{
  "number": 51,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David, voor den opperzangmeester.",
      "text1637": "EEn Psalm Davids, voor den [1] Opper-sang-meester.",
      "text2026": "Een psalm van David, voor de opperzangmeester.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 4:1 . Het is aanmerkelijk dat, gelijk het Gode beliefd heeft Davids val tot menigvuldig onderwijs Zijns volks in de Heilige Schrift te doen beschrijven, David insgelijks, door Gods Geest gedreven zijnde, dezen psalm tot gelijk einde in Gods huis heeft doen zingen en spelen. Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
          "text1637": "Siet Psal. 4. op vers 1. het is aenmercklick, dat, gelijck het Gode gelieft heeft Davids val tot menichvuldich onderwijs sijns volcks in de H. schrift te doen beschrijven, David van gelijcken, door Godts Geest gedreven zijnde, desen Psalm tot gelijcken eynde in Godts huys heeft doen singen ende spelen.",
          "text2026": "Zie Ps. 4:1 . Het is aanmerkelijk dat, gelijk het voor God beliefd heeft Davids val tot menigvuldig onderwijs van Zijn volk in de Heilige Schrift te doen beschrijven, David ook, door Gods Geest gedreven zijnde, deze psalm tot gelijk einde in Gods huis heeft doen zingen en spelen. Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֗חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "מִזְמ֥וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִֽד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een psalm van David, voor de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> opperzangmeester.",
      "textSV1888_html": "Een psalm van David, voor den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> opperzangmeester.",
      "text1637_html": "EEn Psalm Davids, voor den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Opper-sang-meester.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Toen de profeet Nathan tot hem was gekomen, nadat hij tot Bathseba was ingegaan.",
      "text1637": "Doe de [a] Prophete Nathan tot hem was gekomen, na dat hy tot [b] Bath-Seba was [2] ingegaen.",
      "text2026": "Toen de profeet Nathan tot hem was gekomen, nadat hij tot Bathseba was ingegaan.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Sam. 12:1 . 2 Samuël 12:1 : En de HEERE zond Nathan tot David. Als die tot hem inkwam, zeide hij tot hem: Er waren twee mannen in een stad, de een rijk en de ander arm.",
          "text1637": "2.Sam. 12.1, etc.",
          "text2026": "2 Sam. 12:1 . 2 Samuël 12:1 : En JAHWEH zond Nathan tot David. Als die tot hem inkwam, zei hij tot hem: Er waren twee mannen in een stad, de één rijk en de ander arm."
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "2 Sam. 11:4 . 2 Samuël 11:4 : Toen zond David boden henen, en liet haar halen. En als zij tot hem ingekomen was, lag hij bij haar, (zij nu had zich van haar onreinigheid gezuiverd), daarna keerde zij weder naar haar huis.",
          "text1637": "2.Sam. 11.4.",
          "text2026": "2 Sam. 11:4 . 2 Samuël 11:4 : Toen zond David boden heen, en liet haar halen. En als zij tot hem ingekomen was, lag hij bij haar, (zij nu had zich van haar onreinigheid gezuiverd), daarna keerde zij weer naar haar huis."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Gen. 6:4 . Genesis 6:4 : In die dagen waren er reuzen op de aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochteren der mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden; deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van name.",
          "text1637": "Siet Genes. 6 op vers 4.",
          "text2026": "Zie Gen. 6:4 . Genesis 6:4 : In die dagen waren er reuzen op de aarde, en ook daarna, als Gods zonen tot de dochters van de mensen ingegaan waren, en zich kinderen gewonnen hadden; deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van name."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּֽ/בוֹא",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "אֵ֭לָי/ו",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "נָתָ֣ן",
          "strongs": "H5416",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "הַ/נָּבִ֑יא",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "כַּֽ/אֲשֶׁר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HR/Tr"
        },
        {
          "woord": "בָּ֝֗א",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "בַּת",
          "strongs": "H1339",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שָֽׁבַע",
          "strongs": "H1339",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Toen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> profeet Nathan tot hem was gekomen, nadat hij tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Bathseba was<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> ingegaan.",
      "textSV1888_html": "Toen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> profeet Nathan tot hem was gekomen, nadat hij tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Bathseba was<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> ingegaan.",
      "text1637_html": "Doe de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Prophete Nathan tot hem was gekomen, na dat hy tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Bath-Seba was <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> ingegaen."
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Wees mij genadig, o God! naar Uw goedertierenheid; delg mijn overtreding uit, naar de grootheid Uwer barmhartigheden.",
      "text1637": "Zijt my genadich, o Godt, nae uwe goedertierenheyt: [3] delcht mijne overtredinge uyt, nae de [4] grootheyt uwer barmherticheden.",
      "text2026": "Wees mij genadig, o God! naar Uw goedertierenheid; wis mijn overtreding uit, naar de grootheid van Uw barmhartigheden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "delg .. uit: Of, wis uit , doe uit . Vgl. Jes. 43:25 ; 44:22 ; Kol. 2:14 . Alzo vers 11. Jesaja 43:25 : Ik, Ik ben het, Die uw overtredingen uitdelg, om Mijnentwil, en Ik gedenk uwer zonden niet. Jesaja 44:22 : Ik delg uw overtredingen uit als een nevel, en uw zonden als een wolk; keer weder tot Mij, want Ik heb u verlost. Kolossensen 2:14 : Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende;",
          "text1637": "Ofte, wischt uyt, doet uyt. Vergel. Iesa. 43.25. ende 44.22. Coloss. 2.14. alsoo ond. vers 10.",
          "text2026": "delg .. uit: Of, wis uit , doe uit . Vgl. Jes. 43:25 ; 44:22 ; Kol. 2:14 . Zo vers 11. Jesaja 43:25 : Ik, Ik ben het, Die uw overtredingen uitdelg, om Mijnentwil, en Ik gedenk uw zonden niet. Jesaja 44:22 : Ik delg uw overtredingen uit als een nevel, en uw zonden als een wolk; keer weer tot Mij, want Ik heb u verlost. Kolossensen 2:14 : Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, dat, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelfde uit het midden weggenomen, hetzelfde aan het kruis genageld hebbende;"
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, menigte .",
          "text1637": "Ofte, menichte.",
          "text2026": "Of, menigte ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חָנֵּ֣/נִי",
          "strongs": "H2603",
          "morph": "HVqv2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֣ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "כְּ/חַסְדֶּ֑/ךָ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כְּ/רֹ֥ב",
          "strongs": "H7230",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "רַ֝חֲמֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H7356",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מְחֵ֣ה",
          "strongs": "H4229",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "פְשָׁעָֽ/י",
          "strongs": "H6588",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Wees mij genadig, o God! naar Uw goedertierenheid;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> wis mijn overtreding uit, naar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> grootheid van Uw barmhartigheden.",
      "textSV1888_html": "Wees mij genadig, o God! naar Uw goedertierenheid;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> delg mijn overtreding uit, naar de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> grootheid Uwer barmhartigheden.",
      "text1637_html": "Zijt my genadich, o Godt, nae uwe goedertierenheyt: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> delcht mijne overtredinge uyt, nae de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> grootheyt uwer barmherticheden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "delg",
          "new": "wis",
          "principe": "V1213"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Was mij wel van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.",
      "text1637": "Wascht my [5] wel van mijne ongerechticheyt: ende reynicht my van mijne sonde.",
      "text2026": "Was mij wel van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Was mij wel: Hebr. Vermenigvuldig, was mij , of: Vermenigvuldig, maak veel mij te wassen , of: Was mij veel of veelvoudiglijk , wel terdege, over en weer over. Aldus spreekt David uit overdenking en gevoel van de grootheid en veelheid zijner zonden. De manier van spreken is wel genomen van het uiterlijk en ceremonieel wassen en reinigen (waarvan Lev. 11:25 , 11:32 ; 14:8 , 14:9 ; Num. 19:19 , 19:20 , enz., ook Ex. 19:10 ), maar ziet op de betekende zaak, te weten de geestelijke afwassing en reiniging van zonden door het bloed van den Messias . Zie 1 Kor. 6:11 ; 1 Joh. 1:7 ; Openb. 7:14 . Vgl. onder, vers 9. Leviticus 11:25 : Zo wie van hun dood aas gedragen zal hebben, zal zijn klederen wassen, en onrein zijn tot aan den avond. Leviticus 11:32 : Daartoe al hetgeen, waarop iets van dezelve vallen zal, als zij dood zijn, zal onrein zijn, hetzij van alle houten vat, of kleed, of vel, of zak, of alle vat, waarmede enig werk gedaan wordt; het zal in het water gestoken worden, en onrein zijn tot aan den avond; daarna zal het rein zijn. Leviticus 14:8 : Die nu te reinigen is, zal zijn klederen wassen, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven. Leviticus 14:9 : En op den zevenden dag zal het geschieden, dat hij al zijn haar zal afscheren, zijn hoofd, en zijn baard, en de wenkbrauwen zijner ogen; ja, al zijn haar zal hij afscheren, en al zijn klederen wassen, en zijn vlees met water baden, zo zal hij rein zijn. Numeri 19:19 : En de reine zal den onreine op den derden dag, en op den zevenden dag besprengen; en op den zevenden dag zal hij hem ontzondigen; en hij zal zijn klederen wassen, en zich met water baden, en op den avond rein zijn. Numeri 19:20 : Wie daarentegen onrein zal zijn, en zich niet zal ontzondigen, die ziel zal uit het midden der gemeente uitgeroeid worden; want hij heeft het heiligdom des HEEREN verontreinigd, het water der afzondering is op hem niet gesprengd, hij is onrein. Exodus 19:10 : Ook zeide de HEERE tot Mozes: Ga tot het volk, en heilig hen heden en morgen, en dat zij hun klederen wassen, 1 Korinthiërs 6:11 : En dit waart gij sommigen; maar gij zijt afgewassen, maar gij zijt geheiligd, maar gij zijt gerechtvaardigd, in den Naam van den Heere Jezus, en door den Geest onzes Gods; 1 Johannes 1:7 : Maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkander, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde. Johannes 1:7 : Deze kwam tot een getuigenis, om van het Licht te getuigen, opdat zij allen door hem geloven zouden. Openbaring 7:14 : En ik sprak tot hem: Heere, gij weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun lange klederen gewassen, en hebben hun lange klederen wit gemaakt in het bloed des Lams.",
          "text1637": "Hebr. vermenichvuldicht, wascht my. ofte, vermenichvuldicht, maeckt veel my te wasschen, ofte, wascht my veel, ofte, veelvoudichlick. wel ter degen, over ende weer over. aldus spreeckt David uyt overdenckinge ende gevoel van de grootheyt ende veelheyt sijner sonden. De maniere van spreken is wel genomen van het uyterlick ende ceremoniael wasschen ende reynigen, (waer van Lev. 11.25, 32. ende 14.8, 9. Num. 19.19, 20, etc. oock Exod. 19.10.) maer siet op de beteeckende sake, T.w. de geestelicke afwasschinge ende reyninge van sonden, door het bloet des Messie. Siet Apoc. 7.14. 1.Ioh. 1.7. ende 1.Corint. 6.11. Vergelijckt ond. vers 9.",
          "text2026": "Was mij wel: Hebr., Vermenigvuldig, was mij , of: Vermenigvuldig, maak veel mij te groeien , of: Was mij veel of veelvoudiglijk , wel terdege, over en weer over. Aldus spreekt David uit overdenking en gevoel van de grootheid en veelheid zijn zonden. De manier van spreken is wel genomen van het uiterlijk en ceremonieel groeien en reinigen (waarvan Lev. 11:25 , 11:32 ; 14:8 , 14:9 ; Num. 19:19 , 19:20 , enz., ook Ex. 19:10 ), maar ziet op de betekende zaak, te weten de geestelijke afwassing en reiniging van zonden door het bloed van de Messias . Zie 1 Kor. 6:11 ; 1 Joh. 1:7 ; Openb. 7:14 . Vgl. onder, vers 9. Leviticus 11:25 : Zo wie van hun dood aas gedragen zal hebben, zal zijn kleren groeien, en onrein zijn tot aan de avond. Leviticus 11:32 : Daartoe al wat, waarop iets van dezelfde vallen zal, als zij dood zijn, zal onrein zijn, hetzij van alle houten vat, of kleed, of vel, of zak, of alle vat, waarmee enig werk gedaan wordt; het zal in het water gestoken worden, en onrein zijn tot aan de avond; daarna zal het rein zijn. Leviticus 14:8 : Die nu te reinigen is, zal zijn kleren groeien, en al zijn haar afscheren, en zich in het water afwassen, zo zal hij rein zijn; daarna zal hij in het leger komen, maar zal buiten zijn tent zeven dagen blijven. Leviticus 14:9 : En op de zevende dag zal het gebeuren, dat hij al zijn haar zal afscheren, zijn hoofd, en zijn baard, en de wenkbrauwen zijn ogen; ja, al zijn haar zal hij afscheren, en al zijn kleren groeien, en zijn vlees met water baden, zo zal hij rein zijn. Numeri 19:19 : En de reine zal de onreine op de derde dag, en op de zevende dag besprengen; en op de zevende dag zal hij hem ontzondigen; en hij zal zijn kleren groeien, en zich met water baden, en op de avond rein zijn. Numeri 19:20 : Wie daarentegen onrein zal zijn, en zich niet zal ontzondigen, die ziel zal uit het midden van de gemeente uitgeroeid worden; want hij heeft het heiligdom van JAHWEH verontreinigd, het water van de afzondering is op hem niet gesprengd, hij is onrein. Exodus 19:10 : Ook zei JAHWEH tot Mozes: Ga tot het volk, en heilig hen heden en morgen, en dat zij hun kleren groeien, 1 Korinthiërs 6:11 : En dit was u sommigen; maar u bent afgewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd, in de Naam van de Heer Jezus, en door de Geest onzes Gods; 1 Johannes 1:7 : Maar als wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkaar, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde. Johannes 1:7 : Deze kwam tot een getuigenis, om van het Licht te getuigen, opdat zij allen door hem geloven zouden. Openbaring 7:14 : En ik sprak tot hem: Heer, u weet het. En hij zei tot mij: Deze zijn het, die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun lange kleren gewassen, en hebben hun lange kleren wit gemaakt in het bloed van het Lam."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הרבה",
