{
  "number": 34,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David, als hij zijn gelaat veranderd had voor het aangezicht van Abimelech, die hem wegjoeg, dat hij doorging.",
      "text1637": "[EEn Psalm] Davids: [a] Als hy sijn [1] gelaet verandert hadde voor het aengesichte van [2] Abimelech, die hem [3] wech joech, dat hy doorginck.",
      "text2026": "Een psalm van David, als hij zijn gezicht veranderd had voor het aangezicht van Abimelech, die hem wegjoeg, dat hij doorging.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Sam. 21:13 . 1 Samuël 21:13 : Daarom veranderde hij zijn gelaat voor hun ogen, en hij maakte zichzelven gek onder hun handen; en hij bekrabbelde de deuren der poort, en hij liet zijn zever in zijn baard aflopen.",
          "text1637": "1.Sam. 21.13, etc.",
          "text2026": "1 Sam. 21:13 . 1 Samuël 21:13 : Daarom veranderde hij zijn gelaat voor hun ogen, en hij maakte zichzelven gek onder hun handen; en hij bekrabbelde de deuren van de poort, en hij liet zijn zever in zijn baard aflopen."
        },
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gebaren, wezen. Hebr. eigenlijk, smaak; omdat men uit gebaren den mens pleegt als te proeven en te oordelen wat in hem is. Zie deze historie 1 Sam. 21:11 , 21:12 , 21:13 , enz. 1 Samuël 21:11 : Doch de knechten van Achis zeiden tot hem: Is deze niet David, de koning des lands? Zong men niet van dezen in de reien, zeggende: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden? 1 Samuël 21:12 : En David leide deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, den koning van Gath. 1 Samuël 21:13 : Daarom veranderde hij zijn gelaat voor hun ogen, en hij maakte zichzelven gek onder hun handen; en hij bekrabbelde de deuren der poort, en hij liet zijn zever in zijn baard aflopen.",
          "text1637": "Ofte, gebeerden, wesen. Hebr. eygentlick, smaeck, om datmen uyt gebeerden den mensche pleecht als te proeven, ende te oordeelen, wat in hem zy. Siet dese historie 1.Sam. 21. versen 11, 12, 13, etc.",
          "text2026": "Of, gebaren, wezen. Hebr. eigenlijk, smaak; omdat men uit gebaren de mens pleegt als te proeven en te oordelen wat in hem is. Zie deze historie 1 Sam. 21:11 , 21:12 , 21:13 , enz. 1 Samuël 21:11 : Maar de knechten van Achis zeiden tot hem: Is deze niet David, de koning van het land? Zong men niet van deze in de reien, zeggende: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden? 1 Samuël 21:12 : En David legde deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, de koning van Gath. 1 Samuël 21:13 : Daarom veranderde hij zijn gelaat voor hun ogen, en hij maakte zichzelven gek onder hun handen; en hij bekrabbelde de deuren van de poort, en hij liet zijn zever in zijn baard aflopen."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "1 Sam. 21 wordt hij genoemd bij zijn eigen naam Achis, koning van Gath, maar Abimelech schijnt daarenboven een algemene naam geweest te zijn der Filistijnse koningen. Zie daarvan Gen. 20:2 . Genesis 20:2 : Als nu Abraham van Sara, zijn huisvrouw, gezegd had: Zij is mijn zuster, zo zond Abimelech, de koning van Gerar, en nam Sara weg.",
          "text1637": "1.Sam. 21. wort hy genoemt by sijn eygen naem Achis. Coninck van Gath, maer Abimelech schijnt daer en boven een gemeyne naem geweest te zijn der Philistijnsche Coningen. Siet daer van Genes. 21. op vers 2.",
          "text2026": "1 Sam. 21 wordt hij genoemd bij zijn eigen naam Achis, koning van Gath, maar Abimelech schijnt daarenboven een algemene naam geweest te zijn van de Filistijnse koningen. Zie daarvan Gen. 20:2 . Genesis 20:2 : Als nu Abraham van Sara, zijn huisvrouw, gezegd had: Zij is mijn zus, zo zond Abimelech, de koning van Gerar, en nam Sara weg."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, door zijne officieren, die David voor hem brachten, menende dat hij hem zou vasthouden en laten ombrengen, dat hij ook ongetwijfeld zou hebben gedaan indien het God niet merkelijk belet en David uitgeholpen had. Zie 1 Sam. 21:11 , 21:12 . 1 Samuël 21:11 : Doch de knechten van Achis zeiden tot hem: Is deze niet David, de koning des lands? Zong men niet van dezen in de reien, zeggende: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden? 1 Samuël 21:12 : En David leide deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, den koning van Gath.",
          "text1637": "T.w. door sijne officieren, die David voor hem brachten, meynende dat hy hem soude vast houden ende laten ombrengen, dat hy oock ontwijfelick soude hebben gedaen, indien het Godt niet merckelick belett, ende David uytgeholpen hadde. Siet 1.Sam. 21.11, 12.",
          "text2026": "Te weten, door zijn officieren, die David voor hem brachten, menende dat hij hem zou vasthouden en laten ombrengen, dat hij ook ongetwijfeld zou hebben gedaan als het God niet merkelijk belet en David uitgeholpen had. Zie 1 Sam. 21:11 , 21:12 . 1 Samuël 21:11 : Maar de knechten van Achis zeiden tot hem: Is deze niet David, de koning van het land? Zong men niet van deze in de reien, zeggende: Saul heeft zijn duizenden verslagen, maar David zijn tienduizenden? 1 Samuël 21:12 : En David legde deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, de koning van Gath."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֗ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שַׁנּוֹת֣/וֹ",
          "strongs": "H8138",
          "morph": "HR/Vpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "טַ֭עְמ/וֹ",
          "strongs": "H2940",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לִ/פְנֵ֣י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "אֲבִימֶ֑לֶךְ",
          "strongs": "H40",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וַֽ֝/יְגָרֲשֵׁ֗/הוּ",
          "strongs": "H1644",
          "morph": "HC/Vpw3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יֵּלַֽךְ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> psalm van David, als hij zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> gezicht veranderd had voor het aangezicht van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Abimelech, die hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wegjoeg, dat hij doorging.",
      "textSV1888_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> psalm van David, als hij zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> gelaat veranderd had voor het aangezicht van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Abimelech, die hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wegjoeg, dat hij doorging.",
      "text1637_html": "[EEn Psalm] Davids: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Als hy sijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> gelaet verandert hadde voor het aengesichte van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Abimelech, die hem <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wech joech, dat hy doorginck.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gelaat",
          "new": "gezicht",
          "principe": "V324"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Aleph. Ik zal den HEERE loven te aller tijd; Zijn lof zal geduriglijk in mijn mond zijn.",
      "text1637": "[4] Aleph. Ick sal den HEERE [5] loven t’aller tijt; sijn lof sal geduerichlick in mijnen mont zijn.",
      "text2026": "Aleph. Ik zal JAHWEH loven altijd; Zijn lof zal steeds in mijn mond zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Aleph : Zie van dit A, B , op den titel van de 25sten Psalm, Ps. 25 .",
          "text1637": "Siet van dit AB, op den tijtel van den 25 Psalm.",
          "text2026": "Aleph : Zie van dit A, B , op de titel van de 25sten Psalm, Ps. 25 ."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. zegenen.",
          "text1637": "Hebr. segenen.",
          "text2026": "Hebr. zegenen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲבָרֲכָ֣ה",
          "strongs": "H1288",
          "morph": "HVph1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עֵ֑ת",
          "strongs": "H6256",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "תָּ֝מִ֗יד",
          "strongs": "H8548",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "תְּֽהִלָּת֥/וֹ",
