{
  "number": 44,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een onderwijzing, voor den opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.",
      "text1637": "EEn [1] onderwijsinge: voor den Opper-sang-meester, onder de kinderen van Korah.",
      "text2026": "Een onderwijzing, voor de opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie van deze titel Ps. 42:1 . Psalmen 42:1 : Een onderwijzing, voor den opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.",
          "text1637": "Siet van desen tijtel, Psal. 42. op vers 1.",
          "text2026": "Zie van deze titel Ps. 42:1 . Psalmen 42:1 : Een onderwijzing, voor de opperzangmeester, onder de kinderen van Korach."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֬חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/בְנֵי",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "קֹ֬רַח",
          "strongs": "H7141",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מַשְׂכִּֽיל",
          "strongs": "H4905",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijzing, voor de opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.",
      "textSV1888_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijzing, voor den opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.",
      "text1637_html": "EEn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> onderwijsinge: voor den Opper-sang-meester, onder de kinderen van Korah.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O God! wij hebben het met onze oren gehoord, onze vaders hebben het ons verteld: Gij hebt een werk gewrocht in hun dagen, in de dagen van ouds.",
      "text1637": "O Godt, wy hebben’t met onse ooren gehoort, onse [2] vaders hebben’t ons vertelt: ghy hebt een werck gewrocht in hare dagen, in de [3] dagen van outs.",
      "text2026": "O God! wij hebben het met onze oren gehoord, onze vaders hebben het ons verteld: U hebt een werk gewerkt in hun dagen, in de dagen van ouds.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, voorvaders, de een voor, de ander na.",
          "text1637": "D. voor-vaders, voor-ouders, d’een voor d’ander na.",
          "text2026": "Dat is, voorvaders, de één voor, de ander na."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "dagen van ouds: Hebr., בִֽ, dagen der oudheid.",
          "text1637": "Hebr. dagen der Outheyt.",
          "text2026": "dagen van ouds: Hebr., בִֽ, dagen van de oudheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֤ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אָזְנֵ֬י/נוּ",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HR/Ncfdc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "שָׁמַ֗עְנוּ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqp1cp"
        },
        {
          "woord": "אֲבוֹתֵ֥י/נוּ",
          "strongs": "H1",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "סִפְּרוּ",
          "strongs": "H5608",
          "morph": "HVpp3cp"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "פֹּ֥עַל",
          "strongs": "H6467",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "פָּעַ֥לְתָּ",
          "strongs": "H6466",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בִֽ֝/ימֵי/הֶ֗ם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "בִּ֣/ימֵי",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "קֶֽדֶם",
          "strongs": "H6924",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "O God! wij hebben het met onze oren gehoord, onze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> vaders hebben het ons verteld: U hebt een werk gewerkt in hun dagen, in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> dagen van ouds.",
      "textSV1888_html": "O God! wij hebben het met onze oren gehoord, onze<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> vaders hebben het ons verteld: Gij hebt een werk gewrocht in hun dagen, in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> dagen van ouds.",
      "text1637_html": "O Godt, wy hebben’t met onse ooren gehoort, onse <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> vaders hebben’t ons vertelt: ghy hebt een werck gewrocht in hare dagen, in de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> dagen van outs.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gewrocht",
          "new": "gewerkt",
          "principe": "V88"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Gij hebt de heidenen met Uw hand uit de bezitting verdreven, maar henlieden geplant; Gij hebt de volken geplaagd, henlieden daarentegen doen voortschieten.",
      "text1637": "Ghy hebt de Heydenen met uwe hant uyt de besittinge verdreven, maer [4] haerlieden [a] geplantt; ghy hebt de volcken [5] geplaecht, haerlieden daer en tegen doen [6] voortschieten.",
      "text2026": "U hebt de heidenen met Uw hand uit de bezitting verdreven, maar hen geplant; U hebt de volken geplaagd, hen daarentegen doen voortschieten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, onze voorvaders.",
          "text1637": "T.w. onse voorvaders.",
          "text2026": "Te weten, onze voorvaders."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 15:17 ; Ps. 80:9 . Exodus 15:17 : Die zult Gij inbrengen, en planten hen op den berg Uwer erfenis, ter plaatse, welke Gij, o HEERE! gemaakt hebt tot Uw woning, het heiligdom, hetwelk Uw handen gesticht hebben, o HEERE! Psalmen 80:9 : Gij hebt een wijnstok uit Egypte overgebracht, hebt de heidenen verdreven, en hebt denzelven geplant;",
          "text1637": "Exod. 15.17. Psal. 80.9",
          "text2026": "Ex. 15:17 ; Ps. 80:9 . Exodus 15:17 : Die zult U inbrengen, en planten hen op de berg Uw erfenis, ter plaatse, welke U, o JAHWEH! gemaakt hebt tot Uw woning, het heiligdom, dat Uw handen gesticht hebben, o JAHWEH! Psalmen 80:9 : U hebt een wijnstok uit Egypte overgebracht, hebt de heidenen verdreven, en hebt dezelfde geplant;"
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., תָּרַע, kwaad gedaan; dat is, in het verderf gebracht, allerlei plagen aangedaan.",
          "text1637": "Hebr. quaet gedaen, dat is, in’t verderf gebracht, allerleye plagen aengedaen.",
          "text2026": "Hebr., תָּרַע, kwaad gedaan; dat is, in het verderf gebracht, allerlei plagen aangedaan."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Als een wijnstok wijd en zijd uit gebreid. Zie Ps. 80 . 9,10, enz.",
          "text1637": "Als eenen wijnstock wijt ende zijt uyt-gespreyt. Siet Psal. 80.9, 10, etc.",
          "text2026": "Als een wijnstok wijd en zijd uit gebreid. Zie Ps. 80 . 9,10, enz."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַתָּ֤ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "יָדְ/ךָ֡",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "גּוֹיִ֣ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "ה֭וֹרַשְׁתָּ",
          "strongs": "H3423",
          "morph": "HVhp2ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/תִּטָּעֵ֑/ם",
          "strongs": "H5193",
          "morph": "HC/Vqw2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "תָּרַ֥ע",
          "strongs": "H7489",
          "morph": "HVhi2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ֝אֻמִּ֗ים",
          "strongs": "H3816",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/תְּשַׁלְּחֵֽ/ם",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HC/Vpw2ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U hebt de heidenen met Uw hand uit de bezitting verdreven, maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> hen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> geplant; U hebt de volken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> geplaagd, hen daarentegen doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> voortschieten.",
      "textSV1888_html": "Gij hebt de heidenen met Uw hand uit de bezitting verdreven, maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> henlieden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> geplant; Gij hebt de volken<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> geplaagd, henlieden daarentegen doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> voortschieten.",
