{
  "number": 88,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "Een lied, een psalm voor de kinderen van Korach, voor den opperzangmeester, op Machalath Leannoth; een onderwijzing van Heman, den Ezrahiet.",
      "text1637": "[1] EEn [2] Liedt, een Psalm voor de kinderen Korah, voor den Opper-sang-meester, op [3] Machalath Leannoth: [4] Een onderwijsinge [5] Hemans des Ezrahiters.",
      "text2026": "Een lied, een psalm voor de kinderen van Korach, voor de opperzangmeester, op Machalath Leannoth; een onderwijzing van Heman, de Ezrahiet.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Deze psalm is de bedroefdste en klagelijkste, die in het gehele psalmboek is, van het begin tot het einde toe.",
          "text1637": "Desen Psalm is de bedroefste ende clagelickste die in het geheele Psalm-boeck is, van den beginne tot den eynde toe.",
          "text2026": "Deze psalm is de bedroefdste en klagelijkste, die in het gehele psalmboek is, van het begin tot het einde toe."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zie de aantekening bij Ps. 48:1 . Psalmen 48:1 : Een lied, een psalm, voor de kinderen van Korach.",
          "text1637": "Siet de aenteeck. Psalm 48. op vers 1.",
          "text2026": "Zie de aantekening bij Ps. 48:1 . Psalmen 48:1 : Een lied, een psalm, voor de kinderen van Korach."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Machalath Leannoth: Zie van het woord machalath Ps. 53:1 ; het betekent eigenlijk zwakheid, maar hier is het de naam van een muziekinstrument of het begin van zeker lied. Psalmen 53:1 : Een onderwijzing van David, voor den opperzangmeester, op Machalath.",
          "text1637": "Siet van ’t woort Machalath Psal. 53.1. het beteeckent eygentlich swackheyt, maer hier ist de naem van een musijck-instrument, ofte, ’tbegin van seker liet.",
          "text2026": "Machalath Leannoth: Zie van het woord machalath Ps. 53:1 ; het betekent eigenlijk zwakheid, maar hier is het de naam van een muziekinstrument of het begin van zeker lied. Psalmen 53:1 : Een onderwijzing van David, voor de opperzangmeester, op Machalath."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een onderwijzing: Dat is, een psalm, gemaakt om het volk Gods te onderwijzen, hoe het God zal aanroepen als het in grote zwarigheid vervallen is.",
          "text1637": "D. Een Psalm gemaeckt om ’tvolck Godes te onderwijsen hoe het Godt sal aenroepen, als het in groote swaricheyt vervallen is.",
          "text2026": "een onderwijzing: Dat is, een psalm, gemaakt om het volk van God te onderwijzen, hoe het God zal aanroepen als het in grote zwarigheid vervallen is."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "van Heman: Heman wordt genoemd onder de voortreffelijkste muzikanten en wijze mannen; 1 Kron. 6:33 , en 1 Kron. 15:17 , 15:19 , en 1 Kron. 16:42 . 1 Kronieken 6:33 : Dezen nu zijn ze, die daar stonden met hun zonen; van de zonen der Kahathieten, Heman de zanger, de zoon van Joël, den zoon van Samuël, 1 Kronieken 15:17 : Zo stelden dan de Levieten Heman, den zoon van Joël, en uit zijn broederen Asaf, den zoon van Berechja; en uit de zonen van Merari, hun broederen, Ethan, den zoon van Kusaja; 1 Kronieken 15:19 : De zangers nu, Heman, Asaf en Ethan, lieten zich horen met koperen cimbalen; 1 Kronieken 16:42 : Met hen dan waren Heman en Jeduthun, met trompetten en cimbalen voor degenen, die zich lieten horen, en met instrumenten der muziek Gods; maar de zonen van Jeduthun waren aan de poort.",
          "text1637": "Heman wort genoemt onder de voortreffelickste Musicanten, ende Wijse mannen, 1.Reg. 4.31. ende 1.Chron. 6.33. ende 15. vers 17, 19. ende 16. vers 42.",
          "text2026": "van Heman: Heman wordt genoemd onder de voortreffelijkste muzikanten en wijze mannen; 1 Kron. 6:33 , en 1 Kron. 15:17 , 15:19 , en 1 Kron. 16:42 . 1 Kronieken 6:33 : Deze nu zijn ze, die daar stonden met hun zonen; van de zonen van de Kahathieten, Heman de zanger, de zoon van Joël, de zoon van Samuël, 1 Kronieken 15:17 : Zo stelden dan de Levieten Heman, de zoon van Joël, en uit zijn broers Asaf, de zoon van Berechja; en uit de zonen van Merari, hun broers, Ethan, de zoon van Kusaja; 1 Kronieken 15:19 : De zangers nu, Heman, Asaf en Ethan, lieten zich horen met koperen cimbalen; 1 Kronieken 16:42 : Met hen dan waren Heman en Jeduthun, met trompetten en cimbalen voor degenen, die zich lieten horen, en met instrumenten van de muziek Gods; maar de zonen van Jeduthun waren aan de poort."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שִׁ֥יר",
          "strongs": "H7892",
          "morph": "HNcbsa"
        },
        {
          "woord": "מִזְמ֗וֹר",
          "strongs": "H4210",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לִ/בְנֵ֫י",
          "strongs": "H1121",
          "morph": "HR/Ncmpc"
        },
        {
          "woord": "קֹ֥רַח",
          "strongs": "H7141",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לַ/מְנַצֵּ֣חַ",
          "strongs": "H5329",
          "morph": "HRd/Vprmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "מָחֲלַ֣ת",
          "strongs": "H4257",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/עַנּ֑וֹת",
          "strongs": "H6031",
          "morph": "HC/Vpa"
        },
        {
          "woord": "מַ֝שְׂכִּ֗יל",
          "strongs": "H4905",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/הֵימָ֥ן",
          "strongs": "H1968",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֶזְרָחִֽי",
          "strongs": "H250",
          "morph": "HTd/Ngmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> lied, een psalm voor de kinderen van Korach, voor de opperzangmeester, op<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Machalath Leannoth;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> een onderwijzing<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> van Heman, de Ezrahiet.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Een<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> lied, een psalm voor de kinderen van Korach, voor den opperzangmeester, op<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Machalath Leannoth;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> een onderwijzing<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> van Heman, den Ezrahiet.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> EEn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> Liedt, een Psalm voor de kinderen Korah, voor den Opper-sang-meester, op <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Machalath Leannoth: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> Een onderwijsinge <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> Hemans des Ezrahiters.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "O HEERE, God mijns heils! bij dag, bij nacht roep ik voor U.",
      "text1637": "O HEERE [6] Godt mijns heyls: [7] by dage, by nachte roepe ick voor u.",
      "text2026": "O JAHWEH, God van mijn heil! bij dag, bij nacht roep ik voor U.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "God mijns: Dat is, die mij tot nog toe hebt bewaard en voortaan bewaren zult, gelijk ik vastelijk hoop en vertrouw.",
          "text1637": "Dat is, die my tot noch toe hebt bewaert, ende voortaen bewaren sult, gelijck ick vastelick hope ende vertrouwe.",
          "text2026": "God mijns: Dat is, die mij tot nog toe hebt bewaard en voortaan bewaren zult, gelijk ik vastelijk hoop en vertrouw."