          "strongs": "H8416",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/פִֽ/י",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Aleph. Ik zal JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> loven altijd; Zijn lof zal steeds in mijn mond zijn.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Aleph. Ik zal den HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> loven te aller tijd; Zijn lof zal geduriglijk in mijn mond zijn.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> <i>Aleph</i>. Ick sal den HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> loven t’aller tijt; sijn lof sal geduerichlick in mijnen mont zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "te aller tijd;",
          "new": "altijd;",
          "principe": "V426"
        },
        {
          "old": "geduriglijk",
          "new": "steeds",
          "principe": "V166"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in den HEERE; de zachtmoedigen zullen het horen en verblijd zijn.",
      "text1637": "Beth. Mijne ziele sal haer roemen in den HEERE; de [6] sachtmoedige sullen’t hooren, ende verblijdt zijn.",
      "text2026": "Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in JAHWEH; de zachtmoedigen zullen het horen en verblijd zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 10:17 . Psalmen 10:17 : HEERE! Gij hebt den wens der zachtmoedigen gehoord; Gij zult hun hart sterken, Uw oor zal opmerken;",
          "text1637": "Siet Psal. 10. op vers 17.",
          "text2026": "Zie Ps. 10:17 . Psalmen 10:17 : JAHWEH! U hebt de wens van de zachtmoedigen gehoord; U zult hun hart sterken, Uw oor zal opmerken;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ֭/יהוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "תִּתְהַלֵּ֣ל",
          "strongs": "H1984",
          "morph": "HVtj3fs"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֑/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁמְע֖וּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "עֲנָוִ֣ים",
          "strongs": "H6035",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִשְׂמָֽחוּ",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in JAHWEH; de zachtmoedigen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> zullen het horen en verblijd zijn.",
      "textSV1888_html": "Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in den HEERE; de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> zachtmoedigen zullen het horen en verblijd zijn.",
      "text1637_html": "<i>Beth</i>. Mijne ziele sal haer roemen in den HEERE; de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> sachtmoedige sullen’t hooren, ende verblijdt zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE;",
          "new": "JAHWEH;",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Gimel. Maakt den HEERE met mij groot, en laat ons Zijn Naam samen verhogen.",
      "text1637": "Gimel. Maeckt den HEERE met my groot, ende laet ons sijnen Naem te samen [7] verhoogen.",
      "text2026": "Gimel. Maak JAHWEH met mij groot, en laat ons Zijn Naam samen verhogen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, hogelijk prijzen, gelijk Ps. 30:2 . Psalmen 30:2 : Ik zal U verhogen, HEERE, want Gij hebt mij opgetrokken, en mijn vijanden over mij niet verblijd.",
          "text1637": "D. hoochlick prijsen. als Ps. 30.2.",
          "text2026": "Dat is, hernstig prijzen, gelijk Ps. 30:2 . Psalmen 30:2 : Ik zal U verhogen, JAHWEH, want U hebt mij opgetrokken, en mijn vijanden over mij niet verblijd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "גַּדְּל֣וּ",
          "strongs": "H1431",
          "morph": "HVpv2mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/יהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "אִתִּ֑/י",
          "strongs": "H854",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/נְרוֹמְמָ֖ה",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HC/Voh1cp"
        },
        {
          "woord": "שְׁמ֣/וֹ",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יַחְדָּֽו",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "Gimel. Maak JAHWEH met mij groot, en laat ons Zijn Naam samen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> verhogen.",
      "textSV1888_html": "Gimel. Maakt den HEERE met mij groot, en laat ons Zijn Naam samen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> verhogen.",
      "text1637_html": "<i>Gimel</i>. Maeckt den HEERE met my groot, ende laet ons sijnen Naem te samen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> verhoogen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Maakt den HEERE",
          "new": "Maak JAHWEH",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Daleth. Ik heb den HEERE gezocht, en Hij heeft mij geantwoord, en mij uit al mijn vrezen gered.",
      "text1637": "Daleth. Ick hebbe den HEERE [8] gesocht, ende hy heeft my geantwoordt, ende my uyt alle mijne [9] vreesen gereddet.",
      "text2026": "Daleth. Ik heb JAHWEH gezocht, en Hij heeft mij geantwoord, en mij uit al mijn vrezen gered.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Door gebeden zijne hulp verzocht.",
          "text1637": "Door gebeden sijne hulpe versocht.",
          "text2026": "Door gebeden zijn hulp verzocht."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 1 Sam. 21:12 . 1 Samuël 21:12 : En David leide deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, den koning van Gath.",
          "text1637": "Siet 1.Sam. 21.12.",
          "text2026": "Zie 1 Sam. 21:12 . 1 Samuël 21:12 : En David legde deze woorden in zijn hart; en hij was zeer bevreesd voor het aangezicht van Achis, de koning van Gath."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דָּרַ֣שְׁתִּי",
          "strongs": "H1875",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָנָ֑/נִי",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HC/Vqp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ/כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/R/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מְ֝גוּרוֹתַ֗/י",
          "strongs": "H4034",
          "morph": "HNcfpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הִצִּילָֽ/נִי",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Daleth. Ik heb JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> gezocht, en Hij heeft mij geantwoord, en mij uit al mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> vrezen gered.",
      "textSV1888_html": "Daleth. Ik heb den HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> gezocht, en Hij heeft mij geantwoord, en mij uit al mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> vrezen gered.",
      "text1637_html": "<i>Daleth</i>. Ick hebbe den HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> gesocht, ende hy heeft my geantwoordt, ende my uyt alle mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> vreesen gereddet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "He. Vau. Zij hebben op Hem gezien, ja, Hem als een waterstroom aangelopen; en hun aangezichten zijn niet schaamrood geworden.",
      "text1637": "He Vau. [10] Sy hebben op hem [11] gesien, ja [hem] als een waterstroom [12] aengeloopen; ende hare aengesichten en zijn niet schaem-root geworden.",
      "text2026": "He. Vau. Zij hebben op Hem gezien, ja, Hem als een waterstroom aangelopen; en hun gezichten zijn niet schaamrood geworden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, de zachtmoedigen, uit vers 3 . Psalmen 34:3 : Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in den HEERE; de zachtmoedigen zullen het horen en verblijd zijn.",
          "text1637": "T.w. de sachtmoedige, uyt vers 3.",
          "text2026": "Te weten, de zachtmoedigen, uit vers 3 . Psalmen 34:3 : Beth. Mijn ziel zal zich beroemen in JAHWEH; de zachtmoedigen zullen het horen en verblijd zijn."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Met de geestelijke ogen des geloofs uitgezien naar zijne hulp.",
          "text1637": "Met de geestelicke oogen des geloofs uytgesien nae sijne hulpe.",
