{
  "number": 50,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van Asaf. De God der goden, de HEERE spreekt, en roept de aarde, van den opgang der zon tot aan haar ondergang.",
      "text1637": "EEn Psalm [1] Asaphs. De [2] Godt der goden, de HEERE spreeckt, ende roept de [3] aerde; van den op ganck der Sonne, tot aen haren onderganck.",
      "text2026": "Een psalm van Asaf. De God van de goden, JAHWEH spreekt, en roept de aarde, van de opgang van de zon tot aan haar ondergang.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "van Asaf: Of, voor Asaf , dat is, hem of zijn nakomelingen ter hand gesteld, om in Gods kerk te gebruiken; gelijk Jakob en Israël dikwijls genomen worden voor de Israëlieten of Jakobs nakomelingen, en Aäron voor Aärons nakomelingen, 1 Kron. 12:27 . Alzo kan men ook door Asaf somtijds verstaan zijn nakomelingen. Asaf was een opperzangmeester en ook een ziener of profeet. Zie 1 Kron. 25:1 , enz. 2 Kron. 29:30 . 1 Kronieken 12:27 : En Jehojada was overste der Aäronieten; en met hem waren er drie duizend en zevenhonderd. 1 Kronieken 25:1 : En David, mitsgaders de oversten des heirs, scheidde af tot den dienst, van de kinderen van Asaf, en van Heman, en van Jeduthun, die met harpen, met luiten en met cimbalen profeteren zouden; en die onder hen geteld werden, waren mannen, bekwaam tot het werk van hun dienst. 2 Kronieken 29:30 : Daarna zeide de koning Jehizkia, en de oversten, tot de Levieten, dat zij den HEERE loven zouden, met de woorden van David en van Asaf, den ziener; en zij loofden tot blijdschap toe; en neigden hun hoofden, en bogen zich neder.",
          "text1637": "Ofte, voor Asaph, dat is, hem ofte sijnen nakomelingen ter handen gestelt, om in Godts kercke te gebruycken: gelijck Iacob ende Israel dickwils genomen worden voor de Israeliten ofte Iacobs nakomelingen, ende Aaron voor Aarons nakomelingen, 1.Chr. 12.27. Alsoo kanmen oock door Asaph somtijts verstaen sijne nakomelingen. Asaph was een Oppersangmeester ende oock een Siender, ofte Prophete. Siet 1.Chron. 25.1, etc. ende 2.Chron. 29.30.",
          "text2026": "van Asaf: Of, voor Asaf , dat is, hem of zijn nakomelingen ter hand gesteld, om in Gods kerk te gebruiken; gelijk Jakob en Israël dikwijls genomen worden voor de Israëlieten of Jakobs nakomelingen, en Aäron voor Aärons nakomelingen, 1 Kron. 12:27 . Zo kan men ook door Asaf somtijds verstaan zijn nakomelingen. Asaf was een opperzangmeester en ook een ziener of profeet. Zie 1 Kron. 25:1 , enz. 2 Kron. 29:30 . 1 Kronieken 12:27 : En Jehojada was overste van de Aäronieten; en met hem waren er drie duizend en zevenhonderd. 1 Kronieken 25:1 : En David, en ook de oversten van de heirs, scheidde af tot de dienst, van de kinderen van Asaf, en van Heman, en van Jeduthun, die met harpen, met luiten en met cimbalen profeteren zouden; en die onder hen geteld werden, waren mannen, bekwaam tot het werk van hun dienst. 2 Kronieken 29:30 : Daarna zei de koning Jehizkia, en de oversten, tot de Levieten, dat zij JAHWEH loven zouden, met de woorden van David en van Asaf, de ziener; en zij loofden tot blijdschap toe; en neigden hun hoofden, en bogen zich neder."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Deut. 10:17 ; Ps. 82:1 . Sommigen geven aan dat hier drie onderscheidene namen Gods bijeengevoegd zijn, El, Elohim, Jehovah. Verg. Joz. 22:22 . Deuteronomium 10:17 : Want de HEERE, uw God, is een God der goden, en een Heere der heren; die grote, die machtige, en die vreselijke God, Die geen aangezicht aanneemt, noch geschenk ontvangt; Psalmen 82:1 : Een psalm van Asaf. God staat in de vergadering Godes; Hij oordeelt in het midden der goden; Jozua 22:22 : De God der goden, de HEERE, de God der goden, de HEERE, Die weet het; Israël zelf zal het ook weten! Is het door wederspannigheid, of is het door overtreding tegen den HEERE, zo behoudt ons heden niet;",
          "text1637": "Siet Deut. 10. op vers 17. ende Psal. 82.1. Sommige verstaen, dat hier drie onderscheydene namen Godts by een gevoecht zijn, El, Elohim, Iehova, vergel. Iosu. 22.22.",
          "text2026": "Zie Deut. 10:17 ; Ps. 82:1 . Sommigen geven aan dat hier drie onderscheidene namen Gods bijeengevoegd zijn, El, Elohim, JAHWEH. Verg. Joz. 22:22 . Deuteronomium 10:17 : Want JAHWEH, uw God, is een God van de goden, en een Heer van de heren; die grote, die machtige, en die vreselijke God, Die geen aangezicht aanneemt, noch geschenk ontvangt; Psalmen 82:1 : Een psalm van Asaf. God staat in de vergadering van God; Hij oordeelt in het midden van de goden; Jozua 22:22 : De God van de goden, JAHWEH, de God van de goden, JAHWEH, Die weet het; Israël zelf zal het ook weten! Is het door opstandigheid, of is het door overtreding tegen JAHWEH, zo behoudt ons heden niet;"
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, inwoners der aarde.",
          "text1637": "Dat is, inwoonders der aerde.",
          "text2026": "Dat is, inwoners van de aarde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִזְמ֗וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/אָ֫סָ֥ף",
          "strongs": "H623",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "אֵ֤ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱֽלֹהִ֡ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יְֽהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "דִּבֶּ֥ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּקְרָא",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "אָ֑רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/מִּזְרַח",
          "strongs": "H4217",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֝֗מֶשׁ",
          "strongs": "H8121",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "עַד",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מְבֹאֽ/וֹ",
          "strongs": "H3996",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een psalm<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> van Asaf. De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> God van de goden, JAHWEH spreekt, en roept de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> aarde, van de opgang van de zon tot aan haar ondergang.",
      "textSV1888_html": "Een psalm<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> van Asaf. De<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> God der goden, de HEERE spreekt, en roept de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> aarde, van den opgang der zon tot aan haar ondergang.",
      "text1637_html": "EEn Psalm <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Asaphs. De <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Godt der goden, de HEERE spreeckt, ende roept de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> aerde; van den op ganck der Sonne, tot aen haren onderganck.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Uit Sion, de volkomenheid der schoonheid, verschijnt God blinkende.",
      "text1637": "Uyt Zion, de [4] volkomentheyt der schoonheyt, [5] verschijnt Godt blinckende.",
      "text2026": "Uit Sion, de volkomenheid van de schoonheid, verschijnt God blinkende.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, volkomen schoon is, ten aanzien van den reinen godsdienst, der heilige vergaderingen, der ark des verbonds, enz. en van alle geestelijke betekenende zaken. Verg. Ps. 48:3 ; Klaagl. 2:15 ; 1 Petr. 1:10 , 1:11 , 1:12 . Psalmen 48:3 : Schoon van gelegenheid, een vreugde der ganse aarde is de berg Sion, aan de zijden van het noorden; de stad des groten Konings. Klaagliederen 2:15 : Samech. Allen, die over weg gaan, klappen met de handen over u, zij fluiten en schudden hun hoofd over de dochter Jeruzalems, zeggende: Is dit die stad, waar men van zeide, dat zij volkomen van schoonheid was, een vreugde der ganse aarde? 1 Petrus 1:10 : Van welke zaligheid ondervraagd en onderzocht hebben de profeten, die geprofeteerd hebben van de genade, aan u geschied; 1 Petrus 1:11 : Onderzoekende, op welken of hoedanigen tijd de Geest van Christus, Die in hen was, beduidde en te voren getuigde, het lijden, dat op Christus komen zou, en de heerlijkheid daarna volgende. 1 Petrus 1:12 : Denwelken geopenbaard is, dat zij niet zichzelven, maar ons bedienden deze dingen, die u nu aangediend zijn bij degenen, die u het Evangelie verkondigd hebben door den Heiligen Geest, Die van den hemel gezonden is; in welke dingen de engelen begerig zijn in te zien.",
