Welgelukzalig is de mens, dien de HEERE de ongerechtigheid niet toerekent, en in wiens geest geen bedrog is.",
      "text1637": "Welgelucksalich is de mensche, dien de HEERE d’ongerechticheyt niet toe en rekent; ende in wiens [4] geest geen bedroch en is.",
      "text2026": "Welgelukzalig is de mens, die JAHWEH de ongerechtigheid niet toerekent, en in wie de geest geen bedrog is.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "geen bedrog is: Dat is, die zonder huichelarij of geveinsdheid God dient en zijne zonden met een oprecht hart voor Hem bekent.",
          "text1637": "D. die sonder huychelrye oft geveynstheyt Godt dient, ende sijne sonden met een oprecht herte voor hem bekent.",
          "text2026": "geen bedrog is: Dat is, die zonder huichelarij of geveinsdheid God dient en zijn zonden met een oprecht hart voor Hem bekent."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַ֥שְֽׁרֵי",
          "strongs": "H835",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אָדָ֗ם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֤א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יַחְשֹׁ֬ב",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "ל֣/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "עָוֺ֑ן",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵ֖ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "בְּ/רוּח֣/וֹ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "רְמִיָּה",
          "strongs": "H7423",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Welgelukzalig is de mens, die JAHWEH de ongerechtigheid niet toerekent, en in wie de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> geest geen bedrog is.",
      "textSV1888_html": "Welgelukzalig is de mens, dien de HEERE de ongerechtigheid niet toerekent, en in wiens<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> geest geen bedrog is.",
      "text1637_html": "Welgelucksalich is de mensche, dien de HEERE d’ongerechticheyt niet toe en rekent; ende in wiens <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> geest geen bedroch en is.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dien de HEERE",
          "new": "die JAHWEH",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "wiens",
          "new": "wie de",
          "principe": "V312"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Toen ik zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen den gansen dag.",
      "text1637": "Doe ick [5] sweech, wierden mijne beenderen veroudert, in mijn brullen den gantschen dach.",
      "text2026": "Toen ik zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen de hele dag.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, mijne zonden voor den HEERE niet bekende.",
          "text1637": "Dat is, mijne sonden voor den HEERE niet bekende.",
          "text2026": "Dat is, mijn zonden voor JAHWEH niet bekende."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "הֶ֭חֱרַשְׁתִּי",
          "strongs": "H2790",
          "morph": "HVhp1cs"
        },
        {
          "woord": "בָּל֣וּ",
          "strongs": "H1086",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עֲצָמָ֑/י",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HNcfpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ֝/שַׁאֲגָתִ֗/י",
          "strongs": "H7581",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּֽוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Toen ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen de hele dag.",
      "textSV1888_html": "Toen ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> zweeg, werden mijn beenderen verouderd, in mijn brullen den gansen dag.",
      "text1637_html": "Doe ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> sweech, wierden mijne beenderen veroudert, in mijn brullen den gantschen dach.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Want Uw hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn sap werd veranderd in zomerdroogten. Sela.",
      "text1637": "Want uwe [6] hant was dach ende nacht swaer op my, mijn [7] sap wert verandert in somer-droochten, [8] Sela!",
      "text2026": "Want Uw hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn levensvocht werd veranderd in zomerdroogten. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, plaag. Verg. Ruth 1:13 , en Job 13:21 . Ruth 1:13 : Zoudt gij daarnaar wachten, totdat zij zouden groot geworden zijn; zoudt gij daarnaar opgehouden worden, om geen man te nemen? Niet, mijn dochters! Want het is mij veel bitterder dan u; maar de hand des HEEREN is tegen mij uitgegaan. Job 13:21 : Doe Uw hand verre van op mij, en Uw verschrikking make mij niet verbaasd.",
