{
  "number": 13,
  "chapterIntro": {
    "text1637": "Prophetie van de vergevinge ende afwasschinge der sonden door Christum, vers 1. Van uytroeyinge des afgodischen dienstes, ende der valscher leere, 2. Van het lijden ende sterven Christi, 7. Van den onderganck der godtloosen, ende behoudenisse der uytvercorenen, na dat sy door het cruyce souden beproeft ende geloutert zijn, 8, etc.",
    "text2026": "Profetie over de vergeving en afwassing van de zonden door Christus, vers 1. Over de uitroeiing van de afgodische dienst en van de valse leer, 2. Over het lijden en sterven van Christus, 7. Over de ondergang van de goddelozen en de behoudenis van de uitverkorenen, nadat zij door het kruis beproefd en gelouterd zouden zijn, 8, enz."
  },
  "verses": [
    {
      "number": 1,
      "ref": "bibzach013:01",
      "text1637": "[1] TE dien dage salder [2] een fonteyne [3] geopent zijn [4] voor het huys Davids, ende voor de inwoonders van Ierusalem, [5] tegen de sonde, ende tegen [6] de onreynicheyt.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> TE dien dage salder <sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> een fonteyne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> geopent zijn <sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> voor het huys Davids, ende voor de inwoonders van Ierusalem, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> tegen de sonde, ende tegen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> de onreynicheyt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "1",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. als de Messias sal gekomen zijn.",
          "text2026": "Namelijk als de Messias zal gekomen zijn.",
          "textSV1888": "1 dien dage: Te weten, als de Messias zal gekomen zijn."
        },
        {
          "marker": "2",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Of, Spring-ader, born-quelle. D. de genade Godes van de vergevinge der sonden door het bloet Iesu Christi, in het welcke wy gewasschen zijn.",
          "text2026": "Of, Spring-ader, born-quelle. Dat wil zeggen: de genade van God van de vergeving van de zonden door het bloet Jezus Christus, in het welke wy gewasschen zijn.",
          "textSV1888": "2 een Fontein: Of, springader, bronwel; dat is, de genade Gods van de vergeving der zonden door het bloed van Jezus Christus, in hetwelk wij gewassen zijn."
        },
        {
          "marker": "3",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. geopent zijnde, of wordende, door de predicatie des H. Euangelij.",
          "text2026": "Namelijk geopent zijnde, of wordende, door de prediking van de H. Euangelij.",
          "textSV1888": "3 geopend zijn: Te weten, geopend zijnde, of wordende, door de predikatie van het heilig Evangelie."
        },
        {
          "marker": "4",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. voor de geloovige kinderen Godes.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: voor de gelovige kinderen van God.",
          "textSV1888": "4 voor het huis Davids: Dat is, voor de gelovige kinderen Gods."
        },
        {
          "marker": "5",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. tot afwasschinge der sonde, ende aller onreynicheden uyt ende met de sonde ontstaende.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: tot afwassching van de zonde, en aller onreynicheden uit en met de zonde ontstaande.",
          "textSV1888": "5 tegen de zonde: Dat is, tot afwassing der zonden en alle onreinheden uit en met de zonden ontstaande."
        },
        {
          "marker": "6",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Het hebr. woort beteeckent eygentlick de afsonderinge van wegen de onsuyverheyt der maent-stonden, van de welcke gehandelt wort Lev. c. 12. ende c. 15.",
          "text2026": "Het hebr. woord betekend eigenlijk de afsondering van wegen de onsuiverheid van de maant-stonden, van de welke gehandelt wordt Lev. c. 12. en c. 15.",
          "textSV1888": "6 de onreinigheid: Het Hebr. woord betekent eigenlijk de afzondering vanwege de onzuiverheid der maandstonden, van welke gehandeld wordt Lev. 12 en Lev. 15."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Te die dage zal er een Fontein geopend zijn voor het huis van David, en voor de inwoners van Jeruzalem, tegen de zonde en tegen de onreinheid.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "בַּ/יּ֣וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/ה֗וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "יִֽהְיֶה֙",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "מָק֣וֹר",
          "strongs": "H4726",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "נִפְתָּ֔ח",
          "strongs": "H6605",
          "morph": "HVNsmsa"
        },
        {
          "woord": "לְ/בֵ֥ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "דָּוִ֖יד",
          "strongs": "H1732",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/לְ/יֹשְׁבֵ֣י",
          "strongs": "H3427",
          "morph": "HC/R/Vqrmpc"
        },
        {
          "woord": "יְרֽוּשָׁלִָ֑ם",
          "strongs": "H3389",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "לְ/חַטַּ֖את",
          "strongs": "H2403",
          "morph": "HR/Ncfsc"
        },
        {
          "woord": "וּ/לְ/נִדָּֽה",
          "strongs": "H5079",
          "morph": "HC/R/Ncfsa"
        }
      ],
      "hsv": "Op die dag zal er een bron geopend worden voor het huis van David en voor de inwoners van Jeruzalem tegen de zonde en tegen de onreinheid.",
      "nbg51": "Te dien dage zal er een bron ontsloten zijn voor het huis van David en voor de inwoners van Jeruzalem ter ontzondiging en reiniging.",
      "textSV1888": "Te dien dage zal er een Fontein geopend zijn voor het huis Davids, en voor de inwoners van Jeruzalem, tegen de zonde en tegen de onreinigheid.",
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Te die dage zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> er een Fontein<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> geopend zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> voor het huis van David, en voor de inwoners van Jeruzalem,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> tegen de zonde en tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> de onreinheid.",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"1\">1</sup> Te dien dage zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"2\">2</sup> er een Fontein<sup class=\"note-marker\" data-note=\"3\">3</sup> geopend zijn<sup class=\"note-marker\" data-note=\"4\">4</sup> voor het huis Davids, en voor de inwoners van Jeruzalem,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"5\">5</sup> tegen de zonde en tegen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"6\">6</sup> de onreinigheid.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "Davids,",
          "new": "van David,",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "onreinigheid.",
          "new": "onreinheid.",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 2,
      "ref": "bibzach013:02",
      "text1637": "Ende het sal te dien dage geschieden, spreeckt de HEERE der heyrscharen, dat ick uytroeyen sal uyt den lande, [7] de namen der [8] Afgoden, datse niet meer gedacht en sullen worden: ja oock [9] de propheten, ende [10] den onreynen geest [11] sal ick uyt den lande wech doen.",
      "text1637_html": "Ende het sal te dien dage geschieden, spreeckt de HEERE der heyrscharen, dat ick uytroeyen sal uyt den lande, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de namen der <sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> Afgoden, datse niet meer gedacht en sullen worden: ja oock <sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> de propheten, ende <sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> den onreynen geest <sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> sal ick uyt den lande wech doen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "7",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. alle afgoderye, also datse niet meer onder ulieden en sal genoemt worden. Vergel. Psal. 16.4. Hose. cap. 2.16.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: alle afgoderye, zo ook dat ze niet meer onder u zal genoemd worden. Vergelijk Ps. 16:4. Hose. 2:16.",
          "textSV1888": "7 de namen: Dat is, alle afgoderij, alzo dat zij niet meer onder ulieden zal genoemd worden; verg. Ps. 16:4; Hos. 2:16. Psalmen 16:4: De smarten dergenen, die een anderen God begiftigen, zullen vermenigvuldigd worden; ik zal hun drankofferen van bloed niet offeren, en hun namen op mijn lippen niet nemen. Hosea 2:16: En Ik zal de namen der Baäls van haar mond wegdoen; zij zullen niet meer bij hun namen gedacht worden."
        },
        {
          "marker": "8",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Van het woort Afgoden, Siet 1.Sam. 31.9.",
          "text2026": "Van het woord Afgoden, Zie 1 Sam. 31:9.",
          "textSV1888": "Van het woord afgoden zie 1 Sam. 31:9. 1 Samuël 31:9: En zij hieuwen zijn hoofd af, en zij togen zijn wapenen uit, en zij zonden ze in der Filistijnen land rondom, om te boodschappen in het huis hunner afgoden, en onder het volk."
