{
  "number": 99,
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "textSV1888": "De HEERE regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.",
      "text1637": "DE HEERE [1] regeert, [2] dat de volckeren beven: [3] hy sitt [tusschen] de Cherubim, de aerde [4] bewege haer.",
      "text2026": "JAHWEH regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, over ons, dat is, Hij beschermt ons krachtiglijk tegen onze vijanden. Zie Ps. 97:1 . Psalmen 97:1 : De HEERE regeert, de aarde verheuge zich; dat veel eilanden zich verblijden.",
          "text1637": "Te weten, over ons. dat is, hy beschermt ons krachtelick tegen onse vyanden. siet Psal. 97.1.",
          "text2026": "Te weten, over ons, dat is, Hij beschermt ons krachtiglijk tegen onze vijanden. Zie Ps. 97:1 . Psalmen 97:1 : JAHWEH regeert, de aarde verheuge zich; dat veel eilanden zich verblijden."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "dat de volken: Anders, [daarom] beven de volken, en alzo in het volgende. Anders: ofschoon de volken gestoord, of beroerd, of verschrikt zijn.",
          "text1637": "And. [daerom] beven de volckeren, ende alsoo in’t volgende. And. of schoon de volckeren gestoor. ofte beroert, of, verschrickt zijn.",
          "text2026": "dat de volken: Anders, [daarom] beven de volken, en zo in het volgende. Anders: ofschoon de volken gestoord, of beroerd, of verschrikt zijn."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij zit: Zie 1 Sam. 4:4 . 1 Samuël 4:4 : Het volk dan zond naar Silo, en men bracht van daar de ark des verbonds des HEEREN der heirscharen, die tussen de cherubim woont; en de twee zonen van Eli, Hofni en Pinehas, waren daar met de ark des verbonds van God.",
          "text1637": "Siet 1.Sam. 4.4.",
          "text2026": "Hij zit: Zie 1 Sam. 4:4 . 1 Samuël 4:4 : Het volk dan zond naar Silo, en men bracht van daar de ark van het verbond van JAHWEH van de legermachten, die tussen de cherubim woont; en de twee zonen van Eli, Hofni en Pinehas, waren daar met de ark van het verbond van God."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "bewege zich: Te weten, van vreze, of om den Heere eerbieding te doen.",
          "text1637": "T.w. van vreese, ofte, om den Heere eerbiedinge te doen.",
          "text2026": "bewege zich: Te weten, van vreze, of om de Heer eerbieding te doen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "מָ֭לָךְ",
          "strongs": "H4427",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "יִרְגְּז֣וּ",
          "strongs": "H7264",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֑ים",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "יֹשֵׁ֥ב",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "כְּ֝רוּבִ֗ים",
          "strongs": "H3742",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "תָּנ֥וּט",
          "strongs": "H5120",
          "morph": "HVqi3fs"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָֽרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> regeert,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> dat de volken beven;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Hij zit tussen de cherubim; de aarde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> bewege zich.",
      "textSV1888_html": "De HEERE<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> regeert,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> dat de volken beven;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> Hij zit tussen de cherubim; de aarde<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> bewege zich.",
      "text1637_html": "DE HEERE <sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> regeert, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> dat de volckeren beven: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> hy sitt [tusschen] de Cherubim, de aerde <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> bewege haer.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "textSV1888": "De HEERE is groot in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.",
      "text1637": "De HEERE is [5] groot [6] in Zion, ende hy is hooge boven alle volckeren.",
      "text2026": "JAHWEH is groot in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, treffelijk, vol van majesteit.",
          "text1637": "D. treffelick, vol van Majesteyt.",
          "text2026": "Dat is, treffelijk, vol van majesteit."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in Sion: Dat is, onder zijn volk Israël, dat op den berg, waar de tempel was, placht te vergaderen en tot den godsdienst te komen.",
          "text1637": "D. onder sijn volck van Israel, dat op den berch daer de Tempel was, pleecht te vergaderen, ende tot den Godts-dienst te komen.",
          "text2026": "in Sion: Dat is, onder zijn volk Israël, dat op de berg, waar de tempel was, placht te vergaderen en tot de godsdienst te komen."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְ֭הוָה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "בְּ/צִיּ֣וֹן",
          "strongs": "H6726",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "גָּד֑וֹל",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/רָ֥ם",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "ה֝֗וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כָּל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "הָֽ/עַמִּֽים",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        }