          "text1637": "D. plage. Vergel. Ruth 1.13. ende Iob 13. op vers 21.",
          "text2026": "Dat is, plaag. Verg. Ruth 1:13 , en Job 13:21 . Ruth 1:13 : Zoudt u daarnaar wachten, totdat zij zouden groot geworden zijn; zoudt u daarnaar opgehouden worden, om geen man te nemen? Niet, mijn dochters! Want het is mij veel bitterder dan u; maar de hand van JAHWEH is tegen mij uitgegaan. Job 13:21 : Doe Uw hand verre van op mij, en Uw verschrikking make mij niet verbaasd."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, de natuurlijke warme vochtigheid, die des mensen leven onderhoudt.",
          "text1637": "D. de natuerlicke warme vochticheyt, die des menschen leven onderhout.",
          "text2026": "Dat is, de natuurlijke warme vochtigheid, die van de mensen leven onderhoudt."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יוֹמָ֣ם",
          "strongs": "H3119",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וָ/לַיְלָה֮",
          "strongs": "H3915",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תִּכְבַּ֥ד",
          "strongs": "H3513",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֗/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יָ֫דֶ֥/ךָ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נֶהְפַּ֥ךְ",
          "strongs": "H2015",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "לְשַׁדִּ֑/י",
          "strongs": "H3955",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/חַרְבֹ֖נֵי",
          "strongs": "H2725",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "קַ֣יִץ",
          "strongs": "H7019",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> levensvocht werd veranderd in zomerdroogten.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Sela.",
      "textSV1888_html": "Want Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> hand was dag en nacht zwaar op mij; mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> sap werd veranderd in zomerdroogten.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Sela.",
      "text1637_html": "Want uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> hant was dach ende nacht swaer op my, mijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> sap wert verandert in somer-droochten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "sap",
          "new": "levensvocht",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Mijn zonde maakte ik U bekend, en mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zeide: Ik zal belijdenis van mijn overtredingen doen voor den HEERE; en Gij vergaaft de ongerechtigheid mijner zonde. Sela.",
      "text1637": "Mijne sonde [9] maeckt’ ick u bekent, ende mijne ongerechticheyt en bedeckt’ ick niet: Ick seyde; Ick sal [b] belijdenisse van mijne overtredingen doen voor den HEERE; ende ghy [10] vergaeft [11] d’ongerechticheyt mijner sonde, Sela!",
      "text2026": "Mijn zonde maakte ik U bekend, en mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zei: Ik zal belijdenis van mijn overtredingen doen voor JAHWEH; en U vergaf de ongerechtigheid van mijn zonde. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, maar als ik, enz. zo vergaaft Gij, enz.",
          "text1637": "Dat is, maer als ick, etc. so vergaeft ghy, etc.",
          "text2026": "Dat is, maar als ik, enz. zo vergaaft U, enz."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Spreuk. 28:13 ; 1 Joh. 1:9 . Spreuken 28:13 : Die zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen. 1 Johannes 1:9 : Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.",
          "text1637": "Prov. 28.13. 1.Iohan. 1.9.",
          "text2026": "Spr. 28:13 ; 1 Joh. 1:9 . Spreuken 28:13 : Die zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen. 1 Johannes 1:9 : Als wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, neemt weg.",
          "text1637": "Ofte, naemt wech.",
          "text2026": "Of, neemt weg."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de ongerechtigheid: De schuld en de straf, zodat ik mij met recht voor gelukzalig achtte, gelijk vers 1 . Psalmen 32:1 : Een onderwijzing van David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding vergeven, wiens zonde bedekt is.",
          "text1637": "De schult ende de straffe, sulcks dat ick my met recht voor gelucksalich achte, als vers 1.",