          "text2026": "Met de geestelijke ogen van het geloof uitgezien naar zijn hulp."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Doende God [om zo te spreken] geweld, door den aanval van hun ijver en krachtige gebeden. Verg. Jes. 2:2 , en Jes. 60:5 ; Jer. 31:12 , en Jer. 51:44 ; Matth. 11:12 ; Luk. 16:16 ; Jak. 5:16 . Anders, en zijn verlicht; dat is, vertroost, hebben oorzaak van blijdschap bekomen; alzo hHet Hebr., in tweeërlei betekenis van sommigen wordt genomen. Jesaja 2:2 : En het zal geschieden in het laatste der dagen, dat de berg van het huis des HEEREN zal vastgesteld zijn op den top der bergen, en dat hij zal verheven worden boven de heuvelen, en tot denzelven zullen alle heidenen toevloeien. Jesaja 60:5 : Dan zult gij het zien en samenvloeien, en uw hart zal vervaard zijn en verwijd worden; want de menigte der zee zal tot u gekeerd worden, het heir der heidenen zal tot u komen. Jeremia 31:12 : Dies zullen zij komen, en op de hoogte van Sion juichen, en toevloeien tot des HEEREN goed, tot het koren, en tot den most, en tot de olie, en tot de jonge schapen en runderen; en hun ziel zal zijn als een gewaterde hof, en zij zullen voortaan niet meer treurig zijn. Jeremia 51:44 : En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen. Mattheüs 11:12 : En van de dagen van Johannes den Doper tot nu toe, wordt het Koninkrijk der hemelen geweld aangedaan, en de geweldigers nemen hetzelve met geweld. Lukas 16:16 : De wet en de profeten zijn tot op Johannes; van dien tijd af wordt het Koninkrijk Gods verkondigd, en een iegelijk doet geweld op hetzelve. Jakobus 5:16 : Belijdt elkander de misdaden, en bidt voor elkander, opdat gij gezond wordt; een krachtig gebed des rechtvaardigen vermag veel.",
          "text1637": "Doende Godt (om soo te spreken) gewelt, door den aenval van haren yver, ende krachtige gebeden. Vergel. Iesa. 2.2. ende 60.5. Iere. 31.12. ende 51.44. Mat. 11.12. Luc. 16.16. Iac. 5.16. and. ende zijn verlichtet. dat is, vertroostet, hebben oorsake van blijdschap bekomen: also het hebreeusch woort in tweederley beteeckeninge van sommige wort genomen.",
          "text2026": "Doende God [om zo te spreken] geweld, door de aanval van hun ijver en krachtige gebeden. Verg. Jes. 2:2 , en Jes. 60:5 ; Jer. 31:12 , en Jer. 51:44 ; Matt. 11:12 ; Luk. 16:16 ; Jak. 5:16 . Anders, en zijn verlicht; dat is, vertroost, hebben oorzaak van blijdschap bekomen; zo hHet Hebr., in tweeërlei betekenis van sommigen wordt genomen. Jesaja 2:2 : En het zal gebeuren in het laatste van de dagen, dat de berg van het huis van JAHWEH zal vastgesteld zijn op de top van de bergen, en dat hij zal verheven worden boven de heuvelen, en tot dezelfde zullen alle heidenen toevloeien. Jesaja 60:5 : Dan zult u het zien en samenvloeien, en uw hart zal vervaard zijn en verwijd worden; want de menigte van de zee zal tot u gekeerd worden, het legermacht van de heidenen zal tot u komen. Jeremia 31:12 : Daarom zullen zij komen, en op de hoogte van Sion juichen, en toevloeien tot de goed van JAHWEH, tot het koren, en tot de most, en tot de olie, en tot de jonge schapen en runderen; en hun ziel zal zijn als een gewaterde hof, en zij zullen voortaan niet meer treurig zijn. Jeremia 51:44 : En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen. Mattheüs 11:12 : En van de dagen van Johannes de Doper tot nu toe, wordt het Koninkrijk van de hemel geweld aangedaan, en de geweldigers nemen hetzelfde met geweld. Lukas 16:16 : De wet en de profeten zijn tot op Johannes; van die tijd af wordt het Koninkrijk van God verkondigd, en een iedereen doet geweld op hetzelfde. Jakobus 5:16 : Belijdt elkaar de misdaden, en bidt voor elkaar, opdat u gezond wordt; een krachtig gebed van de rechtvaardigen vermag veel."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִבִּ֣יטוּ",
          "strongs": "H5027",
          "morph": "HVhp3cp"
        },
        {
          "woord": "אֵלָ֣י/ו",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/נָהָ֑רוּ",
          "strongs": "H5102",
          "morph": "HC/Vqp3cp"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/פְנֵי/הֶ֗ם",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HC/Ncbpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יֶחְפָּֽרוּ",
          "strongs": "H2659",
          "morph": "HVqj3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "He. Vau.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Zij hebben op Hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> gezien, ja, Hem als een waterstroom<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> aangelopen; en hun gezichten zijn niet schaamrood geworden.",
      "textSV1888_html": "He. Vau.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Zij hebben op Hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> gezien, ja, Hem als een waterstroom<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> aangelopen; en hun aangezichten zijn niet schaamrood geworden.",
      "text1637_html": "<i>He Vau</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Sy hebben op hem <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> gesien, ja [hem] als een waterstroom <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> aengeloopen; ende hare aengesichten en zijn niet schaem-root geworden."
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Zain. Deze ellendige riep, en de HEERE hoorde; en Hij verloste hem uit al zijn benauwdheden.",
      "text1637": "Zain. [13] Dese elendige riep, ende de HEERE hoorde; ende hy verloste hem uyt alle sijne benaeuwtheden.",
      "text2026": "Zain. Deze ellendige riep, en JAHWEH hoorde; en Hij verloste hem uit al zijn benauwdheden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Namelijk David; die hier van zichzelven spreekt, als op zijn persoon wijzende, of voert in de woorden der gelovigen van hem.",
          "text1637": "Namelijck, David; die hier van hem selven spreeckt, als op sijnen persoon wijsende, ofte voert in, de woorden der geloovigen van hem.",
          "text2026": "Namelijk David; die hier van zichzelven spreekt, als op zijn persoon wijzende, of voert in de woorden van de gelovigen van hem."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זֶ֤ה",
          "strongs": "H2088",
          "morph": "HPdxms"
        },
        {
          "woord": "עָנִ֣י",
          "strongs": "H6041",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "קָ֭רָא",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "שָׁמֵ֑עַ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ/כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/R/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "צָ֝רוֹתָ֗י/ו",
          "strongs": "H6869",
          "morph": "HNcfpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "הוֹשִׁיעֽ/וֹ",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhp3ms/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Deze ellendige riep, en JAHWEH hoorde; en Hij verloste hem uit al zijn benauwdheden.",
      "textSV1888_html": "Zain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Deze ellendige riep, en de HEERE hoorde; en Hij verloste hem uit al zijn benauwdheden.",
      "text1637_html": "<i>Zain</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Dese elendige riep, ende de HEERE hoorde; ende hy verloste hem uyt alle sijne benaeuwtheden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Cheth. De Engel des HEEREN legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit.",
      "text1637": "Cheth. De [14] Engel des HEEREN legert sich rontsom de gene, die hem vreesen, ende rucktse uyt.",
      "text2026": "Cheth. De Engel van JAHWEH legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, de engelen, alzo er van legers gesproken wordt. Zie Gen. 32:1 , 32:2 ; en 2 Kon. 6:17 . Genesis 32:1 : Jakob toog ook zijns weegs; en de engelen Gods ontmoetten hem. Genesis 32:2 : En Jakob zeide, met dat hij hen zag: Dit is een heirleger Gods! en hij noemde den naam derzelver plaats Mahanaim. 2 Koningen 6:17 : En Elisa bad, en zeide: HEERE, open toch zijn ogen, dat hij zie! En de HEERE opende de ogen van den jongen, dat hij zag; en ziet, de berg was vol vurige paarden en wagenen rondom Elisa.",
          "text1637": "D. de Engelen, alsoder van legeren gesproken wort. Siet Genes. 32.1, 2. 2.Reg. 6.17.",
          "text2026": "Dat is, de engelen, zo er van legers gesproken wordt. Zie Gen. 32:1 , 32:2 ; en 2 Kon. 6:17 . Genesis 32:1 : Jakob toog ook zijns weegs; en de engelen van God ontmoetten hem. Genesis 32:2 : En Jakob zei, met dat hij hen zag: Dit is een heirleger Gods! en hij noemde de naam van die plaats Mahanaim. 2 Koningen 6:17 : En Elisa bad, en zei: JAHWEH, open toch zijn ogen, dat hij zie! En JAHWEH opende de ogen van de jongen, dat hij zag; en ziet, de berg was vol vurige paarden en wagens rondom Elisa."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֹנֶ֤ה",
          "strongs": "H2583",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "מַלְאַךְ",
          "strongs": "H4397",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֓ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "סָ֘בִ֤יב",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "לִֽ/ירֵאָ֗י/ו",
          "strongs": "H3373",