          "text1637": "Dat is, die volkomen schoon is, ten aensien des reynen Godts-diensts, der heylige vergaderingen, der Arke des verbonts, etc. ende aller geestelicke beteeckende saken. Vergel. Psal. 48.3. Thren. 2.15. 1.Pet. 1.10, 11, 12.",
          "text2026": "Dat is, volkomen schoon is, ten aanzien van de reinen godsdienst, van de heilige vergaderingen, van de ark van het verbond, enz. en van alle geestelijke betekenende zaken. Verg. Ps. 48:3 ; Klaagl. 2:15 ; 1 Petr. 1:10 , 1:11 , 1:12 . Psalmen 48:3 : Schoon van gelegenheid, een vreugde van de gehele aarde is de berg Sion, aan de zijden van het noorden; de stad van de grote Konings. Klaagliederen 2:15 : Samech. Allen, die over weg gaan, klappen met de handen over u, zij fluiten en schudden hun hoofd over de dochter van Jeruzalem, zeggende: Is dit die stad, waar men van zei, dat zij volkomen van schoonheid was, een vreugde van de gehele aarde? 1 Petrus 1:10 : Van welke zaligheid ondervraagd en onderzocht hebben de profeten, die geprofeteerd hebben van de genade, aan u geschied; 1 Petrus 1:11 : Onderzoekende, op welke of hoedanigen tijd de Geest van Christus, Die in hen was, beduidde en te voren getuigde, het lijden, dat op Christus komen zou, en de heerlijkheid daarna volgende. 1 Petrus 1:12 : Denwelken geopenbaard is, dat zij niet zichzelven, maar ons bedienden deze dingen, die u nu aangediend zijn bij degenen, die u het Evangelie verkondigd hebben door de Heilige Geest, Die van de hemel gezonden is; in welke dingen de engelen begerig zijn in te zien."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, is God blinkende verschenen. Verg. Deut. 33:2 . Sommigen nemen het aldus: God heeft de volkomenheid der schoonheid uit Zion doen verschijnen. Deuteronomium 33:2 : Hij zeide dan: De HEERE is van Sinaï gekomen, en is hunlieden opgegaan van Seïr; Hij is blinkende verschenen van het gebergte Paran, en is aangekomen met tien duizenden der heiligen; tot Zijn rechterhand was een vurige wet aan hen.",
          "text1637": "Ofte, is Godt blinckende verschenen. Vergel. Deut. 33.3. sommige nemen’t aldus: Godt heeft de volkomenheyt der schoonheyt uyt Zion doen verschijnen.",
          "text2026": "Of, is God blinkende verschenen. Verg. Deut. 33:2 . Sommigen nemen het aldus: God heeft de volkomenheid van de schoonheid uit Zion doen verschijnen. Deuteronomium 33:2 : Hij zei dan: JAHWEH is van Sinaï gekomen, en is hunlieden opgegaan van Seïr; Hij is blinkende verschenen van het gebergte Paran, en is aangekomen met tien duizenden van de heiligen; tot Zijn rechterhand was een vurige wet aan hen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/צִּיּ֥וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "מִכְלַל",
          "strongs": "H4359",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יֹ֗פִי",
          "strongs": "H3308",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֥ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הוֹפִֽיעַ",
          "strongs": "H3313",
          "morph": "HVhp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Uit Sion, de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> volkomenheid van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> schoonheid, verschijnt God blinkende.",
      "textSV1888_html": "Uit Sion, de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> volkomenheid der schoonheid,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verschijnt God blinkende.",
      "text1637_html": "Uyt Zion, de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> volkomentheyt der schoonheyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> verschijnt Godt blinckende.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Onze God zal komen en zal niet zwijgen; een vuur voor Zijn aangezicht zal verteren, en rondom Hem zal het zeer stormen.",
      "text1637": "Onse Godt sal [6] komen ende sal niet [7] swijgen: een [8] vyer voor sijn aengesichte sal verteeren; ende rontom hem sal het seer stormen.",
      "text2026": "Onze God zal komen en zal niet zwijgen; een vuur voor Zijn aangezicht zal verteren, en rondom Hem zal het zeer stormen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verg. Openb. 22:20 . Openbaring 22:20 : Die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom haastiglijk. Amen. Ja, kom, Heere Jezus!",
          "text1637": "Vergel. Apoc. 22.20.",
          "text2026": "Verg. Openb. 22:20 . Openbaring 22:20 : Die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom haastiglijk. Amen. Ja, kom, Heer Jezus!"
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, stil zijn. Zie Richt. 18:9 . Richteren 18:9 : En zij zeiden: Maakt u op, en laat ons tot hen optrekken; want wij hebben dat land bezien, en ziet, het is zeer goed; zoudt gij dan stil zijn? Weest niet lui om te trekken, dat gij henen inkomt, om dat land in erfelijke bezitting te nemen;",
          "text1637": "Ofte, stille zijn. siet Iud. 18. op vers 9.",
          "text2026": "Of, stil zijn. Zie Richt. 18:9 . Richteren 18:9 : En zij zeiden: Maakt u op, en laat ons tot hen optrekken; want wij hebben dat land bezien, en ziet, het is zeer goed; zoudt u dan stil zijn? Weest niet lui om te trekken, dat u heen inkomt, om dat land in erfelijke bezitting te nemen;"
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verg. Deut. 4:24 ; 2 Sam. 22:9 ; Ps. 18:9 . Deuteronomium 4:24 : Want de HEERE, uw God, is een verterend vuur, een ijverig God. 2 Samuël 22:9 : Rook ging op van Zijn neus, en een vuur uit Zijn mond verteerde; kolen werden daarvan aangestoken. Psalmen 18:9 : Rook ging op van Zijn neus, en een vuur uit Zijn mond verteerde; kolen werden daarvan aangestoken.",
          "text1637": "Vergel. Deut. 4.24. 2.Sam. 22.9. ende Psal. 18.9.",
          "text2026": "Verg. Deut. 4:24 ; 2 Sam. 22:9 ; Ps. 18:9 . Deuteronomium 4:24 : Want JAHWEH, uw God, is een verterend vuur, een ijverig God. 2 Samuël 22:9 : Rook ging op van Zijn neus, en een vuur uit Zijn mond verteerde; kolen werden daarvan aangestoken. Psalmen 18:9 : Rook ging op van Zijn neus, en een vuur uit Zijn mond verteerde; kolen werden daarvan aangestoken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָ֤בֹ֥א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יֶ֫חֱרַ֥שׁ",
          "strongs": "H2790",
          "morph": "HVqj3ms"
        },
        {
          "woord": "אֵשׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/פָנָ֥י/ו",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "תֹּאכֵ֑ל",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/סְבִיבָ֗י/ו",
          "strongs": "H5439",
          "morph": "HC/Ncbsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "נִשְׂעֲרָ֥ה",
          "strongs": "H8175",
          "morph": "HVNp3fs"
        },
        {
          "woord": "מְאֹֽד",
          "strongs": "H3966",
          "morph": "HD"
        }
      ],
      "text2026_html": "Onze God zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> komen en zal niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> zwijgen; een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> vuur voor Zijn aangezicht zal verteren, en rondom Hem zal het zeer stormen.",
      "textSV1888_html": "Onze God zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> komen en zal niet<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> zwijgen; een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> vuur voor Zijn aangezicht zal verteren, en rondom Hem zal het zeer stormen.",
      "text1637_html": "Onse Godt sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> komen ende sal niet <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> swijgen: een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> vyer voor sijn aengesichte sal verteeren; ende rontom hem sal het seer stormen."