        },
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "bij dag, bij nacht: Hebr. des daags roep ik [en] des nachts voor U.",
          "text1637": "Hebr. Des daechs roepe ick, [ende] des nachts voor u.",
          "text2026": "bij dag, bij nacht: Hebr. van de dag roep ik [en] van de nacht voor U."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֣י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "יְשׁוּעָתִ֑/י",
          "strongs": "H3444",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יוֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "צָעַ֖קְתִּי",
          "strongs": "H6817",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "בַ/לַּ֣יְלָה",
          "strongs": "H3915",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נֶגְדֶּֽ/ךָ",
          "strongs": "H5048",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "O JAHWEH,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> God van mijn heil!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> bij dag, bij nacht roep ik voor U.",
      "textSV1888_html": "O HEERE,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> God mijns heils!<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> bij dag, bij nacht roep ik voor U.",
      "text1637_html": "O HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> Godt mijns heyls: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> by dage, by nachte roepe ick voor u.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "mijns heils!",
          "new": "van mijn heil!",
          "principe": "V213"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Laat mijn gebed voor Uw aanschijn komen; neig Uw oor tot mijn geschrei.",
      "text1637": "Laet mijn gebedt [8] voor u aenschijn komen: neycht uwe oore tot mijn geschrey.",
      "text2026": "Laat mijn gebed voor Uw aangezicht komen; neig Uw oor tot mijn geschrei.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "voor Uw: Dat is, in uwe tegenwoordigheid.",
          "text1637": "D. in uwe tegenwoordicheyt.",
          "text2026": "voor Uw: Dat is, in uw aanwezigheid."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "תָּב֣וֹא",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "לְ֭/פָנֶי/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "תְּפִלָּתִ֑/י",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "הַטֵּֽה",
          "strongs": "H5186",
          "morph": "HVhv2ms"
        },
        {
          "woord": "אָ֝זְנְ/ךָ֗",
          "strongs": "H241",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "לְ/רִנָּתִֽ/י",
          "strongs": "H7440",
          "morph": "HR/Ncfsc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Laat mijn gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> voor Uw aangezicht komen; neig Uw oor tot mijn geschrei.",
      "textSV1888_html": "Laat mijn gebed<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> voor Uw aanschijn komen; neig Uw oor tot mijn geschrei.",
      "text1637_html": "Laet mijn gebedt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> voor u aenschijn komen: neycht uwe oore tot mijn geschrey.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "aanschijn",
          "new": "aangezicht",
          "principe": "V465"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "Want mijn ziel is der tegenheden zat, en mijn leven raakt tot aan het graf.",
      "text1637": "Want mijne ziele is [9] der tegenheden satt, ende [10] mijn leven raeckt tot aen het [11] graf.",
      "text2026": "Want mijn ziel is van de tegenheden verzadigd, en mijn leven raakt tot aan het graf.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "der tegenheden zat: Hebr. der kwaden en der tegenheden zat te zijn, is te zeggen daarvan overladen te zijn. Zie de aantekening bij Job 7:4 . Job 7:4 : Als ik te slapen lig, dan zeg ik: Wanneer zal ik opstaan, en Hij den avond afgemeten hebben? En ik word zat van woelingen tot aan den schemertijd.",
          "text1637": "Hebr. der quaden. Ende der tegenheden zat zijn, is te seggen, daer van overlast te zijn. siet de aenteeck. Iob 7. op vers 4.",
          "text2026": "van de tegenheden zat: Hebr. van de kwade en van de tegenheden zat te zijn, is te zeggen daarvan overladen te zijn. Zie de aantekening bij Job 7:4 . Job 7:4 : Als ik te slapen lig, dan zeg ik: Wanneer zal ik opstaan, en Hij de avond afgemeten hebben? En ik word zat van woelingen tot aan de schemertijd."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn leven: Dat is, tussen den dood en mij is schier geen onderscheid; Ps. 107:18 wordt het graf genoemd de poort des doods. Psalmen 107:18 : Hun ziel gruwelde van alle spijze, en zij waren tot aan de poorten des doods gekomen.",
          "text1637": "D. tusschen de doot ende my en is schier geen onderscheyt. Psal. 107. vers 18 wert het graf genoemt de poorte des doots.",
          "text2026": "mijn leven: Dat is, tussen de dood en mij is schier geen onderscheid; Ps. 107:18 wordt het graf genoemd de poort van de dood. Psalmen 107:18 : Hun ziel gruwelde van alle voedsel, en zij waren tot aan de poorten van de dood gekomen."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., שְׁאוֹל, scheol; zie Gen. 37:35 . Genesis 37:35 : En al zijn zonen, en al zijn dochteren maakten zich op, om hem te troosten; maar hij weigerde zich te laten troosten, en zeide: Want ik zal, rouw bedrijvende, tot mijn zoon in het graf nederdalen. Alzo beweende hem zijn vader.",
          "text1637": "Hebr. Scheol, siet Gen. 37. op vers 35.",
          "text2026": "Hebr., שְׁאוֹל, scheol; zie Gen. 37:35 . Genesis 37:35 : En al zijn zonen, en al zijn dochters maakten zich op, om hem te troosten; maar hij weigerde zich te laten troosten, en zei: Want ik zal, rouw bedrijvende, tot mijn zoon in het graf nederdalen. Zo beweende hem zijn vader."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "שָֽׂבְעָ֣ה",
          "strongs": "H7646",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "בְ/רָע֣וֹת",
          "strongs": "H7451",
          "morph": "HR/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֑/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/חַיַּ֗/י",
          "strongs": "H2416",
          "morph": "HC/Ncmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "לִ/שְׁא֥וֹל",
          "strongs": "H7585",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "הִגִּֽיעוּ",
          "strongs": "H5060",
          "morph": "HVhp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Want mijn ziel is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> van de tegenheden verzadigd, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mijn leven raakt tot aan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> graf.",
      "textSV1888_html": "Want mijn ziel is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> der tegenheden zat, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mijn leven raakt tot aan het<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> graf.",
      "text1637_html": "Want mijne ziele is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> der tegenheden satt, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> mijn leven raeckt tot aen het <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> graf.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "zat,",
