{
  "number": 65,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David, een lied, voor den opperzangmeester.",
      "text1637": "EEn Psalm Davids, een [1] liedt: voor den [2] Opper-sang-meester.",
      "text2026": "Een psalm van David, een lied, voor de opperzangmeester.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 48:1 . Psalmen 48:1 : Een lied, een psalm, voor de kinderen van Korach.",
          "text1637": "Siet Psal. 48 op vers 1.",
          "text2026": "Zie Ps. 48:1 . Psalmen 48:1 : Een lied, een psalm, voor de kinderen van Korach."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
          "text1637": "Siet Psal. 4 op vers 1.",
          "text2026": "Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֥חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "מִזְמ֗וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֥ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "שִֽׁיר",
          "strongs": "H7892",
          "morph": "HNcbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een psalm van David, een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> lied, voor de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> opperzangmeester.",
      "textSV1888_html": "Een psalm van David, een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> lied, voor den<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> opperzangmeester.",
      "text1637_html": "EEn Psalm Davids, een <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> liedt: voor den <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Opper-sang-meester.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "De lofzang is in stilheid tot U, o God! in Sion; en U zal de gelofte betaald worden.",
      "text1637": "De lofsanck is [3] [in] stilheyt tot u, ô Godt, in Zion: ende u sal [4] de gelofte betaelt worden.",
      "text2026": "De lofzang is in stilheid tot U, o God! in Sion; en U zal de gelofte betaald worden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in stilheid : Of zwijgende, dat is, in uwe kerk prijst men U, met stilheid en geduld verwachtende en waarnemende uwe weldaden. Verg. Ps. 62:2 . Psalmen 62:2 : Immers is mijn ziel stil tot God; van Hem is mijn heil.",
          "text1637": "Ofte, swijgende, dat is, in uwe kercke prijstmen u, met stilheyt ende gedult verwachtende ende waernemende uwe weldaden. Vergelijckt Psal. 62. op vers 2.",
          "text2026": "in stilheid : Of zwijgende, dat is, in uw kerk prijst men U, met stilheid en geduld verwachtende en waarnemende uw weldaden. Verg. Ps. 62:2 . Psalmen 62:2 : Immers is mijn ziel stil tot God; van Hem is mijn heil."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de gelofte: Te weten, van dankbaarheid, die men in den nood biddende U beloofd heeft. Zie in den volgenden Ps. 66:13 , 66:14 , en boven Ps. 61:6 . Psalmen 66:13 : Ik zal met brandofferen in Uw huis gaan; ik zal U mijn geloften betalen, Psalmen 66:14 : Die mijn lippen hebben geuit, en mijn mond heeft uitgesproken, als mij bange was. Psalmen 61:6 : Want Gij, o God! hebt gehoord naar mijn geloften; Gij hebt mij gegeven de erfenis dergenen, die Uw Naam vrezen.",
          "text1637": "T.w. van danckbaerheyt, diemen in noot biddende u belooft heeft. siet in den volgenden Psalm vers 13, 14. ende bov. Psal. 61. op vers 6.",
          "text2026": "de gelofte: Te weten, van dankbaarheid, die men in de nood biddende U beloofd heeft. Zie in de volgenden Ps. 66:13 , 66:14 , en boven Ps. 61:6 . Psalmen 66:13 : Ik zal met brandofferen in Uw huis gaan; ik zal U mijn geloften betalen, Psalmen 66:14 : Die mijn lippen hebben geuit, en mijn mond heeft uitgesproken, als mij bange was. Psalmen 61:6 : Want U, o God! hebt gehoord naar mijn geloften; U hebt mij gegeven de erfenis dergenen, die Uw Naam vrezen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לְ/ךָ֤",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "דֻֽמִיָּ֬ה",
          "strongs": "H1747",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "תְהִלָּ֓ה",
          "strongs": "H8416",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹ֘הִ֥ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/צִיּ֑וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/לְ/ךָ֗",
          "strongs": "",
          "morph": "HC/R/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְשֻׁלַּם",
          "strongs": "H7999",
          "morph": "HVPi3ms"
        },
        {
          "woord": "נֶֽדֶר",
          "strongs": "H5088",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "De lofzang is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> in stilheid tot U, o God! in Sion; en U zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> de gelofte betaald worden.",
      "textSV1888_html": "De lofzang is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> in stilheid tot U, o God! in Sion; en U zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> de gelofte betaald worden.",
      "text1637_html": "De lofsanck is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> [in] stilheyt tot u, ô Godt, in Zion: ende u sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> de gelofte betaelt worden."