      ],
      "text2026_html": "JAHWEH is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> groot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.",
      "textSV1888_html": "De HEERE is<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> groot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.",
      "text1637_html": "De HEERE is <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> groot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> in Zion, ende hy is hooge boven alle volckeren.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "textSV1888": "Dat zij Uw groten en vreselijken Naam loven, die heilig is;",
      "text1637": "Datse uwen grooten ende vreeslicken Name loven, die heylich is:",
      "text2026": "Dat zij Uw grote en vreselijken Naam loven, die heilig is;",
      "marginNotes": [],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יוֹד֣וּ",
          "strongs": "H3034",
          "morph": "HVhi3mp"
        },
        {
          "woord": "שִׁ֭מְ/ךָ",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "גָּד֥וֹל",
          "strongs": "H1419",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/נוֹרָ֗א",
          "strongs": "H3372",
          "morph": "HC/VNrmsa"
        },
        {
          "woord": "קָד֥וֹשׁ",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "הֽוּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Dat zij Uw grote en vreselijken Naam loven, die heilig is;",
      "text1637_html": "Datse uwen grooten ende vreeslicken Name loven, die heylich is:",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "groten",
          "new": "grote",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "textSV1888": "En de sterkte des Konings, die het recht lief heeft. Gij hebt billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.",
      "text1637": "Ende [7] de sterckte [8] des Conincks, die’t recht lief heeft: [9] Ghy hebt [10] billickheden bevesticht, ghy hebt recht ende gerechticheyt gedaen [11] in Iacob.",
      "text2026": "En de sterkte van de Koning, die het recht lief heeft. U hebt eerlijkheid bevestigd, U hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "de sterkte: Die Hij doet blijken in het verdrijven onzer vijanden.",
          "text1637": "Die hy doet blijcken in het verdrijven onser vyanden.",
          "text2026": "de sterkte: Die Hij doet blijken in het verdrijven onzer vijanden."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "des Konings: Te weten, Christus Jezus.",
          "text1637": "T.w. Christi Iesu.",
          "text2026": "van de Koning: Te weten, Christus Jezus."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Gij hebt: Te weten, die onze Koning zijt.",
          "text1637": "T.w. die onse Coninck zijt.",
          "text2026": "U hebt: Te weten, die onze Koning zijt."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, alle billijkheid of rechtmatigheid; alsof hij zeide: Al is de Heere een sterk en machtig Koning, nochthans is Hij geen tiran, dat Hij zijne onderzaten met geweld zou onderdrukken; maar Hij bemint de gerechtigheid en Hij doet een ieder recht.",
          "text1637": "D. alle billickheyt ofte rechtmaticheyt, als of hy seyde, Al is de Heere een sterck ende machtich Coninck, nochtans en is hy geen tyran, dat hy sijne ondersaten met gewelt soude onderdrucken: maer hy bemint de gerechticheyt, ende hy doet eenen yderen recht.",
          "text2026": "Dat is, alle billijkheid of rechtmatigheid; alsof hij zei: Al is de Heer een sterk en machtig Koning, nochthans is Hij geen tiran, dat Hij zijn onderzaten met geweld zou onderdrukken; maar Hij bemint de gerechtigheid en Hij doet een ieder recht."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "in Jakob: Dat is, onder het volk Israël, dat van Jakob afkomstig is.",
          "text1637": "D. onder het volck van Israel, dat van Iacob afkomstich is.",
          "text2026": "in Jakob: Dat is, onder het volk Israël, dat van Jakob afkomstig is."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/עֹ֥ז",
          "strongs": "H5797",
          "morph": "HC/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "מֶלֶךְ֮",
          "strongs": "H4428",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפָּ֪ט",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אָ֫הֵ֥ב",
          "strongs": "H157",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "אַ֭תָּה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "כּוֹנַ֣נְתָּ",
          "strongs": "H3559",
          "morph": "HVop2ms"
        },
        {
          "woord": "מֵישָׁרִ֑ים",
          "strongs": "H4339",
          "morph": "HNcmpa"
        },
        {
          "woord": "מִשְׁפָּ֥ט",
          "strongs": "H4941",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ֝/צְדָקָ֗ה",
          "strongs": "H6666",
          "morph": "HC/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "בְּ/יַעֲקֹ֤ב",
          "strongs": "H3290",
          "morph": "HR/Np"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֬ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "עָשִֽׂיתָ",