          "new": "verzadigd,",
          "principe": "V1583"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Ik ben gerekend met degenen, die in de kuil nederdalen; ik ben geworden als een man, die krachteloos is;",
      "text1637": "Ick ben gerekent met de gene die in den kuyl nederdalen: ick ben geworden als een man die krachteloos is:",
      "text2026": "Ik ben gerekend met degenen, die in de kuil neerdalen; ik ben geworden als een man, die krachteloos is;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "נֶ֭חְשַׁבְתִּי",
          "strongs": "H2803",
          "morph": "HVNp1cs"
        },
        {
          "woord": "עִם",
          "strongs": "H5973",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "י֣וֹרְדֵי",
          "strongs": "H3381",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "ב֑וֹר",
          "strongs": "H953",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "הָ֝יִ֗יתִי",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "כְּ/גֶ֣בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "אֵֽין",
          "strongs": "H369",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "אֱיָֽל",
          "strongs": "H353",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "Ik ben gerekend met degenen, die in de kuil neerdalen; ik ben geworden als een man, die krachteloos is;",
      "text1637_html": "Ick ben gerekent met de gene die in den kuyl nederdalen: ick ben geworden als een man die krachteloos is:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "nederdalen;",
          "new": "neerdalen;",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die Gij niet meer gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand.",
      "text1637": "[12] Afgesondert onder de doode, gelijck de verslagene, die in’t graf liggen, die ghy niet meer [13] en gedenckt, ende sy zijn afgesneden van uwe hant.",
      "text2026": "Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die U niet meer gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., gevrijd; dat is, afgezonderd; te weten, van de levenden, gelijk men de melaatsen, naar de wet Gods, Lev. 13:46 , van de bijwoning met andere mensen pleegt af te zonderen; zie 2 Kon. 15:5 . Leviticus 13:46 : Al de dagen, in welke deze plaag aan hem zal zijn, zal hij onrein zijn; onrein is hij, hij zal alleen wonen; buiten het leger zal zijn woning wezen. 2 Koningen 15:5 : En de HEERE plaagde den koning, dat hij melaats werd tot den dag zijns doods; en hij woonde in een afgezonderd huis; doch Jotham, de zoon des konings, was over het huis, richtende het volk des lands.",
          "text1637": "Hebr. Gevrijdt, D. afgesondert, T.w. Van de levendige, gelijck men de melaetsche, nae de wet Godes Lev. 13.46. van de by-wooninge anderer menschen pleegt af te sonderen. Siet 2.Reg. 15.5.",
          "text2026": "Hebr., gevrijd; dat is, afgezonderd; te weten, van de levenden, gelijk men de melaatsen, naar de wet van God, Lev. 13:46 , van de bijwoning met andere mensen pleegt af te zonderen; zie 2 Kon. 15:5 . Leviticus 13:46 : Al de dagen, in welke deze plaag aan hem zal zijn, zal hij onrein zijn; onrein is hij, hij zal alleen wonen; buiten het leger zal zijn woning wezen. 2 Koningen 15:5 : En JAHWEH plaagde de koning, dat hij melaats werd tot de dag zijns doods; en hij woonde in een afgezonderd huis; maar Jotham, de zoon van de koning, was over het huis, richtende het volk van het land."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, om hen in deze wereld weder te brengen; Job 7:7 , en Job 10:21 . Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien. Job 10:21 : Eer ik henenga (en niet wederkom) in een land der duisternis en der schaduwe des doods;",
          "text1637": "T.w. Om haer in dese werelt weder te brengen, Iob 7.7. ende 10.21.",
          "text2026": "Te weten, om hen in deze wereld weer te brengen; Job 7:7 , en Job 10:21 . Job 7:7 : Gedenk, dat mijn leven een wind is; mijn oog zal niet wederkomen, om het goede te zien. Job 10:21 : Voordat ik heenga (en niet wederkom) in een land van de duisternis en van de schaduwe van de dood;"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ/מֵּתִ֗ים",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HRd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "חָ֫פְשִׁ֥י",
          "strongs": "H2670",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "כְּמ֤וֹ",
          "strongs": "H3644",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "חֲלָלִ֨ים",
          "strongs": "H2491",
          "morph": "HAampa"
        },
        {
          "woord": "שֹׁ֥כְבֵי",
          "strongs": "H7901",
          "morph": "HVqrmpc"
        },
        {
          "woord": "קֶ֗בֶר",
          "strongs": "H6913",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֤ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "זְכַרְתָּ֣/ם",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVqp2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "ע֑וֹד",
          "strongs": "H5750",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/הֵ֗מָּה",
          "strongs": "H1992",
          "morph": "HC/Pp3mp"
        },
        {
          "woord": "מִ/יָּדְ/ךָ֥",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HR/Ncbsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "נִגְזָֽרוּ",
          "strongs": "H1504",
          "morph": "HVNp3cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die U niet meer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die Gij niet meer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> Afgesondert onder de doode, gelijck de verslagene, die in’t graf liggen, die ghy niet meer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> en gedenckt, ende sy zijn afgesneden van uwe hant.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Gij hebt mij in den ondersten kuil gelegd, in duisternissen, in diepten.",
      "text1637": "Ghy hebt my [14] in den ondersten cuyl geleyt, in duysternissen, in diepten.",
      "text2026": "U hebt mij in de onderste kuil gelegd, in duisternissen, in diepten.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in den ondersten kuil: Hebr. in een kuil der laagten, of der onderste [plaatsen].",
          "text1637": "Hebr. In eenen kuyl der leechten, ofte, der onderste [plaetsen.]",
          "text2026": "in de onderste kuil: Hebr. in een kuil van de laagten, of van de onderste [plaatsen]."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "שַׁ֭תַּ/נִי",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqp2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "בְּ/ב֣וֹר",
          "strongs": "H953",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "תַּחְתִּיּ֑וֹת",
          "strongs": "H8482",
          "morph": "HAafpa"
        },
        {
          "woord": "בְּ֝/מַחֲשַׁכִּ֗ים",
          "strongs": "H4285",
          "morph": "HR/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "בִּ/מְצֹלֽוֹת",
          "strongs": "H4688",
          "morph": "HR/Ncfpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U hebt mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> in de onderste kuil gelegd, in duisternissen, in diepten.",