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Hij zal roepen tot den hemel van boven, en tot de aarde, om Zijn volk te richten.",
      "text1637": "Hy sal roepen tot den [9] hemel van boven, ende tot de aerde, om sijn volck te richten.",
      "text2026": "Hij zal roepen tot de hemel van boven, en tot de aarde, om Zijn volk te richten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Om die als tot getuigen te nemen. Zie Deut. 4:26 . Deuteronomium 4:26 : Zo roep ik heden den hemel en de aarde tot getuige tegen ulieden, dat gij voorzeker haast zult omkomen van dat land, waar gij over de Jordaan naar toe trekt, om dat te erven; gij zult uw dagen daarin niet verlengen, maar ganselijk verdelgd worden.",
          "text1637": "Om die als tot getuygen te nemen, siet Deut. 4. op vers 26.",
          "text2026": "Om die als tot getuigen te nemen. Zie Deut. 4:26 . Deuteronomium 4:26 : Zo roep ik heden de hemel en de aarde tot getuige tegen u, dat u voorzeker haast zult omkomen van dat land, waar u over de Jordaan naar toe trekt, om dat te erven; u zult uw dagen daarin niet verlengen, maar ganselijk verdelgd worden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִקְרָ֣א",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/שָּׁמַ֣יִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/עָ֑ל",
          "strongs": "H5920",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "הָ֝/אָ֗רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "לָ/דִ֥ין",
          "strongs": "H1777",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "עַמּֽ/וֹ",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Hij zal roepen tot de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> hemel van boven, en tot de aarde, om Zijn volk te richten.",
      "textSV1888_html": "Hij zal roepen tot den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> hemel van boven, en tot de aarde, om Zijn volk te richten.",
      "text1637_html": "Hy sal roepen tot den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> hemel van boven, en<i>de</i> tot de aerde, om sijn volck te richte<i>n</i>.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1b"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Verzamelt Mij Mijn gunstgenoten, die Mijn verbond maken met offerande!",
      "text1637": "[10] Versamelt my mijne gunst-genooten, die [11] mijn verbont maken met offerhande.",
      "text2026": "Verzamel Mij Mijn gunstgenoten, die Mijn verbond maken met offergave!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verg. Matth. 24:31 . Dit zijn Gods woorden, waarmede Hij ingevoerd wordt, gelijk als door zijn zendboden, aanmanende en verdagvaardende zijn volk [die in het algemeen den titel voeren van zijne gunstgenoten , om zijn oordeel over hunne godsdiensten uit te spreken. Mattheüs 24:31 : En Hij zal Zijn engelen uitzenden met een bazuin van groot geluid, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen uit de vier winden, van het ene uiterste der hemelen tot het andere uiterste derzelve.",
          "text1637": "Verg. Mat. 24.31. Dit zijn Godts woorden, waer mede hy ingevoert wort, gelijck als door sijne sentboden, sommerende ende verdachvaerdende sijn volck (die in’t gemeyn den tijtel voeren van sijne gunst-genoten) om sijn oordeel over hare Godtsdiensten uyt te spreken.",
          "text2026": "Verg. Matt. 24:31 . Dit zijn Gods woorden, waarmee Hij ingevoerd wordt, gelijk als door zijn zendboden, aanmanende en verdagvaardende zijn volk [die in het algemeen de titel voeren van zijn gunstgenoten , om zijn oordeel over hun godsdiensten uit te spreken. Mattheüs 24:31 : En Hij zal Zijn engelen uitzenden met een bazuin van groot geluid, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen uit de vier winden, van het een uiterste van de hemel tot het andere uiterste daarvan."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Mijn verbond: Dat is, die offeren om het verbond, dat tussen mij en hen is, daardoor te verzegelen en te tonen dat zij mijn trouwe bondgenoten zijn. Van de ceremoniën in het maken van verbonden gebruikelijk, zie Gen. 15:17 , 15:18 , en een exempel van verbondmaken tussen God en zijn volk door offeranden, Exod. 24:4 , 24:5 , 24:6 , 24:7 , 24:8 . Dit alles zag op het bloed des NIeuwen Testament en den Middelaar van dien, onzen Heere Jezus Christus, in welken alleen het verbond Gods met al zijn ware gunstgenoten bevestigd is; Hebr., 7 , Hebr. 8 , Hebr. 9 , Hebr. 10 . Genesis 15:17 : En het geschiedde, dat de zon onderging en het duister werd, en ziet, daar was een rokende oven en vurige fakkel, die tussen die stukken doorging. Genesis 15:18 : Ten zelfden dage maakte de HEERE een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath: Exodus 24:4 : Mozes nu beschreef al de woorden des HEEREN, en hij maakte zich des morgens vroeg op, en hij bouwde een altaar onder aan den berg, en twaalf kolommen, naar de twaalf stammen van Israël. Exodus 24:5 : En hij zond de jongelingen van de kinderen Israëls, die brandofferen offerden, en den HEERE dankofferen offerden, van jonge ossen. Exodus 24:6 : En Mozes nam de helft van het bloed, en zette het in bekkens; en de helft van het bloed sprengde hij op het altaar. Exodus 24:7 : En hij nam het boek des verbonds, en hij las het voor de oren des volks; en zij zeiden: Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen en gehoorzamen. Exodus 24:8 : Toen nam Mozes dat bloed, en sprengde het op het volk; en hij zeide: Ziet, dit is het bloed des verbonds, hetwelk de HEERE met ulieden gemaakt heeft over al die woorden.",
          "text1637": "D. die offeren, om het verbont, dat tusschen my ende hen is, daer door te versegelen, ende te toonen, dat sy mijne trouwe bontgenooten zijn. van de ceremonien, in’t maken van verbonden gebruyckelick, siet Gen. 15. op versen 17, 18. ende een exempel van verbont-maken tusschen Godt ende sijn volck door offerhanden, Exo. 24.4, 5, 6, 7, 8. Dit alles sach op het bloet des nieuwen Testaments, ende den Middelaer van dien, onsen Heere I. Christum, in welcken alleen het verbont Godts met alle sijne ware gunst-genooten bevesticht is. Hebr. capp. 7, 8, 9, 10.",
          "text2026": "Mijn verbond: Dat is, die offeren om het verbond, dat tussen mij en hen is, daardoor te verzegelen en te tonen dat zij mijn trouwe bondgenoten zijn. Van de ceremoniën in het maken van verbonden gebruikelijk, zie Gen. 15:17 , 15:18 , en een exempel van verbondmaken tussen God en zijn volk door offeranden, Ex. 24:4 , 24:5 , 24:6 , 24:7 , 24:8 . Dit alles zag op het bloed van de NIeuwen Testament en de Middelaar van die, onze Heer Jezus Christus, in welke alleen het verbond Gods met al zijn ware gunstgenoten bevestigd is; Hebr., 7 , Hebr. 8 , Hebr. 9 , Hebr. 10 . Genesis 15:17 : En het geschiedde, dat de zon onderging en het duister werd, en ziet, daar was een rokende oven en vurige fakkel, die tussen die stukken doorging. Genesis 15:18 : Ten zelfden dage maakte JAHWEH een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath: Exodus 24:4 : Mozes nu beschreef al de woorden van JAHWEH, en hij maakte zich van de morgen vroeg op, en hij bouwde een altaar onder aan de berg, en twaalf kolommen, naar de twaalf stammen van Israël. Exodus 24:5 : En hij zond de jongelingen van de kinderen van Israël, die brandofferen offerden, en JAHWEH dankofferen offerden, van jonge ossen. Exodus 24:6 : En Mozes nam de helft van het bloed, en zette het in bekkens; en de helft van het bloed sprengde hij op het altaar. Exodus 24:7 : En hij nam het boek van het verbond, en hij las het voor de oren van het volk; en zij zeiden: Al wat JAHWEH gesproken heeft, zullen wij doen en gehoorzamen. Exodus 24:8 : Toen nam Mozes dat bloed, en sprengde het op het volk; en hij zei: Ziet, dit is het bloed van het verbond, dat JAHWEH met u gemaakt heeft over al die woorden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אִסְפוּ",
          "strongs": "H622",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "לִ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "חֲסִידָ֑/י",
          "strongs": "H2623",
          "morph": "HAampc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כֹּרְתֵ֖י",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "בְרִיתִ֣/י",
          "strongs": "H1285",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "זָֽבַח",
          "strongs": "H2077",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Verzamel Mij Mijn gunstgenoten, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Mijn verbond maken met offergave!</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Verzamelt Mij Mijn gunstgenoten, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> Mijn verbond maken met offerande!",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> Versamelt my mijne gunst-genoote<i>n</i>, die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> mijn verbont maken met offerhande.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verzamelt",
          "new": "Verzamel",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "offerande!",
          "new": "offergave!",
          "principe": "V263"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "En de hemelen verkondigen Zijn gerechtigheid; want God Zelf is Rechter. Sela.",
      "text1637": "[12] Ende de hemelen verkondigen sijne gerechticheyt: want Godt selve is Richter, [13] Sela!",
      "text2026": "En de hemelen verkondigen Zijn gerechtigheid; want God Zelf is Rechter. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "En de: Dit zijn weder de woorden van den profeet, die hij [eer hij voortgaat in het verhaal van Gods woorden tot zijn volk] hier invoegt, om de gerechtigheid van Gods oordeel aan te wijzen, waarvan alle creaturen getuigenis moeten geven, inzonderheid de hemelse heirscharen der heilige engelen, die hem in het oordeel bijstaan en verheerlijken, mitsgaders zijne heiligen, van wie ook gezegd wordt dat zij zullen richten; Matth. 19:28 ; 1 Kor. 6:2 . Verg. Dan. 7:10 ; Matth. 25:31 . Mattheüs 19:28 : En Jezus zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, dat gij, die Mij gevolgd zijt, in de wedergeboorte, wanneer de Zoon des mensen zal gezeten zijn op den troon Zijner heerlijkheid, dat gij ook zult zitten op twaalf tronen, oordelende de twaalf geslachten Israëls. 1 Korinthiërs 6:2 : Weet gij niet, dat de heiligen de wereld oordelen zullen? En indien door u de wereld geoordeeld wordt, zijt gij onwaardig de minste gerechtzaken? Daniël 7:10 : Een vurige rivier vloeide, en ging van voor Hem uit, duizendmaal duizenden dienden Hem, en tien duizendmaal tien duizenden stonden voor Hem; het gericht zette zich, en de boeken werden geopend. Mattheüs 25:31 : En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid.",
          "text1637": "Dit zijn weder de woorden des Propheets, die hy (eer hy voortgaet in’t verhael van Godts woorden tot sijn volck) hier invoecht, om de gerechticheyt van Godts oordeel aen te wijsen, waer van alle creaturen getuygenisse moeten geven, insonderheyt de Hemelsche heyrscharen der H. Engelen, die hem in ’t oordeel assisteren ende vereerlicken, mitsgaders sijne heyligen, vande welcke oock geseyt wort, datsysullen richten Mat. 19.28. 1.Cor. 6.2. Vergel. Dan. 7.10. Matth. 25.31.",
          "text2026": "En de: Dit zijn weer de woorden van de profeet, die hij [voordat hij voortgaat in het verhaal van Gods woorden tot zijn volk] hier invoegt, om de gerechtigheid van Gods oordeel aan te wijzen, waarvan alle creaturen getuigenis moeten geven, in het bijzonder de hemelse legermachten van de heilige engelen, die hem in het oordeel bijstaan en verheerlijken, en ook zijn heiligen, van wie ook gezegd wordt dat zij zullen richten; Matt. 19:28 ; 1 Kor. 6:2 . Verg. Dan. 7:10 ; Matt. 25:31 . Mattheüs 19:28 : En Jezus zei tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, dat u, die Mij gevolgd bent, in de wedergeboorte, wanneer de Zoon van de mensen zal gezeten zijn op de troon Zijn heerlijkheid, dat u ook zult zitten op twaalf tronen, oordelende de twaalf geslachten Israëls. 1 Korinthiërs 6:2 : Weet u niet, dat de heiligen de wereld oordelen zullen? En als door u de wereld geoordeeld wordt, bent u onwaardig de minste gerechtzaken? Daniël 7:10 : Een vurige rivier vloeide, en ging van voor Hem uit, duizendmaal duizenden dienden Hem, en tien duizendmaal tien duizenden stonden voor Hem; het gericht zette zich, en de boeken werden geopend. Mattheüs 25:31 : En wanneer de Zoon van de mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op de troon Zijn heerlijkheid."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יַּגִּ֣ידוּ",
          "strongs": "H5046",
          "morph": "HC/Vhw3mp"
        },
        {
          "woord": "שָׁמַ֣יִם",
          "strongs": "H8064",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "צִדְק֑/וֹ",
          "strongs": "H6664",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֓ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שֹׁפֵ֖ט",
          "strongs": "H8199",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "ה֣וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> En de hemelen verkondigen Zijn gerechtigheid; want God Zelf is Rechter.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> En de hemelen verkondigen Zijn gerechtigheid; want God Zelf is Rechter.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Ende de hemelen verkondigen sijne gerechticheyt: want Godt selve is Richter, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Sela!"