          "strongs": "H6213",
          "morph": "HVqp2ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de sterkte<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> van de Koning, die het recht lief heeft.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> U hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> billijkheden bevestigd, U hebt recht en gerechtigheid gedaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> in Jakob.",
      "textSV1888_html": "En<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de sterkte<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> des Konings, die het recht lief heeft.<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Gij hebt<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> in Jakob.",
      "text1637_html": "Ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de sterckte <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> des Conincks, die’t recht lief heeft: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> Ghy hebt <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> billickheden bevesticht, ghy hebt recht ende gerechticheyt gedaen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> in Iacob.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "des Konings,",
          "new": "van de Koning,",
          "principe": "N3"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "billijkheden",
          "new": "eerlijkheid",
          "principe": "V1569"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "textSV1888": "Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!",
      "text1637": "Verheft den HEERE onsen Godt, ende buycht u neder [12] voor den voetbanck sijner voeten, [13] hy is heylich.",
      "text2026": "Verhef JAHWEH, onze God, en buig u neer voor de voetbank van Zijn voeten; Hij is heilig!",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "voor de voetbank: Anders, tegenover de voetbank zijner voeten. Zie de aantekening bij 1 Kron. 28:2 ; alzo wordt de letter lamed ook genomen in Ps99:9, en elders dikwijls. 1 Kronieken 28:2 : En de koning David stond op zijn voeten, en hij zeide: Hoort mij, mijn broeders, en mijn volk! Ik had in mijn hart een huis der rust voor de ark des verbonds des HEEREN te bouwen, en voor de voetbank der voeten onzes Gods, en ik heb gereedschap gemaakt om te bouwen.",
          "text1637": "And. Tegen over den voet-banck sijner voeten. Siet d’aenteeck. 1.Chron. 28.2. alsoo wort de letter Lamed oock genomen vers 9. ende elders dickwijls.",
          "text2026": "voor de voetbank: Anders, tegenover de voetbank zijn voeten. Zie de aantekening bij 1 Kron. 28:2 ; zo wordt de letter lamed ook genomen in Ps99:9, en elders dikwijls. 1 Kronieken 28:2 : En de koning David stond op zijn voeten, en hij zei: Hoort mij, mijn broers, en mijn volk! Ik had in mijn hart een huis van de rust voor de ark van het verbond van JAHWEH te bouwen, en voor de voetbank van de voeten onzes Gods, en ik heb gereedschap gemaakt om te bouwen."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Hij is heilig: Te weten, God, of de tempel; of welke [te weten voetbank] heilig is.",
          "text1637": "T.w. Godt, of, de Tempel: Of, welcke [T.w. voet-banck] heylich is.",
          "text2026": "Hij is heilig: Te weten, God, of de tempel; of welke [te weten voetbank] heilig is."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רֽוֹמְמ֡וּ",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HVov2mp"
        },
        {
          "woord": "יְה֘וָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְֽ֭/הִשְׁתַּחֲווּ",
          "strongs": "H7812",
          "morph": "HC/Vvv2mp"
        },
        {
          "woord": "לַ/הֲדֹ֥ם",
          "strongs": "H1916",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "רַגְלָ֗י/ו",
          "strongs": "H7272",
          "morph": "HNcfdc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "קָד֥וֹשׁ",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "הֽוּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        }
      ],
      "text2026_html": "Verhef JAHWEH, onze God, en buig u neer<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> voor de voetbank van Zijn voeten;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Hij is heilig!",
      "textSV1888_html": "Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> voor de voetbank Zijner voeten;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> Hij is heilig!",
      "text1637_html": "Verheft den HEERE onsen Godt, ende buycht u neder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> voor den voetbanck sijner voeten, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> hy is heylich.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verheft den HEERE, onzen",
          "new": "Verhef JAHWEH, onze",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "buigt",
          "new": "buig",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "neder",
          "new": "neer",
          "principe": "V354"
        },
        {
          "old": "Zijner",
          "new": "van Zijn",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 6,