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Gij hoort het gebed; tot U zal alle vlees komen.",
      "text1637": "[5] Ghy hoort het gebedt; tot u sal [6] alle vleesch komen.",
      "text2026": "U hoort het gebed; tot U zal alle vlees komen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij hoort het gebed: Of, Gij die het gebed hoort, of o Gij hoorder des gebeds.",
          "text1637": "Ofte, ghy die’t gebedt hoort, ofte, ô ghy hoorder des gebedts.",
          "text2026": "U hoort het gebed: Of, U die het gebed hoort, of o U hoorder van het gebed."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "alle vlees: Dat is, alle soorten van mensen. Verg. Gen. 6:12 ; Ps. 145:21 ; Joël 2:28 ; Hand. 2:17 . Aldus kan men dit nemen als ene profetie van de bekering der heidenen tot God. Anders, [dies] komt alle vlees; dat is, plegen allerlei standen van mensen tot U te komen; te weten, omdat Gij zo genadig zijt in het verhoren der gebeden. Genesis 6:12 : Toen zag God de aarde, en ziet, zij was verdorven; want al het vlees had zijn weg verdorven op de aarde. Psalmen 145:21 : Thau. Mijn mond zal den prijs des HEEREN uitspreken, en alle vlees zal Zijn heiligen Naam loven in der eeuwigheid en altoos. Joël 2:28 : En daarna zal het geschieden, dat Ik Mijn Geest zal uitgieten over alle vlees, en uw zonen en uw dochteren zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen, uw jongelingen zullen gezichten zien; Handelingen 2:17 : En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen.",
          "text1637": "D. alle soorten van menschen. Vergel. Genes. 6.12. Psal. 145.21. Ioel 2.28. Actor. 2.17. aldus kanmen dit nemen als eene Prophetye van de bekeeringe der heydenen tot Godt. And. [dies] komt alle vleesch, dat is, plegen allerley stants menschen tot u te komen, T.w. om dat ghy soo genadich zijt in’t verhooren der gebeden.",
          "text2026": "alle vlees: Dat is, alle soorten van mensen. Verg. Gen. 6:12 ; Ps. 145:21 ; Joël 2:28 ; Hand. 2:17 . Aldus kan men dit nemen als een profetie van de bekering van de heidenen tot God. Anders, [daarom] komt alle vlees; dat is, plegen allerlei standen van mensen tot U te komen; te weten, omdat U zo genadig bent in het verhoren van de gebeden. Genesis 6:12 : Toen zag God de aarde, en ziet, zij was verdorven; want al het vlees had zijn weg verdorven op de aarde. Psalmen 145:21 : Thau. Mijn mond zal de prijs van JAHWEH uitspreken, en alle vlees zal Zijn heilige Naam loven in eeuwigheid en altijd. Joël 2:28 : En daarna zal het gebeuren, dat Ik Mijn Geest zal uitgieten over alle vlees, en uw zonen en uw dochters zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen, uw jongelingen zullen gezichten zien; Handelingen 2:17 : En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God) Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen dromen dromen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שֹׁמֵ֥עַ",
          "strongs": "H8085",
          "morph": "HVqrmsc"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּ֑ה",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "עָ֝דֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H5704",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּשָׂ֥ר",
          "strongs": "H1320",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יָבֹֽאוּ",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> U hoort het gebed; tot U zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> alle vlees komen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Gij hoort het gebed; tot U zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> alle vlees komen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Ghy hoort het gebedt; tot u sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> alle vleesch komen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Ongerechtige dingen hadden de overhand over mij; maar onze overtredingen, die verzoent Gij.",
      "text1637": "[7] Ongerechtige dingen hadden de overhant over my: [maer] onse overtredingen, die [8] versoent ghy.",
      "text2026": "Ongerechtige dingen hadden de overhand over mij; maar onze overtredingen, die verzoent U.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Ongerechtige dingen: Hebr., דִּבְרֵי, woorden, of dingen, zaken der ongerechtigheden waren geweldiger of machtiger dan ik. Dit kan men duiden op Sauls regering of Absaloms oproer, en voorts nemen als een bekentenis van Gods volk, aangaande de zonden, die zij somtijds, in den geestelijken strijd onderliggende, bedreven hadden.",
          "text1637": "Hebr. woorden, ofte, dingen, saken der ongerechtigeden waren geweldiger, ofte, machtiger dan ick. dit kanmen duyden op Sauls regeringe ofte Absaloms oproer; ende voorts nemen als eene bekentenisse van Godts volck, aengaende de sonden, die sy somtijts, in den geestlicken strijdt onderliggende, bedreven hadden.",
          "text2026": "Ongerechtige dingen: Hebr., דִּבְרֵי, woorden, of dingen, zaken van de ongerechtigheden waren geweldiger of machtiger dan ik. Dit kan men duiden op Sauls regering of Absaloms oproer, en verder nemen als een bekentenis van Gods volk, aangaande de zonden, die zij somtijds, in de geestelijken strijd onderliggende, bedreven hadden."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "verzoent Gij: Of, Gij bedekt ze genadiglijk; Gij vergeeft ze om de verzoening van den Messias. Verg. Dan. 9:24 , en Lev. 1:4 . Het Hebr. woord דִּבְרֵי, ziet op het verzoendeksel, dat op de ark des verbonds was, [ Exod. 25:17 , 25:18 ,] zijnde een voorbeeld der verzoening onzes Heeren Jezus Christus. Daniël 9:24 : Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en den profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden te zalven. Leviticus 1:4 : En hij zal zijn hand op het hoofd des brandoffers leggen, opdat het voor hem aangenaam zij, om hem te verzoenen. Exodus 25:17 : Gij zult ook een verzoendeksel maken van louter goud; twee ellen en een halve zal deszelfs lengte zijn, en anderhalve el deszelfs breedte. Exodus 25:18 : Gij zult ook twee cherubim van goud maken; van dicht goud zult gij ze maken, uit de beide einden des verzoendeksels.",
          "text1637": "Ofte, ghy bedecktse genadichlick, ghy vergeeftse om de versoeninge des Messie. Vergel. Dan. 9.24. ende Lev. 1. op vers 4. het Hebr. woort siet op het versoen-decksel, dat op d’Arcke des verbonts was, (Exod. 25. versen 17, 18.) zijnde een voorbeelt der versoeninge onses Heeren Iesu Christi.",
          "text2026": "verzoent U: Of, U bedekt ze genadiglijk; U vergeeft ze om de verzoening van de Messias. Verg. Dan. 9:24 , en Lev. 1:4 . Het Hebr. woord דִּבְרֵי, ziet op het verzoendeksel, dat op de ark van het verbond was, [ Ex. 25:17 , 25:18 ,] zijnde een voorbeeld van de verzoening onzes Heern Jezus Christus. Daniël 9:24 : Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en de profeet te verzegelen, en om de heiligheid van de heiligheden te zalven. Leviticus 1:4 : En hij zal zijn hand op het hoofd van het brandoffer leggen, opdat het voor hem aangenaam zij, om hem te verzoenen. Exodus 25:17 : U zult ook een verzoendeksel maken van louter goud; twee ellen en een halve zal daarvan lengte zijn, en anderhalve el daarvan breedte. Exodus 25:18 : U zult ook twee cherubim van goud maken; van dicht goud zult u ze maken, uit de beide einden van de verzoendeksels."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "דִּבְרֵ֣י",
          "strongs": "H1697",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "עֲ֭וֺנֹת",
