{
  "number": 55,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een onderwijzing van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
      "text1637": "[1] EEn’ onderwijsinge Davids: voor den Opper-sang-meester, op Neginoth.",
      "text2026": "Een onderwijzing van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Een onderwijzing: Als op den voorgaanden psalm .",
          "text1637": "Als op den voorgaenden Psalm.",
          "text2026": "Een onderwijzing: Als op de voorgaanden psalm ."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֥חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/נְגִינֹ֗ת",
          "strongs": "H5058",
          "morph": "HR/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "מַשְׂכִּ֥יל",
          "strongs": "H4905",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִֽד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een onderwijzing van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een onderwijzing van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> EEn’ onderwijsinge Davids: voor den Opper-sang-meester, op Neginoth.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O God! neem mijn gebed ter oren, en verberg U niet voor mijn smeking.",
      "text1637": "O Godt, neemt mijn gebedt ter ooren: ende en verbergt u niet voor mijne smeeckinge.",
      "text2026": "O God! neem mijn gebed ter ore, en verberg U niet voor mijn smeking.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַאֲזִ֣ינָ/ה",
          "strongs": "H238",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "אֱ֭לֹהִים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּתִ֑/י",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "תִּ֝תְעַלַּ֗ם",
          "strongs": "H5956",
          "morph": "HVtj2ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/תְּחִנָּתִֽ/י",
          "strongs": "H8467",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "O God! neem mijn gebed ter ore, en verberg U niet voor mijn smeking.",
      "text1637_html": "O Godt, neemt mijn gebedt ter ooren: ende en verbergt u niet voor mijne smeeckinge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "oren,",
          "new": "ore,",
          "principe": "V1205"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Merk op mij, en verhoor mij; ik bedrijf misbaar in mijn klacht, en maak getier;",
      "text1637": "Merckt op my, ende verhoort my: ick bedrijve misbaer in mijne [2] klachte, ende maeck [3] getier;",
      "text2026": "Merk op mij, en verhoor mij; ik bedrijf luid weeklagen in mijn klacht, en maak getier;",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, gepeins, gebed; hij wil zeggen dat de overdenking van al zijne zwarigheden en gevaren hem onrustig en kermende maakt in het bidden.",
          "text1637": "Ofte, gepeyns, gebedt: hy wil seggen dat de overdenckinge van alle sijne swaricheden ende perijckelen hem onrustich ende kermende maeckt in’t bidden.",
          "text2026": "Of, gepeins, gebed; hij wil zeggen dat de overdenking van al zijn zwarigheden en gevaren hem onrustig en kermende maakt in het bidden."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, rumoer, gerucht.",
          "text1637": "Ofte, rumoer, gerucht.",
          "text2026": "Of, rumoer, gerucht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַקְשִׁ֣יבָ/ה",
          "strongs": "H7181",
          "morph": "HVhv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "לִּ֣/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲנֵ֑/נִי",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HC/Vqv2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אָרִ֖יד",
          "strongs": "H7300",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שִׂיחִ֣/י",
          "strongs": "H7879",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָהִֽימָה",
          "strongs": "H1949",
          "morph": "HC/Vhh1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Merk op mij, en verhoor mij; ik bedrijf luid weeklagen in mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> klacht, en maak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> getier;",
      "textSV1888_html": "Merk op mij, en verhoor mij; ik bedrijf misbaar in mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> klacht, en maak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> getier;",
      "text1637_html": "Merckt op my, ende verhoort my: ick bedrijve misbaer in mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> klachte, ende maeck <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> getier;",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "misbaar",
          "new": "luid weeklagen",
          "principe": "V417"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Om den roep des vijands, vanwege de beangstiging des goddelozen; want zij schuiven ongerechtigheid op mij, en in toorn haten zij mij.",
      "text1637": "Om den [4] roep des vyants, van wegen de beangstiginge [5] des godtloosen: want sy schuyven [6] ongerechticheyt op my, ende in toorne haten sy my.",
      "text2026": "Om de roep van de vijand, vanwege de verdrukking van de goddelozen; want zij schuiven ongerechtigheid op mij, en in toorn haten zij mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Bebr. stem; dat is, den roep, din mijne vijanden laten gaan, dat zij mij van alle kanten willen omsingelen en in het verdrf brengen. Verg. 2 Sam. 17:11 , 17:12 , 17:13 , 17:14 , 17:21 , 17:24 . 2 Samuël 17:11 : Maar ik rade, dat in alle haast tot u verzameld worde gans Israël, van Dan tot Ber-seba toe, als zand, dat aan de zee is, in menigte; en dat uw persoon medega in den strijd. 2 Samuël 17:12 : Dan zullen wij tot hem komen, in een der plaatsen, waar hij gevonden wordt, en hem gemakkelijk overvallen, gelijk als de dauw op den aardbodem valt; en er zal van hem, en van al de mannen, die met hem zijn, ook niet een worden overgelaten. 2 Samuël 17:13 : En indien hij zich in een stad zal begeven, zo zal gans Israël koorden tot dezelve stad aandragen, en wij zullen ze tot in de beek nedertrekken, totdat ook niet een steentje aldaar gevonden worde. 2 Samuël 17:14 : Toen zeide Absalom, en alle man van Israël: De raad van Husai, den Archiet, is beter dan Achitofels raad. Doch de HEERE had het geboden, om den goeden raad van Achitofel te vernietigen, opdat de HEERE het kwaad over Absalom bracht. 2 Samuël 17:21 : En het geschiedde, nadat zij weggegaan waren, zo klommen zij uit den put, en gingen henen en boodschapten het den koning David; en zij zeiden tot David: Maakt ulieden op, en gaat haastelijk over het water, want alzo heeft Achitofel tegen ulieden geraden. 2 Samuël 17:24 : David nu kwam te Mahanaim, en Absalom toog over de Jordaan, hij en alle mannen van Israël met hem.",
          "text1637": "Hebr. stemme, dat is, den roep, dien mijne vyanden laten gaen, datse my van alle kanten willen omcingelen, ende in’t verderf brengen. Vergel. 2.Sam. 17. versen 11, 12, 13, 14, 21, 24.",
          "text2026": "Bebr. stem; dat is, de roep, din mijn vijanden laten gaan, dat zij mij van alle kanten willen omsingelen en in het verdrf brengen. Verg. 2 Sam. 17:11 , 17:12 , 17:13 , 17:14 , 17:21 , 17:24 . 2 Samuël 17:11 : Maar ik rade, dat in alle haast tot u verzameld worde geheel Israël, van Dan tot Ber-seba toe, als zand, dat aan de zee is, in menigte; en dat uw persoon medega in de strijd. 2 Samuël 17:12 : Dan zullen wij tot hem komen, in één van de plaatsen, waar hij gevonden wordt, en hem gemakkelijk overvallen, gelijk als de dauw op de aardbodem valt; en er zal van hem, en van al de mannen, die met hem zijn, ook niet een worden overgelaten. 2 Samuël 17:13 : En als hij zich in een stad zal begeven, zo zal geheel Israël koorden tot die stad aandragen, en wij zullen ze tot in de beek nedertrekken, totdat ook niet een steentje daar gevonden worde. 2 Samuël 17:14 : Toen zei Absalom, en alle man van Israël: De raad van Husai, de Archiet, is beter dan Achitofels raad. Maar JAHWEH had het geboden, om de goede raad van Achitofel te vernietigen, opdat JAHWEH het kwaad over Absalom bracht. 2 Samuël 17:21 : En het geschiedde, nadat zij weggegaan waren, zo klommen zij uit de put, en gingen heen en boodschapten het de koning David; en zij zeiden tot David: Maakt u op, en gaat haastig over het water, want zo heeft Achitofel tegen u geraden. 2 Samuël 17:24 : David nu kwam te Mahanaim, en Absalom toog over de Jordaan, hij en alle mannen van Israël met hem."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des goddelozen: Dat is, die de goddeloze mij aandoet.",
          "text1637": "D. die de godtloose my aendoet.",
          "text2026": "van de goddelozen: Dat is, die de goddeloze mij aandoet."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, valsheid, ongelijk, onrecht; dat is, zij bezwaren mij met leugens, strooiende van mij allerlei boze stukken, waarmede ik mij dit lijden op den hals gehaald en verdiend heb.",
          "text1637": "Ofte, valscheyt, ongelijck, onrecht. D. sy beswaren my met leugenen, stroyende van my allerleye boose stucken, waer mede ick my dit lijden op den hals gehaelt ende verdient hebbe.",
          "text2026": "Of, valsheid, ongelijk, onrecht; dat is, zij bezwaren mij met leugens, strooiende van mij allerlei boze stukken, waarmee ik mij dit lijden op de hals gehaald en verdiend heb."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מִ/קּ֤וֹל",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אוֹיֵ֗ב",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/פְּנֵ֣י",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc"
        },
        {
          "woord": "עָקַ֣ת",
          "strongs": "H6125",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "רָשָׁ֑ע",
          "strongs": "H7563",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יָמִ֥יטוּ",
          "strongs": "H4131",
          "morph": "HVhi3mp"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֥/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אָ֝֗וֶן",
          "strongs": "H205",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְ/אַ֥ף",
          "strongs": "H639",
          "morph": "HC/R/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יִשְׂטְמֽוּ/נִי",
          "strongs": "H7852",
          "morph": "HVqi3mp/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Om de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> roep van de vijand,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> vanwege de verdrukking van de goddelozen; want zij schuiven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ongerechtigheid op mij, en in toorn haten zij mij.",
      "textSV1888_html": "Om den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> roep des vijands, vanwege de beangstiging<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> des goddelozen; want zij schuiven<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ongerechtigheid op mij, en in toorn haten zij mij.",