      "textSV1888": "Mozes en Aäron waren onder Zijn priesters, en Samuël onder de aanroepers Zijns Naams; zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen.",
      "text1637": "[14] Mose ende Aaron waren onder [15] sijne Priesters, ende Samuel onder de aenroepers sijnes Naems; [16] sy riepen tot den HEERE, ende hy verhoordese.",
      "text2026": "Mozes en Aäron waren onder Zijn priesters, en Samuël onder de aanroepers van Zijn Naam; zij riepen tot JAHWEH, en Hij verhoorde hen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Alsof hij zeide: Gij zult niet tevergeefs, voor den Heere nedervallende, Hem aanroepen, want immers heeft Hij zijn getrouwe dienaars verhoord; alzo zal Hij ulieden mede doen, vooral nadat de ware Priesters en voorspraak Christus persoonlijk zal verschenen zijn. Mozes wordt onder de priesters gesteld, omdat hij voor het volk placht te bidden en ook geofferd heeft, hoewel hij daarna geen gewoon priester gebleven is. Zie Exod. 29:11 , 29:16 ; Jer. 15:1 . Exodus 29:11 : En gij zult den var slachten voor het aangezicht des HEEREN, voor de deur van de tent der samenkomst. Exodus 29:16 : En gij zult den ram slachten, en gij zult zijn bloed nemen, en rondom op het altaar sprengen. Jeremia 15:1 : Maar de HEERE zeide tot mij: Al stond Mozes en Samuël voor Mijn aangezicht, zo zou toch Mijn ziel tot dit volk niet wezen; drijf ze weg van Mijn aangezicht, en laat ze uitgaan.",
          "text1637": "Als of hy seyde, Ghy en sult niet te vergeefs voor den Heere neder-vallende hem aenroepen, want hy heeft oyt sijn getrouwe dienaers verhoort: alsoo sal hy u lieden mede doen, sonderling nae dien de ware Priester ende voor-sprake Christus, persoonelick sal verschenen zijn. Moses wort onder de Priesters gestelt, om dat hy voor het volck pleecht te bidden, ende oock geoffert heeft, hoewel hy daer na geen ordinaris Priester gebleven en is. Siet Exod. 29.11, 16. Ierem. 15.1.",
          "text2026": "Alsof hij zei: U zult niet tevergeefs, voor de Heer nedervallende, Hem aanroepen, want immers heeft Hij zijn getrouwe dienaren verhoord; zo zal Hij u mee doen, vooral nadat de ware Priesters en voorspraak Christus persoonlijk zal verschenen zijn. Mozes wordt onder de priesters gesteld, omdat hij voor het volk placht te bidden en ook geofferd heeft, hoewel hij daarna geen gewoon priester gebleven is. Zie Ex. 29:11 , 29:16 ; Jer. 15:1 . Exodus 29:11 : En u zult de var slachten voor het aangezicht van JAHWEH, voor de deur van de tent van de samenkomst. Exodus 29:16 : En u zult de ram slachten, en u zult zijn bloed nemen, en rondom op het altaar sprengen. Jeremia 15:1 : Maar JAHWEH zei tot mij: Al stond Mozes en Samuël voor Mijn aangezicht, zo zou toch Mijn ziel tot dit volk niet wezen; drijf ze weg van Mijn aangezicht, en laat ze uitgaan."
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zijn priesters: Of, oversten, prinsen. Hebr. cohen. Zie de aantekening bij Gen. 41:45 . Genesis 41:45 : En Farao noemde Jozefs naam Zafnath Paaneah, en gaf hem Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, tot een vrouw; en Jozef toog uit door het land van Egypte.",
          "text1637": "Ofte, Overste, Princen. Hebr. Cohen, Siet d’aenteeck. Genes. 41. op vers 45.",
          "text2026": "Zijn priesters: Of, oversten, prinsen. Hebr. cohen. Zie de aantekening bij Gen. 41:45 . Genesis 41:45 : En Farao noemde Jozefs naam Zafnath Paaneah, en gaf hem Asnath, de dochter van Potifera, overste van On, tot een vrouw; en Jozef toog uit door het land van Egypte."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zij riepen: Te weten, Mozes en Aäron, gelijk er geschreven staat Exod. 32:11 , enz.; Num. 14:13 , 14:17 , 14:19 , en Num. 16:22 , 16:42 , 16:46 , en 1 Sam. 7:9 , en 1 Sam. 12:19 , 12:23 ; Jer. 15:1 . Exodus 32:11 : Doch Mozes aanbad het aangezicht des HEEREN zijns Gods, en hij zeide: O HEERE! waarom zou Uw toorn ontsteken tegen Uw volk, hetwelk Gij met grote kracht, en met een sterke hand, uit Egypteland uitgevoerd hebt? Numeri 14:13 : En Mozes zeide tot den HEERE: Zo zullen het de Egyptenaars horen; want Gij hebt door Uw kracht dit volk uit het midden van hen doen optrekken; Numeri 14:17 : Nu dan, laat toch de kracht des HEEREN groot worden, gelijk als Gij gesproken hebt, zeggende: Numeri 14:19 : Vergeef toch de ongerechtigheid dezes volks, naar de grootte Uwer goedertierenheid, en gelijk Gij ze aan dit volk, van Egypteland af tot hiertoe, vergeven hebt! Numeri 16:22 : Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God der geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult Gij U over deze ganse vergadering grotelijks vertoornen? Numeri 16:42 : En het geschiedde, als de vergadering zich verzamelde tegen Mozes en Aäron, en zich wendde naar de tent der samenkomst, ziet, zo bedekte haar die wolk; en de heerlijkheid des HEEREN verscheen. Numeri 16:46 : En Mozes zeide tot Aäron: Neem het wierookvat, en doe vuur daarin van het altaar, en leg reukwerk daarop, haastelijk gaande tot de vergadering, doe over hen verzoening; want een grote toorn is van voor het aangezicht des HEEREN uitgegaan, de plaag heeft aangevangen. 1 Samuël 7:9 : Toen nam Samuël een melklam, en hij offerde het geheel den HEERE ten brandoffer; en Samuël riep tot den HEERE voor Israël; en de HEERE verhoorde hem. 1 Samuël 12:19 : En al het volk zeide tot Samuël: Bid voor uw knechten den HEERE, uw God, dat wij niet sterven; want boven al onze zonden hebben wij dit kwaad daartoe gedaan, dat wij voor ons een koning begeerd hebben. 1 Samuël 12:23 : Wat ook mij aangaat, het zij verre van mij, dat ik tegen den HEERE zou zondigen, dat ik zou aflaten voor ulieden te bidden; maar ik zal u den goeden en rechten weg leren. Jeremia 15:1 : Maar de HEERE zeide tot mij: Al stond Mozes en Samuël voor Mijn aangezicht, zo zou toch Mijn ziel tot dit volk niet wezen; drijf ze weg van Mijn aangezicht, en laat ze uitgaan.",