        },
        {
          "marker": "9",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. de valsche Propheten. And. [hare] Propheten, T.w. der Afgoden.",
          "text2026": "Namelijk de valse Profeten. Anders: [haar] Profeten, namelijk van de Afgoden.",
          "textSV1888": "9 de profeten: Te weten, de valse profeten. Anders: [hunne] profeten, te weten der afgoden."
        },
        {
          "marker": "10",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. de valsche Leeraers, die eene onreyne leere dryven door ingevinge des boosen onreynen geestes, T.w. des duyvels. Vergel. 1.Ioh. 4.1, 2, 3.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: de valse Leraren, die een onreyne leer dryven door ingeving van de boosen onreynen geestes, namelijk van de duivel. Vergelijk 1 Joh. 4:1, 2, 3.",
          "textSV1888": "10 den onreinen geest: Dat is, de valse leraars, die een onreine leer drijven door ingeving van den bozen onreine geest, te weten, van den duivel. Verg. 1 Joh. 4:1, 4:2, 4:3. 1 Johannes 4:1: Geliefden, gelooft niet een iegelijken geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld. 1 Johannes 4:2: Hieraan kent gij den Geest van God: alle geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God; 1 Johannes 4:3: En alle geest, die niet belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van den antichrist, welken geest gij gehoord hebt, dat komen zal, en is nu alrede in de wereld."
        },
        {
          "marker": "11",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Het zy door straffe uytroeyinge, Deut. 13. ofte door over-redinge tot verloocheninge des selven.",
          "text2026": "Het zy door straf uitroeying, Deut. 13. of door over-reding tot verloochening van de zelf.",
          "textSV1888": "11 zal Ik uit het land wegdoen: Hetzij door straffe uitroeiing, Deut. 13, of door overreding tot verloochening van denzelven."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En het zal op die dag gebeuren, spreekt JAHWEH van de legermachten, dat Ik uitroeien zal uit het land de namen van de afgoden, dat zij niet meer gedacht zullen worden; ja, ook de profeten, en de onreine geest zal Ik uit het land wegdoen.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הָיָה֩",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "בַ/יּ֨וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/ה֜וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "נְאֻ֣ם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֗וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "אַכְרִ֞ית",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "שְׁמ֤וֹת",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HNcmpc"
        },
        {
          "woord": "הָֽ/עֲצַבִּים֙",
          "strongs": "H6091",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "מִן",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֔רֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יִזָּכְר֖וּ",
          "strongs": "H2142",
          "morph": "HVNi3mp"
        },
        {
          "woord": "ע֑וֹד",
          "strongs": "H5750",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וְ/גַ֧ם",
          "strongs": "H1571",
          "morph": "HC/Ta"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/נְּבִיאִ֛ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "וְ/אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HC/To"
        },
        {
          "woord": "ר֥וּחַ",
          "strongs": "H7307",
          "morph": "HNcbsc"
        },
        {
          "woord": "הַ/טֻּמְאָ֖ה",
          "strongs": "H2932",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "אַעֲבִ֥יר",
          "strongs": "H5674",
          "morph": "HVhi1cs"
        },
        {
          "woord": "מִן",
          "strongs": "H4480",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָֽרֶץ",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        }
      ],
      "hsv": "Op die dag zal het gebeuren, spreekt de HEERE van de legermachten, dat Ik uit het land de namen van de afgoden zal uitroeien, zodat aan hen niet meer gedacht zal worden. Ja, ook de profeten en de onreine geest zal Ik uit het land wegdoen.",
      "nbg51": "En Ik zal te dien dage, luidt het woord van de Here der heerscharen, de namen van de afgoden uit het land uitroeien, zodat niet meer aan hen gedacht zal worden; ook de profeten en de onreine geest zal Ik uit het land wegdoen.",
      "textSV1888": "En het zal te dien dage geschieden, spreekt de HEERE der heirscharen, dat Ik uitroeien zal uit het land de namen der afgoden, dat zij niet meer gedacht zullen worden; ja, ook de profeten, en den onreinen geest zal Ik uit het land wegdoen.",
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En het zal op die dag gebeuren, spreekt JAHWEH van de legermachten, dat Ik uitroeien zal uit het land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de namen van<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> de afgoden, dat zij niet meer gedacht zullen worden; ja, ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> de profeten, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> de onreine geest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zal Ik uit het land wegdoen.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En het zal te dien dage geschieden, spreekt de HEERE der heirscharen, dat Ik uitroeien zal uit het land<sup class=\"note-marker\" data-note=\"7\">7</sup> de namen der<sup class=\"note-marker\" data-note=\"8\">8</sup> afgoden, dat zij niet meer gedacht zullen worden; ja, ook<sup class=\"note-marker\" data-note=\"9\">9</sup> de profeten, en<sup class=\"note-marker\" data-note=\"10\">10</sup> den onreinen geest<sup class=\"note-marker\" data-note=\"11\">11</sup> zal Ik uit het land wegdoen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "te dien dage geschieden,",
          "new": "op die dag gebeuren,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen,",
          "new": "legermachten,",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "der",
          "new": "van de",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "den onreinen",
          "new": "de onreine",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 3,
      "ref": "bibzach013:03",
      "text1637": "Ende het sal geschieden, wanneer yemant [12] meer propheteert, [13] dat sijn vader ende sijne moeder, die hem gegenereert hebben, tot hem sullen seggen, [14] Ghy en sult niet leven, dewijle ghy valscheyt gesproken hebt in den name des HEEREN: ende sijn vader ende sijne moeder, die hem gegenereert hebben, [15] sullen hem doorsteken, wanneer hy [16] propheteert.",
      "text1637_html": "Ende het sal geschieden, wanneer yemant <sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> meer propheteert, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> dat sijn vader ende sijne moeder, die hem gegenereert hebben, tot hem sullen seggen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> Ghy en sult niet leven, dewijle ghy valscheyt gesproken hebt in den name des HEEREN: ende sijn vader ende sijne moeder, die hem gegenereert hebben, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> sullen hem doorsteken, wanneer hy <sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> propheteert.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "12",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. valschelicke makende Godt tot eenen deck-mantel sijner leugenen: oft wanneer yemant meer propheteert door in-geven des onreynen geestes.",
          "text2026": "Namelijk valschelikke makende God tot een dek-mantel zijn leugens: oft wanneer iemand meer profeteert door in-geven van de onreynen geestes.",
          "textSV1888": "12 meer profeteert: Te weten, valselijk, makende God tot een dekmantel zijner leugens; of wanneer iemand meer profeteert door ingeven van den onreinen geest."
        },
        {
          "marker": "13",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "De sin is, By de geloovige sal sulcken yver zijn, dat sy geenen valschen prophete ofte leeraer en sullen konnen dulden noch lijden, also dat selfs sijne eygene ouders ofte naeste bloet vrienden hem verwijsen sullen, achtervolgens de Wet Godes Deut. 13.6, 8.",
          "text2026": "De betekenis is, Bij de gelovige zal zulk een yver zijn, dat zij geenen valschen prophete of leraar en zullen konnen dulden nog lijden, zo ook dat zelf zijn eigene ouders of naaste bloet vrienden hem verwijsen zullen, achtervolgens de Wet Godes Deut. 13:6, 8.",
          "textSV1888": "13 dat zijn vader en zijn moeder: De zin is: Bij de gelovigen zal zulk een ijver zijn, dat zij geen valsen profeet of leraar zullen kunnen dulden noch lijden, alzo dat zelfs zijn eigen ouders of naaste bloedvrienden hem verwijzen zullen, achtervolgens de wet Gods; Deut. 13:6, 13:8. Deuteronomium 13:6: Wanneer uw broeder, de zoon uwer moeder, of uw zoon, of uw dochter, of de vrouw van uw schoot, of uw vriend, die als uw ziel is, u zal aanporren in het heimelijke, zeggende: Laat ons gaan, en dienen andere goden, die gij niet gekend hebt, gij noch uw vaderen; Deuteronomium 13:8: Zo zult gij hem niet ter wille zijn, en naar hem niet horen; ook zal uw oog hem niet verschonen, en gij zult u niet ontfermen, noch hem verbergen;"
        },
        {
          "marker": "14",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. ghy en zijt niet weert dat ghy leeft, ghy en behoordet niet langer te leven: Maer ghy zijt weerdich gedoodet te worden, achtervolgens de Wet Deut. cap. 13.1, etc.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: u en bent niet weert dat u leeft, u en behoorde niet langer te leven: Maar u bent weerdich gedoode te worden, achtervolgens de Wet Deut. 13:1, etc.",
          "textSV1888": "14 Gij zult niet leven: Dat is, gij zijt niet waard dat gij leeft, gij behoort niet langer te leven; maar gij zijt waardig gedood te worden, achtervolgens de wet; Deut. 13:1, enz. Deuteronomium 13:1: Wanneer een profeet, of dromen-dromer, in het midden van u zal opstaan, en u geven een teken of wonder;"
        },
        {
          "marker": "15",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Gedreven zijnde door eenen goddelicken yver, sullen sy hem den Richteren overleveren om gestraft te worden. Doch andre meynen dat het Hebr. woort hier beteeckent bestraffen, niet alleen met woorden, maer oock met harde slagen.",
          "text2026": "Gedreven zijnde door een goddelikken yver, zullen zij hem de Richteren overleveren om gestraft te worden. Maar andre menen dat het Hebreeuws: woord hier betekend bestraffen, niet alleen met woorden, maar ook met harde slagen.",
          "textSV1888": "15 zullen hem doorsteken: Gedreven zijnde door een goddelijke ijver, zullen zij hem den rechters overleveren om gestraft te worden. Doch anderen menen dat het Hebr. woord hier betekent bestraffen, niet alleen met woorden, maar ook met harde slagen."