      "textSV1888_html": "Gij hebt mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> in den ondersten kuil gelegd, in duisternissen, in diepten.",
      "text1637_html": "Ghy hebt my <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> in den ondersten cuyl geleyt, in duysternissen, in diepten.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den ondersten",
          "new": "de onderste",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "Uw grimmigheid ligt op mij; Gij hebt mij nedergedrukt met al Uw baren. Sela.",
      "text1637": "Uwe grimmicheyt [15] leyt op my: Ghy hebt [my] nedergedruckt [16] met alle uwe baren, Sela!",
      "text2026": "Uw woede ligt op mij; U hebt mij neergedrukt met al Uw baren. Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ligt op mij: Hebr. steunt.",
          "text1637": "Hebr. steunt.",
          "text2026": "ligt op mij: Hebr. steunt."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "met al Uw baren: Dit is gesproken bij gelijkenis, genomen van de baren der zee, waarmede de mens overweldigd wordt. Zie een gelijke manier van spreken boven, Ps. 42:8 , en 2 Sam. 22:5 . Psalmen 42:8 : De afgrond roept tot den afgrond, bij het gedruis Uwer watergoten; al Uw baren en Uw golven zijn over mij heengegaan. 2 Samuël 22:5 : Want baren des doods hadden mij omvangen; beken Belials verschrikten mij.",
          "text1637": "Dit is gesproken by gelijckenisse, genomen vande zee-baren, daer mede de mensche wort over-weldicht. Siet een geijcke maniere van spreken bov. Psal. 42.8. ende 2.Sam. 22.5.",
          "text2026": "met al Uw baren: Dit is gesproken bij gelijkenis, genomen van de baren van de zee, waarmee de mens overweldigd wordt. Zie een gelijke manier van spreken boven, Ps. 42:8 , en 2 Sam. 22:5 . Psalmen 42:8 : De afgrond roept tot de afgrond, bij het gedruis Uw watergoten; al Uw baren en Uw golven zijn over mij heengegaan. 2 Samuël 22:5 : Want baren van de dood hadden mij omvangen; beken Belials verschrikten mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עָ֭לַ/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "סָמְכָ֣ה",
          "strongs": "H5564",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "חֲמָתֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H2534",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מִ֝שְׁבָּרֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H4867",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "עִנִּ֥יתָ",
          "strongs": "H6031",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "סֶּֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "Uw woede<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> ligt op mij; U hebt mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> neergedrukt met al Uw baren. Sela.",
      "textSV1888_html": "Uw grimmigheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> ligt op mij; Gij hebt mij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> nedergedrukt met al Uw baren. Sela.",
      "text1637_html": "Uwe grimmicheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> leyt op my: Ghy hebt [my] nedergedruckt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> met alle uwe baren, Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "grimmigheid",
          "new": "woede",
          "principe": "V77"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "nedergedrukt",
          "new": "neergedrukt",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Mijn bekenden hebt Gij verre van mij gedaan, Gij hebt mij hun tot een groten gruwel gesteld; ik ben besloten, en kan niet uitkomen.",
      "text1637": "Mijne bekende hebt ghy verre van my gedaen, ghy hebt my hen [17] tot eenen grooten grouwel gestelt: [18] ick ben besloten, ende en kan niet uytkomen.",
      "text2026": "Mijn bekenden hebt U verre van mij gedaan, U hebt mij hun tot een grote gruwel gesteld; ik ben besloten, en kan niet uitkomen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "tot een groten gruwel: Hebr. tot gruwelen, of tot afgrijselijkheden.",
          "text1637": "Hebr. Tot grouwelen, ofte, tot afgrijselickheden.",
          "text2026": "tot een grote gruwel: Hebr. tot gruwelen, of tot afgrijselijkheden."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ik ben besloten: Dat is, ik kan uit het verdriet, waarmede ik omvangen ben, niet geraken.",
          "text1637": "D. ick en kan uyt het verdriet daer mede ick omvangen ben, niet geraken.",
          "text2026": "ik ben besloten: Dat is, ik kan uit het verdriet, waarmee ik omvangen ben, niet geraken."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִרְחַ֥קְתָּ",
          "strongs": "H7368",
          "morph": "HVhp2ms"
        },
        {
          "woord": "מְיֻדָּעַ֗/י",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVPsmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ֫מֶּ֥/נִּי",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "שַׁתַּ֣/נִי",
          "strongs": "H7896",
          "morph": "HVqp2ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תוֹעֵב֣וֹת",
          "strongs": "H8441",
          "morph": "HNcfpa"
        },
        {
          "woord": "לָ֑/מוֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כָּ֝לֻ֗א",
          "strongs": "H3607",
          "morph": "HVqsmsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "אֵצֵֽא",
          "strongs": "H3318",
          "morph": "HVqi1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn bekenden hebt U verre van mij gedaan, U hebt mij hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot een grote gruwel gesteld;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> ik ben besloten, en kan niet uitkomen.",
      "textSV1888_html": "Mijn bekenden hebt Gij verre van mij gedaan, Gij hebt mij hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot een groten gruwel gesteld;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> ik ben besloten, en kan niet uitkomen.",
      "text1637_html": "Mijne bekende hebt ghy verre van my gedaen, ghy hebt my hen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot eenen grooten grouwel gestelt: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> ick ben besloten, ende en kan niet uytkomen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "groten",
          "new": "grote",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 10,
      "textSV1888": "Mijn oog treurt vanwege verdrukking; HEERE! ik roep tot U den gansen dag; ik strek mijn handen uit tot U.",
      "text1637": "Mijn’ ooge treurt van wegen verdruckinge: HEERE, ick roepe tot u [19] den gantschen dach: ick strecke [20] mijne handen uyt tot u.",
      "text2026": "Mijn oog treurt vanwege verdrukking; JAHWEH! ik roep tot U de hele dag; ik strek mijn handen uit tot U.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "den gansen: Of, alle dagen, elken dag.",
          "text1637": "Ofte, alle dage, elcken dach.",
          "text2026": "de gansen: Of, alle dagen, elke dag."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "mijn handen: Hebr., כַפָּֽ, mijn palmen.",
          "text1637": "Hebr. mijne palmen.",
          "text2026": "mijn handen: Hebr., כַפָּֽ, mijn palmen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עֵינִ֥/י",
          "strongs": "H5869",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "דָאֲבָ֗ה",