          "text1637": "T.w. Mose ende Aaron, gelijcker geschreven staet Exod. 32.11, etc. Num. 14.13, 17, 19. ende 16.22, 42, 46. ende 1.Sam. 7.19. ende 12.19, 23. Ierem. 15.1.",
          "text2026": "zij riepen: Te weten, Mozes en Aäron, gelijk er geschreven staat Ex. 32:11 , enz.; Num. 14:13 , 14:17 , 14:19 , en Num. 16:22 , 16:42 , 16:46 , en 1 Sam. 7:9 , en 1 Sam. 12:19 , 12:23 ; Jer. 15:1 . Exodus 32:11 : Maar Mozes aanbad het aangezicht van JAHWEH zijns Gods, en hij zei: O JAHWEH! waarom zou Uw toorn ontsteken tegen Uw volk, dat U met grote kracht, en met een sterke hand, uit Egypteland uitgevoerd hebt? Numeri 14:13 : En Mozes zei tot JAHWEH: Zo zullen het de Egyptenaars horen; want U hebt door Uw kracht dit volk uit het midden van hen doen optrekken; Numeri 14:17 : Nu dan, laat toch de kracht van JAHWEH groot worden, gelijk als U gesproken hebt, zeggende: Numeri 14:19 : Vergeef toch de ongerechtigheid van deze volks, naar de grootte Uw goedertierenheid, en gelijk U ze aan dit volk, van Egypteland af tot hiertoe, vergeven hebt! Numeri 16:22 : Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God van de geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult U U over deze gehele vergadering grotelijks vertoornen? Numeri 16:42 : En het geschiedde, als de vergadering zich verzamelde tegen Mozes en Aäron, en zich wendde naar de tent van de samenkomst, ziet, zo bedekte haar die wolk; en de heerlijkheid van JAHWEH verscheen. Numeri 16:46 : En Mozes zei tot Aäron: Neem het wierookvat, en doe vuur daarin van het altaar, en leg reukwerk daarop, haastig gaande tot de vergadering, doe over hen verzoening; want een grote toorn is van voor het aangezicht van JAHWEH uitgegaan, de plaag heeft aangevangen. 1 Samuël 7:9 : Toen nam Samuël een melklam, en hij offerde het geheel JAHWEH ten brandoffer; en Samuël riep tot JAHWEH voor Israël; en JAHWEH verhoorde hem. 1 Samuël 12:19 : En al het volk zei tot Samuël: Bid voor uw knechten JAHWEH, uw God, dat wij niet sterven; want boven al onze zonden hebben wij dit kwaad daartoe gedaan, dat wij voor ons een koning begeerd hebben. 1 Samuël 12:23 : Wat ook mij betreft, het zij verre van mij, dat ik tegen JAHWEH zou zondigen, dat ik zou aflaten voor u te bidden; maar ik zal u de goede en rechte weg leren. Jeremia 15:1 : Maar JAHWEH zei tot mij: Al stond Mozes en Samuël voor Mijn aangezicht, zo zou toch Mijn ziel tot dit volk niet wezen; drijf ze weg van Mijn aangezicht, en laat ze uitgaan."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "מֹ֘שֶׁ֤ה",
          "strongs": "H4872",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/אַהֲרֹ֨ן",
          "strongs": "H175",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "בְּֽ/כֹהֲנָ֗י/ו",
          "strongs": "H3548",
          "morph": "HR/Ncmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וּ֭/שְׁמוּאֵל",
          "strongs": "H8050",
          "morph": "HC/Np"
        },
        {
          "woord": "בְּ/קֹרְאֵ֣י",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HR/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "שְׁמ֑/וֹ",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "קֹרִ֥אים",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqrmpa"
        },
        {
          "woord": "אֶל",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יְ֝הוָ֗ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וְ/ה֣וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HC/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "יַעֲנֵֽ/ם",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HVqi3ms/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Mozes en Aäron waren onder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Zijn priesters, en Samuël onder de aanroepers van Zijn Naam;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> zij riepen tot JAHWEH, en Hij verhoorde hen.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Mozes en Aäron waren onder<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> Zijn priesters, en Samuël onder de aanroepers Zijns Naams;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Mose ende Aaron waren onder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sijne Priesters, ende Samuel onder de aenroepers sijnes Naems; <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> sy riepen tot den HEERE, ende hy verhoordese.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Zijns Naams;",
          "new": "van Zijn Naam;",
          "principe": "V201"
        },
        {