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Hoort, Mijn volk! en Ik zal spreken; Israël! en Ik zal onder u betuigen; Ik, God, ben uw God.",
      "text1637": "Hoort, mijn volck, ende ick sal spreken; Israël, ende ick sal onder u [14] betuy-gen: Ick Godt, ben [15] uwe Godt.",
      "text2026": "Hoor, Mijn volk! en Ik zal spreken; Israël! en Ik zal onder u betuigen; Ik, God, ben uw God.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik zal u ernstiglijk voorhouden en verklaren den rechten inhoud des verbonds, dat Ik met u opgericht heb. Of, Ik zal tegen u betuigen; dat is, u met ernst overtuigen dat gij mijn verbond overtreedt. Beide doet God in dezen psalm, eensdeels opscherpende de vromen, anderdeels de goddelozen huichelaars overtuigende en scherpelijk dreigende als verbondbrekers; en de Hebr., אֲדַבֵּרָה, manier van spreken wordt in beide betekenissen gebruikt.",
          "text1637": "Ick sal u eernstelick voorhouden ende verklaren den rechten inhout des verbonts, dat ick met u opgericht hebbe: ofte, Ick sal tegen u betuygen, D. u met eernst overtuygen, dat ghy mijn verbont overtreedt. Beyds doet Godt in desen Psalm, eensdeels opscherpende de vroome, anderdeels de godtloose huychelaren overtuygende ende scherpelick dreygende, als verbont-brekers: ende de Hebr. maniere van spreken wort in beyde beteeckeningen gebruyckt.",
          "text2026": "Ik zal u ernstiglijk voorhouden en verklaren de rechte inhoud van het verbond, dat Ik met u opgericht heb. Of, Ik zal tegen u betuigen; dat is, u met ernst overtuigen dat u mijn verbond overtreedt. Beide doet God in deze psalm, eensdeels opscherpende de vromen, anderdeels de goddelozen huichelaars overtuigende en scherpelijk dreigende als verbondbrekers; en de Hebr., אֲדַבֵּרָה, manier van spreken wordt in beide betekenissen gebruikt."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uw God: Of, Ik [ben] God, uw God. Zie Gen. 17:7 . Dit is de inhoud des verbonds van Gods zijde. Van zijns volks plicht spreekt God in het volgende. Genesis 17:7 : En Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u, en tussen uw zaad na u in hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u te zijn tot een God, en uw zaad na u.",
          "text1637": "Ofte, Ick [ben] Godt, uwe Godt. siet Genes. 17. op vers 7. Dit is den inhoudt des verbonts van Godts zijde. van sijns volcks plicht spreeckt Godt in’t volgende.",
          "text2026": "uw God: Of, Ik [ben] God, uw God. Zie Gen. 17:7 . Dit is de inhoud van het verbond van Gods zijde. Van zijns volks plicht spreekt God in het volgende. Genesis 17:7 : En Ik zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u, en tussen uw zaad na u in hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u te zijn tot een God, en uw zaad na u."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׁמְעָ֤/ה",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֨/י",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/אֲדַבֵּ֗רָה",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HC/Vph1cs"
        },
        {
          "woord": "יִ֭שְׂרָאֵל",
          "strongs": "H3478",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָעִ֣ידָה",
          "strongs": "H5749",
          "morph": "HC/Vhh1cs"
        },
        {
          "woord": "בָּ֑/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֖ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אָנֹֽכִי",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Hoor, Mijn volk! en Ik zal spreken; Israël! en Ik zal onder u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> betuigen; Ik, God, ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> uw God.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Hoort, Mijn volk! en Ik zal spreken; Israël! en Ik zal onder u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> betuigen; Ik, God, ben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> uw God.",
      "text1637_html": "Hoort, mijn volck, ende ick sal spreken; Israël, ende ick sal onder u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> betuy-gen: Ick Godt, ben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> uwe Godt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Hoort,",
          "new": "Hoor,",
          "principe": "V1158"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Om uw offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij.",
      "text1637": "[16] Om uwe offerhanden en sal ick u niet straffen: want uwe brant-offeren zijn steets voor my.",
      "text2026": "Om uw offergaven zal Ik u niet straffen, want uw brandoffers zijn steeds voor Mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Om uw offeranden: Te weten, zoveel het uiterlijke aangaat; met offeren zijt gij gestadiglijk bezig, daar schort het niet aan, wil de Heere zeggen, maar aan het geestelijke en voornaamste, gelijk onder volgt. Sommigen verstaan het voorts van de afschaffing der ceremoniën des Oude Testaments en instellingen van den geestelijken godsdienst in het Nieuwe Testament.",
          "text1637": "T.w. so veel het uyterlicke aengaet: met offeren zijt ghy gestadichlick besich, daer schort het niet aen, wil de Heere seggen: maer aen’t geestelicke ende pricipaelste, als onder volcht. sommige verstaen’t voorts van de afschaffinge der ceremonien des Ouden Testaments, ende instellinge van den geestelicken godtsdienst in den Nieuwen Testamente.",
          "text2026": "Om uw offeranden: Te weten, zoveel het uiterlijke betreft; met offeren bent u gestadiglijk bezig, daar schort het niet aan, wil de Heer zeggen, maar aan het geestelijke en voornaamste, gelijk onder volgt. Sommigen verstaan het verder van de afschaffing van de ceremoniën van de Oude Testaments en instellingen van de geestelijken godsdienst in het Nieuwe Testament."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "זְ֭בָחֶי/ךָ",
          "strongs": "H2077",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אוֹכִיחֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H3198",
          "morph": "HVhi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/עוֹלֹתֶ֖י/ךָ",
          "strongs": "H5930",
          "morph": "HC/Ncfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/נֶגְדִּ֣/י",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR/R/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תָמִֽיד",
          "strongs": "H8548",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup><span class=\"god-speaks\"><i> Om uw offergaven zal Ik u niet straffen, want uw brandoffers zijn steeds voor Mij.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Om uw offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Om uwe offerhanden en sal ick u niet straffen: want uwe brant-offeren zijn steets voor my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "offeranden",
          "new": "offergaven",
          "principe": "V263"
        },
        {
          "old": "brandofferen",
          "new": "brandoffers",
          "principe": "V1173"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Ik zal uit uw huis geen var nemen, noch bokken uit uw kooien;",
      "text1637": "Ick sal uyt u huys geenen varre nemen; [noch] bocken uyt uwe koyen.",
      "text2026": "Ik zal uit uw huis geen stier nemen, noch bokken uit uw kooien;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אֶקַּ֣ח",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/בֵּיתְ/ךָ֣",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "פָ֑ר",
          "strongs": "H6499",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ֝/מִּכְלְאֹתֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H4356",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עַתּוּדִֽים",
          "strongs": "H6260",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Ik zal uit uw huis geen stier nemen, noch bokken uit uw kooien;</i></span>",
      "text1637_html": "Ick sal uyt u huys geenen varre nemen; [noch] bocken uyt uwe koyen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "var",
          "new": "stier",
          "principe": "V410"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Want al het gedierte des wouds is Mijn, de beesten op duizend bergen.",
      "text1637": "Want al ’t gedierte des wouts is mijne; de beesten op [17] duysent bergen.",
      "text2026": "Want al het gedierte van het woud is van Mij, de beesten op duizend bergen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "duizend bergen: Hebr. gebergten van duizend; dat sommigen overzetten: op gebergten bij duizenden, verstaande dat van de beesten.",
          "text1637": "Hebr. geberchten van duysent. dat sommige oversetten, op geberchten by duysenden, verstaende dat van de beesten.",
          "text2026": "duizend bergen: Hebr. gebergten van duizend; dat sommigen overzetten: op gebergten bij duizenden, verstaande dat van de beesten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לִ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "חַיְת/וֹ",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יָ֑עַר",
          "strongs": "H3293",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ֝הֵמ֗וֹת",
          "strongs": "H929",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/הַרְרֵי",