          "text2026": "de ongerechtigheid: De schuld en de straf, zodat ik mij met recht voor gelukzalig achtte, gelijk vers 1 . Psalmen 32:1 : Een onderwijzing van David. Welgelukzalig is hij, wiens overtreding vergeven, wiens zonde bedekt is."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חַטָּאתִ֨/י",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אוֹדִ֪יעֲ/ךָ֡",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVhi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲוֺ֘נִ֤/י",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HC/Ncbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "כִסִּ֗יתִי",
          "strongs": "H3680",
          "morph": "HVpp1cs"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֗רְתִּי",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "אוֹדֶ֤ה",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵ֣י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "פְ֭שָׁעַ/י",
          "strongs": "H6588",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לַ/יהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֨ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "נָ֘שָׂ֤אתָ",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "עֲוֺ֖ן",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "חַטָּאתִ֣/י",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn zonde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> maakte ik U bekend, en mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zei: Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> belijdenis van mijn overtredingen doen voor JAHWEH; en U vergaf de ongerechtigheid van mijn zonde. Sela.",
      "textSV1888_html": "Mijn zonde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> maakte ik U bekend, en mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zeide: Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> belijdenis van mijn overtredingen doen voor den HEERE; en Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> vergaaft<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> de ongerechtigheid mijner zonde. Sela.",
      "text1637_html": "Mijne sonde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> maeckt’ ick u bekent, ende mijne ongerechticheyt en bedeckt’ ick niet: Ick seyde; Ick sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> belijdenisse van mijne overtredingen doen voor den HEERE; ende ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> vergaeft <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> d’ongerechticheyt mijner sonde, Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zeide:",
          "new": "zei:",
          "principe": "W1"
        },
        {
          "old": "den HEERE;",
          "new": "JAHWEH;",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "Gij vergaaft",
          "new": "U vergaf",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "mijner",
          "new": "van mijn",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Hierom zal U ieder heilige aanbidden in vindenstijd; ja, in een overloop van grote wateren zullen zij hem niet aanraken.",
      "text1637": "Hierom sal u een yeder [12] heylige aenbidden in [13] vindens tijt; Ia in eenen overloop van [14] groote wateren, sullen sy hem niet aenraken.",
      "text2026": "Hierom zal U ieder heilige aanbidden in de tijd dat U Zich laat vinden; ja, in een overstroming van grote wateren zullen zij hem niet aanraken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie van het Hebr. woord עֵת, Ps. 4:4 . Psalmen 4:4 : Weet toch, dat de HEERE Zich een gunstgenoot heeft afgezonderd; de HEERE zal horen, als ik tot Hem roep.",
          "text1637": "Siet van’t Hebr. woort Psa. 4. op vers 4.",
          "text2026": "Zie van het Hebr. woord עֵת, Ps. 4:4 . Psalmen 4:4 : Weet toch, dat JAHWEH Zich een gunstgenoot heeft afgezonderd; JAHWEH zal horen, als ik tot Hem roep."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, als Gij, o Heere, te vinden zijt. Zie Jes. 55:6 . Anders in treffenstijd; dat is, als de straffen de mensen treffen, dat met het volgende ook wel overeenkomt. Zie Ps. 21:9 ; Ps. 116:3 ; idem Deut. 4:30 , enz. Jesaja 55:6 : Zoekt den HEERE, terwijl Hij te vinden is; roept Hem aan, terwijl Hij nabij is. Psalmen 21:9 : Uw hand zal al Uw vijanden vinden; Uw rechterhand zal Uw haters vinden. Psalmen 116:3 : De banden des doods hadden mij omvangen, en de angsten der hel hadden mij getroffen; ik vond benauwdheid en droefenis. Deuteronomium 4:30 : Wanneer gij in angst zult zijn, en u al deze dingen zullen treffen; in het laatste der dagen, dan zult gij wederkeren tot den HEERE, uw God, en Zijn stem gehoorzaam zijn.",