        },
        {
          "marker": "16",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. valschelick.",
          "text2026": "Namelijk valschelijk.",
          "textSV1888": "Te weten, valselijk."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En het zal gebeuren, wanneer iemand meer profeteert, dat zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, tot hem zullen zeggen: U zult niet leven, omdat u valsheid gesproken hebt in de Naam van JAHWEH; en zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, zullen hem doorsteken, wanneer hij profeteert.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הָיָ֗ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "כִּֽי",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "יִנָּבֵ֣א",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HVNi3ms"
        },
        {
          "woord": "אִישׁ֮",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עוֹד֒",
          "strongs": "H5750",
          "morph": "HD"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָמְר֣וּ",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq3cp"
        },
        {
          "woord": "אֵ֠לָי/ו",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אָבִ֨י/ו",
          "strongs": "H1",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אִמּ֤/וֹ",
          "strongs": "H517",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יֹֽלְדָי/ו֙",
          "strongs": "H3205",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֣א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "תִֽחְיֶ֔ה",
          "strongs": "H2421",
          "morph": "HVqi2ms"
        },
        {
          "woord": "כִּ֛י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "שֶׁ֥קֶר",
          "strongs": "H8267",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "דִּבַּ֖רְתָּ",
          "strongs": "H1696",
          "morph": "HVpp2ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/שֵׁ֣ם",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֑ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "וּ/דְקָרֻ֜/הוּ",
          "strongs": "H1856",
          "morph": "HC/Vqq3cp/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אָבִ֧י/הוּ",
          "strongs": "H1",
          "morph": "HNcmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אִמּ֛/וֹ",
          "strongs": "H517",
          "morph": "HC/Ncfsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "יֹלְדָ֖י/ו",
          "strongs": "H3205",
          "morph": "HVqrmpc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/הִנָּבְאֽ/וֹ",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HR/VNc/Sp3ms"
        }
      ],
      "hsv": "En het zal gebeuren, wanneer iemand toch nog profeteert, dat zijn vader en moeder, die hem voortgebracht hebben, tegen hem zullen zeggen: Jij mag niet blijven leven, want je hebt leugens gesproken in de Naam van de HEERE. Zijn vader en moeder, die hem voortgebracht hebben, zullen hem doorsteken wanneer hij profeteert.",
      "nbg51": "Wanneer dan nog iemand als profeet optreedt, zullen zijn vader en zijn moeder, die hem verwekt hebben, tot hem zeggen: Gij zult niet blijven leven, omdat gij leugens gesproken hebt in de naam des Heren ; ja, zijn vader en zijn moeder, die hem verwekt hebben, zullen hem doorsteken, wanneer hij als profeet optreedt.",
      "textSV1888": "En het zal geschieden, wanneer iemand meer profeteert, dat zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, tot hem zullen zeggen: Gij zult niet leven, dewijl gij valsheid gesproken hebt in den Naam des HEEREN; en zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, zullen hem doorsteken, wanneer hij profeteert.",
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En het zal gebeuren, wanneer iemand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> meer profeteert,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> dat zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, tot hem zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> zeggen: <span class=\"direct-speech\"><i>U zult niet leven, omdat u valsheid gesproken hebt in de Naam van JAHWEH;</i></span> en zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> zullen hem doorsteken, wanneer hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> profeteert.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En het zal geschieden, wanneer iemand<sup class=\"note-marker\" data-note=\"12\">12</sup> meer profeteert,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"13\">13</sup> dat zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben, tot hem zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"14\">14</sup> zeggen: Gij zult niet leven, dewijl gij valsheid gesproken hebt in den Naam des HEEREN; en zijn vader en zijn moeder, die hem gegenereerd hebben,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"15\">15</sup> zullen hem doorsteken, wanneer hij<sup class=\"note-marker\" data-note=\"16\">16</sup> profeteert.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschieden,",
          "new": "gebeuren,",
          "principe": "V40"
        },
        {
          "old": "Gij",
          "new": "U",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "dewijl gij",
          "new": "omdat u",
          "principe": "A1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "des HEEREN;",
          "new": "van JAHWEH;",
          "principe": "N3"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 4,
      "ref": "bibzach013:04",
      "text1637": "Ende het sal geschieden te dien dage, dat [17] die propheten [18] beschaemt sullen worden, een yegelick van wegen [19] sijn gesichte, wanneer hy propheteert: ende sy en sullen [20] geenen hayren mantel aendoen, om te liegen.",
      "text1637_html": "Ende het sal geschieden te dien dage, dat <sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> die propheten <sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beschaemt sullen worden, een yegelick van wegen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> sijn gesichte, wanneer hy propheteert: ende sy en sullen <sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> geenen hayren mantel aendoen, om te liegen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "17",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. die valsche propheten.",
          "text2026": "Namelijk die valse Profeten.",
          "textSV1888": "17 die profeten: Te weten, die valse profeten."
        },
        {
          "marker": "18",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Overtuycht zijnde van valsche leere door het klare licht der waerheyt, ende van hare eygene ouders.",
          "text2026": "Overtuicht zijnde van valse leer door het klare licht van de waarheid, en van haar eigene ouders.",
          "textSV1888": "18 beschaamd zullen worden: Overtuigd zijnde van valse leer door klare licht der waarheid en van hun eigen ouders."
        },
        {
          "marker": "19",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. sijne valsche prophetye.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: zijn valse prophetye.",
          "textSV1888": "19 zijn gezicht: Dat is, zijn valse profetie."