      "text1637_html": "Ghy hebt de Heydenen met uwe hant uyt de besittinge verdreven, maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> haerlieden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> geplantt; ghy hebt de volcken <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> geplaecht, haerlieden daer en tegen doen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> voortschieten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "henlieden",
          "new": "hen",
          "principe": "V395"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "henlieden",
          "new": "hen",
          "principe": "V395"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Want zij hebben het land niet geërfd door hun zwaard, en hun arm heeft hun geen heil gegeven; maar Uw rechterhand, en Uw arm, en het licht Uws aangezichts, omdat Gij een welbehagen in hen hadt.",
      "text1637": "Want sy hebben het lant niet ge-erft door haer sweert, ende haren arm heeft hen geen [7] heyl gegeven: maer uwe rechterhant, ende uwen arm, ende het [8] licht uwes aengesichts; om dat ghy een welbehagen in hen haddet.",
      "text2026": "Want zij hebben het land niet geërfd door hun zwaard, en hun arm heeft hun geen heil gegeven; maar Uw rechterhand, en Uw arm, en het licht van Uw aangezicht, omdat U een welbehagen in hen had.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, overwinning. Zie 2 Sam. 8:6 . 2 Samuël 8:6 : En David leide bezettingen in Syrië van Damaskus, en de Syriërs werden David tot knechten, brengende geschenken; en de HEERE behoedde David overal, waar hij heentoog.",
          "text1637": "Ofte, overwinninge. Siet 2.Sam. 8. op vers 6.",
          "text2026": "Of, overwinning. Zie 2 Sam. 8:6 . 2 Samuël 8:6 : En David legde bezettingen in Syrië van Damascus, en de Syriërs werden David tot knechten, brengende geschenken; en JAHWEH behoedde David overal, waar hij heentoog."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, uw genadige tegenwoordigheid, gunst en bijstand. Verg. Ps. 43:3 , en Num. 6:25 , 6:26 . Psalmen 43:3 : Zend Uw licht en Uw waarheid, dat die mij leiden; dat zij mij brengen tot den berg Uwer heiligheid, en tot Uw woningen; Numeri 6:25 : De HEERE doe Zijn aangezicht over u lichten, en zij u genadig! Numeri 6:26 : De HEERE verheffe Zijn aangezicht over u, en geve u vrede!",
          "text1637": "D. uwe genadige tegenwoordicheyt, gunste, ende bystant. Vergel. Psal. 43. op vers 3. ende Num. 6. op versen 25, 26.",
          "text2026": "Dat is, uw genadige aanwezigheid, gunst en bijstand. Verg. Ps. 43:3 , en Num. 6:25 , 6:26 . Psalmen 43:3 : Zend Uw licht en Uw waarheid, dat die mij leiden; dat zij mij brengen tot de berg Uw heiligheid, en tot Uw woningen; Numeri 6:25 : JAHWEH doe Zijn aangezicht over u lichten, en zij u genadig! Numeri 6:26 : JAHWEH verheffe Zijn aangezicht over u, en geve u vrede!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֪א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "בְ/חַרְבָּ֡/ם",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יָ֥רְשׁוּ",
          "strongs": "H3423",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "אָ֗רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/זְרוֹעָ/ם֮",
          "strongs": "H2220",
          "morph": "HC/Ncbsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "הוֹשִׁ֪יעָ֫ה",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhp3fs"
        },
        {
          "woord": "לָּ֥/מוֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יְמִֽינְ/ךָ֣",
          "strongs": "H3225",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֭/זְרוֹעֲ/ךָ",
          "strongs": "H2220",
          "morph": "HC/Ncbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/א֥וֹר",
          "strongs": "H216",
          "morph": "HC/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "פָּנֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רְצִיתָֽ/ם",
          "strongs": "H7521",
          "morph": "HVqp2ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want zij hebben het land niet geërfd door hun zwaard, en hun arm heeft hun geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> heil gegeven; maar Uw rechterhand, en Uw arm, en het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> licht van Uw aangezicht, omdat U een welbehagen in hen had.",
      "textSV1888_html": "Want zij hebben het land niet geërfd door hun zwaard, en hun arm heeft hun geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> heil gegeven; maar Uw rechterhand, en Uw arm, en het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> licht Uws aangezichts, omdat Gij een welbehagen in hen hadt.",
      "text1637_html": "Want sy hebben het lant niet ge-erft door haer sweert, ende haren arm heeft hen geen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> heyl gegeven: maer uwe rechterhant, ende uwen arm, ende het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> licht uwes aengesichts; om dat ghy een welbehagen in hen haddet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Uws aangezichts,",
          "new": "van Uw aangezicht,",
          "principe": "V200"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "hadt.",
          "new": "had.",
          "principe": "V206"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Gij Zelf zijt mijn Koning, o God! gebied de verlossingen Jakobs.",
      "text1637": "Ghy selfs zijt [9] mijn Coninck, ô Godt; [10] gebiedt de verlossingen [11] Iacobs.",
      "text2026": "U Zelf bent mijn Koning, o God! gebied de verlossingen van Jakob.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn Koning: Aldus spreekt de profeet hier, en in het volgende, in den naam van de kerk.",
          "text1637": "Aldus spreeckt de Propheet hier, ende in’t volgende, in den naem van de kercke.",
          "text2026": "mijn Koning: Aldus spreekt de profeet hier, en in het volgende, in de naam van de kerk."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk Ps. 42:9 . Zie Lev. 25:21 . Psalmen 42:9 : Maar de HEERE zal des daags Zijn goedertierenheid gebieden, en des nachts zal Zijn lied bij mij zijn; het gebed tot den God mijns levens. Leviticus 25:21 : Zo zal Ik Mijn zegen gebieden over u in het zesde jaar, dat het de inkomst voor drie jaren zal voortbrengen.",
          "text1637": "Als Psal. 42.9. Siet Levit. 25. op vers 21.",
          "text2026": "Gelijk Ps. 42:9 . Zie Lev. 25:21 . Psalmen 42:9 : Maar JAHWEH zal van de dag Zijn goedertierenheid gebieden, en van de nacht zal Zijn lied bij mij zijn; het gebed tot de God mijns levens. Leviticus 25:21 : Zo zal Ik Mijn zegen gebieden over u in het zesde jaar, dat het de inkomst voor drie jaren zal voortbrengen."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, Jakobs nakomelingen, uw volk Israël.",
          "text1637": "D. Iacobs nakomelingen, u volck Israel.",
          "text2026": "Dat is, Jakobs nakomelingen, uw volk Israël."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַתָּה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "ה֣וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "מַלְכִּ֣/י",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֑ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "צַ֝וֵּ֗ה",
          "strongs": "H6680",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "יְשׁוּע֥וֹת",
          "strongs": "H3444",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יַעֲקֹֽב",
          "strongs": "H3290",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U Zelf bent<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> mijn Koning, o God!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> gebied de verlossingen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> van Jakob.",
      "textSV1888_html": "Gij Zelf zijt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> mijn Koning, o God!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> gebied de verlossingen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Jakobs.",