          "strongs": "H7235",
          "morph": "HVha"
        },
        {
          "woord": "כַּבְּסֵ֣/נִי",
          "strongs": "H3526",
          "morph": "HVpv2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/עֲוֺנִ֑/י",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּֽ/מֵ/חַטָּאתִ֥/י",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HC/R/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "טַהֲרֵֽ/נִי",
          "strongs": "H2891",
          "morph": "HVpv2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Was mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> wel van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.",
      "textSV1888_html": "Was mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> wel van mijn ongerechtigheid, en reinig mij van mijn zonde.",
      "text1637_html": "Wascht my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> wel van mijne ongerechticheyt: ende reynicht my van mijne sonde."
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Want ik ken mijn overtredingen, en mijn zonde is steeds voor mij.",
      "text1637": "Want ick [6] kenne mijne overtredingen: ende mijne sonde is steedts voor my.",
      "text2026": "Want ik ken mijn overtredingen, en mijn zonde is steeds voor mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ken mijn overtredingen: Of, ik weet, mijn overtredingen zijn mij bekend .",
          "text1637": "Ofte, ick weet, mijne overtredingen zijn my bekent.",
          "text2026": "ken mijn overtredingen: Of, ik weet, mijn overtredingen zijn mij bekend ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "פְ֭שָׁעַ/י",
          "strongs": "H6588",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֣י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵדָ֑ע",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/חַטָּאתִ֖/י",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נֶגְדִּ֣/י",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תָמִֽיד",
          "strongs": "H8548",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ken mijn overtredingen, en mijn zonde is steeds voor mij.",
      "textSV1888_html": "Want ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ken mijn overtredingen, en mijn zonde is steeds voor mij.",
      "text1637_html": "Want ick <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> kenne mijne overtredingen: ende mijne sonde is steedts voor my."
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd, en gedaan, dat kwaad is in Uw ogen; opdat Gij rechtvaardig zijt in Uw spreken, en rein zijt in Uw richten.",
      "text1637": "Tegen u, u [7] alleen, heb ick gesondicht, ende gedaen dat [8] quaet is in uwe oogen: [c] op dat ghy [9] rechtveerdich zijt in u spreken, [ende] reyn zijt in u richten.",
      "text2026": "Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd, en gedaan, dat kwaad is in Uw ogen; opdat U rechtvaardig bent in Uw spreken, en rein bent in Uw richten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "U alleen: Te weten, voor zoveel ik, gepoogd hebbende mijn zonden voor mensen te verbergen, U nochtans door Nathans aanzeggingen bevonden en in mijn consciëntie gevoeld heb een Getuige en Rechter daarvan te zijn; Gij Die ook alleen mijn zonde kondet straffen en vergeven.",
          "text1637": "T.w. voor soo veel ick, gepoocht hebbende mijne sonden voor menschen te verbergen, u nochtans, door Nathans aenseggingen, bevonden ende in mijne conscientie gevoelt hebbe een getuyge ende Richter daer van te zijn: ghy die oock alleen mijne sonde kondt straffen, ende vergeven.",
          "text2026": "U alleen: Te weten, voor zoveel ik, gepoogd hebbende mijn zonden voor mensen te verbergen, U nochtans door Nathans aanzeggingen bevonden en in mijn consciëntie gevoeld heb een Getuige en Rechter daarvan te zijn; U Die ook alleen mijn zonde konde straffen en vergeven."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, wat U mishaagt.",
          "text1637": "Dat is, dat u mishaecht.",
          "text2026": "Dat is, wat U mishaagt."
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Rom. 3:4 . Romeinen 3:4 : Dat zij verre. Doch God zij waarachtig, maar alle mens leugenachtig; gelijk als geschreven is: Opdat Gij gerechtvaardigd wordt in Uw woorden, en overwint, wanneer Gij oordeelt.",
          "text1637": "Rom. 3.4.",
          "text2026": "Rom. 3:4 . Romeinen 3:4 : Dat zij verre. Maar God zij waarachtig, maar alle mens leugenachtig; gelijk als geschreven is: Opdat U gerechtvaardigd wordt in Uw woorden, en overwint, wanneer U oordeelt."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, rechtvaardig bevonden, gehouden en geoordeeld wordt. Door deze bekentenis geeft David God de eer, dat Zijn woorden en oordelen, hem door Nathan aangediend, rechtvaardig en rein zijn. Anders: zodat Gij rechtvaardig zijt , enz.",
          "text1637": "D. rechtveerdich bevonden, gehouden ende geoordeelt wordet. door dese bekentenisse geeft David Godt de eere, dat sijne woorden ende oordeelen, hem door Nathan aengedient, rechtveerdich ende reyn zijn. And. so dat ghy rechtveerdich zijt, etc.",
          "text2026": "Dat is, rechtvaardig bevonden, gehouden en geoordeeld wordt. Door deze bekentenis geeft David God de eer, dat Zijn woorden en oordelen, hem door Nathan aangediend, rechtvaardig en rein zijn. Anders: zodat U rechtvaardig bent , enz."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/ךָ֤",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/בַדְּ/ךָ֨",
          "strongs": "H905",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "חָטָאתִי֮",
          "strongs": "H2398",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/הָ/רַ֥ע",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HC/Td/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עֵינֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HR/Ncbdc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עָ֫שִׂ֥יתִי",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "לְ֭מַעַן",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "תִּצְדַּ֥ק",
          "strongs": "H6663",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/דָבְרֶ֗/ךָ",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HR/Vqc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תִּזְכֶּ֥ה",
          "strongs": "H2135",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/שָׁפְטֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H8199",
          "morph": "HR/Vqc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Tegen U, U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> alleen, heb ik gezondigd, en gedaan, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> kwaad is in Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> ogen; opdat U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> rechtvaardig bent in Uw spreken, en rein bent in Uw richten.",
      "textSV1888_html": "Tegen U, U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> alleen, heb ik gezondigd, en gedaan, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> kwaad is in Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> ogen; opdat Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> rechtvaardig zijt in Uw spreken, en rein zijt in Uw richten.",
      "text1637_html": "Tegen u, u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> alleen, heb ick gesondicht, ende gedaen dat <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> quaet is in uwe oogen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> op dat ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> rechtveerdich zijt in u spreken, [ende] reyn zijt in u richten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "bent",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "zijt",
          "new": "bent",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder ontvangen.",
      "text1637": "Siet, ick ben in [10] ongerechticheyt [11] geboren: ende in sonde heeft my mijne moeder [12] ontfangen.",
      "text2026": "Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder ontvangen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta de erfzonde, aangeboren verdorvenheid, het vlees en de inwonende zonde. Zie Joh. 3:6 ; Rom. 7:17 . Johannes 3:6 : Hetgeen uit het vlees geboren is, dat is vlees; en hetgeen uit den Geest geboren is, dat is geest. Romeinen 7:17 : Ik dan doe datzelve nu niet meer, maar de zonde, die in mij woont.",
          "text1637": "Verst. de erfsonde, aengeborene verdorventheyt, het vleesch, ende de inwoonende sonde. Siet Ioh. 3.6. Rom. 7.17.",
          "text2026": "Versta de erfzonde, aangeboren verdorvenheid, het vlees en de inwonende zonde. Zie Joh. 3:6 ; Rom. 7:17 . Johannes 3:6 : Wat uit het vlees geboren is, dat is vlees; en wat uit de Geest geboren is, dat is geest. Romeinen 7:17 : Ik dan doe datzelfde nu niet meer, maar de zonde, die in mij woont."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Alzo wordt het Hebreeuwse woord gebruikt Job 15:7 ; Spreuk. 8:24 , 8:25 . Job 15:7 : Zijt gij de eerste een mens geboren? Of zijt gij voor de heuvelen voortgebracht? Spreuken 8:24 : Ik was geboren, als de afgronden nog niet waren, als nog geen fonteinen waren, zwaar van water; Spreuken 8:25 : Aleer de bergen ingevest waren, voor de heuvelen was Ik geboren.",
          "text1637": "Alsoo wort het Hebr. woort gebruyckt Iob 15.7. Prov. 8.24, 25.",
          "text2026": "Zo wordt het Hebreeuwse woord gebruikt Job 15:7 ; Spr. 8:24 , 8:25 . Job 15:7 : Bent u de eerste een mens geboren? Of bent u voor de heuvelen voortgebracht? Spreuken 8:24 : Ik was geboren, als de afgronden nog niet waren, als nog geen fonteinen waren, zwaar van water; Spreuken 8:25 : Aleer de bergen ingevest waren, voor de heuvelen was Ik geboren."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., verwarmd . Of, is van mij verwarmd geworden , te weten mij ontvangende en dragende. Aangaande het Hebreeuwse woord vgl. Gen. 30:38 , 30:39 , 30:41 . Genesis 30:38 : En hij leide deze roeden, die hij geschild had, in de goten, en in de drinkbakken van het water, waar de kudde kwam drinken, tegenover de kudde; en zij werden verhit, als zij kwamen om te drinken. Genesis 30:39 : Als dan de kudde verhit werd bij de roeden, zo lammerde de kudde gesprenkelde, gespikkelde, en geplekte. Genesis 30:41 : En het geschiedde, telkens als de kudde der vroegelingen verhit werd, zo stelde Jakob de roeden voor de ogen der kudde in de goten, opdat zij hittig werden bij de roeden.",
          "text1637": "Hebr. verwarmt. ofte, is van my verwarmt geworden. T.w. my ontfangende ende dragende. aengaende het Hebr. woort, vergel. Genes. 30.38, 39, 41.",
          "text2026": "Hebr., verwarmd . Of, is van mij verwarmd geworden , te weten mij ontvangende en dragende. Aangaande het Hebreeuwse woord vgl. Gen. 30:38 , 30:39 , 30:41 . Genesis 30:38 : En hij legde deze roeden, die hij geschild had, in de goten, en in de drinkbakken van het water, waar de kudde kwam drinken, tegenover de kudde; en zij werden verhit, als zij kwamen om te drinken. Genesis 30:39 : Als dan de kudde verhit werd bij de roeden, zo lammerde de kudde gesprenkelde, gespikkelde, en geplekte. Genesis 30:41 : En het geschiedde, telkens als de kudde van de vroegelingen verhit werd, zo stelde Jakob de roeden voor de ogen van de kudde in de goten, opdat zij hittig werden bij de roeden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֵן",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "בְּ/עָו֥וֹן",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "חוֹלָ֑לְתִּי",
          "strongs": "H2342",
          "morph": "HVOp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/בְ/חֵ֗טְא",
          "strongs": "H2399",
          "morph": "HC/R/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יֶֽחֱמַ֥תְ/נִי",
          "strongs": "H3179",
          "morph": "HVpp3fs/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אִמִּֽ/י",
          "strongs": "H517",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zie, ik ben in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> ongerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> ontvangen.",
      "textSV1888_html": "Zie, ik ben in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> ongerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> ontvangen.",
      "text1637_html": "Siet, ick ben in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> ongerechticheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> geboren: ende in sonde heeft my mijne moeder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> ontfangen."