          "strongs": "H1669",
          "morph": "HVqp3fs"
        },
        {
          "woord": "מִנִּ֫י",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "עֹ֥נִי",
          "strongs": "H6040",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "קְרָאתִ֣י/ךָ",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqp1cs/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "י֑וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "שִׁטַּ֖חְתִּי",
          "strongs": "H7849",
          "morph": "HVpp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "כַפָּֽ/י",
          "strongs": "H3709",
          "morph": "HNcfdc/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "Mijn oog treurt vanwege verdrukking; JAHWEH! ik roep tot U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> de hele dag; ik strek<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijn handen uit tot U.",
      "textSV1888_html": "Mijn oog treurt vanwege verdrukking; HEERE! ik roep tot U<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> den gansen dag; ik strek<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijn handen uit tot U.",
      "text1637_html": "Mijn’ ooge treurt van wegen verdruckinge: HEERE, ick roepe tot u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> den gantschen dach: ick strecke <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> mijne handen uyt tot u.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den gansen",
          "new": "de hele",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 11,
      "textSV1888": "Zult Gij wonder doen aan de doden? Of zullen de overledenen opstaan, zullen zij U loven? Sela.",
      "text1637": "[21] Sult ghy wonder doen aen de doode? ofte sullen de overledene [22] opstaen? sullense u loven? Sela!",
      "text2026": "Zult U wonder doen aan de doden? Of zullen de overledenen opstaan, zullen zij U loven? Sela.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zult Gij: Te weten, in dier voege, dat zij in het graf liggende, nog enig gevoel zullen hebben om den Heere te loven, gelijk zij doen konden toen zij nog in het leven waren? Hij wil zeggen: haast U, Heere, om mij te redden, anderszins moet mijn leven haast een einde nemen.",
          "text1637": "T.w. In sulcker voege, datse in ’tgraf liggende, noch eenich gevoelen sullen hebben, om den Heere te loven, gelijck sy doen konden doe sy noch in ’t leven waren? hy wil seggen, haest u Heere, om my te redden, andersins moet mijn leven haest een eynde nemen.",
          "text2026": "Zult U: Te weten, in dier voege, dat zij in het graf liggende, nog enig gevoel zullen hebben om de Heer te loven, gelijk zij doen konden toen zij nog in het leven waren? Hij wil zeggen: haast U, Heer, om mij te redden, anders moet mijn leven haast een einde nemen."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, in dit tijdelijke leven, zoals zij dat in deze wereld genoten hebben. Zie Ps. 6:6 . Psalmen 6:6 : Want in den dood is Uwer geen gedachtenis; wie zal U loven in het graf?",
          "text1637": "T.w. in dit tijdelicke leven, soo als sy dat in deser werelt genooten hebben. siet Psal. 6. op vers 6.",
          "text2026": "Te weten, in dit tijdelijke leven, zoals zij dat in deze wereld genoten hebben. Zie Ps. 6:6 . Psalmen 6:6 : Want in de dood is Uw geen gedachtenis; wie zal U loven in het graf?"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֲ/לַ/מֵּתִ֥ים",
          "strongs": "H4191",
          "morph": "HTi/Rd/Vqrmpa"
        },
        {
          "woord": "תַּעֲשֶׂה",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "פֶּ֑לֶא",
          "strongs": "H6382",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אִם",
          "strongs": "H518",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "רְ֝פָאִ֗ים",
          "strongs": "H7496",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יָק֤וּמוּ",
          "strongs": "H6965",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "יוֹד֬וּ/ךָ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhi3mp/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "סֶּֽלָה",
          "strongs": "H5542",
          "morph": "HTj"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Zult U wonder doen aan de doden? Of zullen de overledenen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> opstaan, zullen zij U loven? Sela.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Zult Gij wonder doen aan de doden? Of zullen de overledenen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> opstaan, zullen zij U loven? Sela.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> Sult ghy wonder doen aen de doode? ofte sullen de overledene <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> opstaen? sullense u loven? Sela!",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 12,
      "textSV1888": "Zal Uw goedertierenheid in het graf verteld worden, Uw getrouwheid in het verderf?",
      "text1637": "Sal uwe goedertierenheyt in ’t graf vertelt worden? uwe getrouwicheyt [23] in’t verderf?",
      "text2026": "Zal Uw goedertierenheid in het graf verteld worden, Uw getrouwheid in het verderf?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in het verderf: Het Hebr., אֲבַדּֽוֹן, woord Abaddon betekent eigenlijk verderf, dies het bijwijlen wordt genomen voor de plaats des verderfs; ook somtijds voor het graf of tombe. Zie Job 26:6 , en Job 28:22 . Job 26:6 : De hel is naakt voor Hem, en geen deksel is er voor het verderf. Job 28:22 : Het verderf en de dood zeggen: Haar gerucht hebben wij met onze oren gehoord.",
          "text1637": "’tHebreeus woort Abaddon beteeckent eygentlick verderf, dies het bywijlen wort genomen voor de plaetse des verderfs: Oock somtijts voor het graf, of tombe. siet Iob 26.6. ende 28.22.",
          "text2026": "in het verderf: Het Hebr., אֲבַדּֽוֹן, woord Abaddon betekent eigenlijk verderf, daarom het bijwijlen wordt genomen voor de plaats van het verderf; ook somtijds voor het graf of tombe. Zie Job 26:6 , en Job 28:22 . Job 26:6 : Het dodenrijk is naakt voor Hem, en geen deksel is er voor het verderf. Job 28:22 : Het verderf en de dood zeggen: Haar gerucht hebben wij met onze oren gehoord."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הַ/יְסֻפַּ֣ר",
          "strongs": "H5608",
          "morph": "HTi/VPi3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/קֶּ֣בֶר",
          "strongs": "H6913",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "חַסְדֶּ֑/ךָ",
          "strongs": "H2617",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אֱ֝מֽוּנָתְ/ךָ֗",
          "strongs": "H530",
          "morph": "HNcfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אֲבַדּֽוֹן",
          "strongs": "H11",
          "morph": "HRd/Np"
        }
      ],
      "text2026_html": "Zal Uw goedertierenheid in het graf verteld worden, Uw getrouwheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in het verderf?",
      "textSV1888_html": "Zal Uw goedertierenheid in het graf verteld worden, Uw getrouwheid<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in het verderf?",
      "text1637_html": "Sal uwe goedertierenheyt in ’t graf vertelt worden? uwe getrouwicheyt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> in’t verderf?"