        },
        {
          "marker": "20",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Gelijck eertijts Elias gedaen heeft, 2.Reg. 1.8. ende Iohannes de Dooper, Matth. 3.4. Vergel. Iesa. 20.2. Dit deden de valsche propheten, om hare woorden des te grooteren schijn van heylicheyt te geven.",
          "text2026": "Zoals eertijds Elia gedaan heeft, 2 Kon. 1:8. en Johannes de Doper, Matt. 3:4. Vergelijk Jes. 20:2. Dit deden de valse Profeten, om haar woorden van de te grooteren schijn van heiligheid te geven.",
          "textSV1888": "20 geen haren mantel aandoen: Gelijk eertijds Elia gedaan heeft, 2 Kon. 1:8, en Johannes de Doper, Matth. 3:4; verg. Jes. 20:2. Dit deden de valse profeten, om hunne woorden des te groter schijn van heiligheid te geven. 2 Koningen 1:8: En zij zeiden tot hem: Hij was een man met een harig kleed, en met een lederen gordel gegord om zijn lenden. Toen zeide hij: Het is Elia, de Thisbiet. Mattheüs 3:4: En dezelve Johannes had zijn kleding van kemelshaar, en een lederen gordel om zijn lenden; en zijn voedsel was sprinkhanen en wilde honig. Jesaja 20:2: Ter zelfder tijd sprak de HEERE, door den dienst van Jesaja, den zoon van Amoz, zeggende: Ga heen, en ontbind den zak van uw lendenen, en doe uw schoenen van uw voeten. En hij deed alzo, gaande naakt en barrevoets."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En het zal gebeuren op die dag, dat die profeten beschaamd zullen worden, ieder vanwege zijn visioen, wanneer hij profeteert; en zij zullen geen haren mantel aandoen, om te liegen.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הָיָ֣ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "בַּ/יּ֣וֹם",
          "strongs": "H3117",
          "morph": "HRd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "הַ/ה֗וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HTd/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "יֵבֹ֧שׁוּ",
          "strongs": "H954",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "הַ/נְּבִיאִ֛ים",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HTd/Ncmpa"
        },
        {
          "woord": "אִ֥ישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "מֵ/חֶזְיֹנ֖/וֹ",
          "strongs": "H2384",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "בְּ/הִנָּֽבְאֹת֑/וֹ",
          "strongs": "H5012",
          "morph": "HR/VNc/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/לֹ֧א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HC/Tn"
        },
        {
          "woord": "יִלְבְּשׁ֛וּ",
          "strongs": "H3847",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "אַדֶּ֥רֶת",
          "strongs": "H155",
          "morph": "HNcfsc"
        },
        {
          "woord": "שֵׂעָ֖ר",
          "strongs": "H8181",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "לְמַ֥עַן",
          "strongs": "H4616",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "כַּחֵֽשׁ",
          "strongs": "H3584",
          "morph": "HVpc"
        }
      ],
      "hsv": "Op die dag zal het gebeuren dat die profeten beschaamd zullen worden, ieder vanwege zijn visioen, wanneer hij profeteert. Zij zullen geen haren mantel aantrekken om te liegen.",
      "nbg51": "Te dien dage zullen de profeten beschaamd staan, ieder om wat hij schouwt, wanneer hij als profeet optreedt, en zij zullen geen haren mantel aantrekken om leugens te vertellen.",
      "textSV1888": "En het zal geschieden te dien dage, dat die profeten beschaamd zullen worden, een iegelijk vanwege zijn gezicht, wanneer hij profeteert; en zij zullen geen haren mantel aandoen, om te liegen.",
      "text2026_html": "En het zal gebeuren op die dag, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> die profeten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beschaamd zullen worden, ieder vanwege<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> zijn visioen, wanneer hij profeteert; en zij zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> geen haren mantel aandoen, om te liegen.",
      "textSV1888_html": "En het zal geschieden te dien dage, dat<sup class=\"note-marker\" data-note=\"17\">17</sup> die profeten<sup class=\"note-marker\" data-note=\"18\">18</sup> beschaamd zullen worden, een iegelijk vanwege<sup class=\"note-marker\" data-note=\"19\">19</sup> zijn gezicht, wanneer hij profeteert; en zij zullen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"20\">20</sup> geen haren mantel aandoen, om te liegen.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschieden te dien dage,",
          "new": "gebeuren op die dag,",
          "principe": "N4"
        },
        {
          "old": "een iegelijk",
          "new": "ieder",
          "principe": "V5"
        },
        {
          "old": "gezicht,",
          "new": "visioen,",
          "principe": null
        }
      ]
    },
    {
      "number": 5,
      "ref": "bibzach013:05",
      "text1637": "Maer [21] hy sal seggen, Ick en ben geen propheet, [22] ick ben een man die het lant bouwt, want [23] een mensche heeft my [daer toe] geworven van mijner jeucht aen.",
      "text1637_html": "Maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hy sal seggen, Ick en ben geen propheet, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ick ben een man die het lant bouwt, want <sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> een mensche heeft my [daer toe] geworven van mijner jeucht aen.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "21",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. een yegelick deser propheten.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: een iedereen deze Profeten.",
          "textSV1888": "21 hij zal zeggen: Dat is, een iegelijk dezer profeten."
        },
        {
          "marker": "22",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Als of hy seyde, ick hebbe die professie verlaten, De lant-bouwerye is de hanteringe die ick geleert ende gedaen hebbe van mijner jeucht aen, daer hebbe ick my nu wederom toe begeven.",
          "text2026": "Alsof hij zei, ik heb die professie verlaten, De lant-bouw is de hantering die ik geleert en gedaan heb van mijner jeucht aan, daar heb ik my nu weer toe begeven.",
          "textSV1888": "22 ik ben een man: Alsof hij zeide: Ik heb dit beroep verlaten, de landbouwerij is de hantering, die ik geleerd en gedaan heb van mijne jeugd aan, daar heb ik mij wederom toe begeven."
        },
        {
          "marker": "23",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Ofte, men heeft my gestelt over het vee, of, het vee leeren opvoeden, etc. of, want men heeft my geleert met het vee om te gaen, etc.",
          "text2026": "Ofte, men heeft my gesteld over het vee, of, het vee leren opvoeden, etc. of, want men heeft my geleert met het vee om te gaan, etc.",
          "textSV1888": "23 een mens heeft mij daartoe geworven: Of, men heeft mij gesteld over het vee, of het vee leren opvoeden, enz. of want men heeft mij geleerd met het vee om te gaan, enz."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Maar hij zal zeggen: Ik ben geen profeet, ik ben een man, die het land bouwt; want een mens heeft mij daartoe geworven van mijn jeugd aan.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אָמַ֕ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "לֹ֥א",
          "strongs": "H3808",
          "morph": "HTn"
        },
        {
          "woord": "נָבִ֖יא",
          "strongs": "H5030",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "אָנֹ֑כִי",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "אִישׁ",
          "strongs": "H376",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "עֹבֵ֤ד",
          "strongs": "H5647",
          "morph": "HVqrmsa"
        },
        {
          "woord": "אֲדָמָה֙",
          "strongs": "H127",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "אָנֹ֔כִי",
          "strongs": "H595",
          "morph": "HPp1cs"
        },
        {
          "woord": "כִּ֥י",
          "strongs": "H3588",
          "morph": "HC"
        },
        {
          "woord": "אָדָ֖ם",
          "strongs": "H120",
          "morph": "HNcmsa"
        },
        {
          "woord": "הִקְנַ֥/נִי",
          "strongs": "H7069",
          "morph": "HVhp3ms/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "מִ/נְּעוּרָֽ/י",
          "strongs": "H5271",
          "morph": "HR/Ncbpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "hsv": "Maar hij zal zeggen: Ik ben geen profeet. Ik ben een man die het land bewerkt, omdat iemand mij daarvoor heeft geworven vanaf mijn jeugd.",
      "nbg51": "Maar ieder zal zeggen: Ik ben geen profeet, ik ben een man die de akker bebouwt, want iemand heeft mij gekocht in mijn jeugd.",
      "textSV1888": "Maar hij zal zeggen: Ik ben geen profeet, ik ben een man, die het land bouwt; want een mens heeft mij daartoe geworven van mijn jeugd aan.",
      "text2026_html": "<span class=\"direct-speech\"><i>Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hij zal zeggen: Ik ben geen profeet,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ik ben een man, die het land bouwt; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> een mens heeft mij daartoe geworven van mijn jeugd aan.</i></span>",
      "textSV1888_html": "Maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"21\">21</sup> hij zal zeggen: Ik ben geen profeet,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"22\">22</sup> ik ben een man, die het land bouwt; want<sup class=\"note-marker\" data-note=\"23\">23</sup> een mens heeft mij daartoe geworven van mijn jeugd aan."