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Zie, Gij hebt lust tot waarheid in het binnenste, en in het verborgene maakt Gij mij wijsheid bekend.",
      "text1637": "Siet, ghy hebt lust tot [13] waerheyt in het [14] binnenste: ende in’t [15] verborgene maeckt ghy my wijsheyt bekent.",
      "text2026": "Zie, U hebt lust tot waarheid in het binnenste, en in het verborgene maakt U mij wijsheid bekend.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, ongeveinsdheid, onbedrieglijke oprechtheid, gesteld tegen huichelarij en geveinsdheid, waaraan zich David te dezen tijde had schuldig gemaakt.",
          "text1637": "Dat is, ongeveynstheyt, onbedriechlicke oprechticheyt, gestelt tegen huychelrye ende geveynstheyt, waer aen sich David te deser tijt hadde schuldich gemaeckt.",
          "text2026": "Dat is, ongeveinsdheid, onbedrieglijke oprechtheid, gesteld tegen huichelarij en geveinsdheid, waaraan zich David te deze tijde had schuldig gemaakt."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, binnenste , inwendige delen of partijen , te weten des mensen, dat is, in het hart. Vgl. Rom. 2:29 ; 7:22 ; 2 Kor. 4:16 ; 1 Petr. 3:4 . Insgelijks Luk. 11:39 , 11:40 . Het Hebreeuwse woord wordt alleen hier en Job 38:36 gevonden, komende van een woord dat bestrijken , bedekken , overtrekken (als muren met kalk, cement, leem , enz.) betekent, en wordt van sommigen overgezet met nieren (als met vet overdekt zijnde), waardoor de bewegingen des mensen dikwijls verstaan worden. Doch van anderen met praecordia , dat is, hartendeksel of borstbeen , dat het hart overdekt, waarin God de wijsheid gesteld heeft, Job 38:36 . Romeinen 2:29 : Maar die is een Jood, die het in het verborgen is, en de besnijdenis des harten, in den geest, niet in de letter, is de besnijdenis; wiens lof niet is uit de mensen, maar uit God. Romeinen 7:22 : Want ik heb een vermaak in de wet Gods, naar den inwendigen mens; 2 Korinthiërs 4:16 : Daarom vertragen wij niet; maar hoewel onze uitwendige mens verdorven wordt, zo wordt nochtans de inwendige vernieuwd van dag tot dag. 1 Petrus 3:4 : Maar de verborgen mens des harten, in het onverderfelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God. Lukas 11:39 : En de Heere zeide tot hem: Nu gij Farizeën, gij reinigt het buitenste des drinkbekers en des schotels; maar het binnenste van u is vol van roof en boosheid. Lukas 11:40 : Gij onverstandigen! Die het buitenste heeft gemaakt, heeft Hij ook niet het binnenste gemaakt? Job 38:36 : Wie heeft de wijsheid in het binnenste gezet? Of wie heeft den zin het verstand gegeven? Job 38:36 : Wie heeft de wijsheid in het binnenste gezet? Of wie heeft den zin het verstand gegeven?",
          "text1637": "Ofte, binnenste, inwendige deelen, ofte, partyen. te weten, des menschen. dat is, in’t herte. Vergel. Rom. 2.29. ende 7.22. 2.Cor. 4.16. 1.Pet. 3.4. Item, Luc. 11.39, 40. het Hebr. woort wort alleen hier ende Iob 38.36. gevonden, komende van een woort, dat bestrijcken, bedecken, overtrecken (als mueren met kalck, cement, leem etc.) beteeckent, ende wort van sommige overgesett, nieren (als met vet overdeckt zijnde) waer door de bewegingen des menschen dickwils verstaen worden. doch van andere, praecordia, dat is, herten-decksel, ofte, borstbeen, dat het herte overdeckt, daer in Godt de wijsheyt gestelt heeft, Iob 38.36.",
          "text2026": "Of, binnenste , inwendige delen of partijen , te weten van de mensen, dat is, in het hart. Vgl. Rom. 2:29 ; 7:22 ; 2 Kor. 4:16 ; 1 Petr. 3:4 . Ook Luk. 11:39 , 11:40 . Het Hebreeuwse woord wordt alleen hier en Job 38:36 gevonden, komende van een woord dat bestrijken , bedekken , overtrekken (als muren met kalk, cement, leem , enz.) betekent, en wordt van sommigen overgezet met nieren (als met vet overdekt zijnde), waardoor de bewegingen van de mensen dikwijls verstaan worden. Maar van anderen met praecordia , dat is, hartendeksel of borstbeen , dat het hart overdekt, waarin God de wijsheid gesteld heeft, Job 38:36 . Romeinen 2:29 : Maar die is een Jood, die het in het verborgen is, en de besnijdenis van de harten, in de geest, niet in de letter, is de besnijdenis; wiens lof niet is uit de mensen, maar uit God. Romeinen 7:22 : Want ik heb een vermaak in de wet van God, naar de inwendigen mens; 2 Korinthiërs 4:16 : Daarom vertragen wij niet; maar hoewel onze uitwendige mens verdorven wordt, zo wordt nochtans de inwendige vernieuwd van dag tot dag. 1 Petrus 3:4 : Maar de verborgen mens van de harten, in het onverderfelijk versiersel van een zachtmoedigen en stillen geest, die kostelijk is voor God. Lukas 11:39 : En de Heer zei tot hem: Nu u Farizeën, u reinigt het buitenste van de drinkbekers en van de schotels; maar het binnenste van u is vol van roof en boosheid. Lukas 11:40 : U onverstandigen! Die het buitenste heeft gemaakt, heeft Hij ook niet het binnenste gemaakt? Job 38:36 : Wie heeft de wijsheid in het binnenste gezet? Of wie heeft de zin het verstand gegeven? Job 38:36 : Wie heeft de wijsheid in het binnenste gezet? Of wie heeft de zin het verstand gegeven?"