    },
    {
      "number": 13,
      "textSV1888": "Zullen Uw wonderen bekend worden in de duisternis, en Uw gerechtigheid in het land der vergetelheid?",
      "text1637": "[24] Sullen uwe wonderen bekent worden [25] in de duysternisse? ende uwe gerechticheyt in [26] het lant der vergetenheyt?",
      "text2026": "Zullen Uw wonderen bekend worden in de duisternis, en Uw gerechtigheid in het land van de vergetelheid?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hebr., פִּלְאֶ, zal uw wonder, enz.",
          "text1637": "Hebr. Sal u wonder, etc.",
          "text2026": "Hebr., פִּלְאֶ, zal uw wonder, enz."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in de duisternis: Dat is, in de plaats en den staat des doods, genoemd het land der duisternis en de schaduw des doods; Job 10:21 , 10:22 . Job 10:21 : Eer ik henenga (en niet wederkom) in een land der duisternis en der schaduwe des doods; Job 10:22 : Een stikdonker land, als de duisternis zelve, de schaduwe des doods, en zonder ordeningen, en het geeft schijnsel als de duisternis.",
          "text1637": "D. in de plaetse ende staet des doots, genoemt het lant der duysternisse, ende, de schaduwe des doots, Iob 10.21, 22.",
          "text2026": "in de duisternis: Dat is, in de plaats en de staat van de dood, genoemd het land van de duisternis en de schaduw van de dood; Job 10:21 , 10:22 . Job 10:21 : Voordat ik heenga (en niet wederkom) in een land van de duisternis en van de schaduwe van de dood; Job 10:22 : Een stikdonker land, als de duisternis zelve, de schaduwe van de dood, en zonder ordeningen, en het geeft schijnsel als de duisternis."
        },
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "het land: Alzo noemt hij de aarde, of het graf, waar de doden in gelegd worden, omdat die, zoveel aangaat den stand des lichaams, geen geheugenis met al hebben van de zaken dezes tegenwoordigen levens; of ook omdat men degenen, die onder de aarde liggen, vergeet. Zie Job 10:22 , en Job 21:21 , en Ps. 31:13 ; Pred. 8 ;10, en Pred. 9:5 . Job 10:22 : Een stikdonker land, als de duisternis zelve, de schaduwe des doods, en zonder ordeningen, en het geeft schijnsel als de duisternis. Job 21:21 : Want wat lust zou hij na zich aan zijn huis hebben, als het getal zijner maanden afgesneden is? Psalmen 31:13 : Ik ben uit het hart vergeten als een dode; ik ben geworden als een bedorven vat. Prediker 9:5 : Want de levenden weten, dat zij sterven zullen, maar de doden weten niet met al; zij hebben ook geen loon meer, maar hun gedachtenis is vergeten.",
          "text1637": "Alsoo noemt hy d’aerde, ofte ’t graf, daer de doode inne geleyt worden, om dat de selve, so veel aengaet den stant des lichaems, geen geheugenisse met allen en hebben van de saken deses tegenwoordigen levens: Ofte oock, om datmen de gene die onder d’aerde liggen, vergeet. Siet Iob 10.22. ende 21.21. ende Psal. 37.13. Eccles. 8.10. ende 9.5.",
          "text2026": "het land: Zo noemt hij de aarde, of het graf, waar de doden in gelegd worden, omdat die, zoveel betreft de stand van het lichaam, geen geheugenis met al hebben van de zaken van deze tegenwoordigen levens; of ook omdat men degenen, die onder de aarde liggen, vergeet. Zie Job 10:22 , en Job 21:21 , en Ps. 31:13 ; Pred. 8 ;10, en Pred. 9:5 . Job 10:22 : Een stikdonker land, als de duisternis zelve, de schaduwe van de dood, en zonder ordeningen, en het geeft schijnsel als de duisternis. Job 21:21 : Want wat lust zou hij na zich aan zijn huis hebben, als het getal zijn maanden afgesneden is? Psalmen 31:13 : Ik ben uit het hart vergeten als een dode; ik ben geworden als een bedorven vat. Prediker 9:5 : Want de levenden weten, dat zij sterven zullen, maar de doden weten niet met al; zij hebben ook geen loon meer, maar hun gedachtenis is vergeten."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הֲ/יִוָּדַ֣ע",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HTi/VNi3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/חֹ֣שֶׁךְ",
          "strongs": "H2822",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "פִּלְאֶ֑/ךָ",
          "strongs": "H6382",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/צִדְקָתְ/ךָ֗",
          "strongs": "H6666",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/אֶ֣רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HR/Ncbsc"
        },
        {
          "woord": "נְשִׁיָּֽה",
          "strongs": "H5388",
          "morph": "HNcfsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Zullen Uw wonderen bekend worden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> in de duisternis, en Uw gerechtigheid in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> het land van de vergetelheid?",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Zullen Uw wonderen bekend worden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> in de duisternis, en Uw gerechtigheid in<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> het land der vergetelheid?",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Sullen uwe wonderen bekent worden <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> in de duysternisse? ende uwe gerechticheyt in <sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> het lant der vergetenheyt?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 14,
      "textSV1888": "Maar ik, HEERE! roep tot U, en mijn gebed komt U voor in den morgenstond.",
      "text1637": "Maer ick, HEERE, roepe tot u: ende mijn gebedt komt u voor in den morgen-stont.",
      "text2026": "Maar ik, JAHWEH! roep tot U, en mijn gebed komt U voor in de morgenstond.",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וַ/אֲנִ֤י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵלֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "שִׁוַּ֑עְתִּי",
          "strongs": "H7768",
          "morph": "HVpp1cs"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/בַ/בֹּ֗קֶר",
          "strongs": "H1242",
          "morph": "HC/Rd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "תְּֽפִלָּתִ֥/י",
          "strongs": "H8605",
          "morph": "HNcfsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תְקַדְּמֶֽ/ךָּ",
          "strongs": "H6923",
          "morph": "HVpi3fs/Sp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Maar ik, JAHWEH! roep tot U, en mijn gebed komt U voor in de morgenstond.",
      "text1637_html": "Maer ick, HEERE, roepe tot u: ende mijn gebedt komt u voor in den morgen-stont.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 15,
      "textSV1888": "HEERE! waarom verstoot Gij mijn ziel, en verbergt Uw aanschijn voor mij?",
      "text1637": "HEERE, waeromme [27] verstoot ghy mijne ziele? [ende] verbergt u aenschijn voor my?",