    },
    {
      "number": 6,
      "ref": "bibzach013:06",
      "text1637": "Ende so yemant tot hem seyt, [24] Wat zijn dese wonden in uwe handen? so sal hy seggen, Het zijn [de wonden] daer mede ick geslagen ben [in] het huys [25] mijner liefhebbers.",
      "text1637_html": "Ende so yemant tot hem seyt, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Wat zijn dese wonden in uwe handen? so sal hy seggen, Het zijn [de wonden] daer mede ick geslagen ben [in] het huys <sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> mijner liefhebbers.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "24",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. wat beduyden dese wonden, Hebr. slagen. D. lijck-teeckenen van wonden. Vergel. 1.Reg. 18.28. In uwe handen. verstaet hier by, ende oock voorder in u lichaem. Ofte aldus: Waerom zijn dese wonden in uwe handen? so sal hy seggen, Om dat ick geslagen ben, etc.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: wat beduiden deze wonden, Hebreeuws: slagen. Dat wil zeggen: lijk-teeckenen van wonden. Vergelijk 1 Kon. 18:28. In uw handen. verstaat hier bij, en ook verder in u lichaam. Ofte zo: Waarom zijn deze wonden in uw handen? so zal hij zeggen, Om dat ik geslagen ben, etc.",
          "textSV1888": "24 Wat zijn deze wonden in uw handen: Dat is, wat beduiden deze wonden? Hebr. slagen; dat is, littekenen van wonden; verg. 1 Kon. 18:28; in uwe handen. Versta hierbij, en ook verder, in uw lichaam. Of, aldus: Waarom zijn deze wonden in uwe handen? Zo zal hij zeggen: omdat ik geslagen ben, enz. 1 Koningen 18:28: En zij riepen met luider stem, en zij sneden zichzelven met messen en met priemen, naar hun wijze, totdat zij bloed over zich uitstortten."
        },
        {
          "marker": "25",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "D. der gener die my lief-hebben, of beminnen, T.w. mijner ouderen, of naeste vrienden, die door harde slagen (daer ick noch de lijckteeckenen van drage) my hebben af-gewent, ende afgehouden van leugenen te spreken, ende van valsche prophetyen. Men seyt gemeynlick, harde slagen leeren wel, ende tot eenen harden noest moetmen eenen scherpen beytel gebruycken.",
          "text2026": "Dat wil zeggen: van degenen die my lief-hebben, of beminnen, namelijk mijner ouderen, of naaste vrienden, die door harde slagen (daar ik nog de lijckteeckenen van drage) my hebben af-gewent, en afgehouden van leugens te spreken, en van valse prophetyen. Men zegt gewoonlijk, harde slagen leren wel, en tot een harden noest moetmen een scherpen beytel gebruiken.",
          "textSV1888": "25 mijner liefhebbers: Dat is, dergenen die mij liefhebben of beminnen, te weten, mijne ouder of naaste vrienden, die door harde slagen [daar ik nog de littekenen van draag] mij hebbe afgewend en afgehouden van leugens te spreken en van valse profetieën. Men zegt gemeenlijk, harde slagen leren wel, en tot een harden knoest moet men een scherpen beitel gebruiken."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En zo iemand tot hem zegt: Wat zijn deze wonden in uw handen? zo zal hij zeggen: Het zijn de wonden, waarmee ik geslagen ben, in het huis van mijn liefhebbers.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/אָמַ֣ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֵלָ֔י/ו",
          "strongs": "H413",
          "morph": "HR/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "מָ֧ה",
          "strongs": "H4100",
          "morph": "HTi"
        },
        {
          "woord": "הַ/מַּכּ֛וֹת",
          "strongs": "H4347",
          "morph": "HTd/Ncfpa"
        },
        {
          "woord": "הָ/אֵ֖לֶּה",
          "strongs": "H428",
          "morph": "HTd/Pdxcp"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֣ין",
          "strongs": "H996",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "יָדֶ֑י/ךָ",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbdc/Sp2ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/אָמַ֕ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "אֲשֶׁ֥ר",
          "strongs": "H834",
          "morph": "HTr"
        },
        {
          "woord": "הֻכֵּ֖יתִי",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HVHp1cs"
        },
        {
          "woord": "בֵּ֥ית",
          "strongs": "H1004",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "מְאַהֲבָֽ/י",
          "strongs": "H157",
          "morph": "HVprmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "hsv": "Als men tegen hem zegt: Wat betekenen deze wonden aan uw handen? Dan zal hij zeggen: Dat ik geslagen ben in het huis van hen die mij liefhebben.",
      "nbg51": "En als men tot hem zegt: Wat zijn dat voor wonden tussen uw armen? dan zal hij zeggen: Daarmee ben ik geslagen in het huis van mijn vrienden. De herder geslagen, de kudde verstrooid",
      "textSV1888": "En zo iemand tot hem zegt: Wat zijn deze wonden in uw handen? zo zal hij zeggen: Het zijn de wonden, waarmede ik geslagen ben, in het huis mijner liefhebbers.",
      "text2026_html": "En zo iemand tot hem zegt:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> <span class=\"direct-speech\"><i>Wat zijn deze wonden in uw handen? zo zal hij zeggen: <span class=\"direct-speech\"><i>Het zijn de wonden, waarmee ik geslagen ben, in het huis<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> van mijn liefhebbers.</i></span></i></span>",
      "textSV1888_html": "En zo iemand tot hem zegt:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"24\">24</sup> Wat zijn deze wonden in uw handen? zo zal hij zeggen: Het zijn de wonden, waarmede ik geslagen ben, in het huis<sup class=\"note-marker\" data-note=\"25\">25</sup> mijner liefhebbers.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "waarmede",
          "new": "waarmee",
          "principe": "V479"
        },
        {
          "old": "mijner",
          "new": "van mijn",
          "principe": "N7"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 7,
      "ref": "bibzach013:07",
      "text1637": "[26] Sweert, ontwaeckt tegen mijnen Herder, ende tegen den man, [27] die mijn metgeselle is, spreeckt de HEERE der heyrscharen: [a] slaet dien herder, ende de schapen sullen verstroyt worden, maer ick sal mijne hant tot [28] de cleyne [29] wenden.",
      "text1637_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Sweert, ontwaeckt tegen mijnen Herder, ende tegen den man, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> die mijn metgeselle is, spreeckt de HEERE der heyrscharen: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> slaet dien herder, ende de schapen sullen verstroyt worden, maer ick sal mijne hant tot <sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> de cleyne <sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> wenden.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "26",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Dewijle in het naest-voor-gaende vers geseyt is, hoe de valsche Prophete van sijne eygene vrienden, zy getracteert, So neemt de Heere, namelick Godt de Vader, daer uyt aenleydinge, om te voorseggen, hoe Christus sijn lieve Soon, ende opperste Herder, als of hy oock een valsch prophete ware, geslagen ende omgebracht soude worden. Doch sulcks en soude niet by gevalle geschieden, maer nae sijne Goddelicke ordonnantie. Vergel. Matth. 26. vers 31. Ioh. c. 14. ende 16. ende 18. Actor. 2.23. ende 4.28.",
          "text2026": "Dewijle in het naast-voor-gaande vers gezegd is, hoe de valse Prophete van zijn eigene vrienden, zy getracteert, So neemt de Heer, namelijk God de Vader, daar uit aanleyding, om te voorseggen, hoe Christus zijn lieve Soon, en opperste Herder, alsof hij ook een vals prophete ware, geslagen en omgebracht zou worden. Maar zulks en zou niet bij gevalle gebeuren, maar na zijn Goddelikke ordonnantie. Vergelijk Matt. 26. vers 31. Ioh. c. 14. en 16. en 18. Hand. 2:23. en 4:28.",
          "textSV1888": "Dewijl in het naastvoortgaande vers gezegd is hoe de valse profeet van zijn eigen vriend is behandeld, zo neemt de Heere, namelijk God de Vader, daaruit aanleiding om te voorzeggen hoe Christus zijn lieve Zoon en opperste Herder, alsof Hij ook een valse profeet ware, geslagen en omgebracht zou worden. Doch zulks zou niet bij geval geschieden, maar naar zijn goddelijke ordinantie. Verg. Matth. 26:31; Joh. 14, Joh. 16, Joh. 18; Hand. 2:23, en Hand. 4:28. Mattheüs 26:31: Toen zeide Jezus tot hen: Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht; want er is geschreven: Ik zal den Herder slaan, en de schapen der kudde zullen verstrooid worden. Handelingen 2:23: Dezen, door den bepaalden raad en voorkennis Gods overgegeven zijnde, hebt gij genomen, en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood; Handelingen 4:28: Om te doen al wat Uw hand en Uw raad te voren bepaald had, dat geschieden zou."