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, beslotene , te weten het hart. Hij schijnt te willen zeggen, dat God hem geleerd heeft, niet alleen van buiten zijn licht te laten schijnen, maar ook inzonderheid van binnen en in het verborgene heilig te zijn. Sommigen duiden het op de wijsheid Gods in verborgenheid , 1 Kor. 2:7 , enz., in het Evangelie en door Zijn Geest geopenbaard. 1 Korinthiërs 2:7 : Maar wij spreken de wijsheid Gods, bestaande in verborgenheid, die bedekt was, welke God te voren verordineerd heeft tot heerlijkheid van ons, eer de wereld was;",
          "text1637": "Ofte, beslotene, te weten, het herte. hy schijnt te willen seggen, dat Godt hem geleert heeft niet alleen van buyten sijn licht te laten schijnen, maer oock insonderheyt van binnen ende in’t verborgen heylich te zijn. Sommige duyden’t op de wijsheyt Godts in verborgentheyt. 1.Cor. 2.7, etc. in den Euangelio ende door sijnen Geest geopenbaert.",
          "text2026": "Of, beslotene , te weten het hart. Hij schijnt te willen zeggen, dat God hem geleerd heeft, niet alleen van buiten zijn licht te laten schijnen, maar ook in het bijzonder van binnen en in het verborgene heilig te zijn. Sommigen duiden het op de wijsheid van God in verborgenheid , 1 Kor. 2:7 , enz., in het Evangelie en door Zijn Geest geopenbaard. 1 Korinthiërs 2:7 : Maar wij spreken de wijsheid van God, bestaande in verborgenheid, die bedekt was, welke God te voren verordineerd heeft tot heerlijkheid van ons, voordat de wereld was;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֵן",
          "strongs": "H2005",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אֱ֭מֶת",
          "strongs": "H571",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "חָפַ֣צְתָּ",
          "strongs": "H2654",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "בַ/טֻּח֑וֹת",
          "strongs": "H2910",
          "morph": "HRd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/בְ/סָתֻ֗ם",
          "strongs": "H5640",
          "morph": "HC/R/Vqsmsa"
        },
        {
          "woord": "חָכְמָ֥ה",
          "strongs": "H2451",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "תוֹדִיעֵֽ/נִי",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVhi2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zie, U hebt lust tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> waarheid in het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> binnenste, en in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> het verborgene maakt U mij wijsheid bekend.",
      "textSV1888_html": "Zie, Gij hebt lust tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> waarheid in het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> binnenste, en in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> het verborgene maakt Gij mij wijsheid bekend.",
      "text1637_html": "Siet, ghy hebt lust tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> waerheyt in het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> binnenste: ende in’t <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> verborgene maeckt ghy my wijsheyt bekent.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Ontzondig mij met hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.",
      "text1637": "Ontsondich my met [d] [16] ysop, ende ick sal reyn zijn: wascht my, ende ick sal witter zijn als snee.",
      "text2026": "Ontzondig mij met hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Levit. 14:4 ; idem v. 6 ; Num. 19:6 ; idem v. 18 . Leviticus 14:4 : Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop. Leviticus 14:6 : Dien levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en den hysop; en zal die, en den levenden vogel dopen in het bloed des vogels, die boven het levende water geslacht is. Numeri 19:6 : En de priester zal nemen cederhout, en hysop, en scharlaken, en werpen ze in het midden van den brand dezer vaars. Numeri 19:18 : En een rein man zal hysop nemen, en in dat water dopen, en sprengen het aan die tent, en op al het gereedschap, en aan de zielen, die daar geweest zijn; insgelijks aan dengene, die een gebeente, of een verslagene, of een dode, of een graf aangeroerd heeft.",
          "text1637": "Levit. 14.4, 6. Num. 19. versen 6, 18.",
          "text2026": "Lev. 14:4 ; idem v. 6 ; Num. 19:6 ; idem v. 18 . Leviticus 14:4 : Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogels neme, en ook cederenhout, en scharlaken, en hysop. Leviticus 14:6 : Die levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en de hysop; en zal die, en de levenden vogel dopen in het bloed van de vogels, die boven het levende water geslacht is. Numeri 19:6 : En de priester zal nemen cederhout, en hysop, en scharlaken, en werpen ze in het midden van de brand van deze vaars. Numeri 19:18 : En een rein man zal hysop nemen, en in dat water dopen, en sprengen het aan die tent, en op al het gereedschap, en aan de zielen, die daar geweest zijn; ook aan dengene, die een gebeente, of een verslagene, of een dode, of een graf aangeroerd heeft."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ontzondig mij met hysop: Dat is, door de besprenging met het bloed van den Messias , afgebeeld door de ceremoniën, waarvan te zien is Lev. 14:4 , 14:5 , 14:6 , 14:7 . Num. 19:6 , 19:9 . Zie de aantekeningen aldaar; en van hysop 1 Kon. 4:33 . Leviticus 14:4 : Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogelen neme, mitsgaders cederenhout, en scharlaken, en hysop. Leviticus 14:5 : De priester zal ook gebieden, dat men den ene vogel slachte, in een aarden vat, over levend water. Leviticus 14:6 : Dien levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en den hysop; en zal die, en den levenden vogel dopen in het bloed des vogels, die boven het levende water geslacht is. Leviticus 14:7 : En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en den levenden vogel in het open veld vliegen laten. Numeri 19:6 : En de priester zal nemen cederhout, en hysop, en scharlaken, en werpen ze in het midden van den brand dezer vaars. Numeri 19:9 : En een rein man zal de as dezer vaars verzamelen, en buiten het leger in een reine plaats wegleggen; en het zal zijn ter bewaring voor de vergadering van de kinderen Israëls, tot het water der afzondering; het is ontzondiging. 1 Koningen 4:33 : Hij sprak ook van de bomen, van den cederboom af, die op den Libanon is, tot op den hysop, die aan den wand uitwast; hij sprak ook van het vee, en van het gevogelte, en van de kruipende dieren, en van de vissen.",
          "text1637": "Dat is, door de besprenginge met het bloet des Messie, afgebeelt door de Ceremonie, waer van te sien is, Levit. 14. versen 4, 5, 6, 7. Num. 19. versen 6, 9. siet d’aenteeckeninge aldaer, ende van Ysop, 1.Reg. 4. op vers 33.",
          "text2026": "Ontzondig mij met hysop: Dat is, door de besprenging met het bloed van de Messias , afgebeeld door de ceremoniën, waarvan te zien is Lev. 14:4 , 14:5 , 14:6 , 14:7 . Num. 19:6 , 19:9 . Zie de aantekeningen daar; en van hysop 1 Kon. 4:33 . Leviticus 14:4 : Zo zal de priester gebieden, dat men voor hem, die te reinigen zal zijn, twee levende reine vogels neme, en ook cederenhout, en scharlaken, en hysop. Leviticus 14:5 : De priester zal ook gebieden, dat men de één vogel slachte, in een aarden vat, over levend water. Leviticus 14:6 : Die levenden vogel zal hij nemen, en het cederhout, en het scharlaken, en de hysop; en zal die, en de levenden vogel dopen in het bloed van de vogels, die boven het levende water geslacht is. Leviticus 14:7 : En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren, en de levenden vogel in het open veld vliegen laten. Numeri 19:6 : En de priester zal nemen cederhout, en hysop, en scharlaken, en werpen ze in het midden van de brand van deze vaars. Numeri 19:9 : En een rein man zal de as van deze vaars verzamelen, en buiten het leger in een reine plaats wegleggen; en het zal zijn ter bewaring voor de vergadering van de kinderen van Israël, tot het water van de afzondering; het is ontzondiging. 1 Koningen 4:33 : Hij sprak ook van de bomen, van de cederboom af, die op de Libanon is, tot op de hysop, die aan de wand uitwast; hij sprak ook van het vee, en van het gevogelte, en van de kruipende dieren, en van de vissen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּחַטְּאֵ֣/נִי",
          "strongs": "H2398",
          "morph": "HVpi2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְ/אֵז֣וֹב",
          "strongs": "H231",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶטְהָ֑ר",
          "strongs": "H2891",
          "morph": "HC/Vqi1cs"
        },
        {
          "woord": "תְּ֝כַבְּסֵ֗/נִי",
          "strongs": "H3526",
          "morph": "HVpi2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִ/שֶּׁ֥לֶג",
          "strongs": "H7950",
          "morph": "HC/R/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אַלְבִּֽין",
          "strongs": "H3835",
          "morph": "HVhi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ontzondig mij met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.",
      "textSV1888_html": "Ontzondig mij met<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.",
      "text1637_html": "Ontsondich my met <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> ysop, ende ick sal reyn zijn: wascht my, ende ick sal witter zijn als snee."
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Doe mij vreugde en blijdschap horen; dat de beenderen zich verheugen, die Gij verbrijzeld hebt.",
      "text1637": "Doet my vreuchde ende blijtschap [17] hooren; dat de [18] beenderen sich verheugen, [die] ghy verbrijselt hebt.",
      "text2026": "Doe mij vreugde en blijdschap horen; dat de beenderen zich verheugen, die U verbrijzeld hebt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Door mij te verzekeren van de vergeving mijner zonden, inwendiglijk door Uw Heiligen Geest en uitwendiglijk door den dienst Uwer profeten.",
          "text1637": "Mits my versekerende van de vergevinge mijner sonden, inwendichlick door uwen Heyligen Geest, ende uytwendichlick door den dienst uwer Propheten.",
          "text2026": "Door mij te verzekeren van de vergeving mijn zonden, inwendiglijk door Uw Heilige Geest en uitwendiglijk door de dienst Uw profeten."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "beenderen zich verheugen: Dat is, dat ik mij verheuge, wien Gij door de boodschap Uwer gramschap zulke smart hebt aangedaan, als iemand lijdt, dien de beenderen gebroken en verbrijzeld of vermorzeld worden, of wiens kracht, vermogen en lust als versmolten is. Zie Job 2:5 ; 30:17 ; 33:19 . Ps. 35:10 ; 38:4 , enz. Job 2:5 : Doch strek nu Uw hand uit, en tast zijn gebeente en zijn vlees aan; zo hij U niet in Uw aangezicht zal zegenen! Job 30:17 : Des nachts doorboort Hij mijn beenderen in mij, en mijn polsaderen rusten niet. Job 33:19 : Ook wordt hij gestraft met smart op zijn leger, en de sterke menigte zijner beenderen; Psalmen 35:10 : Al mijn beenderen zullen zeggen: HEERE, wie is U gelijk! U, Die den ellendige redt van dien, die sterker is dan hij, en den ellendige en nooddruftige van zijn berover. Psalmen 38:4 : Er is niets geheels in mijn vlees, vanwege Uw gramschap; er is geen vrede in mijn beenderen, vanwege mijn zonde.",