      "text1637_html": "Ghy selfs zijt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> mijn Coninck, ô Godt; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> gebiedt de verlossingen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Iacobs.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "bent",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Jakobs.",
          "new": "van Jakob.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Door U zullen wij onze wederpartijders met hoornen stoten; in Uw Naam zullen wij vertreden, die tegen ons opstaan.",
      "text1637": "Door u sullen wy onse wederpartijders met [12] hoornen stooten: in uwen Name sullen wy vertreden die tegen ons opstaen.",
      "text2026": "Door U zullen wij onze tegenstanders met hoornen stoten; in Uw Naam zullen wij vertreden, die tegen ons opstaan.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Een gelijkenis, genomen van de gehoornde beesten. Zie Deut. 33:17 . Deuteronomium 33:17 : Hij heeft de heerlijkheid des eerstgeborenen zijns osses, en zijn hoornen zijn hoornen des eenhoorns; met dezelve zal hij de volken te zamen stoten tot aan de einden des lands. Dezen nu zijn de tien duizenden van Efraïm, en dezen zijn de duizenden van Manasse!",
          "text1637": "Eene gelijckenisse genomen van de gehoornde beesten. Siet Deut. 33. op vers 17.",
          "text2026": "Een gelijkenis, genomen van de gehoornde beesten. Zie Deut. 33:17 . Deuteronomium 33:17 : Hij heeft de heerlijkheid van de eerstgeborenen zijns osses, en zijn hoornen zijn hoornen van de eenhoorns; met dezelfde zal hij de volken te zamen stoten tot aan de einden van het land. Deze nu zijn de tien duizenden van Efraïm, en deze zijn de duizenden van Manasse!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ֭/ךָ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "צָרֵ֣י/נוּ",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "נְנַגֵּ֑חַ",
          "strongs": "H5055",
          "morph": "HVpi1cp"
        },
        {
          "woord": "בְּ֝/שִׁמְ/ךָ֗",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נָב֥וּס",
          "strongs": "H947",
          "morph": "HVqi1cp"
        },
        {
          "woord": "קָמֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqrmpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Door U zullen wij onze tegenstanders met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> hoornen stoten; in Uw Naam zullen wij vertreden, die tegen ons opstaan.",
      "textSV1888_html": "Door U zullen wij onze wederpartijders met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> hoornen stoten; in Uw Naam zullen wij vertreden, die tegen ons opstaan.",
      "text1637_html": "Door u sullen wy onse wederpartijders met <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> hoornen stooten: in uwen Name sullen wy vertreden die tegen ons opstaen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "wederpartijders",
          "new": "tegenstanders",
          "principe": "V93"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Want ik vertrouw niet op mijn boog, en mijn zwaard zal mij niet verlossen.",
      "text1637": "Want ick vertrouwe niet op mijnen boge; ende mijn sweert en sal my niet verlossen.",
      "text2026": "Want ik vertrouw niet op mijn boog, en mijn zwaard zal mij niet verlossen.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "בְ/קַשְׁתִּ֣/י",
          "strongs": "H7198",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶבְטָ֑ח",
          "strongs": "H982",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/חַרְבִּ֗/י",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תוֹשִׁיעֵֽ/נִי",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhi3fs/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want ik vertrouw niet op mijn boog, en mijn zwaard zal mij niet verlossen.",
      "text1637_html": "Want ick vertrouwe niet op mijnen boge; ende mijn sweert en sal my niet verlossen."
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Maar Gij verlost ons van onze wederpartijders, en Gij maakt onze haters beschaamd.",
      "text1637": "Maer ghy verlost ons van onse wederpartijders; ende ghy maeckt onse haters beschaemt.",
      "text2026": "Maar U verlost ons van onze tegenstanders, en U maakt onze vijanden beschaamd.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "ה֭וֹשַׁעְתָּ/נוּ",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhp2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "מִ/צָּרֵ֑י/נוּ",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְשַׂנְאֵ֥י/נוּ",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HC/Vprmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "הֱבִישֽׁוֹתָ",
          "strongs": "H954",
          "morph": "HVhp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar U verlost ons van onze tegenstanders, en U maakt onze vijanden beschaamd.",
      "text1637_html": "Maer ghy verlost ons van onse wederpartijders; ende ghy maeckt onse haters beschaemt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "wederpartijders,",
          "new": "tegenstanders,",
          "principe": "V93"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "haters",
          "new": "vijanden",
          "principe": "V945"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "In God roemen wij den gansen dag, en Uw Naam zullen wij loven in eeuwigheid. Sela.",
      "text1637": "In Godt roemen wy den gantschen dach: ende uwen Naem sullen wy loven in eeuwicheyt, [13] Sela!",
      "text2026": "In God roemen wij de hele dag, en Uw Naam zullen wij loven in eeuwigheid. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בֵּֽ֭/אלֹהִים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "הִלַּלְ֣נוּ",
          "strongs": "H1984",
          "morph": "HVpp1cp"
        },
        {
          "woord": "כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּ֑וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/שִׁמְ/ךָ֓",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֖ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נוֹדֶ֣ה",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhh1cp"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "In God roemen wij de hele dag, en Uw Naam zullen wij loven in eeuwigheid.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela.",
      "textSV1888_html": "In God roemen wij den gansen dag, en Uw Naam zullen wij loven in eeuwigheid.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela.",
      "text1637_html": "In Godt roemen wy den gantschen dach: ende uwen Naem sullen wy loven in eeuwicheyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Maar nu hebt Gij ons verstoten en te schande gemaakt, dewijl Gij met onze krijgsheiren niet uittrekt.",
      "text1637": "Maer [nu] hebt ghy ons [b] verstooten, ende te schande gemaeckt; dewijle ghy met onse krijchs-heyren niet uyt en treckt.",
      "text2026": "Maar nu hebt U ons verstoten en te schande gemaakt, omdat U met onze legers niet uittrekt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 60:3 ; Ps. 74:1 ; Ps. 89:39 ; Ps. 108:12 . Psalmen 60:3 : O God! Gij hadt ons verstoten, Gij hadt ons gescheurd, Gij zijt toornig geweest; keer weder tot ons. Psalmen 74:1 : Een onderwijzing, voor Asaf. O God! waarom verstoot Gij in eeuwigheid? Waarom zou Uw toorn roken tegen de schapen Uwer weide? Psalmen 89:39 : Maar Gij hebt hem verstoten en verworpen; Gij zijt verbolgen geworden tegen Uw gezalfde. Psalmen 108:12 : Zult Gij het niet zijn, o God! Die ons verstoten hadt, en Die niet uittoogt, o God! met onze heirkrachten?",
          "text1637": "Psal. 60.3. ende 74.1. ende 89.39. ende 108.12.",
          "text2026": "Ps. 60:3 ; Ps. 74:1 ; Ps. 89:39 ; Ps. 108:12 . Psalmen 60:3 : O God! U hadt ons verstoten, U hadt ons gescheurd, U bent toornig geweest; keer weer tot ons. Psalmen 74:1 : Een onderwijzing, voor Asaf. O God! waarom verstoot U in eeuwigheid? Waarom zou Uw toorn roken tegen de schapen Uw weide? Psalmen 89:39 : Maar U hebt hem verstoten en verworpen; U bent toornig geworden tegen Uw gezalfde. Psalmen 108:12 : Zult U het niet zijn, o God! Die ons verstoten hadt, en Die niet uittrokt, o God! met onze heirkrachten?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַף",