          "strongs": "H5771",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "גָּ֣בְרוּ",
          "strongs": "H1396",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "מֶ֑נִּ/י",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "פְּ֝שָׁעֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H6588",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֥ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "תְכַפְּרֵֽ/ם",
          "strongs": "H3722",
          "morph": "HVpi2ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Ongerechtige dingen hadden de overhand over mij; maar onze overtredingen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> verzoent U.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Ongerechtige dingen hadden de overhand over mij; maar onze overtredingen, die<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> verzoent Gij.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> Ongerechtige dingen hadden de overhant over my: [maer] onse overtredingen, die <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> versoent ghy.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij.",
          "new": "U.",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Welgelukzalig is hij, dien Gij verkiest, en doet naderen, dat hij wone in Uw voorhoven; wij zullen verzadigd worden met het goed van Uw huis, met het heilige van Uw paleis.",
      "text1637": "Wel gelucksalich is hy [dien] ghy verkiest, ende doet naederen, dat hy woone in uwe [9] voorhoven: wy sullen [10] versadicht worden met het goet van u huys, [met] het [11] heylige van u Paleys.",
      "text2026": "Welgelukzalig is hij, die U verkiest, en doet naderen, dat hij woon in Uw voorhoven; wij zullen verzadigd worden met het goed van Uw huis, met het heilige van Uw paleis.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie 2 Kron. 33:5 ; Hebr. 12:22 , enz. en Ef. 2:19 . 2 Kronieken 33:5 : Daartoe bouwde hij altaren voor al het heir des hemels, in beide de voorhoven van het huis des HEEREN. Hebreeën 12:22 : Maar gij zijt gekomen tot den berg Sion, en de stad des levenden Gods, tot het hemelse Jeruzalem, en de vele duizenden der engelen; Efeziërs 2:19 : Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen, en huisgenoten Gods;",
          "text1637": "Siet 2.Chron. 33. op vers 5. ende Hebr. 12.22, etc. ende Ephes. 2. versen 19.",
          "text2026": "Zie 2 Kron. 33:5 ; Hebr. 12:22 , enz. en Ef. 2:19 . 2 Kronieken 33:5 : Daartoe bouwde hij altaren voor al het legermacht van de hemel, in beide de voorhoven van het huis van JAHWEH. Hebreeën 12:22 : Maar u bent gekomen tot de berg Sion, en de stad van de levenden Gods, tot het hemelse Jeruzalem, en de vele duizenden van de engelen; Efeziërs 2:19 : Zo bent u dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers van de heiligen, en huisgenoten Gods;"
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie boven, Ps. 63:6 , en Ps. 36:9 . Psalmen 63:6 : Mijn ziel zou als met smeer en vettigheid verzadigd worden, en mijn mond zou roemen met vrolijk zingende lippen. Psalmen 36:9 : Zij worden dronken van de vettigheid Uws huizes; en Gij drenkt hen uit de beek Uwer wellusten.",
          "text1637": "Siet bov. Psal. 63. op vers 6. ende 36. op vers 9.",
          "text2026": "Zie boven, Ps. 63:6 , en Ps. 36:9 . Psalmen 63:6 : Mijn ziel zou als met smeer en vettigheid verzadigd worden, en mijn mond zou roemen met vrolijk zingende lippen. Psalmen 36:9 : Zij worden dronken van de vettigheid Uws huizes; en U drenkt hen uit de beek Uw wellusten."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, heilige dingen, gelijk offeranden, enz. op den Messias ziende. Anders, heilige [plaats], heiligdom; in het volgende: paleis; dat is, tabernakel. Zie Ps. 5:8 . Psalmen 5:8 : Maar ik zal door de grootheid Uwer goedertierenheid in Uw huis ingaan; ik zal mij buigen naar het paleis Uwer heiligheid, in Uw vreze.",
          "text1637": "Ofte, heylige dingen, als offerhanden, etc. op den Messiam siende. And. heylige [plaetse], Heylichdom. in ’t volg. Paleys. Dat is, Tabernakel. Siet Psal. 5. op vers 8.",
          "text2026": "Of, heilige dingen, gelijk offeranden, enz. op de Messias ziende. Anders, heilige [plaats], heiligdom; in het volgende: paleis; dat is, tabernakel. Zie Ps. 5:8 . Psalmen 5:8 : Maar ik zal door de grootheid Uw goedertierenheid in Uw huis ingaan; ik zal mij buigen naar het paleis Uw heiligheid, in Uw vreze."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אַשְׁרֵ֤י",
          "strongs": "H835",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תִּֽבְחַ֣ר",
          "strongs": "H977",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ/תְקָרֵב֮",
          "strongs": "H7126",
          "morph": "HC/Vpi2ms"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁכֹּ֪ן",
          "strongs": "H7931",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "חֲצֵ֫רֶ֥י/ךָ",
          "strongs": "H2691",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נִ֭שְׂבְּעָה",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVqh1cp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ט֣וּב",
          "strongs": "H2898",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "בֵּיתֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "קְ֝דֹ֗שׁ",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAamsc"
        },
        {
          "woord": "הֵיכָלֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H1964",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Welgelukzalig is hij, die U verkiest, en doet naderen, dat hij woon in Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> voorhoven; wij zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> verzadigd worden met het goed van Uw huis, met het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> heilige van Uw paleis.",
      "textSV1888_html": "Welgelukzalig is hij, dien Gij verkiest, en doet naderen, dat hij wone in Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> voorhoven; wij zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> verzadigd worden met het goed van Uw huis, met het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> heilige van Uw paleis.",
      "text1637_html": "Wel gelucksalich is hy [dien] ghy verkiest, ende doet naederen, dat hy woone in uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> voorhoven: wy sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> versadicht worden met het goet van u huys, [met] het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> heylige van u Paleys.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dien Gij",
          "new": "die U",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "wone",
          "new": "woon",
          "principe": "V511"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Vreselijke dingen zult Gij ons in gerechtigheid antwoorden, o God onzes heils! o Vertrouwen aller einden der aarde, en der verre gelegenen aan de zee!",
      "text1637": "Vreeslicke dingen sult ghy ons in gerechticheyt [12] antwoorden, o Godt onses heyls; ô [13] vertrouwen aller eynden der aerde, ende der verre gelegenen [aen] de zee.",