          "morph": "HR/Aampc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/יְחַלְּצֵֽ/ם",
          "strongs": "H2502",
          "morph": "HC/Vpw3ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Cheth. De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Engel van JAHWEH legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit.",
      "textSV1888_html": "Cheth. De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Engel des HEEREN legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit.",
      "text1637_html": "<i>Cheth</i>. De <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Engel des HEEREN legert sich rontsom de gene, die hem vreesen, ende rucktse uyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Teth. Smaakt en ziet, dat de HEERE goed is; welgelukzalig is de man, die op Hem betrouwt.",
      "text1637": "Teth. [15] Smaeckt, ende siet, dat de HEERE goet is: welgelucksalich is de man, [die] op hem betrouwt.",
      "text2026": "Teth. Smaak en ziet, dat JAHWEH goed is; welgelukzalig is de man, die op Hem betrouwt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, aanmerkt en gevoelt in uwe harten, en vermaakt u daarin, of neemt de proef daarvan, gij zult bevinden dat het zo is. Verg. Job 12:20 ; Spreuk. 31:18 , en 1 Petr. 2:2 , 2:3 . Job 12:20 : Hij beneemt den getrouwen de spraak, en der ouden oordeel neemt Hij weg. Spreuken 31:18 : Teth. Zij smaakt, dat haar koophandel goed is; haar lamp gaat des nachts niet uit. 1 Petrus 2:2 : En, als nieuwgeborene kinderkens, zijt zeer begerig naar de redelijke onvervalste melk, opdat gij door dezelve moogt opwassen; 1 Petrus 2:3 : Indien gij anders gesmaakt hebt, dat de Heere goedertieren is.",
          "text1637": "Dat is, aenmerckt ende gevoelt in uwe herten, ende vermaeckt u daer in, ofte, neemt de proeve daer van, ghy sult bevinden dat het soo is, vergel. Iob 12. op vers 20. Prov. 31.18. ende 1.Pet. 2.2, 3.",
          "text2026": "Dat is, aanmerkt en gevoelt in uw harten, en vermaakt u daarin, of neemt de proef daarvan, u zult bevinden dat het zo is. Verg. Job 12:20 ; Spr. 31:18 , en 1 Petr. 2:2 , 2:3 . Job 12:20 : Hij beneemt de getrouwen de spraak, en van de ouden oordeel neemt Hij weg. Spreuken 31:18 : Teth. Zij smaakt, dat haar koophandel goed is; haar lamp gaat van de nacht niet uit. 1 Petrus 2:2 : En, als nieuwgeborene kinderen, zijt zeer begerig naar de redelijke onvervalste melk, opdat u door dezelfde mag opwassen; 1 Petrus 2:3 : Als u anders gesmaakt hebt, dat de Heer goedertieren is."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "טַעֲמ֣וּ",
          "strongs": "H2938",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "וּ֭/רְאוּ",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HC/Vqv2mp"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "ט֣וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אַֽשְׁרֵ֥י",
          "strongs": "H835",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הַ֝/גֶּ֗בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יֶחֱסֶה",
          "strongs": "H2620",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בּֽ/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Teth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Smaak en ziet, dat JAHWEH goed is; welgelukzalig is de man, die op Hem betrouwt.",
      "textSV1888_html": "Teth.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Smaakt en ziet, dat de HEERE goed is; welgelukzalig is de man, die op Hem betrouwt.",
      "text1637_html": "<i>Teth</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Smaeckt, ende siet, dat de HEERE goet is: welgelucksalich is de man, [die] op hem betrouwt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Smaakt",
          "new": "Smaak",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Jod. Vreest den HEERE, gij Zijn heiligen! want die Hem vrezen, hebben geen gebrek.",
      "text1637": "Iod. [16] Vreest den HEERE, ghy sijne heyligen; want die hem vreesen en hebben geen gebreck.",
      "text2026": "Jod. Vrees JAHWEH, u Zijn heiligen! want die Hem vrezen, hebben geen gebrek.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 19:10 . Psalmen 19:10 : De vreze des HEEREN is rein, bestaande tot in eeuwigheid, de rechten des HEEREN zijn waarheid, samen zijn zij rechtvaardig.",
          "text1637": "Siet Psal. 19. op vers 10.",
          "text2026": "Zie Ps. 19:10 . Psalmen 19:10 : De vrees voor JAHWEH is rein, bestaande tot in eeuwigheid, de rechte van JAHWEH zijn waarheid, samen zijn zij rechtvaardig."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְר֣אוּ",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "קְדֹשָׁ֑י/ו",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAampc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֵ֥ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "מַ֝חְס֗וֹר",
          "strongs": "H4270",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/ירֵאָֽי/ו",
          "strongs": "H3373",
          "morph": "HR/Aampc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Vrees JAHWEH, u Zijn heiligen! want die Hem vrezen, hebben geen gebrek.",
      "textSV1888_html": "Jod.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Vreest den HEERE, gij Zijn heiligen! want die Hem vrezen, hebben geen gebrek.",
      "text1637_html": "<i>Iod</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Vreest den HEERE, ghy sijne heyligen; want die hem vreesen en hebben geen gebreck.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Vreest den HEERE, gij",
          "new": "Vrees JAHWEH, u",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Caph. De jonge leeuwen lijden armoede, en hongeren; maar die den HEERE zoeken, hebben geen gebrek aan enig goed.",
      "text1637": "Caph. [b] De jonge leeuwen [17] lijden armoede, ende hongeren; maer die den HEERE soecken hebben geen gebreck van eenich goet.",
      "text2026": "Caph. De jonge leeuwen lijden armoede, en hongeren; maar die JAHWEH zoeken, hebben geen gebrek aan enig goed.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Job 4:11 . Job 4:11 : De oude leeuw vergaat, omdat er geen roof is, en de jongens eens oudachtigen leeuws worden verstrooid.",
          "text1637": "Iob 4.11.",
          "text2026": "Job 4:11 . Job 4:11 : De oude leeuw vergaat, omdat er geen roof is, en de jongens eens oudachtigen leeuws worden verstrooid."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "lijden armoede: Kunnende somtijds geen roof krijgen. Zie Job 4:11 . Job 4:11 : De oude leeuw vergaat, omdat er geen roof is, en de jongens eens oudachtigen leeuws worden verstrooid.",
          "text1637": "Konnende somtijts geenen roof krijgen. Siet Iob 4.11.",
          "text2026": "lijden armoede: Kunnende somtijds geen roof krijgen. Zie Job 4:11 . Job 4:11 : De oude leeuw vergaat, omdat er geen roof is, en de jongens eens oudachtigen leeuws worden verstrooid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כְּ֭פִירִים",
          "strongs": "H3715",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "רָשׁ֣וּ",
          "strongs": "H7326",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "וְ/רָעֵ֑בוּ",
          "strongs": "H7456",
          "morph": "HC/Vqp3cp"
        },
        {
          "woord": "וְ/דֹרְשֵׁ֥י",
          "strongs": "H1875",
          "morph": "HC/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יַחְסְר֥וּ",
          "strongs": "H2637",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "טֽוֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Caph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> De jonge leeuwen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lijden armoede, en hongeren; maar die JAHWEH zoeken, hebben geen gebrek aan enig goed.",
      "textSV1888_html": "Caph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> De jonge leeuwen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lijden armoede, en hongeren; maar die den HEERE zoeken, hebben geen gebrek aan enig goed.",
      "text1637_html": "<i>Caph</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> De jonge leeuwen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> lijden armoede, en<i>de</i> hongeren; maer die den HEERE soecken hebben geen gebreck van eenich goet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Lamed. Komt, gij, kinderen! hoort naar mij! ik zal u des HEEREN vreze leren.",
      "text1637": "Lamed. Komet ghy [18] kinderen, hoort nae my; Ick sal u des HEEREN vreese leeren.",