        },
        {
          "marker": "27",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Namelick mijn eenich geboren Soon, eenes wesens met my.",
          "text2026": "Namelijk mijn eenich geboren Soon, eenes wesens met my.",
          "textSV1888": "27 Die Mijn Metgezel is: Namelijk mijn eniggeboren Zoon, eenswezens met mij."
        },
        {
          "marker": "a",
          "type": "crossref",
          "text1637": "Matth. 26.31. Marc. 14.27.",
          "text2026": "Matt. 26:31. Mark. 14:27.",
          "textSV1888": "Matth. 26:31; Marc. 14:27. Mattheüs 26:31: Toen zeide Jezus tot hen: Gij zult allen aan Mij geërgerd worden in dezen nacht; want er is geschreven: Ik zal den Herder slaan, en de schapen der kudde zullen verstrooid worden. Marcus 14:27: En Jezus zeide tot hen: Gij zult in dezen nacht allen aan Mij geërgerd worden; want er is geschreven: Ik zal den Herder slaan, en de schapen zullen verstrooid worden."
        },
        {
          "marker": "28",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Door de kleyne worden hier verstaen de Discipulen Christi, die slechte onaensienlicke mannen waren, van de welcke Christus tot de gene die hem vingen, syde, Soeckt ghy my, so laet dese gaen. Ende na dat sy verstroyt waren, heeftse de Heere wederom vergadert. Ioh. cap. 18. vers 8. Doch men kan hier oock door de kleyne verstaen, de uytverkorene kinderen Godes, die kleyn zijn voor de oogen der werelt. Siet Mat. 18.10, 14.",
          "text2026": "Door de kleine worden hier verstaan de Discipulen Christus, die slechte onaansienlikke mannen waren, van de welke Christus tot degenen die hem vingen, syde, Zoekt u my, so laat deze gaan. En na dat zij verstrooid waren, heeftse de Heer weer vergaderd. Ioh. 18. vers 8. Maar men kan hier ook door de kleine verstaan, de uitverkorene kinderen van God, die klein zijn voor de ogen van de wereld. Zie Mat. 18:10, 14.",
          "textSV1888": "28 de kleinen: Door de kleinen worden hier vestaan de discipelen van Christus, die eenvoudige onaanzienlijke mannen waren, van wie Christus tot degenen, die Hem vingen, zeide: Zoekt gij mij, zo laat dezen gaan. En nadat zij verstrooid waren, heeft hen de Heere wederom vergaderd, Joh. 18:8. Doch men kan hier ook door de kleinen verstaan de uitverkoren kinderen Gods, die klein zijn voor de ogen der wereld; zie Matth. 18:10, 18:14. Johannes 18:8: Jezus antwoordde: Ik heb u gezegd, dat Ik het ben. Indien gij dan Mij zoekt, zo laat dezen heengaan. Mattheüs 18:10: Ziet toe, dat gij niet een van deze kleinen veracht. Want Ik zeg ulieden, dat hun engelen, in de hemelen, altijd zien het aangezicht Mijns Vaders, Die in de hemelen is. Mattheüs 18:14: Alzo is de wil niet uws Vaders, Die in de hemelen is, dat een van deze kleinen verloren ga."
        },
        {
          "marker": "29",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. om haer te versamelen, ende in ’t geloove te stercken. Van de maniere van spreken, Siet Ezech. 38. op vers 12. And. Ende ick sal mijne hant tegen de kleyne wenden: die mede vervolginge sullen lijden gelijck hare herders.",
          "text2026": "Namelijk om haar te versamelen, en in ’t geloof te sterkken. Van de manier van spreken, Zie Ez. 38. op vers 12. Anders: En ik zal mijn hant tegen de kleine wenden: die mee vervolging zullen lijden Zoals haar herders.",
          "textSV1888": "Te weten, om hen te verzamelen en in het geloof te sterken. Van de manier van spreken zie Ezech. 38:12. Anders: En Ik zal mijne hand tegen de kleinen wenden; die mede vervolging zullen lijden gelijk hunne herders. Ezechiël 38:12: Om buit te buiten, en om roof te roven; om uw hand te wenden tegen de woeste plaatsen, die nu bewoond zijn, en tegen een volk, dat uit de heidenen verzameld is, dat vee en have verkregen heeft, wonende in het midden des lands."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "Zwaard! ontwaak tegen Mijn Herder, en tegen de Man, Die Mijn Metgezel is, spreekt JAHWEH van de legermachten; sla die Herder, en de schapen zullen verstrooid worden; maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "חֶ֗רֶב",
          "strongs": "H2719",
          "morph": "HNcfsa"
        },
        {
          "woord": "עוּרִ֤י",
          "strongs": "H5782",
          "morph": "HVqv2fs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "רֹעִ/י֙",
          "strongs": "H7473",
          "morph": "HVqrmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וְ/עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HC/R"
        },
        {
          "woord": "גֶּ֣בֶר",
          "strongs": "H1397",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "עֲמִיתִ֔/י",
          "strongs": "H5997",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "נְאֻ֖ם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֣ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "צְבָא֑וֹת",
          "strongs": "H6635",
          "morph": "HNcbpa"
        },
        {
          "woord": "הַ֤ךְ",
          "strongs": "H5221",
          "morph": "HVhv2ms"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הָֽ/רֹעֶה֙",
          "strongs": "H7462",
          "morph": "HTd/Vqrmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/תְפוּצֶ֣יןָ",
          "strongs": "H6327",
          "morph": "HC/Vqi3fp"
        },
        {
          "woord": "הַ/צֹּ֔אן",
          "strongs": "H6629",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וַ/הֲשִׁבֹתִ֥י",
          "strongs": "H7725",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "יָדִ֖/י",
          "strongs": "H3027",
          "morph": "HNcbsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַל",
          "strongs": "H5921",
          "morph": "HR"
        },
        {
          "woord": "הַ/צֹּעֲרִֽים",
          "strongs": "H6819",
          "morph": "HTd/Vqrmpa"
        }
      ],
      "hsv": "Zwaard, ontwaak tegen Mijn Herderen tegen de Man Die Mijn Metgezel is,spreekt de HEERE van de legermachten.ⓤSla die Herderen de schapen zullen overal verspreid worden.Maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden.",
      "nbg51": "Zwaard, waak op tegen mijn herder, tegen de man die mijn metgezel is, luidt het woord van de Here der heerscharen; sla die herder, zodat de schapen verstrooid worden; en Ik zal mijn hand keren tegen de kleinen.",
      "textSV1888": "Zwaard! ontwaak tegen Mijn Herder, en tegen den Man, Die Mijn Metgezel is, spreekt de HEERE der heirscharen; sla dien Herder, en de schapen zullen verstrooid worden; maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden.",
      "text2026_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> <span class=\"god-speaks\"><i>Zwaard! ontwaak tegen Mijn Herder, en tegen de Man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Die Mijn Metgezel is, spreekt JAHWEH van de legermachten; sla<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> die Herder, en de schapen zullen verstrooid worden; maar Ik zal Mijn hand tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> de kleinen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> wenden.</i></span>",
      "textSV1888_html": "<sup class=\"note-marker\" data-note=\"26\">26</sup> Zwaard! ontwaak tegen Mijn Herder, en tegen den Man,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"27\">27</sup> Die Mijn Metgezel is, spreekt de HEERE der heirscharen;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"a\">a</sup> sla dien Herder, en de schapen zullen verstrooid worden; maar Ik zal Mijn hand tot<sup class=\"note-marker\" data-note=\"28\">28</sup> de kleinen<sup class=\"note-marker\" data-note=\"29\">29</sup> wenden.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        },
        {
          "old": "",
          "new": "JAHWEH van",
          "principe": null
        },
        {
          "old": "HEERE der heirscharen;",
          "new": "legermachten;",
          "principe": "N2"
        },
        {
          "old": "dien",
          "new": "die",
          "principe": "N4"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 8,
      "ref": "bibzach013:08",
      "text1637": "Ende het sal geschieden in den gantschen lande, spreeckt de HEERE, [30] de twee deelen daer in sullen uytgeroeyt worden, [ende] [31] den geest geven, maer [32] het derde deel sal daer in over blijven.",
      "text1637_html": "Ende het sal geschieden in den gantschen lande, spreeckt de HEERE, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> de twee deelen daer in sullen uytgeroeyt worden, [ende] <sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> den geest geven, maer <sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> het derde deel sal daer in over blijven.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "30",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Hebr. de mont van tween, als Deut. cap. 21.17. D. de twee deelen. De sin is, dat verre het grootste deel der menschen soude verworpen worden, ende in sijne sonden ende ongeloove blijven liggen, ende verderven: de kleynste hoop sal salich worden. Siet Mat. 7.13. Luce 8.5, etc.",
          "text2026": "Hebreeuws: de mond van tween, als Deut. 21:17 (פִּֽי). Dat wil zeggen: de twee deelen. De betekenis is, dat verre het grootste deel van de mensen zou verworpen worden, en in zijn zonden en ongeloove blijven liggen, en verderven: de kleynste hoop zal zalig worden. Zie Mat. 7:13. Luk. 8:5, etc.",
          "textSV1888": "30 de twee delen: Hebr. de mond van tweën, gelijk Deut. 21:17; dat is, de twee delen. De zin is: dat verre het grootste deel der mensen zou verworpen worden en in zijne zonden en ongeloof blijven liggen en bederven; de kleinste hoop zal zalig worden. Zie Matth. 7:13; Luk. 8:5, enz. Deuteronomium 21:17: Maar den eerstgeborene, den zoon der gehate, zal hij kennen, gevende hem het dubbele deel van alles, wat bij hem zal worden gevonden; want hij is het beginsel zijner kracht, het recht der eerstgeboorte is het zijne. Mattheüs 7:13: Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort, en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die door dezelve ingaan; Lukas 8:5: Een zaaier ging uit, om zijn zaad te zaaien; en als hij zaaide, viel het ene bij den weg, en werd vertreden, en de vogelen des hemels aten dat op."