          "text1637": "D. dat ick my verheuge, dien ghy door de bootschap uwer gramschap sulcke smerte hebt aengedaen, als yemant lijdt, dien de beenderen gebroken ende verbrijselt ofte vermorselt worden, ofte wiens kracht, vermogen ende lust als versmolten is. Siet Iob 2.5. ende 30.17. ende 33.19. Psal. 35.10. ende 38.4, etc.",
          "text2026": "beenderen zich verheugen: Dat is, dat ik mij verheuge, wie U door de boodschap Uw toorn zulke smart hebt aangedaan, als iemand lijdt, die de beenderen gebroken en verbrijzeld of vermorzeld worden, of wiens kracht, vermogen en lust als versmolten is. Zie Job 2:5 ; 30:17 ; 33:19 . Ps. 35:10 ; 38:4 , enz. Job 2:5 : Maar strek nu Uw hand uit, en tast zijn gebeente en zijn vlees aan; zo hij U niet in Uw aangezicht zal zegenen! Job 30:17 : Van de nachts doorboort Hij mijn beenderen in mij, en mijn polsaderen rusten niet. Job 33:19 : Ook wordt hij gestraft met smart op zijn leger, en de sterke menigte zijn beenderen; Psalmen 35:10 : Al mijn beenderen zullen zeggen: JAHWEH, wie is U gelijk! U, Die de ellendige redt van die, die sterker is dan hij, en de ellendige en nooddruftige van zijn berover. Psalmen 38:4 : Er is niets geheels in mijn vlees, vanwege Uw toorn; er is geen vrede in mijn beenderen, vanwege mijn zonde."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תַּ֭שְׁמִיעֵ/נִי",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVhi2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שָׂשׂ֣וֹן",
          "strongs": "H8342",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/שִׂמְחָ֑ה",
          "strongs": "H8057",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "תָּ֝גֵ֗לְנָה",
          "strongs": "H1523",
          "morph": "HVqi3fp"
        },
        {
          "woord": "עֲצָמ֥וֹת",
          "strongs": "H6106",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "דִּכִּֽיתָ",
          "strongs": "H1794",
          "morph": "HVpp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Doe mij vreugde en blijdschap<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> horen; dat de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beenderen zich verheugen, die U verbrijzeld hebt.",
      "textSV1888_html": "Doe mij vreugde en blijdschap<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> horen; dat de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beenderen zich verheugen, die Gij verbrijzeld hebt.",
      "text1637_html": "Doet my vreuchde ende blijtschap <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> hooren; dat de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beenderen sich verheugen, [die] ghy verbrijselt hebt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Verberg Uw aangezicht van mijn zonden, en delg uit al mijn ongerechtigheden.",
      "text1637": "[19] Verbercht u aengesicht van mijne sonden: ende [20] delcht uyt alle mijn ongerechticheden.",
      "text2026": "Verberg Uw aangezicht van mijn zonden, en wis uit al mijn ongerechtigheden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, reken ze mij niet toe. Vgl. Ps. 90:8 ; 109:14 , 109:15 . Jer. 16:17 . Psalmen 90:8 : Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke zonden in het licht Uws aanschijns. Psalmen 109:14 : De ongerechtigheid zijner vaderen worde gedacht bij den HEERE, en de zonde zijner moeder worde niet uitgedelgd. Psalmen 109:15 : Dat zij gedurig voor den HEERE zijn; en Hij roeie hun gedachtenis uit van de aarde. Jeremia 16:17 : Want Mijn ogen zijn op al hun wegen; zij zijn voor Mijn aangezicht niet verborgen, noch hun ongerechtigheid verholen van voor Mijn ogen.",
          "text1637": "Dat is, rekentse my niet toe. Vergel. Psal. 90. op vers 8.ende 109.14, 15. Ierem. 16.17.",
          "text2026": "Dat is, reken ze mij niet toe. Vgl. Ps. 90:8 ; 109:14 , 109:15 . Jer. 16:17 . Psalmen 90:8 : U stelt onze ongerechtigheden voor U, onze geheime zonden in het licht Uws aangezichts. Psalmen 109:14 : De ongerechtigheid zijn vaders worde gedacht bij JAHWEH, en de zonde zijn moeder worde niet uitgedelgd. Psalmen 109:15 : Dat zij gedurig voor JAHWEH zijn; en Hij roeie hun gedachtenis uit van de aarde. Jeremia 16:17 : Want Mijn ogen zijn op al hun wegen; zij zijn voor Mijn aangezicht niet verborgen, noch hun ongerechtigheid verborgen van voor Mijn ogen."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "delg uit: Als vers 3.",
          "text1637": "Als bov. vers 3.",
          "text2026": "delg uit: Als vers 3."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַסְתֵּ֣ר",
          "strongs": "H5641",
          "morph": "HVhv2ms"
        },
        {
          "woord": "פָּ֭נֶי/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מֵ/חֲטָאָ֑/י",
          "strongs": "H2399",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עֲוֺ֖נֹתַ֣/י",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מְחֵֽה",
          "strongs": "H4229",
          "morph": "HVqv2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Verberg Uw aangezicht van mijn zonden, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> wis uit al mijn ongerechtigheden.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Verberg Uw aangezicht van mijn zonden, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> delg uit al mijn ongerechtigheden.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Verbercht u aengesicht van mijne sonden: ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> delcht uyt alle mijn ongerechticheden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "delg",
          "new": "wis",
          "principe": "V1213"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een vasten geest.",
      "text1637": "[21] Schept my een reyn herte, o Godt: ende vernieuwt in’t binnenste van my eenen [22] vasten geest.",
      "text2026": "Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een vasten geest.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Schep mij een rein hart: Dat is, werk door Uw Heiligen Geest krachtiglijk in mij de reiniging mijns harten. Alzo wordt het woord scheppen elders in deze materie gebruikt. Zie Jes. 41:20 ; 57:19 ; Efez. 2:10 ; 4:24 , enz. Jesaja 41:20 : Opdat zij zien, en bekennen, en overleggen, en te gelijk verstaan, dat de hand des HEEREN zulks gedaan, en dat de Heilige Israëls zulks geschapen heeft. Jesaja 57:19 : Ik schep de vrucht der lippen, vrede, vrede dengenen, die verre zijn, en dengenen, die nabij zijn, zegt de HEERE, en Ik zal hen genezen. Efeziërs 2:10 : Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen. Efeziërs 4:24 : En den nieuwen mens aandoen, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid.",
          "text1637": "Dat is, werckt door uwen H. Geest krachtichlick in my de reyninge mijns herten. Alsoo wort het woort scheppen elders in dese materie gebruyckt. siet Iesa. 41.20. ende 57.19. Ephes. 2.10.ende 4.24, etc.",
          "text2026": "Schep mij een rein hart: Dat is, werk door Uw Heilige Geest krachtiglijk in mij de reiniging mijns harten. Zo wordt het woord scheppen elders in deze materie gebruikt. Zie Jes. 41:20 ; 57:19 ; Efez. 2:10 ; 4:24 , enz. Jesaja 41:20 : Opdat zij zien, en bekennen, en overleggen, en te gelijk verstaan, dat de hand van JAHWEH zulks gedaan, en dat de Heilige van Israël zulks geschapen heeft. Jesaja 57:19 : Ik schep de vrucht van de lippen, vrede, vrede dengenen, die verre zijn, en dengenen, die nabij zijn, zegt JAHWEH, en Ik zal hen genezen. Efeziërs 2:10 : Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelfde zouden wandelen. Efeziërs 4:24 : En de nieuwen mens aandoen, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vasten geest: Dat is, vernieuw door een vast geloof een vasten en bestendigen opzet in mijn ziel tot de gehoorzaamheid Uwer geboden, opdat ik zo niet meer slibbere of valle als nu geschied is. Vgl. Ps. 57:8 ; 112:7. Vgl. wijders van hart en geest Ezech. 11:19 met de aantekeningen; en van des mensen binnenste Job 20:14 . Psalmen 57:8 : Mijn hart is bereid, o God! mijn hart is bereid; ik zal zingen, en psalmzingen. Ezechiël 11:19 : En Ik zal hun enerlei hart geven, en zal een nieuwen geest in het binnenste van u geven; en Ik zal het stenen hart uit hun vlees wegnemen, en zal hun een vlesen hart geven; Job 20:14 : Zijn spijze zal in zijn ingewand veranderd worden; gal der adderen zal zij in het binnenste van hem zijn.",
          "text1637": "D. vernieuwt door een vast geloove, een vast ende bestandich opset in mijne ziele, tot de gehoorsaemheyt uwer geboden, op dat ick soo niet meer en slibbere ofte valle, als nu geschiet is. Vergel. Psal. 57.8. ende 112.7. Vergel. wijders van, herte, ende geest, Ezech. 11.19. met d’aenteeck. ende van des menschen binnenste, Iob 20. op vers 14.",
          "text2026": "vasten geest: Dat is, vernieuw door een vast geloof een vasten en bestendigen opzet in mijn ziel tot de gehoorzaamheid Uw geboden, opdat ik zo niet meer slibbere of valle als nu geschied is. Vgl. Ps. 57:8 ; 112:7. Vgl. verder van hart en geest Ez. 11:19 met de aantekeningen; en van de mensen binnenste Job 20:14 . Psalmen 57:8 : Mijn hart is bereid, o God! mijn hart is bereid; ik zal zingen, en psalmzingen. Ezechiël 11:19 : En Ik zal hun enerlei hart geven, en zal een nieuwen geest in het binnenste van u geven; en Ik zal het stenen hart uit hun vlees wegnemen, en zal hun een vlesen hart geven; Job 20:14 : Zijn voedsel zal in zijn ingewand veranderd worden; gal van de adderen zal zij in het binnenste van hem zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לֵ֣ב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "טָ֭הוֹר",
          "strongs": "H2889",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "בְּרָא",
          "strongs": "H1254",
          "morph": "HVqv2ms"
        },
        {
          "woord": "לִ֣/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֑ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/ר֥וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HC/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "נָ֝כ֗וֹן",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVNrmsa"
        },
        {
          "woord": "חַדֵּ֥שׁ",
          "strongs": "H2318",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קִרְבִּֽ/י",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> vasten geest.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> vasten geest.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Schept my een reyn herte, o Godt: ende vernieuwt in’t binnenste van my eenen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> vasten geest."