      "text1637_html": "Om den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> roep des vyants, van wegen de beangstiginge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> des godtloosen: want sy schuyven <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> ongerechticheyt op my, ende in toorne haten sy my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des vijands,",
          "new": "van de vijand,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "beangstiging des",
          "new": "verdrukking van de",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Mijn hart smart in het binnenste van mij, en verschrikkingen des doods zijn op mij gevallen.",
      "text1637": "Mijn herte [7] smert in’t binnenste van my: ende verschrickingen des [8] doots zijn op my gevallen.",
      "text2026": "Mijn hart smart in het binnenste van mij, en verschrikkingen van de dood zijn op mij gevallen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, lijdt smart als van een barende vrouw.",
          "text1637": "D. lijdt smerte, als eener barender vrouwe.",
          "text2026": "Dat is, lijdt smart als van een barende vrouw."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des doods: Dat is, dodelijke.",
          "text1637": "D. doodtlicke.",
          "text2026": "van de dood: Dat is, dodelijke."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לִ֭בִּ/י",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יָחִ֣יל",
          "strongs": "H2342",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קִרְבִּ֑/י",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֵימ֥וֹת",
          "strongs": "H367",
          "morph": "HC/Ncfpc"
        },
        {
          "woord": "מָ֝֗וֶת",
          "strongs": "H4194",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נָפְל֥וּ",
          "strongs": "H5307",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עָלָֽ/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn hart<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> smart in het binnenste van mij, en verschrikkingen van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de dood zijn op mij gevallen.",
      "textSV1888_html": "Mijn hart<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> smart in het binnenste van mij, en verschrikkingen des<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> doods zijn op mij gevallen.",
      "text1637_html": "Mijn herte <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> smert in’t binnenste van my: ende verschrickingen des <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> doots zijn op my gevallen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des doods",
          "new": "van de dood",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Vrees en beving komt mij aan, en gruwen overdekt mij;",
      "text1637": "Vreese ende bevinge komt my aen: ende grouwen overdeckt my.",
      "text2026": "Vrees en beving komt mij aan, en huivering overdekt mij;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִרְאָ֣ה",
          "strongs": "H3374",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "וָ֭/רַעַד",
          "strongs": "H7461",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יָ֣בֹא",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בִ֑/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ֝/תְּכַסֵּ֗/נִי",
          "strongs": "H3680",
          "morph": "HC/Vpw3fs/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "פַּלָּצֽוּת",
          "strongs": "H6427",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Vrees en beving komt mij aan, en huivering overdekt mij;",
      "text1637_html": "Vreese ende bevinge komt my aen: ende grouwen overdeckt my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gruwen",
          "new": "huivering",
          "principe": "V1617"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Zodat ik zeg: Och, dat mij iemand vleugelen, als ener duive, gave! ik zou henenvliegen, waar ik blijven mocht.",
      "text1637": "So dat ick segge; [9] Och dat my yemant [10] vleugelen, als eener [11] duyve, gave! Ick soude henen vliegen, [12] waer ick blijven mochte.",
      "text2026": "Zodat ik zeg: Och, dat mij iemand vleugelen, als van een duif zou geven! ik zou wegvliegen, waar ik blijven mocht.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., יִתֶּן, wie zal mij geven, enz., algemene manier van wensen bij de Hebreën, gelijk boven Ps. 14:7 , en Ps. 53:7 . Zie Deut. 5:29 . Psalmen 14:7 : Och, dat Israëls verlossing uit Sion kwame! Als de HEERE de gevangenen Zijns volks zal doen wederkeren, dan zal zich Jakob verheugen, Israël zal verblijd zijn. Psalmen 53:7 : Och, dat Israëls verlossingen uit Sion kwamen! Als God de gevangenen Zijns volks zal doen wederkeren, dan zal zich Jakob verheugen, Israël zal verblijd zijn. Deuteronomium 5:29 : Och, dat zij zulk een hart hadden, om Mij te vrezen, en al Mijn geboden te allen dage te onderhouden; opdat het hun en hun kinderen welging in eeuwigheid!",
          "text1637": "Hebr. wie sal my geven, etc. gemeyne maniere van wenschen by den Hebreen, als bov. Psal. 14.7. ende 53.7. Siet Deut. 5. op vers 29.",
          "text2026": "Hebr., יִתֶּן, wie zal mij geven, enz., algemene manier van wensen bij de Hebreën, gelijk boven Ps. 14:7 , en Ps. 53:7 . Zie Deut. 5:29 . Psalmen 14:7 : Och, dat Israëls verlossing uit Sion kwame! Als JAHWEH de gevangenen van Zijn volk zal doen terugkeren, dan zal zich Jakob verheugen, Israël zal verblijd zijn. Psalmen 53:7 : Och, dat Israëls verlossingen uit Sion kwamen! Als God de gevangenen van Zijn volk zal doen terugkeren, dan zal zich Jakob verheugen, Israël zal verblijd zijn. Deuteronomium 5:29 : Och, dat zij zulk een hart hadden, om Mij te vrezen, en al Mijn geboden te alle dage te onderhouden; opdat het hun en hun kinderen welging in eeuwigheid!"
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. een vleugel, of veder; dat is, vleugelen.",
          "text1637": "Hebr. eenen vleugel, ofte, veder. Dat is, vleugelen.",
          "text2026": "Hebr. een vleugel, of veder; dat is, vleugelen."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Een zwak en vreesachtig dier, dat zich in de woestijnen en holen zoekt te verbergen, zie Jer. 48:28 . Jeremia 48:28 : Verlaat de steden, en woont in de steenrots, gij inwoners van Moab! en wordt gelijk een duif, die in de doorgangen van den mond eens hols nestelt.",
          "text1637": "Een swack ende vreesachtich dier, dat sich in woestijnen ende holen soeckt te bergen. siet Ier. 48.28.",
          "text2026": "Een zwak en vreesachtig dier, dat zich in de woestijnen en holen zoekt te verbergen, zie Jer. 48:28 . Jeremia 48:28 : Verlaat de steden, en woont in de steenrots, u inwoners van Moab! en wordt gelijk een duif, die in de doorgangen van de mond eens hols nestelt."
        },
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "waar ik blijven mocht: Hebr. en zou blijven, of wonen; waar slechts veilig kon zijn, wil hij zeggen.",
          "text1637": "Hebr. ende soude blijven, ofte, woonen: waer ick slechs veylich konde zijn, wil hy seggen.",
          "text2026": "waar ik blijven mocht: Hebr. en zou blijven, of wonen; waar slechts veilig kon zijn, wil hij zeggen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וָ/אֹמַ֗ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqw1cs"
        },
        {
          "woord": "מִֽי",
          "strongs": "H4310",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "יִתֶּן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לִּ֣/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵ֭בֶר",
          "strongs": "H83",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כַּ/יּוֹנָ֗ה",
          "strongs": "H3123",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אָע֥וּפָה",
          "strongs": "H5774",
          "morph": "HVqh1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶשְׁכֹּֽנָה",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HC/Vqh1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zodat ik zeg:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Och, dat mij iemand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> vleugelen, als van een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> duif zou geven! ik zou wegvliegen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> waar ik blijven mocht.",
      "textSV1888_html": "Zodat ik zeg:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Och, dat mij iemand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> vleugelen, als ener<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> duive, gave! ik zou henenvliegen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> waar ik blijven mocht.",
      "text1637_html": "So dat ick segge; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Och dat my yemant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> vleugelen, als eener <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> duyve, gave! Ick soude henen vliegen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> waer ick blijven mochte.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ener duive, gave!",
          "new": "van een duif zou geven!",
          "principe": "V434"
        },
        {
          "old": "henenvliegen,",
          "new": "wegvliegen,",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Ziet, ik zou ver wegzwerven, ik zou vernachten in de woestijn. Sela.",
      "text1637": "Siet, ick soude [13] verre wech swerven: ick soude [14] vernachten in de woestijne, [15] Sela!",
      "text2026": "Zie, ik zou ver wegzwerven, ik zou overnachten in de woestijn. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ver wegzwerven: Hebr. mij verre afmaken, zwerven; dat is, ver van hier vluchten, heen zwervende, waar hij dan ook zou mogen wezen. Zie gelijke samenvoeging van twee woorden Ps. 45:5 . Psalmen 45:5 : En rijd voorspoediglijk in Uw heerlijkheid, op het woord der waarheid en rechtvaardige zachtmoedigheid; en Uw rechterhand zal U vreselijke dingen leren.",
          "text1637": "Hebr. my verre afmaken, swerven, D. verre van hier vluchten, henen swervende, waer het dan oock soude mogen wesen. Siet gelijcke t’samen-voeginge van twee woorden Psal. 45. op vers 5.",
          "text2026": "ver wegzwerven: Hebr. mij verre afmaken, zwerven; dat is, ver van hier vluchten, heen zwervende, waar hij dan ook zou mogen wezen. Zie gelijke samenvoeging van twee woorden Ps. 45:5 . Psalmen 45:5 : En rijd voorspoediglijk in Uw heerlijkheid, op het woord van de waarheid en rechtvaardige zachtmoedigheid; en Uw rechterhand zal U vreselijke dingen leren."