          "text1637": "D. als ghy, ô Heere, te vinden zijt. Siet Iesa. 55.6. And. in treffens tijt. dat is, als de straffen de menschen treffen, dat met het volgende oock wel over een komt. Siet Psal. 21.9. ende 116.3. item Deuter. 4. op vers 30, etc.",
          "text2026": "Dat is, als U, o Heer, te vinden bent. Zie Jes. 55:6 . Anders in treffenstijd; dat is, als de straffen de mensen treffen, dat met het volgende ook wel overeenkomt. Zie Ps. 21:9 ; Ps. 116:3 ; idem Deut. 4:30 , enz. Jesaja 55:6 : Zoekt JAHWEH, terwijl Hij te vinden is; roept Hem aan, terwijl Hij nabij is. Psalmen 21:9 : Uw hand zal al Uw vijanden vinden; Uw rechterhand zal Uw haters vinden. Psalmen 116:3 : De banden van de dood hadden mij omvangen, en de angsten van het dodenrijk hadden mij getroffen; ik vond benauwdheid en droefenis. Deuteronomium 4:30 : Wanneer u in angst zult zijn, en u al deze dingen zullen treffen; in het laatste van de dagen, dan zult u terugkeren tot JAHWEH, uw God, en Zijn stem gehoorzaam zijn."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, vele, geweldige wateren; dat is, grote en zware noden, aankomen. Zie 2 Sam. 22:17 . 2 Samuël 22:17 : Hij zond van de hoogte, Hij nam mij, Hij trok mij op uit grote wateren.",
          "text1637": "Ofte, vele, geweldige wateren. dat is, groote ende sware nooden aenkomen. Siet 2.Sam. 22. op vers 17.",
          "text2026": "Of, vele, geweldige wateren; dat is, grote en zware noden, aankomen. Zie 2 Sam. 22:17 . 2 Samuël 22:17 : Hij zond van de hoogte, Hij nam mij, Hij trok mij op uit grote wateren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "זֹ֡את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "יִתְפַּלֵּ֬ל",
          "strongs": "H6419",
          "morph": "HVti3ms"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "חָסִ֨יד",
          "strongs": "H2623",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶי/ךָ֮",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֵ֪ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "מְ֫צֹ֥א",
          "strongs": "H4672",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "רַ֗ק",
          "strongs": "H7535",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "לְ֭/שֵׁטֶף",
          "strongs": "H7858",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מַ֣יִם",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "רַבִּ֑ים",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "אֵ֝לָ֗י/ו",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יַגִּֽיעוּ",
          "strongs": "H5060",
          "morph": "HVhi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Hierom zal U ieder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> heilige aanbidden in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> de tijd dat U Zich laat vinden; ja, in een overstroming van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> grote wateren zullen zij hem niet aanraken.",
      "textSV1888_html": "Hierom zal U ieder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> heilige aanbidden in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vindenstijd; ja, in een overloop van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> grote wateren zullen zij hem niet aanraken.",
      "text1637_html": "Hierom sal u een yeder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> heylige aenbidden in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vindens tijt; Ia in eenen overloop van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> groote wateren, sullen sy hem niet aenraken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "vindenstijd;",
          "new": "de tijd dat U Zich laat vinden;",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "overloop",
          "new": "overstroming",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Gij zijt mij een Verberging; Gij behoedt mij voor benauwdheid; Gij omringt mij met vrolijke gezangen van bevrijding. Sela.",
      "text1637": "[c] Ghy zijt my eene [15] verberginge, ghy behoedt my voor benaeutheyt; ghy omringt my met vrolicke gesangen van bevrydinge, Sela!",
      "text2026": "U bent mij een plek om te schuilen; U behoedt mij voor benauwdheid; U omringt mij met vrolijke gezangen van bevrijding. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 27:5 ; Ps. 31:21 . Psalmen 27:5 : Want Hij versteekt mij in Zijn hut, ten dage des kwaads; Hij verbergt mij in het verborgene Zijner tent; Hij verhoogt mij op een rotssteen. Psalmen 31:21 : Gij verbergt hen in het verborgene Uws aangezichts voor de hoogmoedigheden des mans; Gij versteekt hen in een hut voor den twist der tongen.",