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Verwerp mij niet van Uw aangezicht, en neem Uw Heiligen Geest niet van mij.",
      "text1637": "En [23] verwerpt my niet van u aengesicht: ende en neemt uwen [24] Heyligen Geest niet van my.",
      "text2026": "Verwerp mij niet van Uw aangezicht, en neem Uw Heilige Geest niet van mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Wat een gevolg is van Gods groten toorn. Zie Gen. 4:14 , 4:16 . 2 Kon. 24:20 ; Jer. 7:15 ; 52:3 . Genesis 4:14 : Zie, Gij hebt mij heden verdreven van den aardbodem, en ik zal voor Uw aangezicht verborgen zijn; en ik zal zwervende en dolende zijn op de aarde, en het zal geschieden, dat al wie mij vindt, mij zal doodslaan. Genesis 4:16 : En Kaïn ging uit van het aangezicht des HEEREN; en hij woonde in het land Nod, ten oosten van Eden. 2 Koningen 24:20 : Want het geschiedde, om den toorn des HEEREN tegen Jeruzalem en tegen Juda, totdat Hij hen van Zijn aangezicht weggeworpen had. En Zedekia rebelleerde tegen den koning van Babel. Jeremia 7:15 : En Ik zal ulieden van Mijn aangezicht wegwerpen, gelijk als Ik al uw broederen, het ganse zaad van Efraïm, weggeworpen heb. Jeremia 52:3 : Want het geschiedde, om den toorn des HEEREN tegen Jeruzalem en Juda, totdat Hij hen van Zijn aangezicht weggeworpen had; en Zedekia rebelleerde tegen den koning van Babel.",
          "text1637": "Dat een gevolg is van Godts grooten toorn. Siet Gen. 4.14, 16. 2.Reg. 24.20. Ierem. 7.15. ende 52.3.",
          "text2026": "Wat een gevolg is van Gods grote toorn. Zie Gen. 4:14 , 4:16 . 2 Kon. 24:20 ; Jer. 7:15 ; 52:3 . Genesis 4:14 : Zie, U hebt mij heden verdreven van de aardbodem, en ik zal voor Uw aangezicht verborgen zijn; en ik zal zwervende en dolende zijn op de aarde, en het zal gebeuren, dat al wie mij vindt, mij zal doodslaan. Genesis 4:16 : En Kaïn ging uit van het aangezicht van JAHWEH; en hij woonde in het land Nod, ten oosten van Eden. 2 Koningen 24:20 : Want het geschiedde, om de toorn van JAHWEH tegen Jeruzalem en tegen Juda, totdat Hij hen van Zijn aangezicht weggeworpen had. En Zedekia rebelleerde tegen de koning van Babel. Jeremia 7:15 : En Ik zal u van Mijn aangezicht wegwerpen, gelijk als Ik al uw broers, het gehele zaad van Efraïm, weggeworpen heb. Jeremia 52:3 : Want het geschiedde, om de toorn van JAHWEH tegen Jeruzalem en Juda, totdat Hij hen van Zijn aangezicht weggeworpen had; en Zedekia rebelleerde tegen de koning van Babel."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw Heiligen Geest: Hebr., רוּחַ, den Geest Uwer heiligheid , dat is, Uw Heiligen Geest; als berg Mijner heiligheid , Ps. 2:6 , paleis of tempel Zijner heiligheid , Ps. 11:4 , enz. Alzo hebben de Heere Christus en Zijn apostelen doorgaans den derden Persoon der Heilige Drievuldigheid genoemd den Heiligen Geest . Psalmen 2:6 : Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, den berg Mijner heiligheid. Psalmen 11:4 : De HEERE is in het paleis Zijner heiligheid, des HEEREN troon is in den hemel; Zijn ogen aanschouwen, Zijn oogleden proeven de mensenkinderen.",
          "text1637": "Hebr. den Geest uwer heylicheyt. dat is, uwen heyligen Geest, als, berch mijner heylicheyt, Psal. 2.6. Palleys, ofte, Tempel sijner heylicheyt. Psal. 11.4, etc. Alsoo hebben de Heere Christus ende sijne Apostelen doorgaens de derde Persoone der Heylige Drievuldicheyt genoemt den Heyligen Geest.",
          "text2026": "Uw Heilige Geest: Hebr., רוּחַ, de Geest Uw heiligheid , dat is, Uw Heilige Geest; als berg Mijn heiligheid , Ps. 2:6 , paleis of tempel Zijn heiligheid , Ps. 11:4 , enz. Zo hebben de Heer Christus en Zijn apostelen doorgaans de derde Persoon van de Heilige Drievuldigheid genoemd de Heilige Geest . Psalmen 2:6 : Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, de berg Mijn heiligheid. Psalmen 11:4 : JAHWEH is in het paleis Zijn heiligheid, van JAHWEH troon is in de hemel; Zijn ogen aanschouwen, Zijn oogleden proeven de mensenkinderen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַּשְׁלִיכֵ֥/נִי",
          "strongs": "H7993",
          "morph": "HVhj2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/לְּ/פָנֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/R/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/ר֥וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HC/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "קָ֝דְשְׁ/ךָ֗",
          "strongs": "H6944",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִּקַּ֥ח",
          "strongs": "H3947",
          "morph": "HVqj2ms"
        },
        {
          "woord": "מִמֶּֽ/נִּי",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verwerp<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> mij niet van Uw aangezicht, en neem Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Heilige Geest niet van mij.",
      "textSV1888_html": "Verwerp<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> mij niet van Uw aangezicht, en neem Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Heiligen Geest niet van mij.",
      "text1637_html": "En <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> verwerpt my niet van u aengesicht: ende en neemt uwen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Heyligen Geest niet van my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Heiligen",
          "new": "Heilige",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Geef mij weder de vreugde Uws heils; en de vrijmoedige geest ondersteune mij.",
      "text1637": "Geeft my weder de [25] vreuchde uwes heyls: ende de [26] vrymoedige geest ondersteune my.",
      "text2026": "Geef mij weer de vreugde van Uw heil; en de vrijmoedige geest ondersteune mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vreugde Uws heils: De vreugde die ik tevoren gevoeld en gehad heb over de zaligheid, die Gij mij bereid hebt en geven zult; waarvan het gevoel door mijn val in mij verduisterd is.",
          "text1637": "De vreuchde, die ick te vooren gevoelt ende gehadt hebbe, over de salicheyt die ghy my bereydt hebt ende geven sult: waer van het gevoel door mijnen val in my verduystert is.",
          "text2026": "vreugde Uws heils: De vreugde die ik tevoren gevoeld en gehad heb over de zaligheid, die U mij bereid hebt en geven zult; waarvan het gevoel door mijn val in mij verduisterd is."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "vrijmoedige geest ondersteune mij: Of, ondersteun mij met den vrijwilligen of vrijmoedigen , goedwilligen , edelen , weldadigen geest ; waardoor ik U met kinderlijke vrijmoedigheid mag aanroepen en met blijmoedigheid en bereidwilligheid dienen. Vgl. dit met den Geest des kindschaps , waarvan Rom. 8:15 , 8:16 . Anders: de Geest der goedwilligheid , vrijmoedigheid . Romeinen 8:15 : Want gij hebt niet ontvangen den Geest der dienstbaarheid wederom tot vreze; maar gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader! Romeinen 8:16 : Dezelve Geest getuigt met onzen geest, dat wij kinderen Gods zijn.",
          "text1637": "Ofte, ondersteunt my, [met] den vrijwilligen, ofte vrijmoedigen, goetwilligen, edelen, weldadigen geest: waer door ick u, met kinderlicke vrymoedicheyt mach aenroepen, ende met blymoedicheyt ende bereydtwillicheyt dienen. Vergel. dit met den Geest der kindtschap, waer van Rom. 8.15, 16. and. de Geest der goetwillicheyt, vrymoedicheyt.",
          "text2026": "vrijmoedige geest ondersteune mij: Of, ondersteun mij met de vrijwilligen of vrijmoedigen , goedwilligen , edelen , weldadigen geest ; waardoor ik U met kinderlijke vrijmoedigheid mag aanroepen en met blijmoedigheid en bereidwilligheid dienen. Vgl. dit met de Geest van de kindschaps , waarvan Rom. 8:15 , 8:16 . Anders: de Geest van de goedwilligheid , vrijmoedigheid . Romeinen 8:15 : Want u hebt niet ontvangen de Geest van de dienstbaarheid opnieuw tot vreze; maar u hebt ontvangen de Geest van de aanneming tot kinderen, door Welke wij roepen: Abba, Vader! Romeinen 8:16 : Dezelfde Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen van God zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הָשִׁ֣יבָ/ה",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "לִּ֭/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שְׂשׂ֣וֹן",
          "strongs": "H8342",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁעֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H3468",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/ר֖וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HC/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "נְדִיבָ֣ה",
          "strongs": "H5081",
          "morph": "HAafsa"
        },
        {
          "woord": "תִסְמְכֵֽ/נִי",
          "strongs": "H5564",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Geef mij weer de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> vreugde van Uw heil; en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> vrijmoedige geest ondersteune mij.",
      "textSV1888_html": "Geef mij weder de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> vreugde Uws heils; en de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> vrijmoedige geest ondersteune mij.",
      "text1637_html": "Geeft my weder de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> vreuchde uwes heyls: ende de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> vrymoedige geest ondersteune my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "weder",
          "new": "weer",
          "principe": "V66"
        },
        {
          "old": "Uws heils;",
          "new": "van Uw heil;",
          "principe": "V200"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Zo zal ik den overtreders Uw wegen leren; en de zondaars zullen zich tot U bekeren.",
      "text1637": "[27] So sal ick de overtreders uwe wegen leeren: ende de sondaers sullen sich tot u bekeeren.",
      "text2026": "Zo zal ik de overtreders Uw wegen leren; en de zondaars zullen zich tot U bekeren.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Door mijn voorbeeld zal ik hen onderwijzen en troosten, en door dat middel (ziende dat er genade bij U is voor een armen boetvaardigen zondaar) zullen zij zich bekeren. Van des Heeren wegen zie Gen. 18:19 . Ps. 25:4 , 25:10 ; Hos. 14:10 , enz. Genesis 18:19 : Want Ik heb hem gekend, opdat hij zijn kinderen en zijn huis na hem zoude bevelen, en zij den weg des HEEREN houden, om te doen gerechtigheid en gerichte; opdat de HEERE over Abraham brenge, hetgeen Hij over hem gesproken heeft. Psalmen 25:4 : Daleth. HEERE! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden. Psalmen 25:10 : Caph. Alle paden des HEEREN zijn goedertierenheid en waarheid, dengenen, die Zijn verbond en Zijn getuigenissen bewaren. Hosea 14:10 : Wie is wijs? die versta deze dingen; wie is verstandig? die bekenne ze; want des HEEREN wegen zijn recht, en de rechtvaardigen zullen daarin wandelen, maar de overtreders zullen daarin vallen.",
          "text1637": "Door mijn exempel sal ickse onderwijsen ende troosten, ende door dat middel (siende datter genade by u is voor eenen armen boetveerdigen sondaer) sullen sy haer bekeeren. van des Heeren wegen, siet Genes. 18. op vers 19. ende Psal. 25.4, 10. Hos. 14.10, etc.",
          "text2026": "Door mijn voorbeeld zal ik hen onderwijzen en troosten, en door dat middel (ziende dat er genade bij U is voor een armen boetvaardigen zondaar) zullen zij zich bekeren. van de Heer wegen zie Gen. 18:19 . Ps. 25:4 , 25:10 ; Hos. 14:10 , enz. Genesis 18:19 : Want Ik heb hem gekend, opdat hij zijn kinderen en zijn huis na hem zou bevelen, en zij de weg van JAHWEH houden, om te doen gerechtigheid en gerichte; opdat JAHWEH over Abraham brenge, wat Hij over hem gesproken heeft. Psalmen 25:4 : Daleth. JAHWEH! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden. Psalmen 25:10 : Caph. Alle paden van JAHWEH zijn goedertierenheid en waarheid, dengenen, die Zijn verbond en Zijn getuigenissen bewaren. Hosea 14:10 : Wie is wijs? die versta deze dingen; wie is verstandig? die bekenne ze; want van JAHWEH wegen zijn recht, en de rechtvaardigen zullen daarin wandelen, maar de overtreders zullen daarin vallen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲלַמְּדָ֣ה",