          "strongs": "H637",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "זָ֭נַחְתָּ",
          "strongs": "H2186",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/תַּכְלִימֵ֑/נוּ",
          "strongs": "H3637",
          "morph": "HC/Vhw2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תֵ֝צֵ֗א",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/צִבְאוֹתֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar nu hebt U ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> verstoten en te schande gemaakt, omdat U met onze legers niet uittrekt.",
      "textSV1888_html": "Maar nu hebt Gij ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> verstoten en te schande gemaakt, dewijl Gij met onze krijgsheiren niet uittrekt.",
      "text1637_html": "Maer [nu] hebt ghy ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> verstooten, ende te schande gemaeckt; dewijle ghy met onse krijchs-heyren niet uyt en treckt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "dewijl Gij",
          "new": "omdat U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "krijgsheiren",
          "new": "legers",
          "principe": "V728"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Gij doet ons achterwaarts keren van den wederpartijder; en onze haters beroven ons voor zich.",
      "text1637": "Ghy doet ons [14] achterwaerts keeren vanden wederpartijder: ende onse haters berooven [ons] [15] voor sich.",
      "text2026": "U doet ons achteruit keren van de tegenstander; en onze vijanden beroven ons voor zich.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "achterwaarts keren: Dat is, doet ons vluchten voor onze vijanden. Of, hebt ons achterwaarts doen keren, en zo in het volgende.",
          "text1637": "Dat is, doet ons vluchten voor onse vyanden. Ofte, hebt ons achterwaerts doen keeren, ende soo in’t volgende.",
          "text2026": "achterwaarts keren: Dat is, doet ons vluchten voor onze vijanden. Of, hebt ons achterwaarts doen keren, en zo in het volgende."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "voor zich: Zij roven ons goed en have tot hun voordeel, makende zich rijk van het onze, dat zij geroofd hebben.",
          "text1637": "Sy rooven onse goet ende have tot haren profijt, makende haer rijck van het onse, dat sy gerooft hebben.",
          "text2026": "voor zich: Zij roven ons goed en bezittingen tot hun voordeel, makende zich rijk van het onze, dat zij geroofd hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּשִׁיבֵ֣/נוּ",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVhi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "אָ֭חוֹר",
          "strongs": "H268",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִנִּי",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "צָ֑ר",
          "strongs": "H6862",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/מְשַׂנְאֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HC/Vprmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֣סוּ",
          "strongs": "H8154",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "לָֽ/מוֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U doet ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> achteruit keren van de tegenstander; en onze vijanden beroven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> ons voor zich.",
      "textSV1888_html": "Gij doet ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> achterwaarts keren van den wederpartijder; en onze haters beroven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> ons voor zich.",
      "text1637_html": "Ghy doet ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> achterwaerts keeren vanden wederpartijder: ende onse haters berooven [ons] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> voor sich.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "achterwaarts",
          "new": "achteruit",
          "principe": "V157"
        },
        {
          "old": "den wederpartijder;",
          "new": "de tegenstander;",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "haters",
          "new": "vijanden",
          "principe": "V945"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Gij geeft ons over als schapen ter spijze, en Gij verstrooit ons onder de heidenen.",
      "text1637": "Ghy geeft ons over als [16] schapen ter spijse: ende ghy verstroyt ons onder de heydenen.",
      "text2026": "U geeft ons over als schapen ter voedsel, en U verstrooit ons onder de heidenen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "schapen ter spijze: Hebr. schapen der spijze; dat is, die men slacht en opeet. Verg. vers 23 . Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
          "text1637": "Hebr. schapen der spijse. dat is, diemen slacht ende op-eet. Vergel. vers 23.",
          "text2026": "schapen ter voedsel: Hebr. schapen van de voedsel; dat is, die men slacht en opeet. Verg. vers 23 . Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij de gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּ֭תְּנֵ/נוּ",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/צֹ֣אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "מַאֲכָ֑ל",
          "strongs": "H3978",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/בַ/גּוֹיִ֗ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HC/Rd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "זֵרִיתָֽ/נוּ",
          "strongs": "H2219",
          "morph": "HVpp2ms/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U geeft ons over als<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> schapen ter voedsel, en U verstrooit ons onder de heidenen.",
      "textSV1888_html": "Gij geeft ons over als<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> schapen ter spijze, en Gij verstrooit ons onder de heidenen.",
      "text1637_html": "Ghy geeft ons over als <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> schapen ter spijse: ende ghy verstroyt ons onder de heydenen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "spijze,",
          "new": "voedsel,",
          "principe": "V49"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Gij verkoopt Uw volk om geen waardij; en Gij verhoogt hun prijs niet.",
      "text1637": "Ghy verkoopt u volck [17] om geene weerdye; ende ghy en [18] verhoogt haren prijs niet.",
      "text2026": "U verkoopt Uw volk voor geen prijs; en U verhoogt hun prijs niet.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "om geen waardij: Hebr. om geen goed, of rijkdom; of voor hetgeen geen rijkdom is, geen goed verstrekt; dat is, als om niet; zij worden wel als een verkochte waar aan den vijand overgeleverd, maar zonder prijs.",
          "text1637": "Hebr. om geen goet, ofte, rijckdom: ofte, voor’t gene, dat geen rijckdom is, geen goet verstreckt. dat is, als om niet: sy worden wel als eene verkochte ware aen den vyant overgelevert, maer sonder prijs.",
          "text2026": "om geen waardij: Hebr. om geen goed, of rijkdom; of voor wat geen rijkdom is, geen goed verstrekt; dat is, als om niet; zij worden wel als een verkochte waar aan de vijand overgeleverd, maar zonder prijs."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. vermeerderd, vergroot, niet in hunne prijzen, of schattingen. De manier van spreken schijnt genomen te zijn van de gewoonte, die men houdt in verkopen, daar men gemeenlijk den geboden prijs verhoogt als de waar van enige waarde is. Maar de profeet wil zeggen dat Gods volk alzo verkocht wordt, alsof het de moeite niet waard ware meer te eisen of te doen bieden dan de koper ten eerste voorstelde; dat is te zeggen dat zij van zeer klein waarde geacht zijn, ja snoder dan gemene slaven, die men zo op het eerste bod nog niet verkoopt, welker prijs nog wel verhoogd wordt. Verg. Deut. 28:68 . Anders, Gij doet geen voordeel, of, Gij vermeerderd, [dat is, Gij verrijkt,] U niet van hun prijs, Gij bekomt geen voordeel, of gewin van hun prijs, omdat de vijand hen als voor niet wegneemt, dat het eigenlijk geen koop kan heten. Deuteronomium 28:68 : En de HEERE zal u naar Egypte doen wederkeren in schepen, door een weg, waarvan ik u gezegd heb: Gij zult dien niet meer zien; en aldaar zult gij u aan uw vijanden willen verkopen tot dienstknechten en tot dienstmaagden; maar er zal geen koper zijn.",