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, herbergen, mij onthouden, enz.",
          "text1637": "Ofte, herbergen, my onthouden, etc.",
          "text2026": "Of, herbergen, mij onthouden, enz."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִ֭נֵּה",
          "strongs": "H2009",
          "morph": "HTm"
        },
        {
          "woord": "אַרְחִ֣יק",
          "strongs": "H7368",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "נְדֹ֑ד",
          "strongs": "H5074",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "אָלִ֖ין",
          "strongs": "H3885",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "בַּ/מִּדְבָּ֣ר",
          "strongs": "H4057",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "סֶֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zie, ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> zou ver wegzwerven, ik zou<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> overnachten in de woestijn.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Sela.",
      "textSV1888_html": "Ziet, ik<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> zou ver wegzwerven, ik zou<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> vernachten in de woestijn.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Sela.",
      "text1637_html": "Siet, ick soude <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> verre wech swerven: ick soude <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> vernachten in de woestijne, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Ziet,",
          "new": "Zie,",
          "principe": "V1158"
        },
        {
          "old": "vernachten",
          "new": "overnachten",
          "principe": "V416"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Ik zou haasten, dat ik ontkwame, van den drijvenden wind, van den storm.",
      "text1637": "[16] Ick soude haesten dat ick ontquame; van den [17] drijvenden wint, van den storm.",
      "text2026": "Ik zou haasten, dat ik ontkwame, van de drijvende wind, van de storm.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ik zou haasten, dat ik ontkwame: Hebreeuws, Ik zou de ontkoming haasten voor mij , of, mij de ontkoming haasten .",
          "text1637": "Hebr. Ick soude de ontkominge haesten voor my, ofte, my d’ontkominge haesten.",
          "text2026": "Ik zou haasten, dat ik ontkwame: Hebreeuws, Ik zou de ontkoming haasten voor mij , of, mij de ontkoming haasten ."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "drijvenden wind: Hebreeuws, סָּֽעַר, wind der drijving , of, des storms, des aanvals . Dat is, deze vervolging, die mij haastelijk overvalt, of dreigt weg te rapen, gelijk een stormwind alles nederwerpt of met zich wegrukt. Vergel. 2 Sam. 15:14 en 17:21 . 2 Samuël 15:14 : Zo zeide David tot al zijn knechten, die met hem te Jeruzalem waren: Maakt u op, en laat ons vlieden, want er zou voor ons geen ontkomen zijn voor Absaloms aangezicht; haast u, om weg te gaan, opdat hij niet misschien haaste, en ons achterhale, en een kwaad over ons drijve, en deze stad sla met de scherpte des zwaards. 2 Samuël 17:21 : En het geschiedde, nadat zij weggegaan waren, zo klommen zij uit den put, en gingen henen en boodschapten het den koning David; en zij zeiden tot David: Maakt ulieden op, en gaat haastelijk over het water, want alzo heeft Achitofel tegen ulieden geraden.",
          "text1637": "Hebr. wint der drijvinge, ofte, des storms, des aenvals, D. dese vervolginge, die my haestelick overvalt, ofte dreycht wech te rapen, gelijck een stormwint alles nederwerpt ofte met sich wechruckt. Vergel. 2.Sam. 15.14. ende 17.21.",
          "text2026": "drijvenden wind: Hebreeuws, סָּֽעַר, wind van de drijving , of, van de storms, van de aanvals . Dat is, deze vervolging, die mij haastig overvalt, of dreigt weg te rapen, gelijk een stormwind alles nederwerpt of met zich wegrukt. Vergel. 2 Sam. 15:14 en 17:21 . 2 Samuël 15:14 : Zo zei David tot al zijn knechten, die met hem te Jeruzalem waren: Maakt u op, en laat ons vluchten, want er zou voor ons geen ontkomen zijn voor Absaloms aangezicht; haast u, om weg te gaan, opdat hij niet misschien haaste, en ons achterhale, en een kwaad over ons drijve, en deze stad sla met de scherpte van het zwaard. 2 Samuël 17:21 : En het geschiedde, nadat zij weggegaan waren, zo klommen zij uit de put, en gingen heen en boodschapten het de koning David; en zij zeiden tot David: Maakt u op, en gaat haastig over het water, want zo heeft Achitofel tegen u geraden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אָחִ֣ישָׁה",
          "strongs": "H2363",
          "morph": "HVhh1cs"
        },
        {
          "woord": "מִפְלָ֣ט",
          "strongs": "H4655",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ֑/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מֵ/ר֖וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HR/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "סֹעָ֣ה",
          "strongs": "H5584",
          "morph": "HVqrfsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/סָּֽעַר",
          "strongs": "H5591",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ik zou haasten, dat ik ontkwame, van de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> drijvende wind, van de storm.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ik zou haasten, dat ik ontkwame, van den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> drijvenden wind, van den storm.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> Ick soude haeste<i>n</i> dat ick ontquame; van den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> drijvenden wint, van den storm.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den drijvenden",
          "new": "de drijvende",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Verslind hen, HEERE! deel hun tong; want ik zie wrevel en twist in de stad.",
      "text1637": "Verslindtse, Heere, deylt hare [18] tonge: want ick sie [19] wrevel ende twist in de [20] Stadt.",
      "text2026": "Verslind hen, JAHWEH! deel hun tong; want ik zie wrevel en twist in de stad.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, hun spraak. Dit verslinden en verdelen der spraak schijnt te zien op de oordelen Gods, die hij gevoerd heeft over de bouwers van de toren van Babel, en over de rotte van Korach, Gen. 11:7 , 11:8 , Num. 16:32 . Genesis 11:7 : Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak aldaar verwarren, opdat iegelijk de spraak zijns naasten niet hore. Genesis 11:8 : Alzo verstrooide hen de HEERE van daar over de ganse aarde; en zij hielden op de stad te bouwen. Numeri 16:32 : En de aarde opende haar mond, en verslond hen met hun huizen, en allen mensen, die Korach toebehoorden, en al de have.",
          "text1637": "D. hare sprake. dit verslinden, ende verdeylen der sprake, schijnt te sien op de oordeelen Godts, die hy gevoert heeft over de bouwers des torens van Babel, ende de rotte van Korah. Genes. 11.7, 8. Num. 16.32.",
          "text2026": "Dat is, hun spraak. Dit verslinden en verdelen van de spraak schijnt te zien op de oordelen van God, die hij gevoerd heeft over de bouwers van de toren van Babel, en over de rotte van Korach, Gen. 11:7 , 11:8 , Num. 16:32 . Genesis 11:7 : Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak daar verwarren, opdat iedereen de spraak zijns naasten niet hore. Genesis 11:8 : Zo verstrooide hen JAHWEH van daar over de gehele aarde; en zij hielden op de stad te bouwen. Numeri 16:32 : En de aarde opende haar mond, en verslond hen met hun huizen, en allen mensen, die Korach toebehoorden, en al de bezittingen."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, geweld .",
          "text1637": "Ofte, gewelt.",
          "text2026": "Of, geweld ."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Jeruzalem, als sommige verstaen, duidende den Psalm op Absaloms vervolging, wanneer (David in haast gevlucht zijnde) Absalom daar binnenkwam, gruwelijk aan het hof huishoudende, en raadnemende, hoe men zijn vader best zou overvallen en verdelgen, waarin de raadslieden niet wel accordeerden, door dien God hun tongen verdeelde, 2 Sam. 17:14 , volgens Davids gebed, hier en 2 Sam. 15:31 . Andere verstaan het van Gibea Sauls, waar Saul hofhield, (vergelijk Psalm 59:7 ) of, niet juist van een stad, maar in het gemeen van de ongebondene goddeloosheid, die overal, zelfs in de steden (waar de beste orde behoorde te zijn) in zwang ging. 2 Samuël 17:14 : Toen zeide Absalom, en alle man van Israël: De raad van Husai, den Archiet, is beter dan Achitofels raad. Doch de HEERE had het geboden, om den goeden raad van Achitofel te vernietigen, opdat de HEERE het kwaad over Absalom bracht. 2 Samuël 15:31 : Toen gaf men David te kennen, zeggende: Achitofel is onder degenen, die zich met Absalom hebben verbonden. Dies zeide David: O, HEERE! maak toch Achitofels raad tot zotheid. Psalmen 59:7 : Tegen den avond keren zij weder, zij tieren als een hond, en zij gaan rondom de stad.",
          "text1637": "Ierusalem, als sommige verstaen, duydende den Psalm op Absaloms vervolginge, wanneer (David in haeste gevlucht zijnde) Absalom daer binnen quam, grouwelick te hove huyshoudende, ende raet nemende, hoemen sijnen vader best soude overvallen ende verdelgen, waer inne de Raets-lieden niet wel en accordeerden, door dien Godt hare tongen verdeylde. 2.Sam. 17.14. volgens Davids gebedt, hier, ende 2.Sam. 15.31. Andere verstaen’t van Gibea Sauls, daer Saul hof hieldt, (vergel. Psal. 59.7.) ofte, niet juyst van eene stadt, maer in’t gemeyn van de ongebondene godtloosheyt, die over al, selfs in de steden (daer de beste ordre behoorde te zijn) in swange ginck.",
          "text2026": "Jeruzalem, als sommige verstaen, duidende de Psalm op Absaloms vervolging, wanneer (David in haast gevlucht zijnde) Absalom daar binnenkwam, gruwelijk aan het hof huishoudende, en raadnemende, hoe men zijn vader best zou overvallen en verdelgen, waarin de raadslieden niet wel accordeerden, door die God hun tongen verdeelde, 2 Sam. 17:14 , volgens Davids gebed, hier en 2 Sam. 15:31 . Andere verstaan het van Gibeä Sauls, waar Saul hofhield, (vergelijk Psalm 59:7 ) of, niet juist van een stad, maar in het gemeen van de ongebondene goddeloosheid, die overal, zelfs in de steden (waar de beste orde behoorde te zijn) in zwang ging. 2 Samuël 17:14 : Toen zei Absalom, en alle man van Israël: De raad van Husai, de Archiet, is beter dan Achitofels raad. Maar JAHWEH had het geboden, om de goede raad van Achitofel te vernietigen, opdat JAHWEH het kwaad over Absalom bracht. 2 Samuël 15:31 : Toen gaf men David te kennen, zeggende: Achitofel is onder degenen, die zich met Absalom hebben verbonden. Daarom zei David: O, JAHWEH! maak toch Achitofels raad tot zotheid. Psalmen 59:7 : Tegen de avond keren zij weer, zij tieren als een hond, en zij gaan rondom de stad."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּלַּ֣ע",
          "strongs": "H1104",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "אֲ֭דֹנָ/י",
          "strongs": "H136",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "פַּלַּ֣ג",
          "strongs": "H6385",
          "morph": "HVpv2ms"
        },
        {
          "woord": "לְשׁוֹנָ֑/ם",
          "strongs": "H3956",
          "morph": "HNcbsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רָאִ֨יתִי",
          "strongs": "H7200",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "חָמָ֖ס",
          "strongs": "H2555",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/רִ֣יב",
          "strongs": "H7379",
          "morph": "HC/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ/עִֽיר",
          "strongs": "H5892",
          "morph": "HRd/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verslind hen, JAHWEH! deel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> hun tong; want ik zie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> wrevel en twist in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> stad.",
      "textSV1888_html": "Verslind hen, HEERE! deel hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> tong; want ik zie<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> wrevel en twist in de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> stad.",
      "text1637_html": "Verslindtse, Heere, deylt hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> tonge: want ick sie <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> wrevel ende twist in de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> Stadt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Dag en nacht omringen zij haar op haar muren; en ongerechtigheid en overlast is binnen in haar.",
      "text1637": "Dach ende nacht [21] omringense haer op hare mueren: ende ongerechticheyt ende overlast is binnen in haer.",
      "text2026": "Dag en nacht omringen zij haar op haar muren; en ongerechtigheid en overlast is binnen in haar.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, wrevel en twist omringen de stad; of zij [de bozen] gaan haar [de stad] romdom; dat is, lopende overal om alle kwaad te bedrijven, of mij te achterhalen.",
          "text1637": "T.w. wrevel ende twist omringen de stadt: ofte, sy (de boose) gaen haer (de stadt) rontomme, dat is, loopende over al, om alle quaet te bedrijven, ofte, my te achterhalen.",
          "text2026": "Te weten, wrevel en twist omringen de stad; of zij [de bozen] gaan haar [de stad] romdom; dat is, lopende overal om alle kwaad te bedrijven, of mij te achterhalen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יוֹמָ֤ם",
          "strongs": "H3119",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וָ/לַ֗יְלָה",
          "strongs": "H3915",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "יְסוֹבְבֻ֥/הָ",
          "strongs": "H5437",
          "morph": "HVmi3mp/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "חוֹמֹתֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H2346",
          "morph": "HNcfpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָ֖וֶן",
          "strongs": "H205",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/עָמָ֣ל",
          "strongs": "H5999",
          "morph": "HC/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קִרְבָּֽ/הּ",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Dag en nacht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> omringen zij haar op haar muren; en ongerechtigheid en overlast is binnen in haar.",
      "textSV1888_html": "Dag en nacht<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> omringen zij haar op haar muren; en ongerechtigheid en overlast is binnen in haar.",
      "text1637_html": "Dach ende nacht <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> omringense haer op hare mueren: ende ongerechticheyt ende overlast is binnen in haer."
