{
  "number": 70,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een psalm van David, voor den opperzangmeester, om te doen gedenken.",
      "text1637": "[EEn Psalm] Davids, [1] voor den Oppersangmeester: [2] om te doen gedencken.",
      "text2026": "Een psalm van David, voor de opperzangmeester, om te doen gedenken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "voor den opperzangmeester: Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.",
          "text1637": "Siet Psal. 4. op vers 1.",
          "text2026": "voor de opperzangmeester: Zie Ps. 4:1 . Psalmen 4:1 : Een psalm van David, voor de opperzangmeester, op de Neginoth."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "om te doen gedenken: Zie Ps. 38:1 . Psalmen 38:1 : Een psalm van David, om te doen gedenken.",
          "text1637": "Siet Psal. 38. op vers 1.",
          "text2026": "om te doen gedenken: Zie Ps. 38:1 . Psalmen 38:1 : Een psalm van David, om te doen gedenken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לַ֝/מְנַצֵּ֗חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/דָוִ֥ד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "לְ/הַזְכִּֽיר",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HR/Vhc"
        }
      ],
      "text2026_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> psalm van David, voor de opperzangmeester,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> om te doen gedenken.",
      "textSV1888_html": "Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> psalm van David, voor den opperzangmeester,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> om te doen gedenken.",
      "text1637_html": "[EEn Psalm] Davids, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> voor den Oppersangmeester: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> om te doen gedencken.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "Haast U, o God, om mij te verlossen, o HEERE, tot mijn hulp.",
      "text1637": "[a] [3] Haest u, o Godt, om my te verlossen: o HEERE, tot mijner hulpe.",
      "text2026": "Haast U, o God, om mij te verlossen, o JAHWEH, tot mijn hulp.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 40:14 . Psalmen 40:14 : Het behage U, HEERE! mij te verlossen; HEERE! haast U tot mijn hulp.",
          "text1637": "Psal. 40.14, etc.",
          "text2026": "Ps. 40:14 . Psalmen 40:14 : Het behage U, JAHWEH! mij te verlossen; JAHWEH! haast U tot mijn hulp."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Haast U: Verg. dezen Psalm met den Ps. 40:14 , 40:15 , 40:16 , 40:17 , 40:18 . alwaar bijkans dezelfde woorden gevonden worden. Zie de aantekening aldaar. Psalmen 40:14 : Het behage U, HEERE! mij te verlossen; HEERE! haast U tot mijn hulp. Psalmen 40:15 : Laat hen te zamen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken, om die te vernielen; laat hen achterwaarts gedreven worden, en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad. Psalmen 40:16 : Laat hen verwoest worden tot loon hunner beschaming, die van mij zeggen: Ha, ha! Psalmen 40:17 : Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers Uws heils geduriglijk zeggen: De HEERE zij groot gemaakt! Psalmen 40:18 : Ik ben wel ellendig en nooddruftig, maar de HEERE denkt aan mij; Gij zijt mijn Hulp en mijn Bevrijder; o mijn God! vertoef niet.",
          "text1637": "Verg. dese Psalm met den 40, van het 14 vers af tot den eynde toe, alwaer bykans de selve woorden gevonden worden: siet d’aenteeck. aldaer.",
          "text2026": "Haast U: Verg. deze Psalm met de Ps. 40:14 , 40:15 , 40:16 , 40:17 , 40:18 . alwaar bijkans dezelfde woorden gevonden worden. Zie de aantekening daar. Psalmen 40:14 : Het behage U, JAHWEH! mij te verlossen; JAHWEH! haast U tot mijn hulp. Psalmen 40:15 : Laat hen te zamen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken, om die te vernielen; laat hen achterwaarts gedreven worden, en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad. Psalmen 40:16 : Laat hen verwoest worden tot loon hun beschaming, die van mij zeggen: Ha, ha! Psalmen 40:17 : Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers Uws heils geduriglijk zeggen: JAHWEH zij groot gemaakt! Psalmen 40:18 : Ik ben wel ellendig en nooddruftig, maar JAHWEH denkt aan mij; U bent mijn Hulp en mijn Bevrijder; o mijn God! vertoef niet."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֥ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "לְ/הַצִּילֵ֑/נִי",
          "strongs": "H5337",
          "morph": "HR/Vhc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/עֶזְרָ֥תִ/י",
          "strongs": "H5833",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "חֽוּשָֽׁ/ה",