          "strongs": "H3925",
          "morph": "HVph1cs"
        },
        {
          "woord": "פֹשְׁעִ֣ים",
          "strongs": "H6586",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "דְּרָכֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H1870",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/חַטָּאִ֗ים",
          "strongs": "H2400",
          "morph": "HC/Aampa"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יָשֽׁוּבוּ",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Zo zal ik de overtreders Uw wegen leren; en de zondaars zullen zich tot U bekeren.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Zo zal ik den overtreders Uw wegen leren; en de zondaars zullen zich tot U bekeren.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> So sal ick de overtreders uwe wegen leeren: ende de sondaers sullen sich tot u bekeeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Verlos mij van bloedschulden, o God, Gij, God mijns heils! zo zal mijn tong Uw gerechtigheid vrolijk roemen.",
      "text1637": "Verlost my van [28] bloet-schulden, o Godt, ghy Godt mijns heyls: so sal mij-ne tonge uwe [29] gerechticheyt vrolick roemen.",
      "text2026": "Verlos mij van bloedschulden, o God, U, God van mijn heil! zo zal mijn tong Uw gerechtigheid vrolijk roemen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., דָּמִים, bloeden , dat is, de schuld van doodslag, dien ik aan Uria, en anderen die om zijnentwil mede zijn omgekomen, bedreven heb, waardoor ik de straf des doods zelf verdiend heb. Zie Gen. 4:10 ; 9:5 , 9:6 . Genesis 4:10 : En Hij zeide: Wat hebt gij gedaan? daar is een stem des bloeds van uw broeder, dat tot Mij roept van den aardbodem. Genesis 9:5 : En voorwaar, Ik zal uw bloed, het bloed uwer zielen eisen; van de hand van alle gedierte zal Ik het eisen; ook van de hand des mensen, van de hand eens iegelijken zijns broeders zal Ik de ziel des mensen eisen. Genesis 9:6 : Wie des mensen bloed vergiet, zijn bloed zal door den mens vergoten worden; want God heeft den mens naar Zijn beeld gemaakt.",
          "text1637": "Hebr. bloeden, dat is, de schult van dootslach, dien ick aen Uria, ende andere, die om sijnen’t wille mede zijn om-gekomen, bedreven hebbe, waer door ick de straffe des doots selfs verdient hebbe. Siet Genes. 4. op vers 10. ende 9. versen 5, 6.",
          "text2026": "Hebr., דָּמִים, bloeden , dat is, de schuld van doodslag, die ik aan Uria, en anderen die om zijnentwil mee zijn omgekomen, bedreven heb, waardoor ik de straf van de dood zelf verdiend heb. Zie Gen. 4:10 ; 9:5 , 9:6 . Genesis 4:10 : En Hij zei: Wat hebt u gedaan? daar is een stem van het bloed van uw broer, dat tot Mij roept van de aardbodem. Genesis 9:5 : En werkelijk, Ik zal uw bloed, het bloed uw zielen eisen; van de hand van alle gedierte zal Ik het eisen; ook van de hand van de mensen, van de hand eens iegelijken zijns broers zal Ik de ziel van de mensen eisen. Genesis 9:6 : Wie van de mensen bloed vergiet, zijn bloed zal door de mens vergoten worden; want God heeft de mens naar Zijn beeld gemaakt."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Die Gij bewijst in het genadig houden en volbrengen Uwer beloften. Anders gebedsgewijze: laat mijn tong , enz.",
          "text1637": "Die ghy bewijst in het genadich houden ende volbrengen uwer beloften. And. gebedts-wijse: laet mijne tonge, etc.",
          "text2026": "Die U bewijst in het genadig houden en volbrengen Uw beloften. Anders gebedsgewijze: laat mijn tong , enz."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַצִּ֘ילֵ֤/נִי",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HVhv2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/דָּמִ֨ים",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אֱֽלֹהִ֗ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֥י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "תְּשׁוּעָתִ֑/י",
          "strongs": "H8668",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תְּרַנֵּ֥ן",
          "strongs": "H7442",
          "morph": "HVpi3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ֝שׁוֹנִ֗/י",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "צִדְקָתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H6666",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verlos mij van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> bloedschulden, o God, U, God van mijn heil! zo zal mijn tong Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> gerechtigheid vrolijk roemen.",
      "textSV1888_html": "Verlos mij van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> bloedschulden, o God, Gij, God mijns heils! zo zal mijn tong Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> gerechtigheid vrolijk roemen.",
      "text1637_html": "Verlost my van <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> bloet-schulden, o Godt, ghy Godt mijns heyls: so sal mij-ne tonge uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> gerechticheyt vrolick roemen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij,",
          "new": "U,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "mijns heils!",
          "new": "van mijn heil!",
          "principe": "V213"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Heere, open mijn lippen, zo zal mijn mond Uw lof verkondigen.",
      "text1637": "Heere, [30] opent mijne lippen: so sal mijn mont uwen lof verkondigen.",
      "text2026": "Heere, open mijn lippen, zo zal mijn mond Uw lof verkondigen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "open mijn lippen: Leg in mijn mond een nieuw lied. Zie Ps. 40:4 . Hij wil zeggen, dat zijn mond, door de droefenis over zijn zonden en betrachting zijner onwaardigheid, als gesloten was, en door Gods genade en troost des Heiligen Geestes moest geopend worden. Psalmen 40:4 : En Hij heeft een nieuw lied in mijn mond gegeven, een lofzang onzen Gode; velen zullen het zien, en vrezen, en op den HEERE vertrouwen.",
          "text1637": "Lecht in mijnen mont een nieuw liedt. siet Psal. 40. op vers 7. Hy wil seggen, dat sijn mont, door de droeffenisse over sijne sonden ende betrachtinge sijner onwaerdicheyt, als gesloten was, ende door Godts genade ende troost des H. Geests moeste geopent worden.",
          "text2026": "open mijn lippen: Leg in mijn mond een nieuw lied. Zie Ps. 40:4 . Hij wil zeggen, dat zijn mond, door de droefenis over zijn zonden en betrachting zijn onwaardigheid, als gesloten was, en door Gods genade en troost van de Heiligen Geestes moest geopend worden. Psalmen 40:4 : En Hij heeft een nieuw lied in mijn mond gegeven, een lofzang onze voor God; velen zullen het zien, en vrezen, en op JAHWEH vertrouwen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲ֭דֹנָ/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שְׂפָתַ֣/י",
          "strongs": "H8193",
          "morph": "HNcfdc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תִּפְתָּ֑ח",
          "strongs": "H6605",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/פִ֗/י",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HC/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יַגִּ֥יד",
          "strongs": "H5046",
          "morph": "HVhi3ms"
        },
        {
          "woord": "תְּהִלָּתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H8416",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Heere,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> open mijn lippen, zo zal mijn mond Uw lof verkondigen.",
      "textSV1888_html": "Heere,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> open mijn lippen, zo zal mijn mond Uw lof verkondigen.",
      "text1637_html": "Heere, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> opent mijne lippen: so sal mijn mont uwen lof verkondigen.",
      "phraseDiff": []
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Want Gij hebt geen lust tot offerande, anders zou ik ze geven; in brandofferen hebt Gij geen behagen.",
      "text1637": "Want ghy en hebt [31] geenen lust tot offerhande, anders soud’ ickse geven: in brant-offeren en hebt ghy geen behagen.",
      "text2026": "Want U hebt geen lust tot offergave, anders zou ik ze geven; in brandoffers hebt U geen behagen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "geen lust: Te weten zonder voor- en medegaande boetvaardigheid. Zie den voorgaanden psalm, en onder, vers 21. Rom. 12:1 . Insgelijks Hos. 6:6 . Sommigen verstaan het van den staat des Nieuwen Testaments of den geestelijken godsdienst deszelven. Zie Ps. 50:8 . Romeinen 12:1 : Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode welbehagelijke offerande, welke is uw redelijke godsdienst. Hosea 6:6 : Want Ik heb lust tot weldadigheid, en niet tot offer; en tot de kennis Gods, meer dan tot brandofferen. Psalmen 50:8 : Om uw offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij.",
          "text1637": "T.w. sonder voor ende mede-gaende boetveerdicheyt. siet den voorgaenden Psalm, ende ond. vers 21. Rom. 12.1. item Hos. 6. op vers 6. sommige verstaen’t van den staet des nieuwen Testaments, ofte den geestelicken godtsdienst desselven. Siet Psal. 50. op vers 8.",
          "text2026": "geen lust: Te weten zonder voor- en medegaande boetvaardigheid. Zie de voorgaanden psalm, en onder, vers 21. Rom. 12:1 . Ook Hos. 6:6 . Sommigen verstaan het van de staat van de Nieuwen Testaments of de geestelijken godsdienst dezelfde. Zie Ps. 50:8 . Romeinen 12:1 : Ik bid u dan, broers, door de ontfermingen Gods, dat u uw lichamen stelt tot een levende, heilige en voor God welbehagelijke offerande, welke is uw redelijke godsdienst. Hosea 6:6 : Want Ik heb lust tot weldadigheid, en niet tot offer; en tot de kennis van God, meer dan tot brandofferen. Psalmen 50:8 : Om uw offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תַחְפֹּ֣ץ",
          "strongs": "H2654",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "זֶ֣בַח",
          "strongs": "H2077",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶתֵּ֑נָה",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HC/Vqh1cs"
        },
        {
          "woord": "ע֝וֹלָ֗ה",
          "strongs": "H5930",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִרְצֶֽה",
          "strongs": "H7521",
          "morph": "HVqi2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want U hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geen lust tot offergave, anders zou ik ze geven; in brandoffers hebt U geen behagen.",
      "textSV1888_html": "Want Gij hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geen lust tot offerande, anders zou ik ze geven; in brandofferen hebt Gij geen behagen.",
      "text1637_html": "Want ghy en hebt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> geenen lust tot offerhande, anders soud’ ickse geven: in brant-offeren en hebt ghy geen behagen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "offerande,",
          "new": "offergave,",
          "principe": "V263"
        },
        {
          "old": "brandofferen",
          "new": "brandoffers",
          "principe": "V1173"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "De offeranden Gods zijn een gebroken geest; een gebroken en verslagen hart zult Gij, o God! niet verachten.",
      "text1637": "De offerhanden [32] Godts zijn een gebroken geest: een [33] gebroken ende [34] verslagen herte en sult ghy, o Godt, niet verachten.",
      "text2026": "De offergaven Gods zijn een gebroken geest; een gebroken en verslagen hart zult U, o God! niet verachten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "offeranden Gods: Dat is, die Hij voornamelijk gebiedt, en die Hem aangenaam zijn, als Joh. 6:28 werken Gods . Johannes 6:28 : Zij zeiden dan tot Hem: Wat zullen wij doen, opdat wij de werken Gods mogen werken?",
          "text1637": "D. die hy principalick gebiedt, ende hem aengenaem zijn. als Ioh. 6.28. wercken Godts.",
          "text2026": "offeranden Gods: Dat is, die Hij voornamelijk gebiedt, en die Hem aangenaam zijn, als Joh. 6:28 werken van God . Johannes 6:28 : Zij zeiden dan tot Hem: Wat zullen wij doen, opdat wij de werken van God mogen werken?"