      "text2026": "JAHWEH! waarom verstoot U mijn ziel, en verbergt Uw aangezicht voor mij?",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "verstoot Gij: Zie de aantekening bij Job 19:7 . Job 19:7 : Ziet, ik roep, geweld! doch word niet verhoord; ik schreeuw, doch er is geen recht.",
          "text1637": "Siet d’aenteeck. Iob 19. op vers 7.",
          "text2026": "verstoot U: Zie de aantekening bij Job 19:7 . Job 19:7 : Ziet, ik roep, geweld! maar word niet verhoord; ik schreeuw, maar er is geen recht."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "לָ/מָ֣ה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HR/Ti"
        },
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "תִּזְנַ֣ח",
          "strongs": "H2186",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "נַפְשִׁ֑/י",
          "strongs": "H5315",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "תַּסְתִּ֖יר",
          "strongs": "H5641",
          "morph": "HVhi2ms"
        },
        {
          "woord": "פָּנֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H6440",
          "morph": "HNcbpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "מִמֶּֽ/נִּי",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH! waarom<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verstoot U mijn ziel, en verbergt Uw aangezicht voor mij?",
      "textSV1888_html": "HEERE! waarom<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verstoot Gij mijn ziel, en verbergt Uw aanschijn voor mij?",
      "text1637_html": "HEERE, waeromme <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> verstoot ghy mijne ziele? [ende] verbergt u aenschijn voor my?",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE!",
          "new": "JAHWEH!",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "aanschijn",
          "new": "aangezicht",
          "principe": "V465"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 16,
      "textSV1888": "Van der jeugd aan ben ik bedrukt en doodbrakende; ik draag Uw vervaarnissen, ik ben twijfelmoedig.",
      "text1637": "[28] Van der jeucht aen ben ick bedruckt ende [29] doot-brakende: ick drage [30] uwe vervaernissen: [31] ick ben twijfelmoedich.",
      "text2026": "van de jeugd aan ben ik bedrukt en doodbrakende; ik draag Uw angsten, ik ben twijfelmoedig.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Van der jeugd: Anders: van de schudding, of ringeling, waarmede Gij mij geschud en geringeld hebt, ben ik bedrukt, enz.",
          "text1637": "And. Van de schuddinge, ofte ringelinge. daer mede ghy my geschudt ende geringelt hebt, ben ick bedruckt, etc.",
          "text2026": "van de jeugd: Anders: van de schudding, of ringeling, waarmee U mij geschud en geringeld hebt, ben ik bedrukt, enz."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Of, stervende; te weten, door gedurige ellende. Zie Num. 17:12 , 17:13 . Numeri 17:12 : Toen spraken de kinderen Israëls tot Mozes, zeggende: Zie, wij geven den geest, wij vergaan, wij allen vergaan! Numeri 17:13 : Al wie enigszins nadert tot den tabernakel des HEEREN, zal sterven; zullen wij dan den geest gevende verdaan worden?",
          "text1637": "Ofte stervende, T.w. door geduerige elende, siet Num. 17.12, 13.",
          "text2026": "Of, stervende; te weten, door gedurige ellende. Zie Num. 17:12 , 17:13 . Numeri 17:12 : Toen spraken de kinderen van Israël tot Mozes, zeggende: Zie, wij geven de geest, wij vergaan, wij allen vergaan! Numeri 17:13 : Al wie enigszins nadert tot de tabernakel van JAHWEH, zal sterven; zullen wij dan de geest gevende verdaan worden?"
        },
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw vervaarnissen: Te weten, die Gij mij hebt aangejaagd.",
          "text1637": "T.w. die ghy my hebt aengejaecht.",
          "text2026": "Uw angsten: Te weten, die U mij hebt aangejaagd."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "ik ben twijfelmoedig: Of, twijfelradig, wankelmoedig; ik versaag schier, niet wetende hoe ik het heb, of, ik ben in twijfelmoedige kwellingen, vrezende dat mij nog meer kwaad zal overkomen.",
          "text1637": "Of, twijfel-radich, wanckelmoedich. ick vertsage schier, niet wetende hoe ickt hebbe: of, ick ben in twijffelmoedige quellingen. vreesende dat my noch meer quaets sal over komen.",
          "text2026": "ik ben twijfelmoedig: Of, twijfelradig, wankelmoedig; ik versaag schier, niet wetende hoe ik het heb, of, ik ben in twijfelmoedige kwellingen, vrezende dat mij nog meer kwaad zal overkomen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עָ֘נִ֤י",
          "strongs": "H6041",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "אֲנִ֣י",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/גֹוֵ֣עַ",
          "strongs": "H1478",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "מִ/נֹּ֑עַר",
          "strongs": "H5290",
          "morph": "HR/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נָשָׂ֖אתִי",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֵמֶ֣י/ךָ",
          "strongs": "H367",
          "morph": "HNcfpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "אָפֽוּנָה",
          "strongs": "H6323",
          "morph": "HVqh1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> van de jeugd aan ben ik bedrukt en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> doodbrakende; ik draag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Uw angsten,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> ik ben twijfelmoedig.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Van der jeugd aan ben ik bedrukt en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> doodbrakende; ik draag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> Uw vervaarnissen,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> ik ben twijfelmoedig.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> Van der jeucht aen ben ick bedruckt ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> doot-brakende: ick drage <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> uwe vervaernissen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> ick ben twijfelmoedich.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Van der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "vervaarnissen,",
          "new": "angsten,",
          "principe": "V474"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 17,
      "textSV1888": "Uw hittige toornigheden gaan over mij; Uw verschrikkingen doen mij vergaan.",
      "text1637": "[32] Uwe hittige toornicheden gaen over my: [33] uwe verschrickingen [34] doen my vergaen.",
      "text2026": "Uw hittige toornvlagen gaan over mij; Uw verschrikkingen doen mij vergaan.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw hittige toornigheden: Hebr. uw brandingen.",
          "text1637": "Hebr. uwe brandingen.",
          "text2026": "Uw hittige toornvlagen: Hebr. uw brandingen."