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Enkel verderving is binnen in haar; en list en bedrog wijkt niet van haar straat.",
      "text1637": "[22] Enckel verdervinge is binnen in haer: ende list ende bedroch en wijckt niet van hare strate.",
      "text2026": "Enkel verderving is binnen in haar; en list en bedrog wijkt niet van haar straat.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Enkel verderving: Hebr. verdervingen; dat is, enkel schenderij, allerlei schade, jammer, verdrukking.",
          "text1637": "Hebr. verdervingen. dat is, enkel schenderije, allerleye schade, jammer, verdruckinge.",
          "text2026": "Enkel verderving: Hebr. verdervingen; dat is, enkel schenderij, allerlei schade, jammer, verdrukking."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַוּ֥וֹת",
          "strongs": "H1942",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קִרְבָּ֑/הּ",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יָמִ֥ישׁ",
          "strongs": "H4185",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "מֵ֝/רְחֹבָ֗/הּ",
          "strongs": "H7339",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "תֹּ֣ךְ",
          "strongs": "H8496",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/מִרְמָֽה",
          "strongs": "H4820",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Enkel verderving is binnen in haar; en list en bedrog wijkt niet van haar straat.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Enkel verderving is binnen in haar; en list en bedrog wijkt niet van haar straat.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> Enckel verdervinge is binnen in haer: ende list ende bedroch en wijckt niet van hare strate."
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Want het is geen vijand, die mij hoont, anders zou ik het hebben gedragen; het is mijn hater niet, die zich tegen mij groot maakt, anders zou ik mij voor hem verborgen hebben.",
      "text1637": "Want het en is geen [23] vyant, [die] my hoont, anders soud’ ick het hebben gedragen; ’t en is mijn hater niet, [die] sich tegen my [24] groot maeckt, anders soud’ ick my voor hem [25] verborgen hebben.",
      "text2026": "Want het is geen vijand, die mij hoont, anders zou ik het hebben gedragen; het is mijn hater niet, die zich tegen mij groot maakt, anders zou ik mij voor hem verborgen hebben.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Versta, geen openbaar vijand, want [wil hij zeggen] was hij mij openbaar vijandig geweest, zo zou het mij zo vreemd niet voorkomen en zo ondragelijk niet vallen.",
          "text1637": "Verst. geen openbaer vyant, want (wil hy seggen) was hy my openbaerlick vyant geweest, so soudet my soo vreemt niet voorkomen, ende soo ondraechlick niet vallen.",
          "text2026": "Versta, geen openbaar vijand, want [wil hij zeggen] was hij mij openbaar vijandig geweest, zo zou het mij zo vreemd niet voorkomen en zo ondragelijk niet vallen."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "groot maakt: Zie Ps. 35:26 . Psalmen 35:26 : Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken.",
          "text1637": "Siet Psal. 35. op vers 26.",
          "text2026": "groot maakt: Zie Ps. 35:26 . Psalmen 35:26 : Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, mij voor hem hebben kunnen wachten, hem ontgaan, ontwijken.",
          "text1637": "D. my voor hem hebben konnen wachten, hem ontgaen, ontwijcken.",
          "text2026": "Dat is, mij voor hem hebben kunnen wachten, hem ontgaan, ontwijken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּ֤י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אוֹיֵ֥ב",
          "strongs": "H341",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "יְחָֽרְפֵ֗/נִי",
          "strongs": "H2778",
          "morph": "HVpi3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶ֫שָּׂ֥א",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HC/Vqi1cs"
        },
        {
          "woord": "לֹֽא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "מְ֭שַׂנְאִ/י",
          "strongs": "H8130",
          "morph": "HVprmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֣/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הִגְדִּ֑יל",
          "strongs": "H1431",
          "morph": "HVhp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶסָּתֵ֥ר",
          "strongs": "H5641",
          "morph": "HC/VNi1cs"
        },
        {
          "woord": "מִמֶּֽ/נּוּ",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want het is geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> vijand, die mij hoont, anders zou ik het hebben gedragen; het is mijn hater niet, die zich tegen mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> groot maakt, anders zou ik mij voor hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> verborgen hebben.",
      "textSV1888_html": "Want het is geen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> vijand, die mij hoont, anders zou ik het hebben gedragen; het is mijn hater niet, die zich tegen mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> groot maakt, anders zou ik mij voor hem<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> verborgen hebben.",
      "text1637_html": "Want het en is geen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> vyant, [die] my hoont, anders soud’ ick het hebben gedragen; ’t en is mijn hater niet, [die] sich tegen my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> groot maeckt, anders soud’ ick my voor hem <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> verborgen hebben."
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Maar gij zijt het, o mens, als van mijn waardigheid, mijn leidsman en mijn bekende!",
      "text1637": "Maer ghy zijt het, ô mensch als van mijne [26] weerdicheyt; mijn [27] leytsman, ende mijn bekende:",
      "text2026": "Maar u bent het, o mens, als van mijn waardigheid, mijn leidsman en mijn bekende!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. naar mijne schatting, of waarde; dat is, mijns gelijken, geacht of geschat als ik, of dien ik achtte als mijzelven. Anders, van mijne orde; dat is, van mijn staat, toestand en kwaliteit. Hierdoor verstaan sommigen Achitofel, van wiens grootachting en vertrouwen zo in het algemeen als bij David in het bijzonder, zie 2 Sam. 16:23 ; waarom ook van hem [als hij zich bij Absalom gevoegd had] in het bijzonder geboodschapt werd aan David, als zijnde niet alleen zeer vreemd, onverwacht en trouwelooslijk gedaan, maar ook zulks, dat David [ten aanzien van Achitofels uitnemende kloekheid] daarop wel te letten had. Die dezen psalm op Sauls tijd duiden, verstaan Abner, of anderen van Sauls krijgsraad. 2 Samuël 16:23 : En in die dagen was Achitofels raad, dien hij raadde, als of men naar Gods woord gevraagd had; alzo was alle raad van Achitofel, zo bij David als bij Absalom.",
          "text1637": "Hebr. nae mijne schattinge, ofte, weerde. D. mijns gelijcke, geacht ofte geschatt als ick, ofte dien ick achtede als myselven. And. mijns ordens, D. van mijnen staet, conditie ende qualiteyt. hier door verstaen sommige Achitophel, van wiens groot-achtinge ende credijt, soo in’t gemeyn, als by David in’t bysonder, siet 2.Sam. 16.23. daerom oock van hem (als hy sich by Absalom gevoecht hadde) in ’t bysonder gebootschapt wert aen David, als zijnde niet alleen seer vreemt, onverwacht, ende troulooslick gedaen, maer oock sulcx, dat David (ten aensien van Achitophels uyt nemende kloeckheyt) daer op wel te letten hadde. die desen Psalm op Sauls tijt duyden, verstaen Abner, ofte, andere van Sauls krijchs-raet.",
          "text2026": "Hebr. naar mijn schatting, of waarde; dat is, mijns gelijken, geacht of geschat als ik, of die ik achtte als mijzelf. Anders, van mijn orde; dat is, van mijn staat, toestand en kwaliteit. Hierdoor verstaan sommigen Achitofel, van wiens grootachting en vertrouwen zo in het algemeen als bij David in het bijzonder, zie 2 Sam. 16:23 ; waarom ook van hem [als hij zich bij Absalom gevoegd had] in het bijzonder geboodschapt werd aan David, als zijnde niet alleen zeer vreemd, onverwacht en trouweloos gedaan, maar ook zulks, dat David [ten aanzien van Achitofels uitnemende kloekheid] daarop wel te letten had. Die deze psalm op Sauls tijd duiden, verstaan Abner, of anderen van Sauls krijgsraad. 2 Samuël 16:23 : En in die dagen was Achitofels raad, die hij raadde, als of men naar Gods woord gevraagd had; zo was alle raad van Achitofel, zo bij David als bij Absalom."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, voornaamste vriend, beleider; te weten, mijner zaken. Zie Spreuk. 16:28 , en Spreuk. 17:9 ; Micha 7:5 . Spreuken 16:28 : Een verkeerd man zal krakeel inwerpen; en een oorblazer scheidt den voornaamsten vriend. Spreuken 17:9 : Die de overtreding toedekt, zoekt liefde; maar die de zaak weder ophaalt, scheidt den voornaamsten vriend. Micha 7:5 : Gelooft een vriend niet, vertrouwt niet op een voornaamsten vriend; bewaar de deuren uws monds voor haar, die in uw schoot ligt.",
          "text1637": "Ofte, voorneemste vrient, beleyder. T.w. mijner affairen. siet Prov. 6.28. ende 7.9. Mich. 7.5.",
          "text2026": "Of, voornaamste vriend, beleider; te weten, mijn zaken. Zie Spr. 16:28 , en Spr. 17:9 ; Micha 7:5 . Spreuken 16:28 : Een verkeerd man zal krakeel inwerpen; en een oorblazer scheidt de voornaamsten vriend. Spreuken 17:9 : Die de overtreding toedekt, zoekt liefde; maar die de zaak weer ophaalt, scheidt de voornaamsten vriend. Micha 7:5 : Gelooft een vriend niet, vertrouwt niet op een voornaamsten vriend; bewaar de deuren uws monds voor haar, die in uw schoot ligt."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֣ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֱנ֣וֹשׁ",
          "strongs": "H582",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּ/עֶרְכִּ֑/י",
          "strongs": "H6187",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אַ֝לּוּפִ֗/י",
          "strongs": "H441",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְיֻדָּֽעִ/י",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HC/VPsmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar u bent het, o mens, als van mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> waardigheid, mijn leidsman en mijn bekende!",
      "textSV1888_html": "Maar gij zijt het, o mens, als van mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> waardigheid, mijn leidsman en mijn bekende!",
      "text1637_html": "Maer ghy zijt het, ô mensch als van mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> weerdicheyt; mijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> leytsman, ende mijn bekende:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "gij zijt",
          "new": "u bent",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "Wij, die te zamen in zoetigheid heimelijk raadpleegden; wij wandelden in gezelschap ten huize Gods.",
      "text1637": "Die wy t’samen [28] in soeticheyt heymelick raet pleegden: wy wandelden [29] in geselschap ten huyse Godes.",
      "text2026": "Wij, die samen in zoetigheid in het geheim raadpleegden; wij wandelden in gezelschap in het huis van God.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in zoetigheid: Hebr., סוֹד, den raad [of de verborgenheid, verborgen raad] zoet maakten.",
          "text1637": "Hebr. den raedt (ofte, de verborgentheyt, verborgen raet) soet maeckten.",
          "text2026": "in zoetigheid: Hebr., סוֹד, de raad [of de verborgenheid, verborgen raad] zoet maakten."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in gezelschap: Of, met de samenlopende schare, [ Ps. 42:5 ]. Zie van het Het Hebr. woord Ps. 2:1 . Hij wil zeggen dat zij tezamen verplicht waren niet alleen door den band van politieke vrienschap en gemeenschap, maar ook door den allersterksten band van religie. Psalmen 42:5 : Ik gedenk daaraan, en stort mijn ziel uit in mij, omdat ik placht heen te gaan onder de schare, en met hen te treden naar Gods huis, met een stem van vreugdegezang en lof, onder de feesthoudende menigte. Psalmen 2:1 : Waarom woeden de heidenen, en bedenken de volken ijdelheid?",
          "text1637": "Ofte, met de t’samenloopende schare. (Psal. 42.5.) Siet van ’t Hebr. woort Psal. 2. op vers 1. hy wil seggen, datse t’samen verplicht waren niet alleen door den bant van politijcke vrientschap ende gemeenschap, maer oock door den alderstercksten bant van Religie.",