          "strongs": "H2042",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "אָֽלֶף",
          "strongs": "H505",
          "morph": "HAcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Want al het gedierte van het woud is van Mij, de beesten op<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> duizend bergen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Want al het gedierte des wouds is Mijn, de beesten op<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> duizend bergen.",
      "text1637_html": "Want al ’t gedierte des wouts is mijne; de beesten op <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> duysent bergen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des wouds",
          "new": "van het woud",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "Mijn,",
          "new": "van Mij,",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Ik ken al het gevogelte der bergen, en het wild des velds is bij Mij.",
      "text1637": "Ick kenne al’t gevogelte der bergen: ende het wilt des velts is [18] by my.",
      "text2026": "Ik ken al het gevogelte van de bergen, en het wild van het veld is bij Mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "bij Mij: Of, aan mij, met mij; dat is, het is in mijne macht, voor mij gereed. Of het komt mij altemaal toe, Ik kan het hebben als het mij belieft, het is tot mij best; zulks dat gij ver verdoold zijt, zo gij meent dat gij mij met uw uiterlijke offeranden alleen zoudt vleien, of mijn verbond voldoen.",
          "text1637": "Ofte, aen my, met my. D. het is in mijne macht, voor my gereet. ofte, het komt my altemael toe, ick kan ’t hebben als het my belieft, ’tis tot mijnen besten: sulcx dat ghy verre verdoolt zijt, so ghy meynt, dat ghy my met uwe uyterlicke offerhanden alleen soudt payen, ofte mijn verbont voldoen.",
          "text2026": "bij Mij: Of, aan mij, met mij; dat is, het is in mijn macht, voor mij gereed. Of het komt mij allemaal toe, Ik kan het hebben als het mij belieft, het is tot mij best; zulks dat u ver verdoold bent, zo u meent dat u mij met uw uiterlijke offeranden alleen zoudt vleien, of mijn verbond voldoen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָ֭דַעְתִּי",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "ע֣וֹף",
          "strongs": "H5775",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָרִ֑ים",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/זִ֥יז",
          "strongs": "H2123",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "שָׂ֝דַ֗י",
          "strongs": "H7704",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עִמָּדִֽ/י",
          "strongs": "H5978",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Ik ken al het gevogelte van de bergen, en het wild van het veld is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> bij Mij.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Ik ken al het gevogelte der bergen, en het wild des velds is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> bij Mij.",
      "text1637_html": "Ick kenne al’t gevogelte der bergen: ende het wilt des velts is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> by my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "des velds",
          "new": "van het veld",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Zo Mij hongerde, Ik zou het u niet zeggen; want Mijn is de wereld en haar volheid.",
      "text1637": "So my hongerde, ick en soude’t u niet seggen: want [a] mijne is de werelt ende hare [19] volheyt.",
      "text2026": "Zo Mij hongerde, Ik zou het u niet zeggen; want van Mij is de wereld en haar volheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Exod. 19:5 ; Deut. 10:14 ; Job 41:2 ; Ps. 24:1 ; 1 Kor. 10:26 ; idem v. 28 . Exodus 19:5 : Nu dan, indien gij naarstiglijk Mijner stem zult gehoorzamen, en Mijn verbond houden, zo zult gij Mijn eigendom zijn uit alle volken, want de ganse aarde is Mijn; Deuteronomium 10:14 : Ziet, des HEEREN, uws Gods, is de hemel, en de hemel der hemelen, de aarde, en al wat daarin is. Job 41:2 : Wie heeft Mij voorgekomen, dat Ik hem zou vergelden? Wat onder den gansen hemel is, is het Mijne. Psalmen 24:1 : Een psalm van David. De aarde is des HEEREN, mitsgaders haar volheid, de wereld, en die daarin wonen. 1 Korinthiërs 10:26 : Want de aarde is des Heeren, en de volheid derzelve. 1 Korinthiërs 10:28 : Maar zo iemand tot ulieden zegt: Dat is afgodenoffer; eet het niet, om desgenen wil, die u dat te kennen gegeven heeft, en om des gewetens wil. Want de aarde is des Heeren, en de volheid derzelve.",
          "text1637": "Exod. 19.5. Deut. 10.14. Iob 41.2. Psal. 24.1. 1.Cor. 10.26, 28.",
          "text2026": "Ex. 19:5 ; Deut. 10:14 ; Job 41:2 ; Ps. 24:1 ; 1 Kor. 10:26 ; idem v. 28 . Exodus 19:5 : Nu dan, als u naarstiglijk Mijn stem zult gehoorzamen, en Mijn verbond houden, zo zult u Mijn eigendom zijn uit alle volken, want de gehele aarde is Mijn; Deuteronomium 10:14 : Ziet, van JAHWEH, uws Gods, is de hemel, en de hemel van de hemel, de aarde, en al wat daarin is. Job 41:2 : Wie heeft Mij voorgekomen, dat Ik hem zou vergelden? Wat onder de gansen hemel is, is het Mijn. Psalmen 24:1 : Een psalm van David. De aarde is van JAHWEH, en ook haar volheid, de wereld, en die daarin wonen. 1 Korinthiërs 10:26 : Want de aarde is van de Heer, en de volheid daarvan. 1 Korinthiërs 10:28 : Maar zo iemand tot u zegt: Dat is afgodenoffer; eet het niet, om van degene wil, die u dat te kennen gegeven heeft, en vanwege de gewetens. Want de aarde is van de Heer, en de volheid daarvan."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, al wat er in is, waarmede zij door mij vervuld en versierd is, gelijk Ps. 24:1 , en Ps. 89:12 . Psalmen 24:1 : Een psalm van David. De aarde is des HEEREN, mitsgaders haar volheid, de wereld, en die daarin wonen. Psalmen 89:12 : De hemel is Uwe, ook is de aarde Uwe; de wereld en haar volheid, die hebt Gij gegrond.",
          "text1637": "D. al watter in is, waer mede sy van my vervult ende verciert is. als Psal. 24.1. ende 89.12.",
          "text2026": "Dat is, al wat er in is, waarmee zij door mij vervuld en versierd is, gelijk Ps. 24:1 , en Ps. 89:12 . Psalmen 24:1 : Een psalm van David. De aarde is van JAHWEH, en ook haar volheid, de wereld, en die daarin wonen. Psalmen 89:12 : De hemel is Uw, ook is de aarde Uw; de wereld en haar volheid, die hebt U gegrond."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶ֭רְעַב",
          "strongs": "H7456",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אֹ֣מַר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לִ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תֵ֝בֵ֗ל",
          "strongs": "H8398",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְלֹאָֽ/הּ",
          "strongs": "H4393",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zo Mij hongerde, Ik zou het u niet zeggen; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> van Mij is de wereld en haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> volheid.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zo Mij hongerde, Ik zou het u niet zeggen; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Mijn is de wereld en haar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> volheid.",
      "text1637_html": "So my hongerde, ick en soude’t u niet seggen: want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> mijne is de werelt ende hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> volheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Mijn",
          "new": "van Mij",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Zou Ik stierenvlees eten, of bokkenbloed drinken?",
      "text1637": "Soud’ ick [20] stieren-vleesch eten, ofte bocken-bloet drincken?",
      "text2026": "Zou Ik stierenvlees eten, of bokkenbloed drinken?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Van het Hebr. woord, zie Ps. 22:13 . Psalmen 22:13 : Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd.",
          "text1637": "Van het Hebr. woort siet psal. 22. op vers 13.",
          "text2026": "Van het Hebr. woord, zie Ps. 22:13 . Psalmen 22:13 : Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַֽ֭/אוֹכַל",
          "strongs": "H398",
          "morph": "HTi/Vqi1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּשַׂ֣ר",
          "strongs": "H1320",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אַבִּירִ֑ים",
          "strongs": "H47",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "וְ/דַ֖ם",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עַתּוּדִ֣ים",
          "strongs": "H6260",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶשְׁתֶּֽה",
          "strongs": "H8354",
          "morph": "HVqi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Zou Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> stierenvlees eten, of bokkenbloed drinken?</i></span>",
      "textSV1888_html": "Zou Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> stierenvlees eten, of bokkenbloed drinken?",
      "text1637_html": "Soud’ ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> stieren-vleesch eten, ofte bocken-bloet drincken?"