      "text2026": "Lamed. Kom, u, kinderen! hoor naar mij! ik zal u van JAHWEH vrees leren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die mij houdt voor uw geestelijken vader, dat is profeet en leraar. Zie Richt. 17:10 ; Spreuk. 1:8 . Richteren 17:10 : Toen zeide Micha tot hem: Blijf bij mij, en wees mij tot een vader en tot een priester; en ik zal u jaarlijks geven tien zilverlingen, en orde van klederen, en uw leeftocht; alzo ging de Leviet met hem. Spreuken 1:8 : Mijn zoon! hoor de tucht uws vaders, en verlaat de leer uwer moeder niet;",
          "text1637": "Die ghy my houdet voor uwen geestelicken vader, dat is, Propheet ende leeraer. Siet Iud. 17. op vers 10. Prov. 1. op vers 8.",
          "text2026": "Die mij houdt voor uw geestelijken vader, dat is profeet en leraar. Zie Richt. 17:10 ; Spr. 1:8 . Richteren 17:10 : Toen zei Micha tot hem: Blijf bij mij, en wees mij tot een vader en tot een priester; en ik zal u jaarlijks geven tien zilverlingen, en orde van kleren, en uw leeftocht; zo ging de Leviet met hem. Spreuken 1:8 : Mijn zoon! hoor de tucht uws vaders, en verlaat de leer uw moeder niet;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְֽכוּ",
          "strongs": "H3212",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "בָ֭נִים",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שִׁמְעוּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לִ֑/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יִֽרְאַ֥ת",
          "strongs": "H3374",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֲלַמֶּדְ/כֶֽם",
          "strongs": "H3925",
          "morph": "HVpi1cs/Sp2mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Lamed. Kom, u,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> kinderen! hoor naar mij! ik zal u van JAHWEH vrees leren.",
      "textSV1888_html": "Lamed. Komt, gij,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> kinderen! hoort naar mij! ik zal u des HEEREN vreze leren.",
      "text1637_html": "<i>Lamed</i>. Komet ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> kinderen, hoort nae my; Ick sal u des HEEREN vreese leeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Komt, gij,",
          "new": "Kom, u,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "hoort",
          "new": "hoor",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "des HEEREN vreze",
          "new": "van JAHWEH vrees",
          "principe": "V991"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?",
      "text1637": "Mem. [c] [19] Wie is de man, die lust heeft ten leven? die [20] dagen lief heeft, om [21] het goede te sien?",
      "text2026": "Mem. Wie is de man, die lust heeft in het leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "1 Petr. 3:10 . 1 Petrus 3:10 : Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;",
          "text1637": "1.Pet. 3.10.",
          "text2026": "1 Petr. 3:10 . 1 Petrus 3:10 : Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;"
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Wie is de man: Dat is, is er iemand, die enz., of, degene die, enz. Zie Deut. 20:5 ; het antwoord op deze vraag hebt gij in volgende verzen. Deuteronomium 20:5 : Dan zullen de ambtlieden tot het volk spreken, zeggende: Wie is de man, die een nieuw huis heeft gebouwd, en het niet heeft ingewijd? Die ga henen en kere weder naar zijn huis; opdat hij niet misschien sterve in den strijd, en iemand anders dat inwijde.",
          "text1637": "D. isser yemant, die, etc. oft, de gene die, etc. Siet Deut. 20. op vers 5. de antwoorde op dese vrage hebt ghy in de volgende verssen.",
          "text2026": "Wie is de man: Dat is, is er iemand, die enz., of, degene die, enz. Zie Deut. 20:5 ; het antwoord op deze vraag hebt u in volgende verzen. Deuteronomium 20:5 : Dan zullen de ambtlieden tot het volk spreken, zeggende: Wie is de man, die een nieuw huis heeft gebouwd, en het niet heeft ingewijd? Die ga heen en kere weer naar zijn huis; opdat hij niet misschien sterve in de strijd, en iemand anders dat inwijde."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, een lang leven, lengte der dagen.",
          "text1637": "D. een lanck leven, lengte der dagen.",
          "text2026": "Dat is, een lang leven, lengte van de dagen."
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "het goede te zien: Dat is, welvaart te genieten. Zie Job 7:7 . Deze en dergelijke beloften moeten alzo verstaan worden, dat het kruis geenzins daarmede uitgesloten is, gelijk het ganse woord Gods, en in het bijzonder dit boek der psalmen, zelfs deze psalm vers 20 , uitwijst. Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien. Psalmen 34:20 : Resch. Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem de HEERE.",
          "text1637": "D. welvaert te genieten. siet Iob 7. op vers 7. dese ende diergelijcke beloften moeten also verstaen worden, dat het kruys geensins daer mede uytgesloten zy, als ’t gantsche woort Godts, ende in’t bysonder dit boeck der Psalmen, selfs dese Psalm, vers 20. uytwijst.",
          "text2026": "het goede te zien: Dat is, welvaart te genieten. Zie Job 7:7 . Deze en dergelijke beloften moeten zo verstaan worden, dat het kruis geenzins daarmee uitgesloten is, gelijk het gehele woord van God, en in het bijzonder dit boek van de psalmen, zelfs deze psalm vers 20 , uitwijst. Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien. Psalmen 34:20 : Resch. Vele zijn de tegenspoeden van de rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem JAHWEH."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִֽי",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "הָ֭/אִישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הֶ/חָפֵ֣ץ",
          "strongs": "H2655",
          "morph": "HTd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "חַיִּ֑ים",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֹהֵ֥ב",
          "strongs": "H157",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "יָ֝מִ֗ים",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "לִ/רְא֥וֹת",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "טֽוֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mem.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Wie is de man, die lust heeft in het leven, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> dagen liefheeft, om<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> het goede te zien?",
      "textSV1888_html": "Mem.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> Wie is de man, die lust heeft ten leven, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> dagen liefheeft, om<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> het goede te zien?",
      "text1637_html": "<i>Mem</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Wie is de man, die lust heeft ten leven? die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> dagen lief heeft, om <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> het goede te sien?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ten",
          "new": "in het",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Nun. Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.",
      "text1637": "Nun. [22] Bewaert uwe tonge van het quade, ende uwe lippen van bedroch te spreken.",
      "text2026": "Nun. Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De zin is, die het voorzeide goed begeert te genieten, die doet dit.",
          "text1637": "De sin is, die het voorseyde goet begeert te genieten, die doe dit.",
          "text2026": "De zin is, die het voorzeide goed begeert te genieten, die doet dit."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נְצֹ֣ר",
          "strongs": "H5341",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "לְשׁוֹנְ/ךָ֣",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מֵ/רָ֑ע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/שְׂפָתֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H8193",
          "morph": "HC/Ncfdc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/דַּבֵּ֥ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "מִרְמָֽה",
          "strongs": "H4820",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Nun.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.",
      "textSV1888_html": "Nun.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.",
      "text1637_html": "<i>Nun</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Bewaert uwe tonge van het quade, ende uwe lippen van bedroch te spreken."