          "text1637": "Hebr. vermeerdert, vergroot, niet in hare prijsen, ofte, prijseringen. de maniere van spreken schijnt genomen te zijn van de gewoonte, diemen hout in verkoopen, daermen gemeynlick den gebodenen prijs verhoogt, als de ware van eenige weerdije is. Maer de Propheet wil seggen, dat Godts volck alsoo verkocht wort, als of het de pijne niet weert was meer te eyschen, of te doen bieden, als de kooper ten eersten presenteerde, dat is te seggen, datse van seer kleyner weerde geacht zijn, ja snooder als gemeyne slaven, diemen soo op den eersten bodt noch niet en verkoopt, welcker prijs noch wel verhoogt wort. Vergel. Deut. 28.68. And. ghy doet geen voordeel, ofte, ghy vermeerdert, (dat is, ghy verrijckt,) u niet van haren prijs, ghy bekomt geen voordeel, ofte, gewin van haren prijs, om datse de vyant als voor niet wechneemt, dat het eygentlick geenen koop en kan verstrecken.",
          "text2026": "Hebr. vermeerderd, vergroot, niet in hun prijzen, of schattingen. De manier van spreken schijnt genomen te zijn van de gewoonte, die men houdt in verkopen, daar men gemeenlijk de geboden prijs verhoogt als de waar van enige waarde is. Maar de profeet wil zeggen dat Gods volk zo verkocht wordt, alsof het de moeite niet waard ware meer te eisen of te doen bieden dan de koper ten eerste voorstelde; dat is te zeggen dat zij van zeer klein waarde geacht zijn, ja snoder dan gemene slaven, die men zo op het eerste bod nog niet verkoopt, van wie prijs nog wel verhoogd wordt. Verg. Deut. 28:68 . Anders, U doet geen voordeel, of, U vermeerderd, [dat is, U verrijkt,] U niet van hun prijs, U bekomt geen voordeel, of winst van hun prijs, omdat de vijand hen als voor niet wegneemt, dat het eigenlijk geen koop kan heten. Deuteronomium 28:68 : En JAHWEH zal u naar Egypte doen terugkeren in schepen, door een weg, waarvan ik u gezegd heb: U zult die niet meer zien; en daar zult u u aan uw vijanden willen verkopen tot dienaren en tot dienstmaagden; maar er zal geen koper zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תִּמְכֹּֽר",
          "strongs": "H4376",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "עַמְּ/ךָ֥",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HR/Tn"
        },
        {
          "woord": "ה֑וֹן",
          "strongs": "H1952",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "רִ֝בִּ֗יתָ",
          "strongs": "H7235",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ/מְחִירֵי/הֶֽם",
          "strongs": "H4242",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U verkoopt Uw volk voor geen prijs; en U verhoogt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> hun prijs niet.",
      "textSV1888_html": "Gij verkoopt Uw volk<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> om geen waardij; en Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> verhoogt hun prijs niet.",
      "text1637_html": "Ghy verkoopt u volck <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> om geene weerdye; ende ghy en <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> verhoogt haren prijs niet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "om",
          "new": "voor",
          "principe": "V1582"
        },
        {
          "old": "waardij;",
          "new": "prijs;",
          "principe": "V1582"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Gij stelt ons onze naburen tot smaad, tot spot en schimp dengenen, die rondom ons zijn.",
      "text1637": "Ghy stelt ons onsen nabueren tot [c] smaet; tot spot ende schimp den genen, die rontom ons zijn.",
      "text2026": "U stelt ons onze buren tot smaad, tot spot en schimp van hen, die rondom ons zijn.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 79:4 ; Ps. 80:7 ; Jer. 24:9 . Psalmen 79:4 : Wij zijn onzen naburen een smaadheid geworden; een spot en schimp dien, die rondom ons zijn. Psalmen 80:7 : Gij hebt ons onzen naburen tot een twist gesteld, en onze vijanden spotten onder zich. Jeremia 24:9 : En Ik zal hen overgeven tot een beroering ten kwade, allen koninkrijken der aarde; tot smaadheid, en tot een spreekwoord, tot een spotrede, en tot een vloek, in al de plaatsen, waarhenen Ik hen gedreven zal hebben;",
          "text1637": "Psal. 79.4. ende 80.7. Ierem. 24.9.",
          "text2026": "Ps. 79:4 ; Ps. 80:7 ; Jer. 24:9 . Psalmen 79:4 : Wij zijn onze naburen een smaadheid geworden; een spot en schimp die, die rondom ons zijn. Psalmen 80:7 : U hebt ons onze naburen tot een twist gesteld, en onze vijanden spotten onder zich. Jeremia 24:9 : En Ik zal hen overgeven tot een beroering ten kwade, allen koninkrijken van de aarde; tot smaadheid, en tot een spreekwoord, tot een spotrede, en tot een vloek, in al de plaatsen, waarhenen Ik hen gedreven zal hebben;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּשִׂימֵ֣/נוּ",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "חֶ֭רְפָּה",
          "strongs": "H2781",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/שְׁכֵנֵ֑י/נוּ",
          "strongs": "H7934",
          "morph": "HR/Aampc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "לַ֥עַג",
          "strongs": "H3933",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ֝/קֶ֗לֶס",
          "strongs": "H7047",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/סְבִיבוֹתֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "U stelt ons onze buren tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> smaad, tot spot en schimp van hen, die rondom ons zijn.",
      "textSV1888_html": "Gij stelt ons onze naburen tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> smaad, tot spot en schimp dengenen, die rondom ons zijn.",
      "text1637_html": "Ghy stelt ons onsen nabueren tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> smaet; tot spot ende schimp den genen, die rontom ons zijn.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "naburen",
          "new": "buren",
          "principe": "V283"
        },
        {
          "old": "dengenen,",
          "new": "van hen,",
          "principe": "V397"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Gij stelt ons tot een spreekwoord onder de heidenen, tot een hoofdschudding onder de volken.",
      "text1637": "Ghy stelt ons tot een spreeckwoort onder de heydenen: tot eene [19] hooft-schuddinge onder de volckeren.",
      "text2026": "U stelt ons tot een spreekwoord onder de heidenen, tot een hoofdschudding onder de volken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 1 Kon. 9:8 ; 2 Kon. 19:21 . 1 Koningen 9:8 : En aangaande dit huis, dat verheven zal geweest zijn, al wie voor hetzelve zal voorbijgaan, zal zich ontzetten en fluiten; men zal zeggen: Waarom heeft de HEERE alzo gedaan aan dit land en aan dit huis? 2 Koningen 19:21 : Dit is het woord, dat de HEERE over hem gesproken heeft: De jonkvrouw, de dochter van Sion, veracht u, zij bespot u, de dochter van Jeruzalem schudt het hoofd achter u.",
          "text1637": "Siet 1.Reg. 9. op vers 8. ende 2.Reg. 19. op vers 21.",
          "text2026": "Zie 1 Kon. 9:8 ; 2 Kon. 19:21 . 1 Koningen 9:8 : En wat dit betreft huis, dat verheven zal geweest zijn, al wie voor hetzelfde zal voorbijgaan, zal zich ontzetten en fluiten; men zal zeggen: Waarom heeft JAHWEH zo gedaan aan dit land en aan dit huis? 2 Koningen 19:21 : Dit is het woord, dat JAHWEH over hem gesproken heeft: De jonkvrouw, de dochter van Sion, veracht u, zij bespot u, de dochter van Jeruzalem schudt het hoofd achter u."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּשִׂימֵ֣/נוּ",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "מָ֭שָׁל",