          "text2026": "in gezelschap: Of, met de samenlopende schare, [ Ps. 42:5 ]. Zie van het Het Hebr. woord Ps. 2:1 . Hij wil zeggen dat zij tezamen verplicht waren niet alleen door de band van politieke vrienschap en gemeenschap, maar ook door de allersterksten band van religie. Psalmen 42:5 : Ik gedenk daaraan, en stort mijn ziel uit in mij, omdat ik placht heen te gaan onder de schare, en met hen te treden naar Gods huis, met een stem van vreugdegezang en lof, onder de feesthoudende menigte. Psalmen 2:1 : Waarom woeden de heidenen, en bedenken de volken ijdelheid?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֣ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "יַ֭חְדָּו",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "נַמְתִּ֣יק",
          "strongs": "H4985",
          "morph": "HVhi1cp"
        },
        {
          "woord": "ס֑וֹד",
          "strongs": "H5475",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/בֵ֥ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱ֝לֹהִ֗ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "נְהַלֵּ֥ךְ",
          "strongs": "H1980",
          "morph": "HVpi1cp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/רָֽגֶשׁ",
          "strongs": "H7285",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Wij, die samen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> in zoetigheid in het geheim raadpleegden; wij wandelden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in gezelschap in het huis van God.",
      "textSV1888_html": "Wij, die te zamen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> in zoetigheid heimelijk raadpleegden; wij wandelden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in gezelschap ten huize Gods.",
      "text1637_html": "Die wy t’samen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> in soeticheyt heymelick raet pleegden: wy wandelden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> in geselschap ten huyse Godes.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "te zamen",
          "new": "samen",
          "principe": "V374"
        },
        {
          "old": "heimelijk",
          "new": "in het geheim",
          "principe": "V422"
        },
        {
          "old": "ten huize Gods.",
          "new": "in het huis van God.",
          "principe": "V418"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Dat hun de dood als een schuldeiser overvalle, dat zij als levend ter helle nederdalen; want boosheden zijn in hun woning, in het binnenste van hen.",
      "text1637": "[30] Dat hen de [31] doot als een schulteysscher overvalle, datse levendich ter hellen nederdalen: want boosheden zijn in hare [32] wooninge in’t binnenste van hen.",
      "text2026": "Dat hun de dood als een schuldeiser overvalle, dat zij als levend naar het dodenrijk neerdalen; want boosheden zijn in hun woning, in het binnenste van hen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat hun: Of, de dood zal hen, enz.",
          "text1637": "Ofte, de doot salse, etc.",
          "text2026": "Dat hun: Of, de dood zal hen, enz."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij wil zeggen, laat hen schielijk en schrikkelijk omkomen. Zie boven vers 10 . Dit spreekt David door den profetischen Geest en ijver des Heeren gedreven zijnde. Psalmen 55:10 : Verslind hen, HEERE! deel hun tong; want ik zie wrevel en twist in de stad.",
          "text1637": "Hy wil seggen, laetse schielick ende schrickelick omkomen. Siet bov. op vers 10. Dit spreeckt David door den prophetischen Geest ende yver des Heeren gedreven zijnde.",
          "text2026": "Hij wil zeggen, laat hen schielijk en schrikkelijk omkomen. Zie boven vers 10 . Dit spreekt David door de profetischen Geest en ijver van de Heer gedreven zijnde. Psalmen 55:10 : Verslind hen, JAHWEH! deel hun tong; want ik zie wrevel en twist in de stad."
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "De plaats waar zij verkeren, of gezelschap, omgang.",
          "text1637": "De plaetse daer sy verkeeren, ofte, geselschap, omme-ganck.",
          "text2026": "De plaats waar zij verkeren, of gezelschap, omgang."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "ישימות",
          "strongs": "H3451",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "עָלֵ֗י/מוֹ",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "יֵרְד֣וּ",
          "strongs": "H3381",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "שְׁא֣וֹל",
          "strongs": "H7585",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "חַיִּ֑ים",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רָע֖וֹת",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/מְגוּרָ֣/ם",
          "strongs": "H4033",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קִרְבָּֽ/ם",
          "strongs": "H7130",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Dat hun de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> dood als een schuldeiser overvalle, dat zij als levend naar het dodenrijk neerdalen; want boosheden zijn in hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> woning, in het binnenste van hen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Dat hun de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> dood als een schuldeiser overvalle, dat zij als levend ter helle nederdalen; want boosheden zijn in hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> woning, in het binnenste van hen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Dat hen de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> doot als een schulteysscher overvalle, datse levendich ter hellen nederdalen: want boosheden zijn in hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> wooninge in’t binnenste van hen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "ter helle nederdalen;",
          "new": "naar het dodenrijk neerdalen;",
          "principe": "V1208"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Mij aangaande, ik zal tot God roepen, en de HEERE zal mij verlossen.",
      "text1637": "My aengaende, ick sal tot Godt roepen: ende de HEERE sal my verlossen.",
      "text2026": "Wat mij betreft, ik zal tot God roepen, en JAHWEH zal mij verlossen.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֲ֭נִי",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֣ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶקְרָ֑א",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ֝/יהוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "יוֹשִׁיעֵֽ/נִי",
          "strongs": "H3467",
          "morph": "HVhi3ms/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Wat mij betreft, ik zal tot God roepen, en JAHWEH zal mij verlossen.",
      "text1637_html": "My aengaende, ick sal tot Godt roepen: ende de HEERE sal my verlossen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Mij aangaande,",
          "new": "Wat mij betreft,",
          "principe": "V389"
        },
        {
          "old": "de HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Des avonds, en des morgens, en des middags zal ik klagen en getier maken; en Hij zal mijn stem horen.",
      "text1637": "[33] ’Savonts, ende ’smorgens, ende ’smiddachs sal ick klagen ende getier maken: ende hy sal mijne stemme hooren.",
      "text2026": "'s Avonds, en 's morgens, en 's middags zal ik klagen en getier maken; en Hij zal mijn stem horen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Des avonds: Verg. Dan. 6:11 , en Hand. 3:1 , en Hand. 10:3 , 10:9 , 10:30 . Hij wil zeggen dat hij niet zal ophouden noch moede worden, maar God met zijn dagelijkse gebeden, [welker gewoonlijke tijden hij hier verhaalt] als moeilijk en lastig vallen. Zie Luk. 18:1 . Daniël 6:11 : Toen nu Daniël verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieën, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had. Handelingen 3:1 : Petrus nu en Johannes gingen te zamen op naar den tempel, omtrent de ure des gebeds, zijnde de negende ure; Handelingen 10:3 : Deze zag in een gezicht klaarlijk, omtrent de negende ure des daags, een engel Gods tot hem inkomen, en tot hem zeggende: Cornelius! Handelingen 10:9 : En des anderen daags, terwijl deze reisden, en nabij de stad kwamen, klom Petrus op het dak, om te bidden, omtrent de zesde ure. Handelingen 10:30 : En Cornelius zeide: Over vier dagen was ik vastende tot deze ure toe, en ter negende ure bad ik in mijn huis. Lukas 18:1 : En Hij zeide ook een gelijkenis tot hen, daartoe strekkende, dat men altijd bidden moet, en niet vertragen;",
          "text1637": "Vergel. Dan. 6.10. ende Actor. 3.1. ende 10.3, 9, 30. hy wil seggen, dat hy niet sal ophouden, noch moede worden, maer Godt met sijne dagelickse gebeden, (welcker gewoonlicke tijden hy hier verhaelt) als moeyelick ende lastich vallen. Siet Luce 18.1.",
          "text2026": "Van de avonds: Verg. Dan. 6:11 , en Hand. 3:1 , en Hand. 10:3 , 10:9 , 10:30 . Hij wil zeggen dat hij niet zal ophouden noch moe worden, maar God met zijn dagelijkse gebeden, [van wie gewoonlijke tijden hij hier verhaalt] als moeilijk en lastig vallen. Zie Luk. 18:1 . Daniël 6:11 : Toen nu Daniël verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieën, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor deze gedaan had. Handelingen 3:1 : Petrus nu en Johannes gingen te zamen op naar de tempel, omtrent het uur van het gebed, zijnde de negende ure; Handelingen 10:3 : Deze zag in een gezicht duidelijk, omtrent de negende ure van de dag, een engel van God tot hem inkomen, en tot hem zeggende: Cornelius! Handelingen 10:9 : En van de anderen daags, terwijl deze reisden, en nabij de stad kwamen, klom Petrus op het dak, om te bidden, omtrent de zesde ure. Handelingen 10:30 : En Cornelius zei: Over vier dagen was ik vastende tot deze ure toe, en ter negende ure bad ik in mijn huis. Lukas 18:1 : En Hij zei ook een gelijkenis tot hen, daartoe strekkende, dat men altijd bidden moet, en niet vertragen;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עֶ֤רֶב",
          "strongs": "H6153",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/בֹ֣קֶר",
          "strongs": "H1242",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ֭/צָהֳרַיִם",
          "strongs": "H6672",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אָשִׂ֣יחָה",
          "strongs": "H7878",
          "morph": "HVqh1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶהֱמֶ֑ה",
          "strongs": "H1993",
          "morph": "HC/Vqh1cs"
        },
        {
          "woord": "וַ/יִּשְׁמַ֥ע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HC/Vqw3ms"
        },
        {
          "woord": "קוֹלִֽ/י",
          "strongs": "H6963",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> 's Avonds, en 's morgens, en 's middags zal ik klagen en getier maken; en Hij zal mijn stem horen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> Des avonds, en des morgens, en des middags zal ik klagen en getier maken; en Hij zal mijn stem horen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> ’Savonts, ende ’smorgens, ende ’smiddachs sal ick klagen ende getier maken: ende hy sal mijne stemme hooren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Des avonds,",
          "new": "'s Avonds,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "des",
          "new": "'s",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des",
          "new": "'s",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Hij heeft mijn ziel in vrede verlost van den strijd tegen mij; want met menigte zijn zij tegen mij geweest.",
      "text1637": "Hy heeft mijne [34] ziele in vrede verlost van den strijt [35] tegen my: want [36] met menichten zijnse tegen my geweest.",
      "text2026": "Hij heeft mijn ziel in vrede verlost van de strijd tegen mij; want met menigte zijn zij tegen mij geweest.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ziel in: Dat is, hij heeft mijn leven uit gevaar gered en mij in vrede gesteld. Dit kan zien op voorgaande verlossingen, of een gelovige en profetische verklaring zijn van de zekerheid ener goede uitkomst, dergelijke vele in dit boek gevonden worden.",
          "text1637": "Dat is, hy heeft mijn leven uyt perijckel geredt, ende my in vrede gestelt. Dit kan sien op voorgaende verlossingen, ofte, eene geloovige ende prophetische verklaringe zijn van de sekerheyt eener goeder uytkomste, diergelicke vele in dit boeck gevonden worden.",
          "text2026": "ziel in: Dat is, hij heeft mijn leven uit gevaar gered en mij in vrede gesteld. Dit kan zien op voorgaande verlossingen, of een gelovige en profetische verklaring zijn van de zekerheid van een goede uitkomst, dergelijke vele in dit boek gevonden worden."