          "strongs": "H2363",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Haast U, o God, om mij te verlossen, o JAHWEH, tot mijn hulp.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> Haast U, o God, om mij te verlossen, o HEERE, tot mijn hulp.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Haest u, o Godt, om my te verlossen: o HEERE, tot mijner hulpe.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Laat hen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achterwaarts gedreven en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad.",
      "text1637": "[b] Laetse beschaemt, ende schaemroot worden, die mijne ziele soecken: laetse achterwaerts gedreven ende te schande worden, die lust hebben aen mijn quaet.",
      "text2026": "Laat hen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achteruit gedreven en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "textSV1888": "Ps. 35:4 ; idem 35:26 ; Ps. 71:13 . Psalmen 35:4 : Laat hen beschaamd en te schande worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achterwaarts gedreven en schaamrood worden, die kwaad tegen mij bedenken. Psalmen 35:26 : Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken. Psalmen 71:13 : Laat hen beschaamd worden, laat hen verteerd worden, die mijn ziel tegen zijn; laat hen met smaad en schande overdekt worden, die mijn kwaad zoeken.",
          "text1637": "Psal. 35.4, 26. ende 71.13.",
          "text2026": "Ps. 35:4 ; idem 35:26 ; Ps. 71:13 . Psalmen 35:4 : Laat hen beschaamd en te schande worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achterwaarts gedreven en schaamrood worden, die kwaad tegen mij bedenken. Psalmen 35:26 : Laat hen beschaamd en te zamen schaamrood worden, die zich in mijn kwaad verblijden; laat hen met schaamte en schande bekleed worden, die zich tegen mij groot maken. Psalmen 71:13 : Laat hen beschaamd worden, laat hen verteerd worden, die mijn ziel tegen zijn; laat hen met smaad en schande overdekt worden, die mijn kwaad zoeken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יֵבֹ֣שׁוּ",
          "strongs": "H954",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יַחְפְּרוּ֮",
          "strongs": "H2659",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        },
        {
          "woord": "מְבַקְשֵׁ֪י",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HVprmpc"
        },
        {
          "woord": "נַ֫פְשִׁ֥/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יִסֹּ֣גוּ",
          "strongs": "H5472",
          "morph": "HVNi3mp"
        },
        {
          "woord": "אָ֭חוֹר",
          "strongs": "H268",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִכָּלְמ֑וּ",
          "strongs": "H3637",
          "morph": "HC/VNi3mp"
        },
        {
          "woord": "חֲ֝פֵצֵ֗י",
          "strongs": "H2655",
          "morph": "HAampc"
        },
        {
          "woord": "רָעָתִֽ/י",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Laat hen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achteruit gedreven en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Laat hen beschaamd en schaamrood worden, die mijn ziel zoeken; laat hen achterwaarts gedreven en te schande worden, die lust hebben aan mijn kwaad.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> Laetse beschaemt, ende schaemroot worden, die mijne ziele soecken: laetse achterwaerts gedreven ende te schande worden, die lust hebben aen mijn quaet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "achterwaarts",
          "new": "achteruit",
          "principe": "V157"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Laat hen terugkeren tot loon hunner beschaming, die daar zeggen: Ha, ha!",
      "text1637": "Laetse te rugge keeren tot loon harer beschaminge; die daer seggen; Ha, ha!",
      "text2026": "Laat hen terugkeren tot loon van hun beschaming, die daar zeggen: Ha, ha!",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָ֭שׁוּבוּ",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "עֵ֣קֶב",
          "strongs": "H6118",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "בָּשְׁתָּ֑/ם",
          "strongs": "H1322",
          "morph": "HNcfsc/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "הָ֝/אֹמְרִ֗ים",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HTd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "הֶ֘אָ֥ח",
          "strongs": "H1889",
          "morph": "HTj"
        },
        {
          "woord": "הֶאָֽח",
          "strongs": "H1889",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "Laat hen terugkeren tot loon van hun beschaming, die daar zeggen: Ha, ha!",