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Samech. Wijk af van het kwaad, en doe het goede; zoek den vrede, en jaag dien na.",
      "text1637": "Samech. Wijckt af van het quade, ende doet het goede; soeckt de vrede ende [d] jaechtse na.",
      "text2026": "Samech. Wijk af van het kwaad, en doe het goede; zoek de vrede, en jaag die na.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Hebr. 12:14 . Hebreeën 12:14 : Jaagt den vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand den Heere zien zal;",
          "text1637": "Hebr. 12.14.",
          "text2026": "Hebr. 12:14 . Hebreeën 12:14 : Jaagt de vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand de Heer zien zal;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ס֣וּר",
          "strongs": "H5493",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "מֵ֭/רָע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲשֵׂה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HC/Vqv2ms"
        },
        {
          "woord": "ט֑וֹב",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "בַּקֵּ֖שׁ",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "שָׁל֣וֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/רָדְפֵֽ/הוּ",
          "strongs": "H7291",
          "morph": "HC/Vqv2ms/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Samech. Wijk af van het kwaad, en doe het goede; zoek de vrede, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> jaag die na.",
      "textSV1888_html": "Samech. Wijk af van het kwaad, en doe het goede; zoek den vrede, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> jaag dien na.",
      "text1637_html": "<i>Samech</i>. Wijckt af van het quade, ende doet het goede; soeckt de vrede ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> jaechtse na.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Ain. De ogen des HEEREN zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.",
      "text1637": "Ajin. [e] [23] De oogen des HEEREN zijn op de rechtveerdige; ende sijne ooren tot haer geroep.",
      "text2026": "Ain. De ogen van JAHWEH zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "e",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Job 36:7 ; Ps. 33:18 ; 1 Petr. 3:12 . Job 36:7 : Hij onttrekt Zijn ogen niet van den rechtvaardige, maar met de koningen zijn zij in den troon; daar zet Hij hen voor altoos, en zij worden verheven. Psalmen 33:18 : Ziet, des HEEREN oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen. 1 Petrus 3:12 : Want de ogen des Heeren zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar het aangezicht des Heeren is tegen degenen, die kwaad doen.",
          "text1637": "Iob 36.7. Psal. 33.18. 1.Pet. 3.12.",
          "text2026": "Job 36:7 ; Ps. 33:18 ; 1 Petr. 3:12 . Job 36:7 : Hij onttrekt Zijn ogen niet van de rechtvaardige, maar met de koningen zijn zij in de troon; daar zet Hij hen voor altijd, en zij worden verheven. Psalmen 33:18 : Ziet, van JAHWEH oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen. 1 Petrus 3:12 : Want de ogen van de Heer zijn over de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun gebed; maar het aangezicht van de Heer is tegen degenen, die kwaad doen."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De ogen: Gelijk boven, Ps. 33:18 . Psalmen 33:18 : Ziet, des HEEREN oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen.",
          "text1637": "Als bov. Psal. 33.18.",
          "text2026": "De ogen: Gelijk boven, Ps. 33:18 . Psalmen 33:18 : Ziet, van JAHWEH oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עֵינֵ֣י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbdc"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "צַדִּיקִ֑ים",
          "strongs": "H6662",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/אָזְנָ֗י/ו",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HC/Ncfdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "שַׁוְעָתָֽ/ם",
          "strongs": "H7775",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> De ogen van JAHWEH zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.",
      "textSV1888_html": "Ain.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> De ogen des HEEREN zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.",
      "text1637_html": "<i>Ajin</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"e\">e</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> De oogen des HEEREN zijn op de rechtveerdige; ende sijne ooren tot haer geroep.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Pe. Het aangezicht des HEEREN is tegen degenen, die kwaad doen, om hun gedachtenis van de aarde uit te roeien.",
      "text1637": "Pe. Het [24] aengesichte des HEEREN is tegen de gene die quaet doen; om hare gedachtenisse van der aerden uyt te roeyen.",
      "text2026": "Pe. Het aangezicht van JAHWEH is tegen degenen, die kwaad doen, om hun herinnering van de aarde uit te roeien.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta zijn toornig aangezicht, gelijk boven, Ps. 21:10 . Zie aldaar. Psalmen 21:10 : Gij zult hen zetten als een vurige oven ter tijd Uws toornigen aangezichts; de HEERE zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.",
          "text1637": "Verst. sijn toornich aengesichte. als bov. Psal. 21.10. siet aldaer.",
          "text2026": "Versta zijn toornig aangezicht, gelijk boven, Ps. 21:10 . Zie daar. Psalmen 21:10 : U zult hen zetten als een vurige oven ter tijd Uws toornigen aangezichts; JAHWEH zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פְּנֵ֣י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֹ֣שֵׂי",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HR/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "רָ֑ע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/הַכְרִ֖ית",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HR/Vhc"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "זִכְרָֽ/ם",
          "strongs": "H2143",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Pe. Het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> aangezicht van JAHWEH is tegen degenen, die kwaad doen, om hun herinnering van de aarde uit te roeien.",
      "textSV1888_html": "Pe. Het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> aangezicht des HEEREN is tegen degenen, die kwaad doen, om hun gedachtenis van de aarde uit te roeien.",
      "text1637_html": "<i>Pe</i>. Het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> aengesichte des HEEREN is tegen de gene die quaet doen; om hare gedachtenisse van der aerden uyt te roeyen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des HEEREN",
          "new": "van JAHWEH",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "gedachtenis",
          "new": "herinnering",
          "principe": "V366"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Tsade. Zij roepen, en de HEERE hoort, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden.",
      "text1637": "Tsade. [25] Sy roepen, ende de HEERE hoort; ende hy redtse uyt alle hare benaeutheden.",
      "text2026": "Tsade. Zij roepen, en JAHWEH hoort, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, de rechtvaardigen, uit vers 16 . Psalmen 34:16 : Ain. De ogen des HEEREN zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep.",
          "text1637": "T.w. de rechtveerdige, uyt vers 16.",
          "text2026": "Te weten, de rechtvaardigen, uit vers 16 . Psalmen 34:16 : Ain. De ogen van JAHWEH zijn op de rechtvaardigen, en Zijn oren tot hun geroep."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "צָעֲק֣וּ",
          "strongs": "H6817",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "וַ/יהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "שָׁמֵ֑עַ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ/כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/R/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "צָ֝רוֹתָ֗/ם",
          "strongs": "H6869",