          "text1637": "Psal. 27.5. ende 31.21.",
          "text2026": "Ps. 27:5 ; Ps. 31:21 . Psalmen 27:5 : Want Hij versteekt mij in Zijn hut, op de dag van het kwaad; Hij verbergt mij in het verborgene Zijn tent; Hij verhoogt mij op een rotssteen. Psalmen 31:21 : U verbergt hen in het verborgene Uws aangezichts voor de hoogmoedigheden van de man; U versteekt hen in een hut voor de twist van de tongen."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Als een schuilplaats. Ps. 31:21 . Psalmen 31:21 : Gij verbergt hen in het verborgene Uws aangezichts voor de hoogmoedigheden des mans; Gij versteekt hen in een hut voor den twist der tongen.",
          "text1637": "Als eene schuylplaetse. Siet Psal. 31.21.",
          "text2026": "Als een schuilplaats. Ps. 31:21 . Psalmen 31:21 : U verbergt hen in het verborgene Uws aangezichts voor de hoogmoedigheden van de man; U versteekt hen in een hut voor de twist van de tongen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַתָּ֤ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "סֵ֥תֶר",
          "strongs": "H5643",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/י֮",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/צַּ֪ר",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "תִּ֫צְּרֵ֥/נִי",
          "strongs": "H5341",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "רָנֵּ֥י",
          "strongs": "H7438",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "פַלֵּ֑ט",
          "strongs": "H6405",
          "morph": "HVpc"
        },
        {
          "woord": "תְּס֖וֹבְבֵ֣/נִי",
          "strongs": "H5437",
          "morph": "HVmi2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> U bent mij een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> plek om te schuilen; U behoedt mij voor benauwdheid; U omringt mij met vrolijke gezangen van bevrijding. Sela.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Gij zijt mij een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Verberging; Gij behoedt mij voor benauwdheid; Gij omringt mij met vrolijke gezangen van bevrijding. Sela.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Ghy zijt my eene <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> verberginge, ghy behoedt my voor benaeutheyt; ghy omringt my met vrolicke gesangen van bevrydinge, Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Verberging; Gij",
          "new": "plek om te schuilen; U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Ik zal u onderwijzen, en u leren van den weg, dien gij gaan zult; ik zal raad geven, mijn oog zal op u zijn.",
      "text1637": "[16] Ick sal u onderwijsen, ende u leeren van den wech, dien ghy gaen sult; Ick sal raetgeven, [17] mijn’ ooge sal op u zijn.",
      "text2026": "Ik zal u onderwijzen, en u leren van de weg, die u gaan zult; ik zal raad geven, mijn oog zal op u zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik zal: Hier wendt de profeet zijn rede tot de mensen; hoewel sommigen menen dat het Gods eigen woorden zijn, dien David invoert aldus sprekende.",
          "text1637": "Hier wendt de Prophete sijn propoost tot de menschen: hoewel sommige meynen dat het Godts eygene woorden zijn, dien David invoert aldus sprekende.",
          "text2026": "Ik zal: Hier wendt de profeet zijn rede tot de mensen; hoewel sommigen menen dat het Gods eigen woorden zijn, die David invoert aldus sprekende."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn oog: Dat is, Ik zal voor u zorgdragen, of zorg voor u dragen. Verg. Deut. 11:12 ; Ezra 5:5 ; idem 1 Kon. 8:29 ; Ps. 33:18 , en Ps. 34:16 ; Jer. 24:6 ; Jer. 39:12 ; Jer. 40:4 . Deuteronomium 11:12 : Een land, dat de HEERE, uw God, bezorgt; de ogen des HEEREN, uws Gods, zijn gedurig daarop, van het begin des jaars tot het einde des jaars. Ezra 5:5 : Doch het oog huns Gods was over de oudsten der Joden, dat zij hun niet beletten, totdat de zaak aan Darius kwam, en zij alsdan daarover een brief wederbrachten. 