      "text1637_html": "Laetse te rugge keeren tot loon harer beschaminge; die daer seggen; Ha, ha!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "hunner",
          "new": "van hun",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers Uws heils geduriglijk zeggen: God zij groot gemaakt!",
      "text1637": "Laet in u vrolick ende verblijdt zijn, alle die u soecken: laet de liefhebbers uwes heyls geduerichlick seggen, Godt zy groot gemaeckt.",
      "text2026": "Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers van Uw heil steeds zeggen: God zij groot gemaakt!",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יָ֘שִׂ֤ישׂוּ",
          "strongs": "H7797",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/יִשְׂמְח֨וּ",
          "strongs": "H8055",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ךָ֗",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כָּֽל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מְבַ֫קְשֶׁ֥י/ךָ",
          "strongs": "H1245",
          "morph": "HVprmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/יֹאמְר֣וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqi3mp"
        },
        {
          "woord": "תָ֭מִיד",
          "strongs": "H8548",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יִגְדַּ֣ל",
          "strongs": "H1431",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֑ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "אֹ֝הֲבֵ֗י",
          "strongs": "H157",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "יְשׁוּעָתֶֽ/ךָ",
          "strongs": "H3444",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Laat in U vrolijk en verblijd zijn allen, die U zoeken; laat de liefhebbers van Uw heil steeds zeggen: God zij groot gemaakt!",
      "text1637_html": "Laet in u vrolick ende verblijdt zijn, alle die u soecken: laet de liefhebbers uwes heyls geduerichlick seggen, Godt zy groot gemaeckt.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Uws heils geduriglijk",
          "new": "van Uw heil steeds",
          "principe": "V166"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Doch ik ben ellendig en nooddruftig; o God, haast U tot mij; Gij zijt mijn Hulp en mijn Bevrijder; HEERE, vertoef niet!",
      "text1637": "Doch ick ben elendich ende nootdurftich; o Godt, haest u tot my: ghy zijt mijne hulpe ende mijn bevrijder; HEERE, en vertoeft niet.",
      "text2026": "Maar ik ben ellendig en arm; o God, haast U tot mij; U bent mijn Hulp en mijn Bevrijder; JAHWEH, wacht niet langer!",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/אֲנִ֤י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "עָנִ֣י",
          "strongs": "H6041",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶבְיוֹן֮",
          "strongs": "H34",
          "morph": "HC/Aamsa"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהִ֪ים",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "חֽוּשָׁ֫/ה",
          "strongs": "H2363",
          "morph": "HVqv2ms/Sh"
        },
        {
          "woord": "לִּ֥/י",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עֶזְרִ֣/י",
          "strongs": "H5828",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ/מְפַלְטִ֣/י",
          "strongs": "H6403",
          "morph": "HC/Vprmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אַ֑תָּה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אַל",
          "strongs": "H408",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תְּאַחַֽר",
          "strongs": "H309",
          "morph": "HVpj2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar ik ben ellendig en arm; o God, haast U tot mij; U bent mijn Hulp en mijn Bevrijder; JAHWEH, wacht niet langer!",
      "text1637_html": "Doch ick ben elendich ende nootdurftich; o Godt, haest u tot my: ghy zijt mijne hulpe ende mijn bevrijder; HEERE, en vertoeft niet.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Doch",
          "new": "Maar",
          "principe": "V1"
        },
        {
          "old": "nooddruftig;",
          "new": "arm;",
          "principe": "V384"
        },
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "HEERE, vertoef niet!",
          "new": "JAHWEH, wacht niet langer!",
          "principe": "V385"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "David bidt Godt om haestige hulpe, beschaminge sijner trotze vyanden, ende vreuchde der vroomen, tot grootmakinge sijns heyligen Naems.",
    "text2026": "David bidt God om spoedige hulp, om beschaming van zijn aanmatigende vijanden en om vreugde van de vromen, tot grootmaking van Zijn heilige Naam."
  }
}