          "strongs": "H4912",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּ/גּוֹיִ֑ם",
          "strongs": "H1471",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "מְנֽוֹד",
          "strongs": "H4493",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "רֹ֝֗אשׁ",
          "strongs": "H7218",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בַּל",
          "strongs": "H3816",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אֻמִּֽים",
          "strongs": "H3816",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U stelt ons tot een spreekwoord onder de heidenen, tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hoofdschudding onder de volken.",
      "textSV1888_html": "Gij stelt ons tot een spreekwoord onder de heidenen, tot een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hoofdschudding onder de volken.",
      "text1637_html": "Ghy stelt ons tot een spreeckwoort onder de heydenen: tot eene <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hooft-schuddinge onder de volckeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Mijn schande is den gansen dag voor mij, en de schaamte mijns aangezichts bedekt mij;",
      "text1637": "Mijne schande is den gantschen dach voor my: ende de schaemte mijns aengesichts bedeckt my:",
      "text2026": "Mijn schande is de hele dag voor mij, en de schaamte van mijn aangezicht bedekt mij;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ֭/יּוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּלִמָּתִ֣/י",
          "strongs": "H3639",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נֶגְדִּ֑/י",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/בֹ֖שֶׁת",
          "strongs": "H1322",
          "morph": "HC/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "פָּנַ֣/י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּסָּֽתְ/נִי",
          "strongs": "H3680",
          "morph": "HVpp3fs/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn schande is de hele dag voor mij, en de schaamte van mijn aangezicht bedekt mij;",
      "text1637_html": "Mijne schande is den gantschen dach voor my: ende de schaemte mijns aengesichts bedeckt my:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "mijns aangezichts",
          "new": "van mijn aangezicht",
          "principe": "V213"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Om de stem des honers en des lasteraars, vanwege den vijand en den wraakgierige.",
      "text1637": "Om de stemme des hooners, ende des lasteraers; van wegen den vyant,ende den wraeck-gierigen.",
      "text2026": "Om de stem van de honer en van de lasteraar, vanwege de vijand en de wraakgierige.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ֭/קּוֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מְחָרֵ֣ף",
          "strongs": "H2778",
          "morph": "HVprmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְגַדֵּ֑ף",
          "strongs": "H1442",
          "morph": "HC/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵ֥י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "א֝וֹיֵ֗ב",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִתְנַקֵּֽם",
          "strongs": "H5358",
          "morph": "HC/Vtrmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Om de stem van de honer en van de lasteraar, vanwege de vijand en de wraakgierige.",
      "text1637_html": "Om de stemme des hooners, ende des lasteraers; van wegen den vyant,ende den wraeck-gierigen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des honers",
          "new": "van de honer",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des lasteraars,",
          "new": "van de lasteraar,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Dit alles is ons overkomen, nochtans hebben wij U niet vergeten, noch valselijk gehandeld tegen Uw verbond.",
      "text1637": "Dit alles is ons overgekomen, nochtans en hebben [20] wy uwer niet vergeten; nochte valschelick gehandelt tegen u verbont.",
      "text2026": "Dit alles is ons overkomen, toch hebben wij U niet vergeten, noch vals gehandeld tegen Uw verbond.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "wij U: Dit is te verstaan van de vromen en verstandigen on der het volk, die alhier klagen dat zij dit niet lijden als boosdoeners en affalligen van God, maar integendeel omdat zij God en zijn woord vastelijk aanhangen, gelijk zij, betuigen, vers 23 . Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
          "text1637": "Dit is te verstaen van de vroome ende bestandige onder den volcke, die alhier clagen, datse dit niet lijden als boosdoenders ende afvallige van Godt, maer ter contrarie, om datse Godt ende sijn woort vastelick aenhangen, als sy betuygen vers 23.",
          "text2026": "wij U: Dit is te verstaan van de vromen en verstandigen on van de het volk, die alhier klagen dat zij dit niet lijden als boosdoeners en affalligen van God, maar integendeel omdat zij God en zijn woord vastelijk aanhangen, gelijk zij, betuigen, vers 23 . Psalmen 44:23 : Maar om Uwentwil worden wij de gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "זֹ֣את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "בָּ֭אַתְ/נוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3fs/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "שְׁכַחֲנ֑וּ/ךָ",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqp1cp/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "שִׁ֝קַּ֗רְנוּ",
          "strongs": "H8266",
          "morph": "HVpp1cp"
        },
        {
          "woord": "בִּ/בְרִיתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H1285",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Dit alles is ons overkomen, toch hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> wij U niet vergeten, noch vals gehandeld tegen Uw verbond.",
      "textSV1888_html": "Dit alles is ons overkomen, nochtans hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> wij U niet vergeten, noch valselijk gehandeld tegen Uw verbond.",
      "text1637_html": "Dit alles is ons overgekomen, nochtans en hebben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> wy uwer niet vergeten; nochte valschelick gehandelt tegen u verbont.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "nochtans",
          "new": "toch",
          "principe": "V73"
        },
        {
          "old": "valselijk",
          "new": "vals",
          "principe": "V248"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Ons hart is niet achterwaarts gekeerd, noch onze gang geweken van Uw pad.",
      "text1637": "Ons herte en is niet achterwaerts gekeert; noch onse ganck geweken van u [21] pat.",
      "text2026": "Ons hart is niet achteruit gekeerd, noch onze gang geweken van Uw pad.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw pad: Dat is, de geboden, waarin Gij ons bevolen hebt te wandelen.",
          "text1637": "Dat is, de geboden, daer inne ghy ons bevolen hebt te wandelen.",
          "text2026": "Uw pad: Dat is, de geboden, waarin U ons bevolen hebt te wandelen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "נָס֣וֹג",
          "strongs": "H5472",
          "morph": "HVNp3ms"
        },
        {
          "woord": "אָח֣וֹר",
          "strongs": "H268",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִבֵּ֑/נוּ",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וַ/תֵּ֥ט",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HC/Vqw3fs"
        },
        {
          "woord": "אֲשֻׁרֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H838",
          "morph": "HNcfpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "מִנִּ֥י",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אָרְחֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H734",
          "morph": "HNcbsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ons hart is niet achteruit gekeerd, noch onze gang geweken van Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> pad.",
      "textSV1888_html": "Ons hart is niet achterwaarts gekeerd, noch onze gang geweken van Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> pad.",