        },
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Uw verschrikkingen: Te weten, met welke Gij mij verschrikt.",
          "text1637": "T.w. met de welcke ghy my verschrickt.",
          "text2026": "Uw verschrikkingen: Te weten, met welke U mij verschrikt."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "doen mij vergaan: Of, drukken mij.",
          "text1637": "Of, drucken my.",
          "text2026": "doen mij vergaan: Of, drukken mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "עָ֭לַ/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עָבְר֣וּ",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "חֲרוֹנֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H2740",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "בִּ֝עוּתֶ֗י/ךָ",
          "strongs": "H1161",
          "morph": "HNcmpc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "צִמְּתוּתֻֽ/נִי",
          "strongs": "H6789",
          "morph": "HVlp3cp/Sp1cs"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Uw hittige toornvlagen gaan over mij;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> Uw verschrikkingen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> doen mij vergaan.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Uw hittige toornigheden gaan over mij;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> Uw verschrikkingen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> doen mij vergaan.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> Uwe hittige toornicheden gaen over my: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> uwe verschrickingen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> doen my vergaen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "toornigheden",
          "new": "toornvlagen",
          "principe": "V475"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 18,
      "textSV1888": "Den gansen dag omringen zij mij als water; te zamen omgeven zij mij.",
      "text1637": "Den gantschen dach [35] omringense my, als water: t’samen omgeven sy my.",
      "text2026": "De hele dag omringen zij mij als water; samen omgeven zij mij.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, uw toorn en verschrikking.",
          "text1637": "T.w. uwen toorn ende verschrickinge.",
          "text2026": "Te weten, uw toorn en verschrikking."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "סַבּ֣וּ/נִי",
          "strongs": "H5437",
          "morph": "HVqp3cp/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "כַ֭/מַּיִם",
          "strongs": "H4325",
          "morph": "HRd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/יּ֑וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הִקִּ֖יפוּ",
          "strongs": "H5362",
          "morph": "HVhp3cp"
        },
        {
          "woord": "עָלַ֣/י",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "יָֽחַד",
          "strongs": "H3162",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "De hele dag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> omringen zij mij als water; samen omgeven zij mij.",
      "textSV1888_html": "Den gansen dag<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> omringen zij mij als water; te zamen omgeven zij mij.",
      "text1637_html": "Den gantschen dach <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> omringense my, als water: t’samen omgeven sy my.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Den gansen",
          "new": "De hele",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "te zamen",
          "new": "samen",
          "principe": "V374"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 19,
      "textSV1888": "Gij hebt vriend en metgezel verre van mij gedaan; mijn bekenden zijn in duisternis.",
      "text1637": "Ghy hebt vrient ende metgeselle verre van my gedaen: mijn bekende [36] zijn [in] duysternisse.",
      "text2026": "U hebt vriend en metgezel verre van mij gedaan; mijn bekenden zijn in duisternis.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "36",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zijn in : Dat is, zij versteken zich voor mij en gaan als in het donker, alzo dat ik hen niet zie en zij mij niet meer zien noch kennen willen. Zie Job 19:13 , 19:14 . Job 19:13 : Mijn broeders heeft Hij verre van mij gedaan; en die mij kennen, zekerlijk, zij zijn van mij vervreemd. Job 19:14 : Mijn nabestaanden houden op, en mijn bekenden vergeten mij.",
          "text1637": "D. sy versteken haer voor my, ende gaen als in’t doncker, also dat ickse niet en sie, ende sy my niet meer sien noch kennen en willen. siet Iob 19.13, 14.",
          "text2026": "zijn in : Dat is, zij versteken zich voor mij en gaan als in het donker, zo dat ik hen niet zie en zij mij niet meer zien noch kennen willen. Zie Job 19:13 , 19:14 . Job 19:13 : Mijn broers heeft Hij verre van mij gedaan; en die mij kennen, zekerlijk, zij zijn van mij vervreemd. Job 19:14 : Mijn nabestaanden houden op, en mijn bekenden vergeten mij."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "הִרְחַ֣קְתָּ",
          "strongs": "H7368",
          "morph": "HVhp2ms"
        },
        {
          "woord": "מִ֭מֶּ/נִּי",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֹהֵ֣ב",
          "strongs": "H157",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וָ/רֵ֑עַ",
          "strongs": "H7453",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "מְֽיֻדָּעַ֥/י",
          "strongs": "H3045",
          "morph": "HVPsmpc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מַחְשָֽׁךְ",
          "strongs": "H4285",
          "morph": "HNcmsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "U hebt vriend en metgezel verre van mij gedaan; mijn bekenden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> zijn in duisternis.",
      "textSV1888_html": "Gij hebt vriend en metgezel verre van mij gedaan; mijn bekenden<sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> zijn in duisternis.",
      "text1637_html": "Ghy hebt vrient ende metgeselle verre van my gedaen: mijn bekende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"36\">36</sup> zijn [in] duysternisse.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Een gebedt des Propheten, stellende voor oogen de aenvechtingen, ende menichvuldige swaricheden die hy geleden heeft: leerende alle geloovige, dat sy haer in tegenspoet tot Godt sullen keeren, ende van hem troost verwachten.",
    "text2026": "Een gebed van de profeet, waarin hij de aanvechtingen en veelvuldige moeilijkheden die hij geleden heeft voor ogen stelt, en alle gelovigen leert dat zij zich in tegenspoed tot God zullen keren en van Hem troost verwachten."
  }
}