          "morph": "HNcfpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הִצִּילָֽ/ם",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhp3ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Tsade.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Zij roepen, en JAHWEH hoort, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden.",
      "textSV1888_html": "Tsade.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Zij roepen, en de HEERE hoort, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden.",
      "text1637_html": "<i>Tsade</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> Sy roepen, ende de HEERE hoort; ende hy redtse uyt alle hare benaeutheden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Koph. De HEERE is nabij de gebrokenen van harte, en Hij behoudt de verslagenen van geest.",
      "text1637": "Koph. [f] De HEERE is nae by de [26] gebrokene van herten; ende hy behoudt de [27] verslagene van geeste.",
      "text2026": "Koph. JAHWEH is nabij de gebrokenen van hart, en Hij behoudt de verslagenen van geest.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "f",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Tim. 3:11 . 2 Timotheüs 3:11 : Mijn vervolgingen, mijn lijden, zulks als mij overkomen is in Antiochië, in Ikonium en in Lystre; hoedanige vervolgingen ik geleden heb, en de Heere heeft mij uit alle verlost.",
          "text1637": "2.Tim. 3.12.",
          "text2026": "2 Tim. 3:11 . 2 Timotheüs 3:11 : Mijn vervolgingen, mijn lijden, zulks als mij overkomen is in Antiochië, in Ikonium en in Lystre; hoedanige vervolgingen ik geleden heb, en de Heer heeft mij uit alle verlost."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die, allen hoogmoed afleggende, zich voor den Heere vernederen met hartelijke bekommernissen over hunne zonden en begeerte van genade. Verg. Ps. 51:19 , en Ps. 147:3 ; Jes. 42:3 , en Jes. 57:15 , en Jes. 61:1 , en Jes. 66:2 ; Luk. 4:18 , en Luk. 7:38 ; Hand. 2:37 . Psalmen 51:19 : De offeranden Gods zijn een gebroken geest; een gebroken en verslagen hart zult Gij, o God! niet verachten. Psalmen 147:3 : Hij geneest de gebrokenen van hart, en Hij verbindt hen in hun smarten. Jesaja 42:3 : Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen; met waarheid zal Hij het recht voortbrengen. Jesaja 57:15 : Want alzo zegt de Hoge en Verhevene, Die in de eeuwigheid woont, en Wiens Naam heilig is: Ik woon in de hoogte en in het heilige, en bij dien, die van een verbrijzelden en nederigen geest is, opdat Ik levend make den geest der nederigen, en opdat Ik levend make het hart der verbrijzelden. Jesaja 61:1 : De Geest des Heeren HEEREN is op Mij, omdat de HEERE Mij gezalfd heeft, om een blijde boodschap te brengen den zachtmoedigen; Hij heeft Mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van harte, om den gevangenen vrijheid uit te roepen, en den gebondenen opening der gevangenis; Jesaja 66:2 : Want Mijn hand heeft al deze dingen gemaakt, en al deze dingen zijn geweest, spreekt de HEERE; maar op dezen zal Ik zien, op den arme en verslagene van geest, en die voor Mijn woord beeft. Lukas 4:18 : De Geest des Heeren is op Mij, daarom heeft Hij Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om den armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart; Lukas 7:38 : En staande achter Zijn voeten, wenende, begon zij Zijn voeten nat te maken met tranen, en zij droogde ze af met het haar van haar hoofd, en kuste Zijn voeten, en zalfde ze met de zalf. Handelingen 2:37 : En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders?",
          "text1637": "Die, allen hoochmoet afleggende, haer voor den Heere vernederen met hertelicke bekommernissen over hare sonden ende begeerte van genade. Vergel. Psal. 51. op vers 19. ende 147.3. Iesa. 42.3. ende 57.15. ende 61.1. ende 66.2. Luc. 4.18. ende 7.38. Actor. 2.37.",
          "text2026": "Die, allen hoogmoed afleggende, zich voor de Heer vernederen met hartelijke bekommernissen over hun zonden en begeerte van genade. Verg. Ps. 51:19 , en Ps. 147:3 ; Jes. 42:3 , en Jes. 57:15 , en Jes. 61:1 , en Jes. 66:2 ; Luk. 4:18 , en Luk. 7:38 ; Hand. 2:37 . Psalmen 51:19 : De offeranden Gods zijn een gebroken geest; een gebroken en verslagen hart zult U, o God! niet verachten. Psalmen 147:3 : Hij geneest de gebrokenen van hart, en Hij verbindt hen in hun smarten. Jesaja 42:3 : Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen; met waarheid zal Hij het recht voortbrengen. Jesaja 57:15 : Want zo zegt de Hoge en Verhevene, Die in de eeuwigheid woont, en Wiens Naam heilig is: Ik woon in de hoogte en in het heilige, en bij die, die van een verbrijzelden en nederigen geest is, opdat Ik levend make de geest van de nederigen, en opdat Ik levend make het hart van de verbrijzelden. Jesaja 61:1 : De Geest van de Heer JAHWEH is op Mij, omdat JAHWEH Mij gezalfd heeft, om een blij boodschap te brengen de zachtmoedigen; Hij heeft Mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van hart, om de gevangenen vrijheid uit te roepen, en de gebondenen opening van de gevangenis; Jesaja 66:2 : Want Mijn hand heeft al deze dingen gemaakt, en al deze dingen zijn geweest, spreekt JAHWEH; maar op deze zal Ik zien, op de arme en verslagene van geest, en die voor Mijn woord beeft. Lukas 4:18 : De Geest van de Heer is op Mij, daarom heeft Hij Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om de armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart; Lukas 7:38 : En staande achter Zijn voeten, wenende, begon zij Zijn voeten nat te maken met tranen, en zij droogde ze af met het haar van haar hoofd, en kuste Zijn voeten, en zalfde ze met de zalf. Handelingen 2:37 : En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broers?"
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gekneusden, verbrijzelden.",
          "text1637": "Ofte, gekneusde, verbrijselde.",
          "text2026": "Of, gekneusden, verbrijzelden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "קָר֣וֹב",
          "strongs": "H7138",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/נִשְׁבְּרֵי",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HR/VNrmpc"
        },
        {
          "woord": "לֵ֑ב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "דַּכְּאֵי",
          "strongs": "H1793",
          "morph": "HAampc"
        },
        {
          "woord": "ר֥וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "יוֹשִֽׁיעַ",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhi3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Koph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> JAHWEH is nabij de gebrokenen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> van hart, en Hij behoudt de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verslagenen van geest.",
      "textSV1888_html": "Koph.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> De HEERE is nabij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gebrokenen van harte, en Hij behoudt de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verslagenen van geest.",
      "text1637_html": "<i>Koph</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"f\">f</sup> De HEERE is nae by de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> gebrokene van herten; ende hy behoudt de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verslagene van geeste.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "harte,",
          "new": "hart,",
          "principe": "V1596"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Resch. Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem de HEERE.",
      "text1637": "Resch. [g] [28] Vele zijn de tegenspoeden des rechtveerdigen? maer uyt alle die reddet hem de HEERE.",
      "text2026": "Resch. Vele zijn de tegenslagen van de rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem JAHWEH.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "g",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Tim. 3:12 . 2 Timotheüs 3:12 : En ook allen, die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden.",
          "text1637": "2.Tim. 3.12.",
          "text2026": "2 Tim. 3:12 . 2 Timotheüs 3:12 : En ook allen, die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden."