        },
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Door een oprecht en diep berouw van zonden, en hartelijk verlangen en zuchten naar vergeving van die. De gelijkenis, genomen van het breken, stoten, kneuzen, verbrijzelen en vermorzelen der harde dingen, is klaar. Zie Ps. 34:19 . Hiertegen wordt gesteld een hard hart, waarvan de Schrift elders spreekt. Anders aldus: De offeranden Gods zijn een gebroken geest, een gebroken en verslagen hart; Gij zult die niet verachten . Psalmen 34:19 : Koph. De HEERE is nabij de gebrokenen van harte, en Hij behoudt de verslagenen van geest.",
          "text1637": "Door een oprecht ende diep berouw van sonden, ende hertelick verlangen ende suchten nae vergevinge van dien. de gelijckenisse, genomen van het breken, stooten, kneusen, verbrijselen ende vermorselen der harde dingen, is klaer. Siet Psal. 34. op vers 19. hier tegen wort gestelt een hardt herte, waer van de Schrift elders spreeckt. And. aldus: de offerhanden Godts zijn een gebroken geest, een gebroken ende verslagen herte: ghy en sult [die] niet verachten.",
          "text2026": "Door een oprecht en diep berouw van zonden, en hartelijk verlangen en zuchten naar vergeving van die. De gelijkenis, genomen van het breken, stoten, kneuzen, verbrijzelen en vermorzelen van de harde dingen, is klaar. Zie Ps. 34:19 . Hiertegen wordt gesteld een hard hart, waarvan de Schrift elders spreekt. Anders aldus: De offeranden Gods zijn een gebroken geest, een gebroken en verslagen hart; U zult die niet verachten . Psalmen 34:19 : Koph. JAHWEH is nabij de gebrokenen van hart, en Hij behoudt de verslagenen van geest."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gekneusd , vermorzeld , verbrijzeld .",
          "text1637": "Ofte, gekneust, vermorselt, verbrijselt.",
          "text2026": "Of, gekneusd , vermorzeld , verbrijzeld ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "זִֽבְחֵ֣י",
          "strongs": "H2077",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִים֮",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "ר֪וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "נִשְׁבָּ֫רָ֥ה",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HVNrfsa"
        },
        {
          "woord": "לֵב",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נִשְׁבָּ֥ר",
          "strongs": "H7665",
          "morph": "HVNrmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נִדְכֶּ֑ה",
          "strongs": "H1794",
          "morph": "HC/VNrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֱ֝לֹהִ֗ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִבְזֶֽה",
          "strongs": "H959",
          "morph": "HVqi2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "De offergaven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Gods zijn een gebroken geest; een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> gebroken en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> verslagen hart zult U, o God! niet verachten.",
      "textSV1888_html": "De offeranden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Gods zijn een gebroken geest; een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> gebroken en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> verslagen hart zult Gij, o God! niet verachten.",
      "text1637_html": "De offerhanden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Godts zijn een gebroken geest: een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> gebroken ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> verslagen herte en sult ghy, o Godt, niet verachten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "offeranden",
          "new": "offergaven",
          "principe": "V263"
        },
        {
          "old": "Gij,",
          "new": "U,",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "Doe wel bij Sion naar Uw welbehagen; bouw de muren van Jeruzalem op.",
      "text1637": "Doet wel by [35] Zion [36] nae u welbehagen: bouwt de mueren van Ierusalem op.",
      "text2026": "Doe wel bij Sion naar Uw welbehagen; bouw de muren van Jeruzalem op.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De plaats waar Gij woont, waar Uw kerk haar heilige vergaderingen houdt en U dient. Zie verder Ps. 2:6 . Aldus bidt David voor Gods volk, uit bekommernis dat toch de ergernis, door hem gegeven, niet mocht strekken tot nadeel en verstoring der ganse kerk. Psalmen 2:6 : Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, den berg Mijner heiligheid.",
          "text1637": "De plaetse daer ghy woont, daer uwe kercke hare heylige vergaderingen houdt, ende u dient. Siet wijders Psal. 2. op vers 6. aldus bidt David voor Godts volck, uyt bekommernisse, dat doch de ergernisse, by hem gegeven, niet mochte strecken tot nadeel ende verstooringe der gantscher kercke.",
          "text2026": "De plaats waar U woont, waar Uw kerk haar heilige vergaderingen houdt en U dient. Zie verder Ps. 2:6 . Aldus bidt David voor Gods volk, uit bekommernis dat toch de ergernis, door hem gegeven, niet mocht strekken tot nadeel en verstoring van de gehele kerk. Psalmen 2:6 : Ik toch heb Mijn Koning gezalfd over Sion, de berg Mijn heiligheid."
        },
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "naar Uw welbehagen: Of, door Uw goedgunstigheid .",
          "text1637": "Ofte, door uwe goetgunsticheyt.",
          "text2026": "naar Uw welbehagen: Of, door Uw goedgunstigheid ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֵיטִ֣יבָ/ה",
          "strongs": "H3190",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "בִ֭/רְצוֹנְ/ךָ",
          "strongs": "H7522",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "צִיּ֑וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "תִּ֝בְנֶ֗ה",
          "strongs": "H1129",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "חוֹמ֥וֹת",
          "strongs": "H2346",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "יְרוּשָׁלִָֽם",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HNp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Doe wel bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Sion<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> naar Uw welbehagen; bouw de muren van Jeruzalem op.",
      "textSV1888_html": "Doe wel bij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Sion<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> naar Uw welbehagen; bouw de muren van Jeruzalem op.",
      "text1637_html": "Doet wel by <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> Zion <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> nae u welbehagen: bouwt de mueren van Ierusalem op."
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Dan zult Gij lust hebben aan de offeranden der gerechtigheid, aan brandoffer en een offer, dat gans verteerd wordt; dan zullen zij varren offeren op Uw altaar.",
      "text1637": "Dan sult ghy lust hebben aen de offerhanden der [37] gerechticheyt, aen brant-offer, ende [38] een offer dat gantsch verteert wort: dan sullen [39] sy varren offeren op uwen altaer.",
      "text2026": "Dan zult U lust hebben aan de offergaven van de gerechtigheid, aan brandoffer en een offer, dat geheel verteerd wordt; dan zullen zij stieren offeren op Uw altaar.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 4:6 , en vgl. boven, op vers 18. Psalmen 4:6 : Offert offeranden der gerechtigheid, en vertrouwt op den HEERE.",
          "text1637": "Siet Psal. 4. op vers 6. ende vergel. bov. op vers 18.",
          "text2026": "Zie Ps. 4:6 , en vgl. boven, op vers 18. Psalmen 4:6 : Offert offeranden van de gerechtigheid, en vertrouwt op JAHWEH."
        },
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een offer, dat gans verteerd wordt: Versta een bijzonder spijsoffer des hogepriesters, dat geheel moest geofferd en verbrand worden. Zie Lev. 6:20 , 6:22 , 6:23 . Hoewel het somtijds ook met slachtoffer alzo geschied is, als te zien is 1 Sam. 7:9 . Leviticus 6:20 : Dit is de offerande van Aäron en van zijn zonen, die zij den HEERE offeren zullen, ten dage als hij zal gezalfd worden: het tiende deel ener efa meelbloem, een spijsoffer gedurig; de helft daarvan op den morgen, en de helft daarvan op den avond. Leviticus 6:22 : Ook zal de priester, die uit zijn zonen in zijn plaats de gezalfde zal worden, hetzelfde doen; het zij een eeuwige inzetting; het zal voor den HEERE geheel aangestoken worden. Leviticus 6:23 : Alzo zal alle spijsoffer des priesters ganselijk zijn; het zal niet gegeten worden. 1 Samuël 7:9 : Toen nam Samuël een melklam, en hij offerde het geheel den HEERE ten brandoffer; en Samuël riep tot den HEERE voor Israël; en de HEERE verhoorde hem.",
          "text1637": "Verst. een bysonder spijs-offer des hooge-priesters, dat geheel moeste ge-offert ende verbrandt worden. Siet Lev. 6.20, 22, 23. hoewel’t somtijts oock met slacht-offer alsoo geschiet is, als te sien 1.Sam. 7.9.",
          "text2026": "een offer, dat geheel verteerd wordt: Versta een bijzonder spijsoffer van de hogepriesters, dat geheel moest geofferd en verbrand worden. Zie Lev. 6:20 , 6:22 , 6:23 . Hoewel het somtijds ook met slachtoffer zo geschied is, als te zien is 1 Sam. 7:9 . Leviticus 6:20 : Dit is de offerande van Aäron en van zijn zonen, die zij JAHWEH offeren zullen, op de dag als hij zal gezalfd worden: het tiende deel van een efa meelbloem, een spijsoffer gedurig; de helft daarvan op de morgen, en de helft daarvan op de avond. Leviticus 6:22 : Ook zal de priester, die uit zijn zonen in zijn plaats de gezalfde zal worden, hetzelfde doen; het zij een eeuwige inzetting; het zal voor JAHWEH geheel aangestoken worden. Leviticus 6:23 : Zo zal alle spijsoffer van de priester ganselijk zijn; het zal niet gegeten worden. 1 Samuël 7:9 : Toen nam Samuël een melklam, en hij offerde het geheel JAHWEH ten brandoffer; en Samuël riep tot JAHWEH voor Israël; en JAHWEH verhoorde hem."
        },
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten Uw volk in Sion. Of, zij zullen offeren , dat is, men zal offeren, er zullen geofferd worden; als elders dikwijls.",
          "text1637": "T.w. u volck in Zion. ofte, sy sullen offeren, D. men sal offeren, daer sullen ge-offert worden; als elders dickwijls.",
          "text2026": "Te weten Uw volk in Sion. Of, zij zullen offeren , dat is, men zal offeren, er zullen geofferd worden; als elders dikwijls."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אָ֤ז",
          "strongs": "H227",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "תַּחְפֹּ֣ץ",
          "strongs": "H2654",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "זִבְחֵי",
          "strongs": "H2077",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "צֶ֭דֶק",
          "strongs": "H6664",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עוֹלָ֣ה",
          "strongs": "H5930",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָלִ֑יל",
          "strongs": "H3632",
          "morph": "HC/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "אָ֤ז",
          "strongs": "H227",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "יַעֲל֖וּ",
          "strongs": "H5927",
          "morph": "HVhi3mp"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מִזְבַּחֲ/ךָ֣",
          "strongs": "H4196",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "פָרִֽים",
          "strongs": "H6499",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Dan zult U lust hebben aan de offergaven van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> de gerechtigheid, aan brandoffer en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> een offer, dat geheel verteerd wordt; dan zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> zij stieren offeren op Uw altaar.",
      "textSV1888_html": "Dan zult Gij lust hebben aan de offeranden der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> gerechtigheid, aan brandoffer en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> een offer, dat gans verteerd wordt; dan zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> zij varren offeren op Uw altaar.",
      "text1637_html": "Dan sult ghy lust hebben aen de offerhanden der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> gerechticheyt, aen brant-offer, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> een offer dat gantsch verteert wort: dan sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> sy varren offeren op uwen altaer.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "offeranden der",
          "new": "offergaven van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "gans",
          "new": "geheel",
          "principe": "V414"
        },
        {
          "old": "varren",
          "new": "stieren",
          "principe": "V410"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David in sware sonden gevallen, ende van Godt door den Prophete Nathan bestraft, ende op-geweckt zijnde, bidt seer vyerichlick om genade ende vergevinge door den Messiam, met bekentenisse niet alleen deser sonden, maer oock sijner aengeborene verdorventheyt: begeert wijders, dat Godt sijnen H. Geest in hem vernieuwe, op dat hy door dien mach worden ondersteunt, ende andere van hem geleert, belovende Gode danckbaerheyt met oprechte boetveerdicheyt: ende bidt eyndelick voor de behoudenisse der gantscher kercke.",
    "text2026": "David, in zware zonden gevallen, en door God door de profeet Nathan bestraft en opgewekt zijnde, bidt zeer vurig om genade en vergeving door de Messias, met belijdenis niet alleen van deze zonden, maar ook van zijn aangeboren verdorvenheid; hij begeert verder dat God Zijn Heilige Geest in hem vernieuwe, opdat hij daardoor ondersteund mag worden en anderen door hem geleerd; en God dankbaarheid belovend met oprechte boetvaardigheid, bidt hij ten slotte voor het behoud van de gehele Kerk."
  }
}