      "text2026": "Vreselijke dingen zult U ons in gerechtigheid antwoorden, o God van ons heil! o Vertrouwen alle einden van de aarde, en van de verre gelegenen aan de zee!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Op onze gebeden antwoord gevende uit uw heiligdom, en teken van den hemel, tegen onze vijanden, tot verzekering van uwe verhoring; zijnde beide zeer onzichtelijk, en overeenkomende met uwe gerechtigheid. Zie Num. 7:89 ; Ps. 3:5 , en Ps. 18:7 , 18:8 , enz. Numeri 7:89 : En als Mozes in de tent der samenkomst ging, om met Hem te spreken, zo hoorde hij een stem tot hem sprekende, van boven het verzoendeksel, hetwelk is op de ark der getuigenis, van tussen de twee cherubim. Alzo sprak Hij tot hem. Psalmen 3:5 : Ik riep met mijn stem tot den HEERE, en Hij verhoorde mij van den berg Zijner heiligheid. Sela. Psalmen 18:7 : Als mij bange was, riep ik den HEERE aan, en riep tot mijn God; Hij hoorde mijn stem uit Zijn paleis, en mijn geroep voor Zijn aangezicht kwam in Zijn oren. Psalmen 18:8 : Toen daverde en beefde de aarde, en de gronden der bergen beroerden zich en daverden, omdat Hij ontstoken was.",
          "text1637": "Op onse gebeden antwoort gevende uyt u heylichdom, ende teecken van den Hemel, tegen onse vyanden, tot versekeringe uwes verhoorens: zijnde beyds seer ontsichtelick ende overeenkomende met uwe gerechticheyt. Siet Num. 7.89. Psal. 3.5. ende 18.7, 8, etc.",
          "text2026": "Op onze gebeden antwoord gevende uit uw heiligdom, en teken van de hemel, tegen onze vijanden, tot verzekering van uw verhoring; zijnde beide zeer onzichtelijk, en overeenkomende met uw gerechtigheid. Zie Num. 7:89 ; Ps. 3:5 , en Ps. 18:7 , 18:8 , enz. Numeri 7:89 : En als Mozes in de tent van de samenkomst ging, om met Hem te spreken, zo hoorde hij een stem tot hem sprekende, van boven het verzoendeksel, dat is op de ark van het getuigenis, van tussen de twee cherubim. Zo sprak Hij tot hem. Psalmen 3:5 : Ik riep met mijn stem tot JAHWEH, en Hij verhoorde mij van de berg Zijn heiligheid. Sela. Psalmen 18:7 : Als mij bange was, riep ik JAHWEH aan, en riep tot mijn God; Hij hoorde mijn stem uit Zijn paleis, en mijn geroep voor Zijn aangezicht kwam in Zijn oren. Psalmen 18:8 : Toen daverde en beefde de aarde, en de gronden van de bergen beroerden zich en daverden, omdat Hij ontstoken was."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Vertrouwen aller einden der aarde: Dit kan alzo verstaan worden, dat alle mensen in de wereld hun onderhoud, bewaring en onderstand van God moeten hebben, indien zij bestaan zullen. Verg. Ps. 104:27 , enz. Of men mag het nemen van het zaligmakend vertrouwen op God, ten aanzien ven de beroeping der heidenen tot het geloof in Christus . Zie Jes. 42:4 , 42:5 , 42:6 , enz. Psalmen 104:27 : Zij allen wachten op U, dat Gij hun hun spijze geeft te zijner tijd. Jesaja 42:4 : Hij zal niet verdonkerd worden, en Hij zal niet verbroken worden, totdat Hij het recht op aarde zal hebben besteld; en de eilanden zullen naar Zijn leer wachten. Jesaja 42:5 : Alzo zegt God, de HEERE, Die de hemelen geschapen, en dezelve uitgebreid heeft, Die de aarde uitgespannen heeft, en wat daaruit voortkomt; Die den volke, dat daarop is, den adem geeft, en den geest dengenen, die daarop wandelen: Jesaja 42:6 : Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een Verbond des volks, tot een Licht der heidenen.",
          "text1637": "Dit kan alsoo verstaen worden, dat alle menschen in de werelt haer onderhout, bewaringe ende voorstant van Godt moeten hebben, indien sy bestaen sullen, vergel. Psal. 104.27, etc. ofte, men mach het nemen van het salichmakende vertrouwen op Godt, ten opsien van de beroepinge der Heydenen tot het geloove in Christum. Siet Iesa. 42. versen 4, 5, 6, etc.",
          "text2026": "Vertrouwen van alle einden van de aarde: Dit kan zo verstaan worden, dat alle mensen in de wereld hun onderhoud, bewaring en onderstand van God moeten hebben, als zij bestaan zullen. Verg. Ps. 104:27 , enz. Of men mag het nemen van het zaligmakend vertrouwen op God, ten aanzien ven de beroeping van de heidenen tot het geloof in Christus . Zie Jes. 42:4 , 42:5 , 42:6 , enz. Psalmen 104:27 : Zij allen wachten op U, dat U hun hun voedsel geeft op zijn tijd. Jesaja 42:4 : Hij zal niet verdonkerd worden, en Hij zal niet verbroken worden, totdat Hij het recht op aarde zal hebben besteld; en de eilanden zullen naar Zijn leer wachten. Jesaja 42:5 : Zo zegt God, JAHWEH, Die de hemel geschapen, en dezelfde uitgebreid heeft, Die de aarde uitgespannen heeft, en wat daaruit voortkomt; Die de volk, dat daarop is, de adem geeft, en de geest dengenen, die daarop wandelen: Jesaja 42:6 : Ik, JAHWEH, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een Verbond van het volk, tot een Licht van de heidenen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נ֤וֹרָא֨וֹת",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HVNrfpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/צֶ֣דֶק",
          "strongs": "H6664",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תַּ֭עֲנֵ/נוּ",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HVqi2ms/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יִשְׁעֵ֑/נוּ",
          "strongs": "H3468",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "מִבְטָ֥ח",
          "strongs": "H4009",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "קַצְוֵי",
          "strongs": "H7099",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "אֶ֝֗רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יָ֣ם",
          "strongs": "H3220",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "רְחֹקִֽים",
          "strongs": "H7350",
          "morph": "HAampa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Vreselijke dingen zult U ons in gerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> antwoorden, o God van ons heil! o<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Vertrouwen alle einden van de aarde, en van de verre gelegenen aan de zee!",
      "textSV1888_html": "Vreselijke dingen zult Gij ons in gerechtigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> antwoorden, o God onzes heils! o<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Vertrouwen aller einden der aarde, en der verre gelegenen aan de zee!",
      "text1637_html": "Vreeslicke dingen sult ghy ons in gerechticheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> antwoorden, o Godt onses heyls; ô <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> vertrouwen aller eynden der aerde, ende der verre gelegene<i>n</i> [aen] de zee.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "onzes heils!",
          "new": "van ons heil!",
          "principe": "V398"
        },
        {
          "old": "aller",
          "new": "alle",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Die de bergen vastzet door Zijn kracht, omgord zijnde met macht.",
      "text1637": "Die de bergen vast sett door sijne kracht: omgordt zijnde met macht.",
      "text2026": "Die de bergen vastzet door Zijn kracht, omgord zijnde met macht.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מֵכִ֣ין",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "הָרִ֣ים",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/כֹח֑/וֹ",
          "strongs": "H3581",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "נֶ֝אְזָ֗ר",
          "strongs": "H247",
          "morph": "HVNrmsa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/גְבוּרָֽה",
          "strongs": "H1369",
          "morph": "HR/Ncfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die de bergen vastzet door Zijn kracht, omgord zijnde met macht.",
      "text1637_html": "Die de bergen vast sett door sijne kracht: omgordt zijnde met macht."