        },
        {
          "marker": "31",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Vergel. soo veel de beteeckenisse des woorts belangt, Genes. 6.17. ende Numer. 17.12, 13.",
          "text2026": "Vergelijk zo veel de beteeckenis van de woorts belangt, Gen. 6:17. en Numer. 17:12, 13.",
          "textSV1888": "31 den geest geven: Verg. zoveel de betekenis van het woord verlangt, Gen. 6:17, en Num. 17:12, 17:13. Genesis 6:17: Want Ik, zie, Ik breng een watervloed over de aarde, om alle vlees, waarin een geest des levens is, van onder den hemel te verderven; al wat op de aarde is, zal den geest geven. Numeri 17:12: Toen spraken de kinderen Israëls tot Mozes, zeggende: Zie, wij geven den geest, wij vergaan, wij allen vergaan! Numeri 17:13: Al wie enigszins nadert tot den tabernakel des HEEREN, zal sterven; zullen wij dan den geest gevende verdaan worden?"
        },
        {
          "marker": "32",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. die ick uyt genade sal verschoonen ende sparen.",
          "text2026": "Namelijk die ik uit genade zal verschoonen en sparen.",
          "textSV1888": "32 het derde deel: Te weten, die Ik uit genade zal verschonen en sparen."
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En het zal gebeuren in het hele land, spreekt JAHWEH, de twee delen daarin zullen uitgeroeid worden, en de geest geven; maar het derde deel zal daarin overblijven.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הָיָ֤ה",
          "strongs": "H1961",
          "morph": "HC/Vqq3ms"
        },
        {
          "woord": "בְ/כָל",
          "strongs": "H3605",
          "morph": "HR/Ncmsc"
        },
        {
          "woord": "הָ/אָ֨רֶץ֙",
          "strongs": "H776",
          "morph": "HTd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "נְאֻם",
          "strongs": "H5002",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֔ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "פִּֽי",
          "strongs": "H6310",
          "morph": "HNcmsc"
        },
        {
          "woord": "שְׁנַ֣יִם",
          "strongs": "H8147",
          "morph": "HAcmda"
        },
        {
          "woord": "בָּ֔/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        },
        {
          "woord": "יִכָּרְת֖וּ",
          "strongs": "H3772",
          "morph": "HVNi3mp"
        },
        {
          "woord": "יִגְוָ֑עוּ",
          "strongs": "H1478",
          "morph": "HVqi3mp"
        },
        {
          "woord": "וְ/הַ/שְּׁלִשִׁ֖ית",
          "strongs": "H7992",
          "morph": "HC/Td/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "יִוָּ֥תֶר",
          "strongs": "H3498",
          "morph": "HVNi3ms"
        },
        {
          "woord": "בָּֽ/הּ",
          "strongs": "",
          "morph": "HR/Sp3fs"
        }
      ],
      "hsv": "Het zal gebeuren, spreekt de HEERE, dat in heel het landtwee derde ervan uitgeroeid zal worden en de geest zal geven,en een derde ervan zal overblijven.",
      "nbg51": "In het gehele land, luidt het woord des Heren , zullen twee derden uitgeroeid worden en de geest geven, maar een derde zal daarin overblijven.",
      "textSV1888": "En het zal geschieden in het ganse land, spreekt de HEERE, de twee delen daarin zullen uitgeroeid worden, en den geest geven; maar het derde deel zal daarin overblijven.",
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En het zal gebeuren in het hele land,</i></span> spreekt JAHWEH,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> <span class=\"god-speaks\"><i>de twee delen daarin zullen uitgeroeid worden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> en de geest geven; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> het derde deel zal daarin overblijven.</i></span>",
      "textSV1888_html": "En het zal geschieden in het ganse land, spreekt de HEERE,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"30\">30</sup> de twee delen daarin zullen uitgeroeid worden,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"31\">31</sup> en den geest geven; maar<sup class=\"note-marker\" data-note=\"32\">32</sup> het derde deel zal daarin overblijven.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "geschieden",
          "new": "gebeuren",
          "principe": "V40"
        },
        {
          "old": "ganse",
          "new": "hele",
          "principe": "V3"
        },
        {
          "old": "de HEERE,",
          "new": "JAHWEH,",
          "principe": "G1"
        },
        {
          "old": "den",
          "new": "de",
          "principe": "N1"
        }
      ]
    },
    {
      "number": 9,
      "ref": "bibzach013:09",
      "text1637": "Ende ick sal [33] dat derde deel [34] in ’t vyer brengen, ende ick sal het louteren, gelijckmen silver loutert, ende ick sal’t beproeven, [b] gelijckmen gout beproeft: [35] [c] het sal mijnen Name aenroepen, ende ick sal het verhooren, ick sal seggen, [d] Het is mijn volck, ende het sal seggen, De HEERE is mijn Godt.",
      "text1637_html": "Ende ick sal <sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> dat derde deel <sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> in ’t vyer brengen, ende ick sal het louteren, gelijckmen silver loutert, ende ick sal’t beproeven, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> gelijckmen gout beproeft: <sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup> <sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> het sal mijnen Name aenroepen, ende ick sal het verhooren, ick sal seggen, <sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Het is mijn volck, ende het sal seggen, De HEERE is mijn Godt.",
      "marginNotes": [
        {
          "marker": "33",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "T.w. dat derde deel, ’twelck mijne uytverkorene zijn.",
          "text2026": "Namelijk dat derde deel, ’twelk mijn uitverkorene zijn.",
          "textSV1888": "33 dat derde deel: Te weten, dat derde deel, hetwelk mijne uitverkorenen zijn."