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "tegen mij: Dat is, die zij mij aandeden, of aandoen wilden.",
          "text1637": "D. die sy my aendeden, ofte aendoen wilden.",
          "text2026": "tegen mij: Dat is, die zij mij aandeden, of aandoen wilden."
        },
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "met menigte: Hebr. in, of met, onder, vele [of, grote machtige] zijn zij geweest tegen, of met mij, want het Hebr. woord kan geduid worden op vrienden of vijanden, en beide heeft een goeden zin. Gelijk Davids vijanden vele waren, alzo had hij daarentegen de heirscharen der heilige engelen met zich. Verg. Ps. 34:8 , en Ps. 57:4 ; 2 Kon. 6:16 , doch in het volgende sprekkt David van zijne vijanden. Psalmen 34:8 : Cheth. De Engel des HEEREN legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit. Psalmen 57:4 : Hij zal van den hemel zenden, en mij verlossen, te schande makende dengene, die mij zoekt op te slokken. Sela. God zal Zijn goedertierenheid en Zijn waarheid zenden. 2 Koningen 6:16 : En hij zeide: Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn.",
          "text1637": "Hebr. in, ofte met, onder, vele (ofte, groote, machtige) zijn sy geweest tegen, ofte met my: want het Hebr. woordeken kan geduydt worden op vrienden ofte vyanden. ende beydts heeft eenen goeden sin. gelijck Davids vyanden vele waren, alsoo hadde hy daer en tegen de heyrscharen der H. Engelen met hem. Vergel. Psal. 34.8. ende 57.4. 2.Reg. 6.16. doch in het volgende spreeckt David van sijne vyanden.",
          "text2026": "met menigte: Hebr. in, of met, onder, vele [of, grote machtige] zijn zij geweest tegen, of met mij, want het Hebr. woord kan geduid worden op vrienden of vijanden, en beide heeft een goede zin. Gelijk Davids vijanden vele waren, zo had hij daarentegen de legermachten van de heilige engelen met zich. Verg. Ps. 34:8 , en Ps. 57:4 ; 2 Kon. 6:16 , maar in het volgende sprekkt David van zijn vijanden. Psalmen 34:8 : Cheth. De Engel van JAHWEH legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit. Psalmen 57:4 : Hij zal van de hemel zenden, en mij verlossen, te schande makende dengene, die mij zoekt op te slokken. Sela. God zal Zijn goedertierenheid en Zijn waarheid zenden. 2 Koningen 6:16 : En hij zei: Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פָּ֘דָ֤ה",
          "strongs": "H6299",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/שָׁל֣וֹם",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נַ֭פְשִׁ/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/קֲּרָב",
          "strongs": "H7128",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ֑/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "בְ֝/רַבִּ֗ים",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HR/Aampa"
        },
        {
          "woord": "הָי֥וּ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עִמָּדִֽ/י",
          "strongs": "H5978",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Hij heeft mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziel in vrede verlost van de strijd<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> tegen mij; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> met menigte zijn zij tegen mij geweest.",
      "textSV1888_html": "Hij heeft mijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziel in vrede verlost van den strijd<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> tegen mij; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> met menigte zijn zij tegen mij geweest.",
      "text1637_html": "Hy heeft mijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> ziele in vrede verlost van den strijt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> tegen my: want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> met menichten zijnse tegen my geweest.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 20,
      "textSV1888": "God zal horen, en zal hen plagen, als die van ouds zit, Sela; dewijl bij hen gans geen verandering is, en zij God niet vrezen.",
      "text1637": "Godt sal hooren, ende salse plagen, als die van outs [37] sitt, [38] Sela! dewijle by hen [39] gantsch geene veranderinge en is, ende sy Godt niet en vreesen.",
      "text2026": "God zal horen, en zal hen plagen, als die van ouds zit, Sela; omdat bij hen geheel geen verandering is, en zij God niet vrezen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "37",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Als Rechter van den beginne. Verg. Ps. 93:2 . Psalmen 93:2 : Van toen af is Uw troon bevestigd, Gij zijt van eeuwigheid af.",
          "text1637": "Als Richter van den beginne. Vergel. Psal. 93.2.",
          "text2026": "Als Rechter van de beginne. Verg. Ps. 93:2 . Psalmen 93:2 : Van toen af is Uw troon bevestigd, U bent van eeuwigheid af."
        },
        {
          "marker": "38",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela.",
          "text1637": "Siet Psal. 3. op vers 3.",
          "text2026": "Zie Ps. 3:3 . Psalmen 3:3 : Velen zeggen van mijn ziel: Hij heeft geen heil bij God. Sela."
        },
        {
          "marker": "39",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "gans geen verandering: Hebr. gene veranderingen; kleine noch grote te weten, van het kwade tot het goede; zij beteren zich niet in het allerminste, wil hij zeggen.",
          "text1637": "Hebr. geene veranderingen, noch kleyne noch groote, te weten, van’t quade tot het goede: sy en beteren haer niet in’t alderminste, wil hy seggen.",
          "text2026": "geheel geen verandering: Hebr. gene veranderingen; kleine noch grote te weten, van het kwade tot het goede; zij beteren zich niet in het allerminste, wil hij zeggen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִשְׁמַ֤ע",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֵ֨ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְֽ/יַעֲנֵ/ם֮",
          "strongs": "H6031",
          "morph": "HC/Vqi3ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יֹ֤שֵׁ֥ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "קֶ֗דֶם",
          "strongs": "H6924",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "סֶ֥לָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "אֵ֣ין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "חֲלִיפ֣וֹת",
          "strongs": "H2487",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/מוֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֖א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יָרְא֣וּ",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִֽים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "God zal horen, en zal hen plagen, als die van ouds<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> zit,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> Sela; omdat bij hen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> geheel geen verandering is, en zij God niet vrezen.",
      "textSV1888_html": "God zal horen, en zal hen plagen, als die van ouds<sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> zit,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> Sela; dewijl bij hen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> gans geen verandering is, en zij God niet vrezen.",
      "text1637_html": "Godt sal hooren, ende salse plagen, als die van outs <sup class=\"note-marker\" data-note=\"37\">37</sup> sitt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"38\">38</sup> Sela! dewijle by hen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"39\">39</sup> gantsch geene veranderinge en is, ende sy Godt niet en vreesen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dewijl",
          "new": "omdat",
          "principe": "V2"
        },
        {
          "old": "gans",
          "new": "geheel",
          "principe": "V414"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 21,
      "textSV1888": "Hij slaat zijn handen aan degenen, die vrede met Hem hadden; hij ontheiligt Zijn verbond.",
      "text1637": "[40] Hy [41] slaet sijne handen aen de gene die [42] vrede met hem hadden: hy ontheylicht sijn [43] verbondt.",
      "text2026": "Hij slaat zijn handen aan degenen, die vrede met Hem hadden; hij ontheiligt Zijn verbond.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "40",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, elkeen dezer goddelozen, of de voornaamste onder hen, dien de anderen volgen.",
          "text1637": "D. elck een deser godtloosen, ofte de principaelste onder hen, dien d’andere volgen.",
          "text2026": "Dat is, elk van deze goddelozen, of de voornaamste onder hen, die de anderen volgen."
        },
        {
          "marker": "41",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, legt, strekt uit; dat is, hij doet hun kwaad, overlast, geweld, ja hij brengt hen om het leven. Zie Gen. 37:22 . Genesis 37:22 : Ook zeide Ruben tot hen: Vergiet geen bloed; werpt hem in dezen kuil die in de woestijn is, en legt de hand niet aan hem; opdat hij hem uit hun hand verloste, om hem tot zijn vader weder te brengen.",
          "text1637": "Ofte, leyt, streckt uyt: dat is, hy doetse quaet, overlast, gewelt, ja hy brengtse om ’t leven. siet Gen. 37. op vers 22.",
          "text2026": "Of, legt, strekt uit; dat is, hij doet hun kwaad, overlast, geweld, ja hij brengt hen om het leven. Zie Gen. 37:22 . Genesis 37:22 : Ook zei Ruben tot hen: Vergiet geen bloed; werpt hem in deze kuil die in de woestijn is, en legt de hand niet aan hem; opdat hij hem uit hun hand verloste, om hem tot zijn vader weer te brengen."