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Die het bruisen der zeeën stilt, het bruisen harer golven, en het rumoer der volken.",
      "text1637": "Die het bruysen der zeen stilt; het bruysen harer golven, ende het rumoer der volcken.",
      "text2026": "Die het bruisen van de zeeën stilt, het bruisen haar golven, en het rumoer van de volken.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מַשְׁבִּ֤יחַ",
          "strongs": "H7623",
          "morph": "HVhrmsa"
        },
        {
          "woord": "שְׁא֣וֹן",
          "strongs": "H7588",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יַ֭מִּים",
          "strongs": "H3220",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "שְׁא֥וֹן",
          "strongs": "H7588",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "גַּלֵּי/הֶ֗ם",
          "strongs": "H1530",
          "morph": "HNcmpc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וַ/הֲמ֥וֹן",
          "strongs": "H1995",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "לְאֻמִּֽים",
          "strongs": "H3816",
          "morph": "HNcmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Die het bruisen van de zeeën stilt, het bruisen haar golven, en het rumoer van de volken.",
      "text1637_html": "Die het bruysen der zeen stilt; het bruysen harer golven, ende het rumoer der volcken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "harer",
          "new": "haar",
          "principe": "V208"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "En die op de einden wonen, vrezen voor Uw tekenen; Gij doet de uitgangen des morgens en des avonds juichen.",
      "text1637": "Ende die op de eynden woonen vreesen voor uwe teeckenen: ghy doet de [14] uytgangen des morgens ende des avonts juychen.",
      "text2026": "En die op de einden wonen, vrezen voor Uw tekenen; U doet de uitgangen 's morgens en 's avonds juichen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, de mensen en wilde dieren, die des morgens en des avonds uitgaan. Zie Ps. 104:20 , 104:21 , enz. Anders, de uitkomsten, dat is, het is van U dat een vrolijke morgen en avond komt. Psalmen 104:20 : Gij beschikt de duisternis, en het wordt nacht, in denwelken al het gedierte des wouds uittreedt: Psalmen 104:21 : De jonge leeuwen, briesende om een roof, en om hun spijs van God te zoeken.",
          "text1637": "D. de menschen ende wilde dieren, die ’s morgens ende ’s avonts uytgaen. Siet Psal. 104. versen 20, 21, etc. And, d’uytkomsten. Dat is: het is van u dat een vrolicken morgen ende avont komt.",
          "text2026": "Dat is, de mensen en wilde dieren, die van de morgen en van de avond uitgaan. Zie Ps. 104:20 , 104:21 , enz. Anders, de uitkomsten, dat is, het is van U dat een vrolijke morgen en avond komt. Psalmen 104:20 : U beschikt de duisternis, en het wordt nacht, in denwelken al het gedierte van de woud uittreedt: Psalmen 104:21 : De jonge leeuwen, briesende om een roof, en om hun voedsel van God te zoeken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/יִּ֤ירְא֨וּ",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HC/Vqw3mp"
        },
        {
          "woord": "יֹשְׁבֵ֣י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "קְ֭צָוֺת",
          "strongs": "H7098",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/אוֹתֹתֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H226",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מ֤וֹצָֽאֵי",
          "strongs": "H4161",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "בֹ֖קֶר",
          "strongs": "H1242",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/עֶ֣רֶב",
          "strongs": "H6153",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תַּרְנִֽין",
          "strongs": "H7442",
          "morph": "HVhi2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En die op de einden wonen, vrezen voor Uw tekenen; U doet de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uitgangen 's morgens en 's avonds juichen.",
      "textSV1888_html": "En die op de einden wonen, vrezen voor Uw tekenen; Gij doet de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uitgangen des morgens en des avonds juichen.",
      "text1637_html": "Ende die op de eynden woonen vreesen voor uwe teeckenen: ghy doet de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> uytgangen des morgens ende des avonts juychen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "des",
          "new": "'s",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "des",
          "new": "'s",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Gij bezoekt het land, en hebbende het begerig gemaakt, verrijkt Gij het grotelijks; de rivier Gods is vol waters; wanneer Gij het alzo bereid hebt, maakt Gij hunlieder koren gereed.",
      "text1637": "Ghy [15] besoeckt het lant, ende hebbende het [16] begeerich gemaeckt, verrijckt ghy het grootlicx; de [17] riviere Godts is vol waters: wanneer ghy [18] het alsoo bereyt hebt, maeckt ghy [19] haerlieder koorn gereedt.",
      "text2026": "U bezoekt het land, en hebbende het begerig gemaakt, verrijkt U het enorm; de rivier van God is vol van water; wanneer U het zo bereid hebt, maakt U hun koren gereed.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, Gij doet wel bij het land, of de aarde, door uw milden zegen, gelijk volgt. Verg. Deut. 11:12 , en zie Gen. 21:1 . Deuteronomium 11:12 : Een land, dat de HEERE, uw God, bezorgt; de ogen des HEEREN, uws Gods, zijn gedurig daarop, van het begin des jaars tot het einde des jaars. Genesis 21:1 : En de HEERE bezocht Sara, gelijk als Hij gezegd had; en de HEERE deed aan Sara, gelijk als Hij gesproken had.",
          "text1637": "D. ghy doet wel by ’t lant, ofte de aerde, door uwen milden segen, als volgt. Vergel. Deut. 11.12. ende siet Genes. 21. op vers 1.",
          "text2026": "Dat is, U doet wel bij het land, of de aarde, door uw milden zegen, gelijk volgt. Verg. Deut. 11:12 , en zie Gen. 21:1 . Deuteronomium 11:12 : Een land, dat JAHWEH, uw God, bezorgt; de ogen van JAHWEH, uws Gods, zijn gedurig daarop, van het begin van de jaar tot het einde van de jaar. Genesis 21:1 : En JAHWEH bezocht Sara, gelijk als Hij gezegd had; en JAHWEH deed aan Sara, gelijk als Hij gesproken had."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, graag, dat is dorstig naar regen. Anders, Gij zijt het welgenegen. Anderen zetten het over: Gij watert het, nemende het Hebr. woord van een anderen oorsprong.",
          "text1637": "Ofte, graech, dat is, dorstich nae regen. And. ghy zijt het wel genegen. Anderen setten’t over, ghy watert het. nemende het Hebr. woort van eenen anderen oorspronck.",
          "text2026": "Of, graag, dat is dorstig naar regen. Anders, U bent het welgenegen. Anderen zetten het over: U watert het, nemende het Hebr. woord van een anderen oorsprong."