1 Koningen 8:29 : Dat Uw ogen open zijn, nacht en dag, over dit huis, over deze plaats, van dewelke Gij gezegd hebt: Mijn Naam zal daar zijn; om te horen naar het gebed, hetwelk Uw knecht bidden zal in deze plaats. Psalmen 33:18 : Ziet, des HEEREN oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen. Psalmen 34:16 : Ain. De ogen des HEEREN zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep. Jeremia 24:6 : En Ik zal Mijn oog op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken. Jeremia 39:12 : Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u spreken zal, doe alzo met hem. Jeremia 40:4 : Nu dan, zie, ik heb u heden losgemaakt van de ketenen, die aan uw hand waren; indien het goed is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo kom, en ik zal mijn oog op u stellen; maar indien het kwaad is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo laat het; zie, het ganse land is voor uw aangezicht, waarhenen het goed en recht in uw ogen is te gaan, ga daar.",
          "text1637": "D. ick sal voor u sorge dragen, ofte, sorge voor u dragende, vergel. Deut. 11.12. Ezr. 5.5. item 1.Reg. 8. op vers 29. Psal. 33.18. ende 34.16. Ierem. 24.5. ende 39.12. ende 40.4.",
          "text2026": "mijn oog: Dat is, Ik zal voor u zorgdragen, of zorg voor u dragen. Verg. Deut. 11:12 ; Ezra 5:5 ; idem 1 Kon. 8:29 ; Ps. 33:18 , en Ps. 34:16 ; Jer. 24:6 ; Jer. 39:12 ; Jer. 40:4 . Deuteronomium 11:12 : Een land, dat JAHWEH, uw God, bezorgt; de ogen van JAHWEH, uws Gods, zijn gedurig daarop, van het begin van de jaar tot het einde van de jaar. Ezra 5:5 : Maar het oog huns Gods was over de oudsten van de Joden, dat zij hun niet beletten, totdat de zaak aan Darius kwam, en zij alsdan daarover een brief wederbrachten. 1 Koningen 8:29 : Dat Uw ogen open zijn, nacht en dag, over dit huis, over deze plaats, van die U gezegd hebt: Mijn Naam zal daar zijn; om te horen naar het gebed, dat Uw knecht bidden zal in deze plaats. Psalmen 33:18 : Ziet, van JAHWEH oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen. Psalmen 34:16 : Ain. De ogen van JAHWEH zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep. Jeremia 24:6 : En Ik zal Mijn oog op hen stellen ten goede, en zal hen wederbrengen in dit land; en Ik zal hen bouwen, en niet afbreken; en zal hen planten, en niet uitrukken. Jeremia 39:12 : Neem hem, en stel uw ogen op hem, en doe hem niets kwaads; maar gelijk als hij tot u spreken zal, doe zo met hem. Jeremia 40:4 : Nu dan, zie, ik heb u heden losgemaakt van de ketenen, die aan uw hand waren; als het goed is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo kom, en ik zal mijn oog op u stellen; maar als het kwaad is in uw ogen met mij naar Babel te komen, zo laat het; zie, het gehele land is voor uw aangezicht, waarhenen het goed en recht in uw ogen is te gaan, ga daar."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַשְׂכִּֽילְ/ךָ֨",
          "strongs": "H7919",
          "morph": "HVhi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/אוֹרְ/ךָ֗",
          "strongs": "H3384",
          "morph": "HC/Vhi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/דֶֽרֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "ז֥וּ",
          "strongs": "H2098",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "תֵלֵ֑ךְ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "אִֽיעֲצָ֖ה",
          "strongs": "H3289",
          "morph": "HVqh1cs"
        },
        {
          "woord": "עָלֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עֵינִֽ/י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ik zal u onderwijzen, en u leren van de weg, die u gaan zult; ik zal raad<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> geven, mijn oog zal op u zijn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ik zal u onderwijzen, en u leren van den weg, dien gij gaan zult; ik zal raad<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> geven, mijn oog zal op u zijn.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ick sal u onderwijsen, ende u leeren van den wech, dien ghy gaen sult; Ick sal raetgeven, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> mijn’ ooge sal op u zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "dien gij",
          "new": "die u",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Weest niet gelijk een paard, gelijk een muilezel, hetwelk geen verstand heeft, welks muil men breidelt met toom en gebit, opdat het tot u niet genake.",
      "text1637": "Weest niet gelijck een peert, gelijck een muyl-ezel, welck geen verstant en heeft, [d] welckes muyl men breydelt met toom ende gebitt, op [18] dattet tot u niet en genaecke.",