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Offert Gode dank, en betaalt den Allerhoogste uw geloften.",
      "text1637": "Offert Gode [21] danck: ende [b] betaelt den Alderhoochsten uwe geloften.",
      "text2026": "Offer voor God dank, en betaal de Allerhoogste uw geloften.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, lof. Van het ceremonieel lofoffer, zie Lev. 7:12 ; maar hier wordt gesproken van de geestelijke offeranden, die Gods bondgenoten schuldig zijn te doen. Verg. Hebr. 13:15 . Leviticus 7:12 : Indien hij dat tot een lofoffer offert, zo zal hij, nevens het lofoffer, ongezuurde koeken met olie gemengd, en ongezuurde vladen met olie bestreken, offeren; en zullen die koeken met olie gemengd van geroost meelbloem zijn. Hebreeën 13:15 : Laat ons dan door Hem altijd Gode opofferen een offerande des lofs, dat is, de vrucht der lippen, die Zijn Naam belijden.",
          "text1637": "Ofte, lof. van’t ceremoniael lof-offer siet Lev. 7.12. maer hier wort gesproken vande geestelicke offerhanden, die Godts bontgenooten schuldich zijn te doen. Verg. Hebr. 13.15.",
          "text2026": "Of, lof. Van het ceremonieel lofoffer, zie Lev. 7:12 ; maar hier wordt gesproken van de geestelijke offeranden, die Gods bondgenoten schuldig zijn te doen. Verg. Hebr. 13:15 . Leviticus 7:12 : Als hij dat tot een lofoffer offert, zo zal hij, naast het lofoffer, ongezuurde koeken met olie gemengd, en ongezuurde vladen met olie bestreken, offeren; en zullen die koeken met olie gemengd van geroost meelbloem zijn. Hebreeën 13:15 : Laat ons dan door Hem altijd voor God opofferen een offerande van de lofs, dat is, de vrucht van de lippen, die Zijn Naam belijden."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Deut. 23:23 ; Job 22:27 ; Ps. 76:12 ; Pred. 5:4 ; idem v. 5 . Deuteronomium 23:23 : Wat uit uw lippen gaat, zult gij houden en doen; gelijk als gij den HEERE, uw God, een vrijwillig offer beloofd hebt, dat gij met uw mond gesproken hebt. Job 22:27 : Gij zult tot Hem ernstiglijk bidden, en Hij zal u verhoren; en gij zult uw geloften betalen. Psalmen 76:12 : Doet geloften en betaalt ze den HEERE, uw God, gij allen, die rondom Hem zijt! Laat hen Dien, Die te vrezen is, geschenken brengen; Prediker 5:4 : Het is beter, dat gij niet belooft, dan dat gij belooft en niet betaalt. Prediker 5:5 : Laat uw mond niet toe, dat hij uw vlees zou doen zondigen; en zeg niet voor het aangezicht des engels, dat het een dwaling was; waarom zou God grotelijks toornen, om uwer stemme wille, en verderven het werk uwer handen?",
          "text1637": "Deut. 23.23. Iob 22.27. Psal. 76.12. Eccl. 5.4, 5.",
          "text2026": "Deut. 23:23 ; Job 22:27 ; Ps. 76:12 ; Pred. 5:4 ; idem v. 5 . Deuteronomium 23:23 : Wat uit uw lippen gaat, zult u houden en doen; gelijk als u JAHWEH, uw God, een vrijwillig offer beloofd hebt, dat u met uw mond gesproken hebt. Job 22:27 : U zult tot Hem ernstiglijk bidden, en Hij zal u verhoren; en u zult uw geloften betalen. Psalmen 76:12 : Doet geloften en betaalt ze JAHWEH, uw God, u allen, die rondom Hem zijt! Laat hen Die, Die te vrezen is, geschenken brengen; Prediker 5:4 : Het is beter, dat u niet belooft, dan dat u belooft en niet betaalt. Prediker 5:5 : Laat uw mond niet toe, dat hij uw vlees zou doen zondigen; en zeg niet voor het aangezicht van de engels, dat het een dwaling was; waarom zou God grotelijks toornen, om uw stemme wille, en verderven het werk uw handen?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זְבַ֣ח",
          "strongs": "H2076",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "לֵ/אלֹהִ֣ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "תּוֹדָ֑ה",
          "strongs": "H8426",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/שַׁלֵּ֖ם",
          "strongs": "H7999",
          "morph": "HC/Vpv2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֶלְי֣וֹן",
          "strongs": "H5945",
          "morph": "HR/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "נְדָרֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H5088",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Offer voor God<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dank, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> betaal de Allerhoogste uw geloften.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Offert Gode<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dank, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> betaalt den Allerhoogste uw geloften.",
      "text1637_html": "Offert Gode <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> danck: ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> betaelt den Alderhoochsten uwe geloften.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Offert Gode",
          "new": "Offer voor God",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "betaalt den",
          "new": "betaal de",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "En roept Mij aan in den dag der benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en gij zult Mij eren.",
      "text1637": "Ende roept my aen in den dach der benautheyt: Ick salder u uyt helpen, ende ghy sult my eeren.",
      "text2026": "En roept Mij aan in de dag van de benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en u zult Mij eren.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וּ֭/קְרָאֵ/נִי",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HC/Vqv2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/י֣וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "צָרָ֑ה",
          "strongs": "H6869",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֲ֝חַלֶּצְ/ךָ֗",
          "strongs": "H2502",
          "morph": "HVpi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּֽ/תְכַבְּדֵֽ/נִי",
          "strongs": "H3513",
          "morph": "HC/Vpi2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En roept Mij aan in de dag van de benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en u zult Mij eren.</i></span>",
      "text1637_html": "Ende roept my aen in den dach der benautheyt: Ick salder u uyt helpen, ende ghy sult my eeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Maar tot den goddeloze zegt God: Wat hebt gij Mijn inzettingen te vertellen, en neemt Mijn verbond in uw mond?",
      "text1637": "Maer tot den godtloosen seyt Godt; Wat hebt ghy mijne insettingen te vertellen? ende neemt mijn verbont in uwen monde?",
      "text2026": "Maar tot de goddeloze zegt God: Wat hebt u Mijn voorschriften te vertellen, en neemt Mijn verbond in uw mond?",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/לָ֤/רָשָׁ֨ע",
          "strongs": "H7563",
          "morph": "HC/Rd/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "אָ֘מַ֤ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֗ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מַה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "לְּ֭/ךָ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/סַפֵּ֣ר",
          "strongs": "H5608",
          "morph": "HR/Vpc"
        },
        {
          "woord": "חֻקָּ֑/י",
          "strongs": "H2706",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/תִּשָּׂ֖א",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HC/Vqw2ms"
        },
        {
          "woord": "בְרִיתִ֣/י",
          "strongs": "H1285",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עֲלֵי",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "פִֽי/ךָ",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar tot de goddeloze zegt God: <span class=\"god-speaks\"><i>Wat hebt u Mijn voorschriften te vertellen, en neemt Mijn verbond in uw mond?</i></span>",
      "text1637_html": "Maer tot den godtloosen seyt Godt; Wat hebt ghy mijne insettingen te vertellen? ende neemt mijn verbont in uwen monde?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "inzettingen",
          "new": "voorschriften",
          "principe": "V76"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Dewijl gij de kastijding haat, en Mijn woorden achter u henenwerpt.",
      "text1637": "Dewijle ghy de [22] kastijdinge hatet, ende mijne woorden [23] achter u henen werpt.",
      "text2026": "Omdat u de vergelding haat, en Mijn woorden achter u wegwerpt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, tucht, bestraffing, met woorden of werken, dienende tot onderwijs en verbetering een szondaars. Het Hebr. woord דְּבָרַ, betekent eigenlijk verband, bedwang, en wordt voorts genomen voor tucht en kastijding, zijnde de weg des levens en der wijsheid; Spreuk. 6:32 , en Spreuk. 12:1 . Spreuken 6:32 : Maar die met een vrouw overspel doet, is verstandeloos; hij verderft zijn ziel, die dat doet; Spreuken 12:1 : Wie de tucht liefheeft, die heeft de wetenschap lief; maar wie de bestraffing haat, is onvernuftig.",
          "text1637": "Ofte, tucht, bestraffinge, met woorden ofte wercken, dienende tot onderwijs ende verbeteringe eens sondaers. het Hebr. woort beteeckent eygentlick verbant, bedwanck, ende wort voorts genomen voor tucht ende kastijdinge, zijnde den wech des levens ende der wijsheyt, Prov. 6.23. ende 12.1.",
          "text2026": "Of, tucht, bestraffing, met woorden of werken, dienende tot onderwijs en verbetering een szondaars. Het Hebr. woord דְּבָרַ, betekent eigenlijk verband, bedwang, en wordt verder genomen voor tucht en kastijding, zijnde de weg van het leven en van de wijsheid; Spr. 6:32 , en Spr. 12:1 . Spreuken 6:32 : Maar die met een vrouw overspel doet, is verstandeloos; hij verderft zijn ziel, die dat doet; Spreuken 12:1 : Wie de tucht liefheeft, die heeft de wetenschap lief; maar wie de bestraffing haat, is onvernuftig."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk men doet wanneer men iets veracht en van gene waarde houdt, dat men voor ogen niet zien mag. Verg. 1 Kon. 14:9 . 1 Koningen 14:9 : Maar kwaad gedaan hebt, doende des meer dan allen, die voor u geweest zijn, en henengegaan zijt, en hebt u andere goden en gegotene beelden gemaakt, om Mij tot toorn te verwekken, en hebt Mij achter uw rug geworpen;",
          "text1637": "Alsmen doet, wanneermen yets veracht, ende van geener weerde houdt, dat men voor oogen niet sien en mach. Vergel. 1.Reg. 14. op vers 9.",
          "text2026": "Gelijk men doet wanneer men iets veracht en van geen waarde houdt, dat men voor ogen niet zien mag. Verg. 1 Kon. 14:9 . 1 Koningen 14:9 : Maar kwaad gedaan hebt, doende van de meer dan allen, die voor u geweest zijn, en heengegaan zijt, en hebt u andere goden en gegotene beelden gemaakt, om Mij tot toorn te verwekken, en hebt Mij achter uw rug geworpen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ֭/אַתָּה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "שָׂנֵ֣אתָ",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "מוּסָ֑ר",
          "strongs": "H4148",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/תַּשְׁלֵ֖ךְ",
          "strongs": "H7993",
          "morph": "HC/Vhw2ms"
        },
        {