        },
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zo noemt de profeet Gods regen, dien Hij zendt om het land vruchtbaar te maken, of de wolken, waaruit Hij den regen afzendt. Sommigen nemen het woord Gods, als bijgevoegd tot uitdrukking van een overvloedigen regen, als bergen en cederen Gods, dat is, zeer grote hoogte. Verg. Deut. 11:10 , 11:11 . Deuteronomium 11:10 : Want het land, waar gij naar toe gaat, om dat te erven, is niet als Egypteland, van waar gij uitgegaan zijt, hetwelk gij bezaaidet met uw zaad, en bewaterdet met uw gang, als een kruidhof. Deuteronomium 11:11 : Maar het land, waarheen gij overtrekt, om dat te erven, is een land van bergen en van dalen; het drinkt water bij den regen des hemels;",
          "text1637": "Soo noemt de Prophete Godts regen, dien hy sent om het lant vruchtbaer te maken: ofte, de wolcken, daer uyt hy den regen afsent: sommige nemen het woort, Godts, als bygevoecht tot uytdruckinge eenes overvloedigen regens, als bergen ende cederen Godts, dat is, seer groote, hooge. Vergel. Deut. 11. versen 10, 11.",
          "text2026": "Zo noemt de profeet van God regen, die Hij zendt om het land vruchtbaar te maken, of de wolken, waaruit Hij de regen afzendt. Sommigen nemen het woord van God, als bijgevoegd tot uitdrukking van een overvloedigen regen, als bergen en cederen Gods, dat is, zeer grote hoogte. Verg. Deut. 11:10 , 11:11 . Deuteronomium 11:10 : Want het land, waar u naar toe gaat, om dat te erven, is niet als Egypteland, van waar u uitgegaan bent, dat u bezaaide met uw zaad, en bewaterde met uw gang, als een kruidhof. Deuteronomium 11:11 : Maar het land, waarheen u overtrekt, om dat te erven, is een land van bergen en van dalen; het drinkt water bij de regen van de hemel;"
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "het alzo: Te weten, het land.",
          "text1637": "T.w. het lant.",
          "text2026": "het zo: Te weten, het land."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, der mensen, waarvan zij zullen leven.",
          "text1637": "T.w. der menschen, dae van sy sullen leven.",
          "text2026": "Te weten, van de mensen, waarvan zij zullen leven."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "פָּקַ֥דְתָּ",
          "strongs": "H6485",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֨רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/תְּשֹׁ֪קְקֶ֡/הָ",
          "strongs": "H7783",
          "morph": "HC/Vow2ms/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "רַבַּ֬ת",
          "strongs": "H7227",
          "morph": "HAafsc"
        },
        {
          "woord": "תַּעְשְׁרֶ֗/נָּה",
          "strongs": "H6238",
          "morph": "HVhi2ms/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "פֶּ֣לֶג",
          "strongs": "H6388",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "אֱ֭לֹהִים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מָ֣לֵא",
          "strongs": "H4390",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "מָ֑יִם",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תָּכִ֥ין",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVhi2ms"
        },
        {
          "woord": "דְּ֝גָנָ֗/ם",
          "strongs": "H1715",
          "morph": "HNcmsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "כֵ֥ן",
          "strongs": "H3651",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "תְּכִינֶֽ/הָ",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVhi2ms/Sp3fs"
        }
      ],
      "text2026_html": "U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> bezoekt het land, en hebbende het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> begerig gemaakt, verrijkt U het enorm; de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> rivier van God is vol van water; wanneer U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> het zo bereid hebt, maakt U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hun koren gereed.",
      "textSV1888_html": "Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> bezoekt het land, en hebbende het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> begerig gemaakt, verrijkt Gij het grotelijks; de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> rivier Gods is vol waters; wanneer Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> het alzo bereid hebt, maakt Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> hunlieder koren gereed.",
      "text1637_html": "Ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> besoeckt het lant, ende hebbende het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> begeerich gemaeckt, verrijckt ghy het grootlicx; de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> riviere Godts is vol waters: wanneer ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> het alsoo bereyt hebt, maeckt ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> haerlieder koorn gereedt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "grotelijks;",
          "new": "enorm;",
          "principe": "V388"
        },
        {
          "old": "Gods",
          "new": "van God",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "waters;",
          "new": "van water;",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "alzo",
          "new": "zo",
          "principe": "V42"
        },
        {
          "old": "Gij hunlieder",
          "new": "U hun",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Gij maakt zijn opgeploegde aarde dronken; Gij doet ze dalen in zijn voren; Gij maakt het week door de druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel.",
      "text1637": "Ghy maeckt sijne [20] opgeploechde aerde [21] droncken; ghy doetse dalen [in] sijne voren: ghy maeckt het [22] weeck door de [23] droppelen, ghy segent sijn uytspruytsel.",
      "text2026": "U maakt zijn opgeploegde aarde dronken; U doet ze dalen in zijn voren; U maakt het week door de druppelen; U zegent zijn uitspruitsel.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Van het Hebr. woord, betekenende, naar veler gevoelen, de scherpe ruggen tussen twee voren opgeworpen en uitstekende; zie Job 31:38 . Job 31:38 : Zo mijn land tegen mij roept, en zijn voren te zamen wenen;",
          "text1637": "Van’t Hebr. woort, beteeckenende, nae veler gevoelen, de scherpe ruggen tusschen twee voren op geworpen ende uytstekende, Siet Iob 31. op vers 38.",
          "text2026": "Van het Hebr. woord, betekenende, naar veler gevoelen, de scherpe ruggen tussen twee voren opgeworpen en uitstekende; zie Job 31:38 . Job 31:38 : Zo mijn land tegen mij roept, en zijn voren te zamen wenen;"