          "old": "den HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "textSV1888": "Hij sprak tot hen in een wolkkolom; zij hebben Zijn getuigenissen onderhouden, en de inzettingen, die Hij hun gegeven had.",
      "text1637": "Hy sprack [17] tot hen in eene wolcken-colomne: [18] sy hebben [19] sijne getuygenissen onderhouden, ende d’insettingen [die] hy hen gegeven hadde.",
      "text2026": "Hij sprak tot hen in een wolkkolom; zij hebben Zijn getuigenissen onderhouden, en de voorschriften, die Hij hun gegeven had.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "tot hen in: Te weten, Mozes en Aäron; Num. 16:22 , 16:42 . Doch inzonderheid tot Mozes. Zie Exod. 33:9 . Numeri 16:22 : Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God der geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult Gij U over deze ganse vergadering grotelijks vertoornen? Numeri 16:42 : En het geschiedde, als de vergadering zich verzamelde tegen Mozes en Aäron, en zich wendde naar de tent der samenkomst, ziet, zo bedekte haar die wolk; en de heerlijkheid des HEEREN verscheen. Exodus 33:9 : En het geschiedde, als Mozes de tent ingegaan was, zo kwam de wolkkolom nederwaarts, en stond in de deur der tent, en Hij sprak met Mozes.",
          "text1637": "T.w. Mose, ende Aaron, Num. 16.22, 42. Doch insonderheyt tot Mose. Siet Exod. 33.9.",
          "text2026": "tot hen in: Te weten, Mozes en Aäron; Num. 16:22 , 16:42 . Maar in het bijzonder tot Mozes. Zie Ex. 33:9 . Numeri 16:22 : Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God van de geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult U U over deze gehele vergadering grotelijks vertoornen? Numeri 16:42 : En het geschiedde, als de vergadering zich verzamelde tegen Mozes en Aäron, en zich wendde naar de tent van de samenkomst, ziet, zo bedekte haar die wolk; en de heerlijkheid van JAHWEH verscheen. Exodus 33:9 : En het geschiedde, als Mozes de tent ingegaan was, zo kwam de wolkkolom nederwaarts, en stond in de deur van de tent, en Hij sprak met Mozes."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "zij hebben: Te weten, Mozes en Aäron.",
          "text1637": "T.w. Mose ende Aaron.",
          "text2026": "zij hebben: Te weten, Mozes en Aäron."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Zijn getuigenissen: Dat is, zijne geboden, door welke Hij betuigde wat Hij wilde dat zij doen zouden.",
          "text1637": "D. sijne geboden, door de welcke hy betuychde wat hy wilde dat sy doen souden.",
          "text2026": "Zijn getuigenissen: Dat is, zijn geboden, door welke Hij betuigde wat Hij wilde dat zij doen zouden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בְּ/עַמּ֣וּד",
          "strongs": "H5982",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "עָ֭נָן",
          "strongs": "H6051",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "יְדַבֵּ֣ר",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpi3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲלֵי/הֶ֑ם",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "שָׁמְר֥וּ",
          "strongs": "H8104",
          "morph": "HVqp3cp"
        },
        {
          "woord": "עֵ֝דֹתָ֗י/ו",
          "strongs": "H5713",
          "morph": "HNcfpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/חֹ֣ק",
          "strongs": "H2706",
          "morph": "HC/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "נָֽתַן",
          "strongs": "H5414",
          "morph": "HVqp3ms"
        },
        {
          "woord": "לָֽ/מוֹ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "Hij sprak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot hen in een wolkkolom;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Zijn getuigenissen onderhouden, en de voorschriften, die Hij hun gegeven had.",
      "textSV1888_html": "Hij sprak<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot hen in een wolkkolom;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> zij hebben<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> Zijn getuigenissen onderhouden, en de inzettingen, die Hij hun gegeven had.",
      "text1637_html": "Hy sprack <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> tot hen in eene wolcken-colomne: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> sy hebben <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> sijne getuygenissen onderhouden, ende d’insettingen [die] hy hen gegeven hadde.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "inzettingen,",
          "new": "voorschriften,",
          "principe": "V76"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "textSV1888": "O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.",
      "text1637": "O HEERE onse Godt, ghy hebtse verhoort, ghy zijt hen geweest [20] een vergevende Godt, hoewel wrake doende over [21] hare [22] daden.",
      "text2026": "O JAHWEH, onze God! U hebt hen verhoord, U bent hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "een vergevend: Dat is, die hun hunne zonden hebt vergeven, en hebt hen van U niet verworpen.",
          "text1637": "D. die hen hare sonden hebt vergeven, ende en hebt haer van u niet verworpen.",
          "text2026": "een vergevend: Dat is, die hun hun zonden hebt vergeven, en hebt hen van U niet verworpen."