          "woord": "דְּבָרַ֣/י",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אַחֲרֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H310",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Omdat u de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> vergelding haat, en Mijn woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> achter u wegwerpt.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Dewijl gij de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> kastijding haat, en Mijn woorden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> achter u henenwerpt.",
      "text1637_html": "Dewijle ghy de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> kastijdinge hatet, ende mijne woorden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> achter u henen werpt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Dewijl gij",
          "new": "Omdat u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "kastijding",
          "new": "vergelding",
          "principe": "V341"
        },
        {
          "old": "henenwerpt.",
          "new": "wegwerpt.",
          "principe": "V412"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Indien gij een dief ziet, zo loopt gij met hem; en uw deel is met de overspelers.",
      "text1637": "Indien ghy eenen dief siet, so [24] loopt ghy met hem: ende u [25] deel is met de overspeelders.",
      "text2026": "Als u een dief ziet, zo loopt u met hem; en uw deel is met de overspelers.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gij stemt met hem toe, gij hebt behagen in hem. De zinis: Gij zijt terstond ijverig en gereed om in zijn kwaaddoen toe te stemmen, en voegt u met hart, mond en daad met hem. Het Hebr. woord schijnt beider betekent deelachtig te zijn, lopen en behagen daarin te hebben.",
          "text1637": "Ofte, ghy stemt met hem toe, ghy hebt behagen in hem. de sin is, ghy zijt terstont vyerich ende gereedt om in sijn quaet doen te consenteren, ende voegt u met herte, mont, ende daet met hem. het Hebr. woort schijnt beyder beteeckeninge deelachtich te zijn, loopen, ende behagen daer in hebben.",
          "text2026": "Of, u stemt met hem toe, u hebt behagen in hem. De zinis: U bent meteen ijverig en gereed om in zijn kwaaddoen toe te stemmen, en voegt u met hart, mond en daad met hem. Het Hebr. woord schijnt beider betekent deelachtig te zijn, lopen en behagen daarin te hebben."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "deel is: Verg. Spreuk. 29:24 , waarop dan volgt dat zodanigen hun deel der straf ook met dezen ontvangen. Zie Joh. 20:29 , met de aantekening. Spreuken 29:24 : Die met een dief deelt, haat zijn ziel; hij hoort een vloek, en hij geeft het niet te kennen. Johannes 20:29 : Jezus zeide tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, zo hebt gij geloofd; zalig zijn zij, die niet zullen gezien hebben, en nochtans zullen geloofd hebben.",
          "text1637": "Vergel. Prov. 29.24. waerop dan volcht, dat soodanige haer deel der straffe oock met de selve ontfangen. siet Iob 20.29. met d’aenteeck.",
          "text2026": "deel is: Verg. Spr. 29:24 , waarop dan volgt dat zodanigen hun deel van de straf ook met deze ontvangen. Zie Joh. 20:29 , met de aantekening. Spreuken 29:24 : Die met een dief deelt, haat zijn ziel; hij hoort een vloek, en hij geeft het niet te kennen. Johannes 20:29 : Jezus zei tot hem: Omdat u Mij gezien hebt, Thomas, zo hebt u geloofd; zalig zijn zij, die niet zullen gezien hebben, en nochtans zullen geloofd hebben."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רָאִ֣יתָ",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "גַ֭נָּב",
          "strongs": "H1590",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/תִּ֣רֶץ",
          "strongs": "H7521",
          "morph": "HC/Vqw2ms"
        },
        {
          "woord": "עִמּ֑/וֹ",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/עִ֖ם",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "מְנָאֲפִ֣ים",
          "strongs": "H5003",
          "morph": "HVprmpa"
        },
        {
          "woord": "חֶלְקֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H2506",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Als u een dief ziet, zo<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> loopt u met hem; en uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> deel is met de overspelers.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Indien gij een dief ziet, zo<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> loopt gij met hem; en uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> deel is met de overspelers.",
      "text1637_html": "Indien ghy eenen dief siet, so <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> loopt ghy met hem: ende u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> deel is met de overspeelders.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Indien gij",
          "new": "Als u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Uw mond slaat gij in het kwade, en uw tong koppelt bedrog.",
      "text1637": "Uwen mont [26] slaet ghy in ’t quade: ende uwe tonge [27] koppelt bedroch.",
      "text2026": "Uw mond slaat u in het kwade, en uw tong koppelt bedrog.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. eigenlijk zendt; dat is, gij gebruikt, legt aan, besteedt dien in kwade zaken.",
          "text1637": "Hebr. eygentlick, sendt, D. ghy gebruyckt, legt aen, besteedt dien in quade saken.",
          "text2026": "Hebr. eigenlijk zendt; dat is, u gebruikt, legt aan, besteedt die in kwade zaken."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, smeedt tezamen.",
          "text1637": "Ofte, smeedt te samen.",
          "text2026": "Of, smeedt tezamen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פִּ֭י/ךָ",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "שָׁלַ֣חְתָּ",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/רָעָ֑ה",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/לְשׁוֹנְ/ךָ֗",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HC/Ncbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תַּצְמִ֥יד",
          "strongs": "H6775",
          "morph": "HVhi3fs"
        },
        {
          "woord": "מִרְמָֽה",
          "strongs": "H4820",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Uw mond<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> slaat u in het kwade, en uw tong<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> koppelt bedrog.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Uw mond<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> slaat gij in het kwade, en uw tong<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> koppelt bedrog.",
      "text1637_html": "Uwen mont <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> slaet ghy in ’t quade: ende uwe tonge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> koppelt bedroch.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Gij zit, gij spreekt tegen uw broeder; tegen den zoon uwer moeder geeft gij lastering uit.",
      "text1637": "Ghy sitt, ghy spreeckt [28] tegen uwen broeder, tegen den [29] sone uwer moeder geeft ghy lasteringe uyt.",
      "text2026": "U zit, u spreekt tegen uw broer; tegen de zoon van uw moeder geeft u lastering uit.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Tot zijn nadeel.",
          "text1637": "Tot sijn nadeel.",
          "text2026": "Tot zijn nadeel."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zoon uwer: Zie Deut. 13:6 . Deuteronomium 13:6 : Wanneer uw broeder, de zoon uwer moeder, of uw zoon, of uw dochter, of de vrouw van uw schoot, of uw vriend, die als uw ziel is, u zal aanporren in het heimelijke, zeggende: Laat ons gaan, en dienen andere goden, die gij niet gekend hebt, gij noch uw vaderen;",
          "text1637": "Siet deut. 13. op vers 6.",
          "text2026": "zoon uw: Zie Deut. 13:6 . Deuteronomium 13:6 : Wanneer uw broer, de zoon uw moeder, of uw zoon, of uw dochter, of de vrouw van uw schoot, of uw vriend, die als uw ziel is, u zal aanporren in het geheime, zeggende: Laat ons gaan, en dienen andere goden, die u niet gekend hebt, u noch uw vaders;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תֵּ֭שֵׁב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אָחִ֣י/ךָ",
          "strongs": "H251",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תְדַבֵּ֑ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בֶֽן",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אִ֝מְּ/ךָ֗",
          "strongs": "H517",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תִּתֶּן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "דֹּֽפִי",
          "strongs": "H1848",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>U zit, u spreekt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> tegen uw broer; tegen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> zoon van uw moeder geeft u lastering uit.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Gij zit, gij spreekt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> tegen uw broeder; tegen den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> zoon uwer moeder geeft gij lastering uit.",
      "text1637_html": "Ghy sitt, ghy spreeckt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> tegen uwen broeder, tegen den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> sone uwer moeder geeft ghy lasteringe uyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "broeder;",
          "new": "broer;",
          "principe": "O22a"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "uwer",
          "new": "van uw",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "gij",
          "new": "u",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Deze dingen doet gij, en Ik zwijg; gij meent, dat Ik te enenmale ben, gelijk gij; Ik zal u straffen, en zal het ordentelijk voor uw ogen stellen.",
      "text1637": "Dese dingen doet ghy, ende ick [30] swijge: ghy meent, dat ick [31] teenemael ben gelijck ghy: Ick sal u straffen, ende sal’t [32] ordentelick voor uwe oogen stellen.",
      "text2026": "Deze dingen doet u, en Ik zwijg; u denkt, dat Ik te enenmale ben, gelijk u; Ik zal u straffen, en zal het ordentelijk voor uw ogen stellen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, houd mij stil, u op de daad niet straffende, maar tijd gunnende tot bekering, naar mijne lankmoedigheid die nochtans misbruikt. Verg. Rom. 2:4 , 2:5 . Romeinen 2:4 : Of veracht gij den rijkdom Zijner goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt? Romeinen 2:5 : Maar naar uw hardigheid, en onbekeerlijk hart, vergadert gij uzelven toorn als een schat, in den dag des toorns, en der openbaring van het rechtvaardig oordeel Gods.",
          "text1637": "Ofte, houde my stil, u op der daet niet straffende, maer tijt gunnende tot bekeeringe, nae mijne lanckmoedicheyt, die ghy nochtans misbruyckt. Vergel. Rom. 2.4, 5.",