      "text1637_html": "Ons herte en is niet achterwaerts gekeert; noch onse ganck geweken van u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> pat.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "achterwaarts",
          "new": "achteruit",
          "principe": "V157"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Hoewel Gij ons verpletterd hebt in een plaats der draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt.",
      "text1637": "Hoewel ghy ons verplettert hebt in eene plaetse der [22] Draken; ende ons met eene [23] doots-schaduwe bedeckt hebt.",
      "text2026": "Hoewel U ons verpletterd hebt in een plaats van de draken, en ons met een doodsschaduw bedekt hebt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hierdoor kan men verstaan de heidense tirannene. Hebr. des draaks. Anders, der walvissen; dat is, als in de zee, dat is in de allergrootste noden, uiterste gevaren.",
          "text1637": "Hier door kanmen verstaen de Heydensche Tyrannen. Hebr. des draecks. anders der walvisschen, dat is, als in eene zee, dat is, in de aldergrootste nooden, uyterste perijckelen.",
          "text2026": "Hierdoor kan men verstaan de heidense tirannene. Hebr. van de draaks. Anders, van de walvissen; dat is, als in de zee, dat is in de allergrootste noden, uiterste gevaren."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 25:4 . Psalmen 25:4 : Daleth. HEERE! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden.",
          "text1637": "Siet Psal. 23. op vers 4.",
          "text2026": "Zie Ps. 25:4 . Psalmen 25:4 : Daleth. JAHWEH! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֣י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "דִ֭כִּיתָ/נוּ",
          "strongs": "H1794",
          "morph": "HVpp2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "בִּ/מְק֣וֹם",
          "strongs": "H4725",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "תַּנִּ֑ים",
          "strongs": "H8577",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וַ/תְּכַ֖ס",
          "strongs": "H3680",
          "morph": "HC/Vpw2ms"
        },
        {
          "woord": "עָלֵ֣י/נוּ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "בְ/צַלְמָֽוֶת",
          "strongs": "H6757",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Hoewel U ons verpletterd hebt in een plaats van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> de draken, en ons met een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> doodsschaduw bedekt hebt.",
      "textSV1888_html": "Hoewel Gij ons verpletterd hebt in een plaats der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> draken, en ons met een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> doodsschaduw bedekt hebt.",
      "text1637_html": "Hoewel ghy ons verplettert hebt in eene plaetse der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Draken; ende ons met eene <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> doots-schaduwe bedeckt hebt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Zo wij den Naam onzes Gods hadden vergeten, en onze handen tot een vreemden God uitgebreid,",
      "text1637": "So wy den Naem onses Godts hadden vergeten; ende onse handen tot eenen vreemden Godt [24] uytgebreydt;",
      "text2026": "Zo wij de Naam van onze God hadden vergeten, en onze handen tot een vreemde God uitgebreid,",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Om dien te aanbidden. Verg. Exod. 9:29 ; 1 Kon. 8:22 ; Ps. 143:6 . Exodus 9:29 : Toen zeide Mozes tot hem: Wanneer ik ter stad uitgegaan zal zijn, zo zal ik mijn handen uitbreiden voor den HEERE; de donder zal ophouden, en de hagel zal niet meer zijn; opdat gij weet, dat de aarde des HEEREN is! 1 Koningen 8:22 : En Salomo stond voor het altaar des HEEREN, tegenover de ganse gemeente van Israël, en breidde zijn handen uit naar den hemel; Psalmen 143:6 : Ik breid mijn handen uit tot U; mijn ziel is voor U als een dorstig land. Sela.",
          "text1637": "Om dien t’aenbidden. Vergel. Exod. 9.29. 1.Reg. 8.22. Psal. 143.6.",
          "text2026": "Om die te aanbidden. Verg. Ex. 9:29 ; 1 Kon. 8:22 ; Ps. 143:6 . Exodus 9:29 : Toen zei Mozes tot hem: Wanneer ik ter stad uitgegaan zal zijn, zo zal ik mijn handen uitbreiden voor JAHWEH; de donder zal ophouden, en de hagel zal niet meer zijn; opdat u weet, dat de aarde van JAHWEH is! 1 Koningen 8:22 : En Salomo stond voor het altaar van JAHWEH, tegenover de gehele gemeente van Israël, en breidde zijn handen uit naar de hemel; Psalmen 143:6 : Ik breid mijn handen uit tot U; mijn ziel is voor U als een dorstig land. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֭כַחְנוּ",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqp1cp"
        },
        {
          "woord": "שֵׁ֣ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֑י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וַ/נִּפְרֹ֥שׂ",
          "strongs": "H6566",
          "morph": "HC/Vqw1cp"
        },
        {
          "woord": "כַּ֝פֵּ֗י/נוּ",
          "strongs": "H3709",
          "morph": "HNcfdc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "לְ/אֵ֣ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "זָֽר",
          "strongs": "H2114",
          "morph": "HAamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zo wij de Naam van onze God hadden vergeten, en onze handen tot een vreemde God<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> uitgebreid,",
      "textSV1888_html": "Zo wij den Naam onzes Gods hadden vergeten, en onze handen tot een vreemden God<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> uitgebreid,",
      "text1637_html": "So wy den Naem onses Godts hadden vergeten; ende onse handen tot eenen vreemden Godt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> uytgebreydt;",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "onzes Gods",
          "new": "van onze God",
          "principe": "V398"
        },
        {
          "old": "vreemden",
          "new": "vreemde",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Zou God zulks niet onderzoeken? Want Hij weet de verborgenheden des harten.",
      "text1637": "Soude Godt sulcx niet ondersoecken? want hy weet de verborgentheden des herten.",
      "text2026": "Zou God dat niet onderzoeken? Want Hij weet de geheimen van het hart.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֲ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTi/Tn"
        },
        {
          "woord": "אֱ֭לֹהִים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יַֽחֲקָר",
          "strongs": "H2713",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "זֹ֑את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "ה֥וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "יֹ֝דֵ֗עַ",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "תַּעֲלֻמ֥וֹת",
          "strongs": "H8587",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "לֵֽב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zou God dat niet onderzoeken? Want Hij weet de geheimen van het hart.",
      "text1637_html": "Soude Godt sulcx niet ondersoecken? want hy weet de verborgentheden des herten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zulks",
          "new": "dat",
          "principe": "V400"
        },
        {
          "old": "verborgenheden des harten.",
          "new": "geheimen van het hart.",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Maar om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
      "text1637": "[d] Maer [25] om uwent wille worden wy den gantschen dach gedoodt; wy worden geacht als slacht-schapen.",
      "text2026": "Maar om Uwentwil worden wij de hele dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Rom. 8:36 . Romeinen 8:36 : (Gelijk geschreven is: Want om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij zijn geacht als schapen ter slachting.)",
          "text1637": "Rom. 8.35.",
          "text2026": "Rom. 8:36 . Romeinen 8:36 : (Gelijk geschreven is: Want om Uwentwil worden wij de gansen dag gedood; wij zijn geacht als schapen ter slachting.)"