      "text2026": "Wees niet gelijk een paard, gelijk een muilezel, dat geen verstand heeft, waarvan men de muil breidelt met toom en gebit, opdat het tot u niet zou naderen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Spreuk. 26:3 ; Jak. 3:3 . Spreuken 26:3 : Een zweep is voor het paard, een toom voor den ezel, en een roede voor den rug der zotten. Jakobus 3:3 : Ziet, wij leggen den paarden tomen in de monden, opdat zij ons zouden gehoorzamen, en wij leiden daarmede hun gehele lichaam om;",
          "text1637": "Prov. 26.3. Iac. 3.3.",
          "text2026": "Spr. 26:3 ; Jak. 3:3 . Spreuken 26:3 : Een zweep is voor het paard, een toom voor de ezel, en een roede voor de rug van de zotten. Jakobus 3:3 : Ziet, wij leggen de paarden tomen in de monden, opdat zij ons zouden gehoorzamen, en wij leiden daarmee hun gehele lichaam om;"
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat paard of muilezel u niet kwetse. Of, als het tot u niet wil naderen.",
          "text1637": "Dat peert ofte muyl-ezel u niet en quetse. ofte: als het tot u niet en wil naederen.",
          "text2026": "Dat paard of muilezel u niet kwetse. Of, als het tot u niet wil naderen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִּֽהְי֤וּ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqj2mp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/ס֥וּס",
          "strongs": "H5483",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּ/פֶרֶד֮",
          "strongs": "H6505",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֵ֤ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "הָ֫בִ֥ין",
          "strongs": "H995",
          "morph": "HVhc"
        },
        {
          "woord": "בְּ/מֶֽתֶג",
          "strongs": "H4964",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/רֶ֣סֶן",
          "strongs": "H7448",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "עֶדְי֣/וֹ",
          "strongs": "H5716",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לִ/בְל֑וֹם",
          "strongs": "H1102",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "בַּ֝֗ל",
          "strongs": "H1077",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "קְרֹ֣ב",
          "strongs": "H7126",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Wees niet gelijk een paard, gelijk een muilezel, dat geen verstand heeft,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> waarvan men de muil breidelt met toom en gebit, opdat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> het tot u niet zou naderen.",
      "textSV1888_html": "Weest niet gelijk een paard, gelijk een muilezel, hetwelk geen verstand heeft,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> welks muil men breidelt met toom en gebit, opdat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> het tot u niet genake.",
      "text1637_html": "Weest niet gelijck een peert, gelijck een muyl-ezel, welck geen verstant en heeft, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> welckes muyl men breydelt met toom ende gebitt, op <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> dattet tot u niet en genaecke.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Weest",
          "new": "Wees",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "hetwelk",
          "new": "dat",
          "principe": "N6"
        },
        {
          "old": "welks",
          "new": "waarvan men de",
          "principe": "V211"
        },
        {
          "old": "men",
          "new": "",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "genake.",
          "new": "zou naderen.",
          "principe": "V316"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "De goddeloze heeft veel smarten, maar die op den HEERE vertrouwt, dien zal de goedertierenheid omringen.",
      "text1637": "De godtloose heeft vele [19] smerten; maer die op den HEERE vertrouwt, dien sal de [20] goedertierenheyt omringen.",
      "text2026": "De goddeloze heeft veel smarten, maar die op JAHWEH vertrouwt, die zal de goedertierenheid omringen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verg. Spreuk. 13:21 ; Spreuk. 19:29 ; Spreuk. 24:20 . Spreuken 13:21 : Het kwaad zal de zondaars vervolgen; maar den rechtvaardige zal men goed vergelden. Spreuken 19:29 : Gerichten zijn voor de spotters bereid, en slagen voor den rug der zotten. Spreuken 24:20 : Want de kwade zal geen beloning hebben, de lamp der goddelozen zal uitgeblust worden.",
          "text1637": "Vergel. Prov. 13.21. ende 19.29. ende 24.20.",