        },
        {
          "marker": "42",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, zijne vredegenoten, bondgenoten; verg. Ps. 7:5 , en Ps. 41:10 , en boven vs. 13,15. Psalmen 7:5 : Indien ik kwaad vergolden heb dien, die vrede met mij had; (ja, ik heb dien gered, die mij zonder oorzaak benauwde!) Psalmen 41:10 : Zelfs de man mijns vredes, op welken ik vertrouwde, die mijn brood at, heeft de verzenen tegen mij grotelijks verheven.",
          "text1637": "Ofte, sijne vrede-genooten, bont-genooten. Vergel. Psal. 7.5. ende 41.10. ende bov. versen 13, 15.",
          "text2026": "Of, zijn vredegenoten, bondgenoten; verg. Ps. 7:5 , en Ps. 41:10 , en boven vs. 13,15. Psalmen 7:5 : Als ik kwaad vergolden heb die, die vrede met mij had; (ja, ik heb die gered, die mij zonder oorzaak benauwde!) Psalmen 41:10 : Zelfs de man mijns vredes, op welke ik vertrouwde, die mijn brood at, heeft de verzenen tegen mij grotelijks verheven."
        },
        {
          "marker": "43",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat hij met ede en dienvolgens [met aanroeping van Gods heiligen naam] gemaakt en bevestigd had, dat breekt hij zonder schromen.",
          "text1637": "Dat hy met eede, ende dien volgens (met overroepinge van Godts heyligen naem) gemaeckt ende bevesticht hadde, dat breeckt hy sonder schroomen.",
          "text2026": "Dat hij met ede en dienvolgens [met aanroeping van Gods heilige naam] gemaakt en bevestigd had, dat breekt hij zonder schromen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שָׁלַ֣ח",
          "strongs": "H7971",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יָ֭דָי/ו",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ/שְׁלֹמָ֗י/ו",
          "strongs": "H7965",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "חִלֵּ֥ל",
          "strongs": "H2490",
          "morph": "HVpp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּרִיתֽ/וֹ",
          "strongs": "H1285",
          "morph": "HNcfsc/Sp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> slaat zijn handen aan degenen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> vrede met Hem hadden; hij ontheiligt Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> verbond.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> slaat zijn handen aan degenen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> vrede met Hem hadden; hij ontheiligt Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> verbond.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"40\">40</sup> Hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"41\">41</sup> slaet sijne handen aen de gene die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"42\">42</sup> vrede met hem hadden: hy ontheylicht sijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"43\">43</sup> verbondt."
    },
    {
      "number": 22,
      "textSV1888": "Zijn mond is gladder dan boter, maar zijn hart is krijg; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelve zijn blote zwaarden.",
      "text1637": "Sijn [44] mont is gladder [45] dan boter, maer sijn herte is [46] krijch: sijne woorden zijn sachter dan olye, maer de selve zijn [47] bloote sweerden.",
      "text2026": "Zijn mond is gladder dan boter, maar zijn hart is strijd; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelfde zijn blote zwaarden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "44",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, de woorden zijns monds; waarom ook het bijgevoegde Hebr. woord דְבָרָי, in het getal van velen staat, zijn gladder.",
          "text1637": "Dat is, de woorden sijns monts: daerom oock het by-gevoecht Hebreeusch woort in’t getal van velen staet, zijn gladder.",
          "text2026": "Dat is, de woorden zijns monds; waarom ook het bijgevoegde Hebr. woord דְבָרָי, in het getal van velen staat, zijn gladder."
        },
        {
          "marker": "45",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "dan boter: Of, dan of zij boterig, of geboterd waren. Anders: zij maken hunnen mond glad, of zij verzachten hunnen mond [als] boter.",
          "text1637": "Ofte, dan ofse boterich, ofte, gebotert waren. and. sy maken haren mont gladt, ofte, sy versachten haren mont [als] boter. and. sy maken haren mont gladder als boter, ofte: [de woorden] sijns monts zijn glat als boter.",
          "text2026": "dan boter: Of, dan of zij boterig, of geboterd waren. Anders: zij maken hun mond glad, of zij verzachten hun mond [als] boter."
        },
        {
          "marker": "46",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, vol van krijg of strijd, zij hebben niets dan enkel strijd in den zin, tegen mij.",
          "text1637": "Dat is, vol van krijch ofte strijdt, sy hebben niet dan enckel strijdt in den sin, tegen my.",
          "text2026": "Dat is, vol van krijg of strijd, zij hebben niets dan enkel strijd in de zin, tegen mij."
        },
        {
          "marker": "47",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr. geopende, uitgetogene; dat is, zij zijn dodelijk wondende, zij zoeken mij daardoor in het verderf te brengen, Verg. Spreuk. 12:18 , en Ps. 57:5 . Spreuken 12:18 : Daar is een, die woorden als steken van een zwaard onbedachtelijk uitspreekt; maar de tong der wijzen is medicijn. Psalmen 57:5 : Mijn ziel is in het midden der leeuwen, ik lig onder stokebranden, mensenkinderen, welker tanden spiesen en pijlen zijn, en hun tong een scherp zwaard.",
          "text1637": "Hebr. geopende, uytgetogene. dat is, sy zijn dootlick wondende, sy soecken my daer door in’t verderf te brengen. Vergel. Prov. 12.18. ende Psal. 57.5.",
          "text2026": "Hebr. geopende, uitgetogene; dat is, zij zijn dodelijk wondende, zij zoeken mij daardoor in het verderf te brengen, Verg. Spr. 12:18 , en Ps. 57:5 . Spreuken 12:18 : Daar is een, die woorden als steken van een zwaard onbedachtelijk uitspreekt; maar de tong van de wijzen is medicijn. Psalmen 57:5 : Mijn ziel is in het midden van de leeuwen, ik lig onder stokebranden, mensenkinderen, van wie tanden spiesen en pijlen zijn, en hun tong een scherp zwaard."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חָלְק֤וּ",
          "strongs": "H2505",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "מַחְמָאֹ֣ת",
          "strongs": "H4260",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "פִּי/ו֮",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וּֽ/קֲרָב",
          "strongs": "H7128",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ֫בּ֥/וֹ",
          "strongs": "H3820",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "רַכּ֖וּ",
          "strongs": "H7401",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "דְבָרָ֥י/ו",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מִ/שֶּׁ֗מֶן",
          "strongs": "H8081",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/הֵ֣מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HC/Pp3mp"
        },
        {
          "woord": "פְתִחֽוֹת",
          "strongs": "H6609",
          "morph": "HNcfpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> mond is gladder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> dan boter, maar zijn hart is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> strijd; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelfde zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> blote zwaarden.",
      "textSV1888_html": "Zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> mond is gladder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> dan boter, maar zijn hart is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> krijg; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelve zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> blote zwaarden.",
      "text1637_html": "Sijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"44\">44</sup> mont is gladder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"45\">45</sup> dan boter, maer sijn herte is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"46\">46</sup> krijch: sijne woorden zijn sachter dan olye, maer de selve zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"47\">47</sup> bloote sweerden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "krijg;",
          "new": "strijd;",
          "principe": "V203"
        },
        {
          "old": "dezelve",
          "new": "dezelfde",
          "principe": "O3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 23,
      "textSV1888": "Werp uw zorg op den HEERE, en Hij zal u onderhouden; Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige wankele.",
      "text1637": "[48] Werpt [49] uwe sorge op den HEERE, ende hy sal u [50] onderhouden: [51] hy sal in eeuwicheyt niet toelaten, dat de rechtveerdige wanckele.",
      "text2026": "Werp uw zorg op JAHWEH, en Hij zal u onderhouden; Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige zou wankelen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "48",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "David spreekt hier zichzelven en alle gelovigen aan.",
          "text1637": "David spreeckt hier sich selven ende alle geloovige aen.",
          "text2026": "David spreekt hier zichzelven en alle gelovigen aan."
        },
        {
          "marker": "49",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "uw zorg: Hebr. uwe gave, of uw geven; dat is, in al uwe bekommernissen en zorgen, [gelijk de apostel Petrus dit woord gebruikt, 1 Petr. 5:7 ], gelijk gij gaarne wildet dat u dit of dat mocht gegeven worden, al denkende op geven, naar den eis van uw gebrek of nood, zo beveel zulks alles uwen hemelsen Vader, die zal u geven wat u zalig is; of uwe gave; al wat Hij [de Heere] u geeft, wat van Hem aankomt; dat is, wat Hij u toeschikt, toezendt, dat werpt gij weder op Hem, vertrouwende dat Hij u zal ontlasten, verlichten en ene uitkomst geven, die tot zijne eer en uwe zaligheid sterkt. Verg. Ps. 22:9 . Anders, uw pak, of uwen last; doch deze betekenis wordt in de Heilige Schrift niet gevonden. 1 Petrus 5:7 : Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u. Psalmen 22:9 : Hij heeft het op den HEERE gewenteld, dat Hij hem nu uithelpe, dat Hij hem redde, dewijl Hij lust aan hem heeft!",
          "text1637": "Hebr. uwe gave, ofte, u geven. D. in alle uwe bekommernissen ende sorgen, (gelijck de Apostel Petrus dit woort gebruyckt 1.Pet. 5.7.) als ghy geerne wildet, dat u dit ofte dat mochte gegeven worden, al denckende op, geven, nae den eysch van u gebreck ofte noot, so beveelt sulcx alles uwen hemelschen Vader, die sal u geven, dat u salich is: ofte, uwe gave. D. al wat hy (de Heere) u geeft, wat u van hem aenkomt, D. wat hy u toeschickt, toesendt, dat werpt ghy weder op hem, vertrouwende, dat hy u sal ontlasten,verlichten, ende eene uytkomste geven, die tot sijner eere ende uwe salicheyt strecke. Vergel. Psal. 22. op vers 9. And. u pack, ofte, uwen last: doch dese beteeckeninge wort in de H. Schrifture niet gevonden.",
          "text2026": "uw zorg: Hebr. uw gave, of uw geven; dat is, in al uw bekommernissen en zorgen, [gelijk de apostel Petrus dit woord gebruikt, 1 Petr. 5:7 ], gelijk u graag wilde dat u dit of dat mocht gegeven worden, al denkende op geven, naar de eis van uw gebrek of nood, zo beveel zulks alles uw hemelsen Vader, die zal u geven wat u zalig is; of uw gave; al wat Hij [de Heer] u geeft, wat van Hem aankomt; dat is, wat Hij u toeschikt, toezendt, dat werpt u weer op Hem, vertrouwende dat Hij u zal ontlasten, verlichten en een uitkomst geven, die tot zijn eer en uw zaligheid sterkt. Verg. Ps. 22:9 . Anders, uw pak, of uw last; maar deze betekenis wordt in de Heilige Schrift niet gevonden. 1 Petrus 5:7 : Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u. Psalmen 22:9 : Hij heeft het op JAHWEH gewenteld, dat Hij hem nu uithelpe, dat Hij hem redde, omdat Hij lust aan hem heeft!"