        },
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Te weten, des volks, voor hetwelk Mozes had; Exod. 32:14 , en Exod. 34:35 ; Num. 14:20 , 14:21 , 14:23 . Of hun, te weten Mozes en Aäron; gelijk te zien is Num. 20:12 ; Deut. 3:23 , 3:24 , 3:25 . Of versta hier door hun zowel den een als den ander. Exodus 32:14 : Toen berouwde het den HEERE over het kwaad, hetwelk Hij gesproken had Zijn volk te zullen doen. Exodus 34:35 : Zo zagen dan de kinderen Israëls het aangezicht van Mozes, dat het vel van het aangezicht van Mozes glinsterde; derhalve deed Mozes het deksel weder op zijn aangezicht, totdat hij inging om met Hem te spreken. Numeri 14:20 : En de HEERE zeide: Ik heb hun vergeven naar uw woord. Numeri 14:21 : Doch zekerlijk, zo waarachtig als Ik leef, zo zal de ganse aarde met de heerlijkheid des HEEREN vervuld worden! Numeri 14:23 : Zo zij het land, hetwelk Ik aan hun vaderen gezworen heb, zien zullen. Ja, geen van die Mij getergd hebben, zullen dat zien! Numeri 20:12 : Derhalve zeide de HEERE tot Mozes en tot Aäron: Omdat gijlieden Mij niet geloofd hebt, dat gij Mij heiligdet voor de ogen der kinderen van Israël, daarom zult gijlieden deze gemeente niet inbrengen in het land, hetwelk Ik hun gegeven heb. Deuteronomium 3:23 : Ook bad ik den HEERE om genade, zeggende ter zelfder tijd: Deuteronomium 3:24 : Heere HEERE! Gij hebt begonnen Uw knecht te tonen Uw grootheid en Uw sterke hand; want wat God is er in den hemel en op de aarde, die doen kan naar Uw werken, en naar Uw mogendheden! Deuteronomium 3:25 : Laat mij toch overtrekken, en dat goede land bezien, dat aan gene zijde van de Jordaan is, dat goede gebergte, en den Libanon!",
          "text1637": "T.w. des volcx, voor het welcke Mose badt, Exod. 32.14. ende 34.35. Num. 14. versen 20, 21, 23. Of, hare, te weten, Mosis ende Aarons, als te sien is, Num. 20.12. Deut. 3.23, 24, 25. Ofte verstaet hier door hare, so wel d’eene, als d’andere.",
          "text2026": "Te weten, van het volk, voor dat Mozes had; Ex. 32:14 , en Ex. 34:35 ; Num. 14:20 , 14:21 , 14:23 . Of hun, te weten Mozes en Aäron; gelijk te zien is Num. 20:12 ; Deut. 3:23 , 3:24 , 3:25 . Of versta hier door hun zowel de één als de ander. Exodus 32:14 : Toen berouwde JAHWEH over het kwaad, dat Hij gesproken had Zijn volk te zullen doen. Exodus 34:35 : Zo zagen dan de kinderen van Israël het aangezicht van Mozes, dat het vel van het aangezicht van Mozes glinsterde; daarom deed Mozes het deksel weer op zijn aangezicht, totdat hij inging om met Hem te spreken. Numeri 14:20 : En JAHWEH zei: Ik heb hun vergeven naar uw woord. Numeri 14:21 : Maar zekerlijk, zo waarachtig als Ik leef, zo zal de gehele aarde met de heerlijkheid van JAHWEH vervuld worden! Numeri 14:23 : Zo zij het land, dat Ik aan hun vaders gezworen heb, zien zullen. Ja, geen van die Mij getergd hebben, zullen dat zien! Numeri 20:12 : Daarom zei JAHWEH tot Mozes en tot Aäron: Omdat u Mij niet geloofd hebt, dat u Mij heiligde voor de ogen van de kinderen van Israël, daarom zult u deze gemeente niet inbrengen in het land, dat Ik hun gegeven heb. Deuteronomium 3:23 : Ook bad ik JAHWEH om genade, zeggende ter zelfder tijd: Deuteronomium 3:24 : Heer JAHWEH! U hebt begonnen Uw knecht te tonen Uw grootheid en Uw sterke hand; want wat God is er in de hemel en op de aarde, die doen kan naar Uw werken, en naar Uw mogendheden! Deuteronomium 3:25 : Laat mij toch overtrekken, en dat goede land bezien, dat aan de overzijde van de Jordaan is, dat goede gebergte, en de Libanon!"