          "text2026": "Verg. Spr. 13:21 ; Spr. 19:29 ; Spr. 24:20 . Spreuken 13:21 : Het kwaad zal de zondaars vervolgen; maar de rechtvaardige zal men goed vergelden. Spreuken 19:29 : Gerichten zijn voor de spotters bereid, en slagen voor de rug van de zotten. Spreuken 24:20 : Want de kwade zal geen beloning hebben, de lamp van de goddelozen zal uitgeblust worden."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, des Heeren.",
          "text1637": "T.w. des Heeren.",
          "text2026": "Te weten, van de Heer."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רַבִּ֥ים",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "מַכְאוֹבִ֗ים",
          "strongs": "H4341",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "לָ/רָ֫שָׁ֥ע",
          "strongs": "H7563",
          "morph": "HRd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/בּוֹטֵ֥חַ",
          "strongs": "H982",
          "morph": "HC/Td/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "חֶ֝֗סֶד",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יְסוֹבְבֶֽ/נּוּ",
          "strongs": "H5437",
          "morph": "HVmi3ms/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "De goddeloze heeft veel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> smarten, maar die op JAHWEH vertrouwt, die zal de goedertierenheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> omringen.",
      "textSV1888_html": "De goddeloze heeft veel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> smarten, maar die op den HEERE vertrouwt, dien zal de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> goedertierenheid omringen.",
      "text1637_html": "De godtloose heeft vele <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> smerten; maer die op den HEERE vertrouwt, dien sal de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> goedertierenheyt omringen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Verblijdt u in den HEERE, en verheugt u, gij rechtvaardigen! en zingt vrolijk, alle gij oprechten van harte!",
      "text1637": "Verblijdet u inden HEERE, ende verheuget u, ghy rechtveerdige, ende singet vrolick, alle ghy [21] oprechte van herten.",
      "text2026": "Verblijd u in JAHWEH, en verheugt u, u rechtvaardigen! en zingt vrolijk, alle u oprechten van hart!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 7:11 . Psalmen 7:11 : Mijn schild is bij God, Die de oprechten van hart behoudt.",
          "text1637": "Siet Psal. 7. op vers 11.",
          "text2026": "Zie Ps. 7:11 . Psalmen 7:11 : Mijn schild is bij God, Die de oprechten van hart behoudt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׂמְח֬וּ",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "בַֽ/יהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וְ֭/גִילוּ",
          "strongs": "H1523",
          "morph": "HC/Vqv2mp"
        },
        {
          "woord": "צַדִּיקִ֑ים",
          "strongs": "H6662",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/הַרְנִ֗ינוּ",
          "strongs": "H7442",
          "morph": "HC/Vhv2mp"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁרֵי",
          "strongs": "H3477",
          "morph": "HAampc"
        },
        {
          "woord": "לֵֽב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verblijd u in JAHWEH, en verheugt u, u rechtvaardigen! en zingt vrolijk, alle u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> oprechten van hart!",
      "textSV1888_html": "Verblijdt u in den HEERE, en verheugt u, gij rechtvaardigen! en zingt vrolijk, alle gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> oprechten van harte!",
      "text1637_html": "Verblijdet u inden HEERE, ende verheuget u, ghy rechtveerdige, ende singet vrolick, alle ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> oprechte van herten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verblijdt",
          "new": "Verblijd",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "harte!",
          "new": "hart!",
          "principe": "V1596"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David leert hier, datse gelucksalich zijn, dien Godt de sonden vergeeft, ende diese oprechtelick belijden: het welcke hy met sijn eygen exempel ende de gewoonte aller geloovigen bevesticht, waerschouwende voor hardtneckicheyt; ende vermanende tot blijdschap over Godts goedertierenheyt.",
    "text2026": "David leert hier dat zij gelukzalig zijn wie God de zonden vergeeft en die ze oprecht belijden; hetgeen hij met zijn eigen voorbeeld en met de gewoonte van alle gelovigen bevestigt, waarschuwend tegen hardnekkigheid en vermanend tot blijdschap over Gods goedertierenheid."
  }
}