        },
        {
          "marker": "50",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, voeden; gelijk het Hebr. woord elders gebruikt wordt; zie Ruth 4:15 . Ruth 4:15 : Die zal u zijn tot een verkwikker der ziel, en om uw ouderdom te onderhouden; want uw schoondochter, die u liefheeft, heeft hem gebaard, dewelke u beter is dan zeven zonen.",
          "text1637": "Ofte, voeden, gelijck ’t Hebr. woort elders gebruyckt wort, siet Ruth 4. op vers 15.",
          "text2026": "Of, voeden; gelijk het Hebr. woord elders gebruikt wordt; zie Ruth 4:15 . Ruth 4:15 : Die zal u zijn tot een verkwikker van de ziel, en om uw ouderdom te onderhouden; want uw schoondochter, die u liefheeft, heeft hem gebaard, die u beter is dan zeven zonen."
        },
        {
          "marker": "51",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij zal: Hebr. Hij zal niet toelaten in eeuwigheid de wankeling, den [of des of, voor den] rechtvaardige. Verg. Ps. 15:5 . Psalmen 15:5 : Die zijn geld niet geeft op woeker, en geen geschenk neemt tegen den onschuldige. Die deze dingen doet, zal niet wankelen in eeuwigheid.",
          "text1637": "Hebr. hy sal niet toelaten in eeuwicheyt de wanckelinge, den (ofte des, ofte, voor den) rechtveerdigen. Vergel. Psal. 15. op vers 5.",
          "text2026": "Hij zal: Hebr. Hij zal niet toelaten in eeuwigheid de wankeling, de [of van de of, voor de] rechtvaardige. Verg. Ps. 15:5 . Psalmen 15:5 : Die zijn geld niet geeft op woeker, en geen geschenk neemt tegen de onschuldige. Die deze dingen doet, zal niet wankelen in eeuwigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַשְׁלֵ֤ךְ",
          "strongs": "H7993",
          "morph": "HVhv2ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֨ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "יְהָבְ/ךָ֮",
          "strongs": "H3053",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/ה֪וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HC/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "יְכַ֫לְכְּלֶ֥/ךָ",
          "strongs": "H3557",
          "morph": "HVli3ms/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יִתֵּ֖ן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/עוֹלָ֥ם",
          "strongs": "H5769",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "מ֗וֹט",
          "strongs": "H4131",
          "morph": "HVqc"
        },
        {
          "woord": "לַ/צַּדִּֽיק",
          "strongs": "H6662",
          "morph": "HRd/Aamsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Werp<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> uw zorg op JAHWEH, en Hij zal u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> onderhouden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige zou wankelen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Werp<sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> uw zorg op den HEERE, en Hij zal u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> onderhouden;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige wankele.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"48\">48</sup> Werpt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"49\">49</sup> uwe sorge op den HEERE, ende hy sal u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"50\">50</sup> onderhouden: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"51\">51</sup> hy sal in eeuwicheyt niet toelaten, dat de rechtveerdige wanckele.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "wankele.",
          "new": "zou wankelen.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 24,
      "textSV1888": "Maar Gij, o God! zult die doen nederdalen in den put des verderfs; de mannen des bloeds en bedrogs zullen hun dagen niet ter helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen.",
      "text1637": "Maer ghy, ô Godt, sult [52] die doen nederdalen in den put des verderfs; de [53] mannen des bloets ende bedrochs en sullen hare dagen niet ter [54] helfte brengen: Ick daerentegen sal op u vertrouwen.",
      "text2026": "Maar U, o God! zult die doen neerdalen in de put van het verderf; de mannen van het bloed en bedrogs zullen hun dagen niet tot op de helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "52",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "die doen: Te weten, de voorzeide goddelozen.",
          "text1637": "T.w. de voorseyde godtloose.",
          "text2026": "die doen: Te weten, de voorzeide goddelozen."
        },
        {
          "marker": "53",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 5:7 . Psalmen 5:7 : Gij zult de leugensprekers verdoen; van den man des bloeds en des bedrogs heeft de HEERE een gruwel.",
          "text1637": "Siet Psal. 5. op vers 7.",
          "text2026": "Zie Ps. 5:7 . Psalmen 5:7 : U zult de leugensprekers verdoen; van de man van het bloed en van het bedrog heeft JAHWEH een gruwel."
        },
        {
          "marker": "54",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "niet ter helft brengen: Hebr., halven, of halveren; dat is, zij zullen een ontijdigen dood sterven. Verg. Job 15:32 , en Job 22:16 , en onder Ps. 58:9 , 58:10 , en Ps. 102:24 , 102:25 ; Spreuk. 10:27 ; Pred. 7:17 . Job 15:32 : Als zijn dag nog niet is, zal hij vervuld worden; want zijn tak zal niet groenen. Job 22:16 : Die rimpelachtig gemaakt zijn, als het de tijd niet was; een vloed is over hun grond uitgestort; Psalmen 58:9 : Laat hem henengaan, als een smeltende slak; laat hen, als ener vrouwe misdracht, de zon niet aanschouwen. Psalmen 58:10 : Eer dan uw potten den doornstruik gewaar worden, zal Hij hem als levend, als in heten toorn wegstormen. Psalmen 102:24 : Hij heeft mijn kracht op den weg ter neder gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort. Psalmen 102:25 : Ik zeide: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijner dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht. Spreuken 10:27 : De vreze des HEEREN vermeerdert de dagen; maar de jaren der goddelozen worden verkort. Prediker 7:17 : Wees niet al te goddeloos, noch wees al te dwaas; waarom zoudt gij sterven buiten uw tijd?",
          "text1637": "Hebr. halven, ofte, halveren, D. sy sullen eenen ontijdigen doot sterven. Vergel. Iob 15.32. ende 22.16. ende ond. Psal. 58.9, 10. ende 102.24, 25. Prov. 10.27. Eccl. 7.18.",
          "text2026": "niet ter helft brengen: Hebr., halven, of halveren; dat is, zij zullen een ontijdigen dood sterven. Verg. Job 15:32 , en Job 22:16 , en onder Ps. 58:9 , 58:10 , en Ps. 102:24 , 102:25 ; Spr. 10:27 ; Pred. 7:17 . Job 15:32 : Als zijn dag nog niet is, zal hij vervuld worden; want zijn tak zal niet groenen. Job 22:16 : Die rimpelachtig gemaakt zijn, als het de tijd niet was; een vloed is over hun grond uitgestort; Psalmen 58:9 : Laat hem heengaan, als een smeltende slak; laat hen, als van een vrouwe misdracht, de zon niet aanschouwen. Psalmen 58:10 : Eer dan uw potten de doornstruik gewaar worden, zal Hij hem als levend, als in heten toorn wegstormen. Psalmen 102:24 : Hij heeft mijn kracht op de weg ter neder gedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort. Psalmen 102:25 : Ik zei: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijn dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht. Spreuken 10:27 : De vrees voor JAHWEH vermeerdert de dagen; maar de jaren van de goddelozen worden verkort. Prediker 7:17 : Wees niet al te goddeloos, noch wees al te dwaas; waarom zoudt u sterven buiten uw tijd?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אַתָּ֤ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HC/Pp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֨ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תּוֹרִדֵ֬/ם",
          "strongs": "H3381",
          "morph": "HVhi2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "לִ/בְאֵ֬ר",
          "strongs": "H875",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "שַׁ֗חַת",
          "strongs": "H7845",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אַנְשֵׁ֤י",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "דָמִ֣ים",
          "strongs": "H1818",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "וּ֭/מִרְמָה",
          "strongs": "H4820",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "לֹא",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "יֶחֱצ֣וּ",
          "strongs": "H2673",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "יְמֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ֝/אֲנִ֗י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶבְטַח",
          "strongs": "H982",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "בָּֽ/ךְ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar U, o God! zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> die doen neerdalen in de put van het verderf; de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> mannen van het bloed en bedrogs zullen hun dagen niet tot op de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen.",
      "textSV1888_html": "Maar Gij, o God! zult<sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> die doen nederdalen in den put des verderfs; de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> mannen des bloeds en bedrogs zullen hun dagen niet ter<sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> helft brengen; ik, daarentegen, zal op U vertrouwen.",
      "text1637_html": "Maer ghy, ô Godt, sult <sup class=\"note-marker\" data-note=\"52\">52</sup> die doen nederdalen in den put des verderfs; de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"53\">53</sup> mannen des bloets ende bedrochs en sullen hare dagen niet ter <sup class=\"note-marker\" data-note=\"54\">54</sup> helfte brengen: Ick daerentegen sal op u vertrouwen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij,",
          "new": "U,",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "nederdalen",
          "new": "neerdalen",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des verderfs;",
          "new": "van het verderf;",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des bloeds",
          "new": "van het bloed",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "ter",
          "new": "tot op de",
          "principe": null
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David zijnde in perijckel van omcingelt ende overvallen te worden, klaegt Godt sijne benaeuwtheyt, ende bidt seer angstichlick om vernietinge van de aenslagen sijner vyanden, welker wreetheyt, valscheyt ende trouwloosheyt (bysonderlick van eenen) hy Gode voor-draegt, doch propheterende haren onderganck, ende sich versekerende van Godts verhooringe, sterckt sich selven ende alle geloovige in het vertrouwen op Godt, die de vroome behoudt, ende de godtloose verdoet.",
    "text2026": "David, in gevaar van omsingeld en overvallen te worden, klaagt God zijn benauwdheid en bidt zeer angstig om vernietiging van de aanslagen van zijn vijanden, wier wreedheid, valsheid en trouweloosheid (in het bijzonder van één) hij God voorlegt; maar hun ondergang profeterend en zich van Gods verhoring verzekerend, sterkt hij zichzelf en alle gelovigen in het vertrouwen op God, Die de vrome behoudt en de goddeloze verdoet."
  }
}