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "om Uwentwil: Omdat wij van U niet willen afwijken, maar in uw verbond volharden.",
          "text1637": "Om dat wy van u niet willen afwijcken, maer in u verbont volherden.",
          "text2026": "om Uwentwil: Omdat wij van U niet willen afwijken, maar in uw verbond volharden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "עָ֭לֶי/ךָ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "הֹרַ֣גְנוּ",
          "strongs": "H2026",
          "morph": "HVQp1cp"
        },
        {
          "woord": "כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּ֑וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נֶ֝חְשַׁ֗בְנוּ",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVNp1cp"
        },
        {
          "woord": "כְּ/צֹ֣אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "טִבְחָֽה",
          "strongs": "H2878",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> om Uwentwil worden wij de hele dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> om uwent wille worden wy den gantschen dach gedoodt; wy worden geacht als slacht-schapen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Waak op, waarom zoudt Gij slapen, HEERE! Ontwaak, verstoot niet in eeuwigheid.",
      "text1637": "[26] Waeckt op, waerom soudt ghy slapen, Heere? Ontwaeckt, en verstoot niet in eeuwicheyt.",
      "text2026": "Waak op, waarom zou U slapen, JAHWEH! Ontwaak, verstoot niet in eeuwigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Waak op: Menselijk van God gesproken, gelijk elders dikwijls, wanneer God zijne hulp intrekt; anderszins slaapt en sluimert Hij niet; Ps. 121:4 . Psalmen 121:4 : Ziet, de Bewaarder Israëls zal niet sluimeren, noch slapen.",
          "text1637": "Menschelick van Godt gesproken, als elders dickwils, wanneer Godt sijne hulpe vertreckt: andersins en slaept noch en sluymert hy niet, Psal. 121.4.",
          "text2026": "Waak op: Menselijk van God gesproken, gelijk elders dikwijls, wanneer God zijn hulp intrekt; anders slaapt en sluimert Hij niet; Ps. 121:4 . Psalmen 121:4 : Ziet, de Bewaarder van Israël zal niet sluimeren, noch slapen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ע֤וּרָ/ה",
          "strongs": "H5782",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "לָ֖/מָּה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HR/Ti"
        },
        {
          "woord": "תִישַׁ֥ן",
          "strongs": "H3462",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲדֹנָ֑/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הָ֝קִ֗יצָ/ה",
          "strongs": "H6974",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִּזְנַ֥ח",
          "strongs": "H2186",
          "morph": "HVqj2ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/נֶֽצַח",
          "strongs": "H5331",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Waak op, waarom zou U slapen, JAHWEH! Ontwaak, verstoot niet in eeuwigheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Waak op, waarom zoudt Gij slapen, HEERE! Ontwaak, verstoot niet in eeuwigheid.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Waeckt op, waerom soudt ghy slapen, Heere? Ontwaeckt, en verstoot niet in eeuwicheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zoudt Gij",
          "new": "zou U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 25,
      "textSV1888": "Waarom zoudt Gij Uw aangezicht verbergen, onze ellende en onze onderdrukking vergeten?",
      "text1637": "Waerom soudt ghy u aengesicht verbergen? onse elende, ende onse onderdruckinge vergeten?",
      "text2026": "Waarom zou U Uw aangezicht verbergen, onze ellende en onze onderdrukking vergeten?",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָֽ/מָּה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HR/Ti"
        },
        {
          "woord": "פָנֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תַסְתִּ֑יר",
          "strongs": "H5641",
          "morph": "HVhi2ms"
        },
        {
          "woord": "תִּשְׁכַּ֖ח",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "עָנְיֵ֣/נוּ",
          "strongs": "H6040",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/לַחֲצֵֽ/נוּ",
          "strongs": "H3906",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Waarom zou U Uw aangezicht verbergen, onze ellende en onze onderdrukking vergeten?",
      "text1637_html": "Waerom soudt ghy u aengesicht verbergen? onse elende, ende onse onderdruckinge vergeten?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "zoudt Gij",
          "new": "zou U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 26,
      "textSV1888": "Want onze ziel is in het stof nedergebogen; onze buik kleeft aan de aarde.",
      "text1637": "Want onse ziele is in’t [27] stof nedergebogen; onse buyck kleeft aen d’aerde.",
      "text2026": "Want onze ziel is in het stof neergebogen; onze buik kleeft aan de aarde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "stof nedergebogen: Wij zijn ten uiterste vernederd, verdrukt, veracht, moedeloos en verslagen. Verg. Ps. 113:7 , en Ps. 119:25 ; idem Klaagl. 3:29 . Psalmen 113:7 : Die den geringe uit het stof opricht, en den nooddruftige uit den drek verhoogt; Psalmen 119:25 : Daleth. Mijn ziel kleeft aan het stof; maak mij levend naar Uw woord. Klaagliederen 3:29 : Jod. Hij steke zijn mond in het stof, zeggende: Misschien is er verwachting.",
          "text1637": "Wy zijn ten uytersten vernedert, verdruckt, veracht, moedeloos ende verslagen. Vergelijckt Psal. 113.7. ende 119.25. item Thren. 3.29.",
          "text2026": "stof nedergebogen: Wij zijn ten uiterste vernederd, verdrukt, veracht, moedeloos en verslagen. Verg. Ps. 113:7 , en Ps. 119:25 ; idem Klaagl. 3:29 . Psalmen 113:7 : Die de geringe uit het stof opricht, en de nooddruftige uit de drek verhoogt; Psalmen 119:25 : Daleth. Mijn ziel kleeft aan het stof; maak mij levend naar Uw woord. Klaagliederen 3:29 : Jod. Hij steke zijn mond in het stof, zeggende: Misschien is er verwachting."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "שָׁ֣חָה",
          "strongs": "H7743",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "לֶ/עָפָ֣ר",
          "strongs": "H6083",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נַפְשֵׁ֑/נוּ",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "דָּבְקָ֖ה",
          "strongs": "H1692",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "לָ/אָ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "בִּטְנֵֽ/נוּ",
          "strongs": "H990",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want onze ziel is in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> het stof neergebogen; onze buik kleeft aan de aarde.",
      "textSV1888_html": "Want onze ziel is in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> het stof nedergebogen; onze buik kleeft aan de aarde.",
      "text1637_html": "Want onse ziele is in’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> stof nedergebogen; onse buyck kleeft aen d’aerde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "nedergebogen;",
          "new": "neergebogen;",
          "principe": "V378"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 27,
      "textSV1888": "Sta op, ons ter hulp, en verlos ons om Uwer goedertierenheid wil.",
      "text1637": "Staet op, ons [28] ter hulpe, ende verlost ons om uwer goedertierenheyt wille.",
      "text2026": "Sta op, ons ter hulp, en verlos ons omwille van Uw goedertierenheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ons ter hulp: Anders: ons tot een volkomen hulp; om uit te drukken dat het Hebr. woord hier een letter meer heeft dan gewoonlijk. Verg. Ps. 3:3 , en onder Ps. 63:8 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela. Psalmen 63:8 : Want Gij zijt mij een hulp geweest; en in de schaduw Uwer vleugelen zal ik vrolijk zingen.",
          "text1637": "And. ons tot een volkomene hulpe, om uyt te drucken, dat het hebreeusch woort hier een letter meer heeft, als ordinaris. Vergel. Psal. 3. op vers 3. ende onder Psal. 63.8.",
          "text2026": "ons ter hulp: Anders: ons tot een volkomen hulp; om uit te drukken dat het Hebr. woord hier een letter meer heeft dan gewoonlijk. Verg. Ps. 3:3 , en onder Ps. 63:8 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela. Psalmen 63:8 : Want U bent mij een hulp geweest; en in de schaduw Uw vleugelen zal ik vrolijk zingen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ק֭וּמָֽ/ה",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "עֶזְרָ֣תָ/ה",
          "strongs": "H5833",
          "morph": "HNcfsc/Sh"
        },
        {
          "woord": "לָּ֑/נוּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/פְדֵ֗/נוּ",
          "strongs": "H6299",
          "morph": "HC/Vqv2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "לְמַ֣עַן",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "חַסְדֶּֽ/ךָ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Sta op, ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> ter hulp, en verlos ons omwille van Uw goedertierenheid.",
      "textSV1888_html": "Sta op, ons<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> ter hulp, en verlos ons om Uwer goedertierenheid wil.",
      "text1637_html": "Staet op, ons <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> ter hulpe, ende verlost ons om uwer goedertierenheyt wille.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "om Uwer goedertierenheid wil.",
          "new": "omwille van Uw goedertierenheid.",
          "principe": null
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De kercke troost ende sterckt haer selven door betrachtinge van Godts voorige weldaden, maer stelt hem daer tegens wijtloopich ende seer klaechlick voor, haren tegenwoordigen elendigen staet onder ’t gewelt harer vyanden, waerinne sy protesteerende van hare volstandicheyt in geloove ende gehoorsaemheyt, smeeckt om verlossinge.",
    "text2026": "De Kerk troost en sterkt zichzelf door overdenking van Gods vroegere weldaden, maar stelt Hem daartegenover uitvoerig en zeer klagend haar tegenwoordige ellendige staat onder het geweld van haar vijanden voor; waarin zij, betuigend van haar standvastigheid in geloof en gehoorzaamheid, smeekt om verlossing."
  }
}