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Dat is, misdaden.",
          "text1637": "D. Misdaden.",
          "text2026": "Dat is, misdaden."
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵי/נוּ֮",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "אַתָּ֪ה",
          "strongs": "H859",
          "morph": "HPp2ms"
        },
        {
          "woord": "עֲנִ֫יתָ֥/ם",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HVqp2ms/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֣ל",
          "strongs": "H410",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נֹ֭שֵׂא",
          "strongs": "H5375",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "הָיִ֣יתָ",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqp2ms"
        },
        {
          "woord": "לָ/הֶ֑ם",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ֝/נֹקֵ֗ם",
          "strongs": "H5358",
          "morph": "HC/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "עֲלִילוֹתָֽ/ם",
          "strongs": "H5949",
          "morph": "HNcfpc/Sp3mp"
        }
      ],
      "text2026_html": "O JAHWEH, onze God! U hebt hen verhoord, U bent hun geweest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een vergevend God, hoewel wraak doende over<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> daden.",
      "textSV1888_html": "O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een vergevend God, hoewel wraak doende over<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hun<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> daden.",
      "text1637_html": "O HEERE onse Godt, ghy hebtse verhoort, ghy zijt hen geweest <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> een vergevende Godt, hoewel wrake doende over <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hare <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> daden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "Gij zijt",
          "new": "U bent",
          "principe": "A1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "textSV1888": "Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u voor den berg Zijner heiligheid; want de HEERE, onze God, is heilig.",
      "text1637": "[23] Verheft den HEERE onsen Godt, ende buygt u [24] voor den berch sijner heylicheyt, want de HEERE onse Godt is heylich.",
      "text2026": "Verhef JAHWEH, onze God, en buig u voor de berg van Zijn heiligheid; want JAHWEH, onze God, is heilig.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "Verheft den: Te weten, door lofzangen en dankzeggingen.",
          "text1637": "T.w. door lof-sangen ende danck-seggingen.",
          "text2026": "Verheft de: Te weten, door lofzangen en dankzeggingen."
        },
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "textSV1888": "voor den berg: Of, tegenover, gelijk boven vers 5 , en hier wordt verstaan de berg Zion, en daardoor de tempel en de ark die daarin was. Psalmen 99:5 : Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!",
          "text1637": "Of, tegen over, gelijck bov. vers 5. ende hier wort verstaen de berch Zions, ende daer door, de Tempel, ende de Arke die daer inne was.",
          "text2026": "voor de berg: Of, tegenover, gelijk boven vers 5 , en hier wordt verstaan de berg Zion, en daardoor de tempel en de ark die daarin was. Psalmen 99:5 : Verheft JAHWEH, onze God, en buigt u neder voor de voetbank Zijn voeten; Hij is heilig!"
        }
      ],
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "רֽוֹמְמ֡וּ",
          "strongs": "H7311",
          "morph": "HVov2mp"
        },
        {
          "woord": "יְה֘וָ֤ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵ֗י/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        },
        {
          "woord": "וְ֭/הִֽשְׁתַּחֲווּ",
          "strongs": "H7812",
          "morph": "HC/Vvv2mp"
        },
        {
          "woord": "לְ/הַ֣ר",
          "strongs": "H2022",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "קָדְשׁ֑/וֹ",
          "strongs": "H6944",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "קָ֝ד֗וֹשׁ",
          "strongs": "H6918",
          "morph": "HAamsa"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהֵֽי/נוּ",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cp"
        }
      ],
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Verhef JAHWEH, onze God, en buig u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> voor de berg van Zijn heiligheid; want JAHWEH, onze God, is heilig.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> voor den berg Zijner heiligheid; want de HEERE, onze God, is heilig.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> Verheft den HEERE onsen Godt, ende buygt u <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> voor den berch sijner heylicheyt, want de HEERE onse Godt is heylich.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "Verheft den HEERE, onzen",
          "new": "Verhef JAHWEH, onze",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "buigt",
          "new": "buig",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "Zijner",
          "new": "van Zijn",
          "principe": "N7"
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    }
  ],
  "chapterIntro": {
    "text1637": "In desen Psalm wort gesproken van de macht des Heeren, mitsgaders van sijne gerechticheyt, ende goedertierenheyt over sijn volck: met een vermaninge, door het exempel van Mose ende Aaron, om Godt in sijn Gemeynte te loven.",
    "text2026": "In deze psalm wordt gesproken van de macht van de HEERE, alsook van Zijn gerechtigheid en goedertierenheid over Zijn volk; met een vermaning, door het voorbeeld van Mozes en Aäron, om God in Zijn gemeente te loven."
  }
}