        },
        {
          "marker": "34",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Verstaet hier, het vyer der vervolginge, ende des kruyces. Siet Iesa. 1.25. ende 48.10. ende 1.Pet. 1.7.",
          "text2026": "Verstaat hier, het vuur van de vervolging, en van de kruices. Zie Jes. 1:25. en 48:10. en 1 Petr. 1:7.",
          "textSV1888": "34 in het vuur brengen: Versta hier, het vuur der vervolging en van het kruis. Zie Jes. 1:25, en Jes. 48:10; 1 Petr. 1:7. Jesaja 1:25: En Ik zal Mijn hand tegen u keren, en Ik zal uw schuim op het allerreinste afzuiveren, en Ik zal al uw tin wegnemen. Jesaja 48:10: Ziet, Ik heb u gelouterd, doch niet als zilver, Ik heb u gekeurd in den smeltkroes der ellende. 1 Petrus 1:7: Opdat de beproeving uws geloofs, die veel kostelijker is dan van het goud, hetwelk vergaat en door het vuur beproefd wordt, bevonden worde te zijn tot lof, en eer, en heerlijkheid, in de openbaring van Jezus Christus;"
        },
        {
          "marker": "b",
          "type": "crossref",
          "text1637": "1.Pet. 1.6, 7.",
          "text2026": "1 Petr. 1:6, 7.",
          "textSV1888": "1 Petr. 1:6; idem v. 7. 1 Petrus 1:6: In welke gij u verheugt, nu een weinig tijds (zo het nodig is) bedroefd zijnde door menigerlei verzoekingen; 1 Petrus 1:7: Opdat de beproeving uws geloofs, die veel kostelijker is dan van het goud, hetwelk vergaat en door het vuur beproefd wordt, bevonden worde te zijn tot lof, en eer, en heerlijkheid, in de openbaring van Jezus Christus;"
        },
        {
          "marker": "35",
          "type": "explanatory",
          "text1637": "Het derde deel, De sin is, Een yegelick deser uytverkorenen die ick alsoo sal beproeft hebben, sal mijnen name aenroepen, etc.",
          "text2026": "Het derde deel, De betekenis is, Een iedereen deze uitverkorenen die ik zo ook zal beproeft hebben, zal mijn name aanroepen, etc.",
          "textSV1888": "35 het zal Mijn Naam aanroepen: Het derde deel. De zin is: Een iegenlijk dezer uitverkorenen, die Ik alzo zal beproefd hebben, zal mijnen naam aanroepen, enz."
        },
        {
          "marker": "c",
          "type": "crossref",
          "text1637": "Psal. 50.15. ende 91.15.",
          "text2026": "Ps. 50:15. en 91:15.",
          "textSV1888": "Ps. 50:15; Ps. 91:15. Psalmen 50:15: En roept Mij aan in den dag der benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en gij zult Mij eren. Psalmen 91:15: Hij zal Mij aanroepen, en Ik zal hem verhoren; in de benauwdheid zal Ik bij hem zijn. Ik zal er hem uittrekken, en zal hem verheerlijken."
        },
        {
          "marker": "d",
          "type": "crossref",
          "text1637": "Psal. 144. vers 15. Ioh. 20.28.",
          "text2026": "Ps. 144. vers 15. Ioh. 20:28.",
          "textSV1888": "Ps. 144:15; Joh. 20:28. Psalmen 144:15: Welgelukzalig is het volk, dien het alzo gaat; welgelukzalig, is het volk, wiens God de HEERE is. Johannes 20:28: En Thomas antwoordde en zeide tot Hem: Mijn Heere en mijn God!"
        }
      ],
      "textHerzien": "",
      "text2026": "En Ik zal dat derde deel in het vuur brengen, en Ik zal het louteren, gelijk men zilver loutert, en Ik zal het beproeven, gelijk men goud beproeft; het zal Mijn Naam aanroepen, en Ik zal het verhoren; Ik zal zeggen: Het is Mijn volk; en het zal zeggen: JAHWEH is mijn God.",
      "aandachtspunten": "",
      "status": "empty",
      "grondtekst": [
        {
          "woord": "וְ/הֵבֵאתִ֤י",
          "strongs": "H935",
          "morph": "HC/Vhq1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/שְּׁלִשִׁית֙",
          "strongs": "H7992",
          "morph": "HTd/Ncfsa"
        },
        {
          "woord": "בָּ/אֵ֔שׁ",
          "strongs": "H784",
          "morph": "HRd/Ncbsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/צְרַפְתִּי/ם֙",
          "strongs": "H6884",
          "morph": "HC/Vqq1cs/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּ/צְרֹ֣ף",
          "strongs": "H6884",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/כֶּ֔סֶף",
          "strongs": "H3701",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "וּ/בְחַנְתִּ֖י/ם",
          "strongs": "H974",
          "morph": "HC/Vqq1cs/Sp3mp"
        },
        {
          "woord": "כִּ/בְחֹ֣ן",
          "strongs": "H974",
          "morph": "HR/Vqc"
        },
        {
          "woord": "אֶת",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo"
        },
        {
          "woord": "הַ/זָּהָ֑ב",
          "strongs": "H2091",
          "morph": "HTd/Ncmsa"
        },
        {
          "woord": "ה֣וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "יִקְרָ֣א",
          "strongs": "H7121",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "בִ/שְׁמִ֗/י",
          "strongs": "H8034",
          "morph": "HR/Ncmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "וַֽ/אֲנִי֙",
          "strongs": "H589",
          "morph": "HC/Pp1cs"
        },
        {
          "woord": "אֶעֱנֶ֣ה",
          "strongs": "H6030",
          "morph": "HVqi1cs"
        },
        {
          "woord": "אֹת֔/וֹ",
          "strongs": "H853",
          "morph": "HTo/Sp3ms"
        },
        {
          "woord": "אָמַ֨רְתִּי֙",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqp1cs"
        },
        {
          "woord": "עַמִּ֣/י",
          "strongs": "H5971",
          "morph": "HNcmsc/Sp1cs"
        },
        {
          "woord": "ה֔וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HPp3ms"
        },
        {
          "woord": "וְ/ה֥וּא",
          "strongs": "H1931",
          "morph": "HC/Pp3ms"
        },
        {
          "woord": "יֹאמַ֖ר",
          "strongs": "H559",
          "morph": "HVqi3ms"
        },
        {
          "woord": "יְהוָ֥ה",
          "strongs": "H3068",
          "morph": "HNp"
        },
        {
          "woord": "אֱלֹהָֽ/י",
          "strongs": "H430",
          "morph": "HNcmpc/Sp1cs"
        }
      ],
      "hsv": "Ik zal dat derde deel in het vuur brengenen het louteren, zoals men zilver loutert.Ik zal het beproeven, ⓥzoals men goud beproeft.ⓦHet zal Mijn Naam aanroepenen Ík zal het verhoren.Ik zal zeggen: ⓧDit is Mijn volk;en zij zullen zeggen: De HEERE is mijn God.",
      "nbg51": "Dat derde deel zal Ik in het vuur brengen, en Ik zal hen smelten, zoals men zilver smelt, ja hen louteren, zoals men goud loutert. Zij zullen mijn naam aanroepen en Ik zal hen verhoren. Ik zeg: Dat is mijn volk; en zij zullen zeggen: De Here is mijn God. Currently Selected: Zacharia 13 : NBG51 Highlight Share",
      "textSV1888": "En Ik zal dat derde deel in het vuur brengen, en Ik zal het louteren, gelijk men zilver loutert, en Ik zal het beproeven, gelijk men goud beproeft; het zal Mijn Naam aanroepen, en Ik zal het verhoren; Ik zal zeggen: Het is Mijn volk; en het zal zeggen: De HEERE is mijn God.",
      "text2026_html": "<span class=\"god-speaks\"><i>En Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> dat derde deel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> in het vuur brengen, en Ik zal het louteren, gelijk men zilver loutert, en Ik zal het beproeven,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> gelijk men goud beproeft;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> het zal Mijn Naam aanroepen, en Ik zal het verhoren; Ik zal zeggen:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Het is Mijn volk; en het zal zeggen: <span class=\"direct-speech\"><i>JAHWEH is mijn God.</i></span></i></span>",
      "textSV1888_html": "En Ik zal<sup class=\"note-marker\" data-note=\"33\">33</sup> dat derde deel<sup class=\"note-marker\" data-note=\"34\">34</sup> in het vuur brengen, en Ik zal het louteren, gelijk men zilver loutert, en Ik zal het beproeven,<sup class=\"note-marker\" data-note=\"b\">b</sup> gelijk men goud beproeft;<sup class=\"note-marker\" data-note=\"35\">35</sup><sup class=\"note-marker\" data-note=\"c\">c</sup> het zal Mijn Naam aanroepen, en Ik zal het verhoren; Ik zal zeggen:<sup class=\"note-marker\" data-note=\"d\">d</sup> Het is Mijn volk; en het zal zeggen: De HEERE is mijn God.",
      "phraseDiff": [
        {
          "old": "De HEERE",
          "new": "JAHWEH",
          "principe": "G1"
        }
      ]
    }
  ]
}