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, Gij bewatert en begiet haar overvloedig met den regen.",
          "text1637": "D. ghy bewatert ende begietse overvloedich met den regen.",
          "text2026": "Dat is, U bewatert en begiet haar overvloedig met de regen."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij maakt het week: Hebr. Gij smelt, of ontdoet het; te weten het land.",
          "text1637": "Hebr. ghy smelt, ofte, ontdoet het, te weten, het lant.",
          "text2026": "U maakt het week: Hebr. U smelt, of ontdoet het; te weten het land."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, druipende regen, of slagregen, dichte regen. Het Hebr. woord komt van menigte, of grootheid der droppelen.",
          "text1637": "D. druppenden regen, ofte, slach-regen, dichten regen. het Hebr. woort komt van menichte, ofte grootheyt der droppelen.",
          "text2026": "Dat is, druipende regen, of slagregen, dichte regen. Het Hebr. woord komt van menigte, of grootheid van de droppelen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תְּלָמֶ֣י/הָ",
          "strongs": "H8525",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "רַ֭וֵּה",
          "strongs": "H7301",
          "morph": "HVpa"
        },
        {
          "woord": "נַחֵ֣ת",
          "strongs": "H5181",
          "morph": "HVpa"
        },
        {
          "woord": "גְּדוּדֶ֑י/הָ",
          "strongs": "H1418",
          "morph": "HNcmpc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "בִּ/רְבִיבִ֥ים",
          "strongs": "H7241",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "תְּ֝מֹגְגֶ֗/נָּה",
          "strongs": "H4127",
          "morph": "HVoi2ms/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "צִמְחָ֥/הּ",
          "strongs": "H6780",
          "morph": "HNcmsc/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "תְּבָרֵֽךְ",
          "strongs": "H1288",
          "morph": "HVpi2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "U maakt zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> opgeploegde aarde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dronken; U doet ze dalen in zijn voren; U maakt het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> week door de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> druppelen; U zegent zijn uitspruitsel.",
      "textSV1888_html": "Gij maakt zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> opgeploegde aarde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> dronken; Gij doet ze dalen in zijn voren; Gij maakt het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> week door de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel.",
      "text1637_html": "Ghy maeckt sijne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> opgeploechde aerde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> droncken; ghy doetse dalen [in] sijne voren: ghy maeckt het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> weeck door de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> droppelen, ghy segent sijn uytspruytsel.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Gij kroont het jaar Uwer goedheid; en Uw voetstappen druipen van vettigheid.",
      "text1637": "Ghy [24] croont het jaer uwer [25] goetheyt: ende uwe [26] voetstappen [27] druypen van vetticheyt.",
      "text2026": "U kroont het jaar van Uw goedheid; en Uw voetstappen druipen van vettigheid.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Elk deel van het jaar versierende met bijzondere zegeningen.",
          "text1637": "Elck deel des jaers vercierende met bysondere segeningen.",
          "text2026": "Elk deel van het jaar versierende met bijzondere zegeningen."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, uw goed jaar, dat van uw goede daden overvloeit; als berg uwer heiligheid en dergelijke.",
          "text1637": "D. u goet jaer, dat van uwe goet-daden overvloeyt: als, berch uwer heylicheyt, ende diergelijcke.",
          "text2026": "Dat is, uw goed jaar, dat van uw goede daden overvloeit; als berg uw heiligheid en dergelijke."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., wagensporen; dat is, voetpaden. Alsof hij zeide: Overal waar Gij henenvaart of passeert, laat Gij uwen zegen achter. Verg. Joël 2:14 . Of, uwe sporen; dat is uwe wolken, waarop Gij vaart als op een wagen; Ps. 104 . Zie ook Job 36:28 , en 38:26 , 38:27 . Joël 2:14 : Wie weet, Hij mocht Zich wenden en berouw hebben; en Hij mocht een zegen achter Zich overlaten tot spijsoffer en drankoffer voor den HEERE, uw God. Job 36:28 : Welke de wolken uitgieten, en over den mens overvloediglijk afdruipen. Job 38:26 : Om te regenen op het land, waar niemand is, op de woestijn, waarin geen mens is; Job 38:27 : Om het woeste en het verwoeste te verzadigen, en om het uitspruitsel der grasscheutjes te doen wassen.",
          "text1637": "Hebr. wagen-sporen. D. voet-paden, als of hy seyde: over al waer ghy henen vaert ofte passeert, laet ghy uwen segen achter. Vergel. Ioël 2.14. ofte, uwe sporen. D. uwe wolcken, daer op ghy vaert, als op eenen wagen. Psal. 104. Siet oock Iob 36.28. ende 38.26, 27.",
          "text2026": "Hebr., wagensporen; dat is, voetpaden. Alsof hij zei: Overal waar U henenvaart of passeert, laat U uw zegen achter. Verg. Joël 2:14 . Of, uw sporen; dat is uw wolken, waarop U vaart als op een wagen; Ps. 104 . Zie ook Job 36:28 , en 38:26 , 38:27 . Joël 2:14 : Wie weet, Hij mocht Zich wenden en berouw hebben; en Hij mocht een zegen achter Zich overlaten tot spijsoffer en drankoffer voor JAHWEH, uw God. Job 36:28 : Welke de wolken uitgieten, en over de mens overvloediglijk afdruipen. Job 38:26 : Om te regenen op het land, waar niemand is, op de woestijn, waarin geen mens is; Job 38:27 : Om het woeste en het verwoeste te verzadigen, en om het uitspruitsel van de grasscheutjes te doen groeien."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "druipen van vettigheid: Of, druppen vettigheid.",
          "text1637": "Ofte, druppen vetticheyt.",
          "text2026": "druipen van vettigheid: Of, druppen vettigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עִ֭טַּרְתָּ",
          "strongs": "H5849",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "שְׁנַ֣ת",
          "strongs": "H8141",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "טוֹבָתֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H2896",
          "morph": "HAafsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/מַעְגָּלֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H4570",