        },
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen: Of, de rechtvaardige heeft vele tegenspoeden. Hebr. kwaden; dat is, veel ellende, kruis en verdriet overkomt hem, bejegent hem.",
          "text1637": "Ofte, de rechtveerdige heeft vele tegenspoeden: Hebr. quaden, dat is, vele elende, kruys ende verdriet komt hem over, bejegent hem.",
          "text2026": "Vele zijn de tegenspoeden van de rechtvaardigen: Of, de rechtvaardige heeft vele tegenspoeden. Hebr. kwade; dat is, veel ellende, kruis en verdriet overkomt hem, bejegent hem."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רַ֭בּוֹת",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAafpa"
        },
        {
          "woord": "רָע֣וֹת",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "צַדִּ֑יק",
          "strongs": "H6662",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/מִ/כֻּלָּ֗/ם",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/R/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יַצִּילֶ֥/נּוּ",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhi3ms/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָֽה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Resch.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> Vele zijn de tegenslagen van de rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem JAHWEH.",
      "textSV1888_html": "Resch.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem de HEERE.",
      "text1637_html": "<i>Resch</i>. <sup class=\"note-marker\" data-note=\"g\">g</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Vele zijn de tegenspoeden des rechtveerdigen? maer uyt alle die reddet hem de HEERE.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "tegenspoeden des",
          "new": "tegenslagen van de",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "de HEERE.",
          "new": "JAHWEH.",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Schin. Hij bewaart al zijn beenderen; niet een van die wordt gebroken.",
      "text1637": "Schin. Hy bewaert alle sijne beenderen? [h] niet een van dien en wort gebroken.",
      "text2026": "Schin. Hij bewaart al zijn beenderen; niet één van die wordt gebroken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "h",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Joh. 19:36 . Johannes 19:36 : Want deze dingen zijn geschied, opdat de Schrift vervuld worde: Geen been van Hem zal verbroken worden.",
          "text1637": "Iohan. 19.36.",
          "text2026": "Joh. 19:36 . Johannes 19:36 : Want deze dingen zijn geschied, opdat de Schrift vervuld worde: Geen been van Hem zal verbroken worden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שֹׁמֵ֥ר",
          "strongs": "H8104",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עַצְמוֹתָ֑י/ו",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HNcfpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אַחַ֥ת",
          "strongs": "H259",
          "morph": "HAcfsa"
        },
        {
          "woord": "מֵ֝/הֵ֗נָּה",
          "strongs": "H2007",
          "morph": "HR/Pp3fp"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "נִשְׁבָּֽרָה",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HVNp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Schin. Hij bewaart al zijn beenderen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> niet één van die wordt gebroken.",
      "textSV1888_html": "Schin. Hij bewaart al zijn beenderen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> niet een van die wordt gebroken.",
      "text1637_html": "<i>Schin</i>. Hy bewaert alle sijne beenderen? <sup class=\"note-marker\" data-note=\"h\">h</sup> niet een van dien en wort gebroken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "een",
          "new": "één",
          "principe": "V735"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Thau. De boosheid zal den goddeloze doden; en die den rechtvaardige haten, zullen schuldig verklaard worden.",
      "text1637": "Thau. De boosheyt sal den godtloosen dooden; ende die den rechtveerdigen haten, sullen [29] schuldich verklaert worden.",
      "text2026": "Thau. De boosheid zal de goddeloze doden; en die de rechtvaardige haten, zullen schuldig verklaard worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "schuldig verklaard worden: Het Hebr. woord betekent somtijds schuldig gehouden, of verklaard worden, somtijds verwoest worden; beide die betekenissen worden hier van sommigen, als elkander na verwant zijnde, tesamen gevoegd aldus: Zullen als schuldigen verwoest worden.",
          "text1637": "Het Hebr. woort beteeckent somtijts schuldich gehouden, ofte, verklaert worden, somtijts verwoest worden: beyde die beteeckeningen worden hier van sommige, als malkanderen nae-verwant zijnde, t’samen gevoecht aldus: sullen als schuldige verwoest worden.",
          "text2026": "schuldig verklaard worden: Het Hebr. woord betekent somtijds schuldig gehouden, of verklaard worden, somtijds verwoest worden; beide die betekenissen worden hier van sommigen, als elkaar na verwant zijnde, tesamen gevoegd aldus: Zullen als schuldigen verwoest worden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּמוֹתֵ֣ת",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HVoi3fs"
        },
        {
          "woord": "רָשָׁ֣ע",
          "strongs": "H7563",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "רָעָ֑ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/שֹׂנְאֵ֖י",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HC/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "צַדִּ֣יק",
          "strongs": "H6662",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יֶאְשָֽׁמוּ",
          "strongs": "H816",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Thau. De boosheid zal de goddeloze doden; en die de rechtvaardige haten, zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> schuldig verklaard worden.",
      "textSV1888_html": "Thau. De boosheid zal den goddeloze doden; en die den rechtvaardige haten, zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> schuldig verklaard worden.",
      "text1637_html": "<i>Thau</i>. De boosheyt sal den godtloosen dooden; ende die den rechtveerdigen haten, sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> schuldich verklaert worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "De HEERE verlost de ziel Zijner knechten; en allen, die op Hem betrouwen, zullen niet schuldig verklaard worden.",
      "text1637": "De HEERE verlost de ziele sijner knechten; ende alle die op hem betrouwen, en sullen niet schuldich verklaert worden.",
      "text2026": "JAHWEH verlost de ziel van Zijn knechten; en allen, die op Hem betrouwen, zullen niet schuldig verklaard worden.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פּוֹדֶ֣ה",
          "strongs": "H6299",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "נֶ֣פֶשׁ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "עֲבָדָ֑י/ו",
          "strongs": "H5650",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יֶ֝אְשְׁמ֗וּ",
          "strongs": "H816",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "כָּֽל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/חֹסִ֥ים",
          "strongs": "H2620",
          "morph": "HTd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "בּֽ/וֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH verlost de ziel van Zijn knechten; en allen, die op Hem betrouwen, zullen niet schuldig verklaard worden.",
      "text1637_html": "De HEERE verlost de ziele sijner knechten; ende alle die op hem betrouwen, en sullen niet schuldich verklaert worden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "Zijner",
          "new": "van Zijn",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David uyt een groot perijckel wonderbaerlick verlost zijnde, vermaent alle geloovige, datse Godts goedicheyt, over hem ende alle de sijne, t’samen met hem willen betrachten ende roemen, in alle nooden hem aenroepen, ende betrouwen: Leerende wijders, dat het rechte middel van gelucksalicheyt zy, den Heere te vreesen, die alles bestierende, de godtloose verdelgt, ende de sijne behoudt.",
    "text2026": "David, uit een groot gevaar wonderbaar verlost zijnde, vermaant alle gelovigen dat zij Gods goedheid over hem en al de zijnen samen met hem willen overdenken en roemen, Hem in alle nood aanroepen en vertrouwen; en hij leert verder dat het echte middel tot gelukzaligheid is de HEERE te vrezen, Die alles bestuurt, de goddeloze verdelgt en de Zijnen behoudt."
  }
}