          "text2026": "Of, houd mij stil, u op de daad niet straffende, maar tijd gunnende tot bekering, naar mijn lankmoedigheid die nochtans misbruikt. Verg. Rom. 2:4 , 2:5 . Romeinen 2:4 : Of veracht u de rijkdom Zijn goedertierenheid, en verdraagzaamheid, en lankmoedigheid, niet wetende, dat de goedertierenheid van God u tot bekering leidt? Romeinen 2:5 : Maar naar uw hardheid, en onbekeerlijk hart, vergadert u uzelven toorn als een schat, in de dag van de toorn, en van de openbaring van het rechtvaardig oordeel van God."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "te enenmale: Hebr. zijnde zij, of zijn zal.",
          "text1637": "Hebr. zijnde zy, ofte, zijn sal.",
          "text2026": "te enenmale: Hebr. zijnde zij, of zijn zal."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk op een rij, of in orde, zal Ik u optellen en doen gevoelen al uwe verbondsbrekingen.",
          "text1637": "Als op eene rijge, ofte in order, sal ick u optellen, ende doen gevoelen alle uwe verbont-brekingen.",
          "text2026": "Gelijk op een rij, of in orde, zal Ik u optellen en doen gevoelen al uw verbondsbrekingen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֵ֤לֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HPdxcp"
        },
        {
          "woord": "עָשִׂ֨יתָ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/הֶחֱרַ֗שְׁתִּי",
          "strongs": "H2790",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "דִּמִּ֗יתָ",
          "strongs": "H1819",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "הֱֽיוֹת",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אֶֽהְיֶ֥ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "כָמ֑וֹ/ךָ",
          "strongs": "H3644",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אוֹכִיחֲ/ךָ֖",
          "strongs": "H3198",
          "morph": "HVhi1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶֽעֶרְכָ֣ה",
          "strongs": "H6186",
          "morph": "HC/Vqh1cs"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֵינֶֽי/ךָ",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HR/Ncbdc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Deze dingen doet u, en Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> zwijg; u denkt, dat Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> te enenmale ben, gelijk u; Ik zal u straffen, en zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> het ordentelijk voor uw ogen stellen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Deze dingen doet gij, en Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> zwijg; gij meent, dat Ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> te enenmale ben, gelijk gij; Ik zal u straffen, en zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> het ordentelijk voor uw ogen stellen.",
      "text1637_html": "Dese dingen doet ghy, ende ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> swijge: ghy meent, dat ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> teenemael ben gelijck ghy: Ick sal u straffen, ende sal’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> ordentelick voor uwe oogen stellen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij,",
          "new": "u,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij meent,",
          "new": "u denkt,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "gij;",
          "new": "u;",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Verstaat dit toch, gij godvergetenden! opdat Ik niet verscheure en niemand redde.",
      "text1637": "Verstaet dit doch, ghy godt-vergetende: op dat ick niet en [33] verscheure, ende niemant en redde.",
      "text2026": "Versta dit toch, u godvergeters! opdat Ik niet verscheure en niemand redde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gelijk een leeuw of ander wild dier. Zie deze betekent van het Hebr. woord Gen. 31:39 , en Gen. 37:33 ; Exod. 22:13 . Anders, rove, wegrijde; te weten, om te verscheuren. Genesis 31:39 : Het verscheurde heb ik tot u niet gebracht; ik heb het geboet; gij hebt het van mijn hand geëist, het ware des daags gestolen, of des nachts gestolen. Genesis 37:33 : En hij bekende hem, en zeide: Het is mijns zoons rok! een boos dier heeft hem opgegeten! voorzeker is Jozef verscheurd! Exodus 22:13 : Is het gewisselijk verscheurd, dat hij het brenge tot getuige, zo zal hij het verscheurde niet wedergeven.",
          "text1637": "Als een leeuw ofte ander wilt dier. Siet dese beteeck. van’t Hebr woort Gen. 31.39. ende 37.33. Exod. 22.13. And. roove, wech-rijte. T.w. om te verscheuren.",
          "text2026": "Gelijk een leeuw of ander wild dier. Zie deze betekent van het Hebr. woord Gen. 31:39 , en Gen. 37:33 ; Ex. 22:13 . Anders, rove, wegrijde; te weten, om te verscheuren. Genesis 31:39 : Het verscheurde heb ik tot u niet gebracht; ik heb het geboet; u hebt het van mijn hand geëist, het ware van de dag gestolen, of van de nacht gestolen. Genesis 37:33 : En hij bekende hem, en zei: Het is mijns zoons rok! een boos dier heeft hem opgegeten! voorzeker is Jozef verscheurd! Exodus 22:13 : Is het gewisselijk verscheurd, dat hij het brenge tot getuige, zo zal hij het verscheurde niet wedergeven."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בִּֽינוּ",
          "strongs": "H995",
          "morph": "HVqv2mp"
        },
        {
          "woord": "נָ֣א",
          "strongs": "H4994",
          "morph": "HTe"
        },
        {
          "woord": "זֹ֭את",
          "strongs": "H2063",
          "morph": "HPdxfs"
        },
        {
          "woord": "שֹׁכְחֵ֣י",
          "strongs": "H7911",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "אֱל֑וֹהַּ",
          "strongs": "H433",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "פֶּן",
          "strongs": "H6435",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אֶ֝טְרֹ֗ף",
          "strongs": "H2963",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵ֣ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "מַצִּֽיל",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhrmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Versta dit toch, u godvergeters! opdat Ik niet verscheure<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> en niemand redde.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Verstaat dit toch, gij godvergetenden! opdat Ik niet verscheure<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> en niemand redde.",
      "text1637_html": "Verstaet dit doch, ghy godt-vergetende: op dat ick niet en <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> verscheure, ende niemant en redde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verstaat",
          "new": "Versta",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "gij godvergetenden!",
          "new": "u godvergeters!",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Wie dankoffert, die zal Mij eren; en wie zijn weg wel aanstelt, dien zal Ik Gods heil doen zien.",
      "text1637": "Wie danck-offert, die sal my eeren: ende wie [sijnen] [34] wech [wel] aenstelt, dien sal ick Godts heyl doen [35] sien.",
      "text2026": "Wie dankoffert, die zal Mij eren; en wie zijn weg wel aanstelt, die zal Ik Gods heil doen zien.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, leven, handel en wandel, gelijk Ps. 1:1 . Anders, die het tot ene gewoonte stelt, of ene gewoonte daarvan maakt: te weten, van God te loven en te danken. Psalmen 1:1 : Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in den raad der goddelozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters;",
          "text1637": "D. leven, handel ende wandel. als Psal. 1. op vers 1. And. die ’t tot eene gewoonte stelt, ofte, eene gewoonte daer van maeckt. T.w. van Godt te loven ende te dancken.",
          "text2026": "Dat is, leven, handel en wandel, gelijk Ps. 1:1 . Anders, die het tot een gewoonte stelt, of een gewoonte daarvan maakt: te weten, van God te loven en te danken. Psalmen 1:1 : Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in de raad van de goddelozen, noch staat op de weg van de zondaren, noch zit in het gestoelte van de spotters;"
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, genieten, gelijk Ps. 4:7 , en elders dikwijls. Zie Job 7:7 . Psalmen 4:7 : Velen zeggen: Wie zal ons het goede doen zien? Verhef Gij over ons het licht Uws aanschijns, o HEERE! Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien.",
          "text1637": "D. genieten, als Psal. 4.7. ende elders dickwils. siet Iob 7. op vers 7.",
          "text2026": "Dat is, genieten, gelijk Ps. 4:7 , en elders dikwijls. Zie Job 7:7 . Psalmen 4:7 : Velen zeggen: Wie zal ons het goede doen zien? Verhef U over ons het licht Uws aangezichts, o JAHWEH! Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זֹבֵ֥חַ",
          "strongs": "H2076",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "תּוֹדָ֗ה",
          "strongs": "H8426",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "יְֽכַ֫בְּדָ֥/נְנִי",
          "strongs": "H3513",
          "morph": "HVpi3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/שָׂ֥ם",
          "strongs": "H7760",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "דֶּ֑רֶךְ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "אַ֝רְאֶ֗/נּוּ",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVhi1cs/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יֵ֣שַׁע",
          "strongs": "H3468",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִֽים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>Wie dankoffert, die zal Mij eren; en wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> zijn weg wel aanstelt, die zal Ik Gods heil doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> zien.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Wie dankoffert, die zal Mij eren; en wie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> zijn weg wel aanstelt, dien zal Ik Gods heil doen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> zien.",
      "text1637_html": "Wie danck-offert, die sal my eeren: ende wie [sijnen] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> wech [wel] aenstelt, dien sal ick Godts heyl doen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> sien.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "De Prophete voert Godt in, als komende met groote Majesteyt om sijn volck solemnelick te richten, stercklick betuygende, waer in de ware ende Godt aengename Godts-diensticheyt niet en bestae, ende waer in sy ter contrarie bestae: met eene heftige overtuyginge der Godt-vergetende huychelaren ende verbont-brekers, dreyginge van eeuwich verderf, so sy haer niet en beteren, ende belofte van salicheyt aen de gene die hem recht dienen.",
    "text2026": "De profeet voert God sprekend in, als komend met grote majesteit om Zijn volk plechtig te richten, krachtig betuigend waarin de ware en aan God welgevallige godsdienst niet bestaat, en waarin zij daarentegen wel bestaat; met een heftige overtuiging van de God-vergetende huichelaars en verbondsbrekers, dreiging van eeuwig verderf zo zij zich niet beteren, en belofte van zaligheid aan degenen die Hem oprecht dienen."
  }
}