          "morph": "HC/Ncmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יִרְעֲפ֥וּ/ן",
          "strongs": "H7491",
          "morph": "HVqi3mp/Sn"
        },
        {
          "woord": "דָּֽשֶׁן",
          "strongs": "H1880",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> kroont het jaar van Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goedheid; en Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> voetstappen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> druipen van vettigheid.",
      "textSV1888_html": "Gij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> kroont het jaar Uwer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goedheid; en Uw<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> voetstappen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> druipen van vettigheid.",
      "text1637_html": "Ghy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> croont het jaer uwer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> goetheyt: ende uwe <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> voetstappen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> druypen van vetticheyt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Uwer",
          "new": "van Uw",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Zij bedruipen de weiden der woestijn; en de heuvelen zijn aangegord met verheuging.",
      "text1637": "Sy bedruypen de [28] weyden der woestijne: ende de heuvelen zijn [29] aengegordt met verheuginge.",
      "text2026": "Zij bedruipen de weiden van de woestijn; en de heuvelen zijn aangegord met verheuging.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "weiden der woestijn: Gelijk Ps. 23:2 . Anders, de hutten der woestijn druipen. Psalmen 23:2 : Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij zachtjes aan zeer stille wateren.",
          "text1637": "Als Psal. 23.2. And. de hutten der woestijne druypen.",
          "text2026": "weiden van de woestijn: Gelijk Ps. 23:2 . Anders, de hutten van de woestijn druipen. Psalmen 23:2 : Hij doet mij nederliggen in grazige weiden; Hij voert mij zachtjes aan zeer stille wateren."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Groenende en versiert zijnde met gras door den regen, waardoor zij, als vrolijk, de mensen toelachen; zie Job 8:18 . Job 8:18 : Maar als God hem verslindt uit zijn plaats, zo zal zij hem loochenen, zeggende: Ik heb u niet gezien.",
          "text1637": "Groenende ende verciert zijnde met gras door den regen, waer door sy, als vrolick, den menschen toelacchen. siet Iob 8. op vers 18.",
          "text2026": "Groenende en versiert zijnde met gras door de regen, waardoor zij, als vrolijk, de mensen toelachen; zie Job 8:18 . Job 8:18 : Maar als God hem verslindt uit zijn plaats, zo zal zij hem loochenen, zeggende: Ik heb u niet gezien."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יִ֭רְעֲפוּ",
          "strongs": "H7491",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "נְא֣וֹת",
          "strongs": "H4999",
          "morph": "HNcfpc"
        },
        {
          "woord": "מִדְבָּ֑ר",
          "strongs": "H4057",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/גִ֗יל",
          "strongs": "H1524",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "גְּבָע֥וֹת",
          "strongs": "H1389",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "תַּחְגֹּֽרְנָה",
          "strongs": "H2296",
          "morph": "HVqi3fp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zij bedruipen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> weiden van de woestijn; en de heuvelen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> aangegord met verheuging.",
      "textSV1888_html": "Zij bedruipen de<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> weiden der woestijn; en de heuvelen zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> aangegord met verheuging.",
      "text1637_html": "Sy bedruypen de <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> weyden der woestijne: ende de heuvelen zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> aengegordt met verheuginge.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "De velden zijn bekleed met kudden, en de dalen zijn bedekt met koren; zij juichen, ook zingen zij.",
      "text1637": "De velden zijn bekleedt met kudden, ende de dalen zijn bedeckt met koorn: sy juychen, oock singense.",
      "text2026": "De velden zijn bekleed met kudden, en de dalen zijn bedekt met koren; zij juichen, ook zingen zij.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָבְשׁ֬וּ",
          "strongs": "H3847",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "כָרִ֨ים",
          "strongs": "H3733",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "הַ/צֹּ֗אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/עֲמָקִ֥ים",
          "strongs": "H6010",
          "morph": "HC/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "יַֽעַטְפוּ",
          "strongs": "H5848",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "בָ֑ר",
          "strongs": "H1250",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יִ֝תְרוֹעֲע֗וּ",
          "strongs": "H7321",
          "morph": "HVri3mp"
        },
        {
          "woord": "אַף",
          "strongs": "H637",
          "morph": "HTa"
        },
        {
          "woord": "יָשִֽׁירוּ",
          "strongs": "H7891",
          "morph": "HVqi3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "De velden zijn bekleed met kudden, en de dalen zijn bedekt met koren; zij juichen, ook zingen zij.",
      "text1637_html": "De velden zijn bekleedt met kudden, ende de dalen zijn bedeckt met koorn: sy juychen, oock singense."
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David looft Godt, eerst van wegen der geestelicke gaven, die hy over sijne gemeynte uytstort in Christo, in welcken, als Godts rechten Tempel, de gebeden verhoort, de sonden vergeven, ende alle genaden-gaven rijcklick verleent worden. Daer na van wegen des tijtlicken segens, ende der weldaden, die hy den menschen in’t gemeyn, soo in de regeringe der werelt, als in den overvloet van lichamelicke nootdrufticheden, mededeylt.",
    "text2026": "David looft God, eerst vanwege de geestelijke gaven die Hij over Zijn gemeente uitstort in Christus, in Wie, als Gods echte tempel, de gebeden verhoord, de zonden vergeven en alle genadegaven rijkelijk verleend worden. Daarna vanwege de tijdelijke zegen en de weldaden die Hij aan de mensen in het algemeen meedeelt, zowel in de regering van de wereld als in de overvloed van lichamelijke benodigdheden."
  }
}